Scheppach MS173-51E Handleiding


Pagina's 144 Niet gecategoriseerd

Bekijk de handleiding van Scheppach MS173-51E gratis online of download de PDF. 26 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Art.Nr.
5911247905
AusgabeNr.
5911247905_0101
Rev.Nr.
05/06/2025
MS173-51E
DE
Benzin Rasenmäher
Originalbetriebsanleitung
7
GB
Petrol lawnmower
Translation of original instruction manual
26
FR
Tondeuse à gazon thermique
Traduction des instructions d’origine
44
IT
Tosaerba a benzina
La traduzione dal manuale di istruzioni originale
63
NL
Benzine grasmaaier
Vertaling van de originele gebruikshandleiding
82
ES
Cortacésped de gasolina
Traducción del manual de instrucciones original
101
PT
Corta-relva a gasolina
Tradução do manual de operação original
120
Nachdrucke, auch auszugsweise, bedürfen der Genehmigung.
Technische Änderungen vorbehalten. Abbildungen beispielhaft!

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Scheppach
Categorie: Niet gecategoriseerd
Model: MS173-51E

Handleiding Scheppach MS173-51E – volledige tekst

www.scheppach.comNL | 83 MotorolieLange messen. Max. snijbreedteGegarandeerd geluidsvermogensniveauHet product voldoet aan de geldende EU-bepalingen.MINMAXOliepeil controlerenDRIVE - aandrijfhendelSTOP - motorremhendelUitsluitend in gesloten ruimtes gebruiken!Beschermingsklasse IIT2AApparaatzekeringOude apparatuur mag niet bij het huisvuilDe accu wordt als apparaatsleutel gebruikt.Bescherm de accu tegen water en vocht.Bescherm de accu tegen hitte en vuur.Accu beschermen tegen temperaturen boven 45 °C.Het product voldoet aan de geldende Servische richtlijnen.

www. scheppach. comNL | 85 De vereiste minimumleeftijd moet in acht worden ge-nomen. Naast de in deze gebruikshandleiding opgenomen vei-ligheidsvoorschriften en de bijzondere voorschriften van uw land moet u de algemeen erkende technische voorschriften in acht nemen voor de werking van ma-chines van hetzelfde type. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor on-gevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften. 2. Beschrijving van het apparaatAfb. 1 (1 - 21)1. Handgreep2. Aandrijfhendel3. Motorremhendel4. Bovenste duwbeugel, 4a. Onderste duwbeugel5. Snelspanhendel6. Benzinetank7. Luchtlter8. Zij-uitwerp (zij-uitwerpklep en zij-uitwerpadapter)9. Loopwiel10. Bougie11. Uitlaat12. Oliepeilstok13. Aandrijfwiel14. Wielhoogteverstelling15. Uitwerpklep16. Vangkorf17. Starterkoord, 17a. Elektrische start18. Elektrische starterunit19.

Aanwijzing:De fabrikant van dit apparaat is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aan-sprakelijk voor schade die aan dit apparaat of door dit apparaat ontstaan bij:• Ondeskundige behandeling• Niet in acht nemen van de gebruikshandleiding• Reparaties door derden, niet geautoriseerde vak-mensen• Inbouw en vervanging van niet-originele reserveon-derdelen• Gebruik dat niet conform de voorschriften is• Uitvallen van de elektrische installatie bij het niet in acht nemen van de elektrische voorschriften en VDE-voorschriften 0100, DIN 57113 / VDE 0113Let op:Lees voor de montage en voor de ingebruikname de complete tekst van de gebruikshandleiding door. De gebruikshandleiding is bedoeld om het gemakkelij-ker te maken, uw apparaat te leren kennen en de be-oogde toepassingsmogelijkheden van het apparaat te benutten.

De gebruikshandleiding bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het apparaat veilig, vakkundig en economisch werkt en hoe u gevaren vermijdt, reparatiekosten uits-paart, uitvaltijden vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het apparaat verhoogt. Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze ge-bruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het apparaat geldende voorschriften van uw land in acht nemen. Bewaar de gebruikshandleiding bij het apparaat in een plastic hoes, beschermd tegen vuil en vocht. De ge-bruikshandleiding moet door elke operator voor aan-vang van de werkzaamheden worden gelezen en zorg-vuldig worden nageleefd. Aan het apparaat mogen alleen personen werken, die voor het gebruik van het apparaat geïnstrueerd en over de daarmee verbonden gevaren geïnformeerd zijn.

Voor werkopname moeten alle beschermings- en veiligheidsvoorzieningen op de machine zijn ge-monteerd. • De bedieningspersoon is in de werkomgeving ver-antwoordelijk voor derden. • De machine is vervaardigd voor bediening door één persoon. • Neem alle veiligheidsinformatie op de machine in acht. • Alle veiligheids- en gevareninstructies op de machi-ne moeten altijd volledig en in leesbare staat worden gehouden. • Machine uitsluitend in technisch probleemloze toe-stand en voor het beoogd gebruik, veiligheids- en gevarenbewust, volgens de gebruikshandleiding gebruiken. • In het bijzonder storingen, die de veiligheid kunnen benadelen, direct (laten) verhelpen. • De veiligheids-, werk- en onderhoudsvoorschriften van de fabrikant alsook de in de technische gege-vens aangegeven afmetingen moeten in acht wor-den genomen.

• De geldende ongevallenpreventievoorschriften als-ook de overige algemene erkende veiligheidstechni-sche voorschriften moeten in acht worden genomen. • De machine mag alleen door vakkundige personen worden gebruikt, onderhouden en worden gerepa-reerd, die bekend zijn met deze werkzaamheden en op de hoogte zijn van de gevaren. Zelf aangebrachte wijzigingen aan de machine sluiten een aansprake-lijkheid van de fabrikant voor hieruit voortvloeiende schade uit. • De machine mag uitsluitend met de originele acces-soires en originele gereedschappen van de fabri-kant worden gebruikt. • Ieder daarboven uitgaand gebruik geldt als niet vol-gens de voorschriften. Voor hieruit voortvloeiende schade kan de fabrikant niet aansprakelijk worden ge-steld, het risico hiervoor ligt volledig bij de gebruiker. • Het apparaat is niet vervaardigd voor bedrijfsmatig, ambachtelijk of industrieel gebruik.

www. scheppach. comNL | 87 • De accu niet gebruiken als deze aan een ernstige schok is blootgesteld, is gevallen of anderszins is beschadigd. Als de accu is beschadigd, moet deze worden vervangen. De accu kan niet worden onder-houden. • De oplader niet uit elkaar halen en niet proberen deze te repareren. • Om elektrische schokken te vermijden, voor het rei-nigen de stekker van de oplader uit het stopcontact trekken. • Het apparaat niet kortsluiten. Nooit voorwerpen in de contacten steken. • De oplader is niet bestemd voor gebruik door per-sonen (inclusief kinderen) met fysieke, sensorische of verstandelijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij zij onder toezicht staan van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon, of zijn geïnstrueerd over het gebruik van het appa-raat. • Kinderen moeten onder toezicht staan, zodat ze niet met de oplader kunnen gaan spelen.

verlengsnoerTenzij het absoluut noodzakelijk is, mag er geen ver-lengsnoer worden gebruikt. Als u een ongeschikt ver-lengsnoer gebruikt, bestaat er gevaar voor brand of elektrische schokken. Let bij het gebruik van een ver-lengsnoer op de volgende punten:a. Het aantal, de grootte en de vorm van de pinnen op de stekker van het verlengsnoer moeten over-eenkomen met de stekker van de oplader. b. Het verlengsnoer moet correct zijn aangesloten en in goede staat verkeren. c. De draaddikte moet minstens 16 AWG (American Wire Gauge, ongeveer 1,3 mm2) zijn voor het no-minale AC-vermogen van de lader. Bij het bewaren van het accu-oplaadsysteemOplader en accu droog houden. Het acculaadsysteem niet blootstellen aan regen of vocht. Voor de instellings- of reparatiewerkzaamhedenDe accu uit het motoraccuvak halen. WAARSCHUWINGAccuchemicaliën zijn giftig en corrosief.

Brand of explosies kunnen tot zware brandwonden en zelfs tot de dood leiden. m VOORZICHTIGBij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat er gevaar voor licht tot gemiddeld ernstige verwonding.

m AANWIJZINGBij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op een beschadiging van het apparaat of van andere zaken of goederen. m Let op. Bij het gebruik van apparaten moeten enkele veilig-heidsmaatregelen in acht genomen worden, om letsel en schade te voorkomen. Lees daarom absoluut deze gebruikshandleiding / veiligheidsvoorschriften door. Bewaar deze daarom goed, zodat u de informatie te allen tijde ter beschikking heeft. Indien u het apparaat aan andere personen mocht overhandigen, overhan-dig dan tevens deze gebruiksaanwijzing/veiligheids-aanwijzingen. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheids-voorschriften. Onjuist gebruik van de accu en de oplader kan een elektrische schok of brand veroorzaken. Bij bedrijf• De oplader en de accu droog houden.

Het accu-laadsysteem niet blootstellen aan regen of vocht. • Om een elektrische schok te vermijden, moet in acht worden genomen dat er geen water in de stekker terecht komt. • Het apparaat niet kortsluiten. Nooit voorwerpen in de accu-contacten steken. Bij het laden van de accu• Voor het laden van de accu uitsluitend de originele oplader gebruiken. • De oplader is niet bedoeld voor het opladen van an-dere accu's. • Oplader en accu droog houden. Het acculaadsys-teem niet blootstellen aan regen of vocht. • Bij het wegnemen van de oplader deze niet aan de kabel trekken, maar aan de stekker omdat anders de stekker of de kabel beschadigd kunnen raken. • De oplader niet gebruiken als de stekker of de kabel beschadigd zijn. De kabel kan niet worden vervangen. Als de kabel beschadigd is, moet de oplader direct wor-den vervangen.

www. scheppach. com88 | NLm WAARSCHUWINGBenzine is zeer ontvlambaar:• Bewaar benzine alleen in daarvoor bedoelde con-tainers. • Vul de tank uitsluitend bij in de buitenlucht en rook niet tijdens het vulproces. • Benzine moet voor het starten de motor worden bij-gevuld. Terwijl de motor loopt of bij een hete maaier mag het tankdeksel niet geopend worden of de ben-zine worden bijgevuld. • Indien er benzine is overgelopen mag er in geen ge-val gepoogd worden om de motor te starten. In plaats daarvan moet de machine uit de buurt van de plaatsen worden gehaald waar de benzine heeft gemorst. Elke ontstekingspoging moet worden vermeden totdat de benzinedampen zijn verdampt. • Vanwege veiligheidsredenen moeten benzinetank en tankdeksel bij beschadiging worden vervangen. • Benzine mag nooit ion de buurt van ontstekings-bronnen worden bewaard. Gebruik altijd een gecon-troleerde container.

Houd benzine uit de buurt van kinderen. • Vervang defecte geluiddempers. • Voor gebruik moet door een visuele controle altijd worden gecontroleerd of het snijgereedschap, be-vestigingsbouten en het gehele maaielement ver-sleten of beschadigd zijn. Om eventueel onbalans te vermijden moeten versleten of beschadigde snijge-reedschappen en bevestigingsbouten altijd per set worden vervangen. • Bij apparaten met meerdere messen moet u erop letten dat door het draaien van een mes de andere messen kunnen beginnen te draaien. Gebruik• Laat de verbrandingsmotor niet in gesloten ruimtes lopen, waarin zich gevaarlijke koolmonoxide kan vormen. • Maai alleen bij daglicht of bij geschikt kunstlicht. In-dien mogelijk moet het gebruik van het apparaat bij nat gras worden vermeden. • Het gebruik van de grasmaaier bij onweer is verbo-den - gevaar op blikseminslag.

• Wees met name voorzichtig als u uw rijrichting op de helling verandert. • Maai nooit op overmatig steile hellingen en op aan-grenzende stortplaatsen, groeven of dijken. • Uitgerangeerde of gebruikte accu's mogen niet wor-den verbrand, omdat deze kunnen exploderen. Bij het verbranden van accu's ontstaan giftige dampen en resten. • Gebruik geen accu's die geplet, gevallen of bescha-digd zijn. Waarschuwing. Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfe-reren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat het elektrische apparaat wordt gebruikt.

Wie mogen het apparaat niet gebruiken:• Kinderen en andere personen, die niet bekend zijn met de gebruiksaanwijzing (plaatselijke voorschrif-ten kunnen de minimale leeftijd van de gebruiker vastleggen)• Personen die onder invloed zijn van alcohol, drugs, medicijnen, moe of ziek zijnVeiligheidsvoorschriften voor handgevoerde gras-maaierAanwijzingen• Lees de gebruikshandleiding zorgvuldig door. Zorg ervoor dat u bekend bent met de instellingen en het correcte gebruik van de machine. • Laat de grasmaaier niet gebruiken door kinderen of andere personen die de gebruikshandleiding niet kennen. Lokale voorschriften kunnen de minimum-leeftijd van de gebruiker deniëren. • Maai nooit wanneer er personen, kinderen of dieren in de buurt zijn. Denk eraan dat de bestuurder of de gebruiker van de machine verantwoordelijk is voor ongevallen met andere personen of hun eigendom-men.

• Indien u het apparaat aan andere personen mocht overhandigen, overhandig dan tevens deze ge-bruikshandleiding a. u. b. • Draag altijd stevige schoenen en een lange broek tijdens het maaien. Maai nooit op blote voeten of in lichte sandalen.

• Stop de snijmessen indien de grasmaaier moet wor-den gekanteld, bij transport of op andere oppervlak-ken als gras en indien de grasmaaier voor en naar het te maaien oppervlak wordt bewogen. • Gebruik de grasmaaier nooit met beschadigde veilig-heidsvoorzieningen of veiligheidsroosters of zonder aangebouwde veiligheidsvoorzieningen bijv. stoot-plaat en/of inrichtingen om het gras op te vangen. • Verander nooit de regelinstellingen van de motor en zorg ervoor dat deze niet te zwaar wordt belast. • Activeer de motorrem voordat u de motor start. • Start de motor voorzichtig, overeenkomstig de aanwij-zingen van de fabrikant. Let op voldoende afstand van de voeten tot de snijmessen. • Bij het starten of stoppen van de motor mag de grasmaaier niet worden gekanteld, alleen indien de grasmaaier bij het proces moet worden opgetild.

In dit geval kantelt u de grasmaaier slechts zo ver, als absoluut noodzakelijk, en tilt u uitsluitend de zijde op die richting de bediener is gekeerd. • Start de motor niet indien u voor het uitwerpkanaal staat. • Breng handen of voeten nooit tegen of over de draai-ende delen. Houd u altijd buiten het bereik van de uitwerpopening. • Til of draag een grasmaaier nooit terwijl de motor loopt. • Schakel de motor uit en trek de voedingsstekker eruit en zorg ervoor dat alle bewegende delen tot stilstand zijn gekomen: - Voordat u blokkades verwijdert of verstoppingen in het uitwerpkanaal oplost. - Voordat u de grasmaaier controleert, reinigt of er werkzaamheden aan uitvoert. - Indien een vreemd voorwerp is geraakt. Contro-leer de grasmaaier op beschadigingen en voer de noodzakelijke reparaties uit voordat u de grasmaaier opnieuw start en ermee gaat werken.

Indien de grasmaaier bij het starten ongewoon sterk trilt, moet deze direct worden onderzocht. • Schakel de motor uit: - Indien u zich van de grasmaaier verwijdert - Voor het bijtanken• Het gebruik van de machine met overmatige snel-heid kan het risico op ongevallen verhogen.

www. scheppach. com90 | NLGeluid & Trillingm Waarschuwing: Lawaai kan ernstige gezondheids-klachten tot gevolg hebben. Als het geluid van de ma-chine hoger is dan 85 dB, dient u geschikte gehoorbe-scherming te dragen. GeluidswaardenGeluidsdruk LPA 76,1 dBMeetonzekerheid KPA 1,83 dBGeluidsvermogensniveau LWA 96,1 dBMeetonnauwkeurigheid KWA 1,83 dBTrillingseigenschappenTrilling ahv 7,218 m/s²Meetonnauwkeurigheid Kh 1,5 m/s²Beperk de geluidsproductie en trilling tot een minimum. • Gebruik uitsluitend goed functionerende apparaten. • Onderhoud en reinig het apparaat regelmatig. • Pas uw werkwijze aan het apparaat aan. • Zorg dat het apparaat niet overbelast raakt. • Laat het apparaat eventueel controleren. • Schakel het apparaat uit als deze niet in bedrijf is. • Draag handschoenen.

Bij langer gebruik van de benzine grasmaaier kunnen er trillingsafhankelijke doorbloedingsproblemen ont-staan (ziekte van Raynaud). Aanbevelingen voor de gebruiksduur kunnen in dit ge-val niet worden aangegeven, omdat dit van persoon tot persoon kan verschillen. De volgende factoren kunnen invloed hebben op het uiterlijk:• doorbloedingsproblemen in de handen van de be-stuurder• lage buitentemperaturen• lange gebruikstijdenDaarom is het raadzaam om warme werkhandschoenen te dragen en regelmatige pauzes te nemen. 7. Uitpakken• Open de verpakking en haal het apparaat er voor-zichtig uit. • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de verpak-kings- en transportbeveiligingen (indien voorhanden). • Controleer of de inhoud van de levering volledig is. Gevaar door lawaaiGehoorschadeLangere werkzaamheden met het apparaat zonder ge-hoorbescherming kan leiden tot gehoorschade.

– Altijd gehoorbescherming dragen. Gedrag bij noodgevallenBij een eventueel ongeval moet u direct de noodzakelij-ke EHBO-maatregelen nemen en zo snel mogelijk hulp vragen aan een gekwaliceerde arts. 6.

www. scheppach. comNL | 91 Montage1. Grasmaaier en aanbouwdelen uit de verpakking halen en controleren of alle delen aanwezig zijn. 2. Schroef de onderste duwbeugel aan beide zijden van de maaier vast met telkens één bout (a), 1 vol-gring klein (c) en 1 kunststof stermoer (d). Let er daarbij op dat de trekkabel, die later wordt beves-tigd, niet in de weg zit (afb. 2-3). 3. Schroef de bovenste duwbeugel aan de onderste duwbeugel vast met een snelspanhendel (5), een grote volgring (b), een kleine volgring (c) en een kunststof stermoer (d) aan beide zijden (afb. 4-5). 4. Trek de gaskabel door de elektrische starter (18), zoals in afb. 5a weergegeven. 5. Zet de gaskabel met behulp van een tang in de motorremhendel (3). (afb. 5b-5c)6. Borg de elektrische starter met behulp van de bou-ten (f) op de bovenste duwbeugel (4). (afb. 5d)7.

De greep van de starttrekkabel (17) op de daarvoor aanwezige haken inhangen, zoals in afb. 6 getoond. 8. De trekkabel met de bijbehorende kabelclips (e) (afb. 7) op de duwbeugel bevestigen. 9. Grasvangkorf (16) - openklappen en de kunststof clips op het frame vastklikken. (afb. 8)10. Maaien met grasvangkorf:Uitwerpklep (15) met één hand optillen en de vang-korf (16) zoals weergegeven in afb. 9 weergegeven, inhangen. 11. Mulchen:Vangkorf (16), indien bevestigd, afnemen en mul-chinzetstuk (19) zoals weergegeven in afb. 10-12 inleggen. Let op:Bij het mulchen mag het zij-uitwerpdeksel niet worden gemonteerd. Instellen van de snijhoogtem Let op. Het verstellen van de snijhoogte mag al-leen bij uitgeschakelde motor en verwijderde bou-giestekker worden uitgevoerd.

• Voordat u begint te maaien, controleert u of het snij-gereedschappen niet stomp zijn en de bevestigings-middelen niet beschadigd zijn. • Vervang stompe en/of beschadigde snijgereedschap-pen eventueel in een gehele set om geen onbalans te veroorzaken. Bij deze controle de motor uitschakelen en de voedingsstekker verwijderen.

• De instelling van de snijhoogte gebeurt met de wiel-hoogteverstelling (afb. 13/pos. 14). Er kunnen 5 ver-schillende snijhoogten worden ingesteld. • Controleer het apparaat en de hulpstukken op trans-portschade. Bij klachten moet direct contact worden opgenomen met de expediteur. Reclamaties op een later tijdstip worden niet erkend. • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het ver-strijken van de garantietijd. • Maak u voor aanvang van de werkzaamheden be-kend met het apparaat aan de hand van de gebruiks-handleiding. • Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserve-onderdelen uitsluitend originele onderdelen. Reser-veonderdelen zijn verkrijgbaar bij de leverancier. • Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsook type en bouwjaar van het apparaat aan. m LET OP. Het apparaat en verpakkingsmateriaal zijn geen kinderspeelgoed.

Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine onderdelen spelen. Er be-staat gevaar voor inslikken en verstikkingsgevaar. 8. Montage / Voor ingebruiknamem LET OP. Het apparaat moet voor de ingebruikname volledig zijn gemonteerd. Bij de levering zijn er enkele delen gedemonteerd. De montage is eenvoudig, indien de volgende aanwijzin-gen in acht worden genomen. Aanwijzing. Bij de montage en voor onderhoudswerkzaamheden heeft u het volgende extra gereedschap nodig, dat niet bij de levering is inbegrepen:• Een olieopvangcarter plat (voor olieverversing)• Een maatbeker 1 liter (olie-/benzinevast)• Een benzinecontainer (5 liter en voldoende voor ca.

6 bedrijfsuren)• Een trechter (geschikt voor de benzine-vulpijp van de tank)• huishoudelijke doeken (voor het wegvegen van de olie-/benzineresten; verwijdering op de plaats van de tank)• Een benzine-afzuigpomp (plastic uitvoering, ver-krijgbaar in bouwmarkten)• Een oliekan met handpomp (verkrijgbaar in bouw-markten)• 0,4 l motorolie SAE 30.

www. scheppach. com92 | NLGebruik van de aandrijving:• Motorrem (3): Gebruik de hendel; om de motor uit te zetten. Als u de hendel loslaat, stoppen de motor en snijmessen automatisch. • Trek om te maaien de aandrijfhendel (2) naar de hand-greep (1) toe. Voor het werkelijke maaien, moet u de start-/stophendel meerdere malen controleren. Contro-leer of de trekkabel soepel loopt. • Aandrijfhendel (2):Als u hem bedient, wordt de koppeling voor de aan-drijving gesloten en de grasmaaier begint te rijden met draaiende motor. Laat de hendel op tijd los om de grasmaaier te stoppen wanneer deze in beweging is. Oefen het starten en stoppen voordat u voor de eer-ste keer maait, totdat u bekend bent met het rijgedrag. Waarschuwing: Het snijmes roteert als de motor wordt gestart.

Belangrijk: Voor het starten van de motor beweegt u meerdere malen de motorrem om te controleren of de stopkabel ook goed functioneert. Let op het volgende: De motor is ontworpen op de snijsnelheid voor gras en het uitwerpen van gras in de vangkorf en voor een lange levensduur van de motor. • Controleer het oliepeil. • Open de tankdeksel en vul de benzinetank (6) tot het onderste punt van de tank-vulpijp met ca. 1,4 li-ter benzine. Gebruik een trechter en maatcontainer voor het vullen. Vul de tank niet te vol. Gebruik ver-se, schone loodvrije brandstof. • Meng in geen geval olie met benzine. Meet de brandstof af in hoeveelheden die binnen 30 dagen gebruikt worden om zo de versheid van de brandstof te garanderen. Let op het volgende: Gebruik loodvrije normale ben-zine met max. 10% aandeel bio-ethanol. m WAARSCHUWINGGebruik altijd een veiligheidscontainer voor benzine.

Rook niet tijdens het bijvullen van de benzine. Verwij-der alle olie- en benzineresten. Schakel de motor voor het bijvullen van de benzine uit en laat de motor enkele minuten afkoelen. Motor starten (afb. 14a)• Het motoroliepeil controleren. Zie hoofdstuk Contro-le van het oliepeil.

• Controleer het accucompartiment op de motor op vreemde voorwerpen en reinig het indien nodig met een borstel of doek. • Trek de instelhendel naar buiten en stel gewenste snijhoogte in. De hendel klikt vast in de gewenste positie (afb. 13). Maaivlak voorbereidenOnderzoek het te maaien oppervlak zorgvuldig vooraf-gaand aan het maaien. Verwijder stenen, stokken, bot-ten, draden, speelgoed en andere voorwerpen, die door het apparaat weggeslingerd kunnen worden. 9. In gebruik nemenm LET OP. Het apparaat moet voor de ingebruikname volledig zijn gemonteerd. m Let op. De motor wordt zonder olie geleverd. Voor inge-bruikname daarom altijd olie bijvullen. Gebruik hiertoe normale multifunctionele olie (SAE 30). De oliepeil in de motor moet voor elke keer maaien worden gecontroleerd. Eventueel moet er benzine worden bijgevuld, omdat dit niet is meegeleverd.

• Om het ongewenst starten van de grasmaaier te ver-mijden, is deze uitgerust met een motorrem (afb. 1, pos. 3), die bediend moet worden voordat de gras-maaier wordt gestart. Bij het loslaten van de motor-remhendel moet deze in de uitgangspositie terugke-ren en de motor wordt automatisch uitgezet. • Trek aan de motorremhendel (3) en trek stevig aan de trekkabelstarter (17). (afb. 14)LET OP: Het snijmes roteert ook bij geactiveerde motorremhendel zodra men aan de trekkabelstar-ter trekt. Let erop dat er zich geen lichaamsdelen of vreemde voorwerpen in het gevarenbereik van de snijmessen bevinden. • Wanneer de motor loopt, druk de rijhendel (2) in de richting van de hendel (1) om de aandrijving op de maaier in te schakelen. • Voordat u met het maaien van gras begint, moet u dit proces enkele malen herhalen om er zeker van te zijn dat alles correct functioneert.

•m WAARSCHUWINGElk keer als u instel- en/of reparatiewerkzaamhe-den aan uw grasmaaier moet uitvoeren, moet u wachten totdat de messen niet meer draait.

Het opnemen van gras en de verwijdering vervalt. m AANWIJZING. Mulchen is alleen mogelijk bij rela-tief kort gras. De accu in het accucompartiment van de motor bo-ven op de motor installeren. Let op dat de accu goed wordt bevestigd. De accu is bij enkele modellen de sleutel van het apparaat. • Let op dat de bedieningselementen voor de apparaat-aandrijving, indien voorhanden, buiten werking zijn. • Modellen met elektrische starter (17a). De veilig-heidsbeugel (3) tegen de greepstang duwen. Bedien de elektrische starter. De motor start. Motor starten (afb. 14)• Controleer of de ontstekingskabel op de bougie is aangesloten. • Ga achter de motormaaier staan. Druk met één hand de motorremhendel (3) naar de handgreep, de andere hand moet op de starttrekkabel liggen. • Start de motor met de trekkabelstarter van de start-motor (17). Hiervoor de greep ca.

10-15 cm (tot een weerstand voelbaar is) uittrekken, daarna stevig met een ruk aantrekken. Als de motor niet is gestart, nogmaals aan de greep trekken. • Op basis van een beschermplaat op de motor kan er een lichte rookvorming ontstaan, indien u het appa-raat voor de eerste keer gebruikt. Dit is een normaal proces. •m Let op. • De starttrekkabel niet laten terugslingeren. • Let op: Bij koel weer kan het noodzakelijk zijn om het startproces meerdere te herhalen. Motor uitschakelen:• Om de motor uit te schakelen, de aandrijfhendel (2) en daarna de motorremhendel (3) loslaten en wach-ten totdat het mes stil staat. • Verwijder de voedingsstekker uit de bougie (10) om ongewenst starten van de motor te voorkomen. • Controleer voor het opnieuw starten de trekkabel van de motorrem. Controleer of de trekkabel correct is gemonteerd. Een geknikte of beschadigde afstel-kabel moet worden vervangen.

• De accu demonteren. De accu is bij enkele modellen de sleutel van het apparaat. Voor het maaienBelangrijke aanwijzing:• Trek deze correct aan. Draag stevig schoeisel en geen sandalen of sportschoenen.

www. scheppach. com94 | NL• Vermijd plaatsen waarbij de wielen niet meer grijpen of het maaien niet stabiel is. Controleer voor een achterwaartse beweging of er geen kleine kinderen achter u staan. • In dicht, hoog gras moet u het hoogste snijniveau in-stellen en langzamer maaien. Voor het verwijderen van het gras of overige verstoppingen, moet u de motor uitschakelen en de voedingskabel verwijderen. • Verwijder nooit delen die voor de veiligheid dienen. • Vul nooit benzine bij als de motor nog heet is of looptVangkorf leeg makenZodra tijdens het verticuteren grasresten blijven liggen, moet de vangkorf worden geleegd. m WAARSCHUWINGVoor het verwijderen van de vangkorf de motor uit-schakelen en de stilstand van het snijgereedschap afwachten.

Voor het verwijderen van de vangkorf (16) met een hand de uitwerpklep (15) optillen, met de andere hand de vangkorf (16) er aan de handgreep uitnemen (afb. 16). Overeenkomstig het veiligheidsvoorschrift valt de uitwerpklep (15) bij het uithangen van de vangkorf dicht en sluit de achterste uitwerpopeningen af. Als er daarbij grasresten in de opening blijven hangen, dan is het voor het makkelijker starten van de motor doelmatig om de grasmaaier ongeveer 1m terug te trekken. Resten snijgoed in de maaierbehuizing en op het werkgereedschap niet met de hand of met de voeten verwijderen, maar met geschikte hulpmiddelen, bijv. borstels of een veger. Om een goede verzameling te garanderen, moeten de vangkorf (16) en in het speciek de binnenkant van het luchtrooster na gebruik worden gereinigd. Vangkorf (16) alleen bij een uitgeschakelde motor en stilstaand snijgereedschap inhangen.

• Controleer voor hernieuwd gebruik alle schroeven en moeren. Losgekomen schroeven moeten worden aangehaald. Om de mulchfunctie te gebruiken, hangt u de vangkorf (16) vast en schuift u de bedekkingsadapter (afb. 10-12 / 19) in de uitwerpopening en sluit u de uitwerpklep (15). Het maaienAlleen met scherpe, optimale messen maaien, zodat de grashalmen niet scheuren en het gras niet geel wordt. Om een net snijbeeld te bereiken moet de grasmaai-er in zo recht mogelijke banen worden geleid. Hierbij moeten deze banen altijd enkele centimeters overlap-pen zodat er geen stroken overblijven. De onderzijde van de grasmaaier moet schoon worden gehouden en grasafzettingen moeten absoluut worden verwijderd. Afzettingen verzwaren het starten, beïnvloe-den de snijkwaliteit en het uitwerpen van het gras. Op hellingen moet de snijbaan dwars op de helling worden gemaakt.

Het wegglijden van de grasmaaier wordt door de schuine stand naar boven voorkomen. Selecteer de snijhoogte, afhankelijk van de werkelijk graslengte. Voer meerdere passages uit, zodat er maximaal 4 cm gras in één keer wordt afgehaald. De motor uitschakelen voordat er controles van de messen worden uitgevoerd. Denk eraan dat het mes na het uitschakelen van de mo-tor nog enkele seconden doordraait. Probeer nooit om het mes te stoppen. Controleer regelmatig of het mes correct is bevestigd, in goede staat is en goed is geslepen. Slijp of vervang het mes als dit niet het geval is. Indien het bewegende mes op een voorwerp slaat, de grasmaaier stoppen en wach-ten totdat het mes volledig stil staat. Controleer vervol-gens de toestand van het mes en de meshouder. Indien deze is beschadigd, moet deze worden vervangen. Aanwijzing voor maaien:• Let op vaste voorwerpen.

• Controleer de maaier, het mes en de andere delen, die tegen een vreemd voorwerp zijn gelopen of indien het apparaat sterker trilt dan normaal. • Breng geen wijzigingen aan de instellingen aan en voer geen reparaties uit voordat de motor is uitge-schakeld. Verwijder de voedingsstekker. • Let op het wegverkeer in de buurt van een weg of op de weg. Houd het uitgeworpen gras uit de buurt van de weg.

www. scheppach. comNL | 95 • Bovenzijde met een lap schoonmaken (geen scher-pe voorwerpen gebruiken). 11. TransportGrasmaaier voorbereiden op transport (afb. 22)• Leeg de benzinetank met een afzuigpomp voor ben-zine. • Laat de motor net zo lang lopen totdat de resterende benzine is verbruikt. • Leeg de motorolie uit de warme motor. • Verwijder de voedingsstekker van de bougie. • Reinig de koelribben van de cilinder en de behuizing. • Hang de starttrekkabel (17) aan de haak. Maak de snelspanhendel (5) los en klap de bovenste duw-beugel naar onderen. Let er bij het omklappen op dat de trekkabel niet wordt geknikt. • Wikkel enkele lagen golfkarton tussen de bovenste en onderste duwbeugel en de motor om schuren te voorkomen. 12. OpslagBewaar het apparaat en de bijbehorende accessoires op een donkere, droge en vorstvrije en voor kinderen ontoegankelijke plaats.

De optimale opslagtempera-tuur ligt tussen 5 en 30˚C. Bewaar het gereedschap in de originele verpakking. Dek het gereedschap af om het te beschermen tegen stof of vocht. Bewaar de gebruikshandleiding bij het gereedschap. • Sla de grasmaaier nooit met benzine in de tank binnenin een gebouw op, omdat mogelijke benzine-dampen in aanraking kunnen komen met open vuur of vonken. • De motor laten afkoelen, voordat u de grasmaaier in gesloten ruimtes plaatst. • Om brandgevaar te vermijden, dient u de motor, uitlaat en het bereik rond de brandstoftank vrij het houden van gras, bladeren en uittredend vet (olie). Voorbereiding voor het opslaan van de grasmaaierWaarschuwing: Verwijder de benzine niet in gesloten ruimtes, in de buurt van vuur of bij het roken. Gasdam-pen kunnen explosies of brand veroorzaken. • Leeg de benzinetank met een afzuigpomp voor ben-zine.

• Let erop dat de maaier niet naast een gevarenbron wordt geplaatst. Het uittreden van gas kan leiden tot explosies. • Er mogen alleen originele onderdelen of door de fa-brikant goedgekeurde onderdelen worden gebruikt bij reparaties (zie adres van de garantie-oorkonde). • Bij het langdurige niet gebruik van de maaier, moet de benzinetank worden geleegd met een afzuig-pomp voor benzine. • Het apparaat oliën en onderhouden10. ReinigingNa elk gebruik moet de maaier grondig worden gerei-nigd. Vooral de onderzijde en de mesopname. m Let op. Koppel om veiligheidsredenen de bougiekabel los voordat u deze schoonmaakt. Het is het beste om de maaier naar achteren te kantelen. De bougie moet naar boven wijzen om te voorkomen dat motorolie in het inlaatsysteem komt of eruit lekt. Je kunt het apparaat ook kantelen, maar zorg ervoor dat het luchtlter aan de bovenkant zit.

Aanwijzing: Voordat u de grasmaaier kantelt, leegt u de brandstoftank volledig met een afzuigpomp voor benzine. De grasmaaier mag niet meer dan 90 graden worden gekanteld. Het is het makkelijkst om vuil en gras direct na maaien te verwijderen. Gedroogde grasresten en vuil kunnen een negatief ef-fect op hebben op het maaivermogen. Controleer of het grasuitwerpkanaal vrij is van grasresten en verwijder deze indien nodig. Reinig de maaier nooit met een waterstraal of hoge-drukreiniger. De motor moet droog blijven. Agressieve reinigingsmiddelen zoals koudreiniger of wasbenzine mogen niet worden gebruikt. Reiniging (afb. 24 (w))• Mulchkit verwijderen / grasopvangbak verwijderen. • Slangaansluitstuk op de maaier (w) plaatsen en de waterkraan openen. (afb. 24)• Maaier starten en na ca. 30 sec de maaier uitschake-len.

www. scheppach. com96 | NLm WAARSCHUWINGWerk nooit bij een lopende motor aan stroomgeleiden-de delen van de ontstekingsinstallatie en raak deze de-len niet aan. Trek voorafgaand aan alle onderhouds- of verzorgingswerkzaamheden de voedingsstekker uit de bougie. Voer nooit werkzaamheden uit aan een lopend apparaat. Werkzaamheden die in deze gebruikshand-leiding niet zijn beschreven, mogen alleen worden uit-gevoerd door een geautoriseerde werkplaats. Let op. Schakel altijd de motor uit en verwijder de bougiestekker voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat uitvoeren. Wielassen en wielnaven• Dienen eenmaal per seizoen te worden gereinigd en licht te worden ingevet. MesLaat de messen vanwege veiligheidsredenen alleen slijpen, ontbramen en monteren door een geautori-seerde werkplaats. Om een optimaal werkresultaat te bereiken, is het raadzaam om het mes eenmaal per jaar te laten controleren.

Vervangen van de messen (afb. 17)Bij het vervangen van het snijgereedschap mogen al-leen originele reserveonderdelen worden gebruikt. Draag bij het vervangen van de messen handschoenen om snijwonden te voorkomen. Nooit andere messen monteren. • Leeg de benzinetank voordat u het zaagblad verwij-dert. • Verwijder de bout om het zaagblad te vervangen. • Plaats alles weer net zoals in afb. 17. Bevestig de bout op correct wijze. Bevestigingsdraaikracht bedraagt 45Nm. Verwijder ook de bout van het zaagblad als u het zaagblad vervangt. Beschadigde messenAls het mes ondanks alle voorzichtigheid met een hin-dernis in aanraking komt, direct de motor uitschakelen en de voedingsstekker eruit trekken. Maaier zijwaarts kantelen en mes op beschadiging controleren. Beschadigde of verbogen messen moeten worden vervangen. Een verbogen mes nooit rechtbui-gen.

Verwijder daartoe de oude motorolie uit de warme motor en vul nieuwe olie bij. • Verwijder de bougie van de cilinderkop. • Vul met een oliekan ca. 20 ml olie in de cilinder. • Trek langzaam aan de startgreep, zodat de olie de cilinder aan de binnenkant beschermt. • Schroef de bougie weer terug vast. • Reinig de koelribben van de cilinder en de behuizing. • Reinig het gehele apparaat om de lakverf te be-schermen. • Bewaar het apparaat op een goed geventileerde plaats. Accu en opladerDe oplader loskoppelen en op een koele, droge plek be-waren, als deze niet wordt gebruikt. In een vochtige om-geving kan er corrosie aan de klemmen en elektrische contacten ontstaan. Bij opslag gedurende een langere periode bij hoge temperaturen (50 °C) kan de accu per-manent schade oplopen. Elektrische klemmen en con-tactpunten op de accu en de oplader controleren.

Met een schone doek schoonvegen of met perslucht schoon blazen. Na de opslag kan normaal opladen mogelijk zijn. Ter con-trole van de beschikbare lading de accu-indicatieknop (E) indrukken en evt. opladen. Zie het gedeelte over de accu-indicator. 13. Onderhoud• Regelmatig, zorgvuldig onderhoud is noodzakelijk om het veiligheidsniveau en het vermogen van het apparaat ongewijzigd te garanderen. • Zorg dat alle moeren, bouten en schroeven zijn vast-gedraaid om er zeker van te zijn dat het apparaat zich in een veilige werktoestand bevindt. • Controleer regelmatig de grasvanginrichting op slij-tage of verlies van de functies. • Reinig de vangkorf regelmatig met water en laat deze goed drogen. • Vervang vanwege veiligheidsredenen versleten of beschadigde onderdelen. • Bij een langdurige opslag of onderhoud de brand-stoftank legen.

www. scheppach. comNL | 97 Onderhoud en instelling van de trekkabelDe trekkabel regelmatig oliën en daarbij letten op soe-pel lopen. Onderhoud van het luchtlter (afb. 20)Vervuilde luchtlters verminderen het motorvermogen door een te geringe luchttoevoer naar de carburateur. Regelmatige controle is daarom absoluut noodzakelijk. Het luchtlter moet elke 25 bedrijfsuren worden gecontro-leerd en indien nodig worden gereinigd. Bij een zeer stof-ge lucht moet het luchtlter vaker worden gecontroleerd. Verwijder de afdekking van het luchtlter en verwijder het sponslter. Vervang het luchtlter om te vermijden dat er voorwerpen in de luchtinlaat vallen (afb. 20). Let op: Luchtlter nooit met benzine of brandbare op-losmiddelen reinigen. Luchtlter alleen met perslucht of door uitkloppen reinigen. Onderhoud van de bougie (afb.

21)Controleer de bougie voor de eerste keer na 10 be-drijfsuren op verontreiniging en reinig deze eventueel met een koperdraadborstel. Daarna de bougie elke 50 bedrijfsuren onderhouden. Trek de voedingsstekker er met een draaiende bewe-ging af. Verwijder de bougie (10) met een bougiesleutel. Stel onder gebruik van een voelermaat de afstand in op 0,75 mm (0,030“). Breng de bougie (10) weer aan en let erop dat u deze niet te vast draait. Motorremhendel (afb. 1)De motor is uitgerust met een mechanische rem (3), die regelmatig moet worden gecontroleerd. Wanneer de remhendel wordt losgelaten, moet het mes binnen 7 seconden tot stilstand komen; indien dit niet het geval is, mag het apparaat niet worden gebruikt. Neem con-tact op met een deskundig specialist. Zorg ervoor dat het apparaat gedurende de hele le-vensduur in perfecte staat is.

• Bij levering van een nieuw elektrisch apparaat door de fabrikant aan een particulier huishouden, kan de fabrikant op verzoek van de eindgebruiker zorgen voor het kosteloos afhalen van het afgedankte elek-trische apparaat. Neem hiertoe contact op met de klantenservice van de fabrikant. Draag hiertoe een klantenservice of een geautoriseer-de specialist op. Overeenkomstig geldt dit ook voor accessoires. BedrijfstijdenNeem de wettelijke voorschriften voor de regeling van bedrijfstijden voor grasmaaiers in acht, die plaatselijk kunnen verschillen.

Vermeld in geval van vragen de volgende gegevens:• Stroomtype van de motor• Gegevens van het typeplaatje van de machine• Gegevens van het typeplaatje van de motorBelangrijke aanwijzing bij reparatie:Houd er bij retourlevering van het apparaat voor repa-ratie rekening mee dat het apparaat om veiligheidsre-denen vrij van olie en brandstof naar het servicestation moet worden gestuurd. Reservedelen / accessoires Artikelnr. :Gazonmaaimes 7911200628Motorolie 7850000025Service-informatieLet op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt. Slijtageonderdelen*: Bougie, luchtlter, benzinelter, mes, v-snaar, accu* niet persé meegeleverd. Reserveonderdelen en accessoires zijn verkrijgbaar bij ons servicecentrum. Scan hiertoe de QR-code op de titelpagina. 14.

www.scheppach.com100 | NL15. Verhelpen van storingenDe volgende tabel toont storingssymptomen en beschrijft hoe u deze op kunt lossen, als uw machine niet goed werkt.

Als u het probleem hiermee niet kunt vinden en oplossen, neem dan contact op met uw service-werkplaats.Storing Mogelijke oorzaak OplossingOnrustige loop, sterk trillen van het apparaatBouten losdraaien Bouten controlerenMesbevestiging los Mesbevestiging controlerenMessen niet in balans Messen vervangenMotor loopt nietMotorremhendel niet ingedrukt Motorremhendel indrukkenGashendel in incorrecte stand Instelling controlerenBougie defect Bougie vervangenBrandstoftank leeg Brandstof bijvullenVervuilde brandstof Benzinetank legen en vullen met schone brandstofKoude omgeving Primertoets indrukken (indien beschikbaar)Motor defect Erkende klantenservice raadplegenMotor loopt onrustigLuchtlter vervuild Luchtlter reinigenBougie vervuild Bougie reinigenGras wordt geel, snede onregelmatigMes is bot Messen slijpenSnijhoogte te gering Juiste hoogte instellenUitwerping van het gras is rommeligMaaihoogte te laag Hoogte instellenMessen versleten Messen verwisselenVangkorf verstopt Vangkorf legen of verstopping oplossen

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Scheppach MS173-51E stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden