Essentiel B ECV506s Handleiding


Pagina's 60 Fornuis

Bekijk de handleiding van Essentiel B ECV506s gratis online of download de PDF. Deze handleiding is 59 keer bekeken. Vraag over dit model? Stel een vraag

Cuisinière / Fornuis /
ECV506s
Notice D'utilisation / Gebruiksaanwijzing /

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Essentiel B
Categorie: Fornuis
Model: ECV506s

Handleiding Essentiel B ECV506s – volledige tekst

GA NAAR ONZE WEBSITE VOOR:Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. boulanger. com/info/assistanceService Relation ClientsAvenue de la MotteCS8013759811 LesquinINHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 312. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 343. MONTAGE. 364. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 405. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK. 416. KOOKPLAAT - DAGELIJKS GEBRUIK. 417. KOOKPLAAT - AANWIJZINGEN EN TIPS. 428. KOOKPLAAT - ONDERHOUD EN REINIGING. 439. OVEN - DAGELIJKS GEBRUIK. 4310. OVEN - GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES. 4411. OVEN - AANWIJZINGEN EN TIPS. 4612. PIZZA HETELUCHT. 5213. OVEN - ONDERHOUD EN REINIGING. 5214. PROBLEEMOPLOSSING. 5415. ENERGIEZUINIGHEID. 5516. MILIEUBESCHERMING. 57Wijzigingen voorbehouden. 1. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat.

De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1. 1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanNEDERLANDS 31.

ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanhet apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8 jaar en personen met zware en complexebeperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat teworden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezichtstaan.• Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat zij met hetapparaat gaan spelen.• Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi hetop passende wijze weg.• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijkeonderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik.

Houdkinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdenshet gebruik en bij het afkoelen.• Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- enonderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.1.2 Algemene veiligheid• Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.• Dit apparaat is bedoeld voor huishoudelijk gebruik in eenbinnenomgeving.• Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers,bed & breakfast-kamers, boerderijgastenhuizen en anderesoortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik niethoger is dan (gemiddeld) huishoudelijk gebruik.• Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaaten de kabel vervangen.• Het apparaat kan worden gebruikt tot een maximum van2000 m boven zeeniveau.• Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik op schepen, botenof vaartuigen.• Installeer het apparaat ter voorkoming van oververhittingniet achter een decoratieve deur.• Installeer het apparaat niet op een platform.• Bedien het apparaat niet door middel van een externe timerof een apart afstandsbedieningssysteem.32 NEDERLANDS

• WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaatmet vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.• Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakelhet apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. eenblusdeken of deksel.• LET OP: Het kookproces moet bewaakt worden. Een kortkookproces moet voortdurend bewaakt worden.• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geenvoorwerpen op de kookoppervlakken.• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon temaken.• Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of scherpemetalen schrapers om de glazen deur of de glazenafdekplaat van de kookplaat schoon te maken.

Dezekunnen krassen veroorzaken op het oppervlak, waardoorhet glas zou kunnen breken.• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels endeksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaatworden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.• Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is,schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit hetstopcontact. In het geval het apparaat rechtstreeks op destroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert ude zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neemaltijd contact op met de erkende servicedienst.• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijkeonderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik.

U dientte voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.• Gebruik altijd ovenhandschoenen om accessoires ofovenschalen te verwijderen of erin te plaatsen.• Zet de stroomtoevoer uit alvorens onderhoud te plegen.• WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het apparaat isuitgeschakeld voordat u de lamp vervangt om elektrischeschokken te voorkomen.• Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, eenerkend servicecentrum of een gekwalificeerde persoonNEDERLANDS 33

deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties metelektriciteit te voorkomen. • Om de inschuifrailen te verwijderen trek eerst de voorkantvan de inschuifrail en dan de achterkant uit de zijwanden. Plaats de inschuifrails in omgekeerde volgorde. • WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermersdie door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpenof door de fabrikant van het apparaat in degebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven ofkookplaatbeschermers die in het apparaat zijngeïntegreerd. Het gebruik van ongeschiktekookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken. 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN2. 1 Installatie WAARSCHUWING. Alleen een erkende installatietechnicusmag het apparaat installeren. • Verwijder alle verpakkingsmaterialen. • Installeer en gebruik geen beschadigdapparaat. • Volg de installatie-instructies die zijnmeegeleverd met het apparaat.

• Pas altijd op bij verplaatsing van hetapparaat, want het is zwaar. Gebruik altijdveiligheidshandschoenen en geslotenschoeisel. • Trek het apparaat nooit aan de handgreepvan zijn plaats. • De afmetingen van de keukenkast en deuitsparing moeten kloppen. • Houd de minimumafstand naar andereapparaten en units in acht. • Installeer het apparaat op een veilige engeschikte plaats die aan alle installatie-eisen voldoet. • Delen van het apparaat staan onderstroom. Sluit het apparaat met meubel omte voorkomen dat de gevaarlijke delenworden aangeraakt. • De zijkanten van het apparaat moetennaast apparaten of units staan vandezelfde hoogte. • Installeer het apparaat niet naast een deurof onder een raam. Dit voorkomt dat heetkookgerei van het apparaat valt als dedeur of het raam wordt geopend. • Installeer een stabilisator om tevoorkomen dat het apparaat kantelt. Raadpleeg het hoofdstuk Installatie.

• Dit apparaat moet worden aangesloten opeen geaard stopcontact. • Zorg ervoor dat de parameters op hetvermogensplaatje overeenkomen metelektrische vermogen van de netstroom. • Gebruik altijd een juist geïnstalleerdschokbestendig stopcontact. • Gebruik geen adapters met meerderestekkers en verlengkabels. • Laat de stroomkabel niet in aanrakingkomen met de deur van het apparaat of deniche onder het apparaat, met name nietals deze werkt of als de deur heet is. • De schokbescherming van delen onderstroom en geïsoleerde delen moet op zo'nmanier worden bevestigd dat het niet34 NEDERLANDS.

zonder gereedschap kan wordenverplaatst. • Steek de stekker pas in het stopcontactals de installatie is voltooid. Zorg ervoordat het netsnoer na installatie bereikbaaris. • Als het stopcontact los zit, mag u destekker niet in het stopcontact steken. • Trek niet aan het netsnoer om hetapparaat los te koppelen. Trek altijd aande stekker. • Gebruik enkel correcteisolatievoorzieningen:stroomonderbrekers, zekeringen(schroefzekeringen moeten uit de houderworden verwijderd), aardlekschakelaarsen contactgevers. • De elektrische installatie moet eenisolatieapparaat bevatten waardoor hetapparaat volledig van het lichtnetafgesloten kan worden. Hetisolatieapparaat moet een contactopeninghebben met een minimale breedte van 3mm. • Sluit de deur van het apparaat volledigvoordat u de stekker in het stopcontactsteekt. 2. 3 Gebruik WAARSCHUWING. Risico op letsel en brandwonden.

Risico op elektrische schokken. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningenniet geblokkeerd worden. • Laat het apparaat tijdens de werking nietonbeheerd achter. • Schakel het apparaat na elk gebruik uit. • Wees voorzichtig met het openen van dedeur van het apparaat wanneer hetapparaat in werking is. Er kan hete luchtvrijkomen. • Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Gebruik het apparaat niet als werkblad ofals opslagoppervlak. WAARSCHUWING. Risico op brand en explosie• Wanneer ze verwarmd worden, kunnenvetten en oliën ontvlambare dampenafgeven. Houd vlammen of verwarmdevoorwerpen uit de buurt van vetten enoliën als u ermee kookt. • De dampen die erg hete olie vrijkomen,kunnen spontane ontbrandingveroorzaken.

• Laat geen vonken of open vlammen incontact met het apparaat komen wanneeru de deur opent. • Open de deur van het apparaatvoorzichtig. Het gebruik van ingrediëntenmet alcohol kan een mengsel van alcoholen lucht veroorzaken. WAARSCHUWING. Risico op schade aan het apparaat. • Om schade of verkleuring van het email tevoorkomen:– plaats ovenschalen of anderevoorwerpen niet rechtstreeks op debodem van het apparaat. – leg geen aluminiumfolie op hetapparaat of direct op de bodem van deuitsparing. – plaats geen water direct in het heteapparaat. – bewaar geen vochtige gerechten envoedsel in het apparaat nadat u klaarbent met koken. – wees voorzichtig bij het verwijderen ofbevestigen van accessoires. • Verkleuring van het email of roestvrij staalis niet van invloed op de werking van hetapparaat. • Gebruik een diepe pan voor vochtigetaarten.

• Schakel de kookzones niet terwijl er leegkookgerei of geen kookgerei op geplaatstis. • Kookgerei gemaakt van gietijzer,aluminium of met een beschadigde bodemkan krassen veroorzaken. Til dezevoorwerpen altijd op als je ze op dekookplaat moet verplaatsen. 2. 4 Reiniging en onderhoud WAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, brand en schade aanhet apparaat. • Schakel het apparaat voor onderhoud uit. Haal de netstekker uit het stopcontact. • Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld. Er bestaat een risico dat de glasplatenkunnen breken. • Vervang direct de glazen deurpanelen alsdeze beschadigd zijn. Neem contact opmet een erkend servicecentrum. • Vet en voedsel dat in het apparaatachterblijft, kan brand veroorzaken. • Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Maak het apparaat schoon met eenvochtige zachte doek.

Gebruik alleenneutrale schoonmaakmiddelen. Gebruikgeen schuurmiddelen, schuursponsjes,oplosmiddelen of metalen voorwerpen. • Volg als u een ovenspray gebruikt deaanwijzingen op de verpakking. • Reinig niet het katalytisch email (indienvan toepassing) met eenschoonmaakmiddel. 2. 5 Binnenverlichting WAARSCHUWING. Gevaar voor elektrische schokken. • Met betrekking tot de lamp(en) in ditproduct en reservelampen die afzonderlijkworden verkocht: Deze lampen zijnbedoeld om bestand te zijn tegen extremefysieke omstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur, trillingen,vochtigheid, of zijn bedoeld om informatiete geven over de operationele status vanhet apparaat. Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. • Dit product bevat een lichtbron vanenergie-efficiëntieklasse G.

Gevaar voor letsel of verstikking. • Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat afen gooi het weg. • Verwijder de deurvergrendeling om tevoorkomen dat kinderen of huisdierenbinnen in het apparaat vast komen tezitten. 3. MONTAGE WAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 3. 1 Locatie van het apparaatU kunt uw vrijstaand apparaat met kastenaan een of twee zijden en in de hoekplaatsen. Zie voor minimale afstanden de tabel. 36 NEDERLANDS.

ACBMinimum afstandenAfmetingen mmA400B650C1503.2 Technische gegevensSpanning 230 VFrequentie 50 - 60 HzApparaatklasse 1Afmetingen mmHoogte 858Breedte 500Diepte 6003.3 Het apparaat waterpas zettenGebruik kleine pootjes aan de onderkant vanhet apparaat om het kookoppervlak aan debovenkant waterpas met andereoppervlakken te brengen.3.4 Anti-kantelbeschermingStel de juiste hoogte en ruimte voor hetapparaat in voordat je de anti-kantelbescherming bevestigt. LET OP!Zorg ervoor dat je de anti-kantelbescherming op de juiste hoogteinstalleert. Zorg ervoor dat het oppervlak achterhet apparaat glad is.Je moet de anti-kantelbescherminginstalleren. Als je deze niet installeert, kan hetapparaat kantelen.Je apparaat heeft het symbool op deafbeelding (indien van toepassing) om ueraan te herinneren dat je de anti-kantelbescherming installeert.1.

Installeer de anti-kantelbescherming 317- 322 mm onder het bovenvlak van hetapparaat en 80 - 85 mm van de zijkantvan het apparaat in de ronde opening opeen beugel. Schroef het in het vastemateriaal of gebruik de geschikteversterking (muur).NEDERLANDS 37

80-85mm317-322 mm2. Je vindt het gat aan de linkerkant aan deachterkant van het apparaat. Til devoorkant van het apparaat op en plaatsdeze in het midden van de ruimte tussende kastjes. Als de ruimte tussen deaanrechtkastjes groter is dan de breedtevan het apparaat, moet je de zijmetingaanpassen om het apparaat te centreren. Als je de afmetingen van het fornuishebt gewijzigd, moet je de anti-kantelbeveiliging correct uitlijnen. LET OP!Als de ruimte tussen de aanrechtkastjesgroter is dan de breedte van hetapparaat, moet je de zijmetingenaanpassen aan het midden van hetapparaat.3.5 Elektrische installatie WAARSCHUWING!De fabrikant is niet verantwoordelijk als uzich niet houdt aan deveiligheidsvoorschriften in het hoofdstukVeiligheid.Dit apparaat wordt geleverd met eennetsnoer en zonder stekker.

4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT4.1 Algemeen overzicht1 3 4 5267891012341Knoppen voor de kookplaat2Temperatuurindicator/symbool3Temperatuurinstelknop4Ovenfunctieknop5Lampje/symbool/indicatielampjekookplaat6Verwarmingselement7Lamp8Ventilator9Inschuifrails, verwijderbaar10Inzetniveaus4.2 Indeling van het kookoppervlak180 mm180 mm140 mm140 mm5 41 231Kookzone 1200 W2Kookzone 1700 W3Kookzone 1200 W4Restwarmte-indicator5Kookzone 1700 W4.3 Accessoires• BakroosterVoor kookgerei, bak- en braadvormen.• BakplaatVoor gebak en koekjes.• Grill-/braadpanOm te bakken en braden of als pan om vetin op te vangen.• Telescopische geleidersMet de telescopische geleiders kun je deplateaus gemakkelijker plaatsen enverwijderen.• OpbergcompartimentHet opbergvak bevindt zich onder deovenruimte. Om het compartiment tegebruiken tilt u de onderste deur omhoogen trekt u deze omlaag.40 NEDERLANDS

WAARSCHUWING!Het opbergvak kan heet worden alshet apparaat werkt.5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK WAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.5.1 Eerste reinigingVerwijder all accessoires en verwijderbareinschuifrails uit de oven.Zie het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging'.Reinig de oven en accessoires voor heteerste gebruik.Zet de accessoires en verwijderbareinschuifrails terug in de beginstand.5.2 VoorverwarmenWarm de lege oven voor het eerste gebruikvoor.1. Stel de functie en demaximumtemperatuur in.2. Laat de oven een uur werken.3. Stel de functie in en druk op: . Stel demaximumtemperatuur in. De maximaletemperatuur voor deze functie is 210°C.4. Laat de oven 15 minuten werken.5. Zet de oven uit en laat deze afkoelen.Accessoires kunnen heter worden dannormaal. De oven kan een vreemde geur enrook afgeven. Zorg ervoor dat de luchtstroomin de ruimte voldoende is.6.

KOOKPLAAT - DAGELIJKS GEBRUIK WAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.6.1 Beschrijving van kookzonesDe kookzones zijn voorzien van eenthermostaat en werken periodiek (gaan af enaan) afhankelijk van het gekozenwarmteniveau.6.2 KookstandSymbo‐lenFunctieUit-stand1 - 6Kookstanden Gebruik de restwarmte om hetenergieverbruik te verminderen. Schakelde kookzone ongeveer 5 - 10 minuten uitvoordat het kookproces is voltooid.Draai de knop voor de geselecteerdekookzone naar de gewenste warmte-instelling.Het controlelampje van de kookplaat gaatbranden.Draai de knop naar de uit-stand om hetkookproces te voltooien.Als alle kookzones zijn uitgeschakeld, gaathet controlelampje van de kookplaat uit.6.3 De eenvoudige kookzonegebruikenOm een eenvoudige kookzone te gebruiken,draait u de juiste knop naar een van devolgende posities: 1-9.NEDERLANDS 41

Voor warmte-instellingen 1-3 blijft dezone ongeveer 2-3 seconden rood enwordt die vervolgens gedeactiveerd. De zone werkt op het maximalevermogensniveau zodra u hetwarmteniveau hebt ingesteld op 8 of 9.6.4 Restwarmte-indicator WAARSCHUWING!Zolang het indicatielampje aanstaat,bestaat er een risico op brandwondendoor restwarmte.Het controlelampje gaat aan als eenkookzone heet is, maar het werkt niet als dehoofdstroom is onderbroken.Het indicatielampje kan ook verschijnen:• voor de aangrenzende kookzones, zelfsals je ze niet gebruikt,• als er heet kookgerei op de koudekookzone wordt geplaatst,• als de kookplaat is uitgeschakeld, maar dekookzone nog heet is.Het indicatielampje verdwijnt als de kookzoneis afgekoeld.7.

KOOKPLAAT - AANWIJZINGEN EN TIPS WAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.7.1 PannenDe kookresultaten zijn afhankelijk van hetkookgerei De bodem van de pannen moet zodik en vlak mogelijk zijn.Zorg ervoor dat bodems schoon en droogzijn voordat de pannen op de kookplaatworden gezet. Gebruik geen kookgerei op dekeramische kookplaat met bodems metuitgesproken randen of richels, bijv.gietijzeren pannen. Deze kunnen hetoppervlak van de kookplaat permanentbekrassen of schuren.

Pannen gemaakt van geëmailleerdstaal of met aluminium of koperenbodems kunnen tot verkleuringen van deglazen keramische kookplaat leiden.Om energie te besparen en ervoor te zorgendat de kookplaat goed werkt, moet de bodemvan het kookgerei een geschikteminimumdiameter hebben (ten minstedezelfde als de zonediameter).7.2 Voorbeelden vankooktoepassingenVer‐war‐mingsstand:Toepassing:1 Warm houden2 Zachtjes sudderen3 Sudderen4 Frituren/gratineren5 Aan de kook brengen6 Aan de kook brengen / snel frituren /heet frituren42 NEDERLANDS

8. KOOKPLAAT - ONDERHOUD EN REINIGING WAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.8.1 Algemene informatie• Reinig de kookplaat na elk gebruik.• Gebruik altijd kookgerei met een schonebodem.• Krassen of donkere vlekken op hetoppervlak hebben geen invloed op dewerking van de kookplaat.• Gebruik een specifiek schoonmaakmiddelvoor het oppervlak van de kookplaat.• Gebruik een speciale schraper voor hetglas.8.2 De kookplaat schoonmaken• Verwijder onmiddellijk: gesmoltenkunststof, plastic folie, suiker ensuikerhoudend voedsel, anders kan ditschade aan de kookplaat veroorzaken.Doe voorzichtig om brandwonden tevoorkomen. Gebruik de speciale schraperop de glazen plaat en verwijder restendoor het blad over het oppervlak teschuiven.• Verwijder wanneer de kookplaatvoldoende is afgekoeld: kalkringen,waterringen, vetvlekken, glanzendemetaalverkleuring.

Reinig de kookplaatmet een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog dekookplaat na reiniging af met een zachtedoek.• Verwijder glanzende metaalverkleuring:gebruik een mengsel van bakpoeder encitroensap of azijn.9. OVEN - DAGELIJKS GEBRUIK WAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.9.1 Het in- en uitschakelen vande oven1. Draai de functieknop van de oven naareen ovenfunctie.2. Draai de knop voor de temperatuur om detemperatuur te selecteren.Het lampje gaat aan wanneer de oven inwerking is.3. Om de oven uit te schakelen, draai je deknoppen voor de ovenfuncties entemperatuur naar de uit-stand.9.2 VeiligheidsthermostaatEen onjuiste bediening van de oven ofdefecte componenten kunnen gevaarlijkeoververhitting veroorzaken. Om dit tevoorkomen is de oven voorzien van eenveiligheidsthermostaat die de stroomtoevoeronderbreekt.

Sym‐boolOvenfunctie ToepassingBoven + onderwarmte Voor het bakken en braden op één rekstand.Grillen Om plat voedsel te grillen en brood te roosterenMaximale temperatuur voor deze functie is 210 °C.Onderwarmte Voor het bakken van taarten met een knapperige bodem en hetinmaken van voedsel.Warme Lucht Voor het braden of bakken van gerechten waarvoor dezelfdebereidingstemperatuur nodig is, op meerdere roosterhoogten,zonder dat er smaken worden overgebracht van het ene naarhet andere gerecht.Ontdooien Om voedsel te ontdooien (groenten en fruit). De ontdooitijd isafhankelijk van de hoeveelheid en grootte van het diepvriespro‐duct.De temperatuurknop moet op "Uit" staan om deze functie te ge‐bruiken.Vochtig bakken Deze functie is ontworpen om energie te besparen tijdens hetkoken. Zie het hoofdstuk 'Hints and tips’, Vochtig bakken voorbereidingsinstructies.

De ovendeur dient tijdens de bereidinggesloten te zijn zodat de functie niet wordt onderbroken en omervoor te zorgen dat de oven werkt op de hoogst mogelijkeenergie-efficiëntie. Wanneer u deze functie gebruikt, kan detemperatuur in de ovenruimte afwijken van de ingestelde tem‐peratuur. Het verwarmingsvermogen kan worden verminderd.Zie voor algemene aanbevelingen voor energiebesparing hethoofdstuk ‘Energie-efficiëntie’, Oven - Energiebesparing. Dezefunctie wordt gebruikt om de energie-efficiëntieklasse vast testellen overeenkomstig EN 60350-1.10. OVEN - GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES WAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.10.1 Accessoires plaatsenBakroosterPlaats het schap tussen de geleidestangenvan de inschuifrails.plaat:44 NEDERLANDS

Duw de bakplaat niet helemaal naarde achterwand van de ovenruimte. Ditvoorkomt dat de warmte rond de plaatcirculeert. Het voedsel kan verbrandworden, vooral aan de achterkant van deplaat.Plaats de braadpan tussen degeleidestangen van de inschuifrails. Zorgervoor dat de achterwand van de oven nietraakt.Bakrooster en diepe pan samen:Plaats de plaat tussen de geleiders van deinschuifrails en het bakrooster op degeleiders erboven.10.2 Teleskopauszüge U kunt de telescopische geleiders opverschillende niveaus plaatsen, behalveop niveau 4.De telescopische geleidersinstalleren1. Draai de telescopische geleider ongeveer90°.2. Schuif het lipje aan de achterkant van degeleider in de steun. Zorg ervoor dat u degeleider aan de goede kant van de ovenplaatst.1 cm3. Draai de geleider naar de juiste positie.Het stopelement aan het uiteinde van detelescopische geleider moet omhoogwijzen.4.

5. Volg de zelfde stappen om de tweedetelescopische geleider te verwijderen.10.3 Telescopische geleiders -de ovenaccessoires plaatsenMet de telescopische geleiders kunt u deroosters eenvoudig plaatsen en verwijderen. LET OP!Reinig de telescopische geleiders niet inde afwasautomaat. Maak detelescopische geleiders niet vet. LET OP!Zorg dat u de telescopische geleidershelemaal in de oven schuift voordat u deovendeur sluit.Bakrooster:Braadpan:Plaats de braadpan op de telescopischegeleiders.Bakrooster en braadpan samen:Plaats het rooster en de braadpan samen opde telescopische geleider.11. OVEN - AANWIJZINGEN EN TIPS WAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

De temperaturen en baktijden in detabellen zijn slechts als richtlijn bedoeld.Deze zijn afhankelijk van de recepten ende kwaliteit en de hoeveelheid van degebruikte ingrediënten.11.1 Algemene informatieHet apparaat heeft vier rekstanden. Tel derekstanden vanaf de bodem van hetapparaat.Het apparaat heeft een speciaal systeem datde lucht circuleert en voor doorlopenderecycling van stoom zorgt. Dankzij ditsysteem is het mogelijk om voedsel tebereiden in een atmosfeer met stoom enworden de gerechten zacht van binnen enknapperig van buiten. Bovendien worden debereidingstijd en het energieverbruik tot eenminimum beperkt.Vocht kan in het apparaat of op de glazendeurpanelen condenseren. Dit is normaal. Gaaltijd iets terug staan van het apparaat als ude deur van het apparaat tijdens de werkingopent.

Om de condens te verminderen, dientu het apparaat 10 minuten te latenvoorverwarmen.Veeg na elk gebruik het vocht van hetapparaat.Plaats geen voorwerpen direct op de bodemvan het apparaat en bedek de bodem tijdensde bereiding niet met aluminiumfolie. Dit kan46 NEDERLANDS

de bakresultaten veranderen en deemaillelaag beschadigen.11.2 BakkenGebruik voor de eerste baksessie de lageretemperatuur.Bij het bereiden van cake op meerdereniveaus kan de baktijd ca. 10 - 15 minutenlanger zijn.Als de cake niet overal even hoog is, wordtde cake niet overal even bruin. Als de cakeniet overal even bruin wordt, hoeft u detemperatuurinstelling niet te wijzigen. Deverschillen verminderen tijdens het bakken.Tijdens het bakken kunnen bakplaten in deoven vervormen.

Wanneer de bakplaten weerafgekoeld zijn, verdwijnt de vervorming.11.3 Voor de bereiding vangebakDe ovendeur mag pas worden geopend alsdriekwart van de baktijd is verstreken.Als u twee bakplaten tegelijkertijd gebruikt,dient u één niveau ertussen leeg te laten.De functie boven- en onderwarmte is samenmet de standaard temperatuur ideaal voor hetbakken van brood.11.4 Voor de bereiding van vleesen visGebruik een diepe bak voor erg vet voedselom te oven te behoeden voor blijvendevetvlekken.Laat het vlees ongeveer 15 minuten rustenvoordat u het aansnijdt, zodat het vleessap erniet uit stroomt.Om te veel rook tijdens het braden in de ovente vermijden, kunt u een beetje water in delekbak gieten.

Om rook te vermijden, voegt uwater toe wanneer het is opgedroogd.11.5 BereidingstijdenDe bereidingsduur is afhankelijk van het soortvoedsel, de samenstelling en het volume.Houd in eerste instantie het bereidingsprocesin de gaten. Zoek bij het gebruik van ditapparaat de beste instellingen (temperatuur,bereidingsduur, etc.) voor uw kookgerei,recepten en hoeveelheden.11.6 Boven + onderwarmte Gerecht Hoeveel‐heid (g)Tempera‐tuur (°C)Tijd (min) Roos‐ter‐hoogteAccessoiresPlatte cake 1)1000 160 - 170 30 - 35 2 bakplaatKoffiebroodjesmet appels en gist2000 170 - 190 40 - 50 3 bakplaatLekbak 1500 160 - 17045 - 55 2)2 bakplaatKIP, HEEL 1350 200 - 220 60 - 70 2 bakrooster1 bakplaatHalve kip 1300 190 - 210 35 + 30 3 bakrooster1 bakplaatVarkensbraadstuk 600 190 - 210 30 - 35 3 Bakrooster1 bakplaatNEDERLANDS 47

OVEN - ONDERHOUD EN REINIGING WAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.13.1 Opmerkingen over dereinigingMaak de voorkant van de oven schoon meteen zachte doek, warm water en een mildreinigingsmiddel.Gebruik voor metalen oppervlakken eenspecifiek reinigingsmiddel.Reinig de binnenkant van de oven na elkgebruik. Vetaccumulatie of anderevoedselresten kunnen brand veroorzaken.Het risico is hoger voor de grillpan.Maak alle accessoires na elk gebruik schoonen laat ze drogen. Gebruik een zachte doekmet een warm sopje en een reinigingsmiddel.De accessoires niet in de afwasmachinereinigen..Verwijder hardnekkige vlekken met eenspeciale ovenreiniger. Gebruik geenovenreiniger op de katalytische oppervlakken.Reinig de antiaanbakaccessoires niet metagressieve reinigingsmiddelen of voorwerpenmet scherpe randen.52 NEDERLANDS

13.2 Ovens van roestvrij staal ofaluminiumMaak de ovendeur alleen met een vochtigedoek of natte spons schoon. Droog makenmet een zachte doek.Vermijd het gebruik van staalwol, zure ofschurende producten, deze kunnen deoppervlakken van de oven beschadigen.Maak het bedieningspaneel van de oven netzo voorzichtig schoon13.3 De inschuifrailsAls u de binnenkant van de oven wiltreinigen, verwijdert u de inschuifrails. LET OP!Wees voorzichtig bij het verwijderen vande inschuifrails.1. Trek de inschuifrail bij de voorkant uit dezijwand.2. Trek de inschuifrail bij de achterkant uitde zijwand en verwijder deze.21Installeer de verwijderde accessoires in deomgekeerde volgorde.13.4 Katalytische reinigingDe opening met een katalytische coating iszelf-reinigend.

Deze absorbeert vet.Voordat u de katalytische reiniging aanzet:• verwijder alle accessoires .• reinig de oven met warm water en eenmild reinigingsmiddel.• maak de binnenruit van de deur schoonmet lauw water en een zachte doek.1. Stel de functie in.2. Stel de maximumtemperatuur in en laatde oven 1 uur werken.3. Oven uitschakelen.4. Maak de ovenruimte van de afgekoeldeoven schoon met een zachte, natte doek.Verkleuring van de katalytische coating heeftgeen invloed op de katalytische reiniging.13.5 De glasplaten van de ovenverwijderen en installerenJe kunt de interne glasplaten verwijderen omze schoon te maken. Het aantal glasplatenverschilt per model. WAARSCHUWING!Houd de ovendeur enigszins open tijdenshet reinigingsproces. Als je de deurhelemaal opent kan deze per ongelukdichtgaan, met mogelijke schade totgevolg. WAARSCHUWING!Gebruik het apparaat niet zonder deglasplaten.1.

Open de deur totdat deze in een hoekvan ongeveer 30° staat. De deur staat opzichzelf als hij iets open staat.30°2. Pak de deurafdekking (B) aan debovenkant van de deur aan beide kantenvast en druk deze naar binnen om deklemsluiting te ontgrendelen.NEDERLANDS 53

12B3. Trek de deurlijst naar voren om hem teverwijderen. WAARSCHUWING!Als je de glasplaten verwijdert,probeert de ovendeur te sluiten.4. Houd de glasplaten aan hun bovenkantvast en trek deze een voor een omhooguit de geleider.5. Reinig de glasplaat met een sopje. Droogde glasplaat voorzichtig af.Als de reiniging voltooid is, plaats je deglasplaten en de ovendeur terug. Voer debovenstaande stappen uit in omgekeerdevolgorde. Plaats de kleinste glasplaat eerst,daarna de grotere glasplaat en de deur. LET OP!Zorg ervoor dat je de interne glasplaat inde juiste zittingen plaatst.13.6 Het lampje vervangen WAARSCHUWING!Gevaar voor elektrische schokken.Het lampje kan heet zijn.1. Schakel de oven uit. Wacht tot de ovenafgekoeld is.2. Trek de oven uit het stopcontact.3. Plaats een doek op de bodem van deholte.De achterlamp1. Draai het afdekglas van de lamp enverwijder het.2.

Reinig de glasafdekking.3. Vervang de lamp door een geschikte300 °C hittebestendige lamp.4. Installeer het glazen deksel.14. PROBLEEMOPLOSSING WAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.14.1 Wat te doen als...Probleem Mogelijke oorzaak OplossingJe kunt het apparaat niet inscha‐kelen.Het apparaat is niet aangeslotenop een stopcontact of niet goedgeïnstalleerd.Controleer of het apparaat goedis aangesloten op het lichtnet. De zekering is doorgeslagen. Verzeker u ervan dat de zekeringde oorzaak van de storing is. Alsde zekeringen keer op keer door‐slaan, neem je contact op meteen erkende installateur.Je kunt de kookplaat niet inscha‐kelen of bedienen.De zekering is doorgeslagen. Schakel de kookplaat opnieuw inen stel de kookstand binnen 10seconden in.54 NEDERLANDS

Probleem Mogelijke oorzaak OplossingDe restwarmte-indicator gaat nietaan. De zone is niet heet, omdat hijslechts kortstondig is bediend.Als de zone voldoende lang ge‐bruikt is om heet te zijn, neem jecontact op met een erkende ser‐vicedienst.De oven wordt niet warm. De oven is uitgeschakeld. Schakel de oven in. De benodigde instellingen zijnniet ingesteld.Zorg ervoor dat de instellingencorrect zijn.De lamp werkt niet. De lamp is defect. Vervang de lamp.Stoom en condens slaan neer ophet eten en in de ovenruimte.Je hebt het gerecht te lang in deoven achtergelaten.Laat gerechten na het bereidenniet langer dan 15 - 20 minuten inde oven staan.Het duurt te lang om de gerech‐ten te bereiden of ze koken tesnel.De kamertemperatuur is te laagof te hoog.Pas indien nodig de temperatuuraan.

Diameter vanronde kookzo‐nes (Ø)LinksachterRechtsachterRechtsvoorLinksvoor14,0 cm18,0 cm14,0 cm18,0 cmEnergieverbruikper kookzone(EC electric coo‐king)LinksachterRechtsachterRechtsvoorLinksvoor180,3 Wh/kg179,4 Wu/kg180,3 Wh/kg179,4 Wu/kgEnergieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) 179,9 Wu/kgEN 60350-2 - Huishoudelijke elektrischekookapparaten - Deel 2: Kookplaten -Methoden voor het meten van prestaties.15.2 kookplaat -EnergiebesparendJe kunt energie besparen tijdens het dagelijkskoken als je de onderstaande aanwijzingenvolgt.• Gebruik bij het opwarmen van wateralleen de hoeveelheid die je nodig hebt.• Plaats, indien mogelijk, altijd de dekselsop het kookgerei.• Plaats het kookgerei op de kookzonevoordat je deze inschakelt.• De bodem van het kookgerei moetdezelfde diameter hebben als dekookzone.• Plaats het kleinere kookgerei op dekleinere kookzones.• Plaats het kookgerei direct in het middenvan de kookzone.• Gebruik de restwarmte om het voedselwarm te houden of om het te latensmelten.15.3 Productinformatie voor ovens en productinformatieblad*Naam leverancier Essentiel BModelnummer ECV506s 943005561Energie-efficiëntie-index 94.9Energie-efficiëntieklasse AEnergieverbruik met een standaard belading, conventionele mo‐dus0,84 kWh/cyclusEnergieverbruik met een standaard belasting, heteluchtmodus 0,75 kWh/cyclusAantal holtes 1Warmtebron ElektriciteitVolume 57 lSoort oven Oven in vrijstaand fornuisMassa 41.0 kg56 NEDERLANDS

* Voor de Europese Unie overeenkomstig EU-verordeningen 65/2014 en 66/2014. Voor de Republiek Belarus overeenkomstig STB 2478-2017, aanhangsel G; STB 2477-2017, bijlagen A en B. Voor Oekraïne overeenkomstig 568/32020. De energie-efficiëntieklasse is niet van toepassing op Rusland. EN 60350-1 - Huishoudelijke elektrische kooktoestellen - Deel 1: Fornuizen, ovens, stoomovens en grills - Me‐thoden voor het meten van prestaties. 15. 4 Oven - Energiebesparing Deze oven bevat functies die uhelpen energie te besparen tijdens hetdagelijks koken. Zorg ervoor dat de ovendeur gesloten is als ude oven in werking stelt. Open de ovendeurniet te vaak tijdens gebruik. Houd hetdeurrubber schoon en zorg ervoor dat hetgoed op zijn plaats vastzit. Gebruik metalen kookgerei om meer energiete besparen. Verwarm de oven niet voor als het niet hoeft.

Houd onderbrekingen tussen het bakken zokort mogelijk als je een aantal gerechtentegelijkertijd bereidt. Koken met hete luchtGebruik indien mogelijk de bereidingsfunctiesmet hete lucht om energie te besparen. RestwarmteWanneer de kookduur langer is dan 30minuten, verlaag dan de oventemperatuur totminimaal 3-10 minuten voor het einde van hetkoken. De restwarmte in de oven zal blijvenkoken. Je kunt de restwarmte gebruiken om anderemaaltijden op te warmen. Eten warm houdenKies de laagst mogelijketemperatuurinstelling om de restwarmte tegebruiken en een maaltijd warm te houden. Vochtig bakkenFunctie is ontworpen om tijdens de bereidingenergie te besparen. Voor meer details ziehoofdstuk "Oven - Dagelijks gebruik",Ovenfuncties. 16. MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool. Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.

Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Essentiel B ECV506s stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden