Honda HF2317HME Handleiding

Honda Grasmaaier HF2317HME

Bekijk gratis de handleiding van Honda HF2317HME (252 pagina’s), behorend tot de categorie Grasmaaier. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 37 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Honda HF2317HME of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/252
HOW TO READ THE MANUAL
Some paragraphs in the manual contain important information regarding
safety and operation and are emphasized in this manner:
NOTE
or
IMPORTANT
It gives details or further infor-
mation on what has already been said, and aim to prevent damage to the
machine.
WARNING!
Non-observance will result in the risk of injury to
oneself or others.
DANGER!
Non-observance will result in the risk of serious
injury or death to oneself or others.
The manual describes several machine models that can mainly dier in:
type of transmission: with hydrostatic continuous speed adjustment.
particular ttings and/or attachments.
The symbol
highlights all the dierences in usage and is followed by the
indication of the version to which it refers.
The symbol “
refers to another part of the manual where further informa-
tion or clarication can be found.
NOTE
Whenever reference is made to a position on the ma-
chine “front”, “back”, “left” or “right” side, this refers to the positions of the
seated operator.
INTRODUCTION
Dear Customer,
thank you for having chosen one of our products. We hope you will be com-
pletely satised with your new ride-on lawnmower and that it will fully meet
all your expectations.
This manual has been compiled in order that you may get to know your ma-
chine and to be able to use it safely and eciently. Don’t forget that it forms
an integral part of the machine, so keep it handy so that it can be consulted
at any time, and pass it on to the purchaser if you resell the machine.
This new machine of yours has been designed and made in line with current
regulations, and is safe and reliable if used for cutting and collecting grass
exactly following the instructions given in this manual (proper usage). Using
the machine in any other way or ignoring the instructions for safe usage,
maintenance and repair is consideredincorrect usage” (
5.1) which will
invalidate the guarantee, and the manufacturer will decline all responsibility,
placing the blame with the user for damage or injury to himself or others
insuch cases.
Since the product is continually being improved, you may nd slight dier-
ences between your machine and the descriptions contained in this manual.
Certain modications can be made to the machine without prior warning and
without the obligation to update the manual, although the essential safety and
function characteristics will remain unaltered. In case of any doubts, do not
hesitate to contact your Dealer. And now enjoy your work!
After-sales Service
This manual provides all the necessary information to run the machine and
for correct basic maintenance operations which can be performed by the
user. Contact your Dealer for operations not described in this manual.
INDEX
1. SAFETY REGULATIONS ....................................................2
Regulations for using the machine safely
2. IDENTIFICATION OF THE MACHINE
AND COMPONENTS ...........................................................5
Explanations on how to identify the machine and its main com-
ponents
3. UNPACKING AND ASSEMBLY ...........................................6
Explanations on how to remove the packing and on how to as-
semble separated parts
4. CONTROLS AND INSTRUMENTS ................................... 8
Position and functions of all the controls
5. OPERATING INSTRUCTIONS ..........................................12
Provides indications for working eciently and safely
5.1Safety recommendations .........................................12
5.2Why the safety devices cut in ................................... 12
5.3Preliminary operations before starting work ............. 13
5.4Using the machine ................................................... 14
5.5Using on slopes ....................................................... 17
5.6Transport position .................................................... 18
5.7 Advice on how to obtain a good cut ........................... 18
5.8 Summary of main steps to follow when
using the machine .........................................................19
6. MAINTENANCE ..............................................................19
All the information for maintaining the machine in peak ef-
ciency
6.1Safety recommendations ......................................... 19
6.2Routine maintenance .............................................. 20
6.3 Checks and adjustments ............................................ 21
6.4Dismantling and renewing parts ............................... 24
7. TROUBLESHOOTING ..................................................... 27
A help in quickly resolving any problems
8. ATTACHMENTS ON REQUEST ........................................29
A description of the attachments available for particular types
of work
9. TECHNICAL SPECIFICATIONS .........................................30
A summary of the main specications of your machine
10. ALPHABETICAL INDEX ................................................. 31
Where information can be found
MAJOR HONDA DISTRIBUTOR ADDRESSES ............... i
“EC Declaration of Conformity”
CONTENT OUTLINE ....................................................... ii
1EN
ORIGINAL INSTRUCTIONS
INSTRUCTION MANUAL
HF2317 • HF2417 • HF2625
Ride-on lawnmower
Honda France Manufacturing S.A.S.
Pôle 45 - Rue des Châtaigniers - 45140 ORMES - FRANCE
All rights reserved
Write your machine’s model here
H F 2 _ _ _ _ _ _
Note your machine serial number here
M A _ _ _ _ _ _ _ _ _
12-2019 Printed in Italy
ENGLISH
CG71505502H16 • HF2317 - HF2417K5 - HF2625

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Honda
Categorie: Grasmaaier
Model: HF2317HME

Handleiding Honda HF2317HME – volledige tekst

HOE DE HANDLEIDING LEZENIn de tekst van de handleiding worden enkele paragrafen, die gegevens van bijzonder belang bevatten met betrekking tot de veiligheid of de werking, gekenmerkt door diverse symbolen die de volgende betekenis hebben:OPMERKING of BELANGRIJK verstrekt nadere gegevens of andere elementen ter aanvulling op hetgeen daarvoor vermeld is, om te voorkomen dat de machine beschadigd wordt of er schade veroorzaakt wordt. LET OP. Gevaar van persoonlijk letsel of letsel aan anderen in geval van niet inachtneming. GEVAAR. Kans op ernstig persoonlijk letsel of ernstig letsel aan anderen met gevaar voor dodelijke ongelukken, in geval van niet inachtneming.

In de handleiding zijn verschillende versies van de machine beschreven, die hoofdzakelijk de volgende verschillen kunnen vertonen:– type aandrijving: met continue hydrostatische regeling van de snelheid; – bijzondere uitrustingen en/of toebehoren. Het symbool geeft elk verschil aan met betrekking tot het gebruik, ge-volgd door de indicatie van de versie waar het betrekking op heeft. Het symbool “ ” verwijst, voor verdere uitleg of informa-tie, naar een ander punt in de handleiding. OPMERKING De aanwijzingen “voor”, “achter”, “rechts” en “links” hebben betrekking op de zithouding van de gebruiker. VOORSTELLINGGeachte Klant,wij danken u omdat u de voorkeur hebt gegeven aan onze producten en wij hopen dat het gebruik van deze zitmaaier u zeer tevreden zal stellen en dat de machine volledig aan uw verwachtingen zal voldoen.

Deze handleiding is geschreven om u vertrouwd te maken met uw machine en om u in staat te stellen haar op de beste en de meest veilige manier te gebruiken: vergeet niet dat deze handleiding een integrerend deel van de machine is, bewaar deze binnen handbereik zodat u haar op elk gewenst moment kunt raadplegen en zorg ervoor dat ze de machine altijd vergezelt ook als u de machine overdraagt aan iemand anders.

Deze nieuwe machine is ontworpen en gemaakt in overeenstemming met de geldende voorschriften en is volkomen veilig en betrouwbaar indien hij gebruikt wordt voor het maaien en opvangen van gras, overeenkomstig de aanwijzingen in deze handleiding (voorzien gebruik); het gebruik voor an-dere doeleinden of het niet in acht nemen van de aangegeven veiligheids-, gebruiks-, onderhouds- en reparatievoorschriften wordt als “oneigenlijk ge-bruik” ( 5. 1) beschouwd en leidt to verval van zowel de garantie als de aansprakelijkheid van de fabrikant waardoor de gebruiker zelf verantwoorde-lijk wordt voor schade of letsel die hijzelf of anderen oplopen.

Mocht u verschillen tegenkomen tussen wat beschreven is en de machine die u bezit, denk er dan aan dat, aangezien het product continu verbeterd wordt, de in deze handleiding opgenomen gegevens zonder voorafgaande kennisgeving en zonder dat de fabrikant verplicht is de handleiding te upda-ten gewijzigd kunnen worden, waarbij de essentiële kenmerken met het oog op de veiligheid en de werking evenwel onveranderd blijven. Aarzel niet om contact op te nemen met uw dealer als u twijfelt. Wij wensen u een prettig gebruik van de machine toe. ServicedienstDeze handleiding verstrekt alle gegevens die u nodig hebt om de machine te kunnen gebruiken en om er op de juiste manier eenvoudige onderhouds-werkzaamheden aan te kunnen verrichten, die de gebruiker zelf kan uitvoe-ren. Voor interventies die niet in dit boekje worden beschreven, kunt u contact opnemen met uw dealer. INHOUDSOPGAVE1.

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 2Bevat de voorschriften om de machine op een veilige manier te kunnen gebruiken2. IDENTIFICATIE VAN DE MACHINE EN DE ONDERDELEN. 5 Beschrijft hoe de machine en de voornaamste onderdelen waar zij uit bestaat geïdenticeerd kunnen worden3. UITPAKKEN EN VERVOLLEDIGEN. 6 Legt uit hoe de verpakking moet worden verwijderd en de montage van de losgemaakte elementen voltooid moet wor-den4. BEDIENINGSELEMENTEN.

8Geeft een overzicht van de plaats waar de bedieningselemen-ten zich bevinden en hoe hun werking is 5. GEBRUIKSVOORSCHRIFTEN. 12 Bevat alle aanwijzingen om goed en veilig te kunnen werken 5. 1 Veiligheidsaanbevelingen. 12 5. 2 Toepassingen voor de tussenkomst van de beveiligings-systemen. 12 5. 3 Werkzaamheden vóór de ingebruikname. 13 5. 4 Gebruik van de machine. 14 5. 5 Gebruik op hellend terrein. 18 5. 6 Transportpositie. 18 5. 7 Enige raadgevingen voor een mooi maaibeeld. 18 5. 8 Overzicht van de belangrijkste handelingen tijdens het gebruik. 196. ONDERHOUD. 19 Bevat alle informatie die nodig is om de machine werkzaam te houden 6. 1 Veiligheidsaanbevelingen. 19 6. 2 Regelmatig onderhoud. 20 6. 3 Controles en afstellingen. 21 6. 4 Demontage en vervangingen. 247.

RICHTLIJNEN OM PROBLEMEN VAST TE STELLEN 27 Stellen u in staat om eventuele problemen tijdens het gebruik snel zelf te verhelpen8. OP AANVRAAG LEVERBARE ACCESSOIRES. 29 De verkrijgbare accessoires worden geïllustreerd met het oog op de bijzondere eisen die aan de machine gesteld worden9. TECHNISCHE EIGENSCHAPPEN. 30 Geeft een overzicht van de belangrijkste eigenschappen van uw machine 10. ALFABETISCHE INHOUDSOPGAVE. 31 Geeft aan waar u de informatie kan vinden LIJST BELANGRIJKSTE DEALERS HONDA. i “EC Verklaring van Overeenstemming” INHOUD OVERZICHT. ii1 NLVERTALING VAN DE OORSPRONKELIJKE GEBRUIKSAANWIJZING HANDLEIDINGHF2317 • HF2417 • HF2625ZitmaaierHonda France Manufacturing S. A. S.

Draag gehoorsbeschermingen. 2) Het gebruik van gehoorbeschermers kan het vermogen eventuele waarschuwingen (roepen of alarmen) te horen, verminderen. Verleen de maximale aandacht aan wat rond de werkzone gebeurt. 3) Controleer grondig de hele werkzone en verwijder alles wat van de machine weg zou kunnen springen of de snijgroep en de motor zou kunnen beschadigen (keien, takken, ijzerdraad, beenderen, enz. ). 4) LET OP: GEVAAR. Benzine is bijzonder brandbaar. – Bewaar de brandstof in speciale houders die daarvoor gehomolo-geerd zijn, op een veilige plaats, uit de buurt van warmtebronnen of vrije vlammen; Laat de houders niet binnen bereik van kinderen staan.

– Vul de brandstof, met een trechter, alleen buiten en rook niet tij-dens deze werkzaamheden en wanneer u met de brandstof bezig bent;– Giet de brandstof in de tank vóórdat u de motor aanzet: als de motor aanstaat of warm is mag u geen benzine toevoegen of de dop van de benzinetank afdraaien;– Als u benzine gemorst hebt, mag u de motor niet starten maar dient u de machine uit de buurt van de plek waar u de benzine gemorst hebt te brengen en voorkomen dat er brand ontstaat. U dient te wachten totdat de brandstof verdampt is en de benzine-dampen opgelost zijn;– Draai de dop altijd weer goed op de tank van de machine en het benzinereservoir. – Vermijd inademing van de dampen van de brandstof. – Open de dop van het reservoir langzaam om de interne druk ge-leidelijk aan af te laten.

– Start de machine nooit op de plaats waar de brandstof bijgevuld werd; de motor moet steeds gestart worden op een afstand van minstens 3 meter van de plaats waar de brandstof bijgevuld werd. – Zorg ervoor dat de brandstof niet in aanraking komt met de kledij en trek in ieder geval steeds nieuwe kleren aan vooraleer de motor op te starten. 5) Vervang de geluiddempers als deze defect zijn.

6) Ga vóór het gebruik over op een algemene controle van de ma-chine, en in het bijzonder:Controleer het uitzicht van de snij-inrichting, en controleer of de schroeven en de snijgroep niet versleten of beschadigd zijn. Vervang de snij-inrichtingen en de beschadigde of versleten schroeven en bloc om ervoor te zorgen dat het maaidek in balans blijft. Eventuele herstellingen moeten nabij een gespecialiseerd centrum uitgevoerd worden. 7) Controleer regelmatig de staat van de accu, Vervang ze in geval van beschadigingen aan het omhulsel, aan het deksel of aan de klemmen. 8) Vooraleer het werk aan te vangen, dient men steeds de bescher-mingen op de uitgang te monteren (opvangzak, zijdelingse aaatbe-veiliging of achterste aaatbeveiliging). C) TIJDENS HET GEBRUIK1) Start de motor niet in gesloten ruimten waar zich gevaarlijke kool-stofmonoxide kan ontwikkelen.

De machine dient altijd in de open lucht of in een goed geventileerde ruimte gestart te worden. Denk er altijd aan dat de uitlaatgassen giftig zijn. Richt, tijdens het opstarten van de machine, de geluidsdemper en dus de uitlaatgassen nooit naar ontvlambare materialen. 2) Werk enkel bij daglicht of met een goede kunstmatige verlichting en bij goede zichtbaarheid. Verwijder personen, kinderen en dieren uit de werkzone. De kinderen moeten onder toezicht van een andere volwassene staan. 3) Werk niet op nat gras, bij regen of bij risico op onweer, in het bij-zonder wanneer er kans op bliksem bestaat. 4) Alvorens de motor op te starten, dient men de snij-inrichting of de krachtafnemer te ontkoppelen en de aandrijving vrij te zetten. 5) Let bijzonder goed op bij het benaderen van hindernissen die de zichtbaarheid kunnen beperken. 6) Schakel de handrem in wanneer de machine geparkeerd wordt.

Om omkantelen of verlies van controle over de 1. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN1. 1 ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENLET OP. VOORALEER DE MACHINE TE GEBRUIKEN, DIENT MEN DEZE HANDLEIDING AANDACHTIG TE LEZEN. Be-waren voor toekomstige behoeften. A) VOORBEREIDING1) LET OP. Lees deze aanwijzingen aandachtig alvorens de ma-chine te gebruiken. Zorg dat u vertrouwd raakt met de bedienings-knoppen en in staat bent de machine op de juiste wijze te gebruiken. Leer de motor snel af te zetten. Het niet in acht nemen van de voor-schriften en instructies kan brand en/of ernstige letsels veroorzaken. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om ze in de toekomst te kunnen raadplegen. 2) Laat nooit toe dat de machine gebruikt wordt door kinderen of door personen die niet vertrouwd zijn met deze aanwijzingen. De minimale leeftijd van de gebruiker kan landelijk gereglementeerd zijn.

7) Vervoer geen kinderen of andere passagiers op de machine, aan-gezien deze zouden kunnen vallen en zware letsels kunnen opdoen en een veilig rijgedrag in het gedrang brengen. 8) De bestuurder van de machine moet nauwgezet de instructies voor het rijden in acht nemen en met name:– Zich niet laten aeiden en de nodige concentratie behouden tij-dens het werk;– Denk eraan dat een machine die van een helling afglijdt niet met de rem gestopt kan worden. De voornaamste oorzaken waardoor de macht over het stuur kwijt geraakt kan worden zijn: • Onvoldoende grip van de wielen; • Overdreven snelheid; • Niet passende remming; • De machine is niet geschikt voor het doel waarvoor zij gebruikt wordt; • Gebrek aan kennis van de gevolgen die de toestand waarin het terrein zich bevindt, kan hebben en in het bijzonder hellingen; • Onjuist gebruik als trekvoertuig.

9) De machine is voorzien van een reeks microschakelaars en vei-ligheidsinrichtingen die nooit gewijzigd of verwijderd mogen worden, op strae van het verval van de garantie en de afwijzing van alle aansprakelijkheid vanwege de fabrikant. Vooraleer de machine te gebruiken, dient men steeds na te gaan of de veiligheidsinrichtingen werkzaam zijn. B) VÓÓR HET GEBRUIK1) Gebruik tijdens het gebruik van de machine steeds stevige antis-lip-werkschoenen en een lange broek. Bedien de machine niet met blote voeten of met open sandalen. Draag geen sjaal, hemd, hals-ketting, armbanden, kledij met losse delen, of met bandjes of dassen of andere hangende of wijde accessoires die vastgegrepen kunnen worden door de machine of voorwerpen en materiaal aanwezig op de werkplaats. Lang haar moet zorgvuldig bijeengebonden worden. 2NL.

– Vooraleer de maaihoogte af te stellen indien dit niet vanuit de plaats van de bestuurder uitgevoerd kan worden. 27) Ontkoppel de snij-inrichting of de krachtafnemer tijdens het ver-voer en telkens wanneer deze niet gebruikt worden. 28) Geef gas terug vooraleer de motor stil te zetten. Sluit de toevoer van de brandstof af aan het einde van het werk, volgens de aanwij-zingen in het handboekje. 29) Let goed op de snijgroep met meerdere snij-inrichtingen, aange-zien een draaiende snij-inrichting ook de andere zou kunnen doen draaien. 30) De aanwezige veiligheidsinrichtingen/microschakelaars niet uit-schakelen, afschakelen, verwijderen of schenden.

31) LET OP: – In geval van breuken of ongevallen tijdens het werk, dient men de motor onmiddellijk stil te zetten en de machine te verwijderen om geen verdere schade te berokkenen; in geval van ongevallen met persoonlijke letsels of letsels aan derden, dient men onmiddellijk de meest geschikte eerste-hulp-procedures te volgen voor de situatie en zich tot een gezondheidsstructuur te richten voor de nodige zorgen. Verwijder zorgvuldig eventuele resten die schade of letsels aan personen of dieren kunnen veroorzaken indien ze onopgemerkt blijven. 32) LET OP – Het niveau van het geluid en van de trillingen dat aan-gegeven is in deze handleiding, zijn de maximale waarden voor het gebruik van de machine. Het gebruik van een niet gebalanceerde snij-inrichting, een overdreven snelheid van de beweging en ge-brekkig onderhoud hebben een negatieve invloed op het geluidsni-veau en op de trillingen.

Bijgevolg is het noodzakelijk preventieve maatregelen te treen om mogelijke schade ten gevolge van een hoog geluidsniveau en stress van trillingen te vermijden; zorg voor het onderhoud van de machine, draag gehoorbescherming, maak pauzes tijdens het werk. 33) Gebruik geen USB-accessoires tijdens het maaien of tijdens het rijden. D) ONDERHOUD EN OPSLAG1) LET OP.

– Haal de sleutel uit het contact en lees de bijgeleverde instructies alvorens enige reinigings-, of onderhoudswerkzaamhe-den te verrichten. Draag geschikte kleding en werkhandschoenen voor alle handelingen die gevaarlijk kunnen zijn voor de handen. 2) LET OP. – Gebruik de machine nooit als er onderdelen versleten of beschadigd zijn. De defecte of beschadigde onderdelen moeten vervangen en niet gerepareerd worden. Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen: het gebruik van niet originele en/of niet goed gemonteerde onderdelen beïnvloedt de veiligheid van de machine, kan ongelukken of persoonlijk letsel aanrichten en de fabrikant kan hiervoor niet aansprakelijk gesteld worden.

3) Alle onderhoudshandelingen en afstellingen die niet beschreven zijn in deze handleiding moeten uitgevoerd worden door uw Verko-per of in een gespecialiseerd Centrum dat beschikt over de nodige kennis en uitrustingen om de werken correct uit te voeren, met res-pect voor het oorspronkelijk niveau van veiligheid van de machine. Handelingen die uitgevoerd werden in niet geschikte structuren of door onbekwame personen doen elke vorm van garantie en alle verplichtingen of aansprakelijkheid van de Fabrikant vervallen. 4) Verwijder na ieder gebruik de sleutel en controleer of er geen beschadigingen zijn. 5) Laat bouten en schroeven vastgedraaid zitten om er zeker van te zijn dat de machine altijd op een veilige manier gebruiksklaar is. Als u regelmatig onderhoud pleegt, zal de werking ervan veilig blijven en zal het prestatieniveau bewaard blijven.

Alle handelingen die betrekking hebben op de snij-inrich-tingen (demontage, slijpen, in balans brengen, hermontage en/of vervanging) vergen een specieke vaardigheid en het gebruik van geschikt gereedschap; uit veiligheidsoverwegingen moeten deze handelingen daarom steeds uitgevoerd worden in een gespeciali-seerd centrum. 9) Controleer regelmatig de werkzaamheid van de remmen. Het is zeer belangrijk het onderhoud van de remmen goed uit te voeren en, indien nodig, ze te herstellen. 10) Controleer regelmatig de zijdelingse aaatbeveiliging, of de af-laatbeveiliging, de opvangzak en het zuigrooster. Vervang ze indien ze beschadigd zijn.

machine te vermijden, raadt men aan:– Niet plotseling te stoppen of weg te rijden bij het op– of afrijden van een helling;– De koppeling altijd langzaam in te schakelen en altijd de versnel-ling ingeschakeld te houden, vooral bij het afrijden van een helling;– De snelheid op hellingen en in smalle bochten laag te houden;– Goed op bobbels, goten en verborgen gevaren te letten;– Het gazon in geen geval te maaien in de dwarsrichting ten op-zichte van de helling. Maai een hellend gazon altijd van boven naar beneden en nooit in de dwarsrichting. Pas erg goed op bij het veranderen van richting en let erop niet op obstakels te stuiten (bijv. stenen, takken, wortels, enz. ). Deze obstakels kunnen het zijwaarts glijden en het omkiepen van de machine veroorzaken of de macht over het stuur doen verliezen. 9) Vertraag de snelheid op hellingen alvorens van richting te veran-deren.

Op een helling dient de handrem altijd te worden ingescha-keld alvorens de machine te verlaten en onbeheerd achter te laten. 10) Wees zeer voorzichtig nabij ravijnen, grachten of dijken. De machine kan omkantelen indien een wiel over de rand gaat of indien de rand inzakt. 11) Let zeer goed op bij het achteruit rijden en werken. Kijk achteruit voor en na het achteruit rijden om u ervan te verzekeren dat er geen hindernissen zijn.

12) Let op bij het trekken van lasten of zware gereedschappen:– Gebruik voor de trekstangen alleen de goedgekeurde bevesti-gingspunten;– Leg alleen gemakkelijk controleerbare lasten op;– Neem geen scherpe bochten. Let op bij het achteruit rijden;– Gebruik tegengewichten of gewichten op de wielen wanneer dit wordt aangeraden in de gebruiksaanwijzing. 13) Schakel de snij-inrichting of de krachtafnemer uit bij het overste-ken van zones zonder gras, bij het verplaatsen van of naar de zone die gemaaid moet worden en breng de snijgroep omhoog. 14) Let goed op het verkeer, wanneer de machine dicht bij de straat gebruikt wordt. 15) LET OP. De machine is niet goedgekeurd om op de openbare weg te rijden. Ze mag (volgens het Wegverkeersregelement) uitslui-tend gebruikt worden op privé-terrein dat voor verkeer gesloten is.

16) Gebruik de machine nooit wanneer de beveiligingen beschadigd zijn, ontbreken of niet correct geplaatst zijn (opvangzak, zijdelingse aaatbescherming, achterste aaatbescherming). 17) Houd de handen en voeten altijd ver van de snij-inrichting, zowel wanneer de motor gestart wordt als tijdens het gebruik van de ma-chine. Let op: het snij-element blijft gedurende enkele seconden na zijn afkoppeling of na uitschakeling van de motor draaien. Blijf steeds op afstand van de aaatopening. 18) De machine niet in hoog gras laten staan met een draaiende motor, teneinde geen risico op brand te veroorzaken. 19) De aaat nooit op personen richten wanneer de toebehoren gebruikt worden. 20) Gebruik enkel toebehoren die goedgekeurd werden door de fabrikant van de machine. 21) Gebruik de machine niet indien de toebehoren/werktuigen niet op de voorziene plaatsen geïnstalleerd zijn.

22) Let op bij het gebruik van opvangzakken en toebehoren die de stabiliteit van de machine kan wijzigen, in het bijzonder op hellingen. 23) Wijzig de afstelling van de motor niet en laat het toerental van de motor niet buitengewoon hoog oplopen.

24) Raak de onderdelen van de motor die tijdens het gebruik heet worden, niet aan. Risico op brandwonden. 25) Ontkoppel de snij-inrichting of de krachtafnemer, zet in vrije stand en schakel de handrem in, stop de motor en verwijder de sleu-tel, (verzeker u ervan dat alle bewegende delen volledig stil staan):– Elke keer wanneer men de machine onbewaakt laat of de bestuur-dersplaats verlaat:– Vooraleer blokkeringen te verhelpen of vooraleer het windkanaal vrij te maken;– Vóórdat u de machine controleert, schoonmaakt of eraan werkt;– Nadat er op een vreemd voorwerp gestoten is. Controleer de ma-chine op eventuele beschadigingen en voer de nodige reparaties uit alvorens ze opnieuw te gebruiken.

11) Vervang de labels met instructies en waarschuwingen, indien deze beschadigd zijn. 12) Als de machine opgeborgen of onbeheerd achtergelaten moet worden, dient de snijgroep omlaag gezet te worden. 13) Berg de machine op in een plaats die niet toegankelijk is voor kinderen. 14) Zet de machine niet met benzine in de tank in een ruimte waar de benzinedampen met vlammen, vonken of een warmtebron in aanraking zouden kunnen komen. 15) Laat de motor eerst afkoelen alvorens de machine de machine in eender welke ruimte op te bergen. 16) Om brandgevaar zoveel mogelijk te beperken dienen de motor, de geluiddemper van de uitlaat, de accubak en de benzinetank vrij gehouden te worden van gras, bladeren of teveel vet. Leeg de opvangzak en laat geen containers met gemaaid gras in gesloten ruimtes achter.

17) Om het risico op brand te verminderen, dient men regelmatig na te gaan of er geen olie– en/of brandstoekken zijn. 18) Als u de tank moet ledigen, dient u dit in de open lucht te doen en wanneer de motor koud is. 19) Laat de sleutels nooit op de machine zitten, of laat ze niet bin-nen het bereik van kinderen of niet geschikte personen. Haal de sleutel uit het contact alvorens enige onderhoudswerkzaamheden te verrichten. 20) Tijdens de afstellingen van de machine, moet men erop letten dat de vingers niet tussen de bewegende snij-inrichting en de vaste delen van de machine verklemd geraken. E) TRANSPORT1) LET OP. - Als de machine op een vrachtwagen of op een oplegger vervoerd moet worden, dient men toegangshellingen met geschikte draagkracht, breedte en lengte te gebruiken. Laat de machine met de motor uitgeschakeld, zonder bestuurder en enkel duwend, met een geschikt aantal personen.

Laat de snijgroep of het accessoire tijdens het transport zakken, schakel de parkeerrem in, plaats ze zodat niemand gevaar loopt enbevestig ze aan het vervoersmiddel met koorden of kettingen om te vermijden dat ze kantelt en zo eventueel beschadigd kan worden of dat er brandstof zou kunnen lekken. F) MILIEUBESCHERMING1) De milieubescherming moet een belangrijk en prioritair aspect vormen voor het gebruik van de machine, ten gunste van de civiele samenleving en de omgeving waarin we leven. Wees geen storend element voor uw buren.

2) Volg nauwgezet de plaatselijke normen voor het verwerken van de verpakking, olie, benzine, lters, versleten delen of eender welk element met een sterke invloed op de omgeving; dit afval mag niet met de huisafval weggeworpen worden, maar moet gescheiden worden en aan speciale verzamelcentra toevertrouwd worden, die de recyclage van de materialen zullen verzorgen. 3) Volg nauwkeurig de lokale normen op voor de afdanking van het snijafval. 4) Bij het buiten bedrijf stellen van de machine, mag deze nooit in het milieu achtergelaten worden maar moet ze naar een opvangcentrum gebracht worden, volgens de geldende lokale normen. 1. 2 BESCHRIJVING VAN DE MACHINE EN GEBRUIKSGEBIEDDeze machine is een tuingereedschap en met name een grasmaaier met zittende bediener.

De machine is voorzien van een motor, die de snij-inrichting inscha-kelt, beschermd door een carter, en een aandrijvingsgroep die de beweging aan de machine doorgeeft. De bediener kan de machine bedienen en de hoofdcommando’s inschakelen terwijl hij steeds op zijn plaats blijft zitten. De inrichtingen die op de machine gemonteerd zijn, zorgen voor het stilvallen van de motor en de snij-inrichting binnen enkele seconden indien de handelingen van de bediener niet overeenstemmen met de voorziene veiligheidscondities. Voorzien gebruikDeze machine is ontworpen en gebouwd voor het maaien van gras.

Het gebruik van bijzonder toebehoren, voorzien door de Fabrikant als oorspronkelijke uitrusting of afzonderlijk aan te kopen, staat toe dit werk uit te voeren volgens de verschillende werkwijzen die in deze handleiding of in de instructies die met het toebehoren geleverd worden, beschreven zijn. Tegelijkertijd kan de mogelijkheid bijkomend toebehoren te gebrui-ken (indien voorzien door de Fabrikant) het gebruik ervan uitbreiden naar andere functies, volgens de limieten en condities die beschre-ven zijn in de instructies die het toebehoren zelf vergezellen. Type gebruikerDeze machine is bestemd voor gebruik door consumenten, d. w. z. door niet professionele bedieners, aan de eerste ervaring en/of onervaren. Deze machine is bestemd voor een amateuriëel gebruik.

Onjuist gebruikEender welk ander gebruik, dat afwijkt van wat hierboven beschre-ven is, kan gevaarlijk zijn en schade berokkenen aan personen en/of zaken. De volgende situaties behoren tot het onjuist gebruik (bij-voorbeeld, maar niet uitsluitend):– andere personen, kinderen of dieren op de machine of op een oplegger vervoeren;– ladingen trekken of duwen zonder het gebruik van het daarvoor bestemde toebehoren voor het slepen;– gebruik van de machine op onstabiele, gladde, bevroren, stenige of oneen terreinen, in geval van plassen of moerassen die niet toestaan de consistentie van het terrein in te schatten;– de snij-inrichting aanschakelen op zones zonder gras;– gebruik van de machine voor het verzamelen van bladeren of afval.

Het onjuist gebruik brengt verval van zowel de garantie als de aan-sprakelijkheid van de fabrikant teweeg waardoor de gebruiker zelf verantwoordelijk is voor schade of letsel die hijzelf of anderen op-lopen. 1. 3 VEILIGHEIDSSTICKERSUw machine dient met voorzichtigheid te worden gebruikt. Om daar-aan herinnerd te worden bevinden zich op de machine een aan-tal stickers die door middel van afbeeldingen op de belangrijkste voorzorgsmaatregelen wijzen.

1 = Let op: Lees de aanwijzingen alvorens de machine te gebrui-ken. 2 = Let op: Haal de sleutel uit het contact en lees de instructies alvorens elke willekeurige onderhouds- of reparatie-ingreep uit te voeren. 3 = Gevaar. Wegschietende voorwerpen: Niet werken zonder de achterste aaatbeveiliging of de opvangzak erop bevestigd te hebben. 4 = Gevaar. Wegschietende voorwerpen: Houd personen op een afstand. 5 = Gevaar. Omkantelen van de machine: Gebruik deze ma-chine niet op hellingen van meer dan 10°. 6 = Gevaar. Verminking: Zorg ervoor dat kinderen op een af-stand van de machine blijven als de motor aanstaat. 6a = Steun niet op de beschermingen van de snijgroep om op de machine te klimmen. 10 = Let op: Lees de aanwijzingen alvorens de machine te gebrui-ken. 11 = Let op: De motor geeft koolmonoxide af, een giftig gas. Niet inschakelen in een gesloten ruimte. 12 = Let op.

De benzine is uiterst ontvlambaar en ontplofbaar. Stop de motor en laat hem afkoelen voordat u tankt. 13 = Let op: Tijdens het gebruik wordt de ge-luiddemper erg heet en blijft dat nog enige tijd, zelfs nadat de motor is gestopt. 14 = Recycleerbaar product. Bevat lood. Niet in het milieu weggooien en verwerken vol-gens de geldende voorschriften. 5 NL1. 4 VOORSCHRIFTEN VOOR DE AANDRIJVINGOp aanvraag is er een set leverbaar waar-mee het mogelijk is een kleine aanhanger voort te trekken; dit accessoire dient vol-gens de desbetreende aanwijzingen ge-monteerd te worden. Bij gebruik van de aandrijving mag het laadvermogen, dat op de sticker vermeld is, niet overschreden worden en dienen de veiligheidsvoorschriften in acht genomen te worden, ( 1. 2, C-6).

Totaal trekbaar gewicht: op vlakke ondergrond: 200 kg of minder op een helling (10° of minder): 100 kg of minder7 8915 = Ontvlambare dampen - Geen open vuur in de nabijheid brengen. 16 = Draag een beschermende bril. 17 = Buiten het bereik van kinderen houden. 18 = Corrosieve vloeistof.

In geval van contact, onmiddellijk was-sen met water en een arts raadplegen19 = Lees de gebruiksaanwijzingen. 20 = Risico op ontplong. 131415 16 17 18 19 201012112. IDENTIFICATIE VAN DE MACHINE EN DE COMPONENTEN2. 1 IDENTIFICATIE VAN DE MACHINEHet identicatielabel aan de linkerkant van het frame bevat de essentiële gegevens van elke machi-ne. Het serienummer (5) is onmisbaar als er techni-sche hulp gevraagd wordt en voor het bestellen van de reserveonderdelen. 1. Geluidsniveau volgens de richtlijnen 2000/14/CE, 2005/88/CE2. Conformiteitskenteken volgens de richtlijnen 2006/42/CE, 2005/88/CE, 2014/30/EU3. Bouwjaar4. Machinetype5. Serienummer6. Gewicht in kg (bij leeg reservoir)7. De naam en het adres van de Fabrikant zijn aangegeven in de “EG-Verklaring van Overeenkomst” – OVERZICHT INHOUD die deel uitmaken van deze Handleiding. 8.

Nominaal vermogen van de motor (bij 2800 min-1)7 = Gevaar voor snijwonden. Bewegende snij-inrichtin-gen. Steek uw handen of voeten niet in de holte van de snij-in-richtingen8 = Let op: Knoei niet met de microschakelaar. 9 = Voorkom letsels door meeslepen van de riemen: Schakel de machine niet aan wanneer de beschermingen niet gemonteerd zijn. Blijf op afstand van de riemen.

3. UITPAKKEN EN VERVOLLEDIGENOm vervoers- en opslagredenen worden sommige onderdelen van machine niet in de fabriek gemonteerd. Zij dienen na het uitpakken gemonteerd te worden aan de hand van de volgende instructies. LET OP. De machine moet op een vlakke en solide ondergrond uitgepakt en gemonteerd worden, met voldoende bewegingsruimte voor de machine en de verpakking, en steeds met gebruik van geschikte werktuigen. Gebruik de ma-chine niet vooraleer de aanwijzingen van de sectie "MON-TAGE" teneinde gebracht te hebben. 3. 1 ACTIVERING EN AANSLUITING VAN DE ACCUBELANGRIJK ACCU PLAT. De accu (1) bevindt zich achter de motor en wordt op zijn plaats gehouden met een elastische trekker (2). Haak de elastische op-spanner (2) los en verwij-der de accu.

Verwijder de afdich-tingstape en giet de elek-trolytische oplossing (3) (verdund zwavelzuur, niet meegeleverd: soortelijk gewicht 1,280) gelijkma-tig verdeeld over de zes elementen, tot het refe-rentieniveau "HOOG NI-VEAU" bereikt wordt dat op de accu aangegeven is. BELANGRIJK O p het moment van het vullen mag de elek-trolytoplossing niet meer dan 30°C/86°F bedragen). Laat de accu na het vul-len minimaal een half uur in rust. Het niveau van de elektrolytoplossing moet dalen. Giet opnieuw elek-trolytoplossing tot aan het referentieniveau “UPPER LEVEL”. Het niveau moet steeds tussen de referenties "UPPER LEVEL" en "LO-WER LEVEL" op de accu blijven. Plaats en sluit de vier (4) meegeleverde doppen en laad de accu op. BELANGRIJK Laad de accu na activering altijd volledig op. Wend u tot uw Dealer, die over de gepaste uitrustingen beschikt.

Snijgroep: dit is de carter die de draaiende snij-inrichtingen omvat. 2. Snij-inrichtingen: dit zijn de elementen die ervoor dienen om het gras te maaien; de vleugeltjes die aan de uiteinden zitten, bevorderen de afvoer van het gemaaid gras naar het uitwerp-kanaal. 3. Uitwerpkanaal: dit is het verbindingselement tussen het maai-dek en de opvangzak. 4. Opvangzak: dient niet alleen om het gemaaide gras op te van-gen, maar vormt bovendien een veiligheidselement, daar het voorkomt dat eventuele voorwerpen, die door de snij-inrichtin-gen meegenomen worden, ver van de machine weg kunnen schieten. 5. Achterste aaatbeveiliging (beschikbaar op aanvraag): wanneer deze op de plaats van de opvangzak gemonteerd is, verhindert ze dat eventuele voorwerpen die door de snij-in-richting opgevangen werden, ver van de machine weg kunnen schieten. 6.

Motor: brengt de beweging naar zowel de snij-inrichtingen als de wielaandrijving over; 7. Accu: levert de energie om de motor te kunnen starten; de kenmerken en gebruiksvoorschriften staan in een specieke handleiding aangegeven. 8. Bestuurdersplaats: dit is de werkplaats van de bestuurder, uitgerust met een sensor die de aanwezigheid van de bestuurder waarneemt met het oog op de werking van de beveiligingssys-temen. 9. Stickers met aanwijzingen en veiligheidsvoorschriften: wijzen op de belangrijkste maatregelen die getroen moeten worden om veilig te kunnen werken. Hun betekenis wordt uitge-legd in hoofdstuk 1. 10. Inspectiedeurtje: om toegang te verkrijgen om enkele afstel-lingen uit te voeren.

HOE UW MACHINE HERKENNENDit boekje beschrijft de werkzaamheden voor voorbereiding, gebruik en onderhoud van een reeks machines die hier en daar verschillen vertonen; daarom is het belangrijk dat u met zekerheid het model van uw machine identiceert om alle informatie die erop betrekking heeft correct te kunnen volgen.

Het model van uw machine wordt aangegeven in het "identicatiela-bel" in punt 4 en bestaat uit een reeks letters en cijfers. Op de volgende pagina's van dit boekje wordt elke handeling met betrekking tot een of meer specieke modellen voorafgegaan door de aanduiding van de modellen waarnaar het verwijst; als er geen indicatie verschijnt, moet deze beschrijving beschouwd worden als geldig voor alle modellen. 6NLUPPER LEVELLOWER LEVEL-+UPPER LEVELLOWER LEVEL-+UPPER LEVELLOWER LEVEL-+.

7 NLgeleverde schroeven, zoals aangeduid. Besmeer de klemmen met siliconevet en let op de correcte positie van de beschermdop van de rode draad (5). BELANGRIJK Om te voorkomen dat het beveiligingssysteem van de elektronische kaart in werking treedt, dient het starten van de motor absoluut vermeden te worden vóórdat de accu volledig opgeladen is. LET OP. Het zuur van de accu is corrosief en vervui-lend. Gebruik beschermende handschoenen bij het hanteren en gooi ze weg in overeenstemming met de geldende voor-schriften. BELANGRIJK Gebruik ENKEL de specieke accu mod. CNB 31500-VK1-810-M1. 3. 2 MONTAGE VAN DE OPVANGZAKA) Verbind het bovenste deel van het frame (1) met het voorste element (2) met behulp van de meegele-verde schroeven en moeren (3) zoals aan-gegeven. Steek de twee rubberen stoppen (4) in de gaten van de buis van het frame vooraan (2).

HF2•••HT• B) Voordat u de moeren (3) volledig vergrendelt, plaatst u de twee steunen (5) tussen de platen van het boven-ste frame (1), met de rollen naar bin-nen gericht, en bevestigt u ze met de schroeven en moeren (6); vergrendel vervolgens de moeren volledig (3). C-D) Monteer de twee zijelementen (7) met behulp van de schroe-ven en moeren (8 en 9) zoals aangegeven. Steek de twee rubberen stoppen (10) in de gaten van de twee zijelementen (7)E) Plaats het zo gemonteerde frame in de stoen behuizing (11) en zorg ervoor dat het correct langs de basisomtrek wordt geplaatst. Haak de proelen in CLAKCLAKCLAKCLAKCLAKkunststof (12) met behulp van een schroevendraaier (13) aan de buizen van het frame. HF2•••HB• HF2•••HM• F) Plaats de plaat (14) tussen het doek en het onderste deel van het rechter zij-element (7a) van het frame, zodat de ga-ten samenvallen.

F) Monteer het versterkingskruisstuk (15) onder het frame met behulp van de schroeven en moeren (16), waarbij u het platte gedeelte naar het doek gericht houdt.

G) Monteer het deksel (17) en bevestig het aan het bovenste deel van het frame (1) met behulp van zes schroeven (18). HF2•••HB• HF2•••HM• H) Plaats de ledigingshendel (19) in zijn zitting en monteer de stopschroef (20) met de bijbehorende moer (21). 3. 3 MONTAGE VAN DE STEUNEN VAN DE OPVANGZAKBevestig, zoals aangegeven, de twee steunen (1) aan de achterplaat (2) door middel van de drie schroeven (3) die voor elke steun zijn bijgeleverd, zonder de bijbehorende moeren (4) te blokkeren. De steunen (1) moeten zo worden ge-monteerd dat de vleugeltjes (1a) naar binnen wijzen. Haak de opvangzak vast aan de steu-nen (5) en centreer deze ten opzichte van de achterste plaat (2). Stel de positie van de twee steunen (1) af ten opzichte van de boord (6), zodat de pin (7), wanneer de opvang-zak verdraaid wordt, correct in de zit-ting (8) komt.

8NL3. 4 MONTAGE VAN DE KANTELHENDELS VAN DE OPVANG-ZAK HF2•••HT• Plaats de as van de hendels (1) in de holte van de twee plaatjes (2) en be-vestig ze aan de binnenkant van de steunen van de opvangzak (3), met de meegeleverde schroeven en moeren (4) in de volgorde die aangegeven is in de afbeelding. Maak het uiteinde van de stand (5) van de hefzuiger vast aan de hendel (6) met behulp van de pin (7) en monteer beide elastische ringen (8). Vooraleer de opvangzak op de steunen te monteren, dient men zich ervan te verzekeren dat de beweging van de hendels voor het kan-telen niet verhinderd wordt. 3. 5 VERWIJDERING VAN DE BEVESTIGINGSHAAK VAN DE OPVANGZAKOmwille van het transport, wordt de be-vestigingshaak (1) van de opvangzak aan de plaat achteraan geblokkeerd door middel van de veer (2).

Deze veer moet verwijderd worden alvorens de steunen van de opvangzak te monteren en mag niet meer gebruikt worden. 3. 6 MONTAGE VAN DE VOORBUMPERMonteer de voorbumper (1) aan de onderkant van het frame (2) met behulp van de vier schroeven (3). 4. BEDIENINGSELEMENTEN4. 1 STUURWIELHiermee kunnen de voorwielen bestuurd worden. 4. 2 BEDIENINGSELEMENT STARTER Dit wordt gebruikt om de motor koud op te starten. Dit veroorzaakt een verrijking van het mengsel en mag alleen voor de strikt noodzakelijke tijd worden gebruikt. 4. 3 GASHENDELRegelt de snelheid van de motor. De diverse standen staan als volgt aangeven op de sticker: «LANGZAAM» minimaal toerental van de motor «SNEL» maximaal toerental van de motor– Tijdens het rijden dient er een stand tussen «LANGZAAM» en «SNEL” gekozen te worden. – Zet de gashendel tijdens het maaien in de «SNEL» stand. 4.

9 NL4. 5 HENDEL HANDREMDe handrem voorkomt dat de machine gaat rijden na het parkeren. De hendel heeft twee standen: «A» = Rem uitgeschakeld «B» = Rem ingeschakeld– Om de handrem in te schakelen dient het pedaal (4. 21) volledig te worden ingetrapt en de hendel in stand «B» gezet te worden; als de voet van het pedaal gehaald wordt blijft het in deze lage stand staan. – De conditie “Rem ingeschakeld” wordt aangegeven voor het bran-den van het controlelampje (4. 13. e). – Om de handrem weer uit te schakelen dient het pedaal (4. 21) weer te worden ingetrapt, waarna de hendel automatisch terug komt in stand «A». 4. 6 GRASHOOGTE REGELAARMet deze hendel wordt de snijgroep omhoog en omlaag gebracht; hij kan op 7 verschillende maaihoogtes ingesteld worden.

De zeven posities worden aangegeven van «1» tot «7» op het relatieve plaatje, overeenkomend met hetzelfde aantal maaihoogten, waarvan de waarden worden aangegeven in de tabel "Technische kenmerken” ( Hoofdstuk 10). – Om van de ene naar de andere stand over te gaan, dient er op de ontgrendelknop aan het einde van de hendel gedrukt te worden. 4. 7 TOETS TOELATING SNIJDEN BIJ ACHTERUITVERSNEL-LING Houd de toets ingedrukt om achteruit te rijden met de snij-inrichtingen ingeschakeld, zonder dat de motor stopt. 4. 8 COMMANDO VOOR INSCHAKELING EN REM VAN DE SNIJ-INRICHTINGENMet dit commando kan de snij-inrichting via een elektromagnetische koppeling worden gekoppeld: «A» Ingedrukt = Snij-inrichtingen uit-geschakeld «B» Uitgetrokken = Snij-inrichtingen inge-schakeld – De “Snij-inrichtingen ingeschakeld” stand wordt aangegeven door-dat het controlelampje brandt ( 4. 13. g).

– Het inschakelen van de snij-inrichtingen zonder het in acht nemen van de voorgeschreven veiligheidsmaatregelen veroorzaakt het afslaan van de motor die niet meer kan worden aangezet ( 5. 2).

– Door de snij-inrichtingen uit te schakelen (Stand «A») wordt er een rem in werking gezet die binnen enkele seconden het draaien van de snij-inrichtingen stopt. – Het inschakelen van de snij-inrichtingen in achteruitversnelling is enkel mogelijk wanneer de toets 4. 7. ingedrukt is. 4. 9 INRICHTING VOOR HET BEHOUDEN VAN DE SNELHEID (CRUISE CONTROL) HF2417HM• HF2417HT• HF2625H♦•Deze inrichting staat toe de gewenste snelheid bij voorwaartse werking aan te houden, zonder dat het nodig is de pedaal ingedrukt te houden (4. 22). De drukknop heeft twee posities:AUTO1. «A» = Ingedrukt. Inrichting uitgeschakeld (niet actief)2. «B» =Uitgetrokken. Inrichting ingeschakeld (actief) – Door de inrichting aan te schakelen terwijl u vooruit gaat, zal de machine de snelheid behouden die op dat ogenblik bereikt werd, zonder dat het nodig is het pedaal (4. 22) ingedrukt te houden.

– Bij achteruitversnelling kan de inrichting niet aangeschakeld worden. – Met de inrichting ingeschakeld, kan het pedaal voor achteruitrijden niet ingeschakeld worden (4. 23). – Bij stijgende of dalende banen, kan de snelheid veranderen ten opzichte van de snelheid die op vlakke ondergrond ingesteld werd. Om de inrichting uit te schakelen en de bediening van de snelheid door middel van het pedaal (4. 22) te herstellen, is het voldoende• op de pedaal te drukken (4. 22);of• op de rempedaal te drukken (4. 21). In beide gevallen, keert de drukknop automatisch terug naar de positie «Ingedrukt». 4. 10 AUX-AANSLUITING VOOR USB-ACCESSOIRES HF2417HM• HF2417HT• HF2625H♦•Deze aansluiting kan USB-apparaten opladen. De functie is alleen voor het opladen. De aansluiting heeft geen communicatiefunctie met het aangesloten USB-apparaat. Er staat alleen stroom op het contactpunt wanneer de sleutel (4.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Honda HF2317HME stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden