Bosch GRL 250 HV Professional Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Bosch GRL 250 HV Professional (416 pagina’s), behorend tot de categorie Laserwaterpas. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 88 mensen. Heb je een vraag over Bosch GRL 250 HV Professional of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Robert Bosch Power Tools GmbH
70538 Stuttgart
GERMANY
www.bosch-pt.com
1 609 92A 5S1 (2020.09) T / 416
deOriginalbetriebsanleitung
enOriginal instructions
frNotice originale
esManual original
ptManual original
itIstruzioni originali
nlOorspronkelijke gebruiksaanwijzing
daOriginal brugsanvisning
svBruksanvisning i original
noOriginal driftsinstruks
fiAlkuperäiset ohjeet
elΠρωτότυπο οδηγιών χρήσης
trOrijinal işletme talimatı
plInstrukcja oryginalna
csPůvodní návod k používání
skPôvodný návod na použitie
huEredeti használati utasítás
ruОригинальное руководство по
эксплуатации
ukОригінальна інструкція з
експлуатації
kkПайдалану нұсқаулығының
түпнұсқасы
roInstrucțiuni originale
bgОригинална инструкция
mkОригинално упатство за работа
srOriginalno uputstvo za rad
slIzvirna navodila
hrOriginalne upute za rad
etAlgupärane kasutusjuhend
lvInstrukcijas oriģinālvalodā
ltOriginali instrukcija
ja
zh
zh
ko
th

idPetunjuk-Petunjuk untuk
Penggunaan Orisinal
viBn gc hng dn s dng
ar
fa
1 609 92A 5S1
GRL | RC Professional
GRL 250 HV | GRL 300 HV | GRL 300 HVG | RC 1

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Bosch
Categorie: Laserwaterpas
Model: GRL 250 HV Professional
Kleur van het product: Blauw
Gewicht: 1800 g
Soort: Roterende laser
Operationele tijd: 60 uur
Maximumbereik: 250 m
Laser klasse: 2
Nivellering accuratesse (±): 0.1 mm/m
Zelfnivellerings bereik (±): 5 °
Laser diode: 635 nm (< 1 mW)
Statiefschroefdraad: 5/8 "
Rotatiesnelheid: 600 RPM

Handleiding Bosch GRL 250 HV Professional – volledige tekst

Wanneer deze aanwijzingenniet in acht genomen worden, dan kunnengeïntegreerde veiligheidsvoorzieningen nadelig beïn-vloed worden. Maak waarschuwingsbordjes nooit on-leesbaar. BEWAAR DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIGEN GEEF ZE BIJ HET DOORGEVEN VAN DE PRODUCTENMEE. u Voorzichtig – wanneer andere dan de hier aangegevenbedienings- of afstelvoorzieningen gebruikt of anderemethodes uitgevoerd worden, kan dit resulteren ineen gevaarlijke blootstelling aan straling. u Het meetgereedschap is voorzien van een laser-waar-schuwingsplaatje (aangegeven op de weergave vanhet meetgereedschap op de pagina met afbeeldin-gen). u Is de tekst van het laser-waarschuwingsplaatje niet inuw taal, plak dan vóór het eerste gebruik de meegele-verde sticker in uw eigen taal hieroverheen. u Breng geen wijzigingen aan de laserinrichting aan. u Gebruik de laserbril (accessoire) niet als veiligheids-bril.

De laserbril dient voor het beter herkennen van delaserstraal; deze beschermt echter niet tegen de laser-straling. u Gebruik de laserbril (accessoire) niet als zonnebril ofin het verkeer. De laserbril biedt geen volledige UV-be-scherming en vermindert het waarnemen van kleuren. u Laat uw producten uitsluitend repareren door gekwa-lificeerd geschoold personeel en alleen met originelevervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgddat de veiligheid in stand blijft. u Laat kinderen het lasermeetgereedschap niet zondertoezicht gebruiken. Zij zouden per ongeluk personenkunnen verblinden. u Werk niet in een omgeving met ontploffingsgevaarwaar zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassenof brandbaar stof bevinden. Er kunnen vonken ontstaandie het stof of de dampen tot ontsteking brengen.

Aanvullende veiligheidsaanwijzingen voor GRL250HV :Richt de laserstraal niet op personen of die-ren en kijk niet zelf in de directe of gereflec-teerde laserstraal. Daardoor kunt u personenverblinden, ongevallen veroorzaken of het oogbeschadigen.

74 | NederlandsAanvullende veiligheidsaanwijzingen voor GRL300HV,GRL300HVG :u Op het meetgereedschap worden de laseropeningenaangegeven door een waarschuwingsplaatje. Let opde positie hiervan bij het gebruik van het meetgereed-schap. u Als de tekst van het betreffende waarschuwingsplaat-je niet in uw taal is, plak dan de meegeleverde stickerin uw eigen taal hieroverheen, voordat u het gereed-schap voor de eerste keer gebruikt. u Neem bij het gebruik van een laser met laserklasse 3Rgoed nota van mogelijke nationale voorschriften. Hetniet in acht nemen van deze voorschriften kan tot letselleiden. u Het meetgereedschap mag alleen bediend wordendoor personen die vertrouwd zijn met de omgang metlaserapparaten. Volgens EN 60825-1 hoort daarbij o. a.

de kennis van de biologische werking van de laser opogen en huid evenals het juiste gebruik van de laserbe-scherming voor het afwenden van gevaren. u Markeer het gebied waar het meetgereedschap ge-bruikt wordt met geschikte laserwaarschuwingsbor-den. Zo voorkomt u dat buitenstaanders de gevarenzonebetreden. u Bewaar het meetgereedschap niet op een plaats waaronbevoegden toegang hebben. Personen die niet ver-trouwd zijn met de bediening van het meetgereedschap,kunnen zichzelf en anderen schade toebrengen. Richt de laserstraal niet op personen of die-ren en kijk niet zelf in de laserstraal. Ditmeetgereedschap produceert laserstralingvan laserklasse 3R conform EN 60825-1. Di-rect in de laserstraal kijken – ook vanaf grotereafstand – kan schadelijk zijn voor de ogen. u Zorg ervoor dat het gebied van de laserstraling be-waakt of afgeschermd is.

Ook door de weerspie-gelde laserstraal is een beschadiging van de ogen moge-lijk. Verdere veiligheidsaanwijzingenu Gebruik geen optisch concentrerende instrumenten,zoals verrekijker of loep voor het bekijken van de stra-lingsbron. U kunt hiermee uw ogen beschadigen. Houd de magnetische accessoires uit debuurt van implantaten en andere medischeapparaten, zoals pacemakers en insuline-pompen. Door de magneten van de accessoi-res wordt een veld opgewekt dat de werkingvan implantaten en medische apparaten kanverstoren. u Houd de magnetische accessoires uit de buurt vanmagnetische gegevensdragers en magnetisch gevoeli-ge apparatuur. Door de werking van de magneten van deaccessoires kan het tot onomkeerbaar gegevensverlieskomen. u Open de (oplaadbare) batterijen niet. Er bestaat gevaarvoor kortsluiting. u Bij beschadiging en verkeerd gebruik van de accu kun-nen er dampen vrijkomen.

De accu kan branden of ex-ploderen. Zorg voor de aanvoer van frisse lucht en zoekbij klachten een arts op. De dampen kunnen de luchtwe-gen irriteren. u Bij verkeerd gebruik of een beschadigde accu kanbrandbare vloeistof uit de accu lekken. Voorkom con-tact daarmee. Spoel bij onvoorzien contact met wateraf. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, dient u bo-vendien een arts te raadplegen. Gelekte accuvloeistofkan tot huidirritaties of verbrandingen leiden. u Door spitse voorwerpen, zoals bijv. spijkers of schroe-vendraaiers, of door krachtinwerking van buitenafkan de accu beschadigd worden. Er kan een internekortsluiting ontstaan en de accu doen branden, roken, ex-ploderen of oververhitten. u Houd de niet-gebruikte accu uit de buurt van paper-clips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of anderekleine metalen voorwerpen die overbrugging van decontacten zouden kunnen veroorzaken.

u Laad de Bosch-accu alleen met het meegeleverde op-laadapparaat op. Bescherm accu's tegen hitte, bijvoorbeeldook tegen voortdurend zonlicht, vuur, vuil,water en vocht. Er bestaat gevaar voor explo-sie en kortsluiting. Veiligheidsaanwijzingen vooroplaadapparatenLees alle veiligheidsaanwijzingen en in-structies. Het niet naleven van de veiligheids-aanwijzingen en instructies kan elektrischeschokken, brand en/of zware verwondingenveroorzaken. Bewaar alle veiligheidsaanwijzingen en instructies voortoekomstig gebruik. u Dit oplaadapparaat is niet be-stemd voor gebruik door kinderenen personen met beperkte licha-1 609 92A 5S1 | (09. 09. 2020) Bosch Power Tools.

Nederlands | 75melijke, zintuiglijke of geestelijkecapaciteiten of gebrek aan erva-ring en kennis. Dit oplaadapparaatkan door kinderen vanaf 8 jaarevenals door personen met be-perkte lichamelijke, zintuiglijke ofgeestelijke capaciteiten of gebrekaan ervaring en kennis gebruiktworden, mits zij onder toezichtstaan van een persoon die voorhun veiligheid verantwoordelijk is,of door deze in het veilige gebruikvan het oplaadapparaat geïnstru-eerd werden en zij de hiermee ver-bonden gevaren begrijpen. Andersbestaat er gevaar voor foute bedie-ning en verwondingen. u Houd toezicht op kinderen bij ge-bruik, reiniging en onderhoud. Opdeze manier wordt gewaarborgd datkinderen niet met het oplaadappa-raat spelen. u Laad alleen Bosch NiCd/NiMH-ac-cu's met een capaciteit van 9Ah(2accucellen). De accuspanningmoet bij de acculaadspanning vanhet oplaadapparaat passen.

Laadgeen accu's die niet oplaadbaarzijn. Anders bestaat er brand- en ex-plosiegevaar. Houd het oplaadapparaat uit de buurt van regen ofnatheid. Het binnendringen van water in een elektrisch toe-stel verhoogt het risico van een elektrische schok. u Laad het meetgereedschap alleen met het meegele-verde oplaadapparaat. u Houd het oplaadapparaat schoon. Door vervuiling be-staat er gevaar voor een elektrische schok. u Controleer vóór elk gebruik oplaadapparaat, kabel enstekker. Gebruik het oplaadapparaat niet, als u be-schadigingen vaststelt. Open het oplaadapparaat nietzelf en laat het uitsluitend repareren door gekwalifi-ceerd geschoold personeel en alleen met originelevervangingsonderdelen. Beschadigde oplaadappara-ten, kabels en stekkers verhogen het risico van een elek-trische schok. u Gebruik het oplaadapparaat niet op een licht ontvlam-bare ondergrond (bijv. papier, textiel enz.

Beschrijving van product en werkingNeem goed nota van de afbeeldingen in het voorste deel vande gebruiksaanwijzing. Beoogd gebruikRotatielaserHet meetgereedschap is bestemd voor het meten en contro-leren van nauwkeurig waterpas verlopende hoogtelijnen,verticale lijnen, vluchtlijnen en loodpunten. Het meetgereedschap is geschikt voor gebruik binnenshuisen buitenshuis. AfstandsbedieningDe afstandsbediening is bestemd voor de besturing vanBosch-rotatielasers per infrarood. De afstandsbediening is geschikt voor gebruik binnen en bui-ten. Afgebeelde componentenDe nummering van de afgebeelde componenten heeft be-trekking op de weergave van meetgereedschap en afstands-bediening op de pagina's met afbeeldingen.

Nederlands | 77Rotatielaser GRL250 HV GRL300 HV GRL300HVGAfmetingen (lengte× breedte× hoogte) 190×180×170mm 190×180×170mm 190×180×170mmBeschermklasse IP54 (stof- en spatwa-terbescherming)IP54 (stof- en spatwa-terbescherming)IP54 (stof- en spatwa-terbescherming)A)bij 25°CB) Het werkbereik kan door ongunstige omgevingsomstandigheden (bijv. direct zonlicht) verminderd worden. C) langs de assenD) Er ontstaat slechts een niet geleidende vervuiling, waarbij echter soms een tijdelijke geleidbaarheid wort verwacht door bedauwing. Het productnummer (22) op het typeplaatje dient voor een ondubbelzinnige identificatie van uw meetgereedschap.

B) Er ontstaat slechts een niet geleidende vervuiling, waarbij echter soms een tijdelijke geleidbaarheid wort verwacht door bedauwing. Het serienummer(33) op het typeplaatje dient voor een duidelijke identificatie van uw afstandsbediening. MontageEnergievoorziening afstandsbedieningVoor de werking van de afstandsbediening wordt het gebruikvan alkali-mangaan-batterijen aangeraden.

Voor het openen van het batterijvakdeksel(35) duwt u devergrendeling(34) in de richting van de pijl en haalt u hetbatterijvakdeksel eraf. Plaats de batterij. Let er hierbij op dat de polen juist worden geplaatst volgensde afbeelding op de binnenkant van het batterijvak. u Verwijder de batterij uit de afstandsbediening, wan-neer u deze langere tijd niet gebruikt. De batterij kanbij een langere opslagduur in de afstandsbediening gaancorroderen en zichzelf ontladen. Energievoorziening meetgereedschapHet meetgereedschap kan met in de handel verkrijgbare (op-laadbare) batterijen of met eenBosch-accupack worden ge-bruikt. Werking met accupacku Let op de netspanning. De spanning van de stroombronmoet overeenkomen met de gegevens op het typeplaatjevan het oplaadapparaat. Laad de accupack(13) vóór het eerste gebruik op.

De accu-pack kan uitsluitend met het daarvoor bestemdeoplaadapparaat(18) worden opgeladen. Steek de bij uw elektriciteitsnet passende netstekker(19) inhet oplaadapparaat(18) en laat deze vastklikken. Bosch Power Tools 1 609 92A 5S1 | (09. 09. 2020).

78 | NederlandsSteek de oplaadstekker(20) van het oplaadapparaat in deoplaadbus(17) op de accupack(13). Sluit het oplaadappa-raat op het elektriciteitsnet aan. Voor het opladen van de lege accupack is ca. 14uur nodig. Oplaadapparaat en accupack zijn beveiligd tegen overladen. Een nieuwe of lang niet gebruikte accupack levert pas na ca. vijf oplaad- en ontlaadcycli zijn volledige capaciteit. Laad de accupack(13) niet na elk gebruik op, omdat anderszijn capaciteit wordt verminderd. Laad de accupack pas op,wanneer de batterijwaarschuwing(12) permanent brandt ofknippert. Een duidelijk kortere gebruiksduur na het opladen duidt eropdat de accupack versleten is en moet worden vervangen. Bij een lege accupack kunt u het meetgereedschap ook metbehulp van het oplaadapparaat(18) gebruiken, wanneer ditop het elektriciteitsnet is aangesloten.

Schakel het meetge-reedschap uit, laad de accupack ca. 10minuten op en scha-kel daarna het meetgereedschap met aangesloten oplaadap-paraat weer in. Voor het verwisselen van de accupack(13) draait u devergrendeling(16) in stand en trekt de accupack uit hetmeetgereedschap. Schuif een nieuwe accupack in het meet-gereedschap en draai de vergrendeling(16) in stand. u Haal de accupack uit het meetgereedschap, wanneeru dit langere tijd niet gebruikt. Accu's kunnen bij eenlangere periode van opslag in het meetgereedschap cor-roderen of zichzelf ontladen. Gebruik met (oplaadbare) batterijenVoor het gebruik van het meetgereedschap worden alkali-mangaanbatterijen of accu’s geadviseerd. Voor het wegnemen van het batterijvak(14) draait u devergrendeling(15) in stand. Trek het batterijvak uit hetmeetgereedschap en plaats de (oplaadbare) batterijen.

Schuif het batterijvak(14) in het meetgereedschap en draaide vergrendeling(15) in stand. u Haal de (oplaadbare) batterijen uit het meetgereed-schap, wanneer u dit langere tijd niet gebruikt. De (op-laadbare) batterijen kunnen bij een langere periode vanopslag in het meetgereedschap corroderen en zichzelfontladen. Aanduiding laadtoestandAls de batterijwaarschuwing(12) voor de eerste keer roodknippert, dan kan het meetgereedschap nog 2 uur wordengebruikt. Als de batterijwaarschuwing(12) permanent rood brandt,dan zijn geen metingen meer mogelijk. Het meetgereed-schap wordt na 1minuut automatisch uitgeschakeld. Gebruiku Bescherm het meetgereedschap en de afstandsbedie-ning tegen vocht en fel zonlicht. u Stel het meetgereedschap en de afstandsbedieningniet bloot aan extreme temperaturen of temperatuur-schommelingen. Laat ze bijv. niet gedurende langere tijdin de auto liggen.

Laat het meetgereedschap en de af-standsbediening bij grotere temperatuurschommelingeneerst op temperatuur komen, voordat u deze gaat gebrui-ken. Voer, voordat u doorwerkt met het meetgereed-schap, altijd een nauwkeurigheidscontrole uit(zie „Mauw-keurigheidscontrole van het meetgereedschap“, Pagi-na80). Bij extreme temperaturen of temperatuurschommelingenkan de nauwkeurigheid van het meetgereedschap nadeligbeïnvloed worden. u Vermijd krachtige stoten of vallen van het meetge-reedschap. Na sterke invloeden van buitenaf op hetmeetgereedschap, moet u altijd vóór het opnieuw gebrui-ken hiervan een nauwkeurigheidscontrole uitvoeren (zie„Mauwkeurigheidscontrole van het meetgereedschap“,Pagina80). Ingebruikname afstandsbedieningBij het indrukken van de bedieningstoetsen kan het meetge-reedschap uit de nivelleermodus worden gehaald, zodat derotatie even stopt.

Door het gebruik van de afstandsbedie-ning wordt dit effect vermeden. Zolang een batterij met voldoende spanning in het batterij-vak aanwezig is, blijft de afstandsbediening gereed voor ge-bruik.

Plaats het meetgereedschap zodanig dat de signalen van deafstandsbediening een van de sensors(7) in directe richtingbereiken. Als de afstandsbediening niet direct op een sensorkan worden gericht, dan wordt het werkbereik kleiner. Doorreflecties van het signaal (bijv. bij muren) kan het bereik ookbij een indirect signaal weer worden verbeterd. Nadat op een toets op de afstandsbediening is gedrukt, geefthet oplichten van de aanduiding signaalzending(31) aan dateen signaal werd verzonden. In- en uitschakelen van het meetgereedschap met de af-standsbediening is niet mogelijk. Ingebruikname rotatielaseru Houd de werkzone vrij van obstakels die de laserstraalzouden kunnen reflecteren of belemmeren. Dek bijv. spiegelende of glanzende oppervlakken af. Meet nietdoor glazen ruiten of soortgelijke materialen heen.

Nederlands | 79Meetgereedschap plaatsenHorizontale positie Verticale positiePlaats het meetgereedschap in horizontale of verticale posi-tie op een stabiele ondergrond, monteer het op hetstatief(38) of op de wandhouder(42) met uitlijneenheid. Vanwege de hoge nivelleernauwkeurigheid reageert hetmeetgereedschap zeer gevoelig op trillingen en veranderin-gen van positie. Let daarom op een stabiele positie van hetmeetgereedschap om onderbrekingen van het gebruik dooropnieuw nivelleren te voorkomen. In-/uitschakelenVoor het inschakelen van het meetgereedschap drukt u opde aan/uit-toets(4). Alle aanduidingen lichten even op. Hetmeetgereedschap zendt de variabele laserstraal(6) en hetloodpunt naar boven(9) uit de openingen(8). u Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijkzelf niet in de laserstraal, ook niet vanaf een grote af-stand.

Het meetgereedschap begint direct met het automatisch ni-velleren. Tijdens het nivelleren knippert destatusaanduiding(3) groen, de laser roteert niet en knip-pert. Het meetgereedschap is klaar met nivelleren zodra destatusaanduiding(3) permanent groen brandt en de laserpermanent brandt. Na voltooiing van het nivelleren start hetmeetgereedschap automatisch in de rotatiemodus. u Laat het ingeschakelde meetgereedschap niet onbe-heerd achter en schakel het meetgereedschap na ge-bruik uit. Andere personen kunnen door de laserstraalverblind worden. Met de toets rotatiemodus(5) of de toets lijnmodus(11)kunt u al tijdens het nivelleren de modus vastleggen. In datgeval start het meetgereedschap na voltooien van het nivel-leren in de gekozen modus. Om het meetgereedschap uit te schakelen drukt u opnieuwop de aan/uit-toets(4).

Het meetgereedschap wordt ter bescherming van de (op-laadbare) batterijen automatisch uitgeschakeld, wanneerhet zich langer dan 2uur buiten het zelfnivelleerbereik be-vindt of de schokwaarschuwing langer dan 2uur geactiveerdis.

Plaats het meetgereedschap opnieuw in de juiste positieen schakel het weer in. ModiOverzicht modiDe 3 gebruiksmodi zijn allemaal in horizontale en verticalepositie van het meetgereedschap mogelijk. RotatiemodusDe rotatiemodus is bijzonder aan te radenbij het gebruik van de laserontvanger. Ukunt kiezen uit verschillende rotatiesnel-heden. LijnmodusIn deze gebruiksmodus beweegt de varia-bele laserstraal zich in een begrensdeopeningshoek. Daardoor wordt de zicht-baarheid van de laserstraal ten opzichtevan de rotatiefunctie verbeterd. U kunt uitverschillende openingshoeken kiezen. PuntmodusIn deze gebruiksmodus wordt de bestezichtbaarheid van de variabele laserstraalbereikt. Deze dient bijv. voor het eenvou-dig overbrengen van hoogtes of voor hetcontroleren van rechte lijnen. Lijn- en puntmodus zijn niet geschikt voor het gebruik met delaserontvanger(36).

RotatiemodusTelkens na het inschakelen bevindt het meetgereedschapzich in de rotatiemodus met standaard rotatiesnelheid(300min–1). Om van lijn- naar rotatiemodus te gaan, drukt u op de toetsrotatiemodus(5) of op de toets rotatiemodus(26) van deafstandsbediening. Voor het wijzigen van de rotatiesnelheid drukt u zo vaak opde toets rotatiemodus(5) of de toets rotatiemodus(26) vande afstandsbediening tot de gewenste snelheid is bereikt. Tijdens werkzaamheden met de laserontvanger dient u dehoogste rotatiesnelheid te kiezen. Bij het werken zonder la-serontvanger verlaagt u voor een betere zichtbaarheid vande laserstraal de rotatiesnelheid en gebruikt u delaserbril(46). Lijnmodus/puntmodusOm naar de lijnmodus of puntmodus te gaan, drukt u op detoets lijnmodus(11) of de toets lijnmodus(27) van de af-standsbediening.

De openingshoek wordt stapsgewijs bij elke keer indrukkenvergroot, tegelijkertijd wordt de rotatiesnelheid bij elk stapjeverhoogd. Na de grootste openingshoek gaat het meetgereedschap nakort natrillen naar de puntmodus. Als er opnieuw op de toetsvoor lijnmodus(11) wordt gedrukt, dan gaat u terug naar delijnmodus met de kleinste openingshoek. Bosch Power Tools 1 609 92A 5S1 | (09. 09. 2020).

80 | NederlandsAanwijzing: Vanwege de traagheid kan de laser iets over deeindpunten van de laserlijn heen schommelen. FunctiesLijn/punt bij horizontale positie binnen hetrotatievlak draaien (zieafbeeldingA)Bij een horizontale positie van het meetgereedschap kunt ude laserlijn of de laserpunt binnen het rotatievlak van de la-ser in de juiste positie plaatsen. Draaien is met 360° moge-lijk. Draai hiervoor de rotatiekop(10) met de hand in de gewens-te positie of gebruik de afstandsbediening: druk voor rechts-om draaien op de toets rechtsom draaien(29) van de af-standsbediening, voor linksom draaien op de toets linksomdraaien(30) van de afstandsbediening. Bij rotatiemodusheeft het drukken op de toetsen geen effect.

Rotatievlak bij verticale positie draaien(zieafbeeldingB)Bij een verticale positie van het meetgereedschap kunt u la-serpunt, laserlijn of rotatievlak voor eenvoudig in een lijnbrengen of parallel uitlijnen in een bereik van ±8% om deverticale as draaien. Voor rechtsom draaien drukt u op de toets rechtsomdraaien(29) op de afstandsbediening. Voor linksom draaien drukt u op de toets linksomdraaien(30) op de afstandsbediening. Automatische nivelleringOverzichtHet meetgereedschap herkent vanzelf horizontale of vertica-le positie. Voor het wisselen tussen de horizontale en ver-ticale positie schakelt u het meetgereedschap uit, plaatsthet opnieuw in de juiste positie en schakelt het weer in. Na het inschakelen controleert het meetgereedschap de ho-rizontale of verticale positie en compenseert oneffenhedenbinnen het zelfnivelleerbereik van ca. ±8% (±4,6°) automa-tisch.

Tijdens het nivelleren knippert de statusaanduiding(3)groen, de laser roteert niet en knippert. Het meetgereedschap is klaar met nivelleren zodra destatusaanduiding(3) permanent groen brandt en de laserpermanent brandt. Na voltooiing van het nivelleren start hetmeetgereedschap automatisch in de rotatiemodus.

Als het meetgereedschap na het inschakelen of na een posi-tieverandering meer dan8% scheef staat, dan is nivellerenniet meer mogelijk. In dit geval wordt de rotor gestopt, de la-ser knippert en de statusaanduiding(3) brandt permanentrood. Plaats het meetgereedschap opnieuw in de juiste positie enwacht het nivelleren af. Zonder opnieuw in de juiste positieplaatsen wordt na 2minuten de laser en na 2uur het meet-gereedschap uitgeschakeld. Als het meetgereedschap genivelleerd is, controleert hetvoortdurend de horizontale of verticale positie. Bij positie-veranderingen wordt automatisch genivelleerd. Om foutievemetingen te voorkomen, stopt de rotor tijdens het nivelle-ren, de laser knippert en de statusaanduiding(3) knippertgroen. SchokwaarschuwingsfunctieHet meetgereedschap heeft een schokwaarschuwingsfunc-tie.

Deze voorkomt bij positieveranderingen of trillingen vanhet meetgereedschap of bij trillingen van de ondergrond hetnivelleren in veranderde positie en daarmee fouten door eenverschuiving van het meetgereedschap. Schokwaarschuwing inschakelen/activeren: Druk op detoets schokwaarschuwing(2). De aanduidingschokwaarschuwing(1) brandt permanent groen. De schok-waarschuwing wordt ongeveer 30 seconden na het inscha-kelen van de schokwaarschuwingsfunctie geactiveerd. Schokwaarschuwing geactiveerd: Als bij een positieveran-dering van het meetgereedschap het bereik van de nivelleer-nauwkeurigheid overschreden of een sterke trilling geregi-streerd wordt, dan wordt de schokwaarschuwing geacti-veerd: het roteren van de laser wordt gestopt, de laserstraalknippert, de statusaanduiding(3) gaat uit en de aanduidingschokwaarschuwing(1) knippert rood. De actuele gebruiksmodus wordt opgeslagen.

De schokwaarschuwingsfunctie wordt opnieuw gestarten het meetgereedschap begint met het nivelleren. Zodrahet meetgereedschap klaar is met nivelleren (destatusaanduiding(3) brandt permanent groen), start het au-tomatisch in de opgeslagen modus. Controleer nu de positie van de laserstraal aan de hand vaneen referentiepunt en corrigeer de hoogte of uitlijning vanhet meetgereedschap eventueel. Als bij geactiveerde schokwaarschuwing de functie niet doordrukken op de toets schokwaarschuwing(2) op het meetge-reedschap of op de toets reset schokwaarschuwing(28) opde afstandsbediening opnieuw wordt gestart, dan worden na2 minuten de laser en na 2 uur het meetgereedschap auto-matisch uitgeschakeld. Schokwaarschuwingsfunctie uitschakelen: Druk één keerop de toets schokwaarschuwing(2) of bij geactiveerdeschokwaarschuwing (aanduiding schokwaarschuwing(1)knippert rood) twee keer.

Bij uitgeschakelde schokwaar-schuwing gaat de aanduiding schokwaarschuwing uit. Aanwijzing: Met de afstandsbediening kan de schokwaar-schuwingsfunctie niet worden in- of uitgeschakeld, maar al-leen na het activeren opnieuw worden gestart. Mauwkeurigheidscontrole van hetmeetgereedschapNauwkeurigheidsinvloedenDe grootste invloed oefent de omgevingstemperatuur uit. Vooral vanaf de grond naar boven toe verlopende tempera-tuurverschillen kunnen de laserstraal afbuigen. 1 609 92A 5S1 | (09. 09. 2020) Bosch Power Tools.

Nederlands | 81Omdat de temperatuurverschillen bij de grond het grootstzijn, dient u het meetgereedschap vanaf een meettraject van20 meter altijd op een statief te monteren. Plaats het meet-gereedschap bovendien indien mogelijk in het midden vanhet werkvlak. De afwijkingen zijn relevant vanaf een meettraject van ca. 20meter en kunnen bij 100meter zelfs het twee- tot vier-voudige van de afwijking bij 20meter bedragen. Naast externe invloeden kunnen ook toestelspecifieke in-vloeden (zoals val of sterke stoten) leiden tot afwijkingen. Controleer daarom de nivelleernauwkeurigheid, telkensvoordat u begint te werken. Als het meetgereedschap bij een van de controles de maxi-male afwijking overschrijdt, dient u het door een Bosch-klan-tenservice te laten repareren.

Nivelleernauwkeurigheid bij horizontale positiecontrolerenVoor een betrouwbaar en nauwkeurig resultaat wordt decontrole op een vrij meettraject van 30m op een vaste on-dergrond voor een muur aangeraden. Voer voor beide assentelkens een compleet meetproces uit. – Monteer het meetgereedschap in horizontale positie opeen afstand van 30m van de muur op een statief of plaatshet op een stevige, vlakke ondergrond. Schakel het meet-gereedschap in. 30 m– Markeer na voltooiing van het nivelleren het midden vande laserstraal op de muur (puntⅠ). 180°d– Draai het meetgereedschap 180°, zonder de positie er-van te wijzigen. Laat het nivelleren en markeer het mid-den van de laserstraal op de muur (puntⅡ). Let erop datpuntⅡ zo loodrecht mogelijk boven of onder puntⅠ ligt.

Uit het verschil d van de beide gemarkeerde punten Ⅰ en Ⅱ opde muur blijkt de werkelijke hoogteafwijking van het meetge-reedschap voor de gemeten as. Herhaal het meetproces voor de andere as. Draai hiervoorhet meetgereedschap vóór aanvang van het meetproces90°. Op het meettraject van 30m bedraagt de maximaal toege-stane afwijking:30m×±0,1mm/m= ±3mm.

Het verschild tussen de pun-tenⅠ en Ⅱ mag dus bij elk van de beide meetprocessen maxi-maal 6mm bedragen. Aanwijzingen voor werkzaamhedenu Gebruik voor het markeren altijd alleen het middenvan het laserpunt of de laserlijn. De grootte van het la-serpunt of de breedte van de laserlijn veranderen met deafstand. Werken met het laserrichtbord (zie afbeeldingC)Het laserrichtbord (47) verbetert de zichtbaarheid van de la-serstraal onder ongunstige omstandigheden en over grotereafstanden. Het reflecterende vlak van het laserrichtbord (47) verbetertde zichtbaarheid van de laserlijn, door het transparante vlakis de laserlijn ook aan de achterzijde van het laserrichtbordte zien. Werken met het statief (accessoire)Een statief biedt een stabiele, in hoogte instelbare meeton-dergrond. Zet het meetgereedschap met de 5/8"-statiefopname(21) op de schroefdraad van het statief(38).

Schroef het meetgereedschap met de vastzetschroef van hetstatief vast. Bij een statief met schaalverdeling op het uittrekbare gedeel-te kunt u de hoogteverplaatsing direct instellen. Stel het statief grof af voordat u het meetgereedschap in-schakelt. Werken met de wandhouder WM4 (accessoire)(zieafbeeldingD)U kunt het meetgereedschap ook op de wandhouder metuitlijneenheid(42) monteren. Schroef hiervoor de 5/8"-schroef(44) van de wandhouder in de statiefopname(21)op het meetgereedschap. Montage aan een muur: De montage aan een muur wordtbijv. aangeraden bij werkzaamheden die boven de uittrek-hoogte van statieven liggen, of bij werkzaamheden op eenonstabiele ondergrond en zonder statief. Schroef de wandhouder(42) met schroeven door debevestigingsgaten(40) aan een muur of met debevestigingsschroef(39) op een lat vast.

Monteer de wand-houder zo loodrecht mogelijk op een muur en let op een sta-biele bevestiging. Montage op een statief: U kunt de wandhouder(42) even-eens met de statiefopname(41) op de achterkant op eenstatief schroeven.

Deze bevestiging wordt vooral aangera-den bij werkzaamheden waarbij het rotatievlak op een refe-rentielijn moet worden uitgelijnd. Met behulp van de uitlijneenheid kunt u het gemonteerdemeetgereedschap verticaal (bij montage aan de muur) of ho-rizontaal (bij montage op een statief) in een bereik van ca. Bosch Power Tools 1 609 92A 5S1 | (09. 09. 2020).

82 | Nederlands16cm verschuiven. Draai hiervoor de schroef(43) op de uit-lijneenheid los, verschuif het meetgereedschap in de ge-wenste positie en draai de schroef(43) weer vast. Werken met de laserontvanger (accessoire)Bij ongunstige lichtomstandigheden (lichte omgeving, direc-te zonnestralen) en op grotere afstanden kunt u delaserontvanger(36) gebruiken om de laserlijnen beter tekunnen vinden. Bij rotatielasers met meerdere gebruiksmodi kiest u horizon-tale of verticale modus met de hoogste rotatiesnelheid. Voor het werken met de laserontvanger leest en volgt u de in-structies in de gebruiksaanwijzing ervan. Werken met de afstandsbedieningBij het indrukken van de bedieningstoetsen kan het meetge-reedschap uit de nivelleermodus worden gehaald, zodat derotatie even stopt. Door het gebruik van de afstandsbedie-ning wordt dit effect vermeden.

Sensors(7) voor de afstandsbediening bevinden zich aandrie kanten van het meetgereedschap, o. a. boven het bedie-ningspaneel aan de voorkant. Werken met de meetlat (accessoire) (zie afbeeldingE)Voor het controleren van effenheden of het toepassen vanverval wordt het gebruik van de meetlat(37) samen met delaserontvanger aangeraden. Op de meetlat(37) is boven een relatieve verdeelschaal aan-gebracht. De nulhoogte daarvan kunt u onder op het uittrek-bare gedeelte vooraf instellen. Daarmee kunnen afwijkingenvan de gewenste hoogte rechtstreeks worden afgelezen. Laserbril (accessoire)De laserbril filtert het omgevingslicht uit. Daardoor lijkt hetlicht van de laser voor het oog helderder. u Gebruik de laserbril (accessoire) niet als veiligheids-bril. De laserbril dient voor het beter herkennen van delaserstraal; deze beschermt echter niet tegen de laser-straling.

u Gebruik de laserbril (accessoire) niet als zonnebril ofin het verkeer. De laserbril biedt geen volledige UV-be-scherming en vermindert het waarnemen van kleuren.

ToepassingsvoorbeeldenHoogtes overbrengen/controleren (zie afbeeldingF)Zet het meetgereedschap in horizontale positie op een stevi-ge ondergrond of monteer het op een statief (38) (accessoi-re). Werkzaamheden met statief: lijn de laserstraal op de ge-wenste hoogte uit. Breng de hoogte naar de plaats van be-stemming over of controleer de hoogte. Werken zonder statief: bepaal met behulp van hetlaserrichtbord(47) het hoogteverschil tussen laserstraal enhoogte op het referentiepunt. Breng het gemeten hoogtever-schil naar de plaats van bestemming over of controleer hetgemeten hoogteverschil. Loodpunt naar boven parallel uitlijnen/rechte hoektoepassen (zieafbeeldingG)Als rechte hoeken toegepast of tussenmuren uitgelijnd moe-ten worden, dan moet u de loodpunt naar boven(9) parallel,d. w. z. op dezelfde afstand tot een referentielijn (bijv. muur),uitlijnen.

Zet hiervoor het meetgereedschap in verticale positie enplaats het zodanig dat de loodpunt naar boven ongeveer pa-rallel met de referentielijn loopt. Meet voor het nauwkeurig in juiste positie plaatsen de af-stand tussen het loodpunt naar boven en de referentielijn di-rect bij het meetgereedschap met behulp van hetlaserrichtbord(47). Meet de afstand tussen het loodpuntnaar boven en de referentielijn opnieuw op een zo groot mo-gelijke afstand van het meetgereedschap. Lijn het loodpuntnaar boven zodanig uit dat het dezelfde afstand tot de refe-rentielijn heeft als bij de meting direct bij het meetgereed-schap. De rechte hoek t. o. v. het loodpunt naar boven(9) wordtaangegeven door de variabele laserstraal(6). Loodlijn/verticaal vlak weergeven (zie afbeeldingH)Voor het aangeven van een loodlijn of een verticaal vlak zet uhet meetgereedschap in de verticale positie.

Als het vertica-le vlak in een rechte hoek met een referentielijn (bijv. muur)moet lopen, lijn dan de loodpunt naar boven(9) op deze re-ferentielijn uit. De loodlijn wordt door de variabele laserstraal(6) aangege-ven.

Loodlijn/verticaal vlak uitlijnen (zieafbeeldingI)Om de verticale laserlijn of het rotatievlak op een referentie-punt op een muur uit te lijnen, plaatst u het meetgereed-schap in de verticale positie en lijnt u de laserlijn of het rota-tievlak grof op het referentiepunt uit. Voor het nauwkeuriguitlijnen op het referentiepunt draait u het rotatievlak om deverticale as (zie „ Rotatievlak bij verticale positiedraaien (zieafbeeldingB)“, Pagina80). Werken zonder laserontvanger (zieafbeeldingJ)Bij gunstige lichtomstandigheden (donkere omgeving) en opkorte afstanden kunt u zonder laserontvanger werken. Vooreen betere zichtbaarheid van de laserstraal kiest u de lijnmo-dus of u kiest puntmodus en draait de laserstraal naar deplaats van bestemming.

Werken met laserontvanger (zieafbeeldingK)Bij ongunstige lichtomstandigheden (lichte omgeving, directzonlicht) en op grotere afstanden kunt u de laserontvanger(36) gebruiken om de laserstraal beter te kunnen vinden. Kies bij werkzaamheden met de laserontvanger de rotatie-modus met de hoogste rotatiesnelheid. Meten over grote afstanden (zieafbeeldingL)Bij het meten over grote afstanden moet delaserontvanger(36) worden gebruikt om de laserstraal tevinden. Om storingsinvloeden te verminderen, moet u hetmeetgereedschap altijd in het midden van het werkvlak enop een statief plaatsen. 1 609 92A 5S1 | (09. 09. 2020) Bosch Power Tools.

Dansk | 83Buitenshuis werken (zie afbeeldingE)Buitenshuis moet altijd de laserontvanger (36) worden ge-bruikt. Monteer bij werkzaamheden op een onbetrouwbare onder-grond het meetgereedschap op het statief(38). Werk alleenmet geactiveerde schokwaarschuwingsfunctie om foute me-tingen bij bodembewegingen of trillingen van het meetge-reedschap te vermijden. Overzicht van de aanduidingen op de rotatielaserLaserstraal Rotatie vande laser-straalGroen Rood Groen Rood RoodMeetgereedschap inschakelen (1s zelftest) ● ● ●Nivelleren in het begin en tussentijds 2×/s ○ 2×/sMeetgereedschap klaar met nivelleren/klaarvoor gebruik● ● ●Zelfnivelleerbereik overschreden 2×/s ○ ●Schokwaarschuwing ingeschakeld ●Schokwaarschuwing geactiveerd 2×/s ○ 2×/sBatterij-/accuspanning voor ≤2uur werking 2×/s(Oplaadbare) batterijen leeg ○ ○ ●●:permanent2×/s: knipperfrequentie (bijv.

twee keer per seconde)○:functie gestoptOnderhoud en serviceOnderhoud en reinigingHoud meetgereedschap, oplaadapparaat en afstandsbedie-ning altijd schoon. Dompel meetgereedschap, oplaadapparaat en afstandsbe-diening niet in water of andere vloeistoffen. Verwijder vuil met een vochtige, zachte doek. Gebruik geenreinigings- of oplosmiddelen. Reinig bij het meetgereedschap vooral de vlakken bij de ope-ning van de laser regelmatig en let daarbij op pluizen. Klantenservice en gebruiksadviesOnze klantenservice beantwoordt uw vragen over reparatieen onderhoud van uw product en over vervangingsonderde-len. Explosietekeningen en informatie over vervangingson-derdelen vindt u ook op: www. bosch-pt. comHet Bosch-gebruiksadviesteam helpt u graag bij vragen overonze producten en accessoires.

Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderde-len altijd het uit tien cijfers bestaande productnummer vol-gens het typeplaatje van het product. NederlandTel. : (076) 579 54 54 Fax: (076) 579 54 94 E-mail: gereedschappen@nl. bosch. comMeer serviceadressen vindt u onder:www.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Bosch GRL 250 HV Professional stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden