Bosch HGD745221N Handleiding

Bosch Fornuis HGD745221N

Bekijk gratis de handleiding van Bosch HGD745221N (24 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 133 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Bosch HGD745221N of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/24
03
261293
Ú Instructions for connecting gas and gas conversion (for
After-Sales Service only) ......................................................2
é Aanwijzing voor de gasaansluiting en -omschakeling
(Alleen voor de klantenservice) .........................................12

Beoordeel deze handleiding

4.3/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Bosch
Categorie: Fornuis
Model: HGD745221N
Soort bediening: Draaiknop
Kleur van het product: Wit
Ingebouwd display: Ja
Breedte: 600 mm
Diepte: 600 mm
Hoogte: 850 mm
Grill: Ja
Kinderslot: Ja
Energie-efficiëntieklasse: A
Verlichting binnenin: Ja
Geïntegreerde klok: Ja
Soort klok: Elektronisch
Convectie koken: Ja
Vermogen brander/kookzone 2: 1700 W
Vermogen brander/kookzone 3: 3000 W
Vermogen brander/kookzone 1: 1000 W
Aantal branders/kookzones: 4 zone(s)
Type kookplaat: Gaskookplaat
Electronische ontsteking: Ja
Type brander/kookzone 1: Klein
Type brander/kookzone 2: Medium
Type brander/kookzone 3: Groot
Totale binnen capaciteit (ovens): 66 l
Voedingsbron oven: Electrisch
Aantal ovens: 1
Aantal gaspitten: 4 zone(s)
Aantal elektronische kook zones: 0 zone(s)
Energieverbruik (conventioneel): 0.98 kWu
Energieverbruik (geforceerde convectie): 0.84 kWu
Koken: Ja
Grootte oven: Middelmaat
Netto capaciteit oven: 66 l
Boven- en onderverwarming: Ja
Type timer: Digitaal
Hittesensor bescherming: Ja
Verstelbare voeten: Ja
Brutocapaciteit oven: 66 l
Snelle hitte: Ja
Type product: Vrijstaand fornuis

Handleiding Bosch HGD745221N – volledige tekst

18De sproeier van de ovenbrander (optie) controleren. 18Grillbrandersproeier controleren (optie). 18Correcte vlamvorming. 19Branders. 19Bakoven. 19Technische eigenschappen - gas. 19Te nemen maatregelenDe omzetting van het apparaat naar een andere gassoort mag uitsluitend door een erkende installateur volgens de instructies in dit handboek worden uitgevoerd. Een verkeerde aansluiting en verkeerde instellingen kunnen ernstige schade aan het apparaat veroorzaken. De fabrikant van het apparaat aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade en storingen die als gevolg hiervan zijn ontstaan. Neem de symbolen op het typeplaatje nauwkeurig in acht. Indien voor uw land geen symbool aanwezig is, moet u zich bij de instellingen houden aan de technische richtlijnen van uw land. Voordat u het apparaat opstelt, moet u bij uw gasleverancier informatie inwinnen over de gassoort en gasdruk.

Alle aansluitgegevens staan op het typeplaatje aan de achterzijde van het apparaat. Noteer de gegevens in de volgende tabel: Productnummer (E-nr. ), Fabrieksnummer (FD), Noteer in de volgende tabel de standaardinstellingen voor de gassoort/gasdruk alsook de instellingen die na de gasomzetting voor de gassoort/gasdruk gelden. De aan het apparaat uitgevoerde wijzigingen en de soort aansluiting spelen een belangrijke rol met betrekking tot het juiste en veilige gebruik ervan. Aansluitzijde kiezenDe gasaansluiting kan zowel links als rechts plaatsvinden. Indien gewenst kan de aansluitzijde worden gewijzigd. Sluit de hoofdgastoevoer. Indien de gasaansluiting aan de tegenoverliggende zijde moet worden uitgevoerd, moet het aansluitstuk (steeksleutel SW 22) van de niet-gebruikte gasaansluiting van een blindstop (steeksleutel SW 24) en een nieuwe afdichtingsring worden voorzien.

Na de wijziging van de aansluitzijde moet een lektest worden uitgevoerd. Zie het hoofdstuk “Lektest". Aanwijzing: Bij de aansluiting van het apparaat moet een torsiesleutel worden gebruikt. Enr. FDServicedienstOGassoort/gasdrukGegevens op het typeplaatjeGassoort/gasdrukGegevens na de gasomzetting6:1P6:.

13GasaansluitingToegestane aansluitingenDeze instructies gelden alleen voor de opstelling van het apparaat in landen die op het typeplaatje staan vermeld. Indien het apparaat in een land opgesteld, aangesloten en gebruikt moet worden dat niet op het typeplaatje vermeld staat, moet er een installatie- en montagehandleiding worden gebruikt die de gegevens en informatie over de geldige aansluitvoorwaarden van dat betreffende land bevat. AansluitsoortenAardgasaansluiting (NG)Bij gebruik van aardgas (NG) vindt de gasaansluiting plaats via een gasleiding of via een veiligheidsslang met een aansluitstuk waarop aan elk einde een schroefdraad zit. Aansluiting volgens EN ISO 228 G^ (TS EN ISO 228 G^ )1. Plaats de nieuwe afdichting op het aansluitstuk. Let erop dat de afdichting goed op haar plaats zit. 2.

Bevestig het aansluitstuk (met een steeksleutel SW 24) op het uiteinde van de gasaansluiting (met een steeksleutel SW 22). 3. Bevestig het van een schroefdraad voorziene aansluitstuk van de gasleiding of veiligheidsslang (met een steeksleutel SW 24) op het aansluitstuk met een nieuwe afdichting en draai deze stevig aan. 4. Lees voor de uitvoering van een lektest het hoofdstuk “Lektest" na. Open de gastoevoer. Aanwijzingen■ *G^: EN ISO 228 G^ (TS EN ISO 228 G^)■ Bij de aansluiting van het apparaat moet een torsiesleutel worden gebruikt. Aansluiting volgens EN 10226 R^ (TS 61-210 EN 10226 R^ )1. Plaats de nieuwe afdichting op het aansluitstuk. Let erop dat de afdichting goed op haar plaats zit. 2. Bevestig het aansluitstuk (met een steeksleutel SW 24) op het uiteinde van de gasaansluiting (met een steeksleutel SW 22). 3.

Bevestig het van een schroefdraad voorziene aansluitstuk van de gasleiding of veiligheidsslang (met een steeksleutel SW 24) op het aansluitstuk en draai deze stevig aan. 4. Lees voor de uitvoering van een lektest het hoofdstuk “Lektest" na. Open de gastoevoer.

Aanwijzingen■ *R^: EN 10226 R^ (TS 61-210 EN 10226 R^)■ Bij de aansluiting van het apparaat moet een torsiesleutel worden gebruikt. Land EN 10226 R^(TS 61-210 EN 10226 R^)EN ISO 228 G^(TS EN ISO 228 G^)AT Oostenrijk XBE België XCH Zwitserland XDE Duitsland XES Spanje X XFR Frankrijk XGR Griekenland XIT Italië X XNL Nederland XPT Portugal X XHR KroatiëSL SloveniëYU ServiëTR Turkije X XPL Polen XRO Roemenië X XAE Verenigde Arabische Emira-tenXZA Zuid-Afrika XHU Hongarije X5A76(176(1,62*A(15A(1,62*A6:6:6:*ê1P1***6:6:6:1P1***5ê.

14Aansluiting voor vloeibaar gas (LPG)Attentie. Neem de landspecifieke richtlijnen in acht. Bij gebruik van vloeibaar gas (LPG) vindt de gasaansluiting via een gasslang of via een vaste aansluiting plaats. Bij gebruik van een gasslang moeten volgende maatregelen in acht worden genomen:■ Gebruik een veiligheidsslang of kunststofslang (diameter 8 of 10 mm). ■ Bevestig deze met een aansluitmechanisme (bijv. een slangenklem) op de gasaansluiting. ■ De slang moet kort en volledig lekvrij zijn. De lengte van de slang mag maximaal 1,5 m bedragen. Volg de actuele richtlijnen op. ■ De gasslang moet jaarlijks worden vervangen. 1. Plaats de nieuwe afdichting op het aansluitstuk. Let erop dat de afdichting goed op haar plaats zit. 2. Bevestig het aansluitstuk (met een steeksleutel SW 24) op het uiteinde van de gasaansluiting (met een steeksleutel SW 22). 3.

Monteer de veiligheidsslang en draai deze met een schroefsluiting of slangenklem stevig vast. 4. Lees voor de uitvoering van een lektest het hoofdstuk “Lektest" na. Open de gastoevoer. Aanwijzing: Bij de aansluiting van het apparaat moet een torsiesleutel worden gebruikt. Omzetting naar een andere gassoortNaar een andere gassoort omzetten■ Het gasaansluitstuk moet vervangen worden. ■ De brandersproeiers moeten vervangen worden. ■ Afhankelijk van de standaardgasinstelling moeten de bypass-schroeven van de branderkranen óf vervangen óf tot aan de aanslag ingedraaid worden. ■ Indien aanwezig moeten ook de oven- en grillsproeiers worden vervangen. Op de sproeiers staan getallen die de diameter aangeven. Meer informatie over gassoorten die voor het apparaat geschikt zijn, vindt u in het hoofdstuk “Technische eigenschappen - gas".

Na de omzetting■ Na de omzetting naar een andere gassoort moet een lektest worden uitgevoerd. Zie het hoofdstuk “Lektest". ■ Na de omzetting naar een andere gassoort moet de correcte vlamvorming worden gecontroleerd. Zie het hoofdstuk “Correcte vlamvorming".

■ Noteer de nieuw ingestelde gassoort en de nieuwe gasdruk in de tabel. Zie het hoofdstuk “Te nemen maatregelen". Attentie. Na de omzetting naar een andere gassoort moet op de daarvoor bedoelde plaats op het typeplaatje een sticker worden geplakt waarop de gegevens over de gassoort en een ster staan ABSOLUUT NOODZAKELIJK. Functieonderdelen voor de gasomzettingDe functieonderdelen die volgens deze handleiding voor de gasomzetting nodig zijn, staan hieronder afgebeeld. De juiste sproeierdiameters vindt u in de tabel in het hoofdstuk “Technische eigenschappen - gas". Gebruik altijd nieuwe afdichtingen. Het te gebruiken gasaansluitstuk kan afhankelijk van de gassoort en landspecifieke bepalingen afwijken. (*) Bij de uitvoering van de gasaansluiting moeten deze functieonderdelen worden gebruikt. 6:/3***6:1PBypass-schroefBrandersproeier(*) Afdichting.

15Brandersproeiers vervangen1. Schakel alle schakelaars op het bedieningspaneel uit. 2. Sluit de gastoevoer. 3. Verwijder de pannendragers en de branderdelen. 4. Verwijder de brandersproeiers (inbussleutel 7). 5. Zie de tabel in het hoofdstuk “Technische eigenschappen - gas" voor de bepaling van de brandersproeiers. Plaats de nieuwe sproeiers in de corresponderende branders. Voer na de vervanging van de sproeiers een lektest uit. Zie het hoofdstuk “Lektest". Bypass-schroeven van de brander instellen of vervangen en kleine vlam instellenDe bypass-schroeven regelen de minimale vlamhoogte van de brander. VoorbereidingSluit de gastoevoer. : Gevaar voor elektrische schok. Onderbreek de stroomtoevoer naar het apparaat. 1. Schakel de schakelaars op het bedieningspaneel uit. 2.

Verwijder een voor een de schakelknoppen door deze dicht tegen het bedieningspaneel vast te houden en vervolgens recht eruit te trekken. Omschakeling van aardgas naar vloeibaar gas. Wanneer het apparaat bij levering (standaardinstelling) op aardgas (NG: G20, G25) was ingesteld en nu voor het eerst naar vloeibaar gas (LPG: G30, G31) wordt omgeschakeld:Voor modellen met ontbrandingsbeveiliging:Om bij de bypass-koppen te kunnen komen moet het bedieningspaneel worden gedemonteerd. Zie het hoofdstuk „Bedieningspaneel demonteren”. De bypass-koppen dienen tot de aanslag te worden vastgedraaid. Vervolgens moet u de stappen uitvoeren die worden beschreven in het hoofdstuk „Bedieningspaneel monteren“. Voor modellen met gas-oven (optie):Om bij de bypass-kop onder de branderkraan te kunnen komen, moet u het bedieningspaneel demonteren. Zie het hoofdstuk „Bedieningspaneel demonteren”.

De bypass-kop van de ovenbrander moet tot de aanslag worden vastgedraaid. Vervolgens moet u de stappen uitvoeren die worden beschreven in het hoofdstuk „Bedieningspaneel monteren“.

Omzetting van vloeibaar gas naar aardgasIndien het apparaat van vloeibaar gas (LPG: G30, G31) naar aardgas (NG: G20, G25) moet worden omgezet of als deze omzetting al heeft plaatsgevonden en nu ongedaan moet worden gemaakt:moeten alle bypass-schroeven van het apparaat worden vervangen. Lees hiervoor het hoofdstuk “Bedieningspaneel verwijderen" na. Aansluitend moeten de instructies in het hoofdstuk “Bypass-schroeven vervangen" worden uitgevoerd. Volg daarna de instructies op in het hoofdstuk “Bedieningspaneel bevestigen". (*) Aansluitstuk voor aardgas(NG: G20, G25)TS 61-210 EN 10226 R^EN 10226 R^(*) Aansluitstuk voor aardgas(NG: G20, G25)TS EN ISO 228 G^EN ISO 228 G^(*) Aansluitstuk voor vloeibaar gas (LPG: G30, G31)GasaansluitstukBlindstop (afsluitstuk)6:.

16Bedieningspaneel verwijderen1. Verwijder indien aanwezig de bovenste afdekking. Houd de afdekking aan weerszijden met twee handen vast en trek deze naar boven. De bovenste afdekking laat los. Let erop dat u de scharnieren niet verplaatst.2. Verwijder de pannendragers en de branderdelen.3. Verwijder de beide schroeven (T20) links en rechts vooraan de kookplaat. Verwijder niet de kunststofdelen die zich daaronder bevinden.4. Voor modellen met wokbrander (optie): Draai de 4 torxschroeven (M4) op de wokbrander los.5. Houd de kookplaat vooraan vast en licht deze maximaal 30° op. Steun de kookplaat met de speciale steun die op de bevestigingsplaat van de voorste brander wordt opgesteld.6. Verwijder de afdekkappen op de profielen links en rechts voor (zonder daarbij krassen op het oppervlak te maken). Draai de daaronder liggende schroeven (T20) los.7.

Verwijder de schakelknoppen (T15) en draai de beide schroeven (M4) op het bedieningspaneel eruit.8. Houd het frontpaneel met beide handen vast en licht het voorzichtig op. Maak het frontpaneel uit de houders los. Klap vervolgens het paneel voorzichtig naar voren. Let erop dat de kabels niet beschadigd worden en de aansluitingen niet worden gescheiden.Bypass-schroeven vervangen1. Draai de bypass-schroeven met een platte schroevendraaier (nr. 2) los. Draai de bypass-schroeven eruit.

172. De nieuwe bypass-schroeven, die u na de omzetting naar een andere gassoort nodig hebt, kunt u met behulp van de tabel bepalen. Zie het hoofdstuk “Technische eigenschappen - gas". 3. Controleer of de afdichtingen van de bypass-schroef goed zitten en foutloos functioneren. Gebruik alleen bypass-schroeven met intacte afdichtingen. 4. Plaats de nieuwe bypass-schroeven en draai deze stevig aan. Verzeker u ervan dat alle bypass-schroeven op de juiste afsluitkranen zijn aangesloten. 5. Vervolgens moet nu beslist een lektest worden uitgevoerd. Zie het hoofdstuk “Lektest". Bedieningspaneel monterenMontage in omgekeerde volgorde. 1. Het paneel met beide handen vasthouden en voorzichtig inbrengen. Let erop dat de kabels niet beschadigd worden en de verbindingen niet losraken. Licht naar onderen bewegen en in de bevestigingsnokken plaatsen. 2.

Let erop dat de ontstekingskaarsen in de juiste openingen naast de branderonderdelen worden geplaatst. De branderdeksels midden op de juiste branderonderdelen plaatsen. 8. Pannenhouders of -roosters terugplaatsen. Zorg ervoor dat de pannenhouder met een spanbreedte van 80 mm op de extra brander wordt gezet. 9.

De schakelaars voorzichtig bevestigen10. In deze fase dient beslist de werking van de gasbranders te worden gecontroleerd. Zie het hoofdstuk “Veilig functionerende branders“. 11. Controleer of het toestel goed werkt. Ovenbranders vervangen (optie)VoorbereidingSchakel alle schakelaars op het bedieningspaneel uit. Sluit de gastoevoer. : Gevaar voor elektrische schok. Onderbreek de stroomtoevoer naar het apparaat. Vervang de sproeier voor de ovenbrander1. Open de ovendeur. 2. Draai de voorste bevestigingsschroef van de bodemplaat los. 3. Houd de bodemplaat vooraan vast, licht hem op en trek hem eruit. 4. Draai de bevestigingsschroef van de brander los en neem de ovenbrander voorzichtig eruit. De brandersproeiers zijn nu vrij toegankelijk. Let erop dat het thermo-element en de bougieaansluitingen niet worden beschadigd. 5.

Draai de sproeier aan de branderingang op de achterzijde van de oven los (met behulp van een steeksleutel van 7 mm). 6. De nieuwe sproeier, die u na de omzetting naar een andere gassoort nodig hebt, kunt u met behulp van de tabel bepalen. Zie het hoofdstuk “Technische eigenschappen - gas". 7. Plaats de nieuwe sproeier en draai deze vast. 8. Voer nu in ieder geval een lektest uit. Lees voor de uitvoering van een lektest het hoofdstuk “Lektest" na. 9. Plaats de ovenbrander weer terug. Let erop dat de aansluitingen van het thermo-element en de bougie niet beschadigd worden. Draai de bevestigingsschroef weer vast. 10. Vervolgens moet in ieder geval de vlamvorming van de brander worden gecontroleerd. Zie het hoofdstuk “Correcte vlamvorming". 11. Monteer de bodemplaat weer. .

18Sproeier voor de grillbrander vervangen (optie)1. Open de ovendeur. 2. Draai de schroef los die de bevestigingsplaat van de grillbrander en de grillbrander met elkaar verbindt en trek de brander voorzichtig recht eruit. Let erop dat het thermo-element en de bougieaansluitingen niet worden beschadigd. De brandersproeiers zijn nu vrij toegankelijk. 3. Draai de sproeier van de grillbrander los (steeksleutel van 7 mm). 4. De nieuwe sproeier die voor de omgezette gassoort nodig is, kunt u met behulp van de tabel bepalen. Zie het hoofdstuk “Technische eigenschappen - gas". 5. Plaats de nieuwe sproeier en draai deze vast. 6. Vervolgens moet nu in ieder geval een lektest worden uitgevoerd. Lees voor de uitvoering van een lektest het hoofdstuk “Lektest" na. 7. Plaats de grillbrander weer terug. Let erop dat de aansluitingen van het thermo-element en de bougie niet beschadigd worden.

Draai de schroeven weer aan. 8. Schuif de afdichting in de brander tot aan de aanslag erin. 9. Vervolgens moet nu in ieder geval de vlamvorming van de brander worden gecontroleerd. Zie het hoofdstuk “Correcte vlamvorming". Lektest en functiecontrole: Explosiegevaar. Vermijd vonkvorming. Een open vuur is niet toegestaan. Voer de lektest alleen met een geschikte lekspray uit. Wat te doen bij een gaslekSluit de gastoevoer. Lucht het vertrek goed door. Controleer nog eens de gas- en sproeieraansluitingen. Herhaal de lektest. De lektest moet door twee personen met inachtneming van de volgende instructies worden uitgevoerd. Gasaansluiting controleren1. Open de gastoevoer. 2. Bespuit de gasaansluiting met een lekspray. Indien zich kleine belletjes of schuim vormen, duidt dit op een gaslek. Volg de instructies op in het hoofdstuk “Wat te doen bij een gaslek ".

Sluit de opening van de te controleren brandersproeier voorzichtig met een vinger of een geschikt voorwerp. 3. Bespuit de sproeier met een lekspray. 4. Druk de functiekiezer in en draai deze linksom. Hierdoor stroomt er gas naar de sproeier. Indien zich kleine belletjes of schuim vormen duidt dit op een gaslek. Volg de instructies op in het hoofdstuk“Wat te doen bij een gaslek ". Bypass-schroeven controleren1. Open de gastoevoer. Voer de lektest voor elke bypass-schroef afzonderlijk uit. 2. Sluit de opening van de te controleren brandersproeier voorzichtig met een vinger of een geschikt voorwerp. 3. Bespuit de sproeier van de te controleren brander met een lekspray. 4. Druk de schakelknop in en draai deze linksom. Hierdoor stroomt er gas naar de sproeier. Indien zich kleine belletjes of schuim vormen, duidt dit op een gaslek.

Volg de instructies op in het hoofdstuk “Wat te doen bij een gaslek ". De sproeier van de ovenbrander (optie) controleren1. Open de gastoevoer. 2. Sluit de sproeieropening van de ovenbrander voorzichtig met een vinger of een geschikt voorwerp. 3. Bespuit de sproeier met een lekspray. 4. Druk de functiekiezer in en draai deze linksom. Hierdoor stroomt er gas naar de sproeier. Indien zich kleine belletjes of schuim vormen, duidt dit op een gaslek. Volg de instructies op in het hoofdstuk “Wat te doen bij een gaslek ". Grillbrandersproeier controleren (optie)1. Open de gastoevoer. 2. Sluit de opening van de grillbrandersproeier voorzichtig met een vinger of een geschikt voorwerp. 3. Bespuit de sproeier met een lekspray. 4. Draai de functiekiezer van de oven rechtsom. Hierdoor stroomt er gas naar de sproeier. Indien zich kleine belletjes of schuim vormen, duidt dit op een gaslek.

19Correcte vlamvormingBrandersNa de omzetting naar een andere gassoort moet voor elke brander de vlamvorming en temperatuurontwikkeling worden gecontroleerd. Vergelijk in geval van een probleem de sproeierwaarden met de waarden in de tabel. Alleen voor modellen zonder ontstekingsbeveiliging1. Ontsteek de kookplaatbrander zoals beschreven in de handleiding. 2. Controleer de correcte vlamvorming bij de grote en kleine vlam. De vlam moet constant en gelijkmatig branden. 3. Schakel met de branderschakelaar snel heen en weer tussen de grote en kleine vlam. Herhaal deze procedure enkele malen. De gasvlam mag niet doven of flakkeren. Alleen voor modellen met ontstekingsbeveiliging1. Ontsteek de kookplaatbrander zoals beschreven in de handleiding. 2. Draai de branderschakelaar op de kleine vlam.

Controleer of de ontstekingsbeveiliging is geactiveerd door de schakelaar ongeveer 1 minuut lang in de stand “kleine vlam" te houden. 3. Controleer de correcte vlamvorming bij de grote en kleine vlam. De vlam moet constant en gelijkmatig branden. 4. Schakel met de branderschakelaar snel heen en weer tussen de grote en kleine vlam. Herhaal deze procedure enkele malen. De gasvlam mag niet doven of flakkeren. BakovenOnderste gasbrander of grillbrander (optie)1. Ontsteek de onderste gasbrander zoals beschreven in de handleiding. 2. Controleer bij geopende deur de vlamvorming: De vlam moet overal gelijkmatig branden (in de eerste minuten kunnen zich lichte haperingen voordoen, maar na enkele minuten moeten de vlammen constant branden). 3. Laat het apparaat enkele minuten aan staan om te kunnen controleren of het thermo-element goed werkt. Controleer indien nodig de instellingen.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Bosch HGD745221N stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden