BionX PL - 2013 Handleiding

BionX Fiets E-bike PL - 2013

Bekijk gratis de handleiding van BionX PL - 2013 (28 pagina’s), behorend tot de categorie Fiets E-bike. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 31 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over BionX PL - 2013 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/28
GEBRUIKERS-
INFORMATIE

Beoordeel deze handleiding

4.2/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: BionX
Categorie: Fiets E-bike
Model: PL - 2013

Handleiding BionX PL - 2013 – volledige tekst

3Welkom Het verheugt ons dat u voor een BionX™ aandrijfsysteem gekozen heeft. Onze producten staan voor technische innovatie, gepaard met design en kwaliteit, op maat van de individu-ele behoeften en de vereisten van de fietser van vandaag. Deze pagina’s zijn een aanvulling op de gebruiksaanwijzing voor de fiets. Lees deze infor-matie aandachtig, ook wanneer u een ervaren fietser bent. Mocht u na het lezen van het handboek nog vragen hebben, neem dan contact op met uw dealer.Volgens ons, BionX, moet een fiets een fiets blijven.Onze liefde voor de fiets is onze motivatie en de passie die wij met onze klanten delen.

4Veiligheid en wat te doen Wij willen dat u dynamisch, maar ook zeker op weg kan. Lees daarom de volgende instructies aandachtig en maak u, zelfs wanneer u een ervaren fietser bent, voor de eerste rit met uw nieuw BionX aandrijfsysteem vertrouwd. 1. BionX raadt aan dat u uw aandrijfsysteem door een bevoegde dealer laat monteren.2. Deze handleiding beschrijft de werking van het BionX aandrijfsysteem van uw Pedelec. Lees alle andere meegeleverde installatie- en bedieningsaanwijzingen van de fabrikant(en) aandachtig en volg eventuele aanwijzingen voor het eerste gebruik.3. Maak u vertrouwd met uw Pedelec en met de werking van het BionX systeem in een bekende omgeving voordat u voor de eerste keer aan het wegverkeer deelneemt.4. Draag voor uw eigen veiligheid een fietshelm wanneer u uw Pedelec bestuurt.5. Controleer voor elke rit de correcte luchtdruk van de banden.6.

Controleer voor elke rit de correcte werking van de remmen.7. Verzaak aan het gebruik van een mobiele telefoon of van een ander elektronisch toestel zolang u met uw Pedelec rijdt om aandachtig aan het wegverkeer te kunnen deelnemen.8. Rijd, wanneer mogelijk, op fietspaden en altijd in de juiste verkeersrichting.9. Volg de geldige regels van het wegverkeerreglement.10. Vergeet niet dat andere deelnemers aan het verkeer de snelheid van uw Pedelec zouden kunnen onderschatten.11. Houd het stuur met beide handen vast zolang u met uw Pedelec onderweg bent.12. Rijd zo voorzichtig en aandachtig mogelijk.Wij danken u voor uw aandacht en wensen u nu al veel plezier met uw nieuwe Pedelec powered by BionX. Uw BionX Team

5Inhoud Veiligheid en wat te doen 4Beschrijving van het BionX SL aandrijfsysteem 6Beschrijving van het BionX PL aandrijfsysteem 8De bedieningsconsole aanbrengen en afnemen 10De accu aanbrengen en uitnemen 11De accu gebruiken en laden 12Voeding 14Laadtoestellen 15Aandrijvings- en recuperatiemodus / Mountain-Mode 16Bediening van het BionX aandrijfsysteem 17Bediening van de Remote Throttle 19Programmering van de basisinstellingen 20Demontage en montage van het achterwiel 21Onderhoud en service 22Reiniging 23Transport van de Pedelec 23Vervangings- en reserveonderdelen 23Zoeken naar en verhelpen van fouten 24Informatie over aansprakelijkheid en garantie 25

73 SL Motor• Gelijkstroom-achterwiel-naafmotor • Vermogen: nom. 250 W • Koppel nom/max: 9 Nm / 40 Nm • Gewicht: 3,5 kg • Borstelloos, transmissieloos, onderhoudsvrij • GeneratorModus voor recuperatie (terugwinnen van energie) • Geïntegreerde koppelsensor4 Remcontactschakelaar • Een buiten gemonteerd Reedcontact, dat in de communicatieleiding van het BionX systeem geïntegreerd is • Bij activering wordt de aandrijving uitgeschakeld „Killschakelaar”) en begint de recuperatieVoeding• Voeding om de Li-Ion-accu te laden • Ingangsspanning: 110 240 V • Uitgangsspanning: 26 V • Max. laadstroom: 3,45 A • Uitgangsvermogen: 90 W

8Beschrijving van het BionX PL aandrijfsysteem1 G2 bedieningsconsole (bij aandrijfsystemen vanaf 2011) • Afneembaar • Verlicht LCD-display met indicatie van de batterijlaad-status• 4 ondersteuningsniveaus • 4 recuperatieniveaus • Display-achtergrondverlichting en fietsverlichting aan/uit (wanneer gemonteerd en aangesloten) • Dient ook als fietscomputer (snelheid, traject, tijd, gemiddelde snelheid, totaal traject) 1 G1 Bedieningsconsole (aandrijfsystemen tot 2010) • G1 bedieningsconsole (optioneel met geïntegreerde gasgreep) • Verlicht LCD-display met indicatie van de batterijlaadstatus • 4 ondersteuningsniveaus • 4 recuperatieniveaus • Display-achtergrondverlichting en fietsverlichting aan/uit (wanneer gemonteerd en aangesloten) • Dient ook als fietscomputer (snelheid, traject, tijd, gemiddelde snelheid, totaal traject)• Fixe Throttle (optioneel)2a 22, 26 of 37 V onderbuis-accu • Lithium ionen (Li-Ion) • Afsluitbaar & afneembaar • S – 22 V / 6,4 Ah / 141 Wh • M – 26 V / 9,6 Ah / 250 Wh • L – 37 V / 9,6 Ah / 355 Wh • DC Output: standaard 6 V (instelbaar van 6 V tot 12 V, waar beschikbaar).• Maximale stroomsterkte 2 A.

11De accu aanbrengen en uitnemenDe onderbuis-accu aanbrengen1 De accu voorzichtig op de rail van het dockingstation aan de onderbuis plaatsen2 In richting stekker laten glijden3 De vergrendelingshendel beweegt zelfstandig terug terwijl de accubox in richting stekker glijdt4 Zodra de hendel bijna volledig in de “gesloten”-positie staat, drukt u stevig op de hendel, terwijl u gelijktijdig de slotcilinder naar binnen drukt tot deze met een hoorbare >KLIK> insluit.De onderbuis-accu afnemen1 Het BionX aandrijfsysteem uitschakelen (zonder Afb.)2 De sleutel in het slot draaien, terwijl u gelijktijdig de vergrendelingshendel van de accu indrukt.

12De bagagedrager-accu aanbrengen:1 Het slot openen en de sleutel aftrekken2 De accu voorzichtig uit de rail van het dockingstation aan de onderbuis plaatsen3 Voorzichtig in richting verbindingsaansluiting schuiven tot de accu in de verbindingsaansluiting insluit4 De slotcilinder naar binnen drukken tot u een >KLIK< hoortDe bagagedrager-accu uitnemen: 1 Het BionX aandrijfsysteem uitschakelen (zonder Afb.) 2 De sleutel in het slot draaien tot de slotcilinder naar buiten springt3 De sleutel uit het slot trekken4 De accu langs de accuhouderrail naar buiten uit de bagagedrager trekkenDe accu gebruiken en laden LET OPVoor BionX accu’s uitsluitend BionX voedingen of BionX laders gebruiken! De accu door verbinding van de aansluitingscontacten nooit kortsluiten. Nooit proberen de accu te openen.

Deze twee handelingen zouden tot beschadiging en eventueel ook tot oververhitting van de accu kunnen leiden. Accu’s mogen door de gebruiker niet geopend worden.Opent u de accu, vervallen alle garantie- en aansprakelijkheidsrechten. Geen accu’s gebrui-ken waarbij de behuizing of de stekker schijnbaar beschadigd zijn.00100100100100123 40010010010011” (25.4mm)001CLICK1 234

13Verzeker dat een volledig geladen accu na de beëindigde laadcyclus niet langer met de voeding verbon-den blijft. De gebruikte lithium-ionen-cellen hebben slechts een geringe zelfontlading, daarom is geen continue verbinding van de accu met de voeding noodzakelijk. Wij raden aan de accu, wanneer het toestel langere tijd niet gebruikt wordt (bijvoorbeeld voor een winterpauze) volledig te laden en daarna om de drie maanden opnieuw te laden. Ongebruikte accu’s bewaart u bij voorkeur op een koele plaats bij temperaturen tussen 10° C (50° F) en 25° C ( 77° F). Bewaar de accu nooit op plaatsen waar de tempera-tuur boven 45°C (113° F) resp. lager dan -10° C (14° F) kan liggen. De accu mag ook nooit aan extreme temperatuurschommelingen worden blootgesteld en moet in principe tijdens de opslag tegen vochtigheid beschermd zijn om corrosie aan de steekcontacten te vermijden.

Laat de accu nooit vallen, en bescherm de accu tegen mechanische beschadigingen. Beschadigingen zouden tot kortsluitingen en bijgevolg ook tot oververhitting van de accu kunnen leiden. Lege accu’s horen niet thuis in het huisvuil. Een gebruikte accu moet altijd vakkundig verwijderd worden. BionX accu’s kunnen bij BionX dealers gratis teruggegeven worden. De accu laden: WAARSCHUWING Om uw BionX accu’s te laden uitsluitend de daarvoor voorziene, met het aandrijfsysteem geleverde BionX voeding of lader gebruiken. Het gebruik van vreemde voedingen/laders kan de accu beschadigen. De BionX voeding/lader uitsluitend gebruiken voor herlaadbare BionX accu’s van het aangegeven type. Het gebruik van BionX voedingen/laders bij andere accu’s zou deze eventueel kunnen beschadigen en bijgevolg tot oververhitting van de andere accu kunnen leiden. Tijdens het laden resp.

wanneer de voeding/lader met het net verbonden en/of ingeschakeld is, dient verzekerd te worden dat de accu resp. de voeding/lader nooit nat of vochtig wordt om elektrische schokken en kortsluitingen te vermijden.

Geen voedingen/laders gebruiken met duidelijk beschadigde kabel, behuizing of stekkers. Extreme temperaturen zijn slecht voor de accu, vooral tijdens het laden. Laden van de accu onder directe zonnestralen, in de buurt van verwarmingen of bij zeer hoge of lage temperaturen dient vermeden te worden. Daardoor kan de levensduur van de accu duidelijk verminderd worden. Wij raden daarom de accu bij kamertemperatuur (ongeveer 20° C / 65° F) te laden. Voor het laden moet de accu voldoende tijd krijgen om de kamertemperatuur te bereiken. De accu kan zowel in de fiets als apart geladen worden. De gebruikte lithium-ionen-cellen hebben geen memory-effect. Dat betekent dat de levensduur van de accu niet afhankelijk is van het feit of een accu pas opnieuw opgeladen wordt wanneer hij volledig leeg is, of reeds eerder. De accu zou daarom na elke rit geladen kunnen worden.

Wij raden echter - wanneer dit bij het geplande traject mogelijk is – aan de accu pas te laden wanneer de statusindicator ongeveer bij 50% capaciteit gekomen is. Verder raden wij aan de accu voor langere periodes van niet-gebruik, bijvoorbeeld tijdens een winterpauze, volledig te laden, als alternatief om de drie maanden. Mocht de accu ooit eens zodanig ontladen zijn dat het gevaar dreigt dat hij binnen afzienbare tijd volledig ontladen is, dan geeft de accu door een pieptoon aan dat hij opgeladen moet worden.

14VoedingLaden bij het SL systeem (voeding): • De voeding met de ronde laadstekker op de accu aansluiten – het systeem kan daarbij in- of uitgeschakeld zijn• De netstekker van de voeding in de contactdoos steken• De LED-ring aan de accu (rond de connector van de laadstekker) licht op in overeenstemming met de actuele laadstatus en wisselt tijdens het laden naar ORANJE• Na de volledige lading wisselt de kleur van de LED-ring naar GROEN. De accu is dan volledig geladen en de laadcyclus is beëindigd• De laadstekker moet nu verwijderd worden• Wanneer u tijdens het laden de actuele laadstatus van de accu wilt controleren kunt u, op voorwaarde dat de accu zich in de fiets bevindt, het systeem inschakelen (alleen aanbevolen bij 48V) en de laadsta-tus op de console aflezen.

Verzeker dat een volledig geladen accu na de beëindigde laadcyclus niet langer met de voeding verbonden blijft.De laadstatus van de accu controleren• Met de vinger langzaam over de laadconnector wrijven• De in kleuren reagerende indicator van de accucapaciteit van de LED-ring wordt aangesproken• Voor een nieuwe controle van de laadstatus van de accu moet u 10 seconden wachten This has my vote :)Laadstatus Kleur100-75 % groen72-20 % oranje< 20 % roodLED-ring groen = volledig geladenLED-ring oranje = tijdens het ladenLED-ring rood = voor het laden OPMERKING De meegeleverde voeding is geschikt voor spanningen van 110-115V resp. 220-230V. Een verandering naar deze spanningswaarden is niet noodzakelijk, dit wordt door de voeding zelf herkend. De 48V accu’s worden met een 26V BionX voeding geladen.

15Laden van de PL250HT/PL500HS (niet-EU)-systemen, modeljaar 2011 tot heden (laadtoestel met een LED) • Het laadtoestel met de batterij verbinden door de laadstekker in de connector te steken. Het systeem moet hierbij uitgeschakeld zijn. • Het laadtoestel met de netkabel verbinden. • De LED op het laadtoestel licht rood op. • De LED wisselt naar geel, de laadcyclus is begonnen. Een volledig lege batterij zal ongeveer 4-5 uur nodig hebben om volledig geladen te worden. • De LED wisselt naar groen, wanneer de batterij volledig geladen en de laadcyclus beëindigd is. • Het laadtoestel mag daarna niet met de batterij verbonden blijven. Laden van de PL 250 systemen met 22 V, 26 V en 27 V, modeljaar 2011 en vroeger (laadtoestel met 2 LEDs) • Het laadtoestel met de batterij verbinden door de laadstekker in de connector te steken. Het systeem moet hierbij uitgeschakeld zijn.

• Het laadtoestel met de netkabel verbinden. • De 1 / 0 – schakelaar op 1 zetten, de rode LED zal oplichten. • De LED rechts naast de rode LED licht nu geel op, de laadcyclus is begonnen. Een volledig lege batterij zal ongeveer 4-5 uur nodig hebben om volledig geladen te worden. • De rechter, eerder de gele LED, wisselt naar groen, wanneer de batterij volledig geladen en de laadcyclus beëindigd is. • Het laadtoestel mag daarna niet met de batterij verbonden blijven. WAARSCHUWING Tijdens reizen of wanneer een adapter gebruikt wordt, de ingangsspanning controleren. Een fou-tieve instelling van de spanningschakelaar op het laadtoestel met 2 LEDs kan tot beschadiging van het toestel leiden. 001115FUSEThis notch is very important LET OP Het 27 V laadtoestel met EEN LED is geschikt voor spanningen van 110-115V resp. van 220 V-230 V. De omschakeling gebeurt automatisch.

16Aandrijvings- en recuperatiemodus / Mountain-ModeHet aandrijfsysteem werkt in vier ondersteuningsniveaus en een bijkomende Mountain-Mode in de aan-drijfmodus, en in vier laadniveaus in de recuperatie resp. generatormodus. In de aandrijfmodus wordt u door een elektromotor ondersteund, die het achterwiel bij het trappen aandrijft - dit gebeurt automatisch. Een koppelsensor zit daarbij in de as van de elektromotor en meet de door de fietser uitgeoefende kracht. In overeenstemming met de gemeten kracht wordt het vermogen van de elektromotor proportioneel on-dersteunend geregeld. De ideale trapfrequentie ligt bij ongeveer 80 rpm, wat een optimale terugmelding van de koppelsensor en een efficiënt gebruik van de energie van de batterij mogelijk maakt. In de recuperatie- resp. generatormodus werkt de elektromotor als generator en laadt de accu terug op.

Wordt de met de remsensor uitgeruste remhendel getrokken, dan wordt bij uw BionX systeem de onder-steuning automatisch onderbroken en wordt gelijktijdig omgeschakeld naar de recuperatie- resp. genera-tormodus. Bij afdalingen van bergen kunt u de snelheid regelen door naar een permanent recuperatieni-veau (1-4) te schakelen. Deze recuperatiefunctie zorgt weliswaar voor een bepaalde remwerking, vervangt de wettelijk voorgeschreven remmen echter niet. Afhankelijk van de staat van het traject en het doelge-richt gebruik van de recuperatie kan een verlenging van de reikwijdte van max. 15% bereikt worden. In de Mountain-Mode wordt in een compromis uit hoog ondersteunings- en permanent vermogen geregeld om op geoptimaliseerde wijze gebruik te maken van het aandrijfvermogen van het systeem tijdens lange klimmen. Daarom moet de Mountain-Mode al in het begin van een lange klim geselecteerd worden.

Zonder de Mountain-Mode zou de motor op lange, steile klimmen sterk kunnen opwarmen, om daarna naar een oververhittingsbeveiliging te schakelen, wat een aanzienlijke afname van het vermogen tijdens de klim zou kunnen veroorzaken.

De Mountain-Mode moet (waar beschikbaar) via de vakhandel door een software-update geïnitialiseerd worden. 250HT (EU) / 350HT (NA) Motor PerformanceOndersteuningsniveau (H) Ondersteuningsgraad Rijdsituatie140% Op vlakke wegen275% Hellingen, tegenwind3150% Steile heuvels, sterke tegenwind4200% Zeer steile wegen250/500 Motor PerformanceOndersteuningsniveau (H) Ondersteuningsgraad Rijdsituatie125% Op vlakke wegen250% Hellingen, tegenwind3100% Steile heuvels, sterke tegenwind4200% Zeer steile wegenMountain-Mode (waar beschikbaar) Lange, steile klimmenRecuperatieniveau (G)1Licht verval, wind in de rug2Verval, wind in de rug3Daling4Steile dalingOPMERKINGHet BionX systeem moet tijdens het rijden altijd ingeschakeld zijn. Daardoor heeft u via de console de beschikking over alle relevantie informatie en kunt u bergaf gebruik maken van de recuperatiefunctie om energie terug te winnen.

17102Bediening van het BionX aandrijfsysteemSysteem inschakelen of kort indrukken. De accu piept 4x en het systeem voert een zelfcontrole uit, te herkennen aan de “count-down” van de snelheidsindicator. Het systeem bevindt zich na de start altijd in de ondersteuningsmodus 2. Om uit te schakelen, opnieuw kort op drukken, de accu piept 5x. Na 5 minuten zonder een toets in te drukken schakelt het systeem automatisch uit.Aandrijf-/generatorniveau selecteren/ -toets indrukken voor meer/minder aandrijfonder-steuning (de velden 1-4 via display “A”). Vanuit de -modus de -toets indrukken voor een permanente generatorfunctie.1. Power2. -toets3. -toets4. -toets5. Laadindicatie6. -modus 7. Snelheid8. Dagkilometer/totale kilometer/rijdtijd/ gemiddelde snelheid/tijd9. Aandrijfniveau (A)10. Generatorniveau (G)11. Gereedschapsymbool11 LET OP Het systeem voert ongeveer elk half uur een zelftest uit.

19Bediening van de Remote ThrottleSnelheidsregelaar bedienen:Standaard instelling: min. 3 km/h om de regelaarfunctie te activeren.Opmerking: De snelheidsregelaar werkt proporti-oneel, blijft hij ingedrukt, wordt de fiets sneller.Ondersteuningsniveaus 1-4:Vanuit de modus op drukken voor meer en op voor minder ondersteuning.Generatorniveau 1-4:Vanuit de modus op drukken voor meer en op voor minder weerstand.OPMERKINGDe Remote Throttle is alleen compatibel met de G2 console en kan, afhankelijk van de wet-geving in het land van kwestie, niet toegelaten zijn. Neem contact op met uw plaatselijke BionX dealer over de wettelijke voorschriften en beschikbaarheid.1234G1 console Voor het gebruik van de G1-console voor en voor gebruiken. De selectie van de ondersteuning gebeurt, zoals bij de G2-console, met de -toets.Voor meer informatie over de G1-console kunt u contact opnemen met uw dealer.

20Programmering van de basisinstellingenAlle basisinstellingen voor uw BionX systeem zijn optimaal gekozen. Mocht u bijvoorbeeld toch van wiel veranderen kunt u, om de exacte werking van uw tacho te verzekeren, de omvang van het loopwiel op-nieuw invoeren. Verder kunt u de eenheid voor de indicatie van de snelheid, de sterkte van de teruglading bij activering van een van beide remhendels en de plaatsing van de toetsen veranderen. Dit gebeurt door zogenaamde programmeercodes in te voeren.Programmeermodus inschakelenGelijktijdig op en drukken, tot “0000” verschijnt. De eerste nul knippert. Met of het ge-wenste cijfer selecteren en met bevestigen. De andere cijfers op dezelfde wijze selecteren zodat het gewenste programma verschijnt. Opmerking: Voor de ingave van de code in de G1-console moet u en gebruiken in plaats van en .

21Demontage en montage van het achterwielDe demontage resp. montage van het achterwiel bij voorkeur door uw dealer laten uitvoeren. Moet u dit echter zelf doen, dan de volgende aanwijzingen naleven:Demontage van het achterwiel1 Verzekeren dat het systeem uitgeschakeld is2 De neopreenbescherming afnemen (wanneer voorhanden)3 De twee kabelverbindingen, die naar de motor gaan, losmaken. Eerst COMMUNICATION A, daarna POWER B4 De remkabel van de achterwielrem losmaken (alleen bij V-Brake)5 De bevestigingsmoeren van de achterwielas met een 15mm-ringsleutel losdraaien (Afb. 3)6 Nu kunt u het achterwiel demonteren WAARSCHUWING Het aandrijfsysteem altijd uitschakelen vooraleer de kabelverbinding naar de motor aantesluiten resp. lostemaken.

LET OP Voor een correcte werking van het aandrijfsysteem moeten de bevestigingsmoeren aange-trokken worden met een koppel van 40Nm (torsiesleutel!).Remschijf: De rechter remhendel niet gebruiken zolang het achterwiel gedemonteerd is en de remschijf zich niet tussen de remvoeringen bevindt. Anders wordt de montage van het wiel bemoeilijkt of zelfs onmogelijk omdat de remvoeringen te nauw staan.15mm15mm 40Nm(30lb-ft)15mm15mm 40Nm(30lb-ft)40Nm15mm15mm3256BA

22Montage van het achterwiel1 De achteras in de twee uiteinden plaatsen en verzekeren dat de remschijf tussen de remvoeringen ligt. Daarbij ook verzekeren dat het vlakke deel links aan de achteras zodanig uitgelijnd is, dat deze in het linker uiteinde past. Het achterwiel zodanig monteren dat de as aan beide kanten tot aan de aanslag ingevoerd is. 2 De bevestigingsmoeren van de achteras met 40Nm (torsiesleutel. ) aantrekken. Voor de correcte wer-king van de aandrijving moet dit aantrekkoppel strikt worden nageleefd. Wanneer u geen torsiesleutel heeft, kunt u een 15mm-ringsleutel gebruiken. Laat echter het koppel van de bevestigingsmoeren zo snel mogelijk door uw dealer controleren. Alleen originele BionX bevestigingsmoeren gebruiken omdat anders het gevaar bestaat dat de asschroefdraad beschadigd wordt.

Om de permanente en perfecte werking van het BionX aandrijfsysteem in stand te houden moeten alle steekcontacten van het aandrijfsysteem om de twee tot drie maanden gecontroleerd en, wanneer nodig, met een zachte, droge borstel gereinigd worden. Er moet verzekerd zijn dat er geen vuil of vochtigheid in de stekkers van het dockingstation komt, wanneer de accu gedemonteerd is. Bij de elektromotor gaat het om een borstelloze gelijkstroommotor die geen onderhoud vereist.

23Reiniging LET OP Voor de reiniging van het aandrijfsysteem nooit een hogedrukreiniger gebruiken. De sterke waterstraal zou de elektrische componenten van het aandrijfsysteem kunnen beschadigen. Voor de reiniging van de fiets raden wij een zachte spons of een zachte borstel aan. Om het docking-station te reinigen gebruikt u een vochtige doek. Werk in principe met weinig water en houd water ver verwijderd van elektrische contacten. Controleer na de reiniging de steekverbindingen op vochtigheid en laat deze, wanneer nodig, voor de nieuwe ingebruikname van de fiets drogen. Transport van de Pedelec WAARSCHUWING Altijd verzekeren dat de gebruikte drager op de achterkant of op het dak van de wagen ook geschikt is voor het verhoogde gewicht en de soms speciale vorm van het kader van de Pedelec. Een drager die niet geschikt is kan tijdens het transport van de Pedelec be-schadigd worden resp.

breken en vormt zo een groot gevaar. Verder kan de Pedelec door een niet geschikte drager voor achterkant of dak van de auto zelf beschadigd worden. Let ook op de maximale Lading van uw personenwagen met betrekking tot dak- of steunlast (drager op achterkant van de wagen). Tijdens het transport van de Pedelec op een drager op de achterkant of op het dak van een wagen raden wij aan om de accu en de bedieningsconsole af te nemen, en om de steekcontacten tegen vervuiling te beveiligen. Lithium batterijen zijn gevaarlijke materialen en zijn bij, batterijcapaciteiten vanaf 100 Wh (daaronder vallen praktisch alle Pedelec lithium batterijen), tijdens het luchttransport onderworpen aan voorschriften die het meenemen als reisbagage in passagiersvliegtuigen verbieden. Bijgevolg kunnen lithium batterijen alleen door geschoolde vaklui als luchtvracht verzonden worden.

24Alle reparaties aan het aandrijfsysteem door uw dealer laten uitvoeren. Hij is daar per slot van rekening voor opgeleid. Alle originele reserveonderdelen voor uw Pedelec kunt u via uw dealer bij BionX kopen. Indien u reservesleutels voor het accuslot nodig heeft, kunt u eveneens contact opnemen met uw dealer – noteer daarom voor dit geval het sleutelnummer. BionX sleutelnummerZoeken naar en verhelpen van foutenHet aandrijfsysteem kan niet ingeschakeld worden, het LCD-display blijft donkerControleer de accu. De accu moet correct in het dockingstation zitten en het slot moet volledig gesloten zijn. Controleer ook de steekverbindingen aan het stuur of bij de motor op correcte verbinding van de stekkers. Wanneer het probleem door deze maatregelen niet kan worden opgelost, neemt u contact op met uw dealer.

Het aandrijfsysteem kan ingeschakeld worden, maar biedt geen ondersteuningControleer de steekverbindingen aan het stuur of bij de motor op correcte verbinding van de stekkers. Wan-neer het probleem door deze maatregelen niet kan worden opgelost, neemt u contact op met uw dealer. Het aandrijfsysteem bevindt zich permanent in de teruglaad- resp. generatormodusWanneer het aandrijfsysteem zich constant in de teruglaad- resp. generatormodus bevindt, en ook niet door het indrukken van de -toets naar de aandrijfmodus geschakeld kan worden, ligt dit zeer waarschijnlijk aan de remschakelaars die in de remhendels zitten. Probeer in dat geval om het systeem terug te zetten door het uit en opnieuw in te schakelen. Kan het probleem zo niet verholpen worden, kunt u tijdelijk hulp bieden door de steekverbinding van de bedieningsconsole naar de remschakelaars los te maken.

Na een reparatie of servicewerken is de motor niet meer zo krachtig als voorheenControleer of de achterwielas correct zit (zie “Achterwiel demonteren/monteren”). De moeren van de achterwielas met het voorgeschreven aantrekkoppel (40Nm) bevestigen.

Het LCD-display van de bedieningsconsole geeft na een volledige laadcyclus niet “vol” aanVerzeker dat alle aanwijzingen voor het laden gevolgd werden. Laat de accu een paar uur afkoelen en laad hem daarna opnieuw op (deze stap eventueel herhalen. ). Blijft het probleem bestaan, neem dan contact op met uw dealer. WAARSCHUWING Verzekeren dat geen teruglaad- resp. generatorbedrijf bij activering van de remhendel ge-activeerd wordt en dat zo geen remondersteuning door de elektromotor meer plaatsvindt. In geval van twijfel zo snel mogelijk uw dealer opzoeken. 115FUSEThis notch is very importantOPMERKING Bij reparaties van uw fiets altijd de accusleutel naar uw dealer meenemen.

25Informatie over aansprakelijkheid en garantieBionX geeft voor de eerste eigenaar twee jaar garantie voor het/de door de firma geleverde BionX aandrijfsysteem(en) in overeenstemming met de volgende voorwaarden. 1. De garantie heeft uitsluitend betrekking op het door BionX geleverde aandrijfsysteem, maar niet op de resterende componenten van het voertuig van de fabrikant in kwestie. 2. De garantie dekt de reparatie of de vervanging van het BionX aandrijfsysteem, op voorwaarde dat het aandrijfsysteem binnen de overeengekomen garantieperiode zijn werking verliest of in zijn werking beperkt wordt, en dat het daarbij niet om een van de volgende gevallen gaat, waarvoor de garantie uitdrukkelijk uitgesloten is. 3. Door deze garantie worden eventuele andere wettelijke bepalingen, in het bijzonder aansprakelijk-heidsvoorschriften, niet beperkt. 4.

De garantie geldt uitsluitend voor materiaal- of verwerkingsfouten en alleen mits presentatie van het bewijs van aankoop, bestaande uit een originele koopbon of een kassabon met vermelding van de datum van aankoop, de naam van de dealer en het model van de fiets. BionX behoudt zich het recht voor het garantiegeval af te wijzen wanneer de documenten bij ingezonden BionX componenten niet volledig zijn. 5. In een garantiegeval verbindt BionX zich ertoe de gereclameerde systeemcomponenten naar eigen goeddunken te repareren of te vervangen (service-vervangingseenheid). 6. Garantiereparaties worden uitsluitend uitgevoerd door BionX, waarbij een binnen de garantie-voorwaarden te repareren component op eigen kosten en risico naar BionX gezonden resp. na de reparatie bij BionX afgehaald moet worden, of waarbij een verzending op eigen kosten en risico door de klant zelf moet worden uitgevoerd.

Om op voorhand vast te stellen of het wel degelijk om een garantiegeval gaat, moet een consument beroep doen op zijn garantierechten bij de dealer bij wie hij het product gekocht heeft; in dit geval stuurt de handelaar het component naar BionX. 7. Kosten voor reparaties, die op voorhand door een niet door BionX bevoegde persoon/center werden uitgevoerd, worden niet terugbetaald. In dit geval vervallen bovendien alle garantierechten. 8. Reparaties of een vervanging tijdens de garantieperiode geeft geen recht op verlenging of nieuwe start van de garantieperiode. Reparaties en een directe vervanging tijdens de garantieperiode kunnen door functioneel gelijkwaardige service-vervangingseenheden gebeuren. 9. De garantieperiode van twee jaar begint op het ogenblik van de aankoop. Een garantiegeval dient onmiddellijk gemeld te worden.

2610. Wanneer accu/celpack wegens het normale gebruik niet meer de volledige capaciteit bereikt. Elke accu is onderhavig aan een natuurlijk verouderingsproces resp. vermogensverlies. Hier garandeert BionX met betrekking tot de accu alleen dat deze binnen de garantieperiode van twee jaar of, alter-natief, na 600 laadcycli (naargelang wat eerst optreedt) nog minstens over 70% van de uitgangscapa-citeit beschikt. 11. Er bestaat geen garantiegeval, zonder rekening te houden met andere redenen voor schade, bij: a) Externe invloeden, in het bijzonder steenslag, botsing, ongevallen en andere rechtstreekse van buiten, door middel van mechanisch geweld, inwerkende incidenten. b) Moedwillige of opzettelijke handelingen, in het bijzonder diefstal en roof of elementaire incidenten resp. oorlogshandelingen.

c) Onvakkundig gebruik wanneer het product bijvoorbeeld aan alle soorten vloeistoffen/chemicaliën en/of aan extreme temperaturen, natheid of vochtigheid blootgesteld werd resp. beschadigingen van de accu door niet-naleving van de speciale aanwijzingen in het hoofdstuk “Bediening en opslag van de accu”. d) Beschadigingen van de accu door overmatige lading of niet-naleving van de aanwijzingen voor de omgang met accu’s (zie gebruikersinformatie). 12. Er is geen sprake van een garantiegeval, zonder rekening te houden met andere redenen: a) Bij controle-, onderhouds-, reparatie- en vervangingswerkzaamheden wegens normaal gebruik. b) Wanneer het model-, serie- of productnummer op de BionX producten veranderd, gewist, onherkenbaar gemaakt of verwijderd werd. (Dit geldt ook wanneer de zegel (serienummersticker) op de accubehuizing open gebroken of blijkbaar gemanipuleerd werd.

c) Bij gebruik van de accu in systemen die niet toegelaten zijn voor het gebruik met dit product. d) Bij bedrijf van het BionX-aandrijfsysteem met een andere dan de bij het systeem horende BionX accu. e) Wanneer een of meerdere BionX componenten geopend, veranderd of geverfd werden. 13.

De garantie bevat enkel en alleen de vermelde reparatie of de vervanging van defecte of beschadigde componenten, echter niet de aanspraak op vergoeding van vermogenschade, uitvaltijden, kosten voor huurapparaten, verplaatsingskosten, winstderving of andere aanspraken die deze limieten over-schrijden. De aansprakelijkheid van BionX uit de garantie is beperkt tot de aankoopwaarde van het product. 14. De garantie heeft alleen betrekking op originele BionX componenten. Het gebruik van reserveonder-delen van onbekende oorsprong, bijvoorbeeld van reservebatterijen van derden, is streng verboden en leidt tot het verval van de garantie van alle andere in het systeem geïntegreerde componenten. 15. In geval van wijzigingen of manipulaties aan de software vervalt de garantie op het complete systeem.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met BionX PL - 2013 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden