Gaggenau VI492111 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Gaggenau VI492111 (56 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 51 mensen. Heb je een vraag over Gaggenau VI492111 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Gaggenau |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | VI492111 |
Handleiding Gaggenau VI492111 – volledige tekst
3nlInhoudsopgaveGebruiksaanwijzingBestemming van het apparaat 4Belangrijke veiligheidsinstructies 5Oorzaken van schade 7Overzicht 7Bescherming van het milieu 8Tips om energie te besparen 8Milieuvriendelijk afvoeren 8Koken met inductie 8Voordelen bij koken met inductie 8Pannen 8Het apparaat leren kennen 10Het bedieningspaneel 10Bedieningsknop 11De kookzones 11Restwarmte-indicatie 11Speciale accessoires 11Apparaat bedienen 12Kookzone instellen 12Kookadvies 12Wok-functie 14Wok en wokaccessoires 14Koken met de wok 14Activeren 14Deactiveren 14Tabel 15Flexibele kookzone 16Tips voor het gebruik van pannen 16Als twee onafhankelijke kookplaten 16Als afzonderlijke kookplaat 16O Timerfuncties 17De kookwekker 17Stopwatch-functie 17PowerBoost-functie 18Activeren 18Deactiveren 18Braadsensor 18Voordelen bij het bakken en braden 18Pannen voor de braadsensor 18Temperatuurstanden 19Tabel 19Zo stelt u in 21Bedieningspaneel blokkeren voor reinigingsdoeleinden 21Automatische veiligheidsuitschakeling 21Basisinstellingen 22Zo komt u bij de basisinstellingen: 23Vormtest 24Reinigen 25Kookplaat 25Omlijsting van de kookplaat 25Bedieningsknop 25Wok opzetring 25FAQ 26Wat te doen bij een storing?
4nl m Bestemming van het apparaatLees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Berg de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geven aan volgende eigenaren. Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren. Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie. Dit apparaat moet worden geïnstalleerd volgens het meegeleverde installatievoorschrift. Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving.
Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken. Het kookproces moet regelmatig worden gecontroleerd. Een kort kookproces moet continu in de gaten worden gehouden. Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes. Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 4. 000 meter boven zeeniveau. Dek de kookplaat niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal. Gebruik uitsluitend beveiligingsvoorzieningen of kindertralies die door ons zijn goedgekeurd. Ongeschikte beveiligingsvoorzieningen of kindertralies kunnen tot ongevallen leiden. Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening.
5 nlm Belangrijke veiligheidsinstructiesmWaarschuwing – Risico van brand. ▯Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken. Risico van brand. ▯De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen. Risico van brand. ▯Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat. Risico van brand. ▯De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan niet meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Gevaar voor verbranding. ▯Kookplaten mogen niet worden afgedekt. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv.
door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal. mWaarschuwing – Risico van verbranding. ▯De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding. ▯De kookzone warmt op, maar de indicatie functioneert niet Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Risico van verbranding. ▯Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat. Gevaar voor brandwonden. ▯Schakel, na elk gebruik, altijd de kookzones uit met de knoppen. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt doordat er geen pan op staat. mWaarschuwing – Kans op een elektrische schok. ▯Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok. ▯Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken. Kans op een elektrische schok. ▯Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok. ▯Scheuren of barsten in het glaskeramiek kunnen schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
6nl mWaarschuwing – Storingsgevaar! Deze kookplaat beschikt aan de onderkant over een ventilator. Bevindt zich onder de kookplaat een lade, bewaar daar dan geen kleine of scherpe voorwerpen, geen papier en geen theedoeken. Deze kunnen aangezogen worden en de ventilator beschadigen of de koeling belemmeren.Tussen de inhoud van de lade en de ventilator-ingang moet een minimale afstand van 2 cm worden aangehouden.mWaarschuwing – Risico van letsel! ▯Het gebruik van ongeschikte wokpannen kan tot ongelukken leiden. Gebruik alleen de wokpan die als extra accessoire verkrijgbaar is bij de fabrikant.Risico van letsel! ▯Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen.Risico van letsel!
Het gebruik van beschermplaten op de kookplaat wordt afgeraden.OverzichtIn de volgende tabellen ziet u welke schade het meest voorkomt:Schade Oorzaak MaatregelVlekken Overgelopen etenswaar Verwijder overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraperOngeschikte reinigingsmiddelen Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor dit soort kookplatenKrassen Zout, suiker en zand Gebruik de kookplaat niet als plaats om iets neer te zetten of als werkvlakRuwe pannenbodems maken krassen op de kookplaatControleer het kookgereiVerkleuringen Ongeschikte reinigingsmiddelen Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor dit soort kookplatenSlijtage door het kookgerei Til de pannen op wanneer u ze verplaatst.Defecten Suiker, sterk suikerhoudende gerechten Verwijder overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraper
8nl Oorzaken van schadeBescherming van het milieuIn dit hoofdstuk krijgt u informatie over de besparing van energie en de afvoer van het apparaat. Tips om energie te besparen▯Gebruik altijd het deksel dat overeenstemt met elke kookpan. Wanneer zonder deksel gekookt wordt, is aanzienlijk meer energie nodig. Gebruik een glasdeksel om een goede zichtbaarheid te hebben zonder dat u het deksel van de pan hoeft te nemen. ▯Gebruik pannen met een vlakke bodem. Bij een niet vlakke bodem wordt meer energie verbruikt. ▯De diameter van de bodem van de pan moet overeenkomen met de afmeting van de kookzone. Opgelet: pannenfabrikanten duiden gewoonlijk de bovenste diameter van de pan aan, die meestal groter is dan de diameter van de bodem van de pan. ▯Gebruik een kleine pan voor kleine hoeveelheden. Een grote, weinig gevulde pan vereist veel energie. ▯Gebruik weinig water voor het koken.
Op deze wijze wordt energie bespaard en blijven alle vitaminen en mineralen van de groenten behouden. ▯Selecteer de laagste vermogensstand die het kookpunt behoudt. Met een te hoge stand wordt energie verspild. Milieuvriendelijk afvoerenVoer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af. Koken met inductieVoordelen bij koken met inductieKoken met inductie is radicaal anders dan gebruikelijk, de warmte ontstaat direct in het kookgerei. Dit biedt vele voordelen: ▯Tijdsbesparing bij het koken en bakken. ▯Besparing van energie. ▯Gemakkelijker te reinigen en te onderhouden. Overgelopen etenswaar brandt niet zo snel in. ▯Warmteregeling en veiligheid: de kookplaat verhoogt of verlaagt de toevoer van warmte altijd direct na de bediening. Neemt u het kookgerei van de kookzone, dan wordt de warmtetoevoer direct onderbroken door de kookzone met inductie, zonder dat deze eerst is uitgeschakeld.
:▯kookgerei van geëmailleerd staal▯kookgerei van gietijzer▯speciaal kookgerei van roestvrij staal dat geschikt is voor inductie. U kunt zelf controleren of het kookgerei geschikt is voor inductie. ~ "Vormtest"Voor een goed bereidingsresultaat dient het ferromagnetische gebied van de bodem van de pan overeen te komen met de grootte van de kookzone. Wordt een pan niet herkend op een kookzone, probeer er dan een met een kleinere diameter. Wanneer de flexibele kookzone als een afzonderlijke kookzone wordt gebruikt, kunnen grotere vormen worden gebruikt die hier speciaal geschikt voor zijn. Gedetailleerde informatie over de grootte en de plaatsing van het kookgerei vindt u hier Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
9 Oorzaken van schade nlEr zijn ook inductievormen waarvan de bodem niet volledig ferromagnetisch is:▯Is de bodem van de pan slechts gedeeltelijk ferromagnetisch, dan wordt alleen het ferromagnetische oppervlak heet. Hierdoor wordt de warmte mogelijk niet gelijkmatig verdeeld. De temperatuur van het niet-ferromagnetische gebied kan dan te laag zijn om te koken. ▯Bestaat het materiaal van de bodem van het kookgerei deels uit aluminium, dan is het ferromagnetische oppervlak ook kleiner. Mogelijk worden dit niet warm genoeg of zelfs helemaal niet herkend. Niet geschikte pannenGebruik nooit straalplaten of pannen van:▯dun normaal staal▯glas▯aardewerk▯koper▯aluminiumEigenschappen van de bodem van het kookgereiHet bereidingsresultaat kan worden beïnvloed door de kwaliteit van pannenbodem. Gebruik pannen waarvan het materiaal de warmte gelijkmatig in de pan verdeelt, bijv.
pannen met "sandwich-bodems" van roestvrij staal. Daarmee wordt tijd en energie bespaard. Gebruik kookgerei met vlakke bodems. Ongelijke bodems hebben invloed op de warmtetoevoer. Geen pan of een ongeschikte grootteWordt er geen pan op de gekozen kookzone geplaatst of hij is niet van het juiste materiaal gemaakt of heeft hij niet de juiste grootte, dan begint de kookzone-indicatie te knipperen. De juiste pan op de kookzone plaatsen, zodat de indicatie niet meer knippert. Duurt dit langer dan 9 minuten, dan schakelt de kookzone automatisch uit. Lege pannen of pannen met een dunne bodemVerwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen.
De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.
Herkenning van de panElke kookzone heeft een ondergrens voor de herkenning van de pan. Deze is afhankelijk van de ferromagnetische diameter en het materiaal van de bodem. Daarom dient u altijd de kookzone te gebruiken die het beste past bij de diameter van de pannenbodem. Automatische herkenning bij kookzones met twee of drie ringenDeze kookzones kunnen kookgerei van verschillende afmetingen herkennen. Afhankelijk van het materiaal en de eigenschappen van het kookgerei past de kookzone zich automatisch aan door een kookzone met een, twee of drie ringen te activeren. Zo wordt het juiste vermogen ingezet om een goed resultaat te krijgen.
10nl Het apparaat leren kennenHet apparaat leren kennenHet apparaat leren kennenInformatie over afmetingen en vermogens van de kookzones vindt u in~ Blz. 2Aanwijzing: : Afhankelijk van het apparaattype zijn kleur- en detailafwijkingen mogelijk.Het bedieningspaneelBedieningsvlakkenWanneer de kookplaat opwarmt, lichten de symbolen van de bedieningsvlakken op die op dat moment beschikbaar zijn.Bij het aanraken van een symbool wordt de betreffende functie geactiveerd.Er klinkt een bevestigingssignaal.Aanwijzingen– De betreffende symbolen van de bedieningsvlakken lichten op wanneer ze beschikbaar zijn. De beschikbare bedieningsvlakken zijn wit verlicht. Zodra er een functie wordt gekozen, is deze oranje verlicht.– Zorg ervoor dat het bedieningspaneel altijd schoon en droog is.
Vocht heeft een nadelige invloed op de werking.– Hete pannen nooit buiten de voorste kookzone of op het bedieningspaneel plaatsen. De elektronica van het bedieningspaneel kan oververhit raken.Bedieningsvlakken−Bedieningspaneel blokkeren voor reinigings-doeleindenÚBraadsensortBasisinstellingenA @ / Keuze instellingen®StopwatchŠKookwekkerIndicaties‹‹ Gebruikstoestand‚ ‚ƒ-Kookstanden• œ/Restwarmte‹‹ Kookwekker‹‹.‹‹ StopwatchÙKookzoneŽ / ˜PowerBoost-functieªFlexzone geactiveerd«Flexzone gedeactiveerd¹Wok-functie‘Braadsensor¬«ª/ / Temperatuurindicatie van de braadsensor
11 Het apparaat leren kennen nlBedieningsknopMet de bedieningsknoppen kunt u de kookstand, de PowerBoost-functie, de flexzone en de wokfunctie kiezen. De bedieningsknoppen zijn voorzien van een lichtring die voor elke functie een optische indicatie heeft. De lichtring verandert van kleur wanneer bepaalde functies of processen worden geactiveerd. De kookzonesRestwarmte-indicatieDe kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie. Hiermee wordt aangegeven dat de kookzone nog heet is. Raak de kookzone niet aan zolang de restwarmte-indicatie verlicht is, of direct nadat de verlichting is uitgegaan. Afhankelijk van de hoogte van de restwarmte wordt het volgende weergegeven:▯Indicatie : hoge temperatuur •▯Indicatie : lage temperatuur œen de lichtring van de bedieningsknop knippert.
Wordt de pan tijdens het koken van de kookzone genomen, dan knippert de kookstandindicatie en is de bedieningsknop oranje verlicht. Draai de bedieningsknop in de stand 0. Wordt de kookzone uitgeschakeld, dan is de restwarmte-indicatie verlicht en knippert de bedieningsknop. Ook wanneer de kookplaat al uitgeschakeld is, blijft de restwarmte-indicatie verlicht zolang de kookzone nog warm is. Speciale accessoiresBij uw speciaalzaak kunt u de volgende accessoires krijgen. Gebruik de toebehoren alleen zoals in de gebruiksaanwijzing staat vermeld. Bij foutief gebruik van de toebehoren vervalt de garantie. 1 Laagste kookstand12 Hoogste kookstandŽPowerBoost-functieªFlexzone geactiveerd¹Wok-functieKookzonesÛ / $Kookzone met één kringGebruik kookgerei dat de juiste afme-tingen heeft.
ð òáFlexzone Zie het hoofdstuk Gebruik alleen kookgerei dat geschikt is voor inductie - zie paragraaf ~ "Koken met inductie"WP 400 001 WokpanWZ 400 001 Wok opzetringVA 420 000 Verbindingslijst ter combinatie met andere Vario apparaten uit de 400 serie bij een vlakke inbouwVA 420 001 Verbindingslijst ter combinatie met andere Vario apparaten uit de 400 serie bij een vlakke inbouw met afdekking/afdeklijstVA 420 010 Verbindingslijst ter combinatie met andere Vario apparaten uit de 400 serie bij opbouwVA 420 011 Verbindingslijst ter combinatie met andere Vario apparaten uit de 400 serie bij opbouw met afdekking/afdeklijst.
12nl Het apparaat leren kennenApparaat bedienenIn dit hoofdstuk kunt u lezen hoe u een kookzone instelt. In de tabel vindt u kookstanden en bereidingstijden voor verschillende gerechten. Kookzone instellenMet de bedieningsknop de gewenste kookstand instellen. Aanwijzingen– Om de gevoelige onderdelen van het apparaat te beschermen tegen oververhitting of elektrische overbelasting, kan het vermogen van de kookplaat voor korte tijd worden teruggebracht. – Om geluidshinder van het apparaat te voorkomen kan het vermogen van de kookplaat voor korte tijd worden teruggebracht. Kookstand kiezenDe bedieningsknop indrukken en in de gewenste kookstand draaien. In de kookzone-indicatie is de gekozen kookstand verlicht. De lichtring van de bedieningsknop is verlicht. Kookzone uitschakelenDraai de bedieningsknop in de stand 0.
De restwarmte-indicatie is verlicht en de lichtring van de bedieningsknop knippert tot de kookzone afgekoeld is. Aanwijzing: Staat er geen pan op de kookzone of wordt hij niet herkend, dan knippert de gekozen kookstand en is de lichtring van de bedieningsknop oranje verlicht. Na ca. 9 minuten gaat de kookzone uit. In dit geval knippert de lichtring van de bedieningsknop. De bedieningsknop opnieuw in de stand 0 draaien. De lichtring knippert niet meer. KookadviesAdvies▯Bij het warm maken van puree, crèmesoepen en stevige, gebonden sauzen zo nu en dan roeren. ▯Met het oog op het voorverwarmen kookstand 10 - 12 instellen. ▯Bij de bereiding met deksel de kookstand verlagen zodra er stoom vrijkomt. Het bereidingsresultaat wordt hierdoor niet beïnvloed. ▯Na de bereiding de pan tot het opdienen gesloten houden. ▯Bij de bereiding met de snelkookpan de instructies van de fabrikant in acht nemen.
▯Gerechten niet te lang garen, voor het behoud van de voedingswaarde. Met de kookwekker kan de optimale bereidingstijd worden ingesteld. ▯Voor een gezonder resultaat dient u erop te letten dat de olie niet rookt.
▯Uw gerechten krijgen een mooie, bruine kleur wanneer u ze na elkaar bakt in kleine porties. ▯Het kookgerei kan tijdens de bereiding zeer heet worden. Gebruik pannenlappen. ▯Adviezen voor een energie-efficiënte bereiding vindt u in het hoofdstuk ~ "Bescherming van het milieu"0 Kookzone uit. Kookstand 1 laagste standKookstand 12 hoogste stand.
13 Het apparaat leren kennen nlBereidingstabelIn de tabel wordt voor alle gerechten weergegeven welke kookstand geschikt is. De bereidingstijd kan afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de gerechten variëren.Kookstand Bereidingsmethoden Voorbeelden11 - 12 Aan de kook brengen WaterAanbraden VleesVerwarmen Vet/olie, vloeistoffenOpkoken Soepen, sauzenBlancheren Groente7 - 10 Braden Vlees, aardappels6 - 8 Braden Vis8 - 9 Bakken Gerechten met bloem en eieren, bijv.
14nl Het apparaat leren kennenWok-functieDe wokfunctie is alleen geschikt voor de wokpan en de wokaccessoires en niet voor andere pannen. Wok en wokaccessoires(Niet inbegrepen bij het apparaat)Wokpan en wokhouder zijn verkrijgbaar bij onze verkooppartner Gaggenau. De bodem van de wokpan is rond, daarom kan hij alleen met een wokhouder worden gebruikt. Tijdens het koken de wok vast aan de wokhouder bevestigen. Zet de wokhouder altijd in het midden van de kookzone. Geen lege wokpan verwarmen. Een afgeronde speciale spatel (chan) of een houten spatel met lange steel gebruiken. Om de gerechten uit de pan te nemen een pollepel gebruiken. Gerechten die in heet vet of veel saus bereid zijn kunt u het eenvoudigst met een schuimspaan uitnemen. Voor het stoven een bamboekorf gebruiken. Aanwijzingen– Wok en wokhouder uitsluitend gebruiken met de wokfunctie.
– De wokhouder niet in de vaatwasmachine reinigen. Koken met de wokEen bijzondere kookmethode bij het wok-koken is het sauteren. De kleingesneden ingrediënten worden in zeer korte tijd bij een hoge temperatuur en onder voortdurend roeren gekookt. In de grote, ronde pan kunt net als in een normale pan alle ingrediënten snel en gemakkelijk omroeren en keren. De ingrediënten bakken niet aan door het roeren. In het midden van de pan wordt overbodig vet verzameld. De vleesporiën gaan dicht en het vlees blijft sappig. De groente blijft knapperig. Aroma en vitaminen blijven behouden. Aanwijzing: Met de wok kunt u sneller koken dan met een gewone pan. Om deze reden dienen alle ingrediënten al voorafgaand aan de bereiding voorbereid te zijn.
Even belangrijk is de volgorde waarin de ingrediënten kunnen worden toegevoegd: eerst dienen ingrediënten met een langere bereidingstijd (vezelrijke groente zoals wortelen) te worden toegevoegd, ingrediënten met een kortere bereidingstijd (bijv. paddestoelen, taugé) dienen pas aan het einde te worden toegevoegd. Hierbij gaat u als volgt te werk:▯De wok inwrijven met olie.
Geschikt hiervoor zijn arachide- of sojaolie. ▯De levensmiddelen even klein maar niet te klein snijden, om snel aanbranden te voorkomen. ▯De olie verwarmen tot kort voor het rookpunt; nu kan met het sauteren worden begonnen. ▯Bij de bereiding van grote hoeveelheden kunt u het beste per portie sauteren, omdat anders niet alle ingrediënten zich tegelijkertijd op de bodem van de wokpan bevinden. Attentie. Tijdens het koken worden wok en wok-accessoires zeer heet. Zorg ervoor dat kinderen uit de buurt blijven. De wokaccessoires pas verwijderen wanneer de indicatie van de restwarmte verdwenen is. ActiverenDe bedieningsknop indrukken en in de stand ¹ draaien. Na enkele seconden klinkt er een signaal en is de indicatie verlicht. ¹De functie is geactiveerd. Met de bedieningsknop de gewenste kookstand instellen. DeactiverenDraai de bedieningsknop in de stand 0.
16nl Het apparaat leren kennenFlexibele kookzoneHij kan naar wens als één kookzone of als twee afzonderlijke kookzones worden gebruikt. Hij bestaat uit vier inductoren, die onafhankelijk van elkaar functioneren. Is de flexibele kookzone in gebruik, dan wordt alleen het gebied geactiveerd dat door het kookgerei wordt bedekt. Tips voor het gebruik van pannenOm te zorgen voor een goede detectie en verdeling van de warmte, wordt aanbevolen de pan correct te centreren:Als twee onafhankelijke kookplatenDe flexibele kookzone wordt gebruikt als twee onafhankelijke kookplaten. ActiverenZie het hoofdstuk ~ "Apparaat bedienen"Als afzonderlijke kookplaatGebruik van de gehele kookzone door beide kookplaten met elkaar te verbinden. Beide kookzones met elkaar verbinden1Kookgerei plaatsen. Draai een van de bedieningsknoppen in de stand ª. 2De kookstand kiezen met de andere bedieningsknop.
De indicatie is verlicht. De ªkookstand is verlicht in de indicaties van de beide kookzones. De flex-kookzone is geactiveerd. Kookstand wijzigenDe kookstand wijzigen met de bedieningsknop waarmee eerder de kookstand is gekozen. Een nieuwe pan toevoegenDe nieuwe pan plaatsen. De bedieningsknop waarmee de flex-kookzone gekozen is in de stand 0 en vervolgens opnieuw in de stand draaien. ªDe nieuwe pan wordt herkend en de eerder gekozen kookstand blijft behouden. Aanwijzing: Wordt de kookvorm op de gebruikte kookzone verplaatst of opgetild, dan start de kookplaat automatisch met zoeken, waardoor de eerder gekozen kookstand behouden blijft. De kookzones van elkaar scheidenDraai de bedieningsknop waarmee de flex-kookzone gekozen is in de stand 0. De indicatie is verlicht. «De flex-kookzone is gedeactiveerd. Beide kookzones functioneren verder als twee onafhankelijke kookzones.
Als afzonderlijke kookzoneDiameter kleiner dan of gelijk aan 13 cm Plaats de vorm in een van de vier posi-ties die op de afbeelding te zien zijn. Diameter groter dan 13 cm Plaats de vorm in een van de drie posi-ties die op de afbeelding te zien zijn. Is er meer dan één kookzone nodig voor het kookgerei, plaats het dan met de rand op de bovenste of onderste rand van de flexibele kookzone. Als twee onafhankelijke kookplatenDe voorste en achterste kookzones, elk met twee inductoren, kunnen onafhankelijk van elkaar worden gebruikt. Stel voor elke afzon-derlijke kookzone de gewenste kookstand in. Gebruik op elke kookzone slechts één pan.
Deze functie schakelt een kookzone niet automatisch uit.Zo stelt u in1Het symbool Š aanraken waarin de kookwekker-indicatie verlicht is en de symbolen ‹‹ b en @.2Binnen de volgende 10 seconden instellen met de symbolen A en @.Aanwijzing: Wordt het symbool ingedrukt A of @gehouden, dan kan de bereidingstijd sneller worden ingesteld.3Raak opnieuw het symbool Š aan om de gekozen bereidingstijd te bevestigen.De tijd begint af te lopen.Aanwijzing: Wordt de tijd niet binnen 10 seconden bevestigd, dan start de kookwekker automatisch.Bereidingstijd veranderen of wissen1Raak het symbool Š aan.2De bereidingstijd met de symbolen A en @ veranderen of op instellen.‹‹3Het symbool Š aanraken om de bereidingstijd te bevestigen.Aan het einde van de bereidingstijdEr klinkt een geluidssignaal. Op het display van de kookwekker knippert .
‹‹Raak het symbool aan, de indicaties en het signaal Šverdwijnen.Stopwatch-functieDe stopwatch-functie geeft de tijd weer die sinds de activering verstreken is.Hij functioneert onafhankelijk van de kookzones en andere instellingen. Deze functie schakelt een kookzone niet automatisch uit.Activeren1Kookstand kiezen. De indicatie ® is verlicht.2Het symbool ® aanraken. In de stopwatch-indicatie zijn verlicht.‹‹.‹‹De tijd begint af te lopen.Stopwatch onderbrekenHet symbool aanraken, de stopwatch-functie wordt ®onderbroken. De indicaties van de stopwatch blijven verlicht.Het symbool opnieuw aanraken, de stopwatch start ®weer.DeactiverenHet symbool enkele seconden lang ingedrukt ®houden. De stopwatch wordt stilgezet en de stopwatch-indicaties verdwijnen.De functie is gedeactiveerd.
18nl TimerfunctiesPowerBoost-functieMet de PowerBoost-functie kunnen grote hoeveelheden water sneller worden verwarmd dan met de betreffende kookstand ‚ƒ. Deze functie is voor alle kookzones alleen beschikbaar wanneer de andere kookzone van dezelfde groep niet in gebruik is. Anders knipperen op het display ˜ en ‚ƒvan de gekozen kookzone; vervolgens wordt automatisch de kookstand ‚ƒ ingesteld, zonder dat de functie wordt geactiveerd. Draai de bedieningsknop in dit geval op de stand 0. Aanwijzing: In het flex-gebied kan de powerboost-functie ook worden geactiveerd wanneer er slechts één kookzone wordt gebruikt. ActiverenOp de bedieningsknop drukken en in de stand Ž draaien. De indicaties en zijn verlicht. ˜ŽDe functie is geactiveerd. DeactiverenBedieningsknop in de gewenste kookstand draaien. De indicaties ˜ en Ž gaan uit en de gekozen kookstand is verlicht. De functie is gedeactiveerd.
Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan PowerBoost-functie automatisch uitschakelen, ter bescherming van de elektronica-elementen binnenin de kookplaat. In dit geval wordt de kookstand automatisch ‚ƒingesteld. De bedieningsknop op de stand 0 of een gewenste kookstand draaien. BraadsensorMet deze functie is het mogelijk om te bakken met behoud van de juiste temperatuur van de pan. Voordelen bij het bakken en braden▯De kookzone warmt alleen op wanneer dit nodig is om de temperatuur te handhaven. Zo wordt energie bespaard en de olie of het vet niet oververhit. ▯De braadfunctie meldt wanneer de lege pan de optimale temperatuur voor toevoeging van de olie en vervolgens het toevoegen van de gerechten heeft bereikt. Aanwijzingen– Geen deksel op de pan leggen. Anders wordt de functie niet juist geactiveerd. Er kan een spatbescherming worden gebruikt, om vetspetters te voorkomen.
– Nooit een pan met of zonder inhoud verwarmen zonder dat er toezicht bij is. – Heeft de kookzone een hogere temperatuur dan de pan of omgekeerd, dan wordt de braadsensor niet op de juiste manier geactiveerd. Pannen voor de braadsensorVoor de braadsensor zijn speciaal geschikte pannen verkrijgbaar. Deze optionele accessoires kunnen achteraf in de vakhandel of via onze technische dienst worden verkregen. Geef steeds het juiste referentienummer op. ▯GP900001 pan met een diameter van 15 cm. ▯GP900002 pan met een diameter van 19 cm. ▯GP900003 pan met een diameter van 21 cm. ▯GP900004 pan met een diameter van 28 cm. Alleen aanbevolen voor de kookzone met drie ringen. De pannen zijn voorzien van een antiaanbaklaag, zodat er voor het bakken en braden slechts weinig olie nodig is. Aanwijzingen– De braadsensor is speciaal ingesteld op pannen van dit type.
19 Timerfuncties nl– Op de flex-kookzone wordt de braadsensor bij een afwijkende grootte van de pan of een slecht geplaatste pan mogelijk niet geactiveerd. Zie het hoofdstuk ~ "Flexibele kookzone"– Andere pannensoorten kunnen oververhit raken. De temperatuur kan lager of hoger zijn dan de gekozen temperatuurstand. Probeer het eerst met de laagste temperatuurstand en verander deze zo nodig. TemperatuurstandenTabelIn de tabel wordt voor alle gerechten weergegeven welke temperatuurstand geschikt is. De baktijd kan afhankelijk van de soort, het gewicht, de grootte en kwaliteit van de gerechten variëren. De ingestelde temperatuurstand varieert afhankelijk van de gebruikte pan. Lege pan voorverwarmen, na het geluidssignaal de olie en het gerecht toevoegen.
Temperatuurstand Geschikt voor1 zeer laag Bereiden en reduceren van sauzen, stoven van groente en bakken van gerechten met koudgeperste olijfolie, boter of margarine. 2 laag Bakken en braden van gerechten met koudgeperste olijfolie, boter of margarine, bijv. omeletten. 3 laag gemiddeld Het bakken of braden van vis en dikke producten, zoals bijv. gehaktballen en worstjes. 4 gemiddeld hoog Het bakken van steaks, medium of well done, gepaneerde diepvriesproducten, dunne bakproducten zoals schnitzels, in reepjes gesneden vlees in saus, en groente. 5 hoog Het bakken en braden van gerechten bij hoge temperaturen, bijv. aardappelpannenkoekjes, gebakken aardappels en steaks rare (saignant). Tempera-tuurstandTotale bereidingstijd vanaf het geluidssignaal (min.
21 Timerfuncties nlZo stelt u inKies de juiste temperatuurstand in de tabel. Een lege pan op de kookzone plaatsen. 1Met de bedieningsknop de gewenste temperatuurstand kiezen. Voor deze functie zijn de temperatuurstanden van 1 tot 5 beschikbaar, zie de tabel met temperatuurstanden. 2Raak het symbool Ú aan, het is oranje verlicht. De indicatie en de gekozen temperatuurstand ‘lichten op. De functie is geactiveerd. De temperatuurindicatie , of en de gekozen ¬ « ªtemperatuurstand zijn verlicht tot de braadtemperatuur bereikt is. Dan klinkt er een signaal en verdwijnt de temperatuurindicatie. 3Doe wanneer de braadtemperatuur bereikt is eerst de olie en vervolgens de gerechten in de pan. Aanwijzingen– Wordt er een temperatuurstand hoger dan 5 gekozen, dan wordt deze automatisch op een †ingesteld. Draai de bedieningsknop in dit geval op de stand 5. – Keer de gerechten, zodat ze niet aanbranden.
Braadsensor uitschakelenDe bedieningsknop waarmee de temperatuur gekozen is op de stand 0 draaien. De kookzone gaat uit en de restwarmte-indicatie verschijnt. Bedieningspaneel blokkeren voor reinigingsdoeleindenWrijft u over het bedieningspaneel wanneer de kookplaat ingeschakeld is, dan kunnen de instellingen veranderen. Om dit te voorkomen kan het bedieningspaneel voor reinigingsdoeleinden worden geblokkeerd. Inschakelen: raak het symbool aan. Er klinkt een −signaal. De indicaties van de actieve functies knipperen. Het bedieningspaneel is gedurende 10 minuten geblokkeerd. Het oppervlak van het bedieningspaneel kan nu worden schoongemaakt zonder dat de instellingen veranderen. Uitschakelen: binnen de volgende 10 minuten opnieuw het symbool aanraken. −Wordt de functie binnen deze 10 minuten niet geactiveerd, dan gaat de kookplaat uit.
Automatische veiligheidsuitschakelingVoor uw bescherming is het apparaat voorzien van een veiligheidsuitschakeling. Afhankelijk van de gekozen kookstand wordt de kookzone gedeactiveerd wanneer er na enige tijd geen actie is uitgevoerd. Een geluidssignaal geeft aan dat de tijd is afgelopen. De lichtring van de geactiveerde bedieningsknop knippert. In de kookzone-indicatie is verlicht. ”‰Draai de bedieningsknop in de stand 0. Het apparaat kan nu opnieuw zoals gebruikelijk worden ingeschakeld. Kookstand Deactiveren na‚10 uurƒ … tot 5 uur† ˆ tot 4 uur‰3 uurŠ ‚‹ tot 2 uur‚‚ tot ‚ƒ 1 uurTemperatuurstand braadsensor Deactiveren na‚ † tot 3 uur.
22nl BasisinstellingenBasisinstellingenBasi si nstel li ngenHet apparaat heeft verschillende basisinstellingen. Deze basisinstellingen kunnen aan uw persoonlijke behoeften worden aangepast.Indicatie Functie™‚Geluidssignalen‹¯ Alle geluidssignalen geactiveerd.*‹”” Alleen het foutsignaal geactiveerd.™ƒPower-management-functie.Totaalvermogen van de kookplaat begrenzen (watt)‹”” Gedeactiveerd.*‚‹‹‹ Laagste stand‚†‹‹ ƒ‹‹‹...І‹‹ Hoogste stand van de kookplaat™„Pan controleren, resultaat van het bereidingsproces‹Niet geschikt‚Niet optimaalƒGeschikt™…Terugzetten naar de standaard instellingen‹””Individuele instellingen.*‹¯ Terugzetten naar de fabrieksinstellingen.* Fabrieksinstellingen
De lichtring van de tbedieningsknop is geel verlicht.4Raak het symbool t aan.De indicaties geven de productinformatie weer.5Door het symbool t opnieuw aan te raken worden de basisinstellingen opgeroepen.In de indicaties lichten en op als ™‚ ‹¯voorinstelling.6Het symbool t zo vaak aanraken tot de gewenste functie wordt weergegeven.7Vervolgens de gewenste instelling kiezen met de symbolen @ en A .8Het symbool t minstens 4 seconden lang aanraken.De instellingen zijn opgeslagen.Menu Basisinstellingen verlaten1De bedieningsknop naar links in de stand draaien.Ž2De bedieningsknop naar rechts in de stand 1 draaien.3De bedieningsknop naar links in de stand 0 draaien.Het symbool en de lichtring van de bedieningsknop tverdwijnen.Productinformatie IndicatieKlantenservice-index (KI) ‹‚Fabricagenummer ”šFabricagenummer 1 І.Fabricagenummer 2 ‹†
24nl BasisinstellingenVormtestMet deze functie kunnen de snelheid en kwaliteit van het kookproces afhankelijk van het kookgerei worden gecontroleerd.Het resultaat is een referentiewaarde en hangt af van de eigenschappen van het kookgerei en de gebruikte kookzone.1De pan bij kamertemperatuur met ca. 200 ml water in het midden van de kookplaat zetten, die qua diameter het beste past bij de bodem van de pan.2Ga naar de basisinstellingen en kies de instelling . De indicatie is verlicht.™„ ‹””3Symbool @ of A aanraken. De indicatie is ‹¯verlicht. Er klinkt een geluidssignaal en de indicaties van de kookzones zijn verlicht.De functie is geactiveerd.De indicatie ¥—¯ is verlicht.
Na enkele seconden verschijnt het resultaat van de kwaliteit en de snelheid van het bereidingsproces in de kookzone-indicaties.Controleer het resultaat aan de hand van de volgende tabel:Om de functie opnieuw te activeren kiest u het symbool @ A of .Aanwijzingen– Bij deze functie mogen de wok en wokaccessoires niet worden gebruikt.– De flex-kookzone is als één kookzone ingesteld; controleer nu één pan.– Is de gebruikte kookzone veel kleiner dan de diameter van het kookgerei, dan zal waarschijnlijk alleen het midden van de pan warm worden en valt het resultaat mogelijk niet optimaal of naar tevredenheid uit.– Informatie over deze functie vindt u in het hoofdstuk ~ "Basisinstellingen"– Informatie over het soort, de grootte en de plaatsing van het kookgerei vindt u in de hoofdstukken en ~ "Koken met inductie"~ "Flexibele kookzone".Resultaat‹Het kookgerei is niet geschikt voor de kookzone en wordt daarom niet verwarmd.*‚Het kookgerei wordt langzamer warm dan verwacht en het kookproces verloopt niet optimaal.*ƒHet kookgerei wordt goed verwarmd en het kookproces verloopt goed.* Is er een kleinere kookzone aanwezig, test het kookgerei dan nog een keer op de kleinere kookzone.
25 Basisinstellingen nlReinigenGeschikte reinigings- en onderhoudsmiddelen kunt u kopen via de klantenservice of in onze e-shop. KookplaatSchoonmakenMaak de kookplaat altijd schoon na het koken. Hierdoor wordt voorkomen dat achtergebleven resten van etenswaar inbranden. Maak de kookplaat pas schoon wanneer de indicatie van de restwarmte verdwenen is. Reinig de kookplaat met een vochtig schoonmaakdoekje en droog hem vervolgens met een doek na, zodat er geen kalkvlekken ontstaan. Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor dit soort kookplaten. Lees de aanwijzingen van de fabrikant op de productverpakking.
Gebruik in geen geval:▯onverdunde afwasmiddelen▯schoonmaakmiddelen voor de vaatwasmachine▯schuurmiddelen ▯scherpe schoonmaakmiddelen zoals ovensprays of vlekkenmiddelen ▯schuursponsjes ▯hogedrukreinigers of stoomstraalapparatenHardnekkig vuil verwijdert u het best met een in de handel verkrijgbare schraper. Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant. Geschikte schrapers kunt u kopen via de klantenservice of in onze online-shop. Met speciale sponsjes voor het reinigen van kookplaten van glaskeramiek bereikt u goede resultaten. Aanwijzing: Gebruik geen schoonmaakmiddelen zolang de kookplaat warm is. Hierdoor kunnen vlekken ontstaan. Zorg ervoor dat alle resten van het gebruikte schoonmaakmiddel worden verwijderd. Omlijsting van de kookplaatOm schade aan de omlijsting van de kookplaat te voorkomen, dient u zich te houden aan de volgende aanwijzingen:▯Gebruik alleen warm zeepsop.
Wok opzetringDe wok opzetring mag niet in de vaatwasser worden gereinigd. Mogelijke vlekkenResten van kalk en waterMaak de kookplaat schoon zodra hij afgekoeld is. Er kan een geschikt schoonmaakmiddel voor kookplaten van glaskeramiek worden gebruikt. *Suiker, maïzena of plasticDirect verwijderen, gebruik een schra-per. Voorzichtig: risico van verbranding. ** Vervolgens met een vochtig schoonmaakdoekje reinigen en met een doek nadrogen.
26nl FAQFAQFAQGeluidenWaarom zijn tijdens het koken geluiden te horen. Afhankelijk van de kwaliteit van de bodem van de pan kunnen bij gebruik van de kookplaat geluiden te horen zijn. Deze geluiden zijn normaal en horen bij de inductietechnologie. Ze wijzen niet op een defect. Mogelijke geluiden:Diep zoemen zoals bij een transformator:Is te horen bij het koken op een hogere kookstand. Het geluid verdwijnt of neemt af wanneer de kookstand lager wordt gezet. Diep fluiten:Is te horen wanneer de pan leeg is. Dit geluid verdwijnt wanneer er water of levensmiddelen in de pan worden gedaan. Knisperen:Is te horen bij pannen die uit verschillende materiaallagen bestaan of bij gelijktijdig gebruik van pannen van verschil-lende grootte en verschillend materiaal. Het volume van het geluid kan variëren, afhankelijk van de hoeveelheid en de bereidingswijze van de gerechten.
Hoge fluittonen:Kunnen ontstaan wanneer voor twee kookzones tegelijk de hoogste kookstand wordt gebruikt. De fluittonen verdwij-nen of worden zwakker wanneer de kookstand lager wordt gezet. Ventilatorgeluid:De kookplaat beschikt over een ventilator die bij hoge temperaturen wordt ingeschakeld. De ventilator kan ook na uit-schakeling van de kookplaat verder lopen, wanneer de gemeten temperatuur nog te hoog is. KookgereiWelk kookgerei is geschikt voor de inductiekookplaat. Informatie over kookgerei dat geschikt is voor inductiekoken vindt u in het hoofdstuk Waarom wordt de kookzone niet warm en knippert de kookstand. De kookzone waarop de pan staat, is niet ingeschakeld. Zorg ervoor dat de kookzone waarop de pan staat ingeschakeld is. De pan is te klein voor de ingeschakelde kookzone of niet geschikt voor inductiekoken.
Infor-matie over het soort, de grootte en de plaatsing van het kookgerei vindt u in de hoofdstukken en Waarom duurt het zo lang tot de pan warm wordt, of waarom wordt hij niet warm genoeg, hoewel er een hoge kookstand is ingesteld. De pan is te klein voor de ingeschakelde kookzone of niet geschikt voor inductiekoken. Ga na of de pan geschikt is voor inductiekoken en of hij op de kookzone met de meest geschikte afmetingen staat. Infor-matie over het soort, de grootte en de plaatsing van het kookgerei vindt u in de hoofdstukken en Hoe worden de kookzones met twee of drie ringen ingeschakeld. Deze kookzones kunnen pannen van verschillende afmetingen herkennen. Afhankelijk van het materiaal en de eigen-schappen van de pan past de kookzone zich automatisch aan door de kookzone met één, twee of drie ringen te active-ren. Zo is het juiste vermogen voor een goed bereidingsresultaat gegarandeerd.
27 FAQ nlWat te doen bij een storing. In de regel gaat het bij storingen om kleinigheden ie gemakkelijk op te lossen zijn. Neem alstublieft de aanwijzingen in de tabel in acht voor u de servicedienst belt. ReinigenHoe wordt de kookplaat schoongemaakt. U bereikt optimale resultaten met speciale reinigingsmiddelen voor glaskeramiek. Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen, schoonmaakmiddelen voor vaatwasmachines (concentraten) of schoonmaakdoekjes. Meer informatie voor de reiniging en het onderhoud van uw kookplaat vindt u in het hoofdstuk ~ "Reinigen"Indicatie Mogelijke oorzaak OplossingGeen De stroomtoevoer is onderbroken. Controleer met behulp van andere elektrische appara-ten of er kortsluiting bij de stoomtoevoer is opgetreden. Het apparaat is niet aangesloten volgens het schakelschema. Zorg ervoor dat het apparaat volgens het schakel-schema is aangesloten.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Gaggenau VI492111 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Gaggenau
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis