Makita BCX2500 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Makita BCX2500 (28 pagina’s), behorend tot de categorie Grastrimmer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 78 mensen. Heb je een vraag over Makita BCX2500 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/28
Gebruiksaanwijzing
BCX2500
BCX2510
Let op:
Deze motorzeis wordt af fabriek zonder motorolievulling geleverd.
Voor de ingebruikneming conform de aanwijzingen olie vullen!
De ingebruikneming zonder motorolie leidt onmiddellijk tot schade aan de motor!

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Makita
Categorie: Grastrimmer
Model: BCX2500

Handleiding Makita BCX2500 – volledige tekst

2Hartelijk gefeliciteerd met de aankoop van uw nieuwe MAKITA-motorzeis. We danken u voor uw vertrouwen en hopen dat u met uw nieuwe motorzeis tevreden zult zijn. De motorzeisen van de reeks BCX2500 /BCX2510 behoren tot de lichtste motorzeisen met een viertaktmotor in deze klasse. Ze zijn heel handig en compact en veelzijdig inzetbaar voor het maaien van gras, onkruid en struikgewas. Het duidelijk geringere brandstofverbruik in vergelijking met ver-gelijkbare motorzeisen met tweetaktmotor is een vernieuwende stap op het vlak van energieverbruik en emissie. De viertaktmotor heeft daarnaast een aangenaam stil lopende motor.

Om uw persoonlijke veiligheid te garanderen en een optimale werking en optimale prestaties van de motorzeis te garanderen, hebben we het volgende verzoek: Neem voor de eerste inbedrijfname deze gebruiks-aanwijzing aandachtig door en neem absoluut de veiligheidsvoorschriften in acht. Niet-naleving kan levensgevaarlijke verwondin-gen veroorzaken. Reglementair gebruik: Deze motorzeisen zijn van de passende en goedgekeurde snijgereedschappen voor het maaien van gras en sterk onkruid voorzien. De motorzeis mag door slechts een persoon en uit-sluitend in de open lucht gebruikt worden. Niet-toegestane werktechniek:Met de goedgekeurde snijgereedschappen mag sterker ma-teriaal, zoals struiken, wildgroei of kreupelhout niet gesneden worden.

Niet-toegestane bedieners: Personen die niet vertrouwd zijn met de gebruiksaanwijzing, kinderen, jongeren alsook personen onder de invloed van alcohol, drugs of medicamenten mogen het toestel niet bedienen. InhoudsopgaveVeiligheidsvoorschriften. 3Symbolen. 3Algemene veiligheidsvoorschriften. 3Persoonlijke beschermingsuitrustingen. 4De omgang met brandstoffen/tanken. 4Ingebruikneming. 5Terugslag (kickback). 6Werkomstandigheden en -techniek. 6Gebruiksgebied van de snijgereedschappen. 72-snoersnijkop. 74-tands slagmes. 7Transport. 7Opslag. 7Onderhoud. 8Eerste hulp (E. H. B. O. ). 8EU-conformiteitsverklaring.

3VeiligheidsvoorschriftenLees voor de eerste ingebruikneming van uw nieuwe motorzeis absoluut de volgende veiligheidsvoorschriften. SymbolenOp de machine en bij het lezen van de gebruiksaanwijzing treft u de volgende symbolen aan: Gebruiksaanwijzing lezen en de waarschuwings- en veiligheidsaanwijzingen opvolgen. Bijzondere voorzichtigheid en aandacht. OPGELET. Kickback (terugslag). GEVAAR. Heel scherp snijgereedschap. GEVAAR. Wegvliegende delen. Roken verboden. Geen open vuur. Beschermende handschoenen dragen. Veiligheidsschoenen dragen. Helm, gezichts-, ogen- en oorbeschermers dragen. Verboden. AANWIJZING. Gering risico. Zaken die bij het gebruik van dit toestel in acht genomen moeten worden. Veiligheidsafstand van 15 meter aanhouden. max. 10. 000 1/minmax. 9. 000 1/min Toegestaan max.

toerental van het snijgereed-schap Normale bezine Motorolie Chokeklep gesloten Chokeklep geopend Primerpomp Draairichting van het snijgereedschap Motor starten Motor uitschakelen AAN/UIT Eerste hulp Recycling CE-aanduidingAlgemene voorschriften Om een veilig gebruik te garanderen moet degene die het apparaat bedient altijd deze gebruiks-aanwijzing lezen, om zich met de werking ervan vertrouwd te maken. Onvoldoende geïnstrueerde gebruikers kunnen zichzelf en anderen door on-deskundig gebruik in gevaar brengen. De motorzeis alleen uitlenen aan personen met ervaring in het gebruik van een motorzeis. De gebruiksaanwijzing dient daarbij overhandigd te worden. Nieuwe gebruikers moeten zich door de verkoper laten instrueren of een cursus vol-gen om vertrouwd te raken met het maaien met motoraandrijving.

Kinderen en jeugdige personen onder 18 jaar mogen de motorzeis niet met metalensnijgereed-schap (slagmessen met 4 tanden) gebruiken. Voor jeugdigen boven 16 jaar geldt dit verbod niet als zij in het kader van hun opleiding onder toezicht staan van een vakman. Het werken met de motorzeis vereist een hoge mate van concentratie. Alleen in goede lichamelijke konditie werken.

41234567Persoonlijke beschermingsuitrusting• De kleding moet doelmatig zijn, d. w. z. nauw aansluitend, maar mag niet hinderen. Geen sieraden of kleding dragen waarmee u in struikgewas verstrikt kunt raken. Om bij het maaien verwondingen aan hoofd, ogen, handen of voeten en schade aan het gehoor te vermijden, moet de hierna omschreven bescher-mende uitrusting gedragen worden. • Het dragen van een veiligheidshelm (1) wordt aangeraden; bij het werken in bosgebieden is dit beslist noodzakelijk. De veiligheidshelm moet regelmatig op beschadigingen ge-controleerd worden en moet na maximaal 5 jaar vervangen worden. Alleen goedgekeurde helmen gebruiken. Bij lang haar een haarnet dragen. • De gezichtsbeschermer (2) van de helm houdt opstuivend snijdsel of wegvliegende voorwerpen tegen.

Om verwonding van de ogen te vermijden, moet bovendien een veiligheidsbril als gezichtsbeschermer worden gedragen. • Om gehoorschade te voorkomen moet geschikte persoon-lijke gehoorbescherming gedragen worden (Oorbeschermers (3), oorproppen, oorwatten etc. ). Octaafbandanalyse op aanvraag. • De bosbouw-veiligheidsjas (4) heeft signaalrode schou-derpassen. De armen en de hals te allen tijde door kleding beschermen. • De veiligheidsbroek (5) bestaat uit 22 lagen nylonweefsel en beschermt tegen snijwonden. Het gebruik ervan wordt dringend aanbevolen. In ieder geval een lange broek dragen van een stevige stof. • Werkhandschoenen (6) van een zware kwaliteit leer behoren tot de voorgeschreven uitrusting en moeten bij het werken met de motorzeis altijd gedragen worden.

• Bij het werken met de motorzeis moeten veiligheidsschoenen of veiligheidslaarzen (7) met proelzool, stalen neus en beenbeschermers gedragen worden. Veiligheidsschoeisel met een beschermende inleg biedt bescherming tegen snijverwondingen en zorgen ervoor dat men stabiel staat. De omgang met brandstoffen/tanken Bij het aftanken van de motorzeis de motor uit-schakelen en laten afkoelen.

Roken en open vuur niet toegestaan. Brandstoffen kunnen oplosmiddelachtige sub-stanties bevatten. Huid- en oogcontact met mineraalolieproducten vermijden. Draag bij het aftanken handschoenen. Vervang en reinig beschermende kleding regelmatig. Adem de brandstofdampen niet in. Het inademen van motorbrandstofdampen kan lichamelijk letsel veroorzaken. • Motorzeis vóór het bijtanken in een stabiele ligging brengen. • Mors geen brandstof of kettingolie. Als er toch brandstof of olie gemorst is moet de motorzeis direct schoongemaakt worden. Zorg dat er geen brandstof op uw kleding terechtkomt. Als dat toch gebeurt kleedt u dan direct om. • Let erop dat er geen brandstof of kettingolie in de grond wegloopt (bescherming van het milieu). Leg iets op de grond ter bescherming. • Tank niet in afgesloten ruimten. Brandstofdampen verzamelen zich op de bodem (explosiegevaar).

515 meter3 meter• Start de motorkettingzaag niet op dezelfde plek als waar u getankt heeft (tenminste 3 meter verwijderd van de tank-plaats). • Brandstof is niet onbeperkt houdbaar. Koop niet meer dan u binnen een redelijke tijd zult gebruiken. • Vervoer en bewaar brandstof alleen in goedgekeurde en gewaarmerkte jerrycans. Sla brandstof zo op dat kinderen er niet bij kunnen. Inbedrijfname Werk niet alleen, in noodgevallen moet er iemand in de buurt zijn. Breng de andere persoon voor het begin van de werkzaamheden op de hoogte van de aan het toestel voorhanden veiligheids-inrichtingen. • Verzeker u ervan dat er zich geen kinderen of andere personen binnen een straal van 15 meter van het apparaat bevinden. Let hierbij ook op dieren. • Voor aanvang van de werkzaamheden de motorzeis contro-leren op de volgende punten.

Controleer: stevig zitten van het snijgereedschap, de gashendel moet bij het loslaten vanzelf naar 0 teruggaan, functie van de gashendelblok-kering, snijgereedschap mag niet onbelast draaien, schone en droge handvatten, functie van de start/stopschakelaar, bescherminrichtingen niet beschadigd en op de juiste plaats vast gemonteerd zijn. Anders bestaat er gevaar van letsel. • Motorzeis alleen starten volgens gebruiksaanwijzing (zie hoofdstuk “Gebruik”). Andere starttechnieken zijn niet toe-gestaan. • De motorzeis en de snijgereedschappen mogen alleen voor het beschreven gebruiksdoel ingezet worden. De motorzeis eerst na volledige montage en controle starten. De machine mag uitsluitend geheel gemonteerd gebruikt worden. Het maaigereedschap moet met de bijbehorende beschermkap uitgerust zijn. Gebruik het apparaat nooit zonder de beschermkap.

• Bij stationair draaien mag het snijgereedschap niet meedraai-en; zo nodig op standgas zetten (zie hoofdstuk “Gebruik”). • Vóór het starten erop letten dat het snijgereedschap niet in contact komt met harde voorwerpen, b. v. takken, stenen etc.

• Bij merkbaar veranderd gedrag van het apparaat de motor onmiddellijk afzetten. • Als het snijgereedschap met stenen of andere harde voor-werpen in aanraking gekomen is, direct de motor afzetten en het snijgereedschap inspecteren. • Het snijgereedschap moet regelmatig op beschadigingen gecontroleerd worden (eventuele haarscheuren door klop-pen -klanktest- vaststellen). Na langer gebruik kunnen haarscheurtjes in het bereik van de getande wortel optre-den. Beschadigd snijgereedschap en snijgereedschap met haarscheurtjes mogen in geen geval meer worden gebruikt. • De motorzeis alleen met schouderriem gebruiken en deze vóór aanvang van de werkzaamheden aanbrengen (zie hoofdstuk “Voorbereidingen”). Een goede afstelling van de schouderriem is noodzakelijk, om onnodig vermoeid raken te voorkomen. De motorzeis nooit met één hand bedienen.

6• Werkpauze• Transport• Tanken• Onderhoud• Gereedschapswissel• De motorzeis moet zodanig gehanteerd worden dat er geen uitlaatgassen ingeademd kunnen worden. Met de motorzeis mag niet in gesloten ruimtes worden gewerkt; hij mag er ook niet in gestart worden (vergiftigingsgevaar). Koolmonoxide-gas is reukloos. Uitsluitend op goed geventileerde plaatsen werken. • Gedurende pauzes tijdens het werk en vóór de motorzeis alleen gelaten wordt, moet hij uitgeschakeld en zo neergezet worden, dat niemand gevaar kan lopen. • De hete motorzeis niet in droog gras of bij brandbare voor-werpen leggen. • Bij het veranderen van werkplek tijdens het maaien moet de motor afgezet. • Machine niet gebruiken bij defecte uitlaatpot. Terugslag (kickback) Bij het werken met de motorzeis kan ongecon-troleerde terugslag voorkomen.

Dit is het geval als het snijgereedschap (slagmes-sen met 4 tanden) met vast materiaal, zoals boom-stronken, afrasteringen, bomen, vast kreupelhout of grote stenen in contact komt. De motorzeis wordt daarbij ongecontroleerd met grote energie naar de zijkant weggeslingerd respectievelijk versneld (gevaar van letsels. ). Om terugslag te voorkomen, moet op het volgende gelet worden: • Het maaibereik van vreemde voorwerpen ontdoen en op beplantingen en voorwerpen letten. • Het maaigereedschap moet het volle werktoerental bereikt hebben voordat met maaien mag worden begonnen. • In het donker gemarkeerde bereik bestaat verhoogd gevaar voor terugslag, in het bijzonder bij gebruik van metalen snij-werktuigen. Werkomstandigheden en -techniek• Het maaigereedschap moet het volle werktoerental bereikt hebben voordat met maaien mag worden begonnen. • Alleen bij goed zicht en goede verlichting werken.

• Nooit met de motorzeis in een boom klimmen en werkzaam-heden uitvoeren. • Nooit werken op een onstabiele ondergrond. Het maaibereik van vreemde voorwerpen, zoals b. v. stenen, metaaldelen etc. ontdoen. Vreemde voorwerpen kunnen terugstuiten (gevaar van verwondingen. ), zij beschadigen het snijge-reedschap en kunnen tot gevaarlijke terugslag (kickback) leiden.

7Snoersnijkop met 2 snoerenSlagmes met 4 tandenSnijgereedschappen De snijgereedschappen alleen voor de hierna beschreven werkzaamheden gebruiken! Andere toepassingen zijn niet toegestaan.Snoersnijkop met 2 snoerenUitsluitend voor het maaien nabij muren, hekwerken, gras- kan-ten, bomen, palen etc. (afwerken na het grasmaaien).Slagmes met 4 tandenVoor het maaien van gras of sterk onkruid. Bij deze werkzaam-heden wordt de motorzeis van rechts naar links in een halve cirkel heen en weer bewogen (zoals bij een handzeis).Vervoer Bij het vervoer en bij plaatsverandering tijdens het werk moet de motorzeis stil worden gezet om te voorkomen dat het maaigereedschap ongewild begint te draaien. De motorzeis nooit achter u aan trekken of laten vallen (uitgezonderd in noodgevallen). Bij het ver-laden de nooit met de motorzeis gooien!

Wordt de motorzeis aan harde stoten blootgesteld, dan moet de zeis op lekkende brandstof gecon-troleerd worden (brand- resp. explosiegevaar!). Nooit de motorzeis met draaiend snijgereedschap transporteren!• Bij vervoer over een grotere afstand moet in ieder geval de meegeleverde maaierbeschermkap worden aangebracht.• Bij het transport in voertuigen op veilige ligging van de motor-zeis letten. De benzinetank vóór het transport leegmaken.• Bij verzending van de motorzeis moet de brandstoftank geheel leeg zijn.Opslag• De motorzeis veilig in een droge ruimte opslaan en de be-schermkap voor metalen snijwerktuigen aanbrengen.

Berg de motorzeis ontoegankelijk voor kinderen op.• Bij langere opslag de motorzeis door een MAKITA service-werkplaats grondig laten nakijken en een onderhoudsbeurt laten ondergaan.• Bij langere opslag van de motorzeis moet de brandstoftank geheel worden leeggemaakt en de vergasser leeggedraaid. Brandstoffen zijn slechts beperkt houdbaar en kunnen in de tank of in de vergasser afzetting vormen.• Brandstofresten in reservetanks voor andere motoren ge-bruiken of ontzorgen.

8Onderhoud Ledere keer vóór werkbegin moet de bedrijfs-zekere toestand van het maaigereedschap, de bescherminrichting, de draagriem en de dichtheid van het brandstofsysteem worden gecontroleerd. In het bijzonder moet erop gelet worden dat het snijgereedschap volgens voorschrift is gesle-pen. Metalen maaigereedschappen mogen enkel en alleen door een servicewerkplaats worden nageslepen. Een niet vakkundig nageslepen snijwerktuig kan tot onbalans leiden en wordt daardoor tot een aanzienlijk verwondings-risico. Bovendien kunnen door vibraties schade aan het apparaat ontstaan. Bij het wisselen van maaigereedschap, het schoonmaken van het apparaat en van het maai-gereedschap etc. moet de motor worden afgezet en de bougiestekker afgenomen. • Beschadigd maaigereedschap mag niet gericht of gelast worden.

• De machine moet zo geluidsarm mogelijk en met zo min mogelijk schadelijke uitlaatgassen gebruikt worden. Hierbij is een correcte afstelling van de vergasser zeer belangrijk. • De motorzeis regelmatig reinigen en alle schroeven en moeren controleren op loszitten. • Onderhoud en opslag van de motorzeis moet niet in de nabijheid van open vuur geschieden. • De motorzeis mag uitsluitend met lege tank en leeggedraaide vergasser in gesloten vertrekken worden opgeborgen. Berg de motorzeis ontoegankelijk voor kinderen op. Veiligheidsvoorschriften van de Arbeidsinspectie en verzekeringsmaatschappijen in acht nemen. In geen geval veranderingen in de constructie van de motorzeis aanbrengen. Uw brengt daarmee uw veiligheid in gevaar. • Onderhouds- en montagewerkzaamheden mogen alleen uit-gevoerd worden voorzover deze in deze gebruiksaanwijzing beschreven zijn.

Alle verdere werkzaamheden moeten door de MAKITA service uitgevoerd worden. • Alleen originele MAKITA onderdelen en toebehoren gebrui-ken. Bij gebruik van niet-originele MAKITA onderdelen, toe-behoren of gereedschappen moet er met een groter gevaar van ongelukken rekening worden gehouden.

Bij ongelukken of schade als gevolg van niet-geautoriseerde maaigereedschap-pen, bevestigingen van maaigereedschappen of accessoires vervalt iedere aansprakelijkheid. Eerste Hulp (E. H. B. O. ) Voor eventuele ongevallen dient altijd een verbanddoos op de werkplek aanwezig te zijn. Gebruikt materiaal direct weer aanvullen. Als u om hulp vraagt, geeft u dan de volgende informatie: • waar gebeurde het,• wat gebeurde er,• hoeveel gewonden,• aard van de verwondingen,• noem uw naam. Bij personen met circulatiestoornissen kunnen vaak optredende vibraties tot beschadiging van do bloedvaten of van het zenuwstelsel leiden. Door vibraties aan vingers, handen of polsen kunnen de volgende symptomen optreden: inslapen van lichaamsdelen, prikkelen, pijn steken, verandering van de huidkleur of van de huid. Bij het waarne-men van zulke symptomen moet u een dokter opzoeken. SERVICE.

EU-conformiteitsverklaringDe ondergetekenden, Tamiro Kishima en Rainer Bergfeld, gemachtigd door DOLMAR GmbH, verklaren hiermee dat de motorzeisen van het merk MAKITA,Type: (365) BCX2510 en BCX2500aan de fundamentele veiligheids- en gezondheidsvereisten van de desbetreffende EU-richtlijnen voldoen:• EU-machinerichtlijn 98/37/EG. • EU-EMC-richtlijn 2004/108/EG. • Geluidsemissie 2000/14/EG. Vanaf 29/12/2009 wordt richtlijn 2006/42/EG van kracht ter vervanging van richtlijn 98/37/EG. Het product voldoet dan ook aan de eisen van deze richtlijn. Voor de vakkundige realisering van de in deze EU-richtlijnen vervatte eisen zijn doorslaggevend de volgende normen als grondslag genomen: EN 11806, EN 14982. Het conformiteitsbeoordelingsprocédé 2000/14/EG is volgens appendix V uitgevoerd. Het gemeten peil van geluidsniveau (Lwa) bedraagt 101 dB(A).

11VoorbereidingenVoor u de motorrem in gebruik kunt nemen, moet u hem mon-teren en voor het gebruik voorbereiden. De motorzeis mag pas na complete montage en een functiecontrole gestart worden! Bij alle werkzaamheden aan de motorzeis veilig-heidshandschoenen dragen!Handgreep monterenNaargelang u voor de BCX2500 of de BCX2510 motorzeis gekozen hebt, is uw toestel ofwel met een C-handgreep of een U-handgreep uitgerust.U-handgreepPlaats de motorzeis voor de montage van de handgreep zodanig dat hij stabiel op zijn voet ligt.Als gereedschap hebt u de grote zeskantsleutel nodig. 1 Antislipelement (1) in de greepopname (2) leggen, zodat hij perfect met de greepopname afsluit. 2 Handgreep, zoals op de afbeelding, inleggen. 3 Tweede antislipelement (3) op de handgreep leggen, zodat hij eveneens perfect met de greepopname afsluit. 4 Greepbevestiging (4) aanbrengen en vasthouden.

5 Moeren (5) van onderen in de boorgaten van de greepop-name steken, tegenhouden en tegelijk schroeven (6) stevig aanzetten (onderlegschijven niet vergeten).1234654321C-handgreepPlaats de motorzeis voor de montage van de handgreep zodanig dat hij stabiel op zijn voet ligt.Als gereedschap hebt u de gemiddelde zeskantsleutel nodig. 1 Greepopname (1), zoals weergegeven op de afbeelding, van achteren op de antisliphuls (2) aan de hoofdbuis plaatsen en vasthouden. 2 C-greep (3), zoals weergegeven op de afbeelding, van boven op de antisliphuls plaatsen, zodat hij op de greepopname ligt. 3 Greep door het aanzetten van de schroeven (4) bevestigen (onderlegschijven niet vergeten).

12Beschermkap monteren Conform de wettelijke ongevalspreventievoor-schriften moet de in de omvang van de levering voorhanden beschermkap (en geen andere) gemonteerd worden. Om uw persoonlijke veiligheid te garande-ren, mag de motorzeis in geen geval zonder beschermkap in gebruik genomen worden. Opgelet: Aan de onderkant van de beschermkap bevindt zich een scherp mes voor de snoerinstel-ling van de 2-snoersnijkop. Plaats de motorzeis voor de montage van de beschermkap zodanig dat hij stabiel op zijn voet ligt. Als gereedschap hebt u de kleine zeskantsleutel nodig. 1 Booruitsparingen (1) van boven in de beschermkap van onderlegschijven (2) voorzien. 2 Het onderste deel van de motorzeis een beetje optillen. 3 Beschermkap, zoals weergegeven op de afbeelding, onder de hoofdbuis (3) op de opname steken zodat de bevestigings-gaten in opname en beschermkap op een lijn liggen.

4 Moeren (5) van onderen in de boorgaten steken, tegen-houden en tegelijk schroeven (4) stevig aanzetten. Snijgereedschap monteren Alleen het in de omvang van de levering voor-handen snijgereedschap gebruiken. Het monteren van ander snijgereedschap kan tot een verhoogd gevaar voor ongevallen en tot schade aan het toestel leiden en is daarom niet toegestaan. Voor het monteren van het snijgereedschap moet de beschermkap gemonteerd worden (zie vorige paragraaf). De motorzeis kan met twee verschillende snijgereedschappen gebruikt worden, ofwel met het 4-tands slagmes voor het maaien van krachtig materiaal, zoals onkruid, hoog gras, struikgewas, struiken, wildgroei, kreupelhout etc. ; of met de 2-snoersnijkop voor het maaien van grasresten aan muren, afrasteringen, gazonranden, bomen, palen etc.

middelste zeskantsleutel als montagestift 1 Opnameschijf (1) zodanig op de aandrijfas (2) plaatsen dat de zijdelingse boring (1) met de uitsparing (3) in het hoekige drijfwerk gelijk ligt. 2 4-tands slagmes (4), drukschijf (5) en bodemglijder (6) na elkaar, zoals weergegeven op de afbeelding, op de aan-drijfas steken. 3 Montagestift (7) in de uitsparing van het hoekige drijfwerk door de opnameschijf steken. De drijfwerkas is geblokkeerd. 4 Moer (8) met combisleutel stevig aanzetten (linkse schroef-draad). De bevestigingsmoer (8) is met een kunststof beveiliging uitgerust en moet indien hij merkbaar loskomt onmiddellijk, ten laatste echter na de 10e gereedschapwissel, om veiligheidsredenen door een nieuwe bevestigingsmoer vervangen worden (zie uittreksel uit de reserveonderdelenlijst). 5 Montagestift opnieuw verwijderen en vrije loop van het snijgereedschap controleren. 1534286541732.

132-snoersnijkopPlaats de motorzeis voor de montage van het snijgereedschap zodanig dat hij stabiel op zijn greep ligt. Aan het gereedschap hebt u b. v. de middelste zeskantsleutel als montagestift nodig. 1 Opnameschijf (1) zodanig op de aandrijfas (2) plaatsen dat de zijdelingse boring (1) met de uitsparing (3) in het hoekige drijfwerk gelijk ligt. 2 Montagestift in de uitsparing van het hoekige drijfwerk door de opnameschijf steken. De drijfwerkas is geblokkeerd. 3 2-snoersnijkop (4) erop schroeven (linkse schroefdraad) en met de hand stevig aanzetten. 4 Montagestift opnieuw verwijderen en vrije loop van het snijgereedschap controleren. TankenBij het bijtanken van de motorrem altijd op het volgende letten: Roken en open vuur is verboden. Nooit in gesloten ruimtes tanken. Brandstofdampen verzamelen zich op de grond (explosiegevaar).

Brandstoffen kunnen oplosmiddelachtige subs-tanties bevatten. Huid- en oogcontact met pro-ducten op basis van minerale olie vermijden. Draag handschoenen bij het tanken. Veilig-heidskleding regelmatig wisselen en reinigen. Brandstofdampen niet inademen. Het inademen van brandstofdampen kan lichamelijke schade veroorzaken. Voor het tanken van de motorzeis de motor uit-schakelen en laten afkoelen. Bedrijfsstoffen/brandstoffenHet gebruik van bedrijfsstoffen/brandstoffen vereist voorzichtig en omzichtig handelen. Tank de zeis uitsluitend in de open lucht of in goed geluchte ruimtes. Producten op basis van minerale olie, ook oliën, ontvetten de huid. Bij herhaald en langer contact droogt de huid uit. Verschillende huid-ziektes kunnen het gevolg zijn. Daarnaast zijn ook allergische reacties bekend. Oogcontact met olie leidt tot irritaties.

Bij oogcon-tact het betreffende oog onmiddellijk met helder water spoelen. Vermindert de irritatie daarna niet, dan dient u onmiddellijk een arts op te zoeken. BenzineDe motor van de zeis is voor normale benzine met een minimaal octaangehalte van 91 ROG.

14MotorolieDe smering van de motor gebeurt uitsluitend door de motorolie (meerbereikolie van de classicatie SAE 10W-30). Daarom moet het motoroliepeil telkens voor het begin van de werkzaamheden op een schone plaats gecontroleerd worden. Om een lange levensduur van de motor te garanderen, dient er bij de controle absoluut op gelet te worden of er geen vuil aan de peilstok of in de krukruimte terechtkomt. Is er ondanks alle voorzorgsmaatregelen vuil in de krukruimte terecht gekomen, dan moet de motorolie voor het in werking stellen van de motor absoluut ververst worden (zie hoofdstuk "Onderhoud"). Tanken en motorolie vullenU hebt hiervoor een schone doek nodig. 1 Omgeving van de tankdop (1) goed schoonmaken zodat er geen vuil in de brandstoftank terechtkomt (bij de eerste ingebruikneming niet nodig). 2 Motorzeis zodanig leggen dat hij stabiel op zijn voet ligt.

15Motorzeis uitbalancerenVoor het uitbalanceren van de motorzeis moet het toestel getankt en met olie gevuld worden (zie paragraaf "Tanken" in dit hoofdstuk).De bodemvrijheid hangt van het gekozen snijgereedschap af.Bij het gebruik van de snoersnijkop op effen terrein moet de snoersnijkop lichtjes de grond raken, zonder dat de bedienende persoon het toestel hierbij met de handen aanraakt. Bij het gebruik van het 4-tands slagmes en op moeilijk terrein moet het snijgereedschap ca. 20 cm boven de grond liggen zonder dat de bedienende persoon het toestel hierbij met de handen aanraakt.Als gereedschap hebt u evt. de kruisgleufschroevendraaier nodig. 1 Bevestigingshaak (1) van de draagriem, afhankelijk van het snijgereedschap, in een van de beide gaten van de riemhouder (2) inhaken.Als deze instelling niet voldoende is: 2 Schroef (3) een beetje lossen.

16GebruikNadat u alle voorbereidingen getroffen hebt, kan de motorzeis in gebruik genomen worden. De motorzeis mag pas na complete montage (zie hoofdstuk „Voorbereidingen“) en een functiecon-trole gestart worden! Voorschriften ter preventie van ongevallen in acht nemen!Bij alle werkzaamheden met de motorzeis: Veiligheidshandschoenen dragen! Veiligheidsschoenen dragen! Helm, gezichts-, oog- en oorbescherming dragen! Werk nooit alleen. Voor noodgevallen moet er zich een tweede persoon in de buurt bevinden. Instrueer de persoon voor het begin van de werkzaamheden over de veiligheidsinrichtingen die zich aan het toestel bevinden! Het snijgereedschap moet met de bijbeho-rende beschermkap uitgerust zijn. Toestel nooit zonder beschermkap gebruiken. Bij merkbare veranderingen aan het gedrag van het toestel onmiddellijk de motor uitschakelen.

Als het snijgereedschap met stenen of andere harde voorwerpen in contact is gekomen, de motor onmiddellijk uitschakelen en het snijge-reedschap controleren.Bedrijfsveilige toestand van de zeis controlerenVoor het starten van de motorzeis altijd controleren of• het snijgereedschap (1) vast zit.• de gashendel (2) bij het loslaten automatisch in de nulstand teruggaat.• de veiligheidssperknop (3) functioneert. Wordt de veiligheidssperknop (3) niet ingedrukt, dan mag ook de gashendel (2) niet doorgedrukt kunnen worden.• de start-stopschakelaar (4) (kortsluitschakelaar) functio-neert.• de handrepen (5) schoon en droog zijn.• de beschermkap (6) niet beschadigd en in de juiste positie vast gemonteerd is.1552436

17Starten Verwijder de zeis voor het starten minstens drie meter van de tankplaats. Leg de motorzeis om te starten op een voldoende vrije plaats, zodat hij stabiel op zijn voet ligt en het snijgereedschap met niets in contact komt, noch met de grond, noch met andere voorwerpen. Koude start Mochten er startproblemen komen, dan kan dit aan te lang opgeslagen brandstof liggen. Brandstof kan slechts beperkt bewaard wor-den en veroudert. Daarom altijd slechts een hoeveelheid brandstof inkopen die in enkele maanden verbruikt zal worden. 1 Kortsluitschakelaar (1) naar boven op "START" schuiven. 2 Choke-hendel (2) naar boven op -positie zetten (choke sluiten). 3 Brandstofpomp (3) ca. 7–10 keer lichtjes indrukken tot er geen luchtbellen meer in de brandstofpomp te zien zijn. 4 Motorzeis, zoals weergegeven op de afbeelding, met een hand vasthouden.

5 Startergreep (4) langzaam uittrekken tot u een weerstand voelt. De zuiger staat nu voor het bovenste dode punt. 6 Nu snel en krachtig verder trekken tot de eerste hoorbare ontsteking volgt. De loopt korte tijd aan. Startergreep niet verder dan 50 cm uittrekken en niet laten terugspringen, maar langzaam met de hand terugbrengen. 7 Choke-hendel naar onderen op-positie zetten (choke openen). 8 Opnieuw aan de startergreep trekken tot de motor draait. Het snijgereedschap mag onbelast (gashendel (6) wordt niet ingedrukt) niet draaien. Draait het snijgereedschap, dan moet de stationairloop ingesteld worden (zie paragraaf "Stationairloop controleren en instellen" in dit hoofdstuk). 9 Door het vastnemen van de handgreep en het lichtjes indruk-ken van de veiligheidssperknop (5) en de gashendel (6), de motor op gemiddeld toerental brengen en houden.

18Stationairloop controleren en instellenDe carburateur van de motorzeis is met een vaste sproeier uit-gerust. U dient daarom alleen de stationairloop in te stellen, b.v. als het om een nieuwe machine gaat of als het snijgereedschap stationair draait. Absoluut voor een zuivere luchtlter zorgen! Motorzeis nooit onmiddellijk met vollast laten draaien, maar de motor ca. drie tot vijf minuten bij gemiddelde toerentallen laten warmdraaien. Het snijgereedschap mag in stationairloop niet meer draaien. Draait het snijgereedschap, dan moet de stationairloop gecorrigeerd worden.Als gereedschap hebt u evt. de kruisgleufschroevendraaier nodig.Voor het instellen van de stationairloop: 1 Het betreffende snijgereedschap moet gemonteerd zijn. 2 Motor laten warmdraaien. 3 Gashendel (1) loslaten. 4 Stationair toerental evt.

door het regelen van de stationairloop-schroef (2) corrigeren:• Schroef voor snellere motorloop indraaien.• Schroef voor langzamere motorloop uitdraaien. Als het snijgereedschap niet tot stilstand komt, dan mag in geen geval met het toestel gewerkt worden. Neem contact op met een MAKITA-werk-plaats!

19OnderhoudOm een lange levensduur van uw motorzeis te garanderen en schade te vermijden, moeten de hierna beschreven onderhouds-werkzaamheden regelmatig en zoals voorgeschreven uitgevoerd worden. Alleen dan worden garantieclaims aanvaard. Bij alle werkzaamheden aan de motorzeis: Absoluut de motor uitschakelen en bougiestek-ker uittrekken. Veiligheidshandschoenen dragen. Voorschriften ter preventie van ongevallen van de bevoegde beroepsvereniging en de verzekering in acht nemen. Voer in geen geval veranderingen aan de con-structie of onderhoudswerkzaamheden aan de motorzeis uit, die verder gaan dan de werk-zaamheden die in deze handleiding beschreven zijn. Laat andere werkzaamheden over aan een MAKITA-werkplaats, anders brengt u uw gezond-heid in gevaar. Oliepeil controleren De peilstok mag bij het neerleggen in geen geval met vuil in aanraking komen.

Houd voor de veilig-heid een schone doek klaar. 1 Motor evt. laten afkoelen. 2 Omgeving van de peilstok (1) goed schoonmaken, zodat er geen vuil in de krukruimte terechtkomt. 3 Motorzeis zodanig leggen dat hij stabiel op zijn voet ligt. 4 Peilstok in tegenwijzerzin uitdraaien. 5 Peilstok met een schone doek afvegen. 6 Peilstok door de opening in de krukruimte dompelen en opnieuw uittrekken. 7 Oliepeil aezen (zie afbeelding). 8 Evt. motorolie met behulp van een geschikte vules tot aan de onderkant van de vulopening (2) vullen.  Eenmotorolieesmaakteenpreciezedoseringmogelijk zonder motorolie te morsen (als toebe-horen verkrijgbaar, zie uittreksel uit de reserveon-derdelenlijst). 9 Peilstok opnieuw indraaien.

Gereedschappen4-tands slagmes slijpen Metalen snijgereedschap mag alleen door een servicewerkplaats bijgeslepen worden, want ondeskundig bijgeslepen gereedschap kan on-balans veroorzaken en vormt dus een aanzienlijk risico op verwondingen. Daarnaast kan er door trillingen schade aan het toestel ontstaan. Elke MAKITA-servicewerkplaats slijpt voor u het 4-tands slagmes en balanceert het.

20met de snoersnijkop op de grond altijd optimaal ingesteld worden. De snoerverlenging bedraagt per ontgrendeling ca. 40 mm.Het snoermes snijdt automatisch uitstekende snoereinden af.Snoeren van de 2-snoersnijkop controleren/vervangenHet nieuwe nylonsnoer moet vier meter lang zijn en een dia-meter van ø 2,4 mm hebben (bestelnummer zie uittreksel uit de reserveonderdelenlijst).Voor het vervangen van het snoer is het aan te raden om eerst de snoersnijkop te demonteren (zie instructies uit paragraaf "2-snoersnijkop monteren“ in hoofdstuk „Voorbereidingen“ in omgekeerde volgorde). 1 Dekselopnamelippen lichtjes indrukken en snoersnijkop openen (A). 2 Spoel met snoer uit de behuizing nemen (B). 3 Oude snoerresten van de spoel verwijderen.

Bevindt er zich nog voldoende snoer op de spoel, dan stelt het snoer zich echter bij het maaien niet op de juiste lengte in, er moet opnieuw opgewik-keld worden. 4 Onderkant van de spoel en behuizing met een penseel reinigen en op evt. schade controleren. 6 Nieuwe draad in het midden knikken en in de spoel inbren-gen (C, D). 7 Snoer in de richting van de peil strak op de spoel wikkelen (E). 8 Beide einden van de draad in de gleuven van de kabelschijf klemmen, zodat bij het inzetten van de spoel in de behuizing de snoer niet opnieuw ontspant (F). 9 Spoel opnieuw in de behuizing plaatsen, hierbij de snoer-einden door de snoergeleidingen steken (G). 10 Spoel en behuizing stevig samenhouden en aan beide snoereinden trekken, zodat het snoer uit de gleuven getrokken wordt (H). 11 Spoel naar de uitsparingen van de behuizing richten en krachtig in de behuizing drukken tot u hem hoort vastklikken.

6 Luchtlter opnieuw inzetten (de positie van de lter is door een lijn (5) gemarkeerd). 7 Luchtlterafdekking eerst op de bovenste lippen (6) zetten, dan het onderste deel van de afdekking in de richting van de motor drukken (de afdekking moet hoorbaar vastklikken). 8 Schroef opnieuw stevig aanzetten. Wekelijks onderhoudDe volgende onderhoudswerkzaamheden moeten bij regelmatig gebruik een keer per week uitgevoerd worden. Bougie controleren/vervangenDe motor moet volledig afgekoeld zijn voor u de bougies kunt controleren of vervangen. Plaats de motorzeis eerst zodanig dat hij stabiel op zijn voet ligt. Als gereedschap hebt u de combisleutel (plus schroevendraaier als greep) alsook een geïsoleerde tang nodig. Materiaal: Alleen bougie type NGK-CMR 6A gebruiken (zie uittreksel uit de reserveonderdelenlijst). 1 Bougiekap (1) in de richting van de pijl verwijderen.

22Moet de ontstekingsvonk gecontroleerd worden (anders naar stap 9 gaan): 4 Bougiestekker op de uitgeschroefde bougie steken. 5 Met de combisleutel het massacontact met de cilinder tot stand brengen. 6 Bougiestekker met bougie zo ver mogelijk van het bougiegat met een geïsoleerde tang lichtjes tegen de combisleutel drukken. 7 Kortsluitschakelaar (4) op "START" schuiven. 8 Starterkabel krachtig doortrekken. Bij perfecte werking van de bougie moet een vonk aan de elektroden zichtbaar zijn. 9 Evt. een nieuwe bougie met behulp van de combisleutel inschroeven. 10 Bougiekap opnieuw aanbrengen en laten vastklikken. Onderhoud na 50 bedrijfsurenDe volgende onderhoudswerkzaamheden moeten na 50 be-drijfsuren uitgevoerd worden. Buigzame as smeren Smeer de buigzame as niet zelf. Hij moet in een van de vele MAKITA-servicewerkplaatsen gesmeerd worden.

Hoekig drijfwerk smeren Smeer het hoekige drijfwerk niet zelf. Het moet in een van de vele MAKITA-servicewerkplaatsen gesmeerd worden. De smering kan in een werkplaats precies gedoseerd worden. Hierdoor wordt ervoor gezorgd dat te grote vethoeveelheden niet tot een oververhitting in het hoekige drijfwerk leiden. Motorolie verversen Na de eerste ingebruikneming moet de motorolie na 20 bedrijfsuren en daarna om de 50 bedrijfsuren ververst worden. Huidcontact met producten met minerale olie vermijden. Draag handschoenen bij het verversen van olie. Veiligheidskleding regelmatig wisselen en reinigen. Producten op basis van minerale olie, ook oliën, ontvetten de huid. Bij herhaald en langer contact droogt de huid uit. Verschillende huid-ziektes kunnen het gevolg zijn. Daarnaast zijn ook allergische reacties bekend. Oogcontact met olie leidt tot irritaties.

Bij oogcontact het betreffende oog onmiddellijk met helder water spoelen. Vermindert de irri-tatie daarna niet, dan dient u onmiddellijk een arts op te zoeken. Zorg ervoor dat er geen olie in de grond terecht-komt. Gebruik een geschikte onderlegger.

23Als gereedschap hebt u twee schone doeken en een onderleg-ger nodig. Materiaal: 60 cm3 SAE-10W-30-motorolie (classicatie API SF) 1 Motor starten (zie hoofdstuk "Ingebruikneming"). 2 Motor 3–5 minuten bij gemiddeld toerental laten warmdraaien. 3 Motorzeis op een effen vlak leggen, zodat hij stabiel op zijn voet ligt en drie minuten wachten. Dan heeft de olie zich in de krukruimte verzameld. 4 Benzinetank, zoals weergegeven op de afbeelding, met een schone doek (1) afdekken. 5 Peilstok (2) uitdraaien. De peilstok mag bij het neerleggen in geen geval met vuil in aanraking komen. Vuil evt. onmiddel-lijk met een schone doek verwijderen. 6 Afgewerkte motorolie in een geschikte bak uitgieten. Motorzeis zo ondersteunen dat de olie vanzelf wegstroomt. Laat de zeis enkele minuten staan, zodat alle olie kan weglopen.

7 Tank en vulopening zorgvuldig schoonmaken zonder dat er vuil in de krukruimte terechtkomt. 8 Nieuwe motorolie met behulp van een geschikte vules tot aan de onderkant van de vulopening (3) vullen.  Eenmotorolieesmaakteenpreciezedoseringmogelijk zonder motorolie te morsen (zie uittreksel uit de reserveonderdelenlijst). 9 Peilstok opnieuw indraaien. Driemaandelijks onderhoudZuigkop in de brandstoftank Huidcontact met brandstoffen vermijden. Bij het onderhoud handschoenen dragen. Producten met minerale olie ontvetten de huid. Bij herhaald en langer contact droogt de huis uit. Verschillende huidziektes kunnen het gevolg zijn. Daarnaast zijn ook allergische reacties bekend. Oogcontact met brandstoffen leidt tot irritaties. Bij oogcontact het betreffende oog onmiddellijk met helder water spoelen. Vermindert de irritatie daarna niet, dan dient u onmiddellijk een arts op te zoeken.

Verharde of vervuilde viltlters moeten vervangen worden, anders bestaat het gevaar dat er te weinig brandstof getransporteerd en zo het maximaal toegestane toerental van de motor overschreden wordt. U hebt hiervoor een draadhaak nodig. Materiaal: viltlter 1 Tankdop (1) afschroeven. 2 Zuigkop (2) met een draadhaak door de tankdop trekken. 3 Viltlter controleren en evt. vervangen. 4 Zuigkop opnieuw in de tank brengen. 5 Tankdop opnieuw opschroeven. 1.

24Service na 50 tankvullingenNa telkens 50 tankvullingen moet de motorzeis in een MAKITA-servicewerkplaats grondig onderhouden en gecontroleerd worden.Onderhoudsoverzicht Om een lange levensduur van uw motorzeis en de goede werking van de veiligheidsinrichtingen te garanderen en schade te vermijden, moeten de hierna beschreven onderhoudswerkzaamheden regelmatig en zoals voorgeschreven uitgevoerd worden.

25Buiten bedrijf stellen en opbergenWordt de motorzeis langer dan zes weken niet gebruikt, neem dan de volgende aanwijzingen in acht:• Onderhoud uitvoeren (zie hoofdstuk „Onderhoud“). • Brandstoftank volledig legen en carburateur leegdraaien, omdat brandstoffen slechts beperkt bewaard kunnen worden en er zich afzettingen in de tank of de carburator kunnen vormen. • Brandstofresten in reservejerrycans voor andere motoren gebruiken of reglementair afvoeren. • Metalen snijgereedschap reinigen en lichtjes inoliën. • Voor een nieuwe inbedrijfstelling verse brandstof tanken. Werkplaatsservice, reservedelen en garantieOnderhoud en reparatiesOnderhoud en reparatie van moderne motorzeisen evenals de veiligheidsgevoelige hoofdonderdelen vereisen een gekwa-liceerde vakopleiding en een van speciaal gereedschap en testapparatuur voorziene gespecialiseerde werkplaats.

MAKITA adviseert daarom alle niet in deze gebruiksaanwijzing omschreven werkzaamheden door een MAKITA service-werk-plaats uit te laten voeren. De vakman beschikt over de nood-zakelijke opleiding, ervaring en uitrusting om u steeds met zo weinig mogelijk kosten een oplossing te bieden en helpt u met raad en daad. Een lijst met MAKITA-dealers vindt u onder: www. makita-outdoor. comReserveonderdelenBetrouwbaarheid, levensduur en veiligheid van uw machine is ook afhankelijk van de kwaliteit van de gebruikte reserveonder-delen. Alleen originele MAKITA-reserveonderdelen gebruiken, die door het teken zijn gekenmerkt. Alleen originele onderdelen stammen uit de productie van het apparaat en zijn derhalve de garantie voor de bestmogelijke kwaliteit van materiaal, maatvastheid, werking and veiligheid. Originele reserveonderdelen en accessoires zijn verkrijgbaar bij uw vakhandelaar.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Makita BCX2500 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden