Beurer BM49 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Beurer BM49 (60 pagina’s), behorend tot de categorie Bloeddrukmeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 33 mensen. Heb je een vraag over Beurer BM49 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Beurer |
| Categorie: | Bloeddrukmeter |
| Model: | BM49 |
Handleiding Beurer BM49 – volledige tekst
35Geachte klant,we zijn blij dat u hebt gekozen voor een product uit ons assortiment. Onze naam staat voor hoogwaardige en grondig gecontroleerde kwaliteitsproducten die te maken hebben met warmte, gewicht, bloeddruk, lichaams temperatuur, hartslag, zachte therapie, massage en lucht. Neem deze gebruikshandleiding aandachtig door, bewaar deze voor later gebruik, houd deze toegankelijk voor andere gebruikers en neem alle aanwijzingen in acht. Met vriendelijke groet,Uw Beurer-team1. KennismakingControleer of de buitenkant van de verpakking van de Beurer BM49 bloeddrukmeter intact is en of alle onderdelen aanwezig zijn. Alvorens het apparaat te gebruiken, moet worden gecontroleerd of het apparaat en de toebehoren zichtbaar beschadigd zijn en moet al het verpakkingsmateriaal worden verwijderd.
Wij adviseren u om het apparaat bij twijfel niet te gebruiken en contact op te nemen met de verkoper of met de betreffende klantenservice. De bovenarmbloeddrukmeter dient voor het non-invasief meten en controleren van de arteriële bloeddruk-waarden van volwassenen. U kunt daardoor snel en eenvoudig uw bloeddruk meten, de meetwaarden opslaan en het verloop en het gemiddelde van de meetwaarde laten weergeven. Bij eventueel aanwezige hartritmestoornissen wordt u gewaarschuwd. De vastgestelde waarden worden geclassificeerd en grafisch beoordeeld. Berg deze gebruiksaanwijzing op voor later gebruik en zorg dat andere gebruikers deze handleiding ook kunnen lezen. 2.
Belangrijke aanwijzingen Verklaring van symbolenIn de gebruiksaanwijzing, op de verpakking en op het typeplaatje van het apparaat en de accessoires wor-den de volgende symbolen gebruikt:Voorzichtig FabrikantAanwijzingVerwijzing naar belangrijke informatieStorageRH ≤85%-20°C50°CToegestane temperatuur en lucht-vochtigheid bij opslagNeem de gebruiksaanwijzing in achtOperatingRH ≤85%+10°C+40°CToegestane temperatuur en lucht-vochtigheid bij gebruikToepassingsdeel type BF Niet blootstellen aan vochtGelijkstroom SerienummerVerwijder het apparaat conform EU-richtlijn betreffende de verwijde-ring van elektrische en elektronische apparatuur WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment)Met de CE-markering wordt aange-toond dat het apparaat voldoet aan de fundamentele eisen van de richt-lijn 93/42/EEC voor medische hulp-middelen. NEDERLANDS.
36 Gebruiksaanwijzingen• Meet uw bloeddruk altijd op hetzelfde tijdstip, zodat de gemeten waarden vergelijkbaar zijn. • Rust voor iedere meting ongeveer 5 minuten uit. • Als u meerdere metingen bij dezelfde persoon wilt uitvoeren, moet tussen de afzonderlijke metingen tel-kens 5 minuten rust worden gehouden. • Ten minste 30 minuten voor de meting mag u niet eten, drinken of roken, en geen lichamelijke inspannin-gen verrichten. • Herhaal de meting wanneer u twijfelt over de gemeten waarden. • De waarden die u hebt gemeten, dienen slechts als indicatie – ze vormen geen vervanging van een medisch onderzoek. Bespreek uw meetwaarden met uw arts. Neem in geen geval op eigen grond medi-sche beslissingen op basis van deze waarden (bijv. met betrekking tot medicijnen en hun doseringen). • Gebruik de bloeddrukmeter niet bij baby’s en vrouwen met pre-eclampsie.
Alvorens de bloeddrukmeter tijdens de zwangerschap te gebruiken, adviseren wij u uw arts te raadplegen. • Aandoeningen aan het hart en de bloedvaten kunnen leiden tot foutieve metingen of de meetnauwkeu-righeid beïnvloeden. Dit is ook het geval bij een zeer lage bloeddruk, diabetes, doorbloedings- en hartrit-mestoornissen en bij koude rillingen of trillingen. • De bloeddrukmeter mag niet in combinatie met een een chirurgisch apparaat met hoge frequenties wor-den gebruikt. • Gebruik het toestel alleen bij personen met een bovenarmomvang die geschikt is voor het apparaat. • Let op dat de functie van het betreffende ledemaat tijdens het oppompen kan worden beïnvloed. • De bloedsomloop mag door de bloeddrukmeting niet onnodig lang worden afgebonden. Haal bij storin-gen van het apparaat de manchet van de arm. • Zorg ervoor dat de manchetslang niet wordt bekneld, samengedrukt of geknikt.
• Let op dat de manchet niet om een arm wordt geplaatst waarvan de slagaderen of aderen een medische behandeling ondergaan, zoals intravasculaire toegang, intravasculaire therapie of een arterioveneuze shunt. • Plaats de manchet niet bij personen die een borstamputatie hebben ondergaan. • Plaats de manchet niet over wonden, omdat dit kan leiden tot meer verwondingen. • U kunt de bloeddrukmeter gebruiken met batterijen of met een netadapter. Houd er rekening mee dat u alleen gegevens kunt overdragen en opslaan als uw bloeddrukmeter wordt voorzien van stroom. Zodra de batterijen leeg zijn of de netadapter wordt losgekoppeld van het elektriciteitsnet, verliest de bloed-drukmeter datum en tijd. • Om de batterijen te sparen wordt net bloeddrukmeter automatisch uitgeschakeld als er één minuut lang geen toets wordt ingedrukt.
• Dit apparaat is alleen bedoeld voor het in deze gebruiksaanwijzing beschreven gebruik. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door onjuist of verkeerd gebruik. Aanwijzingen voor het opbergen en de verzorging• De bloeddrukmeter bestaat uit elektronische onderdelen en precisieonderdelen. De nauwkeurigheid van de meetwaarden en de levensduur van het apparaat zijn afhankelijk van de zorgvuldige omgang hiermee: – Bescherm het apparaat tegen schokken, vocht, vuil, sterke temperatuurschommelingen en direct zon-licht. – Laat het apparaat niet vallen. – Gebruik het apparaat niet in de buurt van sterke elektromagnetische velden en houd het uit de buurt van radiografische apparaten en mobiele telefoons. – Gebruik uitsluitend de meegeleverde of originele vervangende manchetten. Anders krijgt u foutieve meetwaarden.
• Druk niet op de toetsen, zolang de manchet niet is aangebracht. • Indien het apparaat gedurende langere tijd niet wordt gebruikt, raden wij aan de batterijen te verwijderen.
37 Tips voor de omgang met batterijen• Als vloeistof uit een batterijcel in aanraking komt met de huid of de ogen, moet u de betreffende plek met water spoelen en een arts raadplegen.• Gevaar voor inslikken! Kleine kinderen kunnen batterijen inslikken, met verstikking als gevolg. Bewaar batterijen daarom buiten het bereik van kleine kinderen!• Neem de aanduiding van de polariteit (plus (+) en min (-)) in acht.• Als er een batterij is gaan lekken, moet u veiligheidshandschoenen aantrekken en het batterijvak met een droge doek reinigen.• Bescherm de batterijen tegen overmatige hitte.• Explosiegevaar! Werp batterijen niet in vuur.• Batterijen mogen niet worden opgeladen en niet worden kortgesloten.• Haal de batterijen uit het batterijvak als u het apparaat langere tijd niet gebruikt.• Gebruik alleen hetzelfde of een gelijkwaardig type batterij.
• Vervang altijd alle batterijen tegelijk.• Gebruik geen accu’s!• Haal batterijen niet uit elkaar, open ze niet en hak ze niet in kleine stukken. Aanwijzingen voor reparatie en afvalverwijdering• Batterijen horen niet thuis in het huisvuil. Deponeer de lege batterijen in daarvoor voorziene inzamel-plaatsen. • Maak het apparaat niet open. Doet u dit toch, dan vervalt de garantie. • Het apparaat mag niet zelf worden gerepareerd of afgesteld. Een storingsvrije werking is in dat geval niet meer gewaarborgd.• Reparaties mogen alleen door de klantenservice of een geautoriseerd verkooppunt worden uitgevoerd. Controleer echter voordat u een klacht indient de batterijen en vervang deze zo nodig.• Verwijder het apparaat conform EU-Richtlijn betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment).
383. Apparaatbeschrijving21310987645Weergaves op het display:1. Manchet2. Manchetslang3. Manchetstekker4. Display5. Aansluiting voor de netvoeding6. Geheugentoets 7. Toets START/STOP 8. Functietoetsen 9. Schaalverdeling voor de classificatie van de meetre-sultaten10. Aansluiting voor stekker van manchet 1. Oppompen , lucht weg laten lopen 2. Systolische druk 3. Geheugenweergave: Gemiddelde waarde ( ), ’s ochtends ( ), ’s avonds ( ) 4. Diastolische druk 5. Gebruikergeheugen 6. Gemeten pulswaarde 7. Symbool hartritmestoornis 8. Tijdstip en datum 9. Classificatie van de meetresultaten 10. Geheugenplaatsnummer11. Symbool batterij vervangen 4. Meting voorbereidenPlaats de batterij• Open het deksel van het batterijvak.• Plaats vier batterijen van het type 1,5 V AA (Alkaline Type LR6). Let goed op dat de batterijen zoals aangeduid met correcte polariteit geplaatst worden.
Gebruik geen oplaadbare batterijen. De melding “Het apparaat is klaar voor gebruik. U kunt de meting starten.” klinkt.• Sluit het deksel van het batterijvak weer zorgvuldig.• Voorzien van batterijen geeft het apparaat continu de tijd en datum weer.Wanneer de batterijwisselweergave en op het display verschijnen, is het niet meer mogelijk een meting te starten. Het apparaat geeft de melding: “Batterij zwak”. Vervang alle batterijen. Wanneer de batterijen uit het apparaat worden verwijderd, moeten datum, tijd en taal opnieuw worden ingesteld.Lege batterijen horen niet thuis in het restafval. Deponeer ze bij uw elektrohandelaar of de milieudienst in uw woonplaats. U bent hiertoe wettelijk verplicht.
393. Apparaatbeschrijving21310987645Weergaves op het display:1. Manchet2. Manchetslang3. Manchetstekker4. Display5. Aansluiting voor de netvoeding6. Geheugentoets 7. Toets START/STOP 8. Functietoetsen 9. Schaalverdeling voor de classificatie van de meetre-sultaten10. Aansluiting voor stekker van manchet 1. Oppompen , lucht weg laten lopen 2. Systolische druk 3. Geheugenweergave: Gemiddelde waarde ( ), ’s ochtends ( ), ’s avonds ( ) 4. Diastolische druk 5. Gebruikergeheugen 6. Gemeten pulswaarde 7. Symbool hartritmestoornis 8. Tijdstip en datum 9. Classificatie van de meetresultaten 10. Geheugenplaatsnummer11. Symbool batterij vervangen 4. Meting voorbereidenPlaats de batterij• Open het deksel van het batterijvak. • Plaats vier batterijen van het type 1,5 V AA (Alkaline Type LR6). Let goed op dat de batterijen zoals aangeduid met correcte polariteit geplaatst worden.
Gebruik geen oplaadbare batterijen. De melding “Het apparaat is klaar voor gebruik. U kunt de meting starten. ” klinkt. • Sluit het deksel van het batterijvak weer zorgvuldig. • Voorzien van batterijen geeft het apparaat continu de tijd en datum weer. Wanneer de batterijwisselweergave en op het display verschijnen, is het niet meer mogelijk een meting te starten. Het apparaat geeft de melding: “Batterij zwak”. Vervang alle batterijen. Wanneer de batterijen uit het apparaat worden verwijderd, moeten datum, tijd en taal opnieuw worden ingesteld. Lege batterijen horen niet thuis in het restafval. Deponeer ze bij uw elektrohandelaar of de milieudienst in uw woonplaats. U bent hiertoe wettelijk verplicht.
11109782314564 x AA (LR6) 1,5 V• Deze tekens kunt u aantreffen op batterijen met schadelijke stoffen: Pb = batterij bevat lood Cd = batterij bevat cadmium Hg = batterij bevat kwikDatum, tijd en taal instellenIn dit menu kunt u achtereenvolgens de volgende functies instellen:Datum tijd taal geluidsvolume De datum en de tijd moeten absoluut ingesteld worden. Alleen zo kunt u uw gemeten waarden correct met datum en tijdstip opslaan en later laden. De tijd wordt weergegeven in de 24-uurs-indeling. Bovendien beschikt het apparaat over 4 talen. Als u het apparaat geleverd krijgt, staat het ingesteld op Duits. Wanneer u de functietoetsen ingedrukt houdt, kunt u de waarden sneller instellen. Gesproken uitvoerDatum/tijd• Plaats de batterijen in het apparaat of houd de geheugentoets 5 seconden ingedrukt. In het display knippert het jaartal. Het apparaat is klaar voor ge-bruik.
U kunt de meting starten. • Stel met de functietoetsen het jaar in en bevestig de invoer met de geheugentoets. • Stel maand, dag, uur en minuten in en bevestig iedere keer met de geheugentoets. TaalOp het display knippert de weergave van de taal. • Met de functietoetsen kunt u de volgende talen selecteren: = Duits = Frans = Italiaans = Nederlands = Taal uitDeutschFrançaisItalianoNederlands Bevestig uw keuze met de geheugentoets. = Taal uit betekent dat er geen taalversie is gekozen en dat daardoor de geluidsweergave is uitgeschakeld. GeluidsvolumeOp het display knippert de weergave van het geluidsvolume Vo1. • Met de functietoetsen kunt u het geluidsvolume voor de gese-lecteerde taal instellen: Vo3 = hard Vo2 = gemiddeld Vo1 = zacht Bevestig uw keuze met de geheugentoets. Gebruik met netvoeding U kunt dit apparaat ook met netvoeding gebruiken.
40• Plaats de aansluiting van de netadapter in de daarvoor bestemde stekkeringang aan de rechterkant van de bloeddrukmeter. De netadapter mag alleen op de netspanning worden aangesloten die op het type-plaatje is aangegeven. • Plaats vervolgens het stekkergedeelte van de netvoeding in het stopcontact. • Haal na gebruik van de bloeddrukmeter eerst de stekker uit het stopcontact en ontkoppel vervolgens de adapter van de bloeddrukmeter. Zodra u de netadapter uit de contactdoos trekt, verliest de bloeddruk-meter datum en tijd. De opgeslagen meetwaarden blijven echter bewaard. 5. Bloeddruk metenLaat het apparaat op kamertemperatuur komen voor u aan de meting begint. Manchet aanbrengen Breng de manchet op de ontblote linker bovenarm aan. De doorbloeding van de arm mag niet worden belemmerd, bijvoor-beeld door te nauwe kledingstukken.
De manchet moet zo op de bovenarm worden geplaatst dat de onder-ste rand 2 – 3 cm boven de elleboog en boven de slagader ligt. De slang wijst naar het mid-den van de handpalm. Breng nu het vrije uit-einde van de manchet nauw, maar niet strak, om de arm aan en sluit deze met de klit-tenband. De manchet moet zo strak worden aangebracht dat nog twee vingers onder de manchet passen. Steek nu de manchets-lang in de aansluiting voor de manchets-tekker. Attentie: Het apparaat mag alleen met de originele manchet gebruikt worden. De manchet is geschikt voor een armomvang van 22 tot 36 cm. Een grotere manchet voor een armomvang van 35 tot 44 cm is verkrijgbaar in de vakhandel of via het ser-viceadres en heeft bestelnummer 163. 387. Neem de juiste lichaamshouding aan• Rust voor elke meting ongeveer 5 minuten uit. Anders kunnen onnauwkeurigheden ont-staan.
41Geheugen selecterenTaalversie bij ingeschakelde gesproken uitvoerGebruikersgeheugens• Schakel het apparaat in met de toets START/STOP . Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, worden tijd en datum continu weergegeven.Het apparaat is klaar voor ge-bruik. U kunt de meting starten.• Selecteer het gewenste gebruikersgeheugen met behulp van de functietoetsen . Gebruikergeheugen 1Gebruikergeheugen 2Er zijn 2 geheugens met elk 60 geheugenplaatsen beschikbaar om de meetgegevens van 2 verschillende personen gescheiden van elkaar op te slaan.Uitvoeren van een bloeddrukmetingTaalversie bij ingeschakelde gesproken uitvoerMeting• Breng zoals eerder beschreven de manchet aan en neem de houding aan waarin u de meting wilt uitvoeren.• Schakel het apparaat in met de toets START/STOP .• Bij de controle van het display lichten alle displaysegmenten op.• Start het apparaat met de toets START/STOP .
De te gebruiken geheugenplaats wordt weergegeven.Het apparaat is klaar voor ge-bruik. U kunt de meting starten.• De manchet wordt tot 190 mmHg opgepompt. De luchtdruk in de manchet wordt langzaam verlaagd. Bij een al waargenomen tendens in de richting van een hoge bloeddruk wordt nog een keer bijgepompt om de manchetdruk te verhogen. Zodra er een pols-slag herkend wordt, begint het symbool te knipperen. U kunt de meting te allen tijde door middel van de toets START/STOP annuleren.
42Taalversie bij ingeschakelde gesproken uitvoerMeting• De meetresultaten systolische druk, diastolische druk en polsslag worden weergegeven.Bovendruk ... mmHgOnderdruk ... mmHgHartfrequentie ... Slagen per minuutVolgens de richtlijnen van de WHO is Uw bloeddruk – optimaal– normaal– hoog normaal– licht verhoogd– te hoog– veel te hoog Tijdens de gesproken mededeling kunt u het geluidsvolume met de functietoetsen aanpassen.• verschijnt wanneer de meting niet juist kon worden uitgevoerd. Lees het hoofdstuk “Foutmeldingen/storingen verhelpen” in deze gebruikshandleiding en herhaal de meting.• Het meetresultaat wordt automatisch opgeslagen.• Het apparaat schakelt zichzelf na 1 minuut automatisch uit.Wacht minstens 5 minuten voor een nieuwe meting!6. Resultaten beoordelenHartritmestoornissen:Dit apparaat kan tijdens het meten eventuele storingen van het hartritme identificeren.
Indien dit voorkomt, wordt dit na de meting met het symbool weergegeven. Wanneer de gesproken uitvoer is ingescha-keld, geeft het apparaat de melding: “Een mogelijke hartritmestoring werd herkend..” Dit kan een indicator voor een aritmie zijn. Aritmie is een aandoening waarbij het hartritme abnormaal is vanwege storingen in het bio-elektrische systeem dat de hartslag stuurt. De symptomen (overslaand hart of voortijdige hartsla-gen, langzame of te snelle hartslag) kunnen ondermeer het gevolg zijn van hartaandoeningen, ouderdom, lichamelijke aanleg, overmatig gebruik van genotmiddelen, stress of slaapgebrek. Aritmie kan uitsluitend worden vastgesteld via medisch onderzoek. Herhaal de meting, indien het symbool na de meting op de display wordt weergegeven. Let er op dat u 5 minuten rust moet nemen en dat u tijdens de meting niet praat of beweegt.
43Classificatie van de meetresultaten:De meetresultaten kunnen overeenkomstig de volgende tabel geclassificeerd en beoordeeld worden. Bereik van de bloeddrukwaarden Systolisch (in mmHg)Diastolisch(in mmHg) MaatregelNiveau 3: zeer hoge bloeddruk ≥ 180 ≥ 110 Raadpleeg een artsNiveau 2: hoge bloeddruk 160 – 179 100 – 109 Raadpleeg een artsNiveau 1: licht verhoogde bloeddruk 140 – 159 90 – 99 Regelmatige controle door een arts Hoog normaal 130 – 139 85 – 89 Regelmatige controle door een artsNormaal 120 – 129 80 – 84 ZelfcontroleOptimaal < 120 < 80 ZelfcontroleBron: WHO, 1999 (World Health Organization)Het staafdiagram op het display en de schaalverdeling op het apparaat geven aan binnen welk bereik de vastgestelde bloeddruk zich bevindt. Als de systolische en diastolische waarden zich in twee verschillende gebieden bevinden (bijv.
systolisch in het gebied “hoog-normaal” en diastolisch in het gebied “normaal”), dan geeft de grafische classificatie op het apparaat altijd het hoogste gebied weer; in het beschreven voorbeeld is dat “hoog-normaal”. 7. Meetwaarden opslaan, oproepen en wissen U kunt tijdens de gesproken mededeling het geluidsvolume met de functietoetsen veranderen. Taalversie bij ingeschakelde gesproken uitvoerGebruikersgeheugensDe resultaten van iedere succesvolle meting worden samen met de datum en de tijd opgeslagen. Bij meer dan 60 meetgegevens gaan iedere keer de oudste meetgegevens verloren. • Schakel het apparaat in met de toets START/STOP. Het apparaat is klaar voor ge-bruik. U kunt de meting starten. • Selecteer het gewenste gebruikersgeheugen ( … ) met behulp van de functietoetsen. Gebruikergeheugen 1Gebruikergeheugen 2Gemiddelde waarden• Druk op de geheugentoets.
44Taalversie bij ingeschakelde gesproken uitvoerIndividuele meetwaarden• Druk nogmaals op de geheugentoets om de laatste individuele meetwaarden met datum en tijdstip weer te geven. Geheugenplaats. Bovendruk. mmHgOnderdruk. mmHgHartfrequentie. slagen per minuutVolgens de richtlijnen van de WHO is Uw bloeddruk. Meetwaarden wissen• Om het betreffende gebruikersgeheugen te wissen, moet u het apparaat eerst inschakelen. Selecteer het gewenste gebruikers-geheugen. Houd de functietoetsen en gelijktijdig 5 seconden ingedrukt. Alle waarden in het geheugen gewist. • Het apparaat wordt daarna meteen in de stand-bymodus (tijdmo-dus) geschakeld. 8. Foutmeldingen / Storingen verhelpenBij storingen wordt op het display de foutmelding _ weergegeven. Foutmeldingen kunnen optreden indien1. de polsslag niet geregistreerd kon worden ( ),2. u tijdens de meting beweegt of spreekt ( ),3. de manchet te strak c.
q. te los is aangebracht ( ),4. er storingen optreden tijdens de meting ( ),5. de oppompdruk hoger dan 300 mmHg is ( ),6. de batterijen bijna leeg zijn ( ). Herhaal in zulke gevallen de meting. Let erop dat u niet beweegt of praat. Plaats de batterijen opnieuw of vervang ze. 9. Apparaat reinigen en opbergen• Reinig uw bloeddrukmeter voorzichtig met alleen een licht bevochtigde doek. • Gebruik geen reinigings- of oplosmiddel. • Dompel het apparaat nooit onder in water omdat anders water kan binnendringen en het apparaat be-schadigd raakt. • Indien u het apparaat opbergt, mogen er geen zware voorwerpen op het apparaat drukken. Verwijder de batterijen. De manchetslang mag niet worden geknikt. 10. Technische gegevensModelnr. BM 49Meetmethode Oscillometrische non-invasieve bloeddrukmeting op de bovenarm.
• Dit apparaat voldoet aan de Europese norm EN60601-1-2 en is onderworpen aan bijzondere veiligheids-maatregelen op het gebied van elektromagnetische verdraagzaamheid. Houd er rekening mee dat draagbare en mobiele HF-communicatieapparatuur dit apparaat kan beïnvloeden. U kunt uitgebreide informatie aanvra-gen bij de klantenservice op het aangegeven adres of deze aan het eind van de gebruiksaanwijzing nalezen.
• Het apparaat is in overeenstemming met de EU-richtlijn voor medische hulpmiddelen 93/42/EEC, de Duitse wet inzake medische producten en de normen EN1060-1 (Non-invasieve bloeddrukmeters deel 1: Algemene eisen) en EN1060-3 (Non-invasieve bloeddrukmeters deel 3: Aanvullende eisen voor elektromechanische bloeddruk-meetsystemen) en IEC80601-2-30 (Medische elektrische toestellen deel 2 – 30: Bijzondere eisen voor de veilig-heid, met inbegrip van essentiële gebruikseigenschappen, van automatische non-invasieve bloeddrukmeters). • De nauwkeurigheid van deze bloeddrukmeter is zorgvuldig gecontroleerd en het apparaat is ontwikkeld met het oog op een lange gebruiksduur. Wanneer het apparaat wordt gebruikt in de geneeskunde moeten meettechnische controles met daarvoor geschikte middelen worden uitgevoerd.
Uitgebreide informatie voor het controleren van de nauwkeurigheid kan worden aangevraagd via het serviceadres. 11. AdapterModelnr. FW 7575M/EU/6/06Ingang 100–240 V, 50–60 HzUitgang 6 V DC, 600 mA, uitsluitend in verbinding met Beurer bloeddrukmeetap-paraten. Fabrikant Friwo Gerätebau GmbHBeveiliging Het apparaat is dubbel geïsoleerd en beschikt over een primaire zijde-lingse temperatuurbe veiliging,die in geval van gebreken de verbinding tussen het apparaat en de stroom verbreekt. Verzeker u ervan, dat u de batterijen uit de batterijhouder hebt gehaald, voordat u de adapter gebruikt. Polariteit van de gelijkstroom aansluitingGeïsoleerd / Beschermingsklasse 2Behuizing en afdekplaat De adapterbehuizing beschermt voor Beschermingshet aanraken van delen, die onder stroom staan resp. kunnen staan (vingers, naalden, testhaken).
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Beurer BM49 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Bloeddrukmeter Beurer
Handleiding Bloeddrukmeter
Nieuwste handleidingen voor Bloeddrukmeter