AEG Electrolux Arctis 70250 GS2 Handleiding


Pagina's 80 Nederlands Vrieskast

Bekijk de handleiding van AEG Electrolux Arctis 70250 GS2 gratis online of download de PDF. 22 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

ARCTIS 70250-2 GS
Benutzerinformation
Notice d’utilisation
Gebruiksanwijzing
User manual
Gefrierschrank
Congélateur
Diepvrieskast
Freezer

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: AEG Electrolux
Categorie: Vrieskast
Model: Arctis 70250 GS2

Handleiding AEG Electrolux Arctis 70250 GS2 – volledige tekst

42Geachte mevrouw, heerHartelijk dank voor het kiezen van een van onze kwaliteitsproducten. Uheeft een goede keuze gemaakt. Zo kunt u dankzij de combinatie vanfunctioneel design en hoogwaardige technologie rekenen op optimaleprestaties en bedieningsgemak. En onze zorg voor het milieu, komt o.a. totuitdrukking in het energiebesparend functioneren van dit apparaat. Om erzeker van te zijn dat uw apparaat optimaal en onberispelijk presteert, dientu deze gebruiksaanwijzing aandachtig door te lezen. Dan zult u alleprocessen perfect en zeer efficiënt kunnen besturen.Wij raden u aan deze gebruiksaanwijzing goed te bewaren, zodat u nog eensiets kunt nalezen.

En wilt u dit boekje doorgeven aan een eventuelevolgende eigenaar van het apparaat.Wij wensen u veel succes met uw nieuwe apparaat.In deze gebruiksaanwijzing worden de volgende symbolen gebruiktBelangrijke informatie over uw persoonlijke veiligheid en informatie overhoe u schade aan het apparaat kunt voorkomenAlgemene informatie en tipsMilieu-informatie

44VeiligheidDe veiligheid van onze koelapparaten voldoet aan de Europese enNederlandse normen. Desondanks zien wij ons genoodzaakt u met devolgende veiligheidsaanwijzingen vertrouwd te maken:Reglementaire toepassing• Het koelapparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd. Het is geschiktvoor het koelen, invriezen en diepgevroren bewaren van levensmiddelenen voor het maken van ijs. Als het apparaat voor andere doeleindengebruikt wordt kan de fabrikant geen verantwoording nemen vooreventuele schaden.• Het ombouwen van of veranderingen aan het koelapparaat aanbrengenis uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.• Als het koelapparaat commercieel of voor andere doeleinden dan voor hetkoelen, diepgevroren bewaren en invriezen van levensmiddelen gebruiktwordt, s.v.p.

letten op de hiervoor van kracht zijnde wettelijke bepalingen.Voordat het apparaat voor de eerste keer in gebruikgenomen wordt• Controleer het koelapparaat op transportschaden. Een beschadigdapparaat in geen geval aansluiten! Wend u in geval van schade tot deleverancier.KoelmiddelenHet apparaat bevat in het koelvloeistofcircuit de koelvloeistof Isobutan(R600a), een natuurlijk, zeer milieuvriendelijk gas, dat echter wel brandbaaris.• Bij het transport en het opstellen van het apparaat erop letten dat geenonderdelen van het koelvloeistofcircuit beschadigd worden.• Bij beschadiging van het koelvloeistofcircuit:– open vuur en brandhaarden absoluut vermijden;– het vertrek waar het apparaat staat goed ventileren.Veiligheid van kinderen• Verpakkingsdelen (bijv. folies, piepschuim) kunnen voor kinderengevaarlijk zijn. Verstikkingsgevaar!

45stopcontact trekken, stroomkabel doorknippen, eventueel aanwezigesnap– of grendelsloten verwijderen of kapotmaken. Daardoor wordtvoorkomen dat spelende kinderen in het apparaat opgesloten raken(verstikkingsgevaar. ) of in andere levensgevaarlijke situaties terechtkomen. • Kinderen kunnen gevaren die in het omgaan met huishoudelijkeapparaten schuilen vaak niet herkennen. Zorg daarom voor de nodigetoezicht en laat kinderen niet met het apparaat spelen. Bij dagelijks gebruik• Containers met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen lek raken doorde inwerking van koude. Explosiegevaar. Leg geen containers metbrandbare stoffen zoals bijv. spraybussen, aanstekers, navullingen vanaanstekers etc. in het koelapparaat. • Flessen en blikken mogen niet in het vriesvak. Ze kunnen springen als deinhoud bevriest – bij koolzuurhoudende inhoud zelfs exploderen.

Legnooit limonades, sappen, bier, wijn, champagne etc. in het vriesvak. Uitzondering: sterke drank met een zeer hoog alcoholpercentage kan inhet vriesvak gelegd worden. • Consumptie-ijs en ijsblokjes niet direct vanuit de vriesruimte in de mondsteken. Zeer koud ijs kan aan de lippen of de tong vastvriezen enverwondingen veroorzaken. • Niet met natte handen aan diepvriesartikelen komen. De handen kunnendaaraan vastvriezen. • Geen elektrische apparaten (bijv. elektrische ijsmachines, mixers etc. ) in hetkoelapparaat gebruiken. • Voor het schoonmaken het apparaat altijd uitzetten en de stekker uit hetstopcontact trekken of de zekering in de uitschakelen huisinstallatie. • De stekker altijd aan de stekker zelf uit het stopcontact trekken, nooit aanhet snoer. Bij storing• Als er een storing aan het apparaat optreedt eerst in degebruiksaanwijzing kijken onder “Wat te doen als. ”.

Als de daar gegevenaanwijzingen niet verder helpen zelf niet verder aan het apparaat werken. • Koelapparaten mogen alleen dooor geschoold personeel gerepareerdworden. Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren ontstaan.

47Klimaatcategorie voor een omgevingstemperatuur vanSN +10 tot +32 °CN +16 tot +32 °CST +18 tot +38 °CT +18 tot +43 °CTransportbescherming verwijderenHet apparaat alsmede de onderdelen van het interieur zijn voor hettransport beschermd.• Alle plakband alsmede bekledingsdelen uit het interieur verwijderen.OpstellenOpstelplaatsHet apparaat in een goed geventileerde en droge ruimte neerzetten.De omgevingstemperatuur heeft invloed op het stroomverbruik.Het apparaat daarom– niet aan directe straling van de zon blootstellen;– niet bij radiatoren, naast een kachel of andere warmtebronnen plaatsen;– alleen op een plaats neerzetten waarvan de omgevingstemperatuur over-eenkomt met de klimaatklasse waarvoor het apparaat is ontworpen.De klimaatklassees staan op het typeplaatje dat zich links aan de binnenkantvan het apparaat bevindt.De volgende tabel geeft aan welke omgevingstemperatuur bij welkeklimaatklasse behoort:Als het onvermijdelijk is het apparaat naast een warmtebron te plaat-sen,aan weerszijden minimaal de volgende afstanden aanhouden:– tot elektrische fornuizen 3 cm;– tot olie- en kolenfornuizen 30 cm.Als men zich niet aan deze afstanden kan houden, is een warmte-isolerendeplaat tussen fornuis en koelapparaat aan te bevelen.Als het koelapparaat naast een ander koel- of diepvriesapparaat staat, is eenafstand van 5 cm aan weerszijden aan te bevelen, zodat zich geen condensvormt aan de buitenkant van de apparaten.

48Uw apparaat heeft lucht nodigOm veiligheidsredenen moet deventilatie zodanig zijn als deafbeelding aangegeven. Attentie: zorg ervoor dat deventilatie openingen tijdensgebruik niet worden afgedekt.100 mm10 mm10 mmABNP007Muur-afstandshoudersMonteer de twee afstandshoudersdie zich in het documentatiezakjebevinden, aan de achterkant, opdatde warmte die tijdens het gebruikontstaat, zich op de juiste wijze kanverspreiden. Ga te werk zoalsaangegeven in de figuren. Volgdaarbij de nummers..PR153Overzetten van het deurscharnierHet deurscharnier kan van rechts (stand waarin het wordt afgeleverd) naarlinks gewisseld worden als dat voor de opstelplaats nodig is.Waarschuwing! Bij het overzetten van de deurscharieren mag het apparaatniet op het lichtnet aangesloten zijn. Van te voren de stekker uit hetstopcontact halen.Wij raden u aan met twee personenhet deurscharnier om te zetten.

Detweede persoon kan dan de deur vanhet apparaat stevig vasthouden.Leg het apparaat voorzichtig op z'nachterkant.1. Verwijder het ventilatierooster.T2. Verwijder het onderste scharnier (A)door de bevestigingsschroeven uit tedraaien.3. Neem de deur los.4. Draai de pen uit het onderste scharnier(f) en breng dit op detegenoverliggende kant aan.

495. Draai de pen uit het bovenstescharnier (d) en breng dit op detegenoverliggende kant aan.6. Bevestig de deur in het bovenstescharnier en breng het bovenstescharnier (A) weer aan.Controleer of de bovenkant van dedeur parallel loopt met het bovenblad,stel anders de positie van het onderstescharnier van de deur (A) bij.7. Verwijder van het ventilatierooster deafdekking (e) en breng deze op detegenoverliggende kant weer aan.8. Breng het ventilatierooster weer aan.9. Draai de handgreep los. Breng dezeop de tegenoverliggende kant weeraan na de pennen m.b.v. een tang tehebben opengestoken. Sluit deopeningen af met de afdekpennendie met de gebruiksaanwijzingmeegeleverd zijn.10. Zet het apparaat weer op z'n plek, zethet waterpas, wacht minstens eenuur en steek dan de stekker weer inhet stopcontact.U kunt het deurscharnier ook tegenbetaling door een vakman latenomzetten.

Neem dan contact op metonze service-afdeling.Attentie:Na het overzetten van het deurscharnier moet u controleren of alleschroeven goed aangedraaid zijn en of de magnetische deurafdichting aande kast hecht. Als de omgevingstemperatuur laag is (bijv. in de winter), is hetmogelijk dat de afdichting niet perfect aansluit. In dat geval kunt u hetnatuurlijke proces bespoedigen door het betreffende gedeelte m.b.v. eenhaardroger te verwarmen.

50Voor ingebruikname• Het interieur van het apparaat en alle accessoires schoonmaken voor heteerste gebruik (zie Hoofdstuk “Reiniging en Onderhoud”).• De koude–acccu uit het apparaat nemen.• De koude–accu pas na het bereiken van de optimale opslagtemperatuurvan –18 °C in de bovenste lade leggen en laten bevriezen.• Ontdooide koude–accu’s op dezelfde wijze weer invriezen, bij v.

na hetschoonmaken van het apparaat.Elektrische aansluitingVoor de elektrische aansluiting is een volgens de voorschriftengeïnstalleerde contactdoos met randaardevereist.De contactdoos moet zodanig worden geïnstalleerd, dat de stekker altijd uitde contactdoos kan worden getrokken.De elektrische zekering dient minstens 10 Ampère te zijn.Indien het stopcontact bij een ingebouwd apparaat niet meer toegankelijkis, dient een maatregel in de elektrische installatie er voor te zorgen dat hetapparaat van de stroom kan worden afgesloten (bijv. zekering,beveiligingsschakelaar, aardlekschakelaar of dergelijke met eencontactopeningsbreedte van minimaal 3 mm).• Voor ingebruikneming op het typeplaatje van het apparaat controlerenof de netspanning en stroomsoort overeenkomen met de waarden vanhet lichtnet op de plaats waar het apparaat komt te staan.Bijv.: AC 230 ... 240 V 50 Hz of230 ...

51Bedienings- en kontroleinrichtingA. toets ON/OFF van de diepvriezerB. toets voor temperatuurinstelling (+)C. temperatuurindicatie van de diepvriezerD toets voor temperatuurinstelling (-)E. indicatie voor ingeschakelde FROSTMATIC-functie (geel)F. Toets FROSTMATICG. AlarmcontrolelampjeH Toets om het alarm uit te schakelenToetsen voor temperatuurinstellingDe temperatuur wordt ingesteld via de toetsen „B“ (+) en „D“ (-). De toetsenstaan in verbinding met de temperatuurindicatie.• Door te drukken op één van de twee toetsen „B“ (+) of „D“ (-) wordt detemperatuurindicatie van de WERKELIJKE temperatuur(temperatuurindicatie brandt) op de GEWENSTE temperatuur(temperatuurindicatie knippert) omgeschakeld. • Met elke verdere druk op één van beide toetsen wordt de GEWENSTEtemperatuur 1 °C verder gesteld.

De GEWENSTE temperatur dient binnen 24uur te worden bereikt.Als geen toets wordt ingedrukt, schakelt de temperatuurindicatie na kortetijd (ca. 5 sec.) automatisch weer op de WERKELIJKE temperatuur terug.GEWENSTE temperatuur betekent: De temperatuur die in de diepvriezer moet heersen. De GEWENSTEtemperatuur wordt met knipperende cijfers aangegeven.WERKELIJKE temperatuur betekent: De temperatuurindicatie geeft de temperatuur aan die op dat momentwerkelijk in de diepvriezer heerst. De WERKELIJKE temperatuur wordt metbrandende cijfers aangegeven.BC E GA F HD

52TemperatuurindicatieDe temperatuurindicatie kan meerdere soorten informatie aangeven.• Bij normaal gebruik wordt de temperatuur aangegeven die op dat momentin de diepvriezer heerst (WERKELIJKE temperatuur). • Tijdens de temperatuurinstelling wordt knipperend de op dat momentingestelde diepvriezer temperatuur aangegeven (GEWENSTE temperatuur).In gebruik nemen - temperatuur instellen1. Stekker in stopcontact steken. 2. Toets Vriezer ON/OFF indrukken. Het alarmcontrolelampje (G) knippert zodrade ingestelde temperatuur bereikt worden. Het geluidsalarm wordtingeschakeld.3. Druk op de toest “B” om het geluidsalarm uit te schakelen.4. Druk op de toetsen „B“ of „D“ .De temperatuurindicatie schakelt om en geeftknipperend de op dat moment ingestelde GEWENSTE temperatuur aan.5.

Gewenste temperatuur door indrukken van de toetsen „B“ en „D“ instellen(zie hoofdstuk "Toetsen voor temperatuurinstelling"). Detemperatuurindicatie geeft direct de gewijzigde instelling aan. Met elkedruk op de toets wordt de temperatuur 1 °C hoger ingesteld.Uit voedingswetenschappelijk standpunt is -18 °C voor de diepvriezer koudgenoeg als bewaartemperatuur.6. Het alarmcontrolelampje wordt uitgeschakeld zodra de ingesteldetemperatuur bereikt worden. Druk op de alarmtoers om het geluidsalarm uitte schakelen.FROSTMATICDe FROSTMATIC-functie versnelt het invriezen van verse levensmiddelen enbeschermt tegelijkertijd de reeds ingevroren waren tegen ongewensteverwarming.1. Door te drukken op de FROSTMATIC toets wordt de FROSTMATIC-functieingeschakeld.

Het gele lampje gaat branden.Als de FROSTMATIC-functie niet handmatig beëindigd wordt, schakelt deelektronica van het apparaat de FROSTMATIC-functie na 52 uur uit. Het gelelampje gaat uit.2. De FROSTMATIC toets te drukken kan de FROSTMATIC-functie te allen tijdehandmatig beëindigd worden. Het gele lampje gaat uit.

53Toets om het alarm uit te schakelenEen abnormale verhoging van de temperatuur in de diepvries (bijv. uitvallenvan de elektriciteit) wordt aangeduid door het knipperen van hetcontrolelampje (G) en door een geluidsignaal.Wanneer de normale omstandigheden hersteld worden, gaat hetgeluidsalarm uit, terwijl het alarmcontrolelampje blijft knipperen.Door op alarmtoets (H) te drukken, verschijnt op de aanduiding (C)gedurende enkele seconden de hoogste temperatuur die in de diepvriezerontstaan is.Apparaat uitschakelenOm uit te schakelen toets ON/OFF ca. 5 seconden ingedrukt houden. In detemperatuurindicatie begint een "count down", daarbij wordt van "3" naar"1" teruggeteld. Bij bereiken van "1" schakelt de koelruimte uit.

Detemperatuurindicatie gaat uit.Aanwijzing:De instelling van het apparaat kan niet veranderd worden, als de stekker uithet stopcontact getrokken is of als er anderszins geen elektriciteit aanwezigis. Na aansluiting op het elektriciteitsnet start het apparaat weer op de standwaar het voor de stroomonderbreking op stondAls het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt wordt:1. Schakel het apparaat uit (zie het bovenbeschreven punt 1)2. Stekker uit het stopcontact halen of zekering uitschakelen, er resp. uithalen.3. Vriesvak ontdooien en apparaat grondig reinigen (zie hoofdstuk "Reinigingen onderhoud").4. Daarna de deuren open laten staan om reukvorming te voorkomen.

Koude-accu’sIn één van de laden van de vriesruimte bevinden zich 2 koude-accu’s.Als de stroom uitvalt of bij een storing aan het apparaat verlengen de koude-accu’s de tijd tot de diepvriesartikelen te warm worden met meerdere uren.De koude-accu’s kunen dit echter alleen optimaal doen als ze in de bovenstelade vooraan boven op de diepvriesartikelen gelegd worden. De koude-accu’s kunnen tijdelijk ook als koelelement voor koeltassen gebruikt worden.

54Invriezenen en diepgevroren bewarenIn uw diepvrieskast kunt u diepvriesprodukten bewaren en verselevensmiddelen zelf invriezen.Attentie!• Voor het invriezen van levensmiddelen dient de temperatuur in de vries-ruimte –18 °C of lager te zijn.• Let op het op het typebordje aangegeven vriesvermogen. Hetvriesvermogen is de maximale hoeveelheid verse waren die binnen 24 uuringevroren kunnen worden. Als er gedurende meerdere dagen achterelkaar ingevroren wordt, neem dan slechts 2/3 tot 3/4 van de hoeveelheidaangegeven op het typebordje. De kwaliteit is beter, als de levensmiddelensnel tot in de kern bevriezen.• Warme levensmiddelen voor het invriezen laten afkoelen. De warmte leidttot verhoogde ijsvorming en verhoogt het energieverbruik.• Bij het bewaren van kant en klare diepvriesprodukten dient u zichbeslist aan de door de fabrikant opgegeven bewaartijd te houden.

•Eenmaal ontdooide levensmiddelen zonder verdere verwerking(bereiden tot panklare gerechten) in geen geval een tweede keerinvriezen.• Containers met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen lek raken doorde inwerking van koude. Explosiegevaar! Leg geen containers metbrandbare stoffen zoals bijv. spraybussen, aanstekers, navullin-gen vanaanstekers etc. in het vriesapparaat.• Flessen en blikken mogen niet in de vriesruimte. Ze kunnen springen alsde inhoud bevriest – bij koolzuurhoudende inhoud zelfs exploderen! Legnoot limonades, sappen, bier, wijn, champagne etc. in de vriesruimte.Uitzondering: sterke drank met een zeer hoog alcohol percentage kan inde vriesruimte gelegd worden.• Voor het invriezen op de Toets FROSTMATIC (F) drukken.

55Voorzichtig! Diepvriesartikelen niet met natte handenaanraken. De handen kunnen daaraanvast vriezen.1. De verpakte levensmiddelen in de ladenleggen. De in te vriezen levensmiddelen inde twee bovenste korven van hetapparaat plaatsen. Niet bevrorenartikelen mogen niet in aanraking komenmet reeds bevroren waren omdat andersde bevroren artikelen ontdooien kunnen.2. Nadat de vereiste opslagtemperatuurbereikt is opnieuw op de snel-vriesschakelaar drukken.

Het gele lampjegaat uit.Tips:• Geschikt voor het verpakken van diepvriesproducten zijn:– diepvrieszakken en -folie van polyethyleen;– speciale diepvriesdozen;– aluminiumfolie, extra sterk.• Voor het sluiten van zakken en folies zijn geschikt: plastic klemmen, elastiekjesof plakband.• Voor het sluiten de lucht uit de zakjes en folies strijken omdat lucht hetuitdrogen van bevroren artikelen bevordert.• Maak platte pakjes, deze bevriezen sneller.• Diepvriesdozen niet tot aan de bovenrand vullen met (half)vloeibarediepvriesproducten omdat vloeistof tijdens het invriezen uitzet.Aanwijzing voor keuringsbureaus:Stapelschema’s ter vaststelling van de diepvriesprestatie resp. opwarmtijdkunnen direct bij de fabrikant aangevraagd worden.12 kg12 kg

56Maken van ijsblokjes1. IJsbakje voor 3/4 met koud water vullen, in de vriesruimte plaatsen en latenbevriezen.2. Om de ijsblokjes los te maken het ijsbakje omdraaien of kort onder stromendwater houden.Attentie! Een eventueel vastgevroren ijsbakje in geen geval metspitse of scherpe voorwerpen losmaken. Gebruik de bijgevoegdeijsschraper.Diepvrieskalender• De symbolen op de laden geven dediverse soorten diepvriesproductenaan.• De getallen geven voor iedere soort diepvriesproduct de bewaartijd inmaanden aan. Of de hoogste of de laagste waarde van de aangegevenbewaartijd geldt, hangt af van de kwaliteit van de levensmiddelen ende behandeling voorafgaand aan het invriezen. Voor levensmiddelenmet een hoog vetgehalte geldt altijd de laagste waarde.

57OntdooienHet vriesgedeelte kan niet worden voorzien van een automatischeontdooifunctie,want de bevroren en diepgevroren levensmiddelenverdragen de temperatuur niet die nodig is om ijs te doen smelten.Daarom wordt er een kunststoffen schraper meegeleverd,waarmee kleinehoeveelheden ijs of rijp kunnen worden verwijderd.Wanneer de ijs-ofrijplaag echter te dik is en niet meer met de schraper kan wordenverwijderd,moet het vriesgedeelte worden ontdooit.De frequentie hiervanhangt af van het gebruik (gemiddeld 2 of 3 keer per jaar).Haal de bevroren levensmiddelen uit het apparaat en leg deze,goed verpaktin isolerende materialen,op een koele plaats of in een andere vriezer.Trek de stekker uit het stopcontact,waardoor de stroomtoevoer naar beidegedeelten van het apparaat onderbroken wordt.Doe de deuren van beide gedeelten open en maak het koelgedeelte schoonvolgens de aanwijzingen in het hoofdstuk “Schoonmaken ”.Hetschoonmaken van het vriesgedeelte moet alsvolgt worden uitgevoerd:Het afvoergootje onderin het vriesge deelte dient voor de optimale afvoervan het smeltwater.Haal het afvoergootje los en zet het op zijn plaats (zietekening).Plaats onder het afvoergootje eenbak,pan of kleine emmer.Vergeet het afvoergootje niet terugte plaatsen wanneer u klaar bent.Het bakje zichtbaar op de tekening isgeen meegeleverd accessoire!Na het ontdooien de binnenkantgoed droog wrijven.Steek de stekker weer in hetstopcontact en leg delevensmiddelen weer in de laden.Het is aan te raden het apparaatgedurende enkele uren op dehoogste stand te zetten,zodat degewenste bewaartemperatuur snelwordt bereikt.

58Ontdooien en reinigenElke temperatuurstijging vermindert de houdbaarheid van dediepvriesprodukten. Schakel daarom ca. 12 uur van te voren het toestel opsnelfriezen, om een koudereserve in de diepvriesprodukten te scheppen.Waarschuwing!1. Bevroren artikelen er uitnemen, in meerdere lagen krantenpapier wik kelenen op een koele plaats leggen. 2. Apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact halen of de zeke-ringuitschakelen c.q. er uitdraaien.Waarschuwing!• Het apparaat mag tijden het schoonmaken niet op het electrici-teitsnetaangesloten zijn. Gevaar voor schokken! Zet voor het schoonmaken hetapparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact of schakel c.q. draai dezekering er uit.• Het apparaat nooit met stoomreinigingsapparaten schoonmaken. Er kanvocht in de electrische onderdelen komen. Gevaar voor schokken!

Hetedamp kan kunstoffen onderdelen beschadigen.• Het apparaat dient droog te zijn voordat het weer in gebruik genomenwordt..Let op!• Etherische oliën en organische oplosmiddelen kunnen kunststofonderdelen aantasten, bijv.– Sap van citroen– of sinaasappelschillen;–boterzuur;– Schoonmaakmiddelen die azijnzuren bevatten.Dergelijke substanties niet in contact brengen met apparaatonder-delen.• Geen schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.3. Apparaat en interieur met een doek en lauwwarm water schoonmaken.Eventueel een beetje normaal afwasmiddel gebruiken. 4. Daarna met schoon water afnemen en droogmaken.5. Als alles droog is, schakel op snelvriezen. Laat de vriezer tenminste 2 uur leegvriezen. Daarna de levensmiddelen terug in de vriezer plaatsen en hetapparaat weer in bedrijf nemen.

59Tips om energie te besparen• Het apparaat niet in de buurt van kachels, verwarmingselementen ofandere warmtebronnen plaatsen. Bij een hoge omgevingstempera-tuurwerkt de compressor vaker en langer.• Zorgen voor voldoende be- en ontluchting aan de onderkant van hetapparaat. Ventilatieopeningen nooit afdekken.• Geen warme spijzen in het apparaat zetten. Warme spijzen eerst latenafkoelen.• Deur slechts zo lang open laten als nodig is.• De temperatuur niet lager dan nodig instellen.• Kontroleer de bewaartemperatuur met behulp van de thermometer.• Diepvriesartikelen voor het ontdooien in de koelkast leggen. De koude inde diepvriesartikelen wordt zo voor koeling van de koelkast gebruikt.• Houd de warmte afgevende verdamper, het metalen rooster aan deachterzijde van het apparaat, schoon.Apparaat uitzettenAls het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt wordt:1.

60Wat te doen als ...Hulp bij storingenHet kan bij een storing om kleine defecten gaan die kunt oplossen zelf aande hand van de volgende aanwijzingen. Voer zelf geen verderewerkzaamheden uit als de volgende informatie in concrete gevallen nietverder helpt.Waarschuwing! Reparaties aan het koelapparaat mogen alleen doorgeschoold personeel uitgevoerd worden. Door ondeskundige reparatieskunnen grote gevaren ontstaan voor de gebruiker. Wend u bij reparatie totonze service-afdeling.Storing OplossingMogelijke oorzakenApparaat werkt niet, geencontrolelampje brandtApparaat is niet aangezet. Apparaat aanzetten.Stekker zit niet in hetstopcontact of zit los. Stekker in stopcontact steken.Zekering is los of kapot. Zekering controleren, eventueelvernieuwen.Stopcontact is kapot.Storingen in het lichtnet dooruw electrovakman latenverhelpen.Apparaat koelt te sterk.

Temperatuur is te laagingesteld.Tenmperatuurregelaar tijdelijkop een hogere stand zetten.Klantendienst informeren.Groene lampje defect.Groene lampje brandt niet, gelelampje brandt bij ingeschakeldesnelvriesfunctie.Klantendienst informeren.Gele lampje defect.Gele lampje brandt niet bijingeschakelde snelvries-functie,apparaat werkt.De temperatuur in devriesruimte is niet voldoende,rode lampje brandt.Temperatuur is niet juistingesteld. Zie hoofdstuk “Ingebruikname”.Deur heeft te langopengestaan.Deur slechts zo lang open latenals nodig is. Snel-vriesschakelaar gebruiken.In de laatste 24 uur zijn groterehoeveelheden warme levens-middelen opgeslagen.Snelvriesschakelaar gebruiken.Het apparaat staat naast eenwarmtebron. Zie hoofdstuk “Opstelplaats”.Storing aan het apparaatSnelvriesschakelaar aanzetten,vrieskast gesloten houden,klantendienst informeren.

61De compressor start na enigetijd automatisch.Dit is normaal, het betreft geenstoring.Na het wijzigen van detemperatuurinstelling start decompressor niet direct.Ongewone geluiden.Apparaat komt tegen de muurof tegen andere voorwerpenaan.Apparaat staat niet recht.Een onderdeel, bijv. een leiding,aan de achterkant van hetapparaat komt tegen een anderonderdeel van het apparaataan of tegen de muur.Dit onderdeel voorzichtigwegbuigen.Apparaat iets wegtrekken.Instelvoetjes bijstellen.Storing VerhelpenMogelijke oorzakenSterke rijpvorming in hetapparaat, eventueel ook aan dedeurafdichting.Deurafdichting is lek (eventueelna het overzetten van hetdeurscharnier.Op de ondichte plaatsen dedeurafdichting voorzichtig meteen föhn verwarmen (niet heterdan ca. 50 °C).

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met AEG Electrolux Arctis 70250 GS2 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden