Junkers Cerastar ZR 24 AE Handleiding

Junkers CV Ketel Cerastar ZR 24 AE

Bekijk gratis de handleiding van Junkers Cerastar ZR 24 AE (34 pagina’s), behorend tot de categorie CV Ketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 26 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Junkers Cerastar ZR 24 AE of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/34
Technische en praktische voorschriften
Prescriptions techniques et pratiques
ZR/ZWR/ZSR 24 AE CERASTAR
gasketels met elektronische ontsteking - met gestuwde afvoer
chaudières avec allumage électronique - à tirage forcé
Een onberispelijke werking kan slechts dan gewaarborgd
worden, wanneer de technische voorschriften strikt opge-
volgd worden. Wijzigingen voorbehouden.
Wij verzoeken U deze voorschriften aandachtig te lezen en
ze aan de gebruiker te overhandigen. Deze laatste dient ze
zorgvuldig te bewaren.
DE INSTALLATIE, DE INBEDRIJFSTELLING, HET
ONDERHOUD EN DE NAVERKOOPSERVICE MOETEN
DOOR EEN ERKENDE INSTALLATEUR GEBEUREN.
Un fonctionnement impeccable ne peut être garanti que
lorsque les prescriptions sont strictement observées. Sous
serve de modifications.
Deze gaswandketels dragen het keurmerk :
Ces chaudières murales sont agréées :
cat. I2E+(aardgas / gaz naturel)
cat. I3+(vloeibaar gas / gaz liquide)
Nous vous prions de bien vouloir lire attentivement ces
prescriptions, de les remettre à l'utilisateur et de lui con-
seiller de les conserver soigneusement.
L'INSTALLATION, LA MISE EN SERVICE, L’ENTRETIEN
ET LE SERVICE APRES-VENTE DOIVENT ETRE
EFFECTUES PAR UN INSTALLATEUR AGREE.
nv SERVICO sa
Kontichsesteenweg 60
2630 AARTSELAAR
TEL :03 887 20 60
FAX : 03 877 01 29
Deutsche Fassung auf Anfrage erhältlich
6 720 604 251 (8.2002 BL)

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Junkers
Categorie: CV Ketel
Model: Cerastar ZR 24 AE

Handleiding Junkers Cerastar ZR 24 AE – volledige tekst

Technische en praktische voorschriften Prescriptions techniques et pratiques ZR/ZWR/ZSR 24 AE CERASTAR gasketels met elektronische ontsteking - met gestuwde afvoer chaudières avec allumage électronique - à tirage forcé Een onberispelijke werking kan slechts dan gewaarborgd worden, wanneer de technische voorschriften strikt opge-volgd worden. Wijzigingen voorbehouden. Wij verzoeken U deze voorschriften aandachtig te lezen en ze aan de gebruiker te overhandigen. Deze laatste dient ze zorgvuldig te bewaren. DE INSTALLATIE, DE INBEDRIJFSTELLING, HET ONDERHOUD EN DE NAVERKOOPSERVICE MOETEN DOOR EEN ERKENDE INSTALLATEUR GEBEUREN. Un fonctionnement impeccable ne peut être garanti que lorsque les prescriptions sont strictement observées. Sous réserve de modifications. Deze gaswandketels dragen het keurmerk : Ces chaudières murales sont agréées : cat. I2E+ (aardgas / gaz naturel) cat.

5. INSTALLATIE 5. INSTALLATION Algemeen Dit toestel dient door een bevoegd installateur te worden geplaatst. Hij dient zich te houden aan de geldende nationale en plaatselijke voorschriften. In geval van twijfel dient hij zich te informeren bij de officiële instanties of bij SERVICO nv. Généralités Cet appareil doit être placé par un installateur compétent. Il doit se conformer aux normes et prescriptions nationales et locales en la matière. En cas de doute il doit se renseigner auprès des instances officielles ou auprès de SERVICO sa. Belangrijk Het toestel waterpas hangen. Let erop de volgende minimumafstanden te voorzien : • tussen toestel en plafond 30 cm • onder het toestel minimum 30 cm • rondom het toestel 10 cm Het toestel moet in een vorstvrije ruimte geïnstalleerd worden. Het toestel kan zelfs gemonteerd worden in ruimten met agressieve dampen (bv.

sprays) of in ruimten waarin kunststoffen of lakken verwerkt worden. Om corrosie te vermijden mag de verbrandingslucht voor de ketel evenwel geen agressieve dampen bevatten. Ketels op vloeibaar gas : Aangezien vloeibaar gas zwaarder is dan lucht, moeten deze toestellen en de leidingen steeds in ruimten met een benedenverluchting boven de begane grond, geplaatst worden. Het toestel moet overeenkomstig de voorschriften van het A. R. E. I. geïnstalleerd worden. Het toestel is IPX 4 gekeurd en mag niet boven bad of douche, maximum in het beschermingsvolume, geplaatst worden. In geen geval het toestel tegen een wand uit brandbaar materiaal plaatsen. Brandbare stoffen moeten vuurwerend bekleed worden. De maximale temperatuur van de buitenmantel ligt onder de 85°C, zodat er behalve voor omkastingen (zie fig. 7) geen speciale voorzorgsmaatregelen moeten genomen worden.

5. 2 Bevestiging van het toestel Voorzie de twee ophanghaken zoals aangeduid in fig. 1 op blz. 3. 5. 2 Fixation de l'appareil Prévoyez les deux crochets comme indiqué en fig. 1 à la page 3. 5. 3 Montageplaat Bij de gasketel hoort deze afzonderlijk verpakte en eventueel vooraf leverbare montageplaat waarmee de leidingen reeds kunnen gemonteerd worden zonder het toestel. De verbinding tussen gasketel en montageplaat gebeurt met vijf (ZWR/ZSR. ) of met drie dichtingen (ZR. ). Deze zijn opgehangen aan de onderkant van de gasketel. De afsluitkranen vergemakkelijken in belangrijke mate de eventuele demontage van de ketel. Bij ketels ZWR… en ZSR… dient U de volledige set te gebruiken. Bij ketels ZR… worden de sanitaire afsluitkraan (5) en de nippel (2) niet gebruikt. 5. 3 Plaque de montage Cette plaque de montage, en emballage séparé, fait partie de la chaudière.

5. 4 Hydraulische aansluiting De doormeter van de leidingen dient te worden berekend volgens de behoeften van het toestel en van de installatie. De installatie moet voor de plaatsing van de ketel worden doorgespoeld. De installatie van gegalvaniseerde radiatoren en/of lei-dingen wordt afgeraden omwille van gasvorming in de installatie. Bij vloerverwarming met kunststofbuizen en radiatoren aangesloten met kunststofbuizen moet een beschermproduct toegevoegd worden of dienen alleen corrosievrije materialen te worden gebruikt. Eventueel kan JUNKERS ook een aangepaste ketel leveren. Gebruikte beschermproducten moeten door JUNKERS goedgekeurd zijn. Goedgekeurde producten zijn : - Varidos KK (Hoechst), - - HS Combi 2 (BWT-Wassertechnik). De door de leverancier voorgeschreven volumever-houding respecteren. Bij aluminiumradiatoren moet ook een beschermproduct gebruikt worden.

Raadpleeg hiervoor de leverancier van het product (bv. BWT-Wassertechnik of Hoechst) voor het juiste product en de correcte concentraties. Bij de installatie van een gasketel in niet bestendig be-woonde huizen moet een vorstwerend middel "Glycoline Longlife" (leverbaar door Servico) bij het installatiewater in de gepaste volumeverhouding, toegevoegd worden. Bij toestellen ZWR moet, bij vorstgevaar, de sanitaire kringloop geledigd kunnen worden door middel van een, apart te voorzien, leegloopkraantje. Dichtingproducten, om kleine lekken in de installatie tegen te gaan, mogen onder geen enkele voorwaarde in de ketel terecht komen. De hierdoor ontstane schade valt buiten de waarborgvoorwaarden. De plaatsing van een terugslagklep in de sanitaire koud-watertoevoer rechtstreeks onder het toestel is af te raden.

Wanneer deze terugslagklep door de waterbedelings-maatschappij verplicht wordt, moet men de nodige maatregelen treffen om de maximaal toegelaten werkdruk van 12 bar in de sanitaire kring van de ketel niet te overschrijden. Plaats ofwel een klein expansievat ofwel een veiligheidsgroep (max.

Overdrukventiel Dit is in de ketel ingebouwd. Het is aan te raden een trechter te voorzien voor de afvoer van het expansiewater naar de riolering. Circulatiegeluiden Circulatiegeluiden kunnen door de montage van een drukverschiloverstroomventiel vermeden worden (bypass N° 263, bestelnummer 7 719 000 196). Expansievat De voordruk van het expansievat moet overeenkomen met de statische hoogte van de installatie. Bij een maximum vertrektemperatuur van 90°C is de maximale waterinhoud (lit) van de installatie afhankelijk van de statische hoogte (m) vanaf het toestel : Soupape de surpression Elle est incorporée dans la chaudière. Nous conseillons de prévoir un entonnoir pour l’évacuation de l’eau d’expansion vers l’égout.

Bruits de circulation Les bruits de circulation peuvent être évités par le montage d'une soupape de pression différentielle et de trop plein (by-pass N° 263, n° de commande 7 719 000 196). Vase d'expansion La pression initiale du vase d'expansion doit correspondre à la hauteur statique de l'installation. A la température de départ maximale de 90°C, la con-tenance d'eau maximale de l'installation (lit) dépend de la hauteur statique (m) à partir de l'appareil : statische hoogte (m) hauteur statique (m) 8 9 10 11 12 13 14 max. waterinhoud (lit) van de installatie contenance d’eau max. (lit) de l’installation 122 112 102 92 82 71 61 Door de druk in het expansievat, met behulp van het ventiel (fig. 4,5 & 6 nr. 26) tot 0,5 bar te beperken, kan in bijzondere gevallen capaciteitsuitbreiding verkregen wor-den. Indien nodig moet een bijkomend vat geïnstalleerd worden. En dévissant la soupape (fig.

5 Gasaansluiting Gasleiding De gasleidingen dienen gelegd te worden volgens de regels der kunst en de doormeter berekend volgens de norm NBN D 51-003. De gasleiding moet binnenin volledig zuiver zijn. Indien nodig de leiding doorblazen. Bij installaties op aardgas moet men de BGV-gekeurde gasafsluitkraan (in de verpakking van de montageplaat) gebruiken en rechtstreeks met de losse moer aansluiten op de gasbuis van het toestel. De butaan- -propaan installaties dienen strikt te beantwoorden aan de "HANDLEIDING VOOR DE INSTALLA-TEURS BUTAAN-PROPAAN" van de FEBUPRO. De bijgeleverde "lagedruk"-propaanafsluitkraan (met ronde knop) rechtstreeks met de losse moer aansluiten op de gasbuis van het toestel. Zie ook fig. 22. 5. 5 Raccordement gaz Conduite gaz Les conduites gaz doivent être installées suivant les règles de l'art et les sections calculées en fonction de la norme NBN D 51-003.

Vooraleer de gaskraan terug te openen, de gasleiding drukloos maken. Een gasdruk hoger dan 150 mbar kan de gasblok ernstig beschadigen. Is dit het geval, dan moet de volledige gasblok vervangen worden.

5. 6 Aansluitmogelijkheden van de rookgasafvoer Bij de gesloten toestellen mogen enkel de afvoersys-temen - aangeboden en geleverd door de fabrikant van de toestellen - gebruikt worden. Zij vormen één geheel bij de keuring van de toestellen. Bij het collectieve (CLV) systeem wordt de dubbel-wandige CLV-koker door de fabrikant van het systeem geleverd. De verbinding tussen toestellen en CLV-systeem moet ook door de fabrikant van de toestellen geleverd worden. Raadpleeg onze brochure “afvoersystemen concentrisch & excentrisch voor HR+ ketels” voor de montage. Voor de parallelle aansluiting (voor CLV en om afstanden van meer dan 4 meter te overbruggen) raden wij U aan onze technische dienst te raadplegen. 5.

• De schroef (X) losdraaien en verwijderen. • Het instelbare diafragma (256) zo verdraaien tot het gaatje van het overeenstemmende cijfer voor de diafragma-instelling (zie tabellen op blz. 13), verticaal staat. • Het verstelbare diafragma met de schroef (X) terug vastschroeven. • In de concentrische rookgasafvoer mogen geen bijkomend diafragma of remplaat gemonteerd worden. • Dévissez et enlevez la vis (X). • Tournez le diaphragme réglable (256) de façon à ce que le trou du chiffre correspondant au réglage du diaphragme (voir tableaux à la page 13), soit vertical. • Fixez le diaphragme réglable avec la vis (X). • Ne jamais monter un diaphragme supplémentaire ou une plaque de freinage dans l’évacuation des gaz brûlés concentrique. Fig. 10 12.

Verwijder de afdekplaat van de schakelkast. De bedrading door de daarvoor voorziene opening steken en met de bevestigingsklem vastzetten. Het toestel via de klemmen L, N en (fig. 13) aan het net aansluiten. Andere verbruikers mogen niet aftakken.

Fig. 13 155 pompschakelaar op de 24 V-printplaat 161 brug 8, 9 155 interrupteur du circulateur sur la plaque imprimée 24 V161 pont 8, 9 Fig. 14 X2 = 215 mm 5. 8. 2 Aansluiting regelaar HET IS VERBODEN NIET-JUNKERS REGELAPPA-RATUUR AAN TE SLUITEN. De voordelen van de modulerende regeling en de daaruit voortvloeiende gasbesparing, kunnen enkel bekomen worden met JUNKERS-kamerthermostaten van de series TR. 21. en TR 100 / TR 200 en met JUNKERS-weersafhankelijke regelingen van de serie TA 210. Deze regelaars worden aangesloten aan de klemmen 1, 2 en 4 (zie fig. 16). In dit geval moet de 24 V/DC-stuurleiding gescheiden gelegd worden van het 230 V/AC-net. De montageplaats van de regelaar (pilootruimte) moet geschikt zijn voor de temperatuurregeling van de volledige verwarmingsinstallatie. Meestal is dit de woonplaats.

De kamerthermostaat beveelt circulatiepomp en gasblok. De pompschakelaar op de 24 V-printplaat (155) is op schakelwijze II ingesteld. De vertrektemperatuurkiezer (136) beveelt enkel het gas. De pomp wordt na een nalooptijd van ongeveer 3 min uitgeschakeld.

Schakelwijze III : De circulatiepomp draait constant. Deze schakelwijze mag alleen gebruikt worden indien een inbouwbare buitenregeling TA 210 E gemonteerd werd. De inbouwbare buitenregeling wordt rechtstreeks aange-sloten aan klem (314) met de verbindingskabel, de schakelklok aan klem (318). Zie fig. 15. Le thermostat d'ambiance commande le circulateur et le bloc gaz. L'interrupteur du circulateur (155) sur la plaque imprimée 24 V est réglé sur la position de commande II. Le sélecteur de température (136) commande uniquement le gaz. Le circulateur est déclenché après une post-circulation d'environ 3 min. Position de commande III : Le circulateur tourne constamment. Cette position peut uniquement être choisie quand une régulation climatique incorporable TA 210 E est installée.

Fig. 15 303 klemmen voor NTC boiler 314 klemmen voor inbouwregelaar TA 210 E (24 V/DC) 303 bornes pour CTN boiler 314 bornes pour régulateur à ncorporer TA 210 E (24 V/DC) Fig. 16 aansluiting regelapparatuur raccordement régulation 5. 8. 3 Aansluiting van een indirect verwarmde boiler aan een ketel ZSR. De NTC- -voeler van de JUNKERS boiler aansluiten op de klemmen 303 van de printplaat (zie fig. 15). De aquastaat van de boiler SK 300 aansluiten aan de klemmen 7, 8 en 9 (zie fig. 17). Bij montage van niet-JUNKERS boilers moet een relais of een boileraquastaat met beschermde omschakelcontacten gebruikt worden. De warmtewisselaar van deze boiler moet ook groot genoeg zijn om het vermogen van de ketel te kunnen overdragen. 5. 8. 4 Voorrangsschakelaar sanitair (SH 27/.

) bestelnummer 7 719 000 217Wanneer de gasketel niet gelijktijdig met een badverwarmer kan werken, wordt - met de voorrangsschakelaar van de badverwarmer (optie) - - de gasketel automatisch uitgeschakeld tijdens de warmwaterbereiding. Verwijder de brug (161) tussen de klemmen 8 en 9. Aansluiten aan de klemmen 8 en 9 zoals aangeduid in fig. 18. Bij warmwaterafname moet de verbinding tussen 8 en 9 verbroken worden. 5. 8. 3 Raccordement d'un boiler à chauffage indirect à une chaudière ZSR. Raccordez la sonde CTN du boiler JUNKERS aux bornes 303 de la plaque imprimée (voir fig. 15). Raccordez l’aquastat du boiler SK 300 aux bornes 7,8 et 9 (voir fig. 17). En cas de montage des boilers non-JUNKERS on doit utiliser un relais ou un aquastat avec des contacts inver-seurs protégés pour boiler.

5.8.5 Cascaderegeling Twee tot drie gasketels kunnen in cascade geschakeld worden met de TAS 21 en de weersafhankelijke regelaar TA 210 A. 5.8.5 Régulation en cascade Deux ou trois chaudières peuvent fonctionner en cascade avec le TAS 21 et la régulation climatique TA 210 A. 5.8.6 Aansluiting aan vloerverwarming Zie fig. 19. Let op : temperatuurbegrenzer B2 van de vloerverwarming met beschermde contacten. 5.8.6 Raccordement au chauffage par le sol Voir fig. 19. Attention : limiteur de température B2 du chauffage par le sol avec des contacts protégés. Belangrijke opmerking : Thermostatische radiatorkranen op alle radiatoren leiden tot een meerverbruik en verkorten de levensduur van de ketel. Wij raden U dus ten stelligste aan dergelijke installaties te vermijden. Daarom steeds een of meerdere radiatoren met gewone radiatorkranen uitrusten.

6. REGELING 6. REGLAGE 6. 1 Gasregeling De gasaansluitdruk aangeduid in de technische gegevens, moet aan de manometerstut (7) gecontroleerd worden. De toestellen worden vanuit de fabriek geregeld en verzegeld overeenkomstig categorie I2E+ (aardgas) of I3+ (vloeibaar gas). De installateur mag derhalve geen enkele instelling van het gasdebiet doorvoeren. OPMERKING : De ombouw naar een andere gassoort mag alleen gedaan worden door de naverkoopservice van JUNKERS. 6. 1 Réglage gaz La pression d'alimentation gaz indiquée dans les données techniques, doit être contrôlée au téton manométrique (7). Les appareils sont réglés et plombés en usine, conformément à la catégorie I2E+ (gaz naturel) ou I3+ (gaz liquide). Par conséquent, en aucun cas, le débit gaz ne peut être réglé par l'installateur.

F TIP : Omwille van energiebesparing en comfort, wordt de vertrektemperatuur steeds begrensd op 75°C. Indien noodzakelijk, kan deze begrenzing weggenomen worden. Door de modulerende werking tussen het minimum- en het nominaal vermogen, past de ketel zijn verwar-mingsvermogen automatisch aan de warmtevraag aan d. m. v. de regelapparatuur.

Daardoor verkrijgt men een hoger rendement, een lager verbruik en een langere levensduur. 6. 3 Temperatuurbegrenzers De temperatuurbegrenzer (6) is ingesteld op 120°C. De temperatuurbegrenzer (9) is ingesteld op 110°C. Tijdens de werking krijgen deze temperatuurbegrenzers een spanning van 24 V/DC. 6. 4 Startfase Bij elke opwarming functioneert het toestel gedurende 1,5 min op minimumvermogen. Bij warmwaterafname wordt deze startfase uitgeschakeld (alleen voor ZWR. ). 6. 2 Sélecteur de température départ chauffage La température de départ est réglable entre 35 et 75°C (90°C si nécessaire). F TIP : Pour raisons d’économie d’énergie et de confort, la température de départ est toujours limitée à 75°C. Si nécessaire, cette limitation peut être enlevée.

Wanneer de ketel vaststelt dat de temperatuur te snel oploopt, kan het gebeuren dat hij niet doorbrandt. Hij blijft dan op klein vermogen branden en kan zelfs uitschakelen. Om dit te vermijden, moet men er voor zorgen dat de afgifte van de verwarmingselementen verbeterd wordt : meer radiatorkranen openen, convectoren reinigen, enz… Quand la chaudière constate que la température s’élève trop vite, il peut arriver qu’elle ne continuera pas de brûler. Elle reste à fonctionner sur petite puissance et peut même se déclencher. Afin d’éviter ceci, il faut prendre soin que l’émission de chaleur des corps de chauffe soit améliorée : ouvrir plus de robinets de radiateur, nettoyer les convecteurs, etc… 6. 5 Regeling waterdebiet Bij de ketel ZWR. kan de uitlooptemperatuur van het sanitair water tussen 40 en 60°C ingesteld worden met de temperatuurkiezer.

Elle fonctionne avec toute robinetterie, même des mélangeurs monomains et thermostatiques. Bij grote warmwaterbehoefte raden wij U aan een ketel ZSR. , aangesloten aan een indirect verwarmde boiler van de reeksen SK. of ST. , te installeren. En cas de besoins d’eau chaude plus élevés, nous vous conseillons l’installation d’une chaudière ZSR. raccordée à un boiler de la série SK. ou ST. 7. INBEDRIJFNAME 7. MISE EN SERVICE 7. 1 Vullen van de installatie Waterleidingen spoelen en gasleidingen uitblazen vooraleer de gasketel geïnstalleerd wordt. Bij sterk verontreinigde installaties moet de centrale ver-warmingskring gereinigd worden vooraleer de gasketel geïnstalleerd wordt. De ketel en de installatie vullen met water door middel van de vulset van Uw installatie. Om te ontluchten de afsluitschroef van de ontluchter (fig. 4,5 & 6 - nr. 27) losdraaien. Radiatoren ontluchten.

7.2 Inbedrijfstelling Het toestel onmiddellijk in gebruik nemen. De eerste inbedrijfstelling omvat : • het nazicht van de gasdichtheid van de aansluiting van het toestel, door middel van afzepen, bij normale bedrijfsdruk, • het nazicht van de dichtheid van de verwarmings-installatie, • het nazicht van de goede werking van de ketel, (maximum proefdruk van de ketel : 2,5 bar) • de aflevering van deze voorschriften met bijhorende aanwijzingen aan de gebruiker. 7.2 Mise en service Mettez l'appareil directement en service.

Veillez à ce que le manomètre (1) indique 1 bar. Sinon, remplissez jusqu'à minimum 1 bar et maximum 1,5 bar (en état froid). F TIP : Contrôlez régulièrement la position du manomètre. Il doit toujours être entre 1 et 2 bars. INSCHAKELEN De hoofdschakelaar alleen bedienen als de verwarmingsinstallatie correct gevuld is. Zoniet kan de pomp zwaar beschadigd worden. Hoofdschakelaar op “COM” = com-fortbedrijf warm water. In de digitale aanduiding verschijnt P1, P2, P3, P4, P5 en dan HC (hoog comfort). Bij comfort-bedrijf wordt het water constant op de temperatuur van de warmwaterinstelknop gehouden. Deze comfortstand zorgt voor korte opwarmtijden bij afname van warm water. Hierdoor warmt de ketel op; ook wanneer geen warm water wordt afgenomen. ENCLENCHEMENTN’actionnez pas l’interrupteur principal qu’après le remplissage correct de l’installation.

En fonctionnement confort l’eau est gardée constamment à la température du sélecteur de tem-pérature d’eau chaude. Cette position confort provoque des temps de chauffe réduits en puisant de l’eau chaude. Ainsi la chaudière chauffe, également s’il n’y a pas de puisage d’eau chaude. Hoofdschakelaar op “ECO” = economisch bedrijf warm water. In de digitale aanduiding verschijnt P1, P2, P3, P4, P5 en vervolgens SU (zomer). In de stand “economie” start het toestel pas op wanneer warm water afgenomen wordt. Dit heeft langere wachttijden bij afname van warm water tot gevolg. Aftapmelding Door de aftapkraan kort te openen en terug te sluiten, wordt het water opgewarmd tot de temperatuur van de temperatuurkiezer bereikt is. Bij de volgende aftapping is het water op temperatuur. F TIP : Het is aan te bevelen de ketel zoveel mogelijk in de stand “ECO” te zetten.

Voor Pour ZWR (verwarming en warmwaterbereiding) ZWR (chauffage et production d’eau chaude) VERTREKTEMPERATUUR Draai de vertrektemperatuurkiezer (4) volledig naar rechts. De vertrektem-peratuur van de centrale verwarming wordt tijdens het verwarmingsbedrijf digitaal aangeduid. • Bij vloerverwarming wordt - op stand 3 - de temperatuur begrensd op 50°C. • Bij verwarmingsinstallaties op lage temperatuur wordt - - op stand E de temperatuur begrensd op 75°C. • Voor installaties met vertrektem-peraturen van 90°C wordt stand 7 gekozen. TEMPERATURE DE DEPARTTournez le sélecteur de température de départ (4) complètement à droite. La température de départ du chauffage central est affichée digitalement pendant le fonctionnement chauffage. • Pour chauffage par le sol, la tem-pérature est limitée à 50°C en position 3.

Men kan ook op frissere dagen of bij het begin van de verwarmingsperiode de verwarming terug opstarten door de vertrektemperatuurkiezer in de stand “E” te plaatsen. FONCTIONNEMENT ETE / HIVER Après la période de chauffe on peut mettre la chaudière en position été. Sinon les radiateurs peuvent chauffer. Pour des jours plus frais ou au début de la période de chauffe, on peut également enclencher le chauffage en mettant le sélecteur de la température de départ en position “E”. VORSTBEVEILIGING T BIJ GEBRUIK VAN WEERS-AFHANKELIJKE REGELINGEN TA. De hoofdschakelaar op “ECO” en de vertrektempera-tuurkiezer op minimum “1” instellen. SECURITE CONTRE LE GEL T LORS D’UTILI-SATION DE LA REGULATION CLIMATIQUE TA. Mettez l’interrupteur principal sur “ECO” et le sélecteur de la température de départ sur minimum “1”. 24.

Deze moet steeds tussen 1 en 2 bar blijven. Ouvrez le robinet d'arrêt gaz et éven-tuellement le robinet d'arrêt eau froide. Veillez à ce que le manomètre (1) indique 1 bar. Sinon, remplissez jusqu'à minimum 1 bar et maximum 1,5 bar (en état froid). F TIP : Contrôlez régulièrement la position du manomètre. Il doit toujours être entre 1 et 2 bars. INSCHAKELEN De hoofdschakelaar alleen bedienen als de verwarmingsinstallatie correct gevuld is. Zoniet kan de pomp zwaar beschadigd worden. Zet de hoofdschakelaar (6) in de positie : ENCLENCHEMENT N’actionnez pas l’interrupteur principal qu’après le remplissage correct de l’installation. Sinon le circulateur peut être endommagé sévèrement. Mettez l'interrupteur principal (6) en position : II winter : De meldingen P1. , P2. , P3. , P4 en P5 worden na elkaar aangeduid. Daarna verschijnt de vertrektem-peratuur van het verwarmingswater.

Voor ZR (alleen centrale verwarming) & ZSR (verwarming en opwarming boiler) Pour ZR (seulement chauffage central) & ZSR (chauffage et chauffage d’un boiler) VERTREKTEMPERATUUR Draai de vertrektemperatuurkiezer (4) volledig naar rechts. De vertrektem-peratuur van de centrale verwarming wordt tijdens het verwarmingsbedrijf digitaal aangeduid. • Bij vloerverwarming wordt - op stand 3 - de temperatuur begrensd op 50°C. • Bij verwarmingsinstallaties op lage temperatuur wordt - - op stand E de temperatuur begrensd op 75°C. • Voor installaties met vertrektem-peraturen van 90°C wordt stand 7 gekozen. TEMPERATURE DE DEPART Tournez le sélecteur de température de départ (4) complètement à droite. La température de départ du chauffage central est affichée digitalement pendant le fonctionnement chauffage. • Pour chauffage par le sol, la tem-pérature est limitée à 50°C en position 3.

F TIP : Exceptionnellement (2X per an) la température peut être réglée à 70°C (afin d’obtenir une désinfection thermique). De watertemperatuur kan op de boilerthermometer afgelezen worden. Wanneer een boiler met eigen aquastaat is uitgerust, dan heeft de temperatuurregelaar van de ketel geen functie meer. De boilertemperatuur wordt dan met de boileraquastaat ingesteld. La température de l’eau est affichée au thermomètre du boiler. Quand un boiler est équipé de son propre aquastat, le régulateur de température de la chaudière n’a plus de fonction. La température du boiler est réglée avec l’aquastat du boiler. TOTALE UITSCHAKELING Zet de hoofdschakelaar op O. OPGELET : Bij installaties met klok-thermostaat, valt de klok na 2 h stil. F TIP : Het is aan te raden om ook bij langere afwezigheid, de elektrische spanning van het toestel niet te on-derbreken.

Indien een storingsmelding verschijnt, de ontgrendeltoets indrukken. Controleer de instelling van kamerthermostaat en vertrektemperatuurkiezer (136). La chaudière ne s'enclenche pas Est-ce que l’indication du code diagnostique est allumée. Quand une perturbation s’allume, enfoncez la touche de déverrouillage. Contrôlez le réglage du thermostat d'ambiance et du sélecteur de température de départ. De ketel wordt warm, de installatie blijft koud Nagaan of de installatie gevuld en ontlucht is. Radiatorkranen openen. Indien de installatie koud blijft nagaan of de circulatiepomp draait. Zoniet de ketel uitschakelen en de pomp losmaken. De ketel lekt aan de sanitair-waterzijde De koudwaterkraan sluiten. Nagaan of er een terugslagklep onder het toestel geplaatst werd (zie 5. 4 op blz. 10). Verwittig Uw installateur of de naverkoopservice van JUNKERS.

8. 3 Controle van de ketel Controleer regelmatig de waterdruk en, indien nodig, de installatie bijvullen en ontluchten. (zie 7. 1) Vlammenbeeld door de controle-opening nagaan : de brander moet stabiel maar zonder gele vlammen branden. 8. 4 Reinigen van de mantel Gebruik geen schurende of agressieve reinigingsmiddelen, een vochtig doek volstaat. 8. 3 Contrôle de la chaudière Vérifiez régulièrement la pression d'eau et, si nécessaire, remplissez et purgez l'installation. (voir 7. 1) Vérifier le brûleur à travers l'orifice de contrôle : les flammes doivent être régulières, sans avoir des pointes jaunes. 8. 4 Nettoyage du manteau N'utilisez pas des produits de rinçage abrasifs ou agressifs, un chiffon humide suffit. 9. CONTROLE EN ONDERHOUD 9. SURVEILLANCE ET ENTRETIEN Zelfs een JUNKERS heeft een regelmatige controle- en onderhoudsbeurt nodig.

Een preventief onderhoud vermijdt vroegtijdige slijtage en/of een abnormaal hoog verbruik. Deze werkzaamheden mogen enkel gedaan worden door de installateur, een bevoegd vakman of door de naver-koopservice van JUNKERS. Même un JUNKERS a besoin d'une surveillance et d'un entretien régulier. Un entretien préventif évite une usure prématurée et/ou une consommation anormale. Ce travail doit être effectué par l'installateur, un homme de métier agréé ou par le service après-vente de JUNKERS. 9. 1 Warmtewisselaar Reiniging afhankelijk van de gebruiksfrequentie en van de plaats waar de ketel geïnstalleerd is. Voor de demontage van de warmtewisselaar, de ketel ledigen, de temperatuurbegrenzer (6) en de vertrektem-peratuurvoeler (36) demonteren. De warmtewisselaar onder een krachtige waterstraal af-spoelen.

9. 3 Overdrukventiel Werking controleren. Indien het overdrukventiel water loost moet het expansievat gecontroleerd worden. 9. 3 Soupape de surpression Contrôler le fonctionnement. En cas d'écoulement d'eau par la soupape de surpression, contrôlez le vase d'expansion. 9. 4 Expansievat Controleer de tegendruk van het expansievat met de waterdruk in het toestel op 0. Verhoog, indien nodig, de tegendruk tot ongeveer 1,1 bar. 9. 4 Vase d’expansion Contrôlez la contre-pression du vase d'expansion avec la pression d'eau dans la chaudière à 0. Augmentez, si nécessaire, la contre-pression à environ 1,1 bar. 9. 5 Sanitaire warmwaterleiding (ZWR. ) Indien de normale uitlooptemperatuur en/of het normale debiet niet meer bereikt worden, ontkalken. Ontkal-kingspomp aan de sanitaire aansluitingen van de warm-tewisselaar aansluiten. De ontkalkingtijd tot een minimum beperken. Watervalve controleren.

837 FD 661 00164 MADE IN GERMANY ç typeaanduiding indication du type ç voorbeeld van een serienummer exemple d’un numéro de série 12. NAVERKOOPSERVICE 12. SERVICE APRES-VENTE SERVICO nv heeft een technische naverkoopservice ter beschikking van de installateur en de gebruiker. In geval van moeilijkheden, wendt U tot SERVICO nv (naverkoopservice van de fabriek). SERVICO sa tient un service après-vente à la disposition de l'installateur et de l'usager. En cas de difficulté, adressez-vous à SERVICO sa (service après-vente de l'usine). 13. WAARBORG 13. GARANTIE De toegestane waarborg is slechts geldig indien de installatie nauwkeurig voldoet aan deze voorschriften en indien de volledige installatie volgens de regels der kunst uitgevoerd werd. De waarborg is toepasbaar volgens de voorwaarden vereld op de garantiekaart.

Deze moet worden teruggestuurd na de ingebruikname naar SERVICO nv, met vermelding van type en serienummer zoals aangeduid op de kenplaat van het toestel (zie fig. hierboven). F TIP : Stuur de garantiekaart onmiddellijk op na de inbedrijfstelling.

Een preventief onderhoud vermijdt vroegtijdige slijtage en/of een abnormaal hoog verbruik. Deze werkzaamheden mogen enkel gedaan worden door de installateur, een bevoegd vakman of door de techni-sche dienst van JUNKERS. Même un JUNKERS a besoin d'une surveillance et d'un entretien régulier. Un entretien préventif évite une usure prématurée et/ou une consommation anormale. Ce travail peut être effectué uniquement par un installa-teur, un homme de métier agréé ou par le service techni-que de JUNKERS. ))))) TIP: Een onderhoudsbeurt om de 2 jaar is een minimum.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Junkers Cerastar ZR 24 AE stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden