Stiga G 3600 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Stiga G 3600 (22 pagina’s), behorend tot de categorie Robotmaaier. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 92 mensen. Heb je een vraag over Stiga G 3600 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Stiga |
| Categorie: | Robotmaaier |
| Model: | G 3600 |
Handleiding Stiga G 3600 – volledige tekst
iiINHOUDSOPGAVENLINHOUDSOPGAVE1. MODELLEN EN TECHNISCHE GEGEVENS 11. 1. MODELLEN. 11. 2. TECHNISCHE GEGEVENS. 22. VEILIGHEID 42. 1. INFORMATIE OVER DE VEILIGHEID. 42. 2. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES. 62. 2. 1. VEILIGE WERKWIJZEN. 62. 2. 2. WERKING. 62. 3. DE ROBOTMAAIER VEILIG STOPPEN EN UITSCHAKELEN. 83. INLEIDING 93. 1. ALGEMENE INLEIDING. 93. 1. 1. DOEL VAN DE HANDLEIDING. 93. 1. 2. INSTRUCTIES VOOR HET LEZEN VANAF EEN SMARTPHONE. 93. 2. OVERZICHT VAN HET PRODUCT. 103. 2. 1. ALGEMENE BESCHRIJVING. 103. 2. 2. BELANGRIJKSTE ONDERDELEN. 113. 3. UITPAKKEN. 123. 4. SYMBOLEN EN PLAATJES. 133. 5. ALGEMENE INSTRUCTIES VOOR HET LEZEN VAN DE HANDLEIDING. 154. INSTALLATIE 164. 1. ALGEMENE INFORMATIE VOOR DE INSTALLATIE. 164. 2. ONDERDELEN VOOR DE INSTALLATIE. 164. 3. CONTROLE VAN DE VEREISTEN VOOR DE INSTALLATIE. 174. 3. 1. CONTROLE VAN DE TUIN:. 174. 3. 2.
CONTROLES VOOR DE INSTALLATIE VAN HET LAADSTATION EN DE VOEDINGSEENHEID. 174. 3. 3. BELANGRIJKSTE CONTROLES VOOR DE INSTALLATIE VAN DE PERIMETERDRAAD. 194. 4. CRITERIA VOOR DE INSTALLATIE VAN DE GRENSKABEL. 214. 4. 1. PLAATSING VAN DE PERIMETERDRAAD. 214. 4. 2. AFBAKENING VAN OBSTAKELS. 244. 4. 3. PASSAGES TUSSEN VERSCHILLENDE DELEN VAN DE TUIN. 254. 5. 1. PLAATSING VAN DE GRENSDRAAD. 264. 5. IDENTIFICATIE VAN DE ONDERDELEN. 264. 5. 2. KOPPELING VAN DE GRENSDRAAD. 284. 5. 3. INSTALLATIE LAADSTATION. 294. 5. 4. INSTALLATIE VAN DE WEERSTAND VOOR KLEINE PERIMETERS. 314. 6. ROBOTMAAIER OPLADEN NA DE INSTALLATIE. 324. 7. INSTELLINGEN VAN HET PRODUCT. 335. WERKING 385. 1. CONTROLE VAN DE VEILIGHEIDSINRICHTINGEN VOOR HET STARTEN VAN DE ROBOTMAAIER. 385. 2. HANDMATIGE WERKING VAN DE ROBOTMAAIER. 395. 3. BESCHRIJVING VAN DE COMMANDO'S OP DE ROBOTMAAIER. 405. 3. 1. VEILIGSTOPPEN-STOP-KNOP.
1NL1. MODELLEN EN TECHNISCHE GEGEVENS1. MODELLEN EN TECHNISCHE GEGEVENS1.1. MODELLEN Deze handleiding heeft betrekking op de volgende modellen:G 300, G 600, G 1200 (TYPE: SRSW01)G 3600 (TYPE: SRBW01)OPMERKING: De instructies in deze handleiding zijn van toepassing op de modellen kabelgeleide robotmaaiers. De afbeeldingen, indien niet gespeciceerd, verwijzen naar het SRSW01 platform.
4 NL2. VEILIGHEID2. VEILIGHEID2. 1. INFORMATIE OVER DE VEILIGHEIDBij het ontwerp van de apparatuur is bijzondere aandacht besteed aan de aspecten die risico's kunnen opleveren voor de veiligheid en gezondheid van mensen. Het doel van deze informatie is om gebruikers te sensibiliseren om elk risico te voorkomen en om gedrag te vermijden dat niet voldoet aan de aangegeven vereisten. GEVAAR:Voordat u de robotmaaier gebruikt, moet u alle informatie in dit document kennen. GEVAAR:Deze robotmaaier is niet bedoeld voor gebruik door kinderen en mensen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vermogens of gebrek aan ervaring en kennis. ELEKTRISCH GEVAAR:Schakel de stroomtoevoer uit en activeer de veiligheidsvoorziening voordat u afstellingen of onderhoud uitvoert. ELEKTRISCH GEVAAR:Gebruik de robotmaaier niet met een beschadigd netsnoer van de transformator.
Een beschadigde kabel kan contact met de delen onder spanning veroorzaken. De kabel moet worden vervangen door de fabrikant of zijn assistentiedienst of door een persoonmetvoldoendekwalicatiesomelkrisicotevoorkomen. ELEKTRISCH GEVAAR:Gebruik alleen de acculader en voeding die door de fabrikant zijn geleverd. Het gebruik van een ongeschikte oplader en voeding kan elektrische schokken en of oververhitting veroorzaken. WAARSCHUWING:Alservloeistofuitdeacculekt,moetendebetreendeonderdelenwordengewassenmetwater/neutralisator. Vermijd elk direct contact met accuvloeistof. In geval van aanraking met de ogen, dient men een geneesheer te raadplegen. WAARSCHUWING:Tijdens de werking van de robotmaaier dient men zich ervan te verzekeren dat er in dewerkzonegeenpersonen,envooralgeenkinderenen/ofhuisdierenaanwezigzijn.
5NL2. VEILIGHEIDWAARSCHUWING:Breng geen wijzigingen aan, knoei niet, omzeil de geïnstalleerde veiligheidsvoorzieningen niet en verwijder ze niet.LET OP:Controleer of er geen speelgoed, gereedschap, takken, kleding of andere voorwerpen op het gazon zijn die de apparatuur kunnen beschadigen.VERBOD:Ga niet op de grasmaaier zitten. VERBOD:Til de robotmaaier nooit op om het mes te inspecteren of om het te verplaatsen als hij in werking is. Plaats uw handen en voeten niet onder de apparatuur.VERBOD:Gebruik de robotmaaier niet als er een sproeier draait.VERBOD:Was de robotmaaier niet met waterstralen onder hoge druk en dompel hem niet geheel of gedeeltelijk onder in water.VERBOD:Gebruik de robotmaaier niet als deze niet volledig intact is in al zijn onderdelen.
Vervangbijbeschadigingdebetreendeonderdelen.VERBOD:Het is absoluut verboden de robotmaaier op te laden of te gebruiken in explosieve of ontvlambare omgevingen.VERPLICHTING:Controleer de robotmaaier regelmatig visueel om u ervan te verzekeren dat de messen en het snijmechanisme niet versleten of beschadigd zijn. Zorg ervoor dat de robotmaaier in goede staat verkeert.VERPLICHTING:Lees de hele handleiding aandachtig, vooral alle veiligheidsinformatie, en zorg ervoor dat u deze volledig begrijpt.
6 NL2. VEILIGHEID2. 2. VEILIGHEIDSINSTRUCTIESVERPLICHTING:Voor gebruik zorgvuldig lezen en bewaren voor toekomstig gebruik. 2. 2. 1. VEILIGE WERKWIJZENOpleidinga. Lees de instructies aandachtig, ken de commando's en gebruik de machine correct. b. Sta nooit toe dat kinderen, mensen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vermogens, of zonder ervaring en kennis, of mensen die niet bekend zijn met deze instructies, de machine gebruiken. Lokale voorschriften kunnen de leeftijd van de bediener beperken. c. De bediener of gebruiker moet verantwoordelijk worden gehouden voor ongevallen of gevaren waarbij apparatuur van derden of apparatuur van derden is betrokken. Voorbereidinga. Zorg ervoor dat de automatische afrastering correct is geïnstalleerd zoals aangegeven. b.
Inspecteer regelmatig het gebied waar de machine wordt gebruikt en verwijder stenen, stokken, kabels en andere vreemde voorwerpen die de werking ervan kunnen belemmeren. c. Voer regelmatig een visuele inspectie uit van de messen, van de bouten van de messen en van het maaielement om te controleren of ze niet versleten of beschadigd zijn. Vervang versleten of bescha-digde messen en bouten per paar om de balans van de machine te behouden. d. Waarschuwingsborden moeten rond het werkgebied van de machine worden geplaatst als deze in openbare ruimtes wordt gebruikt of open is voor het publiek. De borden moeten de volgende tekst hebben: “Let op. Automatische grasmaaier. Houd u op afstand van de machine. Houd toezicht op de kinderen. ”. 2. 2. 2. WERKINGAlgemene informatiea.
Gebruik de machine niet met defecte afschermingen of veiligheidsvoorzieningen die niet aanwezig zijn, bijvoorbeeld zonder beveiligingen. b. Steek uw handen of voeten nooit nabij of onder de draaiende delen. Blijf steeds op afstand van de aaatopening. c. Raak de bewegende delen van de machine niet aan voordat ze volledig tot stilstand gekomen zijn. d. Draag altijd stevige schoenen en een lange broek wanneer u de machine bedient. e.
Hef de robotmaaier niet op en vervoer hem niet terwijl de motor in werking is. f. Verwijder het uitschakelapparaat van het apparaat: - Voordat u een obstructie verwijdert; - Vóórdat u de machine controleert, schoonmaakt of eraan werkt; - Als de machine wordt geraakt door een vreemd voorwerp, controleer dan of de machine beschadigd is; - Als de machine abnormaal begint te trillen, controleer dan op schade voordat u de machine opnieuw opstart. g. Laat de machine niet onbeheerd achter in de buurt van huisdieren, kinderen of andere mensen. Onderhoud en opslaga. Draai alle moeren, bouten en schroeven stevig vast om de machine veilig te bedienen. b. Controleer de robotmaaier regelmatig op slijtage of beschadiging. c. Om veiligheidsredenen is het noodzakelijk om versleten of beschadigde onderdelen te vervangen. d.
Zorg ervoor dat de messen alleen worden vervangen door geschikte reserveonderdelen. e. Zorg ervoor dat de accu’s opgeladen worden met de juiste oplader die door de fabrikant aanbevolen wordt. Onjuist gebruik kan elektrische schokken, oververhitting of lekkage van bijtende vloeistof uit de accu veroorzaken.
7NL2. VEILIGHEIDf. In geval van elektrolytlekkage, wassen met water / neutralisatiemiddel en medische hulp inroepen in geval van contact met ogen, enz. g. Onderhoud van de machine moet worden uitgevoerd in overeenstemming met de instructies van de fabrikant. Extra risico's- Hoewel het product voldoet aan alle veiligheidseisen, kunnen er toch extra risico's ontstaan door onjuiste installatie en/of onvoorziene situaties. Het is daarom noodzakelijk om het gebied waar het product werkt vrij te houden van voorwerpen, mensen en dieren en om alle personen die toegang kunnen hebben, zelfs af en toe, tot het werkgebied te informe-ren over de mogelijke gevaren.
- In geval van onweer met kans op blikseminslag en in het algemeen in afwachting van slechte weersom-standigheden, wordt aanbevolen het product niet te gebruiken en de perimeterdraad los te koppelen van het laadstation en alle randapparatuur los te koppelen van de voeding. Om het product te gebruiken, sluit u de perimeterdraad en de randapparatuur opnieuw aan op de voeding volgens de instructies in de handleiding. Accu/acculader LET OP: Lithium-ionaccu's kunnen exploderen of brand veroorzaken als ze worden gedemonteerd, worden blootgesteld aan water, vuur of hoge temperaturen of in geval van kortsluiting. Ga voorzichtig om met de accu, demonteer ze niet en vermijd elke vorm van onjuiste elektrische of mechanische belasting. Stel de accu niet bloot aan direct zonlicht. OPMERKING: Het wordt aanbevolen om alleen en uitsluitend originele producten van de fabrikant te gebruiken.
Niet-originele of niet geschikte producten kunnen schade aan de robotmaaier of gevaar voor mensen, dieren en dingen veroorzaken. a. De accu mag alleen door de dealer of een servicecentrum worden geïnstalleerd en/of verwijderd uit de robotmaaier. b. Bewaar de ongebruikte accu op een veilige plaats uit de buurt van warmtebronnen of voorwerpen die kortsluiting kunnen veroorzaken (haringen, schroeven, verschillende soorten metalen voorwerpen). c.
Gebruik de acculader uit de buurt van brandbare oppervlakken of stoen en bij voorkeur op droge plaatsen. d. Vervoer de accu en acculader in hun originele verpakking. Bescherming van de omgevingOPMERKING: De milieubescherming moet een belangrijk en prioritair aspect vormen voor het gebruik van de machine, ten gunste van de civiele samenleving en de omgeving waarin we leven. a. Gooi de verpakking en beschadigde onderdelen weg zoals vereist door de plaatselijke voorschriften in het land van gebruik. b. Gooi elektrische apparatuur (robotmaaier, accu, voedingen, enz. ) weg volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU en in overeenstemming met de nationale normen. Neem voor meer gedetailleerde infor-matie over het weggooien contact op met de bevoegde autoriteit voor de verwijdering van huishoudelijk afval of met uw dealer. c. Gescheiden inzameling van producten en verpakkingen wordt aanbevolen.
9NL3. INLEIDING3. INLEIDING3. 1. ALGEMENE INLEIDING3. 1. 1. DOEL VAN DE HANDLEIDINGDeze handleiding maakt integraal deel uit van de apparatuur en is bedoeld om de informatie te verstrekken die nodig is voor het gebruik ervan. Bewaar deze handleiding gedurende de gehele levensduur van de apparatuur, zodat deze altijd beschikbaar is indien nodig. De ontvanger van de handleiding is de gebruiker van de apparatuur, die de informatie erin zorgvuldig moet lezen en deze strikt moet toepassen om de veiligheid van mensen te beschermen en schade te voorkomen. De informatie is geschreven in de oorspronkelijke taal van de fabrikant (Italiaans) en vertaald in andere talen voor wettelijke en/of commerciële vereisten. De volgende symbolen zijn gebruikt om teksten van aanzienlijk belang te markeren.
GEVAAR \ WAARSCHUWING \ LET OP:De pictogrammen in een driehoek met een gele achtergrond en een zwarte lijn geven een gevaar \ waarschuwing \ aandachtspunt aan. VERBOD:De pictogrammen in een doorgestreepte cirkel met een witte achtergrond en een rode streep geven een verbod aan. VERPLICHTING: De pictogrammen in een cirkel met een blauwe achtergrond geven een verplichting aan. OPMERKING: De teksten in dit formulier geven technische informatie aan die van bijzonder belang is en die niet over het hoofd mag worden gezien. 3. 1. 2. INSTRUCTIES VOOR HET LEZEN VANAF EEN SMARTPHONE Voor een betere leesbaarheid van de gebruikershandleiding is het raadzaam om de smartphone horizontaal te houden, zoals weergegeven in de afbeelding. 1. 2 Panoramica del prodotto1. 2.
ALGEMENE BESCHRIJVINGDe robotmaaier (A) is ontworpen en gebouwd om automatisch het gras van tuinen op eender welk uur van de dag en van de nacht te maaien.Afhankelijk van de verschillende kenmerken van het te maaien oppervlak, kan de robotmaaier geprogrammeerd worden om te werken op verschillende gebieden afgebakend door de perimeterdraad.Tijdens de werking, maait de robotmaaier het gras van de zone binnen de zone afgebakend door de perimeterdraad (B).Als de robotmaaier de perimeterdraad (B) detecteert of een obstakel (C) tegenkomt, verandert hij willekeurig van pad.Op basis van het random werkprincipe, maait de robotmaaier het aangegeven grasveld automatisch en volledig.Het TYPE-platform: De SRBW01 is uitgerust met een 3G/4G-module met SIM-kaart en een GNSS-module, die bediening op afstand van de robotmaaier en navigatiehulpfuncties mogelijk maken.Eender welk ander gebruik kan gevaarlijk zijn en schade berokkenen aan personen en/of zaken.
Onder oneigenlijk gebruik vallen (als voorbeeld, maar niet uitsluitend): het vervoeren van mensen, kinderen of dieren op de machine; zich door de machine laten trekken; de machine gebruiken om lasten te trekken of te duwen; de machine gebruiken voor het maaien van niet-grasaardige vegetatie.AC BA
12 NL3. INLEIDING• Installatieset (Optie voor G 600, G 1200 en G 3600)(F) Perimeterdraad(G) Borgpennen voor perimeterdraad(H) Koppeling voor perimeterdraad(I) Connectoren voor het laadstationZie Hfdst. 9 “Toebehoren”3.3. UITPAKKENHieronder staan alle stappen voor het correct uitpakken:1. Open de doos van de robotmaaier;2. Haal de doos "Starter Kit" uit;3. Haal de bovenste doos uit;4. Haal de grasmaaier uit;5. Haal het laadstation uit.LET OP:Zorg ervoor dat u al het verpakkingsmateriaal van de robotmaaier verwijdert voordat u deze gebruikt.LET OP:Om letsel of schade te voorkomen, moet u voorzichtig zijn bij het uitpakken van de robotmaaier en contact met de snijmessen of andere gevaarlijke elementen vermijden.1 2 34 5FGH I
13NL3. INLEIDING3.4. SYMBOLEN EN PLAATJESHierna volgen alle symbolen op de robotmaaier:LET OP:Lees de gebruiksaanwijzingen voordat u met de bediening van het product begint.LET OP:Gevaar voor projecties van voorwerpen tegen het lichaam.Houd tijdens het gebruik een veilige afstand tot de machine.0LET OP:Steek uw handen en voeten niet in de holte van de snij-inrichting.Verwijder het uitschakelmechanisme voordat u aan de machine gaat werken of deze optilt.LET OP:Steek uw handen en voeten niet in de holte van de snij-inrichting.Klim niet op de machine.VERBOD:Gebruik geen hogedrukreinigers op de machine om deze schoon te maken of te wassen.VERBOD:Zorg ervoor dat er geen mensen (vooral kinderen, ouderen of gehandicapten) en huisdieren in het werkgebied zijn als de machine in werking is.Houd kinderen, huisdieren en andere personen op veilige afstand wanneer de robotmaaier in werking is.
14 NL3. INLEIDINGSymbolen op modellabels:Apparaat met isolatieklasse III, gevoed door batterij (grasmaaierrobot) of via speciale voedingseenheid (laadbasis en referentiestation).Gebruikdeoriginelevoedingmetdespecicatiesophettypeplaatje.Symbool voor gelijkstroomvoeding.Beschermingsgraadtegenhetbinnendringenvanvastestoenenwater.Afval van elektrische en elektronische apparatuur dat moet worden afgeleverd bij geschikte faciliteiten voor recycling en verwijdering.Gegarandeerd geluidsvermogensniveauHierna volgen alle symbolen op de accu:LET OP:Lees de gebruiksaanwijzingen voordat u met de bediening van het product begint.Gooi de accu niet bij het normale huisvuil.Deponeer de accu bij de daartoe erkende inzamelingscentra.Gooi de accu niet in vuur en stel ze niet bloot aan warmtebronnen.Dompel de accu niet onder in water en stel ze niet bloot aan vocht.
15NL3. INLEIDING3.5. ALGEMENE INSTRUCTIES VOOR HET LEZEN VAN DE HANDLEIDINGDe criteria die zijn gevolgd bij het opstellen van dit document worden hieronder beschreven.1. Titel van het onderwerp (A).2. Vereisten en uitrusting voor het uitvoeren van de procedure (B).3. Beschrijving van de procedure (C).4. Beschrijvende afbeeldingen van de procedure (D).5. Titel van sectie App (E).6. Navigatieprocedure App (F).11IT 2. SICUREZZA2.3. ISTRUZIONI DI SICUREZZA PER IL FUNZIONAMENTORequisiti e attrezzatura:• Consolle di comando• Chiave di sicurezzaProcedura:1. -mette il funzionamento del Robot.2. di protezione (C) della consolle di comando (D).3. Robot.4. 5. i sensori di inclinazione (Inclinometro) arrestano il robot.6. ABCDIT283.
16 NL4. INSTALLATIE4. INSTALLATIE4.1. ALGEMENE INFORMATIE VOOR DE INSTALLATIEWAARSCHUWING:Breng geen wijzigingen aan, knoei niet, omzeil de geïnstalleerde veiligheidsvoorzieningen niet en verwijder ze niet.OPMERKING: Neem voor meer informatie over de installatie van het product contact op met een STIGA wederverkoper.4.2. ONDERDELEN VOOR DE INSTALLATIE(A) Laadstation(B) Voedingseenheid(C) Perimeterdraad (aanwezig in de basisset)(D) Bevestigingsharingen perimeterdraad (aanwezig in de basisset)(E) Bevestigingsschroeven laadstation(F) Koppeling voor perimeterdraad (aanwezig in de basisset)(G) Connectoren voor laadstation (aanwezig in de installatieset)Zie Hfdst. 9 “Toebehoren”ABCDF GE
17NL4. INSTALLATIE4. 3. CONTROLE VAN DE VEREISTEN VOOR DE INSTALLATIEHieronder ziet u hoe u de noodzakelijke vereisten kunt controleren en de tuin kunt voorbereiden voordat u doorgaat met de installatie. 4. 3. 1. CONTROLE VAN DE TUIN:• Voer een inspectie uit van het hele gebied voor een juiste detectie van de toestand van de tuin, obstakels en uit te sluiten gebieden. • Controleer of het te maaien gazon gelijkmatig is, vrij van gaten, stenen of andere obstakels en voer indien nodig de nodige herstelwerkzaamheden uit. OPMERKING: Egaliseer de grond zodat er geen plassen ontstaan als gevolg van regen. OPMERKING: Bij de eerste installatie moet de aanvankelijke hoogte van het gras binnen het werkbereik van de robotmaaier liggen: 20-60 mm. Bereid indien nodig de tuin voor met een traditionele grasmaaier. 4. 3. 2.
CONTROLES VOOR DE INSTALLATIE VAN HET LAADSTATION EN DE VOEDINGSEENHEIDELEKTRISCH GEVAAR: Om de elektrische verbinding uit te voeren, moet er nabij de zone van installatie een stekker voorzien zijn. Verzeker u ervan dat de verbinding aan het voedingsnet overeenstemt met de geldende wetten van het Land van gebruik. ELEKTRISCH GEVAAR: Sluit de voeding niet aan op een stopcontact als de stekker of de kabel beschadigd zijn. Sluit een beschadigde kabel niet aan en raak deze niet aan voordat deze is losgekoppeld van de voeding. Een beschadigde kabel kan contact met de delen onder spanning veroorzaken. ELEKTRISCH GEVAAR: Het geleverde circuit moet worden beschermd door een dierentiaalschakelaar(RCD)meteenactiveringsstroom van maximaal 30 mA. Procedure:1.
Bereid een vlak gebied aan de rand van het gazon voor om het laadstation (A) te plaatsen, bij voorkeur in het grootste deel van de tuin en in de buurt van een stopcontact. 2.
Zorg ervoor dat er voldoende ruimte is om het laadstation op een recht stuk van de perimeterdraad (B) te installeren, zodat de afstand van de basis tot eventuele bochten minimaal X = 200 cm is, de grond moet perfect vlak en compact zijn om vervorming van het oppervlak van het laadstation te voorkomen. ACBxx.
Bereid het installatiegebied van de stroomvoorziening (B) voor zodat het beschermd is tegen zonnestralen en zodat het onder geen enkele weersomstandigheden in water kan worden ondergedompeld.OPMERKING: Het verdient de voorkeur en wordt aanbevolen om de voedingseenheid (B) in een afgesloten compartiment te installeren, beschermd tegen weersinvloeden, op een plaats die niet gemakkelijk toegankelijk is voor onbevoegde personen zoals kinderen (X > 160 cm).LET OP: De voedingskabel (C), de voedingseenheid, de verlengkabel en alle andere elektrische kabels die niet bij het product horen, moeten buiten het maaigebied blijven om ze uit de buurt van gevaarlijke bewegende delen te houden en om schade aan de kabels te voorkomen waardoor ze in contact kunnen komen met onder spanning staande onderdelen.3.
Zorg ervoor dat het gebied dat wordt gekozen voor de installatie van het laadstation (D), ten minste 400 cm verwijderd is van het laadstation (E) van een tweede robotmaaier.DEBx
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Stiga G 3600 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Robotmaaier Stiga
Handleiding Robotmaaier
Nieuwste handleidingen voor Robotmaaier