Arktic 232491 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Arktic 232491 (156 pagina’s), behorend tot de categorie Niet gecategoriseerd. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 17 mensen en kreeg gemiddeld 4.7 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Arktic 232491 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Arktic |
| Categorie: | Niet gecategoriseerd |
| Model: | 232491 |
Handleiding Arktic 232491 – volledige tekst
Lees deze gebruikershandleiding aandachtig door en let vooral op de hieronder beschreven veiligheidsvoorschriften voordat u dit apparaat voor het eerst installeert en gebruikt. Veiligheidsinstructies• Gebruik het apparaat alleen voor het beoogde doel waarvoor het is ontworpen, zoals beschreven in deze handleiding. • De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade veroorzaakt door onjuiste bediening en onjuist gebruik. • GEVAAR. RISICO OP ELEKTRISCHE SCHOKKEN. Pro-beer het apparaat niet zelf te repareren. Dompel de elektrische onderdelen van het apparaat niet onder in water of andere vloeistoffen. Houd het apparaat nooit onder stromend water. • GEBRUIK NOOIT EEN BESCHADIGD APPARAAT. Controleer de elektrische aansluitingen en het snoer regelmatig op scha-de. Als het apparaat beschadigd is, koppelt u het los van de stroomtoevoer.
Reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door een leverancier of gekwalificeerd persoon om gevaar of letsel te voorkomen. • WAARSCHUWING. Leid bij het plaatsen van het apparaat het netsnoer zo nodig veilig om onbedoeld trekken, beschadiging, contact met het verwarmingsoppervlak of struikelgevaar te voorkomen. • WAARSCHUWING.
Zolang de stekker in het stopcontact zit, is het apparaat aangesloten op de voeding. • WAARSCHUWING. Schakel het apparaat ALTIJD uit voordat u het loskoppelt van de stroomtoevoer, reiniging, onderhoud of opslag. • Sluit het apparaat alleen aan op een stopcontact met de span-ning en frequentie die op het label van het apparaat staan vermeld. • Raak de stekker/elektrische aansluitingen niet aan met natte of vochtige handen. • Houd het apparaat en de elektrische stekker/aansluitingen uit de buurt van water en andere vloeistoffen. Als het apparaat in water valt, verwijder dan onmiddellijk de voedingsaansluitin-gen. Gebruik het apparaat niet voordat het is gecontroleerd door een gecertificeerde technicus. Het niet opvolgen van deze instructies leidt tot levensbedreigende risico’s.
• Sluit de voeding aan op een gemakkelijk toegankelijk stopcon-tact, zodat u het apparaat in geval van nood onmiddellijk kunt loskoppelen. • Zorg ervoor dat het snoer niet in contact komt met scherpe of hete voorwerpen en houd het uit de buurt van open vuur. Trek nooit aan het netsnoer om het uit het stopcontact te halen. Trek in plaats daarvan altijd aan de stekker. • Draag het apparaat nooit aan het snoer. • Probeer nooit zelf de behuizing van het apparaat te openen. • Steek geen voorwerpen in de behuizing van het apparaat. • Laat het apparaat nooit onbeheerd achter tijdens gebruik. • Dit apparaat moet worden bediend door getraind personeel in de keuken van het restaurant, kantines of barpersoneel, enz. • Dit apparaat mag niet worden gebruikt door personen met be-perkte fysieke, zintuiglijke of mentale vermogens of personen met een gebrek aan ervaring en kennis.
22NLderen worden gebruikt. • Houd het apparaat en de elektrische aansluitingen buiten het bereik van kinderen. • Gebruik nooit accessoires of extra apparaten die niet bij het apparaat zijn geleverd of door de fabrikant worden aanbevolen. Als u dit niet doet, kan dit een veiligheidsrisico vormen voor de gebruiker en het apparaat beschadigen. Gebruik alleen origi-nele onderdelen en accessoires. • Gebruik dit apparaat niet met een externe timer of afstands-bediening. • Plaats het apparaat niet op een verwarmingsobject (benzine, elektrisch, houtskoolfornuis, enz. ). • Dek het apparaat niet af als het in werking is. • Plaats geen voorwerpen op het apparaat. • Gebruik het apparaat niet in de buurt van open vuur, explo-sieve of ontvlambare materialen. Gebruik het apparaat altijd op een horizontaal, stabiel, schoon, hittebestendig en droog oppervlak.
• Het apparaat is niet geschikt voor installatie in een ruimte waar een waterstraal kan worden gebruikt. • Laat een ruimte van ten minste 20 cm rond het apparaat voor ventilatie tijdens gebruik. • WAARSCHUWING. Houd alle ventilatieopeningen op het appa-raat vrij van obstakels. Speciale veiligheidsinstructies• LET OP. RISICO OP BRAND. Het gebruik-te koudemiddel is R290. Het is een ont-vlambaar koelmiddel dat milieuvriende-lijk is. Hoewel het ontvlambaar is, beschadigt het de ozonlaag niet en ver-hoogt het het broeikaseffect niet. Het ge-bruik van dit koelmiddel heeft echter geleid tot een lichte toename van het geluidsniveau van het apparaat. Naast het geluid van de compressor, kunt u het koelmiddel misschien horen stromen door het systeem. Dit is onvermijdelijk en heeft geen nadelige invloed op de prestaties van het appa-raat.
Tijdens het transport en de installatie van het apparaat moet ervoor worden gezorgd dat er geen onderdelen van het koelsysteem beschadigd raken. Lekkend koelmiddel kan de ogen beschadigen. • Het schuimblaasmiddel dat in dit apparaat wordt gebruikt is Cyclopentane.
Het is zeer brandbaar. • LET OP. RISICO OP BRANDSTOFFEN. Koudemiddel dat op de huid wordt gespoten, kan ernstige brandwonden veroorza-ken. Bescherm ogen en huid. Als het koelmiddel verbrandt, onmiddellijk spoelen met koud water. Als de brandwonden ernstig zijn, breng dan ijs aan en neem onmiddellijk contact op met de medische behandeling. • WAARSCHUWING. Gebruik geen mechanische apparaten of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, anders dan door de fabrikant wordt aanbevolen. • WAARSCHUWING. Beschadig het koudemiddelcircuit niet. • WAARSCHUWING. Gebruik geen elektrische apparaten in de voedselopslagcompartimenten van het apparaat, tenzij deze van het door de fabrikant aanbevolen type zijn. • Plaats geen gevaarlijke producten, zoals brandstof, alcohol, verf, spuitbussen met een ontvlambaar drijfgas, ontvlambare of explosieve stoffen, enz. in of in de buurt van het apparaat.
• Na installatie mag het apparaat niet meer dan 5° worden ge-kanteld en moet u 12 uur wachten voordat u het aansluit op de voeding om het in te schakelen. Hetzelfde geldt als het apparaat daarna wordt verplaatst. • Als het apparaat is uitgeschakeld of losgekoppeld van de stroomtoevoer, moet u 5 minuten wachten tot het apparaat weer wordt ingeschakeld. • Als het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, diens servicemonteur of gelijkwaardig ge-kwalificeerde personen om gevaar te voorkomen. • Er mogen geen andere apparaten op hetzelfde stopcontact worden aangesloten als bij dit apparaat. • WAARSCHUWING. Zorg er bij het plaatsen van het apparaat voor dat het netsnoer niet klem zit of beschadigd is. • WAARSCHUWING. Plaats geen meerdere portabele stop-contacten of draagbare voedingen aan de achterkant van de applaince.
Beoogd gebruik • Dit apparaat is bedoeld voor commercieel gebruik. • Het apparaat is ontworpen voor het snel koelen/vriezen van voedsel voor commerciële doeleinden.
Elk ander gebruik kan leiden tot schade aan het apparaat of persoonlijk letsel. • Gebruik van het apparaat voor enig ander doel wordt be-schouwd als misbruik van het apparaat. De gebruiker is als enige aansprakelijk voor onjuist gebruik van het apparaat. Aarding installatie Dit apparaat is geclassificeerd als beschermingsklasse I en moet worden aangesloten op een beschermende aarding. Aar-ding vermindert het risico op elektrische schokken door een ontsnappingsdraad voor de elektrische stroom te leveren. Dit apparaat is voorzien van een netsnoer met aardingsstekker of elektrische aansluitingen met aardingsdraad. De aansluitin-gen moeten correct worden geïnstalleerd en geaard. Bedieningspaneel(Afb. 1 op pagina 3)1. Digitaal display2. Pijl OMHOOG / Ontdooicyclus3. Pijl OMLAAG / op tijd gebaseerde cyclus4. Koelcyclus / Invriescyclus5. Knop voor intensieve cyclusmodus (“HARD”)6.
Knop INSTELLING7. START/STOP-knop; Stand-bymodus8. Cyclus voor ICE CREAM9. Cyclus “FROST BUST” (-40°C)Lijst met LED-pictogrammen Picto-gramBeschrijvingBrandt - ontdooicyclus wordt uitgevoerd. CHBrandt - koelcyclus is in progres; Indien knipperend - cyclus is geselecteerd. FRBrandt - vriescyclus is in progres; Indien knipperend - cyclus is geselecteerd. HDOpgelicht - Intensieve koel-/vriesmodus wordt uitgevoerd. Brandt - temperatuurgebaseerde cyclus is in progres; Indien knipperend - cyclus is geselecteerd. Brandt - apparaat staat in stand-bymodus. Brandt - tijdgebaseerde cyclus is in progres; Indien knippe-rend - cyclus is geselecteerd. Brandt - De “Frost bust”-cyclus (-40°C) is in de progres; Indien knipperend - de opslagcyclus wordt uitgevoerd.
23NLCH+FROpgelicht - cyclus voor ijs is in voorgangers; indien knipperend - cyclus is geselecteerd. +Brandt - compressor en ventilator werkenBrandt - alarm geactiveerd. Controleer => Problemen oplossen. Schema van thermostaataansluiting(Afb. 2 op pagina 3)Voorbereiding voor gebruik • Verwijder alle beschermende verpakkingen en wikkels. • Controleer of het apparaat in goede staat is en met alle ac-cessoires. Neem in geval van onvolledige of beschadigde levering onmiddellijk contact op met de leverancier. Gebruik het apparaat in dit geval niet. • Reinig de accessoires en het apparaat voor gebruik (zie ==> Reiniging en onderhoud). • Zorg ervoor dat het apparaat volledig droog is. • Plaats het apparaat op een horizontaal, stabiel en hittebe-stendig oppervlak dat veilig is tegen waterspatten en direct zonlicht. • Bewaar de verpakking als u van plan bent uw apparaat in de toekomst op te bergen.
• Bewaar de gebruikershandleiding voor toekomstig gebruik. OPMERKING. Vanwege productieresten kan het apparaat tij-dens de eerste paar keer gebruik een lichte geur afgeven. Dit is normaal en duidt niet op een defect of gevaar. Zorg ervoor dat het apparaat goed geventileerd is. De voeten in de wielen vervangen (meegele-verd)(Afb. 4 op pagina 4)• Aan de voorkant van het apparaat moeten twee wielen met strop worden geïnstalleerd. • Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact en zet de vorkheftruck vast voordat u het vervangt• Zet alle shalves en de deur vast en leeg de kamer voordat u deze vervangt. • Vergrendel de breuk op de wielen na het vervangen. Waterdruppelbak monteren(Afb. 5 op pagina 4)OPMERKING: Montageset bevat alleen schroeven en rails. De set bevat geen GN 1/1-tray. De kant van het openen van de deur wijzigen(Afb.
Algemene instructies• Als het apparaat is aangesloten op de voeding, staat het ap-paraat in de stand-bymodus; het pictogram gaat bran-den. • Om het apparaat in te schakelen: druk op de START/STOP-toets ; het pictogram gaat uit. De huidige kamertem-peratuur wordt op het bedieningspaneel opgebruikt. • Om het toetsenbord op het bedieningspaneel te vergrende-len: houd tegelijkertijd pijl OMHOOG en pijl OMLAAG 3 se-conden ingedrukt - code “PoF” wordt weergegeven. Om het toetsenbord te ontgrendelen, houdt u de pijl OMHOOG en de pijl OMLAAG nogmaals 3 seconden ingedrukt totdat de code “Pon” op het bedieningspaneel wordt weergegeven. • Wanneer de bijbehorende knoppen worden ingedrukt, wordt de temperatuurcyclus standaard gekozen.
Om over te scha-kelen van temperatuurcyclus naar getimede cyclus: houd na het kiezen van de gewenste temperatuurcyclus de pijl OM-LAAG gedurende 3 seconden ingedrukt; het klokpictogram begint te knipperen met het bijbehorende pictogram om de cyclus te kiezen. • Om het instelpunt van de temperatuur (+/- 1°C) of tijd (+/- 1 min. ) te wijzigen, afhankelijk van de geselecteerde cyclus, drukt u op de pijl OMHOOG of OMLAAG nadat u de cyclus hebt geselecteerd, maar voordat u de cyclus start; de hui-dige waarde wordt weergegeven op het bedieningspaneel en het pictogram °C (temperatuurcyclus) of de pictogrammen °C+CH+ (getimede cyclus) beginnen te knipperen. Druk op de pijlen om de waarde te verhogen of te verlagen en druk vervolgens op de knop INSTELLING om de nieuwe waarde te bevestigen. Als de nieuwe waarde niet wordt bevestigd, keert het apparaat na 15 seconden terug naar de vorige waarde.
• Om de kamertemperatuur te controleren: houd de knop 3 seconden ingedrukt - de code “rNP” wordt weergegeven; druk op de INSTELLINGSknop om de kamertemperatuur weer te geven; druk om af te sluiten tegelijkertijd op de IN-STELLINGSknop en de pijl OMHOOG of werk 3 seconden niet. • Om de temperatuur van de naaldsonde te controleren: houd de knop 3 seconden ingedrukt - code “rNP” wordt weergegeven; druk tweemaal op de INSTELLINGSknop - code “n2P” wordt weergegeven; om de temperatuur van de naaldsonde weer te geven, drukt u nogmaals op de INSTEL-LINGSknop; om af te sluiten, drukt u tegelijkertijd op de IN-STELLINGSknop en de pijl OMHOOG of werkt u gedurende 3 seconden niet.
• Als de gekozen cyclus een instelpunt van temperatuur of tijd heeft, wordt na het bereiken van de ingestelde temperatuur of de ingestelde tijd een visueel en akoestisch alarm geacti-veerd: het apparaat schakelt automatisch over naar de op-slagmodus en het pictogram gaat branden. OPMERKING: Tijdens de opslagmodus wordt de kamertempe-ratuur (rNP) weergegeven. Druk op de START/STOP-knop om de opslagmodus te beëindigen. • Om terug te keren naar de stand-bymodus houdt u de START/STOP-knop 3 seconden ingedrukt; het pictogram gaat branden. LET OP: Als de naaldsonde niet wordt gebruikt (tijdgebaseer-de cyclus), vergeet dan niet de sonde op de juiste plaats op te slaan (afb.
24NLpictogram) gaan permanent branden. • Zodra de naaldsonde +3 °C of tijd (120 min. ) bereikt, stopt de koelcyclus. • In de opslagmodus wordt de temperatuur in de kamer op een niveau van 2 °C gehouden. Intensieve koelcyclusOPMERKING: Kamertemperatuur bereikt eerst -20°C (“rS1” parameter). Wanneer de naaldsonde +10 °C (‘iS1’-parameter) bereikt, stopt de INTENSIEVE KILLING-fase en gaat de KIL-LING GENTLE verder. • Kies een zachte koelcyclus en druk vervolgens op knop ; het pictogram HD licht op. • Start de cyclus: compressorpictogram , ventilatorpicto-gram , pictogram CH en naaldsondepictogram (of klok-pictogram) gaan permanent branden. • Zodra de naaldsonde +3 °C of tijd (120 min. ) bereikt, stopt de koelcyclus. • In de opslagmodus wordt de temperatuur in de kamer op een niveau van 2 °C gehouden. Zachte invriescyclusOPMERKING: De temperatuur van de kamer mag nooit lager zijn dan 0 °C.
Wanneer de naaldsonde +3°C (“iS1” parameter) bereikt, stopt de fase GEHEEL INVRIEZEN en wordt de STAN-DAARD INVRIEZEN voortgezet. • Druk tweemaal op de knop; pictogram FR begint te knipperen. Als de invriescyclus is ingesteld als standaard in-tensieve cyclus, gaat ook het pictogram HD branden. • Druk op de knop om een zachte invriescyclus te kiezen; het pictogram HD gaat uit. • Start de cyclus: compressorpictogram , ventilatorpicto-gram , pictogram FR en naaldsondepictogram (of klok-pictogram) gaan permanent branden. • Zodra de naaldsonde -18 °C of tijd (240 min. ) bereikt, stopt de invriescyclus. OPMERKING: Als een getimede cyclus wordt gekozen, stopt de compressor wanneer de kamertemperatuur -18 °C bereikt. • In de opslagmodus blijft de temperatuur in de kamer op -20 °C. Intensieve invriescyclusOPMERKING: Kamertemperatuur zal -20°C (“rS1” parameter) bereiken.
• Druk tweemaal op de knop; pictogram FR begint te knipperen en pictogram HD licht op. • Start de cyclus: compressorpictogram , ventilatorpicto-gram , pictogram FR , pictogram HD en naaldsondepic-togram (of klokpictogram) gaan permanent branden. • Zodra de naaldsonde -18 °C of tijd (240 min. ) bereikt, stopt de invriescyclus. • In de opslagmodus blijft de temperatuur in de kamer op -20 °C. Cyclus voor ijsOPMERKING: Naaldsonde kan niet worden gebruikt - kamer-temperatuur wordt gedetecteerd door kamersonde “rNP”. Ten eerste, voordat ijscontainers in het apparaat worden geplaatst, moet een voorkoelcyclus worden uitgevoerd. • Druk op knop ; pictogrammen CH , FR en beginnen te knipperen en “210Min” wordt weergegeven op het bedie-ningspaneel. • Druk op de START/STOP-knop om de voorkoelcyclus te star-ten (gedurende 20 min.
); wanneer de kamertemperatuur -20°C (“rSP” parameter) bereikt, stopt de compressor en wordt na 5 minuten het werk voor het behouden van de tem-peratuur -20°C hervat. • Na 20 minuten wordt het geluidsalarm 15 keer geactiveerd - de voorkoelcyclus is voltooid; pictogrammen CH , FR en gaan permanent branden; het compressor- en ventila-torpictogram gaan branden en het pictogram begint te knipperen. • Plaats de ijscontainers in de kamer (max. 6 stuks voor elke cyclus). • De ijscyclus duurt 3,5 uur. Wanneer de tijd is verstreken, wordt het akoestische alarm nogmaals 15 keer geactiveerd. • In de opslagmodus blijft de temperatuur in de kamer op -20 °C. Cyclus “Frost bust” (-40°C)OPMERKING: Naaldsonde kan niet worden gebruikt - kamer-temperatuur wordt gedetecteerd door kamersonde “rNP”. Deze cyclus wordt aanbevolen voor het diepvriezen van opge-slagen levensmiddelen op het oppervlak.
• Druk op knop ; het pictogram begint te knipperen. • Start de cyclus - het pictogram gaat permanent branden. • De cyclus kan alleen handmatig worden voltooid door op de START/STOP-knop te drukken.
Wanneer de kamertempera-tuur -40 °C bereikt, stopt de compressor. Wanneer de tem-peratuur -37°C (“rS2” parameter) bereikt, zal de compressor opnieuw werken. Dontdooien• Een cyclus mag niet worden geselecteerd of in uitvoering zijn. • Houd de pijl OMHOOG 3 seconden ingedrukt; het pictogram en het ventilatorpictogram gaan branden en de code “dEF” wordt weergegeven op het bedieningspaneel. • Wanneer het ontdooien is voltooid, wordt de kamertempera-tuur (rNP) weergegeven op het bedieningspaneel. • Om de ontdooicyclus handmatig te onderbreken, houdt u de START/STOP-knop 3 seconden ingedrukt; ontdooien wordt uitgeschakeld en het apparaat schakelt over naar de stand-bymodus. OPMERKING: Voor een juiste ontdooiing wordt aanbevolen om de deur open te houden tijdens de cyclus.
Tips voor gebruikersOpmerking: Tijd om de temperatuur van het product te verla-gen hangt af van verschillende parameters, zoals vorm, type en dikte van de verpakking; type voedsel (dichtheid, water- of vetgehalte), enz. • Als de productdikte het toelaat, gebruik dan altijd een op tempearture gebaseerde cyclus (met behulp van de naald-kernsonde). • Voedsel mag niet op elkaar worden gelegd (afb. 7A op pagina 6). • Houd voor een goede luchtcirculatie in de kamer ten minste 65 mm ruimte tussen de trays (afb. 7B op pagina 6). • Houd voldoende ruimte tussen de wanden van de kamer en de verdamper (afb. 7C op pagina 6) om een zo goed mogelijk.
25NLproces te garanderen. • Na de koelcyclus kan voedsel tot 5 dagen in de koelkast wor-den bewaard (als vacuümverpakking wordt gebruikt, neemt de tijd toe tot ongeveer 15 dagen). Het is belangrijk om de temperatuur tussen 0°C en 4°C te houden. • Na de invriescyclus kan voedsel in vriezers worden bewaard, in een periode van 3 tot 18 maanden (afhankelijk van het soort voedsel). Het is belangrijk om de temperatuur gelijk of lager te houden tot -20°C. LET OP: Laat het gekookte voedsel niet lang op omgevingstem-peratuur staan voordat u de koel-/vriescyclus start. LET OP: Voedsel dat al ontdooid is, kan niet opnieuw worden ingevroren.
Belangrijkste parameters van de gebruiker - EERSTE NIVEAUVoor standaardparameters van het apparaat die tot de secun-daire functionaliteit behoren:• Houd tegelijkertijd de INSTELLINGSknop en de Pijl OMLAAG 3 seconden ingedrukt; LED-pictogrammen °C en °F begin-nen te knipperen; Code SEF wordt weergegeven als de eerste parameter. • Druk op Pijl OMLAAG of Pijl OMHOOG om de gewenste para-meter te selecteren en druk vervolgens op de knop INSTEL-LING om de waarde weer te geven. • Druk op Pijl OMLAAG of Pijl OMHOOG om de waarde van de parameter te wijzigen en druk vervolgens op de knop IN-STELLING om de nieuwe waarde te bevestigen en naar de volgende parameters te gaan. • Om af te sluiten: Druk tegelijkertijd op de INSTELLINGSknop en de pijl OMHOOG of raak het paneel gedurende 15 secon-den niet aan.
Alarm minimale temperatuur. 16. Differentiaal alarmherstel. 17. Vertraging temperatuuralarm. 18. Zoemeractivering aan het einde van de cyclus. Belangrijkste parameters van de gebruiker - TWEEDE NIVEAUVoor het wijzigen van de instelling van de hoofdcycli (uitgeslo-ten “Frost Bust”-cyclus):• Selecteer een van de cycli volgens de stappen in de vorige hoofdstukken. Bijbehorende pictogrammen gaan branden. • Houd de bijbehorende knop 3 seconden ingedrukt (op het dis-play verschijnt de eerste parameter “cyS”):a) Zachte en intensieve koelcyclus, zachte en intensieve invrie-scyclus - de bijbehorende knop is b) Cyclus voor ijs - bijbehorende knop is • Druk op Pijl OMLAAG of Pijl OMHOOG om de gewenste para-meter te selecteren en druk vervolgens op de knop INSTEL-LING om de waarde weer te geven.
• Druk op Pijl OMLAAG of Pijl OMHOOG om de waarde van de parameter te wijzigen en druk vervolgens op de knop IN-STELLING om de nieuwe waarde te bevestigen en naar de volgende parameters te gaan. • Om af te sluiten: Druk tegelijkertijd op de INSTELLINGSknop en de pijl OMHOOG of raak het paneel gedurende 15 secon-den niet aan. • Tabel 2 op pagina 7: Alle codes van parameters:1. Cyclusinstelling: “tEP” - temperatuurcyclus; “tiM” - geti-mede cyclus. 2. Ontdooien voor cyclus: JA / NEE (cyclus start onmiddellijk zonder ontdooien). 3. Ontdooien aan het einde van de cyclus/voor opslagmodus: JA/NEE (opslagmodus start onmiddellijk). 4. Opslagmodus na cyclus: JA / NEE (opslagmodus uitge-schakeld)5. Instelpunt kamer voorkoelingsfase: Wanneer de door de kamersonde gemeten temperatuur deze waarde bereikt, is de huidige fase voltooid en begint de volgende pahse. 6.
Maximale tijdsduur voorkoelfase: Maximale duur van de voorkoelingsfase als de in parameter “rSP” gedefinieerde tempearture niet wordt bereikt aan het einde van deze tijd, is deze overgeschakeld naar de volgende fase (alleen be-schikbaar op de cyclus voor ijs). 7.
Instelpunt voor kernsonde voor de eerste fase: Wanneer de door de kernsondes gemeten temperatuur deze waarde bereikt, is de huidige fase voltooid en begint de volgende fase. 8. Kamerinstelpunt voor de eerste fase: Het voorkomt dat de temperatuur een te lage waarde bereikt. Deze waarde regelt de werking van de compressor. 9. Getimede cyclus voor de eerste fase:• Als de cyclus getimed is voor de eerste fase - wordt over-wogen of de kernsonde niet aanwezig is (UIT tot 4 uur 00Min. , res 10Min. ) aan het einde van deze tijd schakelt hij over naar de volgende fase. • Als de cyclus temperatuurcyclus is voor de eerste fase - Deze waarde wordt alleen gebruikt als er een kerns-onde is; dit is de maximale duur van de eerste fase als de temperatuur die is gedefinieerd in parameter iS1 niet wordt bereikt. 10.
Instelpunt voor kernsonde voor de tweede fase: Wanneer de door de kernsondes gemeten temperatuur deze waarde bereikt, is de huidige fase voltooid en begint de volgende fase. 11. Kamerinstelpunt voor de tweede fase: Het voorkomt dat de temperatuur een te lage waarde bereikt. Deze waarde regelt de werking van de compressor. 12. Getimede cyclus voor de tweede fase:• Als de cyclus een getimede cyclus is voor de tweede fase - wordt overwogen of de kernsonde niet aanwezig is (UIT tot 4 uur 00Min. , res 10Min. ) aan het einde van deze tijd schakelt hij over naar de volgende fase. • Als de cyclus temperatuurcyclus is voor de tweede fase - Deze waarde wordt alleen gebruikt als er een kerns-.
26NLonde is; dit is de maximale duur van de tweede fase als de temperatuur die is gedefinieerd in parameter iS2 niet wordt bereikt. 13. Instelpunt van de opslagfase. Reiniging en onderhoud• AANDACHT. Koppel het apparaat altijd los van de voeding en koel af voordat u het opbergt, reinigt en onderhoudt. • Gebruik geen waterstraal of stoomreiniger voor het reinigen en duw het apparaat niet onder water, omdat de onderdelen nat worden en er elektrische schokken kunnen ontstaan. • Als het apparaat niet schoon wordt gehouden, kan dit een negatieve invloed hebben op de levensduur van het apparaat en leiden tot een gevaarlijke situatie. • Voedselresten moeten regelmatig worden gereinigd en uit het apparaat worden verwijderd. Als het apparaat niet goed wordt gereinigd, verkort dit de levensduur en kan dit leiden tot een gevaarlijke situatie tijdens het gebruik.
• Voer een ontdooicyclus uit voordat u de kamer reinigt. Reiniging• Reinig het gekoelde buitenoppervlak met een doek of spons die licht bevochtigd is met een milde zeepoplossing. • Om redenen van hygiëne moet het apparaat voor en na ge-bruik worden gereinigd. • Vermijd contact van water met de elektrische componenten. • Dompel het apparaat nooit onder in water of andere vloei-stoffen. • Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen, schuursponzen of reinigingsmiddelen die chloor bevatten. Gebruik voor het reinigen geen staalwol, metalen keukengerei of scherpe of puntige voorwerpen. Gebruik geen benzine of oplosmiddelen. • Reinig de deurafdichting alleen met water. • Reinig de naaldsonde ten minste één keer per day. It wordt aanbevolen om de sonde met schoon water en een ontsmet-tingsoplossing te spoelen.
• Als u ziet dat het apparaat niet goed werkt of dat er een pro-bleem is, stop dan met het gebruik, schakel het uit en neem contact op met de leverancier. • Alle onderhouds-, installatie- en reparatiewerkzaamheden moeten worden uitgevoerd door gespecialiseerde en bevoeg-de technici, of worden aanbevolen door de fabrikant. Transport en opslag• Zorg er vóór opslag altijd voor dat het apparaat is losgekoppeld van de stroomtoevoer en volledig is afgekoeld. • Maak de koelkamer leeg en reinig deze voordat u het apparaat opbergt. Bewaar het apparaat op een koele, schone en droge plaats. • Plaats nooit zware voorwerpen op het apparaat, omdat dit het kan beschadigen. • Verplaats het apparaat niet terwijl het in werking is. Koppel het apparaat tijdens het verplaatsen los van de voeding en houd het aan de onderkant vast.
• Vanwege het zware gewicht van de machine moet extra voor-zichtig te werk worden gegaan bij het verplaatsen of vervoeren. Met ten minste 2 personen of met behulp van een karretje. Beweeg de machine langzaam, voorzichtig en neig nooit meer dan 45°. Problemen oplossenAls het apparaat niet goed werkt, controleer dan de onder-staande tabel voor de oplossing. Als u het probleem nog steeds niet kunt oplossen, neem dan contact op met de leverancier/dienstverlener. Probleem Mogelijke oorzaak Mogelijke oplossingHet appa-raat werkt niet. Apparaat is uitgeschakeld. Controleer de stekkeraan-sluiting en of het apparaat is ingeschakeld. De stekker en/of het snoer zijn beschadigd. Neem contact op met de leverancier. Zekering doorgebrand. Neem contact op met de leverancier. Geen voeding. Controleer de voeding. Het appa-raat wordt inge-schakeld, maar de tempera-tuur is te hoog/te laag.
Het apparaat bevindt zich te dicht bij een warmte-bron of de luchtstroom naar de condensor wordt onderbroken. Verplaats het apparaat naar een geschiktere locatieOmgevingstemperatuur is te hoog. Verhoog de ventilatie of verplaats het apparaat naar een geschiktere locatie. Ongeschikte voedings-middelen worden in het apparaat bewaard. Verwijder voedselproducten die te heet zijn voor opslag of die de ventilator in het apparaat blokkeren. Het apparaat is overbelast. Verminder de hoeveelheid voedsel die in het apparaat wordt bewaard. Het ap-paraat is ongewoon hard. Losse moer/schroef. Controleer alle losse moeren/schroeven en draai ze vast. Het apparaat is niet geïn-stalleerd op een vlakke, stabiele ondergrond/niet goed waterpas. Controleer de installatiepo-sitie en/of stel de voeten af op het waterpas zetten van het apparaat. Lekkend water uit het apparaatDe afvoeruitlaat is geblok-keerd.
Verwijder de afvoeruitlaat. Verplaatsing van water naar de afvoer is belem-merdVerwijder de onderkant van de kamer. Waterreservoir is be-schadigd. Neem contact op met de leverancier. De lekbak loopt over. Leeg de lekbak. Alarmen/foutcodesAls er een alarm aanwezig is, worden foutcode en alarm-pictogram weergegeven op het bedieningspaneel; ook wordt een akoestisch alarm geactiveerd. Druk op een willekeurige knop op het bedieningspaneel om het geluidsalarm uit te scha-kelen. Om het alarm handmatig te resetten, houdt u de knop INSTELLING 5 seconden ingedrukt. Om het probleem op te los-sen chceck tafel bel ow:.
GarantieElk defect dat de functionaliteit van het apparaat beïnvloedt en dat binnen een jaar na aankoop aan het licht komt, wordt gere-pareerd door gratis reparatie of vervanging, mits het apparaat is gebruikt en onderhouden volgens de instructies en op geen enkele manier is misbruikt of verkeerd gebruikt. Uw wettelijke rechten worden niet aangetast. Als het apparaat onder garantie wordt geclaimd, vermeld dan waar en wanneer het is gekocht en voeg een aankoopbewijs (bijv. ontvangstbewijs) toe. In overeenstemming met ons beleid van continue productont-wikkeling behouden we ons het recht voor om de product-, ver-pakkings- en documentatiespecificaties zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen. Afvoeren en milieuBij het buiten gebruik stellen van het apparaat mag het product niet worden afgevoerd met ander huis-houdelijk afval.
In plaats daarvan is het uw verant-woordelijkheid om uw afvalapparatuur weg te gooien door het over te dragen aan een aangewe-zen inzamelpunt. Het niet naleven van deze regel kan worden bestraft in overeenstemming met de toepasselijke regelgeving inzake afvalverwijdering.
Het gescheiden inzamelen en recyclen van uw afvalapparatuur op het moment van verwijdering helpt natuurlijke hulpbronnen te behouden en ervoor te zorgen dat het wordt gerecycled op een manier die de menselijke gezondheid en het milieu beschermt. Neem voor meer informatie over waar u uw afval kunt afgeven voor recycling contact op met uw lokale afvalinzamelingsbedrijf. De fabrikanten en importeurs nemen geen verantwoordelijkheid voor recycling, behandeling en ecologische verwijdering, hetzij rechtstreeks, hetzij via een openbaar systeem. POLSKISzanowny Kliencie,Dziękujemy za zakup tego urządzenia Arktic. Przed zainsta-lowaniem i pierwszym użyciem urządzenia należy uważnie przeczytać niniejszą instrukcję obsługi, zwracając szczególną uwagę na opisane poniżej przepisy bezpieczeństwa.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Arktic 232491 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Niet gecategoriseerd Arktic
Handleiding Niet gecategoriseerd
Nieuwste handleidingen voor Niet gecategoriseerd