Theben theRonda P360 KNX UP Handleiding


Pagina's 40 Bewegingsdetector

Bekijk de handleiding van Theben theRonda P360 KNX UP gratis online of download de PDF. Deze handleiding is 9 keer bekeken. Vraag over dit model? Stel een vraag

1
theRonda P360 KNX UP WH
2089000
theRonda P360 KNX UP GR
2089001
307044 01
Aanwezigheidsmelder
NL
1. Productkenmerken 4
2. Veiligheid 5
3. Bedoeld gebruik 6
4. Functie 6
Kanaal aanwezigheid C4, C5 10
5. Detectiebereik 11
6. Montage 14
7. Inbedrijfname 17
8. Parameters via
afstandsbediening 20
9. Alterable parameters via

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Theben
Categorie: Bewegingsdetector
Model: theRonda P360 KNX UP

Handleiding Theben theRonda P360 KNX UP – volledige tekst

5 •Werkzaamheden aan elektrische installaties mogen alleen door elektromonteurs of door geïnstrueerde personen onder leiding en toe-zicht van een elektromonteur volgens de elekt-rotechnische regels worden uitgevoerd! •Let op de landspecieke veiligheidsvoorschrif-ten voor werkzaamheden aan elektrische installaties! •Het apparaat is onderhoudsvrij. De garan-tie vervalt als het apparaat wordt geopend of eventuele voorwerpen het apparaat binnendringen.3. Bedoeld gebruikDe aanwezigheidsmelder is bestemd voor de ins-tallatie binnenshuis. De aanwezigheidsmelder dient uitsluitend voor de toepassing die contractueel is afgesproken tussen de fabrikant en de gebruiker. Een ander of verdergaand gebruik geldt als onbe-doeld. Voor daaruit voortvloeiende schade is de fabrikant niet aansprakelijk.4. FunctieDe aanwezigheidsmelder wordt bij voorkeur in entreehallen, garages, opslaghallen, kantoren en

6scholen voor de comfortabele en energiezuinige regeling van verlichting en HLK gebruikt. De ver-lichting wordt door schakelen of constante lichtre-geling beïnvloed.Functie Menglichtmeting  Aanwezigheidsdetectie Kunstmatig licht Invallend daglichtKanaal licht C1, C2De aanwezigheidsmelder detecteert aanwezige personen bij zeer jne bewegingen. Tegelijkertijd meet 1 lichtsensor de lichtsterkte in de ruimte en kan de verlichting daardoor afhankelijk van het daglicht traploos regelen of in- en uitschakelen. De uitgangen licht kunnen door de integrator dynamisch worden weergegeven of verborgen. De lichtsterkte-schakelwaarde resp. gewenste lichts-terkte wordt via parameter, object of de manage-mentafstandsbediening ingesteld.

7SchakelenDe verlichting wordt bij aanwezigheid en onvoldoende lichtsterkte ingeschakeld, bij afwe-zigheid of voldoende lichtsterkte uitgescha-keld. Met een drukknop kan handmatig worden geschakeld of gedimd. Handmatig uitschakelen, dimmen en scènes stoppen de regeling tijdens de aanwezigheid.Constante lichtregelingBij ingeschakelde constante lichtregeling wordt de lichtsterkte op de gewenste lichtsterkte cons-tant gehouden. De regeling wordt volautomatisch of handmatig met drukknoppen resp. afstands-bediening gestart. Handmatig uitschakelen, dimmen en scènes stoppen de regeling tijdens de aanwezigheid.NalooptijdDe minimale nalooptijd kan voor alle kanalen licht tussen 30 s en 60 min worden ingesteld.

Als een niet-bezette ruimte slechts kort wordt betreden en binnen 30 s weer verlaten, wordt het licht na 2 minuten vroegtijdig uitgeschakeld (kortdurende aanwezigheid).Stand-byDe stand-by-functie dient als oriëntatielicht. Na aoop van de nalooptijd wordt de verlichting weer

8op de stand-by-dimwaarde (1 - 25%) ingesteld. De stand-by-tijd kan tussen 30 s en 60 minuten of constant worden ingesteld. Ligt de lichtsterkte in de ruimte boven de lichtsterkte-schakelwaarde/gewenste lichtsterkte, dan wordt de verlichting uitgeschakeld. Daalt de lichtsterkte in de ruimte tot onder de lichtsterkte-schakelwaarde/gewenste lichtsterkte, dan schakelt de verlichting automa-tisch weer naar de stand-by-waarde. De stand-by functie via een object worden geactiveerd of geblokkeerd. Zo kunnen in combinatie met een schakelklok energiezuinige oplossingen worden gerealiseerd.DrukknopaansturingVia een drukknop laat de verlichting zich altijd handmatig schakelen of dimmen. Wordt de ver-lichting handmatig ingeschakeld, dan brandt de verlichting in de schakelmodus minimaal 30 min., mits personen aanwezig zijn. Daarna gaat het licht bij voldoende lichtsterkte uit.

Wordt de ruimte (eerder) verlaten, dan gaat het licht altijd uit na aoop van de ingestelde nalooptijd. Wordt het kunstmatige licht handmatig uitgeschakeld, dan blijft de verlichting uitgeschakeld zolang er per-sonen aanwezig zijn. Na aoop van de nalooptijd wordt de verlichting weer automatisch geschakeld.

9Vol- of halfautomatischDe verlichting van de aanwezigheidsmelder wordt naar keuze volautomatisch voor meer comfort resp. halfautomatisch voor een grotere besparing gere-geld. Als «volautomaat» wordt de verlichting auto-matisch in- en uitgeschakeld. Als «Halfautomaat» moet de verlichting altijd handmatig worden inge-schakeld. Het uitschakelen van de verlichting vindt automatisch plaats. Kanaal aanwezigheid C4, C5De kanalen aanwezigheid worden meestal voor de HLK-regeling gebruikt. Een zelf gekozen telegram wordt alleen door aanwezigheid, volledig lichts-terkteonafhankelijk en na aoop van de inschakel-vertraging gezonden. Bij elke beweging wordt de nalooptijd opnieuw gestart. Drukknoppen beïnvlo-eden het kanaal aanwezigheid niet.InschakelvertragingDe inschakelvertraging voorkomt een directe inschakeling.

10NalooptijdDe nalooptijd maakt een vertraagde uitschakeling van HLK-apparaten en -systemen mogelijk nadat men de ruimte verlaten heeft.Na aoop van de nalooptijd aanwezigheid kan naar keuze een telegram worden gezonden (eenmalig of cyclisch).5. DetectiebereikHet ronde detectiebereik van de aanwezigheids-melder theRonda dekt een groot detectiegebe-reik af en maakt bij vele toepassingen een goede ruimteafdekking mogelijk. Let erop dat zittende en bewegende personen in bereiken met verschillende afmetingen worden geregistreerd. De aanbevolen montagehoogte is 2,0 m – 6,0 m. Hoe hoger de montagehoogte, des te lager de gevoeligheid van de aanwezigheidsmelder. Vanaf een montageh-oogte van 3,5 m zijn loopbewegingen nodig en de detectiebereiken van meerdere melders moeten zich in de randzones overlappen.

12LichtsterktemetingDe aanwezigheidsmelder meet kunstmatig en daglicht, dat direct onder de melder wordt gere-ecteerd. De lichtmeetzone verschijnt op tafel-hoogte als een rechthoek van ca. 2 x 3,5 m. De montageplaats wordt gebruikt als referentie van het verlichtingsniveau. Wordt de lichsterktemeting gedeactiveerd, dan schakelt het kanaal licht alleen afhankelijk van de aanwezigheid.2 mSchakelenDoor het direct richten van het licht wordt de licht-meting beïnvloed. De plaatsing van staande lampen of verlaagd verlichting direct onder de melder moet worden vermeden.Constante lichtregelingDe melder moet zo worden geplaatst dat deze alleen kunstmatig licht detecteert dat hij zelf regelt.

13Kunstmatig licht dat door andere melders wordt geregeld of handmatig geschakelde werkverlichting beïnvloeden de lichtsterktemeting van de melder. Direct kunstmatig licht op de melder moet worden vermeden.Geschikte lampenDe aanwezigheidsmelder is geschikt voor uore-scentielampen, compacte tl-lampen, halogeen-, gloeilampen en LED‘s.6. MontageMontage in inbouwdoosBij de inbouwmontage van de aanwezigheids-melder wordt een standaard inbouwdoos maat 1 gebruikt.

17kunnen parameters worden opgevraagd, aangepast en geoptimaliseerd. Met de «theSenda P» kunnen de parameters alleen worden aangepast. De afstandsbedieningen dienen dan als instelhul-pmiddel. Met de afstandsbediening kunnen een aantal te wijzigen parameters worden aangepast (zie hoofdstuk «Parameters via afstandsbedie-ning»). Door stuurcommando‘s via de afstandsbe-diening kan de reactie tijdens het bedrijf worden gewijzigd.8. ProgrammeermodusDe programmeermodus kan met de program-meerknop aan de achterkant van de aanwe-zigheidsmelder of zonder demontage van de aanwezigheidsmelder met behulp van de manage-mentafstandsbediening «SendoPro 868-A» of de installatieafstandsbediening «theSenda P» worden geactiveerd.

18 Toets programmeermodus Mechanische veiligheidsvergrendeling9. Apparaat in de toestand bij levering zettenDe aanwezigheidsmelder wordt met een basis-instelling geleverd. Deze basisinstelling kan weer worden hersteld.Activeren BeschrijvingPowerup De programmeerknop tijdens het bijschakelen van de busspanning ingedrukt houden.10. BedrijfstoestandtheRonda P360 KNX kent 3 bedrijfstoestanden •Normaal • Test aanwezigheid •Test licht

1911. InschakelgedragNa het bijschakelen van de busspanning of down-loaden van de parameters door de ETS doorloopt de melder eerst de opstartfase van 30 s, waarna hij overschakelt naar de normale bedrijfstoestand. Een LED geeft de huidige toestand weer.4. Opstartfase (30 s) •De LED knippert elke seconde. •Schakelen: Uitgangen licht zenden lichtsterkteonafhankelijk een AAN-telegram •Constante lichtregeling: regeling niet-actief, de verlichting wordt tot het maximum gedimd (waardetelegram max. regelwaarde). •Bij afwezigheid of onvoldoende lichtsterkte wordt na 30 s een UIT-telegram gezonden (licht UIT).5. Bedrijfstoestand Normaal •De melder is klaar voor gebruik (LED UIT).6. Bij storing •De LED knippert snel •Voor het verhelpen van storingen zie hoofdstuk «Verhelpen van storingen»8.

21dan de ingestelde parameter, dan knippert de LED 2 seconden.Door het aanpassen van de parameters worden de instellingen in de ETS niet gewijzigd.9. Alterable parameters via remote control1. Te wijzigen parameters via afstandsbedieningAanpassing met de afstandsbedieningDe parameters worden met de managementaf-standsbediening “SendoPro 868-A” of installatieaf-standsbediening “theSenda P” via infrarood naar de aanwezigheidsmelder gezonden. Gewijzigde para-meters worden door de melder direct overgenomen en gebruikt.LED-beschrijvingFlikkeren gedurende 2 sNa het indrukken van de Zenden-toets op de managementafstandsbediening of het indrukken van de betreffende toets op theSenda P toont de aanwezigheidsmelder de juiste ontvangst met een 2 s durend ikkeren.

22Kort brandenDe (het) gezonden parameter/commando door de afstandsbediening werd door de aanwezigheids-melder afgewezen. Het commando is niet geldig.Controleer het gekozen meldertype en de gezonden parameter bij de managementafstandsbediening.2. Lichtsterkte-schakelwaarde / gewenste waarde kanaal C1 lichtDe lichtsterkte-schakelwaarde / gewenste lichts-terkte bepaalt de minimaal gewenste lichtsterkte. De momenteel aanwezige lichtsterkte wordt onder de aanwezigheidsmelder gemeten. Is de aanwezige lichtsterkte lager dan de schakelwaarde / gewenste waarde, dan wordt het licht, voorzover aanwezig-heid wordt gedetecteerd, ingeschakeld (bij bedrijfs-modus Volautomatisch).Waardenbereik •Luxwaarden met managementafstandsbedie-ning «SendoPro 868-A»: 10-3000 lux •Bij de installatieafstandsbediening «theSenda P» zijn de volgende waarden beschikbaar: 10, 15, 300, 500, 800 lux

23 •De momenteel gemeten lichtsterkte (lux) kan bij de managementafstandsbediening «Sen-doPro 868-A» met het besturingscommando Inleren of met de installatieafstandsbediening «theSenda P» met de toets Inleren worden overgenomen. Waarden buiten het toegestane bereik worden automatisch op de betreffende grenswaarde gezet.- Deactivering van de lichtsterktemeting (de lichtsterkte heeft geen invloed)- De kanalen licht schakelen alleen na aan-/afwezigheid.Met de managementafstandsbediening «SendoPro 868-A» of installatieafstandsbediening «theSenda P» mogelijk.Meting UITToets 3. Alternatieve lichtsterkte-schakelwaarde / gewenste lichtsterkte kanaal C1 lichtMet de alternatieve lichtsterkte-schakelwaarde / gewenste lichtsterkte kan een tweede verschillende lichtsterkte-schakelwaarde / gewenste lichts-terkte worden gedenieerd.

In combinatie met de lichtsterkte-schakelwaarde / gewenste lichtsterkte kanaal C1 licht kan bijvoorbeeld een dag- en nacht-modus met twee verschillende lichtsterkteniveaus worden verkregen. De alternatieve lichtsterkte-schakelwaarde / gewenste lichtsterkte wordt via een busobject geactiveerd resp. omgeschakeld.

24Waardenbereikvgl. 2. Lichtsterkte-schakelwaarde / gewenste waarde kanaal C1 licht4. Ruimtecorrectiefactor C1De ruimtecorrectiefactor is een maat voor het ver-schil tussen de gemeten lichtsterkte bij het plafond en op de werkplek. De gemeten lichtsterkte bij het plafond wordt beïnvloed door de montageplaats, de lichtinval, de zonnestand, de weersomstandighe-den, de reectie-eigenschappen van de ruimte en het meubilair.Met de ruimtecorrectiefactor wordt de gemeten lichtsterkte van het betreffende lichtkanaal aan de omstandigheden in de ruimte aangepast en kan zo op de gemeten luxwaarde op het vlak onder de aanwezigheidsmelder worden aangepast .Ruimtecorrectiefac-tor =Lichtsterkte bij het plafondLichtsterkte op de werkplek

25¾ Let op het «KNX-handboek» voor het kalibreren van de lichtmetingen resp. voor de instelling van de ruimtecorrectiefactor. •De luxmeter wordt op het werkvlak onder de sensor geplaatst en de gemeten luxwaarde wordt met de managementafstandsbediening “SendoPro 868-A”, parameter «Gemeten lichts-terkte C1» ingevoerd. •De ruimtecorrectiefactor wordt daaruit automa-tisch berekend. Toegestaan zijn waarden tussen 0,05 en 2,0. Berekende of ingevoerde waarden buiten het toegestane gebied worden automa-tisch op de betreffende grenswaarde gezet.De berekende ruimtecorrectiefactor wordt direct overgenomen. Ter controle kan de ruimtecorrectie-factor via object 8 worden opgevraagd.De ruimtecorrectiefactor kan direct alleen met de ETS worden gewijzigd. De standaardwaarde is 0,3 en is geschikt voor de meeste toepassin-gen. Veranderingen zijn alleen in sterk afwi-jkende situaties zinvol.5.

266. DetectiegevoeligheidDe melder heeft 5 gevoeligheidsniveaus. De basis-instelling is het middelste niveau (3). Door selectie van de bedrijfsmodus Test aanwezigheid wordt het ingestelde gevoeligheidsniveau niet veranderd. Met de managementafstandsbediening «SendoPro 868-A» kunnen de niveaus 1 t/m 5 worden gese-lecteerd en naar de melder worden gezonden. Met de installatieafstandsbediening «theSenda P» kan de gevoeligheid bij elke druk op de knop met één niveau worden verlaagd of verhoogd.Niveau Gevoeligheid1 zeer ongevoelig2 ongevoelig3 Standaard4 gevoelig5 zeer gevoeligStuurcommando‘sDe volgende stuurcommando‘s kunnen met de afstandsbediening worden geactiveerd:Besturings-commandoBeschrijving Activeerbaar SendoProActiveerbaar theSenda PProgrammeer-modusActiveren van de programmeermodusx xTeach-in kanaal C1x x

27Besturings-commandoBeschrijving Activeerbaar SendoProActiveerbaar theSenda PMaster/Slave opvraagMaster/Slave xLicht schakelen Alle lichtgroepen kunnen worden in- en uitgeschakeld.x xTest aanwezigheidAan/uit x xTest licht Aan/uit xHerstart Melder opnieuw startenx xInlerenDe momenteel gemeten lichtsterkte wordt als gewenste lichtsterkte overgenomen. De momenteel actieve gewenste lichtsterkte wordt overgenomen. Dit betekent dat, als op de alternatieve gewenste lichtsterkte wordt omgeschakeld, door het Teach-In-commando de momenteel gemeten lichtsterkte [lux] in de alternatieve gewenste lichtsterkte wordt overgenomen. Waarden buiten het toegestane bereik worden automatisch op de betreffende grenswaarde gezet.TestmodustheRonda P360 KNX beschikt over twee testmodi. •Test aanwezigheid •Test licht

.AAN-telegramm via busobject (51).De testmodus aanwezigheid kan altijd worden geactiveerd.Beëindigen Met aansluitende herstart:Besturingscommando Test aanwezigheid «UIT» met de managementafstandsbediening «SendoPro 868-A».UIT-telegram via busobject (51)Uitval van de netspanning en daardoor PowerupAutomatisch na de in de ETS ingestelde tijd zonder herstart:Activeren van Test licht met de managementafstandsbedie-ning «SendoPro 868-A».Weergaven van de LED toestand kanalenBeschrijvingAan Bij beweging is de LED aan en de kanalen C1, C2 worden ingeschakeld.Uit Na aoop van de beweging is de LED uit en de kanalen C1, C2 worden na ca. 10 s. ingeschakeld.Testgedrag •Lichtsterktemeting gedeactiveerd, lichtuitgang reageert niet op lichtsterkte •De melder reageert zoals in de bedieningswi-jze Volautomatisch, ook als Halfautomatisch is ingesteld.

29 •Het regelingstype verandert in schakelen als het regelingstype op constante lichtregeling is ingesteld. Het licht wordt niet geregeld. •Licht «AAN» bij beweging; Licht «UIT» bij afwezigheid •De kanalen C1 en C2 licht hebben een vaste nalooptijd van 10 s. •De kanalen aanwezigheid en ruimtebe-waking reageren net zoals in de normale bedrijfsmodus.Commando‘s en veranderbare parametersIn de testmodus Aanwezigheid zijn met de managementafstandsbediening «SendoPro 868-A» of installatieafstandsbediening «theSenda P» de volgende commando‘s mogelijk: •Beëindigen van de Test aanwezigheid •Activeren van de Test licht •Detectiegevoeligheid wijzigenDe gekozen detectiegevoeligheid (1 . . 5) wordt bij het activeren van de Test aanwezigheid niet gewi-jzigd. Tijdens de test kan de gevoeligheid worden aangepast en blijft na beëindiging van de Test aan-wezigheid behouden.

Daardoor kan de lichtsterktedrempel en ook het adaptieve gedrag worden gecontroleerd. Daarnaast reageert de rege-ling sneller. Alle geselecteerde functies en parame-ters blijfven ongewijzigd.

31Commando‘s en veranderbare parametersIn de testmodus licht zijn met de managementaf-standsbediening «SendoPro 868-A» de volgende commando‘s mogelijk: •Beëindigen van de Test licht •Lichtsterkte-schakelwaarde / gewenste lichts-terkte kanaal C1 licht wijzigen •Activeren van de Test aanwezigheidNa aoop van de testmodus wordt de aanwezig-heidsmelder opnieuw gestart.De aanwezigheidsmelder niet met een zaklamp laten schakelen. De aanwezigheids-melder al dit inleren en daardoor de adaptieve lichtschakeldrempels en hysteresiswaarden vervalsen.Om het gedrag te simuleren, wordt idealiter het bereik onder de aanwezigheidsmelder verlicht of worden de jaloezieën bediend. Voor een nieuwe poging Test licht nogmaals activeren.Verhelpen van storingenSTORING Mogelijk oorzaakLicht wordt niet inge-schakeld resp.

32Licht brandt bij aanwezigheid ondanks voldoende lichtsterkteLuxwaarde te hoog ingesteld; licht werd kort daarvoor handmatig met de drukknop of met afstandsbediening ingeschakeld (30 min. wach-ten in de schakelmodus); melder in testmodus.Licht wordt niet uitgeschakeld resp. licht wordt spontaan ingeschakeld bij afwezigheidNalooptijd afwachten (zelerend); thermische storingsbronnen in het detectiebereikhetelucht-verwarmers, gloeilamp/halogeenstraler, zich bewegende objecten (bijv.

gordijnen bij open ramen).Storingsknipperen (3x per seconde)Fout bij zelftest;Ongeldige parameterwaarden in de melder aan-wezig (zie KNX-handboek theRonda P360 KNX paragraaf 2.4.2 Instellingen, parameterinstellin-gen bij download).Apparaat is defect!Weergave van de LEDLED BeschrijvingKnipperen elke secondeDe aanwezigheidsmelder bevindt zich in de opstartfase.Flikkeren gedu-rende 2 sHet via infrarood door de afstandsbediening gezon-den commando werd door de aanwezigheidsmelder geaccepteerd.Kort branden Het via infrarood door de afstandsbediening gezonden commando werd door de aanwezigheidsmelder afgewe-zen. Het commando is niet geldig. Gekozen meldertype of parameter op de SendoPro controleren.Storingsknip-peren (3 x per seconde)Storingsknipperen; de aanwezigheidsmelder heeft een fout vastgesteld.Knipperen, 5 s AAN 0,3 s UITDe aanwezigheidsmelder bevindt zich in de testmodus licht.

36 •dat, voorzover de aanwezigheidsmelder op een softwaregestuurd systeem wordt aangeslo-ten, de garantie voor deze aansluiting alleen geldig is als de gespeciceerde interface wordt gebruikt.Wij verplichten ons alle delen van het geleverde product die aantoonbaar vanwege slecht materiaal, foutieve constructie of gebrekkige uitvoering tot aan het einde van de garantieperiode beschadigd of onbruikbaar worden, zo snel mogelijk te repare-ren of te vervangen. InsturenAls het apparaat onder de garantie valt, stuur het dan samen met het aeveringsbewijs en een korte beschrijving van de fout c.q. storing naar een bevoegde speciaalzaak.Intellectueel eigendomHet concept alsmede de hard- en software van deze apparaten zijn auteursrechtelijk beschermd.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Theben theRonda P360 KNX UP stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden