Solo CS 3640 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Solo CS 3640 (524 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 19 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Solo CS 3640 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Solo |
| Categorie: | Zaagmachine |
| Model: | CS 3640 |
Handleiding Solo CS 3640 – volledige tekst
NL52 CS 3635Vertaling van de originele gebruikershandleidingVERTALING VAN DE ORIGINELE GEBRUIKERSHANDLEIDINGInhoudsopgave1 Over deze gebruiksaanwijzing. 531. 1 Symbolen op de titelpagina. 531. 2 Verklaring van pictogrammen en sig-naalwoorden. 532 Productbeschrijving. 532. 1 Beoogd gebruik. 532. 2 Mogelijk voorzienbaar foutief gebruik 542. 3 Overige risico's. 542. 4 Veiligheids- en beveiligingsvoorzie-ningen. 542. 4. 1 Inschakelbeveiliging. 542. 4. 2 Kettingrem/kettingrembeugel. 542. 4. 3 Beveiliging tegen overbelasting. 542. 5 Symbolen op het apparaat. 542. 5. 1 Veiligheidstekens. 542. 5. 2 Bedieningstekens. 552. 6 Productoverzicht (01 – 03). 552. 7 Leveringsomvang (04). 562. 8 Optionele accessoires. 563 Veiligheidsinstructies. 563. 1 Algemene veiligheidsinstructies voorelektrische machines. 563. 1. 1 Veiligheid op de werkplek. 563. 1. 2 Elektrische veiligheid. 573. 1.
443698_a 53Over deze gebruiksaanwijzing10 Transport. 7111 Machine opbergen. 7112 Verwijderen. 7213 Technische gegevens. 7314 Klantenservice/service centre. 7415 Informatie bij de conformiteitsverklaring. 7416 Garantie. 741 OVER DEZE GEBRUIKSAANWIJZING■De Duitse versie is de originele gebruiksaan-wijzing. Alle andere taalversies zijn vertalin-gen van de originele gebruiksaanwijzing. ■Bewaar deze gebruiksaanwijzing goed zodatu erin het antwoord op uw vragen kunt terug-vinden wanneer u informatie over de machi-ne nodig heeft. ■Draag de machine alleen samen met dezegebruiksaanwijzing aan andere personenover. ■Lees en neem de veiligheids- en waarschu-wingsinstructies in deze gebruiksaanwijzingin acht. 1. 1 Symbolen op de titelpaginaSymbool BetekenisLees voor de ingebruikname dezegebruiksaanwijzing absoluut zorg-vuldig door. Dit is de voorwaardevoor veilig werken en een storings-vrij gebruik.
GebruiksaanwijzingLiGa voorzichtig met Li-Ion accu´som. Neem met name de aanwijzin-gen voor transport, opslag en afval-verwijdering in acht. 1. 2 Verklaring van pictogrammen ensignaalwoorden GEVAAR. Wijst op een direct gevaarlijke si-tuatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, totde dood of tot een ernstig letsel leidt. WAARSCHUWING. Wijst op een potentieelgevaarlijke situatie, die, wanneer ze niet verme-den wordt, tot de dood of tot een zwaar letsel kanleiden. VOORZICHTIG. Wijst op een potentieel ge-vaarlijke situatie, die, wanneer ze niet vermedenwordt, tot een licht of middelzwaar letsel kan lei-den. LET OP. Wijst op een situatie, die, wanneer zeniet vermeden wordt, tot materiële schade kanleiden. OPMERKING Speciale aanwijzingen voormeer duidelijkheid en een beter gebruik.
2 PRODUCTBESCHRIJVINGDeze gebruikshandleiding beschrijft een handge-dragen elektrische kettingzaag, die wordt aange-dreven door een accu. Alle accu´s (Bxxx Li) en opladers (Cxxx Li) vanhet AL-KO 36V-systeem kunnen worden ge-bruikt. LET OP. Gevaar voor schade aan apparaaten accu.
Als het apparaat wordt gebruikt meteen ongeschikte accu, kunnen apparaat en accubeschadigd raken. ■Gebruik het apparaat alleen met de voorge-schreven accu. OPMERKING In de gebruiksaanwijzingenvoor de accu´s en opladers van het AL-KO 36V-systeem staat verdere informatie:■Accu´s: Doc. -nr. 441630, 443549■Opladers: Doc. -nr. 441633, 4435512. 1 Beoogd gebruikDe kettingzaag is uitsluitend bedoeld voor parti-culier gebruik rond het huis en in hobbytuinen. Ineen dergelijke omgeving kan de kettingzaag wor-den gebruikt voor licht houtzaagwerk, zoals:■verzagen van snoeihout■snoeien van hagen■zagen van brandhout■vellen van kleine bomen (bijv. fruitbomen)Dankzij de elektrische aandrijving kan de accu-kettingzaag niet alleen in de buitenlucht, maarook in afgesloten ruimten worden gebruikt voorhet zagen van hout.
NL54 CS 3635ProductbeschrijvingDit apparaat is uitsluitend bedoeld voor particuliergebruik. Ieder ander gebruik alsmede niet-toege-stane verbouwingen of uitbreidingen worden voormisbruik aangezien en hebben de uitsluiting vande garantie en het verlies van de conformiteit ende weigering van iedere verantwoordelijkheidvoor schade van de gebruiker of van derden vande fabrikant tot gevolg. VOORZICHTIG. Letselgevaar door on-doelmatig gebruik. Wanneer de kettingzaagwordt gebruikt voor het zagen van hout waarinvreemde voorwerpen zijn verwerkt, of anderevoorwerpen, kan dit tot persoonlijk letsel leiden. ■Gebruik de kettingzaag uitsluitend voor lichthoutzaagwerk. ■Controleer het hout voor het zagen opvreemde voorwerpen, bijv. spijkers, schroe-ven, hang- en sluitwerk. 2.
2 Mogelijk voorzienbaar foutief gebruik■Snoei nooit takken, die zich recht boven ofonder een scherpe hoek ten opzichte van degebruiker of overige personen bevinden. ■Gebruik nooit afgewerkte olie voor de sme-ring van de kettingzaag. ■Ter bescherming van het milieu dient geenminerale zaagkettingolie te worden gebruikt. Opmerking:Informeer of minerale zaagket-tingolie in uw land verboden is. ■Gebruik het apparaat niet in omgevingen meteen potentieel explosiegevaar. 2. 3 Overige risico'sOok bij doelmatig gebruik van het apparaat kansprake zijn van een restrisico dat niet kan wordenuitgesloten. Door het type en de constructie vanhet apparaat kunnen volgende gevaren niet wor-den uitgesloten. ■Contact met de vrij toegankelijke tanden vande ketting (gevaar voor snijletsel). ■Toegang tot de draaiende ketting (gevaarvoor snijletsel).
■Plotselinge en onverwachte beweging van degeleiderail met zaagketting (gevaar voor snij-letsel). ■Loskomen van delen van de ketting (gevaarvoor (snij)letsel). ■Loskomen van delen van het bewerkte hout. ■Gehoorschade tijdens het werk wanneergeen gehoorbescherming wordt gedragen. 2. 4 Veiligheids- enbeveiligingsvoorzieningen WAARSCHUWING.
Gevaar voor zwaarletsel door gemanipuleerde veiligheids- enbeveiligingsvoorzieningen. Wanneer veilig-heids- en beveiligingsvoorzieningen zijn gemani-puleerd, kan tijdens werkzaamheden met de ket-tingzaag zwaar letsel worden toegebracht. ■Stel de beschermings- en beveiligingsvoor-zieningen nooit buiten werking. ■Werk uitsluitend met de kettingzaag, wan-neer alle veiligheids- en beveiligingsvoorzie-ningen correct functioneren. 2. 4. 1 InschakelbeveiligingWanneer de gebruiker herhaald snel achter el-kaar gas geeft, schakelt de kettingzaag geduren-de enkele seconden uit, om de elektronica en dekettingzaag te beschermen. In dergelijke gevallenwacht u tot de kettingzaag weer kan worden in-geschakeld. 2. 4. 2 Kettingrem/kettingrembeugelDe kettingzaag is uitgerust met een handbedien-de kettingrem die bijv. bij een terugslag (kick-back) via de kettingrembeugel wordt geactiveerd.
Bij bediening van de kettingrem worden de ket-tingzaag en de motor onmiddellijk gestopt. 2. 4. 3 Beveiliging tegen overbelastingDe kettingzaag is uitgerust met een overlastbe-veiliging, die bij een overbelasting uitschakelt. Na een korte afkoelperiode kan de kettingzaagweer worden ingeschakeld. 2. 5 Symbolen op het apparaat2. 5. 1 VeiligheidstekensSymbool BetekenisDraag veiligheidshandschoenen. Draag stevige schoenen. Lees vóór ingebruikname de ge-bruiksaanwijzing.
Zaag nooit met hetuiteinde van het zwaard!Houd de kettingzaag tijdens het za-gen nooit met slechts één handvast!Gebruik de zaag niet in de regen!Bescherm de zaag tegen vocht!Draag een veiligheidshelm, gehoor-bescherming en oogbescherming!2.5.2 BedieningstekensSymbool Betekenis■Kettingrembeugel (handbescherming) naarvoren duwen: rem bedienen.■Kettingrembeugel (handbescherming) naarachter duwen: rem loszetten.Zaagketting ontspannen (-) of span-nen (+).Draaisluiting dicht- of opendraaien.Symbool BetekenisDraairichting van de zaagketting(onder afdekking voor kettingtand-wiel)Smering van de zaagketting verho-gen of verlagen.Aanduiding van het reservoir voorde zaagkettingolieLedlicht in- en uitschakelen.Wisselen tussen ECO- en Power-Mode.2.6 Productoverzicht (01 – 03)Kettingzaag (01, 02)Nr.
NL56 CS 3635VeiligheidsinstructiesNr. Onderdeel11 Aan/Uit-knop12 Ontgrendelingshendel/aanwezigheids-detectie13 Achterste handgreep met greepvlak14 Gashendel15 Instelwieltje voor kettingspanning16 Afdekkap van het kettingwiel17 Draaisluiting voor afdekkap van hetkettingwiel18 Draaisluiting van het kettingoliereser-voir19 Kijkglas voor kettingoliereservoir20 Beschermkap voor zwaardToestandsaanduidingen van decontrolelampjes (03)Nr. Onderdeel/aanduiding1 Aan/Uit-knop2 Led voor kettingrem (groen/rood):■Knippert groen: kettingzaag be-vindt zich in de onderhoudsmodus. Voor het inschakelen van de ket-tingzaag moet er binnen 5s op deontgrendelingshendel (02/12) wor-den gedrukt. ■Brandt groen: ontgrendelingshen-del is ingedrukt. Kettingzaag is ge-reed voor gebruik. ■Brandt rood: kettingrem is geacti-veerd.
■Bewaar alle veiligheidsinstructies en aan-wijzingen voor toekomstig gebruik. De in de veiligheidsaanwijzingen gebruikte term"machine" heeft betrekking tot machines metstroomvoeding (met voedingskabel) of met accuaangedreven machines (zonder voedingskabel). 3. 1. 1 Veiligheid op de werkplek■Zorg voor een schoon en goed verlichtwerkbereik. Wanorde of een gebrek aangoede verlichting kunnen ongevallen veroor-zaken. ■Werk met de machine niet in een explosie-gevaarlijke omgeving waarin zich brand-bare vloeistoffen, gassen of stof bevin-.
443698_a 57Veiligheidsinstructiesden. Machines veroorzaken vonken die hetstof of de dampen kunnen ontsteken. ■Houd kinderen en andere personen tij-dens het gebruik uit de buurt van de ma-chine. Bij afleiding kunt u de controle over demachine verliezen. 3. 1. 2 Elektrische veiligheid■De aansluitstekker van de machine moetin de contactdoos passen. De stekkermag in geen geval worden veranderd. Ge-bruik geen adapterstekkers samen metgeaarde machines. Ongemodificeerde stek-kers en passende contactdozen verminderenhet risico van elektrische schokken. ■Vermijd lichaamscontact met geaarde op-pervlakken zoals bij buizen, verwarmin-gen, fornuizen en koelkasten. Er bestaateen verhoogd risico op een elektrische schokwanneer uw lichaam is geaard. ■Houd machines uit de buurt van regen ofvocht. Het binnendringen van water in eenmachine verhoogt het gevaar voor een elek-trische schok.
■Gebruik de aansluitkabel niet om de ma-chine te dragen, op te hangen of om destekker uit de contactdoos te trekken. Houd het aansluitsnoer uit de buurt vanhitte, olie, scherpe randen of zich bewe-gende onderdelen van het apparaat. Bijbeschadigde of in de knoop geraakte aan-sluitsnoeren is er een hoger risico op eenelektrische schok. ■Wanneer u met een machine buiten werkt,dient u uitsluitend verlengkabels te ge-bruiken die ook geschikt zijn voor gebruikbuitenshuis. Door het gebruik van een der-gelijk, voor gebruik buitenshuis geschikt ver-lengsnoer, neemt het risico op een elektri-sche schok af. ■Als er niet voorkomen kan worden dat demachine in een vochtige omgeving wordtgebruikt, dient er een aardlekschakelaarte worden gebruikt. Het gebruik hiervan ver-mindert het risico op een elektrische schok. 3. 1.
3 Veiligheid van personen■Wees alert, let erop wat u doet en ga ver-standig met een machine aan het werk. Gebruik geen machine als u moe bent ofonder invloed van drugs, alcohol of ge-neesmiddelen staat.
Een ogenblik onoplet-tendheid bij het gebruik van de machine kantot ernstig letsel leiden. ■Draag een persoonlijke beschermingsuit-rusting en altijd een veiligheidsbril. Hetdragen van een persoonlijke beschermings-middelen als stofmasker, slipvaste veilig-heidsschoenen, veiligheidshelm of gehoorbe-scherming, afhankelijk van de toepassing vande machine, vermindert het gevaar voor let-sel. ■Voorkom dat het apparaat onbedoeld ingebruik wordt genomen. Controleer of demachine is uitgeschakeld voordat u hetop de voeding aansluit en/of de accuplaatst, hem optilt of draagt. Als u bij hetdragen van de machine de vinger op deschakelaar heeft of de machine ingeschakeldop de voeding aansluit, kan dit ongevallenveroorzaken. ■Verwijder instelgereedschap of schroe-vendraaiers voordat u de machine inscha-kelt.
Een gereedschap of sleutel die zich ineen draaiend deel van de machine bevindt,kan letsel veroorzaken. ■Voorkom een abnormale lichaamshou-ding. Zorg ervoor dat u stevig staat en uwevenwicht kunt bewaren. Daardoor kunt ude machine in onverwachtse situaties beteronder controle houden. ■Draag geschikte kleding. Draag geen wij-de kleding of sieraden. Houd haar en kle-ding weg van bewegende delen. Loszitten-de kleding, sieraden of lange haren kunnendoor bewegende onderdelen worden gegre-pen. ■Als stofafzuig- en -opvangvoorzieningenkunnen worden gemonteerd, moeten dezeworden aangesloten en correct wordengebruikt. Het gebruik van een stofafzuigingkan gevaar door stof verkleinen. ■Laat u niet verleiden tot een vals gevoelvan veiligheid en negeer de veiligheidsre-gels voor machines niet, zelfs niet wan-neer u na veelvuldig gebruik vertrouwdbent met de machine.
Onnadenkend hande-len kan in een fractie van een seconde leidentot ernstig letsel. 3. 1. 4 Gebruik en behandeling van deelektrische machine■Overbelast de machine niet. Gebruik vooruw werk de hiervoor bedoelde machine. Met de juiste machine werkt u beter en veili-ger binnen het aangegeven vermogensbe-reik.
NL58 CS 3635Veiligheidsinstructies■Gebruik geen machine waarvan de scha-kelaar defect is. Een machine die niet meerin- of uitgeschakeld kan worden, is gevaarlijken moet gerepareerd worden. ■Trek de stekker uit de contactdoos en/ofverwijder een uitneembare accu voordat uinstellingen aan het apparaat uitvoert, re-serveonderdelen vervangt of de machineopbergt. Deze veiligheidsmaatregel voor-komt het onbedoelde starten van de machi-ne. ■Bewaar ongebruikte machines buiten hetbereik van kinderen. Laat geen personende machine gebruiken die hiermee nietvertrouwd zijn of deze aanwijzingen niethebben gelezen. Machines zijn gevaarlijk alsze door onervaren personen worden ge-bruikt. ■Verzorg machines en inzetgereedschapzorgvuldig. Controleer of bewegende de-len goed werken en niet klemmen, of erdelen gebroken of zodanig beschadigdzijn dat de functie van de machine nadeligwordt beïnvloed.
Laat beschadigde delenrepareren alvorens de machine te gebrui-ken. Slecht onderhouden machines zijn vaakde reden voor ongevallen. ■Houd het snijgereedschap scherp enschoon. Goed onderhouden snijgereed-schap met scherpe snijkanten blijft mindersnel haken en is gemakkelijker in het gebruik. ■Gebruik de machine, het inzetgereed-schap enz. aan de hand van deze aanwij-zingen. Neem hierbij de werkomstandig-heden en de uit te voeren werkzaamhedenin acht. Het gebruik van machines voor eenander dan het beoogde gebruik kan tot ge-vaarlijke situaties leiden. ■Zorg dat de handgrepen en oppervlakkenervan droog, schoon en vrij van olie of vetblijven. Gladde handgrepen en oppervlakkenervan veroorloven geen veilige bediening encontrole van de machine in onverwachtse si-tuaties. 3. 1.
5 Gebruik en verzorging van de metaccu aangedreven machine■Laad de accu's uitsluitend met opladersop die door de fabrikant worden aanbevo-len. Door een oplader die voor een bepaaldtype accu's geschikt is, bestaat brandgevaarwanneer deze met andere accu's wordt ge-bruikt.
■Gebruik in de machines alleen de hiervoorbedoelde accu´s. Het gebruik van andereaccu´s kan letsel en brandgevaar veroorza-ken. ■Houd de ongebruikte accu uit de buurtvan paperclips, muntgeld, sleutels, spij-kers, schroeven of andere kleine metalenvoorwerpen die een overbrugging van decontacten zouden kunnen veroorzaken. Een kortsluiting tussen de accucontacten kanbrandwonden of brand tot gevolg hebben. ■Bij onjuist gebruik kan er vloeistof uit deaccu vrijkomen. Voorkom de aanrakinghiermee. Bij toevallig contact met waterafspoelen. Wanneer de vloeistof in deogen komt, moet er een arts worden ge-raadpleegd. Vrijkomende accuvloeistof kanhuidirritaties of brandwonden veroorzaken. ■Gebruik geen beschadigde of gewijzigdeaccu. Beschadigde of gewijzigde accu´s kun-nen zich onverwachts gedragen en brand,explosie of letsel veroorzaken. ■Stel een accu niet bloot aan brand of tehoge temperaturen.
Brand of temperaturenvan boven de 130°C kunnen een explosieveroorzaken. ■Volg alle aanwijzingen voor het opladenop en laad de accu of de met accu aange-dreven machine nooit buiten het in de ge-bruikshandleiding vermelde temperatuur-bereik op. Verkeerd opladen of laden buitenhet toegestane temperatuurbereik kan de ac-cu vernielen en het brandgevaar vergroten. 3. 1. 6 Service■Laat uw machine alleen door gekwalifi-ceerd deskundig personeel repareren enalleen met originele reserveonderdelen. Zo wordt de veiligheid van de machine ge-waarborgd. ■Onderhoud beschadigde accu´s in geengeval. Alle onderhoudswerkzaamheden aande accu´s moeten door de fabrikant of eengeautoriseerde klantenservice worden uitge-voerd. 3. 2 Veiligheidsinstructies voor kettingzagenAlgemene veiligheidsinstructies voorkettingzagen■Houd bij lopende zaag alle lichaamsdelenuit de buurt van de zaagketting.
443698_a 59Veiligheidsinstructiesonoplettendheid ertoe leiden dat kleding of li-chaamsdelen door de zaagketting gegrepenworden. ■Houd de kettingzaag altijd met uw rechter-hand aan de achterste greep en uw linker-hand aan de voorste greep vast. Het vast-houden van de kettingzaag in een omgekeer-de werkhouding verhoogt het gevaar voor let-sel en deze mag nooit zo worden vastgehou-den. ■Houd de kettingzaag alleen aan de geïso-leerde greepvlakken vast omdat de zaag-ketting in aanraking kan komen met ver-borgen elektriciteitsleidingen. Het contactvan de zaagketting met een spanningvoeren-de kabel kan metalen apparaatonderdelenonder spanning zetten en tot een elektrischeschok leiden. ■Draag oogbescherming. Verdere bescher-mingsmiddelen voor gehoor, hoofd, han-den, benen en voeten worden aanbevolen.
De juiste beschermende kleding verminderthet gevaar voor letsel door rondvliegendspaandermateriaal en toevallige aanrakingvan de zaagketting. ■Werk met de kettingzaag niet in eenboom, op een ladder, vanaf een dak of opeen instabiele ondergrond. Bij gebruik opdie manier bestaat er gevaar voor ernstig let-sel. ■Let er altijd dat u stabiel staat en gebruikde kettingzaag alleen wanneer u op eenstevige, veilige en vlakke ondergrondstaat. Een gladde of instabiele ondergrondkan ertoe leiden dat u uw evenwicht of decontrole over de kettingzaag verliest. ■Houd er bij het snoeien van een tak dieonder spanning staat, rekening mee datdeze terugveert. Als de spanning in de hout-vezels vrijkomt kan de gespannen tak de ge-bruiker raken en/of kunt u de controle over dekettingzaag verliezen. ■Wees bijzonder voorzichtig bij het snoei-en van kreupelhout en jonge bomen.
Bij het transport of het opber-gen van de kettingzaag moet de be-schermkap altijd aangebracht zijn. Zorg-vuldige omgang met de kettingzaag vermin-dert de waarschijnlijkheid van een toevalligcontact met de lopende zaagketting. ■Volg de aanwijzingen voor de smering, dekettingspanning en het vervangen vanzwaard en ketting. Een ondeskundig ge-spannen of gesmeerde ketting kan breken ofhet risico op terugslag vergroten. ■Zaag alleen hout. Gebruik de kettingzaagniet voor werkzaamheden waarvoor dezeniet bedoeld is. Voorbeeld: Gebruik dekettingzaag niet voor het zagen van me-taal, plastic, metselwerk of bouwmateria-len die niet van hout zijn. Het gebruik vande kettingzaag voor niet-reglementaire werk-zaamheden kan tot gevaarlijke situaties lei-den. ■Probeer niet om een boom te vellen voor-dat u niet duidelijk de risico´s en de voor-koming ervan kent.
De gebruiker of anderepersonen kunnen door een omvallende boomernstig gewond raken. ■Volg alle instructies als u de kettingzaagontdoet van opgehoopt materiaal, dezeopbergt of er onderhoudswerkzaamhedenaan uitvoert. Verzeker u ervan dat deschakelaar uitgeschakeld en de accu ver-wijderd is. Een onverwachtse werking vande kettingzaag bij het verwijderen van opge-hoopt materiaal of tijdens onderhoudswerk-zaamheden kan ernstig letsel veroorzaken. Oorzaken en vermijden van een terugslagEen terugslag kan zich voordoen wanneer hetuiteinde van het zwaard een voorwerp raakt ofwanneer het hout buigt en de zaagketting in desnede vastklemt. Een aanraking met het uiteinde van het zwaardkan in sommige gevallen tot een onverwachtse,naar achteren gerichte reactie leiden waarbij hetzwaard naar boven en in de richting van de ge-bruiker wordt geslagen.
Wanneer de zaagketting klem komt te zitten aande bovenrand van het zwaard kan het zwaardsnel in de richting van de gebruiker terugstoten. Elke van deze reacties kan ertoe leiden dat u decontrole over de zaag verliest en mogelijk ernstigletsel oploopt.
NL60 CS 3635VeiligheidsinstructiesEen terugslag is het gevolg van een verkeerd offoutief gebruik van de kettingzaag. Die kan ver-meden worden door geschikte voorzorgsmaatre-gelen, zoals hierna beschreven:■Houd de zaag met beide handen vast,waarbij duimen en vingers de handgrepenvan de kettingzaag omsluiten. Breng uwlichaam en de armen in een positie waarinu stand kunt houden tegen de terugslag-krachten. Als er geschikte maatregelen wor-den genomen kan de gebruiker de terugslag-krachten beheersen. Laat de kettingzaagnooit los. ■Vermijd een abnormale lichaamshoudingen zaag niet boven schouderhoogte. Daar-door wordt een onbedoeld contact met hetuiteinde van het zwaard vermeden en eenbetere controle van de kettingzaag in onver-wachte situaties mogelijk gemaakt. ■Gebruik altijd vervangende zwaarden enzaagkettingen die de fabrikant voor-schrijft.
Verkeerde zwaarden kunnen de ket-ting doen breken en/of een terugslag veroor-zaken. ■Leef de aanwijzingen van de fabrikantvoor het slijpen en het onderhoud van dezaagketting na. Te lage dieptebegrenzersverhogen de neiging tot een terugslag. 3. 3 Veiligheidsinstructies voor accu enopladerNeem de veiligheidsinstructies voor de accu ende oplader in de aparte gebruikshandleidingen inacht:■Accu´s: Doc. -nr. 441630, 443549■Opladers: Doc. -nr. 441633, 4435513. 4 Veiligheidsaanwijzingen voor dewerkzaamheden■Neem de voor uw land specifieke veiligheids-voorschriften in acht, bijv. van beroepsorgani-saties, sociale verzekeringsfondsen, arbo-in-stanties. ■Werk uitsluitend bij voldoende daglicht ofkunstmatige verlichting. ■Houd de werkomgeving vrij van rondslinge-rende voorwerpen (bijv. zaagafval) – struikel-gevaar.
■De gebruiker is verantwoordelijk voor eventu-eel letsel bij derden en voor materiële scha-de. ■Wanneer u voor het eerst met een ketting-zaag werkt:■Laat u door de verkoper of een anderedeskundige de omgang met de ketting-zaag uitleggen, of volg een cursus.
■Oefen voor het eerste gebruik minimaalhet zagen van stammen op een zaagbokof zaagonderstel. 3. 4. 1 Gebruiker■Personen van jonger dan 16 jaar en perso-nen die de gebruikershandleiding niet heb-ben gelezen, mogen het apparaat niet ge-bruiken. ■Iedereen die met de kettingzaag werkt, moetuitgerust en gezond zijn en in een goedeconditie verkeren. Wie zich uit gezondheids-overwegingen niet overmatig mag inspannen,moet een arts raadplegen, of het voor haar/hem mogelijk is met een kettingzaag te wer-ken. 3. 4. 2 WerktijdenNeem de voor uw land geldende richtlijnen inacht, die van kracht zijn voor de duur van hetwerken met kettingzagen. Voor de werktijdenvoor werkzaamheden met kettingzagen kunnenop nationaal en lokaal niveau beperkingen gel-den. 3. 4.
3 Belasting door trillingen■Gevaar door trillingenDe werkelijke trillingsemissiewaarde tijdenshet gebruik van het apparaat kan afwijkenvan de door de fabrikant opgegeven waarde. Let voor of tijdens het gebruik op de volgen-de factoren die van invloed zijn:■Wordt het apparaat gebruikt voor het be-oogde gebruik. ■Wordt het materiaal op de juiste wijze ge-sneden of verwerkt. ■Bevindt het apparaat zich in een goedestaat van gebruik. ■Is het snijblad goed scherp en is het juis-te snijblad ingebouwd. ■Zijn de handgrepen en, indien nodig, op-tionele trillingsdempende handgrepen ge-monteerd en zijn deze vast verbondenmet het apparaat. ■Gebruik het apparaat alleen met het motor-toerental dat nodig is voor de uit te voerenwerkzaamheden. Gebruik het maximale toe-rental zo min mogelijk om geluid en trillingente beperken.
443698_a 61Veiligheidsinstructies■Als gevolg van verkeerd gebruik en onder-houd kunnen de trillingen en het lawaai vanhet apparaat toenemen. Dit leidt tot schadeaan de gezondheid. Schakel in dit geval hetapparaat onmiddellijk uit en laat het reparerendoor een geautoriseerde servicewerkplaats. ■De mate van belasting als gevolg van trillin-gen is afhankelijk van de uit te voeren werk-zaamheden of van de toepassing van het ap-paraat. Schat hem in en las voldoende pau-zes in. Daardoor wordt de belasting door tril-lingen gedurende de volledige werktijd in be-langrijke mate verminderd. ■Door een langer gebruik van het apparaatwordt de bediener blootgesteld aan trillingen,waardoor problemen kunnen ontstaan met debloedsomloop (‘dode vingers’). Om dit risicote verminderen, handschoenen dragen en dehanden warmhouden.
Wanneer een symp-toom van ‘dode vingers’ wordt waargenomen,onmiddellijk medische hulp inroepen. Tot de-ze symptomen behoren: Gevoelloosheid, ver-lies van gevoeligheid, tintelingen, jeuk, pijn,vermindering van de kracht, verandering vankleur of van de conditie van de huid. Meestalworden deze symptomen waargenomen aanvingers, handen of polsen. Bij lage tempera-turen neemt het gevaar toe. ■Las langere pauzes in tijdens uw werkdag,zodat u kunt herstellen van het geluid en vande trillingen. Plan uw werk zodanig dat hetgebruik van apparaten die sterke trillingenveroorzaken, wordt verspreid over meerderedagen. ■Wanneer u een onaangenaam gevoel of eenverkleuring van de huid tijdens het gebruikvan het apparaat waarneemt aan uw handen,onderbreekt u het werk onmiddellijk. Las vol-doende pauzes in. Zonder voldoende pauzeskan een trillingensyndroom ontstaan aanhanden en armen.
■Minimaliseer het risico door uzelf zo min mo-gelijk bloot te stellen aan trillingen. Verzorghet apparaat volgens de aanwijzingen in degebruiksaanwijzing. ■Als het apparaat vaak wordt gebruikt, neemtu contact op met uw dealer om trillingsdem-pende accessoires (bijv.
handgrepen) aan teschaffen. ■Gebruik het apparaat niet bij temperaturenonder 10°C. Leg in een werkschema vasthoe de belasting door trillingen kan wordenbegrensd. 3. 4. 4 GeluidsbelastingEen zekere geluidsbelasting door dit apparaat isonvermijdelijk. Plan luidruchtige werkzaamhedengedurende acceptabele en daarvoor geschikte tij-den. Respecteer rusttijden en beperk de duur vanhet werk tot het minimum. Voor uw persoonlijkebescherming en ter bescherming van personendie zich in de buurt bevinden, moet geschikte ge-hoorbescherming worden gedragen. 3. 4. 5 Werken met de kettingzaag WAARSCHUWING. Gevaar voor zwaarletsel. Door het gebruik van een kettingzaagwaarvan niet alle onderdelen zijn gemonteerd,kan zwaar letsel worden veroorzaakt. ■Gebruik de kettingzaag uitsluitend, wanneeralle onderdelen zijn gemonteerd.
■Voer voor elk gebruik een visuele controleuit, om te controleren of de kettingzaag com-pleet is, geen beschadigingen heeft of versle-ten onderdelen bevat. De veiligheids- en be-schermingsvoorzieningen moeten intact zijn. WAARSCHUWING. Letselgevaar dooronbedoeld startende kettingzaag. Een onbe-doeld startende kettingzaag kan tot ernstig letselleiden. Verwijder daarom altijd de accu bij:■Test-, afstel- en reinigingswerkzaamheden■Werkzaamheden aan het snijgereedschap■Het achterlaten van de kettingzaag■Transport■Opslag■Onderhouds- en reparatiewerkzaamheden■Gevaar■Nooit alleen werken. ■Houd altijd een EHBO-doos in de buurt vooreventuele ongevallen. ■Aanraking vermijden met eventuele metalenvoorwerpen aanwezig in de grond of verbon-den aan een elektrische leiding. ■De persoonlijke beschermingsmiddelen be-staan uit:■veiligheidshelm■gehoorbescherming (bijv.
NL62 CS 3635Montage■veiligheidsschoenen met slipvaste zolenen stalen neuzen■De kettingzaag niet boven schouderhoogtegebruiken, veilig hanteren is zo niet meermogelijk. ■Schakel bij het veranderen van werklocatiede motor uit en plaats de kettingbeschermer. ■Breng op een buiten gebruik zijnde ketting-zaag altijd de kettingbeschermer aan en ver-wijder de accu. ■De kettingzaag alleen neerleggen nadat dezeis uitgeschakeld. ■De kettingzaag niet gebruiken om hout teverplaatsen of op te tillen. ■Als een boomstam dikker is dan de lengtevan het zaagblad, moet deze door een vak-man worden omgezaagd. ■Plaats de zaagketting alleen voor een zaags-nede wanneer de ketting draait. Schakel dekettingzaag nooit in met stilstaande, al op hethout geplaatste zaagketting. ■Voorkomen dat kettingzaagolie in de bodemterechtkomt. ■Niet zagen tijdens regen, sneeuw of eenstorm.
■Stel de veiligheids- en beveiligingsvoorzienin-gen nooit buiten werking. ■Positioneer de kabel tussen accu en ketting-zaag zodanig dat hij bij het snoeien niet aantakken of iets dergelijks blijft hangen. 4 MONTAGE WAARSCHUWING. Gevaar voor zwaarletsel. Door het gebruik van een kettingzaagwaarvan niet alle onderdelen zijn gemonteerd,kan zwaar letsel worden veroorzaakt. ■Gebruik de kettingzaag uitsluitend, wanneeralle onderdelen zijn gemonteerd. ■Voer voor elk gebruik een visuele controleuit, om te controleren of de kettingzaag com-pleet is, geen beschadigingen heeft of versle-ten onderdelen bevat. De veiligheids- en be-schermingsvoorzieningen moeten intact zijn. VOORZICHTIG. Gevaar voor snijletsel. Bijhet monteren van de zaagketting, kunnen descherpe randen snijletsel veroorzaken. ■Verwijder de accu voor het monteren van deketting.
Klap de draaisluiting (05/3) open en draai de-ze in de richting OPEN (05/b). 3. Neem de kettingwielafdekking (05/4) weg (05/c). Zwaard met zaagketting monteren1. Leg de zaagketting (06/1) in looprichting(06/2) om het zwaard (06/3). Let er daarbij opdat de zaagketting helemaal in de zwaard-groef zit en om het omkeerwiel (06/4) van hetzwaard werd geleid. 2. Leg het zwaard met zaagketting op de ket-tingzaag:■De geleidebout (07/1) moet door hetslobgat (07/2) van het zwaard gestokenzijn. ■De zaagketting (07/3) moet om het ket-tingwiel (07/4) gelegd zijn. 3. Schuif het zwaard met zaagketting tot aan deaanslag naar voren (07/a). 4. Breng de kettingwielafdekking weer aan. 5. Draai de draaisluiting (08/1) in richting CLO-SE (08/a) en klap de draaisluiting in. Kettingspanning van de zaagketting instellen1.
Draai aan het instelwieltje (08/2) (08/b) omde kettingspanning in te stellen:■Zaagketting spannen: +■Zaagketting ontspannen: - OPMERKING De zaagketting is correct ge-spannen wanneer deze:■aanligt tegen de onderkant van het zaagbladen met de hand kan worden doorgetrokken. ■in het midden van het zaagblad ongeveer 3 -4 mm omhoog kan worden getild. 5 INGEBRUIKNAME GEVAAR. Levensgevaar en gevaar voorzeer ernstig letsel. Onbekendheid met de veilig-heidsinstructies en bedieningsinstructies kan bij-zonder ernstig letsel en zelfs de dood tot gevolghebben. ■Lees en volg alle veiligheidsinstructies en be-dieningsinstructies in deze gebruiksaanwij-zing op evenals in de gebruiksaanwijzingenwaarnaar wordt verwezen, voordat u de ket-tingzaag gebruikt.
443698_a 63Ingebruikname WAARSCHUWING. Gevaar voor zwaarletsel. Wanneer de kettingzaag beschadigde on-derdelen bevat, kan dit tot zwaar letsel leiden. ■Voer voor elk gebruik een visuele controleuit, om te controleren of de kettingzaag com-pleet is, geen beschadigingen heeft of versle-ten onderdelen bevat. De veiligheids- en be-schermingsvoorzieningen moeten intact zijn. 5. 1 Accu ladenDe accu en de oplader zijn niet in de levering-somvang inbegrepen. Alle accu´s (Bxxx Li) enopladers (Cxxx Li) van het AL-KO 36V-systeemkunnen worden gebruikt. De meegeleverde accu is gedeeltelijk opgeladen. De accu moet voor het eerste gebruik compleetworden opgeladen. De accu kan in elke wille-keurige laadtoestand worden opgeladen. Het isniet slecht voor de accu als het opladen wordtonderbroken.
OPMERKING In de gebruiksaanwijzingenvoor de accu´s en opladers van het AL-KO 36V-systeem staat verdere informatie:■Accu´s: Doc. -nr. 441630, 443549■Opladers: Doc. -nr. 441633, 443551 VOORZICHTIG. Brandgevaar bij het opla-den. Er bestaat brandgevaar wanneer de laderop een makkelijk brandbare ondergrond is ge-plaatst en niet voldoende wordt geventileerd. ■Gebruik de lader altijd op een niet-brandbareondergrond of in een niet-brandbare omgeving. ■Indien beschikbaar: Houd de ventilatieope-ningen vrij. 5. 2 Zaagkettingolie bijvullen en controleren(09)LET OP. Gevaar voor beschadiging van dekettingzaag. De kettingzaag kan zwaar bescha-digd raken, wanneer zich te weinig of zelfs geenkettingzaagolie in het reservoir bevindt, of wanneerdit ingedroogd/vastgekleefd is. Ingedroogde/vast-gekleefde kettingzaagolie kan leiden tot schadeaan olievoerende onderdelen en aan de oliepomp.
Beschadiging treedt ook op, wanneer gebruikwordt gemaakt van afgewerkte olie. Het gebruikvan afgewerkte olie leidt tot schade aan het milieu. ■Vul voor ingebruikname het reservoir metkettingzaagolie. ■Gebruik geen afgewerkte olie. ■Vul minimaal bij elke accuwissel het oliere-servoir bij met kettingzaagolie.
De zaagketting en het zwaard krijgen tijdens ge-bruik continu olie toegevoerd vanuit een automa-tisch oliesmeersysteem. De kettingzaagolie be-schermt tegen corrosie en vroegtijdige slijtage. Om de zaagketting afdoende te smeren moetsteeds voldoende kettingzaagolie in het reservoiraanwezig zijn. Gebruik voor de smering van de zaagketting enhet zwaard uitsluitend milieuvriendelijke, biolo-gisch afbreekbare, hoogwaardige kettingzaagolieen vervoer en bewaar deze in toegelaten en vaninhoudsaanduiding voorziene verpakkingen. Zaagkettingolie bijvullen1. Kantel de kettingzaag zodanig dat het kettin-goliereservoir (09/1) zich boven bevindt. 2. Draai de draaisluiting (09/2) van het kettin-goliereservoir eruit. 3. Vul het kettingoliereservoir helemaal metzaagkettingolie. 4. Sluit het kettingoliereservoir weer met dedraaisluiting.
Oliepeil controlerenControleer het oliepeil elke keer vóór aanvangvan de werkzaamheden en elke keer bij het ver-wisselen van de accu en vul, indien nodig, ket-tingzaagolie bij. 1. Druk voor het inschakelen van de ketting-zaag op de Aan/Uit-knop (02/11). 2. Controleer of in de toestandsaanduiding derode led (03/3) voor laag oliepeil brandt. 3. Bij een rode led: vul kettingzaagolie bij. 5. 3 Functie van de kettingrem testenDe kettingzaag is uitgerust met een handbedien-de kettingrem die bijv. bij een terugslag (kick-back) via de kettingrembeugel wordt geactiveerd. Bij activering van de kettingrem worden de ket-tingzaag en de motor onmiddellijk gestopt. GEVAAR. Levensgevaar vanwege achte-loos gebruik. Door onvoorzichtige en onvoorzie-ne bewegingen van de kettingzaag kan zeerzwaar, tot dodelijk letsel worden veroorzaakt.
NL64 CS 3635Bediening WAARSCHUWING. Levensgevaar en ge-vaar voor zeer ernstig persoonlijk letsel dooreen defecte kettingrem. Wanneer de kettingremniet werkt kan, bijv. bij een terugslag (kickback)door de draaiende zaagketting zeer ernstig enzelfs dodelijk letsel het gevolg zijn. ■Test voor het begin van alle werkzaamhedensteeds eerst de kettingrem. ■Schakel de kettingzaag niet in, wanneer dekettingrem defect is. Laat de kettingzaag ineen dergelijk geval controleren door een des-kundige werkplaats. 5. 3. 1 Kettingrem testen bij uitgeschakeldemotor (10)1. Trek de accu eruit (zie Hoofdstuk 6. 4 "Accuplaatsen en verwijderen (11)", pagina65). 2. Om de kettingrem los te zetten, trekt u dekettingrembeugel (10/1) in de richting van debeugelgreep (10/2) (10/a). De zaagkettingkan met de hand worden doorgetrokken. 3. Om de kettingrem te activeren, duwt u dekettingrembeugel (10/1) naar voren (10/b).
■Neem de nationale voorschriften voor de ge-bruiksduur in acht. ■Houd de achterste handgreep vast met derechterhand en de beugelgreep met de lin-kerhand. ■De handgrepen niet loslaten zolang de motordraait. ■Gebruik de kettingzaag niet bij:■Vermoeidheid■Onwel zijn■Onder invloed van alcohol, medicijnen ofdrugs6. 1 Kettingspanning controlerenDe kettingspanning vaak controleren, omdat eennieuwe zaagketting vanzelf langer wordt. Bij de bedrijfstemperatuur wordt de zaagkettinglanger en hangt deze iets door. OPMERKING De zaagketting is correct ge-spannen wanneer deze:■aanligt tegen de onderkant van het zaagbladen met de hand kan worden doorgetrokken. ■in het midden van het zaagblad ongeveer 3 -4 mm omhoog kan worden getild. VOORZICHTIG. Ongevalsrisico door los-springen van zaagketting. Een onvoldoendestrak gespannen zaagketting kan tijdens het ge-bruik losspringen en letsel veroorzaken.
443698_a 65Werkhouding en werktechniek WAARSCHUWING. Levensgevaar en ge-vaar voor zeer ernstig persoonlijk letsel dooreen defecte kettingrem. Wanneer de kettingremniet werkt kan, bijv. bij een terugslag (kickback)door de draaiende zaagketting zeer ernstig enzelfs dodelijk letsel het gevolg zijn. ■Test voor het begin van alle werkzaamhedensteeds eerst de kettingrem. ■Schakel de kettingzaag niet in, wanneer dekettingrem defect is. Laat de kettingzaag ineen dergelijk geval controleren door een des-kundige werkplaats. 6. 3 Laadtoestand van de accu bepalen OPMERKING In de gebruiksaanwijzingenvoor de accu´s en opladers van het AL-KO 36V-systeem staat verdere informatie:■Accu´s: Doc. -nr. 441630, 443549■Opladers: Doc. -nr. 441633, 4435516. 4 Accu plaatsen en verwijderen (11)1. Neem de afdekkap (11/1) weg (11/a). 2.
Schuif de accu (11/2) van bovenaf in de ac-cuschacht (11/3) (11/b) tot deze vastklikt. 3. Breng de afdekkap weer aan. Voer voor het eruit trekken van de accu dezelfdestappen uit. 6. 5 Kettingzaag in- en uitschakelen (12) VOORZICHTIG. Gevaar voor gehoorscha-de. Door het gebruik van het apparaat ontstaatsterke geluidsvorming die gehoorschade kan ver-oorzaken. ■Draag bij het werken met de kettingzaag al-tijd gehoorbescherming. OPMERKING Alvorens de kettingzaag in teschakelen altijd de kettingrem vrijgeven. Kettingzaag inschakelen1. Zet de kettingrem (12/1) los (12/a). 2. Met de linkerhand: houd de kettingzaag aande beugelgreep (12/2) vast. 3. Met de rechterhand:■pak de achterste handgreep (12/4) vast. ■Druk op de Aan/Uit-knop (12/3). De ledvoor de kettingrem (03/2) knippert groen. ■Druk binnen 5s op de ontgrendelings-hendel (12/5) en houd deze ingedrukt.
6 Snelheid van de zaagketting verlagen[functie ECO-modus] (13)Met de functie ECO-modus kunt u de snelheidvan de zaagketting verlagen. Daardoor wordt degebruiksduur van de accu langer. 1. Druk op de ECO-toets (13/1). 2. Druk voor het uitschakelen van de ECO-mo-dus opnieuw op de ECO-toets. 6. 7 Hoeveelheid olie voor zaagkettinginstellen (14)De hoeveelheid zaagkettingolie die bij het zagenwordt afgegeven, kan worden ingesteld. 1. Draai de instelschroef (14/1) in de gewensterichting:■+: smering van de zaagketting verhogen. ■-: smering van de zaagketting verlagen. 2. Controleer tijdens het zagen of de zaagket-ting voldoende wordt gesmeerd. 6. 8 Ledlicht in- en uitschakelen (15)1. Druk voor het inschakelen van het ledlicht(15/1) op de toets (15/2). 2. Druk voor het uitschakelen opnieuw op detoets. Het ledlicht schakelt zichzelf na 15minuten auto-matisch uit.
7 WERKHOUDING EN WERKTECHNIEK OPMERKING Regelmatig worden door be-roepsorganisaties cursussen aangeboden in deomgang met kettingzagen en bomenkaptechniek. GEVAAR. Levensgevaar door onvol-doende vakkennis. Een tekort aan vakkenniskan ernstig tot zelfs dodelijk letsel veroorzaken. ■Uitsluitend goed geschoolde en ervaren men-sen mogen worden belast met het snoeienen kappen van bomen. GEVAAR. Levensgevaar door versplinte-ring van hout. Losspringende houtspaanderskunnen ernstig of zelfs dodelijk letsel veroorzaken. ■Losse spaanders en houtsplinters verwijde-ren van het te verzagen gedeelte.
NL66 CS 3635Werkhouding en werktechniek7. 1 Bomen vellen (16, 17)Let voor en tijdens het vellen op de volgendepunten:■Bij het vellen van bomen moet ervoor wordengezorgd, dat overige personen niet aan geva-ren worden blootgesteld, geen aanvoerleidin-gen kunnen worden geraakt en geen materi-ele schade kan worden veroorzaakt. Wan-neer een boom een aanvoerleiding raakt,moet het betreffende nutsbedrijf onmiddellijkop de hoogte worden gesteld. ■Houd ook altijd rekening met eigendommenvan derden, dieren en overige voorwerpen. Geen van deze mogen zich binnen de geva-renzone bevinden. In het geval toch ergensschade is toegebracht, moet de eigenaar on-middellijk op de hoogte worden gesteld. ■De veilige afstand ten opzichte van anderewerkplekken of voorwerpen dient minstens2½-keer de boomlengte te bedragen. ■Beoordeel de valrichting van de boom.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Solo CS 3640 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Zaagmachine Solo
Handleiding Zaagmachine
Nieuwste handleidingen voor Zaagmachine