Triumph Tiger 900 GT (2025) Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Triumph Tiger 900 GT (2025) (230 pagina’s), behorend tot de categorie Motor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 25 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Triumph Tiger 900 GT (2025) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Triumph |
| Categorie: | Motor |
| Model: | Tiger 900 GT (2025) |
Handleiding Triumph Tiger 900 GT (2025) – volledige tekst
GEBRUIKERSHANDLEIDING01Tiger 900 GT, Tiger 900 GT Pro en Tiger 900 Rally ProDeze handleiding bevat informatie over de Triumph-motorfietsen Tiger 900 GT, Tiger 900 GT Pro en Tiger 900 Rally Pro. Bewaar deze gebruikershandleiding altijd bij de motorfiets en raadpleeg de informatie indien nodig.De informatie in deze uitgave is gebaseerd op de meest recente, op het moment van publicatie beschikbare informatie. Triumph behoudt zich het recht voor te allen tijde, zonder voorafgaande mededeling of verplichting, wijzigingen aan te brengen.Deze publicatie mag niet in zijn geheel, noch gedeeltelijk worden gereproduceerd zonder schriftelijke toestemming van Triumph Motorcycles Limited.© Copyright 11.2023 Triumph Motorcycles Limited, Hinckley, Leicestershire, Engeland.Publicatie onderdeelnummer 3850632-NL versie 1
INHOUDSOPGAVE02Deze gebruikershandleiding bevat een aantal verschillende hoofdstukken. Onder-staande inhoudsopgave helpt u het begin van elk hoofdstuk op te zoeken, waar u – in het geval van grotere hoofdstukken – een meer gedetailleerde inhoudsopgave aantreft, die u helpt het betreffende onderwerp te vinden.03 VOORWOORD07 VEILIGHEID VOOROP16 WAARSCHUWINGSLABELS18 ONDERDELENOVERZICHT23 SERIENUMMERS25 INSTRUMENTEN61 ALGEMENE INFORMATIE101 RIJDEN OP DE MOTORFIETS117 ACCESSOIRES, LADING EN PASSAGIERS123 ONDERHOUD EN AFSTELLING187 REINIGING EN STALLING199 GARANTIE211 SPECIFICATIES223 INDEX227 GOEDKEURINGSINFORMATIE
VOORWOORD03Gebruikershandleiding WAARSCHUWINGDe gebruikershandleiding of snelstart-gids (indien geleverd bij de motorfiets) en alle overige documenten die bij uw motorfiets worden geleverd, maken permanent deel uit van uw motorfiets en moeten bij de motorfiets blijven, ook wanneer deze wordt doorverkocht. Iedereen die op de motorfiets gaat rijden moet de gebruikershandlei-ding of snelstartgids en alle andere documenten die bij de motorfiets zijn geleverd lezen om volledig vertrouwd te raken met de werking van de bedieningselementen, de kenmerken, de capaciteiten en de beperkingen van uw motorfiets. Leen uw motorfiets niet aan anderen uit, want rijden zonder vertrouwd te zijn met de bedieningselementen, de kenmerken, de capaciteiten en de beperkingen van de motorfiets kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets, wat kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
Dank u voor het kiezen van een Triumph-motorfiets. Deze motorfiets is het resultaat van Triumph's toepassing van beproefde technieken, grondige tests en het voortdurend streven naar superieure betrouwbaarheid, veiligheid en prestaties. Lees voordat u gaat rijden deze gebrui-kershandleiding aandachtig door om volledig vertrouwd te raken met de werking van de bedieningselementen, de kenmerken, de capaciteiten en de beperkingen van uw motorfiets. Deze handleiding bevat tips voor veilig rijden, maar beschrijft niet alle tech-nieken en vaardigheden die nodig zijn om veilig op een motorfiets te rijden. Triumph adviseert motorrijders nadrukkelijk de nodige lessen te nemen om deze motorfiets veilig te kunnen bedienen. De nieuwste versie van deze gebrui-kershandleiding met eventuele wijzigingen is verkrijgbaar bij uw lokale dealer en online op www. triumphmotor-cycles. co.
VOORWOORD04Gevaren, waarschuwingen, maningen tot voorzichtigheid en mededelingenBijzonder belangrijke informatie wordt in de volgende vorm gepresenteerd: GEVAARDit gevaarsymbool duidt op speciale instructies of procedures die, als ze niet goed worden opgevolgd, persoon-lijk letsel of de dood tot gevolg hebben. WAARSCHUWINGDit waarschuwingssymbool duidt op speciale instructies of procedures die, als ze niet goed worden opgevolgd, persoonlijk letsel of de dood tot gevolg kunnen hebben.
VOORZICHTIGDit symbool maant tot voorzichtig-heid en gaat vergezeld van speciale instructies of procedures die, als ze niet strikt worden opgevolgd, licht tot matig letsel tot gevolg kunnen hebben.KENNISGEVINGDit opmerkingssymbool duidt op punten die belangrijk zijn voor een efficiëntere en gemakkelijkere bedie-ning.WaarschuwingslabelsBovenstaand symbool wordt op bepaalde plaatsen op de motorfiets weergegeven. Het symbool betekent VOORZICHTIG: RAADPLEEG DE HAND-LEIDING en dit wordt gevolgd door een grafische voorstelling van het betref-fende onderwerp.Probeer nooit op de motorfiets te rijden of een aanpassing uit te voeren zonder de in deze handleiding beschreven rele-vante instructies te raadplegen.Raadpleeg het gedeelte Locaties van de waarschuwingslabels in deze handlei-ding voor de locatie van alle labels met dit symbool.
Dit symbool wordt zo nodig ook weergegeven op de pagina's met de relevante informatie.OnderhoudOm een lang, veilig en probleemloos gebruik van uw motorfiets te garan-deren, dient het onderhoud te worden uitgevoerd door een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer.Een erkende Triumph-dealer beschikt over de noodzakelijke kennis, appa-ratuur en vakkundigheid om uw Triumph-motorfiets goed te onder-houden.
VOORWOORD05Bezoek de Triumph-website op www. tri-umph. co. uk of neem telefonisch contact op met de bevoegde distributeur in uw land voor informatie over de dichtst-bijzijnde erkende Triumph-dealer. De adressen zijn ook vermeld in het bij deze handleiding geleverde onderhouds-boekje. GeluiddempingssysteemWijzigen van het geluiddempingssys-teem is verboden. Eigenaars worden gewaarschuwd dat het wettelijk verboden kan zijn om:▼ onderdelen of designelementen van nieuwe voertuigen die bedoeld zijn voor geluiddemping, voorafgaand aan de verkoop of aflevering aan de koper of daarna te verwijderen of buiten werking te stellen, behalve als dat nodig is voor onderhoud, reparatie of vervanging, en,▼ het voertuig te gebruiken nadat zo'n onderdeel of designcomponent is verwijderd of buiten werking is gesteld.
Onder knoeien worden onder meer de volgende handelingen verstaan:▼ Verwijderen of doorboren van de geluiddemper, schotten, uitlaat-bochten of enig ander onderdeel dat uitlaatgassen geleidt. ▼ Verwijderen of doorboren van enig onderdeel van het inlaatsysteem. ▼ Gebrek aan goed onderhoud. ▼ Vervanging van bewegende delen van het voertuig, of delen van de uitlaat of het inlaatsysteem, door onderdelen die niet door de fabri-kant zijn aangegeven. Praat met TriumphOnze relatie met u stopt niet bij de aankoop van uw Triumph. Uw feedback over de ervaringen tijdens aankoop en bezit zijn zeer belangrijk voor ons om onze producten en diensten voor u te ontwikkelen. U helpt ons daarmee door ervoor te zorgen dat uw erkende Triumph-dealer uw e-mailadres heeft en dat bij ons registreert.
U ontvangt dan van ons op uw e-mailadres een uitnodiging voor een online-klanttevredenheidsonderzoek waarmee u ons deze feedback kunt geven. Het Triumph-team. TerreinrijdenDe motorfietsen zijn bedoeld voor gebruik op de weg en licht terreinrijden.
Onder licht terreinrijden wordt gebruik op ongeplaveide zand- of grindwegen verstaan, maar niet het rijden op een motorcrossbaan, deelname aan een offroadwedstrijd (zoals motorcross of enduro), of terreinrijden met een passa-gier. Licht terreinrijden strekt zich niet uit tot springen met de motorfiets of het rijden over obstakels. Probeer niet over bulten of obstakels te springen. Probeer niet over obstakels te rijden.
VEILIGHEID VOOROP07De motorfiets WAARSCHUWINGDe motorfietsen zijn bedoeld voor gebruik op de weg en licht terrein-rijden. Onder licht terreinrijden wordt gebruik op ongeplaveide zand- of grindwegen verstaan, maar niet het rijden op een motorcrossbaan, deel-name aan een offroadwedstrijd (zoals motorcross of enduro), of terreinrijden met een passagier. Licht terreinrijden strekt zich niet uit tot springen met de motorfiets of het rijden over obstakels. Probeer niet over bulten of obstakels te springen. Probeer niet over obstakels te rijden. Extreem terreinrijden kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets, wat kan leiden tot ernstig letsel of de dood. WAARSCHUWINGDeze motorfiets is ontworpen voor gebruik als tweewielig voertuig om een bestuurder met maximaal één passagier te vervoeren (mits een passagierszadel en achterste voetsteunen zijn aangebracht).
Het totale gewicht van de berijder, een eventuele passagier, accessoires en bagage mag het in de specificaties vermelde maximale laadvermogen niet overschrijden. Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. WAARSCHUWINGDeze motorfiets is niet ontworpen voor het trekken van een aanhanger of het gebruik van een zijspan. Het monteren van een zijspan en/of aanhanger kan de handelbaarheid, de stabiliteit of andere aspecten van het motorrijden beïnvloeden. Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. WAARSCHUWINGDeze motorfiets is uitgerust met een katalysator onder de motor, die samen met het uitlaatsysteem zeer hoge temperaturen kan bereiken wanneer de motor draait.
VEILIGHEID VOOROP08 WAARSCHUWINGOffroadrijden kan leiden tot het losraken van de spaken.Zorg ervoor dat de spaken worden gecontroleerd voor en na het motor-rijden op onverharde wegen. Neem contact op met een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer.Losse spaken kunnen de handelbaar-heid en de stabiliteit beïnvloeden, wat leidt tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. WAARSCHUWINGControleer de velgen en spaken regel-matig op slijtage en beschadigingen.Controleer de spaakspanning op alle intervallen in het onderhoudsschema.
Neem voor het vastzetten van losse spaken contact op met een deskun-dige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer.Verkeerd aangedraaide spaken kunnen de handelbaarheid en de stabiliteit beïnvloeden, wat kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg.KENNISGEVINGMotorrijden in extreme omstandig-heden, zoals natte en modderige wegen, op ruw terrein of in stoffige en vochtige omgevingen, kan leiden tot bovengemiddelde slijtage en beschadi-ging van bepaalde componenten.Daarom kan onderhoud en vervanging van versleten of beschadigde onder-delen noodzakelijk zijn voordat de geplande datum voor het periodieke onderhoud is bereikt.Het is belangrijk dat de motorfiets wordt geïnspecteerd na het rijden in extreme omstandigheden en dat versleten of beschadigde onderdelen worden onderhouden of vervangen.
WAARSCHUWINGBENZINE IS UITERST BRANDBAAR:- Schakel de motor altijd uit wanneer u gaat tanken.- Let goed op en blijf alert tijdens het tanken.- Niet tanken of de vuldop van de tank openen terwijl u rookt of in de buurt bent van open vuur (vlammen).- Mors tijdens het tanken geen brand-stof op de motor, de uitlaatpijpen of de dempers.- Als brandstof is ingeslikt, ingeademd of in de ogen terechtgekomen is, moet direct medische hulp worden ingeroepen.- Als benzine op de huid terechtkomt, dient deze onmiddellijk te worden gewassen met water en zeep en met brandstof verontreinigde kleding dient onmiddellijk te worden uitge-trokken.- Contact met brandstof kan brandwonden en andere ernstige huidaandoeningen veroorzaken.Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
VEILIGHEID VOOROP10Valhelm en kleding GEVAAREen valhelm is een van de belang-rijkste uitrustingsstukken, omdat deze bescherming biedt tegen hoofdletsel. Uw valhelm en die van uw passagier dienen met zorg te worden gekozen en comfortabel en stevig om het hoofd te passen. Een felgekleurde helm verhoogt de zichtbaarheid van de rijder (of passagier) voor andere weggebruikers aanzienlijk.Een valhelm met open voorzijde biedt enige bescherming bij een ongeval, maar een integraalhelm biedt betere bescherming.Draag altijd een vizier of een goedge-keurde beschermende bril voor beter zicht en ter bescherming van uw ogen.Het niet opvolgen van bovenstaand advies leidt tot ernstig letsel of de dood.
WAARSCHUWINGTijdens het rijden op de motorfiets dienen de berijder en de passagier (bij modellen waarop een passagier vervoerd mag worden) altijd geschikte kleding te dragen, waaronder valhelm, oogbescherming, handschoenen, laarzen, broek (nauw aansluitend rond de knieën en de enkels) en een felge-kleurd jack.Tijdens offroadgebruik (op modellen die geschikt zijn voor offroadgebruik), moet de rijder altijd geschikte kleding dragen, inclusief broek en laarzen.Felgekleurde kleding verhoogt de zichtbaarheid van de rijder (of de passagier) voor andere weggebruikers aanzienlijk.Hoewel volledige bescherming niet mogelijk is, kan het risico op ernstig of dodelijk letsel worden verminderd door de juiste beschermende kleding te dragen.
VEILIGHEID VOOROP11Parkeren WAARSCHUWINGAltijd de motor uitschakelen en de contactsleutel verwijderen voordat u uw motorfiets onbeheerd achterlaat. Door het verwijderen van de contact-sleutel wordt het risico van gebruik door onbevoegde en onervaren personen verkleind. Denk aan het volgende als u uw motorfiets parkeert:- Zet de motorfiets in de eerste versnelling om te voorkomen dat hij van de standaard rolt. - De motor, radiateur, het uitlaatsys-teem, de achtervering en de remmen zijn heet na het rijden. Parkeer NOOIT op plaatsen waar voetgan-gers, dieren en/of kinderen de motorfiets kunnen aanraken. - Parkeer nooit op een zachte onder-grond of op een hellend oppervlak. Indien de motorfiets onder deze omstandigheden wordt geparkeerd, kan deze omvallen. Zie voor nadere informatie het hoofd-stuk 'Rijden op de motorfiets' in deze gebruikershandleiding.
Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot materiële schade, ernstig letsel of de dood. Onderdelen en accessoires WAARSCHUWINGDe eigenaar dient zich ervan bewust te zijn dat onderdelen, accessoires en aanpassingen voor een Triumph-mo-torfiets alleen goedgekeurd zijn wanneer ze door Triumph voorzien zijn van een officiële goedkeuring. We raden aan accessoires te laten aanbrengen en aanpassingen te laten verrichten door een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer. Het is met name bijzonder gevaarlijk om onderdelen of accessoires aan te brengen of te vervangen waarvoor het noodzakelijk is om het elektrische of het brandstofsysteem te demonteren, of hierop uitbreidingen aan te brengen. Dergelijke aanpassingen kunnen de veiligheid in gevaar brengen.
Het aanbrengen van niet-goedge-keurde onderdelen, accessoires of aanpassingen kan een nadelig effect hebben op de handelbaarheid, de stabiliteit en andere aspecten van de werking van de motorfiets, wat kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. Triumph aanvaardt geen aansprakelijk-heid voor gebreken die zijn veroorzaakt door het aanbrengen van niet-goed-gekeurde onderdelen, accessoires of aanpassingen. Triumph aanvaardt geen aansprakelijk-heid voor gebreken die zijn veroorzaakt door het aanbrengen van niet-goed-gekeurde onderdelen, accessoires of aanpassingen.
VEILIGHEID VOOROP12Onderhoud en apparatuur WAARSCHUWINGNeem bij twijfel over het juiste of veilige gebruik van deze motorfiets contact op met een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer.Wanneer wordt doorgereden op een niet goed werkende motorfiets kan een defect verergeren en kan de veiligheid in gevaar komen.Doorgaan met het gebruik van een niet goed werkende motorfiets kan de handelbaarheid, de stabiliteit of andere aspecten van het rijden op de motor-fiets beïnvloeden, wat kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg.
WAARSCHUWINGAls de motorfiets bij een ongeval, aanrijding of valpartij betrokken is geweest, dient hij te worden wegge-bracht voor inspectie en reparatie.Inspecties en reparaties moeten worden verricht door een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer.Een ongeval kan schade aan de motor-fiets veroorzaken, die, indien niet op de juiste wijze gerepareerd, een tweede ongeval kan veroorzaken met letsel of de dood tot gevolg.
WAARSCHUWINGAlle rijders moeten in het bezit zijn van een rijbewijs voor motorfietsen.Het zonder rijbewijs besturen van een motorfiets is verboden en kan gerech-telijke vervolging tot gevolg hebben.Het gebruik van de motorfiets zonder formele training in de juiste rijtech-nieken die nodig zijn om een rijbewijs te krijgen, is gevaarlijk.Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. WAARSCHUWINGRijd altijd defensief en draag de beschermende uitrusting die elders in dit deel Veiligheid voorop worden genoemd.Onthoud dat een motorfiets bij een ongeval minder bescherming biedt dan een auto.Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
WAARSCHUWINGDeze motorfiets mag de wettelijk geldende snelheidslimieten niet over-schrijden.Het met hoge snelheid op een motorfiets rijden kan gevaarlijk zijn, aangezien de tijd om op een gevaar-lijke situatie te reageren bij hogere snelheden aanzienlijk wordt verkort.Neem altijd snelheid terug in eventueel gevaarlijke rijomstandigheden, zoals slecht weer of druk verkeer.Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg.
VEILIGHEID VOOROP14 WAARSCHUWINGWees altijd bedacht op veranderingen in het wegdek, het verkeer en de wind en pas uw rijgedrag hierop aan. Alle tweewielige voertuigen zijn onder-hevig aan externe krachten die de handelbaarheid, de stabiliteit of andere aspecten van de motorfiets kunnen beïnvloeden.Deze factoren zijn onder andere:- windstoten van passerende voer-tuigen- gaten in de weg, oneffenheden of beschadigingen in het wegdek- slecht weer- fouten van de bestuurder.Rijd altijd met matige snelheid en vermijd druk verkeer, totdat u zich volledig vertrouwd hebt gemaakt met de werking en de rijeigenschappen van de motorfiets.
Overschrijd nooit de wettelijk geldende snelheidslimiet.Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg.Trilling/slingeringEen slingering is een relatief lang-zame, op en neer gaande beweging van de achterkant van de motorfiets, terwijl een trilling een snelle, soms sterke beving van het stuur is. Dit zijn verwante, maar aparte stabiliteits-problemen die gewoonlijk veroorzaakt worden door te veel gewicht op de verkeerde plaats of door een mecha-nisch probleem zoals versleten of loszittende lagers, te slappe of ongelijk-matig versleten banden.De oplossing is in beide gevallen hetzelfde. Houd het stuur stevig vast zonder de armen op slot te zetten of de stuurbeweging tegen te gaan. Draai het gas gelijkmatig terug om geleidelijk vaart te minderen.
Rem niet en acce-lereer niet in een poging om het trillen of slingeren te stoppen. Soms helpt het om het lichaamsgewicht naar voren te verplaatsen door over de tank te buigen.Copyright © 2005 Motorcycle Safety Foundation. Alle rechten voorbehouden. Gebruikt met toestemming.
VEILIGHEID VOOROP15Handgrepen en voetsteunen WAARSCHUWINGDe bestuurder dient de motorfiets onder controle te houden door te allen tijde de handen aan het stuur te houden. Als de motorrijder zijn handen van het stuur haalt, tast dat de handelbaar-heid en de stabiliteit van de motorfiets aan. Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. WAARSCHUWINGDe bestuurder en de passagier (indien van toepassing) dienen tijdens het rijden altijd de voetsteunen te gebruiken. Door de voetsteunen te gebruiken wordt voor zowel de bestuurder als de passagier het risico op onbedoeld contact met onderdelen van de motorfiets verminderd. Ook de kans op verwondingen doordat kledingstukken vast komen te zitten neemt op die manier af.
Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. WAARSCHUWINGDe hellingshoekindicators mogen niet worden gebruikt als richtlijn voor de mate waarin de motorfiets veilig schuin gelegd kan worden in bochten. Dit is afhankelijk van veel verschillende omstandigheden, waaronder, maar niet beperkt tot:- Wegdek;- Staat van de banden;- Weer. Overhellen tot een onveilige hoek kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. WAARSCHUWINGVervang altijd de hellingshoekindica-tors voordat ze tot de slijtagelimiet zijn afgesleten. Wanneer de hellingshoekindicators tot voorbij de slijtagelimiet zijn afgesleten, kan de motorfiets tot een onveilige hoek overhellen.
WAARSCHUWINGSLABELS17RechterkantKENNISGEVINGAlle waarschuwingslabels en stickers, met uitzondering van het label voor inrijden, worden op de motorfiets aangebracht met een sterke lijm. In sommige gevallen worden labels aangebracht voorafgaand aan het aanbrengen van de laklaag. Daarom zal elke poging om de waarschuwingslabels te verwijderen, schade veroor-zaken aan lakwerk of carrosserie.123456DAILY SAFETY CHECKSTÄGLICHE SICHERHEITSKONTROLLENCONTROLES DE SECURITE QUOTIDIENSCHEQUEOS DE SEGURIDAD DIARIOSVERIFICAÇÕES DIÁRIAS DE SEGURANÇAVERIFICHE GIORNALIERE DI SICUREZZADAGELIJSKE VEILIGHEIDSINSPECTIESDAGLIG SÄKERHETSKONTROLL運⾏前点検1. Dagelijkse veiligheidsinspecties (onder het passagierszadel (pagina 98))2. Loodvrije brandstof (pagina 83)3. Helm (pagina 10)4. Koelvloeistof (pagina 136 en pagina 138)5. Bandenspanningscontrolesysteem (indien gemonteerd) (pagina 170)6. Motorolie (pagina 131)
ONDERDELENOVERZICHT18Tiger 900 Rally ProLinkerkant23451615 14 12 1117113786 9 101. Koplamp2. Richtingaanwijzer voor3. USB C-aansluiting4. Brandstoftank en tankdop (onder de brandstoftank)5. Gereedschapsset (onder het bestuurderszadel)6. Accu en zekeringdoos (onder het bestuurderszadel)7. Zadelslot8. Accessoire-aansluiting (achterzijde indien gemonteerd)9. USB-aansluiting (onder het passagierszadel)10. Schakelaar zadelverwarming achter (indien gemonteerd)11. Achterwielverstelling12. Aandrijfketting13. Middenbok (indien gemonteerd)14. Zijstandaard15. Schakelpedaal16. Remklauw voorrem1 7. Remschijf voorrem
ONDERDELENOVERZICHT20Tiger 900 GT en Tiger 900 GT ProLinkerkant23451615 14 12 1117113786 9 101. Koplamp2. Richtingaanwijzer voor3. Accessoire-aansluiting (voorzijde)4. Brandstoftank en tankdop5. Gereedschapsset (onder het bestuurderszadel)6. Accu en zekeringdoos (onder het bestuurderszadel)7. Zadelslot8. Accessoire-aansluiting (achterzijde indien gemonteerd)9. USB-aansluiting (onder het passagierszadel)10. Schakelaar zadelverwarming achter (indien gemonteerd)11. Achterwielverstelling12. Aandrijfketting13. Middenbok (indien gemonteerd)14. Zijstandaard15. Schakelpedaal16. Remklauw voorrem1 7. Remschijf voorrem18. Mistlamp
SERIENUMMERS23VoertuigIdentificatieNummer (VIN)Het voertuigidentificatienummer (VIN) is in het balhoofdgedeelte van het frame geslagen. Het staat ook op een plaatje dat aan de linkerkant van het balhoofd is bevestigd.11. Voertuigidentificatienummer (rechterkant)Noteer het VIN in de daarvoor bestemde ruimte in het onderhoudsboekje van de motorfiets.MotorserienummerHet motorserienummer is direct boven het koppelingsdeksel in het motorcarter geslagen.11. MotorserienummerNoteer het motorserienummer in de daarvoor bestemde ruimte in het onder-houdsboekje van de motorfiets.
INSTRUMENTEN26Lay-out instrumentenpaneelDe motorfiets is uitgerust met een fullcolour TFT-instrumentendisplay met een 7 inch (18 cm) scherm. Afhankelijk van de geselecteerde menu-opties, kunnen verschillende van de onderstaande symbolen en lampjes in verschillende delen van het scherm verschijnen.SET100+9AM12:34TC0FENMPHRPM X 1000891011123456789101112345670121215.0C23222111121 341356 81417182027 9 101915161. Klok2. Statuslampje cruisecontrol3. Controlelampje status alarminstallatie/startonderbreker (alarminstallatie is optionele accessoire)4. Locatie waarschuwingssymbool5. Instrumentenpaneel lichtsensor6. Waarschuwingslampje7. Locatie waarschuwingssymbool8. Waarschuwingslampje ABS9. Waarschuwingslampje grootlicht/dagrijlicht10. Omgevingstemperatuur11. Richtingaanwijzer rechts en alarmknipperlicht12. Menugedeelte13. Locatie menusymbool14. Verwarmd passagierszadel15.
INSTRUMENTEN27WaarschuwingslampjesKENNISGEVINGAls een rood waarschuwingslampje wordt weergegeven, moet de motor-fiets onmiddellijk worden stopgezet. Lees eventuele waarschuwingsbe-richten en los het probleem op. Als een oranje waarschuwingslampje wordt weergegeven, hoeft de motor-fiets niet onmiddellijk te worden stopgezet. Lees eventuele waarschu-wingsberichten en los het probleem op. Wanneer het contact wordt ingescha-keld, lichten de waarschuwingslampjes op het instrumentenpaneel 1,5 seconde op en gaan vervolgens weer uit (behalve de lampjes die blijven branden tot de motor wordt gestart, zoals beschreven op de volgende pagina's). Storingslampje motormanagementsysteemHet storingslampje voor het motormanagementsysteem licht op wanneer het contact wordt ingeschakeld (om aan te geven dat het systeem werkt), maar mag niet gaan branden wanneer de motor draait.
Als de motor loopt en er een storing is in het motormanagementsysteem, brandt de MIL en begint het alge-mene waarschuwingssymbool te knipperen. In dat geval schakelt het motormanagementsysteem over naar de 'thuisbrengmodus', zodat de rit kan worden voortgezet indien de storing niet zo ernstig is dat de motor niet kan draaien. WAARSCHUWINGVerlaag de snelheid en rijd niet langer door dan noodzakelijk wanneer het storingslampje brandt. De storing kan de motorprestaties, de uitstoot van uitlaatgassen en het brandstofver-bruik beïnvloeden. De storing moet worden gecontroleerd en verholpen door een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer. Een gebrekkige werking van de motor kan gevaarlijke rijomstandigheden veroorzaken, wat kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg.
Als het storingslampje knippert wanneer het contact wordt ingeschakeld, neem dan zo snel mogelijk contact op met een erkende Triumph-dealer om deze situatie te verhelpen. Onder deze omstandigheden zal de motor niet starten.
INSTRUMENTEN28KENNISGEVINGAls de oliedruk te laag is, gaat het waarschuwingslampje lage-oliedruk branden. Schakel de motor onmiddellijk uit en onderzoek de situatie wanneer het controlelampje voor lage oliedruk blijft branden. Indien de motor met een te lage oliedruk draait, ontstaat ernstige motorschade. Controlelampje startonderbreker/alarminstallatieDeze Triumph-motorfiets is uitgerust met een startonder-breker die geactiveerd wordt wanneer de contactschake-laar in de stand OFF (UIT) wordt gedraaid. Zonder gemonteerd alarmWanneer de contactschakelaar in de stand OFF (UIT) staat, knippert het lampje van startonderbreker/alarm gedurende 24 uur om aan te geven dat de startonderbreker ingeschakeld is. Wanneer de contactschakelaar in de stand ON (AAN) staat, zijn star-tonderbreker en het controlelampje uitgeschakeld.
Als het controlelampje blijft branden, betekent dit dat er een storing in de startonderbreker is die nader moet worden onderzocht. De storing moet worden gecontroleerd en verholpen door een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer. Met alarmHet controlelampje van de starton-derbreker/alarminstallatie gaat alleen branden wanneer is voldaan aan de voorwaarden zoals beschreven in de instructies van de originele Triumph-alarminstallatie. Waarschuwingslampje antiblokkeerremsysteem (ABS) WAARSCHUWINGAls het antiblokkeerremsysteem (ABS) niet werkt, werkt het remsysteem verder als een remsysteem zonder ABS. Rijd niet langer door dan noodzakelijk wanneer het ABS-waar-schuwingslampje brandt.
De storing moet worden gecontroleerd en verholpen door een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer. Te hard remmen kan ertoe leiden dat de wielen blokkeren, wat kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. KENNISGEVINGTractiecontrole werkt niet bij een storing aan het ABS-systeem.
INSTRUMENTEN29Wanneer het contact wordt ingeschakeld, is het normaal dat het waarschuwingslampje voor het ABS-systeem gaat knipperen. Het lampje blijft knipperen nadat de motor gestart is, totdat de motorfiets een snelheid van meer dan 10 km/h heeft bereikt, waarna het lampje dooft. Als het ABS-waarschuwingslampje continu brandt, betekent dit dat de ABS-functie niet beschikbaar is omdat:▼ de ABS-functie door de berijder is uitgeschakeld;▼ zich in het ABS-systeem een storing heeft voorgedaan die onderzocht moet worden. Als het lampje tijdens het rijden gaat branden, betekent dit dat er een storing in het ABS is opgetreden, die nader moet worden onderzocht. Bochten-ABS (OCABS) (indien gemonteerd)Het waarschuwingslampje knippert langzaam als de modus Off-Road is geselecteerd. Dit geeft aan dat de ABS is aangepast.
Het waarschuwingslampje blijft constant branden als Off-Road Pro (indien beschikbaar) is geselecteerd. Dit geeft aan dat ABS is uitgeschakeld. Er wordt een waarschuwing in het display weergegeven. Als het waarschuwingslampje op enig ander moment onder het rijden gaat branden, betekent dit dat er een storing in het ABS-systeem is opgetreden, die nader moet worden onderzocht. Controlelampje tractiecontrole (TC)Het TC-controlelampje wordt gebruikt om aan te geven dat het tractiecontrolesysteem actief is en bezig is om slippen van het achterwiel te beperken bij snelle acceleratie of op natte of gladde wegen. Het controlelampje knippert als de actieve stabiliteitskoppelregeling het koppel beperkt. De tractiecontrole en de actieve stabiliteitskoppelregeling werken niet in geval van een storing aan het ABS-systeem.
In dat geval branden de waarschuwingslampjes voor de ABS en tractiecontrole en het storingslampje. WAARSCHUWINGAls de tractiecontrole niet werkt, moet voorzichtigheid in acht worden genomen bij het accelereren en het nemen van bochten op een nat of glad wegdek, om doorslippen van het achterwiel te voorkomen.
Rijd niet langer door dan noodzakelijk wanneer het storingslampje voor het motor-managementsysteem (MIL) en het waarschuwingslampje van de tractie-controle branden. De storing moet worden gecontroleerd en verholpen door een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer. Bij snel accelereren en hard rijden in bochten kan het achterwiel door-slippen, wat kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met moge-lijk ernstig letsel of de dood tot gevolg. Als tractiecontrole is ingeschakeld:▼ Onder normale rijomstandigheden blijft het tractiecontrolelampje uit.
INSTRUMENTEN30▼ Het tractiecontrolelampje knippert snel wanneer het tractiecontro-lesysteem in werking is om slippen van het achterwiel te beperken bij snelle acceleratie of op een natte of gladde weg.Als tractiecontrole is uitgeschakeld:▼ Het controlelampje brandt niet. In plaats daarvan gaat het waar-schuwingslampje 'TC uitgeschakeld' branden.Waarschuwingslampje Tractiecontrole (TC) uitgeschakeldHet waarschuwingslampje Tractiecontrole (TC) uitgescha-keld mag alleen gaan branden bij een storing of als de trac-tiecontrole uitgeschakeld is.Als het waarschuwingslampje tijdens het rijden gaat branden, betekent dit dat er in het tractiecontrolesysteem een storing is opgetreden die nader moet worden onderzocht.
De storing moet worden gecontroleerd en verholpen door een deskundige met specialistische en technische kennis van motorfietsen, zoals een erkende Triumph-dealer.RichtingaanwijzerlampjeWanneer de richtingaanwij-zerschakelaar naar links of naar rechts wordt gedraaid, knippert het controlelampje van de richtingaanwijzer in hetzelfde tempo als de richtingaanwijzer zelf.De richtingaanwijzers aan de voorzijde worden ook gebruikt als markeerlichten, zie pagina 73.AlarmknipperlichtenWanneer de schakelaar van de alarmknipperlichten op aan wordt gezet, knipperen de waarschuwingslampjes van de richtingaanwijzers in hetzelfde tempo als de richtingaanwijzers zelf.GrootlichtlampjeWanneer het contact wordt ingeschakeld en de dimscha-kelaar op grootlicht is ingesteld, gaat het waarschu-wingslampje voor grootlicht branden.Controlelampje automatisch dagrijlicht (DRL) (indien gemonteerd) Als de DRL-schakelaar op de linker schakelaarbehuizing op DRL is ingesteld, schakelt de koplamp automatisch tussen DRL en dimlicht, afhankelijk van de helderheid van het omringende omge-vingslicht.Wanneer DRL is ingeschakeld, gaat het controlelampje branden.
INSTRUMENTEN31Als het dimlicht aanstaat, gaat het controlelampje van de dagrijverlichting uit.+915cockdf_2132A1. Dagrijlichtstand2. Dimlichtstand3. Controlelampje DRL/grootlichtOverdag verbeteren het DRL en de voorste markeringslichten, zie pagina 73, de zichtbaarheid van de motorfiets voor andere weggebruikers. De voorste markeringslichten blijven branden bij DRL, dimlicht en grootlicht.De omschakeling van dagrijlicht naar dimlicht kan handmatig worden gewij-zigd met behulp van een schakelaar op de linker schakelaarbehuizing. Met de schakelaar in de dimlichtstand schakelt de koplamp niet automatisch tussen dimlicht en DRL.In andere situaties moet het dimlicht worden gebruikt, tenzij de verkeerssitu-atie het gebruik van grootlicht mogelijk maakt.
WAARSCHUWINGRij niet langer dan noodzakelijk met het dagrijlicht (DRL) als het omge-vingslicht zwak is.Als het donker is, in tunnels, of als de omgevingsverlichting zwak is, kunnen de dagrijlichten het zicht belemmeren of andere weggebruikers verblinden.Verblinding van andere weggebruikers of beperkt zicht bij slechte verlichting kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg.Waarschuwingslampje brandstofniveauHet waarschuwingslampje voor het brandstofniveau gaat branden wanneer er nog circa 3,5 liter brandstof in de tank aanwezig is.Bandenspanningswaarschuwings-lampje (mits bandenspanningscon-trolesysteem is ingebouwd) WAARSCHUWINGZet de motorfiets stil wanneer het waarschuwingslampje voor de banden-spanning gaat branden.Rij niet op de motorfiets tot de banden gecontroleerd zijn en de juiste bandenspanning hebben in koude toestand.Het niet opvolgen van bovenstaand advies kan leiden tot verlies van controle over de motorfiets met mogelijk ernstig letsel of de dood tot gevolg.
INSTRUMENTEN32KENNISGEVINGHet bandenspanningscontrolesys-teem (TPMS) is op sommige modellen gemonteerd en is verkrijgbaar als accessoire voor modellen zonder TPMS.Het waarschuwingslampje voor de bandenspanning werkt samen met het bandenspanningscontro-lesysteem (TMPS), zie pagina 80.Het waarschuwingslampje voor de bandenspanning gaat branden in de volgende gevallen:▼ een van de bandenspanningen is lager dan de aanbevolen spanning. Het gaat niet branden wanneer de bandenspanning te hoog is.▼ een batterij van de bandenspan-ningssensor is bijna leeg.▼ signaalverlies van een bandenspan-ningssensor.Wanneer het waarschuwingslampje brandt, wordt op het display auto-matisch het TPMS-symbool met een tekstuele aanduiding van de storing getoond.12:34PM15°C0FENMPHRPM X 10008910111234567891011123456701212X1 2Zie Handboek2/3Bandenspanning achter1. TPMS-waarschuwingslampje2.
TPMS-symbool (bandenspanning afgebeeld)De bandenspanning waarbij het waar-schuwingslampje gaat branden wordt gecompenseerd tot 20 °C, maar de bijbehorende digitale drukweergave niet, zie pagina 170. Zelfs wanneer het digitale display precies of ongeveer de standaard bandenspanning lijkt aan te geven wanneer het waarschu-wingslampje brandt, wordt een lage bandenspanning aangegeven. Een lekke band is dan de meest waarschijnlijke oorzaak.
INSTRUMENTEN33Waarschuwingen en informatieberichtenAls zich een storing voordoet kunnen er verschillende waarschuwingen en informatieberichten verschijnen. In dat geval hebben waarschuwingsberichten voorrang boven informatieberichten en wordt het waarschuwingssymbool op het display weergegeven. Het aantal actieve waarschuwingsberichten wordt weergegeven in het menugedeelte.12:34PM15°C0FENMPHRPM X 10008910111234567891011123456701212XSensor voorbandZie Handboek2/3Om toegang te krijgen tot de infor-matie in het menugedeelte, moeten de waarschuwingsberichten eerst worden bevestigd.Om de waarschuwing te bevestigen, drukt u op het midden van de joystick. Doe dit voor elke waarschuwing.
De waarschuwingsberichten worden niet verwijderd en kunnen worden geopend in Bike - Warnings (motorfiets - waar-schuwingen), zie pagina 54.Wanneer er een storing aan de motor-fiets wordt gedetecteerd, kunnen de volgende waarschuwingen en informa-tieberichten worden weergegeven.Waarschuwingslampjes en berichtenStatuslampje alarminstallatie/startonderbreker(rood controlelampje)Waarschuwingslampjes en berichtenWaarschuwingslampje lage oliedruk(rood controlelampje)Waarschuwingslampje batterijspanning laag/startmotor uitgeschakeld(rood controlelampje)Bandenspanningscontrolesys-teem (TPMS) - bandenspanning voor-/achterband(rood controlelampje)Waarschuwingslampje voor koelvloeistoftemperatuur(rood controlelampje).Transmissiefout TSA(oranje controlelampje)Bandenspanningscontrolesys-teem (TPMS) - sensorbatterij bijna leeg(oranje controlelampje)Bandenspanningscontrolesys-teem (TPMS) - sensorstoring(rood controlelampje)Storingslampje motormanage-mentsysteem(oranje controlelampje)Waarschuwingslampje boch-ten-ABS (OCABS)(oranje controlelampje)Waarschuwingslampje boch-ten-ABS (OCABS) uitgeschakeld(oranje controlelampje)Waarschuwingslampje defecte lamp(oranje controlelampje)Controlelampje bochten-tractie-controle (OCTC) actief(oranje controlelampje)
SnelheidsmeterDruk op de homeknop om toegang te krijgen tot de snelheidsmeter vanaf een ander instrumentendisplay.KilometertellerDe kilometerteller geeft de totale door de motorfiets afgelegde afstand weer. De kilometerteller wordt alleen in het menu Onderhoud weergegeven.15°C12:34PM0FENMPHRPM X 100089101112345678910111234567012121Onderhoud ovr:Of:Kilometerteller:ONDERHOUD300 mi300 mi12/2022Volgende beurt bijVorige beurt bij0 mi600 mi1. Kilometerteller
INSTRUMENTEN35ToerentellerKENNISGEVINGLaat het motortoerental nooit hoger worden dan het maximumtoerental, omdat dit kan leiden tot ernstige motorschade.De toerenteller geeft het motortoe-rental weer in omwentelingen per minuut - omw/min. Aan het einde van het toerentellerbereik bevindt zich de rode zone. Toerentallen in het rode gebied liggen boven het aanbevolen maximumtoerental en ook boven het toerentalbereik waarbij de motor de beste prestaties levert.12:34PM15°C0NMPH0FERPM X1000891011123456712121. Motortoerental (tpm)2. Rode zoneBrandstofmeterDe brandstofmeter geeft de hoeveelheid brandstof in de tank aan van E (lege tank) tot F (volle tank).15°C12:34PM0NMPH0FERPM X100089101112345671211.
BrandstofmeterAls het contact is ingeschakeld, wordt de resterende brandstof in de brand-stoftank aangegeven door het aantal meetsegmenten dat vol wordt weerge-geven.Wanneer de brandstoftank vol is, worden alle meetsegmenten vol weer-gegeven. Wanneer de brandstoftank leeg is, worden alle meetsegmenten leeg weergegeven. Andere aanduidingen geven brandstofniveaus tussen vol en leeg weer.Na het tanken worden de gegevens van de brandstofmeter en de resterende actieradius pas bijgewerkt wanneer de motorfiets weer rijdt. Afhankelijk van de rijstijl kan het bijwerken tot vijf minuten duren. Zie voor meer informatie over de brandstofstatusinformatie pagina 59.
Als de motor warm wordt gestart, toont de meter het bijbehorende aantal verlichte blokjes, afhankelijk van de motortempe-ratuur.Het normale temperatuurbereik ligt tussen Laag en Hoog op de koelvloeio-stoftemperatuurmeter.Als de motor draait en de motorkoel-vloeistoftemperatuur gevaarlijk hoog wordt, gaat het waarschuwingslampje voor hoge koelvloeistoftemperatuur branden op de locatie van het waar-schuwingslampje en wordt er een waarschuwingsbericht weergegeven.KENNISGEVINGSchakel de motor direct uit indien het waarschuwingslampje hoge koelvloei-stoftemperatuur gaat branden.De motor niet opnieuw starten voordat de storing is verholpen.Indien de motor draait terwijl het waarschuwingslampje hoge koelvloei-stoftemperatuur brandt, kan ernstige motorschade ontstaan.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Triumph Tiger 900 GT (2025) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Motor Triumph
Handleiding Motor
Nieuwste handleidingen voor Motor