Scheppach Plana 3.0 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Scheppach Plana 3.0 (128 pagina’s), behorend tot de categorie Schaafmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 28 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Scheppach Plana 3.0 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Scheppach |
| Categorie: | Schaafmachine |
| Model: | Plana 3.0 |
Handleiding Scheppach Plana 3.0 – volledige tekst
30 nederlandsPRODUCENT: scheppach Fabricage van houtbewerkingmachines GmbH Günzburger Strasse 69 D-89335 Ichenhausen GEACHTE KLANT, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe machine. Verwijzing: De producent van dit apparaat is volgens de geldige wet over aansprakelijkheden voor producten niet aansprakelijk voor schade die aan of door dit apparaat ontstaat door: • Onjuiste behandeling • Veronachtzaming van de handleiding voor gebruik • Reparaties door derden, niet geautoriseerde vaklieden • Inbouw en vervanging van niet originele reserveonder-delen • Niet reglementair gebruik • Uitvallen van de elektrische installatie door veron-tachtzaming van de elektrische voorschriften en de VDE(bond Duitse elektrotechniek)-bepalingen 0100, DIN 57113/ VDE 0113.
Wij adviseren u: Lees voor de montage en het in bedrijf stellen de gehele tekst van de handleiding voor gebruik door. Deze hand-leiding voor gebruik moet het u vergemakkelijken uw machine te leren kennen en om de reglementaire be-drijfsmogelijkheden te benutten. De handleiding voor gebruik geeft belangrijke aanwijzin-gen hoe u met de machine veilig, vakkundig en econo-misch werkt, hoe u gevaren voorkomt, reparatiekosten kunt besparen, tijden van uitval kunt verminderen, de be-trouwbaarheid en de levensduur van de machine kunt ver-hogen. Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze handleiding voor gebruik moet u beslist de voor de wer-king van de machine geldende voorschriften van uw land in acht nemen. De handleiding voor gebruik, verpakt in een plastiekhoes ter bescherming tegen vuil en vocht, dient men dicht bij de machine te bewaren.
Zij moet door iedere gebruiker voor begin van het werk gelezen en zorgvuldig in acht genomen worden. Aan deze machine mogen alleen men-sen werken die voor haar gebruik zijn opgeleid en over de daaraan verbonden gevaren zijn geïnformeerd. Men dient zich aan de minimale leeftijdseis te houden.
ALGEMENE AANWIJZINGEN: • Controleer na het uitpakken alle onderdelen op even-tuele transportbeschadiging. Als er iets niet in orde is, moet direkt de leverancier verwittigd worden. Bezwaren achteraf worden niet in behandeling genomen. • Controleer, of de zending compleet is. • Maakt u zich via de handleiding voor gebruik met het apparaat vertrouwd, voordat u ermee begint te werken. • Gebruik bij accessoires evenals bij versletenen reserve-onderdelen alleen originele delen. Reserveonderdelen verkrijgt u bij uw vakhandelaar. • Vermeld bij bestellingen onze artikelnummers, type en bouwjaar van het apparaat. Plana 3. 0Omvang van leveringSchaafmachine Plana 3.
GELUIDSKENGETALLEN De volgens EN 23746 voor het geluidsprestatieniveau respectievelijk EN 31202 (correctiefactor K3 volgens aan-hangsel A2 van EN 31204 berekend) voor het geluidsdruk niveau op het werk vastgestelde geluidsemissiewaardes bedragen op grond van de in ISO 7904 aanhangsel A ver-melde arbeidscondities. Geluid prestatieniveau in dB (vlakken) Stationär LWA = 93,8 dB (A) Bewerking LWA – 100,6 dB (A) Geluidsdruk niveau op het werk in dB Stationär LpAeq = 88,0 dB (A) Bewerking LpAeq = 93,7 dB (A) Geluidsprestatieniveau in dB (diktes) Vrijloop LWA = 94,8 dB (A) Geluidsdruk niveau op het werk in dB Stationär LpAeq = 78,3 dB(A) Bewerking LpAeq = 84,3 dB (A) De aangegeven waardes zijn emissiewaardes en hoeven daarmee niet ook gelijk bepaalde arbeidsplaatswaardes weer te geven.
Hoewel er een correlatie is tussen emissi-een immissiepeilen kan daaruit niet met zekerheid worden afgeleid of extra voorzichtigheidsmaatregelen noodzakelijk.
nederlands 31zijn of niet. Factoren, welke het actueel aanwezige immis-sieniveau op het werk beïnvloeden komen voort uit de hoe-danigheid van de arbeidsruimte, andere geluidsbronnen, bv het aantal machines en andere naburige arbeidsproces-sen. De toegestane arbeidswaarden kunnen van land tot land variëren. Maar juist deze informatie moet de gebrui-ker in staat stellen, gevaar en risico in te kunnen schatten. Indicaties betreffende stofemissie: De volgens de principes van onderzoek op stofemissies (concentratieparameter) voor houtbewerkingmachines van het vakcomité hout gemeten stofemissie waardes liggen onder 2mg/3. Daarmee kan bij aansluiten van de machine bij een reglementaire afzuiging binnen het bedrijf van ten-minste 20 m/s luchtsnelheid van een duurzaam veilig na-komen van de in Duitsland geldige TRK grenswaarde voor houtstof uitgegaan worden.
In deze handleiding voor gebruik hebben we de punten waar het om uw veiligheid gaat, van dit teken voorzien: m m Algemene veiligheidsaanwijzingen: SCHOLING VAN DE PERSOON, DIE DE MACHINE BEDIENT • Geef de veiligheidsaanwijzingen aan iedereen die aan/ met de machine gaat werken door. • De deze machine bedienende persoon moet tenmin-ste 18 jaar oud zijn. Leerlingen moeten tenminste 16 jaar oud zijn en mogen alleen onder toezicht aan de machine werken. • Aan de machine werkende personen mogen niet wor-den afgeleid. • Houd kinderen uit de buurt van de aan het stroomnet aangesloten machine. • Nauw zittende kleding dragen. Sieraden, ringen en polshorloges uitdoen. • Alle veiligheidsen gevarenaanwijzingen betreffende de machine in acht nemen en in leesbare conditie hou-den. Uitkijken bij het werk: blessuregevaar voor vingers en handen door. het roterende snijgereedschap.
m Reglementair gebruik: • De schaafmachine, haar gereedschap en toebehoren zijn uitsluitend voor het bewerken van hout gecon-strueerd. • De machine komt overeen met de EG-richtlijn voor machines. • De machine is op één ploegendienst berekend. Inscha-kelduur: S 6 – 40%. • Alle gevarenen veiligheidsaanwijzingen in acht nemen. • Alle gevarenen veiligheidsaanwijzingen voltallig in leesbare conditie bij de machine bewaren. • Bij gebruik van de machine in gesloten ruimtes moet deze aan een afzuiginstallatie zijn aangesloten. Voor het afzuigen van houtspaanders of zaagmeel een af-zuiginstallatie in gebruik nemen. De doorlaatsnelheid aan het afzuigaansluitstuk moet 20 m/s bedragen, on-derdruk 1200 Pa. • De inschakelingsautomatiek is als extra toebehoor te verkrijgen: Type ALV 2 art. -nr. 79104010 230 V /50 Hz Type ALV 10 art. -nr.
79104020 400 V /230 V/50 Hz • Bij het inschakelen van de arbeidsmachine start de afzuiging na 2-3 seconden opstartvertraging automa-tisch op. Hierdoor wordt overbelasting van de huisze-kering voorkomen. • Na het uitschakelen van de arbeidsmachine loopt de afzuiging nog 3-4 seconden na en gaat dan automa-tisch uit. Het reststof wordt daarbij, zoals in de veror-dening voor gevaarlijke stoffen geëist, afgezogen. Dit bespaart stroom en reduceert het lawaai. De afzui-ginstallatie loopt alleen wanneer de arbeidsmachine werkende is. • Voor industriële werkzaamheden moet voor het afzui-gen een stofafscheider gebruikt worden. Afzuiginstal-laties of stofafscheiders niet tijdens het lopen van de machine uitschakelen of verwijderen. • De machine alleen in technisch onberispelijke staat en volgens de regels, bewust van veiligheid en gevaar, met inachtneming van de gebruiksaanwijzing gebruiken.
• Aan de veiligheids-, arbeidsen onderhoudsvoorschrif-ten van de fabrikant evenals aan de in de technische data aangegeven afmetingen moet men zich houden. • De betreffende voorschriften ter voorkoming van onge-vallen en overige, algemeen erkende veiligheidstechni-sche regels moeten in acht genomen worden. • De machine mag alleen door deskundige personen ge-bruikt, onderhouden of gerepareerd worden, deskun-digen, die ermee vertrouwd en over de gevaren inge-licht zijn. • Eigenhandige veranderingen aan de machine sluiten de aansprakelijkheid van de producent voor de daaruit voortvloeiende schade uit. • De machine mag alleen met het originele toebehoor en gereedschap van de producent gebruikt worden. • Ieder hiervan afwijkend gebruik geldt als niet conform de regels.
Voor daaruit voortvloeiende schade is de producent niet aansprakelijk, dit risico wordt alleen door de gebruiker gedragen. Montage: Bij het leveringspakket behoren: 1 haakvormige sleutel. 52/55 1 inbussleutel (zeskantig) SW 3 1 inbussleutel (zeskantig) SW 5 1 inbussleutel ( zeskantig) SW 10 Bij het leveringspakket behoort niet: 1 steeksleutel SW 13 Om verpakkingstechnische redenen is uw schaafmachine niet compleet gemonteerd. De schaafmachine mag niet aan de vlaktafels opgetild worden. Opstellen en justeren, fig. 4 De machine staat op 4 verstelbare rubberbuffers. Bodemoneffenheid gelijkma-ken. De onderste inbusmoeren met sleutel los maken en de rubberbuffers respectievelijk inen uitdraaien.
32 nederlandsDe inbusmoeren weer aandraaien (contra). Pas op. De machine moet beslist waterpas gesteld worden. Nadat de rubberbuffers zijn verwijderd kan de machine door de bo-ringen aan de bodem vast geschroefd worden. Bij gebruik met onderstel de rubberbuffers demonteren en aan het onderstel vastschroeven. Vlakaanslag, fig. 5. 1 Vlakaanslag op machine vastzetten. Met behulp van een hoekaanslag is de positie 90° vast te stellen. Klemhendel vastzetten. De vlakaanslag is van 90°-45° traploos zwenk-baar, waarbij de klemhendels bij de zwenksegmenten los gezet moeten worden. Na iedere hoekinstelling met een hoekmeter aan de hand van een monsterstuk de maatpre-cisie controleren. Vlakaanslag instellen, fig. 5. 2 Hoek 90°/40° controleren en via de cilinderschroeven M4 x 8 instellen. 1 = stelschroef hoek 90° 2 = stelschroef hoek 45° Let op. De vlakaanslag moet altijd goed bevestigd zijn. Fig. 5.
3 Het vastklemmen van de vlakaanslag gebeurt via een ex-centrische hendel. (1) De vlakaanslag is 260 mm boven de schaafbreedte verstelbaar. Let op. De vlakaanslag moet altijd goed bevestigd zijn. Schaafasbescherming, fig. 5. 4 De schaafasbescherming op de opklapbare vlaktafel schroeven. De schaafasbescherming kan zonder werktuig afgezwenkt worden. Doordat u de excentrische hendel naar boven trekt, schaafasbescherming wegzwenken, ex-centrische hendelweer naar beneden drukken. Fig. 7 + 8 Let op: Nooit zonder schaafasbescherming bij het vlak-schaven werken. m Handleiding voor het gebruik GEREEDMAKEN EN INSTELLEN VAN DE MACHINE • Verandering van toerusting, instel-, meeten reinigings-werkzaamheden alleen bij uitgeschakelde motor uit-voeren. Netstekker eruit trekken en op stilstand van roterend werktuig wachten.
• De werking van de terugslagbeveiliging voor iedere ploegendienst controleren. De punten van de grijpers moeten scherpe kanten hebben. • Alle beschermingsen veiligheidsaanwijzingen moeten na afgesloten reparatieen onderhoudswerkzaamheden onmiddellijk weer terug gemonteerd worden. DIKTEEN VLAKSCHAVEN • De maximale toerental van de schaafas is 6500 1/ min • De schaafas werd in overeenstemming met de DIN EN 847-1 vervaardigd. • Pas beginnen te werken, als het volle toerental is be-reikt • De bedienplaats van de machine vrijhouden van spaan-ders en houtafval. • Voor het afzuigen van houtspaanders en houtstof moet een afzuiginstallatie gebruikt worden. De stromings-snelheid bij het afzuig aansluitstuk moet min. 20 m/s bedragen. • Werk uitsluitend met scherp geslepen messen. Stompe schaafmessen verhogen het gevaar op terugslag.
• Bij het bewerken van langere werkstukken (langer dan de machinetafel) moeten dollies (extra toebehoor) ge-bruikt worden. Vlakken: Bij het vlakken tot 75 mm werkstuksterkte moet de schaafasbescherming vanuit boven het werkstuk en het schaafas afdekken. • Bij een werkstukbreedte van meer dan 75 mm zet u de beschermende geleider van de schaafasbescherming tot op werkstukbreedte aan. Let erop de gesloten hand met de duim ertegen op het werkstuk te leggen. • Voegen: Het werkstuk wordt tegen de vlakaanslag ge-legd. De beschermende geleider van de schaafasbe-scherming op werkstukbreedte instellen en het op de tafel laten opleggen. Vlakken en voegen van kleine dwarsdoorsnede (richels en plinten): Bij het vlakken wordt het werkstuk net als bij werkstukken t/m 75 mm dikte met plat erop liggende handen naar voren geschoven.
Bij het voegen wordt het werkstuk met beide handen en gesloten vuisten tegen de hulpaanslag (extra toebehoor) gedrukt en naar voren ge-schoven. De beschermingsinrichting is tot aan de aanslag geplaatst en ligt boven op het werkstuk.
Vlakken en voegen van korte werkstukken: Bij het vlak-ken wordt het werkstuk met de platte hand op de machi-netafel gedrukt en met het door de rechter hand geleide schuifhout vooruit geschoven. De linker hand glijdt over de beschermingsinrichting, zodra het werkstuk op de afna-metafel ligt wordt de druk met de linker hand op de afna-metafel gewisseld. Bij het voegen wordt het werkstuk met de linker hand en gesloten vuist tegen de aanslag en op de tafel gedrukt en met het schuifhout vooruit geschoven. • Afschuinen of verzinken: Het werkstuk wordt tegen de profielaanslag aan geplaatst. De beschermingsgeleider van de schaafasbescherming op de werkstukbreedte af-stellen en het werkstuk op de tafel laten opleggen. Het werkstuk wordt met de linker hand en gesloten vuist tegen de aanslag en de afnametafel gedrukt en met gesloten rechter hand vooruit geschoven.
nederlands 33De spaanafname bij het vlakschaven is via de zwenkhen-del 1 traploos van 0-3 mm instelbaar. Bij het vlakschaven moet de diktebank tussen de 90 en 210 mm ingesteld zijn. Let op, anders wordt de afzuigkap ingeklemd. Fig. 6. 2 Bij langere werkstukken (langer dan machineof afname-tafel) moet een rolbok (extra toebehoor) of iets dergelijks gebruikt worden. Vlakschaven– schaafasbescherming. Fig. 7 Bij het vlakken tot 75 mm werkstuksterkte moet de schaafasbescherming vanuit boven het werkstuk en het schaafas afdekken. Bij een werkstukbreedte van meer dan 75 mm stelt u de beschermingsgeleider van de schaaf-asbescherming tot op de werkstukbreedte af. Let erop de handen gesloten met de duim ertegen op het werkstuk te leggen. 1 vlakaanslag 2 schaafasbescherming Voegen, fig.
8 Gebruik voor deze arbeidsgang de vlakaanslag, de schaaf-asbescherming op de vlaktafel laten opliggen en de be-schermingsgeleider tot aan de werkstukbreedte stellen. Druk het werkstuk tegen de schaafaanslag aan en geleid het nu met beide handen over de schaafas. Zodra de plank ver genoeg in de afnametafel steekt, legt u de linker hand erop en schuift u het zonder onderbreking over de as van de messen. Vlakschaven– spaanuitwerping, fig. 9 Bij het vlakken moet de afsteltafel vergrendeld zijn. De afzuigslang op de afzuigkap zetten. Verbonden met een afzuiginstallatie kan dan afgezogen worden. Diameter van het afzuig aansluitstuk is 100 mm Vandikte schaven – machineinstelling, fig. 10. 1 De tafelvergrendeling omhoog trekken en de vlaktafel uit-klappen. Hoogteafstelling van de vlaktafel helemaal naar boven zetten. De uitwerpkap hoog zwenken en vergrende-len.
Een omdraaiing van het handwiel komt overeen met 2 mm. De vandiktetafel en de vlaktafels altijd harsvrij maken. Spandikte max. 3 mm. De deelstrepen op de schaalverde-lingsring maken een verfijning van de instelling mogelijk, waarbij 1 deelstreep met 0. 05 mm overeenkomt. Motor V-snaar spanning, fig. 11, 12, 12. 1 + 12. 2 Opgelet. • De platte riem en de V-snaar na de eerste ingebruikna-me na 3 uur gebruik bijspannen. Verder dient de riem-spanning regelmatig na 40 uur gebruik gecontroleerd en, indien nodig, aangespannen te worden. • 4 inbusschroeven op beide binnenkanten van de be-huizing verwijderen, fig. 11 • Beide zijwanden verwijderen• Spanmoer A aan beide kanten los maken (fig. 13. 1+13. 2)• Motorkantelsteun naar beneden drukken• Zijwanden weer vastmaken. Aandrijfrol V-snaar spanning, fig. 11, 12 + 13. 3 • 4 inbusschroeven aan de binnenkant van de behuizing verwijderen, fig.
11 + 12 • Schroef “C” losdraaien, V-snaar aanspannen, schroef “C” terug vastdraaien. Zijwand afnemen • 4 inbusmoeren B los maken, fig. 13. 3• Riem op spanning brengen• 4 inbusmoeren weer aantrekken• Zijwand weer bevestigen Instelling aandrijfrol, fig. 14 Om een perfecte doorvoer te garanderen moeten de druk-veren op de ernaast staande maten ingesteld worden. Vervangen van de aanvoer-aandrijfrol, fig. 15 De voering van de aandrijfrollen is van slijtvast rubber. Bij jarenlang gebruik kan een zekere slijtage optreden die het vervangen van de aanvoeraandrijfrol noodzakelijk maakt. 1 aandrijfrol 2 lagerverbinding 3 kettingwiel 4 spiraalstift 5 drukveer 6 zeskantige moer • Het vervangen gaat als volgt:• Aan beide binnenkanten per kant 4 inbusschroeven verwijderen, fig.
11 + 12 • Aan beide kanten de afdekking eraf nemen• Doorvoerketting afnemen Aandrijfrol (1) na verwijde-ring van de zeskantmoer(6) eruit • halen Vervanging van het kettingwiel op nieuwe aan-drijfrol• Inbouw van de nieuwe aandrijfrol• Aansluitend de machine weer completeren. Zekering vlaktafel Om een onbedoeld sluiten van de vlaktafel te voorkomen is de vlaktafel met een draaibaar schaarvormig mechanis-me uitgerust. Bij het sluiten van de vlaktafel moet geen extra zekering verwijderd worden. Vlaktafel, fig. 6. 1 De spaanafname bij het vlakken is via de draaihendel traploos van 0-3 mm instelbaar. Verschuift de vlaktafel vanzelf tijdens het werk dan is een nauwkeurige spaanafname niet meer mogelijk. In dit geval moeten de 4 zeskantige schroeven steviger aangedraaid worden zodat de vlaktafel de ingestelde spaanafname au-tomatisch bijhoudt.
34 nederlandssico’s optreden. • Blessuregevaar voor handen en vingers door de rote-rende schaafas bij ondeskundige hantering van het werkstuk. • Blessuregevaar door wegslingerend werkstuk bij on-deskundige houding of hantering, zoals werken zon-der aanslag. • Bedreiging van de gezondheid door houtstof en hout-spanen. • Het is absoluut noodzakelijk persoonlijke bescher-mingsuitrustingen zoals oogbescherming en stofmas-ker te dragen. Afzuiginstallatie gebruiken. • Bedreiging van de gezondheid door lawaai. Bij het wer-ken wordt het toegestane lawaainiveau overtreden. Be-slist persoonlijke beschermingsuitrusting zoals gehoor-bescherming dragen. • Bedreiging door stroom, bij gebruik van elektrische aansluitleidingen die niet conform de regels zijn. • Verwerk alleen geselecteerd hout zonder slechte plek-ken, zoals:kwasten, dwarsscheuren, scheuren aan de oppervlakte.
Slecht hout wordt een risico bij het wer-ken. • Verder kunnen er ondanks alle genomen maatregelen niet duidelijke overblijvende risico’s bestaan. Overblij-vende risico’s kunnen worden verminderd door de vei-ligheidsaanwijzingen en reglementair gebruik evenals de handleiding voor gebruik in haar geheel in acht te nemen. m Elektrische aansluiting: • Leidingen van netaansluiting controleren. Geen gebrek-kige leidingen gebruiken. Zie elektrische aansluiting. • De draairichting van motor en werktuig in acht nemen, zie elektrische aan sluiting schaafmachine. • Installaties, reparaties en onderhoudswerkzaamheden van elektrische installaties mogen alleen door vakmen-sen uitgevoerd worden. • Voor het verhelpen van storingen de machine uitscha-kelen. De netstekker eruit trekken. • Bij het verlaten van de werkplaats de motor uitschake-len. Netstekker eruit trekken.
Vóór de machine opnieuw in bedrijf genomen wordt eerst weer volgens de regels aan het stroomnet aansluiten. De machine met CEE stekker aan het net aansluiten; de toevoerleiding moet met 16 A beveiligd zijn. Bij de be-dieningsschakelaar op de groene drukknop drukken, de schaafas begint te lopen(fig. 2) Voor het uitschakelen op de rode drukknop drukken, schaafas wordt binnen 10 seconden afgeremd. Verande-ring draairichting Bij netaansluiting of plaatsverandering moet de draairichting gecontroleerd worden, eventueel moet de polariteit door middel van een schroevendraaier verwisseld worden (Machinestopcontact, fig. 3) De geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aangeslo-ten. De aansluiting komt overeen met de desbetreffende VDEen DIN regels.
De netaansluiting van de klant evenals de gebruikte verlengsnoeren moeten aan deze voorschrif-ten respectievelijk aan de lokale EVUvoorschriften vol-doen. BEDRIJFSAARD / INSCHAKELINGDUUR De elektromotor is voor bedrijfsaard S 6/40 gedimensi-oneerd S6 = ononderbroken bedrijf met intermitterende belasting 40% = betrokken op 10 min. 4min. belasting; 6min. Stationair Bij overbelasting van de motor schakelt deze automatisch uit, omdat een wikkelthermostaat in de motorwikkeling is aangebracht. Na een tijd van afkoeling (verschillend wat de tijd betreft ) laat de motor zich weer inschakelen. SCHADELIJKE ELEKTRISCHE AANSLUITLEIDINGEN Aan elektrische aansluitleidingen ontstaan vaak isolatie-beschadigingen. Mogelijke oorzaken:• Knelplaatsen, als de aansluitleidingen langs raamof deurkieren worden geleid. • Knikplaatsen door ondeskundige bevestiging of gelei-ding van de aansluitleiding.
• Snijplaatsen door overrijden van de aansluitleiding• Isolatiebeschadiging door het eruit rukken uit het wandstopcontact. • Scheuren door veroudering van de isolatie. Zulk scha-delijke elektrische aansluitleidingen mogen niet ge-bruikt worden en zijn wegens de beschadigingen van de isolatie levensgevaarlijk.
Elektrische aansluitleidingen regelmatig op schade con-troleren. Let erop dat bij het controleren de aansluitleiding niet aan het stroomnet verbonden is. Elektrische aansluit-leidingen moeten met de desbetreffende VDEen DINregels en de lokale EVEvoorschriften overeenkomen. Gebruik alleen aansluitleidingen met aanduiding H 07 RN. Een opdruk van de typebeschrijving op de aansluitkabel is ver-plicht. Verlengsnoeren moeten tot 25 m lengte een doorsnee van 1,5 kwadraatmillimeter, langer dan 25 m tenminste een doorsnee van 2,5 kwadraatmillimeter hebben. De netaan-sluiting wordt met 16 A traag beveiligd. DRAAISTROOMMOTOR De netspanning moet 380+420 V 50 Hz bedragen. De netaansluiting en verlengingsleidingen moeten 5-aderig zijn = 3 P + N + SL Verlengsnoeren moeten een minimale doorsnee van 1,5 kwadraatmillimeter hebben. De netaan-sluiting wordt maximaal met 16 A beveiligd.
Bij netaan-sluiting of verandering van plaats moet de draairichting gecontroleerd worden, eventueel moet de polariteit gewis-seld worden. • Aansluitingen en reparaties van de elektrische uitrus-ting mogen uitsluitend door een elektricien uitgevoerd worden. Voor nadere inlichtingen s. v. p. volgende data vermelden:• Producent motor, motortype • Stroomsoort van de motor• Data van het machinetypeplaatje• Data van de elektrische besturing Bij terugzending van de motor altijd de volledige aandrij-vingseenheid met elektrische besturing mee sturen.
nederlands 35Onderhoud: Onderhoud-, reparatieen reinigingswerkzaamheden even-als functiestoringen alleen bij uitgeschakelde aandrijving uitvoeren. Machine via uitschakelaar uitschakelen, dan de netstekker eruit trekken. Alle beschermingen veiligheidsinrichtingen moeten on-middellijk na voltooide reparatieen onderhoudswerk zaamheden weer gemonteerd worden. De vlaktafels en de vandiktetafel altijd harsvrij houden. Bij uw vakhandelaar verkrijgt u Pharmol-HEK harsverwijderaar concentraat ar-tikelnummer 6100 9700. Het lager van de schaafas en werktuigspil is van een doorlopende smering voorzien. In nieuwe staat optredende opwarming ligt aan de bouwaard en gaat na een tijdje over. De aandrijfrollen regelmatig rei-nigen. Het glijlager van deaandrijfrollen, de afstelspindels van de vandiktetafel, hun lagers en de aandrijfas met kop-peling na de eerste 5 arbeidsuren oliën.
Bij verder gebruik om de 20 arbeidsuren. De spanning van de ketting contro-leren. Indien nodig naspannen en oliën. Bij het spannen van de ketting van de vandiktetafel moet op de parallel-liteit van de vandiktetafel gelet worden. SCHAAFMES De in de fabriek ingezette schaafmessen zijn bedrijfsklaar geslepen en correct ingesteld. Alleen goed scherp gesle-pen en precies ingestelde schaafmessen garanderen veilig werk. Wij adviseren: Houd altijd een tweede set schaafmessen voor het vervan-gen gereed. Reserve schaafmessen verkrijgt u bij uw vak-handelaar onder artikelnummer 6200 4134. Voedingseenheid fig. 13. 2 – Opgelet. De kunststof tandwielen, kettingwielen evenals de ketting en de lagerbouten moeten elk na 40 uur gebruik regelma-tig ingevet worden. Schaafmessen slijpen Stompe schaafmessen verhogen het gevaar op ongeluk-ken, de arbeidsprestatie is niet meer gegarandeerd.
De schaafmessen alleen tot 15 mm meshoogte bijslijpen. De snijhoek van een mes dient 40+/2 graden te bedragen. Voor het naslijpen van de schaafmessen deze aan een ge-autoriseerde slijperij uitbesteden of naar de fabriek terug-sturen.
Schaafmes inzetten, fig. 16 1 stelschroef 2 drukschroef 3 schaafmes 4 conische stelring 5 markeringen 6 instelkaliber Bij het inzetten moet erop gelet worden, dat • er blessuregevaar voor vingers en handen bestaat. • de opspanvlaktes in het messenas en de conische stel-ringen schoongemaakt worden. • de geslepen schaafmessen vrij van olie zijn. • alleen nageslepen messen per paar ingezet worden • het inzetten van schaafmessen en conische stelringen volgens afbeelding gebeurt. • schaafmessen en conische stelringen aan beide kanten met de messenas afsluiten. • alle klemschroeven stevig aangetrokken worden. (8,9N/m) Let op. De aanwijzingen voor de messenbevestiging, voor overstek van messen, voor messendikte, voor min. voorspanlengte en voor het optimale aantrekmoment van de mes bevesti-gingschroeven moeten precies aangehouden worden. Schaafmes instellen, fig.
17 • Voor het instellen het meegeleverde instelkaliber ge-bruiken. • Eerst een schaafmes instellen, dan het tweede schaaf-mes. • Het schaafmes via de stelschroeven wederzijds verstel-len tot dat de snede het op de opklapbare vlaktafel opgelegde instelkaliber aanraakt. • De rechter markering aan het instelkaliber hoort con-form de afbeelding aan tafelbladbegin aan te liggen. • Bij het draaien van het schaafas mag het meenemen van het instelkaliber maximaal tot de tweede marke-ring gebeuren. • De instelling links en rechts buiten aan het schaafmes • uitvoeren. • De drukschroeven van de conische stelring met steek-sleutel SW 8 vast aantrekken. (8,9 N/m)• Het tweede schaafmes op dezelfde manier instellen • en klemmen. • Na ieder messenwissel laten proefdraaien en daarna de drukschroeven natrekken (8,9 N/m).
Toegepaste geharmoniseerde Europese normen: EN 55014, EN 55 104,EN 60555-2, EN 60204-1, EN861, EN 847-1, EN 12100-2 Gemelde instantie: Fachausschuss Holz, 70504 Stuttgart; Prüfund Zertifizierungsstelle im BG-PRÜFZERTIFIKAT (Wettelijke ongevallenverzekering hout, keuringsen certificeringsinstantie) Plaats en datum: Ichenhausen, 28. 03. 2012Handtekening: p. p. Werner Hartmann (Head of technical Innovation - documentation representative) Fouten opsporen Voor het verhelpen van storingen altijd eerst machine uitschakelen. Trek de stekker uit het stopcontact. Fehler Mögliche Ursache Behebung Onregelmatig en onderbroken transport bij vandikteschaven Er zit hars op de vandiktetafel resp. de tafel is niet met olie ingesmeerd. Vandiktetafel regelmatig reinigen en besproeien (glijspray). Dit geldt vooral voor houtsoorten die veel vocht of hars bevatten.
Fout in werkstuk bij vlakschaven Dit ligt aan onjuist ingestelde schaafmessen. De instelling van de schaafmessen moet uiterst nauwkeurig en met behulp van het instelkaliber worden uitgevoerd. Werkstukonnauwkeurigheid bij het vlakschaven (hol, bol) Bij vlaktafels die niet exact parallel staan door onjuist transport of dergelijke. Stel de starre vlaktafel 1 mm boven de schaafas en parallel met de basisplaat in.
Er kan geen aanspraak op garantie worden gemaakt bij: Transportschade, slijtende onderdelen, schade door ondeskundige behandeling alsmede door het niet inachtnemen van de gebruiksaanwijzing, bij het uitvallen van de electrische installatie door het niet inachtnemen van de electrische voorschriften. 3. Vervolgens kan er alleen aanspraak op garantie worden gemaakt, als het apparaat niet door derden werd gerepareerd. Deze garantieverklaring is alleen geldig in verbinding met de rekening. Garantía – ESPAÑAEsta máquina tiene 24 meses de garantía. 1. La garantía sólo incluye defectos de material y fabricación. Piezas defectuosas son repuestas sin gasto alguno, el montaje corre a cargo del cliente. La garantía sólo es válida a condición que se utiliza piezas originales de la casa scheppach. 2.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Scheppach Plana 3.0 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Schaafmachine Scheppach
Handleiding Schaafmachine
Nieuwste handleidingen voor Schaafmachine