BMW M 1000 R (2024) Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van BMW M 1000 R (2024) (284 pagina’s), behorend tot de categorie Niet gecategoriseerd. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 20 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over BMW M 1000 R (2024) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | BMW |
| Categorie: | Niet gecategoriseerd |
| Model: | M 1000 R (2024) |
Handleiding BMW M 1000 R (2024) – volledige tekst
4 ALGEMENE AANWIJZINGENORIËNTATIEDe nadruk is gelegd op eensnelle oriëntatie in deze hand-leiding. Het snelst vindt u be-paalde onderwerpen via de in-dex aan het eind. Als u eersteen overzicht van de motor-fiets wilt hebben, vindt u datin hoofdstuk 2. In het hoofd-stuk Service worden alle uit-gevoerde onderhouds- en re-paratiewerkzaamheden ge-documenteerd. Voor coulan-ceregelingen is het absoluutnoodzakelijk dat kan wordenaangetoond dat de vereiste on-derhoudswerkzaamheden zijnuitgevoerd.AFKORTINGEN EN SYMBO-LENVOORZICHTIG Gevaarmet laag risico. Niet ver-mijden kan leiden tot gering ofmatig letsel.WAARSCHUWING Ge-vaar met gemiddeld risico.Niet vermijden kan leiden totde dood of ernstig letsel.GEVAAR Gevaar methoog risico. Niet vermij-den leidt tot de dood of ernstigletsel.ATTENTIE Bijzondereaanwijzingen en veilig-heidsmaatregelen.
Niet op-volgen kan de motorfiets ofaccessoires beschadigen endaarmee tot uitsluiting van degarantie leiden.Speciale aanwijzingenvoor een betere hante-ring bij bedienings-, controle-en afstelprocedures alsmedeverzorgingswerkzaamheden.Werkinstructie.Resultaat van een re-paratieactiviteit.Verwijst naar een pa-gina met extra infor-matie.Geeft het einde vanaccessoire- of uitrus-tingsafhankelijke infor-matie aan.Aanhaalmoment.Technische gegevens.LU Landuitvoering.
Wijvragen uw begrip voor het feitdat er ook uitrustingsvariantenworden beschreven die u mo-gelijk niet hebt geselecteerd.Tevens zijn landspecifiekeafwijkingen van de afgebeeldemotorfiets mogelijk.Als uw motorfiets niet beschre-ven uitvoeringen bevat, vindt ude beschrijving ervan in een af-zonderlijke handleiding.TECHNISCHE GEGEVENSAlle gegevens t.a.v. maten, ge-wichten en prestaties in dehandleiding hebben betrekkingop het Deutsches Institut fürNormung e. V. (DIN) en zijn in-clusief de hierdoor gehanteerdetoleranties.Technische gegevens en spe-cificatie in deze handleidingdienen ter indicatie. De voer-tuigspecifieke gegevens kun-nen daarvan afwijken, bijv. opgrond van geselecteerde speci-
6 ALGEMENE AANWIJZINGENale opties, de landuitvoering oflandspecifieke meetprocedures.Gedetailleerde waarden kun-nen worden ontleend aan dekentekenbewijsdocumenten ofbij uw BMW Motorrad Partnerof een andere gekwalificeerdeservicepartner of vakwerkplaatsworden opgevraagd. De speci-ficaties in de voertuigpapierenhebben steeds prioriteit bovende specificaties in deze hand-leiding.ACTUALITEITHet hoge veiligheids- en kwa-liteitsniveau van BMW motor-fietsen wordt door een conti-nue doorontwikkeling van deconstructie, uitrusting en acces-soires gegarandeerd. Hierdoorkunnen eventuele afwijkingentussen deze handleiding en deScooter ontstaan. Ten tijde vande fabricage van de motorfietsis de handleiding de meest ac-tuele bron.
7het voertuig of ondersteunenbij het rijden, bijv. hulpsyste-men. Daarenboven maken re-geleenheden comfort- of Info-tainmentfuncties mogelijk.Informatie over opgeslagen ofuitgewisselde gegevens is ver-krijgbaar bij de fabrikant vanhet voertuig, bijv. via een af-zonderlijke brochure.PersoonsgebondenheidElk voertuig is voorzien vaneen eenduidig voertuigidenti-ficatienummer. Landspecifiekkan met behulp van het voer-tuigidentificatienummer, hetkenteken en de verantwoorde-lijke autoriteiten de houder vanhet voertuig worden bepaald.Bovendien zijn er andere mo-gelijkheden om uit de in hetvoertuig vergaarde gegevensde berijder of voertuigbezitteraf te leiden, bijv.
Voor het verkrij-gen van deze informatie moeteen bewijs van houderschap ofgebruik worden overlegd.Het recht op informatie om-vat tevens informatie met be-trekking tot gegevens die aanandere ondernemingen of in-stanties zijn doorgegeven.Op de webpagina van de fa-brikant van het voertuig vindtu de telkens toepasselijke pri-vacyverklaringen. Deze priva-cyverklaringen bevatten infor-matie over het recht op wissen
8 ALGEMENE AANWIJZINGENof corrigeren van gegevens.De fabrikant van het voertuigvermeldt op internet ook zijncontactgegevens en die van detoezichthouder voor gegevens-bescherming.De voertuigbezitter kan bij eenBMW Motorrad Partner, eenandere gekwalificeerde serv-icepartner of een vakwerk-plaats eventueel tegen betalingde in het voertuig opgeslagengegevens laten uitlezen.Voor het uitlezen wordt dewettelijk voorgeschreven 12V-stekker voor diagnosecontact-doos (OBD) in het voertuig ge-bruikt.Wettelijke vereisten inzakede openbaarmaking vangegevensDe fabrikant van het voertuig isin het kader van het geldenderecht verplicht om bij hem op-geslagen gegevens aan de au-toriteiten beschikbaar te stel-len. Dit beschikbaar stellen vangegevens in de vereiste mategebeurt in specifieke gevallen,bijv.
voor het ophelderen vaneen misdrijf.Overheidsinstanties zijn in hetkader van het geldende rechtbevoegd om in specifieke ge-vallen zelf gegevens uit hetvoertuig uit te lezen.Bedrijfsgegevens in hetvoertuigVoor het bedrijf van het voer-tuig verwerken regeleenhedengegevens.Hiertoe behoren bijv.:Statusmeldingen van het voer-tuig en de afzonderlijke com-ponenten ervan, bijv. wieltoe-rental, wielomtreksnelheid,bewegingsvertragingOmgevingsomstandigheden,bijv. temperatuurDe verwerkte gegevens wordenalleen in het voertuig zelf ver-werkt en zijn doorgaans vluch-tig. De gegevens worden nietlanger dan de bedrijfstijd opge-slagen.Elektronische componenten,bijv. regeleenheden, bevattencomponenten voor het op-slaan van technische informa-tie.
Deze kunnen informatieover voertuigtoestand, com-ponentbelasting, voorvallen ofstoringen tijdelijk of permanentopslaan.Deze informatie documenteertin het algemeen de toestandvan een component, een mo-dule, een systeem of de omge-ving, bijv.:
9bedrijfstoestanden van sys-teemcomponenten, bijv. vul-peilen, bandenspanningswaar-denstoringen en functiestoringenin belangrijke systeemcompo-nenten, bijv. licht en remmenreacties van het voertuig inspeciale rijsituatie, bijv. active-ren van de rijdynamieksyste-meninformatie over voorvallen metschade aan het voertuigDe gegevens zijn noodzakelijkvoor het uitvoeren van de re-geleenheidfuncties. Bovendiendienen deze voor het herken-nen en het verhelpen van sto-ringen en het optimaliseren vanvoertuigfuncties door de fabri-kant van het voertuig.Deze gegevens zijn grotendeelsvluchtig en worden in het voer-tuig zelf verwerkt. Slechts eenklein deel van de gegevenswordt afhankelijk van de aan-leiding opgeslagen in voorval-of storingsgeheugens.Bij een beroep op onderhouds-activiteiten, bijv.
reparaties, on-derhoudsprocessen, garantie-claims en kwaliteitsborgings-maatregelen, kan deze techni-sche informatie samen met hetvoertuigidentificatienummer uithet voertuig worden uitgelezen.Het uitlezen van de informatiekan door een BMW MotorradPartner of een vakwerkplaatsgebeuren. Voor het uitlezenwordt de wettelijk voorge-schreven 12V-stekker voor dia-gnosecontactdoos (OBD) in hetvoertuig gebruikt.De gegevens worden door debetreffende functionarissenvan het dealernetwerk ver-gaard, verwerkt en gebruikt.De gegevens documenterentechnische toestanden van hetvoertuig, helpen bij het storing-zoeken, het nakomen van ga-rantieverplichtingen en bij dekwaliteitsverbetering.Daarenboven heeft de fabri-kant productobservatieplichtenkrachtens het productaanspra-kelijkheidsrecht. Voor het na-komen van deze plichten heeftde fabrikant van het voertuigtechnische gegevens uit hetvoertuig nodig.
De gegevensuit het voertuig kunnen ookworden gebruikt om garantie-claims van de klant te controle-ren.Storings- en eventdatarecor-ders in het voertuig kunnen inhet kader van reparatie- of ser-vicewerkzaamheden bij eenBMW Motorrad Partner of een
10 ALGEMENE AANWIJZINGENvakwerkplaats worden terugge-zet.Gegevensinvoer engegevensoverdracht in hetvoertuigAlgemeenAfhankelijk van de uitvoeringkunnen comfortinstellingen enpersoonlijke instellingen in hetvoertuig worden opgeslagen ente allen tijde worden gewijzigdof gereset.Gegevens kunnen evt. in hetentertainment- en communi-catiesysteem van het voertuigworden ingevoerd, bijv. via eensmartphone.Daartoe behoren afhankelijkvan de betreffende uitvoering:Multimediagegevens, zoalsmuziek voor afspelenAdresboekgegevens voor ge-bruik in combinatie met eencommunicatiesysteem of eengeïntegreerd navigatiesys-teemIngevoerde navigatiebestem-mingenGegevens m.b.t. het gebruikvan internetservices. Dezegegevens kunnen lokaal inhet voertuig worden opgesla-gen, of ze staan op een ap-paraat dat met het voertuig isverbonden, bijv. smartphone,USB-stick, MP3-speler.
Alsdeze gegevens in het voertuigworden opgeslagen, kunnendeze te allen tijde worden ge-wist.Deze gegevens worden uitslui-tend op persoonlijke wens inhet kader van het gebruik vanonlinediensten doorgegevenaan derden. Dit is afhankelijkvan de geselecteerde instel-lingen bij het gebruik van dediensten.Integratie van mobieleeindapparatenAfhankelijk van de uitvoeringkunnen met het voertuig ver-bonden mobiele eindappara-ten, bijv. smartphones, via debedieningselementen van hetvoertuig worden aangestuurd.Daarbij kunnen beeld en ge-luid van het mobiele eindappa-raat via het multimediasysteemworden uitgevoerd. Tegelijker-tijd wordt er bepaalde infor-matie aan het mobiele eindap-paraat overgedragen. Afhan-kelijk van het soort integratiebehoren daartoe bijv. positie-gegevens en andere algemenevoertuiginformatie.
11Het soort verdere gegevensver-werking wordt bepaald door deprovider van de desbetreffendegebruikte app. De omvang vande mogelijke instellingen hangtaf van de betreffende app enhet besturingssysteem van hetmobiele eindapparaat.DienstenAlgemeenAls het voertuig een draadlozeverbinding heeft, maakt dezehet uitwisselen van gegevenstussen het voertuig en anderesystemen mogelijk. De draad-loze verbinding wordt mogelijkgemaakt door een zend- enontvangstmodule in het voer-tuig zelf of via persoonlijk in-gebrachte mobiele eindappa-raten, bijv. smartphones. Viadeze draadloze verbinding kun-nen zogenaamde onlinefunctiesworden gebruikt. Dit zijn ondermeer onlinediensten en appsvan de fabrikant van het voer-tuig of van andere providers.Diensten van devoertuigfabrikantBij online-diensten van de fa-brikant van het voertuig wor-den de betreffende functiesbeschreven in de betreffendebron, bijv.
handleiding, webpa-gina van de fabrikant. Deze be-vat ook de relevante informatieover rechten m.b.t. gegevens-beveiliging. Voor het verlenenvan onlinediensten kunne per-soonsgebonden gegevens wor-den gebruikt. Gegevens wor-den uitgewisseld via een veiligeverbinding, bijv. met de daar-voor bedoelde IT-systemen vande fabrikant van het voertuig.Het vergaren, verwerken en ge-bruiken van persoonsgebon-den gegevens tot verder danhet verlenen van diensten ge-beurt uitsluitend op basis vaneen wettelijk toestemming,een contractuele afspraak of opgrond van een inwilliging. Hetis ook mogelijk om de gehelegegevensverbinding te latenactiveren of deactiveren.
Dewettelijk voorgeschreven func-ties zijn hiervan uitgesloten.Diensten van andere providersBij het gebruik van onlinedien-sten van andere providers val-len deze diensten onder de ver-antwoordelijkheid en de gege-vensbeveiligings- en gebruiks-voorwaarden van de betref-fende provider. De fabrikantvan het voertuig heeft geeninvloed op de daarbij uitge-wisselde content. Informatieover het soort, de omvang en
12 ALGEMENE AANWIJZINGENhet doel van het vergaren engebruiken van persoonsgebon-den gegevens in het kader vandiensten van derden kan wor-den opgevraagd bij de betref-fende provider.BLUETOOTH®Bij Bluetooth gaat het omeen radioverbinding voornabij. Bluetooth-apparatenzenden als Short Range Devices(overdracht met beperktbereik) over de licentievrijeISM-band (Industrial, Scientificand Medical Band) tussen2,402...2,480 GHz. Ze mogenwereldwijd vergunningsvrijworden gebruikt.Hoewel Bluetooth bestemd isom op korte afstand voor sta-biele verbindingen te zorgenzijn, zoals bij alle draadlozetechnologieën, storingen mo-gelijk. Verbindingen kunnenworden verstoord, kortstondigworden onderbroken of hele-maal verloren gaan.
Met namewanneer meerdere apparatenin een Bluetooth-netwerk wor-den gebruikt, kan een onderalle omstandigheden probleem-loze verbinding niet wordengegarandeerd.Mogelijke storingsbronnen:Interfererende velden doorzendmasten en dergelijke.Apparaten met foutief geïm-plementeerde Bluetooth-stan-daard.Voor Bluetooth geschikte ap-paraten in de directe omge-ving.Afscherming door metalen oflichamen.CONNECTIVITY-FUNCTIESConnectivity-functies hebbenbetrekking op de onderwerpen"Media", "Telefonie" en "Na-vigatie". Connectivity-functieskunt u gebruiken als het instru-mentenpaneel met een mobieleindapparaat en een helm ver-bonden is ( 67).
Meer in-formatie over de Connectivity-functies vindt u op:bmw-motorrad.com/connecti-vityAfhankelijk van het mo-biele eindapparaat kan deomvang van de Connectivity-functies beperkt zijn.BMW MotorradConnected AppMet de BMW Motorrad Con-nected app kan gebruiks- envoertuiginformatie worden op-gevraagd. Voor het gebruik
13van sommige functies, zoalsde navigatie, moet de app ophet mobiele eindapparaat geïn-stalleerd zijn en met het instru-mentenpaneel verbonden zijn.Met de app wordt de routebe-geleiding gestart en de naviga-tie aangepast.Bij sommige mobieleeindapparaten, bijv. methet besturingssysteem iOS,moet voorafgaand aan het ge-bruik de BMW Motorrad Con-nected app worden geopend.
27TOERENTELLER1 Schaal2 Hoog/rood toerentalbe-reik3 Wijzer4 SleepwijzerAfhankelijk van de koel-vloeistoftemperatuur ver-andert het rood gearceerdetoerentalbereik:Hoe kouder de motor, des telager is het toerental waarbijhet rood gearceerde toerental-bereik begint.Hoe warmer de motor, des tehoger is het toerental waarbijhet rood gearceerde toerental-bereik begint.Het volledig rode toe-rentalbereik geeft hetmaximale toerental aan, afhan-kelijk van bijvoorbeeld inrijcon-trole, Launch Control of storin-gen in de motorregeling.Met het knipperen van deShiftlight knippert ook detoerenteller.
28 AANDUIDINGENActieradiusIn de statusregel van het instru-mentenpaneel kan de actiera-dius 1 worden weergegeven( 64).De actieradius 1 geeft aanwelke afstand nog met de res-terende brandstof kan wor-den afgelegd. De berekeninggeschiedt aan de hand vanhet gemiddeld verbruik en debrandstofhoeveelheid.Als het voertuig op de zijstan-daard staat, kan de brandstof-hoeveelheid in verband metde schuine stand niet cor-rect worden bepaald. Daaromwordt de actieradius alleenopnieuw berekend als de zij-standaard is ingeklapt.De actieradius wordt samenmet een waarschuwing weer-gegeven zodra de brandstof-reserve wordt aangesproken.Na het tanken wordt de ac-tieradius opnieuw berekendals de brandstofhoeveelheidgroter is dan de brandstofre-serve.De berekende actieradiusbetreft slechts een globalewaarde.
30 AANDUIDINGENBoordcomputer entripboordcomputerDe schermmenu's BOORDCOM-PUTER en REISBOORDCOMP.geven voertuig- en ritgegevenszoals bijv. gemiddelde waardenweer.BandenspanningVoor de weergave van de ban-denspanningen is er naast hetmenuvenster MIJN VOERTUIGen de Check-Control-meldin-gen ook het beeldvenster BAN-DENSPANNING:De waarden links hebben be-trekking op het voorwiel, dewaarden rechts op het achter-wiel.Boven de werkelijke en voor-geschreven bandenspanningenwordt het drukverschil weerge-geven.Meteen na het inschakelen vanhet contact worden er alleenstreepjes weergegeven. Deoverdracht van de bandenspan-ningswaarden begint pas nadatde volgende minimumsnelheidvoor het eerst is overschreden:RDC-sensor is niet actiefmin. 30 km/h (Pas na over-schrijding van de minimum-snelheid verzendt de RDC-sensor zijn signaal aan demotorfiets.)
31De bandenspanningenworden op het displaymet temperatuurcompensa-tie weergegeven en hebbenaltijd betrekking op de vol-gende luchttemperatuur in deband:20 °CAls bovendien het band-symbool geel of roodwordt weergegeven, betreft heteen waarschuwing. Het druk-verschil wordt gemarkeerd meteen uitroepteken in dezelfdekleur.Als de betreffende waardebinnen het grensgebiedvan de toelaatbare tolerantieligt, brandt bovendien het al-gemene waarschuwingslampjegeel.Als de gemeten banden-spanning buiten de toe-gestane tolerantie ligt, knipperthet algemene waarschuwings-lampje rood.Uitgebreide informatie over deBMW Motorrad RDC vindt uin het hoofdstuk Techniek indetail ( 168).OnderhoudsbehoefteAls de resterende tijd tot aanhet volgende onderhoud min-der dan een maand is of als hetvolgende onderhoud binnen1000 km noodzakelijk is, danverschijnt er een witte Check-Control-melding.
32 AANDUIDINGENCONTROLELAMPJESWeergaveWaarschuwingen worden doorhet betreffende waarschu-wingslampje weergegeven.Waarschuwingen worden doormiddel van het algemene waar-schuwingslampje in combina-tie met een dialoogveld in hetinstrumentenpaneel weergege-ven. Afhankelijk van de ernstvan de waarschuwing gaathet algemene waarschuwings-lampje rood of geel branden.Het algemene waarschu-wingslampje wordt samenmet de waarschuwing met dehoogste prioriteit weergegeven.Een overzicht van de mogelijkewaarschuwingen vindt u op devolgende pagina's.Check-Control-displayDe meldingen op het displayzien er verschillend uit.
33Weergave van waardenDe symbolen 4 zien er ver-schillend uit. Afhankelijk vande beoordeling worden er ver-schillende kleuren gebruikt. Inplaats van numerieke waar-den 8 met eenheden 7 wordener ook teksten 6 weergegeven:Kleur van het symboolGroen: (OK) Huidige waardeis optimaal.Blauw: (Cold!) Actuele tem-peratuur is laag.Geel: (Low!/High!) Huidigewaarde is te laag of te hoog.Rood: (Hot!/High!) Huidigetemperatuur of waarde is tehoog.Wit: (---) Er is geen geldigewaarde aanwezig. In plaatsvan de waarde worden erstreepjes 5 weergegeven.De beoordeling van deafzonderlijke waarden isdeels pas vanaf een bepaalderitduur of snelheid mogelijk.Als een meetwaarde nog nietweergegeven kan worden, om-dat niet aan de voorwaardenvoor de meting is voldaan, wor-den in plaats daarvan streepjesweergegeven.
Zolang er geengeldige meetwaarde beschik-baar is, volgt er ook geen be-oordeling in de vorm van eengekleurd symbool.Check-Control-dialoogvensterMeldingen worden als Check-Control-dialoogvenster 1 weer-gegeven.Als het symbool 2 actiefwordt weergegeven, kan demelding worden bevestigddoor de Multi-Controller naarlinks te drukken.Check-Control-meldingenworden dynamisch als extratabblad aan de pagina's inhet menu Mijn Motor toe-gevoegd. Zo lang de storingbestaat, kan de melding op-nieuw worden opgeroepen.
40 AANDUIDINGENBuitentemperatuurDe buitentemperatuur wordt inde statusregel van het instru-mentenpaneel weergegeven.Als het voertuig stilstaat kande warmte van de motor demeting van de omgevingstem-peratuur beïnvloeden.
Als deinvloed van de motorwarmte tegroot wordt, verschijnen er tij-delijk streepjes in plaats van dewaarde.Als de buitentemperatuurtot onder de grenswaardevan circa 3 °C zakt, is er gevaarvoor ijzelvorming.Als deze temperatuur voor deeerste keer wordt onderschre-den, knippert het ijskristalsym-bool in de statusregel van hetinstrumentenpaneel.Waarschuwingbuitentemperatuurwordt weergegeven.Mogelijke oorzaak:De bij de motorfiets ge-meten buitentempera-tuur is lager dan:circa 3 °CWAARSCHUWINGGevaar van gladheid ook viacirca 3 °CGevaar voor een ongevalBij lage buitentemperaturenmoet op bruggen en scha-duwrijke wegen rekeningworden gehouden met glad-heid.Vooruitziend rijden.Radiografische sleutel buitenhet ontvangstbereikbrandt geel.Radiog. sleutel nietin bereik.
41doorrijden, de motor wordtniet uitgeschakeld.Defecte radiografische sleu-tels door een BMW MotorradPartner laten vervangen.Batterij van de radiografischesleutel vervangenbrandt geel.Batt. radiogr. sl.bijna leeg. Functiebeperkt. Batterij ver-vangen.Mogelijke oorzaak:De batterij van de radiografi-sche sleutel heeft niet meerde volledige capaciteit. Dewerking van de radiografischesleutel is nog voor een be-perkte tijd gewaarborgd.Batterij van de radiografischesleutel vervangen. ( 81)Keyless Ride uitgevallenbrandt geel.Keyless Ride uit-gevallen! Motorniet afzetten. Evt.geen nieuwe motorstartmogelijk.Mogelijke oorzaak:De Keyless Ride-regeleenheidheeft een communicatiestoringgeregistreerd.De motor niet afzetten.
Zosnel mogelijk een vakwerk-plaats opzoeken, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Het starten van de motor kanniet meer met Keyless Rideworden ingeschakeld.DWA niet meer activeerbaar.Boordnetspanning te laagBoordnetspanninglaag. Onnodige ver-bruikers uitschakelen.De boordnetspanning is te laag.Bij doorrijden ontlaadt de voer-tuigelektronica de accu.Mogelijke oorzaak:Verbruikers met hoog stroom-verbruik, bijv. verwarmingsves-ten in gebruik, te veel verbrui-kers tegelijkertijd in gebruik, ofaccu defect.Niet benodigde verbruikersuitschakelen of losnemen vanboordnet.Wanneer de storing nogsteeds aanwezig is, ofoptreedt zonder dat ver-bruikers zijn aangesloten,de storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.
Niet verderrijden.WAARSCHUWINGUitval van de voertuigsyste-menGevaar voor ongevallenNiet verder rijden.De accu wordt niet opgeladen.De voertuigelektronica ontlaadtde accu.Mogelijke oorzaak:Storing dynamo, accu defect ofzekering doorgebrand.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Lampstoringbrandt geel.De defecte lamp wordtweergegeven:Grootlicht defect!Richtingaanwijzerlinksvoor defect!
43of Richtingaanwijzerrechtsvoor defect!Dimlicht defect!Stadslicht voor de-fect!Dagrijlicht defect!Achterlicht defect!Remlicht defect!Richtingaanwijzerlinksachter defect!of Richtingaanwijzerrechtsachter defect!Kentekenverlichtingdefect!Door specialist latencontroleren.knippert geel.De defecte lamp wordtweergegeven:Actieve koplamp de-fect. Door specia-list laten controleren.WAARSCHUWINGDe motorfiets wordt niet ge-zien in het wegverkeer dooruitvallen van de verlichtingvan de motorfietsVeiligheidsrisicoEen defecte gloeilamp zosnel mogelijk vervangen.Hiervoor contact opnemenmet een specialist, bij voor-keur een BMW Motorraddealer.Mogelijke oorzaak:Een of meer lampen zijn defect.Defecte lampen door visuelecontrole bepalen.LED-lampen compleet la-ten vervangen.
44 AANDUIDINGENLichtregeling uit-gevallen! Door spe-cialist laten controle-ren.WAARSCHUWINGDe motorfiets wordt niet ge-zien in het verkeer door uit-val van de voertuigverlich-tingVeiligheidsrisicoDe storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats la-ten verhelpen, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.De voertuigverlichting is ge-deeltelijk of volledig uitgevallen.Mogelijke oorzaak:De verlichtingsregeling heefteen communicatiefout ontdekt.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.DWA-accu zwakmet alarmsysteem (DWA)SUDWA-accucapaciteitzwak. Geen beperkin-gen. Maak een afspraakbij een specialist.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De DWA-accu heeft niet meerzijn volledige capaciteit.
Dewerking van de DWA is bij eenlosgekoppelde motorfietsaccunog slechts beperkt gewaar-borgd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.DWA-accu leegmet alarmsysteem (DWA)SUbrandt geel.DWA-accu ontladen.Autoalarm niet ac-tief. Maak een afspraakbij een specialist.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De DWA-batterij is leeg. De ac-tivering van het alarm is nietmogelijk nadat de voertuigaccuis losgekoppeld. Alle anderefuncties van de DWA zijn func-tioneel.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.
Omaf te koelen gema-tigd verder rijden.ATTENTIERijden met oververhitte mo-torMotorschadeBeslist de hieronder ver-melde punten in acht ne-men.Mogelijke oorzaak:Het koelvloeistofpeil is te laag.Koelvloeistofpeil controleren.( 186)Als het koelvloeistofpeil te laagis:Motor laten afkoelen.Koelvloeistof bijvullen.Het koelsysteem dooreen vakwerkplaats latencontroleren, het beste dooreen BMW Motorrad Partner.Mogelijke oorzaak:De temperatuursensor heefteen hoge temperatuur in demotor herkend.Zo mogelijk de motor in deel-last laten draaien om hem afte koelen.Als de motortemperatuur va-ker te hoog is, de storing zosnel mogelijk laten verhelpendoor een vakwerkplaats, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Motor oververhitbrandt rood.Motor oververhit!Voorzichtig stoppenen de motor afzetten.
46 AANDUIDINGENATTENTIERijden met oververhitte mo-torMotorschadeBeslist de hieronder ver-melde punten in acht ne-men.Mogelijke oorzaak:Het koelvloeistofpeil is te laag.Koelvloeistofpeil controleren.( 186)Als het koelvloeistofpeil te laagis:Motor laten afkoelen.Koelvloeistof bijvullen.Het koelsysteem dooreen vakwerkplaats latencontroleren, het beste dooreen BMW Motorrad Partner.Mogelijke oorzaak:De motor is oververhit.Voorzichtig stoppen en demotor afzetten, wachten totde motor afgekoeld is.Als de motor vaker oververhitraakt, de storing zo snel mo-gelijk door een vakwerkplaatslaten verhelpen, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Storing aandrijfsysteemwordt weergegeven ofknippert.Aandrijving!
47Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen storing vastgesteld die totde beschadiging van het uit-laatsysteem kan leiden.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Het is mogelijk verder te rij-den, maar dit is niet aan teraden.Ernstige storing in demotorregelingknippert rood.Ernstige storing inde motorregeling!Rustig verder rijdenmog. Schade mogelijk.Door specialist latencontrol.WAARSCHUWINGBeschadiging van de motortijdens noodfunctieGevaar voor ongevallenLangzaam rijden, sterk acce-lereren en inhaalmanoeuvresvermijden.Indien mogelijk, voertuig la-ten ophalen en storingendoor een specialist laten ver-helpen, het liefst door eenBMW Motorrad Partner.Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen uitval gediagnosticeerd dietot ernstige gevolgstoringenkan leiden.
Anders draait demotor in de noodfunctie.Verder rijden mogelijk, hetmotorvermogen staat ech-ter niet zoals gewend ter be-schikking.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Bandenspanning in hetgrensgebied van detoelaatbare tolerantiebrandt geel.Bandenspanning nietop voorgeschr. Ban-denspanning controle-ren.Mogelijke oorzaak:De gemeten bandenspanningligt in het grensgebied van detoegestane tolerantie.Bandenspanning corrigeren.Vóór het aanpassen van debandenspanning de informatieover de temperatuurcompen-satie en over het aanpassenvan de bandenspanning in het
Bandenspanningcontroleren.WAARSCHUWINGBandenspanning buiten detoelaatbare tolerantie.Gevaar voor ongevallen, ver-slechtering van de rijeigen-schappen van het voertuig.Rijstijl aanpassen.Mogelijke oorzaak:De gemeten bandenspanningligt buiten de toegestane tole-rantie.Banden op beschadigingen enbruikbaarheid controleren.Is de band nog bruikbaar:Bij de volgende gelegenheidde bandenspanning corrige-ren.Vóór het aanpassen van debandenspanning de informatieover de temperatuurcompen-satie en over het aanpassenvan de bandenspanning in hethoofdstuk Techniek in detailter harte nemen:Temperatuurcompensatie( 169)Aanpassing van de banden-spanning ( 169)De voorgeschreven banden-spanningswaarden zijn op devolgende plaatsen te vinden:Achterkant omslag van dehandleidingInstrumentenpaneel in hetaanzicht BANDENSPANNINGBandenspanningstabelDe band bij een vakwerk-plaats op beschadigingen la-ten controleren, bij voorkeurbij een BMW Motorrad Part-ner.Bij eventuele twijfel over debruikbaarheid van de band:
50 AANDUIDINGENNiet verder rijden.Pechdienst informeren.Overdrachtsstoring"---"Mogelijke oorzaak:Het voertuig heeft de mini-mumsnelheid niet bereikt( 168).RDC-sensor is niet actiefmin. 30 km/h (Pas na over-schrijding van de minimum-snelheid verzendt de RDC-sensor zijn signaal aan demotorfiets.)RDC-weergave in het ooghouden bij hogere snelheid.Pas als daarnaast het alge-mene waarschuwingslampjegaat branden, gaat het omeen permanente storing. In ditgeval:De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Mogelijke oorzaak:De radioverbinding met deRDC-sensoren is verstoord.Mogelijke oorzaak is radiogra-fische apparatuur in de omge-ving die de verbinding tussende RDC-regeleenheid en desensoren stoort.RDC-weergave in een andereomgeving observeren. Pas alsdaarnaast het algemene waar-schuwingslampje gaat bran-den, gaat het om een perma-nente storing.
In dit geval:De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Batterij van debandenspanningssensor zwakbrandt geel.Batterij RDC-sensoren bijna leeg.Functie beperkt. Dooreen specialist latencontroleren.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De batterij van de bandenspan-ningssensor heeft niet meerzijn volledige capaciteit. Dewerking van de bandenspan-ningscontrole is nog voor eenbeperkte tijd gewaarborgd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.
51Sensor defect ofsysteemstoringbrandt geel."---"Mogelijke oorzaak:Er zijn wielen zonder RDC-sen-soren gemonteerd.Wielen met RDC-sensorenachteraf aanbrengen.Mogelijke oorzaak:Een of twee RDC-sensoren zijnuitgevallen of er is een sys-teemstoring aanwezig.De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Bandenspanningscontrole(RDC) uitgevallenbrandt geel.Bandenspann.controleuitgevallen! Func-tie beperkt.
52 AANDUIDINGENStoring zijstandaardbewakingbrandt geel.Bewaking zijstan-daard defect. Ver-der rijden mogelijk. Instand motorstop! Doorspecialist laten contro-leren.Mogelijke oorzaak:Zijstandaardschakelaarof bedrading bescha-digdDe motor wordt bij het over-schrijden van de minimum-snelheid uitgeschakeld. In datgeval is rijden niet meer mo-gelijk.min. 5 km/hContact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.ABS-zelfdiagnose nietbeëindigdknippert.Mogelijke oorzaak:ABS-zelfdiagnose nietvoltooidDe ABS-functie is niet be-schikbaar, omdat de zelf-diagnose niet is afgesloten.(Voor de controle van dewieltoerentalsensoren moetde motorfiets een minimum-snelheid met draaiende mo-tor bereiken: min. 5 km/h)Langzaam wegrijden.
De ABS-functie is niet beschikbaar.Verder rijden mogelijk.Nadere informatie overbijzondere situaties die toteen ABS-storingsmeldingkunnen leiden in acht nemen( 160).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.ABS Pro uitgevallenbrandt geel.brandt.ABS Pro uitgevallen!Rustig verder rij-den mog. Rij voorzich-tig naar de dichtstbijz.specialist.Mogelijke oorzaak:De bewaking van de ABS Pro-functie heeft een storing op-gemerkt. De ABS Pro-functieis niet beschikbaar. De ABS-functie blijft beschikbaar. ABSondersteunt alleen bij het rem-men bij rechtuitrijden.Verder rijden mogelijk.Nadere informatie overbijzondere situaties die een
54 AANDUIDINGENABS Pro-storingsmeldingkunnen veroorzaken in achtnemen ( 160).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.ABS-regeling alleen bij hetvoorwielknippert niet regelmatig.Mogelijke oorzaak:De ABS-achterwielregeling is inde momenteel geselecteerderijmodus uitgeschakeld. Deachterwielrem kan het achter-wiel laten blokkeren.Instellingen van de rijmoduscontroleren.Voor meer informatie over deconfiguratie van de rijmodi,zie het hoofdstuk "Techniek indetail" ( 165).DTC-ingreepknippert snel.Mogelijke oorzaak:De DTC heeft een instabiliteitvan het achterwiel herkend envermindert het koppel.Het controle- en waarschu-wingslampje knippert langerdan dat de DTC-ingreep duurt.Daarmee heeft de berijder ookna de kritieke rijsituatie nogeen optische bevestiging vande uitgevoerde regeling.Verder rijden mogelijk.
Voor-uitziend rijden.DTC-zelfdiagnose nietbeëindigdknippert langzaam.Mogelijke oorzaak:DTC-zelfdiagnose nietvoltooidDe DTC-functie is niet be-schikbaar, omdat de zelf-diagnose niet is afgesloten.(Voor de controle van dewieltoerentalsensoren moetde motorfiets een minimum-snelheid met draaiende mo-tor bereiken: min. 5 km/h)Langzaam wegrijden. Er reke-ning mee houden dat tot hetafsluiten van de zelfdiagnosede DTC-functie niet beschik-baar is.DTC uitgeschakeldbrandt.Off!Tractieregeling ge-deactiveerd.
56 AANDUIDINGENATTENTIEBeschadiging van onderde-lenBeschadiging van bijv. senso-ren met daaruit resulterendestoringenGeen voorwerpen onder hetbestuurderszadel of de duo-buddyseat meenemen.Boordgereedschap vastzet-ten.Giermomentsensor niet be-schadigen.Er rekening mee houden datde DTC-functie en andere rij-dynamieksystemen slechtsbeperkt beschikbaar zijn.Verder rijden mogelijk. Uitge-breide informatie over situa-ties die tot een DTC-storingkunnen leiden in acht nemen( 162).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.DDC-storingbrandt geel.Veerpootverstel-ling defect! Rus-tig verder rijden mog.Rij voorzichtig naar dedichtstbijz.
specia-list.Mogelijke oorzaak:De DDC-regeleenheid heefteen storing opgemerkt.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.De motorfiets is in deze toe-stand mogelijk zeer hard af-geveerd en rijdt met name opslechte rijbanen oncomforta-bel.Mogelijke oorzaak:Er is een DDC sensorstoringherkend.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.De semi-actieve functionaliteitis gedeactiveerd.Brandstofreserve bereiktbrandt geel.Tankreserve be-reikt. Meteen naartankstation rijden.
niet besch.Motor draait niet.Mogelijke oorzaak:De Hill Start Control kan nietworden geactiveerd.Zijstandaard inklappen.Hill Start Control werkt al-leen bij een ingeklapte zijstan-daard.Motor starten.Hill Start Control werkt alleenbij draaiende motor.Versnelling niet ingeleerdVersnellingsindicator knip-pert.
58 AANDUIDINGENMogelijke oorzaak:De versnellingssensor is nietvolledig ingeleerd.Naar de stationaire stand Nschakelen en bij stilstand demotor minstens 10 secondenlaten draaien om de statio-naire stand in te leren.Alle versnellingen met koppe-lingsbediening schakelen entelkens gedurende ten minste10 seconden met de inge-leerde versnelling rijden.De versnellingsindicator stoptmet knipperen als de versnel-lingssensor is ingeleerd.Als de versnellingssensor vol-ledig is ingeleerd, werkt deschakelassistent Pro zoals be-schreven ( 170).Als de inleerprocedure mis-lukt, de storing door een vak-werkplaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Alarmknipperlichteningeschakeldknippert groen.knippert groen.Mogelijke oorzaak:De alarmknipperlichten zijndoor de bestuurder ingescha-keld.Alarmlichtinstallatie bedienen.( 84)Launch Control niet gereedShiftlight brandt of knippert.L-Con niet beschikb.Koppeling te heet.Mogelijke oorzaak:Het aantal mogelijke racestartsmet Launch Control werd over-schreden.Koppeling laten afkoelen.Launch Control bedienen.( 140)OnderhoudsmeldingAls de servicetermijn isoverschreden, gaat naastde datum- of kilometerweer-gave ook het algemene waar-schuwingslampje geel branden.Als de servicetermijn is over-schreden, verschijnt er een geleCheck-Control-melding.
59Als de onderhoudsmel-ding al meer dan éénmaand voor de onderhouds-datum wordt weergegeven,dan moet de actuele datum op-nieuw worden ingesteld. Dezesituatie kan zich voordoen wan-neer de accu losgekoppeld isgeweest.Onderhoud nodigwordt wit weergegeven.Onderhoud nodig! Onder-houd bij een specialistlaten uitvoeren.Mogelijke oorzaak:Op grond van de afgelegdeafstand of de datum is het tijdvoor een onderhoudsbeurt.Onderhoud regelmatig dooreen vakwerkplaats laten uit-voeren, bij voorkeur door eenBMW Motorrad Partner.De bedrijfs- en verkeersveilig-heid van het voertuig blijvenbehouden.Het best mogelijke waardebe-houd van het voertuig wordtverzekerd.Onderhoudsafspraakoverschredenbrandt geel.wordt geel weergegeven.Onderhoud te laat!
On-derhoud bij een specia-list laten uitvoeren.Mogelijke oorzaak:Onderhoud is op basis van derijprestaties of de datum telaat.Onderhoud regelmatig dooreen vakwerkplaats laten uit-voeren, bij voorkeur door eenBMW Motorrad Partner.De bedrijfs- en verkeersveilig-heid van het voertuig blijvenbehouden.Het best mogelijke waardebe-houd van het voertuig wordtverzekerd.
Uitge-zonderd zijn toepassingenzonder bediening, zoals te-lefonie via een handsfree-systeem.WAARSCHUWINGAfleiding van de verkeers-situatie en verlies van decontroleGevaar voor ongevallen doorde bediening van geïnte-greerde informatiesystemenen communicatieapparatentijdens het rijdenBedien deze systemen ofapparaten alleen als de ver-keerssituatie het toelaat.Stop indien nodig en bediende systemen of apparatenterwijl u stilstaat.Sommige functies kunnen al-leen bij stilstand worden be-diend.BEDIENINGSELEMENTENMulti-Controller1 Multi-ControllerA Cursor in lijsten omhoogbewegenVolume hoger zettenB Cursor in lijsten omlaagbewegenVolume verlagenC Functie overeenkomstigterugmelding activerenSelectie/instelling bevesti-genDoor menuvensters blade-ren
63D Functie overeenkomstigterugmelding activeren ofopnieuw activerenNa de instellingen terug-keren naar het menu-schermEen niveau in de hiërar-chie omhoog gaanDoor menuvensters blade-renTuimeltoets MENUMENU 1 kort aan debovenzijde indrukken:In de menu weergave: Een ni-veau in de hiërarchie omhooggaan.In de weergave Pure Ride:Weergave voor statusregelberijdersinformatie wijzigen.MENU 1 lang aan debovenzijde indrukken:In de menu weergave: Weer-gave Pure Ride openen.In de weergave Pure Ride:Waarde van boordcomputerresetten.MENU 1 kort aan deonderzijde indrukken:Een niveau in de hiërarchieomlaag gaan.Selectie/instelling bevestigen.MENU 1 lang aan deonderzijde indrukken:Teruggaan naar het laatst ge-opende menu, nadat eerst vanmenu is gewisseld door langop de bovenzijde te drukken.Navigatieaanwijzingenworden weergegevenals dialoog wanneer het menuNavigatie niet is geopend.De bediening van de tuimel-toets MENU is tijdelijk beperkt.BEDIENINGMenu oproepenDe tuimeltoets MENU 2 langaan de bovenzijde indrukken,om aanzicht Pure Ride op teroepen.De tuimeltoets MENU 2 kortomlaagdrukken.
64 INSTRUMENTENPANEELMulti-Controller 1 meerderemalen kort naar rechts druk-ken, tot het gewenste menu-punt gemarkeerd is.De tuimeltoets MENU 2 kortomlaagdrukken, om het be-treffende menu te openen.Weergaven systeemtoestandDe systeemtoestand wordt inhet onderste gedeelte van hetmenu weergegeven als er eenfunctie in- of uitgeschakeld is.Voorbeeld:DTC-functie 1 is ingeschakeld.Weergave van de bovenstestatusregel selecterenVoorwaardeDe motorfiets staat stil. Hetaanzicht Pure Ride wordt weer-gegeven.Het contact inschakelen.( 78)In het instrumentenpaneelverschijnt alle voor het rijdenop de openbare weg nood-zakelijke informatie van deboordcomputer (bijv. TRIP 1)en tripboordcomputer(bijv. TRIP 2).
De informatiekan in de bovenste statusregelworden weergegeven.Daarnaast kan er ook informa-tie van de bandenspannings-controle worden weergege-ven.Daarnaast kan er ook informa-tie van de bandenspannings-controle worden weergege-ven.Inhoud van de bovenste sta-tusregel selecteren. ( 65)Toets 1 lang indrukken omhet aanzicht Pure Ride weerte geven.Toets 1 telkens kort indruk-ken om de waarde in de bo-venste statusregel 2 te selec-teren.De volgende waarden kunnenworden weergegeven:Kilometerteller
66 INSTRUMENTENPANEELTripboordcomputer resettenMenu Mijn Motor oproepen.Schermmenu REISBOORD-COMP. oproepen.De tuimeltoets MENU omlaag-drukken.Autom. terugzetten ofAlle waardes terugzet-ten selecteren en bevestigen.Als Autom. terugzettenis geselecteerd, wordt de trip-boordcomputer automatischteruggezet, als er na het uit-schakelen van het contactminstens 6 uur zijn verstre-ken en de datum is veranderd.INSTELLINGENVolume instellenHelmen van berijder en duo-passagier verbinden.
( 68)Volume hoger zetten: DeMulti-Controller omhoog-draaien.Volume lager zetten: DeMulti-Controller omlaag-draaien.Stomschakeling: De Multi-Controller helemaal omlaag-draaien.Systeeminstellingen uitvoerenHet contact inschakelen.( 78)Het menu Instellingen,Systeeminstellingenoproepen.De volgende systeeminstellin-gen kunnen hier uitgevoerdworden:Datum en tijdEenhedenTaalHelderheid instellenHet menu Instellingen,Weergave, Helderheid op-roepen.Helderheid instellen.De helderheid van het displaywordt gedimd naar de inge-stelde waarde als de omge-vingshelderheid onder eengedefinieerde drempelwaardekomt.Alle instellingen terugzettenMenu Instellingen oproe-pen.Alles terugzetten selec-teren en bevestigen.De instellingen van de volgendemenu's worden op de fabrieks-instelling teruggezet:VoertuiginstellingenSysteeminstellingenVerbindingenWeergaveInformatieDe koppeling van hetvoertuig met het actueleBMW Motorrad Connected-Ride account wordtteruggezet.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met BMW M 1000 R (2024) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Niet gecategoriseerd BMW
Handleiding Niet gecategoriseerd
Nieuwste handleidingen voor Niet gecategoriseerd