Triumph-Adler LP 4130 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Triumph-Adler LP 4130 (110 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 109 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Triumph-Adler LP 4130 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/110
Instructiehandleiding
LP 4130 | 4135
Monochrome Laserprinter

Beoordeel deze handleiding

4.3/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Triumph-Adler
Categorie: Printer
Model: LP 4130

Handleiding Triumph-Adler LP 4130 – volledige tekst

Deze gebruikershandleiding is bedoeld voor de modellen LP 4130 en LP 4135.Deze gebruikershandleiding is bedoeld om u te helpen met het correct bedienen van het apparaat, voor routineonderhoud en om zo nodig problemen eenvoudig op te lossen, zodat u het apparaat altijd in goede staat kunt gebruiken.Lees deze gebruikershandleiding voordat u het apparaat in gebruik neemt en bewaar de handleiding in de buurt van het apparaat, zodat deze direct beschikbaar is.We bevelen het gebruik van onze eigen merkonderdelen aan. We zijn niet aansprakelijk voor eventuele schade veroorzaakt door het gebruik van onderdelen van andere merken in dit apparaat. Opmerking Deze gebruikershandleiding bevat informatie voor zowel de inchversie als de metrische versie van dit apparaat.De inchversies van deze apparaten worden getoond in de schermen in deze handleiding.

Wanneer u de metrische versie gebruikt, gebruik dan de berichten voor de inchversie alleen als referentie. In de tekst worden de inchberichten alleen weergegeven als deze versies alleen qua hoofdlettergebruik verschillen. Als er zelfs maar een klein verschil in de melding is, wordt de informatie voor de inchversie vermeld, gevolgd door de corresponderende informatie voor de metrische versie tussen haakjes.

iInhoud1 Onderdelen van de machine. 1-1Onderdelen aan de voorkant van de printer. 1-2Onderdelen aan de achterkant van de printer. 1-3Bedieningspaneel. 1-4Lampjes. 1-5Toetsen. 1-62 Papier plaatsen. 2-1Algemene richtlijnen. 2-2Het juiste papier kiezen. 2-4Papiersoort. 2-10Het papier voorbereiden. 2-11Papier in een cassette plaatsen. 2-11Papier plaatsen in de multifunctionele cassette. 2-143 Aansluiten en afdrukken. 3-1Aansluitingen. 3-2Printerdriver installeren. 3-3Afdrukken. 3-9Status Monitor. 3-10Configuration Tool. 3-14Software verwijderen (Windows pc). 3-184 Onderhoud. 4-1Algemene informatie. 4-2Vervanging tonercontainer. 4-2Vervanging van het onderhoudspakket. 4-5De printer reinigen. 4-6Langdurig niet gebruiken en verplaatsen van de printer. 4-95 Problemen oplossen. 5-1Algemene richtlijnen. 5-2Problemen met de afdrukkwaliteit. 5-4Uitleg over de lampjes. 5-6Papierstoringen oplossen.

iiiWettelijke kennisgevingen en veiligheidsvoorschriftenLees deze informatie voordat u uw apparaat in gebruik neemt. Dit hoofdstuk voorziet in informatie over de volgende onderwerpen:Wettelijke kennisgeving ivLicentieovereenkomsten vVeiligheidsinformatie ixSymbolen xiiiVoorzorgsmaatregelen bij de installatie xivVoorzorgsmaatregelen voor gebruik xviOver de gebruikershandleiding xviiiConventies in deze handleiding xix

ivWettelijke kennisgevingKennisgeving met betrekking tot softwareDE SOFTWARE DIE MET DEZE PRINTER WORDT GEBRUIKT, MOET DE EMULATIEMODUS VAN DE PRINTER ONDERSTEUNEN. De printer is fabrieksmatig ingesteld op het emuleren van de PCL. De emulatiemodus kan gewijzigd worden. KennisgevingDe informatie in deze handleiding kan zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. In toekomstige edities kunnen extra pagina's worden ingevoegd. Wij vragen de gebruiker om begrip voor technische onnauwkeurigheden of schrijffouten in de huidige uitgave. Er wordt geen aansprakelijkheid aanvaard voor ongelukken die gebeuren terwijl de gebruiker de instructies in deze handleiding volgt. Wij aanvaarden geen verantwoordelijkheid voor fouten in de firmware van de printer (de inhoud van het ROM).

Deze handleiding en al het materiaal dat onder het auteursrecht valt en wordt verkocht of meegeleverd bij of in verband met de verkoop van de paginaprinter, zijn auteursrechtelijk beschermd. Alle rechten voorbehouden. Het kopiëren of op een andere manier reproduceren van de gehele handleiding of gedeelten van de handleiding, of een willekeurig onderwerp waarop auteursrecht van toepassing is, is verboden zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van UTAX GbmH. Elke kopie die van deze handleiding of een deel daarvan wordt gemaakt, en alles wat onder het auteursrecht valt, moet dezelfde copyright-vermelding bevatten als het materiaal dat wordt gekopieerd. Wat betreft handelsnamenPRESCRIBE is een gedeponeerd handelsmerk van Kyocera Corporation. KPDL is een handelsmerk van Kyocera Corporation. Hewlett-Packard, PCL en PJL zijn gedeponeerde handelsmerken van Hewlett-Packard Company.

Microsoft Windows Server is een handelsmerk van Microsoft Corporation. PowerPC is een handelsmerk van International Business Machines Corporation. CompactFlash is een handelsmerk van SanDisk Corporation. ENERGY STAR is een in de Verenigde Staten gedeponeerd handelsmerk. Alle overige merk- en productnamen zijn gedeponeerde handelsmerken of handelsmerken van de respectieve bedrijven. Dit product is ontwikkeld met behulp van het Tornado™ Real Time besturingssysteem en de hulpprogramma's van Wind River Systems. Dit product bevat UFST™ en MicroTypeR van Monotype Imaging Inc. VOORZICHTIG ER WORDT GEEN AANSPRAKELIJKHEID AANVAARD VOOR SCHADE DIE IS VEROORZAAKT DOOR ONJUISTE INSTALLATIE.

ixVeiligheidsinformatieLaserkennisgevingRadiofrequentiezenderDit apparaat bevat een zendermodule. De fabrikant (TA Triumph-Adler AG)verklaart dat deze apparatuur (paginaprinter), model LP 4130 en LP 4135 voldoet aan de van toepassing zijnde eisen en andere relevante bepalingen conform Directief 1999/5/EC.Radio Tag TechnologieIn sommige landen kan de radiotagtechnologie die in deze apparatuur gebruikt wordt om de tonercontainer te identificeren, onderworpen zijn aan autorisatie, en kan het gebruik van deze apparatuur dientengevolge beperkt zijn.GEVAAR KLASSE 3B ONZICHTBARE LASERSTRALING BIJ OPENEN. VERMIJD RECHTSTREEKSE BLOOTSTELLING AAN STRAAL.VOORZICHTIG Het gebruik van andere instellingen of aanpassingen of de uitvoering van andere procedures dan hierin vermeld, kan leiden tot gevaarlijke blootstelling aan straling.

xWaarschuwingsetikettenOp de printer bevindt zich een van de volgende etiketten.OzonconcentratieDe printers genereren ozongas (O3), dat zich op de plaats van installatie kan concentreren en een onplezierige geur kan veroorzaken. Wij raden u aan de printer niet op een afgesloten plek te zetten waar de ventilatie wordt geblokkeerd, om zo de concentratie van ozongas te minimaliseren tot minder dan 0,1 ppm.Laser in de printer(Laserstralingwaarschuwing)Laser in de printer(Laserstralingwaarschuwing) LP 4130 LP 4135

Um störende Reflexionen am Bildschirmarbeitsplatz zu vermeiden, darf dieses Produkt nicht im unmittelbaren Gesichtsfeld platziert werden.Bewijs van afstandTA Triumph-Adler AG is niet aansprakelijk tegenover klanten of een andere persoon of entiteit met betrekking tot verlies of schade direct of indirect veroorzaakt door of naar zeggen veroorzaakt door apparatuur die door ons is verkocht of geleverd, inclusief maar niet beperkt tot onderbroken service, omzetverlies of winstderving, of gevolgschade die het resultaat is van het gebruik of de bediening van de apparatuur of software.

xiiVeiligheidsinstructies met betrekking tot het ontkoppelen van de stroomVoorzichtig: De stekker is het belangrijkste isolatieapparaat! Andere schakelaars op het apparaat zijn slechts bedieningsschakelaars en zijn niet geschikt om het apparaat te isoleren van de voedingsbron.VORSICHT: Der Netzstecker ist die Hauptisoliervorrichtung! Die anderen Schalter auf dem Gerät sind nur Funktionsschalter und können nicht verwendet werden, um den Stromfluß im Gerät zu unterbrechen.EnergiebesparingfunctieDe printer is uitgerust met een slaaptimerfunctie waarbij de printer in een wachtstand blijft, waarin het stroomverbruik tot een minimum wordt beperkt als er geen printeraktiviteit is binnen een ingesteld tijdsbestek.SlaapstandDeze printer schakelt automatisch na ongeveer 15 minuten in de slaapstand, nadat de printer voor het laatst gebruikt is.

De tijdsduur die zonder aktiviteit voorbij moet gaan voordat de slaapstand geactiveerd wordt, kan verlengd worden.Dubbelzijdig afdrukkenDeze printer heeft dubbelzijdig printen als standaardfunctie. Bij bijvoorbeeld het afdrukken van twee originelen op een vel papier als dubbelzijdige afdruk, is het mogelijk om papierverbruik te verminderen. Hergebruikt papierDeze printer ondersteunt het gebruik van hergebruikt papier, wat de belasting op het milieu vermindert. Uw verkoop- of servicevertegenwoordiger kan u informatie verschaffen over aanbevolen papiersoorten.Energy Star (ENERGY STAR®) ProgrammaAls deelnemend bedrijf aan het International Energy Star-programma hebben wij vastgesteld dat dit product voldoet aan de richtlijnen van het International Energy Star-programma.

xiiiSymbolenDe delen van deze handleiding en onderdelen van het apparaat die zijn aangeduid met symbolen, bevatten veiligheidswaarschuwingen ter bescherming van de gebruiker, andere personen en voorwerpen in de buurt. Ze zijn ook bedoeld voor een correct en veilig gebruik van het apparaat. De symbolen met hun betekenis worden hieronder beschreven. De volgende symbolen geven aan dat het betreffende deel veiligheidswaarschuwingen bevat. Specifieke aandachtspunten worden binnen in het symbool aangegeven. De volgende symbolen geven aan dat het betreffende deel informatie bevat over niet-toegestane handelingen. Specifieke informatie over de niet-toegestane handeling staat binnenin het symbool. De volgende symbolen geven aan dat het betreffende deel informatie bevat over handelingen die moeten worden uitgevoerd. Specifieke informatie over de vereiste handeling staat binnenin het symbool.

Neem contact op met uw servicevertegenwoordiger om een vervangingsonderdeel te bestellen als de veiligheidswaarschuwingen in deze gebruikershandleiding onleesbaar zijn of als de handleiding zelf ontbreekt. (Tegen betaling)GEVAAR: Dit geeft aan dat wanneer u onvoldoende aandacht besteedt aan of u niet op de juiste wijze houdt aan de betreffende punten, dit zeer waarschijnlijk zal leiden tot ernstig letsel of zelfs de dood. WAARSCHUWING: Dit geeft aan dat wanneer u onvoldoende aandacht besteedt aan of u niet op de juiste wijze houdt aan de betreffende punten, dit zou kunnen leiden tot ernstig letsel of zelfs de dood. VOORZICHTIG: Dit geeft aan dat wanneer u onvoldoende aandacht besteedt aan of u niet op de juiste wijze houdt aan de betreffende punten, dit kan leiden tot lichamelijk letsel of mechanische beschadiging. [Algemene waarschuwing].

xivVoorzorgsmaatregelen bij de installatieOmgevingVoorzichtigPlaats het apparaat niet op of in plaatsen die niet stabiel of vlak zijn. Op dergelijke plaatsen kan het apparaat vallen. Dergelijke situaties leveren gevaar van lichamelijk letsel of beschadiging van de apparatuur op.Plaats het apparaat niet op vochtige of stoffige/vuile locaties. Reinig de stekker om gevaar van brand en elektrische schokken te voorkomen, wanneer er stof en vuil op de stekker zijn terechtgekomen.Plaats het apparaat niet in de buurt van radiatoren, kachels of andere warmtebronnen of in de buurt van ontvlambare voorwerpen, om gevaar van brand te voorkomen.Laat ruimte vrij, zoals hieronder wordt aangegeven, om het apparaat koel te houden en het vervangen van onderdelen en onderhoud te vergemakkelijken.

Laat met name rond de achterklep voldoende ruimte vrij, zodat de lucht de printer makkelijk kan verlaten.Overige voorzorgsmaatregelenOngunstige omgevingsomstandigheden kunnen van invloed zijn op de veilige werking en de prestaties van het apparaat. Installeer de printer in een ruimte met airconditioning (aanbevolen kamertemperatuur: circa 23°C, luchtvochtigheid: circa 60% RH), en vermijd de volgende locaties wanneer u een plaats voor het apparaat kiest.•Vermijd plaatsen bij een venster of direct in het zonlicht.•Vermijd plaatsen met trillingen. •Vermijd plaatsen met sterke temperatuurschommelingen. •Vermijd plaatsen met directe blootstelling aan warme of koude lucht.•Vermijd slecht geventileerde locaties.11-13/16"(300mm)7-7/8"(200mm)11-13/16"(300mm)19-11/16"(500mm)7-7/8"(200mm)

xvTijdens het afdrukken komt er een kleine hoeveelheid ozon vrij, maar dit heeft geen nadelige gevolgen voor de gezondheid. Als de printer echter langere tijd in een slecht geventileerde ruimte wordt gebruikt of wanneer er een zeer groot aantal kopieën wordt gemaakt, kan de geur onaangenaam worden. Een juiste omgeving voor afdrukwerk moet goed geventileerd zijn.Stroomtoevoer/aarding van het apparaatWaarschuwingGebruik geen stroomtoevoer met een ander voltage dan aangegeven. Sluit niet meerdere apparaten op één stopcontact aan. Dergelijke situaties leveren gevaar van brand of elektrische schokken op.Steek de stekker stevig in het stopcontact.

Als metalen voorwerpen in contact komen met de pinnen van de stekker, kan dit brand of elektrische schokken veroorzaken.Sluit het apparaat altijd aan op een geaard stopcontact, om het gevaar van brand of elektrische schokken bij kortsluiting te voorkomen. Neem contact op met uw onderhoudstechnicus als een geaarde aansluiting niet mogelijk is.Overige voorzorgsmaatregelenSluit de stekker aan op het dichtstbijzijnde stopcontact.Het netsnoer is het belangrijkste middel om de stroomtoevoer af te sluiten. Zorg ervoor dat het stopcontact zich bevindt/is geïnstalleerd in de buurt van de apparatuur en goed toegankelijk is.Gebruik van plastic zakkenWaarschuwingHoud de plastic zakken die bij het apparaat worden gebruikt uit de buurt van kinderen. Het plastic kan aan neus en mond vast blijven zitten en verstikking veroorzaken.

xviVoorzorgsmaatregelen voor gebruikWaarschuwingen bij het gebruik van het apparaatWaarschuwingPlaats geen metalen voorwerpen of voorwerpen die water bevatten (vazen, bloempotten, kopjes, enz. ) op of in de buurt van het apparaat. Dit vormt een risico voor brand of elektrische schokken, mocht het water in het apparaat terechtkomen. Verwijder geen van de panelen van het apparaat, omdat er dan kans bestaat op elektrische schokken als gevolg van de hoge spanning binnen in het apparaat. Zorg dat het netsnoer niet beschadigd raakt of breekt en probeer het niet te repareren. Plaats geen zware voorwerpen op het snoer, trek er niet aan, buig het niet onnodig en veroorzaak geen andere schade. Dergelijke situaties leveren gevaar van brand of elektrische schokken op.

Probeer nooit het apparaat of onderdelen ervan te repareren of te demonteren, omdat er dan gevaar van brand, elektrische schokken of schade aan de laser bestaat. Als de laserstraal buiten het apparaat komt, kan deze blindheid veroorzaken. Als het apparaat uitzonderlijk heet wordt, als er rook uit het apparaat komt, als er een vreemde geur ontsnapt, of als er zich een andere ongewone situatie voordoet, bestaat er gevaar van brand of een elektrische schok. Zet de hoofdstroomschakelaar onmiddellijk uit ({), zorg ervoor dat u de stekker uit het stopcontact haalt en neem contact op met uw servicevertegenwoordiger. Als er schadelijke zaken (paperclips, water, andere vloeistoffen, enz. ) in het apparaat terechtkomen, moet u onmiddellijk de hoofdstroomschakelaar uitzetten{. Vervolgens moet u direct de stekker uit het stopcontact halen, om gevaar van brand of elektrische schokken te voorkomen.

Neem hierna contact op met uw servicevertegenwoordiger. Zorg dat u een stekker niet met natte handen in het stopcontact steekt of eruit haalt, omdat er dan gevaar van electrische schokken bestaat. Neem altijd contact op met uw onderhoudstechnicus voor onderhoud of reparatie van interne onderdelen.

VoorzichtigTrek niet aan het netsnoer wanneer u dit uit het stopcontact haalt. Als u aan het netsnoer trekt, kunnen de draden breken en bestaat er gevaar van brand of elektrische schokken. (Pak altijd de stekker vast wanneer u het netsnoer wilt loskoppelen van het stopcontact. )Haal altijd de stekker uit het stopcontact wanneer u het apparaat verplaatst. Als het netsnoer beschadigd raakt, bestaat er gevaar van brand of elektrische schokken.

xviiAls het apparaat korte tijd (bijvoorbeeld 's nachts) niet wordt gebruikt, moet u de stroomschakelaar uitzetten (O). Als het apparaat langere tijd niet wordt gebruikt (tijdens vakanties, enz. ), haalt u voor de veiligheid de stekker uit het stopcontact. Houd bij het optillen of verplaatsen het apparaat altijd alleen vast op de daarvoor bestemde plaatsen. Verwijder om veiligheidsredenen de stekker altijd uit het stopcontact bij het reinigen van het apparaat. Als zich in het apparaat stof ophoopt, bestaat er gevaar van brand of andere problemen. Het wordt daarom aanbevolen uw onderhoudstechnicus te raadplegen met betrekking tot het reinigen van interne onderdelen. Dit is met name effectief als u dit laat doen voorafgaande aan een periode van hoge luchtvochtigheid. Raadpleeg uw servicevertegenwoordiger over de kosten voor het reinigen van de interne onderdelen in het apparaat.

Overige voorzorgsmaatregelenPlaats geen zware voorwerpen op het apparaat en zorg dat het apparaat niet beschadigd raakt. Open tijdens het afdrukken de bovenste voorklep niet, schakel de AAN/UIT-schakelaar niet uit en trek de stekker niet uit het stopcontact. Neem contact op met de onderhoudstechnicus wanneer u het apparaat wilt optillen of verplaatsen. Raak geen elektrische onderdelen, zoals connectoren of printplaten aan. Deze kunnen beschadigd raken door statische elektriciteit. Probeer geen handelingen te verrichten die niet in deze handleiding zijn beschreven. Gebruik beschermde interfacekabels. VoorzichtigHet gebruik van andere instellingen of aanpassingen of de uitvoering van andere procedures dan hierin vermeld, kan leiden tot gevaarlijke blootstelling aan straling. Waarschuwingen voor de omgang met verbruiksartikelenVoorzichtigDe tonercontainer mag niet worden verbrand.

Als er onverhoopt toner uit de tonercontainer wordt gemorst, moet u inademing of inname daarvan voorkomen, evenals contact met ogen en de huid. •Als u onverhoeds toner inademt, gaat u naar een plaats met frisse lucht en gorgelt u met veel water. Neem bij opkomende hoest contact op met een arts. •Als u toner binnenkrijgt, spoelt u uw mond met water en drinkt u 1 of 2 glazen water om de inhoud van uw maag te verdunnen. Neem indien nodig contact op met een arts. •Als u toner in uw ogen krijgt, spoelt u ze grondig met water. Als de ogen gevoelig blijven, neemt u contact op met een arts. •Als u toner op de huid krijgt, wast u deze met water en zeep.

xviiiDe tonercontainer mag niet open worden gebroken of worden vernietigd.Overige voorzorgsmaatregelenGooi de tonercontainer na gebruik altijd overeenkomstig de plaatselijke milieuwetgeving weg.Bewaar alle verbruiksartikelen in een koele, donkere ruimte.Als het apparaat langere tijd niet wordt gebruikt, verwijdert u het papier uit de cassette, legt u dit terug in de oorspronkelijke verpakking en verzegelt u deze weer.Over de gebruikershandleidingDeze gebruikershandleiding bestaat uit de volgende hoofdstukken:1 Onderdelen van het apparaatIn dit hoofdstuk worden de namen van de onderdelen toegelicht.2 Papier plaatsenIn dit hoofdstuk worden papierspecificaties voor deze printer uitgelegd en hoe het papier in de cassette of multifunctionele cassette geplaatst moet worden.3 AfdrukkenIn dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe u de printerdriver moet installeren, hoe u moet printen vanaf uw PC, en hoe u de software op de CD-ROM moet gebruiken.

4 OnderhoudIn dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe de tonercontainer wordt vervangen en hoe u de printer onderhoudt.5 Problemen oplossenIn dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe u eventueel optredende printerproblemen, zoals papierstoringen, oplost.6OptiesIn dit hoofdstuk wordt een beschrijving gegeven van de beschikbare opties voor deze printer.7 SpecificatiesDit hoofdstuk bevat de specificaties van deze printer.

xixConventies in deze handleidingIn deze handleiding worden de volgende conventies gebruikt.Conventie Beschrijving VoorbeeldCursief lettertypeWordt gebruikt om een sleutelwoord, een woordgroep of verwijzing naar aanvullende informatie te benadrukken.Raadpleeg Configuration Tool op pagina 3-9.Vet Wordt gebruikt om softwareknoppen aan te duidenKlik op OK om te beginnen met afdrukken.Vet tussen haakjesWordt gebruikt om toetsen op het bedieningspaneel aan te duiden.Afdrukken wordt hervat als op [GO] wordt ingedrukt.Opmerking Wordt gebruikt om aanvullende, nuttige informatie over een functie of toepassing te geven.Opmerking Haal de tonercontainer pas uit de doos als u klaar bent om de container in de printer te plaatsen.Belangrijk Wordt gebruikt om belangrijke informatie te verstrekken.

BELANGRIJK Zorg ervoor dat u de transferrol (zwart) niet aanraakt tijdens het reinigen.Voorzichtig Met deze waarschuwingen wordt aangegeven dat er als gevolg van een actie mechanische beschadiging kan optreden.VOORZICHTIG Trek niet te hard aan het papier, anders scheurt het. Gescheurde stukjes papier zijn lastig te verwijderen en kunnen gemakkelijk over het hoofd worden gezien, waardoor de storing niet kan worden opgelost..Waarschuwing Wordt gebruikt om gebruikers te wijzen op het gevaar van lichamelijk letsel.WAARSCHUWING Als u de printer wilt verzenden, verwijdert u de ontwikkelaar en drumeenheid, verpakt u deze in een plastic zak, en verzendt u deze apart van de printer.

Onderdelen van de machine 1-5LampjesEr bevinden zich zes lampjes op de rechterbovenkant van de printer. De lampjes worden gebruikt om de status van de printer op een bepaald moment te identificeren. Bekijk hiervoor de lampjes op de printer en raadpleeg de onderstaande tabel.Lampje Status BetekenisReady (Groen) Aan Geeft de status On-Line aan (afdrukken is mogelijk).Knippert snel Status Offline. U kunt niet afdrukken, maar de printer kan wel data ontvangen.

Knippert langzaam De printer staat in de slaapstand.Uit Het afdrukken is stopgezet, omdat er een fout is opgetreden.Data (Groen) Aan De printer is bezig met het verwerken van data of vraagt het geheugen op.Knippert snel De printer is bezig met het ontvangen van data.Uit De printer is niet bezig met het verwerken van data.Jam (oranje) Aan Er is een papierstoring of de cassette is niet goed geplaatst.Uit De printerstatus is normaal.Paper (Oranje) Aan Het papier is op tijdens afdrukken.Knippert snel Er zit geen papier in de aangegeven cassette of in de papierinvoer in de Ready status.

De papiercassette is niet goed geplaatst.Uit De printerstatus is normaal.Attention (Oranje) Aan Er is een fout opgetreden, omdat de bovenste printerklep open staat.Wanneer een optionele papierinvoer (PF-100) is geinstalleerd en de invoer is geselecteerd als papierbron, is de papiercassette van de hoofdeenheid (CASS1) niet juist geinstalleerd.Knippert snel Een andere waarschuwingsstatus dan Jam, Toner, Paper, en Attention.Uit De printerstatus is normaal.Toner (Oranje) Aan De printer is gestopt, omdat de toner op is.Knippert snel De toner is bijna op.Uit De printerstatus is normaal.Opmerking Bel voor andere combinaties van de zes lampjes de serviceafdeling. Status Monitor (software geleverd met de KX Driver) biedt meer detailinformatie over de printerstatus.

Papier plaatsen 2-12 Papier plaatsenIn dit hoofdstuk worden papierspecificaties voor deze printer uitgelegd en hoe het papier in de cassette of multifunctionele cassette geplaatst moet worden..Algemene richtlijnen 2-2Het juiste papier kiezen 2-4Papiersoort 2-10Het papier voorbereiden 2-11Papier in een cassette plaatsen 2-11Papier plaatsen in de multifunctionele cassette 2-14

2-2 Papier plaatsenAlgemene richtlijnenDit apparaat is ontwikkeld om op standaard kopieerpapier af te drukken, maar het accepteert ook een reeks andere papiersoorten binnen de hieronder gespecificeerde limieten. De juiste papierkeuze is belangrijk. Gebruik van verkeerd papier kan leiden tot papierstoringen, omkrullen, slechte afdrukkwaliteit, en in uitzonderlijke gevallen kan het het apparaat beschadigen. Onderstaande richtlijnen zullen de produktiviteit van uw kantoor vergroten door het garanderen van efficiënt, probleemloos afdrukken en het voorkomen van slijtage van het apparaat. Geschiktheid papierDe meeste papiersoorten zijn geschikt voor verschillende soorten apparaten. Papier bedoeld voor xerografische kopieermachines, kan ook voor dit apparaat gebruikt worden. Er zijn drie algemene papierkwaliteiten: goedkoop, standaard en extra.

Het belangrijkste kwaliteitsverschil is het gemak waarmee het door het apparaat gaat. Dit wordt beinvloed door de gladheid, het formaat en de vochtinhoud van het papier, en de manier waarop het papier gesneden is. Hoe hoger de kwaliteit van het papier dat u gebruikt, des te minder risico er is op papierstoringen en andere problemen, en des te hoger zal de kwaliteit van uw afdrukken zijn. De verschillen tussen papier van verschillende leveranciers kunnen ook effect hebben op de werking van het apparaat. Een hoge-kwaliteitsprinter kan geen resultaten van hoge kwaliteit leveren als het verkeerde papier wordt gebruikt. Goedkoop papier is op de lange duur niet voordelig als het afdrukproblemen veroorzaakt. Iedere papierkwaliteit is in een reeks van standaard gewichten (later gedefinieerd) beschikbaar. De traditionele standaard gewichten zijn 60 tot 120 g/m2 (16 to 31. 9b).

Details worden op de volgende pagina's weergegeven:Opmerking De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor problemen die ontstaan door het gebruik van papier dat niet aan deze eisen voldoet. Item SpecificatiesGewicht Cassette: 60 to 120 g/m² (16 tot 31. 9 lb/riem)Multifunctionele cassette: 60 tot 220 g/m² (16 tot 58. 5 lb/riem)Dikte 0. 086 tot 0. 110mm (3. 4 tot 4. 3 mils)Nauwkeurigheid afmetingen±0. 7 mm (±0. 0276 inches)Vierkantheid hoeken90±0. 2°Vochtinhoud 4 tot 6%Vezelrichting Lange vezelPulpinhoud 80% of meer.

Papier plaatsen 2-3Minimum en Maximum PapierformatenDe minimum en maximum papierformaten zijn als volgt. De multifunctionele cassette moet worden gebruikt voor papier dat smaller is dan JIS B, kartonkaarten en enveloppen.105mm (4-1/8 inches)216mm (8-1/2 inches)356mm (14 inches)Minimum papierformaatMaximum papierformaatPapiercassette70mm(2-3/4 inches)148mm (5-13/16 inches)Minimum papier-formaatMaximum papierformaatMultifunctionele cassette216mm (8-1/2 inches)148mm (5-13/16 inches)356mm (14 inches)Opmerking Het minimum papierformaat voor de optionele papierinvoer (PF-100) is 148 x 210 mm (5-13/16 x 8-5/16 inches).

2-4 Papier plaatsenHet juiste papier kiezenDeze paragraaf geeft de richtlijnen weer voor de papierkeuze. VoorwaardeVermijd het gebruik van papier dat aan de randen gevouwen, gekruld, vies, gescheurd, gegaufreerd of vervuild door pluisjes, zand of papiersnippers. Gebruik van dit soort papier kan leiden tot onleesbare afdrukken en papierstoringen en het kan de levensduur van het apparaat verkorten. Vermijd vooral het gebruik van papier met een deklaag of een andere oppervlaktebehandeling. Het papier moet een zo zacht en vlak mogelijk oppervlak hebben. SamenstellingGebruik geen papier met een laagje of oppervlakbehandeling en dat plastic of carbon bevat. Het warmteproces kan er voor zorgen dat het papier schadelijke dampen afgeeft. Bankpostpapier moet tenminste 80% pulp bevatten. Niet meer dan 20% van de totale papierinhoud mag uit katoen of andere vezels bestaan.

Multifunctionele cassette:Envelop Monarch, Envelop #10, Envelop #9, Envelop #6, Envelop C5, Envelop DL, Legal, Letter, Statement, Oficio II, Executive, ISO A4, ISO A5, ISO A6, Folio, ISO B5, JIS B5, JIS B6, Hagaki, Ofuku-Hagaki, Youkei 2, Youkei 4, 16 kai, Custom (70 × 148 tot 216 × 356mm (2-13/16 × 5-13/16 tot 8-1/2 × 14 inches))Cassette:Legal, Letter, Statement, Oficio II, Executive, ISO A4, ISO A5, A6 (alleen voor de papiercassette van het apparaat), Folio, ISO B5, JIS B5, Envelop C5, 16 kai, Custom (Papiercassette: 105 × 148 tot 216 × 356mm (4-1/8 × 5-13/16 to 8-1/2 × 14 inches), Papierinvoer: 148 × 210 tot 216 × 356mm (5-13/16 × 8-5/16 tot 8-1/2 × 14 inches))GladheidHet papier moet een glad, onbewerkt oppervlak hebben. Papier met een ruw en korrelig oppervlak, kan witte plekken in de afdrukken veroorzaken. Papier dat te glad is kan dubbele papierinvoer en wazigheid veroorzaken.

(Wazig worden geeft een grijs achtergrond-effect. )Opmerking Wanneer de lengte van gewoon papier langer is dan 297mm (11-11/16 inches), kan de printer ingesteld worden met ISO A4, Officio II, Folio, en Legal als standaard papierformaat. Opmerking Wanneer de lengte van gewoon papier langer is dan 297mm (11-11/16 inches), kan de printer ingesteld worden met ISO A4, Officio II, Folio, en Legal als standaard papierformaat.

Papier plaatsen 2-5Basis gewichtHet basisgewicht is het gewicht uitgedrukt in gram per vierkante meter (g/m²). Papier dat te zwaar of te licht is kan leiden tot invoerproblemen of papierstoringen en ook tot vroegtijdige slijtage van het product. Ongelijk papiergewicht, met name ongelijke papierdikte, kan leiden tot dubbele papierinvoer of problemen met de afdrukkwaliteit, zoals troebelheid door slechte tonerverdeling.Het aanbevolen basisgewicht is tussen 60 en 120g/m² (16 to 31.9 lib/riem) voor de cassette en tussen 60 en 220g/m² (16 to 59 lib/riem) voor de multifunctionele cassette.Equivalentietabel PapiergewichtHet papiergewicht wordt weergegeven in ponden (lb) en metrische grammen per vierkante meter (g/m²). Het gearceerde gedeelte geeft het standaard gewicht aan.DikteHet papier dat voor het apparaat gebruikt wordt moet niet te dun maar ook niet te dik zijn.

Als u last heeft van papierstoringen, dubbele papierinvoer en vage afdrukken, kan het papier dat u gebruikt te dun zijn. Als u last heeft van papierstoringen en troebelige afdrukken, kan het papier dat u gebruikt te dik zijn. De juiste dikte is 0.086 tot 0.110mm (3.4 tot 4.3 mils).VochtinhoudDe vochtinhoud wordt weergegeven als percentage verhouding van vocht ten op zichte van de droge massa van het papier. Vocht kan het uiterlijk, de invoermogelijkheid, het krullen, de electrostatische eigenschappen en de karakteristieken van de tonerverdeling beinvloeden.U. S. Bankpost Gewicht (lb) Europees Metrisch Gewicht (g/m²)16 6017 6420 7521 8022 8124 9027 10028 10532 12034 12836 13539 14842 15743 16347 17653 199

2-6 Papier plaatsenDe vochtinhoud van het papier schommelt onder invloed van de relatieve vochtigheid in de kamer. Wanneer de relatieve vochtigheid hoog is en het papier neemt vocht op, zetten de randen van het papier uit en gaat er golverig uitzien. Wanneer de relatieve vochtigheid laag is en het papier vocht verliest, krimpen de randen en spannen samen waar het afdrukcontrast onder lijdt. Golvende of gespannen randjes kunnen storingen en onregelmatige groepering tot gevolg hebben. De vochtinhoud van het papier moet 4 tot 6% zijn. Om de juiste vochtinhoud te garanderen, is het belangrijk om het papier in een gereguleerde omgeving op te slaan. Een paar tips voor vochtregulering zijn:•Bewaar papier in een koele, droge ruimte. •Bewaar het papier zo lang mogelijk in de verpakking. Pak het papier dat niet gebruikt wordt opnieuw in. •Bewaar papier in de originele doos. Zet een palet etc.

onder de doos zodat deze niet direct op de vloer staat. •Laat het papier nadat u het uit de opslag heeft gehaald, 48 uur voor gebruik in dezelfde kamer als het apparaat staan. •Voorkom dat het papier wordt blootgesteld aan warmte, zonlicht of vochtige lucht. PapiervezelWanneer papier gemaakt wordt, wordt het in vellen gesneden met de vezel parallel aan de lengte (lange vezel) of parallel aan de breedte (korte vezel). Papier met korte vezel kan invoerproblemen in het apparaat veroorzaken. Al het papier dat voor het apparaat gebruikt wordt moet lange vezel zijn. Andere papiereigenschappenPoreusheid: geeft de dichtheid van papiervezel weer. Stijfheid: Slap papier kan omkrullen in het apparaat, wat tot papierstoringen kan leiden. Omkrullen: Het meeste papier heeft de neiging naar een kant om te krullen als het niet meer in de verpakking zit.

Wanneer het papier door de verwerkingseenheid gaat, krult het een beetje naar boven. Om platte afdrukken te maken, plaatst u het papier zo dat de opwaartse druk van het apparaat de kromming kan corrigeren.

Electrostatische ontlading: Tijdens het afdrukproces wordt het papier electrostatisch geladen om de toner aan te trekken. Het papier moet deze lading wel weer kunnen laten gaan zodat de afdrukken niet aan elkaar plakken in de Opvangbak. Witheid: Het contrast van de afgedrukte pagina hangt af van de witheid van het papier. Witter papier zorgt voor een scherper en helderder beeld. Kwaliteitscontrole: Ongelijk papierformaat, hoeken die niet recht zijn, afgescheurde kantjes, gewelde (ongesneden) vellen, en verfrommelde kantjes en hoeken kunnen er toe leiden dat het apparaat op verschillende manieren slecht functioneert. Een leverancier van kwaliteitspapier moet goede voorzorgsmaatregelen nemen om te garanderen dat deze problemen niet voorkomen. Verpakking: Papier moet in stevig karton verpakt zijn om het tegen beschadiging tijdens het transport te beschermen.

Papier plaatsen 2-7Speciaal papierDe volgende soorten speciaal papier kunnen worden gebruikt:•Dun papier (60 tot 64 g/m²)•Dik papier (90 tot 220 g/m²)•Gekleurd papier•Hergebruikt papier•Transparanten voor overheadprojector•Karton•Gelaagd papier•Enveloppen•EtikettenGebruik papier dat speciaal verkocht wordt voor gebruik in kopieermachines en printers (type warmtefusie). Voer bij het gebruik van transparanten, etiketten, enveloppen, karton, gelaagd of dik papier, het papier in vanuit de multifunctionele cassette. Aangezien de samenstelling en kwaliteit van speciaal papier aanmerkelijk kan verschillen, is het waarschijnlijker dat speciaal papier eerder problemen geeft tijdens het afdrukken dan wit bankpostpapier. Er wordt geen aansprakelijkheid aanvaard als vocht enzovoort vrijgekomen tijdens afdrukken op speciaal papier, schade aanricht aan het apparaat of de besturing.

TransparantDeze printer kan monochrome afdrukken maken op transparanten. Transparanten moeten worden ingevoerd in de multifunctionele cassette. Er kan een transparant per keer ingevoerd worden. Transparanten moeten bestand zijn tegen de warmteafgifte tijdens het afdrukproces. Transparanten moeten in de Multifunctionele cassette geplaatst worden, met de lange zijde naar de printer toe. EtikettenEtiketten moeten worden ingevoerd in de Multifunctionele cassette. Er kan een etiket per keer ingevoerd worden. De basis regel voor afdrukken op zelfklevende etiketten is dat de plakkant nooit in aanraking mag komen met enig onderdeel van het apparaat. Papier dat aan de drum of rollers blijft plakken zal het apparaat beschadigen. Etiketpapier heeft een structuur dat bestaat uit drie lagen, zoals te zien is in het diagram. Op het bovenste vel wordt afgedrukt.

2-8 Papier plaatsendrukgevoelige kleefstoffen. Het draagvel (ook wel de lineair of steunvel genoemd) houdt de etiketten vast tot ze gebruikt worden. Door de complexe samenstelling is het aannemelijk dat vooral zelfklevende etiketten afdrukproblemen veroorzaken. Zelfklevend etiketpapier moet geheel bedekt zijn door het bovenste vel, zonder ruimte tussen de afzonderlijke etiketten. Etiketten met tussenruimtes zijn geneigd los te raken en kunnen ernstige papierstoringen veroorzaken. Sommig etiketpapier wordt gemaakt met een extra marge van het bovenste vel rondom de rand. Verwijder het extra bovenste vel niet van het draagvel totdat het afdrukken voltooid is. Onderstaande tabel laat de specificaties zien voor zelfklevend etiketpapier. BriefkaartsEr kunnen tot maximaal 10 briefkaarten per keer ingevoerd worden.

Waaier de briefkaarten en leg de randen op elkaar alvorens ze in de multifunctionele cassette te plaatsen. Wees er zeker van dat de briefkaarten die u gaat plaatsen niet omgekruld zijn. Invoer van gekrulde briefkaarten kan papierstoringen opleveren. Sommige briefkaarten hebben ruwe randen aan de achterkant (deze ontstaan wanneer het papier wordt gesneden). Leg in dat geval de briefkaarten op een vlakke ondergrond en wrijf met bijvoorbeeld een lineaal over de randjes om deze glad te strijken. EnveloppenEr kunnen tot maximaal 5 enveloppen per keer ingevoerd worden. Enveloppen moeten met de beeldzijde omhoog ingevoerd worden, rechterrand eerst. Aangezien de samenstelling van een enveloppe gecompliceerder is dan dat van normaal papier, is het niet altijd mogelijk om constante afdrukkwaliteit te garanderen op het gehele oppervlak van de envelop.

Normaal gesproken hebben enveloppen een diagonale vezelrichting. Raadpleeg Papiervezel op pagina 2-6. Deze richting kan gemakkelijk kreukels en vouwen veroorzaken wanneer de enveloppen door de printer gaan. Maak een proefafdruk voordat u enveloppen koopt, om te kijken of de printer de envelop accepteert.

Papier plaatsen 2-9•Gebruik geen enveloppen met ingekapselde vloeibare kleefstof. •Vermijd lange afdruksessies voor alleen enveloppen. Langdurig afdrukken op enveloppen kan voortijdige slijtage aan de printer veroorzaken. •Als er storing optreedt, probeer dan minder enveloppen in de multifunctionele cassette te plaatsen. •Laat niet meer dan 10 afgedrukte enveloppen in de opvangbak liggen, om storingen veroorzaakt door gekrulde enveloppen te voorkomen. Dik papierWaaier de stapel papier los en leg de randen op elkaar alvorens deze in de multifunctionele cassette te plaatsen. Sommige papiersoorten hebben ruwe randen aan de achterkant (deze ontstaan wanneer het papier wordt gesneden). Leg in dat geval het papier op een vlakke ondergrond en wrijf met bijvoorbeeld een lineaal een of twee keer over de randjes om deze glad te strijken. Invoer van ruwgerand papier kan papierstoringen veroorzaken.

Gekleurd papierGekleurd papier moet aan dezelfde voorwaarden voldoen als wit bankpostpapier. Raadpleeg Papierspecificaties op pagina 2-2. Bovendien moeten de pigmenten die in het papier gebruikt zijn, bestand zijn tegen de warmteafgifte tijdens het afdrukproces (tot 200°C of 392°F). Voorgedrukt papierVoorgedrukt papier moet aan dezelfde voorwaarden voldoen als wit bankpostpapier. Raadpleeg Papierspecificaties op pagina 2-2. De voorgedrukte inkt moet bestand zijn tegen het warmteafgifte tijdens het afdrukproces, en mag niet behandeld zijn met siliconenolie. Gebruik geen papier met een oppervlaktebehandeling, zoals het papier dat doorgaans voor kalenders gebruikt wordt. Hergebruikt papierKies hergebruikt papier dat voldoet aan dezelfde voorwaarden als het witte bankpostpapier, behalve de witheid. Raadpleeg Papierspecificaties op pagina 2-2.

Opmerking Als het papier vastloopt zelfs nadat u het heeft glad gestreken, plaats dan het papier in de multifunctionele cassette met de hoofdrand een paar milimeter omhoog, zoals te zien is in het voorbeeld.

De volgende papiersoorten kunnen worden gebruikt: PapiersoortPapierbronMultifunctio-nele cassette Papier-cassetteDuplex pad(Multifunctionele cassette alleen beschikbaar in de Cassette modus)Normaal Ja Ja JaTransparant Ja Nee NeeVoorgedrukt Ja Ja JaEtiketten Ja Nee NeeBankpost Ja Ja JaHergebruikt Ja Ja JaVelijnpapier Ja Nee NeeRuw Ja Ja JaBriefhoofd Ja Ja NeeKleur Ja Ja JaVoorgeponst Ja Ja JaEnvelop Ja Nee NeeKarton Ja Nee NeeDik Ja Nee NeeHoge kwaliteit Ja Ja JaCustom 1 (tot 8)*Ja Ja JaJa: Kan opgeslagen worden Nee: Kan niet opgeslagen worden*. Dit is een papiersoort die gedefinieerd en geregistreerd is door de gebruiker. Er kunnen maximaal acht soorten gebruikersinstellingen gedefinieerd worden. De gebruiker kan ook het duplexpad in- of uitschakelen tijdens het gebruik van Custom. Raadpleeg voor meer informatie Status Monitor op pagina 3-10.

Papier plaatsen 2-11Het papier voorbereidenWanneer u het papier uit de verpakking hebt gehaald, waaiert u de vellen los voordat u het papier plaatst.Als u papier gebruikt dat gevouwen of gekruld is, strijkt u dit recht voordat u het plaatst. Als u dit niet doet, kan dit leiden tot een papierstoring.Papier in een cassette plaatsen250 vellen van 11 × 8 1/2" of A4 papier (80 g/m²) kunnen in de cassette geplaatst worden. 1Trek de cassette helemaal uit de printer.2Druk de onderste plaat naar beneden tot deze vastklikt.BELANGRIJK Zorg ervoor dat nietjes en paperclips verwijderd zijn.BELANGRIJK De cassette ondersteunen wanneer u deze uit de printer trekt, zodat deze niet uit de printer valt.

2-12 Papier plaatsen3Stel de breedtegeleiders in op de linker- en rechterkant van de papiercassette. Druk op de ontgrendelingsknop van de linkergeleider en schuif de geleiders naar het gewenste papierformaat.4Pas de papierlengtegeleider aan op het gewenste papierformaat.Als u papier gebruikt dat langer is dan A4, trekt u de extensionele papiercassette uit door te drukken op de ontgrendelingshendel een voor een, pas het aan aan het gewenste papierformaat. 5Plaats het papier in de cassette. Zorg ervoor dat de zijde die moet worden bedrukt, omlaag wijst en dat het papier niet gevouwen, gekruld of beschadigd is. Opmerking De papierformaten staan op de cassette vermeld.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Triumph-Adler LP 4130 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden