DeWalt DWE5615 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van DeWalt DWE5615 (128 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 9 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over DeWalt DWE5615 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | DeWalt |
| Categorie: | Zaagmachine |
| Model: | DWE5615 |
Handleiding DeWalt DWE5615 – volledige tekst
63nEDERLanDs aWAARSCHUWING: Lees de instructiehandleiding om het risico op letsel teverminderen. Definities: VeiligheidsrichtlijnenDe definities hieronder beschrijven de ernstgraad voor elk signaalwoord. Gelieve de handleiding te lezen en op deze symbolen teletten. GEVAAR: Wijst op een dreigende gevaarlijke situatie die, indien niet vermeden, zal leiden tot de dood of ernstigeverwondingen. WAARSCHUWING: Wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie die, indien niet vermeden, zou kunnen leiden tot de dood of ernstigeletsels. VOORZICHTIG: Wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie die, indien niet vermeden, kan leiden tot kleine of matigeletsels. OPMERKING: Geeft een handeling aan waarbij geen persoonlijk letsel optreedt die, indien niet voorkomen, schade aan goederen kanveroorzaken.
EG‑conformiteitsverklaringRichtlijn Voor MachinesCirkelzaag DWE5615DeWALT verklaart dat deze producten zoals beschreven onder Technische gegevens in overeenstemming zijn met: 2006/42/EG, EN62841‑1:2015+AC:2015+A11:2022, EN62841‑2‑5:2014. Deze producten voldoen ook aan de Richtlijn 2014/30/EU en 2011/65/EU. Neem voor meer informatie contact op met DeWALT via het volgende adres of kijk op de achterzijde van degebruiksaanwijzing. De ondergetekende is verantwoordelijk voor de samenstelling van het technische bestand en legt deze verklaring af namensDeWALT. Markus Rompel Vice‑President Engineering, PTE‑Europa DeWALT, Richard‑Slinger‑Strase 11, 65510, Idstein, Duitsland 05. 09.
Het vibratie‑ en/of lawaai‑emissieniveau dat in dit informatieblad wordt gegeven, is gemeten in overeenstemming met een gestandaardiseerde test die wordt gegeven in EN62841 en u kunt ermee het ene gereedschap met het andere vergelijken. Het kan worden gebruikt voor een eerste inschatting vanblootstelling. WAARSCHUWING: Het verklaarde vibratie- en/of lawaai-emissieniveau geldt voor de hoofdtoepassingen van het gereedschap. Als het gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, dan wel met andere accessoires of slecht wordt onderhouden, kan de vibratie- en/of lawaai-emissie verschillen. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verhogen gedurende de totalewerkperiode.
Een inschatting van het blootstellingsniveau aan vibratie en/of lawaai moet ook worden overwogen wanneer het gereedschap wordt uitgeschakeld of als het aan staat maar geen daadwerkelijke werkzaamheden uitvoert. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verminderen gedurende de totalearbeidsduur. DWE5615Spanning VAC230Type 1Opgenomen vermogen W 1500Snelheid onbelast min‑15500Zaagbladdiameter mm 190Maximale zaagdiepte bij90° mm 6845° mm 48Zaagbladboring mm 30Aanpassing afschuinhoek 45°Gewicht kg 4,0Geluidswaarden en/of vibratiewaarden (triax‑vectorsom) volgens EN62841‑2‑5:LPA (emissie geluidsdrukniveau) dB (A) 93LWA (geluidsvermogensniveau) dB (A) 101K (onzekerheid voor het gegeven geluidsniveau) dB (A) 3Zagen van houtVibratie‑emissiewaarde ah, W = m/s24,8Onzekerheid K = m/s21,8Hartelijk gefeliciteerd. U hebt gekozen voor een DeWALT gereedschap.
64nEDERLanDsis voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor buitenshuis, vermindert het risico op een elektrischeschok. f ) Als het gebruik van een elektrisch gereedschap op een vochtige locatie onvermijdelijk is, gebruikt u een stroomvoorziening die beveiligd is met een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico op een elektrischeschok. 3) Persoonlijke Veiligheida ) Blijf alert, kijk wat u doet en gebruik uw gezonde verstand als u een elektrisch gereedschap bedient. Gebruik het gereedschap niet als u vermoeid bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicatie bent. Een moment van onoplettendheid tijdens het bedienen van elektrische gereedschappen kan leiden tot ernstig persoonlijkletsel. b ) Gebruik een beschermende uitrusting. Draag altijd oogbescherming.
Beschermende uitrusting zoals een stofmasker, antislip veiligheidsschoenen, een helm, of gehoorbescherming gebruikt in de juiste omstandigheden zal het risico op persoonlijk letselverminderen. c ) Vermijd onbedoeld starten. Zorg ervoor dat de schakelaar in de ‚off‘ (uit) stand staat voordat u het gereedschap aansluit op de stroombron en/of accu, het oppakt of ronddraagt. Het ronddragen van elektrische gereedschappen met uw vinger op de schakelaar of het aanzetten van elektrische gereedschappen waarvan de schakelaar aan staat, zorgt voorongelukken. d ) Verwijder alle stelsleutels of moersleutels voordat u het elektrische gereedschap aan zet. Een moersleutel of stelsleutel die in een ronddraaiend onderdeel van het elektrische gereedschap is achtergelaten kan leiden tot persoonlijkletsel. e ) Rek u niet te ver uit. Blijf altijd stevig en in balans op de grond staan.
Loszittende kleding, sieraden of lang haar kunnen door bewegende delen wordengegrepen. g ) Als er in apparaten wordt voorzien voor het aansluiten van stofverwijdering‑ of verzamelapparatuur, zorg er dan voor dat deze correct worden aangesloten en gebruikt. Het gebruik van een stofverzamelaar kan aan stof gerelateerde gevarenverminderen. h ) Denk niet dat u, doordat u het gereedschap veel hebt gebruikt, het allemaal wel weet en dat u de veiligheidsbeginselen kunt negeren. Een onvoorzichtige actie kan in een fractie van een seconde ernstig letsel tot gevolghebben. ALGEMENE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR ELEKTRISCH GEREEDSCHAP WAARSCHUWING: Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specificaties die bij dit gereedschap zijn meegeleverd. Het niet opvolgen van alle onderstaande instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijkletsel.
BEWAAR ALLE WAARSCHUWINGEN EN INSTRUCTIES ALS TOEKOMSTIGREFERENTIEMATERIAALDe term „elektrisch gereedschap“ in de waarschuwingen verwijst naar uw (met een snoer) op de netspanning aangesloten elektrische gereedschap of naar (draadloos) elektrisch gereedschap met eenaccu. 1) Veiligheid Werkplaatsa ) Houd het werkgebied schoon en goed verlicht. Rommelige of donkere gebieden zorgen voorongelukken. b ) Bedien elektrische gereedschappen niet in een explosieve omgeving, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen kunnen doenontbranden. c ) Houd kinderen en omstanders op een afstand terwijl u een elektrisch gereedschap bedient. Als u wordt afgeleid kunt u de controle over het gereedschapverliezen. 2) Elektrische Veiligheida ) Stekkers van elektrisch gereedschap moeten in het stopcontact passen.
Niet aangepaste stekkers en passende contactdozen verminderen het risico op een elektrischeschok. b ) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlaktes zoals buizen, radiatoren, fornuizen en ijskasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaardis. c ) Stel elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of natte omstandigheden. Als er water in een elektrisch gereedschap terecht komt, verhoogt dit het risico op een elektrischeschok. d ) Behandel het stroomsnoer voorzichtig. Gebruik het stroomsnoer nooit om het elektrische gereedschap te dragen of te trekken, of de stekker uit het stopcontact te halen. Houd het snoer uit de buurt van warmte, olie, scherpe randen, of bewegende onderdelen. Beschadigde snoeren of snoeren die in de war zijn verhogen het risico op een elektrischeschok.
e ) Als u een elektrisch gereedschap buitenshuis gebruikt, gebruikt u een verlengsnoer dat geschikt Wijst op risico van een elektrischeschok. Wijst opbrandgevaar. Accu'sLaders/Laadtijden (Minuten)Cat #DCGewicht*Datumcode 201811475B of later**Datumcode 201536 of later**Deze matrix is uitsluitend bestemd als richtlijn, de tijden zijn afhankelijk van de temperaturen en de accustatus. ***Deze matrix is uitsluitend bestemd als richtlijn, de tijden zijn afhankelijk van de temperaturen en de accustatus.
65nEDERLanDsNADERE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR ALLE ZAGENOorzaken van terugslag en hoe de gebruiker deze kan voorkomen:• Terugslag is een plotselinge reactie bij een bekneld, vastgelopen of verkeerd uitgelijnd zaagblad, waardoor de gebruiker de controle over de zaag kan verliezen en de zaag uit het werkstuk omhoog kan komen naar de gebruiker;• Wanneer het zaagblad bekneld raakt of vastloopt in de zaagsnede die zich sluit, komt het zaagblad tot stilstand en stuurt de reactie van de motor de machine snel in achterwaartse richting de gebruiker;Veiligheidsvoorschriften voor alle zagenZaagproceduresa ) GEVAAR: Houd uw handen verwijderd van het zaaggebied en het zaagblad. Houd uw tweede hand op de hulphandgreep, of op de motorbehuizing. Als beide handen de zaag vasthouden, kunnen zij niet in aanraking met het zaagbladkomen. b ) Reik niet onder het werkstuk.
Onder het werkstuk kan de beschermkap u niet beschermen tegen hetzaagblad. c ) Pas de zaagdiepte aan aan de dikte van het werkstuk. Er moet minder dan een volledige tand van de zaagbladtanden zichtbaar zijn onder hetwerkstuk. d ) Houd nooit een werkstuk dat u zaagt in uw handen of tegen uw been gedrukt. Zet het werkstuk vast op een stabiele ondergrond. Het is belangrijk dat het werkstuk goed wordt ondersteund zodat blootstelling van het lichaam, vastlopen van het zaagblad of het verlies van controle tot een minimum wordenbeperkt. e ) Houd het elektrisch gereedschap vast aan de geïsoleerde oppervlakken wanneer u een bedieningshandeling uitvoert waarbij het zaaggereedschap in contact kan komen met verborgen bedrading of het eigen snoer. Contact met bedrading die onder stroom staat, kan metalen onderdelen van het gereedschap onder stroom zetten en de gebruiker een elektrische schokgeven.
f ) Gebruik bij het overlangszagen altijd een langsgeleider of een geleider met een rechte rand. Dat verbetert de nauwkeurigheid van de zaagsnede en vermindert de kans dat het zaagbladvastloopt.
g ) Gebruik altijd zaagbladen van de juiste omvang en vorm (ruitvormig tegenover rond) van het asgat. Zaagbladen die niet passen bij de montagehardware van de zaag zullen excentrisch lopen, met verlies van de controle alsgevolg. h ) Gebruik nooit beschadigde of onjuiste zaagbladringen of een onjuiste zaagbladbout. De zaagbladringen en -bout zijn speciaal voor uw zaag ontworpen, voor optimale prestaties en een veiliggebruik. 4) Gebruik en Verzorging van Elektrisch Gereedschapa ) Forceer het gereedschap niet. Gebruik het juiste elektrische gereedschap voor uw toepassing. Het juiste elektrische gereedschap voert de werkzaamheden beter en veiliger uit waarvoor het isontworpen. b ) Gebruik het gereedschap niet als de schakelaar het niet aan en uit kan zetten. Leder gereedschap dat niet met de schakelaar kan worden bediend is gevaarlijk en moet wordengerepareerd.
c ) Trek de stekker uit het stopcontact en/of neem de accu, als deze kan worden losgenomen, uit het elektrisch gereedschap en voer daarna pas aanpassingen uit, wissel daarna pas accessoires of berg daarna pas het gereedschap op. Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongelukopstart. d ) Bewaar gereedschap dat niet wordt gebruikt buiten het bereik van kinderen en laat niet toe dat personen die onbekend zijn met het elektrische gereedschap of deze instructies het gereedschap bedienen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk in handen van ongetraindegebruikers. e ) Onderhoud elektrische gereedschappen. Controleer op verkeerde uitlijning en het grijpen van bewegende onderdelen, breuk van onderdelen en andere omstandigheden die de werking van het gereedschap nadelig kunnen beïnvloeden.
Zorg dat het gereedschap voor gebruik wordt gerepareerd als het beschadigd is. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhoudengereedschap. f ) Houd snijdgereedschap scherp en schoon.
Correct onderhouden snijdgereedschappen met scherpe snijdranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker tebeheersen. g ) Gebruik het elektrische gereedschap, de accessoires en gereedschapsonderdelen enz. in overeenstemming met deze instructies, waarbij u rekening houdt met de werkomstandigheden en de werkzaamheden die dienen te worden uitgevoerd. Gebruik van het elektrische gereedschap voor werkzaamheden die anders zijn dan het bedoelde gebruik, kunnen leiden tot een gevaarlijkesituatie. h ) Houd de handgrepen en oppervlakken die u beet pakt, droog, schoon en vrij van olie en vet. Door gladde handgrepen en oppervlakken die u beet pakt, kan veilig werken en bedienen van het gereedschap in onverwachte situaties onmogelijkworden. 5) Servicea ) Zorg dat u gereedschap wordt onderhouden door een erkende reparateur die uitsluitend identieke vervangende onderdelen gebruikt.
66NEDERLANDSAanvullende veiligheidsinstructies voor cirkelzagen• Draag gehoorbescherming. Blootstelling aan lawaai kan gehoorverliesveroorzaken. • Draag een stofmasker. Blootstelling aan stofdeeltjes kan ademhalingsproblemen en mogelijk letselveroorzaken. • Gebruik geen zaagbladen met een grotere of kleinere diameter dan wordt aanbevolen. Raadpleeg voor de juiste maten van het zaagblad de Technische gegevens. Gebruik alleen de zaagbladen die worden opgegeven in deze handleiding, en die voldoen aan EN 847-1. • Gebruik alleen zaagbladen waarop een snelheid wordt vermeld die gelijk is aan of hoger is dan de snelheid die op het gereedschap wordtvermeld. • Voorkom oververhitting van de tanden van hetzaagblad. • Installeer vóór gebruik de stofafzuigpoort op dezaag. • Gebruik nooitslijpschijven. • Gebruik geen hulpstukken voor de toevoer vanwater.
Veiligheidsinstructies voor de onderstebeschermkapa ) Controleer altijd dat de onderste beschermkap is gesloten voordat u de zaag gebruikt. Gebruik de zaag niet als de onderste beschermkap niet vrij beweegt en zich niet ogenblikkelijk sluit. Klem of bind de onderste beschermkap nooit vast in een geopende stand. Als de zaag komt te vallen, kan de onderste beschermkap verbogen raken. Breng de onderste beschermkap met de terugtrekhendel omhoog en controleer dat de kap vrij kan bewegen en onder geen enkele hoek en bij geen enkele zaagdiepte het zaagblad of een ander onderdeelraakt. b ) Controleer het veermechanisme voor de onderste beschermkap. Als de beschermkap en de veer niet goed werken, moeten zij vóór gebruik worden nagezien. Mogelijk werkt de onderste beschermkap traag als gevolg van beschadigde onderdelen, ingedikte resten van smeermiddelen of opeenhoping vanvuil.
Breng de onderste beschermkap omhoog door de handgreep terug te halen en laat de kap los zodra het zaagblad in het materiaal dringt. Voor alle andere zaagwerkzaamheden moet de onderste beschermkap automatischfunctioneren. d ) Let er altijd goed op dat de onderste beschermkap het zaagblad bedekt voordat u de zaag op een werkbank of op de vloer zet. Als het zaagblad niet afgeschermd is kan het uitlopende zaagblad de zaag naar achteren laten lopen en kan alles wat de zaag tegenkomt beschadigd raken. Houd rekening met de tijd die het zaagblad nodig heeft om tot stilstand te komen nadat u de schakelaar hebtlosgelaten. • Als het zaagblad krom wordt of verkeerd uitgelijnd raakt in de zaagsnede, kunnen de tanden aan de achterzijde van het zaagblad zich in het bovenoppervlak van het hout vreten, waardoor het zaagblad uit de zaagsnede omhoog klimt naar de gebruikertoe.
Terugslag is het gevolg van een verkeerd gebruik en/of onjuiste gebruiksomstandigheden van de zaag en kan worden voorkomen door geschikte voorzorgsmaatregelen te nemen zoals hieronder worden vermeld:a ) Blijf de zaag stevig met beide handen vasthouden en plaats uw armen zodanig dat u een eventuele terugslag kunt tegenhouden. Plaats uw lichaam aan één van beide zijden van het zaagblad, maar niet in lijn met het zaagblad. Door terugslag kan de zaag naar achteren springen, maar de krachten van de terugslag kunnen door de gebruiker worden gecontroleerd, als de juiste voorzorgsmaatregelen wordengenomen. b ) Wanneer het blad vast komt te zitten, of wanneer u het zagen om welke reden dan ook wilt onderbreken, laat u de schakelaar los en houdt u de zaag zonder beweging in het materiaal totdat het blad tot volledige stilstand is gekomen.
Probeer nooit de zaag uit het werkstuk te trekken of de zaag naar achteren te trekken terwijl het zaagblad loopt of wanneer terugslag zich kan voordoen. Zoek naar de oorzaak van het vastlopen en neem de geschikte maatregelen om die oorzaak teverhelpen.
c ) Centreer, wanneer u een zaag opnieuw start in het werkstuk, het zaagblad in de zaagsnede en controleer dat de zaagtanden niet in het materiaal vastzitten. Als een zaagblad is vastgelopen, kan het omhoog komen of terugslaan uit het werkstuk als de zaag opnieuw wordtgestart. d ) Ondersteun grote panelen zodat het risico van vastlopen of terugslaan zoveel mogelijk wordt beperkt. Grote panelen kunnen onder hun eigen gewicht doorzakken. Er moet aan beide zijden ondersteuning onder het paneel worden geplaatst, dicht bij de zaagsnede en dicht bij de rand van hetpaneel. e ) Gebruik geen botte of beschadigde bladen. Bij niet-geslepen of onjuist geplaatste zaagbladen krijgt u een nauwe zaagsnede, ontstaat te veel wrijving, komt het zaagblad vast te zitten en treedt terugslagop. f ) Vergrendelingen van de zaagbladdiepte en afschuinhoek moeten goed vastzitten voordat er wordt gezaagd.
Als het zaagblad tijdens het zagen verschuift, kan het vast komen te zitten en treedt terugslagop. g ) Wees bijzonder voorzichtig wanneer u invallend zaagt op bestaande muren of andere verborgen gedeelten. Het vooruitstekende zaagblad kan voorwerpen zagen die terugslag kunnenveroorzaken.
67nEDERLanDsBeschrijving (Afb. A) WAARSCHUWING: Pas het gereedschap of een onderdeel ervan nooit aan. Dit kan schade of persoonlijk letsel tot gevolghebben. 1 Aan/uit‑schakelaar2 Hoofdhandgreep3 Vergrendeling zaagblad4 Hulphandgreep5 Afstelknop afschuinhoek6 Aanpassingsmechanisme afschuinhoek7 Grondplaat8 Onderste zaagbladbeschermkap9 Zaagbladklemschroef10 Hendel onderste beschermkap11 Bovenste zaagbladbeschermkap12 VergrendelknopPositie Datumcode (Afb. A)De datumcode 13, die ook het jaar van fabricage omvat, is in de behuizingafgedrukt. Voorbeeld:2022 XX XXProductiejaar en ‑weekMarkering op het gereedschapDe volgende pictogrammen staan op het gereedschap vermeld:Lees gebruiksaanwijzing voorgebruik. Draaggehoorbescherming. Draagoogbescherming.
Inhoud van de verpakkingDe verpakking bevat:1Cirkelzaag1 Cirkelzaag‑blad1 Inbus‑sleutel1 Langsgeleiding1 Mondstuk Stofafzuiging1 Instructiehandleiding• Controleer het gereedschap, de onderdelen of accessoires op eventuele beschadiging tijdens hettransport. • Neem de tijd om deze handleiding grondig door te lezen en te begrijpen voordat u het apparaat in gebruikneemt. van dit gereedschap (zie Technische Gegevens). Het minimale formaat van de geleider is 1,5 mm2; de maximale lengte is 30m. Rol het snoer altijd volledig af, wanneer u een haspelgebruikt. Elektrische veiligheidDe elektrische motor is slechts voor één voltage ontworpen. Controleer altijd dat de stroomvoorziening overeenkomt met de aanduiding van de spanning op hettypeplaatje. iUw DeWALT gereedschap is dubbel geïsoleerd, overeenkomstig EN62841; daarom is er geen aardingsdraadvereist.
Als het netsnoer beschadigd is, moet dit worden vervangen door DeWALT- of een erkendservicecentrum. OPMERkIng: Dit apparaat is bedoeld om aan te sluiten op een voedingssysteem met een maximale toegestane systeemimpedantie Zmax van 0,214 Ω op het aansluitpunt (elektriciteitskast) van de voeding van de gebruiker.
De gebruiker moet ervoor zorgen dat dit toestel alleen wordt aangesloten op een elektriciteitssysteem dat aan bovenvermeld vereiste voldoet. Indien nodig kan de gebruiker het elektriciteitsbedrijf vragen naar de systeemimpedantie op hetinterfacepunt. Vervanging van de stekker (alleenV. K. & Ierland)Als er een nieuwe netstekker moet worden gemonteerd:• Verwerk de oude stekker veilig bij hetafval. • Sluit de bruine draad aan op de faseaansluiting van destekker. • Sluit de blauwe draad aan op de nulgeleider van destekker. WAARSCHUWING: Er moet niet een verbinding tot stand worden gebracht met deaardeaansluiting. Volg de montage‑instructies die bij stekkers van goede kwaliteit worden geleverd. Aanbevolen zekering: 13A.
Een verlengsnoer gebruikenGebruik, als een verlengsnoer nodig is, een goedgekeurd 3‑aderig verlengsnoer dat geschikt is voor de stroomvoorziening Overige risico's WAARSCHUWING: Wij adviseren u een aardlekschakelaar te gebruiken met een nominale reststroomwaarde van 30mA ofminder. Ondanks het toepassen van de relevante veiligheidsvoorschriften en het implementeren van veiligheidsvoorzieningen kunnen sommige overige risico’s niet worden vermeden. Dit zijn:• Gehoorbeschadiging. • Risico op persoonlijk letsel door deeltjes die wordenweggeslingerd. • Risico van brandwonden omdat accessoires tijdens het gebruik heetworden. • Risico van persoonlijk letsel als gevolg van langduriggebruik. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES• Zet het werkstuk met klemmen of op een andere praktische manier vast en ondersteun het op een stabiele ondergrond.
68NEDERLANDSOnderste zaagbladbeschermkap WAARSCHUWING: De onderste zaagbladbeschermkap is een veiligheidsvoorziening die het risico van ernstig persoonlijk letsel beperkt. Gebruik de zaag nooit als de onderste beschermkap ontbreekt, beschadigd is, verkeerd gemonteerd is of niet goed werkt. U kunt er niet op vertrouwen dat de onderste zaagbladbeschermkap u onder alle omstandigheden beschermt. Uw veiligheid is afhankelijk van het opvolgen van de volgende waarschuwingen en aanwijzingen voor een veilig 3. Plaats de buitenste klemring16 op de zaagas met het grote platte oppervlak tegen het zaagblad met de schuine zijde naar buitengericht. 4. Draai met de hand de zaagbladklemschroef9 op de zaagas (de schroef heeft linkse draad en moet naar links wordenvastgedraaid). 5.
Druk de vergrendelingsknop3 van het zaagblad in terwijl u de zaagas draait met de inbussleutel17 tot de zaagbladvergrendeling ingrijpt en het zaagblad niet meerdraait. 6. Zet de zaagbladklemschroef stevig vast met dezaagbladsleutel. OPMERKING: Schakel de zaagbladvergrendeling nooit in zolang de zaag loopt, en laat de vergrendeling ook nooit ingrijpen in een poging het gereedschap te stoppen. Schakel de zaag nooit in terwijl de zaagbladvergrendeling is ingeschakeld. De zaag kan dan ernstig beschadigdraken. Het zaagblad vervangen (Afb. A–C) WAARSCHUWING: Koppel het gereedschap los van de voeding vóór het uitvoeren van onderhoud, aanpassen, installeren of verwijderen vanaccessoires. 1.
Druk als u de zaagbladklemschroef9 wilt losmaken de vergrendelingsknop3 van het zaagblad in en draai de zaagas draait met de inbussleutel17 tot de zaagbladvergrendeling ingrijpt en het zaagblad niet meer draait. Draai met de zaagbladvergrendeling ingeschakeld de zaagbladklemschroef met de inbussleutel naar rechts (de schroef heeft linkse draad en moet naar rechts wordenlosgedraaid). 2.
Verwijder alleen de zaagbladklemschroef9 en de buitenste klemring16. Verwijder het oudezaagblad. 3. Haal alle zaagsel weg die zich mogelijk heeft verzameld in de buurt van de beschermkap en de klemring en controleer de staat en de werking van de onderste beschermkap, zoals eerder is uiteengezet. Breng hier geen smeringaan. 4. Selecteer het juiste zaagblad voor de toepassing (zie Zaagbladen). Gebruik altijd zaagbladen van de juiste afmeting (diameter) met een middengat van de juiste afmeting en vorm voor de montage op de zaagas. Zorg er altijd voor dat de maximale aanbevolen snelheid (tpm) op het zaagblad overeenkomt met of hoger is dan de snelheid (tpm) van dezaag. 5. Volg stap 2tot en met 6onder Het Zaagblad installeren en let erop dat het zaagblad in de juiste richtingdraait. Zaagbladen wisselenHet zaagblad installeren (Afb.
A–C) WAARSCHUWING: Koppel het gereedschap los van de voeding vóór het uitvoeren van onderhoud, aanpassen, installeren of verwijderen vanaccessoires. 1. Plaats de binnenste klemring14 op juiste wijze op de zaagas15. 2. Trek de onderste zaagbladbeschermkap8 terug en plaats het zaagblad op de zaagas tegen de binnenste klemring en let er daarbij op dat het zaagblad in de juiste richting draait (de richting van de pijl die de rotatie aangeeft op het zaagblad en de tanden moeten in dezelfde richting wijzen als die van de rotatiepijl op de onderste zaagbladbeschermkap). Ga er niet vanuit dat de afdruk op het zaagblad altijd naar u toe is gericht wanneer deze goed is geïnstalleerd.
Wanneer u de onderste zaagbladbeschermkap intrekt voor het installeren van het zaagblad, controleer dan de staat en de werking van de onderste zaagbladbeschermkap zodat u er zeker van kunt zijn dat deze goed werkt. Controleer dat deze vrij beweegt en niet het zaagblad of een ander onderdeel raakt, onder alle hoeken en bij allezaagdiepten.
MONTAGE EN AANPASSINGEN WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u het van de stroomvoorziening, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letselveroorzaken. Bedoeld gebruikDeze robuuste cirkelzagen zijn ontworpen voor professionele toepassing bij het zagen vanhout. NIET TE GEBRUIKEN onder natte omstandigheden of op een plaats waar brandbare vloeistoffen of gassenzijn. Deze zaag voor zware toepassingen is professioneel elektrischgereedschap. Laat NIET kinderen met het gereedschap in contact komen. Toezicht is vereist als onervaren gebruikers met dit productwerken. • Jonge kinderen en personen met een zwakke gezondheid. Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door jonge kinderen en personen met een zwakke gezondheid, zondertoezicht.
• Dit product is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder kinderen) die verminderde fysieke, zintuiglijke of psychische mogelijkheden hebben; wanneer sprake is van gebrek aan ervaring, kennis of vaardigheden is gebruik alleen toegestaan onder toezicht van een persoon die verantwoordelijk is voor de veiligheid van gebruikers. Laat nooit kinderen alleen met ditproduct.
69NEDERLANDSHet mondstuk van de stofafzuiging monteren (Afb. F, Q, R)Uw DWE5615 cirkelzaag wordt geleverd met een mondstuk voor destofafzuiging. Om het mondstuk van de stofafzuiging te monteren1. Zet de hendel voor afstelling van de diepte (Fig. F,18) vollediglos. 2. Plaats de grondplaat7 in de laagstepositie. De parallelle langsgeleiding monteren en afstellen (Afb. J)De parallelle langsgeleiding22 wordt gebruikt voor het zagen parallel aan de rand van hetwerkstuk. Monteren1. Zet de afstellingsknop van de langsgeleiding20 wat losser zodat de parallelle langsgeleiding kanpasseren. 2. Steek de parallelle langsgeleiding in de grondplaat7 zoals wordtweergegeven. 3. Zet de knop voor het afstellen van de parallelle langsgeleidingvast. Afstellen1. Draai de knop voor het afstellen van de langsgeleiding los en stel de parallelle langsgeleiding in op de gewenste breedte.
U kunt de afstelling aflezen van de schaalverdeling van delangsgeleiding. 2. Zet de knop voor het afstellen van de langsgeleidingvast. Zaagsnede‑indicator (Afb. I)De voorzijde van de zaagschoen heeft een indicator voor de zaagsnede19 voor verticaal zagen en onder een schuine hoek zagen. Met deze indicator kunt u de zaag langs zaaglijnen geleiden, die u op het te zagen materiaal hebt afgetekend. De zaagsnede‑indicator wijst naar de linker (binnen)zijde van het zaagblad, waardoor de sleuf of "zaagsnede" die door het draaiende zaagblad wordt gezaagd, rechts van de indicator uitkomt. Leid de zaag langs de afgetekende zaaglijn zodat de zaagsnede uitkomt op hetrestmateriaal. Afstelling verstekhoek (Afb. H)Het volledige bereik van de afstelling van het verstek is van 0° tot 50°. De kwadrant is verdeeld in stappen van 1°.
Aan de voorzijde van de zaag bevindt zich een mechanisme voor het afstellen van de verstekhoek, dat bestaat uit een gekalibreerde kwadrant en een hendel5 voor afstelling van deverstekhoek. De zaag instellen voor een zaagsnede in verstek1. Maak de hendel5 voor afstelling van de verstekhoek los en kantel de zaagschoen ( 7, Afb. A) tot de gewenste hoek door de aanwijzer tegenover het hoekmerkteken van uw keuze teplaatsen. 2. Draai de hendel weer (naar rechts)vast. Afstelling zaagdiepte (Afb. F, G)1. Haal de hendel voor diepteafstelling18 naar boven om deze los tezetten. 2. Zet voor het verkrijgen van de juiste zaagdiepte het juiste merkteken op de strook voor de diepteafstelling, met de inkeping op de bovenstezaagbladbeschermkap. 3. Zet de diepteafstellingshendelvast. 4.
Zet voor de meest efficiënte werking met een zaagblad met een carbide tip de diepteafstelling zo, dat ongeveer de helft van een tand onder het oppervlak van het te zagen houtuitsteekt. 5. Een methode voor het controleren van de juiste zaagdiepte wordt weergegeven op Afb. F, G. Leg een stuk van het materiaal dat u wilt gaan zagen langs het zaagblad, zoals wordt weergegeven op de Afbeelding en kijk hoeveel van een tand tot buiten het materiaalreikt. Hendel voor de zaagdiepteafstelling (Afb. F, G)Misschien wilt u de stand van de hendel voor de zaagdiepteafstelling18 wijzigen. De hendel kan na verloop van tijd losraken en voor het vastzetten de grondplaatraken. De hendel vastzetten1. Houd de hendel voor de diepteafstelling18 vast en draai de borgmoerlos. 2. Stel de hendel voor de diepteafstelling af door de hendel ongeveer 1/8 slag in de gewenste richting tedraaien. 3.
Zet de moer weervast. gebruik en ook van een goede werking van de zaag. Controleer voor ieder gebruik dat de onderste zaagbladbeschermkap goed sluit.
Als de onderste zaagbladbeschermkap ontbreekt of niet goed werkt, laat de zaag dan nazien voordat u het gereedschap weer gebruikt. De veiligheid en betrouwbaarheid van het product kunnen alleen worden gewaarborgd als reparatie, onderhoud en afregeling worden uitgevoerd door een geautoriseerd servicecentrum of een andere gekwalificeerde service‑organisatie, waarbij altijd identieke vervangende onderdelen moeten wordengebruikt. De onderste beschermkap controleren (Afb. A)1. Schakel het gereedschap uit en trek de stekker uit hetstopcontact. 2. Draai de hendel10 van de onderste beschermkap uit de geheel gesloten positie naar de geheel geopendepositie. 3. Laat de hendel los en zie erop toe dat de beschermkap8 naar de geheel gesloten positieterugkeert.
Het gereedschap moet in een officieel erkend servicecentrum worden nagezien, als de beschermkap:• niet terugkeert in de geheel gesloten positie,• met horten en stoten of langzaam beweegt, of• contact maakt met het zaagblad of met een deel van het gereedschap onder alle hoeken en bij allezaagdiepten.
70NEDERLANDSZagen (Afb. L–N)Plaats het bredere gedeelte van de grondplaat van de zaag op dat gedeelte van het werkstuk dat stevig wordt ondersteund, niet op een gedeelte dat valt wanneer de zaagsnede is voltooid. Als voorbeeld illustreert Afb. K de JUISTE manier voor het afzagen van het uiteinde van een stuk materiaal. Zet het werk altijd met klemmen vast. Probeer niet korte stukken materiaal met de hand vast te houden. (Afb. L) Denk er aan dat u vrijdragend en overhangend materiaal moet ondersteunen. Ga voorzichtig te werk wanneer u materiaal van onderafafzaagt. Het is belangrijk dat de zaag op volle snelheid draait voordat het zaagblad het te zagen materiaal raakt. Wanneer u met zagen begint met het zaagblad tegen het materiaal dat moet worden gezaagd of met het zaagblad dat vooruit wordt geduwd in de zaagsnede, kan dat terugslag tot gevolg hebben.
Duw de zaag naar voren met een snelheid waarbij het zaagblad zonder veel moeite kan zagen. Hardheid en taaiheid kunnen variëren, zelfs in hetzelfde stuk materiaal, en knoestige of vochtige delen kunnen de zaag zwaar belasten. Duw de zaag, wanneer dit gebeurt langzamer vooruit, maar wel zo stevig dat de zaag kan blijven werken zonder veel verlies van snelheid. Wanneer u de zaag met geweld voortduwt, kan dat leiden tot ruwe zaagsneden, terugslag en oververhitting van de motor. Als het zo is dat uw zaagsnede begint af te wijken van de zaaglijn, probeer dan niet de zaaglijn weer te bereiken. Laat de schakelaar los en laat het zaagblad volledig tot stilstand komen. U kunt dan de zaag terugtrekken, opnieuw aanleggen en een nieuwe zaagsnede beginnen enigszins binnen de verkeerde zaagsnede. U moet in ieder geval de zaag terugtrekken als u de zaagsnede moet verplaatsen.
HET IS BELANGRIJK DAT HET ZAAGBLAD RECHT IN DE ZAAGSNEDE ZIT EN VRIJ VAN DE ZAAGRAND VOORDAT U OPNIEUWBEGINT. Laat de schakelaar los, wanneer u de zaagsnede voltooit, laat het zaagblad tot stilstand komen en til vervolgens pas de zaag van het werk. Wanneer u de zaag optilt, zal de geveerde telescopische beschermkap zich automatisch onder het zaagblad sluiten. Denk eraan dat het zaagblad pas is afgedekt als de beschermkap is gesloten. Reik niet om welke reden dan ook onder het werk. Wanneer u de telescopische beschermkap vasthouden en plaats uw lichaam en arm zo dat u een eventuele terugslag kunt tegenhouden. SCHAKEL ALTIJD HET GEREEDSCHAP UIT EN NEEM DE ACCU UIT VOOR U AANPASSINGEN UITVOERT. Afbeelding K laat de juiste zaagpositie zien. NB. houd handen weg van het zaaggebied. Vermijd terugslag, ondersteun ALTIJD board- en plaatmateriaal DICHTBIJ de zaagsnede, (Afb. J).
ONDERSTEUN board‑ of plaatmateriaal NIET ver van de zaagsnede verwijderd (Afb. J). Plaats het werk met de "goede” zijde — de zijde die er het mooist moet uitzien — omlaag. De zaag zaagt naar boven, dus splinters zullen te zien zijn op de zijde van het werkstuk die omhoog gericht is tijdens hetzagen. Ondersteuning van het werkstuk (Afb. L–O) WAARSCHUWING: Het is belangrijk dat het werkstuk goed wordt ondersteund en dat de zaag stevig wordt vastgehouden, zodat verlies van controle en daardoor persoonlijk letsel wordt voorkomen. Afbeelding Klaat zien hoe u de zaag goed met uw handen kunt ondersteunen. Blijf de zaag stevig met beide handen In‑ en uitschakelen (afb. A)Om veiligheidsredenen is de aan/uit‑schakelaar1 van uw gereedschap voorzien van een knop voor vergrendeling in de uit‑stand12. Druk op de vergrendelknop om het gereedschap teontgrendelen.
KENNISGEVING: Schakel het gereedschap niet in of uit wanneer het zaagblad het werkstuk of andere materialenraakt. Juiste handpositie (Afb. K) WAARSCHUWING: Beperk het risico op ernstig persoonlijk letsel, plaats ALTIJD uw handen in de juiste positie, zoalsafgebeeld. WAARSCHUWING: Beperk het risico van ernstig persoonlijk letsel, houd het gereedschap ALTIJD stevig vast, zodat u bent voorbereid op een plotselingeterugslag. Voor een juiste positie van de handen zet u één hand op de hoofdhandgreep2 en de andere op de hulphandgreep4. BEDIENINGInstructies voor gebruik WAARSCHUWING: Houd u altijd aan de veiligheidsinstructies en van toepassing zijndevoorschriften.
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u het van de stroomvoorziening, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letselveroorzaken. Voordat u het gereedschap in gebruik neemt• Controleer dat de beschermkappen goed zijn gemonteerd. De zaagbladbeschermkap moet geslotenzijn. • Controleer dat het zaagblad draait in de richting van de pijl op hetzaagblad. • Gebruik geen zeer versletenzaagbladen. 3. Lijn de twee helften van het mondstuk voor de stofafzuiging21 uit boven de bovenste zaagbladbeschermkap11, zoals wordtweergegeven. 4. Plaats de schroeven en draai ze stevigvast.
71nEDERLanDsReiniging WAARSCHUWING: Blaas vuil en stof door middel van droge lucht uit de hoofdbehuizing, zo vaak u ziet dat vuil zich in en rond de ventilatieopeningen verzamelt. Draag goedgekeurde oogbescherming en een goedgekeurd stofmasker wanneer u deze procedureuitvoert. WAARSCHUWING: Gebruik nooit oplosmiddelen of andere bijtende chemicaliën voor het reinigen van niet- metalen onderdelen van het gereedschap. Deze chemicaliën kunnen de materialen die in deze onderdelen worden gebruikt, week maken. Gebruik een doek die alleen met water en een milde zeepoplossing vochtig is gemaakt. Laat nooit vloeistof in het gereedschap komen; dompel nooit een onderdeel van het gereedschap onder in eenvloeistof. Onderste beschermkapDe onderste beschermkap moet altijd vrij kunnen draaien en sluiten uit een geheel open of geheel gesloten positie.
Controleer altijd of de beschermkap goed werkt door de kap voorafgaand aan zaagwerkzaamheden geheel te openen en los te laten. Als de beschermkap langzaam sluit of niet geheel sluit, moet de kap worden schoongemaakt of worden nagezien. Gebruik de zaag pas weer als de beschermkap goed werkt. Maak de beschermkap schoon met droge lucht of een zachte borstel en verwijder alle opgehoopte zaagsel en vuil uit het pad van de beschermkap en rond de veer van de beschermkap. Als hiermee het probleem niet is verholpen, moet het gereedschap worden nagezien door een erkendservicecentrum. CSmeringUw elektrische gereedschap heeft geen aanvullende smeringnodig. ONDERHOUDUw gereedschap op stroom is ontworpen om gedurende een lange tijdsperiode te functioneren met een minimum aan onderhoud.
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u het van de stroomvoorziening, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letselveroorzaken. WAARSCHUWING: Gebruik ALTIJD stofafzuiging die ontworpen is in overeenstemming met de van toepassing zijnde richtlijnen voor stofemissie bij het zagen van hout. Slangen van de meeste gewone stofzuigers passen rechtstreeks in de poort voorstofafzuiging. Stofafzuiging (Afb. S) WAARSCHUWING: Risico van het inademen van stof. Beperk het risico van persoonlijk letsel, draag ALTIJD een goedgekeurdstofmasker. Er wordt een stofafzuigpoort21 meegeleverd bij uwgereedschap.
Met de stofafzuigpoort kunt u het gereedschap op een externe stofzuiger aansluiten met behulp van het AirLock™‑systeem (DWV9000‑XJ) of een standaard 35mm‑ voor eenstofzuiger. Invalzagen (Afb. P) WAARSCHUWING: Zet de onderste zaagbladbeschermkap nooit vast in een opgehaalde stand. Verplaats de zaag nooit naar achteren bij het invalzagen. Hierdoor kan de zaag zich omhoog werken uit het werkoppervlak en dat kan leiden totletsel. Een insteekzaagsnede is een zaagsnede die wordt gemaakt in een vloer, wand of een ander vlakoppervlak. 1. Stel de zaagvoet van de zaag zo af dat het zaagblad op de gewenste dieptezaagt. 2. Kantel de zaag naar voren en laat de voorzijde van de zool op het te zagen materiaalrusten. 3. Trek met de terugtrekhendel van de onderste beschermkap de onderste beschermkap omhoog.
Laat de achterzijde van de zaagschoen zakken tot de tanden van het zaagblad bijna de zaaglijnraken. 4. Laat de onderste zaagbladbeschermkap los (door het contact met het werk kan de kap vrij opengaan wanneer u de zaagsnede begint). Neem uw hand van de hendel van de onderste beschermkap en pak de hulphandgreep4 stevig vast, zoals in Afbeelding P wordt getoond.
Plaats uw lichaam en arm zo dat u weerstand kunt geven aan terugslag, als deze zichvoordoet. 5. Controleer dat het zaagblad niet contact maakt met het zaagoppervlak voor u de zaagstart. 6. Start de motor en laat de zaag geleidelijk zakken tot de zaagvoet vlak op het te zagen materiaal rust. Breng de zaag naar voren langs de zaaglijn tot de zaagsnede isvoltooid. 7. Laat de aan/uit‑schakelaar los en trek het zaagblad pas uit het materiaal wanneer het geheel tot stilstand isgekomen. 8. Ga aan het begin van iedere nieuwe zaagsnede steeds weer te werk zoals hierboven wordtvermeld. Overlangszagen (AfbN)Overlangs afkorten is het proces van het in smalle stroken zagen van breed plaatmateriaal – zagen in de richting van de nerf. Het met de hand geleiden van het gereedschap is bij deze manier van zagen moeilijker en daarom wordt u geadviseerd een DeWALT langsgeleiding tegebruiken.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met DeWalt DWE5615 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Zaagmachine DeWalt
Handleiding Zaagmachine
Nieuwste handleidingen voor Zaagmachine