Sony STR-DB940 Handleiding

Sony Receiver STR-DB940

Bekijk gratis de handleiding van Sony STR-DB940 (256 pagina’s), behorend tot de categorie Receiver. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Sony STR-DB940 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/256
GB
FR
ES
4-229-127-52(2)
FM Stereo
FM-AM Receiver
NL
Operating Instructions
Mode d’emploi
Manual de Instrucciones
Gebruiksaanwijzing
2000 Sony Corporation
STR-DB940
STR-DB840

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Sony
Categorie: Receiver
Model: STR-DB940

Handleiding Sony STR-DB940 – volledige tekst

2NLWAARSCHUWINGStel het apparaat nietbloot aan regen of vocht,om gevaar voor brand ofeen elektrische schok tevoorkomen. Open nooit de behuizing, omgevaar voor elektrischeschokken te vermijden. Laatreparaties aan de erkendevakhandel over. Plaats het apparaat niet in eengesloten ruimte, zoals eenboekenrek of ingebouwde kast. VoorzorgsmaatregelenReinigingGebruik voor het reinigen van de ombouw,het voorpaneel en de bedieningsorganeneen zachte doek, licht bevochtigd met watmilde vloeibare zeep. Gebruik geenschuurspons, schuurmiddelen of vluchtigestoffen zoals spiritus of benzine. Mocht u na het doorlezen van degebruiksaanwijzing nog vragen overof problemen met de tuner/versterkerhebben, aarzel dan niet contact op tenemen met de dichtstbijzijnde Sonyhandelaar.

VeiligheidMocht er vloeistof of een voorwerp in detuner/versterker terechtkomen, trek dande stekker uit het stopcontact en laat hetapparaat eerst nakijken door eendeskundige, alvorens het weer in gebruikte nemen. Stroomvoorziening• Controleer voor het aansluiten van detuner/versterker eerst of debedrijfspanning ervan wel overeenkomtmet de plaatselijke netspanning. Debedrijfsspanning staat aangegeven ophet naamplaatje aan de achterzijde vanhet apparaat. • Zolang het netsnoer op het stopcontact isaangesloten, blijft er spanning op hetapparaat staan, zelfs nadat het apparaatis uitgeschakeld. • Trek de stekker van het netsnoer uit hetstopcontact wanneer u denkt de tuner/versterker geruime tijd niet te zullengebruiken. Om de aansluiting op hetstopcontact te verbreken, mag uuitsluitend aan de stekker trekken; treknooit aan het snoer.

• Indien het netsnoer vervangen moetworden, mag dit alleen uitgevoerdworden door een erkendonderhoudscentrum. Opstelling• Zet de tuner/versterker op een goedgeventileerde plaats, met rondom vrijeluchtdoorstroming, om oververhittingvan de inwendige onderdelen tevoorkomen, in het belang van eenlangdurige betrouwbare werking.

• Plaats de tuner/versterker niet in debuurt van een warmtebron of in directzonlicht. Vermijd tevens plaatsen metveel stof, vocht en mechanische trillingenof schokken. • Zet niets bovenop de tuner/versterker. De ventilatie-openingen aan debovenzijde mogen niet geblokkeerdworden, in het belang van een juistfunctioneren van het apparaat en eenlangere levensduur van decomponenten. BedieningZorg ervoor dat de stekkers van denetsnoeren van de apparatuur niet in hetstopcontact zitten, alvorens deaansluitingen te maken. Sluit denetsnoeren pas als allerlaatste aan. Bij dit product zijn batterijengeleverd. Wanneer deze leegzijn, moet u ze niet weggooienmaar inleveren als KCA.

1CH ingangsaansluitingen 11Andere aansluitingen 12Aansluiten en opstellen van deluidsprekers 15Aansluiten van de luidsprekers 16Voorbereidingen treffen voor weergave 18Opstelling voor meerkanaals Surround akoestiek19Alvorens uw tuner/versterker in gebruik te nemen23Bedieningsorganen en basisbedieningvan de tuner/versterker26Bedieningsorganen op het voorpaneel 26Genieten van Surround Sound akoestiek31Kiezen van een klankbeeld 32Uitleg van de meerkanaals-akoestiekaanduidingen36Bijregelen van de klankbeelden 38Radio-ontvangst 43Automatische FM zenderopslag in alfabetischevolgorde (AUTOBETICAL)*** 44Directe afstemming 45Automatische zoekafstemming 45Geheugenafstemming 46Gebruik van het Radio Data Systeem (RDS)*** 47*** Alleen voor de modellen met landcode CEDOverige bedieningsfuncties 50Naamgeving van voorkeurzenders en beeld/geluidsbronnen 51Opnemen 51Automatisch uitschakelen met de sluimerfunctie52Instellingen met de SET UP toets 53CONTROL A1 bedieningssysteem 54Aanvullende informatie 56Verhelpen van storingen 56Technische gegevens 58Verklarende woordenlijst 61Overzicht van de instellingen met de SUR, LEVEL,EQ en SET UP toetsen 62Index (Achterpagina)NLOmtrent deze handleidingAlgemene opzet•Alle aanwijzingen in de tekst beschrijven de bediening metde toetsen op de tuner/versterker zelf.

U kunt echter ook detoetsen van de afstandsbediening gebruiken met dezelfde ofsoortgelijke namen als die op de tuner/versterker. Zie vooreen gedetailleerde beschrijving van de afstandsbediening dedaarbij geleverde afzonderlijke gebruiksaanwijzing. • Op een aantal plaatsen in deze gebruiksaanwijzing treftu het onderstaande symbool aan:z Dit symbool vestigt uw aandacht op handige tips,die de bediening vergemakkelijken.

Deze tuner/versterker is uitgerust met Dolby* Digital enPro Logic Surround akoestiek en het DTS** DigitalSurround akoestieksysteem. * Vervaardigd in licentie van Dolby Laboratories. “Dolby”, “AC-3”,“Pro Logic” en het dubbele D-symbool ; zijn handelsmerken vanDolby Laboratories. Vertrouwelijke onuitgegeven werken. Copyright 1992-1997 DolbyLaboratories, Inc. Alle rechten voorbehouden. ** Vervaardigd onder licentie van Digital Theater Systems, Inc. Patentnummer 5. 451. 942 in de Verenigde Staten. Patenten in anderelanden zijn aangevraagd. “DTS” en “DTS Digital Surround” zijn dehandelsmerken van Digital Theater Systems, Inc. © 1996 DigitalTheater Systems, Inc. Alle rechten voorbehouden. De aanwijzingen in deze handleiding gelden voor de modellenSTR-DB940 en STR-DB840. Controleer uw modelnummer, datrechtsonder op het voorpaneel staat vermeld.

De afbeeldingen indeze gebruiksaanwijzing tonen het model STR-DB940, tenzij er bijde afbeelding een ander modelnummer staat aangegeven. Verschillen in bediening tussen de modellen worden in de tekstduidelijk aangegeven, als bijvoorbeeld “alleen bij de STR-DB940”. Verschillen tussen de uitvoeringenModelnummer DB940 DB840Kenmerken5 audio-ingangen z4 audio-ingangen z4-XXX-XXX-XX AA4 Ω 8 ΩBALRLIMPEDANCE SELECTORREARFRONT CENTERAC OUTLETFRONTSPEAKERS IMPEDANCE USE 4 – 16ΩRLLRPRE OUTREARSUB WOOFERCENTEROmtrent de landcodesOver welke uitvoering van dit apparaat u beschikt, isafleesbaar aan de landcode die staat vermeld rechtsonderop het achterpaneel (zoals in de onderstaande afbeelding). Verschillen in bediening die samenhangen met de landcodestaan in de tekst duidelijk aangegeven, zoals bijvoorbeeld“Alleen voor de modellen met landcode AA”. Landcode.

4NLAansluiten vande apparatuurIn dit hoofdstuk wordt beschrevenhoe u diverse audio- en video-apparatuur kunt aansluiten op detuner/versterker. Lees vooral derelevante paragrafen voor uwapparatuur alvorens u enig apparaatop de tuner/versterker gaataansluiten. UitpakkenControleer of het onderstaande toebehoren compleet bijde tuner/versterker is meegeleverd.

zWanneer de batterijen te vervangenBij normaal gebruik zal een stel batterijen ongeveer 3 maanden meegaan(alkali-batterijen) of 2 maander (mangaan-batterijen). Als de tuner/versterker niet meer naar behoren op de afstandsbediening reageert, ishet tijd alle batterijen door nieuwe te vervangen. Opmerkingen•Leg de afstandsbediening niet op een al te warme of vochtige plaats. • Gebruik geen oude en nieuwe batterijen naast elkaar. •Let op dat de afstandsbedieningssensor van de tuner/versterker nietwordt blootgesteld aan directe zonnestraling of fel lamplicht, anderszal de afstandsbediening niet naar behoren functioneren.

•Wanneer u denkt de afstandsbediening geruime tijd niet te gebruiken,kunt u de batterijen er beter uit verwijderen, om eventuelebeschadiging door batterijlekkage en corrosie te voorkomen. • Gebruik geen verschillende soorten batterijen door elkaar. Dezeafstandsbediening is alleen geschikt voor alkali-batterijen. Alvorens met aansluiten te beginnen• Schakel eerst alle betrokken apparatuur uit, alvorens ubegint met het aansluiten ervan. •Sluit de netsnoeren van de apparatuur pas op hetstopcontact aan nadat alle andere aansluitingen in orde zijn. • Zorg dat alle aansluitingen stevig vast zitten, om bromen andere bijgeluiden te voorkomen.

•Let bij het aansluiten van de audio/videosnoeren op dat u linksen rechts niet verwisselt: sluit de gele stekkers aan op de gelestekkerbussen (voor het videosignaal); witte stekkers op wittestekkerbussen (voor het linker audiokanaal) en rode stekkers oprode stekkerbussen (voor het rechter kanaal).

5NLAansluiten van de apparatuurFM draadantenne(bijgeleverd)AM kaderantenne(bijgeleverd)Antenne-aansluitingen Verbind de met deAM kaderantenne AM aansluitklemmenFM draadantenne FM 75Ω COAXIAL stekkerbusAansluiten van de bijgeleverde FM antenne(Alleen voor de modellen met landcodes U, CA)Sluit de bijgeleverde FM draadantenne aan via deeveneens bijgeleverde FM antennestekker.Aansluiten van de antennes4 Ω 8 ΩBARLRL–INLRLROUTSIGNALGNDCOAXIALAMUUANTENNATAPEIMPEDANCE SELECTORINPHONOINCDREARFRONT CENTERMONITORINOUTMD/DATAUDIO ININVIDEO CTRL SOUTOUTVIDEO CTRL SOUTCTRL SSTATUS INCTRL SINAUDIO OUTVIDEO 1AUDIOINTV/SATAUDIO INDVD/LDAUDIO INAUDIO OUTVIDEO 2FM75ΩAC OUTLETFRONTDVD/LDOPTICALINDVD/LDCOAXIALINTV/SATOPTICALINMD/DATOPTICALINMD/DATOPTICALOUTDIGITALLRREARFRONTCENTERSUB WOOFER5.1CH INPUTVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOIN2ND AUDIO OUTCONTROL A1 VIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOOUTVIDEOS-VIDEOOUTSPEAKERS IMPEDANCE USE 4 – 16ΩRL+LRPRE OUTREARSUB WOOFERCENTERNa het aansluiten van de antennes• Om het oppikken van stoorsignalen te voorkomen, magu de AM kaderantenne niet te dicht bij de tuner/versterker of andere apparatuur zetten.• Strek de FM draadantenne zo ver mogelijk uit.• Na het aansluiten van de FM draadantenne legt ofhangt u deze zo horizontaal mogelijk.zOp plaatsen met een problematische FM-ontvangstSluit via een 75-ohm coaxiaalkabel (niet bijgeleverd) eenFM buitenantenne aan op de tuner/versterker, zoalshieronder aangegeven.

FM buitenantenne Tuner/versterkerBelangrijkAls u de tuner/versterker aansluit op een buitenantenne, dientdeze geaard te worden, ter bescherming tegen blikseminslag. Sluitde aardingsdraad nooit aan op een gasleiding; gezien de kans opeen gasexplosie is dit uiterst gevaarlijk.OpmerkingGebruik in geen geval de U SIGNAL GND platenspeler-aardaansluiting voor het aarden van de tuner/versterker.Aardleiding(niet bijgeleverd)naar een aardpuntCOAXIALAMUANTENNAFM75ΩCOAXIALFM75Ω

6NLAansluiten van de apparatuurINOUTLINELRLINEINPUT OUTPUTLINELRLINEINPUT OUTPUTLINELROUTPUTçççç4 Ω 8 ΩBARLRL–INOUTSIGNALGNDCOAXIALAMUUANTENNATAPEIMPEDANCE SELECTORINPHONOINCDREARFRONT CENTERMONITORINOUTMD/DATAUDIO ININVIDEO CTRL SOUTOUTVIDEO CTRL SOUTCTRL SSTATUS INCTRL SINAUDIO OUTVIDEO 1AUDIOINTV/SATAUDIO INDVD/LDAUDIO INAUDIO OUTVIDEO 2FM75ΩAC OUTLETFRONTDVD/LDOPTICALINDVD/LDCOAXIALINTV/SATOPTICALINMD/DATOPTICALINMD/DATOPTICALOUTDIGITALLRREARFRONTCENTERSUB WOOFER5.1CH INPUTVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOIN2ND AUDIO OUTCONTROL A1 VIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOOUTVIDEOS-VIDEOOUTSPEAKERS IMPEDANCE USE 4 – 16ΩRL+LRPRE OUTREARSUB WOOFERCENTERLRLRAudio-aansluitingenVerbind een met dePlatenspeler PHONO stekkerbussenCompact disc speler CD stekkerbussenCassettedeck TAPE stekkerbussenMinidisc-recorder of DAT cassettedeck MD/DAT stekkerbussenAarding van de platenspelerAls uw platenspeler is voorzien van een aardingsdraad,sluit u deze dan aan op de U SIGNAL GND aansluitingvan de tuner/versterker.Vereiste aansluitsnoerenAudio-aansluitsnoeren (niet bijgeleverd)Sluit bij alle snoeren de stekkers van een bepaalde kleuraan op de stekkerbussen met dezelfde kleur, op debetreffende apparaten.

7NLAansluiten van de apparatuurINOUTLINELRLINEINPUT OUTPUTLINELROUTPUTçç4 Ω 8 ΩBARLRL–SIGNALGNDCOAXIALAMUUANTENNAIMPEDANCE SELECTORINPHONOINCDREARFRONT CENTERMONITORINOUTMD/TAPEAUDIO ININVIDEO CTRL SOUTOUTVIDEO CTRL SOUTCTRL SSTATUS INCTRL SINAUDIO OUTVIDEO 1AUDIOINTV/SATAUDIO INDVD/LDAUDIO INAUDIO OUTVIDEO 2FM75ΩAC OUTLETFRONTDVD/LDOPTICALINDVD/LDCOAXIALINTV/SATOPTICALINMD/TAPEOPTICALINMD/TAPEOPTICALOUTDIGITALLRREARFRONTCENTERSUB WOOFER5.1CH INPUTVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOINCONTROL A1 VIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOOUTVIDEOS-VIDEOOUTSPEAKERS IMPEDANCE USE 4 – 16ΩRL+LRPRE OUTREARSUB WOOFERCENTERLRLRSTR-DB840Audio-aansluitingenVerbind een met dePlatenspeler PHONO stekkerbussenCompact disc speler CD stekkerbussenMinidisc-recorder of cassettedeck MD/TAPEstekkerbussenAarding van de platenspelerAls uw platenspeler is voorzien van een aardingsdraad,sluit u deze dan aan op de U SIGNAL GND aansluitingvan de tuner/versterker.Vereiste aansluitsnoerenAudio-aansluitsnoeren (niet bijgeleverd)Sluit bij alle snoeren de stekkers van een bepaalde kleuraan op de stekkerbussen met dezelfde kleur, op debetreffende apparaten.PlatenspelerMinidisc-recorder/cassettedeckCompact disc spelerwit (L) wit (L)rood (R) rood (R)

1CH INPUTVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOIN2ND AUDIO OUTCONTROL A1 VIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOOUTVIDEOS-VIDEOOUTSPEAKERS IMPEDANCE USE 4 – 16ΩRL+LRPRE OUTREARSUB WOOFERCENTERLRLRVideorecorderAansluiten op hetvoorpaneelBetreffende de video-aansluitingenU kunt de audio-uitgangsaansluitingen van uw TV-toestelverbinden met de TV/SAT AUDIO IN stekkerbussen van detuner/versterker, om het geluid van de TV weer te geven met eenakoestiekeffect naar keuze. In dit geval mag u de video-uitgangsaansluiting van het TV-toestel niet verbinden met de TV/SAT VIDEO IN stekkerbus van de tuner/versterker. Als u eenaparte TV-afstemeenheid (of een satelliet-ontvanger) aansluit,verbind dan de audio- en video-uitgangen daarvan met de tuner/versterker zoals aangegeven in bovenstaand aansluitschema.

zBij gebruik van de S-video stekkerbussen in plaats van degewone video-aansluitingenIn dit geval zult u het TV-toestel of de videomonitor ook moetenaansluiten op de S-video stekkerbus. De S-video signalen wordenalleen uitgestuurd via de S-video stekkerbussen, dus u zult via degewone video-aansluitingen geen signaal kunnen weergeven.

Video-aansluitingenVerbind een met deTV of satelliet-ontvanger TV/SAT stekkerbussenVideorecorder VIDEO 1 stekkerbussenTweede videorecorder VIDEO 2 stekkerbussenDVD videospeler of laserdisc-spelerDVD/LD stekkerbussenTV of videomonitor1)MONITOR VIDEO OUT stekkerbusCamcorder of videospel VIDEO 3 INPUT aansluitingenop het voorpaneel1)Bij de STR-DB940 kunt u de SURROUND, LEVEL enEQUALIZER parameters laten verschijnen met een druk op deON SCREEN toets van de afstandsbediening. Vereiste aansluitsnoerenAudio/video-aansluitsnoeren (niet bijgeleverd)Sluit bij alle snoeren de stekkers van een bepaalde kleur aan op destekkerbussen met dezelfde kleur, op de betreffende apparaten. Videosnoer voor het aansluiten van een TV of videomonitorU kunt hiervoor de videostekkers van het bijgeleverde audio/video/Control S aansluitsnoer gebruiken. (Alleen voor de modellen metlandcodes U, CA.

1CH INPUTVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOIN2ND AUDIO OUTCONTROL A1 VIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOOUTVIDEOS-VIDEOOUTSPEAKERS IMPEDANCE USE 4 – 16ΩRL+LRPRE OUTREARSUB WOOFERCENTERLRLRTV of satelliet-ontvangerVereiste aansluitsnoerenOptisch digitaal aansluitsnoer (niet bijgeleverd)Coaxiaal digitaal aansluitsnoer (niet bijgeleverd)Audio/video-aansluitsnoeren (niet bijgeleverd)Sluit bij alle snoeren de stekkers van een bepaalde kleur aan opde stekkerbussen met dezelfde kleur, op de betreffendeapparaten. U kunt de digitale uitgangsaansluitingen van uw DVDvideospeler of satelliet-ontvanger (enz. ) verbinden met dedigitale ingangsaansluitingen van deze tuner/versterker, omthuis te genieten van een indrukwekkend bioscoopgeluid metmeerkanaals Surround akoestiek.

Om deze meerkanaalsSurround Sound op zijn best te horen, zijn er vijf gewoneluidsprekers nodig (twee voorluidsprekers, tweeachterluidsprekers en een middenluidspreker) plus eenspeciale lagetonenluidspreker. Daarnaast kunt u tevens eenlaserdisc-speler met een RF OUT stekkerbus aansluiten via eenRF demodulator, zoals de Sony MOD-RF1 (niet bijgeleverd). Aansluiten van digitale apparatuurDVD videospeler oflaserdisc-speler (e. d.

)*U kunt de AC-3 RF OUT stekkerbus van een laserdisc-speler niet rechtstreeks aansluiten op de digitale ingangen van dezetuner/versterker. De RF uitgangssignalen moeten eerst worden omgezet in optische of coaxiale digitale signalen. Hiervoorsluit u de laserdisc-speler aan op een RF demodulator en dan verbindt u de optische of coaxiale digitale uitgang van de RFdemodulator met de OPTICAL of COAXIAL DVD/LD IN aansluiting van de tuner/versterker. Zie voor naderebijzonderheden over de AC-3 RF aansluitingen de gebruiksaanwijzing van de RF demodulator. Voorbeeld voor het aansluiten van een laserdisc-speler via een RF demodulatorRF demodulatorLaserdisc-spelerzwart zwartgeel geelOpmerkingBij het aansluiten op de hierboven getoonde wijze dient u de INPUT MODE schakelaar ( 5 op blz. 27) handmatig in de juiste stand tezetten.

10NLAansluiten van de apparatuurVereiste aansluitsnoerenOptisch digitaal aansluitsnoer (niet bijgeleverd)Audio-aansluitsnoeren (niet bijgeleverd)Sluit bij alle snoeren de stekkers van een bepaalde kleur aan opde stekkerbussen met dezelfde kleur, op de betreffendeapparaten. Verbind de digitale uitgangsaansluitingen van uwminidisc-recorder of DAT cassettedeck met de digitaleingang van de tuner/versterker en verbind de digitaleingangen van uw minidisc-recorder of DAT cassettedeckmet de digitale uitgangsaansluiting van de tuner/versterker. Via deze aansluitingen kunt u het geluid vaneen compact disc e. d. samenvoegen met de beelden vanuw DVD (of laserdisc) videospeler of van een digitaleTV-uitzending. zwart zwartOpmerkingen• Het digitaal opnemen van een digitaal meerkanaals-akoestieksignaal is niet mogelijk.

• Om digitale opnamen te maken van compact discs, verbindt u de digitale uitgangsaansluiting van uw CD-speler rechtstreeks met dedigitale ingang van uw minidisc-recorder of DAT cassettedeck. Zie voor nadere bijzonderheden de gebruiksaanwijzingen van uw CD-speler en minidisc-recorder of DAT cassettedeck. • De DVD/LD IN OPTICAL en COAXIAL ingangsaansluitingen zijn geschikt voor bemonsteringsfrequenties van 96 kHz, 48 kHz,44,1 kHz, 32 kHz. De andere OPTICAL aansluitingen zijn geschikt voor bemonsteringsfrequenties van 48 kHz, 44,1 kHz en 32 kHz. • Het is niet mogelijk analoge signalen op te nemen op een TAPE cassettedeck of een VIDEO recorder via alleen digitale aansluitingen. Voor het opnemen van analoge signalen zult u analoge aansluitingen moeten maken. Voor het opnemen van digitale signalen maakt udigitale aansluitingen.

• Digitale signalen met een bemonsteringsfrequentie van 96 kHz moeten worden doorgegeven via de DVD LD/IN OPTICAL of COAXIALingangsaansluitingen. Bij gebruik van andere ingangen kan het geluid af en toe wegvallen.

1CH INPUT CENTER en SUB WOOFERaansluitingenzwart zwartVideosnoer (niet bijgeleverd)Eén snoer, voor de DVD/LD VIDEO IN aansluiting (enz. )geel geelOpmerkingBij het maken van de hieronder beschreven aansluitingendient u de geluidssterkte van de akoestiekluidsprekers en delagetonenluidspreker in te stellen op uw DVD videospeler ofmeerkanaals-decodeerapparaat. Alhoewel deze tuner/versterker is uitgerust met een eigenmeerkanaals-decodeertrap, is hij tevens voorzien van een compleetstel 5. 1CH INPUT meerkanaals-ingangsaansluitingen die u kuntgebruiken voor weergave van meerkanaals-software gecodeerd inandere formaten dan Dolby Digital (AC-3) en DTS. Als uw DVDvideospeler beschikt over 5. 1CH OUTPUT meerkanaals-uitgangen,kunt u deze rechtstreeks aansluiten op dit apparaat om te luisterennaar de geluidsweergave via de meerkanaals-decodeertrap van deDVD videospeler. Bovendien kunt u op de 5.

Om de meerkanaals Surround Sound op zijn best te horen, zijn er vijfgewone luidsprekers nodig (twee voorluidsprekers, tweeachterluidsprekers en een middenluidspreker) plus een specialelagetonenluidspreker. Zie de gebruiksaanwijzing van uw DVDvideospeler, meerkanaals-decodeereenheid e. d. voor naderebijzonderheden over de benodigde 5. 1 meerkanaalsingangsaansluitingen. Voorbeeld voor het aansluiten van een DVD videospeler met behulp van de 5. 1CH INPUTstekkerbussenOpmerkingZie blz. 16 voor nadere details over het aansluiten van de luidsprekers. DVD videospelerLinker voorluidsprekerRechter voorluidsprekerLinker achterluidsprekerRechter achterluidsprekerMiddenluidsprekerActievelagetonenluidsprekerDVD videospeler,meerkanaals-decodeereenheid, enz. DVD/LDIN VIDEO enz. 5. 1 CH INPUTVIDEO OUTSUB WOOFERSPEAKERSREAR/CENTERSPEAKERSFRONT501397462810••••••••••••••••••••••••••••••–••••–+ –+++–. /1.

1CH INPUTVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOIN2ND AUDIO OUTCONTROL A1 VIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOOUTVIDEOS-VIDEOOUTSPEAKERS IMPEDANCE USE 4 – 16ΩRL+LRPRE OUTREARSUB WOOFERCENTERLRLRNetsnoerVereiste aansluitsnoerenAudio-aansluitsnoeren (niet bijgeleverd)Sluit bij alle snoeren de stekkers van een bepaalde kleur aan opde stekkerbussen met dezelfde kleur, op de betreffendeapparaten. wit (L) wit (L)rood (R) rood (R)Audio/video/Control S aansluitsnoer (1)**Control S aansluitsnoer (1)**zwart E zwart Enaar een stopcontactAndere aansluitingen* De uitvoering, de vorm en het aantal netuitgangen op het achterpaneel van de tuner/versterker verschilt afhankelijk van de modelversie en het landwaar het apparaat wordt verkocht. ** Alleen voor de modellen met landcodes U, CA.

De 2ND AUDIO OUT uitgangsaansluitingen kunt u gebruiken om het signaal van de gekozen weergavebron door te gevenaan een stereo versterker in een andere kamer. Daarbij kunt u de MODE toets en de FUNCTION knop (4 op blz. 26 en 27)gebruiken om het weergave-geluidssignaal naar de andere kamer te sturen. Rechter luidsprekerLinker luidsprekerEerste luisterkamerStereo versterkerAndere kamerAUDIO OUTAUDIOINSPEAKERSRL501397462810••••••••••••••••••••••••••••••–••••–+ –+++–. /1OpmerkingDeze mogelijkheid is niet beschikbaar wanneer er is gekozen voor 5. 1CH INPUT meerkanaals-weergave.

13NLAansluiten van de apparatuur******ADEBCAUDIOOUTOUT INS-LINKVIDEOININS-LINKVIDEOOUTAUDIOOUTOUTPUTINS-LINKVIDEOOUTAUDIOOUTOUTPUTMONITORAUDIO INCTRL SOUTCTRL SOUTCTRL SSTATUS INCTRL SINAUDIO OUTVIDEO 1AUDIOINTV/SATAUDIO INDVD/LDVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOOUTVIDEOS-VIDEOOUTTV-toestelTuner/versterkerS-LINK CONTROL S aansluitingen(Alleen voor de modellen met landcodes U, CA)Als u beschikt over een voor S-LINK CONTROL S aansluitingengeschikte Sony TV, satelliet-ontvanger, videomonitor, DVDvideospeler of videorecorder, gebruik dan het audio/video/Control S aansluitsnoer (bijgeleverd) of het Control S aansluitsnoer(bijgeleverd) om de CTRL S (STATUS) IN stekkerbus (voor de TV,satelliet-ontvanger of videomonitor) of de idem OUT stekkerbus(voor de videorecorder e. d. ) van de tuner/versterker te verbindenmet de geschikte S-LINK stekkerbus op het betreffende apparaat.

Zie voor nadere bijzonderheden de gebruiksaanwijzing van uw TV-toestel, satelliet-ontvanger, videomonitor, videorecorder e. d. De onderstaande afbeelding geeft een voorbeeld voor de S-LINKCONTROL S aansluitingen tussen de tuner/versterker, een TV-toestel,videorecorder en DVD videospeler. Als uw TV is aangesloten op detuner/versterker zoals hieronder afgebeeld, zal het ingangskanaal vande TV worden overgeschakeld naar video-weergave zodra u de tuner/versterker inschakelt. Als u de tuner/versterker aansluit zoals hieronderis afgebeeld, zal de ingangskeuze van de tuner/versterker wordenovergeschakeld naar VIDEO 1 of DVD/LD zodra u het afspelen start opuw videorecorder of DVD videospeler. Bij de volgende aansluitingen wordt de ingangskeuze van de tuner/versterker ook ingesteld op TV-weergave wanneer u de TV bedient.

)** Control S aansluitsnoerOpmerkingZie voor nadere aanwijzingen over de functies die u vanaf hetTV-toestel kunt bedienen de gebruiksaanwijzing van uw TV-toestel. CONTROL A1 aansluiting• Als u beschikt over een voor CONTROL A1 geschikte Sony CD-speler, cassettedeck ofminidisc-recorderGebruik een CONTROL A1 snoer (niet bijgeleverd) omde CONTROL A1 stekkerbus van een CD-speler,cassettedeck of minidisc-recorder te verbinden met deCONTROL A1 stekkerbus van de tuner/versterker. Zie voor nadere bijzonderheden de beschrijving op blz. 54 onder “CONTROL A1 bedieningssysteem” en degebruiksaanwijzingen bijgeleverd bij uw CD-speler,cassettedeck of minidisc-recorder. OpmerkingAls u een CONTROL A1 verbinding maakt tussen de tuner/versterker en een minidisc-recorder welke tevens op eencomputer is aangesloten, mag u de tuner/versterker nietbedienen terwijl de “Sony MD Editor” software wordtgebruikt.

Dit kan namelijk resulteren in een foutieve werkingvan de apparatuur. • Als u beschikt over een Sony CD-wisselaar meteen COMMAND MODE schakelaarAls de COMMAND MODE schakelaar van uw CD-wisselaar kan worden ingesteld op CD 1, CD 2 of CD 3,zet deze dan in de “CD 1” stand en sluit de CD-wisselaar aan op de CD ingangen van de tuner/versterker. Als u echter een Sony CD-wisselaar met VIDEO OUTaansluitingen heeft, zet de COMMAND MODEschakelaar dan in de “CD 2” stand en sluit de CD-wisselaar aan op de VIDEO 2 ingangen van de tuner/versterker.

14NLAansluiten van de apparatuurAansluiten van het netsnoerAlvorens u de netsnoerstekker van deze tuner/versterkerin het stopcontact steekt:• Sluit eerst alle luidsprekers op de tuner/versterker aan(zie blz. 16).• Draai de MASTER VOLUME regelaar geheel naar linksin de minimumstand (0).Sluit de netsnoeren van uw audio/video-apparatuur aanop een gewoon wandstopcontact.Als u het netsnoer van andere audio/video-apparatuuraansluit op de AC OUTLET netstroomuitgang(en)achterop de tuner/versterker, zal de tuner/versterkerzorgen voor de stroomvoorziening van de anderecomponent(en), zodat u de bijbehorende apparatuurallemaal tegelijk met de tuner/versterker kunt in- enuitschakelen.WaarschuwingLet op dat het totale stroomverbruik van de apparatuuraangesloten op de AC OUTLET netstroomuitgang(en) achteropde tuner/versterker het bij deze uitgang aangegeven vermogenniet overschrijdt.

Sluit op de netuitgang(en) in geen gevalhuishoudelijke apparatuur aan zoals een strijkijzer, een ventilator,een TV-toestel of andere apparatuur met een hoogstroomverbruik.OpmerkingAls de stekker ongeveer twee weken lang uit het stopcontactblijft, zal het geheugen van de tuner/versterker geheel gewistworden en dan zal bij het volgende gebruik weer eendemonstratie van de functies worden gegeven.Andere aansluitingen

15NLAansluiten en opstellen van de luidsprekersSET UP501397462810••••••••••••••••••••••••••••••–••••–+ –+++–?/1Aansluiten enopstellen vandeluidsprekersIn dit hoofdstuk volgt eenbeschrijving voor het aansluiten vande luidsprekers op de tuner/versterker, het opstellen van deluidsprekers en het afregelen ervanvoor de beste meerkanaals SurroundSound kwaliteit.CursortoetsenKort overzicht van de toetsen en regelaarsdie u gebruikt voor het instellen van deluidsprekersInsteltoets (SET UP): Druk op deze toets wanneer uinstellingen wilt maken voor het soort luidsprekers en deluidsprekerafstanden.Cursortoetsen (/ ): Voor het kiezen van deparameters na indrukken van de SET UP toets.Instelknop: Draai hieraan om de gekozen parametersnaar wens in te stellen.Instelknop

1CH INPUTVIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOIN2ND AUDIO OUTCONTROL A1 VIDEOS-VIDEOINVIDEOS-VIDEOOUTVIDEOS-VIDEOOUTSPEAKERS IMPEDANCE USE 4 – 16ΩRL+LRPRE OUTREARSUB WOOFERCENTERLRLRRechtervoorluidsprekerLinkervoorluidsprekerMiddenluidsprekerRechterachterluidsprekerLinkerachterluidsprekerLuidspreker-aansluitingenVerbind de met deVoorluidsprekers (8 of 4* ohm) SPEAKERS FRONT AstekkerbussenExtra stel voorluidsprekers SPEAKERS FRONT B(8 of 4* ohm) stekkerbussenAchterluidsprekers (8 of 4* ohm) SPEAKERS REARstekkerbussenMiddenluidspreker (8 of 4* ohm) SPEAKERS CENTERstekkerbussenActieve lagetonenluidspreker SUB WOOFER PRE OUTstekkerbus***Zie de beschrijving onder “Luidspreker-impedantie” op de volgende bladzijde. ** U kunt de actieve lagetonenluidspreker aansluiten op een van beidestekkerbussen naar keuze. Op de andere stekkerbus kunt udesgewenst een tweede actieve lagetonenluidspreker aansluiten.

Als u bijvoorbeeld alleen de voorluidsprekerswilt laten aandrijven door een andere eindversterker, dan sluit u dieversterker aan op de PRE OUT FRONT L en R uitgangen. Opmerkingen over het aansluiten van deluidsprekers•Aan de luidsprekerkant stript u ongeveer 10 mm (2/3 inch) van deisolatie van het snoer en draait u de kerndraden ineen. Let bij elksnoer op dat u de draden niet verwisselt: sluit + aan op + en – op –. Als de draden verwisseld worden, zal bij weergave de positie vande muziekinstrumenten onduidelijk zijn, terwijl de lage tonengrotendeels zullen ontbreken. •Als u voorluidsprekers gebruikt met een relatief gering maximaalingangsvermogen, stel dan de geluidssterkte erg voorzichtig in, omoverbelasting van de luidsprekers te vermijden.

17NLAansluiten en opstellen van de luidsprekersLuidspreker-impedantieOm te genieten van meerkanaals-akoestiekweergave dientu voor-, midden- en achterluidsprekers aan te sluiten meteen nominale impedantie van 8 ohm of meer; dan zet u deIMPEDANCE SELECTOR luidspreker-impedantiekiezerin de “8Ω” stand. Controleer de gebruiksaanwijzing vanuw luidsprekers als u niet zeker bent van de impedantieervan. (Deze informatie staat meestal ook aangegeven opde achterkant van de luidsprekerboxen. )U kunt een stel luidsprekers met een nominaleimpedantie tussen 4 en 8 ohm aansluiten op deSPEAKERS aansluitingen. Ook als u maar één luidsprekerbinnen dit bereik aansluit, dient u de IMPEDANCESELECTOR schakelaar in de “4Ω” stand te zetten. OpmerkingGebruik alleen voorluidsprekers met een nominale impedantievan 8 ohm of meer, als u twee stel voorluidsprekers (A+B)tegelijk wilt gebruiken (zie blz. 30).

In dit geval zet u deIMPEDANCE SELECTOR schakelaar op “4Ω”. Om kortsluiting van de luidsprekers tevoorkomenKortsluiting in de luidsprekercircuits kan schade aan detuner/versterker veroorzaken. Om dit te voorkomen,dient u bij het aansluiten van de luidsprekers de volgendeaanwijzingen in acht te nemen. Zorg dat de gestripte uiteinden van deluidsprekerdraden elkaar niet raken; laat ze nietzover uitsteken dat ze kortsluiting met andereaansluitpunten kunnen maken. Onjuist aangesloten luidsprekersnoerenDe draad van een luidsprekersnoer raakt een andereaansluitklem. De gestripte uiteinden van de luidsprekerdraden rakenelkaar, omdat er teveel van de isolatie is verwijderd. Na het aansluiten van alle geluidsbronnen,luidsprekers en het netsnoer dient u voor hetgebruik eerst een testtoon weer te geven om tecontroleren of alle luidsprekers naar behoren zijnaangesloten.

18NLAansluiten en opstellen van de luidsprekersVoorbereidingen treffen voor weergaveNadat u de luidsprekers hebt aangesloten en de tuner/versterker hebt ingeschakeld, dient u het geheugen vanhet apparaat te wissen. Vervolgens kiest u de luidspreker-instellingen (formaat, opstelling e. d. ) en treft u de anderevoorbereidingen die nodig zijn voor weergave. Alvorens de tuner/versterker in teschakelenZorg eerst dat de:• MASTER VOLUME regelaar geheel naar links isgedraaid (in de 0 minimumstand). • juiste voorluidsprekers zijn gekozen (zie onder “wjLuidspreker-keuzeschakelaar (SPEAKERS) op blz. 30. )Het geheugen van de tuner/versterkerwissenVoor het eerste gebruik van de tuner/versterker ofwanneer u het geheugen van het apparaat wilt wissen,gaat u als volgt te werk. Overigens is dit wissen nietnodig als er automatisch een demonstratie begintwanneer u het apparaat inschakelt.

1 Schakel de tuner/versterker uit. 2 Houd de. /1 aan/uit-schakelaar 5 seconden langingedrukt. Nu toont het uitleesvenster eerst de gekozengeluidsbron en dan een aankondiging van dedemonstratie. Al de volgende onderdelen wordengewist of in de uitgangsstand teruggesteld:• Alle vastgelegde voorkeurzenders verdwijnen uithet geheugen. • Alle klankbeeldparameters worden teruggesteld opde oorspronkelijke fabrieksinstellingen. • Alle vastgelegde namen (van de voorkeurzendersen andere geluidsbronnen) worden gewist. • Alle instellingen die zijn gemaakt met de SET UPtoets keren terug naar de fabrieksinstellingen. • De klankbeelden die zijn gekozen voor afzonderlijkeweergavebronnen en voorkeurzenders verdwijnenuit het geheugen.

Mogelijke voorbereidingen voorweergaveAlvorens u de tuner/versterker in gebruik neemt, dient umet de SET UP toets bepaalde instellingen aan te passenaan de configuratie van uw stereo-installatie. Het gaat omde onderstaande instellingen. Zie voor nadereaanwijzingen over het instellen de tussen haakjesaangegeven bladzijden. • Luidsprekerformaat en opstelling (blz. 19 - 22).

• Luidsprekerafstanden (blz. 19). • Andere apparatuur automatisch laten in- enuitschakelen via het CONTROL A1 bedieningssysteem (blz. 53). • Al dan niet uitschakelen van het uitleesvenster bijindrukken van de DIMMER toets (blz. 54). • Alleen voor de STR-DB940:– Werking van het 2-weg afstandsbedieningssysteem(blz. 53). – Keuze van de kleur van de schermaanduidingen(blz. 54). – Keuze van het kleursysteem voor de TV ofvideomonitor (uitgezonderd de modellen metlandcodes U, CA) (blz. 54). 1/u501397462810••••••••••••••••••••••••••••••–••••–+ –+++–. /1DemonstratiefunctieDe demonstratiefunctie wordt automatisch geactiveerdwanneer u het apparaat de eerste maal inschakelt. Wanneerde demonstratie begint, verschijnt in het uitleesvenstertweemaal de volgende melding:“Now Demonstration Mode. To finish thedemonstration, please push POWER KEY while thismessage appears in the display. Thank you.

”Annuleren van de demonstratiefunctieDruk op de. /1 schakelaar terwijl de bovenstaande mededeling inhet uitleesvenster wordt getoond zodat de tuner/versterker wordtuitgeschakeld. De volgende keer dat u het apparaat inschakelt, zalde demonstratiefunctie niet geactiveerd worden. Activeren van de demonstratiefunctieHoud de SET UP toets ingedrukt en druk dan op de. /1toets om de tuner/versterker in te schakelen. OpmerkingWanneer de tuner/versterker een demonstratie geeft, wordthet geheugen gewist. Zie “Het geheugen van de tuner/versterker wissen” op deze pagina voor naderebijzonderheden betreffende hetgeen er gewist wordt.

19NLAansluiten en opstellen van de luidsprekersVoor de beste, ruimtelijk klinkende akoestiekweergavezouden alle luidsprekers in principe op gelijke afstandvan uw luisterplaats (A) moeten staan. Deze tuner/versterker biedt u echter de mogelijkheid demiddenluidspreker tot ongeveer 1,5 meter (5 feet)dichterbij te zetten (B) en de achterluidsprekers totongeveer 4,5 meter (15 feet) dichterbij uw luisterplaats(C). Bovendien kunnen de voorluidsprekers zoweldichterbij als verderaf gezet worden, van 1,0 tot 12,0 meter(3 tot 40 feet) van uw luisterplaats (A). U kunt kiezen of u de achterluidsprekers achter uwluisterplaats wilt zetten of aan weerszijden er naast,afhankelijk van de vorm van uw kamer (enz. ). OpmerkingZet de middenluidspreker of de achterluidsprekers niet verdervan uw luisterplaats dan de voorluidsprekers.

• Klinkt het geluid vervormd, of is de ruimtelijke weergavevan meerkanaals Surround Sound niet naar wens, met teweinig basweergave, dan kiest u de stand “SMALL” omde basverdelingscircuits in te schakelen, zodat de laagstefrequenties van de voorkanalen worden overgeheveldnaar de aparte lagetonen-luidspreker.

20NLAansluiten en opstellen van de luidsprekersx Formaat van de middenluidspreker (CENTER)Oorspronkelijke instelling: LARGE• Is er een grote middenluidspreker aangesloten die allelage tonen zonder problemen kan weergeven, dan kiest ude stand “LARGE”. Gewoonlijk zal de stand “LARGE”het best voldoen. Als de voorluidsprekers echter zijningesteld op “SMALL”, kunt u de middenluidsprekerniet instellen op “LARGE”. • Klinkt het geluid vervormd, of is de ruimtelijke weergavevan meerkanaals Surround Sound niet naar wens, met teweinig basweergave, dan kiest u de stand “SMALL” omde basverdelingscircuits in te schakelen, zodat de laagstefrequenties van het middenkanaal worden overgeheveldnaar de voorluidsprekers (als die op “LARGE” zijningesteld) of naar de aparte lagetonen-luidspreker. *1• Sluit u geen middenluidspreker aan, kies dan de stand“NO”.

Al het geluid van het middenkanaal wordt danweergegeven door de voorluidsprekers. *2x Formaat van de achterluidsprekers (REAR)Oorspronkelijke instelling: LARGE• Zijn er grote achterluidsprekers aangesloten die alle lagetonen zonder problemen kunnen weergeven, dan kiest ude stand “LARGE”. Gewoonlijk zal de stand “LARGE”het best voldoen. Als de voorluidsprekers echter zijningesteld op “SMALL”, kunt u de achterluidsprekers nietinstellen op “LARGE”. • Klinkt het geluid vervormd, of is de ruimtelijke weergavevan meerkanaals Surround Sound niet naar wens, met teweinig basweergave, dan kiest u de stand “SMALL” omde basverdelingscircuits in te schakelen, zodat de laagstefrequenties van de achterkanalen worden overgeheveldnaar de aparte lagetonen-luidspreker of naar een anderstel “LARGE” luidsprekers die hier beter op zijnberekend. • Sluit u geen achterluidsprekers aan, kies dan de stand“NO”.

*3z*1~*3 komen overeen met de volgende Dolby Pro Logicstanden voor de middenkanaal-aanpassing*1 NORMAL*2 PHANTOM*3 3 STEREOz Betreffende de luidsprekerformaten (LARGE en SMALL)Bij de interne signaalverwerking bepaalt de keuze van hetLARGE of SMALL luidsprekerformaat voor elk stel luidsprekersof de ingebouwde akoestiekprocessor de laagste frequenties aldan niet naar de betreffende luidspreker(s) zal uitsturen. Als delage tonen uit een bepaald kanaal worden verwijderd, zullen debasverdelingscircuits die frequenties overbrengen naar de apartelagetonen-luidspreker of naar een ander stel “LARGE”luidsprekers die er beter op zijn berekend. Aangezien echter ook de lage tonen een zekere mate vanrichtingsgevoeligheid hebben, is het beter het gehelefrequentiespectrum van de verschillende kanalen intact te laten,indien mogelijk.

Daarom kunt u zelfs met een stel kleineluidsprekers toch de stand “LARGE” kiezen als u de lage tonenook door die luidsprekers wilt laten weergeven. En andersom,als u grote luidsprekers aansluit maar niet wilt dat ze de laagstetonen weergeven, kunt u voor die luidsprekers best “SMALL”kiezen. Als de totale geluidsindruk minder is dan gewenst, kiest u danvoor alle luidsprekers de stand “LARGE”. Als er te weinig bassenklinken, kunt u die extra versterken met de grafiek-toonregeling. Zie voor het instellen van de grafiek-toonregeling blz. 40. x Opstelling van de achterluidsprekers (REARPLACE)*Oorspronkelijke instelling: BEHINDMet deze parameter kunt u de plaats van uwachterluidsprekers invoeren, voor een juiste werking vande Digital Cinema Sound klankbeelden in het“VIRTUAL” akoestiekgenre. Zie de onderstaandeafbeelding.

• Stel in op “SIDE” als de plaats van uwachterluidsprekers binnen het zijgebied A valt. • Stel in op “MIDDLE” als uw achterluidsprekers verdernaar achteren staan opgesteld, in het gebied B. • Stel in op “BEHIND” als uw achterluidsprekershelemaal achteraan staan, in het gebied C.

21NLAansluiten en opstellen van de luidsprekersx Aanwezigheid van een lagetonen-luidspreker(SUB WOOFER)Oorspronkelijke instelling: YES• Als u een lagetonen-luidspreker hebt aangesloten, steltu hierbij in op “YES”. • Gebruikt u geen aparte lagetonen-luidspreker, dan steltu in op “NO”. Hiermee schakelt u debasverdelingscircuits in, zodat de LFE laagfrequentesignalen worden overgenomen door de andereluidsprekers. • Om volledig profijt te trekken van de Dolby Digital(AC-3) basverdelingscircuits willen wij u aanbevelenom de bovengrensfrequentie voor de lagetonen-luidspreker zo hoog mogelijk in te stellen. x Afstand van de voorluidsprekers (FRONT)Oorspronkelijke instelling: 5,0 meter (16 feet*)Stel hier de afstand in van uw luisterplaats tot de linker ofrechter voorluidspreker (afstand A op blz. 19).

• De afstand van de achterluidsprekers is instelbaar instapjes van 0,1 meter (1 foot*), van (maximaal) dezelfdeafstand als de voorluidsprekers (afstand A op blz. 19)tot 4,5 meter (15 feet*) dichter bij uw luisterplaats(afstand C op blz. 19). • Plaats de achterluidsprekers niet op grotere afstand vanuw luisterplaats dan de voorluidsprekers. • Als de beide achterluidsprekers niet precies even vervan uw luisterplaats verwijderd zijn, kiest u hier deafstand van de dichtstbijzijnde luidspreker. * Alleen voor de modellen met landcodes U, CA. x Hoogte van de achterluidsprekers (REARHEIGHT)*Oorspronkelijke instelling: LOWMet deze parameter kiest u de hoogte van uwachterluidsprekers, voor een juiste werking van de DigitalCinema Sound klankbeelden in het “VIRTUAL”akoestiekgenre. Zie de onderstaande afbeelding.

•Stel in op “LOW” als uw achterluidsprekers op de grondstaan of vrij laag zijn opgehangen, in het gebied A. • Stel in op “HIGH” als uw achterluidsprekers relatiefhoog aan de wand hangen, in het gebied B. Deze instelling is alleen van invloed op de klankbeeldenin het “VIRTUAL” akoestiekgenre. * Deze parameters zijn niet beschikbaar als er eerder voorhet “Formaat van de achterluidsprekers (REAR)” “NO”is gekozen. zBetreffende de opstelling van de achterluidsprekers (SIDE,MIDDLE en BEHIND)Deze instelling is speciaal bestemd voor de Digital Cinema Soundklankbeelden in het “VIRTUAL” akoestiekgenre. Bij deze klankbeeldenis de luidspreker-opstelling niet zo’n overheersende factor als bij deandere akoestiekfuncties.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Sony STR-DB940 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden