Makita DBC340 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Makita DBC340 (22 pagina’s), behorend tot de categorie Grastrimmer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 37 mensen. Heb je een vraag over Makita DBC340 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

1
DBC 340
Gebruiksaanwijzing
Let op:
Lees voor de eerste inbedrijfname deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en neem alle
veiligheidsvoorschriften in acht. Gebruiksaanwijzing zorgvuldig bewaren!

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Makita
Categorie: Grastrimmer
Model: DBC340

Handleiding Makita DBC340 – volledige tekst

2Hartelijk dank voor uw vertrouwen. Wij willen graag dat u een tevreden MAKITA-klant bent. U heeftu keuze laten vallen op een der modernste MAKITA motor-zeisen. De motorzeis DBC 340 biedt u bij een gunstige aanschaffings-prijs modernste techniek, een ergonomische bouwvorm eneen hoog comfort aan bediening. De motor van de DBC 340met zijn optimaal cilinderontwerp, computerberekenderegelingstijden en een onderhoudsvrije elektronische ontstekingheeft in de profi-motorzeis MAKITA DBC 3300 reeds sindsjaren met succes zijn betrouwbaarheid bewezen. Hij blinkt uitdoor een hoog vermogen bij een vergelijkenderwijs laagbrandstofverbruik. De aandrijfas is voorzien van een zevenvoudige lagering eneen solide centrifugaalkoppeling voor zeer langdurig gebruik.

Door de vier kegelvormige holle-cel dempingselementen tus-sen draagbuis en handgrepen worden trillingen in hoge mateweggehouden van de gebruiker ook bij langdurig gebruik meteen minimum aan inspanning en comfortabel gewerkt kanworden. Alle belangrijke bedieningselementen zijn gebruikers-vriendelijk ondergebracht in de rechter handgreep. In het apparaat zijn de volgende octrooirechten in de praktijkgebracht: US 512606, EP 0696414, GBM 9412925. Om uw persoonlijke veiligheid te waarborgen en optimaalfunctioneren en optimale beschikbaarheid van de motorzeis tegaranderen, verzoeken wij u het volgende:Leest u voor de eerste ingebruikname van de motorzeisdeze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en neem alle deveiligheidsvoorschriften in acht. Niet-inachtneming kanlevensgevaarlijke verwondingen veroorzaken. Inhoudsopgave bladzijdeEU-conformiteitsverklaring. 2Verpakking. 2Omvang van de levering.

8Technische specificaties. 9Benaming van de onderdelen. 9INBEDRIJFNAMEMontage van de buishandgreep. 10Montage van de beschermkap. 10-11GereedschapsmontageMontage van het 4-tands slagmes. 11Montage van het 8-tands wervelblad (Accessoires). 11Montage van Struikgewasmes (Accessoires). 11Montage van de snoerkop (Accessoires). 12Montage van het snoersnijmes. 12Nastellen van het snoer. 12Brandstof / olie mengsel. 13Aanleggen van de draagriem. 14Uitbalanceren van de motorzeis. 14Motor starten. 15Instellen op standgas. 15REPARATIE EN ONDERHOUDSTAKENOnderhouds- en reinigingsvoorschriften. 16Snijgereedschap slijpen. 16Starterkabel vernieuwen. 17Terughaalveer vervangen. 17Luchtfilter schoonmaken. 18Bougie controleren / vervangen. 18Uitlaatdemperschroeven controleren. 19Benzine filter vervangen. 19Storingzoeken. 18Werkplaatsservice, reservedelen en garantie.

20Uittreksel uit de reserveonderdelenlijst. 20Aantekeninge. 21Lijst van service-adressen (zie bijlage)VerpakkingUw MAKITA motorzeis is afzonderlijk in een doos verpakt terbescherming tegen transportschade. Karton is een grondstof en is als zodanig geschikt voor tehergebruik, of kan in de grondstofkringloop teruggebrachtworden (oudpapierverwerking). RE YEU-conformiteitsverklaringDe ondergetekenden Junzo Asada en Rainer Bergfeldgemachtigd door DOLMAR GmbH, verklaren hiermede, datde apparaten van het merk MAKITA,Type: (387) DBC 340vervaardigd door DOLMAR GmbH, Jenfelder Str. 38, D-22045Hamburg, aan de fundamentele veiligheids- en gezond-heidseisen van de desbetreffende, EU-richtlijnen voldoen:EU-machinerichtlijn 98/37/ EG,EU-EMV-richtlijn 89/336/ EEG (gewijzigd door 91/263 EWG,92/31 EEG en 93/68 EEG),Geluidsemissie 2000/14/EG.

4VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENAlgemene voorschriftenOm een veilig gebruik te garanderen moet degene die hetapparaat bedient altijd deze gebruiksaanwijzing te lezen, omzich met de werking ervan vertrouwd te maken (1). Onvoldo-ende geïnstrueerde gebruikers kunnen zichzelf en anderendoor ondeskundig gebruik in gevaar brengen. - De motorzeis alleen uitlenen aan personen met ervaring inhet gebruik van een motorzeis. De gebruiksaanwijzing dientdaarbij overhandigd te worden. - Voor nieuwe gebruikers is het aan te bevelen, zich door deverkoper wegwijs te laten maken, om met de eigenschappenvan het motormaaien vertrouwd te raken. - Kinderen en jeugdige personen van beneden de 18 jaarmogen de motorzeis niet gebruiken. Voor jeugdigen boven 16jaar geldt dit verbod niet als zij in het kader van hun opleidingonder toezicht staan van een vakman.

- Het werken met de motorzeis vereist een hoge mate vanconcentratie. - Alleen in goede lichamelijke konditie werken. Alle werkzaam-heden rustig en precies uitvoeren. De gebruiker is verant-woordelijk ten opzichte van derden. - Nooit onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen werken(2). Persoonlijke beschermingsuitrusting- De kleding moet doelmatig zijn, d. w. z. nauw aansluitend,maar mag niet hinderen. Geen sieraden of kleding dragenwaarmee u in struikgewas verstrikt kunt raken. Alleen goed-gekeurde helmen gebruiken. Bij lang haar een haarnet dra-gen. - Om bij het maaien verwondingen aan hoofd, ogen, han-den, of voeten en schade aan het gehoor te vermijdenmoet de hierna omschreven beschermende uitrustinggedragen worden. - Het dragen van een veiligheidshelm wordt aangeraden; bijhet werken in bosgebieden is dit beslist noodzakelijk.

Deveiligheidshelm (1) moet regelmatig op beschadigingengecontroleerd worden en moet na maximaal 5 jaar ver-vangen worden. Alleen goedgekeurde helmen gebruiken. - De gezichtsbeschermer (2) van de helm houdt opstuivendsnijdsel of wegvliegende voorwerpen tegen.

Om verwondingvan de ogen te vermijden, moet bovendien een veiligheidsbrilals gezichtsbeschermer worden gedragen. - Om gehoorschade te voorkomen moet geschikte persoonlijkegehoorbescherming gedragen worden. (Oorbeschermers(3), oorproppen, oorwatten etc. ). Octaafbandanalyse op aanv-raag. - De bosbouw-veiligheidsjas (4) heeft signaalrode schouder-passen. De armen en de hals te allen tijde door kledingbeschermen. - De veiligheidsbroek (5) bestaat uit 22 lagen nylonweefselen beschermt tegen snijwonden. Het gebruik ervan wordtdringend aanbevolen. In ieder geval een lange broek dragenvan een stevige stof. - Werkhandschoenen (6) van een zware kwaliteit leer beho-ren tot de voorgeschreven uitrusting en moeten bij het werkenmet de motorzeis altijd gedragen worden.

5De omgang met brandstoffen / tanken- Bij het aftanken van de motorzeis moet de motor afgezetworden (11). - Roken en open vuur niet toegestaan (5). - Laat de motor afkoelen alvorens te tanken. - Brandstoffen kunnen oplosmiddelachtige substantiesbevatten. Huid- en oogcontact met mineraalolieproduktenvermijden. Draag bij het aftanken handschoenen. Vervangen reinig beschermende kleding regelmatig. Adem debrandstofdampen niet in. Het inademen van motor-brandstofdampen kan lichamelijk letsel veroorzaken. - Motorzeis vóór het bijtanken in een stabiele ligging brengen. - Mors geen brandstof of kettingolie. Als er toch brandstof ofolie gemorst is moet de motorkettingzaag directschoongemaakt worden. Zorg dat er geen brandstof op uwkleding terecht-komt. Als dat toch gebeurt kleedt u zich dandirect om. - Let erop dat er geen brandstof of kettingolie in de grondwegloopt (bescherming van het milieu).

Leg iets op de grondter bescherming. - Tank niet in afgesloten ruimten. Brandstofdampen verzamelenzich op de bodem (explosiegevaar). - Sluit de tankdoppen van brandstoftank goed en regelmatig oplekkage controleren. - Start de motorkettingzaag niet op dezelfde plek als waar ugetankt heeft (tenminste 3 meter verwijderd van de tankplaats)(6). - Brandstof is niet onbeperkt houdbaar. Koop niet meer dan ubinnen een redelijke tijd zult gebruiken. - Vervoer en bewaar brandstof alleen in goedgekeurde engewaarmerkte jerrycans. Sla brandstof zo op dat kinderen erniet bij kunnen. Inbedrijfname- Werk niet alleen, in noodgevallen moet er iemand in debuurt zijn (gehoorafstand). - Verzeker u ervan dat er zich geen kinderen of andere perso-nen binnen een straal van 15 meter van het apparaat bevin-den. Let hierbij ook op dieren.

Controleer: stevig zitten vanhet snijgereedschap, de gashendel moet bij het loslatenvanzelf naar 0 teruggaan, functie van de gashendelblokke-ring, snijgereedschap mag niet onbelast draaien, schone endroge handvatten, functie van de start/stopschakelaar, be-scherminrichtingen niet beschadigd en op de juiste plaatsvast gemonteerd zijn. Anders bestaat er gevaar van letsel. - Motorzeis alleen starten volgens gebruiksaanwijzing. Anderestart-technieken zijn niet toegestaan. - De motorzeis en de snijgereedschappen mogen alleen voorhet beschreven gebruiksdoel ingezet worden. - De motorzeis eerst na volledige montage en controlestarten. De machine mag uitsluitend geheel gemonteerdgebruikt worden. - Het snijgereedschap moet voorzien zijn van de bijbeho-rende beschermkap. Machine nooit zonder beschermkapgebruiken.

- Bij stationair draaien mag het snijgereedschap nietmeedraaien; zo nodig op standgas zetten. -Vóór het starten erop letten dat het snijgereedschap niet incontact komt met harde voorwerpen, b. v. takken, stenen etc. - Bij merkbaar veranderd gedrag van het apparaat de motoronmiddellijk afzetten. - Als het snijgereedschap met stenen of andere harde voor-werpen in aanraking gekomen is, direct de motor afzetten enhet snijgereedschap inspecteren. - Het snijgereedschap moet regelmatig op beschadigingengecontroleerd worden (eventuele haarscheuren door kloppen-klanktest- vaststellen). Na langer gebruik kunnen haarscheurt-jes in het bereik van de getande wortel (9) optreden. Bescha-digt snijgereedschap en snijgereedschap met haar-scheurtjes mogen in geen geval meer worden gebruikt. 360oSchemaafbeelding7815 meter63 meter59.

612936- De motorzeis alleen met schoudergordel gebruiken, en dezevóór aanvang van de werkzaamheden aanbrengen. Eengoede afstelling van de schoudergordel is noodzakelijk, omonnodig vermoeid raken te voorkomen. De motorzeis nooitmet één hand bedienen. - Bij het werken met de motorzeis deze altijd met beide handenvasthouden (10). Let er voordurend op dat u stavig staat. - De motorzeis moet zodanig gehante erd worden dat er geenuitlaatgassen ingeademd kunnen worden. Met de motorzeismag niet in gesloten ruimtes worden gewerkt; hij mag er ookniet in gestart worden. (vergiftigingsgevaar). Koolmonoxide-gas is reukloos. Uitsluitend op goed geventileerde plaatsenwerken. - Gedurende pauzes tijdens het werk en vóór de motorzeisalleen gelaten wordt, moet hij uitgeschakeld (11) en zoneergezet worden, dat niemand gevaar kan lopen.

- De hete motorzeis niet in droog gras of bij brandbare voor-werpen leggen. - Bij het veranderen van werkplek tijdens het werken moetde motor afgezet (11). - Machine niet gebruiken bij defecte uitlaatpot. Terugslag (kickback)Bij het werken met de motorzeis kan ongecontroleerde terugslagvoorkomen. Dit is vooral het geval, als er in het bereik tussen 12 en 2 uurgesneden wordt. (12). Bij vast materiaal (struiken, bomen etc. ) met een doorsnedegroter dan 2 cm, mag in dit bereik nooit aangezet worden voor hetsnijden. De motorzeis wordt daarbij ongecon troleerd met grote energienaar de zijkant weggeslingerd respectievelijk versneld (gevaarvan letsels. ). In het bereik 12-2 (Afb. 12) uur nooit aanzetten voor snijden. Terugslag vermijden (13):- Om terugslag te voorkomen, moet op het volgende geletworden:- Het snijden altijd observeren.

Wees voorzichtig als bij reedsbegonnen sneden verder gewerkt wordt. - Het snijgereedschap moet het volle werktoerental bereikthebben voordat met maaien mag worden begonnen. - In het bereik tussen 12 en 2 uur bestaat verhoogd gevaar voorterugslag, in het bijzonder bij gebruik van metalen snijwerk-tuigen.

7141516Werkomstandigheden en -techniek- Alleen bij goed zicht en goede verlichting werken. In dewinter bijzonder letten op gladheid, nattigheid, ijs en snee-uw (uitglijgevaar). Zorg ervoor dat u stabiel staat.- Nooit boven schouderhoogte maaien.- Nooit staande op een ladder werken.- Nooit met de motorzeis in een boom klimmen en werk-zaamheden uitvoeren.- Nooit werken op een onstabiele on dergrond.- Het maaibereik van vreemde voorwerpen, b.v. stenen,ontdoen.

Vreemde voorwerpen kunnen terugstuiten (gevaarvan verwondingen, 14), zij beschadigen het snijgereedschapen kunnen tot gevaarlijke terugslag (kickback) leiden.- Het snijgereedschap moet het volle werktoerental bereikthebben voordat met maaien mag worden begonnen.Gebruiksgebied van de snijgereedschappenDe snijgereedschappen (15) alleen voor het aangegeven doelgebruiken!Snoersnijkop met 2 snoeren:Uitsluitend voor het maaien nabij muren, hekwerken, graskan-ten, bomen, palen etc. (afwerken na het grasmaaien).Wervelblad met 8 tanden, Slagmes met 4 tanden enstruikgewasmes:Voor het snijden van stevig materiaal zoals: onkruid, hooggras, hakhout, struiken, wildgroei e.d. met een maximaledoorsnede van 2 cm.

Bij deze werkzaamheden wordt demotorzeis van rechts naar links in een halve cirkel heen enweer bewogen (16, zoals bij een handzeis).Vervoer- Bij het vervoer en bij plaatsverandering tijdens hetwerk moet de motorzeis stil worden gezet om tevoorkomen, dat het snijgereedschap ongewild begintte draaien.- Draag of vervoer de motorzeis nooit bij lopendsnijgereed-schap!- Bij vervoer over een grotere afstand moet in ieder geval demeegeleverde snijderbeschermkap worden aangebracht.- Bij vervoer in de auto moet de motorzeis zo geplaatstworden, dat er geen brandstof kan uitlopen.- Bij verzending van de motorzeis moet de brandstoftankgeheel leeg zijn.4-tands slagmes8-tands wervelbladSnoersnijkop met2 snoerenStruikgewasmes

8Opslag- De motorzeis veilig in een droge ruimte opslaan en debeschermkap voor metalen snijwerktuigen aanbrengen. Bergde motorzeis ontoegankelijk voor kinderen op. - Bij langere opslag de motorzeis door een MAKITAservicewerkplaats grondig laten nakijken en een onder-houdsbeurt laten ondergaan. - Bij langere opslag van de motorzeis moet de brandstoftankgeheel worden leeggemaakt en de vergasser leeggedraaid. Brandstoffen zijn slechts beperkt houdbaar en kunnen in detank of in de vergasser afzetting vormen. - Brandstofresten in reservetanks voor andere motorengebruiken of ontzorgen. Onderhoud- De goede werking van de machine, in het bijzonder vansnijgereedschap, beschermingsinrichting en schoudergor-del, moet telkens vóór aanvang van de werkzaamhedengecontroleerd worden. In het bijzonder moet erop gelet wor-den dat het snijgereedschap volgens voorschrift is geslepen.

ATTENTIE: Metalen snijgereedschappenn mogen enkel enalleen door een servicewerkplaats worden nageslepen. Een niet vakkundig nageslepen snijwerktuig kan tot onbalansleiden en wordt daardoor tot een aanzienlijk verwondings-risico. Bovendien kunnen door vibraties schade aan hetapparaat ontstaan. - Bij het wisselen van snijgereedschap, het schoonmaken vanhet apparaat en van het snijgereedschap etc. moet de motorworden afgezet en de bougiestekker afgenomen. - Beschadigd snijgereedschap mag niet gericht of gelast worden. - De machine moet zo geluidsarm mogelijk en met zo minmogelijk schadelijke uitlaatgassen gebruikt worden. Hierbij iseen correcte afstelling van de vergasser zeer belangrijk. - De motorzeis regelmatig reinigen en alle schroeven en moe-ren controleren op loszitten. - Onderhoud en opslag van de motorzeis moet niet in denabijheid van open vuur geschieden (17).

In geen geval veranderingen in de constructie van demotorzeis aanbrengen. Uw brengt daarmee uw veiligheidin gevaar. Onderhouds- en montagewerkzaamheden mogen alleen uit-gevoerd worden voorzover deze in deze gebruiksaanwijzingbeschreven zijn. Alle verdere werkzaamheden moeten door deMAKITA service uitgevoerd worden (18). Slechts originele MAKITA onderdelen en toebehoren gebrui-ken. Bij gebruik van nietoriginele MAKITA onderdelen, toebehorenof gereedschappen moet er met een groter gevaar van ongelukkenrekening worden gehouden. Bij ongelukken of schade als gevolg vanniet geautoriseerde snijgereedschappen, bevestigingen van snijge-reedschappen of accessoires vervalt iedere aansprakelijkheid. Eerste Hulp (E. H. B. O. )Voor eventuele ongevallen dient altijd een verbanddoos op dewerkplek aanwezig te zijn. Gebruikt materiaal direct weer aanvullen.

Als u om hulp vraagt, geeft u dan de volgende informatie:- Waar gebeurde het- Wat gebeurde er- Hoeveel gewonden- Aard van de verwondingen- Noem uw naam. Aanwijzing: Bij personen met circulatiestoornissen kunnen vaakoptredende vibraties tot beschadiging van do bloedvaten of vanhet zenuwstelsel leiden. Door vibraties aan vingers, handen ofpolsen kunnen de volgende symptomen optreden: inslapen vanlichaamsdelen, prikkelen, pijn steken, verandering van dehuidkleur of van de huid. Bij het waarnemen van zulke symptomen moet u een dokteropzoeken. 20191817SERVICE.

9Technische specificaties DBC 3401) Bij gebruik van MAKITA snoerkoppen wordt het geoorloofde maximumtoerental van de snoerkoppen niet overschreden. 2) Opgaves houden in gelijke delen rekening met de bedrijfstoestanden stationair en maximum toerental. 3) Bij maximaal vermogenCilinderinhoud cm333Boring mm 37Slag mm 31Nominaal vermogen vlgs. ISO 8893 kW 1,6Nominaal toerental 1/min 9. 000Max. motortoerentalbij een ééndelig metalen snijwerktuig 1)1/min 13. 500Max. toerental van de gereedschapsasbij een ééndelig metalen snijwerktuig 1)1/min 10. 800Stationair toerental 1/min 2. 500Koppeltoerental 1/min 3. 300Vergasser (membraanvergasser) Typ WALBRO WT-387Ontsteking Typ TransistorontstekingBougie Typ CHAMPION RCJ6YElektrodenafstand mm 0,5 - 0,8Geluidsniveau LWA av vlgs. ISO 10884 2)dB (A) 108Geluidsdruk LpA av op de werkplek vlgs. ISO 7917 2)dB (A) 98Zwaaiversnelling ah,w vlgs.

10ATTENTIE: Bij alle werkzaamheden aan de motorzeis teallen tijde de motor afzetten, de bougiestekkereraf trekken en werkhandschoenen dragen. ATTENTIE: De motorzeis mag alleen na volledige montageen controle worden gestart. A- De schroeven (A/1) en het buishandgreepklemstuk (A/2)vindt u in de bijpakking. - Buishandgreep (A/3) zoals afgebeeld in de buishand-greepconsole (A/4) leggen (de knik in de buis ca. 1 cmbuiten de console). B- Het greepklemstuk (B/2) aanbrengen en door gelijkmatigindraaien van de schroeven (B/1) evenwijdig met debuishandgreepconsole in lijn brengen. - De schroeven slechts lichtelijk aandraaien. - De buishandgreep ca. 10 tot 20° naar voren zwenken(Afb. C) en de schroeven (B/1) vast aandraaien. OPMERKING:De schuine stand van de buishandgrepen moet op de lic-haamsgrootte worden ingesteld.

11De bevestigingsplaat (A/1) heeft, afhankelijk van de keuze vansnijgereedschap (snoersnijkop of metalen snijgereedschap-pen), een bepaalde montagepositie. De beschermkap kan inhoge of lage positie gemonteerd worden. Positie (A) moet gekozen worden bij gebruik van de snoer-snijkop (A/3). Positie (B) van de bevestigingsplaat moet gekozen wordenbij gebruik van de volgende metalen snijgereedschappen:• 4-tands slagmes• 8-tands wervelblad• 3-tands mes- Ter montage de beschermkap op de opname aan hethoekdrijfwerk leggen, de bevestigingsplaat al naar gelanghet gekozen snijwerktuig (A of B) op de beschermkapzetten en de bevestigingsschroeven (A/2) met de hoek-sleutel (onderhoudsgereedschap) vastdraaien. Bij de montage van metallieke gereedschappen beslist demotor uitschakelen en veiligheids-handschoenen dragen. B-Bevestigingsmoer (B/1) met de klok mee van de as af-draaien.

Opgelet: De bevestigingsmoer heeft link se draad. - Drukschijf (B/2) en opnameschijf (B/3) eraf halen. - De spoelbescherming (B/4) monteren (zie afbeelding),waarbij het gat (B/5) op één lijn met de uitsparing (B/6)aan het hoekdrijfwerk moet staan. C- Opnameschijf (C/3) er weer opleggen (let op de montage-stand). - De hoeksleutel (C/7 - het korte eind) door de spoelbescher-mer en de opneemschijf in de uitsparing (B/6) aan hethoekdrijfwerk steken (hoekdrijfwerk blokkeren). 13245637D- Gereedschap (D/8) en daarna de drukschijf (D/2) zoals opde afbeelding getoond wordt erop leggen. - Bevestigingsmoer (D/1) erop schroeven en met de combi-sleutel tegen de klok in vastdraaien. Attentie. De afbeelding toont het 4-tands slagmes. Bijhet opleggen van het wervelblad met 8 tanden beslistop de draairichting letten (pijl op gereedschap enbeschermkap).

- De hoeksleutel wegnemen en het vrijlopen van hetsnijgereedschap controleren. 8 Positie A Positie BSTOPSTOP12A3 2121Montage van het struikgewasmes, van het 4-tands slagmes of van het 8-tands wervelbladBij gebruik van de bovenstaande gereedschappen debeschermkap met de bevestigingsplaat in de montagestand(B) monteren (zie “Montage van de beschermkap”).

12E9FMontage van hetsnoersnijmesHet snoersnijmes met de bijbehorende schroef bevindt zich inde bijverpakking. - Het snoermes (F/10) wordt, zoals op de afbeelding te zienis met schroef aan de beschermkap bevestigt. Opgelet:Als de snoerlengte bijgesteld is (zie „Nastellen van de snoer“,snijdt het snoermes de snoereinden tijdens het werk auto-matisch op dezelfde lengte af. Let op:De snoerlengte alleen bij uitgeschakelde motor bijstellen. 10G- Huis (G/11) vasthouden en het deksel van het huis (G/12)stevig tegen de veerdruk in, in de richting van de pijl trek-ken tot het deksel van het huis (G/12) tegen de richting vande wijzers van de klok in gedraaid kan worden. - Deksel van het huis weer loslaten en nu zover tegen derichting van de wijzers van de klok verder draaien, tot hetvanzelf weer inklikt. - Snoereinden (G/13) tot de aanslag eruit trekken.

Handelingherhalen tot een snoerlengte van ongeveer 15 cm ver-kregen is. Een uitgebreide beschrijving voor het vervangen van hetsnoer wordt met de snoersnijkop meegeleverd. 111312Schematische Darstellung12STOPNastellen van het snoerSTOPMontage van de snoerkopVóór het monteren van de snoerkopin elk geval de motor uitschakelenen de bougiestekker aftrekken. Bij gebruik van de snoerkop de beschermkap met bevesti-gingsplaat in de montagestand (A) zetten (zie „Montage vande beschermkap“). Het snoermes moet beslist gemonteerdworden. (Zie „Montage van het snoermes“). STOP- De bevestigingsmoer (E/1) met de klok mee van de asafschroeven. Drukschijf (D/2) afnemen. Debevestigingsmoer en de drukschijf samen met hetonderhoudsgereedschap opbergen. - Zo nodig moet de spoelbeschermer worden gemonteerd(zie Afb. B). - Snoerkop (E/9) tegen de klok in op de as schroeven.

13De motor van de motorzeis is een tweetaktmotor met eengroot vermogen die werkt op een mengsel van brandstof entweetaktolie. De motor is ontworpen voor gebruik van normale benzine meteen minimaal octaangetal van 91 ROZ. Is deze brandstof nietbeschikbaar, dan kunnen ook brandstoffen met een hogeroctaangetal gebruikt worden. Hierdoor ontstaat geen schadeaan de motor, wel moet rekening gehouden worden met eenvermindering van de prestaties. Dit is ook het geval bij gebruik van loodhoudende benzine. Gebruik daarom voor een optimale motorwerking en terbescherming van gezondheid en leefmilieu alleen lood-vrije brandstof. Voor de smering van de motor wordt tweetaktmotorolie(kwaliteitsklasse API-TC) gebruikt; deze wordt bij de benzinegemengd. De motor is ontworpen voor MAKITA HP 100tweetaktolie met een milieuvriendelijke mengverhouding van100:1.

Hierdoor wordt een lange levensduur en eenbetrouwbare, rookarme werking van de motor gewaarborgd. MAKITA HP 100 kwaliteitstwee-takt olie is leverbaar in devolgende verpakkingen:0,5 l Bestelnummer 980 008 609MAKITA kwaliteitstwee-olie is afhankelijke van het verbruikleverbaar in de volgende verpakkingen:1 l Bestelnummer 980 008 607100 ml Bestelnummer 980 008 606Indien er geen MAKITA tweetaktolie beschikbaar is moet eenmengverhouding van 40:1 bij gebruik van andere tweetakto-liën aangehouden worden, aar anders problemen kunnenoptreden. Het verkrijgen van de juiste mengverhouding:50:1 Bij gebruik van MAKITA tweetaktolie, d. w. z. 50 delenbrandstof mengen met 1 deel olie. 100:1 Bij gebruik van MAKITA HP 100 tweetaktolie, d. w. z. 100 delen brandstof mengen met 1 deel olie. 40:1 Bij gebruik van andere tweetaktoliën, d. w. z. 40 delenbrandstof mengen met 1 deel olie.

Aanwijzing:Voor een juist brandstof/olie mengsel de olie voormengen inde helft van de totaal gewenste hoeveelheid brandstof, daarnade rest van de brandstof toevoegen. Voor het vullen van detank van de motorzeis eerst het mengsel goed schudden.

Het is niet zinvol uit overdreven veiligheidsbewustzijn hetolie-aandeel in het tweetaktmengsel te vergroten ten opzichtevan de aangegeven mengverhouding. Hierdoor ontstaanmeer verbrandingsresten, deze belasten het milieu en ver-stoppen het uitlaatkanaal in de cilinder evenals de geluids-demper. Verder stijgt het brandstofverbruik en neemt hetvermogen af. B- Om de tankdop heen (B/1) goed schoonmaken, opdatgeen vuil in de brandstoftank terecht komt. - Tankdop (B/2) eraf schroeven en het brandstofmengselvoorzichtig tot aan de onderkant van de vulopeninginvullen. Voorzichtig vullen om geen brandstof te morsen. - Tankdop weer goed vastdraaien. Tankdop en omgeving na het tanken reinigen. NEEM ALLE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN IN ACHT. De omgang met brandstoffen vereist een voorzichtigeen zorgvuldige handelwijze. Uitsluitend bij uitgeschakelde motor.

TankenBrandstof / olie mengselHUID- EN OOGCONTACT VERMIJDEN. Met brandstoffen dient voorzichtig en zorgvuldig te wordenomgegaan. Brandstoffen kunnen stoffen bevatten die als oplos-middel werken. Alleen in goed geventileerde ruimten of in deopen lucht tanken. Brandstofdampen niet inademen, huidcon-tact met brandstof en minerale oliën vermijden. Mineraleolieprodukten, ook oliën, ontvetten de huid. Bij herhaaldelijk enlangdurig contact droogt de huid uit. Diverse huidziektenkunnen hiervan het gevolg zijn. Bovendien zijn allergischereacties bekend. Contact van de ogen met olie veroorzaaktirritaties. Bij oogcontact direct het betreffende oog met schoonwater uitspoelen. Bij aanhoudende irritatie direct een arts bezoeken. BrandstofopslagBrandstoffen zijn niet onbeperkt houdbaar. Telkens slechtseen hoeveelheid brandstof inkopen voor ongeveer 4 wekengebruik.

14Aanleggen van de draagriemC- Schoudergordel over beide schouders leggen, zodat deheupplaat (C/3) aan de rechterzijde hangt.- Schoudergordel zodanig afstellen dat de borstplaat (C/4)op de borstkas rust.D- Met de borstriemen de hoogte van de heupplaat zodanigafstellen dat de bevestigingshaak ongeveer een hand-breedte boven het heupbot zit.- Voor het openen van de schoudergordel borstplaten vanelkaar nemen.

Schoudergordel en borstplaten kunnen dansnel afgelegd worden.3Uitbalanceren van de motorzeisEF- Voor het afnemen van de motorzeis eerst de sper (F/6)indrukken, en dan de motorzeis afhaken.546- Motorzeis tanken en aan de bevestigingshaak (E/5) vande heupplaat inhangen.- Voor het uitbalanceren van de motorzeis kunnen de 5boringen in het gatenprofiel gebruikt worden.G- De afstand tot de grond is afhankelijk van het gekozensnijgereedschap.- Bij het gebruik van de snoersnijkop op vlak terrein moet desnoerkop lichtelijk op de grond staan, zonder daarbij hetapparaat met de hand te bewegen.- Bij het werken met slagmes of wervelblad, evenals bijmoeilijk terrein moet: het snijgereedschap ca. 30 cm vrijvan de grond blijven wanneer de machine niet met dehanden wordt vastgehouden.

De motorzeis mag alleen na volledige montage en controleworden gestart!Starten- Op minstens 3 m afstand van de plek waar getankt wordt.- In een veilige positie gaan staan en de motorzeis zóneerleggen, dat het snijgereedschap de grond of anderevoorwerpen niet aanraakt.Koude startBInstellen op standgasATTENTIE: Het afstellen van de ver-gasser moet uitsluitend door eenMAKITA Servicewerkplaats geschie-den.5CDe motorzeis moet vóór het instellen op standgas 3 tot 5minuten warmlopen.Het indraaien (met de klok mee) van de standgasschroef(S, C/6) leidt tot sneller lopen van de motor; terugdraaien(tegen de klok in) laat de motor langzamer lopen.In de stationairgang mag het snijgereedschap niet meedraaien!Als het snijgereedschap bij de stationairgang toch meedraaitmoet de servicewerkplaats worden opgezocht.6STOP- Chokehendel (B/5) tot aan de aanslag uittrekken.- Motorzeis met een hand, zoals afgebeeld, vasthouden.- Startergreep langzaam uitrekken totdat u weerstand voelt,dan snel en krachtig verder uittrekken.- Starterkabel niet helemaal tot het einde uittrekken en degreep niet vrij terug laten schieten, maar langzaamterugbrengen.- Het starten herhalen totdat de eerste ontstekingen tehoren zijn.- Chokehenbel (B/5) er weer indrukken en opnieuw aande starterkabel trekken tot de motor aanloopt.- Nadat de motor begint te lopen de gashendel (A/3)doordrukken en onmiddellijk weer loslaten, de halfgasstandklikt uit.- Voor gebruik met vol gas de motor ca.

16REPARATIE EN ONDERHOUDSTAKENATTENTIE: Bij alle werkzaamheden aan de motorzeis teallen tijde de motor afzetten, de bougiestekkereraf trekken en beschermende handschoenendragen. ATTENTIE: De motorzeis mag alleen na volledige montageen controle worden gestart. Snijgereedschap slijpenOpgelet: De volgende snijgereedschappen mogen alleen dooreen servicewerk-plaats geslepen worden, omdat het met dehand slijpen onbalans in het snijge-reedschap en trillingenen schade aan de machine veroorzaakt. • 4-tands slagmes• 8-tands wervelblad• struikgewasmesVakkundig slijpen en uitbalanceren wordt door iedereMAKITA service-werkplatts uitgevoerd. Opmerking: het 4-tands slagmes kan ter verlenging vande gebruiksduur één keer worden omgedraaid, totdat debeide snijkanten bot zijn. Algemeen Motorzeis in zijn geheel Van buiten schoonmaken en op beschadigingen controleren.

Bij beschadigingen direct een vakkundige reparatie latenuitvoeren. Voor iedere Snijgereedschap Op beschadigingen, scherpte en vastzitten controleren 11inbedrijfnameSchroeven en moeren Toestand en vastzitten controleren 10,11,12,STOP-schakelaar, 18,19veiligheids sperschakelaar,gashendel Werking controleren. 15Brandstoftankdop Controleren op goede afsluiting. Standgas Controleren: het snijgereedschap mag niet meedraaien 15Na iedere Luchtfilter Reinigen 18buitenbedrijfstelling Bij het werken onder extreem stoffige omstandighedenKoelluchtsleuven vaker schoonmaken; controleren op beschadigingen. 9Wekelijks Starterkabel Op beschadigingen controleren 17Bougie Werking en staat controleren, indien nodig vervangen.

18Iedere 3 maanden Benzine filter Vervangen 19Brandstoftank ReinigenJaarlijks Motorzeis in zijn geheel Door een vakwerkplaats laten nakijkenVóór een langere Motorzeis in zijn geheel Onderhoud door een MAKITA servicewerkplaats laten 8buitenbedrijfstelling uitvoeren. Veilig in een droge ruimte opbergen.

8en opslagBrandstoftank Leegmaken en reinigen 8Carburateur Leeg draaien 8Metalen snijgereed Schoonmaken en licht inoliÎn. schappen Beschermkap snijgereedschap aanbrengen. BladzijdePeriodieke onderhouds- en reingingsvoorschriftenVoor een lange levensduur en ter voorkoming van schade moeten de hieronder vermelde onderhoudswerkzaamheden regelmatiguitgevoerd worden. Aanspraken op garantie worden alleen geaccepteerd als deze werkzaamheden regelmatig en volgens devoorschriften uitgevoerd zijn. Gebruikers van motorzeisen mogen alleen de onderhouds- en reinigingswerkzaamheden uitvoeren die beschreven zijn in dezegebruiksaanwijzing. Alle overige werkzaamheden mogen alleen worden uitgevoerd door een MAKITA service werkplaats. Iedere keer na 50 tankvullingen een grondige onderhouds- en een volledige nakijkbeurt van de motorzeis door een MAKITAservice werkplaats laten uitvoeren. DSTOP.

17Starterkabel vernieuwenA- Vier schroeven (A/1) losdraaien en de starterkabel (A/2)afnemen. Als de starterkabel niet stuk is, moet de remveer wordenontspand. - De startergreep er ca. 30 cm uittrekken. Kabeltrommelvasthouden en de kabel met een schroevedraaier of der-gelijke uit de behuizing halen. De kabel in de kerving (D/10)haken en vasthouden. De kabeltrommel voorzichtig doorde veerkracht terug laten draaien. 2B- Schroef (B/3) eruitdraaien en met schijf (B/4) verwijderen. ATTENTIE: Gevaar van verwonding. Die remveer kan eruitspringen. Vóór het aftrekken van de kabeltrommel (B/5)het starterhuis met een lap afdekken. - De kabeltrommel (B/5) er voorzichtig aftrekken. - Oude kabelresten verwijderen. C3455- Een nieuwe kabel (ø 3,0 mm, 1150 mm lang) zoals in Afb. C getoond inrijgen en aan beide uiteinden een knoopleggen. - Knoop (C/6) in de kabeltommerl (C/5) aanbrengen.

- Knoop (C/7) door de startgreep (C/8) halen. - De kabeltrommel in het starterhuis plaatsen en daarbij opde opname van de remveer (C/9) letten. De kabeltrommelbij het inzetten zo nodig iets verdraaien totdat deze voel-baar inklikt. - Schijf (B/4) inzetten en schroef (B/3) erin- en vastdraaien. D10- De kabel in de kerving (D/10) aan de kabeltrommel hakenen de trommel met de kabel 7 tot 8 slagen tegen de klokin opwikkelen. - Kabeltrommel vasthouden en met de startergreep de kabelstraktrekken. Verdraaiingen in de kabel wegwerken. - Kabel door de gespannen kabeltrommel laten opwikkelen. ATTENTIE: Gevaar van letsel. De uitgetrokken startgreepvastmaken, daar deze terugschiet als de kabeltrommel perongeluk losgelaten wordt. OPMERKING: Bij een volledig uitgetrokken starterkabelmoet de kabeltrommel minstens één volle slag tegen deveerkraft in verder kunnen worden gedraaid.

Vóór het aftrekken van de kabeltrommel(B/5) het starterhuis met een lap afdekken. Reserve-terughaalveren zijn bij levering reeds in een draa-dring gespannen. De nieuwe terughaalveer moet vóór hetaanbrengen met universeelvet, Bestelnr. 944 360 000, lichtelijkingevet worden. - De gespannen veer met de draadring in het ventilatorhuisdrukken. Daarbij wordt de draadring er automatischafgestroopt. Voor montage van de kabeltrommel en de starterkabel, zie„Starterkabel vernieuwen“). OPMERKING:Oude veren in de recycling-afval ontdoen. STOP18769RE Y.

18FATTENTIE:Bougie of bougiedop mogen niet bij lopende motor aan-geraakt worden (hoogspanning!).Onderhoudswerkzaamheden uitsluitend bij uitgescha-kelde motor uitvoeren.Bij hete motor gevaar van verbranding. Beschermhand-schoenen dragen!Bij beschadiging van de isolator, sterke verbranding van deelektroden, of sterk vervuilde electroden, moet de bougievervangen worden.- Bougiestekker (F/15) van de bougie af trekken.

De bougieuitsluitend met de meegeleverde combisleutel eruitnemen.ATTENTIE: Bij vervanging uitsluitend de bougie CHAMPIONRCJ-6Y, NGK BPMR 7A.Elektroden afstandDe elektrodenafstand moet 0,5 - 0,8 mm zijn.G- Afdekkap erafnemen, zie „Geluidsdemperschroevencontroleren“.- Houd de uitgeschroefde bougie stevig aangesloten op debougiekabel met een geïsoleerde tang tegen de cilinder-kop (niet in de buurt van het bougiegat!).- Start/Stop schakelaar in de stand „I“ zetten.- De starterkabel krachtig doortrekken.Bij een correct functioneren moet er een vonk zichtbaar zijntussen de elektroden.0,5 - 0,8 mm1516Luchtfilter schoonmakenE- Schroef (E/11) losdraaien en de filterdeksel (E/12) naarbeneden kippen.

Chokehendel (E/13) uittrekken om tevoorkomen dat er vuil of stof in de vergasser komt.- Verwijder het filterdeksel (E/14) en met een kwast of zachteborstel reinig.11121413ATTENTIE:Om verwondingen aan de ogen te vermijden, vuildeeltjeser niet uitblazen.- Sterk vervuilde luchtfilters in lauwwarm water met eengewoon afwasmiddel uitwassen.- Bij grove vervuiling vaker schoonmaken (meermaals perdag), daar alleen een zuivere luchtfilter garandeert eenoptimale werking van de motor.-Vóór het aanbrengen van de luchtfilter: aanzuigopeningop eventueel erin gevallen vuildeeltjes controleren. Dezemet een kwast verwijderen.- Luchtfilter goed droogmaken en weer samenvoegen.ATTENTIE:Beschadigte luchtfilters onmiddelijk vervangen! Af-gescheurde stukken weefsel en grof vuil kunnen de motoronherstelbaar beschadigen.STOPBoudie controleren /vervangenSTOPControle van de bougievonk

19storing systeem constatering oorzaakmotor start slecht ontsteking vonk aanwezig fout in brandstof toevoer,of helemaal niet compressie systeem, mechanische foutgeen vonk STOP-schakelaar bediend, fout of kortsluitingin de bekabeling, bougiedop defect, bougiedefect, ontstekingsmodule defectbrandstof- brandstoftank is vol choke in verkeerde positie, vergasser defect,toevoer zuigkop vervuild, brandstofleiding geknikt ofonderbrokencompressie- inwendige van de machine cilindervoet pakking defect, beschadigde radialesysteem afdichtringen, cilinder of zuigerringenbeschadigduitwendige van de machinebougie dicht niet goed afmechanische starter grijpt niet aan veer in de starter gebroken, gebrokenfout onderdelen in de motorproblemen met warme vergasser Brandstof in tank vergasser instelling incorrectstart vonk aanwezigmotor start, stopt echter brandstof brandstof in de tank stationaire instelling niet correct, zuigkop ofdadelijk weer verzorging vergasser vervuild.

Tankbeluchting defect, brandstofleiding onder-broken, kabel beschadigd, STOP-schakelaar beschadigdverminderde prestaties meerdere Machine loopt stationair luchtfilter vervuild, vergasserafstelling fout,systemen kunnen uitlaatdemper aangekoekt, uitlaatkanaal in detegelijkertijd cilinder aangekoektbetrokken zijnStoringzoekenC5Benzine filter vervangenDe door de vergasser aangezogen brandstof wordt via hetvilt (C/5) van de zuigkop gefilterd. Het vilt moet regelmatig bekeken worden. Hiervoor moet dezuigkop met een draadhaak door de tankdopopening ge-trokken worden. Verhard, vervuild of verkleefd filtervilt ver-vangen door nieuw vilt. Bij onvoldoende aanvoer van brandstof bestaat het gevaar dathet maximaal toegestane toerental van de motor over-schreden wordt. Om een probleemloze brandstoftoevoer aande vergasser te garanderen moet het filtervilt ongeveer eensper kwartaal vervangen worden.

20Werkplaatsservice, reservedelen en garantieOnderhoud en reparatiesOnderhoud en reparatie van moderne motorzeisen evenals de veiligheidsgevoelige hoofdonderdelen vereisen een gekwalificeerdevakopleiding en een van speciaal gereedschap en testapparatuur voorziene gespecialiseerde werkplaats. MAKITA adviseert daarom alle niet in deze gebruiksaanwijzing omschreven werkzaamheden door een MAKITA service-werkplaatsuit te laten voeren. De vakman beschikt over de noodzakelijke opleiding, ervaring en uitrusting om u steeds met zo weinig mogelijkkosten een oplossing te bieden en helpt u met raad en daad. In de bijgeleverde lijst vindt u de dichtstbijgelegen servicewerkplaats. ReserveonderdelenBetrouwbaarheid, levensduur en veiligheid van uw machine is ook afhankelijk van de kwaliteit van de gebruikte reserveonderdelen.

Alleen originele MAKITA-reserveonderdelen gebruiken, die door het teken zijn gekenmerkt. Alleen de originele onderdelen komen uit dezelfde fabriek als de machine en garanderen daarom de beste kwaliteit van materiaal,maatvastheid, werking and veiligheid. Originele reserveonderdelen en accessoires zijn verkrijgbaar bij uw vakhandelaar. Deze beschikt over de noodzakelijke reserve-onderdelenlijsten en wordt doorlopend op de hoogte gehouden van verbeteringen en veranderingen in het aanbod vanreserveonderdelen. Houdt u ook rekening met het feit dat, bij gebruik van niet originele MAKITA onderdelen, het verlenen van garantie door de MAKITA-organisatie niet mogelijk is.

GarantieMAKITA garandeert een uitstekende kwaliteit en vergoedt de kosten van verbeteringen door vervanging van de beschadigdeonderdelen in geval van materiaal- of fabricagefouten die binnen de garantie na de datum van aankoop optreden. Houdt u er rekening mee dat in sommige landen specifieke garantievoorwaarden gelden. Vraagt u dit na bij de verkoper in geval vantwijfel. Deze is als verkoper van het produkt verantwoordelijk voor de garantie. De volgende schadeoorzaken vallen buiten de garantie.

Wij vragen hiervoor uw begrip:• Niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing. • Achterwege laten van noodzakelijke onderhouds- en reinigingswerkzaamheden. • Overschrijden van het maximale toegestane motortoerental als gevolg van foutieve vergasserafstelling. • Schade als gevolg van een onjuiste vergasserinstelling. • Normale slijtage. • Duidelijke overbelasting door aanhoudende overschrijding van de maximaal toegestane belasting. • Gebruik van geweld, onoordeelkundige behandeling, misbruik of ongevallen. • Schade door oververhitting door vervuilde koelluchttoevoer. • Ingrepen door ondeskundige personen of ondeskundige reparatiepogingen. • Gebruik van ongeschikte reserveonderdelen, resp. niet-originele MAKITA onderdelen, voorzover deze schade kunnen veroorzaken. • Gebruik van ongeschikte of te lang opgeslagen brandstoffen. • Schade die terug te voeren is tot voorwaarden bij verhuur.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Makita DBC340 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden