Kern PCD 300-3 Handleiding
Pagina's 47 Nederlands Weegschaal
Bekijk de handleiding van Kern PCD 300-3 gratis online of download de PDF. 17 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Kern |
| Categorie: | Weegschaal |
| Model: | PCD 300-3 |
Handleiding Kern PCD 300-3 – volledige tekst
3 PCD-BA-nl-1614 8 Menu. 26 8. 1 Navigatie in het menu. 26 8. 2 Menuoverzicht. 29 8. 3 Beschrijving van de afzonderlijke menupunten. 31 8. 3. 1 Weegeenheden. 31 8. 3. 2 Doseren en zero tracking. 32 8. 3. 3 Keuze van het kalibratiegewicht. 33 8. 3. 4 Filter. 34 8. 3. 5 Verlichte achtergrond. 35 8. 3. 6 Functie dieren wegen. 36 8. 3. 7 Voetpedaal. 37 8. 3. 8 Naar fabriekinstellingen terugzetten. 37 8. 4 Parameters van de interface. 38 8. 4. 1 Modus gegevenstransmissie. 38 8. 4. 2 Afdruk. 39 8. 4. 3 Voorbeeld van afdruk. 40 8. 4. 4 Transmissiesnelheid. 40 9 Interface RS 232 C. 41 9. 1 Technische gegevens. 41 9. 2 Pinvastlegging van het uitgangscontact van de weegschaal. 41 9. 3 Beschrijving van de gegevenstransmissie. 42 9. 4 Uitgave van de barcodes naar de printer. 44 10 Onderhoud, behouden van werkprestatie, verwijderen. 45 10. 1 Reinigen. 45 10. 2 Onderhoud, behouden van werkprestatie.
7 PCD-BA-nl-1614 2 Basisopmerkingen (algemene informatie) 2. 1 Gebruik volgens bestemming De door u aangekochte weegschaal dient ter bepaling van het gewicht (de weegwaarde) van het gewogen materiaal. Hij dient te worden beschouwd als een “niet-zelfstandige weegschaal” d. w. z. de gewogen voorwerpen dienen met de hand voorzichtig te worden geplaatst in het midden van het weegschaalplateau. De weegwaarde kan na bereiken van een stabiele aanduidingwaarde worden afgelezen. 2. 2 Afwijkend gebruik De weegschaal niet voor dynamische wegingen gebruiken. Indien de hoeveelheid gewogen materiaal enigszins verminderd of vergroot wordt, kan het in de weegschaal geplaatste “compensatie en stabilisatie” mechanisme uitlezing van foutieve weegresultaten veroorzaken. (Voorbeeld: de vloeistof vloeit langzaam van de container uit die op de weegschaal is geplaatst).
Het weegplateau niet aan langdurige belasting blootstellen. Het kan beschadiging van het meetmechanisme veroorzaken. Stoten en overbelasting van de weegschaal boven aangegeven maximale last (max. ), met bestaande tarravooraftrek, absoluut mijden. Het kan beschadiging van de weegschaal veroorzaken. De weegschaal nooit in ruimtes met explosiegevaar gebruiken. Serie-uitvoering is geen explosiebestendige uitvoering. Geen wijzigingen in de constructie van de weegschaal aanbrengen. Het kan tot foutieve weegresultaten, inbreuk op technische veiligheidsvoorwaarden als ook tot beschadiging van de weegschaal leiden. De weegschaal mag enkel conform beschreven richtlijnen worden gebruikt. Andere gebruiksbereiken / toepassingsgebieden vereisen schriftelijke toestemming van de firma KERN. 2.
3 Garantie De garantie vervalt ingeval van: • niet naleven van onze richtlijnen zoals in de gebruiksaanwijzing bepaald; • gebruik niet volgens beschreven toepassingen; • wijziging of opening van de apparatuur; • mechanische beschadiging of door werking van media, vloeistoffen; • gewoon verbruik; • onjuiste plaatsing of onjuiste elektrische installatie; • overbelasting van het meetmechanisme.
PCD-BA-nl-1614 8 2.4 Toezicht over controlemiddelen In het kader van kwaliteitsverzekeringssysteem dienen regelmatig technische meeteigenschappen van de weegschaal en eventueel beschikbare controlegewichten te worden gecontroleerd. Daarvoor dient de bevoegde gebruiker een juist tijdsinterval als ook aard en omvang van dergelijke controle te bepalen. Informatie betreffende toezicht over controlemiddelen zoals weegschalen als ook over noodzakelijke controlegewichten zijn toegankelijk op de website van de firma KERN (www.kern-sohn.com). De controlegewichten en weegschalen kan men snel en goedkoop ijken in een kalibratielaboratorium van de firma KERN geaccrediteerd door DKD (Deutsche Kalibrierdienst) (terugzetten naar de norm geldende in bepaald land).
3 Veiligheid grondrichtlijnen 3.1 Richtlijnen van de gebruiksaanwijzing nakomen Vóór het plaatsen en aanzetten van de weegschaal dient men onderhavige gebruiksaanwijzing nauwkeurig te lezen, ook indien u al ervaring met KERN weegschalen hebt. 3.2 Personeelscholing Het toestel mag enkel door geschoolde medewerkers worden bediend en onderhouden. 4 Vervoer en opslag 4.1 Controle bij ontvangst Onmiddellijk na ontvangst van het pakket controleren of er geen zichtbare beschadigingen aanwezig zijn, hetzelfde betreft het toestel na het uitpakken. 4.2 Verpakking / retourvervoer Alle delen van de originele verpakking dienen te worden behouden voor het geval van eventueel retourvervoer. Alleen originele verpakking bij retourvervoer gebruiken. Vóór versturen dienen alle aangesloten kabels en losse/bewegende onderdelen te worden afgekoppeld.
Indien aanwezig dient de vervoerbescherming opnieuw te worden aangebracht. Alle delen, bv. het glazen windscherm, het weegplateau, de netadapter, e.d. dienen voor uitglijden en beschadiging te worden beveiligd.
9 PCD-BA-nl-1614 5 Uitpakken, installeren en aanzetten 5. 1 Plaats van installatie, gebruikslocatie De weegschalen zijn op dergelijke manier geconstrueerd dat er in normale gebruiksomstandigheden geloofwaardige weegresultaten worden bereikt. De keuze van juiste locatie van de weegschaal verzekert een precieze en snelle werking. Op de plaats van installatie dient men volgende regels op te volgen: • De weegschaal op stabiele, effen oppervlakte plaatsen. • Extreme temperaturen als ook temperatuurverschillen bij bv. plaatsing bij verwarming of in plaatsen met directe werking van zonnestralen mijden. • Tegen directe werking van tocht beveiligen die door open ramen en deuren wordt veroorzaakt. • Bij wegen stoten mijden. • De weegschaal tegen hoge luchtvochtigheid, dampen en stof beschermen. • Het toestel niet aan langdurige werking van grote vochtigheid blootleggen.
Ongewenst dauwen (condensatie van luchtvocht op het toestel) kan voorkomen indien een koud toestel in een veel warmere ruimte wordt geplaatst. In dergelijk geval dient het van netwerk gescheiden toestel ca. 2-godzinnej uur acclimatisering aan de omgevingstemperatuur te ondergaan. • statische ladingen mijden die van het gewogen materiaal en van de weegschaalcontainer komen. • De toestellen niet in gebieden gebruiken met explosiegevaar of in gebieden waar gevaar bestaat voor explosie van gassen, dampen, nevels en stoffen. • Ver van chemische middelen (bv. vloeistoffen of gassen) houden die agressief op de interne en externe weegschaaloppervlaktes kunnen uitwerken en deze beschadigen. • De IP-beschermingklasse van het toestel behouden.
PCD-BA-nl-1614 12 3. Gebruik met statief (optie) Om de afleesinrichting te heffen kan deze op een optioneel statief worden gemonteerd (KERN PCD-A03). De montage dient volgens de instructie voor statiefinstallatie worden uitgevoerd. of De weegschaal zo plaatsen dat het weegschaalplateau precies horizontaal ligt. De weegschaal waterpas zetten met schroefvoeten, de luchtbel in de libel (waterpas) moet zich in het aangetekende bereik bevinden.
13 PCD-BA-nl-1614 5.3 Contactdoos Elektrische voeding gebeurt door een externe netadapter. De spanningwaarde zichtbaar op de netadapter moet in overeenstemming zijn met lokale spanning. Enkel originele netadapters van de firma KERN gebruiken. Gebruik van andere producten vereist toestemming van de firma KERN. 5.4 Bedrijf met batterijvoeding / bedrijf met accuvoeding (optioneel) Het deksel van de batterijcontainer onderaan de weegschaal afnemen. De platte batterij 9 V aansluiten. Het deksel van de batterijcontainer opnieuw opleggen. In de modus batterijvoeding beschikt de weegschaal over de functie automatisch uitschakelen die in het menu geactiveerd en gedeactiveerd kan worden: In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de melding “Unit” verschijnt. De toets MODE meermals drukken totdat de menublok “AF” verschijnt. Met de toets SET bevestigen.
Door de toets MODE is het mogelijk om één van twee onderstaande instellingen te kiezen: “AF on”: Om de batterij te besparen wordt de weegschaal automatisch 3 minuten na afronden van de weging uitgezet. “AF off”: De uitschakelfunctie wordt gedeactiveerd. De keuze met de toets SET bevestigen. De weegschaal wordt terug naar de weegmodus gezet.
PCD-BA-nl-1614 14 Indien de accu leeg is, verschijnt op display het symbool “LO”. De toets ON/OFF drukken en de batterij onmiddellijk vervangen. Indien de weegschaal langere tijd niet wordt gebruikt, de batterijen uithalen en separaat bewaren. Door uitvloeien van elektrolyt van de batterij kan de weegschaal worden beschadigd. Indien een optionele accu toegankelijk is, kan deze door een afzonderlijke contactdoos in de batterijcontainer worden aangesloten. Men dient dan tevens de met de accu geleverde netadapter te gebruiken. 5.5 Randapparatuur aansluiten Vóór aansluiten of afkoppelen van extra apparatuur (printer, computer) aan de gegevensinterface dient de weegschaal noodzakelijk van netwerk te worden gescheiden. Alleen accessoires en randapparatuur van de firma KERN die optimaal aan de weegschaal worden aangepast, mogen met de weegschaal worden gebruikt.
5.6 Eerste ingebruikname Om precieze weegresultaten met behulp ban elektronische weegschalen te krijgen dienen ze een juiste werkingstemperatuur te bereiken (zie “Opwarmingstijd”, hoofdstuk 1). Tijdens opwarming moet de weegschaal elektrisch gevoed worden (contact, accu of batterij). De nauwkeurigheid van de weegschaal is van lokale valversnelling afhankelijk. Men dient de voorschriften van het hoofdstuk "Justeren” absoluut te volgen. Accuaansluiting Batterijaansluiting
15 PCD-BA-nl-1614 5.7 Liniarisatie (enkel bij de modellen PCD 250-3, PCD 2500-2, PCD 300-3, PCD 3000-2) De lineariteit betekent de grootste afwijking van de gewichtsaanduiding van de weegschaal ten opzichte van de gewichtswaarde van een bepaald controlegewicht, in plus en in minus, in het gehele weegbereik. Nadat een afwijking van de lineariteit door toezicht over de controlemiddelen wordt vastgesteld, is de verbetering daarvan mogelijk door liniarisatie. • De liniarisatie kan uitsluitend door een vakkkundige met grondige kennis van weegschalen worden doorgevoerd. • De gebruikte controlegewichten moeten overeenstemmen met de specificatie van de weegschaal, zie hoofdstuk 3.4 "Toezicht over controlemiddelen". • Voor stabiele omgevingsomstandigheden zorgen. Vereiste opwarmingstijd verzekeren voor stabilisatie van de weegschaal.
PCD-BA-nl-1614 16 De toets zo lang drukken totdat de melding “LinEAr” verschijnt. Geen voorwerpen mogen zich op het weegschaalplateau bevinden. De lineariteit beginnen door de toets te drukken. Het wordt de gewichtswaarde van het eerste justeergewicht afgelezen. (voorbeeld) Het justeergewicht plaatsen en met de toets bevestigen. Op de weegschaal verschijnt de nulaanduiding. Het justeergewicht afnemen. Het wordt in een ogenblik de gewichtswaarde van het tweede justeergewicht afgelezen. (voorbeeld) Het justeergewicht plaatsen en met de toets bevestigen. Op de weegschaal verschijnt de nulaanduiding. Het justeergewicht afnemen. Het wordt in een ogenblik de gewichtswaarde van het derde justeergewicht afgelezen. (voorbeeld) Het derde justeergewicht plaatsen en met de toets bevestigen. Op de weegschaal verschijnt de nulaanduiding. Het justeergewicht afnemen.
Het wordt in een ogenblik de gewichtswaarde van het vierde justeergewicht afgelezen. (voorbeeld) Het vierde justeergewicht plaatsen en met de toets bevestigen. Op de weegschaal verschijnt de nulaanduiding. Het justeergewicht afnemen. Het wordt in een ogenblik de gewichtswaarde van het vijfde justeergewicht afgelezen. (voorbeeld)
17 PCD-BA-nl-1614 Het vijfde justeergewicht plaatsen en met de toets bevestigen. Op de weegschaal verschijnt de nulaanduiding. Het justeergewicht afnemen. Daarna verschijnt de aanduiding „CAL F”. De weegschaal wordt vervolgens automatisch uitgeschakeld. Hiermee wordt de liniaristatie met succes beëindigd. Bij een fout van de lineariteit of gebruik van onjuist justeergewicht verschijnt op de display een foutmelding, de lineariteit herhalen.
PCD-BA-nl-1614 18 5. 8 Justeren Omdat de waarde van de valversnelling niet op elke plek op aarde gelijk is, dient elke weegschaal aangepast te worden - conform de weegregel voortvloeiende uit regels van natuurkunde - aan de valversnelling op de plaats van installatie van de weegschaal (enkel indien de weegschaal niet eerder in fabriek is gejusteerd op de plaats van installatie). Een dergelijk justeerproces dient men uit te voeren bij eerste ingebruikname, na elke wijziging van locatie van de weegschaal als ook bij temperatuurschommelingen van de omgeving. Om nauwkeurige meetwaarden te bereiken is het aanbevolen om aanvullend cyclisch de weegschaal te justeren ook in de weegmodus. 5. 9 Justeren Het justeren dient te worden uitgevoerd met behulp van het aanbevolen kalibratiegewicht (zie hoofdstuk 1“ Technische gegevens”).
Het justeren mag tevens worden uitgevoerd met behulp van gewichten met andere nominale waarden (zie tabel 1), het is echter meettechnisch niet optimaal. Handelingen tijdens justeren: Voor stabiele omgevingsomstandigheden zorgen. Vereiste opwarmingstijd verzekeren (zie hoofdstuk 1) voor de stabilisatie van de weegschaal. De weegschaal met de toets ON/OFF aanzetten. De toets MODE drukken en zo lang gedrukt houden totdat op display het symbool “CAL” kort verschijnt. Vervolgens verschijnt op display de blinkende, nauwkeurige waarde van het gekozen kalibratiegewicht (zie hoofdstuk 8. 3. 3). Het kalibratiegewicht in het midden van het weegplateau plaatsen. De toets SET drukken. Kort daarna verschijnt de melding “CAL F” en vervolgens keert de weegschaal automatisch naar de weegmodus. Op de display verschijnt de waarde van het kalibratiegewicht.
Bij een justeerfout of een onjuist kalibratiegewicht verschijnt op display de melding “CAL E”. Het justeren herhalen. Het kalibratiegewicht naast de weegschaal bewaren.
19 PCD-BA-nl-1614 6 Bedienelementen 6.1 Aanduidingoverzicht 6.2 Toetsenbordoverzicht Toets Bepaling Functie Toets PRINT • Weeggegevens door interface doorgeven • Het menu opvragen (de toets gedrukt houden totdat het menu UNIT verschijnt) De toets SET • De instellingen in het menu bevestigen • Het menu opslaan en verlaten De toets MODE • Keuze van de menupunten • De instellingen in het menu wijzigen • Justeren De toets TARE • Tarreren De toets ON/OFF • Aan-/uitzetten
PCD-BA-nl-1614 20 7 Basismodus 7.1 Aanzetten ONOFF De toets ON drukken. De weegschaal wordt zelfgediagnosticeerd. De weegschaal is paraat direct nadat de gewichtsaanduiding verschijnt. 7.2 Uitzetten ONOFF De toets OFF drukken, de display verdwijnt. 7.3 Wegen Het gewogen materiaal opleggen. Nadat een stabilisatiecontrole wordt voltooid en de stabilisatietoestand positief wordt beoordeeld, verschijnt aan de rechter kant van de display de weegeenheid (bv. g of kg). Het weegresultaat aflezen. Indien het gewogen materiaal zwaarder is dan het weegbereik, verschijnt op display het symbool “Error” (= overbelasting).
21 PCD-BA-nl-1614 7.4 Tarreren De lege weegschaalcontainer leggen, het gewicht van de weegschaalcontainer verschijnt. TA R E De toets TARE drukken, op nulaanduiding wachten. Het tarragewicht blijft opgeslagen totdat het gewist wordt. Het gewogen materiaal wegen, het netto gewicht verschijnt. Het tarreren kan willekeurige aantal keren worden herhaald, bijvoorbeeld bij het wegen van enkele ingrediënten van een mengsel (bijwegen). De grens wordt bereikt op het moment dat het hele weegbereik wordt gebruikt. Nadat de weegschaalcontainer wordt weggenomen, verschijnt zijn gewicht als een negatieve aanduiding. Het tarragewicht blijft gememoriseerd totdat het gewist wordt. Tarra wissen TA R E De weegschaal ontlasten en de toets TARE drukken, op nulaanduiding wachten.
PCD-BA-nl-1614 22 7.5 Functie Pre-Tare MODECAL Door deze functie wordt het mogelijk het gewicht van de tarracontainer op te slaan. Na uit- en aanzetten werkt de weegschaal steeds met de gememoriseerde tarrawaarde. In de weegmodus de tarracontainer op het weegplateau stellen. De toets MODE meermals drukken totdat de blinkende melding “PtArE” verschijnt. Met de toets SET het actuele gewicht dat zich op het weegplateau bevindt, als PRE-TARRA waarde opslaan De PRE-TARRAWAARDE wissen MODECAL Met de toets TARE de weegschaal ontlasten en op nul zetten. De toets MODE meermals drukken totdat de blinkende melding “PtArE” verschijnt. Met de toets SET bevestigen. De PRE-TARRA waarde wordt gewist, de nulaanduiding verschijnt. 7.6 Plus/minus wegen TA R E Bijvoorbeeld voor controle van het stukgewicht, controle tijdens de productie, etc.
Het aangegeven gewicht op het weegschaalplateau leggen en met de toets TARE tarreren. Het aangegeven gewicht afnemen. De gecontroleerde voorwerpen achter elkaar op het weegschaalplateau leggen, elke afwijking van het aangegeven gewicht wordt met het juiste waardeteken “+” en “-“ afgelezen. Op dezelfde manier kunnen tevens verpakkingen worden geproduceerd met hetzelfde gewicht ten opzichte van het aangegeven gewicht. Nadat de toets TARE wordt gedrukt, keert het apparaat terug naar de weegmodus.
23 PCD-BA-nl-1614 7.7 Optellen MODECAL SETM Bij optellen van stuks kan men de in de container toegevoegde elementen bijtellen of de uit de container gehaalde elementen aftellen. Om het tellen van grotere aantallen mogelijk te maken dient het gemiddelde gewicht van één element te worden bepaald met behulp van klein aantal elementen (referentieaantal). Hoe groter het referentieaantal hoe preciezer het optellen. Ingeval van zeer kleine of verschillende elementen moet de referentiewaarde bijzonder groot zijn. Hoe groter het referentieaantal hoe preciezer het optellen. De handeling gebeurt in vier stappen: de weegschaalcontainer tarreren, aantal referentiestuks bepalen, het referentiegewicht wegen, optellen. In de weegmodus de toets MODE kort drukken. Het blinkende actuele aantal referentiestuks “5PCS” verschijnt.
Door de toets MODE meermals te drukken wordt het opvragen van de volgende aantallen referentiestuks mogelijk: 5, 10, 20, 25 en 50. Zo veel te tellen elementen op de weegschaal opleggen als vereist in overeenstemming met het ingestelde aantal referentiestuks. Met de toets SET bevestigen. De weegschaal staat vanaf nu in de optelmodus en telt alle elementen samen die zich op het weegplateau bevinden. • Terug naar de weegmodus de toets MODE drukken. • Foutmelding “Er 1” De onderste grens van het minimale elementengewicht overschreden, zie hoofdstuk 1 "Technische gegevens”. De toets MODE drukken en de bepaling van de referentiewaarde opnieuw starten. • Tarreren De tarracontainer kunnen ook bij het optellen worden gebruikt. Voor het optellen de tarracontainer met de toets TARE tarreren.
PCD-BA-nl-1614 24 7.8 Netto-totaal wegen SETM Gebruikt bij wegen in een tarracontainer van een mengsel van enkele ingrediënten, en uiteindelijk vereist voor controle van het totale gewicht van alle gewogen ingrediënten (netto-totaal, d.w.z. zonder het gewicht van de tarracontainer). Voorbeeld: 1. De tarracontainer op het weegschaalplateau stellen. De toets TARE drukken, op nulaanduiding wachten. 2. Ingrediënt wegen. De toets SET drukken, op nulaanduiding wachten. Bij de linker rand van de display verschijnt het symbool []. 3. Ingrediënt wegen, de toets SET drukken. De waarde netto-totaal (som van de gewichten van de ingrediënten en ) verschijnt. 4. De toets SET opnieuw drukken, op nulaanduiding wachten. 5. Ingrediënt wegen, de toets SET drukken. De waarde netto-totaal (som van de gewichten van de ingrediënten , en ) verschijnt.
Indien nodig het recept naar de gewenste eindwaarde aanvullen. Voor elk volgend ingrediënt de stappen 4-5 herhalen. Nadat de toets TARE wordt gedrukt, keert het apparaat terug naar de weegmodus.
25 PCD-BA-nl-1614 7.9 Percentagebepaling MODECAL SETM Door bepaling van percenten is het mogelijk om het gewicht in percenten af te lezen, ten aanzien van het referentiegewicht gelijk aan de waarde 100%. In de weegmodus de toets MODE meermals drukken totdat op de display de blinkende waarde “100%” verschijnt. Het referentiegewicht gelijk aan de waarde 100% opleggen. De referentiewaarde opslaan door de toets SET te drukken. Wanneer de aanduiding niet meer blinkt, het referentiegewicht afnemen. Het gewogen materiaal opleggen. Het monstergewicht verschijnt in percenten, ten aanzien van het referentiegewicht. Nadat de toets MODE wordt gedrukt, keert het apparaat terug naar de weegmodus.
PCD-BA-nl-1614 26 8 Menu 8.1 Navigatie in het menu Ingang tot het menu In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de melding “Unit” verschijnt. P R IN T Keuze van de menupunten De afzonderlijke menupunten kunnen achter elkaar worden gekozen door de toets MODE te drukken. MODECAL Wijziging van de instellingen De gekozen menupunt met de toets SET bevestigen, de actuele instelling verschijnt. De instelling kan met de toets MODE worden gewijzigd. Nadat de toets MODE elke keer wordt gedrukt, wordt de volgende instelling afgelezen, zie hoofdstuk 8.2 “Menuoverzicht”. SETM MODECAL 1. De wijziging van de menupunt opslaan en het menu verlaten De toets SET drukken, de weegschaal wordt terug in de weegmodus gezet. SETM
PCD-BA-nl-1614 28 Opslaan/wissen en het menu verlaten Of De ingevoerde wijzigingen me te toets SET (ja) opslaan. De weegschaal wordt automatisch terug naar de weegmodus gezet. of Om de wijzigingen te wissen de toets PRINT (nee) drukken. De weegschaal wordt automatisch terug naar de weegmodus gezet. SETM Opslaan SETM Wissen PRINT
29 PCD-BA-nl-1614 8.2 Menuoverzicht Functieomschrijving Functie Parameter Omschrijving van de keuzemogelijkheid Omschakelen van weegeenheden (zie hoofdstuk 8.3.1) UNIT g* gram oz pond ozt ons ct karaat (afhankelijk van model) tlh tael (Hongkong) tlt tael (Taiwan) gn grain (afhankelijk van model) dwt pennyweight (afhankelijk van model) mo momme Tol tola FFA willekeurig gekozen index Modus gegevenstransmissie (zie hoofdstuk 8.4.1) PR rE CR* gegevensuitgave met behulp van bevelen van afstandbediening (zie hoofdstuk 9.3) Pr PC gegevensuitgave door de toets PRINT te drukken (zie hoofdstuk 9.3) AU PC constante gegevensuitgave (zie hoofdstuk 9.3) bA Pr barcodes naar de printer uitgeven (zie hoofdstuk 9.4) AU Pr automatische gegevensuitgave voor stabiele weegwaarden (zie hoofdstuk 9.3) Keuze van de uitdrukgegevens (zie hoofdstuk 8.4.2) LAPr Hdr* opschrift printen GrS het totale gewicht printen Net het netto gewicht printen tAr het tarragewicht printen N7E het opgeslagen gewicht printen PCS aantal stuks printen AUJ stukgewicht printen Rqt aantal referentiestuks printen FFd bevel voor verschuiving van de pagina bij starten van de printopdracht FFE bevel voor verschuiving van de pagina bij voltooien van de printopdracht
5.7) LinEAr * afhankelijk van model Verlichte achtergrond van de display (zie hoofdstuk 8.3.4) bL on* verlichte achtergrond aan off verlichte achtergrond uit CH De verlichte achtergrond wordt automatisch uitgeschakeld 10 seconden nadat de stabiele weegwaarde wordt bereikt Functie dieren wegen (zie hoofdstuk 8.3.5) ANL off* uit 3 tijdsinterval 3 s 5 tijdsinterval 5 s 10 tijdsinterval 10 s 15 tijdsinterval 15 s Voetpedaal (zie hoofdstuk 8.3.6) FOOt S tAr Tarreren van de weegschaal door het voetpedaal te drukken Pr De weegwaarde printen door het voetpedaal te drukken Naar fabriekinstellingen terugzetten (zie hoofdstuk 8.3.7) rSt no* nee yes ja * = fabriekinstelling
Om de coëfficiënt in te voeren de toets SET drukken, de actieve positie blinkt. Met de toets MODE wordt de afgelezen waarde met 1 vergroot en met de toets PRINT met 1 verkleind. Met de toets TARE het cijfer links kiezen. De ingevoerde waarde met de toets SET bevestigen. Door de toets SET meermals te drukken wordt de actuele weegeenheid als “willekeurig gekozen index” overgenomen.
PCD-BA-nl-1614 32 8.3.2 Doseren en zero tracking Door de functie automatisch op nul zetten (Auto-Zero) is het mogelijk om kleine gewichtschommelingen automatisch te tarreren. Indien de hoeveelheid gewogen materiaal enigszins verminderd of vergroot wordt, kan het in de weegschaal geplaatste “compensatie en stabilisatie” mechanisme uitlezing van foutieve weegresultaten veroorzaken! (Voorbeeld: de vloeistof vloeit langzaam van de container uit die op de weegschaal is geplaatst). Tijdens doseren met kleine gewichtschommelingen is het aanbevolen om deze functie uit te zetten. Nadat zero tracking wordt uitgezet, wordt de weegschaalaanduiding echter onstabiel. In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de melding “Unit” verschijnt. De toets MENU meermals drukken totdat het menu “tr” verschijnt. Met de toets SET bevestigen, de actuele instelling verschijnt.
33 PCD-BA-nl-1614 8.3.3 Keuze van het kalibratiegewicht Bij de modellen serie KERN PCD kan het kalibratiegewicht van vier vooraf bepaalde nominale waarden worden gekozen (ca. 1/4; 1/2; 3/4; Max.) (zie tabel onderaan, de fabriekinstellingen met grijze achtergrond) Om de meest waardevolle voor meettechniek weegresultaten te bereiken is het aanbevolen om de mogelijk grootste nominale waarde te kiezen. Optioneel kan naar de kalibratiegewichten worden verwezen die niet door de firma KERN worden geleverd. In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de melding [Unit] verschijnt. De toets MENU meermals drukken totdat het menu “CAL” verschijnt. Met de toets SET bevestigen, de actuele instelling verschijnt. Met de toets MODE de gewenste instellingen kiezen. De keuze met de toets SET bevestigen.
PCD-BA-nl-1614 34 8.3.4 Filter (behalve PCD 10K-3) (voorbeeld) Door deze menupunt is het mogelijk om de weegschaal aan bepaalde omgevingsomstandigheden en metingsdoeleinden aan te passen. In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de aanduiding “Unit” verschijnt. De toets MENU meermaals drukken zodat de aanduiding “StAbiL” verschijnt. Met de toets SET bevestigen, de actuele instelling verschijnt. De gewenste instelling met de toets MODE kiezen. 1 Filter 1: De weegschaal reageert gevoelig en snel, een zeer rustige locatie. 2 Filter 2: De weegschaal reageert ongevoelig maar traag, onrustige locatie. 3 Filter 3: De weegschaal reageert ongevoelig maar traag, onrustige locatie. De keuze met de toets SET bevestigen.
35 PCD-BA-nl-1614 8.3.5 Verlichte achtergrond In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de melding “Unit” verschijnt. De toets MENU meermals drukken totdat het menu “bl” verschijnt. Met de toets SET bevestigen, de actuele instelling verschijnt. Met de toets MODE de gewenste instellingen kiezen. bl on verlichte achtergrond aan een contrastaanduiding die ook in het donker kan worden afgelezen bl off verlichte achtergrond uit accubesparing bl Ch de verlichte achtergrond wordt automatisch uitgeschakeld 10 seconden nadat de stabiele weegwaarde wordt bereikt accubesparing De keuze met de toets SET bevestigen.
PCD-BA-nl-1614 36 8.3.6 Functie dieren wegen De functie dieren wegen kan bij onrustige wegingen worden gebruikt. Binnen een bepaald tijdsinterval wordt een gemiddelde waarde van de weegresultaten geschapen. Hoe onstabieler het gewogen materiaal, hoe langer tijdsinterval dient te worden gekozen. In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de melding “Unit” verschijnt. De toets MENU meermals drukken totdat het menu “ANL” verschijnt. Met de toets SET bevestigen, de actuele instelling verschijnt. Met de toets MODE de gewenste instellingen kiezen. ANL 3 tijdsinterval 3 s ANL 5 tijdsinterval 5 s ANL 10 tijdsinterval 10 s ANL 15 tijdsinterval 15 s ANL off dieren wegen inactief De keuze met de toets SET bevestigen. Het gewogen materiaal (dier) op het weegschaalplateau stellen en de toets SET drukken. Op display verloopt het “aftellen”.
Op display wordt de gemiddelde waarde van de weegresultaten afgelezen. Door de toets SET is het mogelijk om tussen dieren wegen en normaal wegen om te schakelen. Door de toets SET te drukken wordt de cyclus dieren wegen opnieuw gestart.
37 PCD-BA-nl-1614 8.3.7 Voetpedaal Het voetpedaal dient om de weegwaarden naar de printer of naar de computer door te sturen. Optioneel maakt het ook tarreren mogelijk. Aansluiting en bediening wordt in de gebruiksaanwijzing van het voetpedaal weergegeven. 8.3.8 Naar fabriekinstellingen terugzetten Met deze functie worden alle instellingen in het menu naar fabriekinstellingen teruggezet. In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de melding “Unit” verschijnt. De toets MENU meermals drukken totdat het menu ” rSt” verschijnt. Met de toets SET bevestigen, de actuele instelling verschijnt. Met de toets MODE de gewenste instellingen kiezen. rSt yes de fabriekinstellingen van de weegschaal worden teruggezet rSt no de individuele weegschaalinstellingen worden bewaard De keuze met de toets SET bevestigen. De weegschaal wordt terug naar de weegmodus gezet.
PCD-BA-nl-1614 38 8.4 Parameters van de interface De gegevens worden via interface RS 232 C uitgegeven. Algemene informatie Een voorwaarde voor de gegevenstransmissie tussen de weegschaal en het randapparaat (bv. printer, computer, …) is de instelling van gelijke interfaceparameters voor beide apparaten (bv. transmissiesnelheid, transmissiemodus, …). 8.4.1 Modus gegevenstransmissie In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de melding “Unit” verschijnt. De toets MENU meermals drukken totdat het menu “Pr” verschijnt. Met de toets SET bevestigen, de actuele instelling verschijnt. Met de toets MODE de gewenste instellingen kiezen.
39 PCD-BA-nl-1614 8.4.2 Afdruk Door de functie is het mogelijk om gegevens te selecteren die via interface RS232C worden verstuurd. (niet van toepassing op de modus gegevenstransmissie BAPr). In de weegmodus de toets PRINT drukken en zo lang gedrukt houden totdat de melding “Unit” verschijnt. De toets MENU meermals drukken totdat het menu “LAPr” verschijnt. Met de toets SET bevestigen, de actuele instelling verschijnt. Met de toets MODE de gewenste printparameters kiezen.
Hdr opschrift printen GrS het totale gewicht printen Net het netto gewicht printen tAr het tarragewicht printen N7E het opgeslagen gewicht printen PCS aantal stuks printen AUJ stukgewicht printen Rqt aantal referentiestuks printen FFd bevel voor verschuiving van de pagina bij starten van de printopdracht FFE bevel voor verschuiving van de pagina bij voltooien van de printopdracht De keuze met de toets SET bevestigen, de actuele status (on/off) verschijnt. De status wordt gewijzigd met de toetsen MODE en PRINT: “on ”. De keuze met de toets SET bevestigen. De weegschaal wordt terug naar de weegmodus gezet. Op dezelfde manier kan een gebruiker eigen gegevensblokken configureren die later naar de printer of naar de computer worden gestuurd.
41 PCD-BA-nl-1614 9 Interface RS 232 C 9.1 Technische gegevens 8-bit code ASCII 1 startbit, 8 gegevensbits, 1 stopbit, geen pariteit; gekozen transmissiesnelheid: 1200, 2400, 4800, 9600 en 19200 baud; miniatuurstekker (9-pin, D-Sub) vereist; Een storingvrij interfacebedrijf wordt enkel verzekerd bij toepassing van een juiste interfaceleiding van de firma KERN (max. 2 m). 9.2 Pinvastlegging van het uitgangscontact van de weegschaal Aanzicht vooraan: 5 1 9 6 Pin 2: Gegevenstransmissie (Transmit data) Pin 3: gegevensontvangst (Receive data) Pin 5: gewicht (Signal ground)
43 PCD-BA-nl-1614 rE Cr: De bevelen van afstandsbediening s/w/t worden verstuurd van de afstandsbediening naar de weegschaal in de vorm van een ASCII code. Nadat de weegschaal de bevelen s/w/t ontvangt, verstuurt de weegschaal de volgende gegevens. Men dient daarbij op te letten dat de onderaan vermelde bevelen van afstandsbediening zonder de daaropvolgende tekens CR LF dienen te worden verstuurd. s Functie: Via interface RS232 wordt een stabiele gewogen gewichtswaarde verstuurd. w Functie: Via interface RS232 wordt een (stabiele of instabiele) gewogen gewichtswaarde verstuurd. t Functie: Geen gegevens worden verstuurd, de weegschaal voert de tarreerfunctie uit. h. Formaat bij stabiele gewichtswaarde/aantallen stuks/ percentagewaarde 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 M S N1 N2 N3 N4 N5 N6 N7 N8 N9 N10 B U1 U2 U3 CR LF i.
PCD-BA-nl-1614 44 Symbolen 9.4 Uitgave van de barcodes naar de printer De modus gegevenstransmissie dient te worden ingesteld op “BA Pr” (zie hoofdstuk 8.4.1). De standaardprinter van de barcodes is de printer Zebra model LP2824. Men dient daarbij op te letten dat het uitgangsformaat vast is gedefinieerd en niet kan worden gewijzigd, Het afdrukformaat is in de printer opgeslagen. Dat betekent dat een beschadigde printer niet zomaar door een nieuwe kan worden vervangen, maar in de firma KERN moet eerder juiste software worden geïnstalleerd. De printer Zebra en de weegschaal dienen te worden aangesloten als ze uitgezet zijn met behulp van de meegeleverde interfacekabel. Nadat beide toestellen worden aangezet en paraat zijn, wordt een etiket geprint elke keer nadat de toets PRINT wordt gedrukt.
45 PCD-BA-nl-1614 10 Onderhoud, behouden van werkprestatie, verwijderen 10.1 Reinigen Voordat met alle werkzaamheden wordt gestart verbonden met onderhoud, reinigen en reparatie, dient het toestel van de bedrijfsspanning te worden ontkoppeld. Men dient geen agressieve reinigingsmiddelen te gebruiken (oplosmiddel, e.d.) maar het apparaat enkel met een doekje reinigen met lichte zeeploog. Men dient daarbij op te letten dat het vloeistof niet binnen het toestel doordringt en na reinigen de weegschaal drogen met een zacht doekje. Elementen uit roestvast staal met een zacht doekje met acht reinigingsmiddel voor roestvast staal reinigen. Voor elementen uit roestvast staal geen reinigingsmiddelen gebruiken die natronloog, azijnzuur, zoutzuur of citroenzuur bevatten. Geen stalen borstels of sponzen uit staalwol gebruiken omdat deze tot corrosie van de oppervlakte kunnen leiden.
10.2 Onderhoud, behouden van werkprestatie Het toestel mag enkel door geschoolde en door de firma KERN gekeurde medewerkers worden bediend en onderhouden. Controleren of de weegschaal regelmatig gekalibreerd wordt, zie hoofdstuk “Toezicht over controlemiddelen”. 10.3 Verwijderen Verpakking en toestel dienen conform de landelijke of regionale wetgeving geldig op de gebruikslocatie van het toestel te worden verwijderd.
PCD-BA-nl-1614 46 11 Hulp bij kleine storingen Bij storingen van programmaloop dient de weegschaal kort te worden uitgeschakeld en van netwerk gescheiden. Vervolgens het weegproces opnieuw starten. Hulp: Storing Mogelijke oorzaak Gewichtsaanduiding brandt niet. • De weegschaal staat niet aan. • Onderbroken verbinding met het netwerk (voedingskabel niet aangesloten/beschadigd). • Gebrek aan netwerkspanning. • De batterij onjuist ingezet of leeg. • Geen batterij. Gewichtsaanduiding verandert continu. • Tocht/luchtbeweging • Tafel-/grondvibratie. • Het weegplateau is in contact met vreemde lichamen. • Elektromagnetische velden/statische ladingen (andere instellingplaats voor de weegschaal kiezen/indien mogelijk het apparaat uitzetten dat storingen veroorzaakt) Weegresultaat is duidelijk foutief. • Weegschaalaflezing is niet op nul gesteld. • Onjuist justeren.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Kern PCD 300-3 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Weegschaal Kern
Alle Kern Weegschaal handleidingen