Remeha Quinta 90 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Remeha Quinta 90 (120 pagina’s), behorend tot de categorie Niet gecategoriseerd. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 92 mensen. Heb je een vraag over Remeha Quinta 90 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/120
remeha.nl
Nederland
nl
Installatie- en gebruikershandleiding
Hoog rendement gasgestookte wandketel
Quinta
45 - 65 - 90 - 115

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Remeha
Categorie: Niet gecategoriseerd
Model: Quinta 90

Handleiding Remeha Quinta 90 – volledige tekst

Geachte klant,Dank u voor de aanschaf van dit apparaat. Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u het product gebruikt en bewaar deze op een veilige plaats voor toekomstig gebruik. Om te zorgen voor een voortdurende veilige en goede werking, raden wij aan het product regelmatig te laten onderhouden. Onze Service en klantenservice-organisatie kan hierbij helpen. Wij hopen dat u jarenlang plezier zult beleven aan het product.

Inhoudsopgave1 Veiligheid. 61. 1 Algemene veiligheidsvoorschriften. 61. 2 Veiligheidsinstructies voor de installateur. 71. 3 Veiligheidsinstructies voor de eindgebruiker. 71. 4 Aansprakelijkheden. 81. 4. 1 Aansprakelijkheid van de fabrikant. 81. 4. 2 Aansprakelijkheid van de installateur. 81. 4. 3 Aansprakelijkheid van de gebruiker. 92 Over deze handleiding. 92. 1 Algemeen. 92. 2 Aanvullende documentatie. 92. 3 In de handleiding gebruikte symbolen. 93 Beschrijving van het product. 103. 1 Verwarmingsketeltypen. 103. 2 Voornaamste componenten. 103. 3 Inleiding tot het e-Smart besturingsplatform. 124 Voor de installatie. 134. 1 Installatievoorschriften. 134. 2 Locatie-eisen. 134. 3 Eisen aan de wateraansluitingen. 144. 3. 1 Eisen aan de CV-aansluitingen. 144. 4 Eisen aan de condensafvoer. 154. 5 Eisen aan de gasaansluiting. 154. 6 Eisen aan het rookgasafvoersysteem. 154. 6. 1 Classificatie.

6. 2 Beschrijving van het bedieningspaneel. 466. 2. 1 Componenten van het bedieningspaneel. 466. 2. 2 Beschrijving van het hoofdscherm. 466. 2. 3 Beschrijving van het zonescherm. 486. 2. 4 Beschrijving van het hoofdmenu. 496. 2. 5 Beschrijving van het stand-byscherm. 497 Inbedrijfstelling. 507. 1 Inbedrijfstellingsprocedure. 507. 2 Gasinstellingen. 507. 2. 1 Fabrieksinstelling. 507. 2. 2 Aanpassing aan een ander gastype. 517. 2. 3 Controle en instelling van de gas/lucht-verhouding. 527. 3 Laatste aanwijzingen. 568 Instellingen. 578. 1 Inleiding op parametercodes. 578. 2 Toegang tot het installateursniveau. 578. 3 Parameters, tellers en signalen zoeken. 578. 4 De vaste combinaties instellen. 588. 4. 1 Cascademanagement activeren. 588. 4. 2 SWW circulatie activeren. 588. 4. 3 SWW mengen activeren. 598. 4. 4 Gelaagd SWW activeren. 598. 4. 5 Ventilatie van verwarmingsketelruimte activeren.

9311. 3. 1 Definitie van zone. 9311. 3. 2 De naam en het pictogram van een zone wijzigen. 9311. 3. 3 De bedrijfsmodus van een zone wijzigen. 9411. 3. 4 Klokprogramma om de zonetemperatuur te regelen.

1 Veiligheid1. 1 Algemene veiligheidsvoorschriftenGevaarGevaarlijk toestelRisico op letsel voor niet-gekwalificeerde gebruikers. Dit toestel is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens, of gebrek aan ervaring en kennis, tenzij ze onder toezicht staan of worden geïnstrueerd over het gebruik van het toestel door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen moeten onder toezicht staan om te voorkomen dat ze met het toestel spelen. GevaarRookgaslekkageRisico op CO-vergiftiging. Plaats een CO-detector in de buurt van het toestel. GevaarGasgestookt toestelRisico op brand. Installeer rookmelders op geschikte locaties. WaarschuwingGevaarlijk toestelRisico op letsel.

Installatie, inbedrijfstelling, onderhoud en buitenbedrijfstelling van het toestel en systeem mag uitsluitend worden uitgevoerd door een gekwalificeerde installateur, in overeenstemming met de voorschriften en de informatie in de handleiding. Gevaar voor elektrische schokHoge spanningenRisico van elektrische schok door onjuist geïnstalleerde voedingskabel. Een beschadigde voedingskabel moet vervangen worden door de oorspronkelijke fabrikant, de dealer van de fabrikant of een erkend installateur. Gevaar voor elektrische schokHoge spanningenGevaar voor elektrische schok. De voeding van het toestel moet te allen tijde uitgeschakeld kunnen worden. De contactdoos waarop het toestel aangesloten is, moet te allen tijde toegankelijk zijn. AanwijzingSchade door bevriezingSchade aan het product. Installeer het toestel in een vorstvrije ruimte. BelangrijkHet toestel moet altijd toegankelijk zijn.

1.2 Veiligheidsinstructies voor de installateurGevaarGaslekRisico op explosie.Als u gas ruikt, doe dan altijd het volgende:Gebruik geen vuur, rook niet en gebruik geen elektrische contacten zoals een deurbel, lichtknop of liftknop.Sluit de gastoevoer af.Open de ramen.Spoor mogelijke lekkages op en dicht deze onmiddellijk af.Waarschuw het gasbedrijf als het lek vóór de gasmeter zit.GevaarRookgaslekkageRisico op CO-vergiftiging.Als u rookgassen ruikt, doe dan altijd het volgende:Zet de verwarmingsketel uit.Open de ramen.Spoor mogelijke lekkages op en dicht deze onmiddellijk af.WaarschuwingIncompatibiliteit van componentenGevaarlijke situaties vanwege niet-combineerbare componenten.Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen.

Als dit niet het geval is, vervalt de garantie.1.3 Veiligheidsinstructies voor de eindgebruikerGevaarGaslekRisico op explosie.Als u gas ruikt, doe dan altijd het volgende:Gebruik geen vuur, rook niet en gebruik geen elektrische contacten zoals een deurbel, lichtknop of liftknop.Sluit de gastoevoer af.Open de ramen.Ontruim de woning.Neem contact op met een erkend installateur.GevaarRookgaslekkageRisico op CO-vergiftiging.Als u rookgassen ruikt, doe dan altijd het volgende:Zet de verwarmingsketel uit.Open de ramen.Ontruim de woning.Neem contact op met een erkend installateur.WaarschuwingGevaarlijk toestelRisico op letsel voor niet-gekwalificeerde gebruikers.Het gebruik van het toestel en de installatie door u als eindgebruiker dient zich te beperken tot de handelingen zoals omschreven in het hoofdstuk voor de gebruiker.

Alle andere handelingen mogen alleen worden uitgevoerd door een gekwalificeerde installateur/technicus.OpgeletHete onderdelenVerbrandingsgevaar.Raak de rookgaspijpen niet aan. De temperatuur van de rookgasleidingen kan meer dan 60 °C worden.1 Veiligheid7864610 - v.03 - 03032025 7

OpgeletHete onderdelenVerbrandingsgevaar. Raak radiatoren niet langdurig aan. De temperatuur van de radiatoren kan meer dan 60 °C worden. OpgeletWarm waterVerbrandingsgevaar. Wees voorzichtig met het sanitair warm water. De temperatuur van het sanitair warm water kan meer dan 65 °C worden. OpgeletSlijtage van componentenGevaarlijke situaties vanwege versleten componenten. Zorg ervoor dat het toestel periodiek onderhouden wordt. Neem contact op met een erkend installateur of sluit een onderhoudscontract af voor de servicebeurt van het toestel. AanwijzingGeblokkeerde condensafvoerSchade aan het product. Wijzig of dicht de condensafvoer niet af. Wanneer een condensaat-neutralisatiesysteem is toegepast, dient dit regelmatig volgens de voorschriften van de fabrikant te worden gereinigd. AanwijzingLaag waterniveauSchade aan het product. Controleer regelmatig de waterdruk van de cv-installatie.

Vul de installatie bij als de waterdruk te laag is. AanwijzingSchade door bevriezingSchade aan het product. Laat het toestel ingeschakeld staan, zodat de vorstbeveiliging kan werken. De vorstbeveiliging werkt niet als het toestel is uitgeschakeld. Tap het toestel en de CV-installatie af als u voor langere tijd geen gebruik maakt van de woning en er kans is op vorst. 1. 4 Aansprakelijkheden1. 4. 1 Aansprakelijkheid van de fabrikantOnze producten worden vervaardigd volgens de eisen van de verschillende toepasselijke richtlijnen. Ze worden daarom afgeleverd met de -markering en eventueel noodzakelijke documenten. In het belang van de kwaliteit van onze producten brengen wij doorlopend verbeteringen aan. Daarom houden wij ons het recht voor de in dit document vermelde specificaties te wijzigen.

In de volgende gevallen zijn wij als fabrikant niet aansprakelijk:Het niet-opvolgen van de instructies voor de installatie en het onderhoud van het product. Het niet-opvolgen van de gebruiksvoorschriften van het product. Gebrekkig of onvoldoende onderhoud van het product. 1. 4.

2 Aansprakelijkheid van de installateurDe installateur is aansprakelijk voor de installatie en de eerste inbedrijfstelling van het product. De installateur moet de volgende instructies in acht nemen:Lees en volg de instructies in de handleidingen van het product. Installeer het product overeenkomstig de geldende wetgeving en normen. Voer de eerste inbedrijfstelling en eventueel benodigde controles uit. Leg de installatie uit aan de gebruiker. Als onderhoud noodzakelijk is, waarschuw dan de gebruiker voor de controle- en onderhoudsplicht betreffende het product. Overhandig alle bij het product geleverde veiligheidsinstructies en gebruikershandleidingen aan de gebruiker. 1 Veiligheid8 7864610 - v. 03 - 03032025.

1. 4. 3 Aansprakelijkheid van de gebruikerOm het optimaal functioneren van het systeem te garanderen moet u de volgende aanwijzingen in acht nemen:Lees en volg de instructies in de handleidingen van het product. Vraag de hulp van een erkende installateur voor de installatie en de eerste inbedrijfstelling. Vraag aan de installateur uitleg over uw installatie. Laat de benodigde inspecties en onderhoud uitvoeren door een erkende installateur. Bewaar de verstrekte handleidingen in goede staat en in de buurt van het product. 2 Over deze handleiding2. 1 AlgemeenDeze handleiding is bestemd voor de installateur en de eindgebruiker van een Quinta toestel. 2. 2 Aanvullende documentatieNaast deze handleiding is de volgende documentatie beschikbaar:ProductinformatieServicehandleiding2.

3 In de handleiding gebruikte symbolenDeze handleiding bevat bijzondere aanwijzingen, gemarkeerd met specifieke symbolen. Let extra goed op wanneer deze symbolen worden gebruikt. Gevaar voor elektrische schokDuidt op een onmiddellijke gevaarlijke situatie. Gevolg als deze niet wordt vermeden: Zal tot de dood of ernstig letsel leiden. Zo moet het gevaar vermeden worden. GevaarDuidt op een onmiddellijke gevaarlijke situatie. Gevolg als deze niet wordt vermeden: Zal tot de dood of ernstig letsel leiden. Zo moet het gevaar vermeden worden. WaarschuwingDuidt op een potentieel gevaarlijke situatie. Gevolg als deze niet wordt vermeden: Kan tot de dood of ernstig letsel leiden. Zo moet het gevaar vermeden worden. OpgeletDuidt op een potentieel gevaarlijke situatie. Gevolg als deze niet wordt vermeden: Kan tot licht of matig letsel leiden. Zo moet het gevaar vermeden worden.

AanwijzingDuidt op een potentieel risico op beschadiging van het ondersteunde product. Gevolg als deze niet wordt vermeden: Kan tot beschadiging van het product of andere materiële schade leiden. Zo moet het gevaar vermeden worden. BelangrijkLet op, belangrijke informatie.

Rechtstreekse menunavigatie, zonder bevestiging. Te gebruiken door wie vertrouwd is met het systeem.3 Beschrijving van het product3.1 VerwarmingsketeltypenDe volgende verwarmingsketeltypen zijn leverbaar:Tab.1 VerwarmingsketeltypenNaamVermogen(1)Vermogen(2)Quinta 45 42,4 kW 40,0 kWQuinta 65 65,0 kW 60,9 kWQuinta 90 89,5 kW 84,2 kWQuinta 115 109,7 kW 103,9 kW(1) Nominaal vermogen Pnc 50/30 °C.(2) Nominaal vermogen Pn 80/60 °C3.2 Voornaamste componentenAfb.1AlgemeenAD-3002805-01123456789101112131 Luchtinlaat-aansluiting2 Aansluiting rookgasafvoer3 Typeplaat4 Bedieningspaneel5 Aan/uit-knop6 Quick connect7 Retouraansluiting8 Condensaansluiting9 Aanvoeraansluiting10 Gasaansluiting11 Gaskraan12 Sifon13 PompSysteemretourleidingCondensafvoerleidingSysteemaanvoerleidingGastoevoerpijp3 Beschrijving van het product10 7864610 - v.03 - 03032025

Dit is een modulair systeem dat garant staat voor compatibiliteit en verbinding tussen alle producten die gebruikmaken van hetzelfde platform.Afb.5Algemeen voorbeeldAD-3001366-02CBCUBACL-BusSCBGTWGTWMKR-BusS-BusRUTab.2 Componenten in het voorbeeldItem Beschrijving FunctieCU Control Unit: Besturingseenheid De regelaar regelt alle basisfuncties van het toestel.CB Connection Board: aansluitprintplaat De aansluitprintplaat biedt gemakkelijke toegang tot alle connectoren van de besturingsautomaat.SCB Smart Control Board: Uitbreidingsprint Een uitbreidingsprint zorgt voor extra functies, zoals een interne boiler of meerdere zones.GTW Gateway: Conversieprintplaat Een gateway kan worden gemonteerd op een toestel of installatie voor een van de volgende zaken:Extra (draadloze) verbindingServiceaansluitingenCommunicatie met andere platformsMK Control panel: Bedieningspaneel en display Het bedieningspaneel is de gebruikersinterface van het toestel.RU Room Unit: Slimme thermostaat (bijvoorbeeld een thermostaat)Een slimme thermostaat meet de temperatuur in een referentieruimte.L-bus Local Bus: Verbinding tussen apparaten De lokale bus zorgt voor de communicatie tussen apparaten.Afb.4 Sensoren en boxenAD-3002809-0112345673 Beschrijving van het product12 7864610 - v.03 - 03032025

Item Beschrijving FunctieS-bus System Bus: Verbinding tussen toestellen De systeembus zorgt voor de communicatie tussen toestellen.R-bus Room unit Bus: Verbinding met een slimme thermostaatDe slimme thermostaattbus zorgt voor de communicatie met een slimme thermostaat.A Apparaat Een apparaat is een printplaat, bedieningspaneel of een slimme thermostaat.B Toestel Een toestel is een reeks apparaten die verbonden is via dezelfde L-busC Systeem Een systeem is een reeks toestellen die verbonden is via dezelfde S-busTab.3 Specifieke apparaten die worden geleverd met de Quinta-verwarmingsketelNaam zichtbaar in displaySoftwareversieBeschrijving FunctieCU-GH22 1.0 Besturingseenheid CU-GH22 De regelaar CU-GH22 regelt alle basisfuncties van de verwarmingsketel Quinta.MK2.1 1.15 Bedieningspaneel HMI I-controlDe HMI I-control is de gebruikersinterface naar de Quinta verwarmingsketel.4 Voor de installatie4.1 InstallatievoorschriftenWaarschuwingGevaarlijk toestelRisico op letsel.De installatie van het toestel mag alleen door een erkende installateur worden uitgevoerd volgens de regelgeving en de informatie in de meegeleverde handleiding.4.2 Locatie-eisenGevaarBrandbaar elementRisico op brandBewaar nooit, zelfs niet tijdelijk, brandbare producten of stoffen in of nabij het toestel.WaarschuwingSchade door hitteSchade aan het product.Plaats het toestel niet boven een warmtebron of een kooktoestel.WaarschuwingUV-schadeSchade aan het product.Plaats het toestel niet in direct of indirect zonlicht.AanwijzingSchade door bevriezingSchade aan het product.Installeer het toestel in een vorstvrije ruimte.AanwijzingOnvoldoende ondersteuningSchade aan het product.Zorg ervoor dat de muur of constructie het gewicht van het toestel kan dragen.4 Voor de installatie7864610 - v.03 - 03032025 13

BelangrijkBij het toestel moet een geaarde elektrische aansluiting aanwezig zijn.Dicht bij het toestel moet een aansluiting op de afvoer aanwezig zijn.Bij de keuze van de beste installatielocatie moet u rekening houden met:De richtlijnen.De benodigde opstellingsruimte.De benodigde ruimte rond het toestel voor een goede bereikbaarheid en vereenvoudiging van het onderhoud.De benodigde ruimte onder het toestel voor het plaatsen en verwijderen van de sifon.De toegestane positie van de rookgasuitlaat en/of luchttoevoeropening.De vlakheid van de ondergrond.Houd bij installatie in een gesloten kast (of iets dergelijks) rekening met het volgende:De minimumafstand tussen het toestel en de wanden van de kast.De vereiste ventilatieopeningen met een minimale doorsnede: S1 + S2 = 150 cm2.

Dit voorkomt de volgende gevaren:Ophoping van gas in de gesloten kast.Verwarming van de gesloten kast.Afb.6Locatie-eisenAD-3002815-02BCDEIHGFAABCDEF GH IS1S2A 500 mmB ≥ 400 mmC 750 mmD 350 mmE ≥ 250 mmF ≥ 15 mmG ≥ 15 mmH ≥ 1000 mmI 500 mm4.3 Eisen aan de wateraansluitingenControleer voor de installatie of de aansluitingen aan de gestelde eisen voldoen.Voer eventuele laswerkzaamheden uit op voldoende afstand van het toestel.Volg bij gebruik van kunststof leidingen de aanwijzingen van de fabrikant op.4.3.1 Eisen aan de CV-aansluitingenWij adviseren om een afsluiter in de aanvoer- en retourleiding te installeren om onderhoudswerkzaamheden te vergemakkelijken.Wij adviseren om een vul- en aftapkraan in de retourleiding te installeren om onderhoudswerkzaamheden te vergemakkelijken.

Monteer deze tussen de afsluiter en het toestel.We adviseren om een expansievat in de retourleiding te installeren. Monteer deze tussen de afsluiter en het toestel.Installeer vanwege het lage inwendige watervolume een overstortklep in de aanvoer- of retourleiding. Monteer deze tussen de afsluiter en het toestel. De pomp heeft geen effect op de overstortklep.4 Voor de installatie14 7864610 - v.03 - 03032025

We adviseren om een CV-filter in de retourleiding te installeren om verstopping inwendige componenten te voorkomen. 4. 4 Eisen aan de condensafvoerDe afvoerpijp dient Ø 32 mm of groter te zijn, uitkomend op het riool. Gebruik alleen kunststofmateriaal als afvoerleiding, vanwege de zuurgraad (pH 2 tot 5) van het condenswater. Monteer een sifon in de afvoerbuis. Afschot afvoerpijp minimaal 30 mm per meter, maximale horizontale lengte 5 meter. Maak geen vaste verbinding om overdruk in de sifon te voorkomen. 4. 5 Eisen aan de gasaansluitingVoer eventuele laswerkzaamheden uit op voldoende afstand van de verwarmingsketel. Controleer voor montage of de gasmeter voldoende capaciteit heeft. Houd daarbij rekening met het verbruik van alle toestellen. Waarschuw het plaatselijke energiebedrijf als de gasmeter te weinig capaciteit heeft. Een geïnstalleerde ketelgaskraan moet altijd toegankelijk zijn.

Wij raden aan een gasfilter te installeren om vervuiling van het gasblok te voorkomen. 4. 6 Eisen aan het rookgasafvoersysteem4. 6. 1 ClassificatieBelangrijkDe installateur is verantwoordelijk voor de keuze van het correcte type, diameter en de lengte van het rookgasafvoersysteem. Gebruik altijd aansluitmateriaal, dakdoorvoeren en/of geveldoorvoeren van dezelfde fabrikant. Raadpleeg de fabrikant voor compatibiliteit. Het gebruik van rookgasafvoersystemen van andere fabrikanten, in aanvulling op die van de in deze handleiding aanbevolen fabrikanten, is toegestaan. Het gebruik is alleen toegestaan als aan al onze eisen is voldaan en als de beschrijving van het rookgasafvoersysteem C63 in acht wordt genomen. Tab. 4Type rookgasafvoersysteem: B23PPrincipe BeschrijvingAanbevolen fabrikanten(1)AD-3000924-01Open uitvoering. Zonder trekonderbreker. Rookgasafvoer bovendaks.

De ventilatieopeningen mogen niet worden geblokkeerd of afgesloten. De IP-codering van de verwarmingsketel is verlaagd tot IP20. Aansluitmateriaal en dakdoorvoer:BurgerhoutCox GeelenUbbink(1) Het materiaal moet ook voldoen aan de materiaaleigenschappen uit het desbetreffende hoofdstuk. 4 Voor de installatie7864610 - v. 03 - 03032025 15.

Tab.5 Type rookgasafvoersysteem: B33Principe BeschrijvingAanbevolen fabrikanten(1)AD-3000925-01Open uitvoering.Zonder trekonderbreker.Gemeenschappelijke rookgasafvoer bovendaks, met gegarandeerde natuurlijke trek (te allen tijde onderdruk in het gemeenschappelijke afvoerkanaal).Rookgasafvoer luchtomspoeld, lucht uit de opstellingsruimte (speciale constructie).De IP-codering van de verwarmingsketel is verlaagd tot IP20.Aansluitmateriaal:BurgerhoutCox GeelenUbbink(1) Het materiaal moet ook voldoen aan de materiaaleigenschappen uit het desbetreffende hoofdstuk.Tab.6 Type rookgasafvoersysteem: C13Principe BeschrijvingAanbevolen fabrikanten(1)AD-3000926-01Gesloten uitvoering.Rookgasafvoer in de gevel.De luchtinlaat ligt in hetzelfde drukgebied als de rookgasafvoer (bijvoorbeeld een geveldoorvoer).Parallelle geveldoorvoer niet toegestaan.Geveldoorvoer en aansluitmateriaal:Remeha, te combineren met aansluitmateriaal van BurgerhoutBurgerhoutCox Geelen(1) Het materiaal moet ook voldoen aan de materiaaleigenschappen uit het desbetreffende hoofdstuk.Tab.7 Type rookgasafvoersysteem: C33Principe BeschrijvingAanbevolen fabrikanten(1)AD-3000927-01Gesloten uitvoering.Rookgasafvoer bovendaks.De luchtinlaat ligt in hetzelfde drukgebied als de rookgasafvoer (bijvoorbeeld een concentrische dakdoorvoer).Dakdoorvoer en aansluitmateriaalBurgerhoutCox GeelenUbbink(1) Het materiaal moet ook voldoen aan de materiaaleigenschappen uit het desbetreffende hoofdstuk.4 Voor de installatie16 7864610 - v.03 - 03032025

Tab. 8 Type rookgasafvoersysteem: C53Principe BeschrijvingAanbevolen fabrikanten(1)AD-3000929-02Aansluiting in verschillende drukzones. Gesloten toestel. Gescheiden luchtinlaat en rookgasafvoer. Uitmondend in verschillende drukvlakken. De luchtinlaat en de rookgasafvoer mogen niet in tegenoverliggende gevels worden geplaatst. Aansluitmateriaal en dakdoorvoer:BurgerhoutCox GeelenUbbink(1) Het materiaal moet ook voldoen aan de materiaaleigenschappen uit het desbetreffende hoofdstuk. Tab. 9 Type rookgasafvoersysteem: C63Principe BeschrijvingAanbevolen fabrikanten(1)AD-3003359-01Dit systeem wordt door ons geleverd zonder luchtinlaat en rookgasafvoer. Houd bij het selecteren van het materiaal rekening met de volgende eigenschappen:Condenswater dient terug te stromen naar de verwarmingsketel. Het materiaal dient bestand te zijn tegen de rookgastemperatuur van deze verwarmingsketel.

Maximaal toegestane recirculatie van 10%. De luchtinlaat en de rookgasafvoer mogen niet in tegenoverliggende gevels worden geplaatst. Minimaal toegestaan drukverschil tussen luchtinlaat en rookgasafvoer is -200 Pa (inclusief -100 Pa winddruk). Een CLV-systeem met overdruk is niet toegestaan. Het gebruik is alleen toegestaan als aan al onze eisen is voldaan en als de beschrijving van dit type rookgasafvoersysteem in acht wordt genomen. (1) Het materiaal moet ook voldoen aan de materiaaleigenschappen uit het desbetreffende hoofdstuk. Tab. 10 Type rookgasafvoersysteem: C93Principe(1)BeschrijvingAanbevolen fabrikanten(2)AD-3000931-02Gesloten uitvoering. Luchtinlaat en rookgasafvoer in schacht of in kanaal:Concentrisch. Luchttoevoer uit bestaande schacht of kanaal. Rookgasafvoer bovendaks. Luchtinlaat ligt in hetzelfde drukgebied als de rookgasafvoer.

Aansluitmateriaal en dakdoorvoer:BurgerhoutCox GeelenUbbink(1) Zie tabel voor eisen aan schacht of koker. (2) Het materiaal moet ook voldoen aan de materiaaleigenschappen uit het desbetreffende hoofdstuk. Tab.

BelangrijkDe schacht moet voldoen aan de luchtdichtheidseisen van NPR 3378, deel 46, hoofdstuk 5. BelangrijkAls rookgasvoeringen worden toegepast, moeten deze bestaan uit een luchtdichte, dikwandige starre aluminium of roestvaststalen constructie. Ook buigbare kunststof en roestvaststalen voeringpijpen zijn toegestaan. Aluminium is toegestaan, mits er geen contact is met het bouwkundige gedeelte van het rookgasafvoerkanaal. Schachten altijd grondig reinigen bij toepassing van rookgasvoeringen en/of luchtinlaat-aansluiting. Inspectie van de rookgasvoering moet mogelijk zijn. Zie voor aanvullende richtlijnen NPR 3378, deel 46. 4. 6. 2 MateriaalGevaarRookgaslekkageRisico op CO-vergiftiging. Combineer geen leidingen, dakdoorvoeren en koppel- of verbindingsmethodes van verschillende fabrikanten. Dit geldt ook voor gemeenschappelijke rookgaskanalen.

Volg de instructies van de fabrikant van het rookgasmateriaal. De toegepaste materialen moeten voldoen aan de geldige voorschriften en normen. Neem bij de toepassing van flexibel rookgasafvoermateriaal contact met ons op. Controleer met de tekenreeks op het rookgasafvoermateriaal of het geschikt is voor toepassing op dit toestel. 1EN 14471 of EN 1856–1: Het materiaal is CE-gekeurd volgens deze norm. Voor kunststof is dit EN 14471, Voor aluminium en roestvast staal is dit EN 1856-1. 2 T120 : Het materiaal heeft temperatuurklasse T120. Een hoger getal is ook toegestaan, lager niet. 3 P1 : Het materiaal valt in drukklasse P1. H1 is ook toegestaan. 4 W : Het materiaal is geschikt om condenswater af te voeren (W=’wet’). D is niet toegestaan (D=’dry’). 5 E : Het materiaal valt in brandbestendigheidsklasse E. Klasse A t/m D zijn ook toegestaan, F is niet toegestaan.

Raadpleeg het relevante hoofdstuk voor de juiste lengtes.Als een ketel niet compatibel is met een specifiek rookgassysteem of diameter, wordt dit aangegeven met "-" in de tabel.Bij het gebruik van bochten moet de maximale lengte (L) verkort worden volgens de reductietabel.Gebruik goedgekeurde verloopstukken voor aanpassing aan een andere diameter.De ketel ondersteunt ook andere rookgasafvoerleidingen en diameters dan die in de tabel staan aangegeven.

4. 6. 5 Aanvullende richtlijnenInstallatieVoor de installatie van het rookgasafvoer- en luchttoevoermateriaal wordt verwezen naar de voorschriften van de fabrikant van het materiaal. Controleer na montage tenminste alle rookgasvoerende en luchtvoerende delen op dichtheid. Installeer de rookgasafvoerleiding naar de verwarmingsketel met een toereikende helling (minimaal 50 mm per meter). Installeer een toereikende condenscollector en -afvoer minimaal 1 m vóór de uitlaat van de verwarmingsketel. De toegepaste bochten moeten groter zijn dan 90° om de helling en een goede afdichting op de lippenringen te waarborgen. CondensatieDirecte aansluiting van de rookgasafvoer op bouwkundige kanalen is niet toegestaan in verband met condensatie.

Wanneer er in de rookgasafvoerleiding condens uit een kunststof of roestvast stalen leidingdeel terug kan stromen naar een aluminium deel, dan dient dit condens via een sifon afgevoerd te worden, voordat dit het aluminium bereikt. Nieuw geïnstalleerde aluminium rookgasleidingen met grotere lengtes kunnen relatief grotere hoeveelheden corrosieproducten produceren. Ook door gietzand en metaalbewerkingsspanen uit nieuwe ketels kan de ketelsifon kort na de installatie vol raken. Controleer en reinig de sifon om deze redenen vaker. 4. 7 Eisen aan de elektrische aansluitingenBreng de elektrische aansluitingen tot stand in overeenstemming met alle huidige lokale en nationale voorschriften en normen. Elektrische aansluitingen mogen alleen worden uitgevoerd door gekwalificeerde installateurs en alleen als de voeding is ontkoppeld. Het toestel is volledig voorbedraad.

Wijzig nooit de interne aansluitingen van het bedieningspaneel. Sluit het toestel altijd aan op een goed geaarde installatie. Bedrading moet worden uitgevoerd volgens de aanwijzingen in de elektrische schema’s. Volg de aanbevelingen in deze handleiding.

Scheid de sensorkabels van de 230 V kabelsZorg ervoor dat aan de volgende eisen wordt voldaan bij de aansluiting van de kabels op de printplaatconnectoren:Tab. 18 PrintplaatconnectorenDraaddoorsnede Striplengte AanhaalmomentMassieve draad: 0,14–4,0 mm² (AWG 26–12)Gevlochten draad: 0,14–2,5 mm² (AWG 26–14)Gevlochten draad met klemring: 0,25–2,5 mm² (AWG 24–14)8 mm 0,5 N⋅m4. 8 Waterkwaliteit en waterbehandelingAanwijzingWaterkwaliteitSchade aan het product. Garantie ongeldig. Zorg ervoor dat voldaan wordt aan de waterkwaliteitseisen. Bij dit toestel moet de kwaliteit van het verwarmingswater voldoen aan alle in VDI 2035 genoemde eisen. Als er eisen aan de waterkwaliteit van andere componenten genoemd worden, gelden de strengste eisen. Raadpleeg een deskundige als er niet aan de eisen van de waterkwaliteit wordt voldaan. Tab.

SWW = IngeschakeldSWW circulatie = AanDP140 Type lading SWW CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A11 = SoloDP474 SWW boiler als zone CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A11 = JaCP020 Groepfunctie SCB-04 2 = Menggroep(1) Gebruik deze parametercode met de zoekfunctie (Zoeker) van het bedieningspaneel voor toegang tot de parameter.(2) Voor meer informatie zie: Cascademanagement activeren, pagina 58.(3) Voor meer informatie zie: SWW circulatie activeren, pagina 58.4.9.3 Cascade van twee verwarmingsketels - 2 circuits (Direct circuit, Mengcircuit voor vloerverwarming) - Sanitair-warmwaterboiler met twee sensorenAfb.25Schema en componenten - 6000142AD-6000142-01P15AuxS18S17P13DHWV9P10S12S11R2CircBP8R1CircAH1S3A1P1A2P2S1CircA Circuit A (Direct circuit)CircB Circuit B (Mengcircuit voor vloerverwarming)DHW SWW circuit (Sanitair-warmwaterboiler met twee sensoren)Aux Aanvullend circuit (Circulatielus sanitair warm water)A1 Hoofdverwarmingsketel met CB-25 en SCB-04A2 Volgverwarmingsketel met CB-25H1 Open verdelerP1 Pomp van toestel A1P2 Pomp van toestel A2P8 Pomp van circuit AP10 Pomp van circuit BP13 SWW-laadpompP15 SWW circulatieleiding pompR1 Circuit A kamerthermostaatR2 Circuit B kamerthermostaatS1 BuitentemperatuursensorS3 Aanvoertemperatuursensor open verdelerS11 Circuit B veiligheidstemperatuurbegrenzerS12 Circuit B aanvoertemperatuursensorS17 Bovenste temperatuursensor SWW boilerS18 Onderste temperatuursensor SWW boilerV9 Circuit B mengklep4 Voor de installatie24 7864610 - v.03 - 03032025

uitgang 1(3)CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A1Directe zonepomp aanDP050(4)Circulatiemodus CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A11 = Pomp in tijdprogr.DP140 Type lading SWW CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A12 = Gelaagde cilinderDP473 Circul.temp.sensor CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A10 = NeeDP474 SWW boiler als zone CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A11 = JaCP020 Groepfunctie SCB-04 2 = Menggroep(1) Gebruik deze parametercode met de zoekfunctie (Zoeker) van het bedieningspaneel voor toegang tot de parameter.(2) Voor meer informatie zie: Cascademanagement activeren, pagina 58.(3) Voor meer informatie zie: De uitgang instellen, pagina 64.(4) Creëer een tijdprogramma om de SWW-temperatuur te regelen.4 Voor de installatie7864610 - v.03 - 03032025 25

uitgang 1(3)CU-GH22 Volgverwarmingsketel A2AfsluiterDP140 Type lading SWW CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A11 = SoloDP474 SWW boiler als zone CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A10 = NeeDP480 Pomp aan als SWW CU-GH22 Hoofdverwarmingsketel A11 = JaCP020 Groepfunctie SCB-10 1 = DirectCP021 Groepfunctie SCB-10 2 = Menggroep(1) Gebruik deze parametercode met de zoekfunctie (Zoeker) van het bedieningspaneel voor toegang tot de parameter.(2) Voor meer informatie zie: Cascademanagement activeren, pagina 58.(3) Voor meer informatie zie: De uitgang instellen, pagina 64.5 Installatie5.1 Positionering van de verwarmingsketel1. Transporteer de verwarmingsketel naar de installatieplaats: 1.1. Verwijder de bevestigingsbanden.1.2. Verwijder de doos.1.3. Verwijder de doos met aanvullende onderdelen. In deze doos zit de muurbeugel met bevestigingsmateriaal en de montagesjabloon voor de volgende stappen.2.

Monteer de muurbeugel: 2.1. Plak de montagesjabloon van de verwarmingsketel met plakband op de muur. BelangrijkZorg ervoor dat de montagesjabloon perfect horizontaal hangt.2.2. Boor 2 gaten van Ø 10 mm op de gemarkeerde punten op de sjabloon. De extra gaten in de beugel kunnen worden gebruikt als één van de gaten niet geschikt is voor een correcte bevestiging.2.3. Verwijder de montagesjabloon.2.4. Monteer de pluggen.2.5. Bevestig de muurbeugel aan de muur met de bijgeleverde schroeven en ringen.Afb.33De verwarmingsketel transporterenAD-3002816-011.11.21.3Afb.34 De muurbeugel monterenAD-3002817-012.12.22.32.42.55 Installatie7864610 - v.03 - 03032025 27

3. Til de verwarmingsketel op en positioneer hem: 3.1. Verwijder de andere onderdelen van de verpakking.3.2. Til de verwarmingsketel uit de laagste bak.3.3. Hang de verwarmingsketel aan de muurbeugel. Voor de gewenste positie van de verwarmingsketel kunt u de verwarmingsketel 30 mm naar links of rechts vanaf het midden van de muurbeugel verplaatsen.4. Leid de stroomkabel door de clips op de bodem van de verwarmingsketel. 5.2 Installatie doorspoelenVoordat er een nieuw toestel op een installatie kan worden aangesloten, moet de gehele installatie grondig worden gereinigd en doorgespoeld. Door het spoelen worden resten en vuil uit het installatieproces verwijderd. Indien van toepassing:Spoel de verwarmingsinstallatie door met minimaal 3 keer de inhoud van de leidingen.Spoel de sanitair-warmwaterleidingen door met minimaal 20 keer de inhoud van de leidingen.5.3 Verwarmingssysteem aansluiten1.

5.4 Aansluiten van de afvoer1. Verwijder de stofkap van de condensaataansluiting 2. Monteer de flexibele condensafvoerslang op de condensaatuitgang.3. Leid deze afvoerslang naar een kunststof afvoerbuis Ø 32 mm of groter, uitkomend op het riool.5.5 De gaspijp aansluiten1. Verwijder de stofkap van de gasaansluiting . 2. Monteer de gasaanvoerleiding op de gasaansluiting .3. Monteer een gaskraan in de buurt van de verwarmingsketel.4. Monteer de gasaanvoerleiding op de gaskraan.5.6 Aansluiting van de luchtinlaat en rookgasafvoer1. Sluit de luchtinlaat en de rookgasafvoer aan op de verwarmingsketel. SInsteekdiepte 25 mm2. Monteer de opvolgende rookgasafvoerleidingen volgens de voorschriften van de fabrikant.

GevaarRookgaslekkageRisico op CO-vergiftiging.De leidingen mogen niet steunen op de verwarmingsketel.Monteer de horizontale delen aflopend richting verwarmingsketel, met een helling van 50 mm per meter.5.7 De buitentemperatuursensor monterenPlaats de buitentemperatuursensor op een locatie die aan de volgende kenmerken voldoet:Op een gevel van de te verwarmen ruimte, indien mogelijk op het noorden.Halverwege de muur van de te verwarmen ruimte.Onder invloed van wisselende weersomstandigheden.Beschermd tegen direct zonlicht.Makkelijk toegankelijk.Afb.38Aansluiten van de afvoerAD-3002820-01123Afb.39 De gaspijp aansluitenAD-3002821-011234Afb.40 Aansluiting van de luchtinlaat en rookgasafvoerAD-3002822-01S5 Installatie7864610 - v.03 - 03032025 29

Afb.41 Aangeraden montageplaatsenMW-8800N001-3212112H1/2 H (min. 2,5 m)1/2 H (min. 2,5 m)1/2 ZHZ1 Optimale locatie2 Mogelijke locatieH Bewoonde hoogte gecontroleerd door de sensorZ Bewoond oppervlak gecontroleerd door de sensorPlaats de buitentemperatuursensor best niet op een locatie met de volgende kenmerken:Afgeschermd door een deel van het gebouw (balkon, dak, enz.).Dicht bij een storende warmtebron (zon, schoorsteen, ventilatierooster, enz.).Afb.42 Afgeraden locatiesMW-3000014-21. Boor twee gaten met diameter van 6 mm.2. Plaats de twee pluggen.3. Bevestig de sensor met twee schroeven.4. Sluit de kabel aan op de buitentemperatuursensor.5.8 Elektrische aansluitingenZie ookVerwarmingsketel openen, pagina 805.8.1 Quick connect locatieDe Quick connect heeft L-Bus- en S-Bus-aansluitingen voor externe aansluitingen.

1 L-Bus-aansluiting voor een 4 pins Molex Micro-Fit plug2 S-Bus-aansluiting voor een RJ12 plug3 S-Bus-aansluiting voor een RJ12 plugWaarschuwingKabelkwaliteitRisico op elektrische brandGebruik uitsluitend originele kabels die als accessoire verkrijgbaar zijn of bij een accessoire worden geleverd. Quick connect L-Bus-connectorU kunt een extern apparaat aansluiten op de connector. Dit breidt de lokale bus uit tot een muurbox of gateway. Verwijder de L-Bus-afsluitweerstand om deze connector te gebruiken. De L-Bus-afsluitweerstand heeft een bevestigingssluiting. Druk op de sluiting om de afsluitweerstand te verwijderen. Als u het externe apparaat afkoppelt, sluit dan de L-Bus-afsluitweerstand weer aan. Quick connect S-Bus-connectorenU kunt een cascade met verwarmingsketels bouwen met de connectoren.

Gebruik de S-Bus-connectoren om maximaal 4 of 8 verwarmingsketels in een cascadesysteem te koppelen. Bij meer dan vier verwarmingsketels in een cascadesysteem dient u gebruik te maken van een externe cascademanager of SCB-10-uitbreidingsprinten. U kunt de verwarmingsketels koppelen om een cascadesysteem te maken:Afb. 47CascadesysteemAD-3003417-01QCX1X3QCX1X3QCX1X3QCX1X3QCX1X3QCX1X3QCX1X3QCX1X3A8 A7 A6 A5A4A3A2A1N1N2 N2 N2N2N2N2N2N1A1 Hoofdverwarmingsketel met Quick connectA2 Volgverwarmingsketel met Quick connectA3 Volgverwarmingsketel met Quick connectA4 Volgverwarmingsketel met Quick connectA5 Volgverwarmingsketel met Quick connectMogelijk met SCB-10-uitbreidingsprint (optioneel). A6 Volgverwarmingsketel met Quick connectMogelijk met SCB-10-uitbreidingsprint (optioneel). A7 Volgverwarmingsketel met Quick connectMogelijk met SCB-10-uitbreidingsprint (optioneel).

3. Trek de clips aan de voorkant en achterkant van de kap voorzichtig tegelijkertijd naar voren. 4. Til de kap op.De connectoren op de aansluitprint zijn nu toegankelijk.U hebt nu ook toegang tot de besturingseenheid. Herhaal de stappen met de clips aan de voorzijde en achterzijde van de andere kap.Kabelloop naar de controlboxDe verwarmingsketel heeft acht kabelwartelposities. U kunt de kabelwartels gebruiken om de kabel naar de controlbox te voeren.1. Kies de gewenste kabelwartelpositie en verwijder de doorvoertule. 2. Bevestig de kabelwartel.3. Voer de kabel naar de controlbox.4. Sluit de kabel aan op de aansluitprintplaat. 5. De kabel bevestigen:5.1. Open de klem in de controlbox. De klem openen: Duw in het midden en draai.5.2. Sluit de klem in de controlbox.5.3.

5.8.4 Toegang tot de uitbreidingsbox (optioneel)1. Trek de clips aan de voorzijde van de kap voorzichtig naar voren. 2. Verwijder het deksel.Kabelloop naar de uitbreidingsbox (optioneel)De uitbreidingsbox heeft twee mogelijke openingen voor kabels. U kunt deze openingen gebruiken om de kabel naar de uitbreidingsbox te voeren.1. Snij de rubberen afdichting in de gewenste opening. AKabelopening voor laagspanningskabels (≤ 24 V)B Kabelopening voor voedingskabel (≈ 230 V)2. Voer de kabel naar de uitbreidingsbox.3. Sluit de kabel aan op de uitbreidingsprint. 4. Bevestig de kabel met de clips in the uitbreidingsbox.5.8.5 Inleiding tot de CB-25 aansluitprintplaatDe Quinta verwarmingsketel is voorzien van een nieuwe generatie aansluitprintplaat.

De CB-25 biedt meer aansluitmogelijkheden en vermindert de behoefte aan uitbreidingsprinten.Tab.24 Beschikbare optiesOpties BeschrijvingConfigureerbare ingang en uitgang Deze optie maakt het mogelijk om de in- en uitgangsconnectoren te configureren. Afhankelijk van het gewenste systeem kunt u de beschikbare configuraties selecteren en combineren. U kunt het gedrag van de connectoren wijzigen met een parameterinstelling.0-10 V ingang Deze optie maakt het mogelijk om een externe 0-10 V warmtevraagregeling aan te sluiten. U kunt de verwarmingsketel regelen op basis van temperatuur- of vermogenssetpunt.Afb.53 Toegang tot de uitbreidingsboxAD-3002828-01211Afb.54 KabelloopAD-3003103-01AABB12Afb.55 De kabel aansluitenAD-3003104-01345 Installatie34 7864610 - v.03 - 03032025

Opties BeschrijvingLIN-Bus Deze optie maakt het mogelijk om een LIN pomp aan te sluiten. Het LIN-Bus-protocol geeft u meer inzicht over de prestaties, diagnostiek en storingsdetectie van de pomp.Cascaderegeling Deze optie maakt het mogelijk om verwarmingsketels in een cascadesysteem te koppelen. De S-Bus-aansluitingen kunnen extern op de Quick connect worden gemaakt.Sanitair warm water Deze optie maakt het mogelijk om een SWW boiler aan te sluiten. Afhankelijk van het gewenste SWW systeem kunt u verschillende soorten pompen en sensoren aansluiten.Door de combinatie van de uitgebreide aansluitingen en softwarefuncties heb je standaard meer mogelijkheden.

De tabellen geven een overzicht van de mogelijke combinaties.U kunt de gewenste vaste combinatie toepassen.U kunt de vaste combinatie uitbreiden met optionele in- en uitgangen.Tab.25 Configureerbare ingangen en uitgang - vaste combinatiesConnector(1)LNAUXNoCNcStatus12Tsyst1Tsyst2Cascaderegeling:Systeemtemperatuursensor (F5) F5 SWW circulatie:SWW circulatiepomp (F1)SWW circulatietemperatuursensor (F6)F1 F6SWW menging:SWW-mengpomp (F1)SWW mengtemperatuursensor (F6)F1 F6SWW gelaagd:SWW boiler bovenste temperatuursensor (F6) F6Ventilatie verwarmingsketelruimte:Afzuigventilator (F2)Afzuigventilatorsignaal (F4) F2 F4 (1) De letter F geeft een vaste combinatie van twee connectoren voor elke configuratie aan.Tab.26 Configureerbare ingangen en uitgang - uitgebreide optiesConnector(1)(2)LNAUXNoCNcStatus12Tsyst1Tsyst2Cascadesysteempomp B1A2 Directe zonepomp B1A2 Secundaire pomp B1A2 Afsluiter B1A2 Externe gasklep B1A2 Statuscontact B1A2 Warmtevraagsignaal A3B4 Verwarmingsketelontlastingssignaal A3B4 Blokkerende ingang A3B4 Vrijgave-ingang A3B4 Gasdrukschakelaar A3B4 (1) De letter A geeft de eerste optie aan voor de aansluiting van elke ingang of uitgang.(2) De letter B geeft de tweede optie aan voor de aansluiting van elke ingang of uitgang.5 Installatie7864610 - v.03 - 03032025 35

Deze biedt gemakkelijke toegang tot alle standaardconnectoren.Afb.56Aansluitprintplaat CB-25AD-3002742-02LNLNLNAuxNoCNcStatusD-+LIN-Bus12+0PWM+00-10ToutR-BusTsyst1Tsyst2Tdhw+-PWMX1X5X10 X2X9X8S-Bus S-BusX24X23X22X21X25XC1F1F2F3X1112 3 4 5 6 6 7 8 9 10 11 11 12 1314151616171 Pompconnector, pagina 37Sluit een ketelpomp aan.2 SWW-pomp connector, pagina 37Sluit een SWW-laadpomp aan.3 AUX connector, pagina 37Sluit een:Cascadesysteempomp, pagina 38SWW circulatiepomp, pagina 38SWW-mengpomp, pagina 38Directe zonepomp, pagina 38Secundaire pomp, pagina 38Afsluiter, pagina 38Externe gasklep, pagina 38Statuscontact, pagina 394 Statusconnector, pagina 39Sluit een:Afzuigventilator, pagina 39Cascadesysteempomp, pagina 39Directe zonepomp, pagina 39Secundaire pomp, pagina 39Afsluiter, pagina 40Externe gasklep, pagina 40Statuscontact, pagina 405 LIN-Bus-connector, pagina 40Sluit een LIN-pomp aan.6 Programmeerbare invoerconnectoren, pagina 40Sluit een:Afzuigventilatorsignaal, pagina 40Warmtevraagsignaal, pagina 415 Installatie36 7864610 - v.03 - 03032025

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Remeha Quinta 90 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden