Husqvarna-Viking Huskylock 936 Handleiding
Pagina's 80 Nederlands Naaimachine
Bekijk de handleiding van Husqvarna-Viking Huskylock 936 gratis online of download de PDF. Deze handleiding is 30 keer bekeken. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Husqvarna-Viking |
| Categorie: | Naaimachine |
| Model: | Huskylock 936 |
Handleiding Husqvarna-Viking Huskylock 936 – volledige tekst
VEILIGHEIDSINSTRUCTIESDeze huishoudnaaimachine voldoet aan de eisen van IEC/EN 60335-2-28.Elektrische aansluitingDeze naaimachine moet worden gebruikt met het voltage dat is aangegeven op het betreffende plaatje.Opmerkingen over de veiligheid• Deze naaimachine is niet bedoeld voor gebruik door personen (ook kinderen) met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of mentale func-ties, of met onvoldoende ervaring en kennis, tenzij ze onder toezicht staan of geïnstrueerd worden over het gebruik van de naaimachine door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.• Kinderen moeten onder toezicht staan, zodat ze niet met de naaimachine kunnen spelen.• Een naaimachine mag nooit zonder toezicht met de stekker in het stopcontact blijven staan.• Verwijder direct na gebruik en voordat u de machine schoonmaakt de stekker van de naaimachine uit het stopcontact.• Schakel de naaimachine uit (“0”) wanneer u iets wilt veranderen in de omgeving van de naald, zoals een draad door de naald halen, een andere naald plaatsen, een andere naaivoet plaatsen en dergelijke.• Gebruik de naaimachine nooit als het snoer of de stekker beschad-igd zijn.• Houd uw vingers uit de buurt van alle bewegende delen.
Wees vooral voorzichtig in de buurt van de naaimachinenaald.• Gebruik deze naaimachine alleen voor de werkzaamheden waar-voor de naaimachine bedoeld is en zoals die worden beschreven in deze handleiding. Gebruik alleen hulpstukken die door de producent zijn aanbevolen zoals in deze handleiding wordt beschreven.• Haal altijd de stekker uit het stopcontact voordat u het lampje ver-vangt. Vervang het lampje door het zelfde type (voltage en watt).Let op! Dit product moet op een veilige manier gerecycled worden volgens de geldende nationale wetgeving voor elektrische/elektronische producten. Raadpleeg bij twijfel uw leverancier voor advies.
21 Het plaatsen van de stof. 21 Beginnen met naaien en afhechten. 21~22 Sierkoord / decoratief band. 23 Rondingen. 243 - 2. Driedraads overlocksteek. 253 - 3. Tweedraads overlock. 26~273 - 4. Flatlock. 283 - 5. Steekkeuzetabel-tweedraads naaien. 293 - 6. Rolzoom. 30~313 - 7. Ingestikte sierplooien. 323 - 8. Verwisselen van het lampje. 333 - 9. Schoonmaken na gebruik. 343-10. Opbergen van de machine. 343-11. Vervangen van het onderste mes. 343-12. Smeren. 34.
BA—3—Verwisselen van het naaivoetjeSchakel de machine uit (zie pagina 4).1. Zet het naaivoetje omhoog.2. Breng de naald in de hoogste stand door het handwiel naar u toe te draaien.3. Druk op de knop (A) en het voetje laat los4. Plaats de nieuwe voet met de pin onder de uitsparing van de houder. Zet de persvoetli-chter naar beneden en klik de voet aan de houder.BevestigenVerwijderen VoorklepAfdekplaat meshouder1-3. Voordat u gaat naaienHandwielDraai het handwiel altijd naar u toe.Openen van de voorklepDuw deel (B) -zie pijl- naar rechts en trek de voorklep met een neerwaartse beweging naar u toe.Sluiten van de voorklepSluit de voorklep zorgvuldig. De voorklep moet tijdens het naaien gesloten zijn. Door een ingebouwd veiligheidsmechanisme werkt de machine niet wanneer de voorklep open is.
—4—2121ONOFFAccessoiredoosLicht de accessoiredoos iets op ➀ en schuif in de richting van de pijl ➁.De accessoiredoos bestaat uit twee delen. Het bevat het voetpedaal en andere accessoires. Om de doos weer terug te plaatsen, herhaalt u de hierboven genoemde handelingen in omge-keerde volgorde.Het aansluiten van de machineLet op: Zet de hoofdschakelaar uit. Bij de accessoires vindt u het voetpedaalsnoer en het hoofdsnoer.1. Plaats het voetpedaal op zijn smalle zi-jde. Doe de stekker in het contact van het voetpedaal. 2. Duw deze stevig aan om er zeker van te zijn dat deze goed is aangesloten. Deze han-delingen zijn alleen noodzakelijk bij de eerste keer dat u de machine in gebruik neemt.3. Plaats het snoer in de gleuf om deze goed weg te leiden, zie tekening.
Let op: Verzeker u ervan dat het voetpedaal van het type “FR-4” is alvorens u het voetpedaal aansluit.Op de achterzijde van de machine vindt u in-formatie over het voltage. Alvorens de ma chine aan te sluiten dient u zich ervan te overtuigen dat voltage en stroomvoorziening overeenstem-men. Deze specifi caties kunnen van land tot land verschillen. Sluit het voetpedaal en de machine aan ➀ ➁. Met het omzetten van de hoofdschakelaar op de machine zijn machine en lampje inge-schakeld. • Schakel de machine na gebruik altijd uit en trek de stekker uit het stopcontact. • Als de hoofdschakelaar uit staat, is ook het voetpedaal uitgeschakeld en zal de machine niet werken. • Zet niets op het voetpedaal.
—5—1-4. NaaisnelheidDe naaisnelheid van de machine kunt u regelen met de druk van uw voet op het voetpedaal. Meer druk geeft een hogere snelheid. Met de snelheidskeuzeschakelaar kunt u kiezen uit drie naaisnelheden (langzaam, gemiddeld, snel).Als u de machine aanzet, is de gemiddelde snelheid geselecteerd. Het symbool dat de snelheid aangeeft en de maximumsnelheden zijn als volgt: :0-500 Langzaam (max. snelheid 500 steken/min.) :0-1000 Gemiddeld (max. snelheid 1000 steken/min.) :0-1300 Snel (max. snelheid 1300 steken/min.)Let op: Als “Kettingsteek” , “Brede deksteek”, “Smalle deksteek” en “Driedubbele deksteek” geselecteerd zijn, dan is de maximumsnelheid beperkt tot lang-zaam en gemiddeld.1-5. TelescoopstandaardTrek de telescoopstandaard maximaal uit en draai tot deze vastklikt. De ronde geleider moet nu links zitten.Snelheids-aanduidingSnelheids-keuzetoets
—6—1-6. Verwisselen van de naaldOm de naald te verwijderenZet de hoofdschakelaar uit.1. Zet de naald in de hoogste stand door het handwiel naar u toe te draaien.2. Houd de naald vast met de naaldgeleider.3. Draai de naaldklemschroef los met de in-bussleutel en verwijder de naald. Draai de schroeven weer vast nadat u de naald heeft verwijderd.Let op: Gebruik de inbussleutel uit de acces-soiredoos voor juiste bevestiging.BELANGRIJKDraai de schroef lichtjes vast bij de ongebruikte naaldpositie zodat deze er bij het naaien niet uitvalt. Om de naald in te zetten:Zet de hoofdschakelaar uit.1. Zet de naald in de hoogste stand door het handwiel naar u toe te draaien.2. Houd de naald vast met de platte kant van u af en duw hem er zo ver mogelijk in.3. Draai de naaldklemschroef goed aan.4. Als de naald er niet helemaal ingaat, kan het nodig zijn de naaldschroef ernaast iets los te draaien.
AB—7—Knip de draad doorKnoop de draad vastNaaivoetjeOog van de naald1-7. Verwisselen van garensDe machine wordt ingeregen geleverd met overlockgaren. Om garen te verwisselen kunt u de eenvoudige methode gebruiken zoals uitgelegd op pagina 16-18 of de draadeinden aan elkaar knopen:1. Knip het garen dat in gebruik is af vlakbij de garenklos (voor de telescoopstandaard). Plaats de nieuwe garenklos op de garenpen en knoop de draadeinden aan elkaar.2. Zet het naaivoetje omhoog om de draad-spanning op te heffen, waardoor de knoop de draadspanningsschijven gemakkelijk passeert.3. Trek de grijperdraad uit tot de draadknoop zich ongeveer 10 cm achter het naaivoetje bevindt.4.
Bij het verwisselen van de naalddraad knipt u de knoop voor het oog van de naald af om verbuigen van de naald te voorkomen.GarennetjeIn sommige gevallen moet u het garennetje om de garenklos bevestigen om te voorkomen dat de draad van de klos afglijdt. Breng het netje zo aan dat de klos geheel bedekt is.KloshouderBij het gebruik van gewone garenklosjes, moet u de kloshouders gebruiken (zie afbeelding) om het klosje op zijn plaats te houden en om te voorkomen dat het garen van het klosje glijdt.Naaivo-etlichter
AB—8—NaaitongschuifjeNaaivoetjeSteekplaatPersvoetlichterVoorklep1-8. Naaitongschuifje(Overgaan van overlocksteek op rolzoom.)Zet de naald op de hoogste stand door het handwiel naar u toe te draaien. OverlockZet het naaitongschuifje naast de “N” op de steekplaat.RolzoomZet het naaitongschuifje naast de “R” op de steekplaat.1-9. NaaivoetlichterGebruik de naaivoetlichter om het naaivoetje omhoog te brengen. De naaivoetlichter stopt op stand “A”. Bij het verwisselen van de naaivoet of bij het naaien van erg dikke stoffen kan de naaivoetlichter verder omhoog gebracht worden tot stand “B” door deze verder op te heffen en in die stand vast te houden. Zorg ervoor dat de bovenste grijper in de laagste stand staat.Let op: Naai nooit als het naaivoetje omhoog staat.1-10. Uitschakelen van het bovenmesVoor deksteek of om langs de rand van de stof te naaien kan het bovenmes uitgeschakeld worden. 1.
Verwijder de afdekplaat a van het werkvlak en die van de vrije arm b door deze in de richting van de pijlen te schuiven.2. Open de voorafdekplaat.3. Druk de knop zo ver mogelijk in en draai het bovenmes volgens de pijlen op de knop tot de uiterste stand. Wees voorzichtig bij het uitschakelen want het mes is erg scherp.4. Zet de afdekplaten van de vrije arm en het werkvlak terug.Let op: Controleer of het mes helemaal naar beneden staat voordat u gaat naaien.Let op: U moet langs de rand van de stof naaien als het mes is uitgeschakeld of afgesteld staat voor deksteek.1-11. Vrije armTrek de afdekplaat van het werkvlak a in de richting van de pijl. De vrije arm is praktisch bij het naaien van broekspijpen, manchetten en andere kleine delen zoals bijv. kinderkleding.Verwijderen van de vrije arm:Houd de vrije arm b volgens de afbeelding vast.1.
2. INFORMATIEVENSTER / NAAIGIDS2-1. SelecteerknoppenDe onderstaande knoppen kunnen stap voor stap ingedrukt worden of vastgehouden worden tot de gewenste instelling is bereikt.1. : AUTO-toets.Druk op de toets voor het Automatisch Menu. De standaardinstellingen verschijnen in het venster.2. : Memory-toets.Druk op de toets om de geprogrammeerde instellingen terug te zien of nieuw gekozen instellingen in het geheugen op te slaan. 3. : Steekkeuzetoets.Roept de 16 voorgeprogrammeerde steken uit het Automatisch Menu op.4. : StofkeuzetoetsSelecteert de soort stof uit het Automatisch Menu.5. : CursortoetsToegang tot het Advies Menu om instellingen te activeren en/of te veranderen.De cursor wijst achtereenvolgens aan:Steeklengte – Differentieel transport – Snijbreedte (indien van toepassing) – Draadspanning6.-7.
: Plus (+) en Min (-)-toetsen.In het Advies Menu, instellingen verhogen (+) of verlagen (-).In het Memory Menu, cursor gaat langs de opgeslagen gegevens.8. : SnelheidskeuzetoetsDruk op de toets om de maximumsnelheid te selecteren. Verwijs naar “1-4 Naaisnelheid (pagina 5)”.9. InformatievensterAlle steekinstellingen kunnen in het venster worden afgebeeld.—9—
2-2. Functies informatievensterMenu en steeknummer:Menu en voorgeprogrammeerde steken worden aangegeven.Geheugennummer:In het Memory Menu wordt het opgeslagen geheugennummer aangegeven.Stof:De stofsoort wordt aangegeven.Steek:Omschrijving van de steek wordt aangegeven.Steeklengte:De aanbevolen steeklengte wordt aangegeven.Differentieel transport verhouding:De standaardverhouding wordt aangegeven.Naaitongstand:Aanbevolen stand wordt in venster aangegeven. Deze aanduiding komt overeen met die op de naaldp-laat.Naaldstand:De aanbevolen naaldstand wordt aangegeven. De aanduiding komt overeen met de aanduiding op de naaldklem.Snijbreedte:De aanbevolen snijbreedte wordt aangegeven. Wanneer de markering op het informatievenster verschijnt, betekent dit dat het bovenmes naar beneden moet.Draadspanning:De aanbevolen draadspanning wordt aangegeven.
2-3. TaalkeuzeU kunt kiezen uit de volgende talen:Amerikaans Engels, Brits Engels, Frans, Italiaans, Duits, Zweeds, Noors, Deens, Fins, Nederlands, Spaans, Tsjechisch, Pools en Russisch.Kies de taal als volgt:1. Zet de machine aan en druk tegelijk op de auto-toets en de cursortoets. De ingestelde taal wordt aangegeven.2. Druk op de plustoets of de mintoets tot de gewenste taal wordt aangegeven.3. Druk op de memorytoets .4. De gekozen taal is nu opgeslagen en blijft in het geheugen, zelfs als u de machine uitzet.2-4. Auto-MenuDe aanbevolen instellingen die worden aangegeven in het menu geven een perfect naairesultaat.Let op: Stoffen en garens kunnen variëren.
Test daarom eerst de instelling op een proefl apje.(1) SteekkeuzeZet de machine aan, vervolgens “Auto A1”, de soort stof “Gewev nor” (voor normaal geweven) en de steekkeuze “4-draads overlock” verschijnt in het venster.Verander de steek door de steekkeuzetoets in te drukken .Steeds als u de toets indrukt worden de aanbevolen instellingen aangegeven.Vergelijk dit met “2-7. Stekentabel (pagina 15)” en ga door met het indrukken van de steekkeuze-toets tot de gewenste steek wordt aangegeven.Als het venster “–” aangeeft voor draadspanning, dan betekent dit: “Hier geen garen gebruiken”.Let op: Als het nodig is het soort accessoire te veranderen, dan wordt dat in een boodschap aangegeven. Om deze boodschap te annuleren moet u de auto-toets indrukken. Zie voor soort accessoire “4. Naaien (pagina 25)”.—11—
(2) StofkeuzeKies de stof met de stofkeuzetoets . De aanbevolen instelling verschijnt dan in het Informatievenster. De boodschap “Niet aanbevolen” verschijnt als de instelling niet wordt aanbevolen.Zie 2-8. Stoffentabel (pagina 15).Stel uw Huskylock™ in volgens het advies op het Informatievenster.De machine is nu klaar voor gebruik.Let op: Stoffen en garens kunnen variëren. Maak altijd eerst een proefl apje voordat u aan uw kled-ingstukken begint.Let op: De steeklengte en differentieel verhouding worden automatisch aangepast in overeen-stemming met de aangegeven nummers.2-5. Advies MenuHet Advies Menu stelt u in staat de automatische instelling te veranderen. Uw eigen instelling kan worden opgeslagen in het Memory Menu. Zie hieronder.Instellen in het Advies Menu:1. Open het Advies Menu door op de cursortoets te drukken. 2. Het te wijzigen nummer begint te knipperen.3.
Ga met de cursortoets naar het nummer dat gewijzigd moet worden. 4. Het geselecteerde nummer kan worden gewijzigd door op de plus- of mintoets te druk-ken.5. Blijf op deze toetsen drukken totdat het gewenste nummer verschijnt.6. Om deze instelling te bewaren kunt u deze opslaan in het Memory Menu.Let op: De steeklengte en differentieel verhouding worden automatisch aangepast in overeen-stemming met de aangegeven nummers. De andere instellingen kunnen worden aangepast met een knop of toets.—12—Voorbeeld: Als u de steekkeuzetoets drie maal indrukt, wordt het volgende aangegeven:
Voorbeeld: Druk twee maal op de plustoets en het lege geheugennummer 3 zal worden aangegeven.2-6. Memory MenuNa het programmeren van nieuwe instellingen in het Advies Menu, kunnen deze in het Memory Menu worden opgeslagen en weer worden opgeroepen.(1) Opslaan van nieuwe instellingen in het geheugenNa de instellingen in het Advies Menu te hebben gewijzigd, drukt u op de toets waarna het memory nummer gaat knipperen.
Als dit nummer al in gebruik is, verschijnt en knippert de boodsc-hap “Overschrijven OK?”Als u wilt overschrijven, druk dan weer op de memory toets .Als u niet wilt overschrijven, druk dan op de plus- of de mintoets totdat u een leeg geheu-gen bereikt.Als het geheugen leeg is, verschijnt en knippert de boodschap “Memory leeg”.Druk op de memory toets om op te slaan.Als u niet wilt overschrijven of opslaan, drukt u toets in om het Memory Menu te verlaten.Voorbeeld: Geheugennummer 01 is vol.—13—Let op: Er zijn 50 geheugens beschikbaar. Op de laatste pagina van deze handleiding is ruimte voor uw aantekeningen over wat u heeft opgeslagen.
(2) Oproepen uit het geheugenAls u de machine aanzet verschijnen de aanbevolen instellingen in het venster.Druk op de toets. Nu verschijnt “ Memory” met de laatste door u geprogrammeerde instel-lingen voordat de machine werd uitgezet.Kies het door u gewenste geheugen door op de plus(+)- of mintoets(-) te drukken.(3) Verwijderen uit het geheugenDruk op de toets.
Nu verschijnt “ Memory” met de laatste door u geprogrammeerde instel-lingen voordat de machine werd uitgezet.Kies het geheugen dat u wilt verwijderen door op de plus(+)- of mintoets (-) te drukken.Druk dan tegelijkertijd op de steekkeuzetoets en de stofkeuzetoets .Nu verschijnt de boodschap “Geheugen gewist” in het venster en begint te knipperen.Let op: Als u afziet van verwijderen, laat dan de beide toetsen los.Druk tegelijkertijd op de toets, de steekkeuzetoets en de stofkeuzetoets om de opdracht tot wissen uit te voeren.Nu verschijnt in het venster “Leeg geheugen” en de opdracht is uitgevoerd.Druk op de toets om terug te keren naar de standaardinstelling. —14—
StekentabelDe volgende 16 steken zijn geprogrammeerd in de Husqvarna Viking® Huskylock 936Steek 4draads overlock3draads brede overlock3draads smalle overlock3draads fl atlock3draads rolzoom3draads smalle rolzoom2draads brede overlock2draads smalle overlock2draads fl atlock2draads rolzoom2draads smalle rolzoomKettingsteekBrede deksteekSmalle deksteekDriedubbele deksteek5draads overlockTekst in venster4draads overlock3draads brede o/l3draads smalle o/l3draads fl atlock3draads rolzoom3draads smalle zoom2draads brede o/l2draads smalle o/l2draads fl atlock2draads rolzoom2draads smalle zoomKettingsteekBrede deksteekSmalle deksteekDriedubbele deksteek5draads overlockStofGeweven normaalGeweven dikGeweven dunRekbaar normaalRekbaar dikRekbaar dunTekst in vensterGewev norGewev dikGewev dunElast norElast dikElast dunBoodschapNaaivoet laten zakkenSluit voorklepOverbelastingGebruik ander geheugenVraag om onderhoudBetekenissenDe naaivoet moet tijdens het naaien naar beneden zijn.De voorklep moet tijdens het naaien dicht zijn.Verwijder de stof, begin dan opnieuw met naaien.Selecteer een ander geheugen.Geen toegang tot geheugens.2-8.
StoffentabelCode afkortingen stoffen in het informatievenster.2-9. FoutmeldingenAls een van de volgende boodschappen verschijnt, moet u de storing verhelpen.
—16—123456789DABCDNDN10 cm93. INRIJGEN VAN HET GAREN(voor 4draads overlocksteek)Rijg de machine in volgens onderstaande vol-gorde:Onderste grijperdraad ( A )Bovenste grijperdraad ( B )Naalddraden ( C,D )3-1. Inrijgen bovenste grijperdraad ( A )1. Zet de bovenste grijper in de hoogste stand door het handwiel naar u toe te draaien.2. Zet het naaivoetje omhoog.3. Open de voorklep.4. Trek de draad van de klos door de geleider ➀ op de telescoopsteel en vervolgens door geleiders ➁ naar ➈.Wanneer u decoratief garen gebruikt, dan schuift u de draadgeleider voor siergaren/koord (B) naar rechts(D), en rijgt u het garen in.5. Rijg de draad door het oog ➈ van de boven-ste grijper.6. Trek de draad door tot een lengte van on-geveer 10 cm.Let op:Voor al uw lockwerk m.u.v.
—17—aDNDNDABC12345678910(A)10 cm3-2. Inrijgen van de onderste grijperdraad ( B )1. Zet het naaivoetje omhoog.2. Open de voorklep.3. Trek de draad van de klos door de geleider ➀ van de draadstandaard en vervolgens door geleider ➁.Let op: Controleer of de draad in de gleuf van geleider ➁ en tussen de draadspan-ningsschijven ➂ valt.4. Draai het handwiel naar u toe en zet de onderste grijper helemaal naar rechts.5. Rijg de draad vervolgens door de geleiders ④ tot ➇.Let op: De beste manier om een smalle rol-zoom te naaien is met de draad door draadgeleider a.6. Duw hendel (A) in de richting van de pijl tot de draadogen ➈ en ➉ precies achter elkaar liggen. Rijg de draad door de ogen ➈ en ➉ van de onderste grijper.7. Trek de draad door tot een lengte van on-geveer 10 cm.8.
7. Trek de draad met het pincet door het oog van de naald ➆ tot een lengte van ongeveer 10 cm.3-3. Inrijgen van de naalddraden ( C ) ( D )1. Zet het naaivoetje omhoog.2. Zet de naald in de hoogste stand door het handwiel naar u toe te draaien.3. Trek de draad van de klos door de geleider ➀. Let op: Controleer of de draad in de gleuf van geleider ➁ en tussen de draadspan-nings-schijven ➂ valt.4. Trek de draad door geleiders ④, ➄, ➅ voor de rechternaald en door geleiders ➄ en ➅ voor de linkernaald.Let op: Controleer of de draad voor de rech-ternaald (D) langs de rechterkant van geleider ➄ loopt en de draad voor de linkernaald (C) langs de linkerkant.5. Schuif de draad in de gleuf van de naald-geleider.6. Houd de naaldgeleider tegen de naald met het teken bovenop en aan de onderkant. Schuif hem langs de naald naar het oog van de naald.
—19—N153-4. Voorbereidingen en controleVerzeker u ervan dat er geen draad van de geleiders is afgegleden of dat er draden gebroken zijn. Controleer ook of het bovenmes zich op de juiste manier tegen het ondermes beweegt door het handwiel langzaam naar u toe te draaien. Ga na of er zich geen stukjes stof of draad tus-sen de messen bevinden. Draai het handwiel naar u toe en overtuig u ervan dat de draden de steek op de naaitong van de steekplaat vormen. Als dit niet het geval is, moet u de bedrading controleren. Nadat de machine op de juiste wijze is ingeregen, sluit u de voorklep en zet u het naaivoetje omlaag.3-5. NaaivoetdrukU kunt de naaivoetdruk regelen met behulp van de naaivoetdrukregelaar aan de linkerzijde van de machine. Stand “N” is voor normale stoffen.Een lager nummer is voor dunne stoffen. Een hoger nummer is voor dikke stoffen.3-6.
DraadspanningstabelLinker-naaldRechter-naaldBovenstegrijperOnderstegrijperSteek/snijbreedteOverlockSmalle zoomRolzoomDe draadspanning volgens bovenstaande tabel is slechts een aanbeveling.Zie de aanbeveling in het Informatievenster.Omdat de cijfers in de tabel gemiddelden zijn, kan het nodig zijn de spanning enigszins bij te stel-len overeenkomstig de soort stof en garen.Let op: De structuur van stoffen en garens kan variëren in gewicht en soort. Zoek daarom de beste instelling voor uw machine.De verhouding van het differentieel transport is gewoonlijk “1.0”.Steek-lengte
23 41—20—Goede kantGoede kant3-7. Instellen draadspanningStart vanuit de normale positie. Verander de spanning met één knop tegelijk, controleer deze, totdat u het gewenste resultaat heeft bereikt. Draai de knop naar een hoger nummer om de spanning te verhogen. Draai de knop naar een lager nummer om de spanning te verlagen.➀ Linker naalddraad➁ Rechter naalddraad➂ Bovenste grijperdraad④ Onderste grijperdraadVierdraadssteekDe juiste spanningDe bovenste en onderste grijperdraden moeten goed op elkaar zijn afgesteld met de juiste draadspanning (de beide grijperdraden moeten bij de rand van de stof bij elkaar komen).
—22—a3-8. Instellen steekbreedte / snijbreedteDe afstand tussen de naald en de uiterste rand van de stof noemen we de steekbreedte / snij-breedte. • De snijbreedte kan ingesteld worden tussen 5 en 7 mm, afhankelijk van het soort stof. • De standaard steekbreedte / snijbreedte is 5,5 mm, wat overeenkomt met “N” op de knop. • Draai aan knop a om de snijbreedte in te stel-len.Let op: Er staat een indexteken op de ma chine.SnijbreedteSteekbreedteNaaitongNaaitongschuifjeSteekplaatWanneer u ziet dat de draden zich buiten de rand van de stof verknopen, schuif de steek-tong dan iets naar u toe voor een fi jnafstelling van de steekbreedte.Om af te stellen, schuift u de steektong naar u toe van de “N” stand naar het teken —. Er zijn twee fi jnafstellingen. Test eerst uw steek voordat u met naaien be-gint.
Model 936 heeft automatische steeklengte en differentieel transport. U kunt de automatische in-stellingen als volgt overschrijven:3-9. SteeklengteDe standaard steeklengte is 2,5 mm, wat overeenkomt met “N” op de Steeklengteknop. Door mid-del van de Informatiefunctie kan de steeklengte gewijzigd worden van 0,8 mm (voor rolzoom) tot 5 mm. Wijzig de steeklengte als volgt:1. Druk op de cursortoets totdat het in te stellen nummer voor de steeklengte knippert. 2. Druk op de plus- of mintoets om de gewenste lengte te selecteren. 3. Begin met naaien. De steeklengte wordt automatisch aangepast. 4. Als u deze instelling wilt opslaan, kunt u de geheugenfunctie gebruiken. Zie “2-5. Advies Menu (pagina 12)”. 3-10. Differentieel transportHet differentieel transport zorgt voor een perfect resultaat bij het afwerken van alle soorten stoffen, van licht geweven tot dik gebreid.
Deze Huskylock heeft twee transporteurs. De voorste transporteurs (voor differentieel transport) kunnen zo worden ingesteld dat ze in verhouding tot de achterste transporteurs meer of minder transporteren. De verhouding kan worden ingesteld tussen 0,5 en 2,5. Voor dunne stoffen moet u dichter bij 0,5 instellen. De voorste transporteurs bewegen langzamer om de stof strak te houden. Voor zwaardere stoffen stelt u dichter bij 2,5 in. De voorste transporteurs bewegen sneller om kreu-ken en uitrekken van de stof te voorkomen. Het differentieel transport zorgt ook voor het rimpelen van geweven stoffen. Voor een maximale rimpeling moet u instellen op 2,5 en moet u de steeklengte vergroten. Wijzig het differentieel transport als volgt:1. Druk op de cursortoets totdat het in te stellen nummer voor het differentieel transport knip-pert. 2.
Druk op de plus- of mintoets om het gewenste nummer te selecteren. 3. Begin met naaien. Het differentieel transport wordt automatisch aan het nummer aangepast. 4. Als u deze instelling wilt opslaan, kunt u de geheugenfunctie gebruiken. Zie “2-5. Advies Menu (pagina 12)”.
Let op: Naai eerst een aantal steken op een proefl apje van de stof die u gaat gebruiken. Zie tabel hieronder. Let op: Het differentieel transport en de steeklengte staan met elkaar in verband. Hun minimum en maximum waarden kunnen worden beperkt door hun combinaties en door de geselect-eerde steekpatronen. —23—.
—25—naaivoetlichter4. NAAIEN4-1. Vierdraads overlocksteek met 2 naaldenVoordat u gaat naaienNa het inrijgen trekt u de vier draden onder het naaivoetje door naar achteren. Draai het hand-wiel 2 tot 3 slagen naar u toe zodat de steken op de naaitong gevormd worden.Waarschuwing: Houdt uw vingers weg van alle bewegende del-en. Wees vooral voorzichtig bij het naaigedeelte en de onderste grijper. Raak het lampje niet aan als u met de machine werkt, u kunt uw vingers verbranden.Het plaatsen van de stofAls u klaar bent met de naaivoorbereidingen, plaatst u de stof onder het voorste gedeelte van het naaivoetje. De naaivoetlichter hoeft niet omhoog gezet te worden. Bij het naaien van erg dikke stoffen is de extra ruimte van de naaivoetlichter misschien nodig. Plaats de stof onder de voet met de onafgewerkte kant voor het mes.
Breng het naaivoetje omlaag.Beginnen met naaienNaai langzaam de eerste steken door het hand-wiel naar u toe te draaien. De stof transporteert automatisch. Leid de stof onder het naaivoetje en stuur zonodig bij.
—26—AfhechtenAls u aan het einde van de stof bent gekomen, hecht u af met een stekenketting van enkele centimeters.Let op: Trek niet aan de draden, want dan zou de naald kunnen buigen of breken. • Snijd de draadketting af m.b.v. de draadafsni-jder aan de linkerkant van de machine. Terk de draadketting stevig door de afsnijder.Let op: Leg de draadketting in de draad-afsni-jder, haal vervolgens naar u toe.
—27—2.1.Sierkoord / Decoratief bandSierkoord / decoratief band kan gebruikt wor-den om de naden bij het naaien van rekbare stoffen te verstevigen en voor decoratieve doeleinden. Hieronder vindt u twee manieren om het sierkoord te gebruiken: • Rijg het sierkoord door het oog uiterst links aan de telescoopstandaard en door de geleider aan de linkerkant van de machine.1. Plaats het smalle koord (ongeveer 3 mm) in het voorste gat van het naaivoetje en weer terug onder de voet, naai dan met de rech-ternaald over het koord.2. Rijg een smal koord door het gaatje aan de rechterkant van het naaivoetje bij de naalden, zoals op de illustratie. Het koord moet langs de rand van de stof meelopen. Naai vervol-gens over het koord.
—28—RondingenVoor rondingen die naar binnen draaien stuurt u de stof enigszins en plaatst deze onder de rechter voorkant van het naaivoetje. Terwijl u lichte druk op de stof uitoefent met uw linker-hand, duwt u met uw rechterhand lichtjes in tegenovergestelde richting om de stof tegen het snijmes te houden, zoals de afbeelding laat zien.Voor rondingen die naar buiten draaien, oefent u druk uit op de stof in tegenovergestelde richt-ing als hierboven beschreven.
2121—29—4-2. Driedraads overlocksteekOm een driedraads overlocksteek te naaien verwijdert u eenvoudigweg een naald.1. Verwijder de rechternaald voor een brede driedraads overlockGebruik knop ➀ voor de spanning van de linkernaald. Steekbreedte / snijbreedte is stan-daard 5,5 mm. De differentieel transport ver-houding is standaard “1,0”.2. Verwijder de linkernaald voor een smalle driedraads overlockDe rechternaald naait een smallere zoom. Gebruik knop ➁ voor de spanning van de rechter naalddraad. Steekbreedte / snijbreedte is standaard 3,5 mm. De differentieel transport verhouding is standaard “1,0”.rechternaaldlinkernaald
—31—212-draads “klik-klaar” grijperhendeltje 4-3. 2-draads overlock 1. Open de voorklep.2. Gebruik 1 naald (linker of rechternaald) en onderste grijperdraad.3. Draai het handwiel naar u toe om de boven-ste grijper naar de rechterkant van de naald te kunnen bewegen.4. Druk het 2-draads “klik-klaar” grijperhendel-tje voorzichtig met uw vinger naar beneden.Waarschuwing:Wanneer u het grijperhendeltje te hard naar beneden drukt, kan het hendeltje buigen.5. Plaats het haakje ➀ van het 2-draads “klik-klaar” grijperhendeltje in het oogje ➁ van de bovenste grijper.6. Sluit de voorklep.Voor 3-draads/4-draads overlocken; plaats het 2-draads “klik-klaar” grijperhendeltje in de bovenste stand, door het haakje ➀ uit het oogje ➁ van de bovenste grijper te halen, zie afbeeld-ing.
12345673N512301212345673N5123012—32—Stel de spanning in volgens bovenstaande tabel. Omdat de cijfers in de tabel gemiddelden weer-geven, kan het nodig zijn de spanning bij te stellen al naar gelang de soort stof, stofdikte en garen.Let op: Stof en garen kunnen variëren. Maak een proefl apje voordat u met het kledingstuk begint. De differentieel transport verhouding is gewoonlijk “1,0” (zie pagina 24).4-4. Steekkeuzetabel tweedraads naaienBijstellen van de draadspanning / juiste draadspanningVerkeerd afgestelde bovenste grijperdraden verknopen zich aan de verkeerde kant van de stofVerhoog de draadspanning van de onderste gri-jperdraad (knop ④) of verminder de span ning van de rechter naalddraad (knop ➁).Goded kantGoded kantOnderste grijperdraadNaalddraadVerkeerd afgestelde naalddraadspanning.
—33—4-5. RolzoomDriedraads rolzoom2mm234De twee bovengenoemde steken zijn geschikt voor dunne stoffen.driedraads smalle zoomDe stof wordt gerold door de draad-span- ning bij te stellen en wordt afgelockt met de bovenste grijperdraad. driedraads rolzoomDe stof wordt afgelockt met de bovenste en onderste grijper. 2mm2343. Naai langs de rand van de stof en snij de gewenste hoeveelheid stof af voor een prachtige afwerking van bijv. tafellinnen of boorden.Let op: De beste manier om een smalle rol-zoom te naaien is met de draad door draadgeleider a. (Zie pag. 17).1. Verwijder de linkernaald (naai alleen met de rechternaald).2. Trek het naaitongschuifje naar u toe tot stand “R” op de steekplaat.
—34—Tabel voor driedraads rolzoom en smalle zoomRolzoomSmalle zoomDraadspanningDraadspanning bijstellen al naar gelang de soort stof en het garen.Tweedraads rolzoom1. Schakel om naar 2draads overlock, zie pagina 31.2. Gebruik alleen de rechternaald en trek het naaitongschuifje naar u toe tot stand “R” op de steekplaat.DraadspanningTabel voor tweedraads rolzoom en smalle zoomRechter naalddraad (2)Bovenste grijperdraad (3)Onderste grijperdraad (4)SnijbreedteSteeklengteDifferentieelRechter naalddraad (2)Bovenste grijperdraad (3)Onderste grijperdraad (4)SnijbreedteSteeklengteDifferentieelRolzoomSmalle zoom
2.5~3mm—35—A.B.C.Goede kant van de stofStelschroefStofgeleider4-6. FlatlockEr zijn twee manieren om een fl atlock te naaien; met de verkeerde kanten van de stof op elkaar voor een decoratief resultaat en met de goede kanten op elkaar voor een ladderstiksel zoals bij lingerie.1. Vouw de stof met de verkeerde kanten op elkaar. Zet het naaivoetje omhoog, plaats de stof onder de naald en zet de naaivoet weer omlaag. Zet de steekbreedteknop op (5-7). Terwijl u naait laat u de draadlus over de rand van de stof vallen (C).4. Leg de stof open (plat) zoals afgebeeld. Deze methode is niet aan te raden voor dunne stoffen.
Om de stofgeleider op de juiste stand af te stellen, kunt u met dezelfde stof eerst een proefl apje maken.Let op: Bij gebruik van siergarens in de grijper vermindert u de spanning en slaat u de door u gekozen instellingen op in het Memory Menu voor toekomstig gebruik.Flatlock met de universeelvoet2. Verstel met de stelschroef de voet zo dat de naald zich 2,5-3,0 mm binnen de omgevou-wen rand van de stof beweegt, zodat een deel van het stiksel over de rand lust. 3. Naai met een gelijkmatige snelheid terwijl u de stof met de hand stuurt.Let op: Met deze naaivoet naait u gemakkelijk-er langs de omgevouwen zoom zonder daarbij in de stof te snijden.
—36—De zijkant van de steekplaatPlooivouw4-7. Ingestikte sierplooiIngestikte sierplooien worden gestikt langs een dubbelgevouwen rand. Om afsnijden van de stof te voorkomen gebruikt u de universeelvoet. Ingestikte sierplooien zijn geschikt voor kinderk-leding en damesblouses.1. Gebruik de linkernaald voor brede plooien, de rechternaald voor smalle.2. Breng de universeelvoet aan en stel de geleider in. (pagina 35)3. Zet het naaivoetje omhoog.4. De spanning is ingesteld op de normale overlock “N”.Markeer en pers de plooien voor het naaien. De differentieel transport verhouding is gewoonlijk “1,0”.5. Plaats de stof onder het naaivoetje met de rand gelijk aan de zijkant van de steekplaat of de geleider van de universeelvoet. Zet de naaivoet omlaag en begin met naaien. Maak een ketting van steken aan het eind van het naaiwerk.6. De ingestikte plooi wordt na het naaien naar een kant gestreken.
4-8. Vijfdraads overlocksteek en dubbele kettingsteekGrijperdraad dubbele kettingsteek (E)1. Zet de naaivoet omhoog.2. Open de voorklep.3. Trek de draad van de spoel door geleider ➀ van de draadstandaard en vervolgens door geleider ➁.Let op: Controleer of de draad in de gleuf van de geleider ➁ valt en rijg vervolgens door ➂ tot ➅.4. Draai het handwiel naar u toe en plaats de grijper voor de dubbele kettingsteek uiterst rechts.5. Wanneer u de knop van de grijper in de richt-ing van de pijl draait zoals geïllustreerd, dan beweegt de grijper van de dubbele ketting-steek naar rechts en kunt u gemakkelijker de draad in het oog aan het einde van de grijper steken.6. Rijg vervolgens door geleiders ➆ tot ➉.Let op: Controleer of de draad in de gleuf van de geleider ➇ valt.7. Trek de draad door tot een lengte van on-geveer 10 cm.8.
Wanneer u na het inrijgen begint te naaien, gaat de knop automatisch naar de uitgang-spositie terug.—37—12567891043CD A BE78910Let op: Wanneer u decoratief garen gebruikt bij een 5-draads overlocksteek en een dubbele kettingsteek; schuif draad-geleider E van achteren naar voren in de machine (zie afbeelding) en rijg er decoratief garen door.Wanneer u de lockmachine draagt, haal dan draadgeleider E van de machine.Draadgeleider E
OFF—40—3214-9. DeksteekInstelling voor deksteek en kettingsteekVervang de volgende onderdelen wanneer u deksteken of dubbele kettingsteken naait:1. Afdekplaat meshouder ( C )2. Steekplaat ( C )3. Naald (SCHMETZ #90)4. Naaivoet ( C )Vervang de onderdelen in de volgende vol-gorde:Snijd alle draden af en verwijder ze voordat u begint met het vervangen van de onderdelen:1. Om de bovenste grijper te plaatsen:1) Druk eenmaal op de voetregelaar om de naald in de lage stoppositie te stoppen.2) Open de voorklep om het selecteer-schuifje vrij te maken.3) Om de veiligheid te garanderen moet u de machine uitzetten.4) Schuif het selecteerschuifje van “S” naar “C” terwijl u het tegelijkertijd naar beneden duwt.5) Draai het handwiel naar u toe om de naald in de bovenste stoppositie te zetten.2.
—41—45,67810119schroefknop instellingsnijbreedte4. Verwijder de naald uit de naaldklem.7. Zet de snijbreedteknop op 7.Let op: Wanneer de knop niet op stand “7” staat, zal het mes niet de mogelijkheid bieden om de deksteeknaaldplaat (C) te bevestigen.8. Bevestig de naaldplaat (C). (Gebruik voor de naaldplaat (C) de schroef die u hierboven bij stap 6 heeft verwijderd.)9. Zet een SCHMETZ (#90) naald in de naald-klem in de positie die het Informatievenster adviseert.10. Bevestig het naaivoetje (C).11. Schuif de afdekplaat van de meshouder (C) erop.Let op: Om van dek-/kettingsteek terug te gaan naar standaard overlocksteek moet u bovenstaande stappen in omgekeerde volgorde uitvoeren.12. Sluit de voorklep.13. Bevestig de afdekplaten van de vrije arm en het werkvlak.5. Zet het naaitongschuifje op “R”. (Zie pagina 8)6. Verwijder de standaard naaldplaat (S). (Verwijder één schroef.)
—42—54312OFFOm van het naaien van deksteken of dubbele kettingsteken terug te keren naar het standaard naaien, moet u de volgorde van de instelling voor deksteken omdraaien.Verwijder echter altijd de naaldplaat (C) voordat u de schuif van “C” naar “S” verplaatst.De volgorde wordt hieronder gegeven:Schakel de machine uit om de veiligheid te garanderen.Snijd ook de draad af en verwijder deze voordat u onderstaande onderdelen gaat verwisselen.1. Open het voorpaneel.2. Verwijder de afdekplaat van de meshouder (C) (zoals uitgelegd op pagina 40).3. Draai het handwiel naar u toe om de naald in de hoogste positie te zetten.4. Klik de naaivoet (C) eraf.5. Verwijder de naald uit de naaldklem.6. Verwijder de afdekplaten van het werkblad en de vrije arm.Uit
—43—781113147. Verwijder de naaldplaat (C).8. Bevestig de standaard naaldplaat (S).9. Zet het mes omhoog.10. Vervang de naalden al naar gelang de gew-enste steek.11. Bevestig de standaard naaivoet (S).12. Draai aan het handwiel om de naald in de laagste positie te brengen.13. Verplaats het ketting- / deksteekselecteer-schuifje van “C” naar “S”. (Draai aan het handwiel om u ervan te verzekeren dat de bovenste grijper beweegt.)14. Bevestig de standaard afdekplaat (S) op de voorklep.15. Sluit de voorklep.16. Breng de afdekplaten van het werkvlak en de vrije arm aan.
Deksteek grijperdraad (B)1. Zet de naaivoet omhoog.2. Open de voorklep.3. Trek de draad van de spoel door de geleider ➀ van de draadstandaard en dan door geleider ➁.Let op: Controleer of de draad in de gleuf van de geleider ➁ valt, rijg de draad vervol-gens door ➂ tot ➅.4. Draai het handwiel naar u toe en plaats de dubbele kettingsteekgrijper uiterst rechts.5. Wanneer u de knop van de grijper in de richt-ing van de pijl draait zoals geïllustreerd, dan beweegt de grijper van de dubbele ketting-steek naar rechts en kunt u gemakkelijker de draad in het oog aan het einde van de grijper steken.6. Rijg de draad vervolgens door geleiders ➆ tot ➈.7. Trek de draad door tot een lengte van on-geveer 10 cm.8. Wanneer u na het inrijgen begint te naaien, gaat de knop automatisch naar de uitgang-spositie terug.—44—CD A BE125678943789
—49—21, 345. ONDERHOUD5-1. Vervangen van de lampWaarschuwing: Laat het lampje eerst afkoelen voordat u het verwisselt. U zou uw vingers kunnen branden.Let op: Gebruik een lampje van maximaal 12V, 5W.Trek de stekker uit het stopcontact.1. Leg de machine met de achterkant naar beneden.2. Plaats de rubberen lampvervanger (uit de ac-cessoiredoos) met de diepe open kant rond het lampje.4. Plaats, bij het plaatsen van een nieuwe lamp, het inzetrubber met het ondiepe gat rond de nieuwe lamp en druk de lamp goed aan.5. Controleer met uw vingertoppen of de nieuwe lamp goed is bevestigd.3. Trek de lamp eruit zonder de lamp te draaien.
1~2mm—50—Onderste mesLaagste standBovenste mesStelschroef5-2. Schoonmaken na gebruikHaal allereerst de stekker uit het stopcon-tact.1. Open de afdekplaten van de voorkant en de vrije arm. (Zie pagina 8).2. Verwijder alle stof en pluisjes met het bor-steltje uit de accessoiredoos.5-3. Opbergen van de machine1. Haal de stekker uit het stopcontact als de machine niet in gebruik is. 2. Dek de machine af met de beschermhoes als u klaar bent met naaien.3. Berg de machine zo op dat hij niet direct aan zonlicht of vocht wordt blootgesteld.5-4. Vervangen van het onderste mesMessen zijn als onderdeel verkrijgbaar bij uw erkende Husqvarna dealer.Haal de stekker uit het stopcontact.1. Open de voorklep (Zie pagina 8).2. Ontkoppel het bovenste mes en zet het in de laagste stand.3. Draai de schroef van het onderste mes los en verwijder het mes.4. Plaats het nieuwe mes. 5.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Husqvarna-Viking Huskylock 936 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden