Gaggenau KG 491 110 F Handleiding

Gaggenau Fornuis KG 491 110 F

Bekijk gratis de handleiding van Gaggenau KG 491 110 F (64 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 18 mensen. Heb je een vraag over Gaggenau KG 491 110 F of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/64
Bedienings- en montagehandleiding
KG 491
Gaskookplaat

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Gaggenau
Categorie: Fornuis
Model: KG 491 110 F

Handleiding Gaggenau KG 491 110 F – volledige tekst

1KG 491 1. Belangrijk bladzijde 3-4 Veiligheidsvoorschriften bladzijde 3 Voor het eerste gebruik bladzijde 3 Gebruik bladzijde 4 2. Apparaat en principe bladzijde 5 Het apparaat bladzijde 5 Schakelknoppen bladzijde 5 Onderdelen van de branders bladzijde 5 3. Principe bladzijde 6 4. Bediening bladzijde 7-8 5. Tabel voor het kiezen van de juiste stand bladzijde 9 6. De juiste pannen bladzijde 10 7. Praktische tips bladzijde 11 8. Reiniging bladzijde 12-14 9. Onderhoud bladzijde 15 10. Kleine storingen zelf verhelpen bladzijde 1611. Technische gegevens / Tabel gasregelaars bladzijde 17-19 12.

2De grote roestvrijstalen gaskookplaat biedt ucapaciteit en kookplezier in één. • Veel plaats om te werken door de royale indelingvan de kookplaat• Een breed scala aan vermogensstanden door vijf branders waarvan de stand nauwkeurig kanworden ingesteld • Maximaal comfort en veiligheid door deelektronische vlambeveiliging met automatischeherontstekingOm alle mogelijkheden van de gaskookplaat tekunnen benutten, raden wij u aan om degebruiksaanwijzing en de montagehandleidinggoed te lezen voordat u het apparaat voor heteerst in gebruik neemt. U vindt hierin belangrijkeaanwijzingen voor het gebruik, de installatie enhet onderhoud.En nu wensen wij u veel plezier bij hetkoken!

3VeiligheidsvoorschriftenNeem het apparaat niet in gebruik, wanneer hetbeschadigd is. Wanneer u elektrische apparaten in de buurt vande gaskookplaat aansluit, zorg er dan voor dat deaansluitkabels niet in aanraking kunnen komen methete onderdelen. De gebruiker is zelf verantwoordelijk voor het juistegebruik en de goede staat van het apparaat. Schakel het apparaat alleen in, als u er toezicht ophoudt. Gebruik de branders alleen, wanneer er een pan ofschaal op staat. Let u erop dat allebranderonderdelen correct geplaatst zijn. Pas op. Het apparaat wordt tijdens het gebruikheet. Houd kinderen dan ook op een afstand. Dit apparaat mag niet met een stoomreiniger of met waterdruk worden gereinigd. Er bestaat dangevaar voor kortsluiting. Voor alle reparatie- en onderhoudswerkzaamhedendient het apparaat spanningsvrij te wordengemaakt.

Trek hiertoe de stekker uit het stop-contact of schakel de desbetreffende zekering van de huisinstallatie uit. Sluit de gastoevoer af. Reparaties mogen uitsluitend door erkendevakmensen worden uitgevoerd, zodat de veiligheidvan het apparaat gewaarborgd blijft. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteldvoor schade als gevolg van het niet in acht nemenvan de aanwijzingen uit deze gebruiksaanwijzing. Wees voorzichtig met olie en vet. Oververhit vet en oververhitte olie kunnen gemakkelijk vlamvatten (bijvoorbeeld bij frituren). Houd daaromaltijd toezicht als u gerechten in vet of olie bereidt. Technische wijzigingen voorbehouden. Voor het eerste gebruikHaal het apparaat uit de verpakking. Zorg dat deverpakkingsmaterialen op een milieuvriendelijkewijze worden verwerkt. Let op. In de verpakkingbevinden zich toebehoren.

Zorg ervoor dat deverpakkingsmaterialen niet in handen van kinderenkunnen komen. Controleer het apparaat voor het inbouwen opeventuele transportschade. Het apparaat moet voor het eerste gebruik dooreen erkend vakman worden ingebouwd enaangesloten. Daarbij dient aan alle geldendevoorschriften te worden voldaan.

Draai alle schakelknoppen op 0 voordat hetapparaat op het elektriciteitsnet wordt aangesloten. Bij deze gebruiksaanwijzing bevindt zich een bladmet het serienummer van het apparaat. Wijadviseren u dit blad vanwege de garantie bij dezegebruiksaanwijzing en montagehandleiding tebewaren. Lees eerst aandachtig de gebruiksaanwijzing enmontagehandleiding voordat u het apparaat voorhet eerst in gebruik neemt. Reinig het apparaat en de accessoires grondig,voordat u deze voor het eerst gebruikt. Er ontstaandan minder geurtjes tijdens het eerste gebruik enhet apparaat is dan helemaal schoon (zie hoofdstuk“Reiniging”). 1. Belangrijk.

4GebruikHet apparaat is voor huishoudelijk gebruik en magniet voor toepassingen worden gebruikt die niet inde gebruiksaanwijzing vermeld staan. Gebruik de kookplaat alleen voor het bereiden vangerechten. Het apparaat is niet geschikt om er eenruimte mee te verwarmen. Bij gebruik van een gaskookplaat ontstaanwarmteen vocht. Zorg daarom voor een goede ventilatie. Houd de ventilatiemogelijkheden open. Bijlangdurig gebruik van het gastoestel kan extraventilatie nodig zijn, bijvoorbeeld via een deur,raam of afzuigkap. Voor een goede verbranding moet de ruimtewaar het apparaat staat opgesteld een inhoudhebben van minimaal 35 m3, alsmede eenbuitendeur of een raam dat geopend kanworden. De ontluchtingsopeningen aan de achterkant vanhet apparaat mogen niet worden afgedekt. Gebruik de branders alleen, wanneer er eenpan of schaal op staat. Verwarm nooit legepannen of schalen.

Het gebruik van (braad-)pannen of grillstenen diedoor meerdere branders tegelijk worden verwarmdis niet toegestaan. Door de hierbij ontstaneophoping van warmte zou het apparaat beschadigdkunnen raken. Gebruik geen pannen met een diameter kleinerdan 90 mm 280 mm respectievelijk groter dan (320 mm bij de wokbrander). Indien u groterepannen gebruikt, dient u erop te letten dat deafstand tussen de pan en de brandbare delen vande ombouw minimaal 50 mm bedraagt. Als u een pan even van het vuur haalt, zet debrander dan op de kleine vlam. Zo vermindert u hetrisico zich aan de vlam te branden. Bovendienbespaart u gas en ontziet u het milieu. Zorg dat er altijd pannen of schalen op de brandersstaan, als zich boven de kookplaat een afzuigkapbevindt. Anders kunnen door de aanzienlijkewarmteontwikkeling bepaalde onderdelen van deafzuigkap beschadigd raken.

Bovendien kunnenvetdeeltjes in het filter van de kap vlam vatten. Wanneer u een afzuigkap gebruikt die dekeukenlucht naar buiten afvoert, dient u voorvoldoende luchttoevoer te zorgen. Bij een kan het apparaat nietstroomstoring worden gebruikt.

63. PrincipeDe gaskookplaat beschikt over twee normalebranders, twee grote branders en een wokbrander.U kunt het apparaat met één hand bedienen. Dekookplaat is voorzien van een vlamherkenning eneen automatische herontsteking. Wanneer u aan deschakelknop draait wordt de ontsteking geactiveerd.Mocht de vlam tijdens het gebruik uitgaan, danwordt de brander automatisch weer ontstoken.Voor uw veiligheid wordt de gastoevoer bij eenstoring afgesloten. Op deze manier wordt voor-komen dat onverbrand gas uit het apparaat stroomt. Tussen de grote en de kleine vlam is de groottevan de vlam traploos instelbaar.De totale nominale belasting bedraagt:17,0 kW op Hs*-basis (verbrandingswaarde) 15,3 kW op Hi-basis (calorische waarde)De aangegeven nominale belasting wordt bereiktdoor de montage van de juiste gasregelaars.

7Inschakelen• Zet een geschikte pan op de desbetreffendegaspit.• Druk de bijbehorende schakelknop in en draaideze naar links op de gewenste positie tussen de symbolen en . De brander wordt automatischontstoken.• Indien er grote pannen op de branders staan kuntu deze beter op de lage stand ontsteken.• Iedere keer wanneer de gaskookplaat wordtingeschakeld wordt er elektronisch een zelftestdoorgevoerd. Alle elektroden ontsteken en degewenste brander ontvlamt na enkele seconden.Wanneer u nog meer branders aanzet, danontsteekt alleen de desbetreffende elektrode. • Bij het inschakelen van de gaskookplaat wordt degastoevoer elektronisch geopend, hierdoorontstaat er een kort geluid.

Dit is normaal.Tussen de grote en de kleine vlam kunt u degrootte van de vlam traploos instellen doorlangzaam aan de schakelknop de draaien.Mocht de vlam tijdens het gebruik uitgaan(bijvoorbeeld door tocht) dan wordt deze branderautomatisch opnieuw ontstoken.Indien het niet lukt om de brander opnieuw te ont-steken (bijvoorbeeld als de brander door overge-kookt voedsel is vervuild), dan wordt de gastoevoerautomatisch uitgeschakeld. Er klinkt een akoestischsignaal. Draai nu alle schakelknoppen op 0. Wachttotdat het apparaat voldoende is afgekoeld encontroleer vervolgens of alle onderdelen van debrander op de juiste manier zijn geplaatst.Controleer of de branders of de vonkontstekingenvervuild zijn. Let op! Bij een storing aan eenbrander kunt u de andere branders gewoon weergebruiken, echter pas nadat u alle schakelknoppenop 0 heeft gedraaid.4.

Schakel vervolgensterug naar een lagere vlam.Het vermogen van de binnenste brander is bij de normale en grote brander gelijk.De standen in de tabel zijn slechts richtlijnen. De benodigde hoeveelheid warmte hangt af van de aard enhoedanigheid van de gerechten, van de hoeveelheid en van de grootte van de pan.Door de hoge capaciteit worden vet en olie snel verwarmd. Houd altijd toezicht wanneer u gerechten baktof braadt, vet kan vlam vatten, het gerecht kan verbranden.U kunt gerechten die langer moeten koken het beste op de achterste gaspitten bereiden.Gebruik voor het opkoken, frituren en aanbraden van grote hoeveelheden bij voorkeur de grote branderrespectievelijk de wokbrander.

Gebruik geen pannen met een diameter kleinerdan 90 mm 280 mm respectievelijk groter dan (320 mm bij de wokbrander). Indien u groterepannen gebruikt, dient u erop te letten dat deafstand tussen de pan en de brandbare delen vande ombouw minimaal 50 mm bedraagt. Houd er bij de aanschaf van pannen rekening meedat fabrikanten vaak de bovendiameter van de panvermelden. Die is meestal iets groter dan debodemdiameter.Let op de aanwijzingen van de pannenfabrikant!Gebruik alleen kookgerei waarvan door defabrikant is aangegeven dat het geschikt is voorgas. Gebruik pannen met hittebestendigehandvatten. Gebruik pannen met een dikke bodem. Hierbij isde warmteverdeling, vooral bij kleine vlambeduidend beter. Hoe beter de grootte van de panaansluit op de grootte van de brander, des te beterwordt de energie benut.

Hierdoor bespaart ukosten.Zet voor een gelijkmatige warmteverdeling de panmidden op de brander. De vlam dient door debodem van de pan te worden afgedekt.Plaats de pannen zodanig dat deze veilig en rechtop het rooster staan. Draai de steel van eenkoeken- of hapjespan naar de zijkant, laat deze nietaan de voorkant van de kookplaat uitsteken. Om tegaranderen dat de pan vast op het rooster staatdient de bodem van de pan vlak te zijn en niet holof bol.Plaats een passend deksel op de pan, zo verkort ude opkooktijd. Bij pannen met een glazen dekselkunt u het bereidingsproces observeren zonder datu het deksel hoeft op te tillen. 106. De juiste pannen KG 491 Aanbevolen Minimale grootte van grootte van de pan de pan Normale brander 200 - 240 mm 90 mm Grote brander 240 - 280 mm 90 mm Wokbrander 240 - 320 mm 160 mm

De wok en de accessoires (niet bijgeleverd) – De “oerwok" is de ideale wok voor uwgaskookplaat. – De wok is een braadpan in de vorm van een halvebol en voorzien van een lange steel of houtengreep. De wanden zijn schuin. Het dunne metaalgeeft de warmte snel door aan het gerecht, maarkoelt ook snel weer af, als u de vlam lager zet. Het gerecht kan zo niet te gaar worden. – Wokken hebben een doorsnede van 35 - 40 cm enzijn groot genoeg voor 4-persoonsgerechten. – Let er bij de wok met ronde bodem op dat dezetijdens het koken vast op de pandrager staat. – Wokken zijn in diverse materialen verkrijgbaar. Gietijzeren wokken staan extra stevig en houdende warmte goed vast. – Het deksel is rond en hoog. Als u het dekselgebruikt, kunt u ook stoven en smoren. – Het halfronde rooster hangt u aan de rand van dewok.

Hierop kunt u ingrediënten stoven,gefrituurde gerechten laten uitdruppelen enaangebraden vlees warm houden. – Gebruik voor het roeren bij voorkeur een “chan"(een spatel met afgeronde vormen) of een houtenspatel. – Met een scheplepel haalt u de gerechten weeruit de pan. – Gebruik een schuimspaan om gefrituurdegerechten uit het vet of grote stukken vlees uit desaus te halen. – Voor stomen kunt u bamboemandjes gebruiken. Koken in een wokIn een wok kunt u braden, stoven, frituren, smorenen “gewoon" koken. Over het algemeen wordt de wok echter gebruikt voor het zogenaamderoerbakken. Kleingesneden ingrediënten wordendaarbij in korte tijd op grote vlam – al roerend –gaar gebakken. In een grote, ronde pan kunt u eengerecht veel sneller en eenvoudiger roeren enkeren dan in een gewone braadpan. Door hetroeren bakt het gerecht niet aan. Overtollige olieverzamelt zich onderin de pan.

Het is ook belangrijk dat u dejuiste volgorde aanhoudt. Eerst doet u deingrediënten met de langste bereidingstijd in dewok, bijvoorbeeld harde groenten zoals wortels. Pas later voegt u die producten toe die een korterebereidingstijd hebben, bijvoorbeeld zachtegroenten zoals champignons en taugé. Ga als volgt te werk:– Doe olie in de wok en zwenk deze voorzichtigrond. Wij adviseren het gebruik van notenolie ofsojaolie. – Verhit de olie tot vlak onder het rookpunt. U kuntnu gaan roerbakken. – Snijd het te bereiden product in ongeveer evengrote stukken, maar niet te klein, anders brandthet te snel aan. – Als u grote hoeveelheden wilt bereiden, kunt u beter met porties werken, anders wordt hetgerecht niet overal voldoende verhit. – Is het gerecht klaar, dan kunt u het op de kleinstevlam warm houden. Reinig de wok na iedergebruik en wrijf deze daarna met olie in omroestvorming te voorkomen.

12Houd de ontluchtingsopeningen aan de achter-kant van het apparaat goed schoon. De ontluch-tingsopeningen mogen niet worden afgedekt. De lichte metalen kleur van de branders(branderkopdeksel, branderring en branderkop)verandert tijdens het gebruik, deze wordtdonkerder. Deze verandering van kleur is niet vaninvloed op de werking van de kookplaat. Reinig het apparaat grondig vóór de eersteingebruikneming en na ieder volgend gebruik. 8. Reiniging Let op! Dit apparaat mag niet met eenstoomreiniger of met waterdruk worden gereinigd,er bestaat dan gevaar van kortsluiting!Pas op, verbrandingsgevaar! Wacht met hetreinigen totdat de kookplaat zodanig isafgekoeld dat deze nog slechts handwarm is.Schakel de kookplaat nooit tijdens hetreinigen in. WokbranderBranderkopdekselBranderringBranderkopElektrode Onderkant branderNormale brander / grote brander

13Gebruik voor het schoonmaken nooit schurende ofchemisch agressieve middelen (bijvoorbeeldovensprays) en ook geen polijstmiddelen. Gebruikbovendien geen schurende sponzen. Wacht met het reinigen totdat het apparaatzodanig is afgekoeld dat het nog slechtshandwarm is. • Til eerst een pandrager aan de zijkant met beidehanden naar boven toe op (Pas op. Er kunnenkrassen op de vangschaal ontstaan. ). Verwijdervervolgens de beide andere pandragers. • Verwijder branderkopdeksel, branderringen enbranderkop. • Belangrijk. Reinig de onderdelen van debrander pas als deze zijn afgekoeld. • Laat ingebrande verontreinigingen inweken ineen beetje water met afwasmiddel. Op dezemanier weken zelfs hardnekkige verontreinigingenlos. Gebruik geen schurende middelen ofkrassende sponzen. • Gebruik slechts weinig water voor het reinigenvan de vangschaal.

Let op dat er geen water in deonderdelen van de brander dringt. • Door de warmteontwikkeling kunnen er op hetroestvrijstalen oppervlak kleine verkleuringenontstaan. Probeer niet deze verkleuringen wegte schuren. U beschadigt hierdoor het oppervlak. Verdeel een dun laagje onderhoudsmiddel voorroestvrij staal gelijkmatig op de kookplaat (niet ophet bedieningspaneel. ). Zo blijft het oppervlakgelijkmatig en de kookplaat ziet er na jaren nogmooi uit. • Maak de onderdelen van de brander droog. Hetapparaat mag alleen in gebruik worden genomenwanneer de onderdelen droog zijn. Vochtigeonderdelen van de brander zorgen voor proble-men bij de ontsteking. Bovendien is het mogelijkdat hierdoor de vlam niet regelmatig brandt. • Plaats bij het monteren de branderring en debranderkop zodanig op de brander dat de pootjesin de hiervoor bestemde uitsparingen vallen. • Belangrijk.

Onderdeel/materiaal Reinigingsadvies Let op het volgende. Schakelknoppen Met een vochtige doek afnemen. De doek mag niet te nat zijn omdat er anders water achter de schakelknop in het apparaat kan dringen. Pandrager Voor het reinigen van de brander nemen. Niet in de vaatwasser reinigen. (gietijzer, email) Inweken in de spoelbak. Bij sterk ingebrande verontreinigingen Met een afwasborstel en afwasmiddel laten weken in de spoelbak. reinigen. Het gebruik van schurende reinigings-middelen beschadigt het email. zie de volgende bladzijde.

14 Onderdeel/materiaal Reinigingsadvies Let op het volgende. Branderkop- Verwijder grove verontreinigingen Niet in de vaatwasser reinigen. deksel, branderring, met een vochtige doek en afwasmiddel. Let erop dat de openingen niet branderkop Met een polijstmiddel voor messing zijn verstopt. (messing) polijsten om de oorspronkelijke, metalen Pas op dat u de kleine onderdelen glans weer terug te krijgen. niet kwijt raakt. Branderkop wok Met afwasborstel en afwasmiddel Niet in de vaatwasser reinigen. (gietijzer, email) reinigen. Elektrode Met een borstel, fijn schuurpapier of Een vervuilde elektrode kan leiden tot een schuurspons reinigen. storingen bij het ontsteken of bij de vlambeveiliging. De elektrode is fragiel, voorzichtig reinigen,niet verdraaien of beschadigen. Pas op. Schakel de kookplaat nooittijdens het reinigen in.

Vangschaal Met heet water, afwasmiddel en een Voorkom krassen door bij het geborstelde (roestvrij staal, doek. Ingebrande verontreinigingen oppervlak in de bak altijd in de borstel- gekogelstraald met een beetje sop van afwasmiddel richting te wrijven. resp. geborsteld) laten weken. Wrijf de vangschaal Er kunnen lichte vlekken op het oppervlak direct na het reinigen met een zachte ontstaan wanneer samen met de veront- doek droog om watervlekken te reiniging ook de op natuurlijke wijze voorkomen. ontstane oxidatielaag wordt verwijderd. Voor sterke verontreinigingen kunt u Breng na het reinigen een dun laagje bij uw vakhandelaar het Gaggenau- onderhoudsmiddel voor roestvrij staal reinigingsmiddel voor roestvrij staal gelijkmatig op de gehele vangschaal (bestelnummer 310631) verkrijgen. aan. Zo krijgt u de natuurlijk kleur van Let op. Er mag geen vocht via de roestvrij staal weer terug.

Haal voor elke reparatie de spanning van hetapparaat en sluit de gastoevoer af. Controleer bij eventuele storingen of gas- enstroomvoorziening in orde zijn. Bij een stroomstoring kan de gaskookplaat nietworden gebruikt.Indien er een stroomstoring optreedt wanneer degaskookplaat in gebruik is, draai dan alleschakelknoppen op 0. Om de gaskookplaat na eenstroomstoring weer te kunnen gebruiken, moet ueerst alle schakelknoppen op 0 en vervolgens opde gewenste stand draaien. Controleer bij een storing eerst aan de hand van destoringstabel op bladzijde 16 of u de storing zelfkunt verhelpen. Is het probleem dan nog nietverholpen, neem dan contact op met uwvakhandelaar of de Gaggenau-klantenservice.Vermeld daarbij het type apparaat (zie typeplaatje). Reparaties mogen uitsluitend door erkendevakmensen worden uitgevoerd, zodat de veiligheidvan het apparaat gewaarborgd blijft.

Kleine storingen zelf verhelpenGeen stroom-voorzieningOntsteek het apparaat opnieuw.Indien het apparaat niet functioneert neem dan contact op met de Gaggenau-klantenserviceBrander ontsteekt niet wanneer dezewordt ingeschakeldBeveiliging tegenoververhittingWacht totdat hetapparaat isafgekoeld en hetakoestischesignaal ophoudtDraai alle schakelknoppen op 0Brander dooft tijdens het gebruikEr klinkt eenakoestischsignaalEr klinkt een akoestisch signaalControleer dezekeringHet akoestischesignaal houdt opHet akoestischesignaal houdt opHet akoestischesignaal houdtniet op• Is de brandercorrectgemonteerd?• Is de gaskraanopengedraaid?• Is de branderdroog enschoon?• Zit er lucht inde leiding nahet aansluitenof na hetwisselen van de gasfles (bijvloeibaar gas)?• Bij vloeibaargas: is degasfles leeg?Wacht totdat het apparaat isafgekoeld,controleer dan:• Is de brandercorrectgemonteerd?• Is de vonkont-steking vuil(etensresten) of vochtig?• Is de branderdoor overge-kookt voedselvervuild?• Sterke tocht(bijv.

Belangrijke aanwijzingenHoudt u zich aan de veiligheidsvoorschriften ende aanwijzingen uit hoofdstuk 1. De installateur is verantwoordelijk voor het goedfunctioneren van het apparaat op de plaats vanopstelling. Hij dient de gebruiker aan de hand vande gebruiksaanwijzing de werkwijze van hetapparaat uit te leggen. Voorts dient hij de gebruikerte tonen, hoe - in geval van nood - het apparaatspanningsvrij kan worden gemaakt en hoe degastoevoer kan worden afgesloten. Controleer het apparaat na het uitpakken opeventuele transportschade en meld dezeonmiddellijk bij het expeditiebedrijf. Let op. Controleer voordat u het apparaat aansluit of deplaatselijke specificaties van het aansluitpuntovereenkomen met de specificaties van hetapparaat voor wat betreft gassoort, gasdruk ennetspanning. De gegevens van het apparaat vindt uop de sticker bij het gasaansluitpunt of op hettypeplaatje.

Deze gaskookplaat voldoet aan deeisen van de categorieën die op het typeplaatjestaan vermeld. Het typeplaatje bevindt zich op hetapparaat en staat bovendien op het bijgevoegdelosse blad. Door de gasregelaars te vervangen, kanhet apparaat voor alle vermelde gassoorten wordeningesteld. Mochten de gegevens nietovereenkomen, dan moet het apparaat aan dedesbetreffende gassoort en gasdruk wordenaangepast. De gaskookplaat heeft geen eigen afvoerkanaalvoor verbrandingsgassen. De geldendeinstallatievoorschriften moeten dan ook zorgvuldigin acht worden genomen. Dit apparaat mag zonder speciale voorzorgsmaat-regelen in keukenmeubilair van hout of anderbrandbaar materiaal worden ingebouwd. De muurachter het apparaat dient uit niet brandbaarmateriaal te bestaan.

Tussen het apparaat en temperatuurgevoeligemeubeldelen of zijwanden (bijvoorbeeld de zijwandvan een kast) dient een afstand te wordenaangehouden van minimaal 300 mm. De kookplaat valt onder apparaatklasse 3 en moetvolgens de inbouwschets in het werkblad wordeningebouwd. Het apparaat mag niet onder een hangkast wordeningebouwd.

Bij plaatsing onder een afzuigkap dienteen afstand te worden aangehouden van minimaal760 mm. Wandafdichtstrips moeten hittebestendigzijn. Neem tussen kookplaat en wandafdichtstripeen afstand in acht van minimaal 30 mm. De gaskookplaat dient door een erkend installateurte worden ingebouwd en aangesloten. Deze houdtzich strikt aan de landelijke voorschriften. Technische wijzigingen voorbehouden. 2012. Montagehandleiding.

Belangrijk voor de ventilatie:Deze gaskookplaat heeft een nominale belastingvan 17 kW (Hs).Bij gelijktijdig gebruik van alle branders van hetapparaat vindt er een grote warmte- envochtontwikkeling op de plek van opstelling plaats.Daarom dienen er voldoende maatregelen teworden getroffen die voor een toereikendeluchttoevoer en – afvoer zorgen. Dit kan bijvoorbeeld worden bereikt door deinstallatie van een luchtafzuigkap die over eenminimaal afzuigvermogen van 264 m3/h (= 15 m3/hper kW nominale belasting) beschikt. Voor de ventilatie dienen geschikte openingenaanwezig te zijn, zoals een deur naar buiten of eenraam dat kan worden geopend.

Tijdens het gebruik van de gaskookplaat moet deafzuigkap zodanig worden gebruikt, dat hoe meerbranders er in gebruik zijn, des te hoger deafzuigstand die op de afzuigkap moet wordengekozen.Elektrische aansluitingMaak voor de elektrische aansluiting (AC 220-240 V)gebruik van een aansluitkabel met geaarde stekkeren sluit deze aan op een volgens de voorschriftengeaarde contactdoos die ook na het inbouwen vande gaskookplaat toegankelijk moet zijn.Kan de stekker na de montage niet meer uit decontactdoos worden getrokken, dan moet hetapparaat met alle polen van de netspanning kunnenworden losgekoppeld via een toegankelijkescheidingsinrichting met minimaal 3 mm contact-afstand.

Let er bij het aansluiten op dat de aansluit-kabel niet in aanraking komt met hete delen van degaskookplaat of hete delen van andere apparatuur.Draai alle schakelknoppen op 0 voordat hetapparaat op het elektriciteitsnet wordt aangesloten.De aansluitkabel dient minimaal van het type H 05 V2V2 3G 0,75 te zijn of een overeen-komstige hittebestendigheid te hebben (minimaal 90 °C).De aansluitkabel mag alleen bij een vakmanworden gekocht en door deze wordenaangesloten.Houdt u rekening met de gegevens op hettypeplaatje en sluit de aarddraad aan. Sluit deaansluitkabel op de netspanning aan.21

Voorbereiding van het inbouwmeubel22D > 26D = 2680 x470min. 5 16 – 26min. 5442,50 1,4 m1308*914510min. 35min.30885490min. 50190* 16,5 an denLuftansaugschlitzenmin. 87,5max. 122,5*(*SV405-011/012: max. 162,5)906035*16,5 bij de luchtaanzuigopeningenLet op! De kookplaat kan worden ingebouwd ineen onderkast die minimaal 900 mm breed is.Hierbij is de uitsparing in het werkblad net ietsgroter dan de breedtemaat van de binnenkant vande onderkast. Het apparaat mag niet boven eenlade worden ingebouwd.• Maak een uitsparing in het werkblad. Houdt u zichaan de inbouwschets en de maattabel. Let op!

De hoek tussen het snijvlak en hetwerkblad dient 90° te zijn.• Maak volgens de inbouwschets boorgaten Ø 35 mm voor bevestiging van de schakel-knoppen in het front van de onderkast.• Indien het frontpaneel dikker is dan 26 mm, danmoet dit van achteren in de afmetingen van 80 x 470 mm zover worden uitgefreesd dat hetfrontpaneel op deze plaats niet dikker is dan 26 mm.

Inbouw van de kookplaat Let op het volgende: indien het apparaat aan eenandere gassoort wordt aangepast, dienen de gas-regelaars te worden vervangen voordat het appa- raat wordt ingebouwd (zie bladzijde 27 - 29).• Verwijder voor het inbouwen de beschermfolie ende piepschuim verpakkingsonderdelen bij deschakelknoppen.• Houd de montageplaat van achteren tegen hetfrontpaneel aan (het profiel van de plaat moetbeneden aan de achterkant zitten), steek deschakelknoppen van voren in de boorgaten enschroef deze van achteren met de bijgevoegdemoeren vast. Zorg ervoor dat de schakelknoppenop de juiste plek voor de bijbehorende branderskomen.• Draai de bevestigingsmoeren van de vangschaallos en til de schaal voorzichtig naar boven toeeraf.Let op!

Bij het gebruik van een flexibele gasleidingkan de kookplaat op het gas worden aangeslotenvoordat deze in het werkblad is geplaatst.• Draai de spanklemmen naar de zijkant. Plaats dekookplaat waterpas in de uitsparing en stel deze. Let op! Spuit geen siliconenkit tussen de kook-plaat en het werkblad.• Draai de spanklemmen onder het werkblad endraai ze vervolgens van bovenaf vast (om deklemmen vast te draaien moeten deze linksomworden gedraaid). Span de klemmen niet te strak.Zorg ervoor dat de spleet tussen kookplaat enwerkblad rondom gelijkmatig is.23

Montage van de assen Voor de inbouw in extra diepe werkbladen zijnasverlengstukken (SV 405-001 / SV 405-002 / SV 405-003) apart bij te bestellen.Voor een grotere afstand van de schakelknoppentot het werkblad zijn asverlengstukken (SV 405-011 /SV 405-012) apart bij te bestellen.• Schroef beide afdekplaten los, schuif ze naar hetmidden en verwijder ze vervolgens.• Steek de assen van achteren in de openingen bijde schakelknoppen. Let erop dat het brederelipje bij de schakelknop in de bredere opening bijde as valt. Er zijn vier assen van dezelfde lengteen één langere as: deze is voor de wokbrander(middelste schakelknop).• De gaskranen bij de branders moet op de nul-stand staan (met de vlakke delen naar boven).Schuif de assen op de pennen bij de gaskranen.• Zet elke as met de borgschroef vast.• Plaats beide afdekplaten en schroef deze vast.24min.

Gasaansluiting Het gasaansluitpunt moet zich op een plaatsbevinden waar de afsluitkraan toegankelijk enzichtbaar is (eventueel na het openen van eenkastdeurtje). Het apparaat moet met de bijgeleverde bocht R 1/2“en de bijgevoegde afdichting worden aangeslotenop een vaste aansluitleiding of een gekeurdeveiligheidsslang, overeenkomstig DIN 3383 deel 1.Bij een veiligheidsslang die slechts gedeeltelijkvan metaal is, mag de omgevingstemperatuur niethoger zijn dan 70 °K. Is de veiligheidsslang geheelvan metaal, dan mag de omgevingstemperatuurniet hoger zijn dan 115 °K.Een flexibele leiding moet zo worden gelegd datdeze niet in aanraking komt met bewegende delenvan keukenelementen (zoals een lade).• Draai de schakelknoppen op de nulstand. • Sluit het apparaat op de gasleiding aan. • Controleer de aansluiting op gaslekkage. • Plaats de vangschaal en schroef deze gelijkmatigvast.

Zet alle branders op de juiste manier inelkaar.• Sluit het apparaat op de netspanning aan encontroleer of het goed functioneert. Indien hetapparaat vanzelf uitschakelt, bevindt er zichmogelijk lucht in de gasleiding. Draai de schakel-knop op 0 en ontsteek de brander opnieuw. Indiennodig, herhalen totdat het apparaat ontsteekt.2650max.10528 1/2”

27Het vervangen van de gasregelaars Ombouw voor een andere gassoortHet aanpassen aan een andere gassoort dientalleen door een erkend vakman te geschieden.De voor de nieuwe gassoort benodigde gasrege-laars kunt u als setje bestellen. Vermeld daarbij hetapparaattype en de gassoort.

U kunt de regelaarsvervangen zonder het apparaat uit te bouwen.Belasting bij alle gassoortenDe nominale belasting wordt bij alle gassoorten engasdrukken bereikt door het gebruik van de voorde desbetreffende gassoort bestemde gasregelaar- bij grote en kleine vlam (zie de tabel gasregelaars).Het vervangen van de kleine-vlam-regelaars• Haal de spanning van het apparaat, sluit degastoevoer af!• Verwijder roosters, branderkopdeksels,branderringen en branderkoppen.• Draai de bevestigingsmoeren van de vangschaallos (bij elke brander 3 moeren SW7 en 2 Torx T20bij de wokbrander) en til de bak voorzichtig naarboven toe eraf.• Schroef beide afdekplaten los, schuif ze naar hetmidden en verwijder ze vervolgens. • Verwijder de assen tussen de schakelknoppen ende gaskranen.

• Schroef de afdekking bij de assen van degaskranen los en verwijder deze.• Draai de as van de gaskraan met het kunststofonderdeel zodanig dat de uitsparing boven dedesbetreffende gasregelaar komt. Schroef degasregelaar eruit en verwijder deze met behulpvan een kleine tang. • Schroef de nieuwe kleine-vlam-regelaars dieovereenkomen met de gegevens uit de tabel voorde gasregelaars tot aan de aanslag erin.Belangrijk! Let er bij het plaatsen op dat dedichtring niet wordt beschadigd.• Plaats de assen en afdekkingen in omgekeerdevolgorde weer terug.Voor het instellen van de gasregelaars zie de tabel op de bladzijden 17 - 19.Kleine-vlam-regelaar buitenkant Kleine-vlam-regelaarbinnenkant

Het vervangen van de hoofdregelaars bijnormale en grote branders• Trek de veiligheidsclips van de branderleidingen.De vonkontsteking mag aangesloten blijven.Schroef de branders los (Torx T20) en trek dezevan de branderleidingen.• Trek de regelaars met de hand van debranderleidingen af, verwijder de dichtringen.• Controleer of de dichtringen correct in de nieuweregelaars zitten. Schuif de regelaars op debranderleidingen. Pas op! Verbuig debranderleidingen hierbij niet.• Steek de branders op de branderleidingen. Klikde veiligheidsclips op de branderleidingen. • Schroef de branders vast. • Luchtmengbuis na het losdraaien van de schroefop de juiste mengverhouding instellen (zie tabelgasregelaars). Draai de schroef vervolgens weervast.28Voor het instellen van de gasregelaars zie de tabel op de bladzijden 17 - 19.Hoofdregelaar buitenkantHoofdregelaarbinnenkant

• Luchtmengbuis na het losdraaien van de schroefop de juiste mengverhouding instellen (zie tabelgasregelaars). Draai de schroef vervolgens weervast. • Plaats de vangschaal en schroef deze gelijkmatigvast.Controle van de werking van het apparaatDe branders zijn goed ingesteld, wanneer devlammen geen gele punten meer vertonen. Verdermogen de branders niet uitgaan als snel wordtovergeschakeld van grote naar kleine vlam.Vergeet niet de oude sticker bij het gasaansluitpuntte vervangen door de sticker die bij hetregelaarssetje is gevoegd. Zo documenteert u deaanpassing aan de andere gassoort. 9000044573 nl 01.05 EB 29Voor het instellen van de gasregelaars zie de tabel op de bladzijden 17 - 19.HoofdregelaarbuitenkantHoofdregelaarbinnenkant

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Gaggenau KG 491 110 F stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden