Benning MM6.1 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Benning MM6.1 (56 pagina’s), behorend tot de categorie Multimeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 52 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Benning MM6.1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/56
MM 6-2
600V CAT IV
1000V CAT III
Volt
Sense
VoltSense
AutoV
LoZ
RANGE
Lo/Hi
∆/PEAK HOLD
DBedienungsanleitung
Operating manual
FNotice d‘emploi
EInstrucciones de servicio
Návod k obsluze
Οδηγίες χρήσεως
IIstruzioni d’uso
Gebruiksaanwijzing
Instrukcja obsługi
Инструкция по эксплуатации
индикатора напряжения
Kullanma Talimati
BENNING MM 6-1/ MM 6-2

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Benning
Categorie: Multimeter
Model: MM6.1

Handleiding Benning MM6.1 – volledige tekst

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 44Gebruiksaanwijzing BENNING MM 6-1/ MM 6-2Digitale multimeter voor het meten van: - Gelijkspanning - Wisselspanning - Gelijkstroom - Wisselstroom - Weerstand - Dioden - Stroomdoorgang - Capaciteit - Frequentie - Temperatuur (BENNING MM 6-1)Inhoud1. Opmerkingen voor de gebruiker2. Veiligheidsvoorschriften3. Leveringsomvang4. Beschrijving van het apparaat5. Algemene kenmerken6. Gebruiksomstandigheden7. Elektrische gegevens8. Meten met de BENNING MM 6-1/ MM 6-29. Onderhoud10. Gebruik van de beschermingshoes11. Technische gegevens van veiligheidsmeetkabelset12. Milieu1. Opmerkingen voor de gebruikerDeze gebruiksaanwijzing is bedoeld voor: - Elektriciens - ElektrotechniciDe BENNING MM 6-1/ MM 6-2 is bedoeld voor metingen in droge ruimtes en mag niet worden gebruikt in elektrische circuits met een nominale spanning hoger dan 1000 V DC/ AC.

(zie ook punt 6: „Gebruiksomstandigheden“)In de gebruiksaanwijzing en op de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 worden de vol-gende symbolen gebruikt:Waarschuwing voor gevaarlijke spanning. Verwijst naar voorschriften die in acht genomen moeten worden om gevaar voor de omgeving te vermijden.Let op de gebruiksaanwijzing. Dit symbool geeft aan dat de aanwijzingenin de handleiding in acht genomen moeten worden om gevaar te voorkomen.Dit symbool geeft aan dat de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 dubbel geïsoleerd is (beschermingsklasse II)Dit symbool op de BENNING MM 6-2 duidt op de ingebouwde zekeringenDit symbool op de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 betekent dat de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 in overeenstemming met de EU-richtlijnen is.Dit symbool verschijnt in het scherm bij een te lage batterijspanningDit symbool geeft de instelling "doorgangstest" aan.

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 452. VeiligheidsvoorschriftenDit apparaat is gebouwd en getest volgens de voorschriften:DIN VDE 0411 deel 1/EN 61010-1 DIN VDE 0411 deel 2-033/EN 61010-2-033 DIN VDE 0411 deel 031/EN 61010-031 en heeft, vanuit een veiligheidstechnisch oogpunt, de fabriek verlaten in een perfecte staat. Om deze staat te handhaven en om zeker te zijn van gebruik zonder gevaar, dient de gebruiker goed te letten op de aanwijzingen en waarschuwingen zoals aangegeven in deze gebruiksaanwijzing. Een verkeerd gebruik en niet-naleving van de waarschuwingen kan ernstig letsel of de dood tot gevolg hebben. Wees extreem voorzichtig tijdens het werken met blanke draden of hoofdleidingen. Contact met spanningsvoerende leidingen kan elektrocutie veroorzaken. De BENNING MM 6-1/ MM 6-2 mag alleen worden gebruikt in elektrische circuits van overspanningscategorie III met max.

1000 V of overspanningscategorie IV met max. 600 V ten opzichte van aarde. Gebruik alleen passende meetsnoeren voor deze. Bij metingen binnen de meetcategorie III of de meetcategorie IV mag het uitstekende geleidende gedeelte van een contactpunt op de veiligheidsmeetleidingen niet langer zijn dan 4 mm. Voor metingen binnen de meetcategorie III en de meetcategorie IV moeten de bij de set gevoegde, met CAT III en CAT IV aange-duide opsteekdoppen op de contactpunten worden gestoken. Deze maatregel dient ter bescherming van de gebruiker. Bedenk dat werken aan installaties of onderdelen die onder spanning staan, in principe altijd gevaar kan opleveren. Zelfs spanningen vanaf 30 V AC en 60 V DC kunnen voor mensen al levensgevaarlijk zijn. Elke keer, voordat het apparaat in gebruik wordt genomen, moet het worden gecontroleerd op beschadigingen.

Bij vermoeden dat het apparaat niet meer geheel zonder gevaar kan worden gebruikt, mag het dan ook niet meer worden ingezet, maar zodanig worden opgeborgen dat het, ook niet bij toeval, niet kan worden gebruikt. Ga ervan uit dat gebruik van het apparaat zonder gevaar niet meer mogelijk is:- bij zichtbare schade aan de behuizing en/ of meetsnoeren van het apparaat,- als het apparaat niet meer (goed) werkt,- na langdurige opslag onder ongunstige omstandigheden,- na zware belasting of mogelijke schade ten gevolge van transport of onoor-deelkundig gebruik,- het apparaat of de meetleidingen vochtig zijn,Om gevaar te vermijden- mogen de blanke meetpennen van de veiligheidsmeetsnoe-ren niet worden aangeraakt- moeten de meetsnoeren op de juiste contactbussen van de multimeter worden aangesloten.

Reiniging:Reinig de buitenkant regelmatig met een doek en reinigings-middel en wrijf deze aansluitend goed droog. Gebruik geen schuur- of oplosmiddelen. 3. LeveringsomvangBij de levering van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 behoren: 3. 1 Eén BENNING MM 6-1/ MM 6-2 3. 2 Eén veiligheidsmeetsnoer rood (L = 1. 4 meter) 3. 3 Eén veiligheidsmeetsnoer zwart. (L = 1. 4 meter) 3. 4 Eén temperatuursensor type K (BENNING MM 6-1) 3. 5 Eéen stuk rubberen beschermingsframe met magnetische houder 3. 6 Eén compactbeschermingsetui 3. 7 Eén ingebouwde batterij van 9 V (IEC 6 LR 61) 3. 8 Eén ingebouwde zekering (BENNING MM 6-2) 3. 9 Eén gebruiksaanwijzing.

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 46Opmerking t. a. v. aan optionele toebehor:- Temperatuurvoeler (K-type) gemaakt van V4A-buis Toepassing: Voeler voor weekplastic, vloeistoffen, gas en lucht Meetbereik: - 196 °C tot + 800 °C Afmetingen: L = 210 mm, meetstift L = 120 mm, diameter meetstift Ø 3 mm, V4A (art. Nr. 044121)Opmerking t. a. v. aan slijtage onderhevige onderdelen:- De BENNING MM 6-1/ MM 6-2 wordt gevoed door één batterij van 9 V (IEC 6 LR 61). - Voorts is de BENNING MM 6-2 voorzien van één smeltzekering tegen overbelasting. Één zekering nominale stroom 11 A snel (1000 V), 20 kA, D = 10,3 mm, L = 38,1 mm (Art. Nr. 10016656). - De bovengenoemde veiligheidsmeetkabels (getest toebehoren) voldoen aan CAT III 1000 V/ CAT IV 600 V en zijn toegestaan voor een stroom van 10 A. 4. Beschrijving van het apparaatZie fig. 1: voorzijde van het apparaatHieronder volgt een beschrijving van de in fig.

1 aangegeven informatie- en bedieningselementen. 1 Digitaal display (LCD) voor het aflezen van gemeten waarde en de aandui-ding indien meting buiten bereik van het toestel valt. 2 Aanduiding polariteit. 3 Symbool voor lege batterijen. 4 Functie-toets (blauw). 5 RANGE-toets voor omschakeling (automatisch/ handmatig instellen) 6 Δ/PEAK-toets, relatieve functie resp. piekwaarderegistratie7 Smart HOLD-toets 8 Toets (geel) voor verlichting van het display. 9 Draaischakelaar voor functiekeuze.  Contactbus (positief1) V, Ω, , Hz, μA, (+) (BENNING MM 6-1) resp. voor V, Ω, , Hz (BENNING MM 6-2) COM-contactbus, gezamenlijke contactbus voor stroom-, spannings- en weer standsmeting, frequentietemperatuur en capaciteitsmeting, doorgangs- en diodencontrole. L Contactbus (positief) voor 10 A-bereik, voor stromen tot 10 A. M Rubber beschermingshoes.

1 De numerieke waarden zijn op een display (LCD) 1 af te lezen met 4 cijfers van 15 mm hoog, met een komma voor de decimalen. De grootst mogelijk af te lezen waarde is 6000. 5. 1. 2 De staafdiagramaanduiding bestaat uit 60 segmenten. 5. 1. 3 De polariteitsaanduiding  werkt automatisch. Er wordt slechts één pool t. o. v. de contactbussen aangeduid met “-”. 5. 1. 4 De bereiksoverschrijding wordt met “OL” of “-OL” en gedeeltelijk met een akoestische waarschuwing aangeduid. Let op: geen aanduiding en waarschuwing bij overbelasting. 5. 1. 5 De draaischakelaar 9 dient om de meetfunctie te selecteren. 5. 1. 6 De bereiktoets „RANGE“ 5 dient voor het doorschakelen van het handmatige meetbereik bij het gelijktijdig vervagen van „AUTO“ in de display. Door de toets langer ingedrukt te houden (2 seconden) wordt de automatische bereikkeuze geselecteerd (aanduiding „AUTO“). 5. 1.

7 De Δ/PEAK-toets 6 (relatieve-waardefunctie) registreert de actuele displaywaarde en toont het verschil (offset) tussen de geregistreerde meetwaarde en de volgende meetwaarden op de display. Wordt de Δ/PEAK-toets 6 2 seconden lang ingedrukt, dan schakelt het apparaat in de PEAK-functie (opslaan van topwaarde). De PEAK-functie registreert de positieve en negatieve top-/ amplitude-waarde en slaat die op (> 1 ms) in de functie mV, V AC/ DC en mA, A AC/ DC. Door de toets in te drukken kunnen Pmax, Pmin en de huidige meetwaarde (Pmax, Pmin) worden opgeroepen. Door de toets langer (2 seconden) in te drukken, wordt terug overgeschakeld naar de normale modus. 5. 1. 8 Door het indrukken van de toets “Smart HOLD”  wordt de gemeten waarde in het geheugen opgeslagen.

Als de meetwaarde met 50 digits boven de opgeslagen waarde stijgt, wordt de meetwaardeverandering door een knipperend display 1 en door een signaaltoon aangegeven. (meetwaardeveranderingen tussen AC en DC spanning/ stroom worden niet herkend). Door een herhaald indrukken verdwijnt de “HOLD” en de.

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 47gemeten waarde wordt weer in het scherm afgebeeld. 5. 1. 9 Toets (geel) 8 schakelt de displayverlichting in. Deze wordt automatisch na 2 minuten of door opnieuw op de toets te drukken weer uitgeschakeld. 5. 1. 10 De functie-toets (blauw) 4 kiest de tweede functie van de draaischake-laarinstelling. Schakelaarinstelling FunctieHz ► HzΩ ► ► Hz ► Hz ► °C ► °F5. 1. 11 De meetfrequentie van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 bij cijferweer-gave bedraagt gemiddeld 2 metingen per seconde. 5. 1. 12 De BENNING MM 6-1/ MM 6-2 wordt in- en uitgeschakeld met de draai-schakelaar . Uitschakelstand is “OFF”. 5. 1. 13 Na ca. 20 minuten in rust schakelt de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 zich zelf automatisch uit. (APO, Auto Power Off). Deze wordt opnieuw inge-schakeld bij het indrukken van een toets.

De automatische uitschakeling kan gedeactiveerd worden door de functie-toets (blauw) 4 in te drukken en tegelijkertijd de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 uit de schakelaarinstel-ling “OFF” in te schakelen. 5. 1. 14 De segmenten van de digitale aanduiding kunnen getest worden door de “Smart HOLD”-toets 7 in te drukken en tegelijkertijd de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 uit de schakelaarinstelling “OFF” in te schakelen. 5. 1. 15 De temperatuurcoëfficiënt van de gemeten waarde: 0,1 x (aangegeven nauwkeurigheid van de gemeten waarde)/ °C < 18 °C of > 28 °C, t. o. v. de waarde bij een referentietemperatuur van 23 °C. 5. 1. 16 De BENNING MM 6-1/ MM 6-2 wordt gevoed door één batterij van 9 V (IEC 6 LR61). 5. 1. 17 De batterijstand 3 geeft op maximaal 3 segmenten permanent de resterende batterijcapaciteit aan.

Zodra alle segmenten van het batterijsymbool weggevallen zijn en het batterijsymbool knippert, dient u onmiddellijk de batterij door een nieuwe te vervangen om een gevaar voor de mens door foutieve metingen te voorkomen. 5. 1. 18 De levensduur van een batterij (alkaline) bedraagt ca. 200 uur5. 1.

19 Afmetingen van het apparaat: L x B x H = 156 x 74 x 43 mm (zonder beschermingshoes). L x B x H = 163 x 82 x 50 mm (met beschermingshoes). Gewicht: 290 gram (zonder beschermingshoes). 410 gram (met beschermingshoes). 5. 1. 20 De meetsnoeren zijn nadrukkelijk alleen bedoeld voor het meten van de voor de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 genoemde nominale spanning en stroom. 5. 1. 21 De BENNING MM 6-1/ MM 6-2 wordt beschermd tegen mechani-sche be scha digingen door een rubber beschermingshoes M. Het rubberen beschermingsframe M maakt het mogelijk om de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 tijdens de metingen op te stellen of met de geïntegreerde magneet te bevestigen. 6. Gebruiksomstandigheden- De BENNING MM 6-1/ MM 6-2 is bedoeld om gebruikt te worden voor metingen in droge ruimtes. - Barometrische hoogte bij metingen: 2000 m maximaal.

- Categorie van overbelasting/ installatie: IEC 60664/ IEC 61010-1 → 1000 V categorie III, 600 V categorie IV - Beschermingsgraad: IP 30 (DIN VDE 0470-1 IEC/ EN 60529). Betekenis IP 30: Het eerste cijfer (3); Bescherming tegen binnendringen van stof en vuil > 2,5 mm in doorsnede, (eerste cijfer is bescherming tegen stof/ vuil). Het tweede cijfer (0); Niet beschermd tegen water, (tweede cijfer.

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 48is waterdichtheid). Beschermingsgraad stofindringing: 2- Werktemperatuur en relatieve vochtigheid: Bij een omgevingstemperatuur van 0 °C tot 30 °C: relatieve vochtigheid van de lucht < 80 %. Bij een omgevingstemperatuur van 30 °C tot 40 °C: relatieve vochtigheid van de lucht < 75 %. Bij een omgevingstemperatuur van 40 °C tot 50 °C: relatieve vochtigheid van de lucht < 45 %. - Opslagtemperatuur: de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 kan worden opgeslagen bij temperaturen van - 20 °C tot + 60 °C met een relatieve vochtigheid van de lucht < 80 %. Daarbij dient wel de batterij verwijderd te worden. 7. Elektrische gegevensOpmerking: De nauwkeurigheid van de meting wordt aangegeven als som van: - een relatief deel van de meetwaarde. - een aantal digits. Deze nauwkeurigheid geldt bij temperaturen van 18 °C tot 28 °C bij een relatieve vochtigheid van de lucht < 80 %.

De waarde wordt gemeten als echte effectieve waarde en als zodanig aange-geven (True RMS, AC-koppeling). Blokgolfsignalen zijn niet gespecificeerd. Bij niet sinusvormige signaalprofielen wordt de uitkomst onnauwkeuriger. Daardoor ontstaat voor de volgende Crestfactoren een extra afwijking: Crestfactor 1,0 tot 2,0: extra afwijking + 3,0 %. Crestfactor 2,0 tot 2,5: extra afwijking + 5,0 % Crestfactor 2,5 tot 3,0: extra afwijking + 7,0 % (geldig tot 4000 digits)7. 1 Meetbereik bij gelijkspanning DCDe ingangsweerstand bedraagt 10 MΩ. Beveiliging tegen overbelasting: 1000 VAC/DCMeetbereik OL-weergave Resolutie Nauwkeurigheid v. d. meting6,000 V 6,600 V 0,001 V ± (0,5 % meetwaarde + 5 digits)60,00 V 66,00 V 0,01 V ± (0,5 % meetwaarde + 5 digits)600,0 V 660,0 V 0,1 V ± (0,5 % meetwaarde + 5 digits)7. 1. 1 Meetbereik bij gelijkspanning mV DCDe ingangsweerstand bedraagt 10 MΩ.

meting600,0 Ω 660,0 Ω 0,1 Ω ± (0,9 % meetwaarde + 8 digits) 6,000 kΩ 6,600 kΩ 0,001 kΩ ± (0,9 % meetwaarde + 5 digits)60,00 kΩ 66,00 kΩ 0,01 kΩ ± (0,9 % meetwaarde + 5 digits)600,0 kΩ 660,0 kΩ 0,1 kΩ ± (0,9 % meetwaarde + 5 digits)6,000 MΩ 6,000 MΩ 0,001 MΩ ± (0,9 % meetwaarde + 5 digits)40,00 MΩ 40,00 MΩ 0,01 MΩ ± (1,5 % meetwaarde + 8 digits)** Meetwaarden > 10 MΩ kunnen een aanstaan van de aanduiding (max. ± 50 digits) veroorzaken7. 7 DiodecontroleBeveiliging tegen overbelasting: 1000 VAC/DCMaximale nullast spanning: 1,8 VMeetbereik OL-weergave Resolutie Nauwkeurigheid v. d. meting1,500 V 1,550 V 0,001 V ± (0,9 % meetwaarde + 5 digits)7. 8 DoorgangstestOverbelastingsbeveiliging: 1000 VAC/ DCDe ingebouwde zoemer geeft een akoestisch signaal bij een weerstand R < 20 Ω tot 200 Ω. Het alarmsignaal gaat uit bij een weerstand R > 200 Ω.

12 PEAK HOLD voor AC V/ AC ABij de aangegeven meetnauwkeurigheid moeten ± 150 digits worden gevoegd. Blokgolfsignalen zijn niet gespecificeerd. 8. Meten met de BENNING MM 6-1/ MM 6-28. 1 Voorbereiden van metingen. - Gebruik en bewaar de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 uitsluitend bij de aange-geven werk- en opslagtemperaturen. Niet blootstellen aan direct zonlicht. - Controleer de gegevens op de veiligheidsmeetsnoeren ten aanzien van nominale spanning en stroom. Origineel met de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 mee ge le verde snoersets voldoen aan de te stellen eisen. - Controleer de isolatie van de veiligheidsmeetsnoeren. Beschadigde meets-noeren direct verwijderen. - Veiligheidsmeetsnoeren testen op correcte doorgang. Indien de ader in het snoer onderbroken is, het meetsnoer direct verwijderen.

- Voor dat met de draaischakelaar  een andere functie gekozen wordt, dienen de meetsnoeren van het meetpunt te worden afgenomen. - Storingsbronnen in de omgeving van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 kunnen leiden tot instabiele aanduiding en/ of meetfouten. 8. 2 Spannings- en stroommetingLet op de maximale spanning t. o. v. aarde. Gevaarlijke spanning.

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 51De hoogste spanning die aan de contactbussen- COM bus - bus (+) voor V, Ω, , Hz, μA, (BENNING MM 6-1) resp. voor V, Ω, , Hz J (BENNING MM 6-2)- bus voor 10 A bereik L (BENNING MM 6-2)van de multimeter BENNING MM 6-1/ MM 6-2 ligt t. o. v. aarde, mag maximaal CAT III 1000 V bedragen. 8. 2. 1 Spanningsmeting- Kies met de draaiknop  de gewenste instelling ( , , ). - Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de meetpunten van het circuit en lees de gemeten waarde af in het display 1 van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2Zie fig. 2: meten van gelijkspaningZie fig. 3: meten van wisselspanning8. 2. 2 Stroommeting- Kies met de draaiknop  het gewenste bereik (A AC/DC of µA AC/DC).

- Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2. - De rode veiligheidsmeetleiding met de bus voor A-bereik L (tot 10 A AC/DC) op BENNING MM 6-2 of met de bus voor V, Ω, Hz, µA AC/DC, ,  (tot 600 μA DC) aansluiten op BENNING MM 6-1. - In de functie ( ) met de toets (blauw) 4 op BENNING MM 6-1 het te meten stroomtype gelijkstroom (DC) of wisselstroom (AC) kiezen. - Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de meetpun-ten van het circuit en lees gemeten waarde af in het display 1 van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2. Zie fig. 4: meten van gelijkstroomZie fig. 5: meten van wisselstroom8. 3 Weerstandsmeting- Kies met de draaiknop  de gewenste instelling (Ω, )- Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2.

- Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus J van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de meetpunten van het circuit en lees de gemeten waarde af in het display 1 van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2Zie fig. 6: weerstandsmeting8. 4 Diodecontrole- Kies met de draaiknop  de gewenste instelling ( , ). - Met de blauwe toets 4 van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 omschakelen naar diodecontrole ( ).

- Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de aansluitpun-ten van de diode en lees de gemeten waarde af in het display 1 van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Voor een normale, in stroomrichting gemonteerde Si-diode wordt een stroom spanning van 0,4 V tot 0,8 V aangegeven. De aanduiding “000 V” wijst op een kortsluiting in de diode. - Wordt geen fluxsprong vastgesteld, dan eerst de poling van de diode testen. Wordt ook daarna geen fluxsprong gemeld, dan ligt de fluxsprong van de diode buiten de meetgrenzen. Zie fig. 7: diodecontrole8. 5 Doorgangstest met zoemer en rode led- Kies met de draaiknop  de gewenste instelling (Ω, ).

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 52het circuit. Als de leidingweerstand tussen de COM-bus  en de bus  de waarde 20 Ω tot 200 Ω onderschrijdt, geeft in de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 de ingebouwde zoemer een signaal en gaat de rode led N oplichten. Zie fig. 8: doorgangstest met zoemer8. 6 CapaciteitsmetingVoor capaciteitsmetingen dienen de condensatoren volledig ontladen te zijn. Er mag nooit spanning gezet worden op de contactbussen voor capaciteitsmeting. Het apparaat kan daardoor beschadigd worden of defect raken. Een beschadigd apparaat kan spanningsgevaar opleveren. - Kies met de draaiknop  de gewenste instelling ( ). - Stel de polariteit vast van de condensator en ontlaad de condensator.

- Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren overéénkomstig po la-riteit aan de ontladen condensator en lees de gemeten waarde af in het display 1 van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2Zie. fig. 9: capaciteitsmeting8. 7 Frequentiemeting- Met de draaischakelaar 9 de gewenste functie ( , Hz) op de BENNING MM 6-1 of de functie ( Hz of Hz) op de BENNING MM 6-2 kiezen. - Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Voor de frequentiemeting in het spanningsbereik de rode veiligheidsmeetlei-ding op de bus  van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 aansluiten en met de toets (blauw) 4 omschakelen naar de frequentiemeting (Hz).

- Let op de minimale gevoeligheid voor frequentiemetingen met de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de meetpunten van het circuit en lees de gemeten waarde af in het display 1 van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2Zie fig. 10: frequentiemeting8. 8 Temperatuurmeting (BENNING MM 6-1)- Kies met de draaiknop  de gewenste instelling ( )- Met de toets (blauw) 4 de omschakeling naar °F resp. °C uitvoeren. - De temperatuursensor (type K) in de bus COM K en de bus  via de juiste polen met elkaar verbinden. - Leg het contactpunt (uiteinde van de sensorkabel) aan de te meten plaats en lees de gemeten waarde af in het display 1 van de BENNING MM 6-1. Zie fig. 11: temperatuurmeting8. 9 SpanningsindicatorDe spanningsindicatorfunctie kan niet gebruikt worden voor het vaststellen van de spanningsvrijheid.

Ook zonder akoes-tische of optische signaalmelding kan een gevaarlijke aanra-kingsspanning bestaan. Elektrisch gevaar. - Kies met de draaiknop 9 de gewenste instelling (VoltSense). - Met de toets (blauw) 4 omschakelen naar Hi (hoge gevoeligheid) of Lo (lage gevoeligheid). - De spanningsindicatorfunctie heeft geen meetdraden nodig (aan-raakvrije registratie van een wisselveld). In het kopgedeelte van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 zit de opnamesensor. Als een fasespanning wordt gelokaliseerd, weerklinkt een geluidssignaal en de rode LED N in de kop van het toestel licht op. Indicatie alleen in geaarde wisselstroomnetten. Praktijktip:onderbrekingen (kabelbruggen) in openliggende kabels, bijv. kabelhaspels, licht-slang, etc. zijn van de voedingsbron (fase) tot de onderbrekingsplek te volgen. Functiebereik: ≥ 230 VZie fig. 12: spanningsindicator met zoemer8. 9.

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 53- Met de toets (blauw) 4 omschakelen naar Hi (hoge gevoeligheid) of Lo (lage gevoeligheid). - Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus J voor V van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2. - Het veiligheidsmeetsnoer inpluggen met het meetpunt. - Wanneer een geluidssignaal weerklinkt en de rode LED N oplicht, staat op dit meetpunt (installatieonderdeel) de fase van een geaarde wisselspanning. 9. OnderhoudDe BENNING MM 6-1/ MM 6-2 mag nooit onder spanning staan als het apparaat geopend wordt. Gevaarlijke spanning. Werken aan een onder spanning staande BENNING MM 6-1/ MM 6-2 mag uit-sluitend gebeuren door elektrotechnische specialisten, die daarbij de nodi-ge voorzorgsmaatregelen dienen te treffen om ongevallen te voorkomen. - Maak de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 dan ook spanningsvrij, alvorens het apparaat te openen.

- Ontkoppel de veiligheidsmeetsnoeren van het te meten object. - Neem de veiligheidsmeetsnoeren af van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2. - Zet de draaischakelaar  in de positie “Off”9. 1 Veiligheidsborging van het apparaatOnder bepaalde omstandigheden kan de veiligheid tijdens het werken met de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 niet meer worden gegarandeerd, bijvoorbeeld in geval van:- Zichtbare schade aan de behuizing- Meetfouten- Waarneembare gevolgen van langdurige opslag onder verkeerde omstan-digheden - TransportschadeIn dergelijke gevallen dient de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 direct te worden uitgeschakeld en niet opnieuw elders te worden gebruikt. 9. 2 ReinigingReinig de behuizing aan de buitenzijde met een schone, droge doek. (speciale reinigingsdoeken uitgezonderd). Gebruik geen oplos- en/ of schuurmiddelen om de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 schoon te maken.

Let er in het bijzonder op dat het batterijvak en de batterijcontacten niet vervuilen door uitlopende batterijen. Indien toch verontreiniging ontstaat door elektrolyt of zich zout afzet bij de batterij en/ of in het huis, dit eveneens verwijderen met een droge, schone doek. 9.

3 Het wisselen van de batterijVoor het openen van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 moet het apparaat spanningsvrij zijn. Gevaarlijke spanning. De BENNING MM 6-1/ MM 6-2 wordt gevoed door één blokbatterij van 9 V (IEC 6 LR 61). Het vervangen van de batterij (zie afbeelding 13) is noodzakelijk zodra alle segmenten in het batterijsymbool 3 verdwenen zijn en het batterijsymbool knippert. De batterijen worden als volgt verwisseld: - Ontkoppel de veiligheidsmeetsnoeren van het te meten circuit- Neem de veiligheidsmeetsnoeren af van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Zet de draaischakelaar  in de positie “Off”- Neem de rubber beschermingshoes M af van de BENNING MM 6-1/ MM 6-2- Leg het apparaat op de voorzijde en draai de schroef met de sleufkop, uit het deksel van het batterijvak- Neem het deksel van het batterijvak uit de achterwand.

- Neem de batterij uit het batterijvak en maak de aansluitdraden van de bat-terij voorzichtig los. - Verbind de aansluitdraden weer op de juiste manier met de nieuwe batterij en leg deze op de juiste plaats in het apparaat. Let er daarbij op dat de aansluitdraden niet tussen de behuizing geklemd worden. - Klik het deksel weer op de achterwand en draai de schroef er weer in. - Plaats de rubber beschermhoes M weer op de BENNING MM 6-1/ MM 6-2Zie fig. 13: vervanging van de batterijGooi lege batterijen niet weg met het gewone huisvuil, maar lever ze in op de bekende inzamelpunten. Zo levert u opnieuw een bijdrage voor een schoner milieu.

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 549. 4 Het wisselen van de zekeringen (BENNING MM 6-2)Voor het openen van de BENNING MM 6-2 moet het apparaat spanningsvrij zijn. Gevaarlijke spanning. De BENNING MM 6-2 wordt door één ingebouwde snelle smeltzekering (zeke-ring 11 A) beschermd tegen overbelasting (zie fig. 14) De zekering wordt als volgt gewisseld: - Ontkoppel de veiligheidsmeetsnoeren van het te meten circuit- Neem de veiligheidsmeetsnoeren af van de BENNING MM 6-2- Zet de draaischakelaar  in de positie “Off”- Neem de rubber beschermingshoes M af van de BENNING MM 6-2- Plaats de BENNING MM 6-2 op de voorzijde en draai de vier buitenste schroeven (zwart) uit het onderstuk (behuizingsbodem). Geen schroeven losdraaien van de printplaat van de BENNING MM 6-2.

- Til de achterwand van het apparaat aan de onderkant omhoog en neem het vervolgens aan de bovenkant af van het voorste deel van de behuizing- Til de defecte zekering aan één kant uit de zekeringhouder - Neem de defecte zekering uit de zekeringhouder- Plaats een nieuwe zekering met dezelfde nominale spanning, smeltsnelheid en met dezelfde afmetingen- Positioneer de zekering in het midden van de houder- Klik de achterplaat weer op de behuizing en draai de vier schroeven er weer in- Klik het batterijdeksel weer op de achterwand en draai de schroef er weer in- Plaats de rubber beschermingshoes M weer op de BENNING MM 6-2. Zie fig. 14: wisselen van zekeringen 9. 5 IjkingBenning garandeert de inachtneming van de in de bedieningshandleiding ver-melde technische specicaties en nauwkeurigheidsgegevens voor het eerste jaar na datum van levering.

Gebruik van de rubber beschermingshoes- U kunt de veiligheidsmeetsnoeren opbergen als u deze om de rubber beschermingshoes M wikkelt en de meetpennen van de meetsnoeren beschermd in de hoes vastklikt (zie fig. 15)- U kunt een veiligheidsmeetsnoer ook zodanig in de beschermingshoes  klikken, dat de contactpunt vrij komt te staan en deze, samen met de BENNING MM 6-1/ MM 6-2, naar een meetpunt kan worden gebracht. - Een steun aan de achterzijde van de beschermingshoes  maakt het mogelijk de BENNING MM 6-1/ MM 6-2 schuin neer te zetten (zie fig. 16)- Het rubberen beschermingsframe M is uitgerust met een magneet, die voor een ophangmogelijkheid kan worden gebruikt. Zie fig. 15: wikkelen van de veiligheidsmeetsnoerenZie fig 16: opstelling van de BENNING MM 6-1/ MM 6-211. Technische gegevens van veiligheidsmeetkabelset- Norm: EN 61010-031- Maximale meetspanning t. o. v.

de aarde () en meetcategorie: Met opsteekdop: 1000 V CAT III, 600 V CAT IV, Zonder opsteekdop: 1000 V CAT II,- Meetbereik max. : 10 A- Beschermingsklasse II (), doorgaans dubbel geïsoleerd of versterkte isola-tie- Vervuilingsgraad: 2- Lengte: 1,4 m, AWG 18,- Omgevingsvoorwaarden: metingen mogelijk tot H = 2000 m, temperatuur: 0 °C tot + 50 °C, vochtigheidsgraad 50 % tot 80 %,- Gebruik de veiligheidsmeetkabelset alleen indien ze in een goede staat is en volgens deze handleiding, anders kan de bescherming verminderd zijn.

02/ 2016 BENNING MM 6-1/ 6-2 55- Gebruik de veiligheidsmeetkabelset niet als de isolatie is beschadigd of als er een beschadiging/ onderbreking in de kabel of stekker is.- Raak tijdens de meting de blanke contactpennen niet aan. Alleen aan de handvaten vastpakken!- Steek de haakse aansluitingen in het te gebruiken BENNING meetapparaat.12. MilieuWij raden u aan het apparaat aan het einde van zijn nuttige levensduur, niet bij het gewone huisafval te deponeren, maar op de daarvoor bestemde adressen.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Benning MM6.1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden