Fiat Grande Punto Actual (2017) Handleiding
Pagina's 214 Nederlands Auto
Bekijk de handleiding van Fiat Grande Punto Actual (2017) gratis online of download de PDF. 88 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Fiat |
| Categorie: | Auto |
| Model: | Grande Punto Actual (2017) |
Handleiding Fiat Grande Punto Actual (2017) – volledige tekst
Wij raden u aan de waarschuwingen en tips aandachtig te lezen die worden voorafgegaan door de symbolen:veiligheid van de inzittenden;conditie van de auto;bescherming van het milieu.In de bijgevoegde “Service- en garantiehandleiding” vindt u de extra service van Fiat:❒het garantiecertificaat en de bijbehorende voorwaarden❒een overzicht van de speciale aanvullende service voor cliënten.Veel leesplezier en goede reis!Hoewel in dit instructieboekje alle uitvoeringen van de Fiat Punto beschreven worden, dient u zich aan de informatie te houden met betrekking tot de uitrusting, de motoruitvoering en het model van de auto die u gekocht hebt.
ABSOLUUT LEZEN!KBRANDSTOF TANKENBenzinemotoren: tank uitsluitend loodvrije benzine met een minimum octaangetal van 95 RON die voldoet aande Europese specificatie EN228.Dieselmotoren: tank uitsluitend diesel voor motorvoertuigen conform de Europese specificatie EN590.Het gebruik van andere producten of mengsels kan de motor onherstelbaar beschadigen en het vervallen van de garantie tot gevolg hebben.MOTOR STARTENBenzinemotoren: controleer of de handrem is aangetrokken; zet de versnellingspook in vrij; trap het koppelings-pedaal volledig in, maar trap het gaspedaal niet in; draai vervolgens de contactsleutel in stand AVV en laat de sleutellos zodra de motor aanslaat.Dieselmotoren: controleer of de handrem is aangetrokken; zet de versnellingspook in vrij; trap het koppelingspe-daal volledig in, maar trap het gaspedaal niet in; draai vervolgens de contactsleutel in stand MAR en wacht tot de waar-schuwingslampjes Yen mdoven; draai de contactsleutel in stand AVV en laat de sleutel los zodra de motoraanslaat.
PARKEREN BOVEN BRANDBARE MATERIALENOnder normale bedrijfsomstandigheden bereikt de katalysator hoge temperaturen. Parkeer de auto dus niet op grasof boven droge bladeren, dennennaalden of ander ontvlambaar materiaal: brandgevaar.BESCHERMING VAN HET MILIEUDe auto is uitgerust met een diagnosesysteem, dat continu controles uitvoert op de componenten die van invloedzijn op de uitlaatgasemissie zodat overmatige vervuiling van het milieu wordt voorkomen.
ELEKTRISCHE APPARATUURAls u na aanschaf van uw auto accessoires wilt monteren die stroom verbruiken (waardoor de accu langzaam kan ontladen), wendt u dan tot het Fiat Servicenetwerk, dat kan controleren of de elektrische installatie van de auto geschikt is voor het extra stroomverbruik.CODE-cardBewaar deze op een veilige plaats, maar niet in de auto. Wij raden u aan de elektronische code van de CODE-cardaltijd bij u te hebben.GEPROGRAMMEERD ONDERHOUDBedenk dat een goed onderhoud van de auto de beste manier is om de prestaties en de veiligheid van de auto gedurende langere tijd te garanderen. Daarbij wordt ook het milieu ontzien en blijven de exploitatiekosten laag.IN HET INSTRUCTIEBOEKJE....…vindt u informatie, tips en belangrijke waarschuwingen voor het juiste gebruik, veilig rijden en het onderhoud vanuw auto.
6VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGSYMBOLENOp of in de nabijheid van enkele onder-delen van uw auto zijn plaatjes met een be-paalde kleur aangebracht, met daaropsymbolen die uw aandacht vragen en dievoorzorgsmaatregelen aangeven die u inacht moet nemen als u met het be-treffende onderdeel te maken krijgt.Onder de motorkap is een plaatjefig. 2 aangebracht, waarop de betekenis van desymbolen wordt verklaard.FIAT CODEVoor een nog betere bescherming tegendiefstal is de auto uitgerust met een elek-tronische startblokkering. Het systeemschakelt automatisch in als de contact-sleutel wordt uitgenomen.In iedere sleutel zit een elektronischecomponent gemonteerd die bij het star-ten van de motor een signaal ontvangt viaeen speciale antenne die in het start-/con-tactslot is ingebouwd.
Het signaal wordtbij het starten omgezet in een gecodeerdsignaal en vervolgens aan de regeleenheidvan het CODE-systeem gezonden, die, alsde code wordt herkend, het starten vande motor mogelijk maakt.fig. 2 F0M0005m
7VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGDraai in dat geval de sleutel in standSTOP en vervolgens opnieuw in standMAR; als de motor geblokkeerd blijft,probeer het dan opnieuw met de anderegeleverde sleutels. Als de motor nog nietaanslaat, wendt u dan tot het Fiat Servi-cenetwerk.Als het lampje Ytijdens hetrijden gaat branden❒Als het lampje Ygaat branden, be-tekent dit dat het systeem zichzelf con-troleert (bijv. bij een vermindering vande spanning).
❒Als het lampje Yblijft branden, moetu zich tot het Fiat Servicenetwerkwenden.Bij krachtige stoten kunnende elektronische componen-ten in de sleutel beschadigdworden.WERKINGAls u bij het starten van de motor de sleu-tel in stand draait, stuurt het FiatMAR CODE-systeem een code naar de rege-leenheid van de motor die, als de codewordt herkend, de blokkering van de func-ties opheft.De code wordt alleen verzonden als deregeleenheid van het Fiat CODE-systeemde door de sleutel verzonden code heeftherkend.Door de contactsleutel op STOP tedraaien, schakelt het Fiat CODE-systeemde functies van de regeleenheid van hetmotormanagementsysteem uit.Als bij het starten de code niet wordt her-kend, gaat op het instrumentenpaneel hetwaarschuwingslampje Ybranden.
8VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGSLEUTEL METAFSTANDSBEDIENING fig. 4(optional voor bepaaldeuitvoeringen/markten)De metalen baard A dient voor:❒het start-/contactslot;❒de sloten van de portieren;❒het ver-/ontgrendelen van de tankdop(voor bepaalde uitvoeringen/markten);Als u op de knop drukt, wordt de me-B talen baard in-/uitgeklapt. Knop Ëdient voor het ontgrendelen vande portieren en de achterklep.Knop Ádient voor het op afstand ver-grendelen van de portieren en de baga-geruimte.Knop Rdient voor het openen van deachterklep.Als de portieren worden ontgrendeld,wordt de interieurverlichting een bepaal-de tijd ingeschakeld.DE SLEUTELSCODE CARD fig.
3 (optional voorbepaalde uitvoeringen/markten)Bij de auto worden twee sleutels geleverden de CODE-card waarop staan aange-geven:Ade elektronische code;Bde mechanische code van de sleutelsdie bij aanvraag van duplicaatsleutelsaan het Fiat Servicenetwerk moetworden overhandigd.Wij raden u aan de elektronische codevan de CODE-card altijd bij u teA-fig. 3 hebben.BELANGRIJK Om schade aan de elektro-nische schakelingen in de sleutels te voor-komen, mogen de sleutels niet aan direc-te zonnestraling worden blootgesteld.Als de auto wordt verkocht,moeten alle sleutels en deCODE-card overhandigd wor-den aan de nieuwe eigenaar.fig.
9VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGInformatie van het lampje op hetdashboardAls de portieren worden vergrendeld, gaathet bewakingslampje A-fig. 5 ongeveer3 seconden branden en daarna knipperen(bewakingsfunctie).Als u de portieren vergrendelt en een ofmeer portieren of de achterklep zijn nietgoed gesloten, dan gaan het lampje en derichtingaanwijzers snel knipperen.fig. 5 F0M0013mfig. 7fig. 6 F0M0395mF0M0396mBATTERIJ VAN DE SLEUTELMET AFSTANDSBEDIENINGVERVANGEN fig.
6Ga voor het vervangen van de batterij alsvolgt te werk:❒druk op de knop en klap de meta-Alen baard B uit;❒draai de schroef in stand C:m.b.v.een kleine schroevendraaier;❒trek de batterijhouder Dnaar buitenen vervang de batterij ; let daarbijEgoed op de polariteit;❒plaats de batterijhouder in de sleutelDen draai de schroef C in stand Á.FRONTJE VANAFSTANDSBEDIENINGVERVANGEN fig. 7Volg voor het vervangen van het frontjevan de afstandsbediening de in de figuur afgebeelde procedure.
10VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGMECHANISCHE SLEUTEL fig. 8De metalen baard zit vast aan de sleutel.ADe sleutel dient voor:❒het start-/contactslot;❒de sloten van de portieren;❒het ont-/vergrendelen van de tankdop(voor bepaalde uitvoeringen/markten).fig. 8 F0M0352mDIEFSTALALARMHet diefstalalarm van de auto is opgeno-men in het Fiat Lineaccessori-programma.Lege batterijen zijn schadelijkvoor het milieu. Ze moeten indaarvoor bestemde containersworden gedeponeerd of kun-nen ingeleverd worden bij het Fiat Ser-vicenetwerk. Dit zal vervolgens zorg-dragen voor de afvoer.Extra afstandsbedieningenbestellenHet systeem kan maximaal 8 afstandsbe-dieningen herkennen. Als u in de loop dertijd een nieuwe afstandsbediening nodighebt, kunt u zich tot het Fiat Servicenet-werk wenden.
11VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGHieronder worden alle met de sleutel in te schakelen functies samengevat (met en zonder afstandsbediening):Type sleutelMechanische sleutel Sleutel met afstandsbedieningZichtbare signaleringKnipperen richtingaanwijzers (alleen met sleutel met afstandsbediening)BewakingslampjeDead lock inschakelen (*)–– Knop Átwee keer indrukken3 x knipperenTwee x knipperenen vervolgens knipperen bewakingslampjeRuiten openen(*)––Knop Ëlanger dan 2 seconden indrukken2 x knipperenUitschakelenRuiten sluiten(*)––Knop Álanger dan 2 seconden indrukken1 x knipperenBewakingslampjeknippertAchterklepslot ontgrendelen––Knop Rkortindrukken2 x knipperenBewakingslampjeknippertOntgrendelenslotenSleutel linksom draaien(bestuurderszijde)Sleutel linksom draaien(bestuurderszijde)Knop Ëkort indrukken 2 x knipperenUitschakelenSloten van buitenafvergrendelenSleutel rechtsom draaien (bestuurderszijde)Sleutel rechtsom draaien (bestuurderszijde)Knop Ákort indrukken1 x knipperen3 Seconden continu branden en vervolgens knipperen bewakingslampje(*) Optional voor bepaalde uitvoeringen/markten.BELANGRIJK Het openen van de ruiten is gekoppeld aan het commando voor ontgrendeling van de portieren; het sluiten van deruiten is gekoppeld aan het commando voor vergrendeling van de portieren.
12VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGSTART-/CONTACTSLOTDe sleutel kan in 3 standen worden gedraaidfig. 9:❒STOP: motor uit, sleutel uitneembaar,stuurslot ingeschakeld. Enkele elektri-sche installaties werken (bijv. autoradio,centrale portiervergrendeling). ❒MAR: contact aan. Alle elektrische in-stallaties werken. ❒AVV: motor starten (stand zonder ver-grendeling). Het contactslot is voorzien van een her-startbeveiliging. Als de motor bij de eer-ste poging niet aanslaat, moet u de sleu-tel terugdraaien in stand STOP ennogmaals starten. STUURSLOTInschakelenZet de sleutel in stand , trek deSTOPsleutel uit het start-/contactslot en draaihet stuur totdat het vergrendelt. UitschakelenDraai het stuur iets heen en weer, terwijlu de sleutel in stand MAR draait.
Als het start-/contactslot isgeforceerd (bijv. bij een po-ging tot diefstal) moet u, voordat uweer met de auto gaat rijden, de wer-king van het slot laten controleren bijhet Fiat Servicenetwerk. ATTENTIE. Neem altijd de sleutel uit hetcontactslot als de autowordt verlaten, om onvoorzichtig ge-bruik van de bedieningsknoppen tevoorkomen. Vergeet niet de handremaan te trekken. Schakel de eerste ver-snelling in als de auto op een hellingomhoog staat en de achteruit bij eenhelling omlaag (gezien vanuit de rij-richting). Laat kinderen nooit alleenachter in de auto. ATTENTIE. fig. 9 F0M0015mVerwijder de sleutel nooit uithet contactslot als de autonog in beweging is. Bij de eerste stuur-uitslag blokkeert het stuur automa-tisch. Dit geldt in alle gevallen, ookals de auto gesleept wordt. ATTENTIE.
14VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGINSTRUMENTENDe achtergrondkleur en de vormgevingvan de instrumenten kunnen per uitvoe-ring verschillen.SNELHEIDSMETER fig. 12Geeft de snelheid van de auto aan.TOERENTELLER fig. 13De toerenteller geeft het toerental per mi-nuut van de motor aan.BELANGRIJK De regeleenheid van deelektronische inspuiting blokkeert tijdelijkde toevoer van brandstof als de motormet te hoge toerentallen draait, waardoorhet motorvermogen zal afnemen.Bij stationair draaiende motor kan de toe-renteller onder bepaalde omstandighedeneen geleidelijke of herhaalde toerentalstij-ging aangeven.Dit is een normaal verschijnsel dat kan op-treden als bijvoorbeeld de airconditioningof de elektroventilateur wordt ingescha-keld.
15VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGBRANDSTOFMETER fig. 14De wijzer geeft de hoeveelheid brandstofaan die in de tank aanwezig is.E brandstoftank leeg.F brandstoftank vol.Het waarschuwingslampje A geeft aan dater nog ongeveer 7 liter brandstof aanwe-zig is.Rijd niet met een bijna lege brandstoftank:door een onregelmatige brandstoftoevoerkan de katalysator beschadigen.Zie de paragraaf “Tanken”.BELANGRIJK Als de wijzernaald op de in-dicatie E staat en het waarschuwings-lampje A knippert, dan is er een storing inhet systeem. Wendt u in dit geval tot hetFiat Servicenetwerk om het systeem te laten controleren.KOELVLOEISTOFTEMPERATUURMETER fig.
15De wijzer geeft de temperatuur aan vande motorkoelvloeistof, zodra de koel-vloeistoftemperatuur hoger wordt danongeveer 50°C.Bij normaal gebruik van de auto kan dewijzernaald op verschillende posities in hetbereik staan, afhankelijk van de gebruik-somstandigheden van de auto.C Lage koelvloeistoftemperatuur.H Hoge koelvloeistoftemperatuur.Als het waarschuwingslampje gaat bran-Bden (op enkele uitvoeringen verschijntook een melding op het multifunctioneledisplay), dan is de koelvloeistoftempera-tuur te hoog; zet in dat geval de motor uiten wendt u tot het Fiat Servicenetwerk.Als de wijzer van de koel-vloeistoftemperatuurmeter inhet rode gebied komt, zet danonmiddellijk de motor uit enwendt u tot het Fiat Servicenetwerk.fig. 14 F0M0407m fig. 15 F0M0408m
16VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGDIGITAAL DISPLAYBEGINSCHERM fig. 16Op het beginscherm kan het volgendeworden weergegeven:A Stand koplampverstelling (alleen alshet dimlicht is ingeschakeld).B Tijd (altijd weergegeven, ook bij uit-genomen contactsleutel en geslotenvoorportieren).C Kilometerteller (weergave kilometer-/mijltotaalteller) en informatie Trip-computer.D Weergave Start&Stop-functie (voorbepaalde uitvoeringen/markten).E Gear Shift Indicator (schakeladvies)(voor bepaalde uitvoeringen/markten).Opmerking Bij uitgenomen contactsleu-tel wordt bij het openen van een van devoorportieren het display verlicht enwordt enkele seconden de tijd en de ki-lometer- of mijltotaalteller weergegeven.BEDIENINGSKNOPPEN fig.
17+Om het scherm en de keuzemoge-lijkheden naar boven te doorlopen ofde weergegeven waarde te verhogen.MENU Kort indrukken voor toegangESC tot het menu en/of naar hetvolgende scherm te gaan of dekeuze te bevestigen.Even ingedrukt houden om terugte keren naar het beginscherm.–Om het scherm en de keuzemogelijk-heden naar beneden te doorlopen ofde weergegeven waarde te verlagen.Opmerking Bij de knoppen + en – hangtde werking van het volgende af: Lichtsterkte interieur auto regelen– als het beginscherm wordt weergegeven,dan kunt u hiermee de lichtsterkte van het instrumentenpaneel, van de autoradioen van de automatische klimaatregeling regelen.Setup-menu– binnen het menu kunt u het menu naarboven of beneden doorlopen;– tijdens het instellen kunt u de waardeverhogen of verlagen.fig. 16 F0M0537m fig. 17 F0M0122m
Defuncties kunnen met de knoppen + en –worden gekozen, waarna u keuzemoge-lijkheden kunt selecteren of instellingen(setup) kunt uitvoeren.Het setup-menu kan worden ingeschakelddoor de knop kort in teMENU ESC drukken.Door de knoppen telkens in te+ en –drukken, kunt u de lijst van het setup-menu doorlopen.De werking is vanaf dit moment afhanke-lijk van het geselecteerde menupunt.Een menupunt selecteren– als u de knop kort indrukt,MENU ESC kunt u in het menu de instelling selecterendie u wilt wijzigen;– met de knop + of – (door de knop tel-kens in te drukken) kan de nieuwe instel-ling worden geselecteerd;– als u de knop kort indrukt,MENU ESC kunt u de instelling opslaan en tegelijker-tijd terugkeren naar het eerder geselec-teerde menupunt.“Klokje instellen” selecteren– druk kort op de knop MENU ESC omde eerste eenheid (uren) te veranderen;– met de knop + of – (door de knop tel-kens in te drukken) kan de nieuwe instel-ling worden geselecteerd;– als u de knop kort indrukt,MENU ESC kunt u de instelling opslaan en tegelijker-tijd verdergaan naar het volgende onder-deel van het setup-menu (minuten);– na het instellen van de tijd keert u terugnaar het eerder geselecteerde menupunt.Als u de knop MENU ESC even ingedrukthoudt– als u zich in het menu bevindt, dan ver-laat u het setup-menu;– als u zich in een menu-onderdeel be-vindt, dan verlaat u dat menu-onderdeel;– worden alleen de reeds opgeslagen in-stellingen bewaard (reeds bevestigd doorhet indrukken van de knop MENU ESC).Het setup-menu heeft een tijdregeling; alshet menu na een bepaalde tijd verdwijnt,worden alleen de door u opgeslagen wij-zigingen (bevestigd door het kort indruk-ken van de knop ) bewaard.MENU ESC
18VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGOm vanuit het beginscherm te kunnen navigeren, moetu kort op de knop drukken. Druk op deMENU ESC knop of + – om in het menu te navigeren.Opmerking Als de auto rijdt, is om veiligheidsredenenalleen een beperkt menu (instelling “SPEEd”) toegan-kelijk. Als de auto stilstaat is het uitgebreide menu toe-gankelijk. F0M1007g+–+–+–+–+–
19VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGSnelheidslimiet (SPEEd) instellenMet deze functie kan de snelheidslimietvan de auto (km/h of mph) worden inge-steld. Als deze limiet wordt overschreden,wordt de bestuurder gewaarschuwd (ziehoofdstuk “Lampjes en berichten”).
Ga voor het instellen van de snelheidsli-miet als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display verschijnt het opschrift (SPEEd)en de ingestelde meeteenheid (km/h ofmph);– druk op de knop om de snel-+ of –heidslimiet in te schakelen (On) of uit teschakelen (OFF);– als de functie al was ingeschakeld (On),kan met de knop + of – de gewenste snel-heidslimiet worden ingesteld en wordenbevestigd door het indrukken van de knopMENU ESC;Opmerking De waarde kan worden in-gesteld tussen 30 en 200 km/h of tussen20 en 125 mph, afhankelijk van de inge-stelde meeteenheid (zie de paragraaf“Meeteenheid instellen Unit”). Elke keerals u de knop indrukt, wordt de waar-+ –/de 5 eenheden verhoogd of verlaagd. Alsu de knop ingedrukt houdt, lopen de+ – /cijfers automatisch snel door of terug.
Alsu dicht bij de gewenste waarde bent, kande instelling worden voltooid door deknop telkens in te drukken. – druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Ga als volgt te werk als u de instelling wiltannuleren:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert (On);– druk op de knop ; op het display knip-–pert (Off); – druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Klokje instellen (Hour)Met deze functie kunt u het klokje instellen.
Ga voor het instellen als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knipperen de “uren”;– druk op de knop om de instel-+ of –ling uit te voeren;– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knipperen de “minuten”;– druk op de knop om de instel-+ of –ling uit te voeren;– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Volumeregeling buzzer (bUZZ)Met deze functie kan het volume van hetakoestische signaal (buzzer) worden inge-steld, dat klinkt bij de melding van een sto-ring/waarschuwing en bij het indrukkenvan de knoppen MENU ESC,.
+ en –Ga voor het instellen van het gewenstevolume als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display verschijnt het opschrift (bUZZ);– druk op de knop + of – om het ge-wenste volume in te stellen (instelling mo-gelijk op 8 niveaus). – druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan.
20VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGInschakeling/Uitschakeling van de frontairbag en de zij-airbag(sidebag) aan passagierszijde (BAG P) (voor bepaalde uitvoeringen/markten)Met deze functie kan de passagiersairbagworden in-/uitgeschakeld.Ga als volgt te werk:❒druk op de knop en druk,MENU ESC nadat op het display het bericht (BAGP OFF) (voor uitschakeling) of het be-richt (BAG P On) (voor inschakeling) isverschenen door het indrukken van deknop of + –, opnieuw op de knopMENU ESC;❒op het display verschijnt het bericht omde instelling te bevestigen;❒selecteer door het indrukken van deknop + –of (YES) (voor bevestiging vande inschakeling/uitschakeling) of (no)(om te annuleren);❒druk kort op de knop MENU ESC; erverschijnt een bevestiging van de geko-zen instelling en er wordt teruggekeerdnaar het menuscherm of, wanneer deknop even ingedrukt wordt gehouden,naar het beginscherm zonder op te slaan.MENU ESCMENU ESCMENU ESC–+–+–+–+F0M1001iF0M1003iF0M1002iF0M1005iF0M1006iF0M1002iF0M1003iMeeteenheid (Unit) instellenMet deze functie kunt u de meeteenheidinstellen.Ga voor het instellen als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display verschijnt het opschrift (Unit)en de ingestelde meeteenheid (km) of(mijl);– druk op de knop + of – om de gewens-te meeteenheid in te stellen.– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan.
21VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGBEDIENINGSKNOPPEN fig. 19+Om het scherm en de keuzemoge-lijkheden naar boven te doorlopen ofde weergegeven waarde te verhogen.MENU Kort indrukken voor toegangESC tot het menu en/of naar het vol-gende scherm te gaan of de keu-ze te bevestigen.Even ingedrukt houden om terugte keren naar het beginscherm.–Om het scherm en de keuzemogelijk-heden naar beneden te doorlopen ofde weergegeven waarde te verlagen.MULTIFUNCTIONEELDISPLAY(voor bepaalde uitvoeringen/markten)De auto kan zijn uitgerust met een multi-functioneel display dat tijdens de rit nut-tige informatie levert aan de bestuurderop basis van de instelling voor de gewenstegegevens.BEGINSCHERM fig.
18Op het beginscherm kan het volgendeworden weergegeven:A Datum.B Kilometerteller (weergave kilometer-/mijltotaalteller).C Tijd (altijd weergegeven, ook bij uit-genomen contactsleutel en geslotenvoorportieren).D Buitentemperatuur.E Stand koplampverstelling (alleen alshet dimlicht is ingeschakeld).F Weergave Start&Stop-functie (voorbepaalde uitvoeringen/markten).G Gear Shift Indicator (schakeladvies)(voor bepaalde uitvoeringen/markten).Opmerking Bij het openen van eenvoorportier wordt het display verlicht enwordt enkele seconden de tijd en de ki-lometer-/mijltotaalteller weergegeven.fig.
18 F0M0538mOpmerking Bij de knoppen + en – hangtde werking van het volgende af: Lichtsterkte interieur auto regelen– als het beginscherm wordt weergegeven,dan kunt u hiermee de lichtsterkte van het instrumentenpaneel, van de autoradio en van de automatische klimaatregeling regelen.Setup-menu– binnen het menu kunt u het menu naarboven of beneden doorlopen;– tijdens het instellen kunt u de waardeverhogen of verlagen.fig. 19 F0M0122m
22VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGSETUP-MENU fig. 20Het menu bestaat uit een aantal functiesdat “cyclisch” wordt weergegeven. Defuncties kunnen met de knoppen +en –worden gekozen, waarna u keuzemoge-lijkheden kunt selecteren of instellingen(setup) kunt uitvoeren. Bij enkele onder-delen (Klokje en Meeteenheid instellen) iser een submenu. Het setup-menu kan worden geactiveerddoor de knop kort in teMENU ESC drukken. Door de knop telkens in te druk-+ of –ken, kunt u de lijst van het setup-menudoorlopen. De werking is afhankelijk van het geselec-teerde menupunt.
Een menupunt selecteren in het hoofdmenuzonder submenu:– als u de knop kort indrukt,MENU ESC kunt u in het hoofdmenu de instelling se-lecteren die u wilt wijzigen;– met de knop + of – (door de knop tel-kens in te drukken) kan de nieuwe instel-ling worden geselecteerd;– als u de knop kort indrukt,MENU ESC kunt u de instelling opslaan en tegelijker-tijd terugkeren naar het daarvoor gese-lecteerde menupunt. “Datum” en “Instellen klokje” selecteren:– als u de knop kort indrukt,MENU ESC kunt u de instelling selecteren die u wiltwijzigen (bijv. uren/minuten of jaar/maand/dag);– met de knop (door de knop +of –telkens in te drukken) kan de nieuwe instelling worden geselecteerd;– als u de knop kort indrukt,MENU ESC kunt u de instelling opslaan en tegelijker-tijd doorgaan naar het volgende menu-punt. Als dit menupunt het laatste is, danwordt teruggekeerd naar het daarvoor geselecteerde menupunt.
Als u de knop MENU ESC even ingedrukt houdt:– als u zich in het hoofdmenu bevindt, danverlaat u het setup-menu;– als u zich op een ander punt in het menubevindt (instellen van een onderdeel in eensubmenu, in een submenu of instellen vaneen onderdeel in het hoofdmenu), dankeert u terug naar het hoofdmenu;– worden alleen de reeds opgeslagen in-stellingen bewaard (reeds bevestigd doorhet indrukken van de knop MENU ESC). Het setup-menu heeft een tijdregeling; alshet menu na een bepaalde tijd verdwijnt,worden alleen de door u opgeslagen wij-zigingen (bevestigd door het kort indruk-ken van de knop ) bewaard.
MENU ESCEen menupunt selecteren in het hoofdmenumet submenu:– als u de knop kort indrukt,MENU ESC wordt het eerste menupunt van het sub-menu weergegeven;– met de knop + of – (door de knop tel-kens in te drukken) kunt u alle menupun-ten van het submenu doorlopen;– als u de knop kort indrukt,MENU ESC kunt u het menupunt van het submenu se-lecteren en verschijnt het betreffende in-stellingenmenu;– met de knop + of – (door de knop tel-kens in te drukken) kan de nieuwe instel-ling van dit menupunt in het submenuworden geselecteerd;– als u de knop kort indrukt,MENU ESC kunt u de instelling opslaan en tegelijker-tijd terugkeren naar het daarvoor gese-lecteerde menupunt.
23VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGDagJaar MaandDeutschPortuguêsEnglishEspañolFrançaisItalianoNederlandPolskiVoorbeeld:fig. 20Voorbeeld:Om vanuit het beginscherm te kunnen navigeren,moet u kort op de knop drukken. DrukMENU ESC op de knop + –of om in het menu te navigeren. Opmerking Als de auto rijdt, is om veiligheidsre-denen alleen een beperkt menu (“Beep Snelheid” in-stellen) toegankelijk. Als de auto stilstaat is het uit-gebreide menu toegankelijk. F0M1038gMENU ESCknop kort indrukken+–+––+–––++++––––++––++–MENU VERLATENBEEP SNELHEIDTIJD INSTELLENDATUM INSTELLENZIE RADIOAUTOCLOSEMEETEENHEIDTAALVOLUME WAARSCHUWINGENVOL. TOETSENSERVICEBAG PASSAGIER–+GEGEVENS TRIP BMENU ESCknop kort indrukken+
24VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTERDASHBOARD EN BEDIENING– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Ga als volgt te werk als u de instelling wiltannuleren:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert (On);– druk op de knop ; op het display knip-–pert (Off); – druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Trip B (Gegevens trip B)Met deze functie kan de weergave vanTrip B (dagteller) worden ingeschakeld(On) of uitgeschakeld (Off). Zie voor meer informatie de paragraaf“Tripcomputer”.
Ga voor het in-/uitschakelen als volgt tewerk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert (On) of (Off), afhan-kelijk van de instelling;FUNCTIES DISPLAYSnelheidslimiet (Beep Snelheid)Met deze functie kan de snelheidslimietvan de auto (km/h of mph) worden inge-steld. Als deze limiet wordt overschreden,wordt de bestuurder gewaarschuwd (ziehoofdstuk “Lampjes en berichten”). Ga voor het instellen van de snelheidsli-miet als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display verschijnt het opschrift (BeepSnelh. ); – druk op de knop om de snel-+of –heidslimiet in te schakelen (On) of uit teschakelen (Off);– als de functie al was ingeschakeld (On),kan met de knop +of –de gewenste snel-heidslimiet worden ingesteld en wordenbevestigd door het indrukken van de knopMENU ESC.
Als u dicht bij de juiste waarde bent, steltu de exacte waarde in door de knop tel-kens in te drukken en los te laten. – druk op de knop +of –om de keuze uitte voeren;– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Tijd instellen (Klok instellen)Met deze functie kan het klokje wordeningesteld m. b. v. twee submenu’s: “Tijd” en“Formaat”.
Ga voor het verstellen als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display verschijnen de twee submenu’s“Tijd” en “Formaat”;– druk op de knop om tussen de+of –submenu’s te navigeren;– druk na het selecteren van het submenudat u wilt wijzigen, kort op de knopMENU ESC;– als het submenu “Tijd” is gekozen: drukkort op de knop MENU ESC; op het dis-play knipperen de “uren”;– druk op de knop om de instel-+of –ling uit te voeren;– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knipperen de “minuten”;.
25VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGDatum instellen (Datum instellen)Met deze functie kan de datum worden ingesteld (dag – maand – jaar). Ga voor het instellen als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert de “dag” (dd);– druk op de knop om de instel-+ of –ling uit te voeren;– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert de “maand” (mm);– druk op de knop om de instel-+ of –ling uit te voeren;– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert het “jaar” (jjjj);– druk op de knop om de instel-+ of –ling uit te voeren. Opmerking Elke keer als u de knop + of– indrukt, wordt de waarde een eenheidverhoogd of verlaagd. Als u de knop in-gedrukt houdt, lopen de cijfers automa-tisch snel door of terug.
Als u dicht bij dejuiste waarde bent, stelt u de exacte waar-de in door de knop telkens in te drukkenen los te laten. – druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. – druk op de knop om de instel-+ of –ling uit te voeren;– als het submenu “Formaat” is gekozen:druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert de tijdsaanduiding;– druk op de knop + of – voor weergavevan de tijd in “24h” of “12h”, Druk na het uitvoeren van de instellingkort op de knop om terugMENU ESCte keren naar het menuscherm of houd deknop even ingedrukt om terug te kerennaar het beginscherm zonder op te slaan. – druk nogmaals lang op de knop MENUESC om terug te keren naar het begin-scherm of het hoofdmenu, afhankelijk vanwaar u zich in het menu bevindt.
Eerste pagina (weergave van informatie op hetbeginscherm van het display) (voor bepaalde uitvoeringen/markten)Met deze functie kan het type informatiegeselecteerd worden dat in het begin-scherm moet worden weergegeven.
U kunt kiezen voor weergave van de da-tum of voor weergave van de turbodruk. Ga voor het selecteren als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display verschijnt “Eerste pagina”;– druk nogmaals kort op de knop MENUESC; op het display verschijnen de opties“Datum” en “Info motor”;– druk op de knop + of – om de weerga-ve te selecteren die u op het beginschermvan het display wilt hebben;– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Als u de contactsleutel in stand MARdraait, wordt op het display, na de start-controle, de informatie weergegeven diedoor middel van de functie “Eerste pagina”in het menu is ingesteld.
Ga voor het inschakelen (On) of uitscha-kelen (Off) van deze functie als volgt tewerk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display verschijnt een submenu;– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert (On) of (Off), afhan-kelijk van de instelling;– druk op de knop + of – om de keuze uitte voeren;– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het scherm van hetsubmenu of houd de knop even ingedruktom terug te keren naar het scherm vanhet hoofdmenu zonder op te slaan;– houd de knop MENU ESC nogmaalseven ingedrukt om terug te keren naar hetbeginscherm of het hoofdmenu, afhanke-lijk van waar u zich in het menu bevindt. Herhaling informatieaudiosysteem (Zie radio)Met deze functie kan op het display de informatie over de autoradio wordenweergegeven.
– Radio: frequentie of RDS-bericht van hetgeselecteerde radiostation, automatischzoeken of AutoSTore inschakelen;– audio-CD, MP3-CD: nummer van hetmuziekstuk;– CD-wisselaar: CD-nummer en nummermuziekstuk. Ga voor het inschakelen (On) of uitscha-kelen (Off) van de informatie van het au-diosysteem op het display als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert (On) of (Off), afhan-kelijk van de instelling;– druk op de knop + of – om de keuze uitte voeren;– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Meeteenheid instellen(Meeteenheid)Met deze functie kunnen de meeteenhe-den worden ingesteld in drie submenu’s:“Afstand”, “Verbruik” en “Temperatuur”.
Ga voor het instellen van de gewenstemeeteenheid als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display verschijnen de drie submenu’s;– druk op de knop om tussen de+ of –drie submenu’s te navigeren;– druk na het selecteren van het submenudat u wilt wijzigen, kort op de knop MENU ESC;– als het submenu “Afstand” is gekozen:druk kort op de knop MENU ESC; ophet display wordt “km” of “mijl” weerge-geven, afhankelijk van de instelling;– druk op de knop + of – om de keuze uitte voeren;– als het submenu “Verbruik” is gekozen:druk kort op de knop MENU ESC; ophet display wordt “km/l”, “l/100km” of“mpg” weergegeven, afhankelijk van de instelling;.
27VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGTaal instellen (Taal)U kunt de taal van het display instellen: Ita-liaans, Duits, Engels, Spaans, Frans, Por-tugees, Pools en Nederlands. Ga om de gewenste taal in te stellen alsvolgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert de ingestelde “taal”;– druk op de knop + of – om de keuze uitte voeren;– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Volumeregelingwaarschuwingszoemer (Vol. waarschuwingen)Het volume van het akoestische signaal(buzzer) dat klinkt voor het melden vaneen storing of waarschuwing, kan ingesteldworden op 8 niveaus.
Ga voor het instellen van het gewenstevolume als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert het “niveau” van hetingestelde volume;– druk op de knop om de instel-+ of –ling uit te voeren;– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Als de meeteenheid afstand is ingesteld op“km”, kan de meeteenheid verbruik wor-den ingesteld op ‘’km/l’’ of ‘’l/100 km’’. Als de meeteenheid afstand is ingesteld op“mijl”, geeft het display de hoeveelheidverbruikte brandstof aan in “mpg”.
– druk op de knop + of – om de keuze uitte voeren;– als het submenu “Temperatuur” is geko-zen: druk kort op de knop MENU ESC;op het display wordt “°C” of “°F” weer-gegeven, afhankelijk van de instelling;– druk op de knop + of – om de keuze uitte voeren;Druk na het uitvoeren van de instellingkort op de knop om terugMENU ESCte keren naar het scherm van het submenuof houd de knop even ingedrukt om terugte keren naar het scherm van het hoofd-menu zonder op te slaan.
28VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGVolumeregeling knoppen (Vol. toetsen)Het akoestische signaal dat klinkt bij hetindrukken van de knoppen MENU ESC,+ en –, kan worden ingesteld op 8 niveaus. Ga voor het instellen van het gewenstevolume als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert het “niveau” van hetingestelde volume;– druk op de knop om de instel-+ of –ling uit te voeren;– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm zonder op teslaan. Geprogrammeerd onderhoud(Service)Met deze functie kan worden weergege-ven hoeveel kilometers nog resterenvoordat een servicebeurt moet wordenuitgevoerd.
Ga voor het raadplegen van deze aanwij-zingen als volgt te werk:– druk kort op de knop MENU ESC; ophet display knippert de afstand in km ofmijl, afhankelijk van de instelling (zie de paragraaf “Meeteenheid afstand”);– druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het menuscherm ofhoud de knop even ingedrukt om terug tekeren naar het beginscherm. Opmerking Het “Geprogrammeerd on-derhoudsschema” voorziet elke 30. 000 km(of iedere 18. 000 mijl) in een servicebeurt;deze weergave verschijnt automatisch alsde sleutel in stand staat, vanafMAR2. 000 km (of 1. 240 mijl). De weergavewordt elke 200 km (of elke 124 mijl) op-nieuw weergegeven. Onder de 200 kmwordt de weergave met kleinere interval-len weergegeven. De weergave in km ofmijl is afhankelijk van de ingestelde mee-teenheid.
29VEILIGHEIDSTARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOODGE -VALLENONDERHOUD EN ZORGTECHNISCHEGEGEVENSALFABETISCHREGISTER DASHBOARD EN BEDIENINGInschakeling/Uitschakeling van defrontairbag aan passagierszijde ende zij-airbag voor de beschermingvan borstkas/bekken (side bag) (Bag passagier)(voor bepaalde uitvoeringen/markten)Met deze functie kan de passagiersairbagworden in-/uitgeschakeld.Ga als volgt te werk:❒druk op de knop en druk,MENU ESC na het verschijnen op het display vanhet bericht (Bag pass: Off) (voor uit-schakelen) of het bericht (Bag pass: On)(voor inschakelen) door op de knop +of – te drukken, nogmaals op de knopMENU ESC;❒op het display verschijnt het bericht omde instelling te bevestigen;❒selecteer door het indrukken van deknop of + – (Ja) (voor bevestiging vande inschakeling/uitschakeling) of (Nee)(om te annuleren);❒druk kort op de knop MENU ESC; erverschijnt een bevestiging van de geko-zen instelling en er wordt teruggekeerdnaar het menuscherm of, wanneer deknop even ingedrukt wordt gehouden,naar het beginscherm zonder op teslaan.MENU ESCMENU ESCMENU ESC–+–+–+–+F0M1009iF0M1011iF0M1010iF0M1013iF0M1014iF0M1009iF0M1015iF0M1016iF0M1009iMenu verlatenLaatste functie waarmee de instellingen uithet menuscherm worden afgesloten.Druk kort op de knop MENU ESC omterug te keren naar het beginscherm zon-der op te slaan.Als u de knop indrukt, wordt terugge-–keerd naar het eerste menupunt (BeepSnelheid).
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Fiat Grande Punto Actual (2017) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden