Makita DTD152ZJ Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Makita DTD152ZJ (16 pagina’s), behorend tot de categorie Schroefmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 92 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Makita DTD152ZJ of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/16
DTD152
EN Cordless Impact DriverINSTRUCTION MANUAL5
FR Tournevis à Chocs sans FilMANUEL D’INSTRUCTIONS10
DE Akku-Schlagschrauber BETRIEBSANLEITUNG 16
IT Avvitatore a massa battente a
batteria ISTRUZIONI PER L’USO22
NL Accuslagschroevendraaier GEBRUIKSAANWIJZING 28
ES Atornillador de Impacto
Inalámbrico
MANUAL DE
INSTRUCCIONES 34
PT Parafusadeira de Impacto a
Bateria MANUAL DE INSTRÕES40
DA Akku slagskruemaskineBRUGSANVISNING 46
EL Κρουστικό κατσαβίδι
μπαταρίας ΕΓΧΕΙΡΙΔΙΟ ΟΔΗΓΙΩΝ51
TR Akülü Darbeli TornavidaKULLANMA KILAVUZU57

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Makita
Categorie: Schroefmachine
Model: DTD152ZJ
Kleur van het product: Black,Blue
Gewicht: 1500 g
Breedte: 79 mm
Diepte: 137 mm
Hoogte: 238 mm
Stroombron: Batterij/Accu
Accu/Batterij voltage: 18 V
Stationair toerental (max): 3500, 2900 RPM
Opbergetui: Ja
Reverse: Ja
Ingebouwd licht: Ja
Schroefdiameter: 16 mm
Maximale koppel (harde applicaties): 165 Nm
Inclusief acculader: Nee
Inclusief batterij: Nee
Vibratie emissie: 10.5 m/s²
Batterijtechnologie: Lithium-Ion (Li-Ion)

Handleiding Makita DTD152ZJ – volledige tekst

GeluidsniveauDetypische,A-gewogengeluidsniveauszijngemetenvolgens EN60745:Geluidsdrukniveau (LpA): 93 dB (A)Geluidsvermogenniveau (LWA): 104 dB (A)Onzekerheid (K): 3 dB (A)WAARSCHUWING: Draag gehoorbescherming. TrillingDe totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN60745:Gebruikstoepassing: bevestigen met behulp van slag-werking van bevestigingsmiddelen tot de maximale capaciteit van het gereedschapTrillingsemissie (ah): 10,5 m/s2Onzekerheid (K): 1,5 m/s2OPMERKING: De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten volgens de standaardtestmethode en kan wordengebruiktomditgereedschaptevergelijkenmet andere gereedschappen. OPMERKING: De opgegeven trillingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

29NEDERLANDSAlgemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschapWAARSCHUWING: Lees alle veiligheidswaar-schuwingen en alle instructies. Het niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor-schriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos). Veiligheidswaarschuwingen voor een accuslagschroevendraaier 1. Houd elektrisch gereedschap vast bij het geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het beves-tigingsmateriaal in aanraking kan komen met verborgen bedrading.

Wanneer bevestigingsma-terialen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde meta-len delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schokkankrijgen. 2. Zorg ervoor dat u stevig staat op een vast ondergrond. Bij gebruik van het gereedschap op een hoge plaats dient u ervoor te zorgen dat niemand beneden u aanwezig is. 3. Houd het gereedschap stevig vast. 4. Draag oorbeschermers. 5. Raak het bit of het werkstuk niet aan onmiddel-lijk na het gebruik. Deze kunnen erg heet zijn en brandwonden veroorzaken. 6. Houd uw handen uit de buurt van draaiende onderdelen. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht.

VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij-zing kan leiden tot ernstige verwondingen. Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu 1.

Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen. 2. Neem de accu niet uit elkaar. 3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brand-wonden en zelfs een ontplofng veroorzaken. 4. Als elektrolyt in uw ogen is terechtgeko-men, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken. 5. Voorkom kortsluiting van de accu: (1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal. (2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spij-kers, munten e. d. worden bewaard. (3) Stel de accu niet bloot aan water of regen.

Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brand-wonden, en zelfs defecten. 6. Bewaar het gereedschap en de accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50°C of hoger. 7. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan-neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploffen in het vuur. 8. Wees voorzichtig dat u de accu niet laat vallen en hem niet blootstelt aan schokken of stoten. 9. Gebruik nooit een beschadigde accu. 10. Volg bij het weggooien van de accu de plaatse-lijke voorschriften. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. Tips voor een maximale levens-duur van de accu 1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen. 2. Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op.

30 NEDERLANDSDe accu aanbrengen en verwijderenLET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert. LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijkletselwordenveroorzaakt. ►Fig. 1: 1. Rood deel 2. Knop 3. AccuOmdeaccuteverwijderenverschuiftudeknopaandevoorkantvandeaccuenschuiftutegelijkertijddeaccuuit het gereedschap. Omdeaccuaantebrengenlijntudelipopdeaccuuitmetdegroefindebehuizingenduwtudeaccuopzijnplaats. Steekdeaccuzovermogelijkinhetgereed-schap tot u een klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan de bovenkant van de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht.

LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden. LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Als deaccunietgemakkelijkinhetgereedschapkanwor-den geschoven, wordt deze niet goed aangebracht. AccubeveiligingssysteemLithiumionaccu met ster-merkteken►Fig. 2: 1. Ster-merktekenLithiumionaccu’smeteenster-merktekenzijnvoorzienvan een beveiligingssysteem. Dit systeem sluit auto-matisch de voeding naar het gereedschap af om de levensduur van de accu te verlengen. Hetgereedschapkantijdensgebruikautomatischstop-pen wanneer het gereedschap en/of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld:Overbelasting:Als het gereedschap wordt gebruikt op een manier die een abnormaal hoge stroomsterkte vergt.

In dat geval laat u de trekkerschakelaar van het gereed-schap los en verhelpt u de oorzaak van de overbelas-ting. Vervolgensknijptudetrekkerschakelaarweerinom het gereedschap weer te starten. Als het gereedschap niet start, kan de accu oververhit zijn. Indatgevallaatudeaccuevenafkoelenvoordatudetrekkerschakelaaropnieuwinknijpt. Onvoldoende accuspanning:De resterende acculading is te laag en het gereedschap startniet. Indatgevalverwijdertudeaccuenlaadtudie opnieuw op. De resterende acculading controlerenAlleen voor accu´s waarvan het modelnummer eindigt op "B". ►Fig. 3: 1. Indicatorlampjes  2. TestknopDruk op de testknop op de accu om de resterende acculadingtezien. Deindicatorlampjesbrandengedu-rende enkele seconden. Indicatorlampjes Resterende acculading Brandt Uit Knippert75% tot 100%50% tot 75%25% tot 50%0% tot 25%Laad de accu op.

Er kan een storingzijnopgetreden in de accu. OPMERKING:Afhankelijkvandegebruiksomstan-digheden en de omgevingstemperatuur, is het moge-lijkdatdeaangegevenacculadingverschiltvandewerkelijkeacculading. De trekkerschakelaar gebruiken►Fig. 4: 1. TrekkerschakelaarLET OP: Alvorens de accu in het gereedschap te plaatsen, moet u altijd controleren of de trek-kerschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand “OFF”. Omhetgereedschaptestarten,knijptugewoondetrekkerschakelaar in. Hoe harder u de trekkerscha-kelaarinknijpt,hoesnellerhetgereedschapdraait. Laat de trekkerschakelaar los om het gereedschap te stoppen. De lamp op de voorkant gebruiken►Fig. 5: 1. LampLET OP: Kijk niet direct in het lamplicht of in de lichtbron. Knijpdetrekkerschakelaarinomdelampinteschake-len. Delampblijftbrandenzolangdetrekkerschakelaarwordt ingeknepen.

31NEDERLANDSDe omkeerschakelaar bedienen►Fig. 6: 1. OmkeerschakelaarLET OP: Controleer altijd de draairichting alvo -rens het gereedschap te starten. LET OP: Verander de stand van de omkeer -schakelaar alleen nadat het gereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Als u de draairichting verandertterwijlhetgereedschapnogdraait,kanhetgereedschap beschadigd raken. LET OP: Zet de omkeerschakelaar altijd in de neutrale stand wanneer u het gereedschap niet gebruikt. Dit gereedschap heeft een omkeerschakelaar voor het veranderen van de draairichting. Druk de omkeerscha-kelaar in vanaf kant A voor de draairichting rechtsom, of vanaf kant B voor de draairichting linksom. Wanneer de omkeerschakelaar in de neutrale stand staat, kan de trekkerschakelaar niet worden ingeknepen.

MONTAGELET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uit -geschakeld en de accu ervan is verwijderd alvo-rens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. Aanbrengen of verwijderen van het schroefbit of de schroefdop►Fig. 7Gebruik uitsluitend een schroefbit/schroefdop met een insteekgedeelte zoals aangegeven in de afbeelding. Gebruik geen ander schroefbit/schroefdop. Voor gereedschappen met een ondiepe schroefbit-insteekopeningA=12 mm B=9 mm Gebruik uitsluitend dit type schroefbit. Volg procedure 1. (Opmerking) De bitadapter is niet nodig. Voor gereedschappen met een diepe schroefbit-insteekopeningA=17 mm B=14 mmOm dit type schroefbit te plaatsen, volgt u procedure 1. A=12 mm B=9 mmOm dit type schroefbit te plaatsen, volgt u procedure 2. (Opmerking) De bitadapter is nodig om het bit te plaatsen. Procedure 1Voor gereedschap zonder snelkoppelingsbus ►Fig. 8: 1. Schroefbit 2.

Voor gereedschap met snelkoppelingsbusOm het schroefbit aan te brengen, steekt u het schroef-bitzovermogelijkindebus. Procedure 2Voorafgaande aan , steekt u de bitadapter Procedure 1metzijnpuntigeuiteindeindebus. ►Fig. 9: 1. Schroefbit 2. Bitadapter 3. BusOmhetschroefbitteverwijderen,trektudebusinderichtingvandepijlentrektuhetschroefbiteruit. OPMERKING: Als het schroefbit niet diep genoeg in de bus wordt gestoken, zal de bus niet naar haar oorspronkelijkepositieterugkerenenzalhetschroef-bit niet goed vastzitten. In dat geval dient u het bit opnieuw erin te steken volgens de bovenstaande procedure. OPMERKING:Alshetmoeilijkisomhetschroefbitaan te brengen, trekt u aan de bus en steekt u het schroefbitzovermogelijkindebus. OPMERKING: Nadat u het schroefbit in de bus hebt gestoken, controleert u dat het schroefbit stevig vast zit.

Als het uit de bus komt, mag u het niet gebruiken. De haak aanbrengen ►Fig. 10: 1. Gleuf 2. Haak 3. SchroefDehaakishandigomhetgereedschaptijdelijkoptehangen. Dehaakkanaaniederezijkantvanhetgereedschap worden bevestigd. Om de haak te beves-tigen,steektudezeineengleufopeenzijkantenzetu hem vast met de schroef. Om de haak eraf te halen, draait u de schroef los en haalt u de haak eraf. BEDIENING►Fig. 11Hetjuisteaandraaimomentkanverschillenafhankelijkvan het soort en de maat van de schroef/bout, het materiaal van het te bevestigen werkstuk, enz. De ver-houdingtussenhetaandraaimomentendeaandraaitijdwordt aangegeven in de afbeeldingen. Juiste aandraaimoment voor standaard bout12010080604020M14M12M10M8N•m21(kgf•cm)(1224)(1020)(816)(612)(408)(204)0140(1428)1 2 3M16M16M14M12M10M8 1. Aandraaitijd(seconden)  2. Aandraaimoment.

32 NEDERLANDSJuiste aandraaimoment voor standaard bout met hoge trekvastheid01 2 3M12M10160(1632)140(1428)120(1224)100(1020)80(816)60(612)40(408)20(204)M8M12M10M8N•m(kgf•cm)21 1. Aandraaitijd(seconden)  2. AandraaimomentHoud het gereedschap stevig vast en plaats de punt van het schroefbit in de schroefkop. Oefen zoveel kracht op het gereedschap uit als nodig is om het schroefbitopzijnplaatstehouden. Schakelvervolgenshet gereedschap in om de bediening te starten. KENNISGEVING: Als u een reserveaccu gebruikt om de werkzaamheden voort te kunnen zetten, geeft u het gereedschap minstens 15 minuten rusttijd. OPMERKING:Gebruikaltijdhetbitdatgeschiktisvoor de kop van de aan te draaien schroef/bout.

OPMERKING: Voor het vastdraaien van een M8-formaat of kleinere schroef, kiest u de geschikte slagkracht en regelt u de druk op de trekkerschakelaar zorgvuldig zo dat de schroef niet beschadigd wordt. OPMERKING: Houd het gereedschap vooral recht op de schroef. OPMERKING: Als de slagkracht te hoog is, zal de schroef langer worden aangedraaid dan aangegeven in de afbeeldingen, en dan kan de schroef of de kop van het schroefbit overbelast, vervormd of bescha-digd worden. Alvorens u aan het werk gaat, dient u altijdevenproeftedraaienomdejuisteaandraaitijdvoor uw type schroef te bepalen. Het aandraaimoment wordt beïnvloed door een groot aantal verschillende factoren, waaronder de volgende. Controleernahetvastdraaienaltijdhetaandraaimo-ment met een momentsleutel. 1.  Wanneerdeaccubijnaleegis,neemtdespanningaf en vermindert het aandraaimoment. 2.

• Zelfswanneerdeboutdiametersgelijkzijn,hangthetjuisteaandraaimomentafvanhetkoppelcoëfciënt,deboutklasseendeboutlengte. 4. De manier van vasthouden van het gereedschap en de positie waar de schroef in het materiaal wordt gedraaid, hebben een invloed op het aandraaimoment. 5.  Bijlageretoerentallenwordtookhetaandraaimo-ment kleiner. ONDERHOUDLET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie. KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, wasben-zine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kun-nen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt. De koolborstels vervangen►Fig. 12: 1. SlijtgrensmarkeringControleer regelmatig de koolborstels. Vervangzewanneerzetotaandeslijtgrensmarkeringversletenzijn. Houddekoolborstelsschoonenslipvrijindehouders.

Allekoolborstelsdienentegelijkertijdte worden vervangen. Gebruik uitsluitend identieke koolborstels. 1. Gebruik een schroevendraaier om twee schroe-venteverwijderenenverwijderdaarnadeachterkap. ►Fig. 13: 1. Achterkap 2. Schroef 2. Til de arm van de veer op en plaats deze in de uitsparing in de behuizing met behulp van een platte schroevendraaier met een dunne steel, of iets dergelijks. ►Fig. 14: 1. Uitsparing 2. Veer 3. Arm 3.  Verwijderdekoolborstelkapvandekoolborstelsmet behulp van een tang. Haal de versleten koolbor-stels eruit, breng de nieuwe aan, en plaats daarna de koolborstelkappen terug. ►Fig. 15: 1. Koolborstelkap 4. Zorg ervoor dat de aansluitdraad aan de tegen-overgestelde kant van de arm wordt geplaatst. ►Fig. 16: 1. Aansluitdraad 2. Koolborstelkap 5. Zorg ervoor dat de koolborstelkappen goed in de opening in de koolborstelhouders vallen. ►Fig. 17: 1.

Breng de achterkap weer aan en draai de twee schroeven vast. 7. Plaats de accu in het gereedschap en laat de koolborstels inlopen door het gereedschap gedurende 1 minuten onbelast te laten draaien. 8.  Testdewerkingvanhetgereedschaptijdenshetdraaien, en de werking van de elektrische rem door de trekkerschakelaar los te laten. Als de elektrische rem niet goed werkt, vraagt u een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek het te repareren. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties,.

33NEDERLANDSonderhoudofafstellingentewordenuitgevoerdbijeenerkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijdmetgebruikvanMakita-vervangingsonderdelen.OPTIONELE ACCESSOIRESLET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven.Bijgebruikvanandereaccessoiresofhulpstukkenbestaathetgevaarvanpersoonlijkelet-sel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel.Wenstumeerbijzonderhedenoverdezeacces-soires,neemdancontactopmethetplaatselijkeMakita-servicecentrum.• Schroefbits• Haak • Kunststof koffer • Originele Makita accu’s en acculaders• AccubeveiligingOPMERKING:Sommigeitemsopdelijstkunnenzijninbegrepenindedoosvanhetgereedschapalsstandaard toebehoren. Deze kunnen van land tot land verschillen.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Makita DTD152ZJ stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden