Miele K 14827 SD Handleiding

Miele Koelkast K 14827 SD

Bekijk gratis de handleiding van Miele K 14827 SD (52 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 16 mensen. Heb je een vraag over Miele K 14827 SD of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/52
Gebruiks- en montage-aanwijzing
voor de koelkast
met PerfectFresh-zone
en DynaCool
K 14827 SD
Lees beslist de gebruiksaanwijzing
voordat u uw apparaat plaatst,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan uw apparaat.M.-Nr. 07 299 650
nl-NL

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Koelkast
Model: K 14827 SD

Handleiding Miele K 14827 SD – volledige tekst

20De functie "Superkoeling". 21Het opslaan in de koelzone. 22Gedeelten met verschillende temperaturen. 22Minst koele gedeelte in de koelzone. 22Koelste gedeelte in de koelzone. 22Voor het apparaat ongeschikte levensmiddelen. 23Waar u bij het kopen van levensmiddelen al op moet letten. 23Levensmiddelen afdekken of niet. 23Onverpakte dierlijke en plantaardige levensmiddelen. 23Het opslaan in de PerfectFresh-zone. 24PerfectFresh-zone. 24Koeltemperatuur. 24Luchtvochtigheid. 24Inhoud.

Het opslaan in het droogte- en vochtvak. 24Droogtevak. 24Vochtvak / Vochtvakken. 25Het indelen van de binnenruimte. 27Plateaus. 27Tweedelig plateau. 27Deurvak, o. a. voor eieren / Deurvak voor flessen. 28Fleshouder. 29Het automatisch ontdooien. 30Het ontdooien van de koelzone en de PerfectFresh-zone. 30Het reinigen en onderhouden van de koelkast. 31Het reinigen van de ventilatieroosters. 32Het reinigen van de deurdichting. 32Het reinigen van het metalen rooster aan de achterkant. 32Actief koolstoffilters. 33Het vervangen van de actief koolstoffilters. 33Het vervangen van de actief koolstoffilters op een later tijdstip. 33Nuttige tips. 35Geluiden en de oorzaken ervan. 38Afdeling Klantcontacten / Garantie. 39Elektrische aansluiting. 40Tips voor het plaatsen van het apparaat. 41Side-by-side opstelling. 41Plaats van opstelling. 41Klimaatklasse. 41Luchttoevoer en luchtafvoer.

41Het plaatsen van het apparaat. 42Het stellen van het apparaat. 42Afmetingen van het apparaat. 43Het veranderen van de draairichting van de deur. 44Het stellen van de deur. 49Het inbouwen van het apparaat. 51Inhoud.

aAan/Uit - sensortoetsbSuperkoeling - sensortoetscSensortoets voor het instellenvan de temperatuur (X= kouder)dVergrendelingscontrole(Alleen zichtbaar wanneer de ver-grendeling is ingeschakeld)eTemperatuuraanduidingf"Koelen" - symboolgSensortoets voor het instellenvan de temperatuur (Y= warmer)hSensortoets voor het uitschakelenvan de zoemer(Alleen zichtbaar bij deuralarm)iSignaal voor het vervangen van deactief koolstoffilters(Alleen zichtbaar wanneer ze moetenworden vervangen)Beschrijving van het apparaat4

aVentilatorbVerlichting bovenkantcBoter- en kaasvakdUniverseel deurvakeDeurvak, o.a. voor eierenfFlesplateaugCassette met actief koolstoffiltershPlateausiDeurvak voor flessenjFleshouder*kGootje voor het dooiwater enafvoeropening voor het dooiwaterlDroogtevak PerfectFresh - zonemRegelaar voor het instellen van deluchtvochtigheid in de vochtvakkennVochtvakken PerfectFresh - zone* Afhankelijk van het modelBeschrijving van het apparaat5

Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade.Het verpakkingsmateriaal is uitgekozenomdat dit het milieu relatief weinig be-last en kan worden hergebruikt.Door hergebruik van verpakkingsmate-riaal wordt er op grondstoffen bespaarden wordt er minder afval geproduceerd.Uw vakhandelaar neemt de verpakkingin het algemeen terug.Het afdanken van het apparaatAfgedankte elektrische en elektroni-sche apparaten bevatten meestal nogwaardevolle materialen.Ze bevatten echter ook schadelijkestoffen die nodig zijn geweest om deapparaten goed en veilig te laten functi-oneren.Wanneer u uw oude apparaat bij hetgewone huisafval doet, kunnen dezestoffen mens en milieu schaden.Doe het apparaat daarom in geen ge-val bij het gewone huisafval, maar leverhet in bij het inzameldepot van uw ge-meente.Let erop dat de buisleidingen van uwapparaat niet worden beschadigd,wanneer dit wordt weggebracht om opvakkundige wijze en zonder het milieual te veel schade te berokkenen te wor-den verschroot.

Deze koelkast voldoet aan de voor-geschreven veiligheidsmaatregelen.Door ondeskundig gebruik kunnenpersonen echter letsel oplopen enkan er materiële schade ontstaan.Lees deze gebruiksaanwijzing daar-om eerst aandachtig door voordat udit apparaat voor het eerst gebruikt.Hierin vindt u belangrijke instructiesmet betrekking tot de plaatsing, deveiligheid, het gebruik en het onder-houd van het apparaat.Bewaar deze gebruiksaanwijzing engeef deze door aan de eventuelevolgende eigenaar van de koelkast.Efficiënt gebruik~Deze koelkast is uitsluitend bestemdvoor huishoudelijk gebruik.~Gebruik deze koelkast uitsluitendvoor het koelen en bewaren van levens-middelen.Gebruik voor andere doeleinden is on-toelaatbaar en kan gevaarlijk zijn.De fabrikant is niet verantwoordelijkvoor schade die is ontstaan door ge-bruik voor andere doeleinden dan hieraangegeven of door een foutieve be-diening.~Personen die op grond van hunfysieke of psychische gesteldheid, hunonervarenheid of gebrek aan kennisvan de koelkast niet in staat zijn om hetapparaat veilig te bedienen, mogendeze koelkast alleen gebruiken als zeonder toezicht staan van of worden ge-ïnstrueerd door een verantwoordelijkpersoon.Wanneer er kinderen in huiszijn~Kinderen mogen de koelkast alleendan zonder toezicht gebruiken, wan-neer ze weten hoe het apparaat werkten wat voor gevaar zij lopen wanneerze de koelkast fout bedienen.~Wanneer er kinderen in de buurt vande koelkast zijn, houd ze dan goed inde gaten.Zorg ervoor dat ze niet met het appa-raat gaan spelen.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen7

Technische veiligheid~Controleer vóórdat de koelkastwordt geplaatst, of het apparaat zicht-baar beschadigd is. Een beschadigde koelkast mag nietworden geplaatst en niet in gebruik ge-nomen. ~Wanneer de aansluitkabel is be-schadigd, moet deze door een erkendvakman / vakvrouw worden vervangen. ~Deze koelkast bevat het koelmiddelisobutaan (R600a). Dit is een natuurlijkgas dat het milieu weinig belast, maarwel brandbaar is. Het gas is niet scha-delijk voor de ozonlaag en versterkt hetbroeikaseffect niet, maar het gebruikvan dit koelmiddel heeft er wel toe ge-leid dat het apparaat meer lawaaimaakt wanneer het aanstaat. Behalvede geluiden van de compressor kunnener dan in het hele koelsysteem stro-mingsgeluiden optreden. Deze effecten zijn helaas niet te ver-mijden, maar hebben geen negatieveinvloed op de capaciteit van het appa-raat.

Let er bij het transport en bij de plaat-sing van de koelkast op dat er geen on-derdelen van het koelsysteem wordenbeschadigd. Vrijkomend koelmiddelkan oogletsel veroorzaken. Wordt het koelsysteem toch bescha-digd:–vermijd dan open vuur of anderebrandhaarden,–trek de stekker uit het stopcontact,–lucht het vertrek waar het apparaatstaat enkele minutenlang door–en neem contact op met de afdelingKlantcontacten. ~Hoe meer koelmiddel een koelkastbevat, des te groter moet het vertrekzijn waarin dit apparaat wordt opge-steld. Is het vertrek te klein, dan kan zich bijeen eventuele lek een brandbaarmengsel van gas en lucht vormen. Per 8 g koelmiddel moet het vertrekminstens 1 m3groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel die de koel-kast bevat staat op het typeplaatje inde binnenkant van het apparaat.

~Een veilig gebruik van de koelkast isalleen dan gegarandeerd, wanneer hetapparaat wordt gemonteerd en aange-sloten volgens de instructies die in degebruiksaanwijzing staan. ~Vergelijk vóórdat u de koelkast aan-sluit de aansluitgegevens (zekering,spanning en frequentie) op het type-plaatje met die van het elektriciteitsnet.

Deze moeten beslist overeenkomen. Raadpleeg bij twijfel een elektricien. ~Deze koelkast mag niet op het elek-triciteitsnet worden aangesloten viameervoudige stopcontacten of via ver-lengsnoeren die daarvoor niet geschiktzijn. Gebeurt dat wel, dan bestaat er gevaarvoor oververhitting. Veiligheidsinstructies en waarschuwingen8.

~De elektrische veiligheid van dekoelkast is uitsluitend gegarandeerd alsdeze wordt aangesloten op een aar-dingssysteem dat volgens de geldendeveiligheidsbepalingen is geïnstalleerd.Laat de huisinstallatie bij twijfel dooreen vakman / vakvrouw inspecteren.De fabrikant kan niet aansprakelijk wor-den gesteld voor schade die wordt ver-oorzaakt door een ontbrekende of be-schadigde aarddraad (bijv.

een elektri-sche schok).~Installatie- en onderhoudswerk-zaamheden, als ook reparaties mogenalleen door een erkend vakman / vak-vrouw worden uitgevoerd.Gebeurt dat niet, dan kan de gebruikerrisico's lopen waarvoor de fabrikant nietaansprakelijk is.~Reparaties mogen tijdens de garan-tieperiode alleen door een technicusvan Miele worden uitgevoerd.Gebeurt dat niet, vervalt de garantie.~Bij installatie- en onderhoudswerk-zaamheden, als ook bij reparaties mager geen elektrische spanning op dekoelkast staan.Daarvan is alleen sprake als aan éénvan de volgende voorwaarden is vol-daan:–als de hoofdschakelaar van de huis-installatie is uitgeschakeld,–of als de stekker uit het stopcontactis getrokken.Trek daarbij aan de stekker en nietaan de aansluitkabel.~Defecte onderdelen mogen alleendoor originele Miele-onderdelen wor-den vervangen.

Alleen van deze Miele-onderdelen kunnen wij garanderen, datzij volledig voldoen aan de veiligheids-eisen die wij stellen aan onze appara-ten en onderdelen daarvan.~Wanneer dit apparaat op een niet-stationaire locatie (bijv. op een boot ofin een camper) moet worden geplaatst,mag het uitsluitend door een vakman /vakvrouw worden ingebouwd en aan-gesloten.Hierbij moet aan alle voorwaarden vooreen veilig gebruik worden voldaan.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen9

Veilig gebruik~Het eten van levensmiddelen dieover de uiterste houdbaarheidsdatumheen zijn kan tot een levensmiddelen-vergiftiging leiden. Neem de houdbaarheidsdatum in achtdie de levensmiddelenfabrikant aan-geeft. De bewaartijd hangt van verschil-lende factoren af, zoals de versheid ende kwaliteit van de levensmiddelen ende koelkasttemperatuur. ~De koelkast is geconstrueerd vooreen bepaalde klimaatklasse. Een kli-maatklasse is een kamertemperatuur-bereik waarbinnen de temperatuur zichmoet bewegen en waar deze niet bo-ven of onder mag liggen. De klimaatklasse van uw koelkast staataangegeven op het typeplaatje aan debinnenkant van uw apparaat. Een te lage temperatuur heeft tot ge-volg dat de koelkast voor langere tijdafslaat zodat het apparaat de vereistetemperatuur niet kan aanhouden. ~Bewaar geen producten in de koel-kast die drijfgassen of andere explosie-ve middelen bevatten.

Wanneer de thermostaat wordt inge-schakeld kunnen vonken ontstaan. Deze kunnen licht ontvlambare produc-ten tot explosie brengen. ~Plaats dranken met een hoog alco-holpercentage alleen rechtop en altijdgoed gesloten in de koelkast in ver-band met explosiegevaar. ~Bevinden zich vet- of oliehoudendelevensmiddelen in de koelkast, let erdan op dat er geen vet of olie uitloopt. Wanneer dat in aanraking komt met hetkunststof van het apparaat, kunnen erscheuren in het kunststof ontstaan. ~Gebruik geen elektrische apparatenin deze koelkast, bijv. voor het makenvan softijs. Doet u dat wel, kunnen er vonken ont-staan en bestaat er gevaar voor een ex-plosie. ~Gebruik geen scherpe voorwerpenom rijplagen te verwijderen of levens-middelen los te wrikken. ~Behandel de deurdichting niet metolie of vet. Doet u dat wel, dan worden de deur-dichtingen in de loop van de tijd po-reus.

~Sluit de roosters in het apparaat nietaf. Wanneer deze roosters geblokkeerdzijn kan er geen goede luchtgeleidingplaatsvinden, waardoor het stroomver-bruik stijgt en bepaalde onderdelen vande koelkast beschadigd kunnen raken.

Wat te doen wanneer u het ap-paraat afdankt~Maak het slot onbruikbaar.U voorkomt daarmee dat kinderen zichbij het spelen opsluiten.~Beschadig geen delen van het koel-systeem, bijv. door–koelmiddelkanalen van de verdam-per open te prikken;–buisleidingen om te buigen;–beschermende lagen af te krabben.Wanneer er koelmiddel uit spuit kan datoogletsel veroorzaken.Wanneer de veiligheidsinstructiesniet worden opgevolgd kan de fabri-kant niet verantwoordelijk wordengesteld voor schade die daar even-tueel het gevolg van is.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen11

Normaal energieverbruik Te hoog energieverbruikPlaatsing van het apparaat In ruimten waar kan worden geventi-leerdIn gesloten ruimten waar nietkan worden geventileerdOp een plaats waar de zon niet di-rect op kan schijnenOp een plaats waar de zon di-rect op kan schijnenNiet naast een warmtebron (verwar-ming, fornuis)Naast een warmtebron (verwar-ming, fornuis)Bij een kamertemperatuur van ca.20 °CBij een hogere omgevingstem-peratuurTemperatuurinstellingin standenInstelling van één van de middelstestanden: 2 of 3.Hoe hoger de stand, hoe lagerde temperatuur, des te hogerhet energieverbruikTemperatuurinstellingin graden(Digitale weergave)Vak voor wijnflessen: 8 tot 12 °C Bij apparaten met winterschake-ling: schakel bij omgevingstem-peraturen lager dan 16 °C dewinterschakeling uit.Koelzone: 4 tot 5 °C0° zone: ca.

0 °CDiepvrieszone: - 18 °CDagelijks gebruik Open de deur alleen wanneer datnodig is en dan nog zo kort moge-lijk.De temperatuur in het apparaatwordt hoger naarmate de deurvaker wordt geopend en dedeur langer geopend blijft.Leg de levensmiddelen bij het inrui-men meteen op de goede plek.Moet u lang zoeken, dan stijgtde temperatuur.Laat warme levensmiddelen endranken eerst afkoelen.Zijn de levensmiddelen nogwarm, moet de motor langerwerken om de vereiste tempera-tuur te bereiken.Leg de levensmiddelen alleen afge-dekt of verpakt in het apparaat.Wanneer vloeibare stoffen in dekoelzone condenseren neemtde koelcapaciteit af.Leg ingevroren producten in dekoelzone wanneer ze moeten ont-dooien.Plaats de levensmiddelen niet tedicht op elkaar zodat de lucht tussende levensmiddelen kan circuleren.Ontdooien Ontdooi het diepvriesgedeelte wan-neer er een ijslaag van 1 cm in zit.Een ijslaag in het diepvries-gedeelte bemoeilijkt het invrie-zen en bewaren van productenin dit gedeelte.

Voor het eerste gebruikDe roestvrijstalen lijsten en frames zijnvoorzien van een folie die dient ter be-scherming tijdens het transport.^Trek deze beschermfolie er pas afnadat de koelkast is geplaatst of in-gebouwd.^Wrijf de roestvrijstalen gedeeltendaarna in met een middel voor hetonderhoud van roestvrij staal.Dit middel brengt een film over hetroestvrij staal aan, waarmee wordtvoorkomen dat het weer snel vuilwordt.^Reinig de binnenkant van de koelkasten de toebehoren.Gebruik daarvoor lauwwarm watermet een beetje reinigingsmiddel.^Wrijf daarna alles met een doekdroog.Actief koolstoffilter^Plaats de bijgevoegde actief koolstof-filters in de cassette en plaats decassette op een van de plateaus inde koelzone.Zie hoofdstuk: "Actief koolstoffilters".Laat het apparaat na transport ca.

1/2 tot 1 uur staan voordat u het aan-sluit.Dat is zeer belangrijk voor een goe-de werking van de koelkast.Het bedienen van de koelkastU bedient dit apparaat door de sensor-toetsen aan te tippen.Het inschakelen van de koel-kast^Tip de Aan/Uit - toets zolang aan tot-dat de temperatuuraanduiding gaatbranden.Het apparaat begint te koelen.Wanneer de deur wordt geopend gaatde binnenverlichting aan.Voordat u voor de eerste keer levens-middelen in het apparaat legt, kunt uhet apparaat het beste een paar uur la-ten voorkoelen.Het uitschakelen van de koel-kast^Tip de Aan/Uit - toets zolang aan tot-dat temperatuuraanduiding en even-tuele andere aanduidingen uitgaan.De koeling en de binnenverlichting zijnuitgeschakeld.Is dat niet het geval, dan is de vergren-deling ingeschakeld.Het in- en uitschakelen van de koelkast13

InstellingsmodusBepaalde functies van het apparaatkunt u alleen in de instellingsmodus in-stellen.Hoe men in de instellingsmodus komten hoe men de instellingen wijzigt, staatin de verschillende hoofdstukken be-schreven.Overzicht van de instellingen die u inde instellingsmodus kunt kiezen:Het in- en uitschakelen van deinstellingsmodus cHet in- en uitschakelen van detoetstoonZie volgende paragraaf.bHet bevestigen van de ver-vanging van de actief koolstof-filtersZie hoofdstuk: "Actief koolstof-filters".^Het in- en uitschakelen van devergrendelingZie verderop in dit hoofdstuk.uHet wijzigen van de lichtsterktevan de temperatuuraanduidingZie hoofdstuk: "De juiste tem-peratuur".dHet wijzigen van de tempera-tuur in de PerfectFresh - zoneZie hoofdstuk: "De juiste tem-peratuur".§Wanneer u in de instellingsmoduszit, wordt het deuralarm automatischuitgeschakeld.Zodra de deur van het apparaatwordt gesloten, is het deuralarmweer geactiveerd.Het in- en uitschakelen van de toets-toonIedere keer wanneer u een sensortoetsaantipt, klinkt er een toetstoon.U kunt deze toetstoon uitschakelen.^Tip de X- toets aan en laat uw vingerop de toets rusten.^Tip daarbij de Aan/Uit - toets éénkeer aan en laat de X- toets niet los!^Laat uw vinger nog 5 seconden opde X- toets rusten, totdat cin deaanduiding verschijnt.^Tip de X- toets opnieuw zo vaakaan, totdat in de aanduiding bver-schijnt.^Tip ter bevestiging de Aan/Uit - toetsaan.Het in- en uitschakelen van de koelkast14

^Door de X- toets aan te tippen kuntu instellen of de toetstoon moet wor-den uitgeschakeld of ingeschakeldmoet blijven.b0betekent: de toetstoon is uitge-schakeld.b1betekent: de toetstoon is inge-schakeld.b- betekent: Terug naar het menu.^Kies de door u gewenste instellingdoor de X- toets aan te tippen.^Tip ter bevestiging de Aan/Uit - toetsaan.^Tip de X- toets opnieuw zo vaakaan, totdat in de aanduiding cver-schijnt.^Tip de Aan/Uit - toets aan.U zit nu niet meer in de instellings-modus.Het in- en uitschakelen van de ver-grendelingMet de vergrendeling kunt u voorkomendat het apparaat per ongeluk wordt uit-geschakeld.^Tip de X- toets aan en laat uw vingerop de toets rusten.^Tip daarbij de Aan/Uit - toets éénkeer aan en laat de X- toets niet los!^Laat uw vinger nog 5 seconden opde X- toets rusten, totdat cin deaanduiding verschijnt.^Tip de X- toets opnieuw zo vaakaan, totdat in de aanduiding uver-schijnt.^Tip ter bevestiging de Aan/Uit - toetsaan.Door de X- toets aan te tippen kunt uinstellen of de vergrendeling moet wor-den in- of uitgeschakeld.u0betekent: de vergrendeling is uitge-schakeld.u1betekent: de vergrendeling is inge-schakeld.u- betekent: Terug naar het menu.Het in- en uitschakelen van de koelkast15

^Kies de door u gewenste instellingdoor de X- toets aan te tippen.^Tip ter bevestiging de Aan/Uit - toetsaan.^Tip de X- toets opnieuw zo vaakaan, totdat in de aanduiding cver-schijnt.^Tip de Aan/Uit - toets aan.U zit nu niet meer in de instellings-modus.Wanneer de vergrendeling is ingescha-keld, brandt de vergrendelingscontroleXin de temperatuuraanduiding.Bij langere afwezigheidWanneer u de koelkast vrij lange tijdniet meer gebruikt, doe dan het volgen-de.^Schakel het apparaat uit.^Trek de stekker uit het stopcontact.^Reinig het apparaat.^Laat de deur van het apparaat eenbeetje openstaan om te voorkomendat er luchtjes ontstaan.Wordt het apparaat in zulke gevallenwel uitgeschakeld, maar niet gerei-nigd en niet opengezet, bestaat hetgevaar dat zich schimmel vormt.Het in- en uitschakelen van de koelkast16

Het is voor de houdbaarheid van de le-vensmiddelen zeer belangrijk dat dejuiste temperatuur wordt ingesteld. Door micro-organismen bederven delevensmiddelen erg snel. De tempera-tuur beïnvloedt de snelheid waarmeede micro-organismen groeien. Hoe la-ger de temperatuur, des te langer hetduurt voordat de levensmiddelen be-derven. Wanneer u voor het bewaren van le-vensmiddelen de juiste temperatuur in-stelt kunt u daarmee bederf voorkomenof vertragen. De temperatuur in de koelkast wordthoger, naarmate– de deur van het apparaat vakerwordt geopend en de deur langergeopend blijft;– er meer levensmiddelen zijn opge-slagen;– de temperatuur van de net opgesla-gen levensmiddelen hoger is;–de omgevingstemperatuur hoger is. De koelkast is geconstrueerd vooreen bepaalde klimaatklasse.

Een kli-maatklasse is een temperatuurbe-reik, waarbinnen de kamertempera-tuur zich moet bewegen en waardeze niet boven of onder mag lig-gen. indekoelzone en in dePerfectFresh - zoneVoor het midden van de koelzone advi-seren wij een koeltemperatuur van 4 °C. In de PerfectFresh - zone wordt de tem-peratuur automatisch geregeld en ligttussen de 0en3°C. Automatische temperatuurver-deling (DynaCool)Altijd wanneer u de koelzone inscha-kelt, schakelt het apparaat automatischde ventilator in. Daarmee wordt de koude in de koelzo-ne gelijkmatig verdeeld, zodat de le-vensmiddelen die in de koelzone zijnopgeslagen met ongeveer dezelfdetemperatuur worden gekoeld. Het instellen van de tempera-tuurDe temperatuur kunt u instellen met deX- toets en de Y- toets. – Wanneer u de X- toets aantipt gaatde temperatuur omlaag en wordt hetkouder.

– Wanneer u de Y- toets aantipt gaatde temperatuur omhoog en wordt hetwarmer. De temperatuur die u instelt knippert inde temperatuuraanduiding. Wanneer u de temperatuurtoetsenaantipt, dan ziet u in de temperatuur-aanduiding het volgende veranderen:–Wanneer u voor het eerst aantipt,dan knippert de temperatuurwaardedie u het laatst heeft ingesteld.

–Wanneer u blijft aantippen, verandertde temperatuurwaarde continu.Nadat de hoogste, resp. laagste tem-peratuurwaarde is bereikt, verdwijntde X-, resp. Y- toets.Ongeveer 5 seconden nadat u voor hetlaatst een temperatuurtoets heeftaangetipt, laat de temperatuuraandui-ding automatisch de gemiddelde tem-peratuurwaarde zien, die op dat mo-ment in het apparaat heerst.Wanneer u een andere temperatuurheeft ingesteld, controleer dan de tem-peratuuraanduiding na ca. 6 uur wan-neer het apparaat lang niet vol is en naca.

24 uur wanneer het apparaat welvol is.Pas dan is de echte temperatuur be-reikt.Is de temperatuur na deze tijd te hoogof te laag, stel dan opnieuw een anderetemperatuur in.Mogelijke temperatuurinstellingenDe temperatuur is instelbaar van 4°Ctot en met 9 °C.Of de laagste temperatuur wordt be-reikt is afhankelijk van de plaats waarde koelkast is opgesteld en de omge-vingstemperatuur.Wanneer de omgevingstemperatuurhoog is, dan is het mogelijk dat delaagste temperatuur niet wordt bereikt.Het instellen van de tempera-tuur van de PerfectFresh -zoneIn de PerfectFresh - zone wordt de tem-peratuur automatisch bij 0 tot 3 °C ge-houden.Wanneer u het daar echter warmer ofkouder wilt hebben, bijv.

omdat u viswilt opslaan, dan kunt u de temperatuurwijzigen.^Tip de X- toets aan en laat uw vingerop de toets rusten.^Tip daarbij de Aan/Uit - toets éénkeer aan en laat de X- toets niet los!^Laat uw vinger nog 5 seconden opde X- toets rusten, totdat cin deaanduiding verschijnt.^Tip de X- toets opnieuw zo vaakaan, totdat in de aanduiding §ver-schijnt.^Tip ter bevestiging de Aan/Uit - toetsaan.^Door de X- toets aan te tippen kuntu de temperatuur in de PerfectFresh -zone wijzigen.U kunt kiezen tussen de standen 1toten met 9.Bij §1is de temperatuur het laagst.Bij §9is de temperatuur het hoogst.§betekent: Terug naar het menu.De juiste temperatuur18

^Kies de door u gewenste stand doorde X- toets aan te tippen.^Tip ter bevestiging de Aan/Uit - toetsaan.^Tip de X- toets opnieuw zo vaakaan, totdat in de aanduiding cver-schijnt.^Tip de Aan/Uit - toets aan.U zit nu niet meer in de instellingsmo-dus.De temperatuur in de PerfectFresh -zone is vanuit het fabriek ingesteldop §5.Bij een stand van §1tot en met §4kan de temperatuur onder het vries-punt zakken en kunnen levensmid-delen bevriezen!TemperatuuraanduidingDe temperatuuraanduiding op het be-dieningspaneel geeft bij normaal ge-bruik de gemiddelde temperatuur in dekoelzone aan.Het wijzigen van de lichtsterkte vande temperatuuraanduidingU kunt de lichtsterkte van de tempera-tuuraanduiding aan de omgeving aan-passen.^Tip de X- toets aan en laat uw vingerop de toets rusten.^Tip daarbij de Aan/Uit - toets éénkeer aan en laat de X- toets niet los!^Laat uw vinger nog 5 seconden opde X- toets rusten, totdat cin deaanduiding verschijnt.^Tip de X- toets opnieuw zo vaakaan, totdat in de aanduiding dver-schijnt.^Tip ter bevestiging de Aan/Uit - toetsaan.Door de X- toets aan te tippen kunt ude lichtsterkte van de temperatuuraan-duiding wijzigen.Bij d0is de lichtsterkte maximaal.Bij d1wordt de lichtsterkte geredu-ceerd.dbetekent: Terug naar het menu.^Kies de door u gewenste lichtsterktedoor de X- toets aan te tippen.^Tip ter bevestiging de Aan/Uit - toetsaan.^Tip de X- toets opnieuw zo vaakaan, totdat in de aanduiding cver-schijnt.^Tip de Aan/Uit - toets aan.U zit nu niet meer in de instellingsmo-dus.De juiste temperatuur19

Deze koelkast is uitgerust met eenwaarschuwingssysteem dat in werkingtreedt wanneer de deur langer dan ca.2 minuten te lang openstaat.Daarmee wordt voorkomen dat er onno-dig veel energie wordt verbruikt en dathet voor de opgeslagen levensmid-delen te warm wordt.Wanneer de deur te lang openstaat,–gaat er een zoemer,–licht het controlelampje van de toetsvoor het uitschakelen van de zoemerrood op– en gaat het "Koelen" - symbool knip-peren.Zodra de deur wordt gesloten, houdtde zoemer op en gaan controlelampjeen symbool uit.Het voortijdig uitschakelen vande zoemerWanneer de deur langere tijd geopendmoet blijven en de zoemer u hindert,dan kunt u deze voortijdig uitschakelen.^Tip de toets aan voor het uitschake-len van de zoemer.De zoemer houdt op.Het controlelampje van de toets voorhet uitschakelen van de zoemer blijftbranden en het "Koelen" - symbool blijftknipperen totdat de deur weer geslotenwordt.Hoe kunnen wij het deuralarminschakelen?Zodra de deur weer dicht is, is hetdeuralarm automatisch klaar voor ge-bruik.

Het gebruik van de superkoe-lingMet behulp van de functie "Superkoe-ling" daalt de temperatuur in de koelzo-ne zeer snel zo laag mogelijk. Hoe laaghangt van de kamertemperatuur af.Het gebruik van de superkoeling isvooral dan aan te raden, wanneer ugrote hoeveelheden verse levensmid-delen of drank opslaat en snel wilt latenafkoelen.Het inschakelen van de superkoeling^Tip de Superkoeling - toets aan.De toets licht geel op.De koelcapaciteit van het apparaat ismaximaal, waardoor de temperatuur inhet apparaat daalt.Het uitschakelen van de superkoe-lingDe superkoeling wordt automatisch naca.

6 uur uitgeschakeld.De koelcapaciteit van het apparaat isweer normaal.Om energie te besparen kunt u de su-perkoeling zelf uitschakelen zodra delevensmiddelen of dranken koel ge-noeg zijn.^Tip de Superkoeling - toets aan.De gele kleur van de toets verdwijnt.De koelcapaciteit van het apparaat isweer normaal.De functie "Superkoeling"21

Gedeelten met verschillendetemperaturenDoor de natuurlijke luchtcirculatie ont-staan er in de koelzone gedeelten metverschillende temperaturen. Maak daar bij het inruimen van de le-vensmiddelen gebruik van. De koude, zware lucht zakt in het on-derste gedeelte van het apparaat. Dit is een apparaat met automa-tische DynaCool. Dat houdt in, dat altijd wanneer u dekoelzone inschakelt, het apparaatautomatisch de ventilator inschakelt. De koude in de koelzone wordt ge-lijkmatig verdeeld en de tempera-tuurverschillen in de koelzone zijnminder groot. Minst koele gedeelte in de koelzoneHet minst koele gedeelte in de koelzo-ne bevindt zich helemaal bovenin tegende deur. Gebruik dit gedeelte voor het opslaanvan boter zodat deze smeerbaar blijften voor kaas zodat deze zijn aroma nietverliest.

Koelste gedeelte in de koelzoneHet koelste gedeelte in de koelzone be-vindt zich direct boven de Perfect-Fresh-zone. In het vak / de vakken van de Perfect-Fresh-zone zijn de temperaturen even-wel nog lager. Gebruik deze gedeelten voor alle le-vensmiddelen die niet lang houdbaarzijn, zoals:–vis, vlees, gevogelte;–worst, kant-en-klaar-gerechten;–levensmiddelen waar eieren of roomin zijn verwerkt;–alle soorten deeg;–melkproducten;–in folie verpakte, voorgesnedengroente en in het algemeen alle ver-se groenten waarvan de houdbaar-heidsdatum alleen geldt bij een tem-peratuur van minstens 4°C. Bewaar geen stoffen in het apparaatdie drijfgassen of andere verstui-vingsmiddelen bevatten. Dit in verband met explosiegevaar. Plaats dranken met een hoog alco-holpercentage alleen rechtop en al-tijd goed gesloten in het apparaat inverband met explosiegevaar.

Leg de producten niet te dicht op el-kaar, zodat de lucht goed kan circu-leren.Dek de ventilator aan de achterkantniet af; deze is belangrijk voor dekoelcapaciteit.Voor het apparaat ongeschiktelevensmiddelenNiet alle levensmiddelen zijn geschiktom in de koelzone te worden bewaard.Hiertoe behoren:– Koudegevoelig fruit en koudegevoe-lige groenten zoals bananen, avoca-do's, papaja's, passievruchten, au-bergines, paprika, tomaten enkomkommers– Fruit dat nog niet rijp is– Aardappels– Parmezaanse kaasWaar u bij het kopen van le-vensmiddelen al op moetlettenLevensmiddelen blijven langer be-waard naarmate ze verser zijn op hetmoment dat ze in de koelzone wordengelegd. De versheid is bepalend voorde bewaartijd.Het is daarom belangrijk dat de tijd tus-sen het kopen en het inruimen van le-vensmiddelen zo kort mogelijk is. Laatze daarom niet te lang in een warmeauto liggen.

Al na twee uur neemt deversheid af en begint het bederf.Levensmiddelen afdekken ofniet?Bewaar levensmiddelen in de koelzonealleen afgedekt of verpakt.Zo voorkomt u dat er levensmiddelen-luchtjes vrijkomen en op andere levens-middelen worden overgedragen. Te-vens voorkomt u dat de levensmiddelenuitdrogen en dat mogelijk aanwezigebacteriën zich verspreiden.Wanneer u de juiste temperatuur instelten de koelzone regelmatig reinigt ver-meerderen bacteriën zoals salmonella'szich minder snel.In de PerfectFresh-zone kunnen sommi-ge levensmiddelen wel onafgedekt ofonverpakt worden bewaard.Onverpakte dierlijke en plantaardigelevensmiddelenBewaar onverpakte dierlijke en plant-aardige levensmiddelen apart van el-kaar.Moeten deze levensmiddelen bij elkaarworden bewaard, verpak ze dan inieder geval.

Door deze combi-natie zijn de levensmiddelen 1 tot 3x zolang houdbaar als in andere koelzones.KoeltemperatuurVoor verse, niet voor koude gevoeligelevensmiddelen ligt de optimale koel-temperatuur bij0-3°C,zoals die in dePerfectFresh-zone automatisch heerst.De levensmiddelen zijn dan mindersnel aan bederf onderhevig en kunnenzo veel langer worden bewaard dan ineen normale koelzone.LuchtvochtigheidDe luchtvochtigheid in de koelzone isoptimaal wanneer deze gelijk is aan hetnatuurlijke vochtgehalte van de levens-middelen.Het watergehalte van de levensmid-delen blijft dan voor een groot deel be-houden en de levensmiddelen blijvendan langere tijd knapperig en vers.Welke voordelen biedt de Per-fectFresh-zone?De levensmiddelen blijven maximaal 3xzo lang vers en dat betekent:–meer eetgenot door de versheid vande levensmiddelen,–meer opslagcomfort en–kostenbesparing door kwaliteitsbe-houd.Het opslaan in het droogte- envochtvakDe PerfectFresh-zone is in twee delenonderverdeeld, te weten het droogte-vak en het vochtvak, bij sommige mo-dellen de vochtvakken.DroogtevakHet droogtevak heeft een relatief ge-ringe luchtvochtigheid.

Deze is onge-veer gelijk aan de luchtvochtigheid diein de koelzone heerst.In het droogtevak gaat het dus voorna-melijk om de lage temperatuur van 0 °Cen minder om de luchtvochtigheid.Het droogtevak is geschikt voor de op-slag van levensmiddelen die niet langhoudbaar zijn, zoals–verse vis, schaaldieren, vlees, gevo-gelte, worst, zuivelproducten endelicatessen.Het opslaan in de PerfectFresh-zone24

Houd er rekening mee dat levensmid-delen sneller bederven, naarmate zemeer eiwit bevatten.Dat betekent dat schaaldieren snellerbederven dan vis en dat vis weer snel-ler bederft dan vlees.Bewaar schaaldieren en vis verpakt ofin een bakje.Vlees kan beter onverpakt worden be-waard.Het oppervlak van het vlees wordt on-verpakt sneller droog, de kans dat zichziektekiemen vormen wordt dan kleineren het vlees is dan langer houdbaar.Er zijn echter bepaalde vleessoortendie niet onverpakt bij elkaar kunnenworden bewaard.Gebeurt dat wel dan dragen de vlees-soorten ziektekiemen over en bederfthet vlees eerder dan nodig is.Vochtvak / VochtvakkenHet vochtvak heeft een regelaar waar-mee u de relatieve luchtvochtigheidkunt instellen.Schuif daartoe de regelaar op de ge-wenste stand, waarbij-staat voor een hoge luchtvochtig-heid,,staat voor een lage luchtvochtigheid.Is de regelaar op een hoge luchtvoch-tigheid -ingesteld, kan bij een goedgevuld vochtvak een luchtvochtigheidvan max.

90 % worden bereikt.De luchtvochtigheid hangt daarbij sterkaf van het soort en de hoeveelheid vande levensmiddelen, die in het vak zijnopgeslagen.Bedenk dat er alleen dan een hogeluchtvochtigheid kan worden bereikt endat deze alleen dan een gunstige in-vloed op de levensmiddelen heeft,wanneer de levensmiddelen onverpaktof luchtdoorlatend verpakt zijn.–Bij een hoge luchtvochtigheid -ishet vochtvak geschikt voor de opslagvan verse producten zoals groenten,kropsla, kruiden, champignons, koolen fruit.–Bij een lage luchtvochtigheid ,heerst er hetzelfde klimaat als in hetdroogtevak.Haal de levensmiddelen ca. 30 - 60minuten uit de PerfectFresh-zonevoordat u ze nuttigt.Pas bij kamertemperatuur komenaroma en smaak tot hun recht.Het opslaan in de PerfectFresh-zone25

Mogen alle levensmiddelen bijelkaar worden opgeslagen?Niet alle levensmiddelen kunnen samenin één vak worden bewaard.In de eerste plaats kunnen smaak engeur worden overgedragen (zo nemenwortels snel de smaak en geur van uienaan) en in de tweede plaats zijn er le-vensmiddelen die een natuurlijk gas(ethyleen) afscheiden, waar andere le-vensmiddelen heel gevoelig op reage-ren en daardoor veel sneller bederven.–Voorbeelden van groenten en fruitdie veel natuurlijke gassen af-scheiden:Bonen, appels, abrikozen, peren,nectarines, perziken, pruimen,avocado's, vijgen, bosbessen enmeloenen.– Voorbeelden van groenten en fruitdie erg gevoelig reageren op gas-sen van andere groente- en fruit-soorten:Broccoli, bloemkool, spruitjes, kiwi's,mango's, honingmeloen, appels,abrikozen, komkommer, tomaten, pe-ren, nectarines en perziken.Voorbeeld: Appels en broccoli kun-nen niet samen in één vak wordenopgeslagen, omdat appels veel na-tuurlijk gas afscheiden en broccoliop dit soort gas zeer gevoelig rea-geert.

PlateausDe plateaus kunt u in hoogte verstellenzodat er producten van verschillendehoogte kunnen worden neergezet /neergelegd.^Til het plateau iets op.^Trek het iets naar voren.^Til het met de uitsparing over deplateauribben heen.^Verplaats het naar boven of naar be-neden.De opstaande rand die aan de achter-kant zit moet naar boven wijzen, zodatde levensmiddelen niet met de achter-wand in aanraking kunnen komen eneraan vastvriezen.Met stopjes wordt voorkomen dat deplateaus er per ongeluk uit worden ge-trokken.Tweedelig plateauWanneer u hoge producten in het ap-paraat wilt plaatsen kunt u gebruik ma-ken van een glasplateau dat uit tweedelen bestaat.^Til het voorste gedeelte iets op enschuif het onder het achterste ge-deelte.Op het plateau daaronder kunnen danhoge producten worden neergezet /neergelegd.Wanneer u de twee gedeelten wilt ver-plaatsen, doe dan het volgende.^Haal ze uit het apparaat.^Plaats de beide plateauhouders aanweerszijden op de gewenste hoogteop de plateauribben.^Schuif eerst het gedeelte met de op-staande rand op de houders en deribben, daarna het andere gedeelte.Het indelen van de binnenruimte27

Vakken van de PerfectFresh-zoneDe vakken van de PerfectFresh-zonezijn op telescopische rails inschuifbaaren uittrekbaar.Bovendien kunnen ze worden verwij-derd om te worden gereinigd.^Trek het vak naar buiten en til het vande rails.Schuif de rails daarna weer naarbinnen om beschadigingen te ver-mijden.^Trek de plaat tussen de vakken voor-zichtig iets naar voren en haal hemuit het apparaat.Wilt u de plaat terugplaatsen,^til hem van onder naar boven in dehouders en schuif hem naar achterentotdat hij vastklikt.Wilt u het vak weer terugzetten,^trek de rails helemaal naar buiten a,^leg het vak daarop.De voorkanten van rails en vak moe-ten evenwijdig lopen b.^Schuif het vak naar binnen c.Deurvak, o.a.

voor eieren /Deurvak voor flessenWilt u deze vakken verplaatsen, doedan het volgende.^Til het vak uit het roestvrijstalenframe.^Schuif het frame naar boven.^Plaats het frame op de gewensteplaats.Let erop dat het goed vast zit.^Zet het vak weer in het frame.U kunt deze vakken ook uit het framehalen om er levensmiddelen in te leg-gen of er uit te halen.U kunt ze ook met de levensmiddelendirect op tafel zetten.Het indelen van de binnenruimte28

Universeel deurvak(Afhankelijk van het model)In het universele deurvak kunnen le-vensmiddelen worden bewaard en ookgeserveerd.Het universele deurvak bestaat uit eendiep vak aen een vlak vak b. Beidevakken kunnen als losse vakken in hetroestvrijstalen frame worden geplaatst.Wilt u het universele deurvak als ser-veerblad gebruiken,^zet het vlakke vak bdan in het roest-vrijstalen frame en gebruik het diepevak aals deksel,^haal het universele deurvak uit dehouder^en zet het op tafel.Fleshouder(Afhankelijk van het model)De fleshouder kunt u naar rechts oflinks verschuiven.Daardoor staan de flessen steviger alsu de deur van het apparaat opent ensluit.Wanneer u de fleshouder wilt schoon-maken adviseren wij u deze er hele-maal uit te halen.^Schuif de rand aan de voorkant vande fleshouder naar boven en klik defleshouder eruit.Het indelen van de binnenruimte29

Het ontdooien van de koelzoneen de PerfectFresh-zoneTerwijl de koelkast in werking is, kun-nen zich aan de achterwand van dekoelzone en de PerfectFresh-zone rijpen waterpareltjes vormen.Deze hoeft u niet te verwijderen, wantde koelzone en de PerfectFresh-zoneworden automatisch ontdooid.Het dooiwater loopt via het gootje voorhet dooiwater en via de afvoeropeningvoor het dooiwater in het verdampings-systeem aan de achterkant van het ap-paraat.Let erop dat het dooiwater altijd on-gehinderd weg kan lopen.Houd het gootje en de afvoerope-ning voor het dooiwater daaromschoon.Het automatisch ontdooien30

Gebruik nooit zand-, soda- , zuur-,chloride- of schuurmiddelhoudendereinigingsmiddelen of chemischeoplosmiddelen.Ongeschikt zijn ook zogenaamde"schuurmiddelvrije" schuurmiddelen,daar deze doffe plekken veroorza-ken.Gebruik voor het onderhoud van deroestvrijstalen gedeelten een middeldat daar geschikt voor is.Dit is verkrijgbaar bij de afdeling On-derdelen van Miele Nederland B.V.Let erop dat er geen water in deelektronica of de verlichting terecht-komt.Zorg ervoor dat er geen reinigings-water door de afvoeropening voorhet dooiwater loopt.Gebruik geen stoomreiniger.Stoom kan in aanraking komen metdelen van het apparaat die onderspanning staan en zo kortsluitingveroorzaken.Het typeplaatje in de binnenruimtevan het apparaat mag niet wordenverwijderd.De gegevens zijn nodig in het gevaler een storing optreedt.Vòòr het reinigen^Schakel het apparaat uit.^Trek de stekker uit het stopcontact.^Haal de te koelen producten uit dekoelkast en bewaar ze op een koeleplaats.^Haal alle toebehoren uit de koelkastdie kunnen worden verwijderd.^Haal de deurvakken uit het roestvrij-stalen frame.Het reinigen van de buitenkant,binnenruimte en de toebeho-ren^Reinig de buitenkant, binnenruimteen de toebehoren van de koelkastminstens één keer in de maand.^Gebruik daarvoor lauwwarm watermet wat reinigingsmiddel.^Reinig de toebehoren met de hand.^Reinig het gootje en de afvoerope-ning voor het dooiwater regelmatigmet een wattenstaafje of iets derge-lijks, zodat het dooiwater altijd onge-hinderd weg kan lopen.^Reinig de buitenkant, binnenruimteen toebehoren nog een keer met hel-der water en droog alles met eendoek.^Laat de deur van de koelkast kortetijd openstaan.Het reinigen en onderhouden van de koelkast31

^Reinig de roestvrijstalen gedeeltenmet een middel dat daar geschiktvoor is.^Wrijf deze gedeelten daarna in meteen middel dat geschikt is voor hetonderhoud van roestvrij staal.Het is belangrijk dat dit iedere keerna de reiniging gebeurt.Dit middel brengt een film over hetroestvrij staal aan, waarmee wordtvoorkomen dat het weer snel vuilwordt.Het reinigen van de ventilatie-roosters^Reinig de ventilatieroosters regelma-tig met een kwast of een stofzuiger.Wanneer zich stof ophoopt wordt er on-nodig energie verbruikt.Het reinigen van de deurdich-tingBehandel de deurdichting niet metolie of vet.Doet u dat wel, dan wordt de deur-dichting in de loop van de tijd po-reus.^Reinig de deurdichting regelmatig al-leen met helder water.^Wrijf deze daarna met een doekgrondig droog.Het reinigen van het metalenrooster aan de achterkant^Ontdoe het metalen rooster aan deachterkant van het apparaat (warmte-wisselaar) minstens eenmaal in hetjaar van stof.Wanneer er zich stof ophoopt wordt eronnodig veel energie verbruikt.Let er bij het reinigen van het meta-len rooster op dat er geen kabels ofandere onderdelen worden afge-scheurd, geknikt of beschadigd.Na het reinigen^Plaats alle toebehoren weer terug inde koelkast.^Steek de stekker weer in het stopcon-tact.^Schakel het apparaat weer in.^Schakel de superkoeling in, zodat dekoelkast snel koud wordt.^Leg de levensmiddelen weer terug inhet apparaat.^Sluit de deur van de koelkast.Het reinigen en onderhouden van de koelkast32

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele K 14827 SD stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden