Viessmann VITOCAL 222-G Handleiding

Viessmann Warmtepomp VITOCAL 222-G

Bekijk gratis de handleiding van Viessmann VITOCAL 222-G (112 pagina’s), behorend tot de categorie Warmtepomp. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 27 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Viessmann VITOCAL 222-G of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/112
Bedieningshandleiding
voor de gebruiker van de installatie
VIESMANN
Verwarmingsinstallatie en woningventilatiesysteem met warmtepompregeling
Vitotronic 200, type WO1C
VITOTRONIC 200
5817956 NL2/2018Bewaren a.u.b.!

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Viessmann
Categorie: Warmtepomp
Model: VITOCAL 222-G

Handleiding Viessmann VITOCAL 222-G – volledige tekst

2Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurigop ter voorkoming van lichamelijk letsel enmateriële schade. Toelichting bij veiligheidsvoorschriftenGevaarDit teken waarschuwt voor persoonlijk letsel. OpgeletDit teken waarschuwt voor materiële schade enschade aan het milieu. OpmerkingGegevens met het woord "Opmerking" bevatten aan-vullende informatie. DoelgroepDeze bedieningshandleiding is bedoeld voor de bedie-ners van de installatie. Dit apparaat kan ook worden gebruikt door kinderenvanaf 8 jaar en door personen met verminderde fysi-sche, sensorische of mentale vaardigheden of gebrekaan ervaring en kennis, wanneer ze onder toezicht zijnof zijn onderwezen in het veilig gebruik van het appa-raat en de gevaren die het gebruik van het apparaatmet zich meebrengt. OpgeletKinderen in de buurt van het apparaat ondertoezicht stellen. ■Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

■Reiniging en door de gebruiker te verrichtenonderhoud mogen niet worden verricht doorkinderen die niet onder toezicht staan. Aansluiting van het toestel■Het toestel mag enkel door erkende vakmensen aan-gesloten en in bedrijf genomen worden. ■Vermelde elektrische aansluitvoorwaarden naleven. ■Wijzigingen aan de aanwezige installatie mogenenkel door erkende vakmensen worden uitgevoerd. GevaarOndeskundig uitgevoerde werkzaamheden aande installatie kunnen leiden tot levensgevaarlijkeongevallen. Elektrische werkzaamheden mogen alleen doorelektromonteurs worden uitgevoerd. Werkzaamheden aan het toestel■Instellingen en werkzaamheden aan het toestelenkel volgens de instructies in deze gebruiksaanwij-zing uitvoeren. Overige werkzaamheden aan het toestel mogenenkel door bevoegde vakmensen worden uitgevoerd. ■Toestel niet openen. ■Bekledingen niet verwijderen.

41. Eerst informeren Symbolen. 8Vaktermen. 8Reglementair gebruik. 8Productinformatie. 9■Warmtepompregeling. 9■Warmtepomptypes. 9■Woningventilatiesystemen. 10■Toegestane omgevingstemperaturen in de installatieruimte. 11■Buitentemperatuurgrenzen voor lucht/water-warmtepompen /. 12■Temperatuurgrenzen voor brine/water-warmtepompen en water/water-warmtepompen. 12Eerste inbedrijfstelling. 12Uw installatie is vooraf ingesteld. 12Tips om energie te besparen. 13Tips voor meer comfort. 142. WarmtepompregelingbedienenWarmtepompregeling openen. 15Warmtepompregeling bedienen. 15■Algemene Bedieningsinstructies opvragen. 16■Symbolen in het display. 16Basismenu: Weergaven en instellingen. 17■Normale kamertemperatuur voor het favoriete verwarmings-/koelcir-cuit instellen. 18■Werkingsprogramma voor het favoriete verwarmings-/koelcircuitinstellen. 18Uitgebreid menu: Weergaven en instellingen. 18Screensaver.

6Tijd en datum instellen. 52Menutaal instellen. 52Temperatuureenheid instellen (°C/°F). 52Fabrieksinstelling weer instellen. 5312. Opvragen Informatie opvragen. 54■Zonne-energieopbrengst opvragen. 54■Energiebalans opvragen. 54■Bedrijfsdagboek. 55■Estrikdroging. 56Meldingen opvragen. 5713. Manuele bediening Manuele bediening. 5914. Speciale installatie-uitvoe-ringen. 6015. Uit- en inschakelen Bedieningselementen van de warmtepompregeling. 61Warmtepomp uitschakelen. 62■Met vorstbescherming. 62■Zonder vorstbewaking (buitenbedrijfstelling). 62Warmtepomp inschakelen. 6216. Wat doen. Ruimten te koud. 63Ruimten te warm. 64Geen warm water. 64Warm water te heet. 65” ” knippert en wordt weergegeven. 65”Aanwijzing”” ” knippert en ”Waarschuwing” wordt weergegeven. 65” ” knippert en wordt weergegeven. ”Storing” 65”Blok. door energiebedr. C5” wordt weergegeven.

65”Externe bijschakeling” wordt weergegeven. 65”Extern programma” wordt weergegeven. 65”Bedien. geblokkeerd” wordt weergegeven. 66”A0 Ventilatie: Filter controleren” wordt weergegeven. 66Deuren/vensters gaan moeilijk open. 66Deuren/vensters slaan open. 6617. Onderhoud Verwarmingsinstallatie reinigen. 67■Brine/water- of water/water-warmtepompen. 67■Lucht/water-warmtepompen /. 67■Lucht/water-warmtepompen met kunststof oppervlak. 67■Bedieningseenheid van de warmtepompregeling. 67Inspectie en onderhoud van de verwarmingsinstallatie. 67■Warmwaterboiler (indien voorhanden). 67■Veiligheidsklep (warmwaterboiler). 68■Tapwaterfilter (indien aanwezig). 68■Beschadigde aansluitleidingen. 68Woningventilatiesysteem reinigen. 68■Toevoerlucht-/afvoerluchtkleppen reinigen. 68■Keukenafvoerluchtklep reinigen. 69Filter reinigen of vervangen. 70■Filter in het ventilatietoestel Vitovent 200-C.

70■Filter in het ventilatietoestel Vitovent 200-W. 72■Filter in het ventilatietoestel Vitovent 300-C. 74■Filter in het ventilatietoestel Vitovent 300-F.

8Symbool BetekenisVerwijzing naar ander document met bijko-mende informatie Stap in afbeeldingen:de nummering komt overeen met de volg-orde van de stappen.Waarschuwing voor materiële schade enschade aan het milieu Bereik onder spanning Goed voor opletten. ■Onderdeel moet hoorbaar inklikken.of■Akoestisch signaal■Nieuw onderdeel plaatsen.of■In combinatie met gereedschap: Opper-vlakte reinigen.Onderdeel deskundig als afval verwijderen. Onderdeel bij geschikt verzamelpunt afge-ven. Onderdeel met het huisvuil mee-nietgeven. Soorten toestellenSymbool BetekenisInhoud geldt alleen voor brine/water-warm-tepompen.Inhoud geldt alleen voor lucht/water-warm-tepompen.Inhoud geldt alleen voor lucht/water-warm-tepompen met gescheiden binnen-/buiten-unit.VaktermenOm de functies van uw Vitotronic-regeling beter tebegrijpen, worden enkele begrippen verklaard.

Dieinformatie vindt u in het hoofdstuk ”Begripsverklarin-gen” in de bijlage.Reglementair gebruikHet toestel mag volgens de regelgeving enkel geïnstal-leerd en gebruikt worden in gesloten verwarmingssys-temen conform EN 12828, rekening houdend met debijbehorende montage-, service- en gebruikshandlei-dingen.Afhankelijk van de uitvoering kan het toestel uitsluitendvoor de volgende doeleinden worden gebruikt:■Ruimteverwarming■Ruimtekoeling■TapwaterverwarmingMet bijkomende componenten en accessoires kan defunctieomvang uitgebreid worden.Eerst informerenSymbolen5817956

9Het gebruik in bedrijven of industrie voor een anderdoel als voor de verwarming/koeling van ruimtes ofvoor tapwaterverwarming geldt als niet volgens devoorschriften. Verkeerd gebruik van het toestel respectievelijk ondes-kundige bediening (bijvoorbeeld wanneer de gebruikerhet toestel opent) is verboden en leidt tot aansprake-lijkheidsuitsluiting. Wanneer wijzigingen aangebrachtworden aan de componenten, wordt dit gezien als ver-keerd gebruik. OpmerkingHet toestel is uitsluitend bedoeld voor huishoudelijkgebruik, d. w. z. dat ook niet geïnstrueerde personenhet apparaat veilig kunnen bedienen. ProductinformatieWarmtepompregelingDe warmtepompregeling Vitotronic 200, type WO1Cregelt alle functies van uw verwarmingsinstallatie metwarmtepomp en woningventilatie. Afhankelijk van het type warmtepomp is de warmte-pompregeling op een andere plaats gemonteerd: ziepagina 15.

■Aan de voorzijde van de warmtepomp■Aan de bovenzijde van de warmtepomp■In een aparte behuizing aan een muurWarmtepomptypesLucht/water-warmtepompen Lucht/water-warmtepompen gebruiken de energie uitde omgevingslucht voor de warmteproductie. Hiervoorzuigt een ventilator de omgevingslucht door een warm-tewisselaar (verdamper). In de verdamper wordt dewarmte-energie van deze omgevingslucht in het koel-circuit overgebracht. Daar wordt voor de vereiste tem-peraturen voor de kamerverwarming en tapwaterver-warming gezorgd. Als aandrijving voor het koelcircuitdient de compressor. Voor de kamerkoeling loopt het koelcircuit metomkeerwerking. Aan uw kamers wordt warmte onttrok-ken en via de verdamper aan de omgevingslucht afge-geven. OpmerkingLucht/water-warmtepompen kunnen tweetraps zijn.

Lucht/water-warmtepompen zijn in volgende behui-zings-/opstelvarianten verkrijgbaar:Warmtepomp voor binnenopstelling■Alle componenten van de warmtepomp inclusief vande warmtepompregeling bevinden zich in een behui-zing binnen het gebouw. Via een luchtkanaalsysteemkomt de buitenlucht in de warmtepomp en opnieuwin de openlucht terecht. Warmtepomp voor buitenopstelling■Met uitzondering van de warmtepompregeling bevin-den alle componenten zich in een behuizing die bui-ten het gebouw opgesteld is. De warmtepomprege-ling is binnen het gebouw aangebracht. De warmte-pomp is hydraulisch met een verwarmingsinstallatievan het gebouw verbonden. Lucht/water-warmtepompen met gescheiden bin-nen-/buitenunit De buitenunit is buiten het gebouw opgesteld of vanbuiten aan het gebouw gemonteerd. In de buitenunitwordt de warmte uit de omgevingslucht gewonnen.

10Brine/water-warmtepompen Brine/water-warmtepompen gebruiken de aardwarmtevoor de warmteproductie. De aardwarmte wordt viaeen warmtedragermedium (brine) in het koelcircuitovergedragen. Daar wordt voor de vereiste temperatu-ren voor de kamerverwarming en tapwaterverwarminggezorgd. Ook hier dient een compressor als aandrij-ving voor het koelcircuit. De kamerkoeling voert de warmte van de warmtepompuit de ruimte naar de grond af. Brine/water-warmtepompen zijn binnen het gebouwgeplaatst. OpmerkingBrine/water-warmtepompen kunnen tweetraps zijn. Tweetraps brine/water-warmtepompen hebben 2 com-pressoren, die afhankelijk van het opgevraagde ver-mogen afzonderlijk of gelijktijdig ingeschakeld worden. Afhankelijk van het type bevinden beide compressorenzich in een behuizing of in 2 naast elkaar staande,afzonderlijke behuizingen.

Beide compressoren wor-den door één gemeenschappelijke warmtepomprege-ling geregeld. Water/water-warmtepompenWater/water-warmtepompen gebruiken bijv. grondwa-ter voor de warmteopwekking, volgens hetzelfde prin-cipe als brine/water-warmtepompen. De energie uit hetgrondwater komt via een warmtedragermedium in hetkoelcircuit terecht. Met extra componenten kan een brine/water-warmte-pomp als water/water-warmtepomp gebruikt worden. Water/water-warmtepompen zijn binnen het gebouwgeplaatst.

WoningventilatiesystemenWoningventilatiesystemen dienen voor de gecontro-leerde ventilatie en ontluchting van eengezinswonin-gen of woningen. Als in uw installatie een woningventilatiesysteem vanViessmann geïntegreerd is, kan het centrale ventilatie-toestel door de warmtepompregeling geregeld enbediend worden. Via een tijdprogramma past de ventilatiewerking zichautomatisch aan uw wensen aan. De ”Spaarwerking”en het ”Vakantieprogramma” helpen u bij het sparenvan energie. In de verhoogt u”Intensieve werking”de luchtuitwisseling in het gebouw en worden geurtjesen vocht snel naar de open lucht geleid. Volgende centrale ventilatietoestellen worden onder-steund:Vitovent 200-CVitovent 200-C is geschikt voor ééngezinswoningen ofwoningen tot 120 m2 woonoppervlakte. Vitovent 200-C voldoet aan de eisen voor het gebruikin het passiefhuis.

Het ventilatietoestel kan naar keuze aan een muur ofaan een plafond gemonteerd worden. Naast de warmtepompregeling kan de ventilatiewer-king ook via een aan het ventilatietoestel aangeslotenschakelaar of toets (badkamerschakelaar) omgescha-keld worden, bijv. als u tijdelijk de hoogste ventilatie-trap nodig hebt. Vitovent 200-WVitovent 200-W is geschikt voor ééngezinswoningen ofwoningen tot 230 m2 woonoppervlakte. Dit ventilatietoestel wordt aan een muur gemonteerd. Eerst informerenProductinformatie (vervolg)5817956.

11Om vochtschade in het gebouw te vermijden, past hetventilatietoestel de luchtuitwisseling automatisch aan,afhankelijk van de luchtvochtigheid in uw kamers(accessoires vereist). Vitovent 300-CVitovent 300-C is geschikt voor ééngezinswoningen ofwoningen tot 90 m2 woonoppervlakte. Vitovent 300-C voldoet aan de eisen voor het gebruikin het passiefhuis. Het ventilatietoestel kan naar keuze aan een muur ofaan een plafond gemonteerd worden. Voor goede luchtkwaliteit in uw gebouw past het venti-latietoestel de luchtuitwisseling automatisch aanafhankelijk van de luchtvochtigheid en/of de kooldioxi-deconcentratie in uw kamers (accessoires vereist). Vitovent 300-FVitovent 300-F is geschikt voor ééngezinswoningen ofwoningen tot 180 m2 woonoppervlakte. Vitovent 300-F voldoet aan de eisen voor het gebruikin het passiefhuis. Dit ventilatietoestel wordt in de buurt van de warmte-pompregeling opgesteld.

Voor goede luchtkwaliteit in uw gebouw past het venti-latietoestel de luchtuitwisseling automatisch aanafhankelijk van de luchtvochtigheid en/of de kooldioxi-deconcentratie in uw kamers (accessoires vereist). Naast de eigenlijke woningventilatie kan aan uwkamers via het ventilatiesysteem ook warmte uit dewarmtepomp toegevoerd worden. Deze opwarmingvan de toevoerlucht is in gebouwen met heel goedewarmte-isolatie als enige warmtebron geschikt. Voorde opwarming van de toevoerlucht heeft uw gespecia-liseerde firma het ventilatietoestel met het verwar-mingscircuit VC1 van uw warmtepomp verbonden. Verwarmingscircuit VC1 is dan een ventilatieverwar-mingscircuit. Vitovent 300-WVitovent 300-W is geschikt voor ééngezinswoningen ofwoningen tot 370 m2 woonoppervlakte. Vitovent 300-W komt overeen met de eisen voor hetgebruik in een passiefhuis. Dit ventilatietoestel wordt aan een muur gemonteerd.

Voor goede luchtkwaliteit in uw gebouw past het venti-latietoestel de luchtuitwisseling automatisch aanafhankelijk van de luchtvochtigheid en/of de kooldioxi-deconcentratie in uw kamers (accessoires vereist). Toegestane omgevingstemperaturen in de installatieruimte. OpgeletBuiten de opgegeven temperatuurbereiken kun-nen evt. storingen aan het toestel optreden. Zorg ervoor dat het opgegeven temperatuurbe-reik in de opstellingsruimte in acht wordt geno-men. Toestel OmgevingstemperatuurMin. Max.

Temperatuurgrenzen voor brine/water-warmtepompen en water/water-warmtepompen Bij brine/water-warmtepompen en water/water-warmte-pompen wordt de warmte via het wamtedragermedium(brine) in de warmtepomp overgedragen. De warmte-bronnen grond en grondwater hebben het hele jaardoor ongeveer hetzelfde temperatuurniveau. Daaromis een onderschrijding of overschrijding van de toege-laten temperatuurgrenzen voor de brine-inlaat in dewarmtepomp niet te verwachten. Als uw brine/water-warmtepomp of water/water-warm-tepomp door te geringe of te hoge brine-inlaattempera-turen uitschakelt, is er evt. een storing. Aan de warm-tepompregeling krijgt u hiervoor een melding. Infor-meer in dit geval uw installateur.

Eerste inbedrijfstellingDe eerste inbedrijfstelling en het aanpassen van dewarmtepompregeling aan de plaatselijke en bouwkun-dige situatie evenals de instructie over de bedieningmoeten door uw installateur worden uitgevoerd. OpmerkingIn deze bedieningshandleiding worden ook de functiesbeschreven die slechts bij enkele types warmtepom-pen of alleen met accessoires mogelijk zijn.

Deze func-ties worden niet apart aangeduid. Welke uitrusting en functies uw verwarmingsinstallatieheeft, werd door uw firma in het formulier oppagina 103 ingevoerd. Bij vragen over de functionaliteit en de accessoiresvan uw warmtepomp en uw verwarmingsinstallatiewendt u zich tot uw verwarmingsfirma. Uw installatie is vooraf ingesteldUw verwarmingsinstallatie is vooraf in de fabriek inge-steld en dus klaar voor gebruik:Kamerverwarming/kamerkoeling■Uw kamers worden van tot00. 00 tot 24. 00 uur20 °C ”Gew. kamertemperatuur” verwarmd (nor-male kamertemperatuur). ■Als een buffer aanwezig is, wordt deze verwarmd. ■De actieve koeling is geblokkeerd: zie pagina 41. Warmwaterbereiding■Het warm water wordt alle dagen van 00. 00 tot24. 00 uur ”Gew. warmwatertemp. ” op 50 °C ver-warmd. ■Een eventueel aanwezige circulatiepomp is uitge-schakeld. ■Een evt.

Energie besparen bij de warmwaterbereiding■Verwarm het warm water 's nachts of bij regelmatigeafwezigheid tot een lagere temperatuur. Stel hiervoorhet tijdprogramma voor de warmwaterbereiding in:zie pagina 36. ■Schakel de warmwatercirculatie enkel in voor deperiodes waarin u regelmatig warm water tapt. Stelhiervoor het tijdprogramma voor de circulatiepompin: zie pagina 38. Energie besparen bij de woningventilatie (in com-binatie met ventilator)■Als u korte tijd afwezig bent, stelt u de ”Spaarwer-king” ”Basiswerking” of het werkingsprogramma in. In die periode wordt het ventilatieniveau geredu-ceerd: zie pagina 44 en 47. ■Stel het ”Vakantieprogramma” in als u op vakantiegaat: zie pagina 47:Gedurende uw afwezigheid wordt het ventilatieni-veau beperkt.

14Voor verdere energiespaarfuncties van de warmte-pompregeling kunt u zich tot uw verwarmingsbedrijfwenden. Tips voor meer comfortAangenamer in uw kamers■Stel uw comforttemperatuur in: zie pagina 18. ■Stel het tijdprogramma voor uw verwarmings-/koel-circuits so in dat uw comforttemperatuur automatischbereikt is als u aanwezig bent: zie pagina 27. ■Stel de stook- of koellijnen zo in dat uw kamers hethele jaar door tot uw comforttemperatuur verwarmdof gekoeld worden: zie pagina 30. ■Stel het tijdprogramma voor de buffer (indien aanwe-zig) zo in dat er altijd voldoende warm of koud watervoor uw verwarmings-/koelcircuits beschikbaar is: ziepagina 28. ■Geef de extra elektrische verwarming voor kamer-verwarming vrij. Als er snel grote hoeveelhedenwarmte nodig zijn, wordt deze extra verwarmingbovenop de warmtepomp ingeschakeld: ziepagina 40. ■Geef de actieve koeling vrij.

Daardoor is indien nodigeen hoog koelvermogen beschikbaar: ziepagina 41. ■Als u snel een hogere kamertemperatuur nodigheeft, stelt u de in: zie pagina 32. ”Partywerking”Voorbeeld:'s Avonds is door het tijdprogramma de geredu-ceerde kamertemperatuur ingesteld. Uw visite blijftlanger. Warmwaterbereiding naar behoefte■Stel het tijdprogramma voor de warmwaterbereidingzo in dat er altijd genoeg warm water beschikbaar isvoor uw gewoontes: zie pagina 36 en pagina 38. Voorbeeld:U heeft 's morgens meer warm water nodig danoverdag. ■Optimaliseer het tijdprogramma voor de warmwater-boiler. Gebruik hiervoor de in- en uitschakeloptimali-sering: zie pagina 37. ■Stel het tijdprogramma voor de circulatiepomp zo indat er altijd genoeg warm water beschikbaar is inperiodes waarin vaker warm water wordt getapt aande waterkranen: zie pagina 38.

■Als u snel een hogere warmwatertemperatuur nodigheeft, stelt u de in: zie”1x WW-bereiding”pagina 38. Woningventilatie naar behoefte (in combinatie metventilatietoestel)■Verhoog de luchtuitwisseling in uw kamers bij hogereluchtvochtigheid of geurvorming, bijv. bij het koken. Stel hiervoor de in: zie”Intensieve werking”pagina 46. ■In de verwarmingsperiode kan de luchtvochtigheidvan de toevoerlucht erg verminderen. Opdat gedu-rende die periode de lucht in uw kamers niet tedroog zou worden, vermindert u het ventilatieniveau. Pas hiervoor het tijdprogramma aan: zie pagina 45(niet nodig bij ventilatietoestellen met enthalpiewarm-tewisselaar). Geluiddempende werking van lucht/water-warmte-pompen■Verminder het geluidsniveau van uw lucht/water-warmtepomp, bijv. 's nachts. Stel hiervoor het tijdpro-gramma voor de geluiddempende werking in: ziepagina 42.

15Afhankelijk van het warmtepomptype kan de warmte-pompregeling er anders uitzien.Warmtepompregeling aan de voorzijde van het apparaatAfb. 1Warmtepompregeling aan de bovenkant van het appa-raatBAAfb. 2ARegelingsbovendeel met bedieningseenheidBKnop voor wijziging van de vastklikstandWarmtepompregeling als afzonderlijke behuizing aaneen wandAfb. 3Opmerking■Voor lucht/water-warmtepompen die buiten hetgebouw opgesteld zijn.■Aan de achterkant van de afdekklep bevindt zich eenkorte handleiding.

Om te openen trekt u de boven-ste rand van de afdekklep naar voren.Warmtepompregeling bedienenAlle instellingen aan uw warmtepompregeling kunt ucentraal aan het bedieningsgedeelte uitvoeren.Als in uw kamers afstandsbedieningen geïnstalleerdzijn, kunt u ook de instellingen via deze afstandsbedie-ningen invoeren.Bedieningshandleiding van de afstandsbedie-ningWarmtepompregeling bedienenWarmtepompregeling openen5817956

1614°C 21°CAfb. 4U gaat één stap terug in het menu. OfU breekt een begonnen instelling af. CursortoetsenU bladert in het menu of stelt waarden in. OK U bevestigt uw keuze of bewaart de ingevoerdeinstelling. U roept op (zie volgend”Bedieningsinstructies”hoofdstuk) of aanvullende informatie bij het gese-lecteerde menu. U roept het uitgebreide menu op. U beschikt over :2 bedieningsniveaus■Het basismenu: zie pagina 17. ■Het uitgebreide menu: zie pagina 18. OpmerkingAls u een paar minuten geen instellingen aan debedieningseenheid heeft uitgevoerd, wordt de screen-saver actief: zie pagina 19. Algemene Bedieningsinstructies opvragenU krijgt op het display in de vorm van een beknoptehandleiding uitleg bij de bediening. Zo roept u de op:”Bedieningsinstructies”■Screensaver is actief (zie pagina 19):Druk op de toets.

■U bevindt zich ergens in het menu:Druk zo vaak op de toets tot het basismenu ver-schijnt: zie pagina 17. Druk op de toets. Symbolen in het displayDe symbolen verschijnen niet constant, maar zijnafhankelijk van de uitvoering van de installatie en vande werkingstoestand. Indicaties:Vorstbescherming is actief. Kamerverwarming met normale kamertemperatuurKamerverwarming met gereduceerde kamertempe-ratuurPartywerking voor kamerverwarming is actief. Spaarwerking voor kamerverwarming is actief. In combinatie met de zonne-installatie:Zonnecircuitpomp looptCompressor loopt. Bij brine-/water- en water-/waterwarmtepompen:Primaire pomp loopt. Bij lucht-/waterwarmtepompen:Ventilator draait. Verwarmingswaterdoorstromer is ingeschakeld(extra elektrische verwarming). In combinatie met een koelcircuit:koeling is actief. In combinatie met een fotovoltaïsche installatie:Gebruik van eigen stroom is actief.

In combinatie met speciale aansluiting voor eenenergiebedrijf (Smart Grid):Blokkering door energiebedrijf of het gebruik vanstroomoverschot is actief. Het inschakelgedrag vande warmtepomp wordt door het energiebedrijf beïn-vloed. Verwarmings-/koelcircuits:VC.

17Werkingsprogramma's:■Werkingsprogramma's voor verwarmen, koelen enwarm water:, , , :Betekenis van de symbolen: zie pagina 21. ■Werkingsprogramma's voor ventilatie:Ventilatieniveaus 0 tot 4 afhankelijk van hetingestelde werkingsprogramma: zie pagina 22. Ventilatietrappen (in combinatie met een ventilatie-toestel):0Geen ventilatie1Minimaal luchtdebiet2Gereduceerd luchtdebiet3Normaal luchtdebiet4Maximaal luchtdebiet2Vorstbescherming voor het ventilatietoestel isactief. Symbool bij het voorbeeld van ventilatie-trap 22Voorverwarmregister voor het ventilatietoestel isingeschakeld, indien voorhanden. Symbool bijhet voorbeeld van ventilatietrap 2Ventilatietoestel is via de netschakelaar uitge-schakeld. OfDe netstekker werd uitgetrokken. Meldingen: zie pagina 57.

StoringWaarschuwingAanwijzingBasismenu: Weergaven en instellingenIn het basismenu kunt u de volgende instellingen voorhet favoriete verwarmings-/koelcircuit E uitvoeren enopvragen:■Normale kamertemperatuur (uw comforttemperatuur)■WerkingsprogrammaZo roept u het basismenu op:■Screensaver is actief, zie pagina 19:Druk op de toets. OK■U komt in het uitgebreide menu, zie pagina 18:Druk op de toets tot het basismenu verschijnt. 40°CAanvoertemperatuur14°C 21°CVC1EEstrikdrogingBCADAfb. 5AWerkingsprogramma voor het favoriete verwar-mings-/koelcircuit ( E)BActuele buitentemperatuurCGewenste kamertemperatuur voor het favorieteverwarmings-/koelcircuit ( E)DInformatieregelsEFavoriete verwarmings-/koelcircuit: ziepagina 52. Geen indicatie indien slechts verwarmings-/éénkoelcircuit voorhanden is.

Opmerking■Het basismenu kan bij speciale uitvoeringen van dehier weergegeven indicatie afwijken: Zie hoofd-stuk ”Bijzondere installatie-uitvoeringen” oppagina 60. ■De instellingen voor het verkozen verwarmings-/koel-circuit kunt u ook in het uitvoeren:uitgebreide menuzie pagina 18. ■De instellingen voor evt. andere aangesloten verwar-mings-/koelcircuits kunt u in het uitgebreidealleenmenu uitvoeren.

■De instellingen voor de ventilatie (indien voorhan-den) kunt u in het uitgebreide menu uitvoeren. alleen■Uw verwarmingsfirma kan de bediening voor hetbasismenu blokkeren. In dat geval kunt u noch in hetbasismenu, noch in het uitgebreide menu instellin-gen uitvoeren. wordt aange-”Bedien. geblokkeerd”geven. Informatieregels DIn de informatieregel worden bijzonderebovenstewerkingsprogramma's weergegeven: zie pagina 22. ■”Estrikdroging”■”Externe bijschakeling”■”Extern programma”Warmtepompregeling bedienenWarmtepompregeling bedienen (vervolg)5817956.

18In de informatieregel wordt, afhankelijk vanonderstede uitvoering van uw installatie, de volgende informatieweergegeven:■”Aanvoertemperatuur”:temperatuur van het verwarmings- of koelwater bijuittrede uit de warmtepomp:Deze informatie wordt weergegeven als uw installa-tie over een verwarmingswaterbuffer beschikt ofgeen buffer heeft.■”Buffer: kamerverwarming”Uw installatie beschikt over een verwarmings-/koel-waterbuffer voor kamerverwarming kamerkoeling:enzie pagina 28.Voor deze buffer heeft u de kamerverwarming inge-schakeld.■”Buffer: kamerkoeling”Uw installatie beschikt over een verwarmings-/koel-waterbuffer voor kamerverwarming kamerkoeling:enzie pagina 28.Voor deze buffer heeft u de kamerkoeling ingescha-keld.Normale kamertemperatuur voor het favoriete verwarmings-/koelcircuit instellenDe volgende toetsen indrukken:1. / voor de gewenste waarde2.

OK ter bevestigingWerkingsprogramma voor het favoriete verwarmings-/koelcircuit instellenDe volgende toetsen indrukken:1. / voor het gewenste werkingsprogramma2. OK ter bevestigingUitgebreid menu: Weergaven en instellingenIn het uitgebreide menu kunt u instellingen uit deallefunctieomvang van de warmtepompregeling uitvoerenen opvragen, bijv. vakantieprogramma en tijdprogram-ma's.Het menuoverzicht vindt u op pagina 82.Zo roept u het uitgebreide menu op:■Screensaver is actief:Druk na elkaar op de toetsen en .OK■U bevindt zich ergens in het menu:Druk op de toets .OpmerkingUw verwarmingsfirma kan de bediening voor het uitge-breide menu blokkeren. In dit geval kunt u mel-alleen dingen opvragen (zie pagina 54) en de manuelebediening activeren (zie pagina 59).

19Als u een paar minuten geen instellingen aan debedieningseenheid heeft uitgevoerd, wordt de screen-saver actief. De helderheid van de displayverlichtingwordt gereduceerd.14°C 21°CBCAfb. 7BActuele buitentemperatuurCGewenste kamertemperatuur1. OKDruk op de toets .U gaat naar het basismenu: zie pagina 17.2.

Druk op de toets .Het gekozen menupunt heeft een witte achter-grond.U gaat naar het uitgebreide menu: zie pagina 18.In de dialoogregel F staan de nodige handelings-instructies: zie afbeelding 6 op pagina 18.BedieningssystematiekVoor CV-circuit/koelcircuit kunt u instellingeniedervoor het verwarmen/koelen van kamers realiseren.Daarom moet u de desbetreffendevoorafgaand aaninstellingen (bijvoorbeeld kamertemperatuur) hetgewenste CV-circuit/koelcircuit selecteren.De volgende afbeelding laat aan de hand van het voor-beeld voor de instelling van de gewenste kamertempe-ratuur de procedure zien. De afbeelding omvat deinstelling zonder en met selectie van het CV-circuit,maar ook verschillende dialoogvensterregels.Warmtepompregeling bedienenScreensaver5817956

”Kamerverwarming en kamerkoelingVerwarmings-/koelcircuitsInstallatie-uitvoering met warmwaterberei-dingInstallatie-uitvoering zonder warmwa-terbereidingSymbool Werkingsprogramma Symbool WerkingsprogrammaVerwarmings-/koel-circuit”VC1” ”VC2” ”V, , C3””Uitschakelwerking” ”Uitschakelwerking””Alleen warm water” — —”Verwarmen/koelen en WW”(Fabrieksinstelling)”Verwarmen/koelen”Afzonderlijk koel-circuit”SKK””Uitschakelwerking” ”Uitschakelwerking””Alleen warm water” — —”Koelen en WW”(Fabrieksinstelling)”Koelen”Functies van de werkingsprogramma'sKamerverwarming/Kamerkoeling en warmwaterbereidingSymbool Werkingsprogramma Functie”Verwarmen en warmwater”■De kamers van het gekozen verwarmingscircuit worden volgens de in-stellingen voor de kamertemperatuur en het tijdprogramma verwarmd. Zie hoofdstuk ”Kamerverwarming/kamerkoeling”.

■Het warme water wordt volgens de gegevens voor de warmwatertem-peratuur en het tijdprogramma opgewarmd. zie hoofdstuk ”Warmwa-terbereiding”. ”Verwarmen/koelen enWW”■De kamers van het gekozen verwarmings-/koelcircuit worden volgensde gegevens voor de kamertemperatuur en het tijdprogramma ver-warmd/gekoeld: Zie hoofdstuk ”Kamerverwarming/kamerkoeling”. ■Het warme water wordt volgens de gegevens voor de warmwatertem-peratuur en het tijdprogramma opgewarmd. zie hoofdstuk ”Warmwa-terbereiding”. ”Koelen en warm water” ■De kamers in het aparte koelcircuit worden doorlopend gekoeld.

Ukunt geen tijdprogramma instellen. ■Het warme water wordt volgens de gegevens voor de warmwatertem-peratuur en het tijdprogramma opgewarmd. zie hoofdstuk ”Warmwa-terbereiding”. WarmwaterbereidingSymbool Werkingsprogramma Functie”Alleen warm water” ■Het warme water wordt volgens de gegevens voor de warmwatertem-peratuur en het tijdprogramma opgewarmd. zie hoofdstuk ”Warmwa-terbereiding”. ■Geen kamerverwarming/kamerkoeling■Vorstbescherming van een evt. voorhanden buffer is actief. Warmtepompregeling bedienenInformatie over de werkingsprogramma’s (vervolg)5817956.

22Kamerverwarming/kamerkoelingSymbool Werkingsprogramma Functie”Verw. ” ■De kamers van het gekozen verwarmingscircuit worden volgens de in-stellingen voor de kamertemperatuur en het tijdprogramma verwarmd. Zie hoofdstuk ”Kamerverwarming/kamerkoeling”. ”Verwarmen/koelen” ■De kamers van het gekozen verwarmings-/koelcircuit worden volgensde gegevens voor de kamertemperatuur en het tijdprogramma ver-warmd/gekoeld: Zie hoofdstuk ”Kamerverwarming/kamerkoeling”. ”Koelen” ■De kamers in het aparte koelcircuit worden doorlopend gekoeld. Ukunt geen tijdprogramma instellen. VorstbeschermingSymbool Werkingsprogramma Functie”Uitschakelwerking” ■Geen kamerverwarming/kamerkoeling■Geen warmwaterbereiding■De vorstbescherming van de warmtepomp, warmwaterboiler, verwar-mings-/koelcircuit en evt. voorhanden buffer is actief.

Werkingsprogramma's voor ventilatieWerkingsprogramma Werkingsstatus Luchtdebiet Ventilatietrap”Uitschakelmodus” —Geen ventilatie0”Basiswerking” —Minimaal luchtdebiet1”Ventilatie-automaat” ”Gereduc. ” Gereduceerd luchtdebiet2”Normaal” Normaal luchtdebiet3”Intensief” Maximaal luchtdebiet4Bijzondere werkingsprogramma'sAfhankelijk van de installatie-uitvoering zijn bijzonderewerkingsprogramma's beschikbaar. Weergave in het basismenu40°CAanvoertemperatuurVC114°C 21°CEstrikdrogingDAfb. 9DBijzondere werkingsprogramma's in de bovensteinformatieregelOpmerkingIn het uitgebreide menu kunt u onder het”Informatie”ingestelde werkingsprogramma oproepen: ziepagina 54. EstrikdrogingDeze functie stelt uw verwarmingsfirma in. Uw estrik-vloer wordt volgens een vast ingesteld tijdprogramma(temperatuur-tijd-profiel) gedroogd, zoals dat voor dematerialen het beste is.

23Externe bijschakeling■Uw verwarmingsfirma heeft externe schakelcontac-ten aan uw warmtepompregeling aangesloten en defuncties hiervoor ingesteld. Met deze schakelcontac-ten kunnen de warmtepompen of bepaalde installa-tiecomponenten in- of uitgeschakeld worden, bijv. mengklep. Of■Uw verwarmingsfirma heeft de warmtepomp in eengebouwbeheersysteem geïntegreerd. Dit systeemschakelt bepaalde functies, installatiecomponentenof werkingsprogramma's in of uit, ongeacht uwinstellingen. OpmerkingTerwijl actief is, kunt u het”Externe bijschakeling”ingestelde werkingsprogramma aan de warmtepomp-regeling wijzigen. Als niet ”Externe bijschakeling”beëindigd is, wordt het werkingsprogramma, dat voor-dien op de warmtepompregeling was ingesteld, voort-gezet. Extern programmaUw verwarmingsfirma heeft de warmtepompregelingmet het internet verbonden, bijv. via de internetinter-face Vitoconnect.

Het werkingsprogramma en andere functies wordenvia een Viessmann-app in- of uitgeschakeld. OpmerkingTerwijl actief is, kunt u het inge-”Extern programma”stelde werkingsprogramma aan de warmtepomprege-ling wijzigen. na bevestiging van een vraagAls beëindigd is, wordt het wer-”Extern programma”kingsprogramma, dat voordien op de warmtepompre-geling was ingesteld, voortgezet. VakantieprogrammaZie pagina 34. Werkwijze voor de instelling van een tijdprogrammaHieronder wordt de werkwijze voor de instelling vaneen tijdprogramma toegelicht. Details over de afzon-derlijke tijdprogramma's vindt u in de desbetreffendehoofdstukken. Voor de volgende functies kunt u een tijdprogrammainstellen:■Kamerverwarming/kamerkoeling: zie pagina 27. ■Verwarming van een verwarmingswaterbuffer: ziepagina 28. ■Koeling van een verwarmingswaterbuffer: ziepagina 29. ■Warmwaterbereiding: zie pagina 36.

■Woningventilatie (in combinatie met ventilatietoe-stel): zie pagina 45. In het tijdprogramma verdeelt u de dag in segmenten,zogenaamde. U bepaalt wat er in een peri-periodenode gebeurt, bijv. wanneer uw kamers tot de normalekamertemperatuur worden verwarmd. Daartoe stelt uvoor elke periode een in. werkingsstatusDe mogelijke werkingsstatussen verschillen bijv. doorverschillende temperatuurniveaus. ■Het tijdprogramma kunt u instellen, voorindividueelelke dag gelijk of verschillend. ■U kunt maximaal 8 periodes per dag instellen. ■De perioden zijn genummerd. ■Voor elke periode stelt u het begintijdstip en het eind-tijdstip in. De gekozen periode wordt door een witte balk in hettijddiagram aangegeven. De lengte ervan wordt inhet tijddiagram navenant aangepast. ■De afzonderlijke werkingsstatussen worden door ver-schillende balkhoogten in het tijddiagram weergege-ven.

Als meerdere periodes elkaar overlappen, heeft dewerkingsstatus met de hoogste balk prioriteit. ■In het uitgebreide menu kunt u onder ”Informatie”de tijdprogramma's oproepen: zie pagina 54. Tijdprogramma instellen met als voorbeeld kamerverwarming/-koeling1. Uitgebreid menu:2. ”Verwarm. /koeling”3. Ev. / voor het gekozen verwarmings-/koelcircuit. 4. ”Tijdprogr. verw. /koel. ”5. Kies het weekdeel of de weekdag. Warmtepompregeling bedienenInformatie over de werkingsprogramma’s (vervolg)5817956.

246. Kies een periode ! tot (. De gekozen periodewordt door een witte balk in het tijddiagram aange-geven.7. Stel het begin en het einde van de betreffendeperiode in. De lengte van de witte balk in het tijd-diagram wordt overeenkomstig aangepast.8. ”Geredu-Kies de gewenste werkingsstatus ceerd” ”Normaal” ”Constant”, of . De afzonder-lijke werkingsstatussen worden door verschillendebalkhoogten in de tijdtabel weergegeven. 9. Druk op om het menu te verlaten.OpmerkingAls u voortijdig wilt stoppen met het instellen van eenperiode, drukt u zo vaak op tot de gewenste indica-tie verschijnt.Voorbeeld voor werkingsstatus en periodes in hettijdprogramma voor kamerverwarming?u(!u?! § $ %Afb.

25Tijdprogramma effectief instellenVoorbeeld: U wilt voor alle weekdagen, behalvemaandag, hetzelfde tijdprogramma instellen:1. ”Maandag Zondag”Kies de periode – en stel hettijdprogramma in.êêêç(Afb. 11OpmerkingHet vinkje staat altijd bij de weekdelen metdezelfde periodes.Fabrieksinstelling: Voor alle weekdagen gelijk,daarom is het vinkje bij ”Maandag–Zondag”geplaatst.2. ”Maandag”Kies vervolgens en stel voor die daghet tijdprogramma in.OpmerkingDe ingestelde periodes voor ”Maandag Zondag”–blijven voor de weekdagen tot ”Dinsdag” ”Vrij-dag” behouden.Het vinkje wordt bij het weekgedeelte ”Zaterdag –Zondag” geplaatst, omdat nog slechts in dit week-gedeelte de ingestelde periodes overeenstemmen.êêêç(Afb.

12Periodes wissen■Stel voor het einde dezelfde tijd in als voor het begin.Of■Kies voor het begintijdstip een instelling vóór00:00 uur.Op het display verschijnt voor de gekozen peri-ode ” ”.- - : - -(u?u!Afb. 13Warmtepompregeling bedienen Werkwijze voor de instelling van een… (vervolg)5817956

26De normale kamertemperatuur is de temperatuurwaarbij u zich goed voelt. Uw kamers worden altijd totdeze temperatuur verwarmd of gekoeld als in het tijd-programma een periode met de werkingsstatus ”Nor-maal” actief is. Tijdprogramma voor kamerverwarming/kamerkoelinginstellen: zie pagina 27. Fabrieksinstelling: 20 °CVoor het verkozen verwarmings-/koelcircuit1. Basismenu:/ voor de gewenste waarde2. OK ter bevestigingVoor alle verwarmings-/koelcircuits1. Uitgebreid menu:2. ”Verwarming” ”Verwarm. /koeling” of 3. Evt. / voor het gewenste verwarmings-/koelcir-cuit4. ”Gewenste kamertemperatuur”5. Stel de gewenste waarde in. Opmerking voor gebruik met een ventilatietoestelStel de kamertemperatuur voor ventilatie ca. 2 °Choger in dan de normale kamertemperatuur voorkamerverwarming/kamerkoeling: zie pagina 44. Deze instelling garandeert een correcte werking vande bypass.

Gereduceerde kamertemperatuur instellen voor kamerverwarmingU stelt de kamertemperatuur in voor de periodes,waarin u minder wilt verwarmen. Deze kamertemperatuur geldt voor de volgende perio-des:■In de periodes waarvoor u in het ”Tijdprogramma”de werkingsstatus instelt: zie”Gereduc. ”pagina 27■In het vakantieprogramma: zie pagina 34. Fabrieksinstelling: 16 °COpmerkingVoor een afzonderlijk koelcircuit kan geen geredu-ceerde gewenste kamertemperatuur worden ingesteld. 1. Uitgebreid menu:2. ”Verwarming” ”Verwarm. /koeling” of 3. Evt. / voor het gewenste verwarmings-/koelcir-cuit4. ”Gered. kamertemp. Gewenst”5. Stel de gewenste waarde in. Werkingsprogramma instellen voor kamerverwarming/kamerkoelingIn het voor de kamerverwar-”Werkingsprogramma”ming stelt u in of de kamerverwarming al dan niet vrij-gegeven is. Overzicht van de werkingsprogramma's: zie pagina 21.

27In de periodes voor kamerverwarming en -koeling steltu in wanneer uw kamers met welke temperatuur ver-warmd of gekoeld worden. Daartoe stelt u voor elke periode een werkingsstatusin: zie hoofdstuk ”Werkingsstatus voor kamerverwar-ming/kamerkoeling”. Fabrieksinstelling: tijdfase van 0:00 tot 24:00 uurEenvoor alle weekdagen met de werkingsstatus ”Nor-maal”. Opmerking■De fabrieksinstelling is geschikt voor de werking metvloerverwarming. ■Voor een apart koelcircuit kan tijdprogrammageenworden ingesteld. 1. Uitgebreid menu:2. ”Verwarming” ”Verwarming/koeling” of 3. Evt. / voor het gewenste verwarmings-/koelcir-cuit4. ”Tijdprog. verwarmen” ”Tijdprog. verw. koel. ” of 5. Stel de gewenste periodes en de werkingsstatusin. Methode voor de instelling van een tijdprogramma: ziepagina 23. Opmerking■Tussen de periodes worden de kamers niet ver-warmd of gekoeld.

Enkel de vorstbescherming vande warmtepomp is actief (werkingssta-tus ). ”Standby”■Houd bij het instellen rekening met het feit dat uwverwarmingsinstallatie tijd nodig heeft om de kamerstot de gewenste temperatuur te verwarmen of af tekoelen. Werkingsstatus voor kamerverwarming/kamerkoe-ling”Normaal”■De kamerverwarming/kamerkoeling gebeurt met denormale kamertemperatuur ”Gew. kamertempera-tuur”: zie pagina 26. ”Gereduc. ”■De kamerverwarming vindt plaats met de geredu-ceerde kamertemperatuur ”Ger. gew. kamertemp. ”:zie pagina 26. OpmerkingIn de werkingsstatus wordt een verwar-”Gereduc. ”mings-/koelcircuit gekoeld. niet”Constante”■De kamer gebeurt onafhankelijk van deverwarmingbuitentemperatuur met de maximale aanvoertempe-ratuur van elk verwarmingscircuit. ■De kamer gebeurt onafhankelijk van de bui-koelingtentemperatuur met de minimale aanvoertempera-tuur van het koelcircuit.

28OpmerkingVerdere informatie over de verschillende buffers vindtu in het hoofdstuk ”Begripsverklaringen” in de bijlage:zie pagina 93. Kamerverwarming/kamerkoeling met buffer inschakelenInstallatie met verwarmingswaterbufferBij kamerverwarming voorziet de verwarmingswater-buffer uw verwarmings-/koelcircuits van warmte. Dewarmtepomp verwarmt de verwarmingswaterbufferautomatisch zodra de buitentemperatuur onder deverwarmingsgrens daalt. Uw verwarmingsfirma heeftde verwarmingsgrens ingesteld. Bij kamerkoeling (indien voorhanden) voorziet dewarmtepomp het koelcircuit direct, via de verwar-nietmingswaterbuffer. De kamerkoeling is automatischingeschakeld als de buitentemperatuur de koelgrensoverschrijdt. Uw verwarmingsfirma heeft ook de koel-grens ingesteld. Installatie met verwarmings-/koelwaterbufferEen verwarmings-/koelwaterbuffer kan uw verwar-mings-/koelcircuits ofwel verwarmen, koelen.

ofwel Om uw kamers te verwarmen, moet u de kamerver-warming via de verwarmings-/koelwaterbuffer inscha-kelen. Om uw kamers te koelen, moet u de kamerkoe-ling via de verwarmings-/koelwaterbuffer inschakelen. Opmerking■Kamerverwarming en kamerkoeling is gelijktijdig nietmogelijk. ■Kamerkoeling via een afzonderlijk koelcircuit is nietmogelijk. Kamerverwarming voor verwarmings-/koelwater-buffer inschakelen1. Uitgebreid menu:2. ”Installatie”3. ”Modus buffer”4. ”Verwarming”Kamerkoeling voor verwarmings-/koelwaterbufferinschakelen1. Uitgebreid menu:2. ”Installatie”3. ”Modus buffer”4. ”Koeling”Tijdprogramma instellen voor kamerverwarming met bufferIn het tijdprogramma voor kamerverwarming met buf-fer stelt u in wanneer uw buffer tot welke temperatuurverwarmd wordt. Bovendien stelt u in of de hele inhoudof slechts het bovenste deel van de buffer verwarmdwordt.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Viessmann VITOCAL 222-G stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden