Triumph Tiger Sport 660 (2023) Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Triumph Tiger Sport 660 (2023) (195 pagina’s), behorend tot de categorie Motor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 23 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Triumph Tiger Sport 660 (2023) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Triumph |
| Categorie: | Motor |
| Model: | Tiger Sport 660 (2023) |
Handleiding Triumph Tiger Sport 660 (2023) – volledige tekst
GEBRUIKERSHANDLEIDING01Trident en Tiger SportDeze handleiding bevat informatie over de Triumph-motorfiets(en) Trident en Tiger Sport. Bewaar dezegebruikershandleiding altijd bij de motorfiets en raadpleeg de informatie indien nodig.De informatie in deze uitgave is gebaseerd op de meest recente, op het moment van publicatie beschikbare informatie.Triumph behoudt zich het recht voor te allen tijde, zonder voorafgaande mededeling of verplichting, wijzigingen aan tebrengen.Deze publicatie mag niet in zijn geheel, noch gedeeltelijk worden gereproduceerd zonder schriftelijke toestemming vanTriumph Motorcycles Limited.© Copyright 07.2021 Triumph Motorcycles Limited, Hinckley, Leicestershire, Engeland.Publicatie onderdeelnummer 3850066-NL versie 1
INHOUDSOPGAVE02Deze gebruikershandleiding bevat een aantal verschillende hoofdstukken.Onderstaande inhoudsopgave helpt u het begin van elk hoofdstuk op te zoeken,waar u – in het geval van grotere hoofdstukken – een meer gedetailleerdeinhoudsopgave aantreft, die u helpt het betreffende onderwerp te vinden.03 VOORWOORD07 VEILIGHEID VOOROP14 WAARSCHUWINGSLABELS16 ONDERDELENOVERZICHT23 SERIENUMMERS25 ALGEMENE INFORMATIE79 RIJDEN OP DE MOTORFIETS93 ACCESSOIRES, LADING EN PASSAGIERS99 ONDERHOUD153 REINIGING EN STALLING167 GARANTIE181 SPECIFICATIES187 INDEX192 GOEDKEURINGSINFORMATIE
VOORWOORD03Waarschuwingen enopmerkingenIn deze gebruikershandleiding wordtbelangrijke informatie op de volgendemanier gepresenteerd: WaarschuwingDit waarschuwingssymbool geeftspeciale instructies of procedures aan,die persoonlijk letsel of levensgevaartot gevolg kunnen hebben wanneer zeniet goed worden opgevolgd. VoorzichtigDit symbool maant tot voorzichtigheiden gaat vergezeld van specialeinstructies of procedures diebeschadiging of vernieling vanapparatuur tot gevolg kunnen hebbenwanneer ze niet strikt wordenopgevolgd.Let opDit opmerkingssymbool geeft puntenvan speciaal belang voor efficiëntere engemakkelijkere bediening aan.WaarschuwingslabelsBovenstaand symbool wordt opbepaalde plaatsen op de motorfietsweergegeven.
Het symbool betekentVOORZICHTIG: RAADPLEEG DEHANDLEIDING en dit wordt gevolgd dooreen grafische voorstelling van hetbetreffende onderwerp.Probeer nooit op de motorfiets te rijdenof een aanpassing uit te voeren zonderde in deze handleiding beschrevenrelevante instructies te raadplegen.Raadpleeg het gedeelte Locaties van dewaarschuwingslabels in dezehandleiding voor de locatie van allelabels met dit symbool.
Dit symboolwordt zo nodig ook weergegeven op depagina's met de relevante informatie.OnderhoudOm een lang, veilig en probleemloosgebruik van uw motorfiets tegaranderen, dient het onderhoud teworden uitgevoerd door een erkendeTriumph-dealer.Alleen een erkende Triumph-dealerbeschikt over de noodzakelijke kennis,apparatuur en vakkundigheid om uwTriumph-motorfiets goed teonderhouden.Bezoek de Triumph-website opwww.triumph.co.uk of neem telefonischcontact op met de bevoegdedistributeur in uw land voor informatieover de dichtstbijzijnde erkendeTriumph-dealer. De adressen zijn ookvermeld in het bij deze handleidinggeleverde onderhoudsboekje.
VOORWOORD04GeluiddempingssysteemWijzigen van hetgeluiddempingssysteem is verboden. Eigenaars worden gewaarschuwd dathet wettelijk verboden kan zijn om:1. onderdelen of designelementen vannieuwe voertuigen die bedoeld zijnvoor geluiddemping, voorafgaand aande verkoop of aflevering aan dekoper of daarna te verwijderen ofbuiten werking te stellen, behalve alsdat nodig is voor onderhoud,reparatie of vervanging, en,2. het voertuig te gebruiken nadat zo'nonderdeel of designcomponent isverwijderd of buiten werking isgesteld. Onder knoeien worden onder meer devolgende handelingen verstaan:▼ Verwijderen of doorboren van degeluiddemper, schotten,uitlaatbochten of enig anderonderdeel dat uitlaatgassen geleidt. ▼ Verwijderen of doorboren van enigonderdeel van het inlaatsysteem. ▼ Gebrek aan goed onderhoud.
▼ Vervanging van bewegende delenvan het voertuig, of delen van deuitlaat of het inlaatsysteem, dooronderdelen die niet door de fabrikantzijn aangegeven. Gebruikershandleiding WaarschuwingDeze gebruikershandleiding en alleoverige instructies die bij uwmotorfiets worden geleverd, makenintegraal deel uit van uw motorfiets enmoeten bij de motorfiets blijven, ookwanneer deze wordt doorverkocht. Iedereen die uw motorfiets gaatberijden, dient dezegebruikershandleiding en alle overigeinstructies die bij uw motorfietsworden geleverd, aandachtig te lezenom volledig vertrouwd te raken met dewerking van de bedieningselementen,de kenmerken, de capaciteiten en debeperkingen van uw motorfiets. Leen uw motorfiets niet aan anderenuit, omdat rijden zonder vertrouwd tezijn met de werking van debedieningselementen, de kenmerken,de capaciteiten en de beperkingen vande motorfiets kan leiden tot eenongeval.
Dank u voor het kiezen van eenTriumph-motorfiets. Deze motorfiets ishet resultaat van Triumph's toepassingvan beproefde technieken, grondigetests en het voortdurend streven naarsuperieure betrouwbaarheid, veiligheiden prestaties.
Lees voordat u gaat rijden dezegebruikershandleiding aandachtig doorom volledig vertrouwd te raken met dewerking van de bedieningselementen, dekenmerken, de capaciteiten en debeperkingen van uw motorfiets. Deze handleiding bevat tips voor veiligrijden, maar beschrijft niet alletechnieken en vaardigheden die nodigzijn om veilig op een motorfiets te rijden.
VEILIGHEID VOOROP07De motorfiets WaarschuwingDeze motorfiets is uitsluitend bedoeldvoor gebruik op de weg. Hij is nietgeschikt voor gebruik op onverhardterrein.Gebruik in ruw terrein kan hetverliezen van de controle over demotorfiets veroorzaken, wat kan leidentot een ongeval met letsel of de doodals gevolg. WaarschuwingDeze motorfiets is niet ontworpenvoor het trekken van een aanhangerof het gebruik van een zijspan.Het gebruik van een zijspan en/ofaanhanger kan het verliezen van decontrole over de motorfiets of eenongeval tot gevolg hebben.
WaarschuwingDeze motorfiets is uitgerust met eenkatalysator onder de motor, die samenmet het uitlaatsysteem zeer hogetemperaturen kan bereiken wanneerde motor draait.Brandbare materialen zoals gras, hooi/stro, bladeren, kleding en bagagekunnen ontbranden wanneer ze incontact komen met een willekeurigonderdeel van het uitlaatsysteem.Zorg er altijd voor dat brandbarematerialen niet in aanraking kunnenkomen met het uitlaatsysteem of dekatalysator. WaarschuwingDeze motorfiets is bedoeld om alstweewielig voertuig te wordengebruikt voor het vervoeren van éénbestuurder/bestuurster.Het totale gewicht van de berijder, eeneventuele passagier, accessoires enbagage mag het in de specificatiesvermelde maximale laadvermogen nietoverschrijden.
VEILIGHEID VOOROP08Brandstof en uitlaatgassen WaarschuwingBENZINE IS UITERST BRANDBAAR:Schakel de motor altijd uit vóór u gaattanken.Niet tanken of de vuldop van de tankopenen terwijl u rookt of in de buurtvan open vuur (vlammen).Zorg ervoor dat tijdens het tankengeen brandstof op de motor, deuitlaatpijpen of de dempers wordtgemorst.Indien brandstof wordt ingeslikt,ingeademd of in de ogen komt, dientdirect medische hulp te wordeningeroepen.Indien benzine op de huid terechtkomt,dient deze onmiddellijk te wordengewassen met water en zeep en metbrandstof verontreinigde kleding dientonmiddellijk te worden uitgetrokken.Contact met brandstof kanbrandwonden en andere ernstigehuidaandoeningen veroorzaken.
WaarschuwingNooit de motor starten of latendraaien in een afgesloten ruimte.Uitlaatgassen zijn giftig en kunnenbinnen korte tijd bewusteloosheid ende dood tot gevolg hebben.Gebruik de motorfiets altijd in de openlucht of op een plaats met voldoendeventilatie.Valhelm en kleding WaarschuwingTijdens het rijden op de motorfietsdienen de berijder en de passagier (bijmodellen waarop een passagiervervoerd mag worden) altijd geschiktekleding te dragen, waaronder valhelm,oogbescherming, handschoenen,laarzen, broek (nauw aansluitend rondde knieën en de enkels) en eenfelgekleurd jack.Tijdens off-the-roadgebruik (opmodellen die geschikt zijn voor off-the-roadgebruik), moet de rijder altijdgeschikte kleding dragen, inclusiefbroek en laarzen.Felgekleurde kleding verhoogt dezichtbaarheid van de rijder (of depassagier) voor andere weggebruikersaanzienlijk.Hoewel volledige bescherming nietmogelijk is, kan het dragen van dejuiste beschermende kleding het risicoop verwondingen tijdens het rijdenverlagen.
Een felgekleurdehelm verhoogt de zichtbaarheid van derijder (of passagier) voor andereweggebruikers aanzienlijk.Een valhelm met open voorzijde biedtenige bescherming bij een ongeval,maar een integraalhelm biedt beterebescherming.Draag altijd een vizier of eengoedgekeurde beschermende bril voorbeter zicht en ter bescherming van uwogen.Parkeren WaarschuwingAltijd de motor uitschakelen en decontactsleutel verwijderen voordat uuw motorfiets onbeheerd achterlaat.Door het verwijderen van decontactsleutel wordt het risico vangebruik door onbevoegde enonervaren personen verkleind.Denk aan het volgende als u uwmotorfiets parkeert:- Zet de motorfiets in de eersteversnelling om te voorkomen dat hijvan de standaard rolt.- De motor en het uitlaatsysteem zijnheet na het rijden.
Parkeer NOOIT opplaatsen waar voetgangers, dieren en/of kinderen de motorfiets kunnenaanraken.- Parkeer nooit op een zachteondergrond of op een hellendoppervlak. Indien de motorfiets onderdeze omstandigheden wordtgeparkeerd, kan deze omvallen.Zie voor nadere informatie hethoofdstuk 'Het berijden van demotorfiets' in dezegebruikershandleiding.
VEILIGHEID VOOROP10Onderdelen en accessoires WaarschuwingDe eigenaar dient zich ervan bewustte zijn dat onderdelen, accessoires enaanpassingen voor een Triumph-motorfiets alleen goedgekeurd zijnwanneer ze door Triumph voorzien zijnvan een officiële goedkeuring en dooreen erkende Triumph-dealer op demotorfiets zijn aangebracht. Het is met name bijzonder gevaarlijkom onderdelen of accessoires aan tebrengen of te vervangen waarvoor hetnoodzakelijk is om het elektrische ofhet brandstofsysteem te demonteren,of hierop uitbreidingen aan tebrengen. Dergelijke aanpassingenkunnen de veiligheid in gevaarbrengen. Het aanbrengen van niet-goedgekeurde onderdelen, accessoiresof wijzigingen kan een nadelig effecthebben op het rijgedrag, de stabiliteiten andere aspecten van de werkingvan de motorfiets. Dat kan leiden toteen ongeval met letsel of de dood totgevolg.
Triumph aanvaardt geenaansprakelijkheid voor gebreken die zijnveroorzaakt door het aanbrengen vanniet-goedgekeurde onderdelen,accessoires of wijzigingen of door hetaanbrengen van goedgekeurdeonderdelen, accessoires of wijzigingendoor onbevoegd personeel. Onderhoud en apparatuur WaarschuwingRaadpleeg uw erkende Triumph-dealerindien u twijfelt aan de juiste of veiligewerking van deze Triumph-motorfiets. Onthoud dat het blijven gebruiken vaneen niet goed werkende motorfietseen fout kan verergeren en deveiligheid in gevaar kan brengen. WaarschuwingControleer of alle wettelijk vereisteapparatuur is gemonteerd en correctfunctioneert. Verwijderen of wijzigen van deverlichting, dempers, uitstoot- engeluiddempingssystemen van demotorfiets kunnen een overtredingvan de wet betekenen.
Onjuiste of niet toegestaneaanpassingen kunnen een nadeligeffect hebben op het rijgedrag, destabiliteit en andere aspecten van dewerking van de motorfiets, waardooreen ongeval kan worden veroorzaaktmet letsel of de dood als gevolg.
VEILIGHEID VOOROP11Rijden WaarschuwingNooit op de motorfiets rijden indien umoe bent of onder invloed verkeertvan alcohol of andere verdovendemiddelen. Onder invloed van alcohol of andereverdovende middelen op eenmotorfiets rijden is verboden. Het berijden van een motorfiets terwijlu moe bent of onder invloed vanalcohol of andere verdovendemiddelen verkeert, vermindert hetvermogen van de berijder om demotorfiets onder controle te houdenwaardoor een ongeval kan wordenveroorzaakt. WaarschuwingAlle rijders moeten in het bezit zijn vaneen rijbewijs voor motorfietsen. Het zonder rijbewijs besturen van eenmotorfiets is verboden en kangerechtelijke vervolging tot gevolghebben. Het rijden op een motorfiets zonderformele training in de juisterijtechnieken die nodig zijn om eenrijbewijs te halen, is gevaarlijk en kanleiden tot verlies van de controle overde motorfiets en een ongeval.
WaarschuwingRijd altijd defensief en draag de eldersin dit voorwoord genoemdebeschermende uitrusting. Onthoud dat een motorfiets bij eenongeval minder bescherming biedt daneen auto. WaarschuwingDeze Triumph-motorfiets mag dewettelijk geldende snelheidslimietenniet overschrijden. Het met hoge snelheid op eenmotorfiets rijden kan gevaarlijk zijn,aangezien de tijd om op bepaaldeverkeerssituaties te reageren bijhogere snelheden aanzienlijk wordtverkort. Neem altijd snelheid terug in eventueelgevaarlijke rijomstandigheden, zoalsslecht weer of druk verkeer. WaarschuwingWees altijd bedacht op veranderingenin het wegdek, het verkeer en de winden pas uw rijgedrag hierop aan. Alletweewielige voertuigen zijn onderhevigaan externe factoren die een ongevalkunnen veroorzaken.
VEILIGHEID VOOROP12Trilling/slingeringEen slingering is een relatief langzame,op en neer gaande beweging van deachterkant van de motorfiets, terwijleen trilling een snelle, soms sterkebeving van het stuur is. Dit zijnverwante, maar apartestabiliteitsproblemen die gewoonlijkveroorzaakt worden door te veelgewicht op de verkeerde plaats of dooreen mechanisch probleem zoalsversleten of loszittende lagers, te slappeof ongelijkmatig versleten banden.De oplossing is in beide gevallenhetzelfde. Houd het stuur stevig vastzonder de armen op slot te zetten of destuurbeweging tegen te gaan. Draai hetgas gelijkmatig terug om geleidelijkvaart te minderen. Rem niet enaccelereer niet in een poging om hettrillen of slingeren te stoppen. Somshelpt het om het lichaamsgewicht naarvoren te verplaatsen door over de tankte buigen.Copyright © 2005 Motorcycle SafetyFoundation.
Alle rechten voorbehouden.Gebruikt met toestemming.Handgrepen en voetsteunen WaarschuwingDe bestuurder dient de motorfietsonder controle te houden door te allentijde de handen aan het stuur tehouden.De besturing en stabiliteit van demotorfiets worden nadelig beïnvloedals de bestuurder het stuur loslaat. Ditleidt tot verlies van controle over demotorfiets en een ongeval. WaarschuwingDe bestuurder en de passagier (indienvan toepassing) dienen tijdens hetrijden altijd de voetsteunen tegebruiken.Door de voetsteunen te gebruikenwordt voor zowel de bestuurder als depassagier het risico op onbedoeldcontact met onderdelen van demotorfiets verminderd. Ook de kans opverwondingen doordat kledingstukkenvast komen te zitten neemt op diemanier af.
VEILIGHEID VOOROP13 WaarschuwingWanneer de hellingshoekindicators totvoorbij de slijtagelimiet zijn afgesleten,kan de motorfiets tot een onveiligehoek overhellen. Vervang daarom altijdde hellingshoekindicatoren voordat zetot de slijtagelimiet zijn afgesleten.Overhellen tot een onveilige hoek kaninstabiliteit, verlies van controle overde motorfiets of een ongevalveroorzaken.Meer informatie over deslijtagelimieten van dehellingshoekindicators vindt u inhoofdstuk Onderhoud en afstelling. WaarschuwingDe hellingshoekindicators mogen nietworden gebruikt als richtlijn voor demate waarin de motorfiets veiligschuin gelegd kan worden in bochten.Dat hangt af van vele factoren,waaronder, maar niet beperkt tot, hetwegdek, de toestand van de band enhet weer.Overhellen tot een onveilige hoek kaninstabiliteit, verlies van controle overde motorfiets of een ongevalveroorzaken.
WaarschuwingWanneer de hellingshoekindicator opde voetsteun van de bestuurdertijdens het overhellen de grond raakt,nadert de motorfiets de maximalehellingshoek.Nog verder overhellen is onveilig.Overhellen tot een onveilige hoek kaninstabiliteit, verlies van controle overde motorfiets of een ongevalveroorzaken.
WAARSCHUWINGSLABELS15Locaties van de waarschuwingslabels (vervolg) VoorzichtigAlle waarschuwingslabels en stickers, met uitzondering van het label voor inrijden,worden op de motorfiets aangebracht met een sterke lijm. In sommige gevallenworden labels aangebracht voorafgaand aan het aanbrengen van de laklaag.Daarom zal elke poging om de waarschuwingslabels te verwijderen, schadeveroorzaken aan lakwerk of carrosserie.DAILY SAFETY CHECKSTÄGLICHE SICHERHEITSKONTROLLENCONTROLES DE SECURITE QUOTIDIENSCHEQUEOS DE SEGURIDAD DIARIOSVERIFICAÇÕES DIÁRIAS DE SEGURANÇAVERIFICHE GIORNALIERE DI SICUREZZADAGELIJSKE VEILIGHEIDSINSPECTIESDAGLIG SÄKERHETSKONTROLL運行前点検246Pb1531. Dagelijkse veiligheidscontrole (pagina77)2. Loodvrije brandstof (pagina65)3. Helm (pagina08)4. Windscherm (indien gemonteerd)(pagina162)5. Motorolie (pagina105)6.
SERIENUMMERS23Voertuigidentificatienummer (VIN)11. Voertuigidentificatienummer (weergegevenop Trident)Het voertuigidentificatienummer (VIN) isin het balhoofdgedeelte van het framegeslagen. Het staat ook op een plaatjedat aan de linkerkant van het frame isbevestigd, naast de radiateurkap.Noteer het voertuigidentificatienummerin de ruimte hieronder.Motorserienummer11. MotorserienummerHet motorserienummer is direct bovenhet koppelingsdeksel in het motorcartergeslagen.Noteer het motorserienummer in deruimte hieronder.
ALGEMENE INFORMATIE27HandbedieningselementenContactschakelaar/stuurslot WaarschuwingZet om redenen van beveiliging enveiligheid het contact altijd in de standOFF (UIT) of P (PARKEREN) enverwijder de sleutel voordat u demotorfiets onbeheerd achterlaat.Onbevoegd gebruik van de motorfietskan leiden tot verwonding van debestuurder, medeweggebruikers envoetgangers en beschadiging van demotorfiets. WaarschuwingDe stuurinrichting wordt vergrendeldwanneer de sleutel in de stand LOCKof PARK (indien aanwezig) wordt gezet.Draai de sleutel nooit onder het rijdenin de stand LOCK of PARK, omdathierdoor het stuurslot wordtingeschakeld. Een ingeschakeldstuurslot leidt tot verlies van controleover de motorfiets en een ongeval.PUSHPOFFON321541. Parkeerstand2. Stand VERGRENDELD3. Stand UIT4. Stand ON (AAN)5.
Contactschakelaar/stuurslotWerking van de schakelaar Deze schakelaar heeft vier, met eensleutel bediende standen. De sleutel kanuitsluitend uit de contactschakelaarworden verwijderd, indien deze in destand OFF (UIT), LOCK (VERGRENDELD)of P (PARKEREN) staat.VERGRENDELEN: Draai het stuur volledignaar links, draai de sleutel in de "UIT"-stand, druk de sleutel in en laat hem losen draai de sleutel vervolgens in destand LOCK.PARKEREN: Draai de sleutel vanuit destand VERGRENDELD in de stand P. Hetstuurslot blijft ingeschakeld.Let opLaat het stuurslot niet gedurendelangere tijd in de stand P ingeschakeld,aangezien dit leidt tot ontladen van deaccu.
VoorzichtigBelangrijke functies kunnen wordenverstoord door elektronischeapparaten, elektrische ruisbronnen inde omgeving en metalen voorwerpen.Bewaar en gebruik de sleutel niet in debuurt van:- Elektrische zendmasten, radiomastenen infrastructuur voorstroomdistributie- Garagedeuropeners- RFID-toegangskaarten(radiofrequentie-identificatie) ofsleutelhangers- Metalen, metaalhoudendekaarthouders en aluminiumvoorwerpen- Elektronische sleutels van overigevoertuigen- In zij- of topkoffers- Draadloze communicatieapparatuurzoals mobiele telefoons, tablets,laptops, draagbare spelsystemen,audiospelers, radio's en opladers.11. SleutelnummerlabelBehalve voor de contactschakelaar enhet stuurslot, wordt de contactsleutelook gebruikt voor het zadelslot en detankdop.
ALGEMENE INFORMATIE29Bij aflevering vanuit de fabriek wordentwee contactsleutels meegeleverd eneen label waarop het sleutelnummer isvermeld. Noteer het sleutelnummer enbewaar de reservesleutel en hetsleutellabel op een veilige plaats, niet inde buurt van de motorfiets.In de contactsleutel is een transponderaangebracht om de startonderbreker uitte schakelen. Om er zeker van te zijn datde startonderbreker correctfunctioneert, altijd maar een van detwee contactsleutels in de buurt van decontactschakelaar houden. Wanneertwee contactsleutels in de buurt van deschakelaar worden gehouden, kan hetsignaal tussen de transponder en destartonderbreker onderbroken worden.In zo'n situatie blijft de startonderbrekeractief, tot een van de contactsleutelsverwijderd wordt.Bestel vervangende sleutels altijd bij uwerkende Triumph-dealer.
Vervangendesleutels moeten door een erkendeTriumph-dealer worden 'gekoppeld' aande startonderbreker van de motorfiets.StartonderbrekerDe behuizing van de contactslotcilinderfungeert als een antenne voor destartonderbreker. De startonderbrekeris actief wanneer het contactslot in destand OFF (uit) staat en decontactsleutel is verwijderd (ziepagina 39). De startonderbreker wordtuitgeschakeld wanneer decontactsleutel in de contactschakelaarsteekt en in de stand ON (aan) wordtgedraaid.
ALGEMENE INFORMATIE30Remhendel WaarschuwingProbeer nooit onder het rijden dehendels af te stellen, dit kan leiden totverlies van controle over de motorfietsen een ongeval.Gebruik na het afstellen van dehendels de motorfiets eerst ergenswaar geen verkeer is, om vertrouwd teraken met de nieuwe afstelling.Leen uw motorfiets niet uit aananderen, omdat iemand de hendelskan afstellen op een manier die u nietgewend bent en dit kan leiden totverlies van controle over de motorfietsen een ongeval.De remhendel is voorzien van eenstelwiel voor de hendelafstand. Met ditstelwiel kan de afstand tussen dehandgreep en de hendel wordenaangepast aan de spanwijdte van dehand van de berijder.cjev211. Stelwieltje2.
PijlmarkeringRemhendel afstellen:▼ Duw de remhendel naar voren endraai het stelwiel tot een van denummers tegenover de pijl op dehendelhouder staat.▼ De afstand tussen de handgreep ende losgelaten remhendel is hetkleinst wanneer het stelwieltje isingesteld op stand vijf en het grootstwanneer het is ingesteld op standéén.KoppelingshendelDe koppelingshendel heeft een vastspanwijdte. Deze is niet verstelbaar.11. Koppelingshendel
VoorzichtigLaat de contactschakelaar niet in destand ON (AAN) staan tenzij de motordraait, omdat dit kan leiden tot schadeaan elektrische onderdelen enontlading van de accu.Stand RUNDe contactschakelaar moet in de standAAN (ON)staan en de start-stopschakelaar moet in de standDRAAIEN (RUN) staan om met demotorfiets te kunnen rijden.Stand STARTDe stand START bedient de elektrischestartinrichting.
Om de startinrichting tekunnen inschakelen, moet dekoppelingshendel tegen de handgreepworden getrokken.Ook wanneer de koppelingshendel tegende handgreep is getrokken, werkt destartinrichting niet indien dezijstandaard is uitgeklapt en er eenversnelling is ingeschakeld.AlarmknipperlichtenOm de alarmknipperlichten aan of uit tezetten, drukt u kort op dealarmknipperlichtschakelaar.De alarmknipperlichten werken alleenals het contact op ON (AAN) staat.De alarmknipperlichten blijven aan alshet contact wordt uitgeschakeld, totdatde alarmknipperlichtschakelaar weerwordt ingedrukt.
ALGEMENE INFORMATIE32Schakelaars linker handgreep3467891251. Knop links2. Knop omhoog3. Knop rechts4. Knop omlaag5. Selectieknop6. Richtingaanwijzerschakelaar7. Modusknop8. Claxonknop9. GrootlichtknopNavigatieknoppenDe navigatieknoppen worden gebruiktom de volgende functies van deinstrumenten te bedienen:▼ Omhoog - van onder naar bovendoor het menu scrollen▼ Omlaag - van boven naar onder doorhet menu scrollen▼ Links - naar links door het menuscrollen▼ Rechts - naar rechts door het menuscrollen.RichtingaanwijzerschakelaarWanneer de richtingaanwijzerschakelaarnaar links of naar rechts wordt geduwd,gaat het controlelampje van debetreffende richtingaanwijzer knipperen.De richtingaanwijzers kunnenhandmatig worden uitgeschakeld.
Om derichtingaanwijzers handmatig uit teschakelen, duwt u op derichtingaanwijzerschakelaar en laat udeze in de middenstand los.Automatisch uitschakelenderichtingaanwijzers kunnen wordengeactiveerd in de Motorfietsinstelfunctieop het display, zie pagina53.Als de motorfiets om wat voor redendan ook stopt, blijven derichtingaanwijzers bij automatischeuitschakeling gedurende de resterendetijd en afstand knipperen, tenzij zehandmatig uitgezet worden.ModusknopWanneer de modusknop kort wordtingedrukt, wordt het selectiemenu voorde rijmodus op het display geactiveerd.Door de modusknop herhaaldelijk in tedrukken kan door de beschikbare rijmodigescrold worden (zie pagina46).ClaxonknopWanneer de claxonknop wordtingedrukt en het contact ingeschakeldis, klinkt de claxon.
ALGEMENE INFORMATIE33GrootlichtknopWanneer de grootlichtknop wordtingedrukt, wordt het grootlichtingeschakeld. Door nogmaals op de knopte drukken wordt het dimlicht weeringeschakeld.De koplamp gaat werken als het contactin de stand AAN gezet wordt. Dekoplamp gaat uit wanneer de startknopwordt ingedrukt, totdat de motor start.Op dit model is geen aan/uit-schakelaarvoor verlichting aangebracht. Hetpositielicht, achterlicht en dekentekenplaatverlichting werkenallemaal automatisch wanneer hetcontact in de stand AAN wordtgedraaid.Dit model heeft geen passeerfunctie.GasklepbedieningMet behulp van een elektronischegashendel worden de gaskleppen via demotormanagementmodule (ECM)geopend en gesloten. Het systeembevat geen direct werkende kabels.De gashendel geeft een voelbareweerstand wanneer hij naar achterenwordt gedraaid om de gaskleppen opente zetten.
ALGEMENE INFORMATIE34 WaarschuwingVerlaag de snelheid en rijd niet langerdoor dan noodzakelijk wanneer hetstoringslampje brandt.De storing kan de motorprestaties, deuitstoot van uitlaatgassen en hetbrandstofverbruik negatiefbeïnvloeden.Verlaagde motorprestaties kunnengevaarlijke rijomstandighedenveroorzaken, die kunnen leiden totverlies van controle en een ongeval.Neem zo snel mogelijk contact op meteen erkende Triumph-dealer, om destoring te laten inspecteren enverhelpen.Als er een storing optreedt aan degasklepregeling, gaat het storingslampje(MIL) branden en kan zich een van devolgende situaties voordoen:▼ Storingslampje brandt, beperktmotortoerental en beperktegasklepbeweging▼ Storingslampje brandt, alleenthuisbrengmodus waarin de motormet versneld stationair toerentaldraait▼ Storingslampje brandt, motor startniet.Neem in alle hierboven genoemdesituaties zo snel mogelijk contact op meteen erkende Triumph-dealer om destoring te laten inspecteren enverhelpen.RemgebruikBij een geringe gasklepopening(ongeveer 20°), kunnen de remmen engashendel tegelijk worden gebruikt.Bij een grotere gasklepopening (meerdan 20°) gaan de gaskleppen dicht enneemt het motortoerental af wanneerde remmen langer dan twee secondenworden gebruikt.
ALGEMENE INFORMATIE38WaarschuwingslampjesWanneer het contact wordtingeschakeld, lichten dewaarschuwingslampjes op hetinstrumentenpaneel 1,5 seconde op engaan vervolgens weer uit (behalve delampjes die blijven branden tot de motorwordt gestart, zoals beschreven op devolgende pagina's).Zie voor aanvullende informatie overwaarschuwingsmeldingen pagina49.StoringslampjemotormanagementsysteemHet storingslampje voor hetmotormanagementsysteem licht opwanneer het contact wordtingeschakeld (om aan te geven dat hetsysteem werkt), maar mag niet gaanbranden wanneer de motor draait.Als de motor loopt en er een storing isin het motormanagementsysteem,brandt de MIL en begint het algemenewaarschuwingssymbool te knipperen. Indat geval schakelt hetmotormanagementsysteem over naarde 'thuisbrengmodus', zodat de rit kanworden voortgezet indien de storingniet zo ernstig is dat de motor niet kandraaien.
WaarschuwingVerlaag de snelheid en rijd niet langerdoor dan noodzakelijk wanneer hetstoringslampje brandt. De storing kande motorprestaties, de uitstoot vanuitlaatgassen en hetbrandstofverbruik negatiefbeïnvloeden.Verlaagde motorprestaties kunnengevaarlijke rijomstandighedenveroorzaken, die kunnen leiden totverlies van controle en een ongeval.Neem zo snel mogelijk contact op meteen erkende Triumph-dealer, om destoring te laten inspecteren enverhelpen.Let opAls het storingslampje knippert wanneerhet contact wordt ingeschakeld, neemdan zo snel mogelijk contact op met eenerkende Triumph-dealer om deze situatiete verhelpen. Onder dezeomstandigheden zal de motor nietstarten.
De motor niet opnieuwstarten voordat de storing isverholpen.Indien de motor draait terwijl hetwaarschuwingslampje lage oliedrukbrandt, kan ernstige motorschadeontstaan.Let opHet waarschuwingslampje lage oliedrukgaat branden als het contact wordtingeschakeld en de motor niet draait.Controlelampje startonderbreker/alarminstallatieDeze Triumph-motorfiets is uitgerustmet een startonderbreker diegeactiveerd wordt wanneer decontactschakelaar in de stand OFF (UIT)wordt gedraaid.Zonder alarmWanneer de contactschakelaar in destand OFF (UIT) staat, knippert de lampvan de startonderbreker gedurende24 uur om aan te geven dat destartonderbreker ingeschakeld is.Wanneer de contactschakelaar in destand ON (AAN) staat, zijnstartonderbreker en het controlelampjeuitgeschakeld.Als het controlelampje blijft branden,betekent dit dat er een storing in destartonderbreker is, die nader moetworden onderzocht.
ALGEMENE INFORMATIE40Waarschuwingslampjeantiblokkeerremsysteem (ABS)Wanneer de contactschakelaarin de stand ON (aan) wordt gedraaid, ishet normaal dat hetwaarschuwingslampje voor het ABS-systeem gaat knipperen. Het lampjeblijft knipperen nadat de motor gestartis, totdat de motorfiets een snelheid vanmeer dan 10km/u heeft bereikt, waarnahet lampje dooft.Let opTractiecontrole werkt niet bij eenstoring aan het ABS-systeem. In datgeval branden de waarschuwingslampjesvoor de ABS en tractiecontrole en hetstoringslampje.Het waarschuwingslampje mag pasweer gaan branden als de motor weerwordt gestart, tenzij er een storing is.Als het waarschuwingslampje op enigander moment onder het rijden gaatbranden, betekent dit dat er een storingin het ABS-systeem is opgetreden, dienader moet worden onderzocht.
WaarschuwingAls het ABS niet werkt, werkt hetremsysteem verder als eenremsysteem zonder ABS.Rijd niet langer door dan noodzakelijkwanneer het waarschuwingslampjebrandt.Neem zo snel mogelijk contact op meteen erkende Triumph-dealer, om destoring te laten inspecteren enverhelpen. In deze situatie kan te hardremmen een blokkering van de wielenveroorzaken, wat kan leiden tot verliesvan controle over de motorfiets en eenongeval.RichtingaanwijzersWanneer derichtingaanwijzerschakelaar naar linksof naar rechts wordt gedraaid, knipperthet waarschuwingslampje van derichtingaanwijzer in hetzelfde tempo alsde richtingaanwijzer zelf.
ALGEMENE INFORMATIE41AlarmknipperlichtenOm de alarmknipperlichten aan of uit tezetten, drukt u kort op dealarmknipperlichtschakelaar.De alarmknipperlichten werken alleenals het contact op ON (AAN) staat.De alarmknipperlichten blijven aan alshet contact wordt uitgeschakeld, totdatde alarmknipperlichtschakelaar weerwordt ingedrukt.GrootlichtlampjeWanneer het contact wordtingeschakeld en de dimschakelaar opgrootlicht is ingesteld, gaat hetwaarschuwingslampje voor grootlichtbranden.SnelheidsmeterDe snelheidsmeter geeft de rijsnelheidvan de motorfiets aan.E F11. SnelheidsmeterKilometertellerDe kilometerteller geeft de totale doorde motorfiets afgelegde afstand weer.De kilometerteller wordt in hetservicedisplay weergegeven.SERVICE VEREIST PERmi12/202196110000689miOF11. Kilometerteller
ALGEMENE INFORMATIE42Toerenteller VoorzichtigLaat het motortoerental nooit oplopentot in de 'rode zone', omdat dit kanleiden tot ernstige motorschade.De toerenteller geeft het motortoerentalweer in omwentelingen per minuut -omw/min. Aan het einde van hettoerentellerbereik bevindt zich de rodezone. Toerentallen in het rode gebiedliggen boven het aanbevolenmaximumtoerental en ook boven hettoerentalbereik waarbij de motor debeste prestaties levert.E F121. Motortoerental (tpm)2. Rode zoneBrandstofmeterDe brandstofmeter geeft de hoeveelheidbrandstof in de tank aan.E F11. BrandstofmeterBij ingeschakeld contact geeft eendoorgetrokken streep aan hoeveelbrandstof er nog in de tank zit.De aanduidingen van de brandstofmetergeven brandstofniveaus weer tussenleeg (E = empty) en vol (F = full).
Hetwaarschuwingslampje voor laagbrandstofpeil gaat branden wanneer ernog circa 3,5 liter brandstof in de tankzit. U dient dan bij de eerstvolgendemogelijkheid te tanken.Het bereik tot lege toestand en hetmomentane brandstofverbruik wordenweergegeven op het schermBrandstofverbruik, zie pagina47.Na het tanken worden de gegevens vande brandstofmeter en de resterendeactieradius pas bijgewerkt wanneer demotorfiets weer rijdt. Afhankelijk van derijstijl kan het bijwerken tot vijf minutenduren.
ALGEMENE INFORMATIE43Koelvloeistoftemperatuurmeter VoorzichtigStop de motor onmiddellijk als er eenwaarschuwingsbericht voor te hogekoelvloeistoftemperatuur in hetinstrumentenpaneel wordtweergegeven.De motor niet opnieuw startenvoordat de storing is verholpen.Als de motor blijft draaien terwijl hetwaarschuwingslampje voor hogekoelvloeistoftemperatuur brandt, kaner ernstige motorschade ontstaan.De koelvloeistoftemperatuurmeter geeftde temperatuur van demotorkoelvloeistof aan.CH1. KoelvloeistoftemperatuurmeterAls de motor koud wordt gestart, geefthet display grijze blokjes weer.Naarmate de temperatuur oplooptneemt het aantal verlichte blokjes ophet display toe.
ALGEMENE INFORMATIE44OnderhoudDe servicedisplay geeft de totaleresterende afstand voordat demotorfiets een onderhoudsbeurt nodigheeft weer. Het toont ook de datumwaarop de service uiterlijk moet zijnuitgevoerd.SERVICE VEREIST PERmi12/202196110000689miOF121. Datum waarop de service vereist is2. Resterende aantal mijlen of kilometersAls de servicetermijn verstreken is,wordt er in het instrumentenvenstereen bericht weergegeven.Wanneer het onderhoud wordtuitgevoerd door een erkende Triumph-dealer, wordt het systeem gereset.De afstand tot het volgende onderhouden andere serviceberichten worden ookin het startscherm van hetinstrumentenpaneel weergegeven alshet contact wordt ingeschakeld.DagtellersIn het informatievenster kunnen tweedagtellers worden opgeroepen engereset.TRIP 1mi2935,009,25mph12341. Dagteller 1 of 22. Duur van de trip3. Gemiddelde snelheid4.
ALGEMENE INFORMATIE45RijmodiMet de rijmodi kunnen degaskleprespons (MAP), hetantiblokkeerremsysteem (ABS) en detractiecontrole (TTC) worden aangepastaan verschillende wegomstandighedenen voorkeuren van de bestuurder.Rijmodi kunnen gemakkelijk bijstilstaande of rijdende motorfietsworden geselecteerd met behulp van demodusknop op de schakelaarbehuizingop de linker handgreep, zie pagina46.De volgende rijmodi zijn beschikbaar;Weg en regen.Road-modusDe Road-modus voor rijden op de wegbiedt optimale instellingen van ABS,MAP en TTC voor normaal weggebruik.RoadABS MAP TCROAD ROAD ROADSysteeminstellingenABSRoad – optimale ABS-instelling voor gebruik opde weg.MAPRoad – standaardgaskleprespons.TCRoad – optimale TC-instelling voor gebruik opde weg.Rain-modusDe Rain-modus voor rijden in de regenbiedt optimale instellingen van ABS,MAP en TTC voor normaal weggebruikbij regenachtig weer.RainABS MAP TCROAD RAIN RAINSysteeminstellingenABSRoad – optimale ABS-instelling voor gebruik opde weg.MAPRain – gereduceerdegaskleprespons invergelijking met de Road-modus, voor natte ofgladde omstandigheden.TCRain – optimale TC-instellingen voor gebruikop de weg bij regenachtigweer, minimaleachterwielslip toegestaan.
ALGEMENE INFORMATIE46Rijmodi selecteren WaarschuwingOm op een rijdende motor eenrijmodus te selecteren moet debestuurder de motorfiets kortstondiglaten freewheelen (motorfiets rijdt,motor draait, gas dicht,koppelingshendel ingetrokken enremmen los).Selectie van een rijmodus onder hetrijden mag alleen worden geprobeerd:- Bij lage snelheid- Op plaatsen waar geen anderverkeer is- Op rechte en vlakke wegen ofoppervlakken- Bij goede weg- enweersomstandigheden- Daar waar het veilig is om demotorfiets kortstondig te latenfreewheelen.Selectie van een rijmodus onder hetrijden MAG NIET worden geprobeerd:- Bij hoge snelheid- Te midden van rijdend verkeer- Tijdens het nemen van een bocht ofop bochtige wegen of oppervlakken- Op sterk hellende wegen ofoppervlakken- Bij slechte weg-/weersomstandigheden- Daar waar het onveilig is om demotorfiets kortstondig te latenfreewheelen.Wanneer u geen acht slaat op dezebelangrijke waarschuwing, leidt dat totverlies van controle over de motorfietsen een ongeval.
WaarschuwingRijd na het selecteren van eenrijmodus eerst een stukje op eenplaats waar geen verkeer is, omvertrouwd te raken met de nieuweinstellingen.Leen uw motorfiets niet uit aananderen, omdat ze de instellingen vanuw vertrouwde rijmodus kunnenwijzigen, waardoor u de controle overde motorfiets kunt verliezen en eenongeval kunt krijgen.Let opDe rijmodus verandert standaard inROAD wanneer het contact wordtingeschakeld.Controleer of de motorstopschakelaar inde stand On staat als bij ingeschakeldcontact de moduspictogrammen nietweergegeven worden.Om een rijmodus te selecteren:▼ Druk kort op de modusknop op delinker schakelaarbehuizing om hetpaneel voor selectie van de rijmoduste activeren.▼ Het pictogram van de actieverijmodus wordt in het midden vanhet instrumentenpaneelweergegeven.
ALGEMENE INFORMATIE47Om van geselecteerde rijmodus tewisselen:▼ Druk herhaaldelijk op de Mode-knoptotdat de gewenste rijmodus in deinformatiebalk wordt weergegeven.Eenmaal in de rijmodusweergavescrollen de knoppen Links of Rechtsook door de rijmodusopties.▼ Druk op de selectieknop om deselectie van de gewenste rijmodus tebevestigen.▼ De geselecteerde modus wordtgeactiveerd zodra aan de volgendevoorwaarden voor moduswijziging isvoldaan:Motorfiets staat stil - motor uit▼ Het contact is ingeschakeld.▼ De motorstopschakelaar staat in destand AAN.Motorfiets staat stil - motor draait▼ De vrijloopstand is geselecteerd of dekoppeling is ingetrokken.Motorfiets rijdtBinnen 60 seconden na het selecterenvan een rijmodus moet de bestuurdertegelijkertijd de volgende handelingenuitvoeren:▼ De gashendel dichtdraaien.▼ Maak geen gebruik van de remmen(laat de motor 'freewheelen').De selectie van een rijmodus is nuvoltooid en er kan weer normaalgereden worden.BrandstofverbruikHet informatievensterBrandstofverbruik toont gegevens overhet brandstofverbruik.BRANDSTOFVERBRUIKmpg35,5186069mijlen123mpg1.
Actueel brandstofverbruik2. Resterende actieradius3. Gemiddeld brandstofverbruikActueel brandstofverbruikEen indicatie van het brandstofverbruikop een bepaald moment. Als demotorfiets stilstaat, wordt '--.--' op hetdisplay getoond.Resterende actieradiusDit is een aanduiding van de afstand dienaar verwachting zal kunnen wordenafgelegd op de brandstof die nog in detank aanwezig is.Gemiddeld brandstofverbruikDit is een indicatie van het gemiddeldebrandstofverbruik. Nadat de reset wordt'0.0' weergeven totdat er 0,1kilometer isafgelegd.Let opNa het tanken worden de gegevens vande brandstofmeter en de resterendeactieradius pas bijgewerkt wanneer demotorfiets weer rijdt. Afhankelijk van derijstijl kan het bijwerken tot vijf minutenduren.
Indicatie bandenspanning voorDe bandenspanningsindicatoren gevende huidige bandenspanning weer.Zie voor de juiste bandenspanning deBandentabel in het hoofdstukSpecificaties, zie pagina181.Voor meer informatie over TPMS, ziepagina69.HelderheidMet het informatievenster Helderheidkunt u de helderheid van het schermaanpassen.De helderheid van het informatiebladaanpassen:▼ Druk op de knoppen links en rechtsom het helderheidsniveau teverhogen/verlagen.▼ Druk op de knop Select in om hetgewenste helderheidsniveau tebevestigen.Bij fel zonlicht wordt dehelderheidsinstelling die te weinigcontrast biedt genegeerd, om ervoor tezorgen dat de instrumenten altijdzichtbaar zijn.Dek de lichtsensor op het display niet af,omdat hierdoor het instellen van dejuiste helderheid niet meer correct kanwerken.
ALGEMENE INFORMATIE49VersnellingsstandDe versnellingspositie wordtweergegeven op hethoofdinstrumentenscherm en geeft aanwelke versnelling (één tot zes) isingeschakeld. Als de transmissie invrijloop staat (er is geen versnellinggekozen) toont het display N.E F121. Symbool van de versnellingsstand2. Geselecteerde versnelling (neutrale standafgebeeld)E F121. Symbool van de versnellingsstand2. Geselecteerde versnelling (vijfdeversnelling afgebeeld)De informatie over de geselecteerdeversnelling wordt niet weergegevenwanneer de versnellingsindicator in hetinformatievenster wordt weergegeven.Zie voor pagina 59 meer informatieover de weergave van deschakelindicator.Overzicht waarschuwingsberichtenAlle waarschuwingen en informatieveberichten worden in hetWaarschuwingsvenster weergegeven.Hieronder ziet u een voorbeeld.Lage bandenspanning1Ga nu naar een garage1/3231.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Triumph Tiger Sport 660 (2023) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Motor Triumph
Handleiding Motor
Nieuwste handleidingen voor Motor