Yokis Thermarp 5454489 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Yokis Thermarp 5454489 (40 pagina’s), behorend tot de categorie Thermostaat. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 18 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Yokis Thermarp 5454489 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Yokis |
| Categorie: | Thermostaat |
| Model: | Thermarp 5454489 |
Handleiding Yokis Thermarp 5454489 – volledige tekst
DS1054-060A P41. ALGEMENE BESCHRIJVINGThermarp is een elektronische weekthermostaat met touchscreen voor de regeling van de omgevingstemperatuur, zowel voor het verwarmen als koelen. Het apparaat kan een Yokis-ontvanger aansturen aan de hand van een signaal en een radiofrequentie.Thermarp wordt gevoed door twee AAA-batterijen. Daarom is geen enkele bedrading vereist. Hierdoor kan de thermostaat op elke plek in de kamer worden geïnstalleerd, zonder dat speciale werkzaamheden nodig zijn. Dankzij het grote touchscreen display met achtergrondverlichting is het ook in het donker duidelijk zichtbaar.1.1. HOOFDKENMERKENWerking in zomer- en winterstand. Model verkrijgbaar in de kleur wit.Voeding met AAA-batterijen van 1,5V.7 beschikbare programma’s voor het verwarmen en het koelen.
Capacitief touchscreen display (reageert op de aanraking met de vingers).Installatie aan de muur of in een inbouwdoos 503.Weekprogramma met 3 instelbare temperatuurniveaus.1.2. AFMETINGEN125 mmmm5826 mm10.5 mm 15.5 mm1.3. BESCHRIJVING VAN DE AANSLUITKLEMMENKlemmenbord M1] AUX Hulpingangen voor aansluiting op de externe temperatuurvoeler THERMPROBE Cod. 5454488. of verbinding met een module voor doormelding.Klemmenbord M2NA Maakcontact van het relaisNC Verbreekcontact van het relaisCNormaal contact van het relais•••••••
P5DS1054-060A1.4. BESCHRIJVING COMPONENTEN23456789Weekdag (DAY 1 = maandag) Configuratiemenu: : instelling datum/tijd en zomertijd : wijziging programma’s (voor de automatische werking) : instelling temperaturen T1, T2, T3 : menu tijdspannen : menu geavanceerde configuraties : niet gebruikt : menu verzending radiofrequentie3. Gemeten omgevingstemperatuur 4. Aanduiding batterij ontladen5. Keypad (uitsluitend geactiveerd als het apparaat aan de basis op de muur is bevestigd)6. Werking uit7. Grafische weergave van het actieve programma van de huidige dag (bij automatische werking)8. Aanduidingen: : Installatie geactiveerd in de zomerstand/koelen : Handmatige werking geactiveerd : Installatie geactiveerd in de winterstand/verwarmen Uren en minutenDe functies van de keypad variëren naar aanleiding van de staat van het apparaat.
Er zijn geen multitoetsfuncties voorzien en dus is het niet nodig dat 2 of meer toetsen tegelijkertijd worden ingedrukt.De toetsen kunnen op twee manieren worden ingedrukt: - kort- lang, meer dan 3 secondenHet display licht blauw op als een toets wordt ingedrukt.OPGELET! Druk met de vingers, niet met scherpe voorwerpen!OPGELET! De keypad wordt pas geactiveerd als het apparaat correct aan de basis aan de muur is bevestigd.1.2.9.
DS1054-060A P62. AUTOMATISCHE WERKINGIn de automatische werking regelt de thermostaat, afhankelijk van de dag en het tijdstip, de temperatuur aan de hand van een setpoint T1, T2 of T3.Onderaan op het display worden van de huidige dag de temperatuurwaarden weergegeven die tijdens elke tijdspanne worden gebruikt.Het volgende voorbeeld toont dag 3 (Woensdag) om 8.35 De ingestelde Tm = T2.De dagprogramma’s voor de automatische werking en de waarden van de 3 referentietemperaturen (T1, T2 en T3) kunnen in het Configuratiemenu worden ingesteld.3. HANDMATIGE WERKINGTijdens de handmatige werking gedraagt de thermostaat zich als een normale thermostaat aan de hand van de Tm-temperatuur (handmatige setpoint), ongeacht de dag en het tijdstip.De handmatige werking wordt aangegeven met het pictogram .Druk op de toets om het display te activeren als het setpoint (Tm) gewijzigd moet worden.
Druk vervolgens nogmaals op .1. Het momenteel ingestelde setpoint (Tm) gaat knipperen.2. Stel het gewenste setpoint in met de toetsen en en bevestig met de toets . 3. Nu wordt de waarde van de omgevingstemperatuur weergegeven.Handmatigeinstelling setpoint(Tm)Handmatigewerking
P7DS1054-060A4. OVERSCHAKELING VAN AUTOMATISCHE NAAR HANDMATIGE WERKING EN OMGEKEERDOm van de automatische werking naar de handmatige werking over te schakelen:Druk 2 maal op de toets . Het setpoint van het eerder ingestelde setpoint voor de handmatige werking (Tm) begint te knipperen.Bevestig het setpoint Tm of wijzig het eventueel met de toetsen en . Druk op de toets voor een definitieve bevestiging.Nu wordt de waarde van de omgevingstemperatuur weergegeven en werkt de thermostaat handmatig.Houd de toets ongeveer 3 seconden ingedrukt om van de handmatige werking naar de automatische werking over te schakelen.3sAutomatische werkingInstelling handmatig setpoint (Tm)Handmatigewerking1.2.3.
DS1054-060A P85. WERKING UITIn de werking uit verricht de thermostaat geen enkele regeling. De dag, de tijd en de gemeten temperatuur worden echter alsnog weergegeven.Opmerking: In de werking in de winterstand/verwarming behoudt de thermostaat hoe dan ook een minimumtemperatuur “antivriestemperatuur Toff” om te vermijden dat de installatie of de omgevingen waar de thermostaat in is geïnstalleerd bevroren kunnen raken. De parameter “Toff” kan worden ingesteld op een waarde tussen 1°C en 50°C of kan volledig worden uitgesloten. In het laatste geval wordt geen enkele minimumtemperatuur behouden. De parameter is standaard ingesteld op 6°C.
Deze waarde kan gewijzigd worden in het menu Geavanceerde configuraties (ADV) (zie “Antivriestemperatuur”).Houd de toets ingedrukt to het pictogram weergegeven wordt.Heractiveer de regeling door de toets ongeveer 3 seconden ingedrukt te houden.HANDMATIGE OF AUTOMATISCHEWERKING3s3s6. MINIMUM- EN MAXIMUMWAARDENIn elke werkwijze (automatisch/handmatig/uit) kunnen de minimum- en maximumtemperatuur van de gebruikte temperatuursensor altijd worden weergegeven.Druk hiervoor op de toets (maximumwaarde Hi) of (minimumwaarde Lo).Tijdens de weergave kunnen een of meer waarden gereset worden door de toets ingedrukt te houden tot de waarde van de huidige temperatuur weergegeven wordt.Met de toets kunt u ook controleren of de thermostaat zijn eigen temperatuurvoeler toont (standaard) of de externe temperatuurvoeler THERMPROBE Cod.
5454488 (*).(*) Het betreft in dit geval een temperatuurvoeler die aangesloten is op de AUX-klemmen en geconfigureerd is met het menu Geavanceerde configuraties (zie hoofdstuk 7.5, § Hulpingang configureren).
P9DS1054-060AIn het configuratiemenu kunnen de volgende werkingsparameters worden geconfigureerd:Tijd en datum (zie par. 7.1)Automatische werking: programmeringen (zie par. 7.2)Automatische werking: temperaturen T1/T2/T3 (zie par. 7.3) Tijdspannen (zie par. 7.4)Geavanceerde configuraties (zie par. 7.5) Menu radiofrequentie (zie par. 7.6)Open het configuratiemenu door de toets minstens 3 seconden ingedrukt te houden.Het volgende blokschema geeft een samenvatting: CONFIGUREERBARE PARAMETERS••••••7. CONFIGURATIEMODUSRConguratiesgeavanceerdeadioZieTijdspanne(T1) T2T3Programma’sTijd en datum7.13S7.1.13S3S3S3S3S3S3SWerkingAutomatisch /Handmatig / Uit7.27.37.57.67.4Instellingenzomertijd
DS1054-060A P107. 1. TIJD EN DATUM Volg de onderstaande procedure om de tijd en datum in te stellen:1. Druk de toets op het scherm werking 3 seconden in. Het pictogram op het display begint te knipperen. 2. Open de configuratie van de parameters met een druk op de toets. Het pictogram stopt met knipperen. Het veld van de seconden begint te knipperen. 3. Wijzig de waarden met de toetsen en. Druk op de toets om de waarden te bevestigen en naar de volgende parameter door te gaan. De parameters moeten in de volgende volgorde worden ingevoerd: seconden* -> minuten -> uren -> jaar -> maand -> dag. (*) De seconden kunnen uitsluitend op de waarde 00 worden gereset waarden met de toetsen en. 4. Druk kort op de toets om de pagina af te sluiten en naar het configuratiemenu terug te keren als alle parameters zijn ingesteld. Het pictogram begint te knipperen.
Houd de toets ingedrukt of wacht de time-out af (ongeveer 40 seconden) om het menu af te sluiten en de normale werking (automatisch, handmatig) te hervatten. Opmerking: in dit menu kunnen tevens de parameters voor het wijzigen van de zomer-/wintertijd worden gewijzigd, zoals hieronder is aangegeven. 7. 1. 1. Wijzigingen instellingen zomertijdDe thermostaat is standaard geconfigureerd om op de laatste zondag van maart om 02. 00 uur over te schakelen naar de zomertijd en op de laatste zondag van oktober om 03. 00 uur over te schakelen naar de wintertijd, zoals in Europa gebeurt. Doorgaans hoeven dus geen wijzigingen te worden verricht. In het geval van bijzondere installaties kan de automatische omschakeling worden gedeactiveerd of kunnen de datum of de tijd waarop de omschakeling plaatsvindt worden aangepast.
Volg in dit geval de volgende procedure:Houd tijdens het wijzigen van een willekeurige parameter (seconden, minuten, uren, jaar, maand of dag) de toets ingedrukt tot op het display “Aut0” weergegeven wordt.
Bepaal met de toetsen en of de automatische omschakeling behouden moet blijven (Aut0 0n) of gedeactiveerd moet worden (Aut0 0FF) en druk ter bevestiging op de toets. In het geval van 0FF wordt de wijziging van de tijd/datum weer weergegeven; in het geval van 0n wordt de instelling voor de overschakeling naar de zomertijd (aangegeven met het pictogram ) weergegeven. In het voorbeeld:a. de zondag (7) van de laatste week (LA) van maart (03) om 2 uur (02) b. wijzig, indien nodig de parameters met de toetsen en en ga door naar de volgende parameter met de toets. De sequentie vereist dat het volgende wordt ingevoerd: i. weekdag (1…7) ii. week van de maand (eerste, tweede, derde, vierde, laatste - LA) iii. de maand (1…12) iv. het tijdstip1. 2. 3. 3sIndien OFFIndien ONVOLGENDE PAGINA.
P11DS1054-060AMet een druk op de toets wordt de huidige instelling voor de overschakeling naar de wintertijd weergegeven (aangegeven met het pictogram ). In het voorbeeld:a. de zondag (7) van de laatste week (LA) van oktober (10) om 3 uur (03)b. wijzig de parameters, indien nodig, met de toetsen en , en ga door naar de volgende parameter met de toets. De sequentie vereist dat het volgende wordt ingevoerd:: i. weekdag (1…7) ii. week van de maand (eerste, tweede, derde, vierde, laatste - LA) iii. de maand (1…12) iv. het tijdstipDruk op de toets als alle parameters ingesteld zijn om de pagina af te sluiten en naar het configuratiemenu terug te keren. Houd de toets lang ingedrukt of wacht de time-out af (ongeveer 40 seconden) om het menu af te sluiten en de normale werking te hervatten. 4. 5. 6. 7. 2.
WIJZIGING PROGRAMMA’S In dit menu kunnen de programma’s voor de automatische werking worden gewijzigd. De thermostaat is zodanig geconfigureerd dat het programma P1 van maandag tot vrijdag en het programma P2 op zaterdag en zondag worden uitgevoerd (de profielen van de programma’s kunnen achterin de handleiding worden gevonden). Deze configuratie kan naar de persoonlijke behoeften worden aangepast. Zo kan voor elke weekdag:een van de 7 beschikbare specifieke profielen worden gekozen; het gekozen profiel tot in de details worden gepersonaliseerd. Volg de onderstaande procedure:••Druk de toets op het scherm werking 3 seconden in. Het pictogram op het display begint te knipperen. Druk de toets kort in tot het pictogram gaat knipperen. Druk op de toets om de parameters te kunnen wijzigen. Het pictogram stopt met knipperen.
De pagina van de programma’s toont: knipperend de eerste weekdag (DAY 1), het huidige programma (bijvoorbeeld P1 met de bijbehorende werkwijze of ) en het profiel dat bij het programma hoort. Druk op of om de weekdag te selecteren waarvan de programmering gewijzigd moet worden. Wijzig met het programma met een druk op de toets.
DS1054-060A P12Als geen enkel programma exact aan de behoeften voldoet, kan het programma dat hier het meeste aan voldoet worden gekozen. Vervolgens kan het profiel van het programma worden gewijzigd door opnieuw op te drukken. De aanwijzer van het uur geeft 00. 00 aan. Het pictogram van het temperatuurniveau (T1, T2 of T3) en het verticale streepje van de tijd knipperen. Druk op of om het temperatuurniveau te wijzigen en druk op om naar het volgende uur over te springen. Ga op deze manier voort tot voor uur van de dag het gewenste temperatuurniveau is ingesteld. Voor elk uur kan er tevens worden gekozen of het begin van de instelling met 15’, 30’ of 45’ minuten moet worden vertraagd. Houd toets 3 seconden ingedrukt om een vertraging in te stellen als de temperatuur is ingesteld zoals hierboven is aangegeven. De aanwijzer van de minuten begint te knipperen.
Stel de vertraging in met de toets of en druk op de toets om te bevestigen en naar het volgende uur over te springen. 6. 7. 8. Druk twee keer op de toets om naar de pagina voor de keuze van de dagen terug te keren als het programma naar alle behoeften is gewijzigd. Herhaal, indien nodig, de beschreven handelingen voor alle andere weekdagen. Sluit het configuratiemenu af door de toets ingedrukt te houden als alle wijzigingen zijn verricht. 7. 3. WIJZIGING TEMPERATUREN (T1), T2, T3 In dit menu kunnen de 3 temperaturen van de automatische werking worden gewijzigd. Volg de onderstaande procedure om de programmering te wijzigen:Druk de toets op het scherm werking 3 seconden in. Het pictogram op het display begint te knipperen. Druk de toets kort in tot het pictogram begint te knipperen. Druk vervolgens op de toets om de parameters te kunnen wijzigen. Het pictogram stopt met knipperen.
Sluit de pagina en keer naar de normale werking terug door de toets ingedrukt te houden of de time-out af te wachten (ongeveer 40 seconden). (*) OPGELET. :Tijdens het koelen kan T1 niet worden geconfigureerd. De ingestelde temperatuurwaarden moeten voldoen aan de voorwaarde: (T1)* ≤ T2 ≤ T3. 9. 1. 2. 6. De waarde van de temperatuur T1 wordt knipperend weergegeven. Wijzig de waarden met de toetsen en. Druk vervolgens op de toets om te bevestigen en naar de wijziging van T2 over te springen. Wijzig de waarden met de toetsen en. Druk vervolgens op de toets om te bevestigen en naar de wijziging van T3 over te springen. Wijzig de waarden met de toetsen en. Druk vervolgens op de toets om te bevestigen en naar de pagina voor de wijziging van T1 terug te keren. 3. 4. 5.
P13DS1054-060A7.4. INSTELLING VAN EEN TIJDSPANNE Tijdspannen kunnen gebruikt worden om de huidige werking (handmatig, automatisch en uit) een bepaalde periode (uren of dagen) lang te behouden, waarna de thermostaat de werkwijze wijzigt zoals hieronder is beschreven. De werkingen met tijdspannen zijn:7.4.1. Handmatig met tijdspanneAls tijdens de handmatige werking een tijdspanne ingesteld wordt, blijft deze werking behouden tot de tijdspanne is verstreken. Vervolgens wordt naar de automatische werking overgeschakeld. 7.4.2. Automatisch met tijdspanneAls tijdens de automatische werking een tijdspanne ingesteld wordt, blijft deze werking behouden tot de tijdspanne is verstreken. Vervolgens wordt naar de werking uit overgeschakeld. 7.4.3. Uit met tijdspanneAls tijdens de werking uit een tijdspanne ingesteld wordt, blijft deze werking behouden tot de tijdspanne is verstreken.
Vervolgens wordt overgeschakeld naar de werking (automatisch of handmatig) die voor de uitschakeling ingesteld was. Als een tijdspanne ingesteld wordt, verschijnt op het display het pictogram .OPGELET!: de tijdspanne wordt berekend in minuten. Dus als, bijvoorbeeld, op dinsdag om 12.15 uur een tijdspanne van 3 dagen ingesteld wordt, zal deze verstrijken op vrijdag om 12.15 uur.OPGELET!: tijdspannen kunnen voor het geprogrammeerde moment verstrijken als een van de volgende handelingen wordt verricht:wijziging van tijd/datum (m.i.v. het overschakelen van winter- naar zomertijd en omgekeerd); handmatige wijziging van de werkwijze;omschakeling van de digitale ingang;wijziging van de werkingslogica van winter- naar zomerstand (en omgekeerd).••••
DS1054-060A P14Volg de onderstaande procedure om een tijdspanne in de huidige werking in te stellen:Druk de toets op het scherm werking 3 seconden in. Het pictogram op het display begint te knipperen. Druk kort op de toets tot het pictogram gaat knipperen. Druk vervolgens op de toets om de parameters te kunnen wijzigen.3. Het pictogram dat de waarde van de tijdspanne aangeeft, begint te knipperen (00 geen tijdspanne). Voer de waarde van de tijdspannen (1 tot 99) in met de toets of , en druk ter bevestiging op de toets . Het pictogram dat de waarde van de meeteenheid (hour of day) aangeeft, begint te knipperen. Kies met de toetsen en of de tijdspanne in uren (hour) of dagen (day) ingesteld wordt.4.Druk op de toets om de pagina te sluiten en naar het programmeermenu terug te keren als alle parameters zijn ingesteld.
Houd de toets ingedrukt of wacht de time-out af (ongeveer 40 seconden) om de pagina te sluiten en naar de normale werking terug te keren.7.5. MENU GEAVANCEERDE CONFIGURATIES In het menu geavanceerde configuraties (ADV) kunnen de volgende werkingsparameters worden gewijzigd of weergegeven:Werkwijze (verwarmen of koelen) Type regeling (on-off of proportioneel)Parameters van de regeling AntivriestemperatuurConfiguratie hulpingang Wachtwoord voor keypadblokkeringWerkingsuren installatie SoftwareversieHardwareversieOm het menu ADV te openen:Druk de toets op het scherm werking 3 seconden in. Het pictogram op het display begint te knipperen. Druk kort op de toets tot het pictogram gaat knipperen.
DS1054-060A P167.5.1. WerkwijzeMet deze parameter kan de werkwijze van de thermostaat worden gespecificeerd: winter/verwarmen of zomer/koelen .7.5.2. Type regeling voor het verwarmenVoor de werkwijze verwarmen kan gekozen worden voor de on/off-regeling (rEG 0) of proportioneel (rEg P). 7.5.3. RegelparametersIn het geval van een on/off-regeling (rEG 0) hoeft uitsluitend het differentieel (dIF) ingesteld te worden.
Hiervoor kan een waarde worden ingesteld van 0,1°C t/m 1°C (deze parameter moet ook voor het koelen ingesteld worden).In het geval van een proportionele regeling (rEg P) moeten de parameters band (bnd) en periode (PEr) van de regeling worden ingesteld.Opmerking: We benadrukken dat vooraf ingestelde instellingen aan het merendeel van de situaties zijn aangepast: wijzig deze instellingen uitsluitend wanneer dit strikt noodzakelijk is.Hieronder wordt het verschil tussen de twee typen regelingen samengevat.
P17DS1054-060A7. 5. 3. 1. On/off-regeling In het geval van een on/off-regeling meet de thermostaat de omgevingstemperatuur eenmaal per minuut en wordt de regeling verricht naar aanleiding van de volgende logica:relais ONSET-dIF SETrelais OFFStijgende temperatuurrelais ON(SET+dIF)SETrelais OFFStijgende temperatuurverwarmen koelenSET staat voor het setpoint en dIF voor het differentieel of de hysterese (nuttig om voor de installatie schadelijke continue in- en uitschakelingen wanneer het setpoint bijna bereikt is te vermijden). 7. 5. 3. 2. Proportionele regeling TPI (1) (uitsluitend tijdens verwarmen)In de werkwijze verwarmen is naast de on/off-regeling tevens de proportionele regeling beschikbaar. Deze regeling kan gebruikt worden voor een nauwkeurigere regeling zodat een constante temperatuur kan worden verkregen.
Voor deze regeling moeten twee parameters worden gespecificeerd:de band die zich symmetrisch links en rechts van het setpoint uitstrekt; deze kan een waarde aannemen van 0,5°C tot 5°C; buiten deze waarden is de verwarming altijd ingeschakeld (omgevingstemperatuur < setpoint - band) of altijd uitgeschakeld (omgevingstemperatuur > setpoint + band);de periode van de regeling staat voor de duur van de regelcyclus (inschakeltijd + uitschakeltijd van de verwarming); deze kan een waarde aannemen van 10, 20 of 30 minuten. Tijdens de werking meet de thermostaat aan het begin van de regelperiode de omgevingstemperatuur (TA) en vergelijkt deze met het ingestelde setpoint. Naar aanleiding van het verschil wordt de inschakeltijd (en dus ook de uitschakeltijd) binnen de volgende regelperiode berekend.
Toenemendetijd% Relais ON100%0%50%SET-BANDSET SET+BANDTAAls de regelperiode (van 10, 20 of 30 minuten) verstreken is, vergelijkt de thermostaat opnieuw de omgevingstemperatuur met de setpoint en worden de in- en uitschakeltijden voor de nieuwe periode bijgewerkt. Het rendement van de proportionele regeling is aan de keuze van de parameters verbonden. Kies de waarde van de regelperiode als volgt:brede band (5°C) voor installaties met een hoge thermische gradiënt (3);smalle band (0,5°C) voor installaties met een lage thermische gradiënt (3). Kies de waarde van de regelperiode als volgt:10’ voor installaties met een lage thermische inertie (ventilatorconvector)20’ voor installaties met een middelmatige thermische inertie (aluminium radiatoren) 30’ voor installaties met een hoge thermische inertie (gietijzeren radiatoren)•••••••.
DS1054-060A P18OPGELET. : de thermostaat is standaard geconfigureerd voor de werking on/off met een differentieel ingesteld op 0,3°C. (1) Thermarp stemt overeen met de Controleklasse IV van de ErP-richtlijn (Energy related Products) van 26/09/2015 als deze met een TPI-regeling wordt gebruikt. De TPI-regeling (Time Proportional & Integral) kan gebruikt worden om de gemiddelde temperatuur van het verwarmingswater te verlagen. Op deze manier wordt de precisie van de controle van de omgevingstemperatuur verbeterd en neemt de algehele efficiëntie van het systeem toe. De ErP-richtlijn schat dat een TPI-regeling in een seizoen 2% aan energie kan besparen. (2) Laten we bijvoorbeeld uitgaan dat SET = 19°C, BAND=1°C en TA=19,3°C. In dit geval hebben we een inschakelingspercentage van 35%.
Als een periode van 20 minuten is ingesteld, beschikken we over een inschakeltijd van 7 minuten waarop een uitschakeltijd van 13 minuten volgt. (3) De thermische gradiënt van de omgeving is de curve voor de variatie van de temperatuur tussen de vloer en het plafond. Vloerverwarmingen produceren een minimale thermische gradiënt die min of meer optimaal is, waarbij de temperatuur aan de vloer en bij het plafond min of meer gelijk zijn. Verwarmingsinstallaties met radiatoren en met name met connectoren produceren een grotere gradiëntcurve waarbij de temperatuur aan het plafond hoger is dan de temperatuur bij de vloer. Verticale thermische gradiënt met diverse soorten verwarmingselementenideale omstandighedenpaneelsystemenradiatorsystemenventilatorconvectorenTemperatuur (°C)Hoogte (m)7. 5. 3. 3.
Noodregeling (uitsluitend voor werking in de winter)De thermostaat verricht een noodregeling wanneer een fout optreedt in de lezing van de sensor of de tijd verloren gaat. De thermostaat activeert de verwarming 10 minuten lang elke 4 uur wanneer de sensor een fout vertoont en de antivriesfunctie niet is geactiveerd. In het veld (7) op het display wordt “Err” weergegeven.
Als de tijd verloren gaat (doordat de batterijen leeglopen of de black-out langer duurt dan dat de reservelading kan worden gewaarborgd), start de thermostaat bij de werking uit op en wordt de regeling verricht aan de hand van de antivriestemperatuur als deze eerder niet gedeactiveerd is. Stel de datum/tijd opnieuw in om naar de normale werking terug te keren (de wijzigingen aan de programma’s en de instellingen worden in het geheugen opgeslagen).
P19DS1054-060A7. 5. 4. AntivriestemperatuurVoor het verwarmen kan een veiligheidstemperatuur (antivriestemperatuur – Off) ingesteld worden die ook behouden blijft wanneer de thermostaat uitgeschakeld wordt. Er kan worden gekozen voor een temperatuur tussen 1°C en 50°C. Bovendien kan de antivriesfunctie uitgeschakeld worden door de toets ingedrukt te houden tot op het display het symbool “_ _. _” weergegeven wordt. In dit geval wordt geen enkele veiligheidstemperatuur behouden wanneer de thermostaat uitgeschakeld wordt. 7. 5. 5. Configuratie hulpingangDe thermostaat beschikt over een configureerbare ingang voor de aansluiting van een externe temperatuursensor of een spanningsvrij contact wanneer een telefoonschakelaar geïnstalleerd moet worden voor de in- en uitschakeling van de thermostaat op afstand. “ESt” wordt weergegeven Kies:- “---” als niets op de ingang is aangesloten.
- “dIG” als een telefoonschakelaar aangesloten moet worden. - als een externe temperatuursensor aangesloten moet worden. 7. 5. 5. 1 Installatie/configuratie van de externe temperatuurvoeler THERMPROBE Cod. 5454488 (niet met de thermostaat meegeleverd)Bij de externe temperatuurvoeler hoort een beugel om de temperatuurvoeler aan de wand te bevestigen. Het andere uiteinde van de temperatuurvoeler kan worden vastgezet met hete lijm of een soortgelijk middel via de ronde opening van de beugel, waarna de beugel aan de wand wordt bevestigd met een plug in de verstelopening aan de zijkant. Opmerkingen voor de installateurVoor maximum comfort heeft de op afstand te bedienen temperatuurvoeler betrouwbare informatie nodig omdat alle variaties op het punt van installatie worden gemeten en verzonden.
De temperatuurvoeler moet dus in een ruimte en op een plaats worden gemonteerd waar een reële meting van de temperatuur mogelijk is zonder dat de voeler wordt beïnvloed door externe factoren, zoals maar niet alleen, de warmte van toevallige bronnen zoals strijkijzers, tv-toestellen of keukentoestellen, maar ook van zonlicht of van koude bronnen zoals tocht. Verbind de externe temperatuurvoeler met de AUX-klemmen op de thermostaat. Open het menu voor de geavanceerde configuraties (ADV) en selecteer de parameter “ESt”. Druk op de toets en selecteer. Druk op de toets om te bevestigen en sluit het configuratiemenu. De thermostaat kan de temperatuur nu meten met een externe temperatuurvoeler. Voor de technische kenmerken van de externe temperatuurvoeler THERMPROBE Cod. 5454488 raadpleegt u hoofdstuk 12. TECHNISCHE KENMERKEN.
DS1054-060A P207.5.6. Wachtwoord voor keypadblokkeringEen keypadblokkering kan ingesteld worden als de thermostaat in openbare ruimtes wordt geïnstalleerd of als vermeden moet worden dat iedereen de werkingsparameters kan wijzigen.Stel een wachtwoord in door op het veld “PAs” een waarde tussen 001 en 999 in te stellen. Deactiveer het wachtwoord door de toets ingedrukt te houden tot “_ _._” weergegeven wordt.Als de keypad geblokkeerd is, verricht de thermostaat alle functies aan de hand van de ingestelde regelparameters.Als de keypadblokkering geactiveerd is en op een toets gedrukt wordt, worden een enkele seconde lang “bL0c” en knipperende streepjes op het display weergegeven. Voer het wachtwoord in om de keypad te deblokkeren. De keypad blijft 30 seconden gedeblokkeerd nadat de laatste keer op een toets is gedrukt7.5.7.
Werkingsuren installatieDeze pagina toont het totaal aantal werkingsuren van de installatie (relais ON) voor de wijziging van het gebruik (aangegeven met de pictogrammen of ).De teller beschikt over 4 cijfers en kan gereset worden door de toets ingedrukt te houden tot 0000 weergegeven wordt.7.5.8. Weergave SW-versieDit scherm toont de softwareversie van de thermostaat.7.5.9. Weergave HW-versieDit scherm toont de hardwareversie van de thermostaat.
P21DS1054-060ADruk op de toets als alle parameters ingesteld zijn om de pagina af te sluiten en naar het configuratiemenu terug te keren. Houd de toets ingedrukt of wacht de time-out af (ongeveer 40 seconden) om de pagina te sluiten en naar de normale werking terug te keren.7.6. MENU RADIOFREQUENTIE De menuoptie “RF menu” biedt toegang tot alle draadloze instellingen van de thermostaat:Test van de aansluiting op de verbonden MTR-radioactuator.Ontvangst configuratie via App PRO (als bedieningspunt). Instelling van de draadloze verbinding met een MTR-actuator.Instelling van de verbinding met een toegangspunt van de BUS-bedrading. Wissen van de toegangspunten.Wissen van alle draadloze instellingen..Open het RF-menu aan de hand van de volgende procedure:Druk de toets op het scherm werking 3 seconden in. Het pictogram op het display begint te knipperen.
P23DS1054-060A7.6.1. Test RF:Kan gebruikt worden om te controleren of de draadloze verbinding tussen de thermostaat en de MTR-relaisactuator in goede staat verkeert. Navigeer in het menu tot aan Test RF:Start de test met een druk op de toets .“test RF” knippert en het symbool (als de thermostaat is ingesteld op verwarmen) of (als de thermostaat is ingesteld op koelen) schakelt elke 3 seconden over van aanwezig naar afwezig. Het relais van de aangesloten MTR (of MTR’s) schakelt dientengevolge om: gesloten als het symbool of op het display weergegeven wordt, anders open.Druk opnieuw op de toets om de test te stoppen of op om direct naar het begin van het menu radiofrequentie terug te keren.OPGELET!: Er is geen time-out voorzien die de thermostaat uit de Test RF verwijdert.7.6.2.
Conn E2 : Ontvangst configuratie van AppPRODeze menuoptie is beschikbaar maar hoeft niet direct te worden gebruikt. Ze wordt automatisch door App PRO opgeroepen tijdens de programmeerprocedure van de thermostaat als twee keer op de toets op de thermostaat is gedrukt.Raadpleeg paragraaf “10.4.5. YOKIS PRO: Configuratie enkele-zone-thermostaat met draadloze verbinding (met MTR)”.7.6.3. Rec E5 : Aansluiting op een MTR-moduleMenuoptie die gebruikt moet worden voor het aansturen van een ketel of een magneetklep aan de hand van een draadloze relaisontvanger MTR2000ERP(X) of MTR2000MRP(X) als AppPRO voor de configuratie ontbreekt.Raadpleeg paragraaf “10.4.1. Configuratie enkele-zone-thermostaat met directe bedrading”.
DS1054-060A P247. 6. 4. Ap E7 : Definitie van een toegangspuntDeze bediening wordt gebruikt om een toegangspunt op de BUS-bedrading te bepalen wanneer de afstand tussen de thermostaat en de actuatormodule te groot is. Deze menuoptie moet gebruikt worden voor een draadloze configuratie zonder AppPRO. Raadpleeg paragraaf “10. 4. 3. Uitbreiding van het bereik”. 7. 6. 5. Def 24 : Wissen van toegangspuntenDeze bediening kan gebruikt worden om alle toegangspunten te verwijderen die eerder op de thermostaat bepaald zijn. Het wordt aanbevolen om de toegangspunten vóór de configuratie te verwijderen als een module van de BUS-bedrading verwijderd is. Het toegangspunt moet verplicht onderdrukt worden als dit punt gewijzigd of uit de installatie verwijderd is. De toegangspunten worden uitsluitend van de thermostaat verwijderd.
Het is dus niet nodig dat handelingen worden verricht aan de te verwijderen module(s). Gebruik de toetsen en voor deze configuratie tot “def c24” weergegeven wordt. Druk vervolgens op de toets om de bediening te starten. Deze bediening zal onmiddellijk alle toegangspunten verwijderen. De thermostaat geeft “PASS” aan om aan te geven dat de handeling is verricht als de programmering correct is. 7. 6. 6. Def 25 : Reset van de draadloze configuratie van de thermostaatMet deze bediening kunnen UITSLUITEND de fabrieksinstellingen van de draadloze configuratie van de thermostaat worden hersteld. Hieronder valt tevens de verwijdering van de draadloze toegangspunten en de draadloze ontvangers die op de thermostaat zijn aangesloten. Onthoud dat de rest van de configuratie van de thermostaat (programma’s, setpointtemperaturen, enz. ) niet door deze handeling wordt beïnvloed.
De reset is uitsluitend van toepassing op de thermostaat. Het is dus niet nodig dat handelingen worden verricht aan de te verwijderen module(s). Gebruik de toetsen en voor deze programmering tot “def 25” weergegeven wordt.
P25DS1054-060A8. UITSCHAKELEN OP AFSTANDHet apparaat beschikt over twee ingangen (AUX) voor de aansluiting van een potentiaalvrij contact waar bijvoorbeeld een telefoonschakelaar op kan worden aangesloten zodat de thermostaat op afstand via de telefoon in- en uitgeschakeld kan worden. Dit contact kan in een van de volgende posities zijn aangebracht:- open: normale werking (volgens de programmering die met het toetsenbord is ingesteld). - dicht: thermostaat geplaatst in werking uit. Op het display knippert het pictogram om de voorwaarde uit op afstand aan te geven en te onderscheiden van de voorwaarde uit via toetsenbord. Opmerking: Deze functie moet geactiveerd worden in het menu Geavanceerde configuraties (ADV). De parameter Hulpingang moet ingesteld worden op “diG”. OPGELET.
: de voorwaarde uit op afstand (contact gesloten) heeft voorrang ten opzichte van elke andere programmering en dus blijft de thermostaat in de voorwaarde uit staan tot het contact weer geopend wordt. 9. RESET THERMOSTAATGa als volgt te werk om elke verrichte instelling te verwijderen en de fabrieksinstellingen te herstellen:haal de thermostaat los van de basis op de muur en sluit hem weer aan; houd de toets ingedrukt terwijl de toetsen knipperen tot “dEF” weergegeven wordt. De reset naar de fabrieksinstellingen wist alle instellingen die in de configuratieparameters aanwezig zijn: Tijd en datumWijziging programma’sWijziging temperaturen (T1), T2, T3Instelling van een tijdspanne Menu Geavanceerde configuratiesOPGELET. : de draadloze configuraties op de thermostaat worden niet door het resetten naar defabrieksinstellingen gewist.
VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGENTijdens de installatie van het product moeten de volgende aanwijzingen worden nageleefd:Het product moet worden geïnstalleerd door een bevoegde beroepsinstallateur en het bedradingsschema moet stipt worden gerespecteerd. Sluit het product niet aan en maak geen verbindingen als één van de onderdelen beschadigd is. Voer geen reparaties uit en neem rechtstreeks contact op met de technische ondersteuning. Gebruik het product niet voor andere dan de voorgeschreven doeleinden. Het apparaat moet worden geïnstalleerd en in gebruik worden genomen in overeenstemming met de huidige wetgeving inzake elektrische systemen. Het product moet worden gebruikt in een meetomgeving van het type 3 met vervuilingsgraad 2. Installeer het accessoire REL1C (zie het schema SD545-6054 op het productinformatieblad van MTR2000) als de galvanische isolatie naar de ketel gewaarborgd moet worden.
10. 2. DE THERMOSTAAT OPSTARTENDe thermostaat Thermarp is ontworpen voor de installatie aan de muur. Ze kan echter ook worden geïnstalleerd in een inbouwdoos Model 503. De thermostaat moet geïnstalleerd worden op ongeveer 1,5 m boven de vloer, buiten bereik van directe stralingen, deuren, ramen, warmtebronnen of op plaatsen waar de lucht te veel of te weinig wordt ververst. De thermostaat YOKIS THERMARP werkt op batterijen (2 AAA / LR03 batterijen van 1,5 V). 1. 2. •••••1. 2. 3. 4. 5. 6.
DS1054-060A P26Bevestig de basis met de geleverde schroeven aan de muur.Open de achterkant van de thermostaat met timer om de batterijen erin te doen en let op de min- en plusrichtingen die erin en erop staan.Als de batterijen goed zijn geplaatst, verschijnt op de thermostaat na ongeveer 20 seconden het volgende op het display (3). Bevestig de thermostaat pas op het onderstel als op het display (3) verschenen is wat hierboven is beschreven. Begin met de tanden aan de bovenkant om de thermostaat vast te maken aan het onderstel.12341,50 mOPGELET! Er kan niets worden geprogrammeerd of gewijzigd aan de parameters zolang het toestel niet goed op het onderstel is vastgemaakt.OPGELET! Als een Yokis Hub in het systeem is voorzien, moet de Thermarp-thermostaat worden geïnstalleerd om directe radiodekking tussen de Yokis Hub en de thermostaat te hebben.OPGELET!
De maximumafstand tussen Thermarp en een Yokis-ontvanger bedraagt 250 m in een vrije ruimte in een woning van 100 m2 met loodrechte doorkruising van een dragende muur of een vloer. Deze waarden nemen af wanneer metalen elementen, muren of wanden aanwezig zijn.Als de stroom is ingeschakeld, moet de klok worden geprogrammeerd (met datum en uur).OPGELET! Voor een correcte werking van de thermostaat moeten de tijd en de datum worden ingevoerd.De volgende parameters moeten worden ingesteld:• seconden (enkel synchronisatie met de waarde 00)• minuten• uren• jaar• maand• dagZie paragraaf 7.1 TIJD EN DATUM in detail voor het instellen van de tijd.1.2.3.4.5.6.
P27DS1054-060AZodra alle parameters zijn ingesteld, houdt u 3 seconden lang de toets ingedrukt om het menu voor de synchronisatie van de klok te sluiten.7.Synchronisatie van de secondenSynchronisatie van de minutenSynchronisatie van de urenInstelling van het jaarInstelling van de maandInstelling van de dagTijdDag TemperatuurGrafische weergave van het programmaNu begint de thermostaat te werken met de ingestelde parameters en worden op het display de weekdag, de tijd, de omgevingstemperatuur en de grafische weergave van het geactiveerde programma weergegeven.
DS1054-060A P2810.3. AANSLUITINGENMet de thermostaat THERMARP kan een verwarmingsketel of een magneetklep van 230V worden bestuurd, rechtstreeks met een eigen intern relais of met het relais van een radiosignaalontvanger: MTR2000ERP(X) of MTR2000MRP(X).Die verwendeten Kabel müssen bei einem Querschnitt von 0,5 mm2 oder mehr der Norm IEC 60332-1-2 entsprechen bzw. der Norm IEC 60332-2-2 bei einem Querschnitt von unter 0,5 mm2. Voordat de thermostaat en de ontvanger worden verbonden, moet in dit geval de ontvanger MTR2000ERP(X) of MTR2000MRP(X) met een kabel worden gevoed.Directe bedrading enkele zoneNACmax 5A 250 V~NCNA CBedrading enkele zone met MTR2000ERp(X)230V ~NLC1NC2BPL(*)(*) Important: Let op!
Waar het nodig is om galvanische isolatie naar de ketel te waarborgen, is het essentieel om het REL1C-medeplichtig te plaatsen (zie diagram SD545-6054 in het productinformatieblad van de MTR2000).
P29DS1054-060A(*) Opgelet! Installeer het accessoire REL1C (zie het schema SD545-6054 op het productinformatieblad van MTR2000) als de galvanische isolatie naar de ketel gewaarborgd moet worden.Bedrading enkele zone met MTR2000MRp(X)123456(*)Multizone bedrading met de functie OR123456(*)Zone 1230V ~NLC1NC2BPL(*)MTREV1C1NC2BPL(*)Zone 2MTREV2230V ~NLC1NC2BPL(*)ORMTRMagneetklepMagneetklep
DS1054-060A P3010.4. CONFIGURATIES10.4.1. Configuratie enkele-zone-thermostaat met directe bedradingIn dit geval kan de thermostaat ter plaatse met behulp van diens configuratiemenu’s geconfigureerd worden. De configuratie van het draadloze gedeelte is niet nodig en dus hoeft het menu Radiofrequentie niet te worden geopend.Opmerking: De App Yno heeft geen toegang, niet op afstand en net zo min ter plaatse, tot de thermostaat die op deze manier is geconfigureerd. Daarvoor moet de thermostaat in een Yokis-installatie met een Hub worden geplaatst en niet worden geconfigureerd via diens menu’s maar met de App YokisPRO. Zie verderop.10.4.2.
Configuratie en controle enkele-zone-thermostaat met draadloze aansluiting (met MTR)Ook in dit geval kan de thermostaat ter plaatse worden geconfigureerd aan de hand van diens configuratiemenu’s.De draadloze verbinding moet natuurlijk worden geconfigureerd aan de hand van de ontvangermodule MTR2000ERP(X) of MTR2000MRP(X) zoals hieronder is aangegeven.Bedraad de ontvangermodule MTR20000ERP(X) of MTR2000MRP(X) en voed deze.Blader door de diverse configuratiemenuonderdelen met de pijlen en ptotdat het menu RADIO RF verschijnt.
Raak het pictogram «Bevestigen» aan.Druk, terwijl de melding “rec E5” 30 seconden lang knippert, even met een puntig en goed geïsoleerd voorwerp in de opening «Connect» op de ontvangermodule.1 keer drukken▶▶▶Op de thermostaat THERMARP verschijnt even de melding PASS als de verbinding met succes is gemaakt.▶De thermostaat THERMARP is nu verbonden met de ontvanger en stuurt deze om de verwarmingsketel of de magneetklep van 230V te regelen volgens de ingestelde temperatuur.▶
P31DS1054-060A10. 4. 3. ONTVANGSTBEREIK VERSTERKENAlle radiosignaalontvangers van YOKIS werken ook als signaalversterker. Door één of meerdere modules toe te voegen, wordt het signaalbereik aanzienlijk versterkt door een Radio-bus te creëren tussen de diverse modules in het systeem. 1) Een Radio-Bus creërenDruk 1 keer op de toets Connect van de module A (het lampje van de module A begint te knipperen). Druk dan 1 keer op de toets Connect van de module B (de verbinding tussen A en B wordt gemaakt en beide modules houden op met knipperen). Om op beide toetsen te drukken, heeft u maximum 30 seconden tijd. Doe hetzelfde voor de verbinding van de modules B en C en alle andere. 2) De thermostaat THERMARP verbinden met de stuurmodule van de verwarmingsketelZodra de Radio-Bus is gecreëerd, verplaatst u de thermostaat tijdelijk dichter bij de stuurmodule van de verwarmingsketel.
Verbind de thermostaat THERMARP met de stuurmodule van de verwarmingsketel op de manier die hierboven is beschreven. 3) Het Acces Point op de Radio Bus instellenZet de thermostaat weer op zijn definitieve plaats. Open het menu Radio weer van de thermostaat THERMARP. Blader met de toetsen en door het configuratiemenu totdat het submenu «Bus Access Point» AP E7 verschijnt en raak dan het pictogram «Bevestigen». ▶▶▶▶▶▶Opm. : In sommige gevallen is de ontvanger buiten het signaalbereik van de thermostaat en kan de thermostaat THERMARP niet met de ontvanger communiceren. In dit geval verschijnt op het display de melding Err. 17. Als dit gebeurt, leest u de volgende paragraaf «Ontvangstbereik versterken». Zodra deze modus is bevestigd, begint de melding AP E7 te knipperen om te bevestigen dat de thermostaat THERMARP in de verbindingsmodus «Bus Access Point» werkt.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Yokis Thermarp 5454489 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Thermostaat Yokis
Handleiding Thermostaat
Nieuwste handleidingen voor Thermostaat