AEG Electrolux 60120 GS Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG Electrolux 60120 GS (24 pagina’s), behorend tot de categorie Vrieskast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 35 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over AEG Electrolux 60120 GS of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | AEG Electrolux |
| Categorie: | Vrieskast |
| Model: | 60120 GS |
Handleiding AEG Electrolux 60120 GS – volledige tekst
2Geachte klant,Lees eerst aandachtig de gebruiksaanwijzing door voordat u uw nieu-we koelapparaat in gebruik neemt. Hierin staat belangrijke informatieover een veilig gebruik, over het opstellen en over het onderhoud vanhet apparaat.De gebruiksaanwijzing s.v.p. bewaren om later nog eens iets na te kun-nen lezen. Aan eventuele volgende bezitters van het apparaat doorge-ven. Deze gebruiksaanwijzing is voor meerdere, technisch vergelijkbaremodellen in diverse uitvoeringen bestemd. S.v.p. alleen op de aanwij-zingen letten die op uw apparaat betrekking hebben.Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden(Waarschuwing!, Voorzichtig!, Let op!) wordt de aandacht gevestigdop aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het juistfunctioneren van het apparaat. Hier absoluut op letten.☞1. Dit symbool leidt u stap voor stap door de bediening van het apparaat.2.
....Na dit symbool wordt uitleg gegeven over de bediening en het prak-tisch gebruik van het apparaat.Met het klaverblad worden tips en aanwijzingen voor een economischen milieuvriendelijk gebruik van het apparaat aangegeven.Verklaringen van vaktermen die in de gebruiksaanwijzing gebruiktworden, vindt u aan het eind in het hoofdstuk "Vaktermen".Voor eventueel optredende storingen staan in de handleiding aanwij-zingen om deze zelf op te lossen, zie hoofdstuk "Wat te doen als...". Alsdeze aanwijzingen niet voldoende informatie bieden staat onze servi-ce-afdeling u te allen tijde ter beschikking.Gedrukt op milieuvriendelijk vervaardigd papierwie ecologisch denkt, handelt ook zo ...
3InhoudVeiligheid. 4Weggooien. 6Informatie over de verpakking van het apparaat. 6Weggooien van oude apparaten. 6Transportbescherming verwijderen. 7Opstellen. 7Opstelplaats. 7Apparaat richten. 8Het apparaat heeft lucht nodig. 8Overzetten van het deurscharnier. 9Elektrische aansluiting. 10Beschrijving van het apparaat. 10Vooraanzicht. 10Voor ingebruikname. 11Bedienings- en controle-inrichting. 11Temperatuurwaarschuwing. 12Functiestoringen. 12In gebruik nemen en temperatuurregeling. 13Apparaat uitschakelen. 13Invriezen en diepvriesproducten bewaren. 14Symbolen bewaarde producten/Diepvrieskalender. 16Maken van ijsblokjes. 16Ontdooien. 16Reiniging en onderhoud. 17Magnetische deursluiting. 18Tips om energie te besparen. 19Wat te doen als. 19Hulp bij storingen. 19Geluiden tijdens de werking. 21Bepalingen, normen, richtlijnen. 22Vaktermen. 23.
4VeiligheidDe veiligheid van onze koelapparaten voldoet aan de Europese enNederlandse normen. Desondanks zien wij ons genoodzaakt u met devolgende veiligheidsaanwijzingen vertrouwd te maken:Toepassing volgens de voorschriften• Het apparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd. Het is geschiktvoor het invriezen en diepgevroren bewaren van levensmiddelen envoor het maken van ijs. Als het apparaat voor andere doeleindengebruikt wordt kan de fabrikant geen verantwoording nemen vooreventuele schade. • Constructieve wijzigingen of veranderingen aan het apparaat zijn uitveiligheidsoverwegingen niet toegestaan. • Als het apparaat commercieel of voor andere doeleinden dan voorhet diepgevroren bewaren en invriezen van levensmiddelen gebruiktwordt, s. v. p. letten op de hiervoor van kracht zijnde wettelijke bepa-lingen.
Voordat het apparaat voor de eerste keer in gebruik genomen wordt• Controleer het diepvriesapparaat op transportschade. Een beschadigdapparaat in geen geval aansluiten. Wend u in geval van schade totde leverancier. • Overtuig u er van dat het apparaat na de installatie niet op het aan-sluitsnoer staat. Belangrijk: Het aansluitsnoer mag alleen door vak-mensen vervangen worden; deze onderdelen zijn verkrijgbaar bij defabrikant of onze service-afdeling. KoelmiddelenHet apparaat bevat in het koelvloeistofcircuit de koelvloeistof isobu-taan (R600a), een natuurlijk, zeer milieuvriendelijk gas, dat echter welbrandbaar is. •Waarschuwing - Bij het transport en het opstellen van het apparaaterop letten dat geen onderdelen van het koelvloeistofcircuit bescha-digd worden.
• Bij beschadiging van het koelvloeistofcircuit:– open vuur en brandhaarden absoluut vermijden;– het vertrek waar het apparaat staat goed ventileren. Veiligheid van kinderen• Verpakkingsdelen (bijv. folies, piepschuim) kunnen voor kinderengevaarlijk zijn. Verstikkingsgevaar. Verpakkingsmateriaal van kinderenweghouden. • Oude apparaten voor het weggooien onbruikbaar maken.
Veiligheid5wezige snap– of grendelsloten verwijderen of kapotmaken. Daardoorwordt voorkomen dat spelende kinderen in het apparaat opgeslotenraken (verstikkingsgevaar. ) of in andere levensgevaarlijke situatiesterecht komen. • Kinderen kunnen gevaren die in het omgaan met huishoudelijkeapparaten schuilen vaak niet herkennen. Zorg daarom voor het nodi-ge toezicht en laat kinderen niet met het apparaat spelen. In het dagelijks gebruik•Bussen of flessen met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen lekraken door de inwerking van koude. Explosiegevaar. Leg geen bussenof flessen met brandbare stoffen zoals spuitbussen, navullingen vooraanstekers etc. in het vriesapparaat. • Flessen en blikken mogen niet in de vriesruimte. Ze kunnen springenals de inhoud bevriest – bij koolzuurhoudende inhoud zelfs explode-ren. Leg nooit limonades, sappen, bier, wijn, champagne etc. in devriesruimte.
Uitzondering: sterke drank met een zeer hoog alcohol-percentage kan in de vriesruimte gelegd worden. • Consumptie-ijs en ijsblokjes niet direct vanuit de vriesruimte in demond steken. Zeer koud ijs kan aan de lippen of de tong vastvriezenen verwondingen veroorzaken. • Niet met natte handen aan diepvriesartikelen komen. De handenkunnen daaraan vastvriezen. •Waarschuwing - Geen elektrische apparaten (bijv. elektrische ijsma-chines, mixers etc. ) in het koelapparaat gebruiken. •Waarschuwing - Om het functioneren van het apparaat niet nadeligte beïnvloeden, mogen de ventilatie-openingen van het apparaat ofhet inbouwmeubel niet worden afgedekt of versperd. •Waarschuwing - Voor bespoedigen van het ontdooiproces geenmechanische voorzieningen of andere kunstmatige middelen gebrui-ken die niet door de fabrikant worden aanbevolen.
•Waarschuwing -Als u boven op het apparaat bevroren productenlegt kan zich door de kou in de holle ruimte van het bovenblad con-denswater vormen. In deze holle ruimte zitten elektronische onder-delen.
Als er condenswater op deze onderdelen druppelt, kan kort-sluiting het apparaat beschadigen. Leg daarom geen bevroren pro-ducten boven op het apparaat. • Voor het schoonmaken het apparaat altijd uitschakelen en de stekkeruit het stopcontact trekken of de zekering in de huisinstallatie uit-schakelen. • De stekker altijd aan de stekker zelf uit het stopcontact trekken,nooit aan het snoer.
6Bij storing• Als er een storing aan het apparaat optreedt eerst in de gebruiksaan-wijzing kijken onder “Wat te doen als ...”. Als de daar gegeven aan-wijzingen niet verder helpen zelf verder geen werkzaamheden aanhet apparaat uitvoeren.• Koelapparaten mogen alleen door vakmensen gerepareerd worden.Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren ontstaan. Wendu bij reparaties tot uw vakhandel of tot onze service-afdeling.WeggooienInformatie over de verpakking van het apparaatGooi het verpakkingsmateriaal van uw apparaat op de juiste wijze weg.Alle gebruikte materialen zijn niet schadelijk voor het milieu en kun-nen hergebruikt worden!De materialen: de kunststoffen kunnen ook opnieuw gebruikt wordenen hebben de volgende aanduidingen:>PE< voor polyethyleen, bijv. bij de buitenste verpakking en de zakkenbinnenin.>PS< voor schuimpolystyreen, bijv.
bij de bekledingsdelen, volkomenCFK-vrij.De kartonnen delen zijn van oud papier gemaakt en moeten ook weerin een container voor oud papier gedeponeerd worden.Weggooien van oude apparatenWegens milieuredenen dienen koelapparaten vakkundig ontmanteld teworden. Dit geldt voor uw huidige apparaat en - als het ook aan ver-vanging toe is - ook voor uw nieuwe apparaat.Waarschuwing! Apparaten die hun tijd gehad hebben onbruikbaarmaken voordat ze weggegooid worden. Stekker uit het stopcontacttrekken, aansluitsnoer doorknippen, eventuele snap- of grendelslotenverwijderen of kapotmaken.
Hierdoor wordt voorkomen dat spelendekinderen in het apparaat opgesloten worden (verstikkingsgevaar!) of inandere levensgevaarlijke situaties terechtkomen.Aanwijzingen voor het weggooien:• Het apparaat mag niet bij het huis- of grofvuil gezet worden.• Het koelvloeistofcircuit, in het bijzonder de warmtewisselaar aan deachterkant, mag niet beschadigd worden.
7• Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop datdit product niet als huishoudafval mag worden behandeld. Het moetechter naar een plaats worden gebracht waar elektrische en elektro-nische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit pro-duct op de correcte manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijkvoor mens en milieu negatieve gevolgen die zich zouden kunnenvoordoen in geval van verkeerde afvalbehandeling. Voor meer detailsin verband met het recyclen van dit product, neemt u het best con-tact op met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienstbelast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel waar uhet product hebt gekocht.Transportbescherming verwijderenHet apparaat en de onderdelen van het interieur zijn voor het trans-port beschermd.☞1. Plakband links en rechts aan de buitenkant van de deur er af trekken.2.
Alle plakband en bekledingsdelen uit het interieur verwijderen.OpstellenOpstelplaatsHet apparaat in een goed geventileerde en droge ruimte neerzetten.De omgevingstemperatuur heeft invloed op het stroomverbruik.Het apparaat daarom– niet aan directe straling van de zon blootstellen;– niet bij radiatoren, naast een fornuis of andere warmtebronnen plaatsen;– alleen op een plaats neerzetten waarvan de omgevingstemperatuurovereenkomt met de klimaatklasse waarvoor het apparaat is ont-worpen.De klimaatklasse staat op het typeplaatje dat zich links aan de binnen-kant van het apparaat bevindt.
Opstellen8Apparaat richtenHet apparaat moet waterpas en stabiel staan. Eventuele oneffenhedenin de vloer compenseren door in- of uitdraaien van de twee stelvoetjesvoor.De volgende tabel geeft aan welke omgevingstemperatuur bij welkeklimaatklasse behoort:Als het onvermijdelijk is het apparaat naast een warmtebron te plaat-sen, aan weerszijden minimaal de volgende afstanden aanhouden:– tot elektrische fornuizen 3 cm;– tot olie- en kolenfornuizen 30 cm.Als men zich niet aan deze afstanden kan houden, is een warmte-isole-rende plaat tussen kachel en koelapparaat aan te bevelen.
Als het koelapparaat naast een ander koel- of diepvriesapparaat staat,is een afstand van 5 cm aan weerszijden aan te bevelen, zodat zichgeen condens vormt aan de buitenkant van de apparaten.Klimaatklasse voor een omgevingstemperatuur vanSN +10 tot +32 °CN+16 tot +32 °CST +18 tot +38 °CT+18 tot +43 °CHet apparaat heeft lucht nodigHet apparaat behoeft geen onderhoud. Watechter nooit mag ontbreken is een goede ven-tilatie.De luchttoevoer geschiedt onder de deur, doorde ventilatiesleuf tussen apparaat en vloer. Deluchtafvoer vindt plaats via het bovenste ven-tilatierooster. Let u erop, dat deze openingenniet door sokkelpanelen en dergelijke wordenafgedekt.
Opstellen9Overzetten van het deurscharnierHet deurscharnier kan van rechts (stand waarin het wordt afgeleverd)naar links overgezet worden als dat voor de opstelplaats nodig is.Waarschuwing! Bij het overzetten van het deurscharnier mag hetapparaat niet op het lichtnet aangesloten zijn. Van te voren de stekkeruit het stopcontact halen.☞1. Apparaat schuin naar achteren kante-len.2. Deurscharnierschroeven (K) uitdraaienen deurscharnier (1) naar beneden uitde scharnierbus nemen.3. Deur iets openen en naar beneden uit-nemen.AEG97K14. Bovenste scharnierstift (A) uitdraaienen op de tegenoverliggende zijde weermonteren.5. Deur in de bovenste scharnierstift (A)zetten en deur sluiten.6. Scharnierstift van het deurscharnier(1) in de linker scharnierbus van dedeur zetten en deurscharnier met deschroeven (K) goed vastdraaien.7.
10Beschrijving van het apparaatVooraanzicht1 = Lade (voor invriezen en bewaren)2 = Lade (voor invriezen en bewaren)3 = Lade (voor bewaren)4 = Lade (voor bewaren)5 = Bedieningspaneel6 = TypeplaatjeElektrische aansluitingVoor de elektrische aansluiting is een volgens de voorschriften geïn-stalleerd stopcontact met randaarde vereist.Het stopcontact moet zodanig worden geïnstalleerd, dat de stekkeraltijd uit het stopcontact kan worden getrokken.De elektrische zekering dient minstens 10 ampère te zijn. Indien hetstopcontact bij een ingebouwd apparaat niet meer toegankelijk is,dient een maatregel in de elektrische installatie er voor te zorgen dathet apparaat van de stroom kan worden afgesloten (bijv.
zekering,beveiligingsschakelaar, aardlekschakelaar of dergelijke met een contactopeningsbreedte van minimaal 3 mm).Voor ingebruikneming op het typeplaatje van het apparaat controlerenof de netspanning en stroomsoort overeenkomen met de waarden vanhet lichtnet op de plaats waar het apparaat komt te staan.Bijv.: AC 220 ... 240 V 50 Hz of220 ... 240 V ~50 Hz(d.w.z. 220 tot 240 Volt wisselstroom, 50 hertz)Het typeplaatje bevindt zich links aan de binnenkant van het apparaat.☞
11De stabiele laden kunnen niet kiepen en zijn voorzien van een eind-stop. Daardoor kunt u diepvriesproducten makkelijk en veilig rang-schikken en uitnemen.
Voor het uitnemen van de lade deze tot deeindstop naar buiten trekken, optillen en naar voren uitnemen.Voor ingebruikname☞Het interieur van het apparaat en alle accessoires schoonmaken voorhet eerste gebruik (zie hoofdstuk “Reiniging en onderhoud”).-16-18-20-22-24°C➀➁ ➂ ➃➄ ➅FROSTMATICBedienings- en controle-inrichting1 Lichtnetcontrolelampje (groen) 2 Temperatuurregelaar en schakelaar AAN/UIT3 Lampje voor ingeschakelde FROSTMATIC-functie (geel)4 FROSTMATIC-toets, voor snel invriezen5 Symbool voor akoestisch temperatuursignaal6 Alarmlampje (rood)De bedienings- en controle-inrichting omvat:Temperatuurregelaar (2) die tevens dient om het apparaat in- en uitte schakelen.Het groene controlelampje (1) brandt als het apparaat aan netspan-ning aangesloten en ingeschakeld is.
In deze schakelstand is het koel-aggregaat automatisch in bedrijf.Met de temperatuurregelaar (2) kan de energiezuinigste bewaartem-peratuur traploos worden ingesteld.De optimale bewaartemperatuur is -18°C.FROSTMATIC-toets (4) met geel controlelampje (3).Het gele lampje brandt als de schakelaar (4) is ingeschakeld. Het koel-aggregaat werkt dan continu.
Bedienings- en controle-inrichting12TemperatuurwaarschuwingAls uw diepvrieskast met een akoestisch temperatuursignaal is uit-gerust, klinkt tegelijk met het oplichten van het rode lampje (6) eenakoestisch signaal, dat aangeeft dat de bewaartemperatuur te hoogresp. te warm is.Het akoestische signaal blijft hoorbaar, totdat het rode lampje uitgaatof u door inschakelen van de FROSTMATIC-toets het signaal uitscha-kelt.De FROSTMATIC-toets kunt u uitschakelen als het rode lampje uitgaat.FunctiestoringenAls de elektronica van het apparaat een storing ontdekt die verhindertdat de juiste temperatuur behouden wordt, dan knippert het rodealarmlampje.
Het apparaat schakelt over op een noodprogramma tot-dat de service-afdeling de storing verholpen heeft.Als de FROSTMATIC-functie niet handmatig beëindigd wordt, schakeltde elektronica van het apparaat de FROSTMATIC-functie na 48 uur uit.Het gele lampje gaat uit.Attentie: als u de FROSTMATIC-toets inschakelt of de temperatuurre-gelaar verstelt, kan het voorkomen dat het koelaggregaat van uw diep-vrieskast niet onmidddellijk, maar pas na enige tijd begint te werken.In dit geval is er geen sprake van een storing.Het rode alarmlampje (6) brandt:– bij in gebruik nemen van het apparaat, als de bewaartemperatuur nog niet bereikt is– als de temperatuur niet laag genoeg meer is (storing)– als grote hoeveelheden nog in te vriezen levensmiddelen in de kast worden gelegd– als de deur van het apparaat te lang open staat.
13In gebruik nemen en temperatuurregelingMet de temperatuurregelaar kan de gewenste bewaartemperatuur (-18°C of kouder) worden ingesteld.Stand „•“betekent:uit.Stand „-16°C“ betekent:hoogste, warmste binnentemperatuur.Stand „-24°C“ betekent:laagste, koudste binnentemperatuur.Aanbevolen stand:„-18°C“.☞1. Temperatuurregelaar naar stand „-16°C“ draaien, het groene lampje,het gele lampje en het rode lampje gaan branden, het akoestische tem-peratuursignaal (voorzover aanwezig) klinkt, het koelaggregaat werktautomatisch.De elektronica van het apparaat schakelt de snelvriesfunctie automa-tisch na 5 uur uit. Het gele lampje (3) gaat uit.2. Bovendien schakelt u de FROSTMATIC-toets (4) in, het gele lampje gaatbranden, het akoestische signaal wordt uitgeschakeld en het koelag-gregaat werkt continu.3.
Pas als het rode lampje niet meer brandt, schakelt u de FROSTMATIC-toets uit, het gele lampje gaat uit, het akoestische signaal is weergeactiveerd.Attentie: controleert u regelmatig aan de hand van het rode tempera-tuur-controlelampje (6) of de bewaartemperatuur laag genoeg is.Apparaat uitschakelenOm het apparaat uit te schakelen de temperatuurregelaar op stand “•”draaien.Als het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt wordt:☞1. Levensmiddelen uit vriesruimte nemen.2. Apparaat uitschakelen, daartoe de temperatuurregelaar op stand “•”draaien.3. Stekker uit het stopcontact trekken of zekering in de huisinstallatieuitschakelen.☞
14Invriezen en diepvriesproducten bewarenIn uw diepvrieskast kunt u diepvriesproducten bewaren en verselevensmiddelen zelf invriezen. Attentie. • Voor het invriezen van levensmiddelen dient de temperatuur in devriesruimte –18°C of lager te zijn. •Let op het op het typeplaatje aangegeven invriesvermogen. Hetinvriesvermogen is de maximale hoeveelheid verse waren die binnen24 uur ingevroren kan worden. Als er gedurende meerdere dagenachter elkaar ingevroren wordt, neem dan slechts 2/3 tot 3/4 van dehoeveelheid aangegeven op het typeplaatje. • Warme levensmiddelen voor het invriezen laten afkoelen. De warmteleidt tot verhoogde ijsvorming en verhoogt het energieverbruik. • Bij het bewaren van kant-en-klare diepvriesproducten dient u zichbeslist aan de door de fabrikant opgegeven bewaartijd te houden.
• Eenmaal ontdooide levensmiddelen zonder verdere verwerking(bereiden tot panklare gerechten) in geen geval een tweede keerinvriezen. • Niet te grote hoeveelheden tegelijk invriezen. De kwaliteit is beter,als de levensmiddelen snel tot in de kern bevriezen. • Bussen of flessen met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen lekraken door de inwerking van koude. Explosiegevaar. Leg geen bussenof flessen met brandbare stoffen zoals spuitbussen, navullingen vooraanstekers etc. in het vriesapparaat. • Flessen en blikken mogen niet in de vriesruimte. Ze kunnen springenals de inhoud bevriest – bij koolzuurhoudende inhoud zelfs explode-ren. Leg nooit limonades, sappen, bier, wijn, champagne etc. in devriesruimte. Uitzondering: sterke drank met een zeer hoog alcohol-percentage kan in de vriesruimte gelegd worden. ☞1. Voor het invriezen op de FROSTMATIC-toets drukken. Het gele lampjegaat branden.
Invriezen en diepgevroren bewaren15Voor het invriezen van hoeveelheden tot 3 kg hoeft u de FROSTMATIC-functie niet in te schakelen.2. Alle levensmiddelen voor het invriezen luchtdicht verpakken, zodat zeniet uitdrogen, de smaak niet verloren gaat en de smaak niet op ande-re diepvriesproducten overgebracht wordt.Voorzichtig! Diepvriesartikelen niet met natte handen aanraken. Dehanden kunnen daaraan vast vriezen.3. De verpakte levensmiddelen in de laden leggen. De in te vriezenlevensmiddelen in de twee bovenste laden (1), (2) van het apparaatplaatsen.Niet-bevroren artikelen mogen niet in aanraking komen met reedsbevroren waren omdat anders de bevroren artikelen kunnen ontdooien.De laden (3) en (4) dienen alleen voor het bewaren van diepvriespro-ducten gebruikt te worden.U kunt de 2 middelste laden (2), (3) verwijderen, zo heeft u de gehelenetto inhoud van de vriezer ter beschikking.4.
Deur van de vriezer goed sluiten.De elektronica van het apparaat schakelt de FROSTMATIC-functie na48 uur automatisch uit. Het gele lampje gaat uit. U kunt de FROSTMA-TIC- functie ook handmatig beëindigen door nog een keer op deFROSTMATIC-toets te drukken.Diepvriesartikelen het liefst naar soort apart in de laden leggen.5. Nadat de vereiste bewaartemperatuur bereikt is opnieuw op de FROST-MATIC-toets drukken.
Het gele lampje gaat uit.Tips:• Geschikt voor het verpakken van diepvriesproducten zijn:– diepvrieszakken en -folie van polyethyleen;– speciale diepvriesdozen;– aluminiumfolie, extra sterk.• Voor het sluiten van zakken en folies zijn geschikt: plastic clips, elastiekjes of plakband.• Voor het sluiten de lucht uit de zakjes en folies strijken omdat luchthet uitdrogen van bevroren artikelen bevordert.• Maak platte pakjes, deze bevriezen sneller.• Diepvriesdozen niet tot aan de bovenrand vullen met (half)vloeibarediepvriesproducten omdat vloeistof tijdens het invriezen uitzet.
16OntdooienAls het apparaat aanstaat en als de deur geopend wordt, slaat vocht inhet interieur, in het bijzonder op de verdampers, als rijp neer. Deze rijpvan tijd tot tijd met de bijgevoegde plastic schraper verwijderen. Ingeen geval hiervoor harde of spitse voorwerpen gebruiken.Het apparaat dient in ieder geval ontdooid te worden als de rijplaagca. 4 mm dik is: echter minimaal eenmaal per jaar. Een geschiktmoment voor het ontdooien is als het apparaat leeg is of als er nogmaar weinig artikelen in liggen.Waarschuwing!• Geen elektrische verwarmingsapparaten en geen andere mechanischeof kunstmatige hulpmiddelen gebruiken om het ontdooien te ver-snellen, met uitzondering van de hulpmiddelen die in deze gebruiks-aanwijzing aanbevolen worden.Maken van ijsblokjes☞1. IJsbakje voor 3/4 met koud water vullen, in de diepvrieskast plaatsenen laten bevriezen.2.
Om de ijsblokjes los te maken het ijsbakje verdraaien of kort onderstromend water houden.Attentie! Een eventueel vastgevroren ijsbakje in geen geval met spitseof scherpe voorwerpen losmaken. Gebruik de bijgevoegde ijsschraper.Symbolen bewaarde producten/Diepvrieska-lender• De symbolen op de laden geven dediverse soorten diepvriesproductenaan.• De getallen geven voor iedere soortdiepvriesproduct de bewaartijd in maanden aan. Of de hoogste of delaagste waarde van de aangegeven bewaartijd geldt, hangt af van dekwaliteit van de levensmiddelen en de behandeling voorafgaand aanhet invriezen. Voor levensmiddelen met een hoog vetgehalte geldtaltijd de laagste waarde.
17• Geen ontdooisprays gebruiken, deze kunnen gevaarlijk voor degezondheid zijn en/of stoffen bevatten die kunststof aantasten.Voorzichtig! Niet met natte handen aan bevroren artikelen komen. Dehanden kunnen daaraan vastvriezen.☞1. Als er grote hoeveelheden diepvriesproducten in het apparaat liggen,ca. 12 uur vóór het ontdooien de FROSTMATIC-functie inschakelen omte zorgen voor een koudereserve in de diepvriesproducten.2. Bevroren artikelen er uitnemen, in meerdere lagen krantenpapier wik-kelen en op een koele plaats leggen, bijv. in de koelkast.3. Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken of dezekering in de huisinstallatie uitschakelen.4. Alle laden er uit halen. De onderste ladedient als praktische dooiwateropvang.
Ladeuittrekken en de ijsschraper als verlenggootjevoor de opvang van het dooiwater in de uit-sparing in het apparaat plaatsen (zie afb.).Tip: Om het ontdooien te versnellen een panmet heet water in het apparaat zetten en dedeur sluiten. Afgevallen stukken ijs voordatze volledig ontdooien verwijderen.5. Na het ontdooien apparaat incl. accessoires grondig reinigen (ziehoofdstuk "Reiniging en onderhoud").6. Levensmiddelen terugplaatsen en apparaat weer in gebruik nemen.7. Niet vergeten de FROSTMATIC-functie weer uit te schakelen.Reiniging en onderhoudOm hygiënische redenen dient het apparaat aan de binnenkant incl.toebehoren geregeld gereinigd te worden.Waarschuwing!• Het apparaat mag tijdens het schoonmaken niet op het elektriciteits-net aangesloten zijn. Gevaar voor schokken!
Schakel voor hetschoonmaken het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontactof schakel de zekering uit.• Het apparaat nooit met stoomreinigingsapparaten schoonmaken. Erkan vocht in de elektrische onderdelen komen. Gevaar voor schok-ken! Hete damp kan kunststof onderdelen beschadigen.• Het apparaat dient droog te zijn voordat het weer in gebruik geno-men wordt.
18Magnetische deursluitingAls de deur van de ingeschakelde diepvrieskast wordt gesloten, kan hijalleen met veel kracht dadelijk weer geopend worden, omdat er eersteen vacuüm ontstaat dat de deur gesloten houdt, tot de druk gecom-penseerd is. Na enkele minuten kan de deur weer zonder moeite geo-pend worden.Let op!• Etherische oliën en organische oplosmiddelen kunnen kunststofonderdelen aantasten, bijv.– sap van citroen– of sinaasappelschillen;– boterzuur;– schoonmaakmiddelen die azijnzuren bevatten.Dergelijke substanties niet in contact brengen met apparaatonder-delen.• Geen schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.☞1. Bevroren artikelen er uit halen en in meerdere lagen krantenpapierpakken. Alles afgedekt op een koele plaats leggen.2. Apparaat voor het schoonmaken ontdooien (zie hoofdstuk“Ontdooien”).3.
Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken of dezekering in de huisinstallatie uitschakelen.4. Apparaat en interieur met een doek en lauwwarm water schoonmaken.Eventueel een beetje normaal afwasmiddel gebruiken.5. Daarna met schoon water afnemen en droogmaken.6. Als alles droog is, apparaat en FROSTMATIC-functie inschakelen. Laatde vriezer tenminste 2 uur leeg vriezen. Daarna de levensmiddelenweer in de vriezer plaatsen.Stof op de condensor verhoogt het energieverbruik. Daarom eenmaalper jaar de condensor aan de achterkant van het apparaat met eenzachte borstel of met de stofzuiger voorzichtig schoonmaken.
19Tips om energie te besparen• Het apparaat niet in de buurt van kachels, verwarmingselementen ofandere warmtebronnen plaatsen. Bij een hoge omgevingstempera-tuur werkt de compressor vaker en langer.• Zorgen voor voldoende ventilatie van het apparaat.Ventilatieopeningen nooit afdekken.• Geen warme spijzen in het apparaat zetten. Warme spijzen eerstlaten afkoelen.• Deur slechts zo lang open laten als nodig is.• De temperatuur niet lager dan nodig instellen.• Controleer de bewaartemperatuur met behulp van de thermometer.• Diepvriesartikelen voor het ontdooien in de koelkast leggen. Dekoude in de diepvriesartikelen wordt zo voor koeling van de koelkastgebruikt.• Houd de verdamper, het metalen rooster aan de achterzijde van hetapparaat, schoon.Wat te doen als ...Hulp bij storingenHet kan bij een storing om kleine defecten gaan die u zelf aan de handvan de volgende aanwijzingen kunt oplossen.
Voer zelf geen verderewerkzaamheden uit als de volgende informatie in concrete gevallenniet verder helpt.Waarschuwing! Reparaties aan het koelapparaat mogen alleen doorvakmensen uitgevoerd worden. Door ondeskundige reparaties kunnengrote gevaren ontstaan voor de gebruiker. Wend u bij reparatie altijdtot onze service-afdeling.Indien het koelaggregaat niet meer werkt, kan de koudereserve in dediepvriesproducten bij volle belading een periode van ca. 22 uur over-bruggen.
Wat te doen als ...20De temperatuur in devriesruimte is niet vol-doende, rode lampjebrandt, akoestisch tempe-ratuursignaal klinkt.Temperatuur is niet juistingesteld.Zie hoofdstuk“Temperatuur instellen”.Deur heeft te lang openge-staan.In de laatste 24 uur zijngrotere hoeveelhedenwarme levensmiddelenopgeslagen.FROSTMATIC-toets indruk-ken.Het apparaat staat naasteen warmtebron.Zie hoofdstuk“Opstelplaats”.Deur slechts zo lang openlaten als nodig is, FROST-MATIC-toets indrukken.Op de ondichte plaatsende deurafdichting voor-zichtig met een haardrogerverwarmen (niet heter danca. 50 °C).Tegelijkertijd de verwarm-de deurafdichting met dehand zo in vorm trekkendat hij weer helemaal sluit.Deurafdichting is lek(eventueel na het overzet-ten van het deurscharnier).Sterke rijpvorming in hetapparaat, eventueel ookaan de deurafdichting.Het apparaat werkt niet: erbrandt geen enkel lampje.
Het apparaat is niet inge-schakeldDe stekker zit niet of nietgoed in het stopcontact.De zekering is doorgesla-gen of defect.Het stopcontact is defect. Een elektriciën roepen omhet defect aan het stroom-net te verhelpen.Het apparaat inschakelen.De stekker in het stopcon-tact steken.De zekering controleren eneventueel vervangen.Storing Mogelijke oorzaken OplossingHet groene lampje brandtniet, het gele lampjebrandt bij ingeschakeldeFROSTMATIC-functie.Groene lampje defect. Contact opnemen metonze service-afdeling.Het gele lampje brandtniet bij ingeschakeldeFROSTMATIC-functie,apparaat werkt.Gele lampje defect. Contact opnemen metonze service-afdeling.Het apparaat koelt te sterk. Temperatuur is te koudingesteld.Temperatuurregelaar tijde-lijk op warmere instellingdraaien.
21Storing Mogelijke oorzaken OplossingOngewone geluiden.Apparaat staat niet recht.Apparaat komt tegen demuur of tegen anderevoorwerpen aan.Een onderdeel, bijv. eenleiding, aan de achterkantvan het apparaat komttegen een ander onderdeelvan het apparaat aan oftegen de muur.Stelvoetjes bijstellen.Apparaat iets wegtrekken.Dit onderdeel voorzichtigwegbuigen.Nadat u op de toetsFROSTMATIC gedrukt heeftof nadat de temperatuur-instelling gewijzigd is, startde compressor niet gelijk. Dit is normaal, er zijn geenstoringen.De compressor start na eentijdje automatisch.
Tip: controleer regelmatig aan de hand van het rode temperatuur-controlelampje de bewaartemperatuur.Geluiden tijdens de werkingDe volgende geluiden zijn karakteristiek voor koelapparaten: •KlikkenElke keer als de compressor in- of uitschakelt, hoort u een klik.•ZoemenZodra de compressor functioneert, hoort u gezoem.•Borrelen/klotsenWanneer het koelmiddel door smalle leidingen stroomt, kunt u eenborrelend of klotsend geluid horen. Ook na het uitschakelen van decompressor is dit geluid nog korte tijd te horen.
23Vaktermen•KoelmiddelVloeistoffen die gebruikt kunnen worden voor koudeproductie, wor-den koelmiddelen genoemd. Deze stoffen hebben verhoudingsgewijseen laag kookpunt, zo laag dat de warmte van de aanwezige levens-middelen in het koelapparaat, het koelmiddel tot koken ofwel totverdampen kan brengen.•KoelmiddelkringloopGesloten kringloopsysteem waarin het koelmiddel zich bevindt. Dekoelmiddelkringloop bestaat hoofdzakelijk uit verdamper, compressor,condensor en leidingen.•VerdamperIn de verdamper verdampt het koelmiddel. Net als alle vloeistof,heeft het koelmiddel warmte nodig om te kunnen verdampen. Dezewarmte wordt onttrokken aan de binnenruimte van het koelappa-raat, de ruimte koelt daardoor af. Daarom is de verdamper in de bin-nenruimte geplaatst of direct achter de binnenwand ingeschuimd endaardoor niet zichtbaar.•CompressorDe compressor ziet eruit als een tonnetje.
Hij wordt aangedrevendoor een ingebouwde elektromotor en is achter, aan de onderkantvan het apparaat geplaatst. De compressor zorgt ervoor dat hetdampvormige koelmiddel aan de verdamper onttrokken wordt envervolgens verdicht en naar de condensor geleid wordt.•CondensorDe condensor heeft meestal de vorm van een rooster. In de conden-sor wordt het koelmiddel dat door de compressor verdicht is, gecon-denseerd. Hierbij komt warmte vrij die door de oppervlakte van decondensor aan de omgevingslucht afgegeven wordt. De condensor isdaarom aan de buitenkant, meestal aan de achterkant van het appa-raat, aangebracht.Voor het online bestellen van onderdelen en accessoires, kijk ophttp://www.aeg.nl
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG Electrolux 60120 GS stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vrieskast AEG Electrolux
Handleiding Vrieskast
Nieuwste handleidingen voor Vrieskast