Makita DTD157 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Makita DTD157 (80 pagina’s), behorend tot de categorie Schroefmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 46 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Makita DTD157 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Makita |
| Categorie: | Schroefmachine |
| Model: | DTD157 |
Handleiding Makita DTD157 – volledige tekst
Toepasselijke accu’s en ladersAccu BL1815N / BL1820B / BL1830B / BL1840B / BL1850B / BL1860BLader DC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF / DC18SH / DC18WC• Sommigevandehierbovenvermeldeaccu’senladerszijnmogelijknietleverbaarafhankelijkvanwaaruwoont. WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu’s en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik van enige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand. GebruiksdoeleindenDit gereedschap is bedoeld voor het indraaien van schroeven in hout, metaal en kunststof.
De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor-schriften duidt op gereedschappen die op stroom van hetlichtnetwerken(metsnoer)ofgereedschappenmeteenaccu(snoerloos). Veiligheidswaarschuwingen voor een accuslagschroevendraaier1. Houd elektrisch gereedschap vast bij het geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het beves-tigingsmateriaal in aanraking kan komen met verborgen bedrading. Wanneer bevestigingsma-terialen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde meta-len delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schokkankrijgen. 2. Zorg ervoor dat u stevig staat op een vast ondergrond. Bij gebruik van het gereedschap op een hoge plaats dient u ervoor te zorgen dat niemand beneden u aanwezig is. 3. Houd het gereedschap stevig vast. 4. Draag oorbeschermers. 5.
Raak het bit of het werkstuk niet aan onmiddel-lijk na het gebruik. Deze kunnen erg heet zijn en brandwonden veroorzaken. 6. Houd uw handen uit de buurt van draaiende onderdelen. 7. Gebruik hulphandgreep (hulphandgrepen), indien bij het gereedschap geleverd. Verliezen van de macht over het gereedschap kan letsel veroorzaken. 8. Houd elektrisch gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde handgrepen wanneer de kans bestaat dat het werktuig in aanraking komt met verborgen bedrading. Wanneerboor-/snijhulp-middelen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde meta-len delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schokkankrijgen. 9. Verzeker u ervan dat er geen elektriciteitska-bels, waterleidingen, gasleidingen, enz.
WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betref-fende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij-zing kan leiden tot ernstige verwondingen.
Het gebruik van niet-originele accu’s, of accu’sdiezijngewijzigd,kanertoeleidendatdeaccuontploftenbrand,persoonlijkletselenschadeveroor-zaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita. Tips voor een maximale levens-duur van de accu1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen. 2. Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu. 3. Laad de accu op bij een omgevingstempera-tuur tussen 10 °C en 40 °C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden. 4. Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u hem vanaf het gereedschap of de lader. 5. Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.
37 NEDERLANDSBESCHRIJVING VAN DE FUNCTIESLET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitge-schakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren. De accu aanbrengen en verwijderenLET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert. LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kun-nen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen,ofkanpersoonlijkletselwordenveroorzaakt. ►Fig. 1: 1. Rood deel 2. Knop3. AccuOmdeaccuteverwijderenverschuiftudeknopaandevoorkantvandeaccuenschuiftutegelijkertijddeaccuuithetgereedschap. Omdeaccuaantebrengenlijntudelipopdeaccuuitmetdegroefindebehuizingenduwtudeaccuopzijnplaats.
Steekdeaccuzovermogelijkinhetgereedschaptotueenklikge-luid hoort. Wanneer het rode deel zichtbaar is, zoals aangege-ven in de afbeelding, is de accu niet geheel vergrendeld. LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden. LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Alsdeaccunietgemakkelijkinhetgereedschapkanworden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht. De resterende acculading controlerenAlleen voor accu’s met indicatorlampjes►Fig. 2: 1. Indicatorlampjes2. TestknopDruk op de testknop op de accu om de resterende acculading te zien. Deindicatorlampjesbrandengedurendeenkeleseconden. Indicatorlampjes Resterende acculadingBrandt Uit Knippert75% tot 100%50% tot 75%25% tot 50%0% tot 25%Laad de accu op.
Er kan een storingzijnopgetreden in de accu. OPMERKING:Afhankelijkvandegebruiksomstan-digheden en de omgevingstemperatuur, is het moge-lijkdatdeaangegevenacculadingverschiltvandewerkelijkeacculading. OPMERKING:Heteerste(meestlinker)indicator-lampjeknippertwanneerhetaccubeveiligingssys-teem in werking is getreden. Gereedschap-/accubeveiligingssysteemHet gereedschap is voorzien van een gereedschap-/accubeveiligingssysteem. Ditsysteemschakeltauto-matisch de voeding naar de motor uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschapkantijdenshetgebruikautomatischstop-pen als het gereedschap of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld:OververhittingsbeveiligingWanneer het gereedschap/de accu oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en knippert de lamp.
In die situatie laat u het gereedschap/de accu eerst afkoe-len voordat u het gereedschap opnieuw inschakelt. Beveiliging tegen te ver ontladenAls de acculading onvoldoende is, stopt het gereed-schapautomatisch. Indithetgevalverwijdertudeaccuvanaf het gereedschap en laadt u de accu op. De trekkerschakelaar gebruiken►Fig. 3: 1. TrekkerschakelaarLET OP: Alvorens de accu in het gereed-schap te plaatsen, moet u altijd controleren of de trekkerschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand “OFF”. Omhetgereedschaptestarten,knijptugewoondetrekkerschakelaar in. Hoe harder u de trekkerscha-kelaarinknijpt,hoesnellerhetgereedschapdraait. Laat de trekkerschakelaar los om het gereedschap te stoppen. OPMERKING: Het gereedschap stopt automatisch wanneer u de trekkerschakelaar gedurende ongeveer 6 minuten ingeknepen houdt.
38 NEDERLANDSDe lamp op de voorkant gebruikenLET OP: Kijk niet direct in het lamplicht of in de lichtbron. ►Fig. 4: 1. Lamp►Fig. 5: 1. KnopKnijpdetrekkerschakelaarinomdelampinteschakelen. Laathem los om uit te schakelen. Ongeveer 10 seconden nadat u de trekkerschakelaar hebt losgelaten, gaat de lamp uit. Om de lamp uitgeschakeld te laten, stelt u de status van delampinopuit. Knijpeerstdetrekkerschakelaarinenlaat hem daarna weer los. Houd daarna binnen 10 secon-den de knop gedurende één seconde ingedrukt. Om de status van de lamp weer in te stellen op aan, drukt u op dezelfde manier op de knop. OPMERKING:Omdelampstatustecontroleren,knijptudetrekkerschakelaar in. Als de lamp gaat branden wanneer u de trekkerschakelaarinknijpt,isdelampstatusingeschakeld. Alsde lamp niet gaat branden, is de lampstatus uitgeschakeld.
OPMERKING: Wanneer het gereedschap oververhit is, knippert het licht gedurende een minuut waarna het LED-displayuitgaat. Indatgevallaatuhetgereed-schap afkoelen alvorens het weer in gebruik te nemen. OPMERKING: Gebruik een droge doek om vuil van de lens van de lamp af te vegen. Wees voorzichtig dat u de lens van de lamp niet bekrast omdat dan de verlichting minder wordt. De omkeerschakelaar bedienen►Fig. 6: 1. OmkeerschakelaarLET OP: Controleer altijd de draairichting alvorens het gereedschap te starten. LET OP: Verander de stand van de omkeer-schakelaar alleen nadat het gereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Als u de draairichting verandertterwijlhetgereedschapnogdraait,kanhetgereedschap beschadigd raken. LET OP: Zet de omkeerschakelaar altijd in de neutrale stand wanneer u het gereedschap niet gebruikt.
Druk de omkeerscha-kelaar in vanaf kant A voor de draairichting rechtsom, of vanaf kant B voor de draairichting linksom. Wanneer de omkeerschakelaar in de neutrale stand staat, kan de trekkerschakelaar niet worden ingeknepen. Wijzigen van de slagkracht►Fig. 7: 1. Hard 2. Zacht 3. A-stand 4. Verandert in drie stappen 5. KnopU kunt de slagkracht in drie stappen instellen: hard, zacht en A-stand. Zo kunt u de beste aandraaikracht voor het te verrichten werk kiezen. Elke keer wanneer op de knop wordt gedrukt, verandert het aantal slagen in drie stappen. “A-stand(hulpstand)”iseengebruiksvriendelijkestandwaarinschroeven met goede controle kunnen worden ingedraaid. In deze stand draait het gereedschap de schroef eerst met een laag toerental. Nadat de slagwerking van het gereedschap begint, neemt het toerental toe tot het maximumtoerental wordt bereikt.
U kunt de slagkracht veranderen binnen ongeveer een minuut nadat u de trekkerschakelaar hebt losgelaten. Aanduiding van slagkracht op displayMaximaal aantal slagen Doel Voorbeeld van toepassingHard4. 100 min-1Vastdraaien wanneer kracht en snelheidgewenstzijn. Vastdraaien van houtschroe-ven, vastdraaien van bouten. Zacht2. 000 min-1Vastdraaien met minder kracht om schroefdraadbreuk te vermijden. Vastdraaien van vensterschroe-ven, vastdraaien van kleine schroeven zoals M6. A-stand4. 100 min-1Vastdraaien van schroeven met betere controle. Vastdraaien van lange schroeven. OPMERKING: De A-stand is alleen beschikbaar wanneer het gereedschap rechtsom draait. Wanneer het gereed-schapindeA-standlinksomdraait,zijndeslagkrachtensnelheidhetzelfdealsindehard-stand.
39 NEDERLANDSMONTAGELET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. Aanbrengen of verwijderen van het schroefbit of de schroefdop►Fig. 8Gebruik uitsluitend een schroefbit/schroefdop met een insteekgedeelte zoals aangegeven in de afbeelding. Gebruik geen ander schroefbit/schroefdop. Voor gereedschappen met een ondiepe schroefbit-insteekopeningA=12 mm B=9mm Gebruikuitsluitenddittypeschroefbit. Volg procedure 1. (Opmerking)Debitadapterisniet nodig. Voor gereedschappen met een diepe schroefbit-insteekopeningA=17 mm B=14 mmOmdittypeschroefbitteplaatsen, volgt u procedure 1. A=12 mm B=9mmOmdittypeschroefbitteplaatsen, volgt u procedure 2. (Opmerking)Debitadapterisnodig om het bit te plaatsen. Procedure 1►Fig. 9: 1. Schroefbit 2.
BusOm het schroefbit te plaatsen, trekt u de bus in de rich-tingvandepijlensteektuhetschroefbitzovermogelijkin de bus. Laat daarna de bus los om het schroefbit te vergrendelen. Procedure 2Voorafgaande aan Procedure 1, steekt u de bitadapter metzijnpuntigeuiteindeindebus. ►Fig. 10: 1. Schroefbit 2. Bitadapter 3. BusOmhetschroefbitteverwijderen,trektudebusinderichtingvandepijlentrektuhetschroefbiteruit. OPMERKING: Als het schroefbit niet diep genoeg in de bus wordt gestoken, zal de bus niet naar haar oorspronkelijkepositieterugkerenenzalhetschroef-bit niet goed vastzitten. In dat geval dient u het bit opnieuw erin te steken volgens de bovenstaande procedure. OPMERKING:Alshetmoeilijkisomhetschroefbitaan te brengen, trekt u aan de bus en steekt u het schroefbitzovermogelijkindebus.
Als het uit de bus komt, mag u het niet gebruiken. De haak aanbrengenWAARSCHUWING: Gebruik de opgang-/bevestigingsmiddelen alleen waarvoor ze bedoeld zijn, d. w. z. ophangen aan een gereedschapsgor-del tussen werkzaamheden of tijdens pauzes. WAARSCHUWING: Wees voorzichtig dat de haak niet overbelast wordt aangezien een te hoge kracht of onregelmatige overbelasting kan leiden tot beschadiging van het gereedschap met per-soonlijk letsel tot gevolg. LET OP: Als u de haak aanbrengt, bevestigt u deze altijd stevig met de schroef. Als u dit niet doet, kandehaaklosrakenentotpersoonlijkletselleiden. LET OP: Verzeker u ervan dat het gereed-schap veilig hangt voordat u het loslaat. Door onzorgvuldig of ongebalanceerd ophangen kan het gereedschaperafvallenenpersoonlijkletselwordenveroorzaakt. ►Fig. 11: 1. Gleuf 2. Haak 3.
SchroefDehaakishandigomhetgereedschaptijdelijkoptehangen. Dehaakkanaaniederezijkantvanhetgereedschap worden bevestigd. Om de haak te beves-tigen,steektudezeineengleufopeenzijkantenzetu hem vast met de schroef. Om de haak eraf te halen, draait u de schroef los en haalt u de haak eraf. Het gat gebruikenWAARSCHUWING: Gebruik het ophanggat nooit voor iets waar het niet voor bedoeld is, bijvoorbeeld om het gereedschap mee vast te binden op een hoge plaats. Stuikdruk in een zwaar belast gat kan het gat beschadigen, waardoor letsel kanontstaanbijuofmensenrondomofonderu. ►Fig. 12: 1. OphanggatGebruik het ophanggat achteraan de onderkant van het gereedschap om het gereedschap aan een muur te hangenmetbehulpvaneenophangkoordofsoortgelijktouw. BEDIENING►Fig.
13Hetjuisteaandraaimomentkanverschillenafhankelijkvan het soort en de maat van de schroef/bout, het materiaal van het te bevestigen werkstuk, enz.
OPMERKING:Gebruikaltijdhetbitdatgeschiktisvoor de kop van de aan te draaien schroef/bout. OPMERKING: Voor het vastdraaien van een M8-formaat of kleinere schroef, kiest u de geschikte slagkracht en regelt u de druk op de trekkerschakelaar zorgvuldig zo dat de schroef niet beschadigd wordt. OPMERKING: Houd het gereedschap vooral recht op de schroef. OPMERKING: Als de slagkracht te hoog is, zal de schroef langer worden aangedraaid dan aangegeven in de afbeeldingen, en dan kan de schroef of de kop van het schroefbit overbelast, vervormd of bescha-digd worden. Alvorens u aan het werk gaat, dient u altijdevenproeftedraaienomdejuisteaandraaitijdvooruwtypeschroeftebepalen. Het aandraaimoment wordt beïnvloed door een groot aantal verschillende factoren, waaronder de volgende. Controleernahetvastdraaienaltijdhetaandraaimo-ment met een momentsleutel. 1.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Makita DTD157 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Schroefmachine Makita
Handleiding Schroefmachine
Nieuwste handleidingen voor Schroefmachine