Scheppach MR200-61 Handleiding
Pagina's 220 Niet gecategoriseerd
Bekijk de handleiding van Scheppach MR200-61 gratis online of download de PDF. 13 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Scheppach |
| Categorie: | Niet gecategoriseerd |
| Model: | MR200-61 |
Handleiding Scheppach MR200-61 – volledige tekst
www.scheppach.comNL | 127 1. Verklaring van de symbolen op het productHet gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico's. De veiligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goed worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomen geen risico's en kunnen de juiste maatregelen betre?ende ongevallenpreventie niet vervangen.Neem voor het gebruik alle veiligheidsvoorschriften in acht.Zorg ervoor dat u voor de ingebruikname de volledige tekst van de gebruikshandleiding doorleest en begrijpt.Gevaar voor letsel! Niet over steile hellingen van meer dan 10° (17%) rijden of maaien. Niet in de lengterichting rijden of maaien.
Kantelgevaar!Apparaat nooit zonder vangkorf gebruiken.Gevaar door wegslingerende onderdelen bij een draaiende motor.Neem absoluut de veiligheidsafstand in acht.Zorg ervoor dat andere personen voldoende veiligheidsafstand aanhouden. Houd onbevoegde personen uit de buurt van het apparaat.Haal altijd de bougiestekker eruit, voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat uitvoeren.Voor alle werkzaamheden aan het apparaat de contactsleutel verwijderen en de aanwijzing van deze handleiding in acht nemen.Haal altijd de accu eruit, voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat uitvoeren.Houd uw handen en voeten uit de buurt van het roterende maaimes.
www.scheppach.com128 | NLHoud uw handen en voeten uit de buurt van het roterende maaimes.Belangrijk. De uitlaatgassen zijn giftig, gebruik de motor daarom niet in niet-geventileerde bereiken.Let op hete oppervlakken - gevaar voor brandwonden.Gehoor- en oogbescherming gebruiken!Veiligheidsschoenen, veiligheidshandschoenen, nauwsluitende kleding dragen.Stap nooit op de maaier, de zij-uitworp, de wielen of de behuizing van de zitmaaier.LET OP! Bedrijfsmiddelen zijn brandgevaarlijk en explosief - gevaar voor brandwonden.1,8lTankinhoud3,5 kW / 6 pkVermogen224 cm³Cilinderinhoud3100 min-1min-1Toerental150 lVolume vangkorf
www.scheppach.comNL | 131 Verklaring van de signaalwoorden in de gebruikshandleidingGevaar!Signaalwoord voor aanduiding van een direct aanwezige, gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, de dood of ernstige verwondingen tot gevolgd heeft.WAARSCHUWING!Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot de dood of ernstige verwondingen kan leiden.VOORZICHTIG!Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot geringe of matige verwondingen kan leiden.AANWIJZINGSignaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, materiële schade aan producten of eigendommen tot gevolg kan hebben.
Zekering 5A26a Houder zekering27. Startmotor met trekkabel2. InleidingFABRIKANT:Scheppach GmbHGünzburger Straße 69D-89335 IchenhausenGEACHTE KLANT, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe product. AANWIJZING:De fabrikant van dit product is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aan-sprakelijk voor schade die aan dit product of door dit product ontstaan bij:• ondeskundige behandeling,• Het niet in acht nemen van de gebruiksaanwijzing,• reparaties door derden, niet geautoriseerde vak-mensen,• inbouw en vervanging van niet-originele reserveon-derdelen,• niet doelmatig gebruik,• Uitvallen van de elektrische installatie bij het niet in acht nemen van de elektrische voorschriften en voor-schriften. Let op:De gebruikshandleiding maakt deel uit van dit product.
Deze bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het product veilig, vakkundig en economisch werkt, hoe u gevaren vermijdt, reparatiekosten uitspaart, uitvaltij-den vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het product verhoogt.
Aanvullend op de veilig-heidsbepalingen van deze gebruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het product geldende voorschriften van uw land in acht nemen. Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekend met alle bedienings- en veiligheidsinstructies. Gebruik het product uitsluitend als beschreven en voor de aan-gegeven toepassingen. Bewaar de gebruikshandlei-ding daarom goed, en verstrek alle documentatie als het apparaat wordt doorgegeven aan derden. 3. Beschrijving van het apparaat1. Bestuurdersstoel1a. Bout1b. moer1c. Stoelcontactschakelaar.
www. scheppach. comNL | 133 • De veiligheids-, werk- en onderhoudsvoorschriften van de fabrikant alsook de in de technische gege-vens aangegeven afmetingen moeten in acht wor-den genomen. • De geldende ongevallenpreventievoorschriften als-ook de overige algemene erkende veiligheidstechni-sche voorschriften moeten in acht worden genomen. • De machine mag alleen door vakkundige personen worden gebruikt, onderhouden en worden gerepa-reerd, die bekend zijn met deze werkzaamheden en op de hoogte zijn van de gevaren. Zelf aangebrachte wijzigingen aan de machine sluiten een aansprake-lijkheid van de fabrikant voor hieruit voortvloeiende schade uit. • De machine mag uitsluitend met de originele acces-soires en originele gereedschappen van de fabri-kant worden gebruikt. • Elk verdergaand gebruik wordt beschouwd als niet volgens de voorschriften.
Voor hieruit voortvloeien-de schade kan de fabrikant niet aansprakelijk wor-den gesteld, het risico hiervoor ligt volledig bij de gebruiker. • Wanneer u er niet zeker van bent, of de werkomstan-digheden veilig of onveilig zijn, dient u de machine niet te gebruiken. • De benzine-grasmaaier is geschikt voor particulier gebruik in de tuin of hobbytuin. Grasmaaier voor de particuliere tuin of hobbytuin zijn machines waarvan het jaarlijks gebruik in principe niet meer is dan 50 uur en voornamelijk voor het onderhoud van gras- of gazonoppervlakken wordt gebruikt, echter niet in openbare installaties, parken, sportvelden, alsook in de land- en bosbouw.
Vanwege lichaamsgevaar voor de gebruiker of andere personen mag het apparaat bijvoorbeeld niet worden gebruikt:• voor snoeien van klimplanten,• voor hakselen en verkleinen van snoeiafval van bo-men en heggen,• voor het reinigen van voetpaden (afzuigen, blazen),• voor sneeuwruimen met behulp van de maaier,• voor gazononderhoud op dakbeplanting,• voor het e?enen van bodemverhogingen, zoals bijv.
molshopen,• voor het transporteren van snoeimateriaal anders dan in de daarvoor aanwezige vangkorf. • Het apparaat is niet toegestaan voor gebruik op openbare wegen. • Het transporteren van personen (in het speciek kin-deren) en dieren is niet toegestaan. 4. Meegeleverd• Benzine zitmaaier• Zij-uitworp (23)• Bestuurdersstoel (1)• Vangkorf (2)• Stuurkolom (15)• Stuurwiel (16)• Oplader (5b)*• Accu (5a)*• Injectie 100ml naar olieafzuiger met slang• Trechter met slang• Zekering 5A (26)• Contactsleutel 2x (18a)• GebruikshandleidingGereedschap:• Bougiesleutel• Steeksleutel SW13• Steeksleutel SW10* niet persé meegeleverd. 5. Beoogd gebruikDe machine voldoet aan de geldende EG-machine-richtlijn. Let op – gevaar voor ongevallen. De benzine zitmaaier is uitsluitend bedoeld voor gras-maaien, elk ander gebruik is niet toegestaan.
Voor werkopname moeten alle beschermings- en vei-ligheidsvoorzieningen op de machine zijn gemonteerd. • De bedieningspersoon is in de werkomgeving ver-antwoordelijk voor derden. • De machine is vervaardigd voor bediening door één persoon. • Neem alle veiligheidsinformatie op de machine in acht. • Alle veiligheids- en gevareninstructies op de machi-ne moeten altijd volledig en in leesbare staat worden gehouden. • Machine uitsluitend in technisch probleemloze toe-stand en voor het beoogd gebruik, veiligheids- en gevarenbewust, volgens de gebruikshandleiding gebruiken. • In het bijzonder storingen, die de veiligheid kunnen benadelen, direct (laten) verhelpen.
www. scheppach. com134 | NLm Veiligheid van personenLet op. Gevaar voor de gezondheid door trillingen. Overmatige belasting door trillingen kan tot schade aan de bloedvaten of de zenuwen leiden, in het speci-ek bij personen met vaatproblemen. Neem contact op met een arts, indien er symptomen optreden, die door trillingsbelasting veroorzaakt kunnen zijn. Dergelijke symptomen, die hoofdzakelijk in de vingers, handen of polsen optreden, zijn bijvoorbeeld:• gevoelloosheid,• pijn,• spierverzwakking,• huidverkleuringen,• onaangenaam gevoel. Het stuur tijdens het gebruik goed, maar niet verkrampt met beide handen, op de voorgeschreven punten vast-houden. Werktijden zo plannen, dat hogere belastin-gen over een langere periode vermeden worden. Waarschuwing. Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld.
Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. Om het ri-sico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raad-plegen voordat het elektrische apparaat wordt gebruikt. Bekleding en apparatuur• Tijdens de werkzaamheden moeten als goede schoenen met slipvaste zolen worden gedragen. Werkzaamheden nooit op blote voeten of bijvoor-beeld in sandalen uitvoeren. • Het apparaat mag alleen met lange broek en in nauwsluitende kleding in gebruik worden genomen. • Nooit losse kleding dragen, die aan bewegende delen (bedieningshendel) kan blijven hangen – ook geen sieraden, geen dassen en sjaals dragen.
• Bij onderhouds- en reinigingswerkzaamheden evenals bij het transport van het apparaat bovendien altijd goede handschoenen dragen en lang haar sa-menbinden en afdekken (pet, muts, etc. ). • Bij het slijpen van de maaimessen moet een ge-schikte veiligheidsbril worden gedragen.
Tijdens de werkzaamheden• Werk nooit terwijl er personen, in het speciek kin-deren of dieren in de buurt zijn. Let erop dat het gras nooit in de richting van derden wordt uitgeworpen. • Nooit op de maaier klimmen. • Om veiligheidsredenen mag de grasmaaier niet als aandrijfaggregaat voor andere gereedschapssets van welk type dan ook worden gebruikt. •m WAARSCHUWINGLees voor de ingebruikname van het apparaat deze handleiding voor uw eigen veiligheid en de algemene veiligheidsvoorschriften grondig door. Als u het appa-raat aan derden geeft om te gebruiken, dient u deze gebruikshandleiding altijd mee te leveren. Let erop dat onze apparaten volgens het beoogd ge-bruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of indus-triële toepassingen zijn ontworpen.
Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het apparaat in be-drijfsmatige, ambachtelijke of industriële ondernemin-gen of bij soortgelijke werkzaamheden wordt ingezet. 6. Veiligheidsvoorschriftenm Let op. Bij het gebruik van apparaten moeten enkele veilig-heidsmaatregelen in acht genomen worden, om letsel en schade te voorkomen. Lees daarom absoluut deze gebruikshandleiding / veiligheidsvoorschriften door. Bewaar deze daarom goed, zodat u de informatie te allen tijde ter beschikking heeft. Indien u het apparaat aan andere personen mocht overhandigen, overhan-dig dan tevens deze gebruikshandleiding/veiligheids-voorschriften. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheids-voorschriften.
Wie mogen het apparaat niet gebruiken:• Kinderen, personen met beperkte lichamelijke, zin-tuiglijke of geestelijke vaardigheden of ontoereiken-de ervaring en kennis of personen die niet bekend zijn met de aanwijzingen, mogen dit apparaat niet gebruiken. • Laat nooit kinderen of tieners jonger dan 16 jaar het apparaat gebruiken. Lokale voorschriften kunnen de minimumleeftijd van de gebruiker deniëren.
• Gebruik het apparaat alleen uitgerust en bij goede lichamelijke en geestelijke conditie. Als u een slech-tere gezondheid hebt, moet u een arts vragen of de werkzaamheden met het apparaat mogelijk zijn. Na de inname van alcohol, drugs of medicijnen, die het reactievermogen beïnvloeden, mag er niet met het apparaat worden gewerkt.
www. scheppach. comNL | 135 Nooit achteruit maaien als dit niet absoluut noodza-kelijk is. Bij het achteruit maaien bijzonder voorzich-tig te werk gaan en voor de start van het maaien het gehele bereik achter de benzine zitmaaier grondig controleren. • Bij werken binnen een groep moet u anderen altijd direct meedelen wat u gaat doen. Veiligheidsafstand in acht nemen. • Voor elke richtingswijziging moet de rijsnelheid zo worden gereduceerd, dat de gebruiker op elk mo-ment de controle over het apparaat behoudt en de benzine zitmaaier ook niet kan omvallen. • Bij het gebruik in de buurt van straten en bij het oversteken van verkeerswegen moet er op andere verkeersdeelnemers worden gelet. • Bijzondere voorzichtigheid vereist bij het maaien in de buurt van straten, etspaden en voetpaden. Weggeslingerde delen kunnen tot ernstige verwon-dingen en beschadigingen leiden.
m Omgang met benzinem Levensgevaar. Benzine is giftig en zeer ont-vlambaar. • Bewaar benzine alleen in daarvoor bedoelde en gecon-troleerde containers (jerrycans). De sluitkappen van het tankreservoir moeten altijd correct opgeschroefd en aangehaald worden. Defecte sluitingen moeten vanwege veiligheidsredenen worden vervangen. • Houd benzine uit de buurt van vonken, open vuur, waakvlammen, warmtebronnen en andere ontste-kingsbronnen. Niet roken. • Vul de tank uitsluitend bij in de buitenlucht en rook niet tijdens het tanken. • Schakel voor het tanken de verbrandingsmotor uit en laat deze afkoelen. • Benzine moet voor het starten de verbrandings-motor worden bijgevuld. Als de verbrandingsmotor loopt of bij een hete machine mag de tankdop niet geopend worden of er benzine worden bijgevuld. • Open de tankdop voorzichtig en langzaam.
Druk-compensatie afwachten en pas daarna de tankdop volledig afnemen. • Gebruik voor het tanken een geschikte trechter of een invoerbuis, zodat er geen brandstof op de ver-brandingsmotor en behuizing resp. het gazon kan terechtkomen.
• Werken met het apparaat nooit bij regen, onweer en in het bijzonder niet bij risico op blikseminslag. Uitlaatgassen:• Levensgevaar door vergiftiging. Bij misselijkheid, hoofdpijn, verminderd gezichtsvermogen (bijv. ver-minderd gezichtsveld), gehoorstoornissen, duizelig-heid, concentratieverlies direct stoppen met werken. Deze symptomen kunnen onder andere door hoge uitlaatgasconcentraties worden veroorzaakt. • Dit apparaat produceert giftige uitlaatgassen zodra de verbrandingsmotor draait. Dit apparaat bevat giftige koolmonoxide, een kleur- en geurloos gas, evenals andere schadelijke sto?en. De verbran-dingsmotor mag nooit in gesloten of slecht geventi-leerde ruimtes worden gebruikt. • De uitlaatgassen van de verbrandingsmotor worden voor het linker achterwiel aan de open lucht afge-geven.
Bij werkzaamheden met het apparaat moet erop worden gelet dat deze omgeving altijd schoon blijft en nooit wordt afgedekt, zodat uitlaatgas zich niet ophoopt. m Veiligheid op de werkplek• Controleer volledig het terrein, waar het apparaat wordt gebruikt en verwijder alle stenen, stokken, draden, kluiven en andere vreemde voorwerpen, die door het apparaat omhoog geslingerd kunnen worden. Hindernissen (bijv. boomstompen, wortels) kunnen in hoog gras eenvoudig worden gemist. • Markeer daarom voor het werken met dit apparaat, alle in het gras verborgen, vreemde objecten (hin-dernissen), die niet verwijderd kunnen worden. • Let ook op verdiepingen (gaten) in het terrein en andere niet zichtbare gevarenpunten. Hindernissen kunnen in hoog gras eenvoudig worden gemist. • Gebruikt het apparaat altijd bijzonder voorzichtig, als u in de buurt van hellingen, terreinranden, grep-pels en dijken werkt.
• De benzine zitmaaier direct stoppen en de maaimes-sen neerzetten als iemand het maaibereik betreedt. • Houd het bereik voor het voertuig altijd in de gaten. Let op hindernissen om deze tijdig te kunnen ontwijken. • Voor het achteruitrijden het bereik achter de benzine zitmaaier controleren en indien aanwezig, het aan-bouwdeel loskoppelen.
www. scheppach. com136 | NL• Let op dat u geen fysiek contact maakt met geaarde onderdelen zoals bijv. buizen, radiatoren, elektrische haarden, koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is. • Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Het indringen van water in een elektrisch apparaat vergroot het risico op een elektrische schok. Neem de veiligheidsvoorschriften en aanwijzingen voor het opladen en het juiste gebruik in acht zoals in de gebruikshandleiding van uw accu en oplader van de Scheppach 20 V IXES serie aangegeven. Een gedetailleerde beschrijving voor het laadproces en overige informatie vindt u in deze afzonderlijke ge-bruikshandleiding. Onjuist gebruik van de accu en de oplader kan een elektrische schok of brand veroorzaken.
m Veiligheidsvoorschriften voor benzine zitmaaierStarten:• Het apparaat mag alleen vanaf de bestuurdersstoel worden gestart. • Het apparaat op een e?en oppervlak starten, niet op een heling. • De verbrandingsmotor mag alleen in een goed ge-ventileerde werkomgeving worden gestart, vooral in garages moet op voldoende ventilatie worden gelet. • Voor het starten van de verbrandingsmotor het snij-gereedschap, aanbouwdelen en aandrijving loskop-pelen evenals het rempedaal goed indrukken. • Bij het starten moet erop worden gelet dat er vol-doende afstand tussen de voeten en het snijgereed-schap is. • Start de motor niet indien u voor het uitwerpkanaal staat. • Til of draag een grasmaaier nooit terwijl de motor loopt. • Het gebruik van de machine met overmatige snel-heid kan het risico op ongevallen verhogen. • Start nooit de verbrandingsmotor door het kortslui-ten van de startklemmen.
Als het normale startcir-cuit wordt omzeild, kan de benzine zitmaaier plotse-ling in beweging komen. • Start de verbrandingsmotor nooit als u benzinegeu-ren ruikt – Explosiegevaar. ••Vul de brandstoftank niet te vol.
• Om de brandstof ruimte tot uitzetting te bieden, brandstoftank nooit tot boven de onderkant van de vulpijp vullen. Extra gegevens in de gebruikshand-leiding van de verbrandingsmotor in acht nemen. • Indien benzine is overstroomd, de verbrandings-motor pas starten, nadat de met benzine vervuilde vlakken zijn gereinigd. Elke ontstekingspoging moet worden vermeden totdat de benzinedampen zijn verdampt (droogvegen). • Veeg gemorste brandstof direct weg. • Als benzine op kleding is terechtgekomen, moet deze worden vervangen. • De tankdop moet na elke keer tanken correct opge-schroefd en aangehaald worden. Het apparaat mag zonder opgeschroefde originele tankdop niet in ge-bruik worden genomen.
• Controleer vanwege veiligheidsredenen de brand-stoeiding, brandstoftank, tankdop en aansluitingen regelmatig op beschadigingen, veroudering (breek-baarheid), op correcte bevestiging en ondichte plaatsen en vervang deze indien nodig. • Leeg de tank alleen in de open lucht. • Gebruik nooit drinkessen of gelijksoortig voor het verwijderen of opslaan van bedrijfsmiddelen, zoals bijv. brandstof. Personen, in het speciek kinderen, kunnen verleid worden daaruit te drinken. • Bewaar nooit het apparaat met benzine in de tank binnen een gebouw. Ontstane benzinedampen kun-nen met open vuur en vonken in aanraking komen en zich ontsteken. • Apparaat en brandstoftank niet in de buurt van ver-warmingen, warmtestralers, lasapparaten of andere warmtebronnen neerzetten. Explosiegevaar.
Als tijdens het gebruik een defect aan de tank, de tankdop of aan brandstofgeleidende delen (brandstof-leidingen) wordt vastgesteld, moet direct de verbran-dingsmotor worden uitgeschakeld. Vervolgens moet contact met een leverancier worden opgenomen. Elektrische veiligheid:• De aansluitstekker van het apparaat moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen en-kele wijze worden gewijzigd. Gebruik geen adapter-stekker samen met geaard elektrisch gereedschap.
www. scheppach. comNL | 137 Restgevaren en voorzorgsmaatregelenHet niet naleven van de ergonomische basisprin-cipesNalatig gebruik van persoonlijke beschermings-middelen (PBM's)Nalatig gebruik of het weglaten van persoonlijke be-schermingsmiddelen kan ernstige verwondingen tot gevolg hebben. - Voorgeschreven beschermende uitrusting dragen. Menselijk gedrag, incorrect gedrag - Wees tijdens alle werkzaamheden altijd volledig geconcentreerd. m Restgevaar kan niet worden uitgesloten. Gevaar door lawaaiGehoorschadeLangere werkzaamheden met het apparaat zonder ge-hoorbescherming kan leiden tot gehoorschade. - Altijd gehoorbescherming dragen. Gedrag bij noodgevallenBij een eventueel ongeval moet u direct de noodzakelij-ke EHBO-maatregelen nemen en zo snel mogelijk hulp vragen aan een gekwaliceerde arts. 7.
Technische gegevensMotortype4-Taktmotor / luchtgekoeldCilinderinhoud 196 cm³Stationair toerental 1800+/-100 min-1Vermogen 3,5 kW/ 4,8 PSBrandstofNormale benzine/loodvrij max. 10% bio-ethanolCO2-uitstoot 785,20 g/kWhTankinhoud/benzine 1,8 lMotorolie SAE 30 / 10W30Tankinhoud/Olie 0,5 lMaaihoogteverstelling 5-voudigVulhoeveelheid vangkorf 150 lZaagbreedte 61 cmSnijhoogte 35-75 mm ±5 mmGewicht 120 kgRijsnelheid V 0-6,0 km/uGebruik:m Waarschuwing – Gevaar voor letsel. • Neem de werkomgeving van het maaimes in acht. Breng handen of voeten nooit tegen of over de draai-ende delen. Raak nooit het draaiende maaimes aan. Houd u altijd buiten het bereik van de uitwerpope-ning. Er moet altijd voldoende veiligheidsafstand worden aangehouden. • Werk alleen bij daglicht of bij een goede kunstmatige verlichting.
• Bij het rijden buiten het gazon of indien er niet wordt gemaaid, moet het maaimes worden losgekoppeld en de maaier in de hoogste snijpositie worden ge-bracht. • In het gras verborgen objecten (sprinklerinstallaties, palen, waterkleppen, funderingen, elektrische lei-dingen, etc. ) moeten vermeden worden. Rijd nooit over dergelijke vreemde objecten.
• Tijdens het rijden moet het stuurwiel altijd goed met beide handen worden vastgehouden. • Wees vooral voorzichtig bij het rijden op gazons en andere one?en oppervlakken, omdat het stuurwiel uit zichzelf kan verdraaien als gevolg van gaten, heuvels, stoten, etc. • Gevaar voor letsel aan handen en vingers. • Rijd altijd met gematigde snelheid. • Leeg de vangkorf alleen vanuit de bestuurdersstoel. • Voor het legen van de vangkorf altijd het maaimes loskoppelen en wachten, totdat deze tot stilstand is gekomen. Schakel de aandrijving uit, zet de verbrandingsmotor uit en wacht totdat het maaimes volledig stilstaat, ac-tiveer de blokkeerrem en verwijder de contactsleutel:• voordat u blokkades verwijdert of verstoppingen in het uitwerpkanaal oplost,• voordat u de benzine zitmaaier controleert, reinigt of daaraan werkt,• als het maaimes een vreemd voorwerp raakt.
Zoek naar beschadigingen aan de machine en aan het snijgereedschap en laat de vereiste reparaties uit-voeren, voordat u opnieuw start,• indien het apparaat bij de start ongewoon sterk be-gint te trillen. Een directe controle is vereist. • bij het verlaten resp. transport van het apparaat.
www. scheppach. com138 | NLBij langer gebruik van de benzine zitmaaier kunnen er trillingsafhankelijke doorbloedingsproblemen ontstaan (ziekte van Raynaud). Aanbevelingen voor de gebruiksduur kunnen in dit ge-val niet worden aangegeven, omdat dit van persoon tot persoon kan verschillen. De volgende factoren kunnen invloed hebben op het uiterlijk:• doorbloedingsproblemen in de handen van de be-stuurder• lage buitentemperaturen• lange gebruikstijdenDaarom is het raadzaam om warme werkhandschoe-nen te dragen en regelmatige pauzes te nemen. 8. Uitpakken1. Open de verpakking en verwijder het verpakkings-materiaal. 2. Controleer of de inhoud van de levering volledig is. 3. Controleer het apparaat en de hulpstukken op transportschade. 4. Verwijder de transportbeveiligingen (de tie-raps). 5. Pomp met een in de handel verkrijgbare voetpomp (niet meegeleverd) alle 4 banden (6 + 9) op.
De correcte bandenspanning is 1,5 bar aan de voorwielen (9) en 1,8 bar aan de achterwielen (6). 6. Neem met 3 andere personen de benzine zitmaai-er voorzichtig van de pallet. 7. Pak het apparaat vast aan het frame - nooit aan de plastic bekleding. Aan de voorzijde kunt u de transportbeugels (11) gebruiken. 8. Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het verstrijken van de garantietijd. m GEVAARHet apparaat en de verpakkingsmaterialen zijn geen kinderspeelgoed. Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine onderdelen spelen. Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkings-gevaar. 9. Montagem WAARSCHUWING. Gevaar voor letsel en materiële schade. Het gebruik van incorrecte reserveonderdelen en toe-behoren kan tot verwondingen en beschadigingen lei-den. Deze kunnen loskomen en worden weggeslingerd.
Het apparaat maakt deel uit van de Scheppach 20 V IXES serie en kan met accu's van de Scheppach 20 V IXES serie worden gebruikt. De accu's mogen uitslui-tend met opladers van de Scheppach 20 V IXES serie worden opgeladen. Technische wijzigingen voorbehouden. Informatie over de geluidsemissie gemeten volgens de geldende normen EN ISO 5395) conform ISO 5395-1:2013:Geluidsdruk LPA84,7 dBGeluidsvermogen LWA96,59 dBMeetonnauwkeurigheid K 1,69 dBDraag gehoorbescherming. Het e?ect van lawaai kan gehoorverlies zijn. Trilling ah (lichaam)1,261 m/s2 conform ISO 5395-1Vibratie ah (Hand - Arm - Stuurwiel)3,662 m/s2 / 3,522 m/s2 conform ISO 5395-1Meetonnauwkeurigheid K 1,5 m/s2Beperk de geluidsproductie en trilling tot een minimum. • Gebruik alleen optimale producten. • Onderhoud en reinig het product regelmatig. • Pas uw werkwijze aan het product aan. • Zorg dat het product niet overbelast raakt.
www. scheppach. comNL | 139 4. Schuif de stuurstangafdekking (15) over de stuur-stang (15a). 9. 3 Stuurwiel monteren (afb. 6)1. Schuif een kunststofschijf (16e), de rubberen ring (16f) en aansluitend de twee kunststofschijven (16e) op de stuurstang (15a). 2. Plaats vervolgens de stuurwielopname (16d) op de stuurstang. 3. Plaats het stuurwiel (16) op de stuurwielopname (16d). 4. Plaats nu de metalen schijf (16c) in het stuurwiel (16) en bevestig het stuurwiel met de moer (16b) en een steeksleutel SW13. 5. Plaats de stuurwielafdekking (16a) in het midden van het stuurwiel (16) tot deze vastklikt. 9. 4 Vangkorf inhangen (afb. 7)1. Houd de vangkorf (2) met beide handen op de vangkorfgrepen. 2. Leg de vangkorf (2) symmetrisch op de geleiding. Lijn daarbij de vangkorf (2) op de benzine zitmaai-er uit. 3.
Kantel de vangkorf (2) iets naar voren, zodat het voorste deel van de vangkorf (2) vastklikt. 4. Zwenk nu de vangkorf (2) weer naar onderen. 5. Controleer de correcte bevestiging van de vang-korf (2). 9. 5 Maaien met uitwerpkanaal of zij-uitworpAfhankelijk van de gewenste werkzaamheden kunt u tussen het maaien met uitwerpkanaal (20) en het maai-en met zij-uitworp (23) selecteren. 9. 5. 1 Uitwerpkanaal (afb. 8 + 9)Het uitwerpkanaal (20 + 20b) is bij fabriekslevering voorgemonteerd. Controleer deze op beschadiging en goede bevesti-ging. Controleer of de bevestigingshaken (20a + 20e) en de bevestigingsstrip (20d) juist zijn ingehaakt. Laat deze in het geval van een beschadiging door een specialist vervangen. 9. 5. 2 Zij-uitworp (afb. 1 + 8 + 9 + 10)1. Vergrendel de hendel voor de snijhoogteverstel-ling (4) op snijhoogte 1. 2.
Verwijder voor het gebruik van de zij-uitworp (23) het uitwerpkanaal (20 + 20b):• Haal hiertoe eerst de bevestigingsstrip (20d) op het bovenste uitwerpkanaal (20) weg en schuif deze naar boven. Bovendien kunnen deze de prestaties van het product verminderen. - Gebruik uitsluitend reserveonderdelen en accessoi-res van de fabrikant.
Originele onderdelen of origi-nele accessoires zijn verkrijgbaar bij uw leverancier. - Bij het niet in acht nemen kunnen de prestaties van het product verminderen en kunnen onderdelen evt. loskomen. - Bij het niet in acht nemen vervalt de garantie van de fabrikant. Bij de levering zijn er enkele delen gedemonteerd. De montage is eenvoudig, indien de volgende aanwijzin-gen in acht worden genomen. Aanwijzing. Bij de montage en/of voor onderhoudswerkzaamheden heeft u het volgende extra gereedschap nodig, dat niet bij de levering is inbegrepen:• een maatbeker 1 liter (olie-/benzinevast)• een benzinecontainer (5 liter en voldoende voor ca.
5 bedrijfsuren)• een trechter (geschikt voor de benzine-vulpijp van de tank)• huishoudelijke doeken (voor het wegvegen van de olie-/benzineresten; verwijdering op de plaats van de tank)• een benzine-afzuigpomp (plastic uitvoering, ver-krijgbaar in bouwmarkten)• 0,5 l motorolie SAE 309. 1 Stoel monteren (afb. 3+ 4)1. Monteer de bestuurdersstoel (1) door de 2 bouten M8x16 (1a) en de moeren M8 (1b) eerst met de hand aan te halen. 2. Haal vervolgens de 2 bouten (1a) met behulp van de steeksleutel (SW13 en SW10) aan. 3. Verbind nu de kabel van de stoelcontactschake-laar (1c) (afb. 4). 4. Stel de gewenste stoelpositie in door de stoel te verschuiven. Let erop dat u de bedieningshendel en het pedaal veilig kunt bereiken. 9. 2 Stuurkolom monteren (afb. 5)1. Steek de stuurkolom (15) in de stuursteunen (15d). 2. Let er daarbij op dat de boorgaten over elkaar lig-gen. 3.
www. scheppach. com140 | NLNeem indien nodig contact op met een leverancier. Brandstof en olieAANWIJZING. Risico op materiële schade. Indien incorrect opgeslagen of niet afgetapte brand-sto?en worden gebruikt, kan de carburateur verstop-pen of de werking van de motor beïnvloeden. - Voer brandstof wat u niet nodig heeft, in een lucht-dichte tank en bewaar deze in een donkere, koele ruimte. - Gebruik voor het transport en voor de opslag van brandstof alleen daarvoor bedoelde en toegestane containers. AANWIJZING. Het maaien met de benzine zitmaaier mag uitsluitend met een aangebrachte vangkorf. Anders schakelt de motor uit om willen van veiligheidsredenen na het in-schakelen van de maaier. 10. 1 Motorolie bijvullen en accu plaatsen(afb. 1 + 11 + 12)m Let op. De motor wordt zonder olie geleverd. Voor inge-bruikname daarom altijd olie bijvullen. Gebruik hiertoe multifunctionele olie (SAE 30).
De oliepeil in de motor moet voor elke keer maaien worden gecontroleerd. 1. Open de olietankdop (21) en vul de tank met olie (SAE 30) met behulp van de trechter. Let op het max. vulpeil. 2. Sluit de olietankdop (21) vervolgens weer. 3. Plaats de accu (5a), door deze langs de geleideblad in het apparaat te schuiven. Hij klikt hoorbaar vast. m GEVAAR. Brand- en explosiegevaar. Brandstof kan zich bij het vullen ontsteken en even-tueel exploderen. Dit leidt tot ernstige verbrandingen of zelfs de dood. - Schakel de motor uit en laat deze afkoelen. - Houd uit de buurt van hitte, vlammen en vonken. - Vul brandstof alleen in de open lucht bij. - Draag veiligheidshandschoenen. - Vermijd huid- en oogcontact. - Start het product met een afstand van min. 3 m tot de vullocatie van de brandstof. - Let op voor ondichte plekken. Start de motor niet als er benzine uitloopt.
• Hang nu beide bevestigingshaken (20a + 20e) op het onderste uitwerpkanaal (20b) en til de klep (20c) omhoog. Aansluitend kunt u het on-derste uitwerpkanaal (20b) verwijderen. 3.
Plaats aansluitend de zij-uitworp (23) er in. Til hier-toe de klep (20c) opnieuw op. 4. Controleer de zij-uitworp (23) op vaste zitting. De zij-uitworp (23) mag nooit in de richting van men-sen, gebouwen, straten of wegen worden gericht. 10. Voor de ingebruiknamem WAARSCHUWING. Gevaar voor de gezondheid. Bij het inademen van benzine-/smeeroliedampen en uitlaatgassen kan er ernstige gezondheidsschade, bewusteloosheid ontstaan en dit in extreme gevallen zelfs tot de dood leiden. - Adem benzine-/smeeroliedampen en uitlaatgassen niet in. - Gebruik het product alleen in de open lucht. Controleer het product voor elke ingebruikname op:• Dichtheid van brandstofsysteem,• perfecte staat en volledigheid van de veiligheids-voorzieningen en de snij-inrichting,• stevige bevestiging van alle schroefverbindingen,• Soepel lopen van alle bewegende delen.
Controleer voor elke ingebruikname,• of het snijgereedschap en het gehele maaielement (maaimes, meskoppeling, mesrem, bevestigings-bouten, maaibehuizing) in optimale toestand zijn. Er moet in het speciek op een correcte zitting, be-schadigingen en slijtage worden gelet. • of de tankdop goed is vastgeschroefd. • of de tank en de brandstofgeleidende delen evenals de tankdop in optimale toestand zijn. • of de veiligheidsvoorzieningen in optimale toestand zijn en correct functioneren. • of banden (luchtdruk, schade, slijtage) en frame in optimale toestand zijn. Schroefverbindingen op goede bevestiging controleren. In het speciek moeten alle onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd, die in het onderhoudsschema onder de rubriek “Voor elke ingebruikname” zijn beschreven. Vervang voor het gebruik van het apparaat defecte evenals alle andere versleten en beschadigde onderde-len.
www. scheppach. comNL | 141 10. 3 Controleer de bandenspanningDe juiste bandenspanning is de wezenlijke voorwaarde voor een perfect uitgebalanceerd snijgereedschap en daarmee ook voor een gelijkmatig gemaaid gazon. 1. Controleer de bandenspanning met een standaard voetluchtpomp in regelmatige intervallen. 2. Vul, indien nodig, met een standaard voetpomp (niet meegeleverd) bij. De correcte bandenspan-ning is 1,5 bar aan de voorwielen (9) en 1,8 bar aan de achterwielen (6). Aanwijzing: Als u vaststelt dat de banden of wielen beschadigd zijn, moet u contact opnemen met de klan-tenservice resp. gespecialiseerde werkplaats. 10. 4 Maaicontactschakelaar controleren (afb. 1)De maaicontactschakelaar garandeert dat de motor niet kan starten als de maaier is ingeschakeld. 1. De motor is uit. 2. Ga op de bestuurdersstoel (1) zitten. 3. Druk het rempedaal (13a) geheel in en bedien de blokkeerrem (12).
4. Schakel de maaier (8) in door de hendel voor de maaier (3) naar voren te schuiven en naar rechts te drukken, totdat deze vastklikt. 5. Probeer de motor te starten (contactsleutel (18a) in positie “Start”). 6. De motor mag niet starten. Aanwijzing: Als u vaststelt dat de contactschakelaar niet correct werkt, moet u contact opnemen met de klantenservice resp. een gespecialiseerde werkplaats. 10. 5 Stoelcontactschakelaar controleren (afb. 1 + 4)De stoelcontactschakelaar garandeert dat de motor uitschakelt, zodra er geen persoon meer op de be-stuurdersstoel zit. 1. Ga op de bestuurdersstoel (1) zitten. 2. Trap het rempedaal (13a) in en bedien de blok-keerrem (12). 3. Start de motor en laat deze draaien. 4. Ontlast de bestuurdersstoel (1) door op te staan (niet uitstappen. )5. De motor moet zich uitschakelen.
Aanwijzing: Als u vaststelt dat de contactschakelaar niet correct werkt, moet u contact opnemen met de klantenservice resp. een gespecialiseerde werkplaats. 10. 6 Contactschakelaar van de vangkorf controle-ren (afb.
1)De contactschakelaar op de vangkorf (2) garandeert dat de motor uitschakelt zodra de vangkorf (2) bij een ingeschakelde maaier niet correct is ingehangen. m WAARSCHUWING. Gevaar voor de gezondheid. Bij het inademen van benzine-/smeeroliedampen kan er ernstige gezondheidsschade, bewusteloosheid ont-staan en dit in extreme gevallen zelfs tot de dood leiden. - Adem benzine-/smeeroliedampen niet in. - Gebruik het product alleen in de open lucht. AANWIJZING. ProductbeschadigingAls het product zonder of met te weinig motor- of trans-missieolie wordt gebruikt, kan dit tot motorschade leiden. - Vul voor de ingebruikname benzine en olie in. Het product wordt zonder motor- of transmissieolie ge-leverd. AANWIJZING. Milieuschade. Uitgelopen olie kan het milieu ernstig verontreinigen. De vloeistof is zeer giftig en kan snel tot waterveront-reiniging leiden.
- Olie alleen vullen/aftappen op e?en, stevige onder-gronden. - Gebruik een vulpijp of trechter. - Vang afgetapte olie in een geschikte container op. - Veeg gemorste olie direct zorgvuldig weg en verwij-der de doek conform de lokale voorschriften. - Verwijder olie conform de lokale voorschriften. 10. 2 Benzine bijvullen (afb. 13)m Let op. De benzine zitmaaier wordt zonder benzine gele-verd. Voor ingebruikname daarom altijd benzine bijvullen. Gebruik hiertoe Super E5 / E10 benzine. 1. Klap de bestuurdersstoel (1) om. 2. Reinig de omgeving van het vulgedeelte. Verontrei-nigingen in de tank veroorzaken bedrijfsstoringen. 3. Open voorzichtig de tankdop (22) zodat eventuele overdruk kan ontsnappen. 4. Vul de tank met behulp van een trechter met ben-zine (Super E5 / E10). Let op het max. vulpeil. Vul voorzichtig de benzine bij tot aan de onderkant van de vulpijp. 5. Sluit de tankdop (22) weer.
www. scheppach. com142 | NLDe gebruiker moet door de verkoper of een andere specialist worden geïnstrueerd over het veilige gebruik van het apparaat. Bij deze instructies moet de gebruiker er in het speci-ek op worden gewezen dat,• voor de werkzaamheden met het apparaat uiterste zorgvuldigheid en concentratie nodig zijn. • een benzine zitmaaier, die van een helling afglijdt, kan niet gecontroleerd worden door het bedienen van de rem. De werkelijke oorzaken voor het verlies van de controle over de benzine zitmaaier kunnen onder andere zijn:• gebrek aan tractie van de wielen,• te snel rijden,• ongepast remmen,• incorrect gebruik (sportevenementen, etc. ),• ontbrekende kennis over werkingen, die samenhan-gen met bodemverhoudingen, in het bijzonder op de helling (zie onder punt 11. 6. 3 “Werken aan hel-lingen”),• niet correct aanhangen van lasten en slechte last-verdeling. 11. 1.
1 LED-licht inschakelen (afb. 1) (modelafhan-kelijk)LET OP. Kijk NIET rechtstreeks in het licht. Richt de lichtstraal nooit op de ogen van mensen of dieren. Gevaar voor letsel. De zitmaaier beschikt over LED-koplampen die ook op bewolkte dagen of in een tuin met schaduw voor vol-doende verlichting van het te maaien oppervlak zorgen. 1. Schakel het LED-licht in via de aan/uit-schakelaar (19). WAARSCHUWING. Gebruik de zitmaaier nooit 's nachts of als het zeer donker is. De LED-koplampen worden uitsluitend ge-bruikt voor verlichting van slecht verlichte bereiken van uw tuin. 11. 2 Maaivlak voorbereiden1. Onderzoek het te maaien oppervlak zorgvuldig voorafgaand aan het maaien. 2. Verwijder stenen, stokken, botten, draden, speel-goed en andere voorwerpen, die door het appa-raat weggeslingerd kunnen worden. 3. Let erop dat er geen personen op het te maaien oppervlak aanwezig zijn. 1.
Schakel de maaier (8) in door de hendel voor de maaier (3) langzaam naar voren te schuiven en naar rechts te drukken, totdat deze vastklikt. 5. Til de lege vangkorf (2) licht op. 6. De motor moet zich uitschakelen. Aanwijzing: Als u vaststelt dat de contactschakelaar niet correct werkt, moet u contact opnemen met de klantenservice resp. een gespecialiseerde werkplaats. 10. 7 Messtopinrichting controlerenBij het loskoppelen van de maaier wordt automatisch en tegelijkertijd een remproces geactiveerd, die het maaimes binnen enkele seconden tot stilstand brengt. Een draaiend mes veroorzaakt duidelijk waarneemba-re windgeluiden. Het lopen van de messen wordt door het veroorzaakte windgeluid aangegeven en kan zo worden gecontroleerd. Aanwijzing: Als u vaststelt dat de messtopinrichting niet correct functioneert, moet u contact opnemen met de klantenservice resp.
een gespecialiseerde werk-plaats. 11. Bedieningm Let op. Het product voor de ingebruikstelling in ieder ge-val volledig monteren. 11. 1 BedrijfstijdenNeem de wettelijke voorschriften voor de regeling van bedrijfstijden voor grasmaaiers in acht, die plaatselijk kunnen verschillen. Zorg ervoor dat u vertrouwd raakt met de bedienings-elementen en de steldelen, evenals met het gebruik van het apparaat. In het speciek moet de gebruiker weten dat het werk-gereedschap en de verbrandingsmotor van het appa-raat snel gestopt kunnen worden. Het apparaat mag alleen door personen worden ge-bruikt, die de gebruikshandleiding hebben gelezen en die vertrouwd zijn met de handhaving van het appa-raat. Voor de eerste ingebruikname moet de gebruiker deskundige en praktische instructies krijgen.
www. scheppach. comNL | 143 11. 5 Motor starten zonder elektrische starter (afb. 1 + 7a + 13)1. Controleer voor elke start de benzine- en mo-toroliestand (zie hoofdstuk 10. 1 en 10. 2). Contro-leer of de bougiestekker (25a) op de bougie (25) is aangesloten. 2. De maaier (8) moet zijn uitgeschakeld. 3. Trap het rempedaal (13a) in en bedien de blok-keerrem (12), Stel de gewenste snijhoogte (4) in. Zie hoofdstuk 11. 6. 1. 4. Stel de versnelling (17) in op Neutraal “N”. 5. Klap de bestuurdersstoel (1) omhoog. 6. Draai de contactsleutel in stand "ON". 7. Start de motor met starterkoord (27). Trek hiertoe de greep ca. 10-15 cm (tot een weerstand voelbaar is) er uit. En trek hier vervolgens krachtig met een ruk aan. Als de motor niet is gestart, nogmaals aan starterkoord (27) trekken. 8.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Scheppach MR200-61 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden