DeWalt DW720 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van DeWalt DW720 (144 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 7 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over DeWalt DW720 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | DeWalt |
| Categorie: | Zaagmachine |
| Model: | DW720 |
Handleiding DeWalt DW720 – volledige tekst
NEDERLANDSnl - 1 62RADIAALARMZAAG DW720Gefeliciteerd. U heeft gekozen voor een elektrische machine van DEWALT. Jarenlangeervaring, voortdurende produktontwikkeling en innovatie maken DEWALTtot een betrouwbare partner voor de professionele gebruiker. InhoudsopgaveTechnische gegevens nl - 1EG-Verklaring van overeenstemming nl - 1Veiligheidsinstructies nl - 2Inhoud van de verpakking nl - 3Beschrijving nl - 3Elektrische veiligheid nl - 3Gebruik van verlengsnoeren nl - 3Monteren en instellen nl - 3Aanwijzingen voor gebruik nl - 6Opties nl - 7Onderhoud nl - 9Garantie nl - 9Instructiekaart nl - 10Technische gegevensDW720Opgenomen vermogen W 1450Afgegeven vermogen W 1100Spanning V 230Zaagbladdiameter (max) mm 250Asgat mm 30Spindelmaat mm 20Toerental, onbelast, 50 Hz min-12800Toerental, onbelast, 60 Hz min-13400Zaagdiepte onder 90° mm 68Zaagdiepte onder 45° mm 50Max.
afkortcapaciteit onder 0°bij een materiaaldikte van 25 mm mm 380Max. verstekzaagcapaciteit onder 45°bij een materiaaldikte van 25 mm rechts mm 245links mm 260Max. afkortbreedte mm 380Max. schulpbreedte mm 640Afmetingen mm 148 x 95 x 150Stofafzuigadapter mm 100Gewicht kg 52,5Standaarduitrusting:Hardmetalen zaagblad, zaagbladbescherming en gereedschappen,nulspanningsuitschakelaar. Zekeringen:230 V machines 10 AIn deze handleiding worden de volgende pictogrammen gebruikt:Duidt op mogelijk lichamelijk letsel, levensgevaar of kans opbeschadiging van de machine indien de instructies in dezehandleiding worden genegeerd. Geeft elektrische spanning aan. Scherpe randen. EG-Verklaring van overeenstemmingDW720DEWALT verklaart dat deze elektrische machines in overeenstemming zijnmet: 89/392/EEG, 89/336/EEG, 73/23/EEG, EN 61029, EN 55104,EN 55014, EN 61000-3-2 & EN 61000-3-3.
NEDERLANDS63 nl - 2VeiligheidsinstructiesNeem bij het gebruik van elektrische machines altijd de plaatselijkgeldende veiligheidsvoorschriften in acht in verband metbrandgevaar, gevaar voor elektrische schokken en lichamelijk letsel. Lees ook onderstaande instructies aandachtig door voordat u met demachine gaat werken. Bewaar deze instructies zorgvuldig. Algemeen1 Zorg voor een opgeruimde werkomgevingEen rommelige werkomgeving leidt tot ongelukken. 2 Houd rekening met omgevingsinvloedenStel elektrische machines niet bloot aan vocht. Zorg dat dewerkomgeving goed is verlicht. Gebruik elektrische machines niet in debuurt van brandbare vloeistoffen of gassen. 3 Voorkom een elektrische schokVermijd lichamelijk contact met geaarde voorwerpen (bijv. buizen,radiatoren, fornuizen en koelkasten). Onder extreme werkomstandigheden(bijv. hoge vochtigheid, ontwikkeling van metaalstof, enz.
) kan deelektrische veiligheid door een scheidingstransformator of een aardlek-(FI-)schakelaar voor te schakelen, verhoogd worden. 4 Houd kinderen uit de buurtLaat andere personen niet aan de machine of het verlengsnoer komen. Onder 16 jaar is supervisie verplicht. 5 Verlengsnoeren voor gebruik buitenshuisGebruik buitenshuis uitsluitend voor dit doel goedgekeurde en alszodanig gemerkte verlengsnoeren. 6 Berg de machine veilig opBerg niet in gebruik zijnde elektrische machines op in een droge,afgesloten ruimte, buiten het bereik van kinderen. 7 Draag geschikte werkkledingDraag geen wijde kleding of loshangende sieraden. Deze kunnen doorde bewegende delen worden gegrepen. Draag bij het werkenbuitenshuis bij voorkeur rubberen werkhandschoenen en schoenenmet profielzolen. Houd lang haar bijeen.
8 Draag een veiligheidsbrilGebruik ook een gezichts- of stofmasker bij werkzaamheden waarbijstofdeeltjes of spanen vrijkomen. 9 Let op de maximum geluidsdrukNeem voorzorgsmaatregelen voor gehoorbescherming wanneer degeluidsdruk het niveau van 85 dB(A) overschrijdt.
10 Klem het werkstuk goed vastGebruik klemmen of een bankschroef om het werkstuk te fixeren. Dit isveiliger, bovendien kan de machine dan met beide handen worden bediend. 11 Zorg voor een veilige houdingZorg altijd voor een juiste, stabiele houding. 12 Voorkom onbedoeld inschakelenDraag een op het net aangesloten machine niet met de vinger aan deschakelaar. Laat de schakelaar los wanneer u de stekker in hetstopcontact steekt. 13 Blijf voortdurend oplettenHoud uw aandacht bij uw werk. Ga met verstand te werk. Gebruik de machine niet als u niet geconcentreerd bent. 14 Trek de stekker uit het stopcontactSchakel de stroom uit en wacht totdat de machine volledig stil staatvoordat u deze achterlaat. Trek de stekker uit het stopcontact wanneeru de machine niet gebruikt, tijdens onderhoud of bij het vervangen vanaccessoires.
15 Verwijder sleutels of hulpgereedschappenControleer vóór het inschakelen altijd of sleutels en anderehulpgereedschappen zijn verwijderd. 16 Gebruik de juiste machineHet gebruik volgens bestemming is beschreven in deze handleiding. Gebruik geen lichte machine of hulpstukken voor het werk van zwaremachines. De machine werkt beter en veiliger indien u deze gebruiktvoor het beoogde doel. Waarschuwing. Gebruik ter voorkoming van lichamelijk letseluitsluitend de in deze gebruiksaanwijzing aanbevolen accessoires enhulpstukken. Gebruik de machine uitsluitend voor het beoogde doel. 17 Gebruik het snoer niet verkeerdDraag de machine nooit aan het snoer. Trek niet aan het snoer om destekker uit het stopcontact te verwijderen. Houd het snoer uit de buurtvan warmtebronnen, olie en scherpe randen. 18 Onderhoud de machine met zorgHoud de machine schoon om beter en veiliger te kunnen werken.
Houdt u aan de instructies met betrekking tot het onderhoud en hetvervangen van accessoires. Controleer regelmatig het snoer en laat ditbij beschadigingen door een erkend DEWALT Service-center repareren.
Controleer het verlengsnoer regelmatig en vervang het in geval vanbeschadiging. Houd de bedieningsorganen droog en vrij van olie en vet. 19 Controleer de machine op beschadigingenControleer de machine vóór gebruik zorgvuldig op beschadigingen omer zeker van te zijn dat deze naar behoren zal functioneren. Controleer of de bewegende delen niet klemmen, verdraaid of gebrokenzijn. Ga na of de accessoires en hulpstukken correct zijn gemonteerd enof aan alle andere voorwaarden voor een juiste werking is voldaan. Ga bij vervanging of reparatie van beschadigde veiligheidsinrichtingen ofdefecte onderdelen te werk zoals aangegeven. Gebruik geen machinewaarvan de schakelaar defect is. Laat de schakelaar vervangen door eenerkend DEWALT Service-center. 20 Wendt u voor reparaties tot een erkend DEWALT Service-centerDeze elektrische machine voldoet aan alle geldendeveiligheidsvoorschriften.
Ter voorkoming van ongevallen mogen reparatiesuitsluitend door daartoe bevoegde technici worden uitgevoerd. Extra veiligheidsinstructies voor radiaalzaagmachines• Beveilig de elektriciteitskabel met een zekering of stroomonderbreker. • Houd de armrolbanen en de lagers van de motorslede schoon,droog en vetvrij. • Zorg ervoor dat de achteraanslag op de juiste wijze is geplaatstalvorens de machine in te schakelen en een zaagsnede te maken. Het zaagblad mag het materiaal pas raken als de motorslede naarvoren wordt getrokken. • Plaats de vingerbescherming altijd zo dat deze de reeds aanwezigesleuf in de aanslag passeert en 3 mm boven het oppervlak van het tezagen materiaal blijft (behalve bij schulpen). • Houd bij het schulpen het spouwmes op de juiste afstand van het blad(1 - 3 mm) en zorg ervoor dat de anti-terugslagvingers op de juistewijze zijn afgesteld.
• Zorg ervoor dat het blad in de juiste richting draait en dat de tandennaar de achteraanslag zijn gericht. • Zorg dat alle vergrendelingen goed vastzitten alvorens met enigebewerking te beginnen. • Laat de machine alleen draaien als alle beschermingen zijn geplaatst. • Bescherm het zaagblad wanneer de machine niet in gebruik is. Bescherm het zaagblad boven en onder met behulp van dezaagbladbescherming. • Schakel de stroom naar de machine uit wanneer deze niet in gebruikis, bij het wisselen van het zaagblad of bij het uitvoeren vanonderhoudswerkzaamheden. • Gebruik altijd scherpe zaagbladen van het juiste type voor het werkstuk. De aanbevolen bladdiameter is vermeld in de technische gegevens. • Klem niets tegen de motorventilator om de motoras stil te houden. • Oefen tijdens het zagen geen overdreven trekkracht uit op het motorblok.
(Overbelasting van de motor kan aanzienlijke schade veroorzaken. Laat de motor eerst op toeren komen alvorens met zagen te beginnen. )• Til de machine niet op aan het werkblad. • Zaag geen metaal of metselwerk. • Smeer het zaagblad niet wanneer het nog draait.
nl - 3 64NEDERLANDS• Houd de handen buiten het bereik van het zaagblad wanneer de zaagaan het net is aangesloten. • Reik niet om een draaiend zaagblad heen. • Plaats uw handen tijdens het zagen minimaal 150 mm van hetzaagblad. • Gebruik geen beschadigde of versleten zaagbladen. Restrisico’sDe volgende risico’s zijn inherent aan het gebruik van radiaalarmzagen:Ondanks de van toepassing zijnde veiligheidsvoorschriften en hetaanbrengen van beveiligingen blijven bepaalde restrisico’s aanwezig. Dit zijn:- Gevaar voor gehoorbeschadiging. - Risico als gevolg van onbeschermde delen van het roterende zaagblad. - Verwondingsgevaar bij het wisselen van het zaagblad. - Gevaar voor klemmen van de vingers bij het openen van deafschermingen. - Gezondheidsrisico door het inademen van stof, met name bij hetverwerken van eiken- en beukenhout en MDF.
Met behulp van de vele accessoires kan uw radiaalarmzaag nagenoeg allewerkplaatshandelingen uitvoeren. Voor een optimale veiligheid zijn allebelangrijke bedieningselementen voorzien van zowel een vergrendeling alseen afsluitmogelijkheid. Zie ook de instructiekaart in deze handleiding. A11 AAN/UIT-schakelaar2 Hendel3 Zaagbladbescherming4 Vast werkblad5 Werkbladuitbreiding6 Achteraanslag7 Tafelklem8 Kolom9 Verstekvergrendeling10 Verstekklemhendel11 Slinger voor hoogteverstelling12 Radiaalarm13 AfdekkapjeA214 Motorsledeaanslag15 Schulpvergrendeling16 Motorslede17 Motor18 Werkbladstrippen19 Afschuinhendel20 Afschuinschaal21 Afschuinvergrendeling22 Rolkop23 KabelsteunElektrische veiligheidDe elektrische motor is ontwikkeld voor een bepaalde netspanning. Controleer altijd of uw netspanning overeenkomt met de waarde op hettypeplaatje.
Vervangen van het snoer of de stekkerAls de stekker of het snoer wordt vervangen, moet de oude stekker c. q. het oude snoer worden weggegooid. Het is gevaarlijk om de stekker vaneen los snoer in het stopcontact te steken. Gebruik van verlengsnoerenWanneer een verlengsnoer wordt gebruikt, neem dan een goedgekeurdverlengsnoer, dat geschikt is voor het vermogen van de machine(zie technische gegevens). De aders moeten minimaal een doorsnedehebben van 1,5 mm2. Wanneer het verlengsnoer op een haspel zit, rol hetsnoer dan helemaal af. Monteren en instellen• Haal vóór het monteren en instellen altijd de stekker uit hetstopcontact. • Voor een optimale werking van uw zaag is het van vitaal belangom de procedures in onderstaande paragrafen te volgen. Uw zaag uitpakken (fig. A1)• Verwijder alle delen uit de verpakking, behalve de arm (12). • Zet de arm met behulp van de verstekhendel (10) vast.
65 nl - 4NEDERLANDSMontage van de slinger (fig. A1)• Monteer de slinger (11) met behulp van de kruisschroef boven aan dekolom (8). Montage van de rolkop (fig. A1, A2 & B)• Draai aan de slinger (11) in de richting van + om de arm (12) zo vermogelijk omhoog te brengen (fig. A1). • Verwijder de twee inbusschroeven (24) en verwijder de beschermkap (13)(fig. B). • Maak de lagerrails (25) met een stalen sponsje en verwijder al het stofmet een droge doek (fig. B). • Zorg ervoor dat de schulpvergrendeling (15) los staat (fig. A2). • Plaats voorzichtig de lagers (26) van de rolkop (22) in de lagerrails. • Plaats de rolkop op de lagerrails om te controleren op licht lopen. • Controleer of de schulpvergrendeling werkt en zet indien nodig derolkop vrij. • Zet de beschermkap (13) onmiddellijk terug. Montage van de kabelsteun en de kabelklem (fig. A2 & C)• Monteer de kabelsteun (23) in het gat (27).
• Monteer de kabel (28) aan de achterzijde van de arm en gebruik dekabelklem (29). Zorg ervoor dat de arm in horizontale en verticale richting kanbewegen. Zaagtafel (fig. D1 - D5)Montage van de tafelsteunen (fig. D1)De tafelsteunen worden met M10 x 16 bouten en bijbehorende moeren enmet een D8 schotelveer aan de voorzijde (niet achter) bevestigd. • Monteer de steun (30) tegen de linkerkant van het onderstel van de tafel. • Monteer de steun (32) tegen de rechterkant van het onderstel van de tafel. • Trek de bouten nog niet aan. Afstellen van de tafelsteunen met gebruik van de motoras (fig. A1 & D2)• Zet de afschuinhendel (19) los en trek de grendel (21) uit (fig. D2). • Draai de motor naar de verticale positie en zet de motor met deafschuinvergrendeling (21) en de afschuinhendel (19) vast. • Zet de verstelhendel (10) los (fig.
• Laat de arm voorzichtig zakken tot de motoras de tafelsteun net raakten trek de overeenkomende moer van de tafelsteun met de hand aan. • Herhaal deze procedure aan de achterkant voor de andere tafelsteun. • Controleer opnieuw met behulp van de motoras. • Draai alle moeren en bouten stevig vast. • Breng de arm terug naar de centrale positie en vergrendel hem. Afstellen van de centrale tafelsteun (fig. D3)• Plaats een waterpas over de twee tafelsteunen (30) en (32). • Draai de bouten (34) in de centrale tafelsteun (35) los. • Stel de centrale tafelsteun af met een inbussleutel totdat deze hetwaterpas raakt. • Draai alle moeren en bouten stevig vast. Montage van het vaste werkblad (fig. D1 & D4)De standaardpositie van de werkbladdelen wordt getoond infig. D4. Afhankelijk van de vereiste snijdiepte, kan de aanslag (6) ook tussen destrippen (18) gepositioneerd worden.
• Plaats het vast werkbladdeel (4) op het onderstel zoals in de schets encontroleer of de gaten in het midden overeenkomen met destelschroeven in de centrale tafelsteun. • Gebruik de M8 x 30 bouten en D8 sluitringen boven en onder de D8schotelveren. • Zet alle bouten in het vaste werkbladdeel (4) met de hand vast behalvede vijf voorste bouten en de bout in het grote centrale gat. • Plaats de aanslag (6) en de strippen (18) op het onderstel van de tafel (31)(fig. D1). • Monteer de tafelklemmen (7) (fig. D4) aan de achterkant van de rechtetafelsteunen (30) & (32) (fig. D1). • Zet de tafelklemmen vast. • Trek alle bouten van het werkblad aan. Montage van de werkbladuitbreiding (fig. D5 & D6)• Monteer de steunstrippen (36) en (37) aan het onderste linkeroppervlak van het vaste werkblad (4) (fig. D5). • Plaats de werkbladuitbreiding (5) op het uitstekende deel van detafelsteunstrippen (fig.
• Trek de twee corresponderende voorste bouten in het vastewerkbladdeel (4) vast. Beide werkbladen moeten nu achter gelijk liggen. Zaagblad (fig. E1 - E6)Monteren van het zaagblad (fig. E1)• De tanden van een nieuw blad zijn erg scherp en kunnengevaarlijk zijn. • De rotatierichting wordt door de pijl op de motor aangegeven. • Houd de motoras tegen met de meegeleverde inbussleutel (38) enverwijder de moer (39) van de motoras door deze in klokrichting met deuniverseelsleutel te draaien (40). • Monteer het zaagblad (41) tussen de buitenflens (42) en de binnenflens(43) en zorg ervoor dat de onderste tand naar de achterkant van demachine wijst. Let erop dat de ring (44) van de moer (39) van de motorastegen de buitenflens rust (fig. E1). • Draai de moer (39) van de motoras tegen de klokrichting aan. Controle op de parallelle stand van de arm t. o. v. het werkblad(fig.
A2, D3 & E2)• Zet de schulpvergrendeling (15) vast met het zaagblad in voorstepositie (fig. A2). • Laat het zaagblad zakken totdat dit net het werkblad (4) raakt (fig. E2). • Zet de hendels (9) en (10) los (fig. A1). • Zwaai de arm zo dat het zaagblad dwars over de breedte van hetwerkblad (4) strijkt. • Verstel indien nodig de voorste stelbout (34) (fig. D3). • Herhaal deze procedure met het zaagblad in achterste positie enverstel indien nodig de achterste bout. Controle op de haaksheid van het zaagblad t. o. v. het werkblad (fig. A2 & E3)• Breng de arm terug naar de centrale positie en zet deschulpvergrendeling (15) vast (fig. A2). • Plaats een stalen winkelhaak (45) tegen het zaagblad (fig. F3). • Het afstellen geschiedt als volgt:• Verwijder de afschuinschaal (46) door het losdraaien van de tweeschroeven (47). • Draai de drie inbusschroeven los die daardoor zichtbaar worden.
nl - 5 66NEDERLANDS• Draai alle moeren en bouten stevig vast. Het is van het uiterste belang om de centrale inbusschroef vastte draaien. • Monteer de afschuinschaal (46). Controle op de haaksheid van het afkorten t. o. v. de achteraanslag(fig. E4 & E5)• Vergrendel het zaagblad voor de aanslag (fig. E4). • Plaats een winkelhaak (45) op een stuk board en tegen de aanslag endie het zaagblad net raakt. • Ontgrendel de schulpvergrendeling, trek het zaagblad naar u toe om tecontroleren of het zaagblad ook daar parallel aan de winkelhaak staat. • Het afstellen geschiedt als volgt:• Zet de verstekklemhendel (9) vrij, met de verstekklemhendel (9)gefixeerd op 0° (fig. E5). • Draai de borgmoeren (48) aan beide zijden van de arm los (fig. E5). • Om de arm naar links te verstellen moet het draadeind rechts op de armlosgezet en het tegenovergestelde draadeind aangedraaid worden.
• Om de arm naar rechts te verstellen moet het draadeind links op de armlosgezet en het tegenovergestelde draadeind aangedraaid worden. • Doe dit met kleine stappen en controleer de afstelling na elke stap metde hendels (9) en (10) in aangrijping. Draai de draadeinden niet te sterk aan. • Draai de borgmoeren (48) vast. Controle op de haakse stand van het zaagblad t. o. v. de achteraanslag(fig. E6)• Ontgrendel de motorsledehendel (49) en druk op de motorslede-vergrendeling (50). • Draai de motor 90° volgens schets. • Wanneer de motor speling heeft, trek dan de moer (51) aan. • Plaats het zaagblad tegen de achteraanslag en controleer de parallellestand t. o. v. de achteraanslag. • Het afstellen geschiedt als volgt:• Draai de twee kruislings geplaatste bouten (52) onder de motorslede los. • Steek de inbussleutel in de motoras. • Verstel de positie van het zaagblad en zet de bouten (52) vast.
F1):- Bovenbescherming (53) (fig. G1) en verende achterbescherming (54)(fig. F2) voor volledige zaagbladbescherming. - Stofafzuigadapter (55) voor afkorten en schulpen. - Anti-terugslagvingers (56) voor gebruik tijdens schulpen. - Instelbare vingerbescherming (57) voor gebruik tijdens afkorten. - Spouwmes (58) om te voorkomen dat het werkstuk tijdens hetschulpen met het zaagblad beklemd raakt. • Zet de afschuinhendel (19) los en trek aan de afschuingrendel (21)(fig. D2) om de motor volgens schets te kantelen voor optimaletoegankelijkheid (fig. F3). • Verwijder de vleugelmoer (59) van de afscherming en de sluitring (60)(fig. F3). • Draai de borgschroef (61) los en draai de borgbeugel (62) tegen deklok in totdat de verende achterbescherming (54) van de steun (63)gelicht kan worden (fig. F2). • Haak alleen de twee bovenste veren (64) uit.
• Draai de uitgehaakte achterbescherming (54) uit (fig. F2). • Laat de zaagbladbescherming over het zaagblad zakken (fig. F3). • Zet de zaagbladbescherming met de vleugelmoer (59) en sluitring (60)vast (fig. F3). • Breng de verende achterbescherming (54) en de borgbeugel (62) weerin de originele positie terug (fig. F2). • Het verwijderen van de bescherming gebeurt in omgekeerde volgorde. De tanden van een nieuw blad zijn erg scherp en kunnengevaarlijk zijn. Afstelling van de zaagbladbeschermingsbediening (fig. F2 - F5)Afstelling van het spouwmes voor het schulpen• Zet de twee knoppen (65) los en schuif het spouwmes (58) omlaagtotdat de tip zich ca. 10 mm van het werkblad bevindt (fig. F2 & F4). Het spouwmes moet correct afgesteld zijn; de afstand tussende gekartelde rand en het spouwmes (58) moet 1-3 mm zijn(fig. F4). Afstellen van de anti-terugslagvingers voor afschuinschulpen (fig.
• De uiteinden van de anti-terugslagvingers (56) moeten zich nu 3 mmonder het oppervlak van het werkstuk bevinden en de hoek moet nuzijn als in fig. F5. • Voor het afschuinschulpen moet de inbusschroef (69) losgedraaid ende anti-terugslagvingers onder de vereiste hoek gebracht worden. Afstellen van het spouwmes, de vingerbescherming en de anti-terugslagvingers voor afkorten (fig. F2)• Voor het afkorten moeten het spouwmes en de anti-terugslagvingersomhoog en opzij worden afgesteld. • Zet de hendel (70) los om de vingerbescherming (57) juist boven hetwerkstuk te positioneren en zet daarna de hendel (70) vast. Afstelling van de schalen (fig. G1 - G5)SchulpschaalSchulpen kan worden uitgevoerd met de motor in twee posities. Elke werkwijze vereist zijn eigen aanvoerrichting:Positie Aanvoerrichting- In-schulpen van rechts naar links (fig. G1)- Uit-schulpen van links naar rechts (fig.
G2)De wijzer (71) die de schulpbreedte op de schulpschaal (72) aangeeft,is instelbaar (fig. G3):• Plaats de achteraanslag in de achterste positie. • Plaats een plank van 24 mm tegen de achteraanslag. • Ontgrendel de motorsledehendel (49), druk op demotorsledevergrendeling (50) (fig. H1) en positioneer de motor in de uit-schulppositie (fig. G1). • Beweeg de motorslede langs de radiaalarm totdat het zaagblad derand van het materiaal net raakt. • Draai de twee schroeven (73) los en verplaats de wijzer (71) totdat derand van de uitschulpwijzer (74) gelijk staat met de bekende breedtevan de plank op de onderste schaal (fig. G3). • Draai de twee schroeven (73) vast (fig. G3). • Plaats de motor in in-schulppositie. • Licht de bescherming op, zodat het zaagblad op het vlak van deachteraanslag kan rusten. • De in-schulpwijzer (75) moet nu gelijk staan met de nulpositie op debovenste schaal.
67 nl - 6NEDERLANDSVerstekschaal (fig. G5)• Controleer of de verstekschaal (76) 0° aangeeft als deze isgepositioneerd voor verticaal zagen. • Breng de wijzer (77) met behulp van schroef (78) naar 0°. De verstekschaal heeft vooringestelde posities op 45° links en rechts op 0°. Motorsledeaanslag (fig. A2, H1 & H2)De motorsledeaanslag (14) moet worden ingesteld om te voorkomen datde lagers van de motorslede tegen de achterste begrenzing van delagerrails stoten (fig. A2). • Duw de motorslede zover mogelijk, trek de slede nu ca. 5 mm voorwaartsen vergrendel daarna met de schulpvergrendeling (15) (fig. A2). • Stel de motorsledeaanslag (14) in door het loszetten van de moeren(79) in de voorste sleuf (80) totdat de rubber stop (81) tegen deachterkant van het schulpvergrendelhuis stoot (fig. H1). • Trek de moeren (79) aan.
Trek bij het afkorten in het voorste sleufgat één moer aan enéén in het achterste sleufgat (fig. H2). Montage van de automatische terugloop (fig. J)• Monteer de terugloopveer (82) achter de motorsledeaanslag (14) metde corresponderende bouten en bevestig het einde van de kabel metbehulp van de schroeven (83) aan de schulpvergrendeling (15). Uw dealer verstrekt u graag de nodige informatie over de juisteaccessoires. Aanwijzingen voor gebruik• Neem altijd de veiligheidsinstructies in acht en houdt u aan degeldende voorschriften. • Zet het werkstuk stevig vast. • Oefen geen overmatige druk uit op de machine. Geef geen zijdelingse druk op het zaagblad. • Voorkom overbelasting. • Breng het juiste zaagblad aan. Gebruik geen overmatigversleten zaagbladen. Het zaagblad moet geschikt zijn voorhet maximum toerental van de machine. • Probeer niet om extreem kleine werkstukken te zagen.
• Oefen bij het zagen geen overmatige druk op het zaagblad uit. Forceer het zagen niet. • Laat de motor voor het zagen op volle toeren komen. • Zorg er voor dat alle knoppen en hendels goed vastgedraaid zijn.
• Werk nooit met de machine wanneer de beschermingen nietzijn geplaatst. • Hef de machine nooit aan het werkblad. • Raadpleeg altijd fig. K om positie en type van de achteraanslagte controleren. AAN- en UITschakelen (fig. A1)De AAN/UIT-schakelaar van uw radiaalarmzaag biedt vele voordelen:- Spanningsloze uitschakeling: wordt de spanning om een of andere redenuitgeschakeld, dan moet de schakelaar opnieuw ingedrukt worden. - Beveiliging tegen overbelasting van de motor: in geval vanoverbelasting van de motor wordt de spanning naar de motorUITgeschakeld. • I = AAN De machine werkt continu. • O = UITHet maken van een proefsnede (fig. A1)• Zorg dat de verstekvergrendeling (9) ingrijpt en vergrendel deverstekklemhendel (10) zo, dat het zaagblad in rechte afkortstand 0° staat. • Zet de schulpvergrendeling (15) vrij en duw de motorslede terug totdathet zaagblad zich achter de aanslag bevindt.
• Laat de arm zakken totdat het zaagblad het werkblad bijna raakt. • Plaats het werkstuk tegen de voorkant van de achteraanslag. • Schakel de machine IN en laat de arm zakken, zodat het zaagblad eenondiepe snede in het werkblad kan maken. • Trek het zaagblad naar u toe, zodat dit een verticale sleuf in de houtenachteraanslag maakt en door het werkstuk. • Breng het zaagblad terug naar de ruststand en schakel de machine UIT. • Controleer of de snede in alle vlakken exact 90° is en corrigeer indien nodig. Basis zaagsneden (fig. K1 - K5)De tanden van een nieuw blad zijn erg scherp en kunnengevaarlijk zijn. Afkorten (fig. A1 & K1)• Stel de radiaalarm haaks op de achteraanslag. • Vergrendel de verstekhendel (9) in positie 0° en zet deverstekklemhendel (10) vast (fig. A1). • Laat het zaagblad zakken. • Stel de vingerbescherming in, zodat deze net vrij is van het werkstuk.
• Houd het werkstuk tegen de achteraanslag en blijf daarbij met uwvingers beslist weg van het zaagblad. • Schakel de machine IN en trek het zaagblad langzaam door deachteraanslag en het werkstuk. • Breng het zaagblad terug naar de rustpositie en schakel de machine UIT. Verstekzagen (fig. A1 & K3)• Zet de verstekhendel (9) en de verstekklemhendel (10) los (fig. A1). • Zwenk de arm tot de vereiste hoek op de verstekschaal. • Gebruik voor 45° links of rechts de verstekhendel (9) en vergrendel metde verstekklemhendel (10). • Gebruik voor tussenliggende hoeken alleen de verstekklemhendel. • Handel als bij afkorten. In het geval van linksverstek kan het zijn dat u deachteraanslag en de strippen naar links moet verschuiven. Afschuinen (fig. A1, D2 & K2)• Stel de arm in voor een afkorting onder 0°. • Zet het zaagblad ruim boven het werkblad.
• Zet de afschuinhendel (19) los en trek de afschuinvergrendeling (21) uit(fig. D2). • Kantel de motor naar de gewenste hoek op de afschuinschaal (20) (fig. A1). • Gebruik voor 90° of 45° rechts de afschuinvergrendeling (21) envergrendel met de afschuinklemhendel (19). • Gebruik voor tussenliggende hoeken alleen de afschuinklemhendel. • Handel als bij verticaal afkorten. Schulpzagen (fig. K5, F2, G1 & G2)De motor kan worden vastgezet in de posities in-schulpen of uit-schulpen(zie fig. G1 & G2) om de machine voor resp. smalle en brede werkstukkenaan te passen. • Zet de motorslede in uitgetrokken positie vast en gebruik hiervoor deschulpvergrendeling. • Zet de motorsledehendel (49) vrij en druk op demotorsledevergrendeling (50) om de motor naar de juiste positie tedraaien, totdat de motor op zijn plaats vastzit (fig. G1). • Zet de motorsledehendel (49) vast en positioneer de achteraanslag.
nl - 7 68NEDERLANDSDenk erom dat bij schulpen een spouwmes (58) en anti-terugslagvingers (56) nodig zijn (fig. G2). • Voer het werkstuk langzaam in het zaagblad en houd het stevigaangedrukt op het werkblad en tegen de achteraanslag. Forceer het zagen niet. De snelheid van het zaagblad moet constantworden gehouden. Gebruik altijd een duwhout. Afschuinschulpen• Zet de machine in de positie afschuinen/afkorten. • Roteer de motorslede in schulppositie. • Positioneer de motorslede voor de juiste schulpbreedte. • Zet de anti-terugslagvingers in de gewenste hoek, zodat zij plat op hetwerkstuk liggen en het spouwmes omlaag houden. • Handel als bij schulpen. Dubbele versteksnede (fig. K4)Een dubbele versteksnede is een combinatie van een afschuinsnede eneen versteksnede. • Stel de gewenste afschuinhoek in. • Zwaai de arm naar de gewenste verstekpositie. • Handel als bij verstekzagen.
Schakel altijd de machine uit wanneer het werk is beëindigd en voordat ude stekker uit het stopcontact haalt. UithollenUw radiaalarmzaag kan worden gebruikt voor een breed scala aangeavanceerde toepassingen, waaronder uithollen. • Zet het zaagblad onder de gewenste hoek, roteer de motorslede onderde arm en positioneer het zaagblad boven het werkstuk op degewenste plaats. Verwijder het werkstuk en laat het zaagblad zakkenom een ondiepe snede te maken. Laat de anti-terugslagvingers zakkenzoals voor afschuinen/schulpen. Houd het werkstuk tegen de aanslagen ga te werk als voor schulpen. Maak uitsluitend ondiepe sleuven. Stofafzuiging (fig. F2)De machine is voorzien van een stofafzuigadapter (55). • Sluit indien mogelijk een stofafzuiger aan die voldoet aan de geldenderichtlijnen voor stofemissie. • Plaats bij het afkorten een stofzak (optie) achter de zaaglijn.
OptiesHaal vóór het aanbrengen van een accessoire altijd de stekkeruit het stopcontact. FreeskopDe freeskop wordt gebruikt om uw werk een professionele afwerking tegeven. Montage van de freeskop (fig.
L1 - L3)• Verwijder de zaagbladeenheid en het zaagblad. • Monteer de messen (84) op de freeskop (85). Let erop dat ze opdezelfde manier worden geïnstalleerd (fig. L1). • Monteer het speciale met de freeskop meegeleverde afstandsstuk (86)op de motoras. • Plaats de freeskop op de motoras (zie schets) en vergrendel hem metde klemmoer (87); gebruik de optioneel leverbare dopsleutel (88). • Kantel de motor totdat de freeskop zich in horizontale positie bevindt. • Monteer de freeskopbescherming (89) (fig. L2) volgens de schets enstel de gewenste freesdiepte in (fig. L3). Frezen• Plaats de freeskop boven de aanslag. Het uitstekende deel komtovereen met de te maken snede. Bij bepaalde toepassingen kan het nodig zijn om de aanslag in tweesecties te verdelen en de freeskop daartussen te plaatsen.
In dat gevalmoet de aanslag worden vervangen wanneer de zaag weer voor gewonetoepassingen wordt gebruikt. Gebruik altijd een duwhout. • Voer het materiaal vanaf rechts met enige druk en gelijkmatig langs deaanslag. Sponningfrezen• Gebruik messen met rechte snijvlakken. • Ga verder zoals beschreven voor frezen. • Om onder verstek te frezen, zwenkt u de motor in de gewenste hoek. Voor bredere freesgroeven gebruikt u de groevenfrees incombinatie met de beschermkap van de freeskop. Zie de instructies voor het gebruik van de groevenfrees. Groevenfrezen (fig. F1, M1 & M2)Er zijn twee types groevenfrezen. Fig. M1 laat de standaard groevenfreeszien, fig. M2 de hoogwaardige uitvoering. Scherpe randen. Monteren van de groevenfrees• Verwijder de zaagbladbeschermkap en het zaagblad. • Bevestig de afstandsbus (90) op de motoras, met de smalle zijde naarde motor.
• Verwijder het spouwmes en de spouwmeshouder van dezaagbladbeschermkap en monteer deze. • Beweeg de groevenfrees omlaag om de gewenste freesdiepte in te stellen. Gebruik van de groevenfrees- In afkort- of verstekstand• Beweeg de anti-terugslagvingers omhoog en opzij. • Stel de vingerbescherming naar behoren in. - In schulpstand• Stel de anti-terugslagvingers naar behoren in. Schuurschijven en schuurrollen (fig. M2, N1 & N2)Er zijn twee accessoires verkrijgbaar voor het onder elke gewenste hoekschuren van sneden. Ze kunnen als volgt worden gebruikt:- Het werkstuk wordt langs het stationaire accessoire gevoerd- Het accessoire wordt langs het vastgeklemde werkstuk gevoerd• Verwijder de zaagbladbeschermkap en het zaagblad. • Breng de buitenflens (42) weer aan (fig. N1). • Breng de schuurschijf (94) of schuurrol (95) (fig. N2) direct op demotoras aan.
69 nl - 8NEDERLANDSGebruik van de schuurschijf (fig. N1)• Gebruik altijd de onderzijde (rechterzijde) van de schijf. • Als de schuurschijf (94) voor horizontaal schuren wordt gebruikt,moet de freeskopbescherming (89) (fig. N2) zo worden gemonteerd eningesteld dat de schuurschijf de onderzijde van de bescherming netniet raakt. Gebruik van de schuurrol (fig. N2)• Voer bij gebruik van de schuurrol het werkstuk altijd tegen dedraairichting van de schuurrol toe. Houder voor bovenfrees (fig. E1, O1 - O3)Deze houder (96) maakt het mogelijk om een Elu bovenfrees (MOF96,MOF131, MOF177 or OF97) op uw zaagmachine te monteren, zodat dezeook voor nauwkeurig decorfrezen kan worden gebruikt (fig. O1). Bevestigen van de houder voor de bovenfrees• Verwijder de zaagbladbeschermkap en het zaagblad. • Positioneer de houder (96) boven het uiteinde van de motoras zoalsafgebeeld in fig.
O1 en bevestig deze met behulp van de vleugelmoer (59). • Vervang de geleidestangen van de parallelaanslag van uw bovenfreesdoor de stangen (97) die met de houder worden meegeleverd:- Gebruik de stangen met kleine diameter voor de MOF96 (fig. O2)- Gebruik de stangen met grote diameter voor de MOF131/MOF177/OF97 (fig. O3). • Draai de schroeven vast (98). Zorg ervoor dat de bovenfrees altijd op de stangen isgecentreerd en in de houder is bevestigd. Gebruik van de bovenfrees (fig. A1 & E1)De bovenfrees kan op de juiste hoek worden ingesteld en met behulp vande hendel (2) in fig. A1 door het werkstuk worden getrokken; het is ookmogelijk om het werkstuk langs de stationaire bovenfrees te voeren. • Zorg ervoor dat de houder stevig is bevestigd. • Breng indien nodig de buitenflens (42) in fig. E1 op de motoras aan enklem de houder met behulp van de moer (39) in fig. E1 tegen de motor.
Trek de moer niet te sterk aan. Voer het werkstuk altijd tegen de draairichting van de frees toe. Zie ook de handleiding van uw bovenfrees. Boren (fig.
P)Op het tapgat (99) kan de optionele boorhouder (10 mm of 3/8") wordenaangesloten, die uw zaag in een veelzijdige radiale boormachine verandert. Deze optie is met name handig om werkstukken voor te bereiden voor hetgebruik van duvels. • Verwijder de zaagbladbeschermkap en het zaagblad. • Draai het deksel (100) opzij. • Bevestig de boorhouder (101) direct in het tapgat (99). Verstekaanslagen (fig. Q1 & Q2)Er zijn verstekaanslagen (102) leverbaar voor snelle en veelzijdigeverstekbewerkingen (fig. Q1). • Vervang de standaardaanslag door de verstekaanslagen (102). • Voer het zaagblad tussen de twee delen van de aanslag door (fig. Q2). Decoupeerzaag (fig. R1 - R3)Montage van de decoupeerzaagDoor de decoupeerzaag (103) op de motoras te monteren, kan uwmachine in een radiaal-decoupeer- of figuurzaagmachine wordenveranderd (fig. R3). • Verwijder de zaagbladbeschermkap en het zaagblad.
• Monteer de kunststof achterafstandsbus (104) op de motoras met deborglip (105) over de borgschroef van de beschermkap en de plattevoorzijde achter de borglippen (106) van de beschermkap gestoken(fig. R1). • Plaats de speciale afstandsbus (107) op de as. • Draai de twee vleugelmoeren (108) aan de voorzijde van dedecoupeerzaag los, waardoor de twee schuingeplaatste borgsteunen(109) aan de achterzijde naar buiten kunnen steken (fig. R2). • Plaats de decoupeerzaag op de motoras en plaats de tweefixeerpennen in de gaten (110) in de afstandsbus (fig. R1). • Druk de bovenste rechter borgsteun (109) door het gat in deafstandsbus (111) en draai deze om het platte hoekstuk achter de lip(112) te positioneren. • Positioneer de onderste borgsteun op dezelfde manier en draai devleugelmoeren vast. • Plaats de standaard-asmoer op de as en draai deze vast.
De as heeft een kleinestifttap (114) aan elke kant voor het vastklemmen en centreren van hetblad (fig. R3). Gebruik van de decoupeerzaag (fig. R3)Het positioneren van de decoupeerzaag is afhankelijk van de aard van dewerkzaamheden. Er zit een klein gat (115) in het vaste werkblad,waardoor het blad door de tafel kan gaan. In sommige gevallen kan depositie ook dezelfde als bij de schuurrol zijn. • Verwijder de achteraanslag van de tafel en vervang deze door houtenafstandsstukken (20 mm). Positioneer vervolgens het blad (tanden invoorwaartse richting) net achter het voorste vaste werkblad. • Controleer, alvorens met zagen te beginnen, of de zaagvoet naarbeneden is, om te voorkomen dat het materiaal omhoog komt. Trekbegrenzer (fig. A1, J, S1 - S3)De trekbegrenzer (116) staat garant voor optimale resultaten bijtoepassingen waarvoor een constante toevoersnelheid van belang is.
• Druk de rolkop naar achteren en positioneer de cilinder zover mogelijkin zijn klem (123) en naar achteren. Het einde van de stang moet deontluchtingsnippel in de balg niet raken, wanneer de balg (125) issamengedrukt.
Controleer de positie door op de ontluchtingsnippel tedrukken. • Draai de schroef (126) in de cilinderklem aan. • Stel de uitloopsnelheid in met de kartelknop (119). Ontluchten van de trekbegrenzerNa het bijvullen of vervangen van de olie in de trekbegrenzer moet de luchtuit het systeem verdreven worden. • Verwijder de eenheid van de machine en klem de eenheid in verticalepositie, met de zuiger volledig uit en omlaag.
GARANTIE• 30 DAGEN “NIET GOED, GELD TERUG” GARANTIE •Indien uw DEWALT-machine om welke reden dan ook niet geheel aanuw verwachtingen voldoet, stuurt u de machine dan compleet zoals bijaankoop binnen 30 dagen terug naar DEWALT, samen met uwaankoopbewijs en uw rekeningnummer. U ontvangt dan uw geld terug. • 1 JAAR GRATIS SERVICE-CONTRACT •Mocht uw DEWALT-machine binnen 12 maanden na aankoop nazichtof reparatie behoeven, dan worden deze werkzaamheden gratisuitgevoerd in onze Service-centers op vertoon van het aankoopbewijs. Stuur uw machine rechtstreeks of via uw dealer naar een erkendDEWALT Service-center.
• 1 JAAR GARANTIE •Mocht uw DEWALT-machine binnen 12 maanden na datum vanaankoop defect raken tengevolge van materiaal- of constructiefouten,dan garanderen wij de kosteloze vervanging van alle defecte delen ofvan het hele apparaat, zulks ter beoordeling van DEWALT,op voorwaarde dat:• het produkt niet foutief gebruikt werd• het produkt niet gerepareerd is door onbevoegden• het aankoopbewijs met daarop de aankoopdatum wordt overlegdInformeer bij uw dealer of bij het DEWALT-hoofdkantoor naar het adresvan het dichtstbijzijnde Service-center (zie de achterzijde van dezehandleiding). nl - 9 70NEDERLANDS• Verwijder de plug aan het achtereinde van de balg (125). Houd de balgvast om het weglopen van olie te voorkomen. • Vul de balg volledig met hydraulische olie Castrol 210 NRL25 ofgelijkwaardig en gebruik een trechter of injectiespuit. • Plaats de vuldop en draai deze één slag aan.
• Druk de balg een beetje in tot uit de vuldop enige olie ontsnapt. • Draai de vuldop vast met een steeksleutel en monteer de eenheidweer. Onderstel (fig. T)Het onderstel (127) bestaat uit vier poten (128), vier dwarsrails (129) envier boven-dwarsrails (130). Deze laatste hebben de dezelfde afmetingenals het basisframe van uw radiaalarmzaag. • Monteer de poten en dwarsrails zoals afgebeeld. • Draai de bouten vast. • Bevestig de zaag aan de bovenzijde.
OnderhoudUw DEWALT-machine is ontworpen om gedurende lange tijdprobleemloos te functioneren met een minimum aan onderhoud. Een juiste behandeling en regelmatige reiniging van de machinegaranderen een hoge levensduur. • Vervang bij slijtage het vaste werkblad en de aanslag. SmeringUw radiaalarmzaag vereist geen aanvullende smering. Smeer nooit de armrails of lagers. Reiniging• Reinig de armrolbanen regelmatig. Verwijder hiervoor de eindkap en demotorslede. Verwijder ook het stof van de lagers. • Werk altijd met een schoon werkblad. Gebruik nooit uw handen omstof van het werkblad te vegen. Gebruikte machines en het milieuWanneer uw oude machine aan vervanging toe is, breng deze dan naareen DEWALT Service-center waar de machine op milieuvriendelijke wijzezal worden verwerkt.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met DeWalt DW720 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Zaagmachine DeWalt
Handleiding Zaagmachine
Nieuwste handleidingen voor Zaagmachine