Beurer BC50 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Beurer BC50 (12 pagina’s), behorend tot de categorie Bloeddrukmeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 66 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Beurer BC50 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Beurer |
| Categorie: | Bloeddrukmeter |
| Model: | BC50 |
Handleiding Beurer BC50 – volledige tekst
2Geachte klant,We zijn blij dat u hebt gekozen voor een product uit ons assor-timent. Beurer staat voor hoogwaardige en grondig gecontro-leerde kwaliteitsproducten op het gebied van warmte, zachte therapie, bloeddrukmeting, gewicht, massage, beauty en lucht.Neem deze gebruiksaanwijzing aandachtig door, bewaar deze voor later gebruik, laat deze ook door andere gebruikers lezen en neem alle aanwijzingen in acht.Met vriendelijke groet,Uw Beurer-team1. InleidingControleer of de buitenkant van de verpakking van de Beurer bloeddrukmeter BC50 intact is en of alle onderdelen aanwe-zig zijn.De polsbloeddrukmeter dient voor het non-invasief meten en controleren van de arteriële bloeddrukwaarden van volwasse-nen. U kunt snel en eenvoudig uw bloeddruk meten, de meet-waarden opslaan en het verloop van de meetwaarden visua-liseren. Bij eventueel aanwezige hartritmestoornissen wordt u gewaarschuwd.
3VoorzichtigAanwijzingVerwijzing naar belangrijke informatieNeem de gebruiksaanwijzing in achtToepassingsdeel type BFGelijkstroomVerwijder het apparaat conform de EU-richtlijn betreffende de verwijdering van elek-trische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment)FabrikantStorageRH 10-93%-25°C70°CToegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij opslagOperating5°C40°CRH 15-93%Toegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij gebruikNiet blootstellen aan vochtSN SerienummerMet de CE-markering wordt aangetoond dat het apparaat voldoet aan de fundamentele eisen van de richtlijn 93/42/EEG voor medi-sche hulpmiddelen. Aanwijzingen met betrekking tot het gebruik• Meet uw bloeddruk altijd op hetzelfde tijdstip van de dag, zodat de gemeten waarden vergelijkbaar zijn.• Rust voorafgaand aan iedere meting ca.
5 minuten uit!• Als u meerdere metingen bij dezelfde persoon wilt uitvoeren, moet tussen de afzonderlijke metingen telkens 5 minuten rust worden gehouden.• Ten minste 30 minuten voor de meting mag u niet eten, drin-ken of roken, en geen lichamelijke inspanningen verrichten.• Herhaal de meting wanneer u twijfelt over de gemeten waar-den.• De waarden die u hebt gemeten, dienen slechts als indicatie – ze vormen geen vervanging van een medisch onderzoek! Bespreek uw gemeten waarden met uw arts. Neem in geen geval zelf medische beslissingen op basis van deze waarden (bijv. met betrekking tot medicijnen en de doseringen daar-van)!• Gebruik de bloeddrukmeter niet bij baby’s en vrouwen met pre-eclampsie.
4• Aandoeningen aan het hart en de bloedvaten kunnen leiden tot foutieve metingen of kunnen de meetnauwkeurigheid beïnvloeden. Dit is ook het geval bij een zeer lage bloed-druk, diabetes, doorbloedings- en hartritmestoornissen en bij koude rillingen of trillingen. • De bloeddrukmeter mag niet in combinatie met een chirur-gisch apparaat met hoge frequenties worden gebruikt. • Gebruik het apparaat alleen bij personen met een polsom-vang die binnen de grenswaarden voor het apparaat ligt. • Let op dat de functie van het betreffende ledemaat tijdens het oppompen kan worden beïnvloed. • De bloedsomloop mag door de bloeddrukmeting niet on-nodig lang worden afgebonden. Haal bij storingen van het apparaat de manchet van de arm. • Voorkom een aanhoudende druk in de manchet en veelvul-dige metingen. De belemmering van de bloeddoorstroming die daardoor ontstaat, kan leiden tot verwondingen.
• Let op dat de manchet niet om een arm wordt geplaatst waarvan de slagaderen of aderen een medische behande-ling ondergaan, zoals intravasculaire toegang, intravasculaire therapie of een arterioveneuze shunt. • Plaats de manchet niet bij personen die een borstamputatie hebben ondergaan. • Plaats de manchet niet over wonden, omdat dit kan leiden tot meer verwondingen. • De bloeddrukmeter werkt uitsluitend op batterijen. • Om de batterijen te sparen, wordt de bloeddrukmeter auto-matisch uitgeschakeld als er twee minuten lang geen toets ingedrukt wordt. • Het apparaat is alleen bedoeld voor het in deze gebruiksaan-wijzing beschreven gebruik. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door onjuist of verkeerd ge-bruik. Aanwijzingen met betrekking tot opslag en onderhoud• De bloeddrukmeter bestaat uit elektronische onderdelen en precisieonderdelen.
De nauwkeurigheid van de meetwaar-den en de levensduur van het apparaat hangen af van een zorgvuldige behandeling: – Stel het apparaat niet bloot aan schokken, vocht, vuil, sterke temperatuurschommelingen en direct zonlicht. – Laat het apparaat niet vallen. – Gebruik het apparaat niet in de buurt van sterke elektro-magnetische velden. Houd het uit de buurt van radiozend-installaties of mobiele telefoons. • Druk niet op toetsen, zolang de manchet niet is aangebracht. • Indien het apparaat gedurende langere tijd niet wordt ge-bruikt, adviseren wij u de batterijen te verwijderen. Aanwijzingen met betrekking tot batterijen• Het inslikken van batterijen kan levensgevaarlijk zijn. Bewaar daarom batterijen en producten op een voor kinderen on-bereikbare plaats. Indien er een batterij is ingeslikt, moet u onmiddellijk medische hulp zoeken.
• Batterijen mogen niet worden opgeladen of anderszins wor-den gereactiveerd, niet uit elkaar worden gehaald, niet in vuur worden geworpen en niet worden kortgesloten. • Haal de batterijen uit het apparaat wanneer deze leeg zijn of wanneer u het apparaat langere tijd niet gebruikt. Zo voor-.
5komt u schade die door lekkage kan ontstaan. Vervang de batterijen altijd gelijktijdig.• Gebruik geen verschillende soorten of merken of batterijen met verschillende capaciteit door elkaar. Gebruik alkalinebat-terijen. Aanwijzingen met betrekking tot reparatie en verwijdering• Batterijen mogen niet met het huisvuil worden weggegooid. Deponeer de lege batterijen in daarvoor voorziene inzamel-plaatsen. • Maak het apparaat niet open. Als u het apparaat desondanks opent of repareert, vervalt de garantie. • U mag het apparaat niet zelf repareren of afstellen. Een fout-loze werking is in dat geval niet meer verzekerd.• Reparaties mogen alleen door de klantenservice of geauto-riseerde dealers worden uitgevoerd.
Controleer voordat u een klacht indient eerst de batterijen en vervang deze als dat nodig is.• Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijn voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment). Neem bij vragen contact op met de verantwoordelijke instanties voor afvalverwijdering in uw gemeente.3. Beschrijving van het apparaat1. WHO-indicator2. Display3. Geheugentoets M14. Geheugentoets M25. START/STOP-toets 6. Deksel batterijcompartiment7. Polsmanchet 1345672
6Weergaven op de display: 1. WHO-niveau 2. Tijdstip en datum 3. Systolische druk 4. Diastolische druk 5. Oppompen, lucht weg laten lopen (pijl) 6. Gemeten pulswaarde 7. Symbool hartritmestoornis Symbool polsslag 8. Batterij-indicator 9. Gebruikersgeheugen / 10. Geheugenplaatsnummer / geheugenweergave Gemiddelde waarde ( A ), ’sochtends ( AM ), ’savonds ( PM )4. Meting voorbereidenBatterij plaatsen• Verwijder het deksel van het batterijcompartiment aan de rechterkant van het apparaat.• Plaats twee batterijen van het type 1,5 V micro (alkaline type LR03) in het batterijcom-partiment. Let goed op dat de batterijen zoals aangeduid met correcte polariteit geplaatst worden.
Gebruik geen oplaad-bare batterijen.• Sluit het deksel van het batterijcompartiment weer zorgvuldig.Als het symbool Batterij vervangen knippert en E6 ver-schijnt, kan er niet meer gemeten worden en moet u alle bat-terijen vervangen.Alle displayelementen worden kort weergegeven, op de display knippert 24h. Stel nu, zoals hierna beschreven, de datum en de tijd in.Lege batterijen mogen niet met het huisvuil worden wegge-gooid. Deponeer ze bij uw elektrohandelaar of de milieudienst in uw woonplaats. U bent hiertoe wettelijk verplicht.Aanwijzing: deze tekens kunt u aantreffen op batterijen met schadelijke stoffen: Pb: batterij be-vat lood, Cd: batterij bevat cadmium, Hg: batterij bevat kwik.25134678910
7Uurweergave, datum en tijd instellenIn dit menu kunt u achtereenvolgens de volgende functies in-stellen.Uurweergave ➔Datum ➔TijdDe datum en de tijd moeten absoluut worden ingesteld. Alleen zo kunt u uw gemeten waarden correct met datum en tijdstip opslaan en later laden.
Als u de geheugentoets M1 of M2 ingedrukt houdt, kunt u de waarden sneller instellen.Uurweergave• Houd de START/STOP-toets gedurende 5seconden ingedrukt.• Selecteer met de geheugentoetsen M1/M2 de gewenste uurweergave en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets .DatumOp de display knippert het jaartal.• Selecteer met de geheugentoetsen M1/M2 het gewenste jaartal en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets .Op de display knippert de maand.• Selecteer met de geheugentoetsen M1/M2 de gewenste maand en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets .Op de display knippert de dag.• Selecteer met de geheugentoetsen M1/M2 de ge-wenste dag en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets .
Als de 12-uursweergave is ingesteld, worden de dag en de maand andersom weergegeven.TijdOp de display knippert het uur.• Selecteer met de geheugentoetsen M1/M2 het gewenste uur en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets .Op de display knipperen de minuten.• Selecteer met de geheugentoetsen M1/M2 het gewenste aantal minuten en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets .Nadat u alle gegevens hebt ingesteld, wordt het apparaat au-tomatisch uitgeschakeld.
85. Bloeddruk metenManchet aanbrengen • Ontbloot uw linkerpols. Zorg ervoor dat de doorbloeding van de arm niet door te strakke kleding of iets soortgelijks wordt beperkt. Breng de manchet aan op de binnenkant van uw pols. • Sluit de manchet met de klittenband, zodat de bovenkant van het apparaat zich ongeveer 1 cm onder de handbal bevindt. • De manchet moet strak rond de pols zitten, maar mag niet knellen. Neem de juiste lichaamshouding aan• Rust voorafgaand aan iedere meting ca. 5 minuten uit. Anders ontstaan er afwijkingen. • U kunt de meting zittend of liggend uitvoeren. Zorg ervoor dat u tijdens de bloeddrukmeting comfortabel zit. On-dersteun uw rug en armen. Ga niet met gekruiste benen zitten. Plaats uw voeten plat op de grond. Ondersteun en buig uw arm. Zorg er in ieder geval voor dat de manchet zich ter hoogte van uw hart bevindt.
Anders kan de meting aanzienlijke afwijkingen vertonen. Ontspan uw arm en handpalmen. • Om een juist resultaat te verkrijgen, is het belangrijk dat u tijdens de meting rustig blijft en niet praat. Uitvoeren van een bloeddrukmetingBreng zoals eerder beschreven de manchet aan en neem de houding aan waarin u de meting wilt uitvoeren. • Om de bloeddrukmeter in te schakelen, drukt u op de START/STOP-toets. Alle display-weergaven worden kort verlicht. Na 3 seconden begint de bloeddrukmeter automatisch met de meting. De meting vindt plaats terwijl de manchet wordt opgepompt. U kunt de meting te allen tijde afbreken door op de START/STOP-toets te drukken. Zodra er een polsslag herkend wordt, wordt het symbool pols-slag weergegeven. • De meetresultaten systolische druk, diastolische druk en polsslag worden weergegeven. • E_ verschijnt wanneer de meting niet juist kon worden uitgevoerd.
Lees het hoofdstuk “Foutmeldingen/storingen verhelpen” in deze gebruiksaanwijzing en herhaal de meting. • Selecteer nu het gewenste gebruikersgeheugen door op de geheugentoets M1 of M2 te drukken.
9betreffende symbool M1 of M2 wordt op de display weer-gegeven. • Schakel de bloeddrukmeter met behulp van de START/STOP-toets uit. Daarmee wordt het meetresultaat opge-slagen in het geselecteerde gebruikersgeheugen. Wanneer u vergeet het apparaat uit te schakelen, wordt het na ongeveer 3 minuten automatisch uitgeschakeld. Ook in dit geval wordt de waarde in het geselecteerde of het laatst gebruikte gebruikersgeheugen opgeslagen. • Wacht ten minste 5 minuten voordat u een nieuwe meting uitvoert. Resultaten beoordelenHartritmestoornissen:Dit apparaat kan tijdens het meten eventuele storingen van het hartritme identificeren. Indien dergelijke storingen worden vastgesteld, wordt dit na de meting met het symbool weer-gegeven. Dit kan een indicator voor een aritmie zijn.
Aritmie is een aan-doening waarbij het hartritme abnormaal is vanwege storingen in het bio-elektrische systeem dat de hartslag stuurt. De symp-tomen (overslaande of voortijdige hartslagen, langzame of te snelle pols) kunnen o. a. worden veroorzaakt door hartaandoe-ningen, ouderdom, lichamelijke aanleg, overmatig gebruik van genotmiddelen, stress of slaapgebrek. Aritmie kan uitsluitend worden vastgesteld door medisch onderzoek. Herhaal de meting als het symbool na de meting op de display wordt weergegeven. Let op, u moet eerst 5 minuten rusten en tijdens de meting niet spreken of bewegen. Indien het symbool vaak wordt weergegeven, raadpleegt u uw arts. Zelfdiagnose en behandeling op basis van de meetgege-vens kan gevaarlijk zijn. Volg de aanwijzingen van uw arts op.
WHO-classificatie:Conform de richtlijnen/definities van de Wereldgezondheids-organisatie (WHO) en de meest recente inzichten kunnen de meetresultaten volgens de onderstaande tabel worden geclas-sificeerd en beoordeeld. Deze standaardwaarden mogen echter uitsluitend worden op-gevat als algemene richtlijn, omdat de bloeddruk per persoon en ook per leeftijdsgroep enz. kan verschillen of afwijken. Raadpleeg daarom regelmatig uw arts.
Hij of zij kan uw per-soonlijke bloeddruk voor u meten en ook beter inschatten wan-neer bloeddrukwaarden te hoog of te laag zijn. Het staafdiagram op de display en de schaalverdeling op het apparaat geven aan binnen welk bereik de vastgestelde bloed-druk zich bevindt. Als de systolische en diastolische waarden zich in twee verschillende WHO-gebieden bevinden (bijvoor-beeld systolisch in het gebied hoog-normaal en diastolisch in het gebied normaal), dan geeft de grafische WHO-classificatie op het apparaat altijd het hoogste gebied weer, in het voorbeeld is dat “hoog-normaal”. Bereik van de bloeddruk-waardenSystole (in mmHg)Diastole (in mmHg)MaatregelNiveau 3: zeer hoge bloeddruk ≥180 ≥110 raadpleeg een artsNiveau 2: hoge bloeddruk 160-179 100-109 raadpleeg een arts.
11Individuele meetwaarden• Als u de betreffende geheugentoets (M1 of M2) opnieuw indrukt, wordt op de display de laatste afzonderlijke meting weergegeven (in dit voorbeeld meting 03).• Als u de betreffende geheugentoets (M1 of M2) opnieuw indrukt, kunt u de individuele meetwaarden bekijken.• Druk op de START/STOP-toets om het apparaat weer uit te schakelen. U kunt het menu te allen tijde verlaten door op de START/STOP-toets te drukken.Meetwaarden wissen• Om het betreffende gebruikersgeheugen te wissen, moet u eerst een gebruikersgeheugen selecteren. • Start het laden van de individuele meetwaarden.• Houd de geheugentoetsen M1 en M2 allebei 5 seconden ingedrukt.Op de display verschijnt CL en 00.Alle waarden van het huidige gebruikersgeheugen worden gewist.Daarna wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld.7.
Foutmeldingen/storingen verhelpenBij storingen wordt op de display de foutmelding E_ weerge-geven.Foutmeldingen kunnen optreden als• de polsslag niet geregistreerd kon worden: E1;• u tijdens de meting beweegt of spreekt: E2;• de manchet te strak of te los is aangebracht: E3;• er storingen optreden tijdens de meting: E4;• de oppompdruk hoger dan 300 mmHg is: E5;• de batterijen bijna leeg zijn E6.Herhaal in zulke gevallen de meting. Let erop dat u niet beweegt of praat. Plaats de batterijen opnieuw of vervang ze.8. Reiniging en onderhoud• Reinig uw bloeddrukmeter voorzichtig met alleen een licht bevochtigde doek.• Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen.• Dompel het apparaat nooit onder in water, omdat er anders vocht kan binnendringen en het apparaat beschadigd kan raken.• Plaats geen zware voorwerpen op het apparaat.9. Technische gegevensModelnr.
Houd er rekening mee dat draagbare en mobiele HF-com-municatieapparatuur dit apparaat kan beïnvloeden. U kunt uitgebreide informatie aanvragen bij de klantenservice op het aangegeven adres of deze aan het eind van de ge-bruiksaanwijzing nalezen. • Het apparaat is in overeenstemming met de EU-richtlijn voor medische hulpmiddelen 93/42/EG, de Duitse wet in-zake medische producten en de normen EN1060-1 (Non-invasieve bloeddrukmeters deel 1: Algemene eisen) en EN1060-3 (Non-invasieve bloeddrukmeters deel 3: Aanvul-lende eisen voor elektromechanische bloeddrukmeetsys-temen) en IEC80601-2-30 (Medische elektrische toestellen deel 2-30: Bijzondere eisen voor de veiligheid, met inbegrip van essentiële gebruikseigenschappen, van automatische non-invasieve bloeddrukmeters).
• De nauwkeurigheid van deze bloeddrukmeter is zorgvuldig gecontroleerd en het apparaat is ontwikkeld met het oog op een lange gebruiksduur. Wanneer het apparaat wordt gebruikt in de geneeskunde moeten meettechnische controles met daarvoor geschikte middelen worden uitgevoerd. Uitgebreide informatie voor het controleren van de nauwkeurigheid kan worden aan-gevraagd via het serviceadres. BC50-0314_NL Fouten en wijzigingen voorbehouden.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Beurer BC50 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Bloeddrukmeter Beurer
Handleiding Bloeddrukmeter
Nieuwste handleidingen voor Bloeddrukmeter