Makita DHS782 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Makita DHS782 (156 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 43 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Makita DHS782 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Makita |
| Categorie: | Zaagmachine |
| Model: | DHS782 |
Handleiding Makita DHS782 – volledige tekst
Toepasselijke accu’s en ladersAccu BL1815N / BL1820 / BL1820B / BL1830 / BL1830B / BL1840 / BL1840B / BL1850 / BL1850B / BL1860BLader DC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF• Sommigevandehierbovenvermeldeaccu’senladerszijnmogelijknietleverbaarafhankelijkvanwaaruwoont. WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu’s en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik van enige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand. GebruiksdoeleindenHetgereedschapisbedoeldvoorhetrechtzageninlengterichtingenindwarsrichtingenvoorhetverstekza-genvanhoekeninhoutterwijlhetgereedschapstevigtegen het werkstuk wordt gehouden. Met geschikte, origineleMakita-zaagbladenkunnenookanderemateri-alenwordengezaagd.
WAARSCHUWING: De geluidsemissie tij-dens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig-heidsmaatregelen worden getroffen ter bescher-ming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder prak-tijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgescha-keld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).
70 NEDERLANDSModel DHS783Gebruikstoepassing:zagenvanhoutTrillingsemissie(ah,W):2,5m/s2 of lagerOnzekerheid(K):1,5m/s2Gebruikstoepassing:zagenvanmetaalTrillingsemissie(ah,M):2,5m/s2 of lagerOnzekerheid(K):1,5m/s2OPMERKING:Detotaletrillingswaarde(n)is/zijngemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te ver-gelijkenmetanderegereedschappen. OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaar-de(n)kan/kunnenookwordengebruiktvooreenbeoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING: De trillingsemissie tij-dens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig-heidsmaatregelen worden getroffen ter bescher-ming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder prak-tijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgescha-keld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). EG-verklaring van conformiteitAlleen voor Europese landenDeEG-verklaringvanconformiteitisbijgevoegdalsBijlageAbijdezegebruiksaanwijzing. VEILIGHEIDSWAAR-SCHUWINGENAlgemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschapWAARSCHUWING: Lees alle veiligheids-waarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens behorend bij dit elektrische gereedschap aandachtig door. Als u niet alle onder-staandeaanwijzingennaleeft,kandatresultereninbrand, elektrische schokken en/of ernstig letsel.
De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor-schriften duidt op gereedschappen die op stroom van hetlichtnetwerken(metsnoer)ofgereedschappenmeteenaccu(snoerloos). Veiligheidswaarschuwingen voor een accucirkelzaagWerkwijze bij het zagen1. GEVAAR: Houd uw handen uit de buurt van het zaaggebied en het zaagblad. Houd met uw andere hand de voorhandgreep of de behui-zing van het gereedschap vast. Alsudezaagmet beide handen vasthoudt, kunt u nooit in uw handenzagen. 2. Reik nooit met uw handen onder het werkstuk. De beschermkap kan u niet beschermen tegen het zaagbladonderhetwerkstuk. 3. Stel de zaagdiepte in overeenkomstig de dikte van het werkstuk. Minder dan een volledige tandhoogte dient onder het werkstuk uit te komen. 4. Houd tijdens het zagen het werkstuk nooit vast met uw handen of benen. Zorg dat het werk-stuk stabiel is ten opzichte van de ondergrond.
Hetisbelangrijkhetwerkstukgoedteondersteu-nen om de kans te minimaliseren dat uw lichaam eraanblootgesteldwordt,hetzaagbladvastlooptof u de controle over het gereedschap verliest. ►Fig. 15. Houd het elektrisch gereedschap vast aan het geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het snijgar-nituur met verborgen bedrading in aanraking kan komen. Door contact met onder spanning staandedraden,zullenookdeniet-geïsoleerdemetalen delen van het elektrisch gereedschap onderspanningkomentestaanzodatdegebrui-kereenelektrischeschokkankrijgen. 6. Gebruik bij het schulpen altijd de breedtegelei-der of de langsgeleider. Hierdoor wordt de nauw-keurigheidvanhetzagenvergrootendekansopvastlopenvanhetzaagbladverkleind. 7. Gebruik altijd zaagbladen met een middengat van de juiste afmetingen en vorm (diamant versus rond).
Zaagbladendienietgoedpassenopdebevestigingsmiddelenvandezaag,zullenuit-het-midden draaien waardoor u de controle over het gereedschap verliest. 8. Gebruik nooit een beschadigde of verkeerde bouten en ringen om het zaagblad te bevestigen. De bouten en ringen voor de bevestiging van het zaagbladzijnspeciaalontworpenvoorgebruikmetuwzaagvooroptimaleprestatiesenveiliggebruik. Oorzaken van terugslag en aanverwante waarschuwingen— Terugslag is een plotselinge reactie op een bekneld, vastgelopenofniet-uitgelijndzaagblad,waardoordeoncontroleerbarezaagomhoog,uithetwerkstuken in de richting van de gebruiker gaat. — Wanneerhetzaagbladbekneldraaktofvastlooptdoordatdezaagsnedenaarbenedentoesmallerwordt,komthetzaagbladtotstilstandenkomtalsreactie de motor snel omhoog in de richting van de gebruiker.
71 NEDERLANDSTerugslagishetgevolgvanmisgebruikvandezaagen/ofonjuistegebruiksproceduresof-omstandigheden,enkanwordenvoorkomendoorgoedevoorzorgsmaatre-gelentetreffen,zoalshierondervermeld. 1. Houd de zaag stevig vast met beide handen en houd uw armen zodanig dat een terugslag wordt opgevangen. Plaats uw lichaam zij-waarts versprongen van het zaagblad en niet in een rechte lijn erachter. Door terugslag kan de zaagachterwaartsspringen,maardekrachtvandeterugslagkanmetdejuistevoorzorgsmaatre-gelen door de gebruiker worden opgevangen. 2. Wanneer het zaagblad vastloopt, of wanneer u om een of andere reden het zagen onder-breekt, laat u de aan-uitschakelaar los en houdt u de zaag stil in het materiaal totdat het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen.
Probeer nooit de zaag uit het werkstuk te halen of de zaag naar achteren te trekken, terwijl het zaagblad nog draait omdat hierdoor een terug-slag kan optreden. Onderzoekwaaromhetzaag-blad is vastgelopen en tref afdoende maatregelen omdeoorzaakervanopteheffen. 3. Wanneer u de zaag weer inschakelt terwijl het zaagblad in het werkstuk zit, plaatst u het zaagblad in het midden van de zaagsnede zodat de tanden niet in het materiaal grijpen. Alshetzaagbladisvastgelopen,kanwanneerdezaagwordtingeschakeldhetzaagbladuithetwerkstuk lopen of terugslaan. 4. Ondersteun grote platen om de kans te mini-maliseren dat het zaagblad bekneld raakt of terugslaat. Groteplatenneigendoortezakkenonder hun eigen gewicht. U moet de plaat onder-steunenaanbeidezijden,vlakbijdezaaglijnenvlakbijderandvandeplaat. ►Fig. 2►Fig. 35.
Niet-geslepenofverkeerdgezettetandenmakeneensmallezaagsnedewatleidttotgrotewrijving,vastlopenenterugslag. 6. De vergrendelhendels voor het instellen van de zaagbladdiepte en verstekhoek moeten vast-gezet zijn alvorens te beginnen met zagen. Als deafstellingenvanhetzaagbladtijdenshetzagenverlopen, kan dit leiden tot vastlopen of terugslag. 7. Wees extra voorzichtig wanneer u een inval-zaagsnede maakt in een bestaande wand of een andere plaats waarvan u de onderkant niet kunt zien. Hetzaagbladzoueenhardvoorwerpkunnenraken,metalsgevolgeengevaarlijketerugslag. 8. Houd het gereedschap ALTIJD met beide han-den stevig vast. Plaats NOOIT een hand, been of een ander lichaamsdeel onder zoolplaat of achter de zaag, speciaal bij het afkorten.
Als eenterugslagoptreedt,kandezaaggemakkelijkachteruit en over uw hand springen waardoor ernstigpersoonlijkletselontstaat. ►Fig. 49. Dwing de zaag nooit. Duw de zaag vooruit met een snelheid waarbij het zaagblad niet vertraagt. Alsudezaagdwingt,kandatleidentoteenongelijkmatigezaagsnede,verminderdenauwkeurigheidenmogelijketerugslag. Functie van de beschermkap1. Controleer voor ieder gebruik of de onderste beschermkap goed sluit. Gebruik de zaag niet als de onderste beschermkap niet vrij kan bewegen en onmiddellijk sluit. Zet de onderste beschermkap nooit vast in de geopende stand. Alsudezaagperongeluklaatvallen,kandeonderste beschermkap worden verbogen. Til de onderste beschermkap op aan de terugtrekhendel encontroleerdatdezevrijkanbewegenenniethetzaagbladofeniganderonderdeelraakt,onderalleverstekhoekenenopallezaagdiepten. 2.
Als de beschermkap en de veer niet goed werken, dienen deze vóór gebruik te worden gerepareerd. De onderste beschermkap kan traag werken als gevolg van beschadigdeonderdelen,gom-ofharsafzetting,ofopeenhoping van vuil. 3. De onderste beschermkap mag alleen met de hand worden geopend voor het maken van speciale zaagsneden, zoals een invalzaag-snede en gecombineerde zaagsnede. Til de onderste beschermkap op aan de terugtrek-hendel en laat deze los zodra het zaagblad in het materiaal zaagt. Bijalleanderetypenzaag-sneden, dient de onderste beschermkap automa-tisch te werken. 4. Let er altijd op dat de onderste beschermkap het zaagblad bedekt voordat u de zaag op een werkbank of vloer neerlegt. Een onbeschermd zaagbladdatnognadraait,zaldezaagachteruitdoenlopenwaarbijallesopzijnwegwordtgezaagd.
Denkaandetijddiehetduurtnadatdeschakelaarislosgelatenvoordathetzaagbladstilstaat. 5. U kunt de onderste beschermkap controleren, door deze met de hand te openen, los te laten en te kijken of hij goed sluit. Controleer tevens of de terugtrekhendel de behuizing van het gereedschap niet raakt. Hetzaagbladonbe-schermdlatenisUITERSTGEVAARLIJKenkanleidentoternstigpersoonlijkletsel. Aanvullende veiligheidsvoorschriften1. Wees extra voorzichtig bij het zagen in nat hout, druk-behandeld timmerhout en hout met knoesten. Zorgdathetgereedschapsteedssoepelvooruitbeweegtzonderdatdesnelheidvanhetzaagbladlagerwordt,omoververhittingvandezaagtandentevoorkomen. 2. Probeer niet afgezaagd materiaal te verwij-deren terwijl het zaagblad nog draait. Wacht totdat het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen voordat u het afgezaagde materiaal vastpakt.
Voorkom dat u in spijkers zaagt. Inspecteer het hout op spijkers en verwijder deze zo nodig voordat u begint te zagen. 4. Plaats het bredere deel van de zool van de zaag op het deel van het werkstuk dat goed is ondersteund, en niet op het deel dat omlaag valt nadat de zaagsnede gemaakt is. Als het werkstuk kort of smal is, klemt u het vast. PROBEER NOOIT EEN KORT WERKSTUK IN UW HANDEN VAST TE HOUDEN.
72 NEDERLANDS►Fig. 55. Voordat u het gereedschap neerlegt na het voltooien van een zaagsnede, controleert u dat de beschermkap gesloten is en het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen. 6. Probeer nooit te zagen waarbij de zaag onder-steboven in een bankschroef is geklemd. Dit is uiterst gevaarlijk en kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. ►Fig. 67. Sommige materialen bevatten chemische stoffen die giftig kunnen zijn. Neem voorzorgs-maatregelen tegen het inademen van stof en contact met de huid. Volg de veiligheidsin-structies van de leverancier van het materiaal op. 8. Breng het zaagblad niet tot stilstand door zijdelings op het zaagblad te drukken. 9. Gebruik geen slijpschijven. 10. Gebruik uitsluitend een zaagblad met een diameter die is aangegeven op het gereed-schap of vermeld in de gebruiksaanwijzing.
Hetgebruikvaneenzaagbladmeteenverkeerdeafmeting kan de goede bescherming van het zaagbladofdewerkingvandebeschermkapnegatiefbeïnvloeden,waardoorernstigpersoon-lijkletselkanontstaan. 11. Houd het zaagblad scherp en schoon. Gom of harsdatophetzaagbladisopgedroogdvertraagthetzaagbladenverhoogtdekansopterugslag. Houdhetzaagbladschoondoorditeerstvanhetgereedschap te demonteren en het vervolgens schoon te maken met een reinigingsmiddel voor gom en hars, heet water of kerosine. Gebruik nooitbenzine. 12. Draag een stofmasker en gehoorbescherming tijdens gebruik van het gereedschap. 13. Gebruik altijd het zaagblad dat is bedoeld voor zagen in het materiaal waarin u gaat zagen. 14. Gebruik altijd een zaagblad dat is gemarkeerd met een toerental dat gelijk is aan of hoger is dan het toerental dat is aangegeven op het gereedschap. 15.
WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij-zing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen. 2. Neem de accu niet uit elkaar. 3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brand-wonden en zelfs een ontplofng veroorzaken. 4.
Als elektrolyt in uw ogen is terechtgeko-men, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken. 5. Voorkom kortsluiting van de accu:(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal. (2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spij-kers, munten e. d. worden bewaard. (3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brand-wonden, en zelfs defecten. 6. Bewaar het gereedschap en de accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50°C of hoger. 7. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan-neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploffen in het vuur. 8.
Wees voorzichtig dat u de accu niet laat vallen en hem niet blootstelt aan schokken of stoten. 9. Gebruik nooit een beschadigde accu. 10. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoffen.
Voorcommercieeltransportendergelijkedoorderden en transporteurs moeten speciale vereis-tentenaanzienvanverpakkingenetiketteringworden nageleefd. Als voorbereiding van het artikel dat wordt getransporteerdishetnoodzakelijkeenexpertophetgebiedvangevaarlijkestoffenteraadplegen. Houdutevensaanmogelijkstrengerenationaleregelgeving. Blootliggende contactpunten moeten worden afgedektmettapeendeaccumoetzodanigwordenverpaktdatdezenietkanbewegenindeverpakking. 11. Volg bij het weggooien van de accu de plaatse-lijke voorschriften. 12. Gebruik de accu’s uitsluitend met de gereed-schappen die door Makita zijn aanbevolen. Als de accu’s worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, bui-tensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkagevanelektrolyt. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
73 NEDERLANDSLET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu’s. Het gebruik van niet-originele accu’s, of accu’sdiezijngewijzigd,kanertoeleidendatdeaccuontploftenbrand,persoonlijkletselenschadeveroor-zaakt. OokvervaltdaarmeedegarantievanMakitaop het gereedschap en de lader van Makita. Tips voor een maximale levens-duur van de accu1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen. 2. Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu. 3. Laad de accu op bij een omgevingstempe-ratuur tussen 10°C en 40°C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden. 4. Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.
Belangrijke veiligheidsinstructies voor de draadloos-eenheid1. Haal de draadloos-eenheid niet uit elkaar en knoei er niet aan. 2. Houd de draadloos-eenheid uit de buurt van kinderen. Indien per ongeluk ingeslikt, raad-pleegt u onmiddellijk een arts. 3. Gebruik de draadloos-eenheid uitsluitend met Makita-gereedschap. 4. Stel de draadloos-eenheid niet bloot aan regen of natte omstandigheden. 5. Gebruik de draadloos-eenheid niet op plaatsen waar de temperatuur hoger is dan 50 °C. 6. Bedien de draadloos-eenheid niet op plaatsen in de buurt van medische instrumenten, zoals een pacemaker. 7. Bedien de draadloos-eenheid niet op plaatsen in de buurt van geautomatiseerde apparaten. Bijbedieningervankanindegeautomatiseerdeapparaten een storing of fout optreden. 8.
Bedien de draadloos-eenheid niet op plaatsen met een hoge temperatuur of op plaatsen waar statische elektriciteit of elektrische ruis kan worden gegenereerd. 9. De draadloos-eenheid kan elektromagnetische velden genereren, maar deze zijn niet schade-lijk voor de gebruiker. 10.
De draadloos-eenheid is een nauwkeurig instrument. Wees voorzichtig dat u de draad-loos-eenheid niet laat vallen of ergens tegen-aan stoot. 11. Raak de aansluitpunten van de draadloos-een-heid niet aan met blote handen of metaalach-tige materialen. 12. Verwijder altijd de accu uit het apparaat wan-neer u de draadloos-eenheid erin aanbrengt. 13. Open de afdekking van de gleuf niet op plaat-sen waar stof of vocht in de gleuf kan binnen-dringen. Houd de ingang van de gleuf altijd schoon. 14. Breng de draadloos-eenheid altijd in de juiste richting aan. 15. Druk niet te hard op de knop voor draad-loos inschakelen op de draadloos-eenheid en/of druk niet op de knop met een scherp voorwerp. 16. Sluit altijd de afdekking van de gleuf tijdens gebruik. 17. Verwijder de draadloos-eenheid niet uit de gleuf terwijl voeding wordt geleverd aan het gereedschap.
Als u dit doet, kan een storing optreden in de draadloos-eenheid. 18. Verwijder de sticker op de draadloos-eenheid niet. 19. Plak geen stickers op de draadloos-eenheid. 20. Laat de draadloos-eenheid niet liggen op een plaats waar statische elektriciteit of elektrische ruis kan worden gegenereerd. 21. Laat de draadloos-eenheid niet liggen op een plaats die is blootgesteld aan hoge tempe-raturen, zoals in een auto die in de zon staat geparkeerd. 22. Laat de draadloos-eenheid niet liggen op een plaats met veel stof of poeder, of op een plaats waar corrosief gas kan worden gegenereerd. 23. Door een plotselinge verandering in tempe-ratuur kan condens op de draadloos-eenheid worden gevormd. Gebruik de draadloos-een-heid niet voordat de condens volledig is verdampt. 24. Veeg de draadloos-eenheid voorzichtig schoon met een droge, zachte doek.
Gebruik geen wasbenzine, thinner, geleidend vet en dergelijke. 25. Bewaar de draadloos-eenheid in de bijgele-verde doos of een antistatische container. 26. Breng geen andere apparaten dan een draad-loos-eenheid van Makita aan in de gleuf van het gereedschap. 27.
Gebruik het gereedschap niet als de afdekking van de gleuf beschadigd is. Water,stofenvuildie in de gleuf binnendringen, kunnen een storing veroorzaken. 28. Trek en draai niet meer dan nodig is aan de afdekking van de gleuf. Plaats de afdekking terugalsdezeloskomtvanhetgereedschap. 29. Vervang de afdekking van de gleuf als deze verloren of beschadigd is. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
74 NEDERLANDSBESCHRIJVING VAN DE FUNCTIESLET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren. De accu aanbrengen en verwijderenLET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert. LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevigvasthoudt,kunnendezeuituwhandenglippenen het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijkletselwordenveroorzaakt. LET OP: Zet de zool altijd omlaag wanneer u de accu’s aanbrengt of verwijdert. Wees voorzich-tig dat uw vingers niet bekneld raken. LET OP: Gebruik geen accuadapter met de cirkelzaag. De kabel van de accuadapter kan het gebruik hinderen waardoor persoonlijk letsel wordt veroorzaakt. ►Fig. 7: 1.
Hendel 2. Rode deel 3. Knop4. AccuVoordatudeaccuverwijdert,draaitudehendelvoorde diepte-instelling los om de voet van het gereed-schapomlaagtezetten. Schuifdaarnadeaccuvanhetgereedschapafterwijludeknopaandevoorkantvande accu verschuift. Omdeaccuaantebrengenlijntudelipopdeaccuuitmetdegroefindebehuizingenduwtudeaccuopzijnplaats. Steekdeaccuzovermogelijkinhetgereed-schap tot u een klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan debovenkantvandeknopkuntzien,isdeaccunietgoed aangebracht. LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden. LET OP: Breng de accu niet met kracht aan.
Alsdeaccunietgemakkelijkinhetgereedschapkanwordengeschoven,wordtdezenietgoedaangebracht. OPMERKING: Het gereedschap werkt niet als slechts één accu is aangebracht. Gereedschap-/accubeveiligingssysteemHet gereedschap is uitgerust met een gereedschap-/accubeveiligingssysteem. Ditsysteemkanautomatischde stroomtoevoer naar de motor afsluiten om de levens-duur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschapzaltijdensgebruikautomatischstoppenwanneerhetgereedschapofdeaccuzichineenvande volgende omstandigheden bevindt: Onder bepaalde omstandighedengaandeindicatorlampjesbranden. OverbelastingsbeveiligingWanneerhetgereedschapwordtgebruiktopeenmanier waarop het een abnormaal hoge stroom trekt, stopt het gereedschap automatisch.
Schakel in die situ-atie het gereedschap uit en stop het gebruik dat ertoe leidde dat het gereedschap overbelast raakte. Schakel daarna het gereedschap in om het weer te starten. OververhittingsbeveiligingWanneerhetgereedschapoververhitis,stopthetgereedschap automatisch en knippert de accu-indicator gedurende ongeveer 60 seconden. Laat in die situatie het gereedschap afkoelen voordat u het gereedschap weer inschakelt. Aan KnippertBeveiliging tegen te ver ontladenAls de acculading laag is, stopt het gereedschap auto-matisch. Als het gereedschap niet werkt, ook niet wan-neerdeschakelaarswordenbediend,verwijdertudeaccu’s vanaf het gereedschap en laadt u de accu’s op. De resterende acculading controleren►Fig. 8: 1. Accu-indicatorlampje2. TestknopDruk op de testknop om de resterende acculadingen tezien. Deaccu-indicatorlampjesgevenperaccuderesterende acculading aan.
75 NEDERLANDSDe resterende acculading controlerenAlleen voor accu’s met indicatorlampjes►Fig. 9: 1. Indicatorlampjes2. TestknopDruk op de testknop op de accu om de resterende acculading te zien. Deindicatorlampjesbrandengedurendeenkeleseconden. Indicatorlampjes Resterende acculadingBrandt Uit Knippert75% tot 100%50% tot 75%25% tot 50%0% tot 25%Laad de accu op. Er kan een storingzijnopgetreden in de accu. OPMERKING:Afhankelijkvandegebruiksomstan-digheden en de omgevingstemperatuur, is het moge-lijkdatdeaangegevenacculadingverschiltvandewerkelijkeacculading. De trekkerschakelaar gebruikenWAARSCHUWING: Alvorens de accu in het gereedschap te plaatsen, moet u altijd controle-ren of de trekkerschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand “OFF”.
WAARSCHUWING: U mag NOOIT de uit-ver-grendelknop buiten werking stellen door hem met tape vast te zetten of iets dergelijks. Een schake-laar met een buiten werking gestelde uit-vergrendel-knop, kan leiden tot onbedoeld inschakelen en ernstig persoonlijkletsel. WAARSCHUWING: Gebruik het gereed-schap NOOIT als het start door alleen maar de trekkerschakelaar in te knijpen zonder de uit-ver-grendelknop in te drukken. Een schakelaar die moet worden gerepareerd, kan leiden tot onbedoeld inschakelenenernstigpersoonlijkletsel. Stuurhetgereedschap op naar een Makita-servicecentrum voorreparatieZONDERhetverdertegebruiken. Om te voorkomen dat de trekkerschakelaar per ongeluk wordt ingeknepen, is een uit-vergrendelknop aange-bracht. Om het gereedschap te starten, drukt u de uit-vergrendelknopinenknijptudetrekkerschakelaarin. Laat de trekkerschakelaar los om te stoppen. ►Fig.
LET OP: Onmiddellijk nadat u de trekkerscha-kelaar hebt losgelaten, begint het gereedschap de snelheid van het cirkelzaagblad af te remmen. Houd het gereedschap stevig vast om de reac-tiekracht van het afremmen te kunnen opvangen nadat de trekkerschakelaar is losgelaten. Door de plotselinge reactiekracht kan het gereedschap uit uw handenvallenenpersoonlijkletselveroorzaken. Automatische toerentalwisselfunctieDit gereedschap heeft een “hoog-toerentalfunctie” en een “hoog-koppelfunctie”. Het gereedschap verandert de bedieningsfunctie auto-matischaandehandvandewerkbelasting. Wanneerde werkbelasting laag is, draait het gereedschap in de “hoog-toerentalfunctie”omsnellertekunnenzagen. Wanneerdewerkbelastinghoogis,draaithetgereedschapinde“hoog-koppelfunctie”omkrachtigertekunnenzagen. ►Fig. 11: 1.
Functie-indicatorDe functie-indicator brandt groen wanneer het gereed-schap in de “hoog-koppelfunctie” draait. Als het gereedschap onder buitensporige belasting draait, knippert de functie-indicator groen. De functie-in-dicator stopt met knipperen en gaat branden of gaat uit wanneer u de belasting op het gereedschap verlaagt. Status van functie-indicator Bedienings-functie Brandt Uit KnippertHoog-toerentalfunctieHoog-koppelfunctieWaarschuwingwegens overbelastingDe zaagdiepte instellenLET OP: Nadat u de zaagdiepte hebt inge-steld, zet u de hendel altijd stevig vast. Draai de hendel op de dieptegeleider los en verstel dezoolomhoogofomlaag. Zetdezoolvastopdegewenstezaagdieptedoordehendelvasttedraaien. Vooreenschonere,veiligerezaagsnede,steltudezaagdieptezodanigindatnietmeerdaneentand-hoogtedoorhetwerkstukheensteekt.
76 NEDERLANDSGebruik de aanslag wanneer u precies onder een hoek van45°wiltverstekzagen. Zetdeaanslag,zoalsafge-beeld, helemaal in de stand voor een verstekhoek van 0° - 45° of in de stand voor een verstekhoek van 0° - 48°. ►Fig. 14: 1. AanslagZichtlijnVoorrechtzagenlijntudepositie0°opdevoorkantvandezooluitmetdezaaglijn. Vooreenschuinezaagsnedeonder een hoek van 45°, gebruikt u hiervoor de 45°-stand. ►Fig. 15: 1. Zaaglijn(0°-stand)2. Zaaglijn(45°-stand)De lamp inschakelenLET OP: Kijk niet direct in het lamplicht of in de lichtbron. Omdelampinteschakelenzonderhetgereedschapinteschakelen,knijptudetrekkerschakelaarinzonderdeuit-vergrendelknop in te drukken. Om de lamp in te schakelen en het gereedschap in te schakelen, druktudeuit-vergrendelknopinenknijptutrekkerschakelaarin.
De lamp gaat 10 seconden nadat u de trekkerschake-laar hebt losgelaten uit. ►Fig. 16: 1. LampOPMERKING: Gebruik een droge doek om vuil van de lens vandelampaftevegen. Weesvoorzichtigdatudelensvande lamp niet bekrast omdat dan de verlichting minder wordt. HaakOptioneel accessoireLET OP: Verwijder altijd eerst de accu, voor-dat u het gereedschap aan de haak ophangt. LET OP: Hang het gereedschap nooit op aan de haak op een hoge plaats of ergens waar het gereedschap uit balans kan raken en kan vallen. LET OP: Trek het gereedschap niet omlaag terwijl het aan de haak hangt. Dehaakishandigomhetgereedschaptijdelijkaanoptehangen. ►Fig. 17Bevestigdehaakmetbehulpvandebouten,zoalsafgebeeld. ►Fig. 18: 1. Haak 2. BoutOm de haak te kunnen gebruiken, draait u gewoon de haaktotdatdezevastkliktindegeopendestand.
Alsudehaaknietgebruikt,draaitualtijddehaaktotdatdezevastkliktindegeslotenstand. ►Fig. 19: 1. Geopende stand 2. Gesloten standElektrische remDitgereedschapisvoorzienvaneenelektrischezaagbladrem. Alshetgereedschapcontinuhetcirkelzaagbladnietsnelstilzetnahetloslatenvandeschakelaar,laatuhetgereedschaponderhouden door een Makita-servicecentrum. LET OP: Het zaagbladremsysteem is geen vervan-ging van de beschermkap. GEBRUIK HET GEREEDSCHAP NOOIT ZONDER EEN WERKENDE BESCHERMKAP. DIT KAN LEIDEN TOT ERNSTIG PERSOONLIJK LETSEL. Elektronische functieGereedschappenmetelektronischefunctiezijndankzijdevolgendeeigenschap(pen)gemakkelijktebedienen. Zachte-startfunctieMaakteenzachtestartmogelijkdooronderdrukkingvan de startschok.
MONTAGELET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvo-rens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. Opbergen van de inbussleutelWanneerudeinbussleutelnietgebruikt,bergtudezeop de plaats aangegeven in de afbeelding op, om te voorkomendatdezewordtverloren. ►Fig. 20: 1. InbussleutelHet cirkelzaagblad aanbrengen en verwijderenLET OP: Verzeker u ervan dat het cirkelzaag-blad zodanig wordt aangebracht dat de tanden aan de voorkant van het gereedschap omhoog wijzen. LET OP: Gebruik uitsluitend de Makita-inbussleutel voor het aanbrengen en verwijderen van het cirkelzaagblad. Alsuhetcirkelzaagbladwiltverwijderen,druktueerstdeasver-grendelinghelemaalinzodathetcirkelzaagbladnietmeerkandraaien, en gebruikt u vervolgens de inbussleutel om de inbus-boutlostedraaien.
Asvergrendeling 2. Inbussleutel 3. Losdraaien 4. VastdraaienVoor gereedschap zonder de ring►Fig. 22: 1. Inbusbout 2. Buitenens3. Cirkelzaagblad4. BinnenensVoor gereedschap met de ring►Fig. 23: 1. Inbusbout 2. Buitenens3. Cirkelzaagblad4. Ring 5. BinnenensOmhetcirkelzaagbladaantebrengen,volgtudever-wijderingsprocedureinomgekeerdevolgorde. Voor gereedschap met een binnenens voor een zaagblad met een middengatdiameter anders dan 15,88 mmDebinnenensheefteenuitsteekselmeteenbepaaldediameteraanéénzijdeeneenuitsteekselmeteenanderediameteraandeanderezijde. Kiesdecorrectezijdewaar-van het uitsteeksel perfect past in het middengat van het zaagblad. Plaatsdebinnenensopdemontageaszodatdezijdemethetjuisteuitsteekselopdebinnenensnaarbuitenwijst,enbrengdaarnahetzaagbladendebuitenensaan. ►Fig. 24: 1. Montageas 2.
77 NEDERLANDSWAARSCHUWING: ZORG ERVOOR DAT U DE INBUSBOUT RECHTSOM STEVIG VASTDRAAIT. Wees ook voorzichtig de bout niet te strak aan de draaien. Als u met uw hand van de inbussleutel af glijdt, kan persoonlijk letsel ontstaan. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het uit-steeksel "a" op de binnenens dat aan de buitenzijde zit, perfect past in het middengat "a" van het zaagblad. Alsuhetzaagbladopdeverkeerdekantvandebinnenensaanbrengt,kunnengevaarlijketrillingenhetgevolgzijn. Voor gereedschap met een binnenens voor een zaagblad met een middengatdiameter van 15,88 mm (afhankelijk van het land)Brengdebinnenensopdemontageasaanmetzijnverzonkenzijdenaarbuitengericht,enbrengdaarnahetzaagblad(zonodigmetderingbevestigd),debui-tenensendeinbusboutaan. Voor gereedschap zonder de ring►Fig. 25: 1. Montageas 2. Binnenens3. Cirkelzaagblad4. Buitenens5.
InbusboutVoor gereedschap met de ring►Fig. 26: 1. Montageas 2. Binnenens3. Cirkelzaagblad4. Buitenens5. Inbusbout 6. RingWAARSCHUWING: ZORG ERVOOR DAT U DE INBUSBOUT RECHTSOM STEVIG VASTDRAAIT. Wees ook voorzichtig de bout niet te strak aan de draaien. Als u met uw hand van de inbussleutel af glijdt, kan persoonlijk letsel ontstaan. WAARSCHUWING: Als de ring nodig is om het zaagblad op de montageas aan te kunnen bren-gen, zorgt u er altijd voor dat de correcte ring voor het middengat van het te gebruiken zaagblad wordt aangebracht tussen de binnenens en de buiten-ens.
Als de verkeerde middengatring wordt gebruikt, wordthetzaagbladmogelijknietgoedaangebracht,waardoorhetzaagbladkanbewegenensterketrillin-genwordenveroorzaaktmetalsgevolgdatutijdenshet gebruik de controle over het gereedschap kunt ver-liezenenernstigpersoonlijkletselwordtveroorzaakt. De beschermkap reinigenVergeetnietomtijdenshetverwisselenvanhetcirkel-zaagbladtevensdebovensteenonderstebeschermkap-penteontdoenvanopgehooptzaagsel,zoalsbeschre-veninhethoofdstukOnderhoud. Ondanksdergelijkonderhoudblijfthetnoodzakelijkdewerkingvandeonderste beschermkap voor ieder gebruik te controleren. Een stofzuiger aansluitenOmdezaagomgevingschoontehouden,kuntueenMakita-stofzuigeropditgereedschapaansluiten. Sluitdestofzuigerslangaanopdestofafzuigaansluitmond,zoalsaangegevenindeafbeelding. ►Fig. 27: 1.
Onderste beschermkap 3. Zool4. Aanslag 5. Openen 6. SluitenAls de onderste beschermkap niet correct werkt, con-troleertuofzaagselzichheeftopgehooptbinnenindeonderste en bovenste beschermkappen. Als de onder-stebeschermkapnietcorrectwerkt,zelfsnietnahetverwijderenvanzaagsel,laatuhetgereedschaponder-houden door een Makita-servicecentrum. ZagenLET OP: Draag een stofmasker wanneer u zaagt. LET OP: Duw het gereedschap voorzichtig in een rechte lijn naar voren. Als u het gereedschap dwingtofverdraait,zaldemotoroververhitrakenenhetgereedschapgevaarlijkterugslaanwaardoorernstigletselkanwordenveroorzaakt. OPMERKING:Wanneerdetemperatuurvandeacculaagis,werkthetgereedschapmogelijknietop volle capaciteit. Gebruik in dat geval het gereed-schapenigetijdvoorlichtzaagwerktotdatdeaccuisopgewarmd tot kamertemperatuur.
Daarna kan het gereedschap op volle capaciteit werken. ►Fig. 30Houd het gereedschap stevig vast. Het gereedschap isvoorzienvanzoweleenvoorhandgreepalseenach-terhandgreep. Gebruikbeideomhetgereedschapzogoedmogelijkvasttehouden. Alsudezaagmetbeidehandenvasthoudt,kanhetcirkelzaagbladnooitinuwhandenzagen. Plaatseerstdezoolophetwerkstukdatuwiltzagen,zonderdathetcirkelzaagbladhetwerkstukraakt. Schakel vervolgens het gereedschap in en wacht totdathetcirkelzaagbladopmaximaaltoerentaldraait. Duw het gereedschap nu gewoon naar voren over het oppervlakvanhetwerkstuk,houdhetdaarbijvlak,enduwgelijkmatigtotdathetzagenklaaris. Zorgvooreenschonezaagsnededooreenrechtezaaglijneneenconstantevoortgaandesnelheid.
78 NEDERLANDSAlsuditdoet,kanhetcirkelzaagbladvastlopeneneengevaarlijketerugslagoptredenmetmogelijkernstigpersoonlijkletseltotgevolg. Laatdeschakelaarlos,wachttothetcirkelzaagbladtotstilstandisgekomenentrekvervolgenshetgereedschapterug. Lijnhetgereedschapuitmeteennieuwezaaglijnenbeginweertezagen. Probeertevermijdendatdoordepositievanhet gereedschap de gebruiker wordt blootgesteld aan zaagselenspaandersdiedoordezaagwordenuitge-worpen. Gebruik oogbescherming om verwonding te voorkomen. Breedtegeleider (liniaal)LET OP: Verzeker u ervan dat de breedtegelei-der vóór gebruik stevig is aangebracht in de juiste positie. Eenverkeerdebevestigingkangevaarlijketerugslagveroorzaken. ►Fig. 31: 1. Breedtegeleider(liniaal)2. KlemboutMet de handige breedtegeleider kunt u extra nauwkeurig rechtzagen.
StelschroevenBijhetzagenvaneenschuinezaagsnedemetdegelei-derail, moet u de schuifhendel gebruiken om te voorko-men dat het gereedschap omvalt. Beweegdeschuifhendelopdegereedschapzoolinderichtingvandepijlzodathijindeondersnijdingsgroefindegeleiderailvalt. ►Fig. 33: 1. SchuifhendelEen touw (tuiriem) bevestigenVeiligheidswaarschuwingen speciek voor wer-ken op hoogteLees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot ernstig letsel. 1. Houd het gereedschap altijd vastgebonden tijdens het werken ‘op hoogte’. De maximale lengte van het touw is 2 m. 2. Gebruik uitsluitend met een touw dat geschikt is voor dit gereedschap en een draagvermo-gen heeft van minstens 6,0 kg (13,3 lbs). 3. Veranker het touw van het gereedschap niet aan iets op uw lichaam of aan een verplaatsbaar voorwerp.
Veranker het touw van het gereed-schap aan een stevige constructie die de krach-ten van een vallend gereedschap kan opvangen. 4. Verzeker u er vóór gebruik van dat het touw goed is vastgemaakt aan beide uiteinden. 5. Inspecteer het gereedschap en touw vóór elk gebruik op beschadigingen en correcte werking (inclusief het materiaal en de stiksels). Gebruik het niet wanneer het beschadigd is of niet correct werkt. 6. Wikkel touwen niet rondom scherpe of ruwe ran-den en laat ze er niet mee in aanraking komen. 7. Bevestig het andere uiteinde van het touw bui-ten het werkgebied zodat een vallend gereed-schap stevig bevestigd blijft. 8. Bevestig het touw zodanig dat het gereedschap tijdens het vallen zich verwijderd van de gebruiker. Een gereed-schappendatvaltzalaanhettouwslingeren,waardoorletselkanwordenveroorzaaktofuuwevenwichtkuntverliezen. 9.
Alsuzichhiernietaanhoudt,kandatleiden tot beknellingsgevaar of verstrikkingsgevaar. 10. Draag het gereedschap niet aan de bevesti-gingsvoorziening of het touw. 11. Verplaats het gereedschap uitsluitend tussen uw handen terwijl u een goed evenwicht hebt. 12. Bevestig een touw niet aan het gereedschap op een manier waardoor beschermkappen, schakelaars of uit-vergrendelingen niet correct kunnen werken. 13. Voorkom dat u verstrikt raakt in het touw. 14. Houd het touw uit de buurt van het snij- of zaaggebied van het gereedschap. 15. Gebruik multiactie-karabijnhaken en kara-bijnhaken met schroefsluiting. Gebruik geen enkelvoudige karabijnhaken met veersluiting. 16. In het geval een gereedschap valt, moet het worden gelabeld en buiten bedrijf gesteld, en moet het worden geïnspecteerd door de Makita-fabriek of een Makita-servicecentrum. ►Fig. 34: 1.
Gatvoortouw(tuiriem)FUNCTIE VOOR DRAADLOOS INSCHAKELENAlleen voor DHS783Mogelijkheden van de functie voor draadloos inschakelenMet de functie voor draadloos inschakelen kunt u schoon en com-fortabelwerken. Dooreenondersteundestofzuigeraantesluitenophetgereedschap,kuntudestofzuigerautomatischlatenin-enuitschakelenbijbedieningvandeschakelaarvanhetgereedschap. ►Fig. 35Om de functie voor draadloos inschakelen te gebruiken, dientudevolgendezakenvoortebereiden:• Eendraadloos-eenheid(optioneelaccessoire)• Eenstofzuigerdiedefunctievoordraadloosinschakelen ondersteuntIn het kort bestaat het instellen van de functie voor draad-loos inschakelen uit de volgende punten. Raadpleeg elke paragraaf voor informatie over de procedure. 1. De draadloos-eenheid aanbrengen2. Registratievanhetgereedschapopdestofzuiger3.
79 NEDERLANDSDe draadloos-eenheid aanbrengenOptioneel accessoireLET OP: Plaats het gereedschap op een vlakke en stabiele ondergrond wanneer u de draadloos-eenheid aanbrengt. KENNISGEVING: Verwijder het stof en vuil vanaf het gereedschap voordat u de draad-loos-eenheid aanbrengt. Stof en vuil kunnen een storingveroorzakenwanneerzebinnendringenindegleuf voor de draadloos-eenheid. KENNISGEVING: Om een storing als gevolg van statische elektriciteit te voorkomen, raakt u een materiaal aan dat statische elektriciteit ontlaadt, zoals een metalen onderdeel van het gereedschap, voordat u de draadloos-eenheid oppakt. KENNISGEVING: Let er bij het aanbrengen van de draadloos-eenheid altijd op dat de draadloos-eenheid in de correcte richting wordt aangebracht en dat de afdekking volledig wordt gesloten. 1. Opendeafdekkingophetgereedschap,zoalsaangegeven in de afbeelding. ►Fig. 36: 1.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Makita DHS782 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Zaagmachine Makita
Handleiding Zaagmachine
Nieuwste handleidingen voor Zaagmachine