Viessmann Vitocal 300-G tot 45 kW Handleiding

Viessmann Warmtepomp Vitocal 300-G tot 45 kW

Bekijk gratis de handleiding van Viessmann Vitocal 300-G tot 45 kW (148 pagina’s), behorend tot de categorie Warmtepomp. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 42 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Viessmann Vitocal 300-G tot 45 kW of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/148
Montage- en
servicehandleiding
voor de vakman
VIESMANN
Vitocal 300-G
type BW 301.A21 tot A45
type BWS 301.A21 tot A45
Warmtepompen met elektrische aandrijving, 1- en 2-traps
Geldigheidsverwijzing zie laatste pagina
VITOCAL 300-G
5782 373 NL3/2013Bewaren a.u.b.!

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Viessmann
Categorie: Warmtepomp
Model: Vitocal 300-G tot 45 kW

Handleiding Viessmann Vitocal 300-G tot 45 kW – volledige tekst

2Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van licha-melijk letsel en materiële schade.Toelichting bij veiligheidsvoorschrif-tenGevaarDit teken waarschuwt voor per-soonlijk letsel.!OpgeletDit teken waarschuwt voor mate-riële schade en schade aan hetmilieu.OpmerkingGegevens met het woord "Opmerking"bevatten aanvullende informatie.DoelgroepDeze handleiding is uitsluitend bedoeldvoor erkende installateurs.■ Werkzaamheden aan het koelmiddel-circuit mogen alleen door bevoegdevakmensen worden uitgevoerd.■ Elektrische werkzaamheden mogenalleen door elektromonteurs wordenuitgevoerd.■ De eerste inbedrijfstelling moet doorde installateur van de installatie of eendoor hem aangewezen vakmanplaatsvinden.VoorschriftenRespecteer bij de werkzaamheden ■ de nationale installatievoorschriften,■ de ARBO voorschriften,■ de wettelijke milieuvoorschriften,■ EN, NEN, VEWIN voorschriften, hetbouwbesluit en eventuele lokale voor-schriften.Werkzaamheden aan de installatie■ Installatie spanningsvrij schakelen(bijvoorbeeld met de afzonderlijkezekering of een hoofdschakelaar) enop aanwezige spanning controleren.OpmerkingNaast het regelingsstroomcircuit kun-nen meerdere laststroomcircuits aan-wezig zijn.GevaarHet aanraken van spanning-voerende onderdelen kan ern-stig letsel veroorzaken.

6Het toestel mag volgens de regelgevingenkel geïnstalleerd en gebruikt wordenin gesloten verwarmingssystemen con-form EN 12828, rekening houdend metde bijbehorende montage-, service- engebruiksaanwijzingen.Afhankelijk van de uitvoering kan hettoestel uitsluitend voor de volgendedoeleinden worden gebruikt:■ Kamerverwarming■ Kamerkoeling■ TapwateropwarmingMet bijkomende componenten en toebe-horen kan de functieomvang uitgebreidworden.Gebruik van het toestel volgens de regel-geving impliceert dat een stationaireinstallatie in combinatie met installatie-specifiek toegelaten componenten werduitgevoerd.Het gebruik in bedrijven of industrie vooreen ander doel als voor de verwarming/koeling van gebouwen of van tapwatergeldt als niet volgens de voorschriften.De fabrikant kan ander gebruik eventu-eel vrijgeven.Verkeerd gebruik van het toestel resp.ondeskundige bediening (bijv.

wanneerde gebruiker het toestel opent) is verbo-den en leidt tot aansprakelijkheidsuitslui-ting. Van verkeerd gebruik is sprakewanneer de functie volgens de regelge-ving van componenten in het verwar-mingssysteem wordt gewijzigd.OpmerkingHet toestel is uitsluitend bedoeld voorhuishoudelijk gebruik, d.w.z. dat ook nietgeïnstrueerde personen het apparaatveilig kunnen bedienen.ProductinformatieType BW 301.A■ Brine/water-warmtepomp met warm-tepompregeling Vitotronic 200 voorruimteverwarming/ruimtekoeling entapwaterverwarming.■ Vermogensuitbreiding met warmte-pomp van 2e trap mogelijk(Vitocal 300-G, type BWS 301.A21 totA45 of Vitocal 350-G,type BWS 351.A18).■ Met ombouwset (toebehoren) alswater/water-warmtepomp bruikbaar.MontagehandleidingGebruik conform het doel van de installatie5782 373 NL

De aanvoertemperatuur-sensor installatie moet in de stromings-richting achter het verwarmingswater-doorstroomtoestel worden gemonteerd.Eisen voor de opstellingVoor het naar binnen brengen kan dewarmtepompmodule worden gedemon-teerd (zie pagina 104).!OpgeletSchade aan het toestel tijdenshet transport vermijden.Bovenzijde toestel, front en zij-wanden niet belasten.!OpgeletSterke helling van de compressorin de warmtepomp leidt totschade aan het toestel doordatsmeermiddel in het koelcircuitkan terechtkomen.Kantelhoek max. 45°.MontagehandleidingEisen aan aansluitingen door de installateur (vervolg)5782 373 NLMontage

36Eisen aan de opstellingsruimte !OpgeletDe opstellingsruimte moet droogen vorstvrij zijn.Omgevingstemperaturen van 0tot 35 °C garanderen.!OpgeletExplosiegevaar door stof, gas-sen, dampenin de stookruimte voorkomen.!OpgeletRespecteer de toegestane vloer-belasting.■Totaal gewichtBW 301.A21 245 kgBWS 301.A21 240 kgBW 301.A29 272 kgBWS 301.A29 267 kgBW 301.A45 298 kgBWS 301.A45 293 kg ■ Plaats het toestel niet op houten vloe-ren (bijv.

41Overzicht van de aansluitingen< 42 V230 V400 VPrimair circuit aansluiten!OpgeletDe gebruikte onderdelen moetenbestand zijn tegen het warmte-dragende medium.Geen verzinkte leidingen gebrui-ken.1. Primair circuit membraanexpansie-vat en veiligheidsklep voorzien (vol-gens DIN 4757).Opmerking■ Het expansievat moet volgensDIN 4807 toegelaten zijn. De mem-branen van het expansievat en deveiligheidsklep moeten geschiktzijn voor het warmtedragendemedium.■ Afvoer- en afblaasleidingen moe-ten in een vat uitmonden dat hetmaximaal mogelijke expansievo-lume van het warmtedragendemedium kan opnemen.MontageverloopHydraulisch aansluiten5782 373 NLMontage

43!OpgeletHydraulische verbindingenaan secundaire zijde dichtaanbrengen.Bij de slangdoorvoeringen opde juiste plaats van de door-voertules letten (evt. metafdichtband afdichten, ziepagina 82).3. Secundair circuit vullen en ontluch-ten.4. Leidingen binnen het gebouw isole-ren.Opmerking■ In vloerverwarmingscircuits moet doorde installateur een thermostaat alsmaximumtemperatuurbegrenzingvoor de vloerverwarming worden inge-bouwd.■ Minimumdebiet garanderen, bijvoor-beeld met overstortklep (zie ”techni-sche gegevens” pagina 136).Elektrisch aansluitenBedieningseenheid monteren2x3.2.1.MontageverloopHydraulisch aansluiten (vervolg)5782 373 NLMontage

45■ Laagspanningsleidingen< 42 V en leidingen > 42 V/230 V~/400 V~ gescheidenvan elkaar leggen.■ Kabels pas voor de aansluit-klemmen zo kort mogelijkafstrippen en dicht tegen de bij-behorende klemmen bunde-len.■ Kabels vastzetten met kabel-binders.Dat garandeert dat bij een sto-ring, bijv. bij het losraken van eendraad, de aders niet tegen deernaast liggende spanningsvoe-rende delen komen.Om elektrische aansluitkabels (doorinstallateur) te leggen, de positie van deleidingdoorvoering in het toestel aan deachterkant in acht nemen (ziepagina 33).400 V230 V

50Basisprintplaat (Bedrijfscomponenten 230 V~)verwarmingstoestelAanwijzingen bij de aansluitwaarden■ Het aangegeven vermogen is hetgeadviseerde aansluitvermogen.■ De som van de vermogens van alledirect op de warmtepompregelingaangesloten componenten (bijv. pom-pen, kleppen, meldinrichtingen, relais)mag 1000 W niet overschrijden.Als het totale vermogen ≤ 1000 W is,kan het afzonderlijke vermogen vaneen component (bijv. pomp, klep,meldinrichting, relais) groter danopgegeven worden gekozen. Daarbijmag het schakelvermogen van hetovereenkomstige relais niet wordenoverschreden.■ De aangegeven stroomwaarde geeftde max.

schakelstroom: 4(2) A212.2A1Pomp CV-circuit zondermengklep (A1/VC1)■ Als er een warmwaterbuffer aanwezigis, wordt deze pomp aanvullend op desecundaire pomp aangesloten.■ Thermostaat als maximumtempera-tuurbegrenzing voor vloerverwar-mingscircuit (indien aanwezig) in serieaansluiten (zie volgende hoofdstuk)MontageverloopElektrisch aansluiten (vervolg)5782 373 NL

55Uitbreidingsprintplaat op basisprintplaat (bedrijfscomponenten 230 V~)verwarmingstoestelAanwijzingen bij de aansluitwaarden■ Het aangegeven vermogen is hetgeadviseerde aansluitvermogen.■ De som van de vermogens van alledirect op de warmtepompregelingaangesloten componenten (bijv. pom-pen, kleppen, meldinrichtingen, relais)mag 1000 W niet overschrijden.Als het totale vermogen ≤ 1000 W is,kan het afzonderlijke vermogen vaneen component (bijv. pomp, klep,meldinrichting, relais) groter danopgegeven worden gekozen. Daarbijmag het schakelvermogen van hetovereenkomstige relais niet wordenoverschreden.■ De aangegeven stroomwaarde geeftde max.

57Stekker sXSKlemmen Functie Verklaring222.3222.4 Aansturing externe verwar-mingstoestel en per veilig-heidstemperatuurbegren-zer (door installateur tevoorzien, maximaal 70 °C)voor het uit- of omschake-len van de volgende com-ponenten:Kamerverwarming:■ Secundaire pomp warm-tepomp■ Externe verwarmingTapwaternaverwarming:■ 3-weg-omschakel-klep ”Verwarmen/tapwa-teropwarming”Potentiaalvrij contactOpmerking■ Schakelcontact is een potentiaalvrijesluiter die bij warmteaanvraag wordtgesloten.■ Kleine laagspanning via het contact lei-den, daarvoor moet door de installateureen relais worden gemonteerd.■ De keteltemperatuursensor van exter-ne verwarmingstoestelen (stekker F20)moet de mediumtemperatuur van deexterne verwarming vastleggen.Aansluitwaarden (contactbelasting):■ Spanning: 230 V~■ Max.

58Veiligheidstemperatuurbegrenzervoor warmtepomp in combinatie metexterne verwarmingstoestel222.3222.4AX3.1X2.NCBK1DAKlemmen op uitbreidingsprintplaatBBrug van 1X3.1 naar 222.3 leggenCAansluiting op de externe verwar-mingstoestel op klemmen voor deexterne aanvraagDVeiligheidstemperatuurbegrenzer(max. 70 °C) ter bescherming vande warmtepompK1 Relais, dimensionering volgens deexterne verwarmingstoestel, veilig-heidsvoorschriften respecterenStekker sXDKlemmen Functie Verklaring223.1223.2UAlgemene storingsmelding Spanningsloos contact:■ gesloten: Fouten■ Geopend: Geen fout■ Niet voor veiligheidslaagspanning ge-schikt. Aansluitwaarden (contactbelasting):■ Spanning: 230 V~■ Max. schakelstroom: 4(2) AOpmerking■ Geen parametrering nodig.■ Het contact geeft een korte impuls bijhet inschakelen van de netvoeding. Im-puls bij verwerking van de melding viacommunicatietechniek respecteren.

X3.1 Fase geschakeld X3.2X3.14of op exter-ne uitbrei-ding H1Signaal ”Extern blokkeren”(extern blokkeren van com-pressor en pompen, meng-kleppen in regelwerking ofDICHT)OpmerkingVorstbescherming van deinstallatie eventueel nietgegarandeerd. Potentiaalvrije sluiter nodig:■ Gesloten: blokkering actief■ Geopend: geen blokkering■ Schakelvermogen 230 V, 2 mAOpmerking■ Deze en verdere externe functies, bijv.zwembadopwarming, cascade of ex-terne gewenste waarden, kunnen alter-natief via de externe uitbreiding H1worden aangesloten.Montagehandleiding ”Externeuitbreiding H1” ■ Als een zwembadopwarming aan deexterne uitbreiding H1 is aangesloten,kan geen verdere externe functie aande externe uitbreiding H1 worden aan-gesloten. MontageverloopElektrisch aansluiten (vervolg)5782 373 NLMontage

Opmerking■ Geen parametrering nodig.■ De compressor wordt ”hard” uitgescha-keld zodra het contact opengaat.■ Door het signaal van het contact ener-giebedrijf (blokkering door energiebe-drijf) wordt gezorgd voor uitschakelingvan de spanning van het betreffendeonderdeel (afhankelijk van het energie-bedrijf).■ Voor het verwarmingswater-door-stroomtoestel kunnen de uit te schakel-ende trappen worden gekozen (para-meter ”Vermogen voor verwarm.wa-ter-doorstroomtoestel bij blokkeringdoor energiebedrijf”).■ De netaansluiting van de warmtepomp-regeling (3 x 1,5 mm2) en de leidingvoor het blokkeringsignaal energiebe-drijf kunnen in een 5-aderige leidingworden samengebracht.■ Zie voor verdere informatie over deblokkering door het energiebedrijfhoofdstuk ”Elektrische aansluiting”. MontageverloopElektrisch aansluiten (vervolg)5782 373 NL

64Regelaar- en sensorprintplaat (sensoren)Vereiste parameters bij de inbedrijfstel-ling instellen, zie vanaf pagina 87.Opmerking■Stekker F11: Op stekker F11 magdoor de installateur niets worden aan-gesloten.■Aanvoertemperatuursensor voorverwarmingscircuit met mengklep(M3): De aanvoertemperatuursensorvoor een CV-circuit met mengklep(M3/VC3) wordt aan de uitbreidingssetmengklep (accessoire) aangesloten.Stekker Sensor TypeF0 Buitentemperatuursensor, door installateur aan te slui-tenNi500(PTC)F2(X5.2/X5.3)Aanvoertemperatuursensor primair circuit, bij tweetrapswarmtepomp door de installateur aan te sluiten (zie vol-gend hoofdstuk)Pt500(PTC)F3(X5.4/X5.5)Retourtemperatuursensor primair circuit, bij tweetrapswarmtepomp door de installateur aan te sluiten (zie vol-gend hoofdstuk)Pt500(PTC)F4(X5.6/X5.7)Buffertemperatuursensor boven, door installateur aan tesluitenPt500(PTC)F6(X6.1/X6.2)Boilertemperatuursensor boven, door installateur aan tesluitenPt500(PTC)F7(X6.1/X6.3)Boilertemperatuursensor onder, door installateur aan tesluitenPt500(PTC)F12 Aanvoertemperatuursensor CV-circuit met meng-klep (M2/VC2), door installateur aan te sluitenNi500(PTC)F13 Aanvoertemperatuursensor installatie (met dompelhuls,achter verwarmingswaterbuffer), door installateur aan tesluitenPt500(PTC)F14 Aanvoertemperatuursensor koelcircuit (direct CV-circuitA1/VC1 of afzonderlijk koelcircuit SKK), door installateuraan te sluitenNi500(PTC)F16 Ruimtetemperatuursensor voor apart koelcircuit (nodig)of voor direct verwarmings-/koelcircuit (geadviseerd),door installateur aan te sluitenNi500(PTC)MontageverloopElektrisch aansluiten (vervolg)5782 373 NL

71Scheidingsinrichtingen voor niet-geaarde geleiders■ De hoofdschakelaar (indien aanwe-zig) moet gelijktijdig alle ongeaardegeleiders met minimaal 3 mm contact-opening van het net scheiden.■ Bovendien raden wij aan een univer-sele stroomgevoelige aardlekschake-laar (RCD) type B te installe-ren voor gelijkstroom(storingen), diekunnen ontstaan door energie-effi-ciënte bedrijfsmiddelen.■ Als er geen hoofdschakelaar wordtgeplaatst, moeten alle ongeaardegeleiders door de voorgeschakeldeaardlekschakelaar met een contact-opening van minstens 3 mm van hetnet worden gescheiden.GevaarOndeskundig uitgevoerde elektri-sche installaties kunnen tot letseldoor elektrische stroom enschade aan het toestel leiden.Netaansluiting en veiligheids-maatregelen (bijv.

aardlekscha-kelaar) moeten volgens de vol-gende voorschriften worden uit-gevoerd:■ IEC 60364-4-41■ VDE-voorschriften■ Technische aansluitvoorwaar-den van het plaatselijke ener-giebedrijfGevaarOntbrekende aarding van instal-latiecomponenten kan bij eenelektrisch defect door elektrischestroom tot ernstige verwondingenleiden.Toestel en leidingen moeten metde equipotentiaalverbinding vanhet huis verbonden zijn.GevaarVerkeerde aansluiting van deaders kan tot ernstig letsel enschade aan het toestel leiden.Aders ”L” en ”N” niet verwisse-len.■ In overleg met het energiebedrijf kun-nen verschillende tarieven voor devoeding van de laststroomkringenworden overeengekomen.Technische aansluitvoorwaarden vanhet energiebedrijf respecteren.■ Als compressor en/of verwarmingswa-ter-doorstroomtoestel op laag tariefworden gebruikt (blokkering doorenergiebedrijf), moet ofwel nog eenleiding (bijv.

3 x 1,5 mm2) voor hetschakelcontact blokkering energiebe-drijf van de meterkast naar de regelingworden gelegd,ofde leiding voor het blokkeringsignaalenergiebedrijf en voor de netaanslui-ting van de warmtepompregeling(3 x 1,5 mm2) worden in een 5-aderigeleiding samengebracht.MontageverloopNetaansluiting5782 373 NLMontage

72■ De toewijzing van de blokkering doorhet energiebedrijf (voor compressoren/of verwarmingswater-doorstroom-toestel) vindt plaats via het type aan-sluiting en instelling aan de warmte-pompregeling.De blokkering van de netvoeding is inDuitsland op max. 3 maal 2 uur binneneen dag (24 h) begrensd.■ De voeding voor de warmtepompre-geling/elektronica moet zonderblokkering van het energiebedrijfplaatsvinden; uitschakelbare tarievenmogen hier niet worden gebruikt.■ De netaansluitkabel van de warmte-pompregeling met max. 16 A zekeren.■ Wij adviseren de netaansluiting vooraccessoires en externe componentendie niet op de warmtepompregelingworden aangesloten, op dezelfdezekering en in ieder geval op dezelfdefasen van de warmtepompregelingaan te brengen.De aansluiting op dezelfde zekeringverhoogt de veiligheid bij netuitscha-kelingen.

De compressor is tijdens deblokkeertijd buiten werking.■ Geadviseerde netaansluitleiding:Type BW/BWS 301.A07:4 x 2,5 mm2Type BW/BWS 301.A29:4 x 4,0 mm2Type BW/BWS 301.A45:4 x 6,0 mm2Netvoeding met blokkering energiebedrijfBlokkering energiebedrijf zonder lokale lastscheidingHet blokkeersignaal van het energiebe-drijf wordt direct op de warmtepompre-geling aangesloten. Bij actieve blokke-ring door het energiebedrijf wordt decompressor ”kortbij” uitgeschakeld, bijtweetraps uitvoering (type BW + BWS)beide compressoren.Met de parameter ”Vermogen verwar-mingswater-doorstroomtoestel bijblokkering door energiebedrijf 790A”wordt ingesteld of en op welke trap eeneventueel verwarmingswater-door-stroomtoestel tijdens de blokkering inbedrijf blijft.Servicehandleiding ”warmte-pompregeling Vitotronic 200”MontageverloopNetaansluiting (vervolg)5782 373 NLMontage

76Blokkering energiebedrijf met lokale lastscheidingHet blokkeringsignaal van het energie-bedrijf wordt op het relais van de laagta-rief-netvoeding (van installateur) in dewarmtepompregeling aangesloten. Bijactieve blokkering door het energiebe-drijf wordt de compressor en het verwar-mingswater-doorstroomelement (indienaanwezig) ”kortbij” uitgeschakeld, bijtweetraps uitvoering (type BW + BWS)beide compressoren en het verwar-mingswater-doorstroomelement.OpmerkingTechnische aansluitvoorwaarden vanhet betreffende energiebedrijf respecte-ren.EentrapsCBA≈F H5434433/N 3/NGK4kWh kWh3EDX3.7X3.6Weergave zonder zekeringen en zonder aardlekschakelaar.MontageverloopNetaansluiting (vervolg)5782 373 NL

78HLaagtariefmeterKVoeding: TNC-systeemLCompressor warmtepomp 2e trap(type BWS)Fasenbewaker (indien aanwezig)De fasenbewaker wordt voor de bewa-king van de netvoeding van de compres-sor gebruikt.Als de interne tolerantiegrenzen wordenoverschreden, schakelt de fasenbewa-ker uit (schakelcontact opent).Als de waarden weer binnen de toleran-tiegrenzen liggen, schakelt de fasenbe-waker het net automatisch weer vrij.Als het relais is aangesproken, moet deoorzaak worden verholpen. Een ont-grendeling of terugstelling van het relaisis niet nodig.MontageverloopNetaansluiting (vervolg)5782 373 NL

85Warmtepomp openenGevaarHet aanraken van onder span-ning staande onderdelen kandoor elektrische stroom tot ern-stige verwondingen leiden.Aansluitbereiken (warmtepomp-regeling en netaansluitingen, ziepagina 48) niet aanraken.GevaarEen ontbrekende aarding vanonderdelen kan bij een elektrischdefect tot ernstig letsel door elek-trische stroom en beschadigingvan onderdelen leiden.Alle aardleidingverbindingenabsoluut weer aanbrengen.!OpgeletOm schade aan het toestel tevoorkomen, moet tussen opstel-ling en inbedrijfstelling van hettoestel minimaal 30 minuten lig-gen.Werkzaamheden aan het koel-circuit mogen alleen door eenkoeltechnicus worden uitge-voerd.1. Frontplaat in omgekeerde volgordedemonteren, zie pagina 81.2.

86Koelcircuit op dichtheid controleren1. Vloer, armaturen en zichtbare sol-deerpunten op oliesporen controle-ren.OpmerkingOliesporen wijzen op een lekkage inhet koelcircuit. De warmtepomp dooreeen koeltechnicus laten controle-ren.2. Met koelmiddel-lekzoekapparaat oflekzoekspray de warmtepomp internop koelmiddellekkage controleren.Primaire zijde vullen en ontluchten!OpgeletOm schade aan het toestel tevoorkomen,Primair circuit voor het inschake-len van de netspanning vullen.1. Voordruk van het expansievat con-troleren (zie pagina 87).2. Primair circuit met warmtedragendmedium van Viessmann vullen enontluchten.OpmerkingEr moet vorstbescherming tot–15 °C zijn.3. Aansluitingen controleren op lek-kage.

Defecte of verschoven afdich-tingen vervangen.Secundaire zijde vullen en ontluchten!OpgeletOm schade aan het toestel tevoorkomen,elektrische componenten op deregelingsdeur tegen uittredendevloeistof beschermen.OpmerkingVoor het vullen van de installatieVDI 2035 blad 1 respecteren.1. Eventueel aanwezige terugstroom-blokkering van installateur openen.2. Voordruk van het expansievat con-troleren (zie volgende hoofdstuk).3. Secundair circuit vullen (spoelen) enontluchten:Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoudAanvullende info over de stappen (vervolg)5782 373 NL

werkdruk: 2,5 bar(0,25 MPa)Expansievat en druk van het primaire circuit / CV-circuit contro-lerenOntwerpinstructies in achtnemen.Ontwerphandleiding voor warm-tepompenInstallatie in bedrijf stellenDe inbedrijfstelling (configuratie, instel-ling en functiecontrole) kan met of zon-der inbedrijfstellingsassistent wordenuitgevoerd (zie volgende hoofdstuk enservicehandleiding ”warmtepomprege-ling Vitotronic 200”).OpmerkingType en omvang van de parametershangen af van het type warmtepomp,van het gekozen installatieschema envan de gebruikte accessoires.Inbedrijfstelling met inbedrijfstellingsassistentDe inbedrijfstellingsassistent doorlooptautomatisch alle menu's waarin instellin-gen nodig zijn.

88Aanwijzingen in de aparte servi-cehandleiding ”warmtepompre-geling Vitotronic 200” absoluutrespecteren, anders vervalt degarantie.Netschakelaar aan de warmtepompre-geling inschakelen.■ De vraag ”Inbedrijfstelling star-ten?” verschijnt bij de eerste inbedrijf-stelling automatisch.OpmerkingDe inbedrijfstellingsassistent kan ookmanueel worden gestart:hiervoor deze bij het inschakelen vande warmtepompregeling (voortgangs-balk zichtbaar) ingedrukt houden. ■ Bij de eerste inbedrijfstelling verschij-nen de begrippen in het Duits:SpracheDanskCeskyBulgarskiDeutschWählen mitêêçDEBGCZDKêê( ■ Door de handmatige aansturing vaneen aantal toestelonderdelen bij deinbedrijfstelling geeft de warmtepomp-regeling meldingen weer. Dit zijn geenstoringen van het toestel.Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoudAanvullende info over de stappen (vervolg)5782 373 NL

90Inbedrijfstelling zonder inbedrijfstellingsassistentServicemenu activerenHet servicemenu kan vanuit elk menuworden geactiveerd.OK + å gelijktijdig ca. 4 s indrukken.Servicemenu deactiverenHet servicemenu blijft actief, tot hetmet ”Service beëindigen?” wordtgedeactiveerd of gedurende 30 min.geen bediening plaatsvindt.Parameters instellen volgens hetvoorbeeld ”Installatieschema”Voor de instelling van een parametermoet eerst de parametergroep endaarna de parameter worden gekozen.Alle parameters worden als tekst weer-gegeven. Aan elke parameter is boven-dien een parametercode toegekend.Servicemenu:1. OK + å gelijktijdig ca. 4 s indruk-ken.2. ”Codeerniveau 1” kiezen.3. Parametergroep kiezen: ”Installatie-definitie”4. Parameter kiezen: ”Installatie-schema 7000”5. Installatieschema instellen: ”6”Alternatief, als het servicemenu al isgeactiveerd:Uitgebreid menu:1. å2. ”Service”3.

98Parameter Instelling Hoofdwarmtepomp volgwarmtepomp”Communicatie” Ó ”LON installatienummer7798””1” tot ”5” ”1” tot ”5” (zoals hoofd-warmtepomp)”Communicatie” Ó ”LON foutmanager 7779””1” tot ”99” (eendui-dig)”1” tot ”99” (eenduidig)OpmerkingDe instelling van de extra parametersvoor de warmtepompcascade gebeurtbij inbedrijfstelling door een gecertifi-ceerde CV-installateur voor warmte-pompen.Instrueren van de installatiegebruikerDe installateur van de installatie moet debedieningshandleiding overhandigenaan de gebruiker van de installatie en debediening uitleggen.Daartoe behoren ook alle als accessoireingebouwde componenten, bijv.afstandsbedieningen. Bovendien moetde installateur van de installatie wijzenop de vereiste onderhoudswerkzaamhe-den.Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoudAanvullende info over de stappen (vervolg)5782 373 NL

Het aanra-ken van spanning voerendeonderdelen kan door elektrischestroom tot ernstige verwondingenleiden.Bij werkzaamheden aan het toe-stel beslist ook de laststroom-kring spanningsvrij schakelen.Toestel maakt lawaaiMogelijke oorzaken:■ Transportbeveiliging niet verwijderd ofniet aan basisdrager bevestigd: Ziepagina 39.■ Behuizingdeur niet dicht afgesloten:Zie volgende afbeelding.■ Sokkelplaten niet gemonteerd: Ziepagina 82.■ Te grote afstand van de sokkelplaatnaar de vloer.Storingen oplossenReparatie (vervolg)5782 373 NLService

107Afzonderlijke onderdelenDe volgende gegevens zijn nodig:■ Fabricagenummer (zie typeplaatjeA)■ Module (uit deze onderdelenlijst)■ Positienummer van het onderdeel bin-nen de module (uit deze onderdelen-lijst)Courante onderdelen zijn in de plaatse-lijke vakhandel verkrijgbaar.Onderdelenlijsten type BW 301.AOnderdelenlijsten typeBW 301.A5782 373 NLService

117Afzonderlijke onderdelenDe volgende gegevens zijn nodig:■ Fabricagenummer (zie typeplaatjeA)■ Module (uit deze onderdelenlijst)■ Positienummer van het onderdeel bin-nen de module (uit deze onderdelen-lijst)Courante onderdelen zijn in de plaatse-lijke vakhandel verkrijgbaar.Onderdelenlijsten type BWS 301.AOnderdelenlijsten typeBWS 301.A5782 373 NLService

142Wij, Viessmann Werke GmbH & Co KG, D-35107 Allendorf, verklaren op eigen ver-antwoording dat het product Vitocal 300-G, type BW 301.A en type BWS 301.A incl.warmtepompregeling Vitotronic 200, type WO1B met de volgende normen over-eenstemt:DIN 8901 EN 61 000-3-11EN 50 090-2-2 EN 62233EN 55 014-1 EN 62233 Ber.1EN 55 014-2 EN ISO 12100EN 55 022 EN ISO 13857EN 60 335-2-40 EN 14511-1EN 60 335-1 EN 349EN 61 000-3-2 EN 378EN 61 000-3-3 Overeenkomstig de bepalingen van de volgende richtlijnen wordt dit product met_ gekenmerkt:2004/108/EG 2006/42/EG97/23/EG 2006/95/EGGegevens overeenkomstig de richtlijn inzake drukapparatuur (97/23/EG): catego-rie II, module A1Bij de energetische keuring van verwarmings- en luchtbehandelingsinstallaties con-form DIN V 4701-10, zoals vereist door de Duitse EnEV-voorschriften, kan bij debepaling van de installatiewaarden voor het product Vitocal 300-G worden uitgegaanvan de productwaarden die bij de Europese typehomologatie overeenkomstig deRendementsrichtlijn is bepaald (zie ontwerphandleiding).

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Viessmann Vitocal 300-G tot 45 kW stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden