TFA Spring Breeze 35.1140 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van TFA Spring Breeze 35.1140 (36 pagina’s), behorend tot de categorie Weerstation. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 39 mensen. Heb je een vraag over TFA Spring Breeze 35.1140 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | TFA |
| Categorie: | Weerstation |
| Model: | Spring Breeze 35.1140 |
Handleiding TFA Spring Breeze 35.1140 – volledige tekst
Il testo completo della dichiarazione di conformitàUE è disponibile al seguente indirizzo Internet: www. tfa-dostmann. deE-Mail: info@tfa-dostmann. deTFA Dostmann GmbH & Co. KG, Zum Ottersberg 12, D-97877 Wertheim, GermaniaDeze gebruiksaanwijzing of gedeelten eruit mogen alleen met toestemming van TFA Dost-mann worden gepubliceerd. De technische gegevens van dit apparaat zijn actueel bij hetter perse gaan en kunnen zonder voorafgaande informatie worden gewijzigd. De nieuwste technische gegevens en informatie over uw product kunt u vinden door hetinvoeren van het artikelnummer op onze homepage. EU-conformiteitsverklaringHierbij verklaar ik, TFA Dostmann, dat het type radioapparatuur 35. 1140 conform is metRichtlijn 2014/53/EU. De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring kan wordengeraadpleegd op het volgende internetadres:www. tfa-dostmann. deE-Mail: info@tfa-dostmann.
4948SPRING BREEZE - Stazione meteorologica radiocontrollata a coloriSPRING BREEZE - Kleur radiografisch weerstationHartelijk dank dat u voor dit apparaat van de firma TFA hebt gekozen. 1. Voordat u met het apparaat gaat werken• Leest u a. u. b. de gebruiksaanwijzing aandachtig door. Zo raakt u vertrouwd met uw nieuw apparaat en leert u alle functies en onderdelen kennen, komt u belangrijke details te weten met het oog op hetin bedrijf stellen van het apparaat en de omgang ermee en krijgt u tips voor het geval van een storing. • Door rekening te houden met wat er in de handleiding staat, vermijdt u ook beschadigingen van het product en riskeert u niet dat uw wette-lijke rechten door verkeerd gebruik niet meer gelden. • Voor schade die wordt veroorzaakt doordat u geen rekening houdt met de handleiding aanvaarden wij geen aansprakelijkheid.
Hoe u uw nieuw apparaat kunt gebruiken en alle voordelen ervan in één oogopslag• Buitentemperatuur, buitenluchtvochtigheid en windsnelheid door een draadloze buitenzender (433 MHz), zendbereik van maximaal 80 meter (vrij-veld)• Binnentemperatuur en luchtvochtigheid• Tendens, maximum- en minimumwaarden• Temperatuuralarm, luchtvochtigheidalarm en windalarm• Weersverwachting met symbolen en luchtdruktendens• Grafische afbeelding van de windsnelheid• Maximale windsnelheid met geheugen (het laatste uur, de laatste 24 uren, 7 dagen, 30 dagen en het laatste jaar)• Gevoelstemperatuur en dauwpunt • Zendergestuurde klok met datum en weekdagen (6 talen)• Kleurendisplay met twee lichtsterktes (in een permanente bedrijvigheid met netaansluiting)• Optioneel: uitbreidbaar met 2 temperatuur/vochtigheid zenders (in de handel verkrijgbaar)4.
Voor uw veiligheid• Het product is uitsluitend geschikt voor de hierboven beschreven doeleinden. Gebruik het product niet anders dan in deze handleiding is aangegeven. • Het eigenmachtig repareren, verbouwen of veranderen van het apparaat is niet toegestaan. Voorzichtig. Levensgevaar door elektrocutie. • Sluit het basisapparaat uitsluitend aan op een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met een netspanning van 230V. • Het stopcontact moet zich dicht bij de apparatuur bevinden en gemakkelijk toegankelijk zijn. Precisione temperatura ±1°C (0…. +50°C)Precisione umidità ±5% (20%. 90% rH)Velocità del vento 0 … 120kmh (0…12 BFT)Risoluzione 1 kmhPrecisione velocità del vento : ±3kmhRaggio d'azione ca. 80 metri al massimo Frequenza di trasmissione 433 MHzMassima potenza a radiofrequenza trasmessa: < 10mWTempo di trasmissione ca.
5150SPRING BREEZE - Kleur radiografisch weerstationSPRING BREEZE - Kleur radiografisch weerstationBovenB 3: ▼ toets B 4: TIME SET toetsB 5: LIGHT (HI – LOW - OFF) toets B 6: HEAT/DEW toetsB 7: ▲ toetsBehuizing (Fig. 2)C 1: Wandbevestigingen C 2: BatterijvakC 3: Standaard (uitklapbaar) C 4: Adapter aansluitingC 5: Gids voor de kabelCombizender (Fig. 3)D 1: LED signaallamp D 2: BatterijvakD 3: Opening voor bevestiging aan een mast of de bijgeleverde houderD 4: 2 schroeven voor het vaststellenHouder (Fig. 3)D 5: Bevestigingsschroef D 6: Bevestigingsarm 90° draaibaarD 7: 4 schroef-openingen voor de montage6. Inbedrijfstelling• Leg de apparaten op een afstand van ca. 1,5 meter van elkaar op een tafel. Vermijd de nabijheid van eventuele stoorbronnen (elektronische appa-raten en zendergestuurde installaties). • De beschermfolie van het display van het basisapparaat aftrekken.
• Sluit het basisapparaat met de bijgeleverde stekker aan. Steek de verbindingsstekker in de adapter van het basisapparaat en de stekker van deadapter in een stopcontact. Belangrijk. Zorg ervoor dat de spanning van het stroomnet onder 230 V ligt. Andere netspanningen kunnen het toe-stel beschadigen. • U hoort een kort signaal en alle segmenten van het scherm verschijnen kort. • Op het display van het basisapparaat verschijnt links de binnentemperatuur en de binnenluchtvochtigheid. 6. 1 Plaatsen van de batterijen in de buitenzender/ontvangst van de buitenwaarden • Schroef zo nodig het batterijdeksel van de buitenzender open (wordt niet gemonteerd geleverd). • Plaats twee nieuwe batterijen 1,5 V C in het batterijvak. Let op de juiste polariteit bij het plaatsen van de batterijen. • Leg de batterijen met de minuspool naar voren in het batterijvak en schuif de contactveren tezamen.
• Na het plaatsen van de batterijen worden de meetgegevens van de buitenzender naar het basisapparaat getransporteerd. • Zodra het basisapparaat de buitenwaarden heeft ontvangen, worden de buitentemperatuur, buitenluchtvochtigheid en windsnelheid permanentweergegeven. • Worden de buitenwaarden binnen 3 minuten niet ontvangen, verschijnt "---" op het display. Test de batterijen en begin opnieuw. Verwijder eventu-ele stoorbronnen. • U kunt de DCF-ontvangst ook handmatig te starten. Druk gedurende twee seconden op de ▼ toets van het basisapparaat. Het ontvangstsymboolvoor de buitenzender knippert. De geregistreerde buitenzender (kanaal) wordt gewist. • Het basisapparaat en de netvoeding mogen niet met water of vocht in aanraking komen. Ze zijn alleen geschikt voor het gebruik in droge ruimtes. • Gebruik het apparaat niet wanneer de behuizing of de netvoeding beschadigd is.
• Bewaar het apparaat buiten de reikwijdte van personen (ook kinderen) die de mogelijke gevaren van de omgang met elektrische apparaten zoudenkunnen onderschatten. • Trek de stekker direct uit het stopcontact, wanneer er een storing ontstaat of wanneer het apparaat langere tijd niet gebruikt wordt. • Gebruik uitsluitend de bijbehorende netvoeding. • Sluit eerst de kabel op het basisapparaat aan, steek daarna de stekker in het stopcontact. • Trek de stekker niet aan de kabel uit het stopcontact. • Leg het snoer zo neer dat het niet met scherpe of hete voorwerpen in aanraking komt. Voorzichtig. Kans op letsel:• Bewaar de apparaten en de batterijen buiten de reikwijdte van kinderen. • Batterijen niet in het vuur gooien, niet kortsluiten, niet uit elkaar halen of opladen. Kans op explosie. • Batterijen bevatten zuren die de gezondheid schaden.
Zwakke batterijen moeten zo snel mogelijk worden vervangen om lekkage van de batterijente voorkomen. Gebruik nooit tegelijkertijd oude en nieuwe batterijen of batterijen van een verschillend type.
Draag handschoenen die bestand zijntegen chemicaliën en een beschermbril wanneer u met uitgelopen batterijen hanteert. Belangrijke informatie voor de productveiligheid. • Stel het apparaat niet bloot aan extreme temperaturen, trillingen en schokken. • Tegen vocht beschermen. 5. OnderdelenRadiografisch weerstation (Basisapparaat)Display (Fig. 1)A 1: Tijd, weekdag en datum A 2: Symbool voor de zendergestuurde klokA 3: MAX/MIN A 4: Binnenluchtvochtigheid A 5: Binnentemperatuur A 6: Ontvangstsymbool voor buitenzenderA 7: Windwielsymbool A 8: Windsnelheid grafiekA 9: Windsnelheid A 10: Beaufort/KMHA 11: Windsnelheid alarm OFF/HI A 12: Maximale windsnelheidA 13: Gevoelstemperatuur en dauwpunt A 14: Weersymbolen en luchtdruktendens A 15: Alarmsymbool HI/LOW A 16: KanaalnummerA 17: Kanaalwisselsymbool A 18: BuitenluchtvochtigheidA 19: Buitentemperatuur A 20: TrendpijlToetsen (Fig.
5352SPRING BREEZE - Kleur radiografisch weerstationSPRING BREEZE - Kleur radiografisch weerstation• Druk nog eens op de LIGHT (HI – LOW - OFF) toets om de achtergrondverlichting uit te schakelen. • De achtergrondverlichting is gedeactiveerd. • Druk op een willekeurige toets en de achtergrondverlichting gaat kort aan (bij batterijvoeding). 7. Bediening• Tijdens de bediening worden alle succesvolle instellingen met een signaal bevestigd. • Het apparaat verlaat automatisch de instelmodus, als er geen toets wordt ingedrukt. • Houdt de ▲ of ▼ toets in de instelmodus ingedrukt en u komt in de snelloop. 7. 1 Manuele instellingen• Druk op de TIME SET toets in de normaalmodus en houdt deze 3 seconden ingedrukt, om in de instelmodus te komen. • BEEP (ON = standaardinstelling) knippert op het display. • Met de ▲ of ▼ toets kunt u de toetsgeluiden activeren en deactiveren.
• Druk nog eens op de TIME SET toets, dan kunt u zich begeven naar de weergave van de ontvangst van het radiosignaal RCC (ON - standaardin-stelling),tijdzone (0H - standaardinstelling), het 12 uur- of 24-uurtijdsysteem (24H - standaardinstelling), het uur, de minuten, het jaar, de maanden de dag, de weergave van de windsnelheid (BFT - standaardinstelling), de weergave van de temperatuur (°C - standaardinstelling) en de taalin-stelling voor de weekdag (GER - standaardinstelling) en met de ▲ of ▼ toets instellen. • Bevestig met de TIME SET toets. • Wanneer de ontvangst van het DCF signaal geslaagd is en wanneer de DCF-ontvangst geactiveerd is, wordt de handmatig ingestelde tijd over-schreven. 7. 1. 1 DCF ontvangst• Normaal is de standaard DCF-ontvangst ingeschakeld (RCC ON) en na een succesvol ontvangst van het DCF-signaal is een handmatige aanpas-sing niet nodig.
2 Instelling van de tijdzone• In de instelmodus kunt u met de ▲ of ▼ toets een correctie van de tijdzone (-12/+12) maken. • Instellen van een correctie voor de tijdzone is vereist wanneer het DCF-signaal wel kan worden ontvangen, maar de tijdzone van de DCF tijdafwijkt (bijvoorbeeld, +1 = één uur later). • Bevestig met de TIME SET toets. 7. 1. 3 Instelling van het 24 uur- of het 12- uur-tijdsystem• In de instelmodus kunt u tussen de weergave van de 24- of de 12-uurtijdsysteem kiezen. • Druk op de ▲ of ▼ toets. • Bij het 12-uren-systeem verschijnt op het display AM (voor 12 h) en PM (na 12h). • Bevestig met de TIME SET toets. 6. 2 Ontvangst van de zendergestuurde tijd • Na de ontvangst van de buitenwaarden, probeert de klok nu het tijdsignaal te ontvangen en het DCF-ontvangstsymbool knippert.
• Als na 3-10 minuten het ontvangst succesvol is, verschijnt de zendergestuurde tijd en het DCF-ontvangstsymbool permanent op het display. • Het DCF-signaal wordt dagelijks om 2:00 en 3:00 uur 's morgens ontvangen. Is de ontvangst om 3:00 uur niet geslaagd, zo zal opnieuw om 4. 00en om 5. 00 uur een ontvangstpoging gedaan worden. • Wanneer er geen ontvangst mogelijk is, kunt u de DCF-ontvangst ook handmatig starten. • Druk op de TIME SET toets. • Het DCF signaal knippert. • Er zijn drie verschillende radiografische ontvangstsymbolen:knippert - ontvangst is actiefblijft staan - ontvangst is goedgeen symbool - geen ontvangst • Normaal is de standaard DCF-ontvangst ingeschakeld en na een succesvol ontvangst van het DCF-signaal is een handmatige aanpassing niet nodig. • Als de zendergestuurde klok geen DCF-signaal ontvangt (wegens storingen, afstand, enz.
), kunt u de tijd ook handmatig instellen. • De DCF-ontvangsymbool verdwijnt en de klok werkt dan als een gewone kwartsklok (zie: Manuele instellingen). 6. 2.
1 Ontvangst van de zendergestuurde tijdDe tijdbasis voor de zendergestuurde tijd is een cesium-atoomklok van het Physikalisch Technische Bundesanstalt Braunschweig. Met een afwijkingvan minder dan 1 seconde in één miljoen jaar. De tijd is gecodeerd en wordt vanuit Mainflingen in de buurt van Frankfurt aan de Main door een DCF-77 (77,5 kHz) frequentiesignaal uitgezonden met een bereik van ongeveer 1500 km. Zelfs de overgang van zomer- naar wintertijd gebeurt automa-tisch. Gedurende de zomertijd verschijnt S op het display. De kwaliteit van de ontvangst hangt in belangrijke mate af van de geografische ligging. Normaliter zouden er binnen een straal van 1. 500 km rondom Frankfurt geen ontvangstproblemen mogen zijn. Let dan op de volgende stappen:• De afstand van mogelijke storingsbronnen zoals computerbeeldschermen of tv-toestellen dient tenminste 1,5 à 2 meter te zijn.
• In ruimten met gewapend beton (kelders, torenflats) wordt het signaal uiteraard verzwakt ontvangen. In extreme gevallen is het aan te bevelen,het toestel dichter bij het raam te zetten en / of u draait het apparaat om een beter ontvangst te verkrijgen. • 's Nachts zijn atmosferische storingen over het algemeen minder ernstig en is ontvangst in de meeste gevallen wel mogelijk. Eén enkel ontvangstper dag is voldoende om de tijdsafwijking onder 1 seconde te houden. 6. 3 Plaatsen van de batterijen in het basisapparaat • De batterijen fungeren als een reserve-energiebron in geval van een elektriciteitsstoring. • Voor een continue achtergrondverlichting en om de energie van de batterijen te besparen, gebruikt u de meegeleverde stekker. • Open het batterijvak aan de achterkant van het basisapparaat. • Plaats 3 nieuwe batterijen 1,5 V AAA in het batterijvak.
Let op de juiste polariteit bij het plaatsen van de batterijen. • Sluit het batterijvak weer. 6. 4 Achtergrondverlichting• Opmerking: Een continue achtergrondverlichting werkt alleen met een netadapter.
5554SPRING BREEZE - Kleur radiografisch weerstationSPRING BREEZE - Kleur radiografisch weerstation• De actuele windsnelheid (CURRENT SPEED) wordt weergegeven in de geselecteerde eenheid (Beaufort of KM/H). Druk op de HEAT/DEW toets enhoudt deze 3 seconden ingedrukt, u kunt nu schakelen tussen Beaufort en KM/H. • De maximale windsnelheid (TOP SPEED) verwijst naar het laatste uur. Druk op de HISTORY toets om na elkaar de waarden van de laatste 24 uren,7 dagen, 30 dagen en van het vorig jaar op te vragen met de tijd en datum van de opname. 7. 4 Display dauwpunt• Druk op de HEAT/DEW toets, om het actuele dauwpunt te vragen. • DEW en de dauwpunt temperatuur verschijnen op het display. • Het display schakelt automatisch terug naar de gevoelstemperatuur (FEELS LIKE).
• Het dauwpunt druk deze wisselwerking tussen temperatuur en relatieve luchtvochtigheid uit: Wordt de lucht continu afgekoeld, stijgt bij onveran-derlijke absolute luchtvochtigheid de relatieve luchtvochtigheid tot 100%. Koelt de lucht verder af, wordt de overtollige waterdamp in de vorm vandruppels afgescheiden7. 5 Weerverwachtingssymbolen• Het radiografische weerstation gebruikt 6 verschillende weersymbolen (zonnig, halfbewolkt, bewolkt, regen, zware regen en zware sneeuwval). • Het weerbericht via de symboolweergave heeft betrekking op een periode van 12 uur en geeft alleen een weertrend aan. Is het bijvoorbeeldmomenteel bewolkt en wordt er regen aangegeven, duidt dit niet op een verkeerd functioneren van het apparaat, maar geeft dit aan, dat de lucht-druk gedaald is en u een weersverslechtering moet verwachten, waarbij het echter niet per se om regen hoeft te gaan.
• Het zonnetje wordt ook 's nachts als symbool weergegeven als er sprake is van een kraakheldere nacht. Opmerking. • Met betrekking tot de symboolvoorspelling a. u. b. opletten, want tijdens de exploitatie wordt deze nog aangepast.
Het prognose-symbool is vanafhet begin actief, maar de betrouwbaarheid neemt toe door de hoeveelheid van de verzamelde gegevens. De sensor moet zich eerst op het plaatse-lijke referentieniveau instellen. 7. 6 Instelling van de alarm voor de windsnelheid, temperatuur en luchtvochtigheid • Zorg ervoor dat het kanaal 1 geselecteerd is (kanaalwissel met ▼ toets). • Houdt de ALERTS toets ingedrukt in de normaal-modus. • De windalarmwaarde knippert. • Met de ▲ of ▼ toets kunt u de gewenste bovengrens instellen. • Bevestig met de ALERTS toets. • HI verschijnt op het display en 99% (standaardinstelling) of de ingestelde buitentluchtvochtigheids-bovengrens knippert. • Met de ▲ of ▼ toets kunt u de gewenste bovengrens instellen. • Bevestig met de ALERTS toets. • LOW verschijnt op het display en 1% (standaardinstelling) of de ingestelde buitentluchtvochtigheids-ondergrens knippert.
• Met de ▲ of ▼ toets kunt u de gewenste ondergrens instellen. • Bevestig met de ALERTS toets. • HI verschijnt op het display en 60°C (standaardinstelling) of de ingestelde buitentemperatuur-bovengrens knippert. • Met de ▲ of ▼ toets kunt u de gewenste bovengrens instellen. • Bevestig met de ALERTS toets. • LOW verschijnt op het display en -40°C (standaardinstelling) of de ingestelde buitentemperatuur-ondergrens knippert. • Met de ▲ of ▼ toets kunt u de gewenste ondergrens instellen. 7. 1. 4 Instelling van de windsnelheid meeteenheid• In de instelmodus kunt u tussen BFT (Beaufort) of km/h (kilometer per uur) kiezen. • Druk op de ▲ of ▼ toets. • Bevestig met de TIME SET toets. 7. 1. 5 Instelling van de temperatuureenheid• In de instelmodus kunt u tussen de weergave van de temperatuur in °C (graden Celsius) of °F (graden Fahrenheit) kiezen. • Druk op de ▲ of ▼ toets.
• Druk op de ▲ of ▼ toets. • Op het display verschijnt: Duits (GER), Engels (ENG), Frans (FRE), Italiaans (ITA), Spaans (ESP) en Nederlands (NET)• Bevestig met de TIME SET toets. 7. 2 Temperatuur en luchtvochtigheid7. 2. 1 Maximum- en minimumwaarden• Druk op de ▲ toets in de normaalmodus. • MAX verschijnt op het display. • De maximale temperatuur en de luchtvochtigheid voor binnen en buiten sinds de laatste terugstelling worden aangetoond. • Druk nog eens op de ▲ toets. • MIN verschijnt op het display. • De minimale temperatuur en de luchtvochtigheid voor binnen en buiten sinds de laatste terugstelling worden aangetoond. • Druk nog eens op de ▲ toets om het display met de actuele waarden te verkrijgen. • Het apparaat verlaat automatisch de MAX/MIN modus, als er geen toets wordt ingedrukt.
• Houdt de ▲ toets voor drie seconden ingedrukt, wanneer op het display de maximum en minimum waarden verschijnen, om de waarden terug tezetten. • De maximum- en minimumwaarden worden automatisch om middernacht teruggezet. 7. 2. 2 Trendpijlen• De trendpijl toont u of de temperatuur en de luchtvochtigheid actueel stijgt, daalt of gelijk blijft. 7. 3 Windsnelheid• Het windwielsymbool is geanimeerd en beweegt zich volgens de windsnelheid. • De kleurengrafiek toont de actuele windsnelheid in verschillende knipperende kleur secties: • Blauw = 0-20 KMH• Geel = 20-30 KMH• Oranje = 30-50 KMH• Rood = >50 KMHTFA_No. 35. 1140_Anleitung 05. 08. 2016 08:55 Uhr Seite 28.
5756SPRING BREEZE - Kleur radiografisch weerstationSPRING BREEZE - Kleur radiografisch weerstation• Let op dat de combizender altijd op kanaal 1 moet werken. • Kies met de ▼ toets de gewenste buitenzender. • Druk gedurende twee seconden op de ▼ toets van het basisapparaat. De geregistreerde buitenzender (kanaal) wordt gewist. • Druk op de TX toets in het batterijvak van de zender. De overdracht van de gegevens vindt direct plaats en wordt bij succesvol ontvangst doormiddel van een pieptoon door het basisapparaat bevestigd. • De buitenwaarden en de kanaalnummer verschijnen op het display van het basisapparaat. Als u meerdere buitenzenders verbinden wilt, kunt umet de ▼ toets op het basisapparaat tussen de kanalen 1-3 schakelen. • U kunt ook een automatische kanaalwissel instellen.
Na de laatste geregistreerde buitenzender (1 tot 3) verschijnt bij hernieuwde bediening vande ▼ toets het circuit symbool voor automatische kanaalwisseling. Druk nog eens op de ▼ toets om de functie uit te schakelen. • Na de succesvolle inbedrijfstelling van de buitenzender sluit men het batterijvak weer zorgvuldig. 9. Schoonmaken en onderhoud• Maak het apparaat met een zachte, enigszins vochtige doek schoon. Geen schuur- of oplosmiddelen gebruiken. • Let op, dat de windwieltjes kunnen draaien zonder dat er vuil of spinnennetten op liggen. • Verwijder de batterijen en trek de stekker uit het stopcontact als u de apparaten langere tijd niet gebruikt. • Bewaar het apparaat op een droge plaats. 9. 1 Batterijwissel• Vervang de batterijen in het buitenzender als het batterijsymbool op het display van de buitenwaarden van de basisapparaat verschijnt.
• Attentie: bij een batterijwissel moet het contact tussen de zender en het basisapparaat weer worden hersteld – dus altijd beide apparaten vannieuwe batterijen voorzien of handmatig de buitenzender zoeken. 10. StoringswijzerProbleem OplossingGeen indicatie op het basisapparaatNetbedrijf ➜ Aansluiten van het basisapparaat met stroomadapter➜ Achtergrondverlichting permanent activeren➜ Stroomadapter controlerenBatterijvoeding ➜ Batterijen met de juiste poolrichtingen plaatsen➜ Achtergrondverlichting activeren met een zelf uitgekozen toets➜ Vervang de batterijenGeen buitenzender ontvangst ➜ Geen buitenzender geïnstalleerdIndicatie "---" ➜ Batterijen van de buitenzender controleren (geen accu’s gebruiken.
)➜ Buitenzender en basisapparaat opnieuw volgens de handleiding in bedrijf stellen ➜ Handmatige zoeken van de buitenzender volgens de handleiding starten➜ Zoek een nieuwe plaats voor de buitenzender en/of het basisapparaat• Bevestig met de ALERTS toets. • Stel op dezelfde manier de boven- en de ondergrens voor de binnentemperatuur en luchtvochtigheid in. (Meetbereik 0 °C… +50 °C, 1… 99% rH)7. 6. 1 Activeren en deactiveren van de alarmgrenzen• Druk op de ALERTS toets in de normaalmodus. • ALERT knippert op het display. • Voor activeren van het alarm drukt u op de ▲ toets. • HI verschijnt naast de wind alarmwaarde. • Voor deactiveren van het alarm drukt u op de ▼ toets. • OFF verschijnt naast de wind alarmwaarde. • Druk op de ALERTS toets om andere alarmfuncties te controleren en activeer of deactiveer ze met de ▲ of ▼ toets.
• Naast de boven- en de ondergrenzen (HI/LOW) voor de temperatuur en luchtvochtigheidwaarden verschijnt/verdwijnt het alarmsymbool. • Druk op de ALERTS toets om naar de normaalmodus terug te keren. 7. 6. 2 Geval van een alarm• In het geval van een alarm knippert het juiste symbool en u hoort een alarmsignaal. • Het alarm kunt u met een willekeurige toets beëindigen. 8.
Plaatsen van het basisapparaat• U kunt de basisapparaat met de uitklapbare standaard aan de achterkant op effen oppervlakken plaatsen. • U kunt het basisapparaat met het ophangoog aan de muur in de woonruimte bevestigen. Vermijd de nabijheid van andere elektrische apparaten(televisie, computer, radiografische telefoons) en massieve metalen voorwerpen. 8. 1 Installatie van het combizender• Voordat men de zender buiten monteert adviseren wij te controleren of de zender correct functioneert. • Controleer a. u. b. ook of de zender toegankelijk is om het te reinigen of het te onderhouden. De buitenzender moet af en toe gereinigd worden,omdat vuil en bezinksels de metingen kunnen beïnvloeden. • Zorg er voor dat de wind vrij rond de windmeter waaien kan en niet door dichtbij zijnde gebouwen, bomen en andere hindernissen beïnvloedword.
• Om de beste resultaten te verkrijgen, plaatst men de combizender verticaal en 3 meter boven alle eventuele hindernissen. De grond onder hetvoorwerp veroorzaakt wrijving en verlaagd daardoor het meetresultaat. • Monteer de combizender zo, dat de normale windverhoudingen in het gebied gemeten kunnen worden. • Monteer de combizender met de opening aan de onderkant op een mast. • Als u de zender aan een vlak bevestigen wilt, gebruik dan de bijgeleverde houder. De houder kan 90° gedraaid worden. Open de fixeerschroef enmaak de houder los. Draai het 90°, bevestig het opnieuw op de houder en draai de fixeerschroef weer vast. 8. 2 Extra buitenzenders (optioneel) Cat. -Nr. 30. 3221. 02• Als u meerdere buitenzenders wilt aansluiten, kiest u na het plaatsen van de batterijen met de CH 1/2/3 toets in het batterijvak van de buitenzen-der voor elke buitenzender een ander kanaal (CH 2 of CH3).
0 V DCBuitenzender: 2 x 1,5 V C (batterijen niet inclusief)Afmetingen behuizing Basisapparaat: 208 x 26 (54) x 140 mmBuitenzender: 468 x 141 x 163 mmGewicht Basisapparaat: 344 g (alleen het apparaat)Buitenzender: 439 g (alleen het apparaat)➜ Afstand tussen buitenzender en basisapparaat verminderen ➜ Verwijder stoorbronnenGeen FEELS LIKE waarde ➜ Overschakelen naar kanaal 1Geen correcte indicatie ➜ Vervang de batterijen 11. VerwijderenDit product is vervaardigd van hoogwaardige materialen en onderdelen, die kunnen worden gerecycled en hergebruikt. Batterijen en accu's mogen niet met het huisvuil worden weggegooid.
Als consument bent u wettelijk verplicht om gebruikte batterijen en accu's bij uw dealer af te geven of naar de daarvoor bestemde con-tainers volgens de nationale of lokale bepalingen te brengen om een milieuvriendelijk verwijderen te garanderenDe benamingen van de zware metalen zijn: Cd=cadmium, Hg=kwikzilver, Pb=lood Dit apparaat is gemarkeerd in overeenstemming met de EU-richtlijn (WEEE) over het verwijderen van elektrisch en elektronisch afval. Dit product mag niet met het huisvuil worden weggegooid. De gebruiker is verplicht om de apparatuur af te geven bij een als zodanigerkende plek van afgifte voor het verwijderen van elektrische en elektronische apparatuur om een milieuvriendelijk verwijderen tegaranderen. 12.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met TFA Spring Breeze 35.1140 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Weerstation TFA
Handleiding Weerstation
Nieuwste handleidingen voor Weerstation