Remeha Toros Vision Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Remeha Toros Vision (61 pagina’s), behorend tot de categorie Warmtepomp. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 70 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Remeha Toros Vision of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Remeha |
| Categorie: | Warmtepomp |
| Model: | Toros Vision |
Handleiding Remeha Toros Vision – volledige tekst
Hoewel bij de samenstelling van dit document de grootste zorgvuldigheid betracht is, kan niet worden gegarandeerd dat de informatie compleet, actueel en/of accuraat is. Aan dit document kunnen geen rechten worden ontleend.
Installateurshandleiding Toros Vision 6 07 - 3-5- 7772953 –2021 1 Waarschuwingen Bij de installatie van de Toros Vision dienen de volgende waarschuwingen in acht genomen te worden ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op! Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van acht jaar en ouder en mensen met lichamelijke, gevoelsmatige of geestelijke beperkingen of met gebrek aan ervaring en kennis als ze begeleiding en instructie krijgen hoe het apparaat op een veilige manier te gebruiken en de eraan verbonden gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Zonder begeleiding mag schoonmaak en gebruikers onderhoud niet door kinderen worden gedaan. ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op! De elektrische aansluiting van de warmtepomp dient uitgevoerd te worden door een erkend elektrotechnisch installatiebedrijf. Daarbij dienen de lokaal geldende normen in acht te worden genomen.
De afzekering van de hoofdvoeding dient overeenkomstig de technische specicaties te zijn. Geadviseerd wordt om een zekeringsautomaat met aardlekschakelaar te gebruiken, anders in ieder geval zekeringen met een trage uitschakelkarakteristiek (C-karakteristiek). Zorg er tevens voor dat de Toros Vision een eigen voedingsgroep heeft en er geen andere apparaten op deze groep zijn aangesloten. Plaats ook altijd een werkschakelaar of stekkerverbinding tussen de warmtepomp en de voeding. Geadviseerd ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op! Wanneer de voedingskabel vervangen dient te worden, dient dit ten allen tijden, door een erkend installateur of de leverancier te worden uitgevoerd. Daarbij dienen de uiteindes altijd te worden voorzien van adereindhulzen. . ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op! Om ervoor te zorgen dat de warmtepomp niet omvalt dient deze gexeerd te worden met het meegeleverde bevesitgingsplaatje. ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op!
Om te voorkomen dat maximale drukken overschreden worden in het centrale verwarmings- en tapwatercircuit, dienen er altijd een drukbeveiligingen te worden toegepast in de installatie. .
Installateurshandleiding Toros Vision 8 07 - 3-5- 7772953 –2021 3 Introductie De Toros Vision is geschikt voor het verwarmen van laagtemperatuur verwarmingssystemen tot maximaal 55 °C. Afhankelijk van de type uitvoering kan de Toros Vision ook tapwater verwarmen in een extern boilervat alsmede ruimte ruimtekoeling leveren door middel van passieve koeling. In combinatie met een zonnecollectorsysteem kan de Toros Vision ook passief centraal verwarmen enpassief tapwater verwarmen. 3.1 Type aanduiding De betekenis van de typeaanduidingen is als volgt: 3.2 Leveringsomvang Afhankelijk van het type warmtepomp worden diverse componenten meegeleverd. 3.2.1 Warmtepomp Wi-Fi Router t.b.v.
monitoring NTC10K Buitenvoeler Garantiekaart Installateurs-handleiding Gebruikers- handleiding Logboek F-gassen 3.2.2 Accessoires optioneel Boilervat - 150l - 210l - 300l - 500lInstallatiesets: - Individuele bron - Collectieve bron - Tapwater - Solar EVA zoneregeling Thermische motor (NO) Honeywell Chronotherm Touch thermostaat Honeywell Round Modulation h/c thermostaat 4 De Warmtepomp In dit hoofdstuk is beschreven hoe de Toros Vision is opgebouwd en welke functies de warmtepomp kan vervullen. In Figuur 4-1 is een overzicht gegeven van een Toros Vision TVPTS. T V P T S 3 T = Toros V = Vision P = met verdamperpomp / X = zonder verdamperpomp T = met warmtapwater functie / X = zonder warmtapwater functie S = met solar Cijfer van 2 t/m 12 geeft een indicatie van het thermische vermogen (kW) T V X X S 9
Installateurshandleiding Toros Vision 10 7772953 07 - 3-5- –2021 4. 1 Koudecircuit Het koudecircuit is het hart van de Toros Vision, waar de warmteoverdracht van bron naar afgiftesysteem plaatsvindt In Figuur 4-2. zijn de verschillende onderdelen van het koudecircuit weergegeven. Figuur 4-2 4. 2 Functies De Toros Vision warmtepomp kan 4 verschillende functies vervullen. 4. 2. 1 Verwarming De meest gebruikte toepassing van de Toros Vision is het verwarmen van water voor CV. De warmtepomp bepaalt aan de hand van een ingestelde stooklijn en buitentemperatuursensor de gewenste retourtemperatuur voor CV. Door middel van het in- en uitschakelen van de compressor op het juiste moment wordt deze retourtemperatuur zo goed mogelijk benaderd. 4. 2. 2 Warm tapwater De Toros Vision warmtepomp met warmtapwaterfunctie maakt warm tapwater met behulp van een interne tapwatermodule.
Via de condensorpomp, een speciale tapwaterwarmtewisselaar en een bronzen tapwaterpomp wordt een extern boilervat verwarmd tot de ingestelde tapwatertemperatuur met een maximum van 60°C. Om ook bij een lagere instelling het vormen van legionella te voorkomen, zal de warmtepomp een keer per week de temperatuur tot ten minste 60°C verhogen in het tapwatervat. Bij de Toros Vision kunnen maten boilervaten worden geleverd: 150, 2 , 300 en 500 liter. 4 10 4. 2. 3 Koeling De Toros Vision warmtepomp wordt geleverd met passieve koelfunctie. Met behulp van een extra warmtewisselaar wordt de warmte uit het gebouw naar de bron afgevoerd. De compressor komt niet in bedrijf. In de zomer (koelbedrijf) wordt op deze manier tegelijk de bron geregenereerd, zodat in de winter (verwarmbedrijf) de bron weer opgewarmd is.
De passieve koeling kan bij een goed gekozen afgiftesysteem zorgen voor een daling van 2 tot 4°C van de ruimtetemperatuur. 4. 2. 4 Solar (optie) Optioneel kan de Toros Vision worden gekoppeld met een zonnecollector om nog eciënter een gebouw te kunnen verwarmen.
Bij het combineren van een Toros Vision met een zonnecollector is er sprake van een win-win situatie. De warmtepomp zorgt ervoor dat wanneer de zonnecollector niet warm genoeg is om tapwater mee op te warmen deze warmte toch kan worden gebruikt als bron voor de warmtepomp of voor het regenereren van de bron. 5 Ontwerp van de installatie In dit hoofdstuk is beschreven hoe een installatie met een Toros Vision kan worden ontworpen en waar rekening mee gehouden dient te worden. 5. 1 Systeemkeuze Met behulp van Figuur 5-1 kan het juiste installatieschema uit Bijlage 2 tot 0 worden gekozen. In dit installatieschema is weergegeven hoe de Toros Vision warmtepomp in de installatie kan worden gepast.
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 11 Figuur 5-1 5. 2 Afgiftesysteem Een warmtepomp is geschikt voor verwarming van een laagtemperatuur verwarmingssysteem met een maximale aanvoertemperatuur van 52 °C. Het rendement van de Toros Vision wordt sterk beïnvloed door de hoogte van de aanvoertemperatuur. De installatie wordt idealiter op de laagst mogelijke aanvoertemperatuur gedimensioneerd om het rendement van de warmtepomp te maximaliseren. Aanvoertemperaturen hoger dan 45 °C worden afgeraden. Warmtepompen vereisen over het algemeen een hogere stroming aan afgiftezijde dan voor een installatie met een CV-ketel gebruikelijk is. De aanbevolen debieten voor respectievelijk de 2kW en 12kW varianten van de Toros Vision zijn 0,5 m3/h tot 2,1 m3/h. De warmtepomp heeft een ingebouwde minimale draaitijd en heeft dus altijd voldoende vrije systeeminhoud nodig.
De vrije systeeminhoud kan gecreëerd worden de EVA zoneregeling of met een buervat. doorDe maximale toegestane druk aan afgiftezijde is 3 bar. 5. 3 Opstelling Houdt bij de keuze van de opstellingsruimte rekening met de volgende zaken: Figuur 5-2 • Zorg voor voldoende ruimte voor de aansluitingen. De afstanden in Figuur 5-2 dienen als richtlijn voor een opstelling zonder boilervat. De voorzijde dient ten alle tijde bereikbaar te zijn waarbij een ruimte van ten minste 600 mm vrijgemaakt moet kunnen worden. Aan de zijkanten dient een ruimte van 150 mm vrijgemaakt te worden. Zorg tevens voor een voldoende hoge opstellingsruimte van ten minste 1,8 ter. me • Houd de voorkant van de warmtepomp vrij van kabels en leidinge n. • Om te voorkomen dat de warmtepomp omvalt kan deze aan de muur bevestigd worden met het meegeleverde bevestigingsplaatje.
• De opstellingsruimte dient droog en vorstvrij te zijn. Plaats de warmtepomp niet in een wasruimte waar de was gewassen en gedroogd wordt. • Bij gebruik i. c. m.
een boilervat geldt een maximale afstand van 3 meter tussen warmtepomp en boilervat. Isoleer de leidingen tussen de warmtepomp en het boilervat. • De warmtepomp is niet geschikt voor buitenopstelling. • Meer informatie over de afmetingen van de warmtepomp en de boilervaten is te vinden in Bijlage 1. 5. 3. 1 Aandachtspunten geluid • Plaats de warmtepomp in een aparte ruimte en bij voorkeur niet naast een woon-, slaap- of studeerkamer. • De wand aan de achterzijde van de warmtepomp dient een grote massa te hebben, waardoor akoestische aanstoting van deze wand wordt beperkt. Bijvoorbeeld een betonnen- of stenenwand. • Vermijd voor de constructie van de technische ruimte, zoveel mogelijk het toepassen van lichte materialen (zoals gipsblokken). Het advies is om voor zwaardere materialen te kiezen (bv.
gipsblok zwaar >1200kg/m³, kalkzand, beto n) • Plaats de warmtepomp op een stevige ondergrond met een grote massa, bij voorkeur beton. (Zwevende) dekvloeren hebben extra aandacht nodig om overdracht van trillingen te beperken. Hierbij is het advies om de opstelling ontkoppelt te houden van de dekvloer. Hoogte Diameter 150 L 1217 mm 555 mm210 L 1619 mm 555 mm300 L 1775 mm 604 mm500 L 2020 mm 795 mm TOROS VISION Standaard Inclusief solar Individuele bron Collectieve bron TVPT (Bijlage 2) TVXT (Bijlage 3) XXXXS(Bijlage 4) Tabel 1 Afmetingen warmwaterboiler.
Installateurshandleiding Toros Vision 12 7772953 07 - 3-5- –2021 • De leidingverbindingen tussen de muur en warmtepomp dienen exibel te worden uitgevoerd, tref anders vervangende maatregelen om doorvoer van trillingen te voorkomen. • De deur naar de ruimte waarin de warmtepomp wordt geplaatst bij voorkeur uitvoeren in geluidwerende (volle) variant met een valdorpel. • De deurpost dient af te dichten op de deur, waardoor geluid niet via kieren tussen beiden kan ontsnappen. • Neem indien nodig aanvullende maatregelen voor trilling- en geluidsdemping. • Alle doorvoeren uit de ruimte waar de warmtepomp in staat dienen akoestisch te worden afgedicht. • Bij plaatsing in een trapkast dient extra aandacht te worden besteed aan de constructie van de trap en de afdichting tussen de trap en de wanden.
5.4 Bron De Toros Vision warmtepomp is schikt voor de toepassing van twee soorten bronmedium: ge • Brijn voor een individuele bron. , • (Grond)water, voor een collectieve bron en in uitzonderlijke gevallen ook voor een individuele bron. De maximale werkdruk aan de bronzijde is 3 bar. ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op! Om corrosie door condensvorming te voorkomen dienen alle leidingen en appendages aan bronzijde van corrosievrij materiaal te zijn en van dampdichte isolatie te zijn voorzien.
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 13 5. 4. 1 Bronmedium: brijn Brijn is een water/antivriesmengsel dat door een gesloten leidingsysteem stroomt. Antivries wordt toegevoegd omdat de temperaturen van het medium in het broncircuit bij normale bedrijfsomstandigheden lager dan 0 °C kunnen zijn. Het leidingsysteem - de bodemwarmtewisselaar of grondcollector - is normaal gesproken buiten onder de grond aangelegd en dient als warmtewisselaar tussen brijn en omgeving. Er zijn horizontale en verticale grondcollectoren. De dimensionering en het ontwerp dienen met zorg te worden uitgevoerd. Andere typen collectoren zijn: dakcollectoren, betoncollectoren of combinaties van verschillende typen. Gesloten collectoren hebben doorgaans weinig tot geen onderhoud nodig. De vorstbeveiliging van het brijn dient te zijn.
Bij de veelgebruikte antivriesmiddelen mono-ethyleenglycol en -10 °Cmonopropyleenglycol gelden dan de volgende volumepercentages bij menging met water. • Mono-ethyleenglycol - 30%(v/v) 25 • Mono-propyleenglycol - 30%(v/v) 25 In Bijlage 9 is veiligheidsinformatie van mono-ethyleen- en mono-propyleenglycol gegeven. Aan het antivriesmiddel dienen anticorrosieve middelen te zijn toegevoegd (inhibitoren). 5. 4. 2 Bronmedium: (grond)water Schoon (grond)water dient als bron gebruikt te worden voor de TVXT typen warmtepompen. Het voordeel is dat de brontemperatuur dan normaal gesproken hoger ligt dan bij een bodemwarmtewisselaar en de warmtepomp een beter rendement heeft. Bij het gebruik van grondwater als bron dient extern een scheidingswarmtewisselaar geplaatst te zijn.
Bij gebruik van grondwater is een goede kwaliteit van essentieel belang voor het probleemloos functioneren van het warmtepompsysteem. Heeft het water drinkwaterkwaliteit dan kan dit zonder meer worden toegepast en direct over de verdamper worden geleid. Het verdient de aanbeveling om de waterkwaliteit door middel van een monstername te laten controleren.
Bij een dergelijke analyse dient de mate van aanwezigheid van de componenten in Tabel 2 te worden nagegaan. Tevens dient het water vrij te zijn van vuildeeltjes als zand en organisch materiaal. Het is gebruikelijk om bij de aanleg van een grondwaterbron een onderhoudscontract af te sluiten. Het verdient de voorkeur om het bronsysteem op overdruk te houden. Tabel 2 Toetsing waterkwaliteit Te meten waarden en componentconcentraties pH-waarde EC (geleiding) [mSiemens] CH4 (methaan) [mg/l] Kationen [mmol/l] NH4+ K+ Na + Ca2+ Mg2+ Si Ammonium Kalium Natrium Calcium Magnesium Silicium Anionen [mmol/l] NO3- Cl- SO42- HCO3- H2PO4- Nitraat Chloride Sulfaat Bicarbonaat Fosfaat Spoorelementen [micromol/l] Fe Mn Zn B Cu Mo IJzer Mangaan Zink Borium Koper Molybdeen 6 Installatie In dit hoofdstuk staat beschreven hoe de Toros Vision warmtepomp geïnstalleerd dient te worden. 6.
1 Belangrijke aanwijzingen Lees vóór de installatie en de inbedrijfstelling eerst de gehele installateurs- en gebruikershandleiding. Transport en opslag • De warmtepomp dient rechtop te worden verplaatst en opgeslagen. • De warmtepomp mag - indien noodzakelijk - kortstondig onder een hoek van maximaal 45° schuin gehouden worden. • Transportschade direct melden bij de transporteur en aantekenen op de aeverbon. Hiervan een kopie bewaren voor eventuele reclamatie. Transportschadegevallen die niet aangetekend zijn op de aeverbon zijn de verantwoordelijkheid van de afnemer. • De opslagtemperatuur dient te liggen tussen 0 °C en +70 °C; de opslagplaats dient droog te zijn. Verpakking • Verwijder de verpakking zonder de inhoud te beschadigen. • De verwerking van het verpakkingsmateriaal valt onder verantwoordelijkheid van de afnemer.
Installateurshandleiding Toros Vision 14 7772953 07 - 3-5- –2021Openen van de warmtepomp • Voor het openen van de warmtepomp eerst de voedingsspanning uitschakelen door middel van de werkschakelaar of loskoppelen van de stekker uit de wandcontactdoos. • Aan de bovenzijde de schroeven losdraaien. Vervolgens de kunststof kap naar u toe trekken. • Vooraan in de warmtepomp bevindt zich een paneel met de regeling en elektrische aansluitingen. Dit paneel kunt u weg draaien door aan de linker zijkant de borgschroef los te draaien. Elektrische aansluiting • Sluit de warmtepomp elektrisch aan met een rechts draaiveld conform de geldende voorschriften. Schade als gevolg van aansluiten met een links draaiveld valt buiten de garantie. Plaats een werkschakelaar of stekkerverbinding tussen de warmtepomp en de voeding. Geadviseerd wordt een zekeringsautomaat met aardlekschakelaar toe te passen.
Hydraulische aansluiting • Voor een goede werking van de warmtepomp dient er in de hydraulica binnen de gespeciceerde maximale werkdrukken en temperaturen te blijven. • Voer alle hydraulische aansluitingen uit met exibele slangen. Tref anders vervangende maatregelen om trillingen in het leidingsysteem te voorkomen. Veiligheid • De warmtepomp voldoet aan alle eisen conform de CE-richtlijnen De conformiteitsverklaring is te vinden op de website. remeha. nl. 6. 2 Hydraulische aansluitingen 6. 2. 1 Aansluiten bron- en cv-zijde De hydraulische aansluitingen voor bron, afgiftesysteem en zonnecollector zijn aan de bovenzijde van de Toros Vision te vinden. De volgorde van aansluitingen is weergegeven in het bovenaanzicht in Figuur 6-1. De aansluitingen voor de zonnecollector zijn optioneel en mogelijk afgedopt.
Voor het aansluiten van de hydraulische leidingen aan de bron- en cv-zijde dient u de volgende aandachtspunten in acht te nemen: • Zorg voor vul- en aftapkranen in de leidingen. • Zorg voor afsluiters op de juiste plaatsen in de leidingen om de warmtewisselaars te kunnen spoelen, het interne lter te reinigen en componenten te vervangen. • Zorg voor een expansievoorziening. • Plaats (bij voorkeur automatische) ontluchter s. • De warmtepomp dient trillingsarm te worden aangesloten. • Leidingwerk dient zonder spanningen aangesloten te worden. • Let op de juiste aansluiting van aanvoer- en retourleiding. Deze mogen niet verwisseld zijn. enIn Figuur 6-2 is schema van een standaard installatie te vinden aan CV-zijde, inclusief appendages en expansievoorziening. Het buervat en de bijbehorende onderdelen zijn afhankelijk van de installatie optioneel. ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op.
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 15 Figuur 6-2 Om installatiewerkzaamheden te ver kkelijken en de installatie zo compact mogelijk te houden heeft Remeha installatiesets gemaontwikkeld Meer informatie over de installatiesets is te vinden in hoofdstuk 0. . 6.2.2 Aansluiten tapwater Wanneer is gekozen voor een uitvoering met tapwaterfunctie kan deze zowel links als rechts aangesloten worden. De gewenste aansluitzijde dient bij bestelling aan Remeha te worden doorgegeven. Figuur 6-3 is een rechts aangesloten tapwateraansluiting Inweergeven. Figuur 6-3 Voor het aansluiten van de hydraulische leidingen voor tapwater zijn de volgende aandachtspunten: er • Zorg voor afsluiters in de leidingen op de juiste plaatsen om componenten te kunnen vervangen. • Zorg voor een inlaatcombinatie in de koud waterleiding met een veiligheidsventiel die open gaat bij maximaal 6 bar.
• Zorg voor een vorstvrije waterafvoerleiding (riolering) in de nabijheid van de warmtepomp. • De koppelingen in de warmtepomp zijn 22 mm snelste koppelingen van John Guest. Om een goede koppeling te ekgaranderen dient er gebruik gemaakt te worden van koperen leidingen naar de warmtepomp toe. • Zorg voor een aftapkraan op een lager niveau dan de onderste aansluiting van de boiler zodat deze indien gewenst kan worden afgetapt. Plaats eventueel een luchttoevoerventiel in de warmwaterleiding. • De leidingen vanuit de warmtapwaterboiler zijn 22 mm en 15 mm aansluitingen en zijn van rvs. In Figuur 6-4 is schematisch weergegeven hoe het tapwatervat met appendages kan worden aangesloten. Voor informatie over de installatieset van Remeha zie hoofdstuk 6.3.3. Rechts aangesloten tapwateraansluiting
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 17 6.3 Installatiesets Er kunnen optioneel installatiesets geleverd worden. Deze sets bevatten alle benodigde onderdelen en appendages om de Toros Vision te sluiten. Deze sets zijn ontwikkeld en samengesteld door Remeha om de installatie van de Toros Vision zo compact aanmogelijk te houden. De volgende installatiesets kunnen geleverd worden: • Installatieset individuele bron • Installatieset collectieve bron • Installatieset tapwater • Installatieset solar 6.3.1 Installatieset individuele bron Een volledige weergave van de installatieset voor een individuele bron is in Figuur 6-5 weergegeven. Figuur 6-5 De installatieset voor de individuele bron bevat de volgende onderdelen: 2x Expansie console 2x Expansievat 6x Fiber-ringen 2x Installatiestuk met vul- en aftapkraan 2x Installatiestuk met puntstuk (15mm)
Installateurshandleiding Toros Vision 18 7772953 07 - 3-5- –2021Plaatsen van de installatiestukken De installatieset bevat twee verschillende installatiestukken voor naar de expansievoorzieningen, namelijk: • Met puntstuk • Met vul- en aftapkraan Het is van belang dat de installatiestukken met een puntstuk (15mm) op de Bron WP en CV WP geïnstalleerd worden. In Figuur in in6-6 wordt weergegeven waar de installatiestukken gemonteerd worden op de Toros Vision warmtepomp. Naar de bron en naar de CV kan gekozen worden tussen 1" binnendraad (standaard) of een 28mm knel koppelingen (optioneel). Figuur 6-6 Bevestigen van de expansievoorzieningen De expansievoorzieningen kunnen naast of boven de warmtepomp gepositioneerd worden. Voor het automatisch kunnen ontluchten van het systeem is het echter van belang dat het expansievatconsole hoger wordt geplaats dan de overige componenten.
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 19 6.3.2 Installatieset collectieve bron Een volledige weergave van de installatieset voor een collectieve bron is in Figuur 6-7 weergegeven. Figuur 6-7 De installatieset voor de collectieve bron bevat de volgende onderdelen: 1x Expansieconsole 1x Expansievat 4x Fiber-ringen 2 x Installatiestuk met vul- en aftapkraan 1x Installatiestuk met puntstuk (15mm) 1x Installatiestuk met ontluchter Plaatsen van de installatiestukken De installatieset bevat drie verschillende installatiestukken: • Installatiestuk met puntstuk (15 mm) • Installatiestuk met vul- en aftapkraan • Installatiestuk met handmatige ontluchter Monteer het installatiestuk met puntstuk op de aansluiting ‘cv wp ’ en het installatiestuk met de handmatige ontluchter op de in aansluiting ‘bron wp uit’.
De installatiestukken met de vul en aftapkraan worden op de aansluitingen ‘bron wp in’ en ‘cv wp in’- gemonteerd. In Figuur 6-8 wordt weergegeven waar de installatiestukken gemonteerd worden op de Toros Vision warmtepomp.
Installateurshandleiding Toros Vision 20 7772953 07 - 3-5- –2021Vanaf de installatiestukken kan er naar de bron en de cv- stallatie gekozen worden tussen 1" binnendraad (standaard) of een 28 inmm knelkoppeling (optioneel en niet standaard meegeleverd). Figuur 6-8 Met ontluchter Met vul- en aftapkraan Met puntstuk
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 21 6.3.3 Installatieset tapwater De installatieset voor tapwater bevat de volgende onderdelen: 1x Inlaatcombinatie 6 bar 2x Kogelkraan 2x Knelkoppeling 22mm 1x Knelkoppeling 15mm 1x T-stuk 22 – – 15 22mm De boiler dient met koperen leidingen op de warmtepomp aangesloten te worden. Deze worden echter niet meegeleverd. Montage van de installatieset Bij een warmtepomp met tapwat functie dient de boiler op de door Remeha voorgeschreven manier aangesloten te worden. Een ervoorbeeld van de hydraulische aansluitingen is weergeven in Figuur 6-9 . Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.Let bij het aansluiten van de boiler op de warmtepomp op de volgende punten. • De boiler heeft drie aansluitingen. Eén van 15 mm en twee van 22 mm. Hierop worden rechte knelkoppelingen gemonteerd.
• Op de koud waterleiding naar de warmtepomp en de boiler dient een T-stuk gemonteerd te worden voor de inlaatcombinatie met een veiligheidsventiel van 6 bar. • Let op de juiste positie van de kogelkraan. Deze dient geplaatst te worden tussen het boilervat en het T stuk en tussen het boilervat en de warmtepomp Installatieset: 1 Inlaatcombinatie 6 bar 2 Kogelafsluiters 3 Knelkoppeling 22mm 4 Knelkoppeling 15 mm 5 T-stuk 22- -22 mm 15 Leidingwerk: a Koudwaterinlaat b Warmtepomp uit c Warmtepomp in d Warmwater uit Figuur 6-9
Installateurshandleiding Toros Vision 22 7772953 07 - 3-5- –2021 6.3.4 Installatieset solar De installatieset solar is optioneel en kan door Remeha worden geleverd wanneer de Toros Vision wordt gecombineerd met een zonnecollector. De installatieset is een uitbreiding op de installatieset individuele bron. De installatieset voor solar bevat de volgende onderdelen: 1 x Expansievatconsole 1 x Expansievat 18 L* 1x Installatiestuk met vul- en aftapkraan 1 x Installatiestuk met puntstuk (15 mm) 1 x Circulatiepomp** 2 x Fiberring 2 x Houtdraadbout en plug 1 x Installatiehandleiding * Als er ook zonnecollectoren bij Remeha zijn afgenomen ontvangt u óók een expansievat behorend bij deze collectoren. ** Bij de circulatiepomp worden ook een voedingskabel en een PWM-kabel meegeleverd. Montage van de installatiestukken Er komen aan de bovenkant van de warmtepomp zes leidingen naar buiten.
Twee leidingen van en naar de bron, twee leidingen van en naar de cv-installatie en twee leidingen van en naar de zonnecollectoren. De installatiestukken van de installatieset solar worden gemonteerd op de in- en uitgang van de zonnecollector. I Figuur 6- is dit schematisch weergegeven. n 10De installatieset bevat twee verschillende installatiestukken: • Installatiestuk met puntstuk • Installatiestuk met vul- en aftapkraan Vanaf de installatiestukken kan er naar de bron, de cv-installatie en de zonnecollectoren gekozen worden tussen 1" binnendraad (standaard) of een 28 mm knelkoppeling (optioneel en niet standaard meegeleverd).
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 23 Bevestigen van de expansievoorzieningen De expansievoorzieningen kunnen naast of boven de warmtepomp gepositioneerd worden. Voor het automatisch kunnen ontluchten van het systeem is het echter van belang dat het expansievatconsole hoger wordt geplaatst dan de overige componenten. Het expansievatconsole bestaat uit de volgende onderdelen: • Automatische ontluchter • Flexcontrol (om het expansievat af te sluiten) • Overstortventiel • Manometer Het bevestigen van het expansievatconsole De expansievatconsoles kunnen met de meegeleverde bouten en pluggen aan de wand worden bevestigd. Als van de meegeleverde bouten en pluggen gebruik gemaakt wordt dient er een gat met een 8 mm boor geboord te worden. De minimale boordiepte is 55 mm. Figuur 6- 10
Installateurshandleiding Toros Vision 24 7772953 07 - 3-5- –2021 6. 4 Elektrische aansluiting 6. 4. 1 Algemeen De elektrische aansluiting van de warmtepomp dient uitgevoerd te worden door een erkend elektrotechnisch installatiebedrijf. Daarbij dienen de lokaal geldende normen in acht te worden genomen. 6. 4. 2 Voedingsspanning De Toros Vision warmtepompen hebben een hoofdvoedingsspanning van 400 V / 50 Hz. De warmtepompen met een vermogen van 2 kW en 3 kW kunnen ook met een 230V / 50 Hz voedingsspanning worden uitgevoerd. Wanneer de warmtepomp met een voedingsspanning van 230V / 50Hz wordt uitgevoerd worden de compressor en het elektrisch element op dezelfde fase aangesloten. • Daarnaast hebben verschillende componenten in de warmtepomp een voedingsspanning van 230 V / 50 Hz, van 24 V / 50 Hz en van 5 V gelijkspanning.
Let verder op de volgende punten: • De warmtepomp dient uitgeschakeld te kunnen worden met een externe werkschakelaar of stekkerverbinding in de nabijheid van het apparaat (NEN1010). • De afzekering van de hoofdvoeding dient overeenkomstig de technische specicaties te zijn. Geadviseerd wordt om een zekeringsautomaat met aardlekschakelaar te gebruiken, anders in ieder geval zekeringen met een trage uitschakelkarakteristiek (C-karakteristiek). Zorg er tevens voor dat de Toros Vision een eigen voedingsgroep heeft en er geen andere apparaten op deze groep zijn aangesloten. • Schakel altijd eerst de voedingsspanning uit alvorens de omkasting van de warmtepomp te verwijderen. • De maximale stroom die door de Honeywell printplaat geleverd kan worden is in totaal 3 A, inclusief de ingebouwde circulatiepompen. 6. 4.
3 Elektrische naverwarming De Toros Vision heeft standaard intern een elektrische naverwarmer met de volgende functies. • Het vergroten van het beschikbare verwarmingsvermogen voor ruimteverwarming (bij grote warmtevraag bij lage buitentemperatuur).
• Noodbedrijf: bij een defecte compressor of pomp aan bronzijde kan de naverwarmer de taak van de compressor overnemen, zodat warmte geleverd kan blijven word. en • In uitzonderingsgevallen kan de naverwarmer gebruikt worden voor verhoging van de tapwatertemperatuur. Standaard is dit echter niet het geval noch noodzakelijk. De Toros Vision verwarmt het tapwater met de compressor tot circa 60°C. • De elektrische naverwarmer kan worden aangesloten met een vermogen van 2, 4 of 6 kW. Standaard worden de warmtepompen geleverd met: TVPT2 TVPT 3, TVXT2 en TVXT 3 - 2 kW elektrische naverwarmer TVPT5 en TVXT5 - 4 kW elektrische naverwarmer TVPT9 en TVXT9 - 6 kW elektrische naverwarmer TVPT12 en TVXT12 - 6 kW elektrische naverwarmer 6. 4.
4 Onderwaterpomp of bronwaterafsluiter De Toros Vision heeft intern een aansluitmogelijkheid voor de aansturing van een onderwaterpomp of tweewegafsluiter aan bronzijde (open/dicht of modulerend). Door het aanleggen van de juiste draadbruggen kan men kiezen voor: • 230 V / 50 Hz, maximaal 1 A, open / dicht (driepunts) of; • 230 V / 50 Hz, maximaal 1 A, aan / uit Met deze voedingspanningen kunnen, afhankelijk van de systeemopzet, de volgende componenten aangestuurd worden: 1. een 230 V onderwaterpomp rechtstreeks, of; 2. een 230 V magneetschakelaar voor een onderwaterpomp, of; 3. een 230 V tweewegafsluiter Toepasbare tweewegafsluiters: 1. motorisch openen, veerbelast sluiten, of; 2. veerbelast openen, motorisch sluiten, of; 3. motorisch openen en sluiten. Indien een regelende afsluiter wordt toegepast kan deze alleen aangestuurd worden met 230 Volt / 50 Hz (driepuntsturing).
Een TBV- CMP klep kan optioneel worden ingebouwd. Zie voor de juiste elektrische aansluiting en instelling van de regeling de handleiding van de Toros Vision regeling. 6. 4. 5 Blokkadecontacten ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op. Sluit aan met een rechts draaiveld. Schade als gevolg van aansluiten met een links draaiveld valt buiten de garantie. ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op.
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 25 De Honeywell regeling van de Toros Vision heeft twee externe contacten (EC1 en EC2) die gebruikt kunnen worden om de regeling via een gebouwbeheersysteem (GBS) te blokkeren. 6.4.6 Potentiaalvrije storingscontact In geval van een urgente, vergrendelende storing sluit het potentiaalvrije storingscontact SCT van de Honeywell printplaat. Deze kan aan een gebouwbeheersysteem (GBS) gekoppeld worden. 6.5 Accessoires aansluiten Voor een correcte werking van de Toros Vision warmtepomp moeten de volgende elektrische componenten aangesloten zijn: • Buitenvoeler NTC 10 k Ω • Tapwatersensor (meegeleverd met de boiler) • Honeywell Chronotherm Touch Modulation • EVA zoneregeling (optioneel) ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op! Indien de warmtepomp binnen een kort tijdsbestek vaak in storing gaat dient men de installatie te controleren.
Installateurshandleiding Toros Vision 26 7772953 07 - 3-5- –2021 6.5.1 Aansluitingen: kamerthermostaat In Figuur 6- wordt de klemmenstrook van de Toros Vision warmtepomp weergeven met de elektrische aansluitingen voor een 11centrale thermostaat regeling. Figuur 6- 11 6.5.2 Naregelingen Bij het toepassen van een Toros Vision warmtepomp is het noodzakelijk dat er voldoende minimale systeeminhoud is. Bij het toepassen van een naregeling kan het lastig zijn om deze minimale systeeminhoud te garanderen. Er zijn enkele mogelijke oplossingen voor het creëren van voldoende vrij systeeminhoud in combinatie met een naregeling. • Het toepassen van een Remeha EVA zoneregeling. Deze zoneregeling zorgt ervoor dat er altijd voldoende systeeminhoud is. Lees voor meer informatie over de EVA de betreende installateurshandleiding.
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 27 6. 5. 3 Aansluiten van een thermische motor op een badkamergoep Wanneer er vloerverwarming in de badkamer wordt toegepast, is het meestal niet gewenst dat deze in de zomermaanden gekoeld wordt. Om te voorkomen dat er koud water door de badkamergroep stroomt, kan er een thermische motor op de betreende groep van de verdeler worden geplaatst. Wanneer deze thermische motor wordt verbonden met het zomer/winter-contact van de Toros Vision zal de groep de gehele winterperiode open staan, maar tijdens de zomer gesloten blijven. Een 230V NO thermische motor (bestelnr. 95171) kan hiervoor worden gebruikt. Sluit de thermische motor aan op contacten 10 en 60 in de Toros Vision. Zie hoofdstuk 6. 5. 4 voor meer informatie over de klemmenstrook in de Toros Vision. 6. 5.
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 29 6.6.2 Buitentemperatuursensor De buitentemperatuursensor meet de buitentemperatuur om bijvoorbeeld de stooklijn van de regeling te bepalen. De monteur hangt de buitentemperatuursensor tegen een gevel richting de noordzijde, op een plaats waar deze niet aan de zon wordt blootgesteld en buiten bereik van personen. (bijvoorbeeld onder de dakgoot). De buitentemperatuursensor dient te worden aangesloten met een afgeschermde signaalkabel (2-aderig met minimale aders van 0,80 mm²). De maximale kabellengte is 50 meter. 6.6.3 Ruimte-thermostaat De aansluiting van de ruimte-thermostaat uitvoeren met een afgeschermde 2-aderige kabel met aders van minimaal 0,80 mm². De maximale kabellengte is 50 m. 6.6.4 Solar PT1000 sensor De Solar PT1000 sensor meet de temperatuur aan het einde van Solarpanelen.
Aan de hand van deze temperatuur bepaalt de regeling of de warmtepomp met de geleverde zonnewarmte tapwater gaat maken, gaat regenereren of gaat bijmengen voor ruimteverwarming. De sensor heeft een teon kabel. De PT1000 sensoren hebben de volgende weerstandwaarden: Het verlengen van de sensor geeft de volgende afwijkingen: 4°C wordt aangehouden als maximaal toelaatbare afwijking. Dit aanhoudende komt de volgende tabel tot stand: Zie Bijlage 7 voor de technische data van de Solarsensor.
Installateurshandleiding Toros Vision 30 7772953 07 - 3-5- –2021 7 Inbedrijfstelling Het inbedrijfstellen en inregelen van de Toros Vision warmtepomp wordt altijd door Remeha uitgevoerd. Het plaatsen, aansluiten, vullen en bedrijfsklaar maken van de installatie wordt niet door Remeha uitgevoerd. Het bedrijfsklaar maken van de warmtepomp wordt in dit hoofdstuk verder uitgelegd. In 0 is een checklist voor installateur toegevoegd. Deze checklist moet ingevuld en ondertekend bij Remeha aanwezig zijn voordat ‘ ’onze servicemonteur wordt ingepland om de inbedrijfstelling uit te voeren. 7. 1 Bedrijfsklaar maken 7. 1. 1 Bron- en afgiftesysteem Zorg ervoor dat de bron- en afgiftesystemen zijn aangesloten op de warmtepomp en let daarbij op de volgende aandachtspunten: • Spoel het bronsysteem en het afgiftesysteem goed door vóór het aansluiten, zodat vuil verwijderd is.
Let op: de bron is vaak al gevuld met een antivriesmengsel. • Controleer de stand van de geplaatste afsluiters. • Zorg voor een goede menging van het antivriesmiddel met het water. • Ontlucht het broncircuit en breng het op een overdruk van 1 à 2 bar. • Ontlucht het afgiftesysteem en breng het op een overdruk van 1 à 2 bar. 7. 1. 2 Ontluchtingsprogramma De warmtepomp is voorzien van een ontluchtingsprogramma. Deze kan geactiveerd worden door een OpenTherm thermostaat te koppelen aan OT1 (klem 6 en 56) of OT2 (klem 7 en 57) en de thermostaat in te stellen op een gewenste ruimtetemperatuur van 27,0°C. Het ontluchtingsprogramma kan alleen geactiveerd worden zolang de warmtepomp nog geblokkeerd is. Standaard wordt de warmtepomp geblokkeerd uitgeleverd. Het deblokkeren van de warmtepomp kan alleen met behulp van een computer en zal plaats vinden bij de inbedrijfstelling.
Zorg er dus voor dat ook alle circuits (bron, CV, tapwater en solar) goed gevuld zijn of verwijder anders de voeding van de pompen die (nog) niet mogen draaien. 7. 1. 3 Handbediening Met behulp van de PC-koppeling kunnen alle uitgangen van de regeling worden bekrachtigd. Zo kunnen de afzonderlijke onderdelen op functioneren worden gecontroleerd. 7. 1. 4 Na inbedrijfstelling Let bij controle op de werking van de compressor op de volgende punten. • De compressor dient een rustig zoemend geluid te maken. • De ΔT aan bronzijde dient tussen de 3 en 5 K te liggen. • De ΔT aan afgiftezijde dient - bij verwarmingsbedrijf - tussen de 5 en 10 K te liggen. Tip: indien men de functionering van diverse componenten wil controleren zonder dat de compressor en de elektrische naverwarmer in bedrijf komen, kunnen de elektrische verbindingen van deze componenten in de warmtepomp losgemaakt worden.
Zorg er bij het losmaken van de elektrische verbindingen voor dat de warmtepomp spanningsloos is. De voeding van de compressor is afhankelijk van de het vermogenstype van de warmtepomp. De 2 en 3 kW types zijn enkelfase aangesloten met een condensator. De 5, 9 en 12 kW types zijn krachtstroom (3 fasen) aangesloten. Zie Bijlage 8 voor het elektrische schema. ⚠⚠⚠⚠⚠ Let op. De warmtepomp heeft geen aan/uit schakelaar, bij het inschakelen van de hoofdspanning gaat de warmtepomp direct aan.
Installateurshandleiding Toros Vision 7772953 2021 07 - 3-5-– 31 8 Regelomschrijving De warmtepomp wordt aangestuurd door de Remeha Toros Vision warmtepompregeling. Dit is een speciaal ontwikkelde regeling voor de aansturing van een warmtepomp. 8. 1 Monitor states De Toros Vision geeft doormiddel van de Monitor state aan wat op dat moment de bedrijfstoestand is van de warmtepomp. Deze monitor state is te vinden in de online monitoring onder “on board”. In de onderstaande tabel staan de verschillende monitoring states. De monitoring states zijn te combineren. Monitor state 1040 is dan 1024 + 16 = actief centraal verwarmingsbedrijf en de compressor is actief. In Tabel 3 worden de monitor states weergegeven.
Tabel 3 Bedrijfstoestand Functie Toelichting 1 No demand Stand- by2 PDHW Passief tapwater 4 ADHW Tapwaterbedrijf voordraaitijd 8 PHEAT Passief CV 16 AHEAT Centraal verwarmingsbedrijf voordraaitijd 32 PCOOL Passief koelbedrijf actief 64 ACOOL Actief koelen, compressor nog niet actief 128 REGEN Regenereren 256 EM DHW Noodbedrijf tapwaterbedrijf actief 512 EM HEAT Noodbedrijf centraal verwarmingsbedrijf actief 1024 CPR Compressor actief 2048 EH Elektrisch element actief 8. 2 Tapwatervraag De fabrieksinstellingen voor tapwater zijn als volgt: Setpoint 55°C Hysterese 4K Legionella setpoint 60°C Legionella tijdinterval 1 week Als het tapwatervat een temperatuur van 51°C meet, gaat de tapwatervraag aan en zal de warmtepomp het vat weer thermisch vullen. Er is ook een maximale tapwatervraag tijd voordat de warmtepomp in storing gaat.
Deze storing (67) zal optreden als de Toros Vision langer dan 4 uur in tapwaterbedrijf staat. Deze storing is om te voorkomen dat de warmtepomp bij bijvoorbeeld een kapotte driewegklep continu zal blijven werken. Dit kan voor komen als er erg veel tapwater achter elkaar verbruikt wordt. Tijdens normaal bedrijf verzorgt de Toros Vision de tapwatervraag met de compressor.
Buiten temp 24u 15°C Stooklijn Slope 4 CPR min tijd AAN- 15 min AAN CPR min tijd AAN-UIT 10 min CPR min tijd UIT- 10 min AAN CH Hysterese 2K Figuur 8-1 De Toros Vision bepaalt met deze stooklijn zijn actuele regelwaarde/setpoint. Op het moment dat de retour temperatuur (terug uit het afgiftesysteem) hoger is dan de actuele regelwaarde/setpoint zal de compressor uit gaan mits hij minimaal 10 minuten heeft gedraaid. Hierna zal de geproduceerde warmte gedurende minimaal 10 minuten gebruikt worden door het afgiftesysteem tot dat de CH hysterese is bereikt. Dit is de hysterese tussen de actuele regelwaarde/setpoint en de gemeten retourtemperatuur. 202530354045 -10 -5 0 5 10 15 20Retour temperatuur [°C]Buitentemperatuur [°C]StooklijnenSlope=8Slope=5Slope=4Slope=3Slope=2
5 Solar Wanneer de warmtepomp is gecongureerd voor gebruik in combinatie met een zonnecollector veranderd de aansturing van de warmtepomp signicant. In dit hoofdstuk wordt de regeling in combinatie met een zonnecollector toegelicht. 8. 5. 1 Functies en prioriteiten Tapwater heeft altijd voorrang (tot normale setpoint en met normale hysterese). Als er voldoende zonnewarmte is, wordt tapwat er met zon verwarmd, anders gaat de compressor aan. In totaal krijgt de regeling 4 uur de tijd om tapwater te maken. Wanneer er na het bereiken van het normale tapwatersetpoint nog warmtevraag is in de woning en er is nog voldoende zonnewarmte aanwezig, dan zal de warmtepomp met behulp van de zonnewarmte het CV-water verwarmen. Tijdens passief verwarmen zal de warmtepomp de bron gaan regenereren als de gewenste retourtemperatuur wordt behaald en er nog voldoende zonnewarmte is.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Remeha Toros Vision stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Warmtepomp Remeha
Handleiding Warmtepomp
Nieuwste handleidingen voor Warmtepomp