Makita JR003G Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Makita JR003G (80 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 20 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Makita JR003G of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Makita |
| Categorie: | Zaagmachine |
| Model: | JR003G |
Handleiding Makita JR003G – volledige tekst
• De waarde van het nettogewicht is inclusief de lichtste en zwaarste combinatie van het/de hulpmiddel(en) voor normaalenveiliggebruikendeaccu('s),zoalsopgegevenindegebruiksaanwijzing. Toepasselijke accu’s en ladersAccu BL4020* / BL4025* / BL4040* / BL4050F* / BL4080F* : Aanbevolen accuLader DC40RA / DC40RB / DC40RC / DC40WA / BCC01 / BCC02• Sommigevandehierbovenvermeldeaccu’senladerszijnmogelijknietleverbaarafhankelijkvanwaaruwoont. WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu’s en laders die hierboven worden genoemd. Gebruikvan enige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand. GebruiksdoeleindenDit gereedschap is bedoeld voor het zagen van hout, kunststof en ferromaterialen.
GeluidsniveauDetypische,A-gewogengeluidsniveauszijngemetenvolgens EN62841-2-11:Geluidsdrukniveau(LpA): 82 dB (A)Geluidsvermogenniveau(LWA): 90 dB (A)Onzekerheid(K):3dB(A)OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaar-de(n)is/zijngemetenvolgenseenstandaardtestme-thode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereed-schaptevergelijkenmetanderegereedschappen. OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaar-de(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING: Draag gehoorbescherming. WAARSCHUWING: De geluidsemissie tij-dens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgege-ven totale waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig-heidsmaatregelen worden getro?en ter bescher-ming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder prak-tijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgescha-keld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).
38 NEDERLANDSTrillingDe continue totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld conform EN62841-2-11:Gebruikstoepassing:zagenvanplatenTrillingsemissie (ah,B): 14,9 m/s2Onzekerheid(K):1,6m/s2Gebruikstoepassing:zagenvanhoutenbalkenTrillingsemissie (ah,WB) 15,3 m/s2Onzekerheid(K):1,8m/s2OPMERKING:Detotaletrillingswaarde(n)is/zijngemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te ver-gelijkenmetanderegereedschappen. OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaar-de(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING: De trillingsemissie tij-dens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgege-ven totale waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig-heidsmaatregelen worden getro?en ter bescher-ming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkom-standigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedu-rende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Verklaringen van conformiteitAlleen voor Europese landenDeverklaringenvanconformiteitzijnbijgevoegdinBijlageAbijdezegebruiksaanwijzing. VEILIGHEIDSWAAR-SCHUWINGENAlgemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschapWAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaar-schuwingen, instructies, afbeeldingen en techni-sche gegevens die bij dit elektrisch gereedschap worden geleverd. Als niet alle onderstaande instructies worden opgevolgd, kan dat leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.
De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor-schriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos). Veiligheidswaarschuwingen voor een accureciprozaag1. Houd elektrisch gereedschap vast bij het geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het acces-soire in aanraking kan komen met verborgen bedrading. Wanneer het accessoire in aanraking komt met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen van het gereed-schap onder spanning komen te staan zodat de gebruikereenelektrischeschokkankrijgen. 2. Gebruik klemmen of andere bevestigingsmid-delen om het werkstuk op een stabiel platform te bevestigen en te ondersteunen. Het werkstuk is onstabiel en er is gevaar voor controleverlies wanneer u het werkstuk met de hand vasthoudt of het tegen uw lichaam houdt.
3. Draag altijd een veiligheidsbril of een beschermbril. Een gewone bril of een zonne-bril is GEEN veiligheidsbril. 4. Vermijd het zagen op spijkers. Inspecteer het werkstuk op eventuele spijkers en verwijder ze voordat u begint. 5. Gebruik een zaagblad dat nog voldoende uitsteekt tot voorbij het werkstuk wanneer de zaagbladlengte die uit de schoen steekt minimaal is. Als u dit niet doet, kan het zaagblad breken. 6. Controleer vooraf of er voldoende ruimte rondom het werkstuk is, zodat het reciprozaag-blad niet tegen de vloer, de werkbank e. d. zal stoten. 7. Houd het gereedschap stevig vast. 8. Houd uw handen uit de buurt van bewegende delen. 9. Laat het gereedschap niet draaiend achter. Schakel het gereedschap alleen in wanneer u het stevig vasthoudt. 10.
Schakel het gereedschap uit en wacht totdat het reciprozaagblad volledig tot stilstand is gekomen alvorens het reciprozaagblad van het werkstuk te verwijderen. 11. Raak het reciprozaagblad of het werkstuk niet aan onmiddellijk na het werk: deze kunnen gloeiend heet zijn en brandwonden veroorzaken. 12.
Laat het gereedschap niet onbelast draaien wanneer zulks niet nodig is. 13. Draag altijd het stofmasker/gasmasker dat geschikt is voor het materiaal en de toepas-sing waarmee u werkt. 14. Bepaalde materialen kunnen giftige chemica-liën bevatten. Vermijd contact met uw huid en zorg dat u geen stof inademt. Volg de veilig-heidsvoorschriften van de fabrikant van het materiaal. 15. Verzeker u er vóór gebruik van dat er geen verborgen voorwerpen, zoals elektriciteits-, water- en gasleidingen, in het werkstuk zitten. Anders kan het reciprozaagblad deze raken, waar-door een elektrische schok, lekstroom of gaslek kan ontstaan.
39 NEDERLANDS16. Wanneer u het gereedschap op hoogte gebruikt, verzekert u zich ervan dat zich niemand onder u bevindt. Als u materialen of gereedschappen laat vallen, kan dat ernstig letsel veroorzaken. 17. Als u het gereedschap per ongeluk laat vallen of ergens tegenaan stoot, inspecteert u het gereedschap en het reciprozaagblad op even-tuele schade, barsten en vervormingen. Deze problemenkunneneenongevalofpersoonlijkletsel veroorzaken. 18. Als het gereedschap tijdens gebruik een sto-ring vertoont of een abnormaal geluid maakt, schakelt u het gereedschap onmiddellijk uit en gebruikt u het niet meer. Neem contact op met de winkel waar u het gereedschap hebt gekocht of uwplaatselijkeMakita-servicecentrumomhettelaten inspecteren en zo nodig repareren. Als u het gereedschapblijftgebruiken,kanhetbeschadigdraken of letsel worden veroorzaakt. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN.
WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betre?ende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij-zing kan leiden tot ernstig letsel. Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen. 2. Haal de accu niet uit elkaar en saboteer hem niet. Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie. 3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brand-wonden en zelfs een ontplo?ng veroorzaken. 4.
Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken. 5. Voorkom kortsluiting van de accu:(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal. (2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spij-kers, munten e. d. worden bewaard. (3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brand-wonden, en zelfs defecten. 6. Bewaar en gebruik het gereedschap en de accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger. 7. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan-neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontplo?en in het vuur. 8. Laat de accu niet vallen, sla er geen spijker in, snijd er niet in, gooi er niet mee en stoot hem niet tegen een hard voorwerp. Dergelijkehande-lingen kunnen leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
9. Gebruik nooit een beschadigde accu. 10. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke sto?en. Voorcommercieeltransportendergelijkedoorderden en transporteurs moeten speciale vereis-ten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd. Als voorbereiding van het artikel dat wordt getransporteerdishetnoodzakelijkeenexpertophetgebiedvangevaarlijkesto?enteraadplegen. Houdutevensaanmogelijkstrengerenationaleregelgeving. Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking. 11. Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften. 12.
Als de accu’s worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, bui-tensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkagevanelektrolyt. 13. Als u het gereedschap gedurende een lange tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd. 14. Tijdens en na gebruik, kan de accu heet wor-den waardoor brandwonden of koude brand-wonden kunnen worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hete accu. 15. Raak de aansluitpunten van het gereedschap niet onmiddellijk na gebruik aan omdat deze heet genoeg kunnen zijn om brandwonden te veroorzaken. 16. Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond vast komt te zitten op/in de aansluitpunten, openingen en groeven van de accu.
Hierdoor kan oververhitting, brand, een barst en een storing in het gereedschap of de accu ontstaan waar-doorbrandwondenofpersoonlijkletselkunnenontstaan. 17. Behalve indien gebruik van het gereedschap is toegestaan in de buurt van hoogspannings-leidingen, mag u de accu niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu. 18. Houd de accu uit de buurt van kinderen. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
40 NEDERLANDSLET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu’s. Het gebruik van niet-originele accu’s, of accu’sdiezijngewijzigd,kanertoeleidendatdeaccuontploftenbrand,persoonlijkletselenschadeveroor-zaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita. KENNISGEVING:Makitaisnietverantwoordelijkvoor enig ongeval voortvloeiend uit het gebruik van niet-origineleMakita-accu'sofaccu'sdiezijngewij-zigd. OrigineleMakita-accu'szijnstrenggecontro-leerd op compatibiliteit met Makita-gereedschappen en-acculaders,envoldoenaandetoepasselijkeregelgeving en veiligheidsnormen. Tips voor een maximale levens-duur van de accu1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen. 2.
Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu. 3. Laad de accu op bij een omgevingstempera-tuur tussen 10 °C en 40 °C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden. 4. Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u hem vanaf het gereedschap of de lader. 5. Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken. BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIESLET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren. De accu aanbrengen en verwijderenLET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert. LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu.
Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijkletselwordenveroorzaakt.
Omdeaccuaantebrengenlijntudelipopdeaccuuitmetdegroefindebehuizingenduwtudeaccuopzijnplaats. Steekdeaccuzovermogelijkinhetgereed-schap tot u een klikgeluid hoort. Wanneer het rode deel zichtbaar is, zoals aangegeven in de afbeelding, is de accu niet geheel vergrendeld. Omdeaccuteverwijderenverschuiftudeknopaandevoorkantvandeaccuenschuiftutegelijkertijddeaccuuit het gereedschap. ►Fig. 1: 1. Rood deel 2. Knop3. AccuLET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden. LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Alsdeaccunietgemakkelijkinhetgereedschapkan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht.
Gereedschap-/accubeveiligingssysteemHet gereedschap is voorzien van een gereedschap-/accubeveiligingssysteem. Ditsysteemschakeltauto-matisch de voeding naar de motor uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschapkantijdenshetgebruikautomatischstop-pen als het gereedschap of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld:OverbelastingsbeveiligingWanneer het gereedschap/de accu wordt bediend op een manier waarop een abnormaal hoge stroomsterkte wordt getrokken, stopt het gereedschap automatisch. Wanneer dat gebeurt, schakelt u het gereedschap uit en stopt u de toepassing die ertoe leidde dat het gereedschap oververhit raakte. Schakel vervolgens het gereedschap in om het weer te starten. OververhittingsbeveiligingWanneer het gereedschap/de accu oververhit is, stopt het gereedschap automatisch.
Beveiliging tegen te ver ontladenAls de acculading onvoldoende is, stopt het gereed-schapautomatisch. Indithetgevalverwijdertudeaccuvanaf het gereedschap en laadt u de accu op. Beveiliging tegen andere oorzakenHetbeveiligingssysteemisookontworpenvoorandereoorzaken die het gereedschap kunnen beschadigen, en zorgt ervoor dat het gereedschap automatisch stopt. Voer alle volgende stappen uit om de oorzaken op te he?en,wanneerhetgereedschaptijdelijkisonderbro-kenoftijdenshetgebruikisgestopt. 1. Schakel het gereedschap uit en schakel het daarna weer in om het opnieuw te starten. 2. Laaddeaccu('s)opofvervanghem/zedoor(een)opgeladenaccu('s). 3. Laathetgereedschapendeaccu('s)afkoelen. Als geen verbetering optreedt nadat het beveiligings-systeemisgereset,neemtucontactopmetuwlokaleMakita-servicecentrum.
41 NEDERLANDSDe resterende acculading controlerenDruk op de testknop op de accu om de resterende acculadingtezien. Deindicatorlampjesbrandengedu-rende enkele seconden. ►Fig. 2: 1. Indicatorlampjes2. TestknopIndicatorlampjes Resterende acculadingBrandt Uit Knippert75% tot 100%50% tot 75%25% tot 50%0% tot 25%Laad de accu op. Er kan een storingzijnopgetreden in de accu. OPMERKING:Afhankelijkvandegebruiksomstan-digheden en de omgevingstemperatuur, is het moge-lijkdatdeaangegevenacculadingverschiltvandewerkelijkeacculading. OPMERKING: Het eerste (meest linker) indicator-lampjeknippertwanneerhetaccubeveiligingssys-teem in werking is getreden. Snelheidsregelaar►Fig. 3: 1. SnelheidsregelaarHet aantal slagen per minuut kan worden ingesteld door de snelheidsregelaar te draaien. Dit kan zelfs worden gedaanterwijlhetgereedschapisingeschakeld.
Deregelaar is gemarkeerd van 1 (laagste snelheid) tot 5 (hoogste snelheid). Draai de snelheidsregelaar tussen 1en5,afhankelijkvanuwwerkzaamheden. Ziedetabelomdejuistesnelheidtekiezenvoorhetwerkstuk dat u wilt zagen. Cijfer op de regelaar Slagen per minuut5 2. 2004 1. 8503 1. 5002 1. 1501 800Te zagen werkstuk Cijfer op de regelaarGietijzerenpijp 5IJzerenpijp 2 - 5Roestvrijstaal 1OPMERKING: Als het gereedschap gedurende een langetijdcontinuoplagesnelheidwordtgebruikt,wordt de levensduur van de motor verkort. OPMERKING: De snelheidsregelaar kan slechts tot stand 5 worden gedraaid en teruggedraaid tot stand 1. Forceerderegelaarnietvoorbijde5ofde1omdatde regeling daardoor defect kan raken. OPMERKING:Tijdenshetzagenvaneenroestvrij-stalenpijp,beweegthetzaagbladoplagesnelheid.
Als u het reciprozaagblad hard op het werkstuk drukt, kanhetoverbelastingsbeveiligingssysteeminwerkingtreden. OPMERKING: Over het algemeen kunt u op een hogere snelheid het materiaal sneller zagen, maar slijthetzaagbladsneller. Omgekeerdleidteenlageresnelheid tot langzamer zagen, maar gaat het zaag-blad langer mee. Stel de snelheid van het zaagblad in overeenkomstig uw behoeften. De trekkerschakelaar gebruikenLET OP: Alvorens de accu in het gereed-schap te plaatsen, moet u altijd controleren of de trekkerschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand “OFF”. LET OP: Wanneer u het gereedschap niet gebruikt, drukt u op de trekkervergrendelknop vanaf de A-kant om de trekkerschakelaar te ver-grendelen in de uit-stand. ►Fig. 4: 1. Trekkerschakelaar 2.
TrekkervergrendelknopOm te voorkomen dat de trekkerschakelaar per onge-luk worden ingeknepen, is een trekkervergrendelknop aangebracht. Om het gereedschap te starten, drukt u vanaf de B-kant opdetrekkervergrendelknopenknijptudetrekkerscha-kelaar in. Hoe groter de druk op de trekkerschakelaar, hoe hoger de snelheid van het gereedschap. Laat de trekkerschakelaar los om het gereedschap te stoppen. Drukaltijdnagebruikopdetrekkervergrendelknopvanaf de A-kant. Elektrische remDit gereedschap is voorzien van een elektrische rem. Als het gereedschap continu niet snel stilstaat nadat de trekkerschakelaar is losgelaten, laat u het gereedschap onderhouden door een Makita-servicecentrum. Elektronische functiesHet gereedschap is uitgerust met elektronische functies voor een eenvoudige bediening.
42 NEDERLANDSBeveiliging tegen onopzettelijk herstartenZelfswanneerudeaccuaanbrengtterwijldetrek-kerschakelaar ingeknepen wordt gehouden, start het gereedschap niet. Om het gereedschap te kunnen starten, laat u eerst de trekkerschakelaarlosenknijptuvervolgensdetrekker-schakelaar in. MONTAGELET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. Opbergplaats voor de inbussleutelWanneer de inbussleutel niet wordt gebruikt, bergt u hem op zoals aangegeven in de afbeelding zodat u hem niet verliest. ►Fig. 5: 1. InbussleutelHet reciprozaagblad aanbrengen of verwijderenLET OP: Verwijder altijd alle spaanders en verontreinigingen die aan het zaagblad en rondom de zaagbladklem zitten. Indien u dit niet doet,zalhetzaagbladnietgoedvastgezetzijn,het-geen ernstige verwonding kan veroorzaken.
Om het reciprozaagblad aan te brengen, draait u eerst de klembout los met behulp van de inbussleutel. ►Fig. 6: 1. Inbussleutel 2. Klembout3. Losdraaien 4. VastdraaienSteek het reciprozaagblad recht in de opening van de zaagbladklem en verzeker u ervan dat het uit-steeksel op de zaagbladklem valt in het gat in het zaagblad. Draai daarna de klembout vast met behulp van de inbussleutel. Trek ten slotte voorzichtig aan hetzaagbladomerzekervantezijndathetstevigisaangebracht. ►Fig. 7: 1. Inbussleutel 2. Klembout3. Zaagbladklem 4. Reciprozaagblad 5. Gat6. UitsteekselEen dun reciprozaagblad aanbrengenOptioneel accessoireWanneer u een dun reciprozaagblad wilt gebruiken, gebruiktuzaagbladklemS. Bijhetaanbrengenvanhet zaagblad, steekt u het recht in de opening van de zaagbladklem. ►Fig. 8: 1. Dun reciprozaagblad 2.
De zaagbladklem aanbrengen en verwijderenLET OP: Gebruik altijd de juiste zaagbladklem voor het reciprozaagblad. Anders kan het zaagblad wordenuitgeworpenofverbuigenenpersoonlijkletselveroorzaken. U kunt de zaagbladklem veranderen overeenkomstig uw werkzaamheden. OPMERKING:Ukuntbeidezijdenvandezaagblad-klem gebruiken. 1. Omdezaagbladklemteverwijderen,brengtudeaccuaan,knijptudetrekkerschakelaarkortinenver-plaatstudeklemboutnaardeopenpositie. Verwijdervervolgens de accu vanaf het gereedschap. ►Fig. 9: 1. Trekkerschakelaar 2. Klembout2. Verwijderdeklemboutmetbehulpvandeinbussleutel. 3. Draai de bout los met de inbussleutel en open de schoen. ►Fig. 10: 1. Inbussleutel 2. Bout 3. Schoen4. Verwijderdezaagbladklem. Steekdenieuwezaagbladklem in de opening in de richting aangegeven in de afbeelding.
Draai daarna de klembout vast om de zaagbladklem vast te zetten. ►Fig. 11: 1. Klembout2. Zaagbladklem 3. Zaagbladklem S5. Sluit de schoen en draai de bout van de schoen vast. Raadpleeg de onderstaande tabel voor de combinatie van zaagbladklem en zaagblad. Type zaagblad Type zaagbladklemReciprozaagblad voor kettingklemZaagbladklemDun reciprozaagblad Zaagbladklem SDe voorhandgreep aanbrengen en verwijderenOmdevoorhandgreepaantebrengen,lijntudemar-keringen op de voorhandgreep en het gereedschap met elkaar uit, zoals aangegeven in de afbeelding, en plaatst u hem tegen het gat in het gereedschap. Steek vervolgens de as door de gaten en draai aan de tegen-overliggende kant de bout aan om hem vast te zetten. ►Fig. 12: 1. Voorhandgreep 2. Markering 3. As van de handgreep 4. BoutOmdevoorhandgreepteverwijderen,volgtudeproce-dure voor het aanbrengen in de omgekeerde volgorde.
43 NEDERLANDSDe kettingklem aanbrengen en verwijderenLET OP: Breng de kettingklem niet aan op de kant van het werkstuk dat u eraf gaat zagen. Hetgereedschapkanvallenenpersoonlijkletselveroorzaken. 1. Om de kettingklem aan te brengen, plaatst u het op het werkstuk. ►Fig. 13: 1. Kettingklem2. Pen van de kettingklem 3. Zaaglijn2. Sla de ketting om het werkstuk. Duw vervolgens de ketting in de haak van de kettingklem om hem te bevestigen. ►Fig. 14: 1. Kettingklem2. Haak van de kettingklem3. Kanteldehendelvandekettingklemendraaihemrechtsom om de ketting strak te trekken. ►Fig. 15: 1. Hendel van de kettingklem4. Duw het gereedschap op de pen van de ketting-klemtothetwordtvastgezetdoordekogelplunjer. ►Fig. 16: 1. Kettingklem2. Pen van de kettingklem 3. KogelplunjerOPMERKING: U kunt de kettingklem aanbrengen aan zowel de linker- als de rechterkant. 5.
Omdekettingklemteverwijderen,volgtudeprocedure voor het aanbrengen in de omgekeerde volgorde. BEDIENINGLET OP: Trek voor zagen in metaal altijd handschoenen aan om uw handen te beschermen tegen wegvliegende hete metaaldeeltjes. LET OP: Draag altijd geschikte oogbescher-ming die voldoet aan de geldende plaatselijke normen. LET OP: Gebruik voor zagen in metaal altijd een geschikt koelmiddel (snijolie). Laat u dit na danzaldegebruiksduurvanhetzaagbladvoortijdigworden verkort. LET OP: Twist het reciprozaagblad niet tijdens het zagen. Alshetzaagbladtijdenhetzagenwiebelt,past u de snelheid van het zaagblad aan. LET OP: Als u een pijp doorzaagt waarin water zit, bent u voorzichtig zodat het gereed-schap niet nat wordt. Als water binnendringt in het gereedschap, kan dit leiden tot een defect van het gereedschap of de accu.
Hierdoorkanpersoonlijkletselwordenveroorzaakt. LET OP: Tijdens het zagen mag u uw handen nergens plaatsen en geen enkel deel vastpakken, behalve de handgreep. LET OP: Houd uw handen, gezicht en alle andere lichaamsdelen uit de buurt van het reci-prozaagblad en de rondvliegende metaaldeeltjes. LET OP: Als u het gereedschap gebruikt zonder de kettingklem of schroefklem, drukt u de schoen tijdens het gebruik altijd stevig tegen het werkstuk. Alsutijdenshetzagendeschoenniettegen het werkstuk drukt, zal het zaagblad sterk gaan trillen en/of verdraaien, waardoor het zaagblad kan breken,hetgeenzeergevaarlijkis. LET OP: Als u het gereedschap gebruikt zon-der de kettingklem of schroefklem, brengt u altijd de voorhandgreep aan.
LET OP: Als u het gereedschap gebruikt zon-der de kettingklem of schroefklem, let u erop dat uw hand waarmee u de voorhandgreep vasthoudt, aan het einde van het zagen niet tegen het werk-stuk komt. Als u het werkstuk aanraakt, kan persoon-lijkletselwordenveroorzaakt. Zagen met kettingklem of schroefklem (optioneel accessoire)Voordat u begint te zagen, bevestigt u de kettingklem of schroefklem aan het werkstuk en brengt u het gereed-schap stevig aan op de klem. Drukhetreciprozaagbladlichttegenhetwerkstuk. Knijpde trekkerschakelaar iets in om het gereedschap op lage snelheid in te schakelen, en til het gereedschap langzaam op om in het werkstuk te zagen. Verhoog daarna de snelheid om verder te zagen. ►Fig. 17: 1. Handgreep 2. Kettingklem►Fig. 18: 1. Handgreep 2. Schroefklem (optioneel accessoire).
44 NEDERLANDSType schroefklem Geschikte materiaaldikteSchroefklem 50 10 - 61 mmSchroefklem 100 73 - 114 mmSchroefklem 150 140 - 169 mmZagen zonder kettingklem of schroefklemVoordat u begint te zagen, brengt u de voorhandgreep aan. Druk de schoen stevig tegen het werkstuk om het gereedschap te stabiliseren. Druk het reciprozaagblad licht tegen het werkstuk. Zaag eerst op lage snelheid. Verhoog daarna de snelheid om verder te zagen. ►Fig. 19: 1. HandgreepKENNISGEVING: Zaag het werkstuk niet met de schoen op enige afstand van het werkstuk of zon-der de schoen. Als u dit doet, wordt de reactiekracht groter, waardoor het reciprozaagblad kan breken. ONDERHOUDLET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie. KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was-benzine, thinner, alcohol en dergelijke.
Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt. De binnenkant van de schoen reinigenUkuntstofenmetaaldeeltjesvanuitdebinnenkantvanhetgereedschapverwijderendoordeschoenteopenen. Draai de bout los met de inbussleutel en open de schoen. Verwijdervervolgenshetstofendemetaal-deeltjesvanuitdebinnenkantvanhetgereedschap. Nahet schoonmaken sluit u de schoen en draait u de bout stevig vast met behulp van de inbussleutel. ►Fig. 20: 1. Schoen 2. Bout 3. InbussleutelDe ventilatieopeningen schoonmakenZorg dat het gereedschap en de ventilatieopeningen steedsgoedschoonblijven. Maakregelmatigdeventilatieopeningen schoon en let goed op dat ze niet verstopt raken. ►Fig. 21: 1. Luchtuitlaatopening 2. LuchtinlaatopeningVerwijderhetstofroostervanafdeluchtinlaatopeningen reinig het zodat de lucht er ongehinderd door kan stromen. ►Fig.
Alsuhetgereedschapblijftgebruikenmeteenverstopt stofrooster, kan het gereedschap beschadigd raken. De kettingklem onderhoudenSmeer regelmatig het deel van de vergrendelbout van de kettingklem dat wordt aangegeven in de afbeelding. Hierdoor zal de vergrendelbout soepel draaien en kan het werkstuk stevig worden vastgezet. ►Fig. 23: 1. Vergrendelbout 2. Te smeren deelOmdeVEILIGHEIDenBETROUWBAARHEIDvanhet gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoudofafstellingentewordenuitgevoerdbijeenerkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijdmetgebruikvanMakita-vervangingsonderdelen. OPTIONELE ACCESSOIRESLET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven. Bijgebruikvanandereaccessoiresofhulpstukkenbestaathetgevaarvanpersoonlijkelet-sel.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Makita JR003G stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Zaagmachine Makita
Handleiding Zaagmachine
Nieuwste handleidingen voor Zaagmachine