Philips PNS500 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Philips PNS500 (26 pagina’s), behorend tot de categorie Navigator. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 98 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Philips PNS500 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/26
www.philips.com/welcome
Gebruiksaanwijzing
Altijd tot uw dienst
Ga voor registratie van uw product en ondersteuning naar
PNS400/410BT
PNS500/510BT
Vragen?
Vraag het
Philips

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Philips
Categorie: Navigator
Model: PNS500
Kleur van het product: Zwart
Gewicht: - g
Breedte: 133.9 mm
Diepte: 11.5 mm
Hoogte: 84.4 mm
Gebruikershandleiding: Ja
Capaciteit van de accu/batterij: 650 mAh
Bluetooth: Nee
Beeldscherm: TFT
Beeldschermdiagonaal: 5 "
Resolutie: 480 x 272 Pixels
Touchscreen: Ja
Oorspronkelijke beeldverhouding: 16:9
Maximale capaciteit van de geheugenkaart: 32 GB
Vormfactor: Handheld/Fixed
Ondersteuning voor plaatsing: Horizontaal
Type stroombron: Batterij/Accu
Compatibele geheugenkaarten: MicroSD (TransFlash), MicroSDHC
Snelstartgids: Ja
Ingebouwde luidsprekers: Ja
Opslagmedia-type: Flash
Ingebouwde camera: Nee
Ondersteunde frequentiebanden: Niet ondersteund
Antenne: Intern
Aantal mini-USB 2.0 poorten: 1
Batterijtechnologie: Lithium-Polymeer (LiPo)
Display met achtergrondverlichting: Ja
Widescreen: Nee
Water: Nee
Sport (fitness, hardlopen): Nee
Outdoor: Nee
Geocaching: Nee
Auto: Ja
Vliegen: Nee
Fiets: Nee
Truck: Nee
Camper/caravan: Nee
Golf: Nee
Kaart dekking: Nee
Traffic Message Channel (TMC): Nee

Handleiding Philips PNS500 – volledige tekst

2 NL1 BelangrijkVeiligheid• Lees alle instructies goed door en zorg dat u deze begrijpt voordat u het apparaat gaat gebruiken. Als het product wordt beschadigd omdat u de instructies niet hebt opgevolgd, is de garantie niet van toepassing. • Stel het volume in op een veilig en prettig niveau, zodat u veilig kunt rijden. • Gebruik alleen het meegeleverde bevestigingsmateriaal voor een veilige installatie. • Stel het apparaat niet bloot aan regen of water, om kortsluiting te voorkomen. • Steek geen voorwerpen in de ventilatiesleuven of andere openingen van het apparaat. • Maak het apparaat en de behuizing schoon met een zachte, vochtige doek. Gebruik geen vloeistoffen als alcohol, chemicaliën of huishoudelijke schoonmaakmiddelen om het apparaat te reinigen. • Gebruik nooit oplossingsmiddelen zoals benzeen, thinner, reinigingsmiddelen of antistatische sprays voor discs.

• Risico op beschadiging van het scherm. Zorg ervoor dat het scherm nooit in aanraking komt met andere voorwerpen. • Batterijen (batterijdelen of geplaatste batterijen) mogen niet worden blootgesteld aan hoge temperaturen (die worden veroorzaakt door zonlicht, vuur en dergelijke). • Er bestaat explosiegevaar als de batterij onjuist wordt vervangen. Vervang de batterij uitsluitend met een batterij van hetzelfde of een gelijkwaardig type. • Zorg ervoor dat het apparaat niet nat wordt. • Plaats niets op het apparaat dat gevaar kan opleveren, zoals een glas water of een brandende kaars. GehoorbeschermingA pleine puissance, l’écoute prolongée du baladeur peut endommager l’oreille de l’utilisateur. Waarschuwing • Luister om mogelijke gehoorbeschadiging te voorkomen niet gedurende lange perioden op een hoog volumeniveau.

Het maximale uitgangsvermogen van de hoofdtelefoon is niet meer dan 150 mV. Zet het volume niet te hard. • Als u het volume van uw hoofdtelefoon te hard zet, kan dit uw gehoor beschadigen.

Dit product kan geluiden produceren met een decibelbereik dat het gehoor kan beschadigen, zelfs als u minder dan een minuut aan het geluid wordt blootgesteld. Het hogere decibelbereik is bedoeld voor mensen die al slechter horen. • Geluid kan misleidend zijn. Na verloop van tijd raken uw oren gewend aan hogere volumes. Als u dus gedurende langere tijd luistert, kan geluid dat u normaal in de oren klinkt, eigenlijk te luid en schadelijk voor uw gehoor zijn. Om u hiertegen te beschermen, dient u het volume op een veilig niveau te zetten voordat uw oren aan het geluid gewend raken en het vervolgens niet hoger te zetten. Een veilig geluidsniveau instellen:• Zet de volumeregeling op een lage stand.

3NL• Verhoog langzaam het volume totdat het aangenaam en duidelijk klinkt, zonder storingen. Gedurende langere tijd luisteren:• Langdurige blootstelling aan geluid, zelfs op normale, 'veilige' niveaus, kan gehoorbeschadiging veroorzaken. • Gebruik uw apparatuur met zorg en neem een pauze op zijn tijd. Volg de volgende richtlijnen bij het gebruik van uw hoofdtelefoon. • Luister op redelijke volumes gedurende redelijke perioden. • Let erop dat u niet het volume aanpast wanneer uw oren aan het geluid gewend raken. • Zet het volume niet zo hoog dat u uw omgeving niet meer hoort. • Wees voorzichtig en gebruik de hoofdtelefoon niet in mogelijk gevaarlijke situaties. Gebruik geen hoofdtelefoon tijdens het besturen van een motorvoertuig,ets,skateboardenz. Ditlevert mogelijk gevaren op in het verkeer en is in veel gebieden niet toegestaan.

KennisgevingEventuelewijzigingenofmodicatiesaanhetapparaat die niet uitdrukkelijk zijn goedgekeurd door Philips Consumer Lifestyle kunnen tot gevolg hebben dat gebruikers het recht verliezen het apparaat te gebruiken. Beperkte aansprakelijkheid• De kaartgegevens van dit systeem dienen uitsluitend ter referentie. Uw huidige locatie moet aan de hand van de feitelijke omstandigheden worden vastgesteld. • Het routeplan, de gesproken instructies en de informatie over knooppunten die door dit systeem worden aangeboden, zijn aanbevelingen gebaseerd op routealgoritmes en een elektronische kaartdatabase. Deze dienen uitsluitend ter referentie. De gebruiker dient rekening te houden met de lokale verkeersomstandigheden. • De gebruiker is verplicht de plaatselijke wetgeving in acht te nemen en veilig te rijden. Bedien dit systeem niet wanneer het voertuig in beweging is.

Deze dienen uw rijgedrag niet te beïnvloeden, aangezien het systeem mogelijk geen volledig nauwkeurige weergave van de werkelijkheid biedt. • De nauwkeurigheid van GPS kan worden beïnvloed door het weer en de locatie (hoge gebouwen/tunnels/viaducten/bomen). GPS werkt binnen doorgaans niet. Het signaal is niet beschikbaar in gebouwen of in auto's met zonwerende metallic folie op de ruit. De ontvangstkwaliteit is afhankelijk van speciekehardwarekenmerken. Wegensverschillen in de hardware kan dit systeem geen locatieverschillen vaststellen. • Dit navigatiesysteem is uitsluitend bedoeld voor niet-commercieel gebruik. Philips aanvaardt geen verantwoordelijkheid voor schade als gevolg van het gebruik van dit systeem voor zover is toegestaan op grond van de wetgeving. • Door dit systeem te gebruiken, gaat u akkoord met bovenstaande disclaimer.

4 NLMilieu-informatieEr is geen overbodig verpakkingsmateriaal gebruikt. We hebben ervoor gezorgd dat de verpakking gemakkelijk kan worden gescheiden in drie materialen: karton (de doos), polystyreen (buffer) en polyethyleen (zakken en afdekking). Het systeem bestaat uit materialen die kunnen worden gerecycled en opnieuw kunnen worden gebruikt wanneer het wordt gedemonteerd door een gespecialiseerd bedrijf. Houd u aan de plaatselijke regelgeving inzake het weggooien van verpakkingsmateriaal, lege batterijen en oude apparatuur. Uw product is vervaardigd van kwalitatief hoogwaardige materialen en onderdelen die kunnen worden gerecycleerd en herbruikt. Als u op uw product een symbool met een doorgekruiste afvalcontainer ziet, betekent dit dat het product valt onder de EU-richtlijn 2002/96/EG.

Win inlichtingen in over de manier waarop elektrische en elektronische producten in uw regio gescheiden worden ingezameld. Neem bij de verwijdering van oude producten de lokale wetgeving in acht en doe deze producten niet bij het gewone huishoudelijke afval. Als u oude producten correct verwijdert, voorkomt u negatieve gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid. Uw product bevat batterijen die, overeenkomstig de Europese richtlijn 2006/66/EG, niet bij het gewone huishoudelijke afval mogen worden weggegooid. Win informatie in over de lokale wetgeving omtrent de gescheiden inzameling van batterijen. Door u op de juiste wijze van de batterijen te ontdoen, voorkomt u negatieve gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid. Breng uw product altijd naar een deskundige om de ingebouwde batterij te laten verwijderen.

Het woordmerk en de logo's van Bluetooth® zijn gedeponeerde handelsmerken van Bluetooth SIG, Inc. en het gebruik daarvan door Philips is onder licentie. 2013 © Koninklijke Philips Electronics N. V. Alle rechten voorbehouden. Specicatieskunnenzondervoorafgaandekennisgeving worden gewijzigd. Handelsmerken zijn eigendom van Koninklijke Philips Electronics N.

5NL2 Uw navigatiesysteemIntroductieHet navigatiesysteem biedt:• Een duidelijke begeleiding terwijl u rijdt• De mogelijkheid oproepen te plaatsen en te beantwoorden via BluetoothWat zit er in de doos?Controleer de inhoud van het pakket:a Het navigatiesysteemb Voedingsadapter voor in de autoc Touchpend Beugel en houdere USB-kabelf Gedrukt materiaal

6 NLOverzicht van het apparaat a • Houd deze knop ingedrukt om het navigatiesysteem in te schakelen.b Indicatielampje• Gaat branden wanneer het navigatiesysteem wordt opgeladen.c Touchscreend Luidsprekere RESET• Herstel de standaardinstellingen.f • Mini-USB-aansluiting voor opladen en gegevensoverdracht.g Micro SD/SDHC-geheugenkaartsleufh • Hoofdtelefoonaansluiting.i Touchpenadcbeihgf

7NL3 Aan de slagLet op • Gebruik de knoppen alleen zoals vermeld in deze gebruikershandleiding.Volg altijd de instructies in dit hoofdstuk op volgorde.Als u contact opneemt met Philips, wordt u gevraagd naar het model- en serienummer van uw apparaat. Het model- en serienummer bevinden zich aan de onderkant van het apparaat. Noteer de nummers hier: Modelnummer __________________________Serienummer ___________________________Stroom aansluitenHet navigatiesysteem heeft een ingebouwde batterij die via de USB-aansluiting van een computer of de voedingsadapter van een voertuig kan worden opgeladen.Opladen via USB-aansluitingOpmerking • Oplaadbare batterijen hebben een beperkt aantal oplaadcycli.

De levensduur en het aantal oplaadcycli van batterijen zijn afhankelijk van gebruik en instellingen.Schakel het navigatiesysteem uit en sluit de meegeleverde USB-kabel aan op:• De mini-USB-aansluiting van het navigatiesysteem.• De USB-aansluiting van uw computer. Opladen met de autoadapterGebruik de meegeleverde autoadapter om verbinding te maken met:• De mini-USB-aansluiting van het navigatiesysteem• De sigarettenaansteker van een auto

8 NLHet navigatiesysteem in- of uitschakelenHoud ingedrukt totdat het navigatiesysteem wordt in- of uitgeschakeld.De slaapmodus op het navigatiesysteem inschakelenHoud ingedrukt om de slaapmodus op het navigatiesysteem in te schakelen. Er wordt een dialoogvenster weergegeven; selecteer dan binnen 5 seconden [SLEEP].• Druk op om het navigatiesysteem opnieuw in te schakelen.De beugel gebruikenU kunt de beugel en de houder gebruiken om het navigatiesysteem in uw auto te bevestigen. De touchpen gebruikenLet op • Touchpennen met een afgebroken punt, balpennen en scherpe of ruwe voorwerpen kunnen krassen op het touchscreen veroorzaken en het beschadigen. • Gebruik een touchpen met een punt die in goede staat is.

Gebruik de touchpen niet als de punt kapot is.U kunt de touchpen gebruiken om het navigatiesysteem te bedienen.Product voor de eerste keer gebruikenWanneer u het navigatiesysteem voor de eerste keer inschakelt, wordt u gevraagd een taal, toetsenbord en maatsysteem te selecteren.1 Houd ingedrukt om het navigatiesysteem in te schakelen.2 Raak / aan om een taal en toetsenbordtype te kiezen uit de opties die in het zoekscherm worden weergegeven. Raak vervolgens aan om te bevestigen. 3 Raak [I AGREE] aan om de wettelijke kennisgevingen te accepteren.4 Selecteer een maatsysteem.Nahetcongurerenvandeinstellingenkuntuhet navigatiesysteem gebruiken.

9NL4 NavigationDe Navigatiemodus inschakelen1 Houd ingedrukt om het navigatiesysteem in te schakelen.2 Raak [Navigation] aan voor toegang tot de Navigatiemodus. » Het hoofdnavigatiemenu wordt binnen enkele seconden weergegeven.• Als u de Navigatiemodus wilt uitschakelen, raakt u [Yes] aan en vervolgens selecteert u om te bevestigen. Opmerking • Het wordt aangeraden de Navigatiemodus in te schakelen als u in een open ruimte staat voor een goede ontvangst.

De eerste GPS-initialisatie kan een paar minuten duren, afhankelijk van de omgeving en de kwaliteit van het GPS-signaal.• : hiermee keert u terug naar de startpagina van het navigatiesysteem zonder de wijzigingen op te slaan.• : hiermee slaat u uw keuzes op en keert u terug naar het vorige scherm.• : hiermee sluit u het huidige scherm zonder de wijzigingen op te slaan.• / : hiermee gaat u naar de vorige of volgende pagina van het scherm met de lijst.• / : hiermee kunt u het toetsenbord op het scherm weergeven of verbergen.• : hiermee geeft u het aantal gevonden resultaten weer.Een bestemming kiezenU kunt op een van de volgende manieren een bestemming kiezen: ThuisVia dit menu kunt u uw thuisadres instellen.1 Raak [Home] aan.2 Selecteer uw stad/straat/straatnummer uit de lijst.3 Raak [Navigate to] aan om de navigatie te starten.• Uw thuisadres verwijderen1 Raak [Home] aan.2 Raak [Remove] en vervolgens [Yes] aan om de verwijdering te bevestigen.Opmerking • Wanneer u het systeem voor de eerste keer gebruikt of uw thuisadres is verwijderd, dient u een adres in te voeren wanneer u [Home] aanraakt.

10 NLFavorite (Favoriet)U kunt uw favoriete adressen opslaan en instellen als bestemming.1 Raak [Favorite] aan.2 Raak [Add new favorite destination...] aan en selecteer het adres zoals wordt uitgelegd.3 Gebruik het toetsenbord om het favoriete adres een naam te geven en raak aan om het op te slaan.4 Raak [Navigate to] aan om de navigatie te starten.Een adres instellen als bestemming1 Raak [Address] aan.2 Kies een land uit de lijst.• Raak aan om een ander land te kiezen.• De volgende keer dat u het systeem gebruikt, zoekt het systeem een ingevoerd adres automatisch in het laatst gekozen land.3 Kies een stad. Typ de eerste letters van de stadsnaam met het toetsenbord. De overeenkomende stadsnamen worden dan in een lijst weergegeven. Raak de stadsnaam in de lijst aan. 4 Selecteer een straat. Typ de eerste letters van de straatnaam met het toetsenbord.

De overeenkomende straatnamen worden dan in een lijst weergegeven. Raak de straatnaam in de lijst aan.5 Kies het huisnummer.• Een willekeurige plaats in de straat• Huisnummer: voer het huisnummer in waar u heen wilt en raak vervolgens OK aan op het toetsenbord.Tip • Raak aan als u wilt terugkeren naar het vorige scherm. • Raak aan om het toetsenbord te verbergen en de lijst weer te geven.Manieren om adressen op te zoekenHet systeem biedt andere manieren om een adres op te zoeken.• Zoeken op postcode1 Raak in het scherm [Zip] aan voor het zoeken naar een stad.2 Voer de postcode in op het toetsenbord en selecteer de overeenkomende postcode uit de lijst. • Zoeken op POI (nuttige plaats)1 Raak in het scherm [POI] aan voor het zoeken naar een straat.2 Selecteer de POI-categorie in de lijst.

11NL3 Raak de POI-naam van het punt waar u heen wilt aan in de lijst.• Zoeken op kruispunt1 Raak in het scherm [Crossing] aan voor het selecteren van een huisnummer.2 Raak de naam van de aangrenzende straat aan in de lijst.• U kunt ook de eerste letters van de naam van de aangrenzende straat met het toetsenbord invoeren en de overeenkomende naam in de lijst aanraken.De laatste bestemming gebruikenHet systeem kan tot 20 recente bestemmingen die u hebt opgezocht onthouden zodat gebruikers snel toegang hebben tot deze adressen om ze te gebruiken als bestemming.1 Raak [Last destinations] aan.2 Raak een van de adressen in de lijst aan.3 Raak [Navigate to] aan om de navigatie te starten.Dichtbij zoekenU kunt een POI zoeken die in de buurt ligt van de plaats waar u bent.1 Raak [Find nearby] aan.2 Kies de POI-categorie waarin u geïnteresseerd bent uit de weergegeven lijst.3 Raak de POI aan waar u heen wilt of selecteer deze uit de lijst door de eerste letter van de naam te typen.4 Raak [Navigate to] aan om de navigatie te starten.Mijn POI'sRaak [My POIs] aan om uw persoonlijke POI's weer te geven.

Selecteer uw gewenste POI en start de navigatie. U kunt POI's op twee manieren toevoegen:Een POI toevoegen in de Navigatiemodus1 Raak aan.2 Het toetsenbord gebruiken om de POI een naam te geven3 Raak aan om te bevestigen.Een POI toevoegen in de Kaartmodus1 Beweeg de kaart met uw vinger en plaats de gewenste POI onder het kruis in het midden van het scherm.2 Raak aan.3 Gebruik het toetsenbord om de POI een naam te geven.4 Raak aan om te bevestigen.GPS-coördinatenMet deze optie kunt u een bestemming invoeren met lengte- en breedtecoördinaten.1 Raak [GPS Coordinates] aan. 2 Voer de lengte- en breedtecoördinaten in met het toetsenbord.3 Raak aan om te bevestigen.

13NLTijdens het navigerenNadat u een bestemming hebt geselecteerd, raakt u [Navigate to] aan om de routebegeleiding te starten. Het navigatiescherm verschijnt. • A: knop voor route herberekenen. Met deze knop wordt een alternatieve route berekend. Als u na 10 seconden nog geen wijziging hebt aangebracht, keert u terug naar het navigatiescherm.• B: de huidige positie opslaan als POI.• C: het geluid in- of uitschakelen.• D: overschakelen naar de Kaartmodus.• E: naam van de huidige straat.• F: geschatte resterende tijd tot de bestemming is bereikt. Raak dit aan om de aankomsttijd weer te geven.• G: overgebleven afstand tot de bestemming is bereikt.• H: huidige snelheid.• I: huidig geselecteerde vervoermodus.• J: GPS-signaal• K: symbool van de tweede volgende manoeuvre• L: symbool van de volgende manoeuvreEIJHMFLKADCGA50

• [View&Sound]: raadpleeg hoofdstuk 4 Navigatie > Instellingen.• [Route prole]: raadpleeg hoofdstuk 4 Navigatie > Instellingen.• [Stop navigation]: raak dit aan om de navigatie te stoppen.• [Alarm]: raadpleeg hoofdstuk 4 Navigatie > Instellingen.• [Vehicle's prole]: raadpleeg hoofdstuk 4 Navigatie > Instellingen.• [Go to]: het [Destination]-bestemmingsmenu openen.Dichtbij zoekenZodra het adres is ingesteld, kunt u een POI (nuttige plaats) in de buurt kiezen.1 Raak [Find nearby] aan.2 Kies een POI-categorie.3 Raak de POI aan waar u heen wilt.4 Raak [Navigate to] aan om de navigatie te starten.Als bestemming opslaanZodra het adres is ingesteld, kunt u het opslaan als uw favoriete bestemming.1 Raak [Save as] aan.2 Voer een naam in met het toetsenbord.3 Raak aan om te bevestigen.4 Raak Navigeren naar aan om de routebegeleiding te starten.• Raak [Remove] aan om het adres te verwijderen en vervolgens [Yes] om te bevestigen.InstellingenVia het instellingenmenu kunt u uw navigatiesysteem personaliseren.

Weergave en geluid• [Day/Night]Kies een dag- of nachtweergave van de kaart of schakel de modus Automatisch in. In de Nachtmodus zijn de kleuren van de kaart aangepast zodat de schermverlichting 's nachts niet hinderlijk of te fel is, maar juist prettig. In de modus Automatisch past het systeem het scherm automatisch aan, afhankelijk van het tijdstip. Het scherm wordt ook automatisch ingesteld op Nachtmodus wanneer u zich in een tunnel bevindt.• [View 2D/3D/North/Auto]Hiermee selecteert u een kaartweergavemodus.• [Sound]Hiermee past u het luidsprekervolume aan.• [POI Visibility]Hiermee selecteert u welke POI-categorieën op de kaart worden weergegeven. De selectievakjes naast alle categorieën inschakelen

15NL• Raak [All] aan om alle POI-categorieën weer te geven.• Raak [None] aan om alle POI-categorieën te verbergen.• Raak aan om terug te keren naar het menu Weergave en geluid zonder wijzigingen op te slaan.Tip • Raak aan om uw keuze te bevestigen. • Raak aan om terug te keren naar het hoofdmenu.Routeproel Raakeenvandeoptiesaanomhetrouteproelin te stellen.• [Fastest/Shortest]U kunt kiezen tussen een optimale route gebaseerd op tijd of afstand.• [Tolls/No tolls]Kies of u tolwegen wilt vermijden of niet.• [Motorway/No Motorway]Kies of u snelwegen wilt vermijden of niet.• [Ferry/No Ferry]Kies of u veerdiensten wilt vermijden of niet.• [Side arrival/No side arrival]• Aankomstzijde: wanneer de bestemming een huisnummer is, zorgt deze optie ervoor dat de route zo wordt berekend dat u in de bestemmingsstraat arriveert aan de kant van het gekozen nummer.

• Geen aankomstzijde: er wordt tijdens het berekenen van de route geen rekening gehouden met een bepaalde aankomstzijde. Deze optie is alleen beschikbaar als de bestemmingsstraat een tweerichtingsweg is. • [Unpaved roads/No unpaved roads]:Onverharde (zonder asfalt) wegen vermijden of niet. Onverharde wegen worden standaard wel gebruikt. • [Border crossing]Besluit of u binnen de landsgrenzen wilt blijven of ook een route via het buitenland accepteert. Er wordt geen rekening gehouden met de optie Geen landgrenzen overschrijden als de bestemming in een ander land ligt. Taal en toetsenbordU kunt de taal van het navigatiesysteem en de gesproken aanwijzingen wijzigen. • Raak / aan om een taal of toetsenbord te selecteren.• Raak aan om de wijzigingen op te slaan.• Raak aan om terug te keren naar het hoofdmenu.Alarm

16 NLRaak deze knop aan om het radaralarm in of uit te schakelen. • [Danger Zone]• [Risk area]• [Overspeed]Het proel van het voertuig 1 Raak / aan om een vervoermodus te kiezen. 2 Raak [Speed prole] aan om de parameters in te stellen. • [Speed limit]: hiermee stelt u de maximumsnelheid van uw voertuig in. • [Prole]: hiermee selecteert u hetsnelheidsproeldattijdensderouteberekening wordt gebruikt. Er zijn 3standaardproelenendezekunnenworden gewijzigd. • [Main roads] (rood op de kaart)Deze zijn deel van het netwerk van hoofdwegen dat grote steden met elkaar verbindt. Ze omvatten het merendeel van het snelwegnetwerk en de ringwegen rond de grote steden. • [2nd level roads] (geel op de kaart)Deze wegen zijn minder belangrijk, maar verbinden de meeste steden en zijn bedoeld voor veel verkeer. Toegang tot deze wegen wordt gewoonlijk gecontroleerd.

• [3rd level roads] (bruin op de kaart)Deze wegen zijn nog minder belangrijk. Ze verbinden dorpen en de belangrijkste stadswijken en zijn bedoeld voor redelijk veel verkeer. • [4th level roads] (grijs op de kaart)Dit zijn alle andere wegen: onbelangrijke wegen, doodlopende straten, voetgangerspaden enz. Deze worden meestal alleen gebruikt bij het begin- en eindpunt van een reis. Wanneer de waarde is ingesteld op 100%, is er geen snelheidswijziging aangebracht. Als de waarde echter bijvoorbeeld is ingesteld op 50% voor een van de categorieën, wordt de snelheid voor de wegen in deze categorie gehalveerd. Hierdoor is de geschatte reistijd voor deze wegen dubbel zo lang. Deze wegen worden bij het berekenen van een route daarom alleen gebruikt als het niet anders kan. Als de waarde voor een categorie wordt ingesteld op 150%, wordt voorkeur gegeven aan de wegen in deze categorie.

17NL • Raak aan om het geselecteerde Via-punt te verwijderen.• Wanneer er twee of meer Via-punten zijn ingesteld, raakt u de pijlen naar boven en beneden aan om de volgorde te wijzigen.• wordt geactiveerd wanneer u een reis plant met meer dan drie bestemmingen. Als u en vervolgens [Yes] aanraakt, keert u aan het eind van uw reis terug naar het beginpunt. Uw bestemmingen worden gereorganiseerd om uw reis te optimaliseren. Als u [No] aanraakt, wordt de reis van het beginpunt naar de laatst gekozen bestemming zo optimaal mogelijk berekend. (Zonder terug te keren naar het originele beginpunt.) 3 Raak [Yes] of [No] aan om de Simulatiemodus in of uit te schakelen.

18 NLKaartmodus Op de kaart wordt uw huidige positie weergegeven als de Navigatiemodus niet is ingeschakeld. Tijdens de navigatie kunt u de Kaartmodus inschakelen door de knop J aan te raken.• A: terugkeren naar het hoofdmenu.• B: de gehele kaart weergeven.• C: het geluid in- of uitschakelen.• D: in- of uitzoomen op de kaart.• E: de huidige navigatieroute (blauw)• F: routeoverzicht: hierin worden manoeuvres (afslagen) weergegeven voor de berekende route.

• G: de positie onder de centrale cursor opslaan als POI.• H: de volledige route weergeven inclusief de positie van het voertuig.• I: de resterende route weergeven vanaf de huidige positie van het voertuig.• J: terugkeren naar de Navigatiemodus.Aanvullende informatieRaak Auteursrechten in het navigatiehoofdmenu aan om de auteursrechtelijke informatie weer te geven en te bekijken welke software is geïnstalleerd op uw navigatiesysteem.A FHDDEBIJCG

19NL5 Bluetooth-apparaten gebruikenMet dit navigatiesysteem kunt u ook oproepen starten via Bluetooth. Raak aan om het Bluetooth-menu te openen.(Alleen voor PNS410BT en PNS510BT)Een apparaat verbindenOpmerking • Philips kan niet garanderen dat dit apparaat compatibel is met alle Bluetooth-apparaten. • Raadpleeg de gebruikershandleiding om te controleren of het apparaat compatibel is met Bluetooth voordat u het apparaat met dit systeem koppelt. • Controleer of de Bluetooth-functie is ingeschakeld op uw apparaat en uw apparaat zichtbaar is voor alle andere Bluetooth-apparaten. • U kunt maar één Bluetooth-apparaat tegelijk met dit systeem verbinden. • De maximale afstand tussen dit systeem en een Bluetooth-apparaat is ongeveer 3 meter. • Obstakels tussen dit systeem en een Bluetooth-apparaat kunnen het bereik verkleinen.

• Houd dit systeem uit de buurt van andere elektronische apparatuur die voor storing kan zorgen.Een apparaat verbinden1 Schakel de Bluetooth-functie op uw mobiele telefoon in.2 Raak [Open] aan om Bluetooth in te schakelen en raak vervolgens [Pair/Connect] aan.3 Raak [Search] en vervolgens [Re-search] aan om naar Bluetooth-apparaten te zoeken die kunnen worden gekoppeld.• U kunt [Stop] aanraken om te stoppen met zoeken.4 In de apparatenlijst raakt u uw apparaatnaam aan en vervolgens Verbinding maken om te koppelen.5 U dient het koppelverzoek op uw apparaat te accepteren en het standaardwachtwoord 1234 in te voeren. » Nadat er verbinding is gemaakt, raakt u aan. Het volgende scherm verschijnt. Tip • Raak [Modify the PIN] aan om het standaardwachtwoord te wijzigen.

• Raak [Modify the name] aan om de standaardnaam van het apparaat te wijzigen.De verbinding met een apparaat verbreken Raak [Disconnect] aan als u de verbinding met het apparaat wilt verbreken.

20 NLBellenOpmerking • Zorg dat de Bluetooth-verbinding actief blijft tussen het systeem en uw mobiele telefoon.Een nummer bellen1 Raak [Dialing] aan. » Voer in het volgende scherm het telefoonnummer in met het toetsenbord.

2 Raak aan om de oproep te starten.• Raak aan als u een oproep wilt beëindigen.Een nummer in uw telefoonboek bellen1 Raak [Phonebook] aan zodat het navigatiesysteem het telefoonboek automatisch met uw mobiele telefoon synchroniseert.2 Raak een nummer uit de lijst aan en raak Bellen aan om de oproep te starten.Het laatst gekozen nummer bellen1 Raak [Call history] aan zodat het navigatiesysteem de gespreksgeschiedenis met uw mobiele telefoon synchroniseert.2 Raak een telefoonnummer uit de lijst aan en vervolgens [Dialing] om het nummer opnieuw te bellen.Tip • U verkrijgt een overzicht van alle ontvangen, geplaatste en gemiste oproepen door [Received], [Dialed] of [Missing] aan te raken.Een inkomend gesprek aannemenWanneer het systeem een inkomend gesprek ontvangt, wordt het telefoonnummer weergegeven.

Raak [Answer] aan om de oproep aan te nemen.Een inkomend gesprek weigerenRaak [Reject] aan om een inkomend gesprek te negeren.Oproep doorschakelen naar mobiele telefoonStandaard komt de stem tijdens een oproep uit de luidsprekers.1 Raak aan. » De luidsprekers worden uitgeschakeld en de stem komt alleen uit uw mobiele telefoon.2 Neem op om het gesprek te starten.SMSRaak [SMS] aan zodat het navigatiesysteem de SMS met uw mobiele telefoon synchroniseert.

21NL6 Instellingen aanpassenInstellingen Beschrijving[Backlight] Hiermee stelt u de helderheid van het scherm en de verlichting in.[Volume] Hiermee stelt u het volume en het aanraakgeluid in.[Language] Hiermee stelt u de schermtaal in.[GpsInfo] Hiermee geeft u de GPS-informatie weer.[DateTime] Hiermee stelt u de datum en de tijd in.[Calibration] Volg de instructies op het scherm om het scherm te kalibreren.[Navi Path] Hiermee wordt de navigatieroute weergegeven.[Power] Hiermee wordt het batterijniveau van de ingebouwde batterij weergegeven.[Restore Set]Hiermee herstelt u de fabrieksinstellingen.[System Info]Hiermee geeft u de systeeminformatie weer.[USB] Selecteer een USB-modus:• [MASS STORAGE]• [MS ACTIVESYNC]7 Productinforma-tieOpmerking • Productinformatie kan zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.AlgemeenBatterij Oplaadbare lithiumbatterij, 3,7 VLuidspreker 1,5 W @ 8 Bedrijfstemperatuur -10 °C - 55 °CTemperatuur voor opslag en vervoer-20 °C - 70 °CAtmosferische druk 86 Kpa - 106 KpaAfmetingen van het navigatiesysteem (b x h x d)117,5 x 77,4 x 11,8 mm (PNS400/PNS410BT)133,9 x 84,4 x 11,5 mm (PNS500/PNS510BT)Afmetingen van de houder(b x h x d)80,0 x 110,0 x 130,0 mmGewicht (apparaat) 0,13 kg PNS400/PNS410BT)0,16 kg (PNS500/PNS510BT)Gewicht (houder) 0,10 kgLCDBeeldformaat 4,3 inch (PNS400/PNS410BT)5,0 inch (PNS500/PNS510BT)Schermresolutie 800 x 480 dotsContrastverhouding500 Helderheid 450 cd/m²

22 NLBluetooth(Alleen voor PNS410BT en PNS510BT)Communicatiesysteem Bluetooth Standard versie 2.0Uitgang Bluetooth Standard Power Class 2Frequentieband 2,4GHz-band (2,4000 GHz - 2,4835 GHz)8 Problemen oplossenWaarschuwing • Verwijder de behuizing van dit product nooit.Probeer het apparaat nooit zelf te repareren. Hierdoor wordt de garantie ongeldig. Als er zich problemen voordoen bij het gebruik van dit product, controleer dan het volgende voordat u om service vraagt. Als het probleem onopgelost blijft, gaat u naar de website van Philips (www.philips.com/support). Als u contact opneemt met Philips, zorg er dan voor dat u het product, het modelnummer en het serienummer bij de hand hebt.Geen stroom • De ingebouwde batterij moet worden opgeladen.Geen geluid • Het volume is te laag.

Pas het volume aan.Zwak GPS-signaal • Als er niet genoeg satellieten zijn om uw positie vast te stellen of als er geen ontvangst is, wordt de melding Geen GPS-signaal weergegeven op het navigatiesysteem. De initialisatie en ontvangst van GPS-signalen kan worden beïnvloed door de voorruiten waar bepaalde voertuigen mee zijn uitgerust. Als u een bewerkte voorruit hebt, dient u het systeem op een onbewerkt deel van uw voorruit te plaatsen, met een onbelemmerd bereik.Bestemming onbereikbaar • Bepaalde bestemmingen kunnen onbereikbaar zijn, afhankelijk van de gekozen vervoermodus. Een voetgangerspad is bijvoorbeeld niet te bereiken in de Automodus. Het systeem zal niettemin proberen u naar het punt het

23NLdichtst in de buurt van uw bestemming te leiden.Over het Bluetooth-apparaatKan geen verbinding maken met het systeem. • Het apparaat biedt geen ondersteuning voordeproelendiedoorhetsysteemworden vereist. • De Bluetooth-functie van het apparaat is niet ingeschakeld. Raadpleeg de gebruikershandleiding van het apparaat voor meer informatie over het inschakelen van de functie. • Het systeem bevindt zich niet in de koppelingsmodus. • Het systeem is al aangesloten op een ander Bluetooth-apparaat. Verbreek de verbinding met het apparaat of alle overige aangesloten apparaten en probeer het opnieuw.De verbinding met de gekoppelde mobiele telefoon wordt voortdurend aangesloten en weer verbroken. • De Bluetooth-ontvangst is slecht. Plaats de mobiele telefoon dichter bij het systeem of verwijder obstakels tussen de mobiele telefoon en het systeem.

• Sommige mobiele telefoons maken voortdurend verbinding of verbreken de verbinding tijdens het bellen of het beëindigen van gesprekken. Dit betekent niet dat er zich een storing voordoet. • Bij sommige mobiele telefoons wordt de Bluetooth-verbinding automatisch uitgeschakeld om energie te besparen. Dit betekent niet dat er zich een storing voordoet.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Philips PNS500 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden