Beurer BM 40 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Beurer BM 40 (12 pagina’s), behorend tot de categorie Bloeddrukmeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 82 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Beurer BM 40 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/12
O Gebruikshandleiding
Bloeddrukmeter
BEURER GmbH • Söflinger Str. 218 • 89077 Ulm (Germany)
Tel.: +49 (0) 731 / 39 89-144 • Fax: +49 (0) 731 / 39 89-255
www.beurer.de • Mail: kd@beurer.de
BM 40
NL

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Beurer
Categorie: Bloeddrukmeter
Model: BM 40
Kleur van het product: Grey, White
Gewicht: 387 g
Breedte: 109 mm
Diepte: 119 mm
Hoogte: 60 mm
Soort: Automatisch
Ondersteuning voor plaatsing: Bovenarm
Batterij bijna leeg-indicatie: Ja
Memory-functie: Ja
Aantal gebruikers: 2 gebruiker(s)
Opbergetui: Ja
Klok/Datum display: Ja
Pulse rate meting: Ja
Cuff grootte: 22 - 35 cm
Type beeldscherm: LCD
Aritmiedetectie: Ja
Spreekfunctie: Nee

Handleiding Beurer BM 40 – volledige tekst

2NEDERLANDSGeachte klant,We zijn blij dat u hebt gekozen voor een product uit ons as-sortiment. Onze naam staat voor hoogwaardige en grondig gecontroleerde kwaliteitsproducten die te maken hebben met warmte, gewicht, bloeddruk, lichaamstemperatuur, polsslag, zachte therapie, massage en lucht. Neem deze gebruikshandleiding aandachtig door, bewaar deze voor later gebruik, laat deze ook door andere gebruikers lezen en neem alle aanwijzingen in acht. Met vriendelijke groet,Uw Beurer-team1. InleidingDe bovenarmbloeddrukmeter dient voor het non-invasief meten en controleren van de arteriële bloeddrukwaarden van volwassenen. U kunt daardoor snel en eenvoudig uw bloeddruk meten, de meetwaarden opslaan en het verloop en het gemiddelde van de meetwaarde laten weergeven. Bij eventueel aanwezige hartritmestoornissen wordt u gewaar-schuwd.

De gemiddelde waarden worden conform WHO-richtlijnen geclassificeerd en grafisch beoordeeld. Berg deze gebruikshandleiding op voor later gebruik en zorg dat andere gebruikers deze handleiding ook kunnen lezen. 2. Belangrijke aanwijzingen Gebruiksaanwijzingen• Meet uw bloeddruk altijd op hetzelfde moment van de dag om te garanderen dat de waarden kunnen worden vergeleken. • Rust voorafgaand aan iedere meting ca. 5 minuten uit• Tussen twee metingen moet u 5 minuten wachten. • De waarden die u hebt gemeten, dienen slechts als indicatie - ze vormen geen vervanging van een medisch onderzoek. Be-spreek uw meetwaarden met uw arts. Neem in geen geval op eigen grond medische beslissingen op basis van deze waar-den (bijv. met betrekking tot medicijnen en hun doseringen).

• Foutieve metingen kunnen optreden bij aandoeningen van het hart en de bloedsomloop, en ook in geval van een hele lage bloeddruk, doorbloedings- en ritmestoornissen alsook bij eerdere ziekten. • Gebruik het apparaat alleen bij personen waarvan de omtrek van de bovenarm binnen het aangegeven bereik valt.

• U kunt de bloeddrukmeter gebruiken met batterijen of met een netadapter. Houd er rekening mee dat u alleen gegevens kunt opslaan, als uw bloeddrukmeter onder stroom staat. Zodra de batterijen leeg zijn of de netadapter wordt losge-koppeld van het elektriciteitsnet, verliest de bloeddrukmeter datum en tijd. • Om de batterijen te sparen, schakelt de bloeddrukmeter zichzelf automatisch uit als er drie minuten lang geen toets ingedrukt wordt.

3 Aanwijzingen voor bewaring en onderhoud• De bloeddrukmeter bestaat uit elektronische onderdelen en precisieonderdelen. De nauwkeurigheid van de meetwaarden en de levensduur van het apparaat hangen af van een zorg-vuldige behandeling: – Bescherm het apparaat tegen schokken, vocht, vuil, sterke temperatuurschommelingen en direct zonlicht. – Laat het apparaat niet vallen. – Gebruik het apparaat niet in de buurt van sterke elektro-magnetische velden en houd het uit de buurt van radiogra-fische apparaten en mobiele telefoons. – Gebruik uitsluitend de meegeleverde of originele vervan-gende manchetten. Anders kunt u foutieve meetwaarden krijgen. • Druk niet op de toetsen, zolang de manchet niet is aange-bracht. • Indien het apparaat gedurende langere tijd niet wordt ge-bruikt, raden wij aan de batterijen te verwijderen.

Aanwijzingen voor batterijen• Inslikken van batterijen kan levensgevaarlijk zijn. Bewaar daarom batterijen en producten op een voor kinderen on-bereikbare plaats. Indien er een batterij is ingeslikt, moet u onmiddellijk medische hulp zoeken. • Batterijen mogen niet worden opgeladen of anderszins wor-den gereactiveerd, niet uit elkaar worden gehaald, in het vuur geworpen of worden kortgesloten. • Haal de batterijen uit het apparaat, wanneer deze leeg zijn of wanneer u het apparaat langere tijd niet zult gebruiken. Zo voorkomt u schade die door lekkage kan ontstaan. Vervang de batterijen altijd gelijktijdig. • Gebruik geen verschillende soorten of merken of batterijen met verschillende capaciteit door elkaar. Gebruik bij voorkeur alkalinebatterijen. Aanwijzingen voor reparatie en afvalverwijdering• Batterijen horen niet thuis in het huisvuil.

Deponeer de lege batterijen in daarvoor voorziene inzamelplaatsen. • Maak het apparaat niet open. Bij niet naleven vervalt de ga-rantie. • Het apparaat mag niet zelf worden gerepareerd of afgesteld. Een foutloze werking is in dat geval niet meer verzekerd.

• Reparaties mogen alleen door de klantenservice of geautoriseerde handelaars worden uitgevoerd. Controleer voor iedere klacht de batterijen en vervang deze eventueel. • Verwijder het apparaat conform EU-Richtlijn 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektroni-sche apparatuur - WEEE (Waste Electrical and Elec-tronic Equipment). Als u vragen hebt, neemt u contact op met de verantwoorde-lijke instanties voor afvalverwijdering in uw gemeente.

54. Meting voorbereidenPlaats de batterij• Verwijder het deksel van het bat-terijvak aan de achterzijde van het apparaat. • Plaats vier batterijen van het type 1,5 V AA (alkaline type LR06). Let goed op dat de batterijen zoals aangeduid met correcte polariteit geplaatst worden. Gebruik geen oplaadbare batterijen. • Sluit het deksel van het batterijvak weer zorgvuldig. Wanneer er vier akoestische signalen klinken en tegelijkertijd het symbool op het display verschijnt, is een meting niet meer mogelijk en moeten alle batterijen worden vervangen. Wanneer de batterijen uit het apparaat worden verwijderd, moeten de datum en de tijd opnieuw worden ingesteld. De opgeslagen meetwaarden gaan niet verloren. Lege batterijen horen niet thuis in het huisvuil. Deponeer ze bij uw elektrohandelaar of de milieudienst in uw woonplaats. U bent hiertoe wettelijk verplicht.

Aanwijzing: Deze tekens vindt u terug op batte-rijen die schadelijke stoffen bevatten: Pb: batterij bevat lood, Cd: batterij bevat cadmium, Hg: bat-terij bevat kwik. Gebruikersgeheugen, datum en tijd instellenIn dit menu kunt u achtereenvolgens de volgende functies instellen. Gebruikersgeheugens Datum Tijd➔ ➔De datum en de tijd moeten absoluut ingesteld worden. Alleen zo kunt u uw gemeten waarden correct met datum en tijdstip opslaan en later laden. De tijd wordt weergegeven in de 24-uurs-indeling. Wanneer u de functietoetsen ingedrukt houdt, kunt u -/+de waarden sneller instellen. Gebruikersgeheugens• Druk op de toets. SETIn het display knippert het symbool van het gebruikers-geheugen.

• Selecteer het gewenste gebruikersgeheugen met behulp van de functietoetsen -/+ Er zijn twee geheugens met elk 60 geheugenplaat-sen beschikbaar om de meetgegevens van twee verschillende personen gescheiden van elkaar op te slaan. • Bevestig de invoer met de toets. SETDatum/tijdIn het display knippert het jaartal. • Stel met de functietoetsen het jaar in en bevestig -/+de invoer met de toets SET.

6Gebruik met de netadapter U kunt dit apparaat ook met een netadapter gebruiken. In dat geval mogen er geen batterijen in het batterijvakje zitten. De netadapter is verkrijgbaar in de vakhandel of via het service-adres en heeft bestelnummer 071. 19. • De bloeddrukmeter mag uitsluitend worden gebruikt met de hier beschreven netadapter om een mogelijke beschadiging van de bloeddrukmeter te voorkomen. • Steek de netadapter in de daarvoor bedoelde aansluiting aan de rechterzijde van de bloeddrukmeter. De netadapter mag alleen op de op het typeplaatje aangegeven netspanning worden aangesloten. • Steek vervolgens de stekker van de netadapter in het stop-contact. • Haal na het gebruik van de bloeddrukmeter eerst de de netadapter uit het stopcontact en vervolgens uit de bloed-drukmeter. Zodra u de netadapter uit de contactdoos trekt verliest de bloeddrukmeter datum en tijd.

De opgeslagen meetwaarden blijven echter bewaard. 5. Bloeddruk metenManchet aanbrengen Breng de manchet op de ontblote linker bovenarm aan. De doorbloeding van de arm mag niet worden belemmerd, bijvoorbeeld door te nauwe kleding-stukken. De manchet moet zo aan de bovenarm worden geplaatst dat de onderste rand 2 – 3 cm boven de el-leboog en boven de slagader ligt. De slang wijst naar het midden van de handpalm. Breng nu het vrije uiteinde van de manchet nauw maar niet strak om de arm aan en sluit deze met de klit-tenband. De manchet moet zo strak worden aangebracht dat nog twee vingers onder de manchet passen. Steek nu de manchetslang in de aan-sluiting voor de manchetstekker. Let op: Het apparaat mag alleen met de originele manchet gebruikt worden. De manchet is geschikt voor een arm-omvang van 22 tot 35 cm.

Een grotere manchet voor een armom-vang van 30 tot 42 cm is verkrijgbaar in de vakhandel of via het serviceadres en heeft bestelnummer 162. 973. Neem de juiste lichaamshouding aan• Rust voorafgaand aan iedere meting ongeveer 5 minuten uit. Anders ontstaan er afwijkingen.

7• Om het meetresultaat niet te beïnvloeden is het belangrijk dat u zich tijdens de meting rustig gedraagt en niet spreekt. Uitvoeren van een bloeddrukmetingMeting• Breng zoals eerder beschreven de manchet aan en neem de houding aan waarin u de meting wilt uitvoe-ren. • Start het apparaat met de toets START/STOP. Na de controle van het display, waarbij alle cijfers oplich-ten, wordt de manchet automatisch opgepompt. • De manchet wordt tot 190 mmHg opgepompt. De luchtdruk in de manchet wordt langzaam verlaagd. Bij een al waargenomen tendens in de richting van een hoge bloeddruk wordt nog een keer bijgepompt om de manchetdruk te verhogen. Zodra er een pols-slag herkend wordt, begint het symbool van de pols-slag te knipperen. U kunt de meting te allen tijde door middel van de toets START/STOP annuleren. • De meetresultaten systolische druk, diastolische druk en polsslag worden weergegeven.

• verschijnt wanneer de meting niet juist kon wor-den uitgevoerd. Lees het hoofdstuk "Foutmeldingen/Storingen verhelpen" in deze gebruikshandleiding en herhaal de meting. • Het meetresultaat wordt automatisch opgeslagen. • Het apparaat schakelt zichzelf na 3 minuten automa-tisch uit. Wacht minstens 5 minuten voor een nieuwe meting. 6. Resultaten beoordelenHartritmestoringen:Dit apparaat kan tijdens het meten eventuele storingen van het hartritme identificeren. Indien dit voorkomt, wordt dit na de meting met het symbool weergegeven. Dit kan een indicator voor een aritmie zijn. Aritmie is een ziekte waarbij het hartritme door fouten in het bio-elektrische systeem, dat de hartslag stuurt, abnormaal is. De symptomen (overslaand hart of voortijdige hartslagen, langzame of te snelle pols) kunnen o. a.

van hartaandoeningen, ouderdom, lichame-lijke aanleg, overmatig gebruik van genotmiddelen, stress of slaapgebrek komen. Aritmie kan uitsluitend worden vastgesteld via medisch onderzoek. Herhaal de meting als het symbool na de meting op het display wordt weergegeven.

Let er op dat u 5 minuten rust moet nemen en dat u tijdens de meting niet praat of beweegt. Indien het symbool vaak wordt weergegeven, raadpleeg dan uw arts. Zelfdiagnose en -behandeling op basis van de meetgegevens kan gevaarlijk zijn. Volg de aanwijzingen van uw arts op. WHO-classificatie:Conform de richtlijnen/definities van de wereldgezondheids-organisatie (WHO) en de meest recente inzichten kunnen de meetresultaten volgens de onderstaande tabel worden geclas-sificeerd en beoordeeld.

8Het staafdiagram op het display en de schaalverdeling op het apparaat geven aan binnen welk bereik de vastgestelde bloed-druk zich bevindt.Als de systolische en diastolische waarde zich in twee verschil-lende WHO-gebieden bevinden (bijv. systolisch in het gebied hoog-normaal en diastolisch in het gebied normaal), dan geeft de grafische WHO-classificatie op het apparaat het hoogste gebied weer; in het voorbeeld is dat hoog-normaal.7. Meetwaarden opslaan, oproepen en wissen GebruikersgeheugensDe resultaten van iedere succesvolle meting worden samen met de datum en de tijd opgeslagen. Bij meer dan 60 meetgegevens gaan iedere keer de oudste meetgegevens verloren.• Selecteer het gewenste gebruikersgeheugen ( ) door op de toets en de functietoetsen SET -/+ te drukken. Bevestig uw keuze met de toets START/STOPP .Gemiddelde waarden• Druk op de geheugentoets .

Eerst wordt de gemid-Mdelde waarde van alle in dit gebruikersgeheugen opgeslagen meetwaarden weergegeven . AL• Druk nogmaals op de geheugentoets om Mde gemiddelde waarde van de laatste 7 dagen van de ochtendmeting weer te geven. (Ochtend: 5:00 uur – 8:59 uur, weergave A ).• Druk nogmaals op de geheugentoets om de Mgemiddelde waarde van de laatste 7 dagen van de avondmeting weer te geven. (Avond: 18:00 uur – 19:59 uur, weergave P ). Wanneer er geen meting is opgeslagen, wordt - - - op het display weergegeven.

Bereik van de bloeddrukwaarden Systolisch (in mmHg) Diastolisch (in mmHg) MaatregelNiveau 3: zeer hoge bloeddruk > = 180 > = 110 raadpleeg een artsNiveau 2: hoge bloeddruk 160 – 179 100 – 109 raadpleeg een artsNiveau 1: licht verhoogde bloeddruk 140 – 159 90 – 99 regelmatige controle door een arts Hoog normaal 130 – 139 85 – 89 regelmatige controle door een artsNormaal 120 – 129 80 – 84 zelfcontroleOptimaal < 120 < 80 zelfcontroleBron: WHO, 1999

9Individuele meetwaarden• Druk op de functietoetsen -/+ om de laatste indivi-duele meetwaarden met datum en tijdstip weer te geven. Wanneer u op de functietoets + drukt, worden de meest recente meetresultaten weergegeven. Bij het bedienen van de functietoets - de oudste.Meetwaarden wissen• Om het geheugen van het betreffende gebruikers-geheugen te wissen, moet u eerst een gebruikers-geheugen selecteren. Start of met het opvragen van de gemiddelde waarden of met het opvragen van de individuele meetwaarden en houd de toets ca. SET3 seconden ingedrukt.

Alle waarden van het huidige gebruikersgeheugen worden na drie korte geluids-signalen gewist.• Het is mogelijk individuele meetwaarden te wissen door na de meting, wanneer de meetwaarden wor-den weergegeven, de toets in te drukken.SET• U kunt het apparaat uitschakelen door op de toets START/STOP te drukken.• Wanneer u vergeet het apparaat uit te schakelen, wordt het automatisch na 3 minuut uitgeschakeld.8. Apparaat reinigen en opbergen• Reinig het apparaat en de manchet voorzichtig met slechts een licht bevochtigde doek.• Gebruik geen reinigings- of oplosmiddel.• Dompel het apparaat nooit onder in water omdat anders water kan binnendringen en het apparaat beschadigd raakt.• Indien u het apparaat opbergt, mogen er geen zware voor-werpen op het apparaat drukken. Verwijder de batterijen. De manchetslang mag niet worden geknikt.9.

Foutmeldingen/Storingen verhelpenBij storingen wordt op het display de foutmelding weerge-geven.Foutmeldingen kunnen optreden indien• 1: de systolische druk niet wordt herkend,• 2: de diastolische druk niet wordt herkend,• 3: de manchet te strak c.q. te los is aangebracht,• 4: de oppompdruk hoger is dan 300 mmHg,• 5: een systeem- of apparaatfout is opgetreden.Herhaal in zulke gevallen de meting. Let erop dat de manchets-lang op de juiste wijze is ingestoken en dat u niet beweegt of praat. Plaats de batterijen opnieuw of vervang ze.

FW 7575M/EU/6/06Ingang 100–240 V, 50–60 HzUitgang 6 V DC, 600 mA, alleen in combinatie met Beurer bloeddrukmetersFabrikant Friwo Gerätebau GmbHBeveiliging Het apparaat is dubbel geïsoleerd en beschikt over een zekering aan de primaire zijde, die het apparaat in geval van storing loskoppelt van het elektri-citeitsnet.Zorg dat u de batterijen uit het batte-rijvakje hebt verwijderd, voordat u de adapter gebruikt.

11Dubbel geïsoleerd / Beschermingsklasse 2Behuizing en bescher-mmantels Het adapterhuis beveiligt tegen aanra-king van onderdelen die onder span-ning staan of kunnen staan (vingers, naalden, testhaak)De gebruiker mag niet tegelijkertijd de patiënt en de uitgangsstekker van de AC-adapter aanraken.• Dit apparaat voldoet aan de Europese norm EN 60601-1-2 en is onderworpen aan bijzondere veiligheidsmaatregelen op het gebied van elektromagnetische verdraagzaamheid. Houd er daarbij rekening mee dat draagbare en mobiele HF-communi-catie-installaties dit apparaat kunnen beïnvloeden.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Beurer BM 40 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden