DeWalt D27111 T 2 Handleiding

DeWalt Zaagmachine D27111 T 2

Bekijk gratis de handleiding van DeWalt D27111 T 2 (152 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 53 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over DeWalt D27111 T 2 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/152
D27111
D27112
www. .eu

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: DeWalt
Categorie: Zaagmachine
Model: D27111 T 2

Handleiding DeWalt D27111 T 2 – volledige tekst

hoogte 50 mm mm 220 285Gebruik als tafelzaagMax. zaagdiepte mm 0-51 0-51LPA (geluidsdruk) dB(A) 95,0 97,0KPA (onzekerheidsfactor geluidsdruk) dB(A) 3,1 2,9LWA (akoestisch vermogen) dB(A) 107,0 109,0KWA (onzekerheid akoestisch vermogen) dB(A) 3,0 3,1Totale trillingswaarden (triax vectorsom) bepaald conform EN61029-1, EN61029-2-11:Vibratie-emissiewaarde ah ah = m/s² 1,3 1,3 Meetonzekerheid K = m/s² 1,5 1,5 Het vibratie-emissieniveau dat in dit informatieblad wordt gegeven, is gemeten in overeenstemming met een gestandaardiseerde test volgens EN61029 en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. Het kan worden gebruikt voor een eerste inschatting van blootstelling. WAARSCHUWING: Het verklaarde vibratie-emissieniveau geldt voor de hoofdtoepassingen van het gereedschap.

Als het gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, dan wel met andere accessoires of slecht wordt onderhouden, kan de vibratie-emissie verschillen. Dit kan het blootstellingniveau aanzienlijk verhogen gedurende de totale arbeidsduur.

Een inschatting van het blootstellingniveau aan vibratie dient ook te worden overwogen wanneer het gereedschap wordt uitgeschakeld of als het aan staat maar geen daadwerkelijke werkzaamheden uitvoert. Dit kan het blootstellingniveau aanzienlijk verminderen gedurende de totale arbeidsduur. Stel aanvullende veiligheidsmaatregelen op om de operator te beschermen tegen de effecten van vibratie, zoals: onderhoud het gereedschap en de accessoires, houd de handen warm, organisatie van werKPAtronen. Zekeringen: Europa 230 V-gereedschap 10 ampère, stroomnetOPMERKING: Dit toestel is bedoeld voor aansluiting op een stroomvoorzieningssysteem met een maximale toegestame systeemimpedantie Zmax van 0,32 Ω op het interfacepunt (elektriciteitskast) van de voorziening van de gebruiker.

De gebruiker moet ervoor zorgen dat dit toestel alleen wordt aangesloten op een elektriciteitssysteem dat aan bovenvermeld vereiste voldoet. Indien nodig kan de gebruiker het elektriciteitsbedrijf vragen naar de systeemimpedantie op het interfacepunt. Defi nities: Veiligheidsrichtlijnen De onderstaande definities beschrijven het veiligheidsniveau voor ieder signaleringswoord. Lees de gebruiksaanwijzing a. u. b. zorgvuldig door en let op deze symbolen. GEVAAR: Geeft een dreigend gevaar aan dat, indien dit niet wordt voorkomen, leidt tot de dood of ernstig letsel. WAARSCHUWING: Geeft een mogelijk gevaar aan dat, indien dit niet wordt voorkomen, kan leiden tot de dood of ernstig letsel. VOORZICHTIG: Geeft een mogelijk gevaarlijke situatie aan die, indien dit niet wordt voorkomen, zou kunnen leiden tot gering of matig letsel.

OPMERKING: Geeft een handeling aan waarbij geen persoonlijk letsel optreedt die, indien niet voorkomen, schade aan goederen kan veroorzaken. Wijst op het gevaar voor elektrische schok. Wijst op brandgevaar.

EG verklaring van overeenstemmingRICHTLIJN VOOR MACHINESD27111/D27112DEWALT verklaart dat deze producten zoals beschreven onder Technische gegevens in overeenstemming zijn met: 2006/42/EG; EN 61029-1; EN61029-2-11Deze producten voldoen ook aan Richtlijn 2004/108/EG en 2011/65/EU. Neem voor meer informatie contact op met DEWALT via het volgende adres of kijk op de achterzijde van de gebruiksaanwijzing. De ondergetekende is verantwoordelijk voor de samenstelling van het technische bestand en legt deze verklaring af namens DEWALT. TAFELBLAD-VERSTEKZAAGD27111/D27112.

75NEDERLANDSHorst GrossmannVice President Engineering and Product DevelopmentDEWALT, Richard-Klinger-Straße 11,D-65510, Idstein, Duitsland01. 01. 2012Veiligheidsinstructies WAARSCHUWING. Wanneer u gebruik maakt van elektrisch gereedschap, is het belangrijk dat u zich altijd houdt aan elementaire veiligheidsmaatregelen om de kans op brand, elektrische schok en lichamelijk letsel te verkleinen, met inbegrip van de onderstaande maatregelen. Lees al deze instructies voordat u dit product tracht te bedienen en bewaar deze instructies. BEWAAR DEZE HANDLEIDING VOOR TOEKOMSTIG GEBRUIKAlgemene veiligheidsregels 1. Zorg voor een opgeruimde werkomgeving. Rommelige plaatsen en werkbanken werken letsel in de hand. 2. Houd rekening met de omgeving van de werkplek. Stel het gereedschap niet bloot aan regen. Gebruik het gereedschap niet in een vochtige of natte omgeving.

Houd de werkplek goed verlicht (250–300 Lux). Gebruik het gereedschap niet op plaatsen waar brand- of explosiegevaar bestaat, bijv. in de buurt van brandbare vloeistoffen en gassen. 3. Bescherm uzelf tegen elektrische schokken. Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken (bijvoorbeeld pijpen, radiatoren, kooktoestellen en koelkasten). Bij gebruik van het gereedschap onder extreme omstandigheden (bijvoorbeeld hoge luchtvochtigheid, als er metaalslijpsel wordt geproduceerd enz. ) kan de elektrische veiligheid worden verbeterd door een scheidingstransformator of een (FI) aardlekschakelaar te plaatsen. 4. Houd andere mensen uit de buurt. Laat niet toe dat personen, vooral kinderen, die niet bij het werk zijn betrokken het gereedschap of het verlengsnoer aanraken en houd ze uit de buurt van de werkplek. 5. Berg ongebruikt gereedschap op.

Wanneer het gereedschap niet gebruikt wordt, moet het op een droge plek bewaard worden en veilig opgeborgen zijn, buiten het bereik van kinderen. 6. Forceer het gereedschap niet. Het zal de taak beter en veiliger uitvoeren wanneer het op de bedoelde wijze wordt gebruikt. 7.

Maak gebruik van het juiste gereedschap. Gebruik geen licht gereedschap om het werk van zware machines uit te voeren. Gebruik het gereedschap niet voor doeleinden waarvoor het niet bestemd is; gebruik bijvoorbeeld cirkelzagen niet om boomtakken of houtblokken te zagen. 8. Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of juwelen, want deze kunnen vast komen te zitten in bewegende delen. Schoenen met profielzolen zijn aanbevolen wanneer u buitenshuis werkt. Houd lang haar bijeen. 9. Gebruik beschermend materiaal. Draag altijd een veiligheidsbril. Draag een gezichts- of stofmasker bij werkzaamheden waarbij stof of rondvliegende deeltjes vrijkomen. Draag ook een hittebestendige schort indien deze deeltjes heet kunnen zijn. Draag altijd gehoorbescherming. Draag altijd een veiligheidshelm. 10. Sluit voorziening voor stofafvoer aan.

Als er hulpmiddelen zijn geleverd voor de aansluiting van voorzieningen voor afvoer en opvang van stof, zorg dan dat deze zijn aangesloten en naar behoren worden gebruikt. 11. Gebruik het snoer niet verkeerd. Trek nooit aan het snoer om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van hitte, olie en scherpe randen. Draag het gereedschap nooit aan het snoer. 12. Zeker het werkstuk. Gebruik waar mogelijk klemmen of een bankschroef om het te bewerken deel vast te zetten. Dit is veiliger dan wanneer u uw handen gebruikt en bovendien kunt u de machine dan met beide handen bedienen. 13. Zorg voor een veilige houding. Zorg altijd voor een juist, stabiele houding. 14. Onderhoud gereedschap met zorg. Houd zaagwerktuigen scherp en schoon voor betere en veiligere prestaties. Volg aanwijzingen voor het smeren en verwisselen van hulpstukken.

Inspecteer het gereedschap regelmatig en laat het repareren door een bevoegde reparatieservice als het is beschadigd. Houd handgrepen en schakelaars droog, schoon en vrij van olie en vet. 15. Trek de stekker van het gereedschap altijd uit het stopcontact.

Haal de stekker uit het stopcontact als u de machine niet gebruikt en wanneer u onderhoud aan de machine uitvoert of accessoires als bladen, boren en snijstukken verwisselt. 16. Verwijder stel- en moersleutels. Maak er een gewoonte van om te controleren dat de stel- en moersleutels zijn verwijderd voordat u het gereedschap gebruikt. 17. Vermijd onbedoeld inschakelen. Draag het gereedschap niet met een vinger op de schakelaar. Zorg ervoor dat het gereedschap uit staat voordat u de stekker in het stopcontact steekt. 18. Maak gebruik van verlengsnoeren die geschikt zijn voor buitengebruik. Controleer voor gebruik de verlengkabel en vervang deze als die beschadigd is. Gebruik, wanneer het gereedschap buiten wordt gebruikt, alleen verlengsnoeren die geschikt zijn voor buitengebruik en als zodanig zijn gemarkeerd. 19. Blijf alert. Kijk wat u doet. Gebruik uw gezond verstand.

Gebruik het gereedschap niet wanneer u moe bent of wanneer u drugs of alcohol hebt gebruikt. 20. Controleer op beschadigde onderdelen. Controleer voor gebruik het gereedschap en het stroomsnoer zorgvuldig om vast te stellen dat het op juiste wijze werkt en de bedoelde taken uitvoert. Controleer of bewegende delen zich in de juiste positie bevinden en goed zijn bevestigd, of er defecte onderdelen zijn, of ze juist zijn gemonteerd en of er sprake is van andere zaken die bediening kunnen beïnvloeden. Een beschermstuk of ander onderdeel dat is beschadigd dient op de juiste wijze te worden vervangen of gerepareerd door een bevoegde reparatieservice, tenzij in de handleiding anders wordt aangegeven. Laat een bevoegde reparatieservice defecte schakelaars vervangen. Gebruik het gereedschap niet als de aan-/uitschakelaar niet naar behoren werkt. Probeer nooit zelf reparaties uit te voeren.

WAARSCHUWING. Het gebruik van een accessoire of hulpstuk of het uitvoeren van werkzaamheden met dit gereedschap buiten wat is aanbevolen in deze instructiehandleiding, kan risico op persoonlijk letsel met zich meebrengen.

21. Laat uw gereedschap repareren door een bevoegd persoon. Dit elektrisch gereedschap voldoet aan de relevante veiligheidsvoorschriften. Reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door bevoegde personen die gebruikmaken van originele reserveonderdelen; dit kan anders resulteren in aanzienlijk gevaar voor de gebruiker. Aanvullende Veiligheidsregels voor Tafelverstekzagen • Deze machine is voorzien van een speciaal geconfigureerd netsnoer (type M-bevestiging). Als het netsnoer beschadigd is of op een andere wijze niet goed werkt, moet het worden vervangen door de fabrikant of door een officieel servicecentrum. • Het is belangrijk dat alle vergrendelingsknoppen en klemhandgrepen vastzitten voordat u een bedieningshandeling start. • Werk nooit met de zaag als de beschermkappen niet op hun plaats zitten, dit is vooral belangrijk na het overschakelen op een andere stand.

76NEDERLANDS• Plaats nooit één van uw handen in de buurt van het zaagblad wanneer de zaag is aangesloten op de stroomvoorziening. • Probeer nooit een machine die loopt, snel te stoppen door een stuk gereedschap of een ander voorwerp tegen het zaagblad te houden; door dat te doen kunt u onbedoeld ernstige ongelukken veroorzaken. • Raadpleeg de instructiehandleiding voordat u een accessoire gebruikt. Onjuist gebruik van een accessoire kan schade veroorzaken. • Selecteer het juiste zaagblad voor het materiaal dat u wilt zagen. • Controleer dat de snelheid die op het zaagblad wordt vermeld, ten minste gelijk is aan de snelheid die op typeplaatje wordt vermeld. • Draag geschikte handschoenen wanneer u met het zaagblad en ruwe materialen werkt. • Controleer vóór gebruik dat het zaagblad goed is gemonteerd. • Het is belangrijk dat het zaagblad in de juiste richting draait.

Houd het zaagblad scherp. • Gebruik geen zaagbladen met een grotere of kleinere diameter dan wordt aanbevolen. Gebruik geen tussenringen om het zaagblad passend te maken voor de as. Raadpleeg de technische gegevens voor de juiste maten van het zaagblad. Gebruik alleen de zaagbladen die worden opgegeven in deze handleiding, en die voldoen aan EN847-1. • U kunt overwegen speciaal ontworpen zaagbladen toe te passen die minder lawaai maken. • Gebruik geen zaagbladen die zijn vervaardigd van HIGH-SPEED STAAL (HSS);• Gebruik geen zaagbladen die beschadigd, gescheurd of vervormd zijn;• Til het zaagblad uit de zaagsnede in het werkstuk voordat u de schakelaar loslaat. • Zet niet iets vast tegen de ventilator om de motoras vast te zetten. • De zaagbladbeschermkap op uw zaag zal automatisch omhoog gaan wanneer de arm zakt, de kap zal over het zaagblad zakken wanneer de arm wordt opgetild.

Breng nooit de zaagbladbeschermkap met de hand omhoog als de zaak niet is uitgeschakeld. • Houd de werkplek rond de machine opgeruimd en vrij van losse materialen, zoals zaagsel en spaanders. • Controleer zo nu en dan dat de luchtsleuven van de motor schoon zijn en dat er geen spaanders in zitten. • Trek de stekker van de machine uit het stopcontact voordat u onderhoudswerk uitgevoerd of het zaagblad verwisselt. • Monteer wanneer mogelijk de machine altijd op een werkbank. • Pas, wanneer u zaagt in verstek, schuin of samengesteld in verstek, het glijdende verstekscherm aan zodat een juiste vrije ruimte voor de applicatie gewaarborgd is. • Verwijder niet spaanders of andere gedeelten van het werkstuk uit het zaaggebied, terwijl de zaag loopt. • Controleer voordat u met het werk begint dat de machine op een vlak oppervlak met voldoende stabiliteit is geplaatst.

• Zaag nooit een lichte legering, vooral niet magnesium. • Gebruik geen schurende schijven of diamantschijven. • In het geval van een ongeval of van storing van de machine moet u de machine onmiddellijk uitschakelen en de stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken. • Rapporteer de storing en breng een geschikte aanduiding op de machine aan zodat andere mensen niet proberen de niet (goed) functionerende machine te gebruiken. • Wanneer het zaagblad is geblokkeerd als gevolg van abnormale aanvoerdruk tijdens het zagen, zet de machine dan uit en trek de stekker uit het stopcontact. Verwijder het werkstuk en zorg voor vrijloop van het zaagblad. Zet de machine aan start de zaagwerkzaamheden weer met verminderde aanvoerdruk. • Het is belangrijk dat u altijd links of rechts van de zaaglijn staat.

• Sluit de zaag aan op een stofopvangapparaat wanneer u hout zaagt. Houd altijd rekening met factoren die van invloed zijn op de blootstelling aan stof, zoals: - type materiaal dat moet worden bewerkt (spaanplaat produceert meer stof dan hout); - jjuiste afstelling van het zaagblad; - controleer dat de lokale afzuiging en ook kappen, schermen en kokers goed zijn afgesteld; - stofafzuiging met luchtsnelheid van niet minder dan 20 m/s• Het is belangrijk dat alle zaagbladen en flenzen schoon zijn en dat de terugvallende zijden van de kraag tegen het zaagblad zitten. Draai de moer van de spandoorn stevig vast. • Gebruik alleen zagen die scherp zijn en goed onderhouden zijn. • Probeer niet de zaag te gebruiken op een andere spanning dan die is aangeduid. • Breng geen smeermiddelen op het zaagblad aan terwijl het loopt. • Laat geen personen achter de machine staan.

• Monteer, voor uw eigen veilighied, wanneer de situatie dat toelaat, de machine op een werkbank met bouten van een diameter van 8 mm en een lengte van 80 mm. Aanvullende Veiligheidsregels voor Tafelzaagstand • Vervang de tafelinzet wanneer deze versleten is. • Pas, als u met de zaag verticale rechte zaagsneden maakt, de stand van het schuivende scherm goed aan zodat een vrije ruimte van 5 mm tussen het zaagblad en het scherm gewaarborgd is. • Gebruik uw zaag nooit zonder de tafelinzet. • Zaag nooit wanneer het spouwmes en/of de bovenste beschermkap zijn verwijderd. • Gebruik altijd de aanduwstok. Zaag nooit werkstukken kleiner dan 30mm. • Zonder aanvullende ondersteuning is de machine bedoeld voor een maximaal werkstukformaat van: - Hoogte 51 mm bij breedte 500 mm bij lengte 700 mm - Langere werkstukken moeten worden ondersteund door een geschikte aanvullende tafel.

• Let erop dat het zaagblad in de juiste richting draait en dat de tanden naar de voorzijde van de zaagbank wijzen. • Let erop dat alle klemhandgrepen vastzitten voordat u een bedieningshandeling start. • Controleer dat het spouwmes is is afgesteld op de juiste afstand van het zaagblad - maximaal 5 mm. • Houd uw handen uit het pad van het zaagblad. • Trek de stekker van de zaag uit stopcontact voordat u zaagbladen verwisselt of onderhoud verricht. • Gebruik te allen tijden een aanduwstok en plaats uw handen tijdens het zagen nooit dichter dan op 150 mm van het zaagblad. • Reik nooit achter het zaagblad langs. • Houd de aanduwstok altijd op dezelfde plaats wanneer u hem niet gebruikt. • Ga niet op de machine staan. • Tijdens transport is het belangrijk dat het bovenste gedeelte van het zaagblad bedekt is, bijv. met de beschermkap.

• Gebruik de bovenste beschermkap niet om de machine vast te pakken of te transporteren. • Stel het schuivende scherm goed af zodat het niet in contact komt met de bovenste beschermkap. • Zorg ervoor dat de werktafel stevig vaststaat. • Gebruik de zaag niet voor het zagen van ander materiaal dan hout. • Sleuven, sponningen en groeven zagen is niet toegestaan.

77NEDERLANDS• Zorg ervoor dat de arm stevig vastzit wanneer u de zaag als tafelzaag gebruikt. Gebruik de machine alleen wanneer de zaagbank in horizontale stand staat. Gebruik als verstekzaag • Controleer dat de arm stevig is vastgezet wanneer u schuine zaagsneden uitvoert. • Voer nooit schoonmaak- of onderhoudswerkzaamheden uit wanneer de machine loopt en de zaagkop niet in de ruststand staat. • Zorg ervoor dat het bovenste gedeelte van het zaagblad stevig is vastgezet op de gekozen hoogte. Verwijder nooit de bovenste bescherming van het zaagblad wanneer u de zaag als verstekzaag gebruikt. • Zaag nooit werkstukken korten dan 160 mm.

• Zonder aanvullende ondersteuning is de machine bedoeld voor een maximaal werkstukformaat van: D27111 – Hoogte 90 mm bij breedte 220 mm bij lengte 550 mm D27112 – Hoogte 90 mm bij breedte 285 mm bij lengte 550 mm – Langere werkstukken moeten worden ondersteund door een geschikte aanvullende tafel. • Klem het werkstuk altijd stevig vast. Overige gevarenDe volgende gevaren zijn inherent aan het gebruik van deze zaagmachines: - verwonding door het aanraken van roterende delenOndanks toepassing van de veiligheidsvoorschriften en het aanbrengen van beveiligingen blijven bepaalde gevaren bestaan, en wel met name: - Gevaar voor gehoorbeschadiging. - Gevaar voor verwonding door de niet afgedekte gedeelten van het zaagblad. - Gevaar voor verwonding bij het verwisselen van het zaagblad. - Gevaar voor beklemming van vingers bij het openen van de afdekkap.

- Gezondheidsrisico door het inademen van stof, met name bij het verwerken van eiken- en beukehout. - Risico van letsel veroorzaakt door onderdelen van het werkstuk die naar omstanders worden geslingerd. - Risico van ongelukken veroorzaakt door rondvliegende metaaldeeltjes als u in de parallelgeleiding zaagt. - Brandgevaar wegens extreme stofconcentratie als de machine niet geregeld schoongemaakt wordt.

- Risico van ongecontroleerde situaties bij gebruik in een omgevingstemperatuur onder -10 °C of boven +45 °C. De volgende factoren zijn van invloed op geluidsproductie: - het te zagen materiaal - het type zaagblad - toevoerkrachtDe volgende factoren zijn van invloed op blootstelling aan stof: - versleten zaagblad - stofafzuiginstallatie met luchtsnelheid minder dan 20 m/s - werkstuk niet exact geleidMarkering op het gereedschapDe volgende pictogrammen staan op het gereedschap vermeld: Waarschuwing voor veilig gebruik Lees voor het gebruik de handleiding Wanneer u de zaag als tafelzaag gebruikt, zorg er dan voor dat de bovenste en onderste beschermkappen op hun plaats zitten en goed werken. Gebruik de machine nooit wanneer de zaagbank niet in horizontale stand staat. Wanneer u de zaag als verstekzaag gebruikt, is het belangrijk dat de bovenste beschermkap op zijn plaats zit en goed werkt.

Controleer dat de zaagbank in de hoogste positie staat. Houd u bij het maken van een schuifzaagsnede in verstekzaagmodus aan de instructies onder "Het maken van een schuifzaagsnede". Draagpunt. POSITIE DATUMCODE [AFB. (FIG. ) A2]De datumcode (76), die ook het jaar van fabricage bevat, is binnen in de behuizing geprint. Voorbeeld: 2012 XX XXJaar van fabricageInhoud van de verpakkingDe verpakking bevat: 1 Tafelblad-verstekzaag 1 Zaagblad 1 Parallelgeleider 1 Bovenste beschermkap 1 Duwstok 1 Stofopvangpoort (fig. V) 1 T30 Torx-sleutel 1 T40 Torx-sleutel 1 Materiaalklem 1 Handleiding 1 Onderdelentekening• Controleer de machine, losse onderdelen en accessoires op transportschade. • Lees deze handleiding rustig en zorgvuldig door voordat u met de machine gaat werken. Beschrijving (afb. A1 - A4) WAARSCHUWING: Pas het gereedschap of een onderdeel ervan nooit aan.

78NEDERLANDS14 Schaal voor afschuiningsinstelling15 Klemhendel voor schuininstelling16 Vergrendelknop zaagtafel17 Vergrendelingsstift zaagkop18 Vergrendelknop geleiderailAfb. A219 Zaagtafel20 Spouwmes21 Bovenste beschermkap22 Parallelgeleider23 Locatie duwstok24 Beweegbare beschermkap achterkant25 Montagegaten hulpstuk26 Handvat76 DatumcodeOptiesAfb. A327 MateriaalklemAfb. A428 OnderstelGEBRUIKSDOELUw D27111/D27112 tafelverstekzaag is ontworpen voor professionele toepassingen. Deze uiterst nauwkeurig werkende machine kan gemakkelijk en snel worden ingesteld op afkorten, afschuinen, verstekzagen of samengesteld verstekzagen. Deze unit is ontworpen voor gebruik met een carbidepuntzaag met een nominale zaagbladdiameter van 305 mm voor professionele toepassingen. NIET GEBRUIKEN bij natte omstandigheden of in de aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen of gassen.

Deze tafelverstekzagen zijn professioneel elektrisch gereedschap. LAAT NIET kinderen in contact met het gereedschap komen. Toezicht is vereist als onervaren gebruikers dit gereedschap bedienen. WAARSCHUWING. Gebruik de machine niet voor andere doeleinden dan waarvoor zij is bedoeld • Dit product is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder kinderen) die verminderde fysieke, sensorische of psychische vermogens hebben of die het ontbreekt aan ervaring en/of kennis of bekwaamheden, als dat niet gebeurt onder toezicht van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen mogen nooit alleen worden gelaten met dit product zodat ze ermee zouden kunnen spelen. Elektrische veiligheidDe elektrische motor is slechts voor één voltage ontworpen. Controleer altijd of de stroomvoorziening overeenkomt met de voltage op het typeplaatje.

Als het stroomsnoer is beschadigd, moet het worden vervangen door een speciaal geprepareerd snoer dat leverbaar is via de DEWALT servicedienst. Een verlengsnoer gebruikenGebruik, als een verlengsnoer nodig is, een goedgekeurd 3-aderig verlengsnoer dat geschikt is voor de stroomvoorziening van dit gereedschap (zie Technische gegevens). De minimale geleidergrootte is 1,5 mm2; de maximale lengte is 30 m. Als u een haspel gebruikt, dient u het snoer altijd volledig af te rollen. MONTAGE WAARSCHUWING: Om het gevaar op letsel te verminderen schakelt u het apparaat uit en sluit u de stroombron van de machine af voordat u accessoires installeert of verwijdert, voordat u instellingen aanpast of wijzigt, of als u reparaties uitvoert. Zorg ervoor dat de hoofdschakelaar in de OFF (UIT) positie staat. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken. Uitpakken (afb.

B)• Verwijder de verpakkingsmaterialen zorgvuldig van de zaagmachine. • Zet de vergrendelknop (18) vrij en duw de zaagkop naar achteren om hem in de achterste positie te vergrendelen. • Zet de tabel (19) in de hoogste stand vast. • Druk de bedieningshendel (2) omlaag en trek aan vergrendelpin (17), zoals afgebeeld. • Verminder de druk langzaam en laat de kop geheel omhoogkomen. Werkbankmontage (afb. C)• Er zit gaten (36) in alle vier de voetjes zodat montage op een werkbank gemakkelijk is. Er zijn gaten van twee verschillende afmetingen voor gebruik van bouten van verschillende maten. Gebruik één van de gaten; het is niet nodig beide te gebruiken. Geadviseerd wordt bouten met een diameter van 8 mm en een lengte van 80 mm te gebruiken. Monteer uw zaag altijd stevig zodat beweging wordt voorkomen.

Voor een betere draagbaarheid kunt u het gereedschap monteren op een stuk multiplex van een dikte van 12,5 millimeter of meer, wat u vervolgens op uw werkbank kunt klemmen of kunt meenemen naar andere locaties en daar weer kunt vastklemmen.

• Wanneer de zaagmachine op multiplex wordt bevestigd, zorg er dan voor dat de schroeven niet aan de onderkant van het hout uitsteken. Het multiplex moet geheel tegen het blad van de werkbank aanliggen. Bij het klemmen op elk ander oppervlak moeten de plaatsen van de bevestigingsgaten worden gebruikt om te klemmen. Klemmen op een ander punt zal het werken met de zaagmachine bemoeilijken. • Om aanlopen en onnauwkeurigheid te voorkomen, mag het bevestigingsblad niet krom of oneffen zijn. Als de zaagmachine op het werkblad wankelt, plaats dan een dun stukje materiaal onder één van de voeten tot de machine stevig op het werkblad staat. Opslaan van het bevestigingsgereedschap (afb. D)De volgende hulpstukken worden bij de machine geleverd: 1 T30 Torx-sleutel (37) 1 T40 Torx-sleutel (38)• Denk erom dat u het gereedschap altijd opruimt na gebruik voor assemblage of afstelling.

De bovenste zaagbladbeschermkap monteren (afb. E)De bovenste zaagbladbeschermkap (21) is bedoeld voor een snelle en gemakkelijke bevestiging op het spouwmes (20) wanneer de machine eenmaal is ingesteld als tafelzaag. • Draai de bout (39) los en laat de moer (40) in het inbusholte zitten. • Houd, terwijl u de beschermkap verticaal houdt, de sleuf in de achterzijde van de beschermkap tegenover het spouwmes. • Laat de beschermkap over het spouwmes (20) zakken en let er daarbij op dat de schacht van de bout in de uitsparing komt. • Draai de beschermkap in een horizontale stand zodat de beschermkap wordt vergrendeld op het spouwmes. • Steek de bout (39) in het gat en draai vast met behulp van de speciale torx-sleutel.

79NEDERLANDSMonteren van het zaagblad (afb. D & F1 - F5) WAARSCHUWING: Om het gevaar op letsel te verminderen schakelt u het apparaat uit en sluit u de stroombron van de machine af voordat u accessoires installeert of verwijdert, voordat u instellingen aanpast of wijzigt, of als u reparaties uitvoert. Zorg ervoor dat de hoofdschakelaar in de OFF (UIT) positie staat. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken. WAARSCHUWING: De tanden van een nieuw blad zijn erg scherp en kunnen gevaarlijk zijn. WAARSCHUWING: Controleer na het bevestigen of terugplaatsen van het blad dat het blad volledig is bedekt door de beschermkap. WAARSCHUWING. Bedenk dat het zaagblad alleen op de voorgeschreven manier moet worden vervangen. Gebruik alleen zaagbladen die worden aangeduid bij Technische Gegevens; Cat. nr. : Geadviseerd wordt DT4350 te gebruiken.

Voor het plaatsen van een nieuw zaagblad moet de tafel worden afgesteld in de hoogste positie en de zaagkop in de hoogste stand worden gezet. D27111• Steek de T30 Torx-sleutel (37) door het gat (42) in de kast en in het uiteinde van de as (afb. F1). Plaats de T40 Torx-sleutel (38) in zaagbladvergrendelingsschroef (43) (fig. F3). • De vergrendelingsschroef van het zaagblad heeft linkse schroefdraad, draai de schroef dus los door sleutel stevig vast te houden en naar rechts te draaien. • Maak de onderste beschermkap (5 & 23) los door de hoofdontgrendelingshendel (3) in te drukken, breng daarna de onderste beschermkap zover mogelijk omhoog (afb. F4). • Verwijder de vergrendelingsschroef van het zaagblad (43) en de buitenste kraag van de spandoorn (44) (afb. F5). • Controleer dat de binnenste flens en beide zijden van het zaagblad schoon en vrij van stof zijn.

• Breng voorzichtig het zaagblad op zijn plaats en laat de onderste beschermkap van het zaagblad los. • Plaats de buitenste kraag van de spandoorn weer. • Draai de vergrendelingsschroef (43) van het zaagblad aan door deze naar links te draaien terwijl u de Torx-sleutel stevig vasthoudt met uw andere hand. • Berg de Torx-sleutel weer op (afb. D). D27112• Vergrendel het zaagblad op zijn plaats door op de asvergrendelingsknop (75) te drukken (afb. F2). • Steek de T40 Torx-sleutel (38) in zaagbladvergrendelingsschroef (43) (fig. F3). • De vergrendelingsschroef van het zaagblad heeft linkse schroefdraad, draai de schroef dus los door sleutel stevig vast te houden en naar rechts te draaien. • Maak de onderste beschermkap (5 & 23) los door de hoofdontgrendelingshendel (3) in te drukken, breng daarna de onderste beschermkap zover mogelijk omhoog (afb. F4).

• Verwijder de vergrendelingsschroef van het zaagblad (43) en de buitenste kraag van de spandoorn (44) (afb. F5). • Controleer dat de binnenste flens en beide zijden van het zaagblad schoon en vrij van stof zijn. • Plaats het zaagblad (45) op de zaagbladadapter (46) die tegen de binnenste kraag van de spandoorn (47) is gemonteerd, en let er daarbij op dat de tanden van de onderste rand van het zaagblad naar de achterzijde van de zaag wijzen (weg van de gebruiker). • Breng voorzichtig het zaagblad op zijn plaats en laat de onderste beschermkap van het zaagblad los. • Plaats de buitenste kraag van de spandoorn weer. • Draai de vergrendelingsschroef (43) van het zaagblad aan door deze naar links te draaien terwijl u de asvergrendelingsknop vasthoudt. • Berg de Torx-sleutel weer op (afb. F2).

Zorg ervoor dat de hoofdschakelaar in de OFF (UIT) positie staat. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken. Afstellen van het zaagblad (afb. F5)Als er tijdens het opstarten en uitlopen een slag in het blad zit, pas deze dan als volgt aan. • Draai de schroef van de askraag (44) los en draai het blad (45) een kwartslag. • Draai de schroef weer vast en controleer of er een slag in het blad zit. • Herhaal deze stappen tot de slag in het blad is verdwenen. Montage voor verstekzaagmodusDeze verstekzaagmachine is in de fabriek nauwkeurig afgesteld. Als zij als gevolg van het transport of om andere redenen toch opnieuw moet worden afgesteld, dient dit te gebeuren zoals hieronder beschreven. De instelling zou nu niet meer moeten verlopen. Controleren en instellen van het zaagblad t. o. v. de parallelgeleiding (afb.

G1 - G4)• Maak de verstekhendel (10) los en druk de verstekgrendel (9) in om de verstekarm (11) vrij te geven. • Draai de verstekarm totdat deze in de stand 0° verstek wordt vergrendeld. Maak de hendel niet vast. • Trek de zaagkop naar beneden totdat het zaagblad net in de sleuf (48) valt. • Plaats een winkelhaak (49) tegen de parallelgeleiding links (13) en het zaagblad (45) (afb. G3). WAARSCHUWING: Laat de winkelhaak niet in aanraking komen met de tanden van het zaagblad. • Het afstellen geschiedt als volgt:• Draai de schroeven (50) los en beweeg de verstekarm met verstekschaal naar links of naar rechts, totdat de met de winkelhaak gemeten hoek tussen het zaagblad en de parallelgeleiding 90° bedraagt. • Draai de schroeven (50) weer vast. Let hierbij nog niet op de uitlezing van de verstekwijzer. Instellen van de verstekwijzer (afb.

80NEDERLANDSInstellen van de verstekvergrendel/blokkeerstang (afb. I)Als het onderstel van de zaag kan worden bewogen terwijl de verstekhendel (10) vergrendeld is, dan moet de verstekvergrendel/blokkeerstang (53) worden afgesteld. • Zet de verstekhendel (10) los. • Zet de verstekvergrendel/blokkeerstang (53) volledig vast met behulp van een schroevendraaier (54). Draai de stang vervolgens een kwartslag linksom. • Controleer of de tafel niet beweegt wanneer de verstekhendel (10) is vastgezet op een willekeurige (niet voorafingestelde) hoek. Controleren en instellen van het zaagblad t. o. v. het tafelblad (afb. J1 - J4)• Draai de afschuinklemknop (15) los. • Duw de zaagkop naar rechts om te controleren of deze volledig verticaal staat en zet de afschuinklemhendel vast. • Trek de zaagkop naar beneden totdat het zaagblad net in de sleuf (48) valt.

• Plaats een winkelhaak (49) op de zaagtafel en tegen het zaagblad (45) (afb. J2). WAARSCHUWING: Laat de winkelhaak niet in aanraking komen met de tanden van het zaagblad. • Het afstellen geschiedt als volgt:• Maak de afschuinklemknop (15) los en draai de aanslagschroef verticale-positieafstelling (55) in of uit totdat de met de winkelhaak gemeten hoek tussen het zaagblad en het tafelblad 90° bedraagt. • Als de stand van de afschuinwijzer (56) op de afschuinschaal (14) ongelijk is aan 0, draai dan de borgschroef (57) los en stel de wijzer op 0 in. Instellen van de parallelgeleiding (afb. K1 & K2)Het bovenste deel van de linker parallelgeleiding kan naar links worden bijgesteld. Zo kan ruimte worden gemaakt om de zaag tot de maximale verstekpositie van 45° te kunnen draaien.

Zet de parallelgeleiding op een zo klein mogelijke afstand van het zaagblad, zonder de op- en neerwaartse beweging van de zaagarm te belemmeren. Zo wordt het werkstuk optimaal gesteund. • Draai de knop stevig aan. WAARSCHUWING: De geleidegroef (59) van de parallelgeleiding kan verstopt raken met zaagsel. Gebruik een stokje of wat lage-druklucht om deze groef schoon te maken. Het beweegbare deel van de rechter parallelgeleiding kan worden bijgesteld om optimale ondersteuning van het werkstuk in de buurt van het zaagblad te bieden. Zo kan de zaag tot de maximale verstekpositie van 45° draaien. De schuifafstand is beperkt door aanslagen in beide richtingen. Om de parallelgeleiding (6) in te stellen:• Draai de vleugelmoer (60) los om de parallelgeleiding (6) vrij te zetten. • Beweeg de parallelgeleiding naar links.

• Voer een test uit met UITgeschakelde zaag en kijk hoe groot de beschikbare ruimte is. Zet de parallelgeleiding op een zo klein mogelijke afstand van het zaagblad, zonder de op- en neerwaartse beweging van de zaagarm te belemmeren. Zo wordt het werkstuk optimaal gesteund. • Draai de vleugelmoer (60) vast om de parallelgeleiding op zijn plaats vast te zetten. Controleren en instellen van de afschuinhoek (afb. J1, J5 & K1)• Draai de klemknop van de linker parallelgeleiding (58) los en beweeg het bovenste deel van de linker parallelgeleiding zo ver mogelijk naar links. • Draai de afschuinklemknop (15) los en beweeg de zaagkop naar links. Dit is de 45° afschuinpositie. • Het afstellen geschiedt als volgt:• Draai de stopschroef (61) naar binnen of buiten totdat de wijzer (56) 45° aanwijst.

WAARSCHUWING: ijdens het uitvoeren van deze aanpassing is het verstandig om het gewicht van de zaagkop af te halen door deze vast te houden. Hierdoor kan de stelschroef gemakkelijker worden gedraaid. Instellen van de railgeleiding (afb. L)• Controleer de rails regelmatig op speling.

• Draai de instelschroef (62) geleidelijk rechtsom om de speling te verminderen terwijl de zaagkop naar voren en achteren wordt geschoven. Afstellingen voor gebruik als tafelzaagOmstellen van verstekzaag tot tafelzaag (afb. A1 & A2)• Vergrendel de tafel (19) In de hoogste positie. • Plaats het zaagblad in 0° afkortstand met de verstekhendel (10) vastgedraaid (afb. A1). • Zet de vergrendelknop van de geleiderail (18) vast met de zaagkop in de achterste stand. • Druk de kopontgrendelingshendel (3) omlaag om de kop omlaag te brengen en druk de vergrendelpen in (17). • Bevestig de parallelgeleiding (22) zoals hieronder beschreven. Instellen van het spouwmes (afb. M1 & M2)De juiste positie van de bovenkant van het spouwmes (20) is niet meer dan 2 mm onder de hoogste tand van het blad en met het lichaam van de straal maximaal 5 mm van de uiteinden van de tanden van het zaagblad (afb. M1).

• Maak de bouten (63) los zodat het spouwmes omhoog en omlaag kan bewegen (afb. M2). • Schuif het mes omhoog of omlaag tot de juiste positie is bereikt. • Draai de bouten (63) weer stevig vast. Monteren en afstellen van de zij-aanslag (afb. N1 - N4)• Schuif de beugel (64) vanaf de rechterkant erop (afb. N1). De klemplaat haakt vast achter de voorrand van de tafel. • Schuif de parallelgeleiding (22) vlak tegen het zaagblad aan. • Duw de hendel (65) omlaag om de parallelgeleiding op zijn plaats te vergrendelen. • Controleer of de geleider parallel aan het blad loopt. • Het afstellen geschiedt als volgt:• Maak de afstelknop (66) waarmee de aanslaghouder op de aanslagsteun is bevestigd, los (afb. N2). • Pas de geleider zodanig aan, dat deze parallel aan het blad loopt door de afstand tussen het blad en de geleider aan de voorkant en aan de achterkant van het blad te controleren.

• Controleer of de wijzer (67) nul aanwijst op de schaal (afb. N3). Als de wijzer niet exact nul aanwijst, draai dan de schroef (68) los, beweeg de wijzer zodat hij 0 aangeeft en draai de schroef vast. De parallelgeleiding is omkeerbaar: het werkstuk kan langs de aanslagkant van 52 mm hoog of langs de aanslagkant van 8 mm hoog worden geleid, zodat het duwhout ook bij het langszagen van dunne werkstukken kan worden gebruikt (afb. N4)• Draai, om de zijde van 8 mm te gebruiken, de afstelknop (66) los en schuif de parallelgeleidng (22) uit de klemsteun (70).

81NEDERLANDS• Draai de parallelgeleiding en laat de klemsteun weer in de groef vallen, zoals afgebeeld (afb. N4). • Schuif, om de volledige hoogte van 52 mm te gebruiken, de parallelgeleiding met de brede zijde verticaal in de klemsteun (afb. N1). WAARSCHUWING: • Gebruik het 8 mm profiel om bij het zagen van dunne werkstukken ervoor te zorgen dat tussen het zaagblad en de parallelgeleiding nog ruimte is voor het duwhout. • De achterkant van de parallelgeleiding moet gelijk zijn met de voorkant van het spouwmes. Afstellen van de zaagbanktafel (afb. A1, A2)De tafel (19) kan handmatig omhoog en omlaag worden geschoven en wordt met twee vergrendelingsknoppen op de gewenste hoogte vastgezet. • Draai de tafelvergrendelingsschroeven, zowel de hoofdschroef (16) als de hulpschroef (4) los, maar verwijder ze niet helemaal. • Stel de tafel op de juiste gewenste positie in.

• Zet de tafelblokkeerknoppen vast. Zet eerst de hoofdknop (16) vast en zet dan de tafel met de hulpknop (4) in positie vast. Omstellen van tafelzaag tot verstekzaag (afb. A1 & A2)• Zet de tabel (19) in de hoogste stand vast. • Druk de bedieningshendel (2) omlaag en trek aan vergrendelpin (17), zoals afgebeeld. • Verminder de druk langzaam en laat de kop geheel omhoogkomen. Voor ingebruikneming • Plaats het juiste zaagblad. Gebruik geen zeer versleten zaagbladen. De maximale rotatiesnelheid van het gereedschap mag niet hoger zijn dan die van het zaagblad. • Probeer niet al te kleine werkstukken te zagen. • Geef het zaagblad ruimte om te zagen. Oefen er geen kracht op uit. • Laat de motor eerst geheel op snelheid komen voordat u met zagen begint. • Controleer dat alle vergrendelingsknoppen en klemhandgrepen vastzitten. • Zet het werkstuk goed vast.

• U kunt met deze zaag hout en vele nonferro-materialen zagen, maar deze bedieningsinstructies gelden alleen voor het zagen van hout. Dezelfde richtlijnen gelden voor de andere materialen.

Zaag niet ferro-materialen (ijzer en staal) of metselwerk met deze zaag. Gebruik geen slijpschrijven. • Wanneer u non-ferro-materialen zaagt, gebruik dan altijd een geschikt DEWALT-zaagblad met een spaanhoek van -5°. Het is belangrijk dat u het materiaal op zijn plaats vastzet met een materiaalklem. • Het is belangrijk dat u de zaagplaat gebruikt. Gebruik de machine niet als de zaagsleuf breder is dan 10 mm. • Zorg ervoor dat het materiaal dat u wilt zagen stevig op zijn plaats is vastgezet. • Oefen slechts lichte druk uit op het gereedschap en oefen geen druk naar opzij uit op het zaagblad. • Overbelast de machine niet. • Verwijder na gebruik altijd het stof van de machine zodat de onderste beschermkap goed kan functioneren.

• Sluit, wanneer u hout of houtproducten zaagt, altijd een toestel voor stofafzuiging aan dat is ontworpen in overeenstemming met de relevante voorschriften voor stofemissie. BEDIENINGGebruiksaanwijzing WAARSCHUWING: Neem altijd de veiligheidsinstructies en van toepassing zijnde voorschriften in acht. WAARSCHUWING: Om het gevaar op letsel te verminderen schakelt u het apparaat uit en sluit u de stroombron van de machine af voordat u accessoires installeert of verwijdert, voordat u instellingen aanpast of wijzigt, of als u reparaties uitvoert. Zorg ervoor dat de hoofdschakelaar in de OFF (UIT) positie staat. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken. We willen gebruikers in het Verenigd Koninkrijk graag wijzen op de “woodworking machinesregulations 1974” (houtbewerkingsvoorschriften voor apparatuur 1974) en alle hieropvolgende wijzigingen.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met DeWalt D27111 T 2 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden