Medion MD 37216 Handleiding

Medion Airco MD 37216

Bekijk gratis de handleiding van Medion MD 37216 (146 pagina’s), behorend tot de categorie Airco. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 46 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Medion MD 37216 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/146
Mobile Klimaanlage
Climatisation mobile
Mobiele airconditioning
Aire acondicionado móvil
Aria condizionata mobile
MEDION
®MD 37216
Bedienungsanleitung
Notice d‘utilisation
Handleiding
Manual de instrucciones
Istruzioni per l‘uso

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Medion
Categorie: Airco
Model: MD 37216
Kleur van het product: Wit
Ingebouwd display: Ja
Timer: Ja
Gewicht: 23500 g
Breedte: 315 mm
Diepte: 310 mm
Hoogte: 700 mm
Netbelasting: 1005 W
Geluidsniveau: 65 dB
Soort: Mobiele airconditioner uit één stuk
Materiaal behuizing: Kunststof
Aantal snelheden: 2
Geschikt voor ruimtes tot: 32 m²
Koelend medium: R290
Type timer: Digitaal
Smartphone ondersteuning op afstand: Ja
Air conditioner functies: Cooling,Dehumidifying,Ventilating
Jaarlijks energieverbruik (koelen): - kWu
Energie-efficiëntieklasse (koeling): A
Op afstand bedienbaar: Ja
Koelcapaciteit in watt (opgegeven): - W
Energieverbruik per uur (koeling): 1 kWu
Energieverbruik per uur (verwarming): - kWu
Luchtstroom (hoge snelheid): 360 m³/uur
Koelcapaciteit (max): 9000 BTU/h
Koel capaciteit in watt (max): 1005 W
Verwarmingscapaciteit in watt (max): - W
Koeling energie efficientie: 2.6
Verwarmingscapaciteit in watt (opgegeven): - W
Afstandsbediening inbegrepen: Ja
Energie-efficiëntieschaal: A+++ tot D
Dehumidifier function: Ja

Handleiding Medion MD 37216 – volledige tekst

DEFRNLESIT103 Inhoudsopgave 1. Informatie over deze gebruiksaanwijzing. 105 1. 1. Betekenis van de symbolen. 105 2. Beoogd gebruik. 107 3. Veiligheidsvoorschriften. 108 3. 1. Personen die het apparaat niet mogen gebruiken. 108 3. 2. Stroomvoorziening. 109 3. 3. Aanwijzingen voor het koelmiddel. 1113. 4. Productspecifieke gevaren. 113 3. 5. Geluidsemissie. 114 3. 6. Opslag en transport. 115 3. 7. Omgang met batterijen. 115 4. Inhoud van de levering. 117 5. Overzicht van het apparaat. 118 5. 1. Voorkant. 118 5. 2. Achterkant. 1195. 3. Bedieningspaneel. 1205. 4. Afstandsbediening. 1225. 5. Raamafdichting. 123 6. Apparaat voorbereiden/opstellen. 1246. 1. Condensaatafvoerslang monteren. 1246. 2. Luchtafvoerslang monteren. 1256. 3. Raamafdichting monteren. 127 6. 4. Lamellen op de luchtafvoer instellen. 129 6. 5. Batterijen in de afstandsbediening plaatsen. 129 7. Bediening. 130 7. 1.

DEFRNLESIT105 1. Informatie over deze gebruiksaanwijzingHartelijk dank dat u voor ons product hebt gekozen. Wij wensen u veel plezier met het apparaat.Lees de veiligheidsvoorschriften aandachtig door voordat u het product in gebruik neemt. Neem de waarschuwingen op het apparaat en in de gebruiksaanwijzing in acht.Houd de gebruiksaanwijzing altijd binnen handbereik. Als u het apparaat verkoopt of doorgeeft, geef dan ook deze gebruiksaanwijzing mee omdat deze een wezenlijk onderdeel is van het product. 1.1.

Betekenis van de symbolenGEVAAR!Waarschuwing voor direct levensgevaarWAARSCHUWING!Waarschuwing voor mogelijk levensgevaar en/of ernstig blijvend letselVOORZICHTIG!Waarschuwing voor mogelijk minder ernstig en/of licht letselWAARSCHUWING!Waarschuwing voor gevaar door een elektrische schokWAARSCHUWING!Waarschuwing voor gevaar door brandgevaarlijke en/of licht ontvlambare stoffenLET OP!Neem de aanwijzingen in acht om materiële schade te voorkomen.Meer informatie over het gebruik van het apparaat

106Neem de aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing in acht.Neem de onderhoudsaanwijzingen in acht.• Opsommingsteken/informatie over gebeurtenissen die zich tijdens de bediening kunnen voordoen  Instructie voor een uit te voeren handeling  Veiligheidsvoorschriften die in acht moeten worden genomenVeiligheidsklasse IElektrische apparaten van veiligheidsklasse I zijn elektrische appara-ten die in hun geheelminimaal zijn voorzien van een basisisolatie en daarnaast een geaar-de apparaatstekker of een geaard vast netsnoer hebben. Elektrische apparaten van veiligheidsklasse I kunnen onderdelen hebben met een dubbele of versterkte isolatie of onderdelen die werken op een zeer lage veiligheidsspanning.Verklaring van overeenstemming (zie hoofdstuk „Konformitätsinfor-mation“).

Producten die zijn gemarkeerd met dit symbool, voldoen aan de Europese richtlijnen.Milieuvriendelijke afvoerApparaten met dit symbool moeten op een milieuvriendelijke ma-nier worden afgevoerd.Milieuvriendelijke afvoerBatterijen moeten op een milieuvriendelijke manier worden wegge-gooid.Dit symbool duidt op gescheiden afvalverwerking van de gebruik-te verpakkingsmaterialen. Maak gebruik van uw lokale afvalverwer-kingsdiensten.

DEFRNLESIT107 2. Beoogd gebruikDit apparaat is dient voor luchtkoeling in afgesloten ruimtes bin-nenshuis. Gebruik het apparaat niet in de openlucht.Het apparaat is uitsluitend bedoeld voor privégebruik en niet voor industrieel/commercieel gebruik.Houd er rekening mee dat bij gebruik van het apparaat voor een ander doel dan waarvoor het is bestemd, de aansprakelijkheid vervalt: Bouw het apparaat niet om zonder onze toestemming. Ge-bruik uitsluitend door ons geleverde of goedgekeurde aan-bouwapparaten. Gebruik uitsluitend door ons geleverde of goedgekeurde re-serveonderdelen en accessoires. Neem alle informatie in deze gebruiksaanwijzing in acht en houdt u in het bijzonder aan de veiligheidsvoorschriften. Elke andere bediening geldt als niet in overeenstemming met het gebruiksdoel en kan leiden tot letsel of materiële schade.

1083. Veiligheidsvoorschriften 3.1. Personen die het apparaat niet mogen gebruikenWAARSCHUWING!Gevaar voor letsel!Gevaar voor letsel bij kinderen en personen met een li-chamelijke, zintuiglijke of verstandelijke beperking (zo-als personen met een handicap en ouderen met een li-chamelijke en verstandelijke beperking) of met gebrek aan kennis en ervaring (zoals oudere kinderen). Bewaar het apparaat en de accessoires buiten het bereik van kinderen. Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met een lichamelijke, zintuiglijke of ver-standelijke beperking of gebrek aan kennis en/of ervaring, mits iemand toezicht op hen houdt of hen instructie heeft gegeven hoe ze het apparaat veilig kunnen gebruiken en ze hebben begrepen welke gevaren het gebruik van het appa-raat met zich meebrengt. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uit-gevoerd door kinderen. Kinderen kunnen de risico’s die bij het gebruik van elektrische apparaten kunnen optreden niet goed inschatten. Wees voor-al voorzichtig bij gebruik van het apparaat als er kinderen in de buurt zijn. Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt van het appa-raat en het netsnoer worden gehouden.

DEFRNLESIT109 GEVAAR!Verstikkingsgevaar!Verpakkingsfolie kan worden ingeslikt of verkeerd wor-den gebruikt. Hierdoor bestaat gevaar voor verstikking. Bewaar al het gebruikte verpakkingsmateriaal (folie, zakken, stukken polystyreen enz.) buiten het bereik van kinderen. Laat kinderen niet met de verpakking spelen.3.2. StroomvoorzieningWAARSCHUWING!Gevaar voor elektrische schokken/kortsluiting!Er bestaat gevaar voor een elektrische schok of kortslui-ting door onderdelen die onder spanning staan. Het apparaat mag niet worden ondergedompeld in water of een andere vloeistof en niet onder stromend water worden gehouden, omdat dit een elektrische schok tot gevolg kan hebben. Sluit het apparaat alleen aan op een volgens de voorschriften geïnstalleerd en goed bereikbaar stopcontact in de buurt van het apparaat. De lokale netspanning moet overeenkomen met de technische gegevens van het apparaat.

Zorg ervoor dat het stopcontact vrij toegankelijk is, zodat het apparaat, zo nodig, snel kan worden losgekoppeld van het elektriciteitsnet. Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact wanneer u – het apparaat gaat reinigen; – het apparaat niet meer gebruikt; – het apparaat niet in de gaten kunt houden. Trek altijd aan de stekker, nooit aan het netsnoer. Plaats het apparaat niet in de buurt van een wasbak en stel het niet bloot aan druip- en spatwater. Gebruik het apparaat uitsluitend binnenshuis.

110 Gebruik het apparaat niet buitenshuis. Let op dat het netsnoer niet in contact komt met hete voor-werpen of oppervlakken (bijv. kookplaten). Gebruik het apparaat niet als het apparaat zelf of het net-snoer zichtbaar is beschadigd of het apparaat is gevallen. Apparaten die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet, kun-nen bij onweer beschadigd raken. Trek daarom bij onweer al-tijd de stekker uit het stopcontact. Controleer het apparaat en het netsnoer vóór het eerste ge-bruik en altijd na gebruik op beschadigingen. Wikkel het netsnoer helemaal af. Zorg ervoor dat er geen knikken in het netsnoer komen en dat het snoer nergens klem zit. Neem bij transportschade onmiddellijk contact op met het Service Center. Breng in geen geval op eigen initiatief veranderingen aan het apparaat aan en probeer niet om een onderdeel van het ap-paraat zelf te openen en/of te repareren.

Laat het netsnoer uitsluitend repareren bij een professioneel reparatiebedrijf of neem contact op met het Service Center om gevaarlijke situaties te voorkomen. Raak de stekker niet aan met natte handen. Stel het apparaat niet bloot aan extreme omstandigheden. Vermijd: – hoge luchtvochtigheid of vocht; – extreem hoge en lage temperaturen; – direct zonlicht; – open vuur; – mechanische trillingen of schokken; – overmatige blootstelling aan stof; – ontbrekende ventilatie, zoals in een kast of boekenrek. Controleer of het apparaat uitgeschakeld is voordat u de stek-ker in het stopcontact steekt.

DEFRNLESIT111 Trek de stekker nooit uit het stopcontact als het apparaat in-geschakeld is. Gebruik geen meervoudige stekkerdoos. Gebruik geen verlengsnoer. Schakel het apparaat onmiddellijk uit en trek de stekker uit het stopcontact als u een onaangename geur (brandlucht) ruikt. Gebruik geen water om het apparaat te reinigen. Gebruik geen brandbare reinigingsmiddelen. Gebruik geen andere dan de door de fabrikant aanbevolen middelen voor het versnellen van het ontdooiproces of voor de reiniging.VOORZICHTIG!Gevaar voor letsel!Er bestaat gevaar voor letsel door onachtzaam gebruik. Laat het apparaat nooit ingeschakeld als er niemand bij is. Zorg ervoor dat er niemand over het netsnoer kan struikelen. Gebruik geen verlengsnoeren. Plaats het apparaat rechtop op een stabiele, vlakke onder-grond.

Plaats het apparaat alleen op de vloer.LET OP!Mogelijke materiële schade!Het apparaat kan door verkeerd gebruik beschadigd ra-ken. Gebruik het apparaat niet zonder dat de filterzeef is geplaatst. 3.3. Aanwijzingen voor het koelmiddelHet in dit apparaat gebruikte koelmiddel R290 heeft geen scha-delijke invloed op de ozonlaag (ODP), een verwaarloosbaar broeikaseffect (GWP) en is wereldwijd beschikbaar. Vanwege zijn efficiënte energetische eigenschappen is R290 uitermate ge-schikt als koelmiddel voor deze toepassing. Vanwege de hoge

112ontvlambaarheid van het koelmiddel moeten bijzondere voor-zorgsmaatregelen in acht worden genomen.WAARSCHUWING!Brandgevaar!Het koelsysteem van het apparaat bevat het natuurlijke koelmiddel propaan R290. Het koelmiddelcircuit mag niet beschadigd raken. Om bij beschadiging van het koelsysteem voor voldoende lucht te zorgen, moet de ruimte voor gebruik, opslag en in-stallatie minimaal 9 m² groot zijn. Ventileer de ruimte als het koelsysteem toch beschadigd is geraakt. Evacueer de ruimte. Vermijd open vuur en ontste-kingsbronnen. Laat het apparaat door een professional repa-reren voordat u het weer in gebruik neemt. Aanpassingen aan het koelmiddelcircuit zijn niet toegestaan en hebben tot gevolg dat de garantie komt te vervallen. Gebruik geen andere dan de door de fabrikant aanbevolen middelen voor het versnellen van het ontdooiproces of voor de reiniging.

Extreem ontvlambaar gas: vermijd open vuur, vonken en ont-stekingsbronnen tijdens gebruik, onderhoud en afvoer van het apparaat. Bevat gas onder druk, kan bij opwarming exploderen. Bij brand van uitstromend gas blust u niet voordat de lekkage zonder gevaar kan worden verholpen. Bij reparatie- en onderhoudswerkzaamheden (bijv. bij werken met warmte en hitte aan het apparaat): Houd voor noodge-vallen een brandblusser met poeder of CO2 in de buurt. Bewaar het apparaat op een goed geventileerde plaats die is beschermd tegen zonlicht. Verwijder geen veiligheidstekens, stickers of etiketten van het apparaat en zorg dat deze leesbaar blijven.

DEFRNLESIT113 De nationale gasvoorschriften moeten in acht worden geno-men. Gebruik het apparaat alleen met het voorgeschreven koel-middel R290.Laat onderhouds- en reparatiewerkzaamheden aan het koelmiddelcircuit alleen uitvoeren door een vakman en volgens de aanwijzingen van de fabrikant. Neem voor reparatie-instructies contact op met de ser-viceafdeling. Componenten mogen alleen door identie-ke reparatieonderdelen worden vervangen.3.4. Productspecifi eke gevaren Steek geen vingers of andere voorwerpen in de luchtafvoer-openingen. Gebruik het apparaat niet in een ruimte waarin mogelijk brandbare gassen kunnen vrijkomen. Gebruik het apparaat niet in de badkamer of andere vochtige omgevingen. Voorzichtig met lang haar: Lang haar kan door de lucht-stroom worden ingezogen. Plaats en vervoer het apparaat altijd rechtop. Gebruik het ap-paraat nooit als het schuin staat.

Gebruik geen spuitbussen in de buurt van het apparaat. Dek de luchtinlaat en luchtuitlaat nooit af. Gebruik het apparaat alleen in ruimten die groter zijn dan 7 m2. Houd minimaal 50 cm afstand tot de wanden van de ruimte. Als de condensaatafvoerslang is aangesloten op de condens-aatafvoeropening, moet deze volgens de aanwijzingen ge-monteerd zijn en niet vervormd of gebogen zijn. Let erop dat er in de directe omgeving van het apparaat geen stoffen, zoals gordijnen, hangen of liggen. Deze stoffen kun-nen worden aangezogen en in het apparaat vast komen te zitten.

114 Gebruik het apparaat niet op een ongelijke ondergrond of in de buurt van een trap. Voorkom dat het apparaat tijdens het gebruik kan kantelen (bijvoorbeeld door randen op de vloer). Gebruik het apparaat niet in de directe omgeving van warm-tebronnen zoals radiatoren, warmtereservoirs, ovens of ande-re apparaten die warmte afgeven. Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt, maakt u het wa-teropvangreservoir leeg, reinigt u het apparaat zoals is be-schreven bij “Reiniging” en trekt u de stekker uit het stopcon-tact. Gevaar voor de gezondheid! Drink het condensaat niet. Zorg ervoor dat het apparaat stevig staat. Controleer alle schroefverbindingen en stekkers regelmatig. Draai losse schroeven aan en zorg dat stekkers stevig zijn aan-gesloten. Draag het apparaat niet terwijl het in gebruik is. Plaats of leg geen voorwerpen op het apparaat. Klim en zit niet op het apparaat.

Gebruik het apparaat niet in omgevingen waar gevaar voor explosie bestaat. Hiertoe behoren bijvoorbeeld tankinstalla-ties, opslagplaatsen voor brandstof en ruimtes waar oplos-middelen worden verwerkt. Ook in omgevingen waar veel fijnstof voorkomt (bijvoorbeeld meel- of houtstof) mag dit apparaat niet worden gebruikt.3.5. Geluidsemissie Het geluidsniveau van het apparaat is minder dan 66 dB(A).

DEFRNLESIT115 3.6. Opslag en transport Transporteer het apparaat indien mogelijk altijd rechtop. Na transport wacht u 24 uur voordat u het apparaat aansluit op het elektriciteitsnet en inschakelt, zodat het koelmiddelcircuit na het transport tot rust kan komen. Maak vóór opslag en transport altijd het wateropvangreser-voir en de condensaatafvoerslang leeg. 3.7. Omgang met batterijenDe afstandsbediening werkt op batterijen. Neem hiervoor de volgende aanwijzingen in acht: Vermijd contact met batterijzuur. Spoel bij contact met de huid, de ogen of de slijmvliezen de betreffende lichaamsde-len met overvloedig schoon water en raadpleeg onmiddellijk een arts. Houd nieuwe en gebruikte batterijen uit de buurt van kinde-ren.WAARSCHUWING!Gevaar voor brandwonden!In de afstandsbediening zitten twee batterijen.

Bij in-slikken van deze batterij kunnen er binnen 2uur ernsti-ge inwendige brandwonden ontstaan die de dood tot gevolg kunnen hebben. Als u vermoedt dat een batterij is ingeslikt of ergens in het li-chaam terecht is gekomen, moet u onmiddellijk medische hulp inroepen. Slik batterijen niet in, er bestaat gevaar voor chemische ver-branding. Gebruik de afstandsbediening niet meer als het batterijvak niet goed sluit en houd de afstandsbediening buiten het be-reik van kinderen.

116WAARSCHUWING!Explosiegevaar!Als de batterijen niet op de juiste manier worden ver-vangen, bestaat er explosiegevaar! Vervang batterijen alleen door batterijen van hetzelfde of een gelijkwaardig type. Probeer nooit batterijen opnieuw op te laden. Er bestaat ex-plosiegevaar! Stel batterijen nooit bloot aan overmatige warmte (zoals zon-licht, vuur en dergelijke). Bewaar batterijen op een koele, droge plaats. Door directe in-vloed van hevige warmte kunnen de batterijen beschadigd raken. Stel het apparaat daarom niet bloot aan sterke warmte-bronnen. Voorkom kortsluiting van de batterijen. Gooi batterijen niet in het vuur. Haal lekkende batterijen direct uit het apparaat. Reinig de contacten voordat u nieuwe batterijen plaatst. Er bestaat ge-vaar voor verbranding door batterijzuur. Haal ook lege batterijen uit het apparaat.

Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt, haal de batterij-en er dan uit. Controleer vóór het plaatsen van de batterijen of de contac-ten in het apparaat en op de batterijen schoon zijn en reinig ze zo nodig. Plaats uitsluitend nieuwe batterijen van hetzelfde type. Ge-bruik nooit oude en nieuwe batterijen door elkaar. Let bij het plaatsen van de batterijen op de polariteit (+/-).

DEFRNLESIT117 4. Inhoud van de leveringGEVAAR!Verstikkingsgevaar!Er bestaat verstikkingsgevaar door het inslikken of ina-demen van kleine onderdelen of folie. Houd verpakkingsfolie buiten het bereik van kinde-ren. Haal het product uit de verpakking en verwijder al het verpakkingsmateriaal. Controleer de levering op volledigheid en informeer ons binnen 14 dagen na aankoop als de levering niet compleet is. De airco moet telkens vóór gebruik worden gecontroleerd op beschadigingen.Het door u gekochte pakket moet het volgende bevatten: • Airco MD 37020 • Zwenkwieltjes (4 stuks, vooraf gemonteerd) • Luchtafvoerslang, ca. 1,5 m • Adapter voor luchtafvoerslang• Condensaatafvoerslang• Raamafdichting • Adapter voor raamafdichting • Afstandsbediening incl. 2 microbatterijen, type AAA LR03 1,5 V• Gebruiksaanwijzing

1246. Apparaat voorbereiden/opstellen  Verwijder al het verpakkingsmateriaal en controleer het apparaat op eventuele beschadigingen voordat u het in gebruik neemt.Waarschuwing!Brandgevaar!Het koelsysteem van het apparaat bevat het natuurlijke koelmiddel propaan R-290.  Om bij beschadiging van het koelsysteem voor vol-doende lucht te zorgen, moet de ruimte voor ge-bruik, opslag en installatie minimaal 7 m² groot zijn.  Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die staan vermeld bij “Aanwijzingen voor koelmiddel”.  Plaats het apparaat op een stabiele, vlakke ondergrond met minstens 50 cm vrije ruimte rondom het apparaat, zodat er een goede luchtcirculatie is.  Laat het apparaat minimaal 24 uur rechtop staan voordat u het inschakelt.  Gebruik het apparaat alleen bij een omgevingstemperatuur tussen 5°C en 35 °C.

 Neem de aanwijzingen in acht die staan vermeld bij “Productspecifieke gevaren”.6.1. Condensaatafvoerslang monterenHet condenswater kan automatisch in een geschikt reservoir of in een afvoer wor-den geleid.  Verwijder de sluiting van de condensaatafvoeropening.  Sluit de condensaatafvoerslang goed aan volgens de aanwijzingen en zorg er-voor dat de slang niet is geknikt en vrij is van obstakels.  Leg de uitlaat van de condensafvoerslang in een afvoer of reservoir en zorg er-voor dat het water ongehinderd uit het apparaat kan stromen.  Dompel het uiteinde van de slang niet in water, omdat anders een ‘luchtsluis’ in de slang kan ontstaan.  Om lekken van water te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat de slang een ver-val heeft van minstens 20 %.

DEFRNLESIT125 6.2. Luchtafvoerslang monterenDe lucht die uit de airco komt, moet worden afgevoerd naar buiten, zodat de af-voerlucht de ruimte verlaat. Vervang of verleng de luchtafvoerslang niet omdat dit kan leiden tot lagere presta-ties of uitschakeling van het apparaat vanwege de lage tegendruk. Monteer de adapter van de lucht-afvoerslang op het uiteinde van de luchtafvoerslang. Monteer de adapter voor de raamaf-dichting op het andere uiteinde van de luchtafvoerslang. Stel de raamafdichting af op de grootte van uw raam. U kunt de raamafdichting monteren aan een kiepraam of dakraam. Meer informatie vindt u bij “6.3 Raam-afdichting monteren”. Leid de luchtafvoerslang inclusief de adapter voor de raamafdichting door de opening met ritssluiting in de raamafdichting. Sluit daarna de ritssluiting zo ver mogelijk.

126  Sluit het raam om de raamafdichting aan het raam te bevestigen.  Maak de raamafdichting vast met klit-tenband, indien nodig. Voor maxima-le efficiëntie raden we aan de kier tus-sen de adapter en de zijkant van het raam dicht te maken.  Plaats het apparaat in de buurt van een raam of deur. Trek eventueel de luchtafvoerslang voorzichtig naar bui-ten. We raden aan de lengte van de slang zo kort mogelijk te houden.  Schuif de luchtafvoerslang op de luchtafvoeropening op de airco.  Pas de lengte van de flexibele luchtafvoerslang aan. Vermijd buigingen in de slang.  Stel de lamellen in de luchtuitlaat af.  Schakel het apparaat in.

DEFRNLESIT127 6.3. Raamafdichting monteren  Monteer de raamafdichting zoals hieronder is beschreven.U kunt het apparaat ook zonder raamafdichting gebruiken. Hang in dat geval de luchtafvoerslang uit het raam en sluit het raam zo veel moge-lijk, zodat er geen warme lucht kan terugkomen. 6.3.1. Gebruik van de raamafdichting bij een kiepraamBreng de raamafdichting aan op het raam om te voorkomen dat buitenlucht of af-voerlucht van de airco naar binnen komt.BMAMAB  Open het raam.  Markeer het midden (M) van de textielen raamafdichting.  Markeer het midden van het raamkozijn.  Plak het klittenband op het raamkozijn van het kiepraam (aan de binnenkant, aan de kant van de raamgreep), op ca. 1 cm van de rand.  Bevestig het klittenband eerst volledig aan zijde (A) en daarna aan zijde (B), en begin in het midden. Bij de bevestiging moet punt (A) zich precies tegen over punt (B) bevinden.

 Zorg dat bij het sluiten van het raam de textielen afdichting niet wordt inge-klemd tussen de raamvleugel en het raamkozijn.  Open de ritssluiting, bij voorkeur op de plek die is aangeduid met “S” en bevestig daar de luchtafvoerslang.  Zorg ervoor dat luchtafvoerslang in een zo recht mogelijke lijn loopt.  Zorg ervoor dat de luchtafvoerslang niet geknikt is.

128 6.3.2. Gebruik van de raamafdichting bij een dakraamBreng de raamafdichting aan op het raam om te voorkomen dat buitenlucht of af-voerlucht van de airco naar binnen komt.MABMBA  Open het raam.  Markeer het midden (M) van de raamafdichting.  Markeer het midden van het raamkozijn.  Plak het klittenband op het raamkozijn van het dakraam (aan de binnenkant, aan de kant van de raamgreep), op ca. 1 cm van de rand.  Bevestig het klittenband eerst volledig aan zijde (A) en daarna aan zijde (B), en begin in het midden. Bij de bevestiging moet punt (A) zich precies tegen over punt (B) bevinden.  Zorg dat bij het sluiten van het raam de textielen afdichting niet wordt inge-klemd tussen de raamvleugel en het raamkozijn.  Open de ritssluiting, bij voorkeur op de plek die is aangegeven met “S”  en bevestig daar de luchtafvoerslang.

DEFRNLESIT129 6.4. Lamellen op de luchtafvoer instellenWAARSCHUWING!Gevaar voor letsel!Gevaar voor snijwonden door roterende bladen.  Steek geen vingers of voorwerpen door het be-schermrooster in de behuizing.  Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u de lamellen instelt.  Pak de greep op de onderste lamel vast en beweeg deze omhoog of omlaag om de lamellen in de gewenste positie te zetten. 6.5. Batterijen in de afstandsbediening plaatsenIn de afstandsbediening zijn twee microbatterijen geplaatst van type AAA, LR03, 1,5 V.Als het apparaat niet of slecht op de afstandsbediening reageert, moeten de batte-rijen worden vervangen. Ga hiervoor als volgt te werk:  Druk op de vergrendeling op de achterzijde van de afstandsbediening en verwij-der de klep van het batterijvak.  Verwijder beide batterijen uit het batterijvak.

 Voer de oude batterijen af volgens de wettelijke voorschriften.  Doe twee nieuwe microbatterijen van het type AAA, LR03, 1,5 V in het bat-terijvak. Let bij het plaatsen van de batterij op de polariteit.  Schuif de klep weer volledig in de af-standsbediening. LR03/AAA MicroLR03/AAA Micro

1307. Bediening  Steek de netstekker in een geschikt stopcontact.Nadat u de stekker hebt aangesloten, klinkt er een geluidssignaal. Het apparaat staat nu in de stand-bymodus.7.1. Apparaat in-/uitschakelen Druk op de toets of APPARAAT IN-/UITSCHAKELEN om het apparaat in te schakelen. Druk terwijl het apparaat is ingeschakeld nogmaals op de toets of AP-PARAAT IN-/UITSCHAKELEN om het apparaat uit te schakelen.  Wacht na het uitschakelen van het apparaat ca. 3 minuten voordat u het appa-raat weer inschakelt.7.2. Bedrijfsmodus instellen Druk op de airco op de toets BEDRIJFSMODUS INSTELLEN om te wisselen tussen de bedrijfsmodi. Het controlelampje wisselt tussen de verschillende be-drijfsmodi. U kunt de gewenste bedrijfsmodus ook selecteren met de afstandsbediening. De volgende bedrijfsmodi zijn beschikbaar: – KOELMODUS ACTIVEREN–VENTILATIEMODUS ACTIVEREN–ONTVOCHTIGINGSMODUS ACTIVEREN7.2.1.

KoelmodusDeze bedrijfsmodus is bedoeld voor het koelen van de ruimte.  Kies de koelmodus op de airco of op de afstandsbediening. Het controlelampje brandt.  Druk op de toets of TEMPERATUUR/TIMERTIJD VERHOGEN om de temperatuur te verhogen. Druk op de toets of TEMPERATUUR/TIMERTIJD VERLAGEN om de temperatuur te verlagen.  Druk op de toets VENTILATORSNELHEID INSTELLEN om een hoge of lage ventilatorsnelheid in te stellen. Bij hoge ventilatorsnelheid brandt het controlelampje . Bij lage ventilatorsnelheid brandt het controlelampje .

DEFRNLESIT131 U kunt de ventilatorsnelheid ook instellen met de afstandsbediening. De volgende ventilatorsnelheden zijn beschikbaar:–LAGE VENTILATORSNELHEID INSTELLEN–HOGE VENTILATORSNELHEID INSTELLENDe koelmodus wordt automatisch uitgeschakeld wanneer de tempera-tuur in de ruimte lager is dan de ingestelde temperatuur. Het apparaat gaat dan ventileren. Als de temperatuur in de ruimte stijgt, wordt de koelmodus weer geactiveerd.7.2.2. VentilatiemodusIn deze bedrijfsmodus wordt de lucht in de ruimte rondgeblazen, maar niet ge-koeld.  Kies de ventilatiemodus op de airco of op de afstandsbediening. Het controle-lampje brandt.  Druk op de toets VENTILATORSNELHEID INSTELLEN om een hoge of lage ventilatorsnelheid in te stellen. Bij hoge ventilatorsnelheid brandt het controlelampje .

Bij lage ventilatorsnelheid brandt het controlelampje .U kunt de ventilatorsnelheid ook instellen met de afstandsbediening. De volgende ventilatorsnelheden zijn beschikbaar: – LAGE VENTILATORSNELHEID INSTELLEN–HOGE VENTILATORSNELHEID INSTELLENIn de ventilatiemodus kunt u de temperatuur en de slaapmodus nietinstellen.7.2.3. OntvochtigingsmodusIn deze bedrijfsmodus wordt de luchtvochtigheid in de ruimte verlaagd.  Kies de ontvochtigingsmodus op de airco of op de afstandsbediening. Het con-trolelampje brandt.  Voor een betere ontvochtiging houdt u deuren en ramen gesloten.De temperatuur, de slaapmodus en de ventilatorsnelheidkunt u in de ontvochtigingsmodus niet instellen.

1327.2.4. SlaapmodusIn de slaapmodus wordt de ventilatorsnelheid verlaagd en worden de indicatielampjes uitgeschakeld.De slaapmodus kan alleen vanuit de koelmodus worden geactiveerd.  Kies de koelmodus op de airco of op de afstandsbediening. Het controlelampje brandt.  Druk op de toets of SLAAPMODUS ACTIVEREN om de slaapmodus te activeren. Het controlelampje brandt.7.3. Timer instellen7.3.1. Automatisch inschakelenIn de stand-bymodus kunt u de periode instellen waarna het apparaat automatisch inschakelt.  Druk op de toets of om de gewenste periode (1 tot 24 uur) in te stellen waarna het apparaat automatisch inschakelt.Het controlelampje brandt en op het display knippert “01” (=1 uur).  Druk op de toets of TEMPERATUUR/TIMERTIJD VERHOGEN om de timertijd te verhogen.

Druk op de toets of TEMPERATUUR/TIMERTIJD VERLAGEN om de ti-mertijd te verlagen.Wanneer de weergave van de uren niet meer knippert, is de instelling bevestigd.Het apparaat wordt automatisch ingeschakeld nadat de ingestelde tijd is verstre-ken.  Druk nogmaals op de toets of om de timer uit te schakelen.Het controlelampje brandt.7.3.2. Automatisch uitschakelenWanneer het apparaat is ingeschakeld, kunt u de periode instellen waarna het ap-paraat automatisch uitschakelt. Druk op de toets of om de gewenste periode (1 tot 24 uur) in te stellen. Het controlelampje brandt en op het display knippert “01” (=1 uur).  Druk op de toets of TEMPERATUUR/TIMERTIJD VERHOGEN om de timertijd te verhogen.

DEFRNLESIT133 Druk nogmaals op de toets of om de timer uit te schakelen.Het controlelampje brandt.7.4. Toetsblokkering Houd de toets gedurende circa 3 seconden ingedrukt om de toetsblokke-ring in of uit te schakelen.Het controlelampje brandt als de toetsblokkering geactiveerd is. De toetsen kunnen niet worden bediend.7.5. Wateropvangreservoir leegmakenBij koelen, de ontvochtigingsmodus en bij hoge luchtvochtigheid wordt er water opgevangen in de airco. U moet het wateropvangreservoir regelmatig controleren en, indien nodig, leegmaken.Bij continubedrijf en bij gebruik van de airco voor ontvochtigen of koelen als er nie-mand bij is, moet de meegeleverde condensaatafvoerslang worden aangesloten. LET OP!Materiële schade!Als er condenswater uit het apparaat komt, kan er ma-teriële schade ontstaan.  Laat het apparaat niet onbeheerd achter wanneer u het wateropvangreservoir leegmaakt.

 Schakel het apparaat uit.  Verwijder de sluiting van de condensaatafvoeropening.  Sluit de condensaatafvoerslang aan volgens de aanwijzingen en let daarbij op dat deze niet geknikt is en vrij is van obstakels (niet verstopt).  Leg het uiteinde van de condensaatafvoerslang in een afvoer of in een geschikt reservoir (bijvoorbeeld een emmer).  Zorg ervoor dat het condenswater ongehinderd uit het apparaat kan stromen.  Dompel het uiteinde van de condensaatafvoerslang niet in water omdat anders een ‘luchtsluis’ in de slang kan ontstaan.Doe het volgende om te voorkomen dat condenswater uit het apparaat komt:  Doordat er een grote onderdruk is in het condensaatopvangreservoir van de air-co, kantelt u de condensaatafvoerslang omlaag richting de vloer (ca. 20 ° verval).  Zorg dat de condensaatafvoerslang recht ligt om een zwanenhals in de slang te voorkomen.

1347.6. Veiligheidsfuncties7.6.1. Automatisch ontdooienBij een lage temperatuur in de ruimte kan er tijdens gebruik ijsvorming ontstaan bij de verdamper. Het apparaat start automatisch met ontdooien en het controlelamp-je POWER knippert. • Wanneer het apparaat in de koelmodus of ontvochtigingsmodus wordt ge-bruikt, merkt de sensor voor de omgevingstemperatuur dat de temperatuur van de verdamperspoel lager is dan -1°C. Nadat de compressor 10 minuten lang in bedrijf is geweest of de temperatuur van de spoel is gestegen tot 7 °C, start het apparaat weer in de koelmodus.

• Wanneer het apparaat wordt gebruikt in de ontvochtigingsmodus, de tempe-ratuursensor merkt dat de temperatuur van de verdamper lager is dan 40 °C en het verschil tussen de temperatuur in het apparaat en de temperatuur van de ruimte minder is dan 19 °C, begint het apparaat na 20 minuten met 5 minuten ontdooien en knippert het controlelampje POWER. 7.6.2. Beveiliging tegen overbelastingBij een stroomuitval is er voor bescherming van de compressor een vertraging van 3 minuten tot de compressor weer wordt gestart.

DEFRNLESIT135 8. Besturing van de airco via de appAlle functies van de airco zijn beschikbaar in de besturingsapp.Download onze app in de Google Play Store® of in de Apple® App Store.8.1. Systeemvereisten • Smartphone/tablet met minstens wifi 802.11 b/g • Wifi-netwerk 2,4 GHz • Android™ 7 of hoger • iOS 12 of hoger • De gratis app MEDION AirDe app MEDION Air werkt alleen in een wifinetwerk van 2,4 GHz, het ge-bruik in een wifinetwerk van 5 GHz is niet mogelijk. 8.2. Installatie via Google Play Store® of Apple® App Store Steek de stekker van de airco in het stopcontact en schakel het apparaat in. Scan de QR-code hiernaast.Via de QR-code gaat u naar de Google Play Store® of de Apple® App Store en kunt u de besturingsapp downloaden.

136 8.3. Installatie van de app en verbinding met de aircoVolg de instructies in de app om de airco op de juiste manier te verbin-den en de installatie af te sluiten.Om de airco met de app te kunnen aansturen, hebt u een MEDION-klan-tenaccount nodig of moet u bij de eerste installatie een gebruikersac-count maken. Open de app. Maak bij het eerste gebruik een nieuw account. Voer hiervoor uw naam en een e-mailadres in. Kies een wachtwoord. Herhaal het wachtwoord ter bevestiging.Als u al over een MEDION-klantenaccount beschikt, kunt u dat natuurlijk gebruiken. Voer dan in het aanmeldingsvenster uw gebruikersnaam en uw wachtwoord in. Bevestig alle gegevens en volg de instructies in de app.

Zorg ervoor dat het wifisignaal in de ruimte waarin u de airco gebruikt sterk ge-noeg is.De app MEDION Air werkt alleen in een wifinetwerk van 2,4 GHz, het ge-bruik in een wifinetwerk van 5 GHz is niet mogelijk. Selecteer uw wifinetwerk van 2,4 GHz en voer het wachtwoord in. Houd de knop op het apparaat 3 seconden ingedrukt tot het wifipictogram op het display begint te knipperen. Volg nu de instructies in de app om verbinding te maken.

DEFRNLESIT137 9. ProbleemoplossingGa bij een storing van het apparaat eerst na of u het probleem aan de hand van het onderstaande overzicht zelf kunt oplossen.Probeer in geen geval het apparaat zelf te repareren. Neem als een reparatie nodig is contact op met ons Service Center of een ander professioneel reparatiebedrijf.Laat onderhouds- en reparatiewerkzaamheden aan het koelmiddelcircuit alleen uitvoeren door een vakman en volgens de aanwijzingen van de fabrikant. Neem voor reparatie-instructies contact op met de ser-viceafdeling. Componenten mogen alleen door identie-ke reparatieonderdelen worden vervangen. Probleem Mogelijke oorzaak ProbleemoplossingHet apparaat werkt niet.

De stekker zit niet goed in het stopcontact.Trek de netstekker uit het stop-contact en steek hem opnieuw in het stopcontact.Het stopcontact is de-fect.Controleer het geaarde stopcon-tact door er een ander apparaat op aan te sluiten.De temperatuur in de ruimte is te laag of te hoog.De temperatuur in de ruimte moet tussen 5 en 35 °C zijn.De temperatuur in de ruimte is lager dan de ingestelde koeltempe-ratuur.Wijzig de ingestelde tempera-tuur.De temperatuur in de ruimte is te laag voor de ontvochtigingsmo-dus.Voor de ontvochtigingsmodus moet de temperatuur van de ruimte hoger zijn dan 17 °C.

138 Probleem Mogelijke oorzaak ProbleemoplossingDe afstandsbedie-ning werkt niet.De batterijen zijn niet goed geplaatst.Plaats de batterijen op de juiste manier.U bevindt zich op een afstand van meer dan 5 meter van het appa-raat.Ga dichter bij het apparaat staan.Er bevinden zich obsta-kels tussen de afstands-bediening en de infra-roodsensor.Verwijder het obstakel.De afstandsbediening is niet op de sensor ge-richt.Richt de afstandsbediening goed uit. De batterijen zijn leeg. Vervang de batterijen.Het apparaat koelt niet goed.Er zijn ramen of deuren geopend, waardoor er warme lucht de ruimte in kan komen.Sluit ramen en deuren.De filters zijn erg vuil.

Reinig de filters zoals is beschre-ven bij “Filters reinigen”.De luchtuitlaatopening is geblokkeerd.Houd rondom het apparaat 50 cm vrije ruimte voor voldoende ventilatie.De bedrijfsmodus en de temperatuur zijn niet juist ingesteld.Stel de bedrijfsmodus en de tem-peratuur in op de juiste waarden.De luchtafvoerslang is niet juist gemonteerd.Monteer de luchtafvoerslang vol-gens de aanwijzingen.Er komt water uit het apparaat.Het apparaat stroomt over bij beweging.Maak het waterreservoir leeg voordat u het apparaat vervoert.Condensaatafvoerslang is geknikt.Leg de condensaatafvoerslang recht.

DEFRNLESIT139 Probleem Mogelijke oorzaak ProbleemoplossingHet apparaat maakt veel geluid.Het apparaat staat op een niet-vlakke onder-grond.Plaats het apparaat op een har-de, vlakke ondergrond.Er zijn losse, trillende onderdelen. Maak de onderdelen vast.Het geluid klinkt als stromend water.Het geluid ontstaat door stro-mend koelmiddel. Dat is nor-maal.De compressor werkt niet.De beveiliging van de koelmodus is geacti-veerd. Schakel het apparaat uit en wacht 3 minuten voordat u het weer inschakelt.De beveiliging tegen oververhitting is geac-tiveerd.Storingsindica-tor E0Communicatiefout tus-sen de hoofdprintplaat en de printplaat van het display.Controleer de kabel op bescha-digingen.Storingsindica-tor E1 De sensor voor de om-gevingstemperatuur is uitgevallen.Controleer de aansluiting. Reinig of vervang de temperatuursen-sor.

Neem eventueel contact op met de serviceafdeling.Storingsindica-tor E2 De sensor voor de spoeltemperatuur is uitgevallen.Controleer de aansluiting. Reinig of vervang de temperatuursen-sor. Neem eventueel contact op met de serviceafdeling.Storingsindica-tor FtNiveau van condens-water is te hoog.Maak het geïntegreerde op-vangreservoir leeg door de slui-ting op de condensaatafvoer-opening te verwijderen en het condenswater te laten weglopen in een geschikt wateropvangre-servoir.

14010. ReinigingWAARSCHUWING!Gevaar voor elektrische schok!Er bestaat gevaar voor een elektrische schok door on-derdelen die onder spanning staan. Het apparaat mag niet worden ondergedompeld in water of een andere vloeistof en niet onder stro-mend water worden gehouden, omdat dit een elek-trische schok tot gevolg kan hebben. Trek de stekker uit het stopcontact voordat u het ap-paraat gaat reinigen. Voorkom dat er vloeistof in het apparaat terecht-komt.WAARSCHUWING!Gevaar voor letsel!Er bestaat snijgevaar door contact met de scherpe ran-den van de rotorbladen binnen in de behuizing. Haal het apparaat niet uit elkaar om de rotorbladen te reinigen.LET OP!Schade aan het apparaat!Door verkeerd gebruik van reinigingsmiddelen bij het schoonmaken van het apparaat kan het oppervlak be-schadigd raken.

Gebruik geen chemische oplos- en reinigingsmidde-len omdat deze het oppervlak en/of de opschriften van het apparaat kunnen beschadigen. Gebruik geen agressieve, chemische of schurende reinigingsmiddelen en geen harde spons.

DEFRNLESIT141 Druk op de toets of om het apparaat uit te schakelen.  Trek de stekker uit het stopcontact.  Reinig de behuizing alleen met een zachte, vochtige doek of een zachte, dunne theedoek.  Maak de doek vochtig met een mild sopje om hardnekkig vuil te verwijderen.  Droog de behuizing zorgvuldig voordat u het apparaat inschakelt.FILTERZEEF REINIGENLET OP!Schade aan het apparaat!In de filterzeef hoopt zich stof op, waardoor de lucht-circulatie wordt beperkt. Door de lagere luchtcirculatie neemt de efficiëntie van het apparaat af. Bij overmati-ge stofafzetting kan het filter geblokkeerd raken, waar-door er materiële schade aan het apparaat ontstaat.  Reinig de filterzeef regelmatig (minstens elke 2 we-ken), zoals verderop is beschreven.  Gebruik het apparaat nooit zonder dat de filterzeef is geplaatst omdat hierdoor de verdamper in het appa-raat vuil kan worden.

Druk op de toets of om het apparaat uit te schakelen.  Trek de stekker uit het stopcontact.  Verwijder de bovenste en onderste filterzeef uit het ap-paraat.  Gebruik een stofzuiger om stof uit de filterzeef te zuigen.

142  Draai de filterzeef om en spoel de filterzeef schoon on-der stromend water. Laat het water in tegengestelde richting van de luchtstroom door de filterzeef stromen.  Leg de filterzeef neer en laat deze volledig drogen aan de lucht.WAARSCHUWING!Gevaar voor letsel!Bij het plaatsen van de filterzeef bestaat risico op snij-wonden door contact met de scherpe randen van de verdamper.  Raak de scherpe randen van de verdamper niet aan met blote handen.  Plaats de gedroogde filterzeef weer in het apparaat.

DEFRNLESIT143 11. Buiten gebruik stellen en opbergenWanneer het apparaat gedurende langere tijd niet wordt gebruikt, moet het schoon en volledig droog zijn.LET OP!Schade aan het apparaat!De verdamper in het apparaat moet vóór het opslaan worden gedroogd om schade aan de onderdelen of schimmelvorming te voorkomen.  Schakel het apparaat uit, haal de stekker uit het stop-contact en plaats het apparaat enkele dagen op een droge, goed geventileerde plaats zodat het kan dro-gen. U kunt het apparaat ook laten drogen door het een paar uur te gebruiken in de ventilatiemodus tot de condensaatafvoer droog is. Druk op de toets of APPARAAT IN-/UITSCHAKELEN om het apparaat in te schakelen.  Kies de ventilatiemodus op de airco of op de afstandsbediening. Het controle- lampje brandt.  Laat het apparaat enkele uren werken in de ventilatiemodus, zodat het van bin-nen volledig droogt.

 Druk op de toets of APPARAAT IN-/UITSCHAKELEN om het apparaat uit te schakelen.  Haal de stekker uit het stopcontact.  Verwijder de luchtafvoerslang en de raamafdichting.  Verwijder en reinig de filterzeef en laat deze daarna volledig drogen.  Plaats de filterzeef weer in het daarvoor bestemde frame in de behuizing.  Haal de batterijen uit de afstandsbediening.  Bewaar het apparaat en de accessoires indien mogelijk in de originele verpak-king en in een donkere, geventileerde, droge en vorstvrije binnenruimte.  Plaats het apparaat in een ruimte zonder continu werkende warmtebron (bij-voorbeeld open vuur, gasapparaat of elektrische verwarming).

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Medion MD 37216 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden