Bernina Activa 145 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Bernina Activa 145 (131 pagina’s), behorend tot de categorie Naaimachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 22 mensen. Heb je een vraag over Bernina Activa 145 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Bernina |
| Categorie: | Naaimachine |
| Model: | Activa 145 |
Handleiding Bernina Activa 145 – volledige tekst
Welkom bij ! Ik dank u heel hartelijk, dat uw keus op BERNINA is gevallen. U heeft een BERNINAproduct gekozen waarvan u jarenlang plezier zult hebben. Eén van onze prioriteiten is de tevredenheid van onze klanten. En dat al sinds meer dan honderd jaar.Het is bepaalde tradities onverminderd voort te zetten. Onze klanten biedenmijn persoonlijke wens wij Zwitsers precisiewerk, geavanceerde technologie en een omvangrijke klantenservice.Met de treedt een jong en modern design op de voorgrond. BERNINA activa 135 S en 145 S Natuurlijk zijn onze machines net als voorheen gebruikersvriendelijk, zodat u uw creativiteit noggemakkelijker kunt omzetten.Geniet van het nieuwe, creatieve naaien met BERNINA: ons veelzijdige toebehoren en de diversepublicaties, rijk aan tips en ideeën, ondersteunen u bij het creëren van uw kunstwerken.
2WAARSCHUWINGOm het risico van verbrandingen, brand, elektrische schok ofverwondingen van personen te vermijden. 1. Laat niet toe, dat de naaimachine als speelgoed wordt gebruikt. Voorzichtigheid is vooral vereist, wanneer de machine door of in de nabijheid van kinderen wordt gebruikt;ook bij personen, die de naaimachine niet op de juiste manierkunnen bedienen. 2. Gebruik de naaimachine alleen voor de in de handleidingbeschreven doeleinden. Gebruik alleen toebehoren, dat door de producent wordt aanbevolen. 3. Gebruik de naaimachine niet wanneer•kabel of stekker zijn beschadigd•de machine niet storingvrij naait•de machine gevallen of beschadigd is•de machine met water in aanraking is gekomen. Laat uw naaimachine door de dichtstbijzijnde BERNINA dealercontroleren of repareren. 4. Let erop, dat de ventilatie-openingen tijdens het gebruik van denaaimachine nooit geblokkeerd zijn.
Verwijder pluisjes, stof- endraadresten regelmatig uit de openingen.Belangrijke veiligheidsvoorschriftenBij het gebruik van een elektrisch apparaat dienen de gebruikelijkeen navolgende veiligheidsvoorschriften absoluut in acht te wordengenomen.Lees voor het gebruik van deze naaimachine alle instructies zorgvuldig door.Principieel dient het apparaat, wanneer dit niet wordt gebruikt,altijd uitgeschakeld te worden door de netstekker uit het stop-contact te trekken.GEVAAROm het risico van een elektrische schok te vermijden: 1. Laat de naaimachine nooit onbeheerd staan, zolang deze nogop het stroomnet is aangesloten. 2. Na gebruik en voordat u de machine reinigt, dient u de netstekker uit het stopcontact te verwijderen. 3. Trek altijd de netstekker uit het stopcontact voordat u eengloeilampje verwisselt. Gebruik alleen lampjes van hetzelfdetype (12 volt/5 watt). 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
3Veiligheidsvoorschriften 16. De producent is niet aansprakelijk voor eventuele schaden diedoor een verkeerde bediening van het apparaat zijn ontstaan. 17. Deze naaimachine is dubbel geïsoleerd. Gebruik a. u. b. alleen originele onderdelen. Raadpleeg a. u. b. de aanwijzingen voor hetonderhoud van dubbel geïsoleerde producten. ONDERHOUD DUBBEL GEISOLEERDEPRODUCTENEen dubbel geïsoleerd product is van twee isoleereenheden, i. p. v. een aarding, voorzien. Een dubbel geïsoleerd product bevat geenaardingsmiddel. Dit middel dient ook niet te worden gebruikt. Hetonderhoud van een dubbel geïsoleerd product vereist grote zorg-vuldigheid en een uitstekende kennis van het systeem en dientderhalve alleen door vakkundig personeel te worden uitgevoerd. Voor service en reparaties mogen alleen originele onderdelen worden gebruikt.
Een dubbel geïsoleerd product is op de volgendewijze gekenmerkt: «dubbele isolatie» of «dubbel geïsoleerd». Het symbool kan eveneens aangeven, dat een product dubbelgeïsoleerd is. Veiligheidsvoorschriften zorgvuldig bewaren. Deze naaimachine is alleen voor huishoudelijk gebruik bestemd. 5. Houd uw vingers op voldoende afstand van alle bewegendedelen. Let vooral op de naald. 6. Gebruik altijd een originele BERNINA steekplaat. Een anderesteekplaat kan veroorzaken, dat de naald breekt. 7. Gebruik geen kromme naalden. 8. Duw niet tegen en trek nooit aan de stof tijdens het naaien. Ditkan veroorzaken, dat de naald breekt. 9. Voor alle handelingen binnen het bereik van de naald, bijv. inrijgen, vervangen van de naald, naaivoet verwisselen, enz. dehoofdschakelaar altijd op «0» zetten. 10. Tijdens de in de handleiding beschreven onderhoudswerkzaam-heden, zoals gloeilampje verwisselen, enz.
Bedien de naaimachine niet in ruimtes waar aërosolproducten(sprays, spuitbussen) worden gebruikt. 14. Schakel de machine uit door de hoofdschakelaar op «0» te zet-ten en de stekker uit het stopcontact te trekken. 15. Bij het uitschakelen altijd aan de stekker, nooit aan de kabel trekken. 030529. 52. 05_0303_a135 a145_NL.
8 Naaimachine voorbereiden•voetweerstand•handleiding•netkabel•garantiebewijs•Toebehorenbox•Free-Hand-System (FHS)/kniehevel*Toebehoren Start-Stop-Unit**Met behulp van het Start-stop-unit kan de naaifunctie met dehand worden bediend.• Start-stop-toets Aindrukken =naaifunctie ingeschakeld•Met behulp van de snelheids- regelaar Bkan de naaisnelheidmet de hand worden ingesteld.•Naaifunctie onderbreken ofbeëindigen = start-stop-toets Anogmaals indrukken.Attentie:Als de voetweerstand is aan-gesloten, kan de naaifunctieniet met het Start-stop-unitworden bediend.Standaard toebehoren*:4 spoelen (+ 1 in de spoelhulsvan de machine)assortiment naalden 130/705Htornmesjeschroevendraaierspeciale sleutel (Torx)kwastjekantliniaalnivelleerplaatje3 garengeleidingsschijvenrond plaatje van schuimstof oliespuitjeStofhoes•beschermt de machine tegenstof en verontreiniging•met geïntegreerd toebehoren-vakLoepenset: **Onze aanbeveling voor meercomfort tijdens het naaien: hetBERNINA loepenset!
Attentie!Bij werkzaamheden zonderloep moet, om het risico eenverwonding op te lopen tevermijden, de loephouderbe-schermkap altijd gemonteerdzijn.* kan per land variëren; naaivoet-assortiment zie blz. 33** als speciaal toebehoren tegen meerprijs verkrijgbaarLet a.u.b. op de veiligheidsvoorschriften!CFL **De belangrijkste kenmerken vanhet CFL-naailicht zijn, dat het, in tegenstelling tot normale gloei-lampjes, een betere verlichtingvan het werkoppervlak geeft eneen zeer lange levensduur heeft.Let op:Een defekt CFL-naailicht magalleen door een bevoegde per-soon worden vervangen. Brenguw naaimachine a.u.b. naar uw BERNINA dealer!AB 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Naaimachine voorbereiden10Netkabel Ain het stopcontact van demachine steken Bin het stopcontact van hetstroomnet stekenVoetweerstandskabel stekker van voetweerstand Cinde naaimachine stekenNaaisnelheid regelen•de naaisnelheid wordt geregeld door harder of zachter op de voetweerstandte drukkenKabelaansluitingVoetweerstandKabel oprollen•kabel oprollen•kabeleinde (stekker) in dehiervoor bestemde gleuf vastzettenVoor het naaien•kabel uitrollenHoofdschakelaarDe tuimelschakelaarDe tuimelschakelaar is aan dekant van het handwiel aange-bracht. 0de naaimachine is inge-schakeld 1de naaimachine is uitge-schakeldHet naailicht wordt tegelijker-tijd met de hoofdschakelaaraan-/uitgeschakeld.Let a.u.b. op de veiligheidsvoorschriften!BAC 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
de kniehevel kan denaaivoet omhoog of omlaagworden gezet•kniehevel naar rechts duwen= de naaivoet wordt omhoog-gezet; tegelijkertijd wordt detransporteur naar benedengezet•na de eerste steek staat detransporteur weer in de nor-male stand* kan per land variërenDe aanschuiftafel dient ter ver-groting van het werkoppervlak.Bevestigen•naald en naaivoet naar bovenzetten•aanschuiftafel over de vrijearm schuiven, iets aandruk-ken, zodat de centreerpinnenvastzittenWegnemen•naald en naaivoet naar bovenzetten•aanschuiftafel uit de houderslostrekken•horizontaal naar links weg-trekkenMaatverdelingHet cijfer «0» komt overeenmet de middelste naaldstand.Kantliniaal•vanaf de linker- of rechterkantin de opening schuiven•kan traploos over de geheletafellengte worden ingesteldLet op:Naaivoet eventueel bij hetbevestigen van de kantliniaalverwijderen! 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Naaimachine voorbereiden12Onderdraad opspoelen•hoofdschakelaar aanzetten•leeg spoeltje op de as zetten•draad van de garenklos in de achterste geleiding en in de rich-ting van de pijl om de voorspanning geleiden•draad een paar keer om het lege spoeltje wikkelen•hendel tegen het spoeltje duwen•op de voetweerstand drukken•het spoelen stopt wanneer het spoeltje vol is•spoeltje wegnemenDraadafsnijder•garen over de draadafsnijdertrekkenOnderdraad opspoelenLet op:Tijdens het spoelen met deverticale garenkloshouder (blz. 15) moet de naaisnelheideventueel worden aangepast. 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
13Naaimachine voorbereidenSpoelhulsSpoelhuls verwijderen•naald omhoogzetten•hoofdschakelaar op «0» zetten•spoelhuisdeksel van de naaimachine openen•klepje van de spoelhuls vastpakken•spoelhuls uit de machinenemenLet op:De onderdraad moet niet naarboven worden gehaald,omdat het restje garen onderde steekplaat voor naaibeginvoldoende is.Spoelhuls in de grijper zetten•klepje van de spoelhuls vastpakken•de vinger van de spoelhulsmoet naar boven wijzen•spoelhuls in de grijper drukken tot hij vastzitOnderdraadafsnijder•spoelhuls inzetten•draad over de draadafsnijder Atrekken•garen wordt afgesneden•spoelhuisdeksel sluitenLet a.u.b. op de veiligheids-voorschriften!A 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Naaimachine voorbereiden14Spoeltje inzetten... tot hij in de T-vormige gleufaan het einde van de veer ligt.Het spoeltje moet met de wijzersvan de klok meedraaien.Spoeltje inzettenHet spoeltje inzetten, zodat dedraad met de wijzers van deklok mee is opgespoeld.Draad in de gleuf trekkenDe draad vanaf de rechterkantin de gleuf trekken.Draad onder de veer trekkenDraad naar links onder de veertrekken, ...Naald verwijderen•naald omhoogzetten•hoofdschakelaar op «0» zetten•naaivoet laten zakken•naaldbevestigingsschroef losdraaien•naald naar beneden trekkenNaald inzetten•platte kant van de naald naar achteren•naald naar boven schuiven tot hij niet verder kan•naaldbevestigingsschroef vastdraaienNaald verwisselenLet a.u.b. op de veiligheidsvoorschriften! 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
15Naaimachine voorbereidenNaaivoet verwisselenNaaivoet verwisselen•naald en naaivoet omhoog-zetten•hoofdschakelaar op «0» zettenNaaivoet bevestigen•naaivoet vanaf de onderkantover de naaivoetstang schuiven•bevestigingshendel naarbeneden duwenBevestigingshendel naarboven•bevestigingshendel naarboven duwen•naaivoet wegnemenDraaibare verticale garenkloshouder•bevindt zich aan de achterkant achter het handwiel•noodzakelijk voor het naaien met verschillende draden, bijv. bij werkzaamheden met de tweelingnaald, enz.•voor het naaien de garenkloshouder naar boven draaien tot hij niet verder kan• bij grote garenklossen het ronde schuimstof plaatje op de Ahouder zetten, zodat de garenklos voldoende steun heeftAfzonderlijke garenkloshouderALet a.u.b. op de veiligheids-voorschriften! 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Naaimachine voorbereiden18Onderdraad omhooghalenOnderdraad omhooghalen•bovendraad vasthouden•één steek naaien•aan de bovendraad trekken tot de onderdraad door het steekgat te zien is•boven- en onderdraad door de gleuf van de naaivoet naar achteren leggen•draden over de draadafsnijder trekkenLet op:De onderdraad moet alleenbij speciale werkzaamhedennaar boven worden gehaald.In alle andere gevallen is hetrestje onderdraad voldoendevoor naaibegin, mits deonderdraadafsnijder wordtgebruikt.DraadafsnijderDraadafsnijder op het naaimachineframe•boven- en onderdraad van voor naar achter over dedraadafsnijder naar beneden trekken•de draden laten bij de eerste steek automatisch los 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
19Naaimachine voorbereiden 19SteekplaatMarkeringen op de steekplaat•de steekplaat is van lengtemarkeringen in mm en inch voorzien•mm-markeringen zijn voor op de steekplaat zichtbaar•inch-markeringen zijn achter op de steekplaat zichtbaar•de lengtemarkeringen hebben betrekking op de afstand van de naald (naaldstandmidden) tot aan de markering•de mm- of inch-gegevens zijn naar rechts en naar links aangegeven•deze dienen als hulp bij het naaien van naden, voor exact doorstikken, enz.•de dwarsmarkeringen zijn handig voor het naaien van hoeken, enz.15/81 10 2010201/41/45/8TransporteurDruktoets onder het handwielDruktoets gelijk met het frame = transporteuromhoog (naaien)Druktoets ingedrukt = transporteur omlaag (voorwerkzaamheden die met de hand worden geleid,bijv. stoppen, borduren/quilten uit de vrije hand) 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Naaimachine voorbereiden2035ADraadspanningBasisinstelling•de rode markering op de regelschijf komt overeen met het teken A•voor normale werkzaamheden moet de draad-spanning niet worden veranderd•voor speciale werkzaamheden kan de draad-spanning m.b.v. de regelschijf aan het mate-riaal worden aangepastDraadspanning verminderenregelschijf op 3–1 instellenDraadspanning verhogenregelschijf op 5–10 instellenIn de fabriek wordt de draadspanning optimaal ingesteld. Hiervoor wordt zowel op het spoeltje als voor de bovendraad Metro-senegaren nr. 100/2 (firma Arowa Mettler,Zwitserland) gebruikt.Bij het gebruik van ander naai- of borduurgarenkunnen afwijkingen op de optimale draadspan-ning ontstaan. Daarom is het soms noodzakelijkom de draadspanning aan de stof en de gewen-ste steek te kunnen aanpassen.Voorbeeld: Draadspanning Naald Metaalgaren ca. 3 90 Quiltgaren ca.
Bediening22Steekbreedte veranderen•linkertoets = steek smaller•rechtertoets = steek breder•de basisinstelling van de gekozen steek is altijd zichtbaar, deze knippertNaaldstand veranderen•linkertoets = naald naar links verzetten•rechtertoets = naald naar rechts verzettenSteeklengte veranderen•linkertoets = steeklengte kleiner•rechtertoets = steeklengte groterSteek* kiezen•steken 1–10:op de gewenste toets drukken; steeknummer en basisinstelling van steeklengte en steekbreedte verschijnen op het beeldschermLet op: m.b.v. toets 0 wordt steeknummer 10 (standaard knoopsgat) gekozen•steken 11–30: (activa 135 S) of 11–50 (activa 145 S):op de #-toets drukken en het gewenste steeknummer intikken* steekoverzicht zie blz. 30 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
5)•manueel afwerken (naadbegin/naadeinde)permanent:•twee keer kort achter elkaar op de knop drukken•de naaimachine naait de gewenste steek permanent achteruit•achteruitnaaien beëindigen: één keer op deknop drukken1/2 motorsnelheid•op de toets drukken = de naaimachine naaitop 1/2 snelheid•nogmaals op de toets drukken = de machinenaait weer op volle snelheidFunctiesNaaldstop-wijzigingBij de basisinstelling wijst de pijl naar boven.•op de toets drukken•op het beeldscherm wijst de pijl naar beneden= de naaimachine stopt met de naald in de stof•opnieuw op de naaldstoptoets drukken•op het beeldscherm wijst de pijl naar boven =de naaimachine stopt met de naald omhoogAttentie:Toets iets langer indrukken = de naaldwordt automatisch omhoog of omlaag gezetMotiefeinde•op de toets drukken•de naaimachine stopt aan het einde van eenafzonderlijk motief of een steekcombinatie (inhet geheugen)Spiegelbeeld (rechts/links)*•op de toets drukken•de gekozen steek wordt in spiegelbeeld genaaid* alleen activa 145 S Een functie is ...geactiveerd, wanneer het overeenkomstige symbool op het beeldscherm verschijntgedeactiveerd, wanneer het symbool niet meer op het beeldscherm verschijnt.
Bediening24Ruittoets (#-toets)•toets voor het kiezen van steken (zie blz. 22)clr/del-toets (clear/delete)•op de toets drukken = de basisinstelling wordtteruggehaald•afzonderlijk geactiveerde functies worden uitgewistUitzonderingen:•naaldstop onder/boven•1/2 motorsnelheid•gewijzigde basisinstelling bij het knoopsgat met lengtemeting uitwissen = «clr/del»-toets twee keer indrukkenAlfabet, cijfers en leestekens (alleen bij activa 145 S)•op de alfabettoets drukken•op het beeldscherm verschijnt het lettertype•op de rechtertoets drukken = letters/cijfers vooruitkiezen (A B C ...)•op de linkertoets drukken = cijfers/lettersachteruitkiezen (9 8 7 ...)Alle tekensA B C D E F G H I J K L M NO P Q R S T U V X Y Z_ - . ’ ! ?
rechte steek) en naaien•bij het terughalen van de individueel veranderde zigzagsteek blijven de wijzigingenbehoudenBasisinstelling terughalen•afzonderlijke steken kunnen manueel wordenteruggezet•door op de «clr/del»-toets te drukken of wanneer de naaimachine wordt uitgezet, worden alle wijzigingen bij alle steken uitgewistGebruik:•voor alle soorten steken•vooral handig bij twee afwisselende werkzaam-heden 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
25Bediening 25mem0 2 3 4 51 5.5123450MemoryIn het memory kunnen 30 steken, letters of cijfers worden samen-gesteld en opgeslagen.Het memory is een blijvend geheugen, d.w.z. de inhoud blijftzolang behouden tot het door de gebruiker wordt uitgewist. Eenstroomonderbreking of uitschakeling van de naaimachine heeftMemory-toetsen•linkertoets (
22)•het steeknummer (hier 21)verschijnt op het beeldscherm•op de «mem+»-toets(geheugentoets) drukken =de steek is geprogrammeerd•het aantal resterende legegeheugenplaatsen (hier 29)en de cursor links van dit cijfer knipperen•nieuwe steek kiezen; programmeren met de«mem+»-toets, enz.Terugscrollen•linkertoets drukken = degeprogrammeerde stekenlopen van achter naar voor(«terugbladeren»)Vooruitscrollen•«mem+»-toets drukken = degeprogrammeerde stekenlopen van voor naar achter(«vooruitbladeren»)Naaibegin•voetweerstand indrukken =de naaimachine schakelt naarhet begin van de steekcombi-natie• functie motiefeinde ( ) toevoegen = de naaimachinestopt aan het einde van desteekcombinatieInhoud van het memory compleet uitwissen•eerst op de «clr/del»-toetsdrukken, ingedrukt houdenen nadien op de «mem»-toets drukken•beide toetsen loslaten•memory verlaten door op de «mem»-toets te drukken•het memory is volledig uitgewistLet op:De onderstaande speciale programma’s kunnen niet inhet blijvend geheugen wordenopgeslagen:nr.
24)•op de «mem+»-toets drukken:letter/cijfer is geprogrammeerd•het aantal resterende legegeheugenplaatsen (hier 29) ende cursor links van dit getalknipperen•nieuwe letter/nieuw cijfer kiezen; programmeren met de«mem+»-toets, enz.•diverse woorden programmeren•tussen twee woorden het spatieteken (_) kiezen en eveneens programmerenLet op:Wanneer de instelling (steek-lengte of steekbreedte) bij letters of cijfers wordt gewijzigd, heeft dit invloed ophet gehele alfabet. Wanneerafzonderlijke tekens moetenworden veranderd, moet dewijziging bij elk afzonderlijkteken worden gemaakt. 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Bediening280 2 3 4 51 5.5123450Memory verlaten•op de «mem»-toets drukken =de complete inhoud van hetgeheugen is opgeslagen•het memory is geslotenHet «mem»-teken op hetbeeldscherm verdwijnt.De inhoud van het memoryblijft behouden, ook wanneerde naaimachine wordt uit-geschakeld en de netstekkeruit het stopcontact wordtgetrokken. De inhoud van het geheugen kan steeds weerworden opgeroepen.De inhoud van het geheugenwordt uitgewist, wanneer denaaimachine wordt uitge-schakeld zonder het memoryvan te voren m.b.v. de «mem»-toets te verlaten. 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
29Bediening 29BalansLet op:Zet de balans, indien dezewerd gewijzigd, na beëindi-ging van het naaiwerk altijdweer in de normale stand!De naaimachine wordt voordatdeze de fabriek verlaat, grondig getest en optimaalingesteld. Getest wordt met 2lagen Cretonne-stof en Metro-senegaren 100/2 van de firmaArowa Mettler, Zwitserland.M.b.v. de balans kunnen dergelijke afwijkingen wordengecorrigeerd, zodat de stekenoptimaal aan het gekozenmateriaal kunnen worden aangepast.Gebruik:Gebruikssteken, bijv. wafel-steek in jersey, siersteken,knoopsgaten, enz. Normale stand De steken worden naar elkaartoegeschoven(steeklengte verminderen)De steken worden uit elkaargeschoven(steeklengte vergroten)Verschillende soorten stof,garen en verstevigingsmateriaalkunnen de geprogrammeerdesteken in de naaimachine dusdanig beïnvloeden, dat dezeniet meer mooi op elkaar aansluiten of over elkaar vallen(d.w.z.
Steken321 9141 11 0automatisch stoppen in dun tot middelzwaar materiaalvoor alle soorten tricot en gladde stoffen; zichtbare naad voor kleding, lingerie, tafellakens, enz.met de hand gemaakt-effect: een steek (onderdraad) is zichtbaar,de andere steek (bovendraad = quiltgaren [monofil]) is onzicht-baar; bovendraadspanning afhankelijk van de stof verhogen (6–9)voor fijne tot middelzware stoffen; blouses, jurken, broeken, huishoudtextielvoor stevige materialen (niet elastisch); jassen, mantels, broeken, vrijetijdskledingprogramma voor het voorstikken van knoopsgaten, het afwerkenvan knoopsgaten met een bandje (naaivoet nr. 3A) of zakopenin-gen (naaivoet nr. 3, speciaal toebehoren) 14 Stopprogramma 19 Wafelsteek 20 Quiltsteek/doorpitsteek 10 Standaard knoopsgat 11 Oogknoopsgat 12 Knoopsgat met rechte steken2012 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Gebruikssteken: rechte steek met afhechtprogramma34Afhechtprogramma•voor alle soorten stof•afhechten van naadbegin en -einde•steken achteruit liggen exact op de naadNaadbegin•de naaimachine naait bij naadbegin automatisch een paarafhechtsteken (5 steken vooruit, 5 steken achteruit)•de naaimachine naait verder vooruit met een rechte steekNaadeinde•even op de achteruitnaaiknop boven de naald drukken = de naaimachine naait automatisch een paar afhechtsteken (5 steken achteruit, 5 steken vooruit)•de naaimachine stopt automatisch aan het einde van hetafhechtprogrammaafhechtprogramma nr. 5soort en dikte afhankelijk van de stof (zie blz. 57)katoen/polyesteromhoog (naaipositie)terugtransportvoet nr. 1Steekkeuze:Naald:Garen:Transporteur:Naaivoet:Afhechtprogramma 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
de rijgrichting op elkaarspelden (dit verhindert, dat de lagen stof verschuiven)Rijgen•transporteur naar beneden zetten•stof onder de naaivoet leggen en een steek naaien; draden bijrijgbegin vasthouden•naaiwerk op de gewenste steeklengte naar achteren trekken •een steek naaien, handeling herhalen Afhechten/draden fixeren•bij begin en einde een paar kleine rijgsteken naaienRijgen•gebruik bij het rijgen fijn stopgaren; dit kan later gemakkelijkerworden losgetorndSteekkeuze:Naald:Garen:Transporteur:Naaivoet:RijgsteekTIP 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
37Gebruikssteken: stoppen 37stopprogramma nr. 14soort en dikte afhankelijk van de stof (zie blz. 57)stopgarenomhoog (naaipositie)terugtransportvoet nr. 1knoopsgat-sledevoet nr. 3AStoppen – snelle methode•snel stoppen van versleten plekken of scheuren•«vervangen» van beschadigde dradenStoppen met de terugtransportvoet nr. 1 (stekenteller-automaat)•naald links boven de beschadigde plek in de stof zetten•eerste lengte naaien en naaimachine stopzetten•op de achteruitnaaiknop boven de naald drukken: de lengte isgeprogrammeerd•stopprogramma verder naaien; de naaimachine stopt automatischBij een grote oppervlakte:•de oppervlakte kan door het verschuiven van de stof in de lengte en breedte worden vergroot•programmering uitschakelen m.b.v. de «clr/del»-toetsStoppen met de knoopsgat-sledevoet nr. 3A•alleen bij kleine scheurtjes en beschadigde plekken, met een stoplengte van max.
Gebruikssteken: rits inzetten384rechte steek nr. 1soort en dikte afhankelijk van de stof (zie blz. 57)katoen/polyesteromhoog (naaipositie)ritsvoet nr. 4uiterst rechts of uiterst linksVoorbereiding•rits inrijgen•randen van de stof liggen in het midden van de rits tegen elkaarNaaien•rits aan beide kanten van beneden naar boven vastnaaien, parallel t.o.v. de rand van de stof•naaldstand één keer uiterst rechts, één keer uiterst links instellen•de naaivoet loopt langs de tandjes van de rits•de naald moet net langs de tandjes van de rits in de stof stekenRits inzettenSteekkeuze:Naald: Garen:Transporteur: Naaivoet:Naaldstand:Er kan niet over het lipje vande rits worden genaaid•rits sluiten, tot ong.
39Gebruikssteken: knoopsgatenBelangrijke en praktische informatie over het knoopsgatManuele knoopsgaten markeren•knoopsgatlengtes op degewenste plaats aangeven•knoopsgatvoet nr. 3 (speciaaltoebehoren tegen meerprijs)gebruikenAutomatische knoopsgatenmarkeren•de gehele lengte van éénenkel knoopsgat aangeven•nadat het eerste knoopsgatwerd genaaid, is de lengtegeprogrammeerd•voor alle andere knoopsgatenalleen het beginpunt aan-geven•knoopsgat-sledevoet nr. 3AgebruikenOogknoopsgaten markeren•alleen de lengte van het kor-don aangeven•de lengte van het oog wordtextra genaaidDraadspanning bij knoopsgaten•de onderdraad in de vinger van de spoelhuls rijgen = hogere draadspanning onder•hierdoor lijkt het alsof het knoopsgatkordon aan de bovenkant iets gewelfd is•het knoopsgat zier er perfect uit•een vuldraad verstevigt het knoopsgat en geeft het een mooie vorm (zie blz.
Gebruikssteken: knoopsgaten40Proeflapje•naai het knoopsgat altijd op een proeflapje met de originele stof•gebruik hetzelfde verstevigingsmateriaal als bij het uiteindelijkeknoopsgat (bijv.
vlieseline)•kies hetzelfde soort knoopsgat•naai het knoopsgat in dezelfde richting (in de lengte of dwars)•snijd het knoopsgat open•schuif de knoop door het knoopsgat•corrigeer de lengte van het knoopsgat indien nodigCorrectiesKordonbreedte veranderen:•steekbreedte veranderen•de gewijzigde steekbreedte kan met «clr/del» worden uitgewistSteeklengte veranderen:•een verandering van de steeklengte heeft invloed op beide kordons (de steken liggen dichter op of verder uit elkaar)•de gewijzigde steeklengte kan met «clr/del» worden uitgewistBalans bij automatische en manuele knoopsgatenBij het manuele 6-fase knoopsgat en het knoopsgat met lengte-meting heeft de balans gelijktijdig invloed op beide kordons,omdat beide kordons in dezelfde richting worden genaaid.Let op:Zet de balans na be indiging van de knoopsgaten weer terugënaar de normale stand!Wanneer een knoopsgat dwarst.o.v.
de rand van het naaiwerkmoet worden genaaid, radenwij aan een speciaal nivelleer-plaatje te gebruiken. Dit is als speciaal toebehorentegen meerprijs verkrijgbaar.Het nivelleerplaatje van achteren tussen de stof en denaaivoetzool schuiven tot hettegen het dikkere gedeelte vanhet naaiwerk ligt, nivelleer-plaatje naar voren schuiven.TIP 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
41Gebruikssteken: knoopsgatenAutomatisch standaard knoopsgat met lengtemetingSteekkeuze:Naald:Garen:Transporteur:Naaivoet:Beide knoopsgatkordons worden in dezelfde richting genaaid.Let op:De sledevoet moet plat op het materiaal liggen! Als de sledevoet op een naad ligt, kan de lengte niet exact worden gemeten.standaard knoopsgat nr. 10soort en dikte afhankelijk van de stof (zie blz. 57)katoen/polyesteromhoog (naaipositie)automatische knoopsgat-sledevoet nr. 3AAutomatisch standaard knoopsgat•onderdraad in de vinger van de spoelhuls rijgen (blz. 39)•met de knoopsgat-sledevoet nr. 3A wordt de lengte van hetknoopsgat via de lens op de naaivoet gemeten = het knoopsgatwordt exact gedupliceerd en automatische omschakeling bijmaximale lengte•op het beeldscherm wordt de geactiveerde fase van de knoops-gatvolgorde d.m.v.
Gebruikssteken: knoopsgaten4254321Standaard knoopsgat programmeren 1eerste kordon vooruit naaien, naaimachine stilzetten•op de achteruitnaaiknop boven de naald drukken•«auto» en naaivoet nr. 3A verschijnen op het beeldscherm = de knoopsgatlengte is geprogrammeerdDe naaimachine naait automatisch: 2rechte steken achteruit 3de 1e trens 4het 2e kordon vooruit 5de 2e trens en de afhechtsteken•de naaimachine stopt en schakelt automatisch terug naarknoopsgatbeginKnoopsgatautomaat•alle volgende knoopsgaten worden nu automatisch op dezelfdelengte genaaid (zonder op de achteruitnaaiknop te drukken)•programmering uitwissen m.b.v. de «clr/del»-toets•geprogrammeerde knoopsgaten in het blijvend geheugen opslaan(aanwijzingen op blz. 49)Correcties (zie blz.
40)Balans•bij de knoopsgaten met lengtemeting heeft de balans gelijktijdiginvloed op beide kordons, omdat beide kordons in dezelfde rich-ting worden genaaidMarkeringen•bij de geprogrammeerdeknoopsgaten hoeft u er maaréén te markeren, bij alle volgende knoopsgaten moetalleen nog maar het begin-punt worden aangegeven =een echte tijdbesparingNaaisnelheid•u krijgt het beste resultaatwanneer u met een gemid-delde snelheid naait•de steekdichtheid is mooigelijkmatig wanneer alleknoopsgaten op dezelfdesnelheid worden genaaidNivelleerplaatje voor knoops-gaten (speciaal toebehorentegen meerprijs)Wanneer een knoopsgat dwarst.o.v. de rand van de stof moetworden genaaid, is het raad-zaam een nivelleerplaatje tegebruiken. M.b.v. dit toebeho-ren ligt de sledevoet mooi platop het materiaal. Het resultaatis een mooi en perfect knoops-gat (zie Tip op blz.
43Gebruikssteken: knoopsgatenBeide knoopsgatkordons worden in dezelfde richting genaaid.oogknoopsgat nr. 11soort en dikte afhankelijk van de stof (zie blz. 57)katoen/polyesteromhoog (naaipositie)automatische knoopsgat-sledevoet nr. 3AAutomatisch oogknoopsgat•onderdraad in de vinger van de spoelhuls rijgen (zie blz. 39)•bij het gebruik van de knoopsgat-sledevoet nr. 3A wordt delengte van het knoopsgat automatisch via de lens op de naaivoetgemeten = het knoopsgat wordt exact gedupliceerd en automa-tische omschakeling bij maximale lengteOogknoopsgaten markeren•u hoeft alleen de kordonlengte aan te geven, het oog wordtextra genaaid•op het beeldscherm wordt de geactiveerde fase van de knoops-gatvolgorde d.m.v. knipperen aangegevenSteekkeuze:Naald:Garen:Transporteur:Naaivoet:3AAutomatisch oogknoopsgat met lengtemeting 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Gebruikssteken: knoopsgaten44Exacte duplicaties•geprogrammeerde knoopsgaten worden allemaaleven lang en even mooiMarkeringen•bij de geprogrammeerdeknoopsgaten hoeft u er maaréén te markeren, bij alle volgende knoopsgaten moetalleen nog het beginpuntworden aangegeven = eenechte tijdbesparing!Oogknoopsgaten dubbelgenaaid•in dikke stoffen kunnen oogknoopsgaten dubbel worden genaaid, hierbijwordt het eerste knoopsgatmet een grotere steeklengtegenaaid•na het naaien van het eersteknoopsgat de stof niet verschuiven•steeklengte terugzetten en nogmaals op de voet-weerstand drukkenOogknoopsgat programmeren 1rechte steken vooruit naaien, de naaimachine stilzetten•op de achteruitnaaiknop boven de naald drukken•op het beeldscherm verschijnt «auto» en naaivoet nr.
3A = de knoopsgatlengte is geprogrammeerdDe naaimachine naait automatisch: 2het oog 3het 1e kordon achteruit 4rechte steken vooruit 5het 2e kordon achteruit 6de trens en de afhechtsteken•de naaimachine stopt en schakelt automatisch terug naarknoopsgatbeginKnoopsgatautomaat•alle volgende knoopsgaten worden nu automatisch op dezelfdelengte genaaid (zonder op de achteruitnaaiknop te drukken)•programmering uitwissen m.b.v. de «clr/del»-toets•geprogrammeerde knoopsgaten in het blijvend geheugen opslaan(zie blz. 49)Correcties (zie blz. 40)Balans•bij de manuele knoopsgaten en knoopsgaten met lengtemetingheeft de balans gelijktijdig invloed op beide kordons, omdatbeide kordons in dezelfde richting worden genaaid•bij het oogknoopsgat kan het oog, als dit trekt, m.b.v. de balansworden gecorrigeerd543216TIPLet op:Zet de balans na beëindigingvan de knoopsgaten weerterug op de normale stand!
45Gebruikssteken: knoopsgatenSteekkeuze:Naald:Garen:Transporteur:Naaivoet:alle knoopsgatsoortensoort en dikte afhankelijk van het materiaal (zie blz. 57)katoen/polyesteromhoog (naaipositie)knoopsgatvoet nr. 3 (speciaal toebehoren tegen meerprijs)Voorbereiding•gewenst knoopsgat kiezen•op het beeldscherm verschijnt:–het gekozen knoopsgatnummer (10 of 11)–de aanbevolen naaivoet nr. 3–het knoopsgatsymbool (de eerste fase knippert)•onderdraad in de vinger van de spoelhuls rijgenMaak altijd een proefknoopsgat•gebruik hiervoor de originele stof en het originele verstevigingsmateriaal•knoopsgat in dezelfde richting als het uiteindelijke knoopsgat op de stof naaien (in de lengte of dwars)Let op: Correcties (zie blz.
40)Manuele knoopsgaten (alle soorten)Manuele knoopsgaten zijn geschikt voor eenmalig gebruik of voor het verstellen van bestaande knoopsgaten.Het aantal stappen is afhankelijk van het soort knoopsgat.Een manueel knoopsgat kan niet in het geheugen worden opgeslagen. 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Gebruikssteken: knoopsgaten46Manueel standaard knoopsgat naaienBeide knoopsgatkordons worden in dezelfde richting genaaid.Op het beeldscherm wordt de knoopsgatvolgorde d.m.v. knipperen aangegeven. 1Kordon tot aan de lengtemarkering vooruitnaaien;de naaimachine stilzetten•op de achteruitnaaiknop boven de naald drukken 2Rechte steken achteruitnaaien, de naaimachine op de hoogte van de eerste steek (knoopsgatbegin) stilzetten•op de achteruitnaaiknop boven de naald drukken 3Trens boven en tweede kordon naaien, de naaimachine stilzetten•op de achteruitnaaiknop boven de naald drukken 4Trens onder en afhechtsteken naaien431 2Manueel oogknoopsgat naaienBeide knoopsgatkordons met dezelfde snelheid naaien.Op het beeldscherm wordt de knoopsgatvolgorde d.m.v. knipperen aangegeven.
47Gebruikssteken: knoopsgaten•vuldraad links onder de naai-voet naar voren trekken•uiteinden van de vuldraad inde klemgleuven trekken•knoopsgat naaienNaaien•knoopsgat zoals gewoonlijknaaien, de vuldraad niet vasthouden•de knoopsgatkordons vallenover de vuldraadKnoopsgat met vuldraadVuldraad•een vuldraad verstevigt hetknoopsgat en geeft het eenmooie vorm•de lus van de vuldraad moetaan de kant van het knoops-gat liggen, die de meeste drukvan de knoop moet uithouden(plaats waar de knoop wordtaangenaaid = lus van de vuldraad)•stof overeenkomstig onder denaaivoet leggen•een vuldraad is alleen bij standaard knoopsgaten aan tebevelenVuldraad in naaivoet nr. 3 hangen (speciaal toebehorentegen meerprijs)•naald bij knoopsgatbegin inde stof zetten•naaivoet staat omhoog•vuldraad over het middelstehaakje aan de voorkant vande naaivoet hangen3AVuldraad in de knoopsgat-sledevoet nr.
Gebruikssteken: knoopsgaten48Knoopsgatbijtel (speciaal toebehoren tegen meerprijs)•knoopsgat op een stukje houtleggen•knoopsgatbijtel in het middenvan het knoopsgat zetten•knoopsgatbijtel met de handof met een hamer naar bene-den drukkenVuldraad vastzetten•vuldraad aantrekken tot de lus in de trens verdwijnt•uiteinden van het garen naarde achterkant van de stoftrekken (handnaald gebruiken)•uiteinden aan elkaar knopenof afhechtenKnoopsgat opensnijden•de stof met de achterkant van het tornmesje een beetjeinkerven•het knoopsgat met het torn-mesje vanaf de uiteinden naarhet midden toe opensnijden•beide uiteinden van het garenonder de naaivoet naar achteren trekken (één draad in elke gleuf van de naaivoet)•naaivoet laten zakkenNaaien•knoopsgat zoals gewoonlijknaaien, vuldraad niet vasthouden•de knoopsgatkordons vallenover de vuldraad 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
49Gebruikssteken: knoopsgatenGeprogrammeerde knoopsgaten in het blijvend geheugen opslaan•na het programmeren op de «mem+»-toets drukken•het knoopsgat is in het blijvend geheugen opgeslagenGeprogrammeerde knoopsgaten uit het blijvend geheugen halenGeprogrammeerde knoopsgaten kunnen te allen tijde worden opgeroepen, ookwanneer de naaimachine werd uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontactwerd getrokken.•het gewenste knoopsgat kiezen•op de «mem»-toets drukken•het geprogrammeerde knoopsgat naaien•per knoopsgatsoort kan maar één knoopsgatlengte worden opgeslagen; als een nieuwe lengte met de «mem+»-toets wordt ingevoerd, wordt de vooraf opgeslagen lengte uitgewistGeprogrammeerde knoopsgaten 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Gebruikssteken: knoopaanzetprogramma50knoopaanzetprogramma nr. 13afhankelijk van de afstand tussen de gaatjes van de knoopsoort en dikte afhankelijk van het materiaal (zie blz. 57)katoen/polyesteromlaag (stoppositie)naaivoet nr. 9knoopaanzetvoet nr. 18 (speciaal toebehoren tegen meerprijs)Knopen aanzetten•voor het aannaaien van knopen met 2 en 4 gaatjes•knopen, die alleen als decoratie dienen, worden zonder «steel»aangenaaid•de afstand («steel») tussen de knoop en de stof kan m.b.v. naai-voet nr. 18 naar wens worden ingesteldKnoop aanzetten met naaivoet nr. 9•knoopaanzetprogramma kiezen•de eerste afhechtsteken naaien; draden bij naaibegin vasthouden•afstand tussen de gaatjes m.b.v.
het handwiel controleren enindien nodig, steekbreedte veranderen•programma naaien•de naaimachine stopt automatisch wanneer het programma isbeëindigd en staat meteen weer op het begin van het pro-grammaBegin- en einddraden•de draden zijn reeds afgehecht en kunnen worden afgekniptKnoopaanzetprogramma Steekkeuze:Steekbreedte:Naald:Garen:Transporteur:Naaivoet:Voor meer duurzaamheid•na beëindiging van het naai-werk de bovendraden naar deachterkant halen en aanelkaar knopen 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
51Gebruikssteken: knoopaanzetprogrammaKnoop met 4 gaatjes•eerst over de voorste gaatjesnaaien•de knoop zorgvuldig naarvoren schuiven•het programma opnieuw overde achterste gaatjes naaien•de diagonale verbindingsdradafknippenKnoop aanzetten met naaivoet nr. 18•gewenste «steelhoogte» m.b.v. de schroef op de naaivoet instellen•knoopaanzetprogramma kiezen en zoals bij naaivoet nr. 9 (blz. 50) te werk gaanBegin- en einddraden•de draden zijn reeds afgehecht en kunnen worden afgekniptVoor meer duurzaamheid•na beëindiging van het naaiwerk de bovendraden naar de achterkant trekken en aan elkaar knopenof•met de uiteinden van de bovendraad een «steel» met de handnaaienTIP 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Gebruikssteken: overlocknaad522Rekbare stoffen•gebruik een nieuwe naald,zodat de stof niet wordtbeschadigdNaaien van elastische stoffen•indien nodig, stretchnaald(130/705 H-S) gebruiken = denaald «glijdt» a.h.w. langs devezels van de stofVari-overlocknaadvari-overlocksteek nr. 3soort en dikte afhankelijk van de stof (zie blz. 57)katoen/polyesteromhoog (naaipositie) overlockvoet nr. 2terugtransportvoet nr. 1De overlockvoet nr. 2 werd speciaal voor overlocksteken ontwikkeld. De steek wordt over het staafje van de naaivoetgevormd.
Hierdoor wordt er voldoende garen in de steek verwerkt, zodat de naad goed elastisch is.Gesloten naad•elastische naad in dunne, zachte rekbare stoffen zoals zijden jersey, tricotNaaien•de rand van de stof langs het staafje van de overlockvoet geleiden•de steek wordt over het staafje van de naaivoet gevormd en ligt langs de rand van de stofSteekkeuze:Naald: Garen:Transporteur: Naaivoet:TIP 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
53Gebruikssteken: overlocknaad2dubbele overlocksteek nr. 8soort en dikte afhankelijk van de stof (zie blz. 57)katoen/polyesteromhoog (naaipositie)overlockvoet nr. 2terugtransportvoet nr. 1De overlockvoet nr. 2 werd speciaal voor overlocksteken ontwikkeld. De steek wordt over het staafje van de naaivoetgevormd. Hierdoor wordt er voldoende garen in de steek verwerkt, zodat de naad goed elastisch is.Gesloten naad•overlocknaad in losse, rekbare stoffen en dwarsnaad in gebreidestoffenNaaien•geleid de rand van de stof langs het staafje van de overlockvoetDubbele overlocknaadSteekkeuze:Naald: Garen:Transporteur: Naaivoet:Rekbare stoffen•gebruik een nieuwe naald,zodat de stof niet wordtbeschadigdNaaien van elastische stoffen•indien nodig een stretchnaald(130/705 H-S) gebruiken = denaald «glijdt» a.h.w. langs devezels van de stofTIP 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Gebruikssteken: overlocknaad54Naaldstop onder•heel handig voor het draaienvan het naaiwerk bij ron-dingen (halsopening/armsgat)2vari-overlocksteek nr. 3soort en dikte afhankelijk van de stof (zie blz. 57)katoen/polyesteromhoog (naaipositie)overlockvoet nr. 2terugtransportvoet nr. 1De overlockvoet nr. 2 werd speciaal voor overlocksteken ontwikkeld. De steek wordt over het staafje van de naaivoetgevormd.
Hierdoor wordt er voldoende garen in de steek verwerkt, zodat de naad goed elastisch is.Boord met overlocknaad•voor alle dunne soorten jersey (katoen, synthetische of gemeng-de vezels)Voorbereiding•strook voor de boord op de helft vouwen en strijken•rand van de boord op de halsopening spelden, goede kant vande stof naar buitenNaaien•vari-overlocksteek over de rand naaien•rand van de stof langs het staafje van de overlockvoet laten lopen•de steek valt over het staafje van de naaivoet en ligt langs de randBoord met overlocknaadSteekkeuze:Naald: Garen:Transporteur: Naaivoet:TIPVoorkantAchterkant 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Hoe dunner de naald, des te lager het nummer.Welke naald bij welk garen past, kunt u uit de tabel opmaken.Naald en garen passenTijdens het naaien ligt de draadin de lange gleuf van de naald.Naald en garen passen nietAls de naald te dun is, past dedraad niet goed in de gleuf.Hierdoor ontstaan steekfouten.Naald en naaiwerkToestand van de naaldDe naald moet altijd in onberispelijke staat zijn.Problemen ontstaan wanneerde naald beschadigd is.een kromme naald een botte naald een naaldpunt methaakjes 030529.52.05_0303_a135 a145_NL
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Bernina Activa 145 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Naaimachine Bernina
Handleiding Naaimachine
Nieuwste handleidingen voor Naaimachine