Scheppach HS81S Handleiding


Pagina's 208 Niet gecategoriseerd

Bekijk de handleiding van Scheppach HS81S gratis online of download de PDF. 39 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

DE
Tischkreissäge
Originalbedienungsanleitung
7
GB
Table Saw
Translation of original instruction manual
23
FR
Scie de table
Traduction des instructions d’origine
36
IT
Sega Cicolare da Banco
Traduzioni del manuale d‘uso originale
51
CZ
Stolová kotoučová pila
Překlad originálního návodu k obsluze
65
SK
Stolová kotúčová píla
Preklad originálu návodu na obsluhu
79
PL
Tabela Piła
Tłumaczenie oryginalnej instrukcji obsługi
93
HS81S
Nachdrucke, auch auszugsweise, bedürfen der Genehmigung. Technische Änderungen vorbehalten. Abbildungen beispielhaft!
EE
Ketassaagpink
Tõlkimine juhiseid
108
LT
Stalo pjūklas
Vertimas originalios operacinės vadove
121
LV
Galda Zāģa
Tulkojums no sākotnējā ekspluatācijas rokasgrāmatā
135
HU
Fűrészasztal
Az eredeti használati útmutató fordítása
149
NL
Tafelcirkelzaag
Vertaling van de originele handleiding
163
SI
Namizna krožna žaga
Prevod originalnih navodil za uporabo
177
HR
Stolna kružna pila
Prijevod originalnih upute za uporabu
190
Art.Nr.
5901311901 / 5901311904
AusgabeNr.
5901311850
Rev.Nr.
12/01/2021

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Scheppach
Categorie: Niet gecategoriseerd
Model: HS81S

Handleiding Scheppach HS81S – volledige tekst

 www.scheppach.com /  [email protected] /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58NL | 163 Verklaring van de symbolen op het toestelmWaarschuwing! Mogelijk voor niet-naleving Levensgevaar, risico van letsel of schade aan de machine!Handleiding lezen om het letselrisico te verminderen!Draag een veiligheidsbril!Draag een gehoorbeschermer!Draag een stofmasker!Let op! Lichamelijk gevaar! Niet in het draaiende zaagblad grijpen!Beschermingsklasse II

 www. scheppach. com /  service@scheppach. com /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58NL | 165 Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handlei-ding en van de veiligheidsinstructies. 2. Beschrijving van het apparaat (afb. 1-2)1. Zaagtafel2. Midden plaat3. Zaagblad4. Zaagbladbescherming5. Afzuigslang6. Splijtwig7. Dwarsaanslag8. Tafeluitbreiding9. Poot10. Aan/uit-schakelaar11. Handwiel12. Vergrendelinghandgreep13. Parallelaanslag14. Duwstok15a. Zaagbladsleutel15b. Zaagbladsleutel16. Schoor17. Rubbervoet18. Standbeugel19. Zeskantmoer20. Zeskantbout21. Dwarsstang, kort22. Dwarsstang, lang3. Leveringsomvang• Open de verpakking en neem het toestel voorzich-tig uit de verpakking. • Verwijder het verpakkingsmateriaal alsmede ver-pakkings- /transportbeveiligingen (indien aanwe-zig).

• Controleer of de leveringsomvang compleet is. • Controleer het toestel en de accessoires op trans-portschade. • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot het ver-loop van de garantieperiode. LET OPHet toestel en het verpakkingsmateriaal zijn geen speelgoed voor kinderen. Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine stukken spelen. Er bestaat inslik- en verstikkingsgevaar. 1. InleidingFabrikant:scheppach Fabrikation von Holzbearbeitungsmaschinen GmbHGünzburger Straße 69D-89335 IchenhausenGeachte klant,Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat.

Advies:Volgens de van toepassing zijnde wet voor produc-taansprakelijkheid is de producent van dit apparaat niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door of door middel van dit apparaat in geval van:• Onjuist gebruik,• Niet-naleving van de gebruiksinstructies,• Reparaties door derden, niet-erkende getrainde werklui,• Installatie en vervanging van niet-originele reser-veonderdelen,• Ongepast gebruik, • falen van het elektronisch systeem ten gevolge van niet-naleving van de elektrische specicaties en de VDE 0100, DIN 57113 / VDE 0113 voorschriften. Aanbevelingen:Lees de volledige handleiding voor de montage en besturing van het apparaat. Deze handleiding is be-doeld om het gebruik van het apparaat gemakkelijker te maken voor u en om vertrouwd te geraken met het gebruik van het apparaat.

De handleiding bevat belangrijke nota’s over hoe veilig, goed en economisch gebruik te maken van uw apparaat, en over hoe u gevaar kan vermijden, reparatiekosten kann besparen, downtime kan ver-minderen en de betrouwbaarheid en levensduur van uw apparaat kan vergroten. Bovenop de veiligheids-voorschriften in deze handleiding, moet u ook vol-doen aan de geldende voorschriften van uw land in verband met het gebruik van het apparaat. Plaats de gebruiksaanwijzing in een doorzichtig plastic map om deze te beschermen tegen vuil en vocht, en be-waar ze in de nabijheid van het apparaat. De instruc-ties moeten gelezen en nauw gevolgd worden door iedereen vooraleer het apparaat te gebruiken. Enkel getrainde personen die op de hoogte gebracht zijn van de mogelijke gevaren en risico’s mogen het ap-paraat gebruiken. De vereiste minimumleeftijd moet worden voldaan.

Als aanvulling op de veiligheidsvoorschriften in de-ze handleiding en de speciale voorschriften van uw land, moeten ook de algemeen erkende technische regels voor het gebruik van houtverwerkende appa-raten in acht genomen worden.

 www. scheppach. com /  service@scheppach. com /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58166 | NL• Gehoorschade bij niet-gebruik van de nodige ge-hoorbeschermer. • Bij gebruik in gesloten vertrekken komt houtstof vrij dat schadelijk is voor de gezondheid. m Wij wijzen erop dat onze toestellen overeenkom-stig hun bestemming niet ontworpen zijn voor com-mercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Wij zijn niet aansprakelijk indien het apparaat in ambachtelij-ke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. 5. Belangrijke aanwijzingenAlgemene veiligheidsvoorschriften voor elektri-sche apparatenm WAARSCHUWING: Lees alle veiligheidsvoor-schriften, aanwijzingen, afbeeldingen en techni-sche gegevens die bij dit elektrisch apparaat zijn meegeleverd.

Het niet naleven van de onderstaande aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of ernstige ver-wondingen veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwij-zingen voor toekomstig gebruik. Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip “Elektrisch gereedschap” is van toepassing op netge-voed elektrisch gereedschap (met netsnoer) of op ac-cugevoed elektrisch gereedschap (zonder netsnoer). 1) Veiligheid op de werkpleka) Houd uw werkomgeving schoon en goed ver-licht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen leiden tot ongevallen. b) Werk met het elektrisch gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brandbare vloeisto?en, gas of stof bevin-den. Door elektrisch gereedschap ontstane von-ken, die het stof of de dampen kunnen ontsteken. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik uit de buurt van het elektrische gereedschap.

Bij afbuiging kunt u de controle over het elektrische apparaat verliezen. 2) Elektrische veiligheida) De aansluitstekker van het elektrische ge-reedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele wijze worden gewijzigd.

Gebruik geen adapterstekker sa-men met geaard elektrisch gereedschap. On-gewijzigde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schok. 4. Reglementair gebruikDe tafelcirkelzaag dient om alle soorten hout in de lengte en breedte (enkel met dwarsaanslag) over-eenkomstig de grootte van de machine te snijden. Rond hout van welke soort dan ook mag niet wor-den gesneden. Het toestel mag slechts voor werkzaamheden wor-den gebruikt waarvoor het bedoeld is. Elk ander ver-der gaand gebruik is niet reglementair. Voor daaruit voortvloeiende schade of letsel van welke aard dan ook is de gebruiker/bediener, niet de fabrikant, aan-sprakelijk. Alleen de voor de machine gepaste zaagbladen (HM of CV zaagbladen) mogen worden gebruikt. Het ge-bruik van HSS zaagbladen en doorslijpschijven van welke soort dan ook is verboden.

Het naleven van de veiligheidsvoorschriften alsmede van de montage-in-structies en aanwijzingen aangaande de werking vermeld in deze handleiding maakt eveneens deel uit van het reglementaire gebruik. Personen, die de machine bedienen en onderhouden, moeten hiermee vertrouwd en van mogelijke gevaren op de hoogte zijn. Bovendien moeten de geldende voorschriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden opge-volgd. Andere algemene regels op het gebied van de arbeidsgeneeskunde en veiligheid dienen in acht te worden genomen. m Let op. Bij het gebruik van toestellen dienen enkele veilig-heidsmaatregelen te worden nageleefd om lichame-lijk gevaar en schade te voorkomen. Lees daarom deze handleiding/veiligheidsinstructies zorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u de informatie op elk moment kunt terugvinden.

Mocht u dit gereedschap aan andere personen doorgeven, gelieve dan deze handleiding/veiligheidsinstructies mee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan nietnaleving van deze handleiding en van de veiligheidsinstructies.

Veranderingen aan de machine sluiten een aanspra-kelijkheid van de fabrikant en daaruit voortvloeiende schade helemaal uit. Ondanks het doelmatig gebruik kunnen bepaalde restrisicofactoren niet volledig uit de weg worden ge-ruimd. Ten gevolge van de constructie en opbouw van de machine kunnen zich de volgende risico’s voordoen:• Raken van het zaagblad in het niet afgedekte zaag-gebied. • Grijpen in het draaiende zaagblad (snijwonden). • Terugstoot van werkstukken en werkstukdelen. • Zaagbladbreuken. • Wegspringen van defecte hardmetalen stukken van het zaagblad.

 www. scheppach. com /  service@scheppach. com /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58NL | 167 d) Verwijder instelgereedschap of de moersleu-tel, voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draaiend onderdeel van het elektri-sche gereedschap bevindt, kan verwondingen veroorzaken. e) Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat u altijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kleding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loszittende kleding, sieraden of lange haren kunnen worden vastgegrepen door bewegende delen.

g) Als stofafzuig- en -opvanginrichtingen kun-nen worden gemonteerd, moeten deze wor-den aangesloten en juist worden toegepast. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaar door stof verminderen. h) Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd u altijd aan de veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten, ook als u ervaren bent met het elektrisch apparaat. Achteloos handelen kan in een fractie van een seconde tot ernstige verwondingen leiden. 4) Gebruik en behandeling van het elektrisch ge-reedschapa) Zorg dat het elektrische gereedschap niet overbelast raakt. Gebruik voor de werkzaam-heden het daarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Met het juiste elektrische gereed-schap werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermogensbereik. b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waar-van de schakelaar defect is.

Een elektrisch gereedschap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden. c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of ver-wijder de uitneembare accu voordat u de ap-paraatinstellingen wijzigt, inzetstukken ver-vangt of het elektrische apparaat weglegt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt dat het elek-trische gereedschap per ongeluk wordt gestart.

d) Bewaar niet-gebruikte elektrische apparaten buiten bereik van kinderen. Laat het elektrisch apparaat niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschap-pen zijn gevaarlijk als deze door onervaren perso-nen worden gebruikt. b) Let op dat uw lichaam geen contact maakt met geaarde onderdelen zoals bijv. buizen, radiatoren, elektrische haarden, koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is. c) Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Het indringen van water in een elektrisch appa-raat vergroot het risico op een elektrische schok. d) Gebruik het snoer niet om het elektrische gereedschap te dragen, aan op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van hitte, scherpe randen of bewegende delen.

Beschadigde of opgewikkelde snoeren verhogen het risico op een elektrische schok. e) Als u met een elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, gebruik dan alleen een ver-lengsnoer dat ook geschikt is voor gebruik buitenshuis. De toepassing van een voor bui-tenshuis gebruik geschikt verlengsnoer vermin-dert het risico op een elektrische schokf) Als het gebruik van het elektrische gereed-schap in een vochtige omgeving niet kan wor-den vermeden, gebruik dan een aardlekscha-kelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico op een elektrische schok. 3) Veiligheid van personena) Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezig bent en ga verstandig te werk bij werk-zaamheden met elektrisch gereedschap. Maak geen gebruik van elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicamenten.

Een moment van on-achtzaamheid bij gebruik van het elektrische ge-reedschap kan leiden tot ernstig letsel. b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ook altijd een veiligheidsbril.

Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, al naar gelang het soort gereedschap en de toepas-sing ervan, verkleint het risico op verwondingen. c) Vermijd ingebruikname zonder toezicht. Con-troleer of het elektrisch gereedschap is uitge-schakeld voordat u het op de stroomvoorzie-ning en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of draagt. Als u tijdens het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schake-laar hebt of het reeds ingeschakelde elektrische apparaat op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en ongevallen leiden.

 www. scheppach. com /  service@scheppach. com /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58168 | NLb) Gebruik voor eindsnedes altijd de zaag-blad-veiligheidsafdekking en de splijtwig. Voor eindsnedes waarbij het zaagblad volledig door de werkstukdikte zaagt, reduceert de veilig-heidsafdekking en andere veiligheidsvoorzienin-gen het risico op letsel. c) Plaats na het voltooien van de werkprocessen (bijv. vouwen, gutsen of opdeling tijdens het omslaan), waarbij het verwijderen van de vei-ligheidsafdekking en/of splijtwig noodzakelijk is, direct het veiligheidssysteem terug. De veiligheidsafdekking reduceert het risico op letsel. d) Controleer voor het inschakelen van het elek-trisch gereedschap of het zaagblad niet de veiligheidsafdekking, de splijtwig of het werk-stuk raakt. Onvoorziene aanraking van deze componenten met het zaagblad kan tot een gevaarlijke situatie leiden.

e) Stel de splijtwig af volgens de beschrijving in deze gebruikshandleiding. Onjuiste afstanden, positie en uitlijning kunnen de reden er voor zijn dat de splijtwig een terugslag niet vermijdt. f) Opdat de splijtwig kan functioneren, moet deze op het werkstuk inwerken. Bij snedes in werkstukken die te kort zijn, om de splijtwig te la-ten functioneren, is de splijtwig niet actief. Onder deze voorwaarden kan een terugslag niet door de splijtwig worden voorkomen. g) Gebruik het zaagblad dat bij de splijtwig past. Om ervoor te zorgen dat de splijtwig goed werkt, moet de diameter van het zaagblad dunner zijn dan bij de splijtwig passen, moet het basisblad van het zaagblad dunner zijn dan de splijtwig en moet de bandbreedte dikker zijn dan de dikte van de splijtwig.

Veiligheidsvoorschriften voor het zagena) m GEVAAR: Kom met uw vingers en handen nooit in de buurt van het zaagblad of in het zaagbereik. Een moment van onachtzaamheid of bij wegslip-pen kan uw hand in het zaagblad schieten wat kan leiden tot ernstig letsel.

b) Geleid het werkstuk alleen tegen de draairich-ting van de het zaagblad of snijwerktuig in. Aanvoeren van het werkstuk in dezelfde richting als de draairichting van het zaagblad boven de ta-fel kan er toe leiden dat het werkstuk en uw hand in het zaagblad wordt getrokken. c) Gebruik bij langssneden nooit de verstekaan-slag om het werkstuk aan te voeren, en ge-bruik bij dwarssnedes met de verstekaanslag nooit de parallelaanslag voor de lengte-instel-ling. e) Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektri-sche apparaten en inzetstukken. Controleer of bewegende delen probleemloos functione-ren en niet klemmen, of onderdelen gebroken of beschadigd zijn, waardoor de functie van het elektrische gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het elektrische apparaat eerst repareren. Veel ongevallen ontstaan door slecht onderhou-den elektrisch gereedschap.

f) Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijranden komt minder snel vast te zit-ten en is makkelijker te gebruiken. g) Gebruik elektrische apparaten, accessoires en inzetstukken, etc. overeenkomstig deze aanwijzingen. Houd daarbij rekening met de omstandigheden waarin gewerkt wordt en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere toepassin-gen dan het voorgeschreven gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties. h) Houd grepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en greepoppervlakken glad zijn, kan het elektrisch gereedschap in onvoorziene situaties niet veilig bediend en onder controle gehouden worden. 5) Servicea) Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend door gekwaliceerd deskundig personeel re-pareren met uitsluitend originele reserveon-derdelen.

Hiermee wordt de veiligheid van het elektrische gereedschap gewaarborgd. Waarschuwing. Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld.

Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfe-reren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beper-ken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat de machine wordt gebruikt. Veiligheidsvoorschriften voor tafelcirkelzagenVeiligheidsafdekkingsgerelateerde veiligheids-voorschriftena) Laat de veiligheidsafdekkingen gemonteerd. Veiligheidsafdekkingen moeten functione-rend en juist gemonteerd zijn. Losse, bescha-digde of niet juist functionerende veiligheidsaf-dekkingen moeten worden gerepareerd of worden vervangen.

 www. scheppach. com /  service@scheppach. com /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58NL | 169 l) Gebruik voor langssneden aan de werkstuk-ken die dunner zijn dan 2 mm, een extra paral-lelaanslag die contact heeft met het tafelop-pervlak. Dunnere werkstukken kunnen vastlopen achter de parallelaanslag wat tot terugslag kan leiden. Terugslag - Oorzaken en overeenkomstige veilig-heidsvoorschriftenEen terugslag is een plotselinge reactie van het werkstuk als gevolg van een hakend, vastklemmend zaagblad of een door het zaagblad schuin uitgevoer-de zaagsnede in het werkstuk of als een deel van het werkstuk tussen het zaagblad en de parallelaanslag of een ander vast object wordt vastgeklemd. In de meeste gevallen wordt bij een terugslag het werkstuk door het achterste gedeelte van het zaag-blad vastgegrepen, van de zaagtafel opgetild en in de richting van de operator geslingerd.

Een terugslag is het gevolg van een onjuist of verkeerd gebruik van de tafelcirkelzaag. Dit kan door passende voorzorgs-maatregelen worden voorkomen, zoals hieronder be-schreven. a) Sta nooit direct in lijn met het zaagblad. Ver-blijf altijd aan de zijde van het zaagblad waar de aanslagrail zich bevindt. Bij een terugslag kan het werkstuk met hoge snel-heid naar personen worden geslingerd die voor en op lijn met het zaagblad staan. b) Grijp nooit over of achter het zaagblad om het werkstuk aan te trekken of te steunen. Hierdoor kan het zaagblad onvoorzien worden aangeraakt of kan een terugslag ontstaan waar-door uw vingers in het zaagblad kunnen worden getrokken. c) Houd en druk het werkstuk, dat wordt afge-zaagd, nooit tegen het draaiende zaagblad. Door het werkstuk, dat wordt afgezaagd, tegen het zaagblad te drukken, wordt deze vastgeklemd en ontstaat er een terugslag.

d) Lijn de aanslagrail parallel uit met het zaag-blad. Een niet uitgelijnde aanslagrail drukt het werkstuk tegen het zaagblad en genereert zo een terugslag. e) Gebruik bij afgedekte zaagsnedes (bijv.

vou-wen, gutsen of opdeling tijdens het omslaan) een drukkam om het werkstuk tegen de tafel en de aanslagrail te geleiden. Met een drukkam kunt u het werkstuk bij terugslag beter onder controle houden. f) Weeg met name voorzichtig bij het zagen in verborgen bereiken van samengevoegde werkstukken. Het invallende zaagblad kan in objecten zagen die een terugslag kunnen veroorzaken. Het gelijktijdig aanvoeren van het werkstuk met de parallelaanslag en de verstekaanslag verhoogt de risico dat het zaagblad komt vast te zitten en er een terugslag ontstaat. d) Voer bij langssneden de aanvoerkracht op het werkstuk altijd uit tussen aanslagrail en zaagblad. Gebruik een schuifstok als de af-stand tussen de aanslagrail en het zaagblad minder is dan 150 mm en een schuifblok als de afstand minder is dan 50 mm.

Dergelijke hulpmiddelen zorgen er voor dat uw hand op veilige afstand van het zaagblad blijft. e) Gebruik uitsluitend de meegeleverde schuif-stok van de fabrikant of een die overeenkom-stig de instructies is vervaardigd. De schuifstok zorgt voor voldoende afstand tus-sen hand en zaagblad. f) Gebruik nooit een beschadigde of ingezaagde schuifstok. Een beschadigde schuifstok kan breken en er toe leiden dat uw hand in het zaagblad terecht komt. g) Werk niet “zonder handbescherming”. Ge-bruik altijd de parallelaanslag of de verste-kaanslag om het werkstuk aan te leggen en te geleiden. “Zonder handbescherming” be-tekent dat het werkstuk in plaats van met de parallelaanslag of de verstekaanslag met de handen wordt ondersteund of geleid. Het zagen zonder handbescherming leidt tot on-juiste uitlijning, vastklemmen en terugslag. h) Grijp nooit om of over een draaiend zaagblad.

Het grijpen naar een werkstuk kan tot onvoorzien aanraken van het draaiende zaagblad leiden. i) Ondersteun lange en/of brede werkstukken achter en/of aan de zijkant van de zaagtafel zodat deze horizontaal blijven.

Lange en/of brede werkstukken kunnen aan de rand van de zaagtafel kantelen; dit leidt tot min-der controle, vastklemmen van het zaagblad en terugslag. j) Voer het werkstuk gelijkmatig aan. Verbuig of verdraai het werkstuk niet. Als het zaagblad vastklemt, schakelt u het elektrisch gereed-schap direct uit, trekt u de netstekker los en verhelpt u de oorzaak voor het vastklemmen. Het vastklemmen van het zaagblad door het werkstuk kan leiden tot terugslag of het blokkeren van de motor. k) Verwijder niet het afgezaagde materiaal ter-wijl de zaag loopt. Afgezaagd materiaal kan zich vastzetten tussen het zaagblad en de aanslagrail of in de veiligheidsafdekking vast komen te zitten en bij het verwijderen uw vingers in het zaagblad trekken. Schakel de zaag uit en wacht tot het zaagblad tot stilstand is gekomen, voordat u het materiaal verwijdert.

 www. scheppach. com /  service@scheppach. com /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58170 | NLDe opstellingslocatie moet voldoende ruimte bieden om de maat van uw werkstukken goed te kunnen hanteren. Rommel en slecht verlichte werkomgevingen en one?en, gladde vloeren kunnen leiden tot onge-vallen. d) Verwijder regelmatig het zaagsel en zaagmeel onder de zaagtafel en/of uit de stofafzuiging. Opgehoopt zaagmeel is brandbaar en kan uit zichzelf gaan ontbranden. e) Borg de tafelcirkelzaag. Een tafelcirkelzaag die niet volgens de voorschrif-ten is geborgd, kan gaan bewegen of kantelen. f) Verwijder instelgereedschap, houtresten enz. van de tafelcirkelzaag voordat u deze inscha-kelt. Aeiding of mogelijk vastklemmen kan gevaarlijk zijn. g) Gebruik altijd zaagbladen van het juiste for-maat en met passende opnameboring (bijv. ruitvormig of rond).

Zaagbladen, die niet bij de montagedelen van de zaag passen, lopen niet rond en leiden tot verlies van de controle. h) Gebruik nooit beschadigd of onjuist montage-materiaal voor het zaagblad, zoals bijv. en-sen, onderlegringen, schroeven of moeren. Het montagemateriaal van dit zaagblad is speci-aal voor de zaag gemaakt, voor optimaal vermo-gen en bedrijfsveiligheid. i) Ga nooit op de tafelcirkelzaag staan en ge-bruik de tafelcirkelzaag niet als opstapkrukje. r kan ernstig letsel ontstaan als het elektrisch gereedschap kantelt of als u onvoorzien met het zaagblad in aanraking komt. j) Controleer of het zaagblad in de juiste draai-richting is gemonteerd. Gebruik geen slijp-schijf of staalborstel met de tafelcirkelzaag. Ondeskundige montage van het zaagblad of het gebruik van niet aanbevolen accessoires kan tot ernstig letsel leiden.

Veiligheidsvoorschriften voor de behandeling van zaagbladen1 Gebruik alleen gereedschap als u weet hoe u ermee om moet gaan. 2 Houd rekening met het maximale toerental. Het maximale toerental dat op het gereedschap staat vermeld, mag niet worden overschreden.

Houd u, indien aangegeven, aan het toerentalbereik. 3 Let op de draairichting van de motor en het zaag-blad. 4 Gebruik geen gereedschap dat barsten vertoont. Gooi het gereedschap weg als het barsten ver-toont. Het is niet toegestaan om het te repareren. 5 De klemoppervlakken moeten van vuil, vet, olie en water worden ontdaan. g) Ondersteun grote platen om het risico op een terugslag door een ingeklemd zaagblad te verminderen. Grote platen kunnen onder het eigen gewicht doorbuigen. Platen moeten overal worden onder-steund waar deze uitsteken ten opzichte van het tafelblad. h) Wees met name voorzichtig bij het zagen van werkstukken die verdraaid, los zitten of vervormd zijn of niet over een rechte kant be-schikken waarmee ze met een verstekaanslag of langs een aanslagrail kunnen worden ge-leid.

Een vervormd, losgeraakt of verdraaid werkstuk is instabiel en leidt tot onjuiste uitlijning van de zaagvoeg met het zaagblad, zal vastklemmen en een terugslag veroorzaken. i) Zaag nooit meerdere op elkaar of achter el-kaar gestapelde werkstukken. Het zaagblad kan een of meer onderdelen vast-grijpen en een terugslag veroorzaken. j) Als u een zaag, die in het werkstuk steekt, weer wilt starten, centreert u het zaagblad in de zaaggleuf dusdanig dat de zaagtanden niet in het werkstuk vastzitten. Als het zaagblad vastklemt, kan deze het werk-stuk optillen en een terugslag veroorzaken als de zaag opnieuw wordt gestart. k) Zorg dat de zaagbladen schoon blijven, scherp en voldoende geschrankt is. Gebruik nooit vervormde zaagbladen of zaagbladen met scheuren of afgebroken tanden. Scherpe en juist geschrankte zaagbladen mini-maliseren het vastklemmen, blokkeren of terug-slag.

Veiligheidsvoorschriften voor het gebruik van de tafelcirkelzagena) Schakel de tafelcirkelzaag uit en koppel deze los van de stroomvoorziening voordat u het tafelinzetstuk verwijderd, het zaagblad ver-vang, instellingen aan de splijtwig of de af-dekking van het zaagblad aanbrengt en als de machine zonder toezicht is. Voorzorgsmaatregelen dienen ter vermijding van ongevallen. b) Laat de tafelcirkelzaag nooit zonder toezicht lopen. Schakel het elektrisch gereedschap uit en ga pas weg als deze volledig tot stilstand is gekomen. Een zaag die zonder toezicht draait, vormt een ongecontroleerd gevaar. c) Stel de tafelcirkelzaag op een locatie op die waterpas is en goed wordt geventileerd en waar u veilig kunt staan en het evenwicht kunt bewaren.

 www. scheppach. com /  service@scheppach. com /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58NL | 171 • Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elektriciteit bij gebruik van onjuiste snoeren. • Daarnaast kan er, ondanks alle voorzorgsmaatre-gelen, sprake zijn van niet-zichtbare restrisico‘s. • De restrisico‘s kunnen tot een minimum worden be-perkt wanneer aan de „Veiligheidsmaatregelen“ en het „Gebruik volgens bestemming“ wordt voldaan en de gebruiksaanwijzing in zijn geheel wordt op-gevolgd. • Voorkom onnodige belasting van de machine: als bij het zagen teveel druk wordt uitgeoefend, zal het zaagblad snel beschadigen, wat leidt tot geringe-re prestaties van de machine bij de verwerking en minder nauwkeurige zaagsnedes. • Gebruik altijd klemmen wanneer u kunststof moet zagen: de te zagen delen moeten altijd met klem-men worden vastgezet.

• Voorkom dat u de machine onbedoeld inschakelt: als u de stekker in het stopcontact steekt, mag de startknop niet worden ingedrukt. • Gebruik gereedschap dat in deze handleiding wordt aanbevolen. U verkrijgt dan optimale presta-ties met uw afkortzaag. • Houd uw handen buiten de werkruimte, wanneer de machine in bedrijf is. Voordat u instel- of onderhoudswerkzaamheden uit-voert, laat u de startknop los en trekt u de stekker uit het stopcontact. 6. Technische gegevensWisselstroommotor: 220-240 V~ 50HzVermogen 1500 WattBedrijfsmodus S1Nullasttoerental n05000 min-1Hardmetaalzaagbladø 210 x ø 30 x 2,8 mmAantal tanden 24Dikte splijtwig 2 mmTafelafmetingen 675 x 500 mmSnijhoogte max. 90° 70 mmSnijhoogte max. 45° 45 mmHoogteafstelling traploos 0 - 70 mmZwenkbereik 0 - 45°Afzuigaansluiting ø 40 mmGewicht 14 kgGeluid en vibratieHet geluid van deze zaag is bepaald conform EN 61029.

7 Zorg ervoor dat de bevestigde pasringen voor de borging van het gereedschap dezelfde diameter hebben en dat ze minimaal 1/3 van de snijdiameter hebben. 8 Controleer of de bevestigde pasringen parallel aan elkaar lopen. 9 Wees voorzichtig bij het gebruik van de inzet-stukken. Bewaar ze bij voorkeur in de originele verpakking en of in speciale houders. Draag be-schermende handschoenen om de grip te vergro-ten en de kans op persoonlijk letsel nog verder terug te dringen. 10 Controleer voordat u de inzetstukken gebruikt of de veiligheidsvoorzieningen correct zijn aange-bracht. 11 Controleer vóór gebruik of het toegepaste inzet-stuk aan de technische eisen van deze machine voldoet en of het goed bevestigd is. 12 Gebruik het meegeleverde zaagblad alleen voor het zagen van hout en nooit voor het bewerken van metalen. 13. Gebruik het juiste zaagblad voor het te bewerken materiaal. 14.

Gebruik alleen een zaagblad met een diameter die op de zaag staat aangegeven. 15. Gebruik alleen zaagbladen, die met een gelijk of hoger toerental dan op het elektrisch gereed-schap gemarkeerd zijn. 16. Gebruik alleen door de fabrikant aanbevolen zaagbladen, die, indien deze voor het zagen van hout of gelijksoortige materialen zijn bedoeld, overeenkomen met EN 847-1. 17. Draag geschikte persoonlijke beschermingsmid-delen, zoals bijv. :– Gehoorbescherming; – Veiligheidshandschoenen bij het hanteren van zaagbladen. 18. Gebruik alleen door de fabrikant aanbevolen zaagbladen die voldoen aan EN 847-1. Waar-schuwing. Let er bij het wisselen van het zaagblad op, dat de zaagbreedte niet geringer en de dikte van het stamblad niet groter is dan de dikte van de splijtwig. 19. Voorkom bij het zagen van hout en kunststo?en een oververhitting van de zaagtanden.

Bevestig de standbeugels (18) elk losjes met 2 zeskantbouten (20) en zeskantmoeren (19) in de boorgaten van de achterste poten. (afb. 7)Let op. Beide standbeugels moeten aan de achterzij-de van de machine worden bevestigd. 5. Draai vervolgens alle bouten en moeren van het onderstel vast. Splijtwig instellen / monteren (afb. 8-10)m Let op. Haal de stekker uit de contactdoos. De instelling van de splijtwig (6) moet voorafgaand aan de ingebruikname worden gecontroleerd. 1. Stel het zaagblad (3) in op de maximale zaagdiep-te, plaats het in de 0°-stand en zet het vast. 2. De schroef (23) van de tafelinleg (2) met een kruisschroevendraaier losdraaien en de tafelinleg (2) er uitnemen (afb. 8). 3. De afstand tussen het zaagblad (3) en de splijtwig (6) mag max. 5 mm bedragen. (afb. 9)4.

Plaats de zaagbladbescherming (4) samen met de schroef (25) van boven op de splijtwig (6), zodat de schroef stevig in het boorgat van de splijtwig (6) zit. 2. De schroef (25) niet te vast aandraaien; de zaag-bladbescherming (4) moet vrij kunnen bewegen. 3. Steek de afzuigslang (5) op het afzuigtussenstuk (26) en de afzuigmof van de zaagbladbescher-ming (4). Sluit een daartoe geschikte spanenaf-zuiginstallatie aan op het afzuigtussenstuk (26). Onzekerheid KWA3 dBDraag een gehoorbescherming. Het e?ect van lawaai kan gehoorverlies zijn. Totale trillingswaarden (vectorsom van drie richtingen) be-paald conform EN 61029. 7. Vóór ingebruikneming• De machine moet worden opgesteld zodat ze veilig staat, d. w. z. ze moet op een werkbank. • Vóór ingebruikneming dienen alle afdekkingen en veiligheidsinrichtingen naar behoren te zijn gemon-teerd. • Het zaagblad moet vrij kunnen draaien.

• Bij reeds bewerkt hout op vreemde voorwerpen let-ten zoals b. v. nagels of schroeven etc. • Voordat u de AAN-/UIT-schakelaar bedient moet het zaagblad correct gemonteerd zijn. Beweeglijke delen moeten gemakkelijk bewegen. • Vóór het aansluiten controleren of de gegevens vermeld op het kenplaatje overeenstemmen met de gegevens van het stroomnet. • Sluit de machine enkel aan op een naar behoren geïnstalleerd veiligheidsstopcontact dat beveiligd is door een zekering van minstens 16A. 8. ConstructieLet op. Trek vóór alle onderhouds-, afstelen mon-tagewerkzaamheden telkens de netstekker uit het stopcontact. Plaats alle onderdelen op een vlakke ondergrond ge-leverd. Gelieve groep gelijke delen. Opmerking: Als verbindingen met een schroef (Ris-so / of zeshoekige), hex moeren en ringen worden ondersteund, de wasmachine moet worden onder de moer geïnstalleerd.

Als u al vóór de denitieve montage op / draai de moeren en bouten, kan de eindmontage niet worden uitgevoerd. Tafelverbreding monteren (afb. 3)1. Draai de zaag om en zet hem ondersteboven met de tafel op de grond. 2. Lijn de tafelverbreding (8) uit op de zaagtafel (1). 3. Bevestig de tafelverbreding (8) met de zeskant-bouten (20) en zeskantmoeren (19) losjes op de zaagtafel (1). Herhaal deze stappen aan de te-genoverliggende zijde.

 www. scheppach. com /  service@scheppach. com /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58NL | 173 4. De demontage geschiedt in omgekeerde volgor-de. Let op. Voorafgaand aan het zagen moet de zaag-bladbescherming (4) op het te zagen materi-aal worden neergelaten. Tafelinzetstuk vervangen (afb. 8)1. Bij slijtage of beschadiging moet het tafelinzetstuk (2) worden vervangen, anders bestaat er een ver-hoogd gevaar voor letsel. 2. Verwijder de schroef (23) met behulp van een kruiskopschroevendraaier. 3. Neem het versleten tafelinzetstuk (2) eruit. 4. De montage van het nieuwe tafelinzetstuk ge-beurt in omgekeerde volgorde. Montage/vervanging van het zaagblad (afb. 13)1. Let op. Neem de stekker uit het stopcontact en draag veiligheidshandschoenen. 2. Demonteer de zaagbladbescherming (4). 3. Verwijder het tafelinzetstuk (2). 4.

Draai de moer los door de zaagbladsleutel (15b) op de moer te plaatsen en met de andere zaag-bladsleutel (15a) de motoras tegen te houden. 5. Let op. Draai de moer in de draairichting van het zaagblad. 6. Verwijder de buitenens en neem de binnenens uit het oude zaagblad. 7. Maak de zaagbladenzen voorzichtig schoon met een staalborstel voordat u het nieuwe zaagblad monteert. 8. Plaats het nieuwe zaagblad in de omgekeerde volgorde en draai het vast. Let op. Houd rekening met de draairichting. De schuine snede van de tanden moet in de draairichting wijzen (naar voren gericht). 9. Monteer het tafelinzetstuk (2) en de zaagbladbe-scherming (4) weer en stel deze af. 10. Controleer of de veiligheidsvoorzieningen goed functioneren voordat u weer met de zaag aan de slag gaat. 9. BedieningAAN/UIT-schakelaar (afb. 1)• De zaag kan worden aangezet door de groene toets “I“ (10) in te drukken.

Wacht met het zagen tot het zaagblad zijn maximumtoerental heeft bereikt. • De zaag wordt terug afgezet door de rode toets “0” (10) in te drukken. Overbelastingsbeveiliging (afb.

14)Dit elektrische gereedschap is uitgerust met een overbelastingsbeveiliging. Als de overbelas-tingsbeveiliging werd gestart, gaat u als volgt te werk:• Koppel het elektrische gereedschap los van de netstroom. • Laat het elektrische gereedschap afkoelen. • Controleer het elektrische gereedschap zorgvuldig op mogelijke schade. • Laat schade repareren voordat u het elektrische gereedschap opnieuw start. • Sluit het elektrische gereedschap aan op de netstroom. • Druk op de overbelastingsschakelaar (27). • Schakel het elektrische gereedschap als omschre-ven in en start uw werk. Snijdiepte (afb. 14)Het zaagblad (3) kan op de gewenste snijdiepte wor-den afgesteld door het handwiel (11) te draaien. - Tegen de wijzers van de klok in: grotere zaagdiepte- Met de wijzers van de klok mee; kleine zaagdiepteControleer de instelling op basis van een steekproef cut. Hoekafstelling (afb.

14-15)Met zag de tafel verstekzagen kan worden gemaakt om de stop bar aan de linkerkant van 0 ° -45 °. m Controleer voor elke zaagsnede of er geen botsing mogelijk is tussen de aanslagbalk (30), de afschui-ningsaanslag (13) en het zaagblad (5). • Vastzetgreep (13) losdraaien• Door het handwiel (12) te draaien om de gewenste hoek op de schaal in te stellen. • Vastzetgreep (13) in de gewenste hoekpositie ar-rêteren. Werken met de parallelaanslagInstellen van de aanslaghoogte (afb. 15-16)• De aanslagrail (30) van de parallelaanslag (13) heeft twee in hoogte verschillende geleidingsvlak-ken. • Afhankelijk van de dikte van de te zagen materia-len moet de aanslagrail (30) voor dik materiaal (afb 16) (met een dikte van meer dan 25 mm van het werkstuk) en voor dunner materiaal (afb 15) (met een dikte van minder dan 25 mm van het werkstuk) worden gebruikt. Aanslagrail draaien (afb.

 www. scheppach. com /  service@scheppach. com /  +(49)-08223-4002-99 /  +(49)-08223-4002-58174 | NL• Handen met gesloten vingers plat op het werkstuk leggen en het werkstuk langs de parallelaanslag (13) het zaagblad (3) in schuiven. • Met de linker of rechter hand (naargelang de positie van de parallelaanslag) zijdelings geleiden, maar enkel tot de voorkant van de zaagbladafdekking (4). • Werkstuk steeds tot het einde van het spouwmes (6) doorschuiven. • De snijafval blijft op de zaagtafel (1) liggen tot het zaagblad (3) opnieuw tot stilstand is gekomen. • Lange werkstukken aan het einde van het snijden beveiligen tegen neerkantelen. (b. v. afrolstandaard etc. )Snijden van smallere werkstukken (afb. 20)Langssneden van werkstukken met een breedte van minder dan 120 mm moeten zeker met gebruik-making van een schuifstok (14) worden uitgevoerd.

Schuifstok is niet bij de levering begrepen. Versleten of beschadigde schuifstok onmiddellijk vervangen. • Stel de trekgeleider overeenkomstig de beoogde werkstuk breedte. • Gebruik het werkstuk met beide handen verschui-ven, in het gebied van het zaagblad se een duwstok en stuwkracht hulp. • Werkstuk altijd door te stoten tot het einde van het spouwmes. •m Let op. Kortom werkstukken duwen stick is om ge-bruikt te worden, zelfs aan het begin van een hoofd-stuk. Uitvoeren van schuine sneden (afb. 21)Schuine sneden worden principieel uitgevoerd mits gebruikmaking van de parallelaanslag. • Zaagblad op de gewenste hoekmaat afstellen. • Parallelaanslag (13) afstellen naargelang de breed-te en de hoogte van het werkstuk. • Snede conform de werkstukbreedte uitvoeren. Uitvoeren van dwarssneden (afb.

• Dwarsaanslag (7) en werkstuk naar het zaagblad toe schuiven teneinde de snede uit te voeren. • Let op. Hou altijd het geleide werkstuk vast, nooit het vrije werkstuk dat afgesneden wordt. • Dwarsaanslag (7) altijd blijven vooruitschuiven tot het werkstuk helemaal is doorgesneden. • Zaag weer uitzetten. Zaagafval pas verwijderen als het zaagblad stilstaat. Snijbreedte (afb. 17)• Tijdens het in de lengte snijden van houten stukken moet de parallelaanslag (13) worden gebruikt. • De parallelaanslag (13) moet aan de rechterkant van de zaagtafel (3) worden gemonteerd. • De parallelaanslag (13) van boven op de geleiderail voor parallelaanslag zetten. • Met behulp van de schaal op de zaagtafel kan de scheurgeleider (13) op de gewenste grootte worden ingesteld• Klem de parallelaanslag (13) vast met de hendel (31). Dwarsaanslag (afb.

18)• De dwarsaanslag (7) in een groef (32) van de zaag-tafel schuiven. • De klemschroef (35) losser draaien. • De dwarsaanslag (7) draaien, tot de gewenste hoekgraad is ingesteld. De pijl op de dwarsaanslag geeft de ingestelde hoek aan. • Draai de kartelschroef (35) weer vast. • De aanslagrail (33) kan op de dwarsaanslag (13) worden verschoven. Draai hiervoor de moeren(34) losser en schuif de aanslagrail (33) in de gewenste positie. Draai de moeren (34) weer aan. Let op. • Schuif de aanslagrail (33) niet te veer in de richting van het zaagblad. • De afstand tussen de aanslagrail (33) en het zaag-blad (3) dient ca. 2 cm te bedragen. 10. BedrijfWerkinstructiesNa elke nieuwe afstelling is het aan te raden een proefsnede uit te voeren om de afgestelde afmetin-gen te controleren.

Na het aanzetten van de zaag wachten tot het zaagblad zijn maximumtoerental heeft bereikt voordat u de snede uitvoert. Lange werkstukken aan het einde van het snijden be-veiligen tegen neerkantelen. (b. v. afrolstandaard etc. )Let op bij het insnijden. Gebruik het toestel alleen met afzuiging. Controleer en reinig regelmatig de afzuigkanalen.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Scheppach HS81S stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden