Makita DTD170 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Makita DTD170 (80 pagina’s), behorend tot de categorie Schroefmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 33 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Makita DTD170 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Makita |
| Categorie: | Schroefmachine |
| Model: | DTD170 |
Handleiding Makita DTD170 – volledige tekst
• Hetgewichtkanverschillenafhankelijkvandehulpstukken,waaronderdeaccu. Delichtsteenzwaarstecom-binatie, overeenkomstig de EPTA-procedure 01/2014, worden getoond in de tabel. Toepasselijke accu’s en ladersAccu BL1815N / BL1820 / BL1820B / BL1830 / BL1830B / BL1840 / BL1840B / BL1850 / BL1850B / BL1860BLader DC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF• Sommigevandehierbovenvermeldeaccu’senladerszijnmogelijknietleverbaarafhankelijkvanwaaruwoont. WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu’s en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik van enige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand. GebruiksdoeleindenDit gereedschap is bedoeld voor het indraaien van schroeven in hout, metaal en kunststof.
De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor-schriften duidt op gereedschappen die op stroom van hetlichtnetwerken(metsnoer)ofgereedschappenmeteenaccu(snoerloos). Veiligheidswaarschuwingen voor een accuslagschroevendraaier1. Houd elektrisch gereedschap vast bij het geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het beves-tigingsmateriaal in aanraking kan komen met verborgen bedrading. Wanneer bevestigingsma-terialen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde meta-len delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schokkankrijgen. 2. Zorg ervoor dat u stevig staat op een vast ondergrond. Bij gebruik van het gereedschap op een hoge plaats dient u ervoor te zorgen dat niemand beneden u aanwezig is. 3. Houd het gereedschap stevig vast. 4. Draag oorbeschermers. 5.
Raak het bit of het werkstuk niet aan onmiddel-lijk na het gebruik. Deze kunnen erg heet zijn en brandwonden veroorzaken. 6. Houd uw handen uit de buurt van draaiende onderdelen. 7. Gebruik hulphandgreep (hulphandgrepen), indien bij het gereedschap geleverd. Verliezen van de macht over het gereedschap kan letsel veroorzaken. 8. Houd elektrisch gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde handgrepen wanneer de kans bestaat dat het werktuig in aanraking komt met verborgen bedrading. Wanneerboor-/snijhulp-middelen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde meta-len delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schokkankrijgen. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN.
WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betref-fende gereedschap altijd strikt in acht.
Als de accu’s worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, bui-tensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkagevanelektrolyt. 13. Als u het gereedschap gedurende een lange tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. LET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu’s. Het gebruik van niet-originele accu’s, of accu’sdiezijngewijzigd,kanertoeleidendatdeaccuontploftenbrand,persoonlijkletselenschadeveroor-zaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita. Tips voor een maximale levens-duur van de accu1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen. 2.
Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu. 3. Laad de accu op bij een omgevingstempe-ratuur tussen 10°C en 40°C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden. 4. Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken. BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIESLET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren. De accu aanbrengen en verwijderenLET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert. LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu.
Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijkletselwordenveroorzaakt. ►Fig. 1: 1. Rood deel 2. Knop3.
AccuOmdeaccuteverwijderenverschuiftudeknopaandevoorkantvandeaccuenschuiftutegelijkertijddeaccuuit het gereedschap. Omdeaccuaantebrengenlijntudelipopdeaccuuitmetdegroefindebehuizingenduwtudeaccuopzijnplaats. Steekdeaccuzovermogelijkinhetgereed-schap tot u een klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan de bovenkant van de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht. LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden. LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Alsdeaccunietgemakkelijkinhetgereedschapkan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht.
38 NEDERLANDSGereedschap-/accubeveiligingssysteemHet gereedschap is voorzien van een gereedschap-/accubeveiligingssysteem. Ditsysteemschakeltauto-matisch de voeding naar de motor uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschapkantijdenshetgebruikautomatischstop-pen als het gereedschap of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld:OverbelastingsbeveiligingAls de accu wordt gebruikt op een manier die ertoe leidt dat een abnormaal hoge stroomsterkte wordt getrok-ken, stopt het gereedschap automatisch zonder enige aanduiding. In dat geval schakelt u het gereedschap uit en stopt u met het gebruik dat er toe leidde dat het gereedschap overbelast raakte. Schakel vervolgens het gereedschap in om weer te starten. OververhittingsbeveiligingWanneer de accu oververhit is, stopt het gereedschap automatisch.
Laat in dat geval de accu afkoelen voordat u het gereedschap weer inschakelt. Beveiliging tegen te ver ontladenAls de acculading onvoldoende is, stopt het gereed-schapautomatisch. Indithetgevalverwijdertudeaccuvanaf het gereedschap en laadt u de accu op. OPMERKING: De overbelastingsbeveiliging werkt alleenbijaccu’smetdester-markering. ►Fig. 2: 1. Ster-merktekenDe resterende acculading aangevenAfhankelijk van het land►Fig. 3: 1. Accu-indicatorWanneerudetrekkerschakelaarinknijpt,wordtderesterendeacculadingaangegevenophetLED-display. De resterende acculading wordt aangegeven zoals in de onderstaande tabel. Toestand van accu-indicator Resterende acculadingAan Uit Knippert50% tot 100%20% tot 50%0% tot 20%Laad de accu op. OPMERKING:WanneerhetLED-displayuitgaat,is het gereedschap uitgeschakeld om acculading te besparen.
OPMERKING:HetLED-displaygaatongeveereenminuut nadat u de trekkerschakelaar hebt losgelaten uit. OPMERKING:WanneerhetLED-displayoplichtenhet gereedschap stopt ondanks dat de accu opgela-den is, laat u het gereedschap volledig afkoelen. Als de status niet verandert, stopt u het gebruik en laat uhetgereedschapreparerendooreenplaatselijkMakita-servicecentrum. OPMERKING: Als het gereedschap oververhit is, knipperendelampjesgedurendeéénminuut,zoalsaangegeven in de onderstaande tabel, waarna het LED-displayuitgaat. Laatindatgevalhetgereed-schap afkoelen voordat u het weer gebruikt. Accu-indicatorAan Uit KnippertGereedschap is oververhitDe resterende acculading controlerenAlleen voor accu’s met indicatorlampjes►Fig. 4: 1. Indicatorlampjes2. TestknopDruk op de testknop op de accu om de resterende acculadingtezien.
39 NEDERLANDSDe trekkerschakelaar gebruiken►Fig. 5: 1. TrekkerschakelaarLET OP: Alvorens de accu in het gereed-schap te plaatsen, moet u altijd controleren of de trekkerschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand “OFF”. Omhetgereedschaptestarten,knijptugewoondetrekkerschakelaar in. Hoe harder u de trekkerschakelaar inknijpt,hoesnellerhetgereedschapdraait. Laatdetrekkerschakelaar los om het gereedschap te stoppen. OPMERKING: Het gereedschap stopt automatisch wanneer u de trekkerschakelaar gedurende ongeveer 6 minuten ingeknepen houdt. De lamp op de voorkant gebruikenLET OP: Kijk niet direct in het lamplicht of in de lichtbron. ►Fig. 6: 1. Lamp►Fig. 7: 1. KnopKnijpdetrekkerschakelaarinomdelampinteschakelen. Laathem los om uit te schakelen. Ongeveer 10 seconden nadat u de trekkerschakelaar hebt losgelaten, gaat de lamp uit.
Om de lamp uitgeschakeld te laten, stelt u de status van de lamp in op uit. Om de status van de lamp in te stellen opuit,knijptueerstdetrekkerschakelaarinenlaatuhemlos. Druk daarna binnen 10 seconden op de knop. Om de status van de lamp weer in te stellen op aan, drukt u op dezelfde manier op de knop. OPMERKING: Om de lampstatus te controleren, knijptudetrekkerschakelaarin. Alsdelampgaatbrandenwanneerudetrekkerschakelaarinknijpt,isde lampstatus ingeschakeld. Als de lamp niet gaat branden, is de lampstatus uitgeschakeld. OPMERKING: Gebruik een droge doek om vuil van de lens van de lamp af te vegen. Wees voorzichtig dat u de lens van de lamp niet bekrast omdat dan de verlichting minder wordt. De omkeerschakelaar bedienen►Fig. 8: 1. OmkeerschakelaarLET OP: Controleer altijd de draairichting alvorens het gereedschap te starten.
LET OP: Verander de stand van de omkeer-schakelaar alleen nadat het gereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Als u de draairichting verandertterwijlhetgereedschapnogdraait,kanhetgereedschap beschadigd raken. LET OP: Zet de omkeerschakelaar altijd in de neu-trale stand wanneer u het gereedschap niet gebruikt. Dit gereedschap heeft een omkeerschakelaar voor het veranderen van de draairichting. Druk de omkeerscha-kelaar in vanaf kant A voor de draairichting rechtsom, of vanaf kant B voor de draairichting linksom. Wanneer de omkeerschakelaar in de neutrale stand staat, kan de trekkerschakelaar niet worden ingeknepen. A-stand“A-stand(hulpstand)”iseengebruiksvriendelijkestandwaarin schroeven met goede controle kunnen worden ingedraaid. In deze stand draait het gereedschap de schroef eerst met een laag toerental.
Nadat de slagwerking van het gereedschap begint, neemt het toerental toe tot het maximumtoerental wordt bereikt. Om de A-stand in te schakelen, drukt u op de knop ophetpaneel. Knijpdetrekkerschakelaarinom te beginnen met schroeven in de A-stand. ►Fig. 9: 1. Knop 2. KnopOm de A-stand uit te schakelen, drukt u op de knop (nietopdeknop ).
40 NEDERLANDSWijzigen van de slagkracht►Fig. 10: 1. Verandertinvijfstappen2. Maximaal 3. Hard 4. Gemiddeld 5. Zacht 6. T-stand 7. KnopUkuntdeslagkrachtinvijfstappeninstellen:maximaal,hard, gemiddeld, zacht en T-stand. Zo kunt u de beste aandraaikracht voor het te verrichten werk kiezen. Elke keer wanneer op de knop wordt gedrukt, ver-anderthetaantalslageninvijfstappen. “T”iseenspecialestandvoorhetbevestigenvanzelf-tappende schroeven. In deze stand, begint het gereed-schap een schroef met hoger toerental erin te draaien, wat geschikt is voor boren met de punt van een zelf-tappende schroef. Nadat het gereedschap de schroef begint vast te draaien, oefent het slagwerking uit met gemiddelde slagkracht. U kunt de slagkracht veranderen binnen ongeveer een minuut nadat u de trekkerschakelaar hebt losgelaten.
41 NEDERLANDSMONTAGELET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. Aanbrengen of verwijderen van het schroefbit of de schroefdop►Fig. 11Gebruik uitsluitend een schroefbit/schroefdop met een insteekgedeelte zoals aangegeven in de afbeelding. Gebruik geen ander schroefbit/schroefdop. Voor gereedschappen met een ondiepe schroefbit-insteekopeningA=12 mm B=9mm Gebruikuitsluitenddittypeschroefbit. Volg procedure 1. (Opmerking)Debitadapterisniet nodig. Voor gereedschappen met een diepe schroefbit-insteekopeningA=17 mm B=14 mmOmdittypeschroefbitteplaatsen, volgt u procedure 1. A=12 mm B=9mmOmdittypeschroefbitteplaatsen, volgt u procedure 2. (Opmerking)Debitadapterisnodig om het bit te plaatsen. Procedure 1Voor gereedschap zonder snelkoppelingsbus►Fig. 12: 1. Schroefbit 2.
BusOm het schroefbit te plaatsen, trekt u de bus in de richting van depijlensteektuhetschroefbitzovermogelijkindebus. Laat daarna de bus los om het schroefbit te vergrendelen. Voor gereedschap met snelkoppelingsbusOm het schroefbit aan te brengen, steekt u het schroef-bitzovermogelijkindebus. Procedure 2Voorafgaande aan Procedure 1, steekt u de bitadapter metzijnpuntigeuiteindeindebus. ►Fig. 13: 1. Schroefbit 2. Bitadapter 3. BusOmhetschroefbitteverwijderen,trektudebusinderichtingvandepijlentrektuhetschroefbiteruit. OPMERKING: Als het schroefbit niet diep genoeg in de bus wordt gestoken, zal de bus niet naar haar oorspronkelijkepositieterugkerenenzalhetschroef-bit niet goed vastzitten. In dat geval dient u het bit opnieuw erin te steken volgens de bovenstaande procedure.
OPMERKING:Alshetmoeilijkisomhetschroefbitaan te brengen, trekt u aan de bus en steekt u het schroefbitzovermogelijkindebus. OPMERKING: Nadat u het schroefbit in de bus hebt gestoken, controleert u dat het schroefbit stevig vast zit. Als het uit de bus komt, mag u het niet gebruiken. De haak aanbrengenLET OP: Als u de haak aanbrengt, bevestigt u deze altijd stevig met de schroef. Als u dit niet doet, kandehaaklosrakenentotpersoonlijkletselleiden. ►Fig. 14: 1. Gleuf 2. Haak 3. SchroefDehaakishandigomhetgereedschaptijdelijkoptehangen. Dehaakkanaaniederezijkantvanhetgereedschap worden bevestigd. Om de haak te beves-tigen,steektudezeineengleufopeenzijkantenzetu hem vast met de schroef. Om de haak eraf te halen, draait u de schroef los en haalt u de haak eraf. BEDIENING►Fig.
15Hetjuisteaandraaimomentkanverschillenafhankelijkvan het soort en de maat van de schroef/bout, het materiaal van het te bevestigen werkstuk, enz. De ver-houdingtussenhetaandraaimomentendeaandraaitijdwordt aangegeven in de afbeeldingen. Juiste aandraaimoment voor een standaardboutN•m(kgf•cm)M14M12M10M8M16M14M12M10M8M16140(1428)(1224)(1020)(816)(612)(408)(204)12010080604020012121. Aandraaitijd(seconden)2. Aandraaimoment.
42 NEDERLANDSJuiste aandraaimoment voor een bout met hoge trekvastheid21M14M12M14M12M10M8M10M8200180160140120100806040200123(2040)(1836)(1632)(1428)(1224)(1020)(816)(612)(408)(204)N•m(kgf•cm)1. Aandraaitijd(seconden)2. AandraaimomentHoud het gereedschap stevig vast en plaats de punt van het schroefbit in de schroefkop. Oefen zoveel kracht op het gereedschap uit als nodig is om het schroefbitopzijnplaatstehouden. Schakelvervolgenshet gereedschap in om de bediening te starten. KENNISGEVING: Als u een reserveaccu gebruikt om de werkzaamheden voort te kunnen zetten, geeft u het gereedschap minstens 15 minuten rusttijd. OPMERKING:Gebruikaltijdhetbitdatgeschiktisvoor de kop van de aan te draaien schroef/bout.
OPMERKING: Voor het vastdraaien van een M8-formaat of kleinere schroef, kiest u de geschikte slagkracht en regelt u de druk op de trekkerschake-laar zorgvuldig zo dat de schroef niet beschadigd wordt. OPMERKING: Houd het gereedschap vooral recht op de schroef. OPMERKING: Als de slagkracht te hoog is, zal de schroef langer worden aangedraaid dan aangegeven in de afbeeldingen, en dan kan de schroef of de kop van het schroefbit overbelast, vervormd of bescha-digd worden. Alvorens u aan het werk gaat, dient u altijdevenproeftedraaienomdejuisteaandraaitijdvooruwtypeschroeftebepalen. Het aandraaimoment wordt beïnvloed door een groot aantal verschillende factoren, waaronder de volgende. Controleernahetvastdraaienaltijdhetaandraaimo-ment met een momentsleutel. 1. Wanneerdeaccubijnaleegis,neemtdespanningaf en vermindert het aandraaimoment. 2.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Makita DTD170 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Schroefmachine Makita
Handleiding Schroefmachine
Nieuwste handleidingen voor Schroefmachine